Siemens iQ300 KI86VVSE0 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens iQ300 KI86VVSE0 (104 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 7 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Siemens iQ300 KI86VVSE0 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | iQ300 KI86VVSE0 |
Handleiding Siemens iQ300 KI86VVSE0 – volledige tekst
nl79Inhoudsopgave1 Veiligheid. 811. 1 Algemene aanwijzingen. 811. 2 Bestemming van het appa-raat. 811. 3 Inperking van de gebruikers. 811. 4 Veiliger transport. 811. 5 Veilige installatie. 821. 6 Veilig gebruik. 831. 7 Beschadigd apparaat. 852 Het voorkomen van materiëleschade. 863 Milieubescherming en bespa-ring. 863. 1 Afvoeren van de verpakking. 863. 2 Energie besparen. 864 Opstellen en aansluiten. 874. 1 Leveringsomvang. 874. 2 Criteria voor de opstellocatie. 874. 3 Apparaat monteren. 884. 4 Het apparaat voor het eerstegebruik voorbereiden. 884. 5 Apparaat elektrisch aanslui-ten. 885 Uw apparaat leren kennen. 885. 1 Apparaat. 885. 2 Bedieningspaneel. 886 Uitrusting. 896. 1 Legplateau. 896. 2 Flessenrek. 896. 3 Snacklade. 896. 4 Fruit- en groentelade metvochtigheidsregelaar. 896. 5 Deurrekken. 896. 6 Accessoires. 897 De Bediening in essentie. 907.
1 Apparaat inschakelen. 907. 2 Opmerkingen bij het gebruik. 907. 3 Machine uitschakelen. 907. 4 Temperatuur instellen. 908 Extra functies. 908. 1 Super-functie. 909 Alarm. 919. 1 Deuralarm. 9110 Koelvak. 9110. 1 Tips voor het bewaren vanlevensmiddelen in het koel-vak. 9110. 2 Koudezones in het koelvak. 9110. 3 Sticker "OK". 9111 Vriesvak. 9211. 1 Invriescapaciteit. 9211. 2 Vriesvakvolume vollediggebruiken. 9211. 3 Tips voor het bewaren vanlevensmiddelen in het vries-vak. 9211. 4 Tips voor het bevriezen vanverse levensmiddelen. 9211. 5 Houdbaarheid van de diep-vrieswaren bij −18°C. 9311. 6 Ontdooimethodes voordiepvrieswaren. 9312 Ontdooien. 9312. 1 Ontdooien in het koelvak. 9312. 2 Ontdooien in het vriesvak. 9413 Reiniging en onderhoud. 9413. 1 Apparaat voorbereidenvoor reiniging. 9413. 2 Apparaat schoonmaken. 9413.
Veiligheid nl811 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.1.1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la-ter gebruik of voor volgende eigenaren.¡ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.1.2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de berei-ding van ijsblokjes.¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de hui-selijke omgeving.¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeniveau.1.3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar endoor personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkin-gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-zicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het appa-raat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerddoor kinderen indien deze niet onder toezicht staan.Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/diepvriezer vullen en legen.1.4 Veiliger transportWAARSCHUWING‒Kans op letsel!Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels ver-oorzaken.▶Het apparaat niet alleen optillen.
nl Veiligheid821.5 Veilige installatieWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.▶Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de ge-gevens op het typeplaatje.▶Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïn-stalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wis-selstroom aansluiten.▶Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moetconform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.▶Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bij-voorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.▶Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van denetaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegangniet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatieeen alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoor-schriften worden ingebouwd.▶Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoerniet wordt afgeklemd of beschadigd.Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.▶Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.WAARSCHUWING‒Kans op explosie!Wanneer de ventilatie-openingen van het apparaat zijn gesloten,dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan.▶Sluit ventilatie-openingen in de behuizing van het apparaat of inde inbouwbehuizing niet af.WAARSCHUWING‒Kans op brand!Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adap-ters is gevaarlijk.▶Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.▶Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de service-dienst.▶Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
Veiligheid nl83Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare net-voedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.▶Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbarenetvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaat-sen.1.6 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.▶Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.▶Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.▶Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het ap-paraat te reinigen.WAARSCHUWING‒Kans op verstikking!Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken enhierin verstrikt raken en stikken.▶Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.▶Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hier-door stikken.▶Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.▶Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.WAARSCHUWING‒Kans op explosie!Mechanische inrichtingen of andere middelen kunnen de koude-kringloop beschadigen, brandbaar koudemiddel kan lekken en ex-ploderen.▶Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere me-chanische inrichtingen of andere middelen dan diegene diedoor de fabrikant zijn aanbevolen.Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kun-nen exploderen, bijv.
verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.▶Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.WAARSCHUWING‒Kans op letsel!Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.▶Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in hetvriesvak bewaren.Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel enschadelijke gassen.▶De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet be-schadigen.WAARSCHUWING‒Kans op koude-brandwonden!Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan totbrandwonden door koude leiden.▶Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit hetvriesvak werden genomen.▶Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs enoppervlakken van het vriesvak.VOORZICHTIG‒Kans op gevaar voor de gezondheid!Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van le-vensmiddelen te voorkomen.▶Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden toteen aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het appa-raat.▶Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelij-ke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.▶Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusda-nig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmid-delen of op deze drupt.▶Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het ap-paraat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten,om schimmelvorming te voorkomen.
Veiligheid nl85Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kun-nen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contactkomen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumio-nen overdragen naar de levensmiddelen.▶Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren.1.7 Beschadigd apparaatWAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok!Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaar-lijk.▶Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.▶Contact opnemen met de servicedienst.
→Pagina100Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.▶Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aanhet apparaat uitvoeren.▶Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden ge-bruikt voor reparatie van het apparaat.▶Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, dient dit teworden vervangen door een speciaal snoer dat verkrijgbaar isbij de fabrikant of de servicedienst.WAARSCHUWING‒Kans op brand!Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemid-del en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.▶Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.▶Ventileer de ruimte.▶Het apparaat uitschakelen. →Pagina90▶De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of dezekering in de meterkast uitschakelen.▶Neem contact op met de service-afdeling. →Pagina100
nl Het voorkomen van materiële schade86Het voorkomen van materiële schade2 Het voorkomen vanmateriële schadeHet voorkomen van materiële schadeLET OP. Door het gebruik van de plint, ladenof apparaatdeuren als zitvlak of op-stapje kan het apparaat beschadigdraken. ▶Niet op de plint, laden of deurenstaat of leunen. Door verontreinigingen met olie of vetkunnen kunststofdelen en deurafdich-tingen poreus worden. ▶Houd kunststofdelen en deuraf-dichtingen olie- en vetvrij. Delen in het apparaat van metaal ofmet een metalen uiterlijk kunnen alu-minium bevatten. Aluminium reageertbij contact met zure levensmiddelen. ▶Geen levensmiddelen onverpakt inhet apparaat bewaren. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming enbesparingMilieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpak-kingDe verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden herge-bruikt.
▶De afzonderlijke componenten opsoort gescheiden afvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, ver-bruikt uw apparaat minder stroom. Keuze van de opstellingslocatie¡ Stel het apparaat niet bloot aan di-rect zonlicht. ¡ Plaats het apparaat zo ver moge-lijk van radiatoren, fornuis en ande-re warmtebronnen:– Houd 30mm afstand aan totelektrische- of gasfornuizen. – Houd 300mm afstand aan totolie- en kolenfornuizen. ¡ Nooit de externe ventilatie-openingafdekken of dicht maken. Energie besparen bij het gebruik. Opmerking:De plaatsing van de uit-rustingsonderdelen heeft geen in-vloed op het energieverbruik van hetapparaat. ¡ Open het apparaat slechts kort. ¡ Nooit de ventilatie-openingen bin-nenin, of de ventilatieroosters aande buitenzijde afdekken of dichtmaken. ¡ Transporteer gekoelde levensmid-delen in een koeltas en leg ze snelin het apparaat.
Opstellen en aansluiten nl87Opstellen en aansluiten4 Opstellen en aansluitenOpstellen en aansluiten4. 1 LeveringsomvangControleer na het uitpakken alle on-derdelen op transportschade en devolledigheid van de levering. Neem bij klachten met uw dealer ofonze servicedienst →Pagina100contact op. De levering bestaat uit:¡ Inbouw¡ Uitrusting en accessoires1¡ Montagemateriaal¡ Montagehandleiding¡ Gebruiksaanwijzing¡ Klantenservice overzicht¡ Garantiebijlage2¡ Energielabel¡ Informatie over energieverbruik engeluiden4. 2 Criteria voor de opstello-catieWAARSCHUWINGKans op explosie. Wanneer het apparaat in een te klei-ne ruimte staat, kan er bij een lek vanhet koudecircuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan. ▶Stel het apparaat uitsluitend op ineen ruimte, welke tenminste eenvolume heeft van 1m3 per 8gkoudemiddel. De hoeveelheid vanhet koudemiddel staat op het type-plaatje. →Fig.
1/3Het gewicht van het apparaat kan af-hankelijk van het model tot 65 bedra-gen. De ondergrond moet stabiel genoegzijn om het gewicht van het apparaatte dragen. Toegestane ruimtetemperatuurDe toegestane kamertemperatuur isafhankelijk van de klimaatklasse vanhet apparaat. De klimaatklasse vindt u op het type-plaatje. →Fig. 1/3Klimaat-klasseToegestane ruimte-temperatuurSN 10°C…32°CN 16°C…32°CST 16°C…38°CT 16°C…43°CHet apparaat is volledig functioneelbinnen de toegestane binnentempe-ratuur. Wanneer u een apparaat van de kli-maatklasse SN gebruikt bij lagere ka-mertemperaturen, dan kunnen be-schadigingen aan het apparaat toteen kamertemperatuur van 5°C wor-den uitgesloten. NismatenNeem de nisafmetingen in acht als uuw apparaat in de nis inbouwt. Bij af-wijkingen kunnen problemen optre-den tijdens de installatie van het ap-paraat.
NisdiepteBouw het apparaat in de aanbevolennisdiepte van 560 mm in. Bij een kleinere nisdiepte wordt hetenergieverbruik iets hoger. De nis-diepte moet minimaal 550 mm be-dragen.
nl Uw apparaat leren kennen88NisbreedteVoor het apparaat is een meubelnismet een binnenbreedte van minimaal560 mm nodig.Side-by-side-opstellingAls u 2 apparaten naast elkaar wiltopstellen, moet u tussen de appara-ten minimaal een tussenafstand van150 mm aanhouden.4.3 Apparaat monteren▶Het apparaat conform meegelever-de montagehandleiding monteren.4.4 Het apparaat voor het eer-ste gebruik voorbereiden1. Haal het informatiemateriaal er uit.2. Verwijder de beschermfolie entransportborgingen, bijv. plakstripsen karton.3. Het apparaat voor de eerste keerreinigen. →Pagina944.5 Apparaat elektrisch aan-sluiten1. De apparaatstekker van het aan-sluitsnoer aan het apparaat aan-sluiten.2. De netstekker van het aansluit-snoer van het apparaat in eenstopcontact in de omgeving vanhet apparaat steken.De aansluitgegevens van het ap-paraat staan op het typeplaatje.→Fig.1/33.
De netstekker op vastheid contro-leren.a Het apparaat is nu gereed voor ge-bruik.Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren ken-nenUw apparaat leren kennen5.1 ApparaatHier vindt u een overzicht van de on-derdelen van uw apparaat.→Fig. 1AKoelvakBVriesvak1Bedieningspaneel2Fruit- en groentelade metvochtigheidsregelaar→Pagina893Typeplaatje4Diepvrieslade5Flessenrek →Pagina896Deurrek voor grote flessenOpmerking:Verschillen tussen uwapparaat en de afbeeldingen zijn mo-gelijk op basis van uitrusting engrootte.5.2 BedieningspaneelVia het bedieningsveld kunt u allefuncties van uw apparaat instellen eninformatie krijgen over de gebruiks-toestand.→Fig. 21 stelt de temperatuur van hetkoelvak in.2 brandt wanneer de Su-per-functie ingeschakeld is.3Toont de ingestelde tempera-tuur van het koelvak in°C.
Uitrusting nl89Uitrusting6 UitrustingUitrustingDe uitrusting van uw apparaat is mo-delafhankelijk. 6. 1 LegplateauOm de schappen naar wens te varië-ren, kunt u het schap uitnemen en opeen andere positie weer plaatsen. →"Plateau verwijderen", Pagina956. 2 FlessenrekBewaar flessen veilig op het flessen-rek. →Fig. 3Om het flessenrek naar wens te vari-ëren, kunt u het flessenrek verwijde-ren en op een andere plaats weer te-rugzetten. →"Plateau verwijderen", Pagina956. 3 SnackladeBewaar in de snacklade verpakte le-vensmiddelen of kleine snacks. U kunt de snacklade verwijderen. Hiervoor de snacklade optillen en er-uit trekken. De houder van de snack-lade kunt u verschuiven. →Fig. 46. 4 Fruit- en groentelade metvochtigheidsregelaarBewaar vers fruit en groente in defruit- en groentelade. Met de vochtigheidsregelaar kunt ude luchtvochtigheid in de fruit- engroentelade aanpassen.
Hierdoorkunt u vers fruit en verse groente lan-ger bewaren als bij een conventione-le bewaarmethode. →Fig. 5De luchtvochtigheid in de fruit- engroentelade kunt uafhankelijk vanhet soort en de hoeveelheidbewaarde levensmiddelen door hetverschuiven van devochtigheidsregelaar instellen:¡ Lage luchtvochtigheid bij overwe-gend bewaren van fruit, gemeng-de- of hoge belading. ¡ Hoge luchtvochtigheid bij over-wegend bewaren van groente ofbij geringe belading. Afhankelijk van de soort levensmid-delen en de hoeveelheid kan zich inde fruit- en groentelade condenswa-ter vormen. Het condenswater verwijderen meteen droge doek en de luchtvochtig-heid in de groentelade aanpassenmet behulp van de vochtigheidsrege-laar. Om ervoor te zorgen dat de kwaliteiten het aroma behouden blijven, moetu koudegevoelig fruit en groente bui-ten het apparaat bewaren bij tempe-raturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv.
5 DeurrekkenOm het deurrek naar behoefte te vari-ëren kunt u het deurrek er uit nemenen op een andere positie weer plaat-sen. →"Deurrek verwijderen", Pagina956. 6 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijnafhankelijk van het model. EierplateauBewaar eieren veilig op het eierpla-teau. IJsblokjesschaalGebruik de ijsblokjesschaal om ijs-blokjes te maken.
nl De Bediening in essentie90IJsblokjes maken1. De ijsblokjesschaal voor ¾ metwater vullen en in het vriesvakplaatsen. Vastgevroren ijsblokjesschaal al-leen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken. 2. Om deijsblokjesschaal los tema-ken de ijsblokjesschaal iets torde-ren of kort onder stromend waterhouden. De Bediening in essentie7 De Bediening in essen-tieDe Bediening in essentie7. 1 Apparaat inschakelen1. indrukken. Opmerking:Wanneer het apparaateerder via het bedieningspaneelwerd uitgeschakeld, 3secondeningedrukt houden. a Het apparaat begint te koelen. 2. De gewenste temperatuur instellen. →Pagina907. 2 Opmerkingen bij het ge-bruik¡ Wanneer u het apparaat heeft in-geschakeld, duurt het tot enkeleuren voordat de ingestelde tempe-ratuur wordt bereikt. Geen levensmiddelen in het appa-raat doen voordat de temperatuuris bereikt.
1 Super-functieBij de Super-functie koelen het koel-vak en het vriesvak sterker. Schakel de Super-functie 4 tot 6 uurvóór het opslaan van een hoeveel-heid levensmiddelen vanaf 2 kg in.
Alarm nl91Super-functie inschakelen▶Zo vaak op drukken tot brandt. Opmerking:Na ca. 48 uur schakelthet apparaat over op de normalewerking. Super-functie uitschakelen▶Op drukken. Alarm9 AlarmAlarm9. 1 DeuralarmAls de deur van het apparaat langeretijd open staat wordt het deuralarmingeschakeld. Na 10minuten knippert de binnen-verlichting. Deuralarm uitschakelen▶De apparaatdeur sluiten of op drukken. a Het waarschuwingssignaal is uitge-schakeld. Koelvak10 KoelvakKoelvakIn het koelvak kunt u vlees, worst,vis, melkproducten, eieren, bereidegerechten en brood en banket bewa-ren. De temperatuur is van 2°C tot 8°Cinstelbaar. De aanbevolen temperatuur in hetkoelvak bedraagt 4°C. →"Sticker "OK"", Pagina91Door de koelopslag kunt uook zeerbederfelijke levensmiddelen opkorteofmiddellange termijn bewaren. Hoelager de gekozen temperatuur is, deste langer blijven de levensmiddelenvers. 10.
1 Tips voor het bewarenvan levensmiddelen inhet koelvak¡ Alleen verse en onbeschadigde le-vensmiddelen inruimen. ¡ De door de fabrikant vermeldehoudbaarheidsdatum of gebruiks-datum in acht nemen. ¡ Levensmiddelen goed verpakt ofafgedekt inruimen. ¡ Warme etenswaren en drankeneerst laten afkoelen. 10. 2 Koudezones in het koel-vakDoor de luchtcirculatie in et koelvakontstaan verschillende koudezones. Koudste zoneDe koudste zone is tussen de op dezijkant gestempelde pijl en het eron-der liggende legplateau. Tip:Bewaar snel bedervende levens-middelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees. Warmste zoneDe warmste zone bevindt zich hele-maal bovenaan in de deur. Tip:Bewaar minder gevoelige le-vensmiddelen in de warmste zone,bijv. harde kaas en boter. Hierdoorkomt het aroma van de kaas betertot ontwikkeling en blijft de botersmeerbaar. 10.
nl Vriesvak92Wanneer de sticker OK niet weer-geeft, dan de temperatuur stapsge-wijze verlagen. →"Koelvaktemperatuur instellen",Pagina90Na ingebruikneming van het appa-raat kan het tot wel 12 uur durenvoordat de ingestelde temperatuur isbereikt. Correcte instellingVriesvak11 VriesvakVriesvakIn het vriesvak kunt u diepvrieswarenbewaren, levensmiddelen bevriezenen ijsblokjes maken. De temperatuur in het vriesvak is af-hankelijk van de temperatuur in hetkoelvak. Langdurig bewaren van levensmidde-len moet opeen temperatuur van –18°C of lager gebeuren. Door het invriezen kunt u bederfelijkelevensmiddelen gedurende lange tijdbewaren. De lage temperaturen ver-tragen of stoppen het bederven. 11. 1 InvriescapaciteitHet invriesvermogen geeft aan welkehoeveelheid levensmiddelen in hoe-veel uur tot in de kern kan worden in-gevroren. Informatie over het invriesvermogenvindt u op het typeplaatje.
→Fig. 1/3Voorwaarden voorinvriesvermogen1. Ca. 24uur vóór het inladen vanverse levensmiddelen Super-func-tie inschakelen. →"Super-functie inschakelen",Pagina912. De levensmiddelen eerst in de bo-venste diepvrieslade leggen. Daarvriezen de levensmiddelen hetsnelst in. 11. 2 Vriesvakvolume vollediggebruikenKom te weten hoe u de maximalehoeveelheid diepvriesproducten inhet vriesvak onderbrengt. 1. Alle uitrustingsdelen verwijderen. →Pagina952. Levensmiddelen rechtstreeks opde legplateaus en de bodem vanhet vriesvak bewaren. 11. 3 Tips voor het bewarenvan levensmiddelen inhet vriesvak¡ Om grotere hoeveelheden verselevensmiddelen snel en voorzichtigin te vriezen, deze in de onderstediepvrieslade leggen. ¡ De levensmiddelen naast elkaar inde vakken of diepvriesladen leg-gen. ¡ In te vriezen levensmiddelen niet inaanraking brengen met ingevrorenlevensmiddelen.
Ontdooien nl93¡ Groente vóór het invriezen wassen,kleiner maken en blancheren. ¡ Fruit vóór het invriezen wassen,ontpitten en eventueel schillen,eventueel suiker of ascorbinezuur-oplossing toevoegen. ¡ Voor het invriezen geschikte le-vensmiddelen zijn bijv. bakwaren,vis en zeevruchten, vlees, wild engevogelte, eieren zonder schaal,kaas, boter, kwark, kant-en-klaar-gerechten en etensresten. ¡ Voor het invriezen ongeschikte le-vensmiddelen zijn bijv. kropsla, ra-dijsjes, eieren met schaal, druiven,rode appels en peren, yoghurt, zu-re room, crème fraîche en mayo-naise. Diepvrieswaren verpakkenGeschikt verpakkingsmateriaal en dejuiste soort verpakking behouden inhoge mate de productkwaliteit envermijden vriesbrand. 1. De levensmiddelen in de verpak-king leggen. 2. De lucht eruit drukken. 3.
De verpakking luchtdicht afsluitenom te voorkomen dat de levens-middelen hun smaak verliezen ofuitdrogen. 4. De verpakking met de inhoud vande invriesdatum voorzien. 11. 5 Houdbaarheid van dediepvrieswaren bij−18°CProduct BewaartijdVis, worst, klaarge-maakte gerechten,brood en banketTot 6 maan-denGevogelte, vlees Tot 8 maan-denGroente, fruit Tot 12 maan-denDe erop gedrukte vrieskalender geeftde maximale bewaartijd in maandenaan bij een constante temperatuurvan –18°C. 11. 6 Ontdooimethodes voordiepvrieswarenVOORZICHTIGKans op gevaar voor de gezond-heid. Bij het ontdooien kunnen bacteriënzich vermeerderen en kunnen dediepvrieswaren bederven. ▶Half of geheel ontdooide diepvries-waren niet opnieuw invriezen. ▶Het voedsel pas na koken of bra-den opnieuw invriezen. ▶De maximale bewaartijd niet meerten volle benutten. ¡ In het koelvak dierlijke levensmid-delen ontdooien, bijv.
nl Reiniging en onderhoud94Neem de volgende informatie in achtom ervoor te zorgen dat dooiwaterkan weglopen en geurvorming wordtvermeden: →"De dooiwatergoot en het afvoer-gat reinigen. ", Pagina95. 12. 2 Ontdooien in het vries-vakHet diepvriesvak ontdooit niet auto-matisch. Een laag rijp in het vriesvakvermindert de afgifte van koude aande diepvrieswaren en verhoogt hetenergieverbruik. Vriesvak ontdooienHet vriesvak regelmatig ontdooien. 1. Ca. 4uur vóór het ontdooien deSuper-functie inschakelen. →"Super-functie inschakelen",Pagina91De levensmiddelen bereiken hier-door heel lage temperaturen en ukunt de levensmiddelen langer opkamertemperatuur bewaren. 2. De diepvrieslade met de diepvries-waren verwijderen en op een koeleplaats bewaren. Koude-accu's, in-dien voorhanden, op de dievries-waren leggen. 3. Het apparaat uitschakelen. →Pagina904.
Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit hetstopcontact trekken of de zekeringin de meterkast uitschakelen. 5. Om het ontdooien te versnellen,een pan met heet water op een on-derzetter in het vriesvak zetten. 6. Het dooiwater met een zachtedoek of een spons opvegen. 7. Het vriesvak met een zachte, dro-ge doek droogwrijven. 8. Het apparaat elektrisch aansluiten. 9. Het apparaat inschakelen. →Pagina9010. De diepvrieslade met de diepvries-waren opnieuw plaatsen. Reiniging en onderhoud13 Reiniging en onder-houdReiniging en onderhoudReinig en onderhoud uw apparaatzorgvuldig om er voor te zorgen dathet lang goed blijft werken. De reiniging van ontoegankelijkeplaatsen moet door de servicedienstworden uitgevoerd. Aan de reinigingdoor de servicedienst kunnen kostenverbonden zijn. 13. 1 Apparaat voorbereidenvoor reiniging1. Het apparaat uitschakelen.
→Pagina902. Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit hetstopcontact trekken of de zekeringin de meterkast uitschakelen. 3.
Alle levensmiddelen eruit halen enop een koele plaats bewaren. Indien beschikbaar koelelementenop de levensmiddelen leggen. 4. Als een rijplaag voorhanden is, de-ze laten ontdooien. 5. Neem alle uitrustingsdelen uit hetapparaat. →Pagina9513. 2 Apparaat schoonmakenWAARSCHUWINGKans op elektrische schok. Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken. ▶Geen stoomreiniger of hogedruk-reiniger gebruiken om het appa-raat te reinigen.
Reiniging en onderhoud nl95Vloeistof in de verlichting of in de be-dieningselementen kan gevaarlijkzijn. ▶Het spoelwater mag niet in de ver-lichting of in de bedieningselemen-ten terechtkomen. LET OP. Ongeschikte reinigingsmiddelen kun-nen de oppervlakken van het appa-raat beschadigen. ▶Geen harde schuur- of afwas-sponsjes gebruiken. ▶Geen scherpe of schurende reini-gingsmiddelen gebruiken. ▶Geen sterk alcoholhoudende reini-gingsmiddelen gebruiken. Wanneer vloeistof in het afvoergatkomt, kan de verdampingsschaaloverstromen. ▶Het sop mag niet in het afvoergatkomen. Wanneer u uitrustingsdelen en acces-soires in de vaatwasser reinigt, kun-nen deze vervormen of verkleuren. ▶Nooit uitrustingsdelen en accessoi-res in de vaatwasser reinigen. 1. Apparaat voorbereiden voor reini-ging. →Pagina942.
Het apparaat, de uitrustingsdelenen de deurafdichting met een vaat-doek, lauwwarm water en eenbeetje pH-neutraal afwasmiddel rei-nigen. 3. Met een zachte, droge doek gron-dig nadrogen. 4. Plaats de uitrustingsdelen in hetapparaat. 5. Het apparaat elektrisch aansluiten. 6. Het apparaat inschakelen. →Pagina907. Doe de levensmiddelen in het ap-paraat. 13. 3 De dooiwatergoot en hetafvoergat reinigen. Reinig de dooiwatergoot en het af-voergat regelmatig, om ervoor te zor-gen dat het dooiwater kan weglopen. ▶Reinig de dooiwatergoot en het af-voergat voorzichtig, bijv. met eenwattenstaafje. →Fig. 613. 4 Onderdelen eruit halenNeem wanneer u de uitrustingsdelengrondig wilt reinigen deze uit het ap-paraat. Plateau verwijderen▶Til het plateau op en verwijderhet . →Fig. 7Snacklade met beugel verwijderen1. Snacklade verwijderen. 2. Het plateau met de beugel verwij-deren. 3.
Storingen verhelpen nl97Storingen verhelpen14 Storingen verhelpenStoringen verhelpenKleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat ucontact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen vanstoringen. Zo voorkomt u onnodige kosten.WAARSCHUWINGKans op elektrische schok!Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.▶Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaatuitvoeren.▶Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor repa-ratie van het apparaat.▶Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, dient dit te worden ver-vangen door een speciaal snoer dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of de ser-vicedienst.Storing Oorzaak en probleemoplossingApparaat koelt niet, in-dicaties en verlichtingbranden.Het presentatielicht is ingeschakeld.▶Voer de apparaatzelftest uit.
→Pagina99a Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat hetapparaat weer over op normale werking.LED-verlichting functi-oneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.▶Neem contact op met de servicedienst.Het nummer van de servicedienst vindt u in het bij-gevoegde overzicht van servicediensten.Temperatuur wijkt ergaf van deinstelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1.Schakel het apparaat uit. →Pagina902. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in.→Pagina90‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan detemperatuur na een paar uur opnieuw.‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de tem-peratuur dan de volgende dag opnieuw.Bodem van het koel-vak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.▶De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.→Pagina95Het apparaat borrelt,zoemt of gorgelt ofklikt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat,ventilator.
Opslaan en afvoeren nl9914.1 StroomuitvalTijdens een stroomuitval stijgt detemperatuur in het apparaat, hierdoorverkort de bewaartijd en de kwaliteitvan de diepvriesproducten vermin-dert.Opmerkingen¡ Het apparaat tijdens een stroomuit-val zo weinig mogelijk openen engeen andere levensmiddelen inrui-men.¡ De kwaliteit van de levensmiddelenonmiddellijk na de stroomuitvalcontroleren.– Diepvriesproducten die ontdooiden warmer dan 5°C zijn, weg-gooien.– Licht ontdooide diepvriesproduc-ten koken of bakken en ofwelverbruiken of opnieuw invriezen.14.2 Apparaatzelftest uitvoe-ren1. Het apparaat uitschakelen.→Pagina902. Het apparaat na 5minuten op-nieuw inschakelen. →Pagina903.
Binnen 10seconden na het reali-seren van de elektrische aanslui-ting gedurende 5 tot 7 secondeningedrukt houden, tot een tweedeakoestische signaal klinkt.a De apparaatzelftest start.a Tijdens de apparaatzelftest weer-klinkt tussendoor een lang akoes-tisch signaal.a Als na het einde van de apparaat-zelftest 2 akoestische signalenweerklinken en twee keerknippert, is uw apparaat in orde.Het apparaat gaat over op de nor-male werking.a Als na het einde van de apparaat-zelftest 5 akoestische signalenweerklinken en gedurende 10seconden knippert, contact opne-men met de service.Opslaan en afvoeren15 Opslaan en afvoerenOpslaan en afvoerenHier krijgt u uitleg over de manierwaarop u het apparaat voorbereidtvoor de opslag. Daarnaast leggen weu uit hoe u oude apparaten dient afte voeren.15.1 Apparaat buiten gebruikstellen1. Het apparaat uitschakelen.→Pagina902.
Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact.De stekker van het netsnoer uit hetstopcontact trekken of de zekeringin de meterkast uitschakelen.3. Alle levensmiddelen verwijderen.4. Het apparaat ontdooien.→Pagina935. Het apparaat reinigen.→Pagina946. Om de ventilatie van het interieurte waarborgen het apparaat geo-pend laten.
nl Servicedienst10015. 2 Afvoeren van uw oudeapparaatDoor een milieuvriendelijke afvoerkunnen waardevolle grondstoffen op-nieuw worden gebruikt. WAARSCHUWINGKans op gevaar voor de gezond-heid. Kinderen kunnen zich in het apparaatopsluiten en in levensgevaar gera-ken. ▶Om te voorkomen dat kinderen inhet apparaat kruipen legplateausen lades niet uit het apparaat ne-men. ▶Kinderen uit de buurt van een af-gedankt apparaat houden. WAARSCHUWINGKans op brand. Bij beschadiging van de leidingenkunnen brandbaar koudemiddel enschadelijke gassen ontsnappen enontsteken. ▶De buizen van de koudemiddel-kringloop en de isolatie niet be-schadigen. ▶Het apparaat milieuvriendelijk af-voeren. Bij uw dealer en uw gemeente- ofdeelraadskantoor kunt u informatieverkrijgen over de actuele afvoer-methoden.
Dit apparaat is geken-merkt in overeenstem-ming met de Europeserichtlijn 2012/19/EU be-treffende afgedankteelektrische en elektroni-sche apparatuur (wasteelectrical and electronicequipment - WEEE). De richtlijn geeft het ka-der aan voor de in deEU geldige terugnemingen verwerking van oudeapparaten. Servicedienst16 ServicedienstServicedienstAls u vragen hebt, een storing aanhet apparaat niet zelf kunt verhelpenof als het apparaat moet worden ge-repareerd, neem dan contact op metonze servicedienst. Originele vervangende onderdelendie relevant zijn voor de werking inovereenstemming met de desbetref-fende Ecodesign-verordening kunt uvoor de duur van ten minste 10 jaarvanaf het moment van in de handelbrengen van het apparaat binnen deEuropese Economische Ruimte bijonze servicedienst verkrijgen.
Technische gegevens nl101Als u contact opneemt met de servi-cedienst, hebt u het productnummer(E-Nr.) en het productienummer (FD)van het apparaat nodig.De contactgegevens van de service-dienst vindt u in de meegeleverdeservicedienstlijst of op onze website.16.1 Productnummer (E-nr.)en productienummer(FD)Het productnummer (E-Nr.) en hetproductienummer (FD) vindt u op hettypeplaatje van het apparaat.→Fig.1/3Om uw apparaatgegevens en de ser-vicedienst-telefoonnummers snel te-rug te kunnen vinden, kunt u de ge-gevens noteren.Technische gegevens17 Technische gegevensTechnische gegevensKoudemiddel, netto inhoud en overi-ge technische gegevens bevindenzich op het typeplaatje.→Fig.1/3Overige informatie over uw modelvindt u op het internet onder https://energylabel.bsh-group.com1.
Dit we-badres bevat een link naar de officië-le EU-productdatabase EPREL, waar-van de URL ten tijde van het drukkennog niet was gepubliceerd. Volg dande aanwijzingen bij het zoeken naarhet model op. De modelidentificatiebestaat uit het teken voor de slashvan het E-nummer (E-Nr.) op het ty-peplaatje. Alternatief vindt u de mo-delidentificatie ook in de eerste regelvan het EU-energielabel.1Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens iQ300 KI86VVSE0 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Siemens
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast