Siemens HB976GMB1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens HB976GMB1 (48 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Siemens HB976GMB1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Oven |
| Model: | HB976GMB1 |
Handleiding Siemens HB976GMB1 – volledige tekst
3326 Informatie over vrije software en opensource-software . 3427 Conformiteitsverklaring . 3428 Zo lukt het . 3429 MONTAGEHANDLEIDING . 4029. 1 Algemene montage-instructies . 40Veiligheid 1 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voor vol-gende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie.
Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke,sensorische of geestelijke beperkingen of metgebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on-der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in hetveilige gebruik van het apparaat en de daaruitresulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nietworden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1.
Veiligheid nlWAARSCHUWING‒Brandgevaar. In de binnenruimte bewaarde brandbare voor-werpen kunnen vlam vatten. Bewaar nooit brandbare materialen in debinnenruimte. Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehoudenom eventueel optredende vlammen te do-ven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaater een luchtstroom. Het bakpapier kan dan deverwarmingselementen raken en vlam vatten. Plaats nooit bakpapier bij het voorverwar-men en tijdens het bereiden los op het ac-cessoire. Bakpapier altijd op maat maken en verzwa-ren met een vorm. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den.
Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet. Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. Neem hete accessoires en vormen altijd metbehulp van een pannenlap uit de binnen-ruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open-springen. Er kunnen hete dampen en steek-vlammen naar buiten treden. Gebruik slechts geringe hoeveelheden drankmet een hoog alcoholpercentage. Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) verhit-ten. Apparaatdeur voorzichtig openen. De telescooprails worden heet bij het gebruikvan het apparaat. Laat hete telescopische rails afkoelen voor-dat u deze aanraakt.
Raak de telescopische rails uitsluitend aanmet pannenlappen. WAARSCHUWING‒Kans op verbranding. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hetestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van detemperatuur niet altijd zichtbaar. Apparaatdeur voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Door water in de hete binnenruimte kan hetewaterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er krassen op het glas van de appa-raatdeur zitten, kan dit barsten. Gebruik geen scherp of schurend reinigings-middel of scherpe metalen schraper voorhet reinigen van het glas van de ovendeuromdat dit het oppervlak kan beschadigen. Het apparaat en de delen ervan die aange-raakt kunnen worden kunnen scherpe randenhebben. Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen. Draag indien mogelijk veiligheidshandschoe-nen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten.
Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kun-nen scherpe randen hebben. Draag veiligheidshandschoenen. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten en kan de apparaatdeur open-springen en er eventueel afvallen. De deurra-men kunnen kapot gaan en versplinteren. "Materiële schade vermijden", Pagina5Gebruik slechts geringe hoeveelheden drankmet een hoog alcoholpercentage. Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) verhit-ten. Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. 3.
nl VeiligheidEr mogen uitsluitend originele reserveonder-delen worden gebruikt voor reparatie van hetapparaat. Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-aansluitkabel van dit apparaat beschadigdraakt, moet deze worden vervangen dooreen speciale netaansluitkabel of speciale ap-paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij defabrikant of de klantenservice. Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen. Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-bruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-schadigd, dan direct de stekker van het net-snoer uit het stopcontact halen of de zeke-ring in de meterkast uitschakelen. Neem contact op met de klantenservice. Pagina33Na de installatie van het apparaat mogen deopeningen in de achterwand van het apparaatniet toegankelijk zijn. Houd het speciale installatievoorschrift aan. WAARSCHUWING‒Kans op verstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-ren houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaalspelen.
Bij gebruik van een verkeerde braadthermo-meter kan de isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer dievoor dit apparaat bestemd is. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. De kerntemperatuurmeter is puntig. Ga voorzichtig om met de kerntemperatuur-meter. 1. 6 ReinigingsfunctieWAARSCHUWING‒Brandgevaar. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnentijdens de reiniging vlam vatten. Verwijder altijd de grove verontreiniging uitde binnenruimte voordat de reiniging start. Accessoires nooit meereinigen. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. Voorkant van het apparaat vrijhouden. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grotehitte in het bereik van de deur. De dichting niet schuren en niet afnemen.
Nooit het apparaat met beschadigde afdich-ting of zonder afdichting gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op ernstig totdodelijk letsel. Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reini-gen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vor-men wordt aangetast en er ontstaan giftigegassen. Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit pla-ten en vormen met een antiaanbaklaag mee-reinigen. Accessoires nooit meereinigen. WAARSCHUWING‒Kans op gevaar voorde gezondheid. De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte toteen heel hoge temperatuur op zodat restenvan braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties vande slijmvliezen kunnen leiden. Tijdens de reinigingsfunctie de keuken gron-dig ventileren. 4.
Materiële schade vermijden nlNiet gedurende langere tijd in de ruimte ver-blijven. Kinderen en huisdieren uit de buurt houden. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den. De binnenruimte wordt zeer heet tijdens hetreinigen. Nooit de apparaatdeur openen. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Materiële schade vermijden2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OPAlcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan deapparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. Dedeurramen kunnen kapot gaan en versplinteren.
Doorde onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar bin-nen sterk vervormen. Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgie-ten van gerechten) verhitten. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. Voor gebruik het water van de bodem van de binnen-ruimte opnemen. Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat erwarmteophoping door voorwerpen op de bodem van debinnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meeren het email wordt beschadigd. Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welke soortdan ook op de bodem van de binnenruimte leggen. Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnen-ruimte plaatsen wanneer een temperatuur van minderdan 50°C ingesteld is.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. Laat na het gebruik de binnenruimte drogen. Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurendelangere tijd in de gesloten binnenruimte. Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. Klem niets tussen de apparaatdeur. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekkenachter die niet meer kunnen worden verwijderd. De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet teovervloedig bedekken. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimteleidt tot beschadiging van het email. Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte. Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnen-ruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken.
Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of la-ten steunen. Geen vormen of accessoires op de apparaatdeurplaatsen. Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoireskrassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeurwanneer deze gesloten wordt. Accessoires altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte leggen. Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanenteverkleuringen ontstaan. Aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in contactkomen met de deurruit. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt.
nl Uw apparaat leren kennenWanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan be-spaart u tot wel 20% energie. Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bak-vormen. Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op. Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinigmogelijk. De temperatuur in de binnenruimte blijft constant enhet apparaat hoeft niet na te verwarmen. Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bak-ken. De binnenruimte is na de eerste keer bakken opge-warmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat ver-volgens wordt gebakken korter. Bij langere bereidingstijden het apparaat 10minutenvoor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. De restwarmte is voldoende om het gerecht verder tebereiden. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruim-te. Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te wor-den. Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooi-en.
Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voed-sel te ontdooien. Het display in de basisinstellingen uitschakelen. "Basisinstellingen", Pagina18Er wordt energie bespaard wanneer het display wordtuitgeschakeld. Opmerking: Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzakeecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakel-de toestand sprake van een andere toestand. Dezewordt hierna als spaarstand aangeduid. Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het ap-paraat energie nodig voor:Detectie van de bediening van de sensortoetsenBewaking van de deuropeningBewerking van de tijd (zonder display)Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nogvan een "standby-stand", en daarom wordt de aandui-ding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaar-stand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden ge-bruikt. Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen4.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm. 12DisplayOp het display ziet u de actuele instelwaarden,keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten. "Display", Pagina6KnoppenMet de toetsen stelt u de verschillende functies di-rect in. "Knoppen", Pagina74. 2 DisplayHet display is onderverdeeld in verschillende gebieden. StatusregelBoven in het display bevindt zicht de statusregel. Al naar gelang de instelstap kunt u acties uitvoeren. Symbool FunctieEén instelling terug gaan. Basisinstellingen openen. Behalve tekstinformatie ziet u ook de actuele stand vanverschillende functies aan de hand van symbolen. Symbool BetekenisTijd bijv. "12min10s"Aanwijzing lopende tijdfuncties. "Tijdfuncties", Pagina13Timer is geactiveerd. "Timer instellen", Pagina14Kinderslot is geactiveerd.
"Kinderslot", Pagina18Vanwege de reinigingsfunctie of het kin-derslot is de apparaatdeur vergrendeld. "Reinigingsfunctie PyrolyseactiveClean", Pagina23"Basisinstellingen", Pagina18WiFi-signaalsterkte voor HomeConnect. Hoe meer lijntjes van het symbool gevuldzijn, des te beter is het signaal. Wanneer het symbool is doorgestreept , dan is er geen WiFi-signaal. 6.
Uw apparaat leren kennen nlSymbool BetekenisWanneer er een "x" bij symbool is, danis er geen verbinding met de HomeCon-nect server. "HomeConnect ", Pagina20Start op afstand met HomeConnect isgeactiveerd. "HomeConnect ", Pagina20Diagnose op afstand met HomeConnectvoor onderhoud is geactiveerd. "HomeConnect ", Pagina20Ovenlamp is aan of uit. "Verlichting", Pagina7InstelbereikHet instelbereik is in tegels weergegeven. Het aantal tegels toont u de actuele selectiemogelijkhe-den en reeds uitgevoerde instellingen. Druk op de be-treffende tegel om een functie te kiezen. Informatie wordt tevens in tegels weergegeven. Gebruik om meerdere tegels naar links of rechts te bla-deren de nagivatieknoppen en of veeg deze middelshet display. Mogelijke symbolen in tegelsSymbool BetekenisBij veel inhoud in de tegel bladeren. Instelwaarde verlagen of verhogen.
Instelwaarde via het numerieke toetsen-bord invoeren. Instelwaarde resetten. Tegel sluiten. Opmerking: Een blauwe stip of een blauwe ster in eentegel geeft aan dat met de HomeConnect app een nieu-we functie, een nieuwe favoriet of een update op uw ap-paraat werd gedownload. InforegelAl naar gelang de instelstap ziet u onder in het displayextra informatie over uw instellen en kunt u acties uit-voeren. 4. 3 KnoppenMet de knoppen kiest u de verschillende functies direct. Knop FunctieApparaat in- of uitschakelen. "De Bediening in essentie", Pagina11Extra informatie bij een functie of instel-ling laten weergeven. "Informatie weergeven", Pagina12Werking starten of onderbreken. "De Bediening in essentie", Pagina11Timer selecteren. "Timer instellen", Pagina14Knop FunctieCa. 4 seconden ingedrukt houden: kin-derslot activeren of deactiveren. "Kinderslot", Pagina184.
4 BinnenruimteVerschillende functies in de binnenruimte ondersteunenbij het gebruik uw apparaat. RekjesU kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rek-jes in de binnenruimte schuiven.
"Accessoires", Pagina9Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoog-tes worden van beneden naar boven geteld. De rekjes zijn afhankelijk van het type apparaat op eenof meerdere niveaus met telescooprails uitgerust. De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijde-ren. "Rekjes", Pagina29VerlichtingEen of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruim-te. Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de ver-lichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer danca. 18 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodrahet gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëin-digd, schakelt de verlichting uit. KoelventilatorDe koelventilator schakelt afhankelijk van de tempera-tuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnaptvia de deur. LET OPDoor het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het ap-paraat oververhit.
Dek de ventilatiesleuven niet af. Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit hetkookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilatorna bedrijf nog een bepaalde tijd na. Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisin-stellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten be-reidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan steltu een langere nalooptijd in. "Basisinstellingen", Pagina187.
nl FunctiesApparaatdeurWanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik,wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur,dan wordt de werking automatisch voortgezet. Functies5 FunctiesHier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere func-ties van uw apparaat. Tip: Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies benutten. Informatie daarover kunt u vinden in de app. Functie GebruikVerwar-mingsmetho-denFijn afgestemde verwarmingsmethodenvoor een optimale bereiding van uw ge-rechten kiezen. "Verwarmingsmethoden", Pagina8"De Bediening in essentie", Pagina11Gerechten Geprogrammeerde, aanbevolen instellin-gen voor verschillende gerechten gebrui-ken. "Gerechten", Pagina16Functie GebruikReiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimtekiezen.
"Reinigingsfunctie PyrolyseactiveClean", Pagina23"Reinigingsondersteuning humidClean",Pagina25"Droogfunctie", Pagina25Favorieten Eigen opgeslagen instellingen gebruiken. "Favorieten", Pagina17HomeConnectMet HomeConnect kunt u de oven met een mobieleindapparaat verbinden en op afstand bedienen om devolledige functionaliteit van het apparaat te benutten. Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies voor uwapparaat benutten. Informatie daarover kunt u vinden inde app. "HomeConnect ", Pagina205. 1 VerwarmingsmethodenOm altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de ver-schillen en toepassingen. Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat.
Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt dewaarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied. Bij temperatuurinstellingen boven 275°C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten totca. 275°C resp. grillstand 1.
Sym-boolVerwarmingsmetho-deTemperatuur-bereikGebruik en werkwijzeEventuele extra functies4D-Hetelucht 30 - 275°C Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Boven- en onder-warmte30 - 300°C Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsme-thode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Hetelucht Eco 125-250 °C Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voor-zichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten.
Alsu de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwar-men zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het ener-gieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse ge-bruikt. Boven/ onderwarmteEco150-250 °C Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Alsu de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwar-men zonder gebruik te maken van de restwarmte. 8.
Accessoires nlSym-boolVerwarmingsmetho-deTemperatuur-bereikGebruik en werkwijzeEventuele extra functiesDeze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen vanhet energieverbruik in de conventionele modus. Circulatiegrillen 30 - 300°C Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. Grill, groot Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkPlatte producten, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerechtengratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. Grill, klein Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkKleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleinehoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. Pizzastand 30 - 275°C Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen no-dig hebben.
Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingsele-ment aan de achterwand zijn ingeschakeld. coolStart- functie 30 - 275°C Voor een snelle bereiding van diepvriesproducten zonder voorver-warmen. Kies de temperatuur die de fabrikant aangeeft. Gebruikde hoogste temperatuur die op de verpakking staat aangegeven. Langzaam garen 70 - 120°C Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en lang-zaam garen. De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van bovenen van onderen. Onderwarmte 30 - 250°C Gerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen. Warmhouden 50 - 100°C Gerechten die al klaar zijn warmhouden. Servies voorverwar-men30 - 90°C Servies voorverwarmen. 5. 2 TemperatuurTijdens het opwarmen kunt u op het display bij demeeste verwarmingsmethoden de actuele temperatuurin de binnenruimte en de ingestelde temperatuur naastelkaar aflezen, bijv.
120°/210°C. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voorhet plaatsen van het voedsel bereikt, zodra de opwarm-lijn volledig is gevuld en een akoestisch signaal klinkt.
Opmerking: Door thermische traagheid kan de weerge-geven temperatuur een beetje afwijken van de werkelij-ke temperatuur in de binnenruimte. Restwarmte-indicatieWanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het dis-play de restwarmte in de binnenruimte weer met sym-bool. Hoe verder de temperatuur daalt, des te minderis zichtbaar van het symbool. Bij ca. 60°C en lagerdooft het symbool helemaal. Accessoires6 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. Opmerking: Wanneer de accessoires heet worden, kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen invloed opde werking. De vervorming verdwijnt weer nadat de accessoires zijn afgekoeld. De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat. Accessoires GebruikRooster BakvormenOvenschalenVormenVlees, bijv. braad- of grillstukkenDiepvriesgerechten9.
nl AccessoiresAccessoires GebruikBraadslede Vochtig gebakGebakBroodGrote braadstukkenDiepvriesgerechtenAfdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bijhet grillen op het rooster. Bakplaat PlaatgebakKlein gebak6. 1 VergrendelingsfunctieDe vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoireskantelen wanneer ze worden uitgetrokken. U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken,tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert al-leen wanneer u het accessoire op de juiste manier in debinnenruimte schuift. 6. 2 Accessoire in de binnenruimte schuivenHet toebehoren altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder tekantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken. 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan deachterkant bevindt en naar beneden wijst. 2. De accessoire altijd tussen de beide geleidestangenvan een inschuifhoogte plaatsen.
Rooster Het rooster met de open kant naar deapparaatdeur en de welving naar be-neden in de oven schuiven. Plaatbijv. braad-slede ofbakplaatDe plaat met de afschuining gerichtnaar de ovendeur in de oven schui-ven. Plaats het accessoire op de ingeschoven telescoop-rail. Rooster ofplaatDe accessoire er zo opleggen, dat hetaccessoire op de achterste aanslag vanhet uittreksysteem wordt ingelegd. PUSHOpmerking: Volledig uitgetrokken klikken de tele-scooprails in. De telescooprails met een lichte drukterugschuiven in de binnenruimte. 3. Het toebehoren er volledig inschuiven, zodat het deapparaatdeur niet raakt. Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebtbij het gebruik uit de binnenruimte. Accessoires combinerenOm afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u het roos-ter in combinatie met de braadslede gebruiken. 1.
Rooster opbraadslede6. 3 Meer accessoiresMeer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, inspeciaalzaken of op het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onzefolders of op internet:siemens-home. bsh-group. comVoor de verschillende apparaten zijn specifieke acces-soires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de pre-cieze aanduiding (E-nr. ) van uw apparaat op. Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat,kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klanten-service. 10.
Voor het eerste gebruik nlVoor het eerste gebruik7 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 7. 1 Eerste keer in gebruik nemenNadat je het apparaat op het lichtnet hebt aangesloten,moet je de instellingen voor de eerste ingebruiknamevan het apparaat vastleggen. Het kan enkele minutenduren tot op het display de instellingen verschijnen. Opmerking: U kunt de instellingen ook met de Ho-meConnect app uitvoeren. Als je apparaat verbondenis, volg dan de aanwijzingen in de app. 1. Schakel het apparaat in met. De eerste instelling verschijnt. 2. Indien nodig de instelling wijzigen. Mogelijke instellingen:– Taal– Home Connect– Tijd– Datum3. Ga met naar de volgende instelling. 4. De instellingen doorlopen en wijzigen indien gewenst.
Na de laatste instelling verschijnt een aanwijzing ophet display dat de eerste ingebruikname is afgeslo-ten. 5. Om ervoor te zorgen dat het apparaat zich vóór heteerste verwarmen controleert, de deur van het appa-raat een keer openen en sluiten. 7. 2 Het apparaat reinigen voordat u het voorhet eerst gebruiktVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met hetapparaat dient u de binnenruimte en de accessoires tereinigen. 1. De productinformatie en het toebehoren uit de bin-nenruimte nemen. Verpakkingsresten, zoals korreltjespiepschuim en tape aan binnen- en buitenzijde vanhet apparaat verwijderen. 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte afnemenmet een zachte, vochtige doek. 3. Schakel het apparaat in met. 4. Volgende instellingen uitvoeren:Verwarmingsmethode 4DheteluchtTemperatuur maximaalTijdsduur 1uur"De Bediening in essentie", Pagina115. In werking stellen.
Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolanghet apparaat opwarmt. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing,dat de werking is beëindigd. 6. Schakel het apparaat uit met. 7.
Als het apparaat is afgekoeld, gladde oppervlakken inde binnenruimte met zeepsop en een schoonmaak-doekje reinigen. 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaak-doekje of een zachte borstel grondig reinigen. De Bediening in essentie8 De Bediening in essentie8. 1 Apparaat inschakelenSchakel het apparaat in met. Op het display verschijnt het menu. 8. 2 Apparaat uitschakelenSchakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaathet automatisch uit. Schakel het apparaat uit met. Het apparaat gaat uit. Lopende functies worden afge-broken. Op het display verschijnt de tijd of de restwarmte-indi-catie. 8. 3 In werking stellenElke functie moet u starten. LET OPWater op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. Voor gebruik het water van de bodem van de binnen-ruimte opnemen. Start de werking met. Op het display verschijnen de instellingen. 8. 4 Werking onderbrekenU kunt de werking onderbreken en weer hervatten. 1. Druk op om de werking te onderbreken. 2. Druk opnieuw op om de werking te hervatten. 8. 5 Functie instellenNadat u het apparaat heeft ingeschakeld, verschijnt hetmenu op het display. 1. Veeg op het display naar links of rechts om door deverschillende keuzemogelijkheden te bladeren. 2. Druk op de betreffende tegel om een functie te kie-zen. Al naar gelang de functie verschijnen mogelijke in-stelwaarden of verdere tegels waaruit gekozen kanworden. 3. Druk indien gewenst op een andere tegel. 4. Om instelwaarden te wijzigen:Druk op of.
nl Snel voorverwarmen6. Wanneer de werking is beëindigd:Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Tip: Uw instellingen kunt u als "Favorieten" opslaan enopnieuw gebruiken. "Favorieten", Pagina178. 6 Verwarmingsmethode en temperatuurinstellen1. Druk op "Verwarmingsmethoden". 2. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 3. Stel de temperatuur in met of of via de instelbalk. Of voer de temperatuur direct in via het numeriekeveld. Indien nodig kunt u verdere instellingen maken:–"Snel voorverwarmen", Pagina12–"Tijdfuncties", Pagina13–"Kerntemperatuurmeter", Pagina144. Start de werking met. Het apparaat begint op te warmen. Op het display staan de instelwaarde en de tijd hoe-lang het programma al loopt. 5. Schakel het apparaat uit met wanneer het gerechtklaar is.
Opmerking: De meest geschikte verwarmingsmethodevoor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de ver-warmingsmethoden. "Verwarmingsmethoden", Pagina8Verwarmingsmethode wijzigenVerandert u de verwarmingsmethode, dan worden ookde andere instellingen teruggezet. 1. Druk op. 2. Druk op. 3. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 4. Stel de werking opnieuw in en start met. Temperatuur wijzigenNa het starten van de werking kunt u de temperatuur teallen tijde wijzigen. 1. Op de temperatuur drukken. 2. Wijzig de temperatuur met of of via de instelbalk. Of voer de temperatuur direct in via het numeriekeveld. 3. Druk op "Overnemen". 8. 7 Informatie weergevenIn de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uit-gevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschij-nen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep ofwaarschuwing. 1. Druk op.
8 Warmhouden gedurende een langereperiodeU kunt met uw apparaat gerechten tot 24 uur warmhou-den, zonder dat het gedrag van het apparaat wijzigt. Ge-bruik de tijdfuncties en wijzig de basisinstellingen. Opmerking: Wanneer u de apparaatdeur tijdens het ge-bruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaatverder. Om er zeker van te zijn dat het gedrag van hetapparaat tijdens bedrijf niet verandert, de apparaatdeurpas na het verstrijken van de ingestelde tijd openen. 1. Wijzig de basisinstelling "Verlichting" naar "Altijd uit". "Basisinstellingen", Pagina182. De basisinstelling "standby-indicatie" in "Aan" wijzi-gen. 3. De basisinstelling "Geluidssignaal" wijzigen naar"Zeer korte duur". Zo blijft de verlichting in de binnenruimte tijdens hetgebruik en wanneer u de apparaatdeur opent altijduit. De weergave van de klok wijzigt niet.
De tijdsduurvan het geluidssignaal aan het einde van het gebruikis gereduceerd. 4. Stel de gewenste functie in. "Functie instellen", Pagina11"Verwarmingsmethode en temperatuur instellen",Pagina125. Stel al naar gelang de functie de gewenste tijdsduurin. "Tijdsduur instellen", Pagina13"Tijdfuncties", Pagina136. Stel met "Einde" het tijdstip in, waarop de werkingmoet eindigen. "Einde instellen", Pagina13"Tijdfuncties", Pagina137. Plaats het gerecht in de binnenruimte, voordat het ap-paraat begint te verwarmen. 8. In werking stellen. Het display toont de tijdsduur tot aan de start. Het ap-paraat bevindt zich in de wachtstand. Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op tewarmen en de tijdsduur loopt af. 9. Haal het gerecht uit de binnenruimte wanneer de wer-king is beëindigd. Na ca. 15tot 20minuten schakelthet apparaat volledig automatisch uit.
Tijdfuncties nl9. 1 Snel voorverwarmen instellenOm een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen,plaatst u uw gerecht pas na het snel voorverwarmen inde binnenruimte. Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snelvoorverwarmen beëindigd is. 1. Een geschikte verwarmingsmethode en een tempera-tuur vanaf 100°C instellen. Vanaf een ingestelde temperatuur van 200°C wordthet snel voorverwarmen automatisch ingeschakeld. 2. Druk op "Snel voorverwarmen". Op de tegel staat "Aan". 3. Start de werking met. Het snel voorverwarmen start. Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkter een signaal. Bij "Snel voorverwarmen" staat"Uit". 4. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen. Snel voorverwarmen afbrekenDruk op "Snel voorverwarmen". Op het display verschijnt bij "Snel voorverwarmen" "Uit".
Tijdfuncties10 TijdfunctiesVoor gebruik kunt u de tijdsduur en de tijdstip, waaropde werking moet eindigen, instellen. De timer kan onaf-hankelijk van de werking worden ingesteld. Tijdfunctie GebruikTijdsduur Wanneer u voor de werking een tijds-duur instelt, houdt het apparaat na hetverstrijken van de tijdsduur automa-tisch op met verwarmen. Einde Voor de tijdsduur kunt u een tijd instel-len waarop de werking eindigt. Het ap-paraat start automatisch zodat de wer-king op het gewenste tijdstip klaar is. Timer De timer kunt u onafhankelijk van dewerking instellen. Hij beïnvloedt het ap-paraat niet. 10. 1 Tijdsduur instellenDe tijdsduur voor de werking kunt u instellen tot 24 uur. Vereiste: Een werking en een temperatuur of stand zijningesteld. 1. Druk op "Tijdsduur". 2. Druk om de tijdsduur in te stellen, op de betreffendetijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" of minutenaanwij-zing "min".
Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduurloopt af. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing,dat de werking is beëindigd. 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:Indien nodig kunt u verdere instellingen maken ende werking opnieuw starten. Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Tijdsduur wijzigenU kunt de tijdsduur altijd wijzigen. 1. Druk op de tijdsduur. 2. Wijzig de tijdsduur met of of direct via de instel-balk. 3. Druk op "Overnemen". Tijdsduur afbrekenU kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken. 1. Op de tijdsduur drukken. 2. Reset de tijdsduur met. Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodigis, reset het apparaat de tijdsduur terug naar de voor-ingestelde waarde. 3. Druk op "Overnemen". 10. 2 Einde instellenHet apparaat gaat automatisch aan en op de van te vo-ren gekozen eindtijd uit.
Stel hiervoor de tijdsduur in enleg vast wanneer de werking beëindigd wordt. VereistenEen functie en een temperatuur of stand zijn inge-steld. Er is een tijdsduur ingesteld. 1. Druk op "Einde". 2. De tijd met of aanpassen of de tijd direct via hetnumerieke veld invoeren. Reset indien nodig de instelwaarde met. 3. Druk op "Overnemen". 4. Start de werking met. Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindtzich in de wachtstand. Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op tewarmen en de tijdsduur loopt af. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzingdat de werking is beëindigd. 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is.
nl Kerntemperatuurmeter2. De tijd met of wijzigen of de tijd direct via het nu-merieke veld invoeren. 3. Druk op "Overnemen". Einde annulerenU kunt de ingestelde tijd altijd wissen. 1. Op "Stop" drukken. 2. Op "Einde" drukken. 3. Reset de tijd met. Opmerking: Bij functies waarbij een tijdsduur nodigis, reset het apparaat het tijdstip, waarop de tijdsduureindigt, terug op de het volgende mogelijk tijdstip. 4. Op "Starten" drukken. 10. 3 Timer instellenDe timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt detimer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot24uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodatu hoort of de timer of een tijdsduur eindigt. 1. Druk op de knop. 2. Druk om de timer in te stellen, op het display op debetreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" of mi-nutenaanwijzing "min". De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 3.
Stel de timer in via het numerieke veld. Reset indien nodig de instelwaarde met. 4. Druk op "Starten" om de timer te starten. De timer loopt af. Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft detimer op het display zichtbaar. Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellin-gen van de lopende werking op het display. De timerwordt in de statusregel weergegeven. Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de timeris beëindigd. Timer wijzigenU kunt de timer altijd wijzigen. 1. Druk op de knop. 2. Druk op "Stop". 3. De timer wijzigen. 4. Druk op "Starten". Timer annuleren1. Druk op de knop. 2. Druk op "Stop"3. De timer met resetten. 4. Druk op. Kerntemperatuurmeter11 KerntemperatuurmeterU kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door ereen kerntemperatuurmeter in te steken en op het ap-paraat een kerntemperatuur in te stellen.
1 Geschikte verwarmingsmethoden metkerntemperatuurmeterVoor het gebruik met de kerntemperatuurmeter zijn al-leen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt. Bij deze verwarmingsmethoden kunt u de kerntempera-tuurmeter gebruiken:4DheteluchtBoven- en onderwarmteOnderwarmte Boven-/onderwarmte zacht Hete lucht zacht CirculatiegrillenPizzastandWarmhoudenLangzaam garen 11. 2 Steek de kerntemperatuurmeter in hetvleesGebruik de meegeleverde kerntemperatuurmeter of be-stel een geschikte kerntemperatuurmeter via onze klan-tenservice. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kande isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer die voor dit ap-paraat bestemd is. LET OPAnders kan de braadthermometer beschadigd raken. Het snoer van de braadthermometer niet inklemmen.
Om te voorkomen dat de braadthermometer bescha-digd raakt door een te intensieve hitte, moet de af-stand tussen grillelement en braadthermometer enke-le centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de be-reiding uitzetten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. De kerntemperatuurmeter is puntig. Ga voorzichtig om met de kerntemperatuurmeter. Opmerking: Als de uittrekrails op hoogte 3 zijn ingehan-gen, kunt u de kerntemperatuurmeter niet in de binnen-ruimte steken. Hang de uittrekrails uit of hang ze op eenandere hoogte in. "Rekjes", Pagina291. Steek de kerntemperatuurmeter in het product. De kerntemperatuurmeter heeft drie meetpunten. Zorg ervoor dat minstens het middelste meetpunt inhet product steekt. DunnestukkenvleesSteek de kerntemperatuurmeter in de zij-kant van het vlees op het dikste punt. DikkestukkenvleesSteek de kerntemperatuurmeter van bovenschuin tot de aanslag in het vlees. 14.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens HB976GMB1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven Siemens
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
