Siemens HB774G2B2S Handleiding

Siemens Oven HB774G2B2S

Bekijk gratis de handleiding van Siemens HB774G2B2S (44 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 47 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Siemens HB774G2B2S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/44
Inbouwoven
HB774G2.2S
nl
Gebruikershandleiding en installatie-instructies
Register your product on My Siemens and discover exclusive servi-
ces and offers.
siemens-home.bsh-group.com/welcome
The future moving in.
Siemens Home Appliances

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Siemens
Categorie: Oven
Model: HB774G2B2S

Handleiding Siemens HB774G2B2S – volledige tekst

1 Algemene montage-instructies. 371 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voorvolgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. 1.

3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len.

Veiligheid nl3Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veiliger gebruikAccessoires altijd op de juiste manier in debinnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina10WAARSCHUWING‒Kans op brand. Brandbare voorwerpen die in de binnenruimteworden bewaard kunnen vlam vatten. ▶ Bewaar nooit brandbare voorwerpen in debinnenruimte. ▶ Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehou-den om eventueel optredende vlammen tedoven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen.

▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaater een luchtstroom. Het bakpapier kan dan deverwarmingselementen raken en vlam vatten. ▶ Plaats nooit bakpapier bij het voorverwar-men en tijdens het bereiden los op het ac-cessoire. ▶ Bakpapier altijd op maat maken en verzwa-ren met een vorm. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. ▶ Neem hete accessoires en vormen altijdmet behulp van een pannenlap uit de bin-nenruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open-springen.

▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hetestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van detemperatuur niet altijd zichtbaar. ▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Door water in de hete binnenruimte kan hetewaterdamp ontstaan. ▶ Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er krassen op het glas van de appa-raatdeur zitten, kan dit barsten. ▶ Gebruik geen scherp of schurend reini-gingsmiddel of scherpe metalen schrapervoor het reinigen van het glas van de oven-deur omdat dit het oppervlak kan beschadi-gen.

Het apparaat en de delen ervan die aange-raakt kunnen worden kunnen scherpe randenhebben. ▶ Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen. ▶ Draag indien mogelijk veiligheidshand-schoenen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten. ▶ Kom niet met uw handen bij de scharnie-ren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kun-nen scherpe randen hebben. ▶ Draag veiligheidshandschoenen.

nl Veiligheid4WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶ Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen. Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. ▶ Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. ▶ Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. ▶ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk.

▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact halen of de ze-kering in de meterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina31WAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. 1. 5 HalogeenlampWAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden.

De lampen in de binnenruimte worden heelheet. Ook enige tijd na het uitschakelen be-staat er nog een risico van verbranding. ▶ Glazen kapje niet aanraken.

▶ Tijdens het schoonmaken contact met dehuid vermijden. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Bij vervanging van de lamp staan de contac-ten van de lampfitting onder stroom. ▶ Zorg er vóór het vervangen van de lampvoor dat het apparaat is uitgeschakeld, omeen mogelijke elektrische schok te voorko-men. ▶ Tevens de stekker uit het stopcontact halenof de zekering in de meterkast uitschake-len. 1. 6 BraadthermometerWAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Bij gebruik van een verkeerde braadthermo-meter kan de isolatie beschadigd raken. ▶ Gebruik alleen de braadthermometer dievoor dit apparaat bestemd is. 1. 7 ReinigingsfunctieWAARSCHUWING‒Kans op brand. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnentijdens de reiniging vlam vatten. ▶ Verwijder altijd de grove verontreiniging uitde binnenruimte voordat de reiniging start. ▶ Accessoires nooit meereinigen.

De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. ▶ Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. ▶ Voorkant van het apparaat vrijhouden. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grotehitte in het bereik van de deur. ▶ De dichting niet schuren en niet afnemen. ▶ Nooit het apparaat met beschadigde af-dichting of zonder afdichting gebruiken.

Materiële schade vermijden nl5WAARSCHUWING‒Kans op ernstiggevaar voor de gezondheid. Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reini-gen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vor-men wordt aangetast en er ontstaan giftigegassen. ▶ Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooitplaten en vormen met een antiaanbaklaagmeereinigen. ▶ Accessoires nooit meereinigen. WAARSCHUWING‒Kans op gevaarvoor de gezondheid. De reinigingsfunctie warmt de binnenruimtetot een heel hoge temperatuur op zodat res-ten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties vande slijmvliezen kunnen leiden. ▶ Tijdens de reinigingsfunctie de keukengrondig ventileren. ▶ Niet gedurende langere tijd in de ruimteverblijven. ▶ Kinderen en huisdieren uit de buurt hou-den. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. De binnenruimte wordt zeer heet tijdens hetreinigen. ▶ Nooit de apparaatdeur openen.

▶ Het apparaat laten afkoelen. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. ▶ Nooit de apparaatdeur aanraken. ▶ Het apparaat laten afkoelen. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. 2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OP. Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kande apparaatdeur openspringen en er eventueel afval-len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinte-ren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnen-ruimte naar binnen sterk vervormen. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of over-gieten van gerechten) verhitten. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat erwarmteophoping door voorwerpen op de bodem vande binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen nietmeer en het email wordt beschadigd. ▶ Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welkesoort dan ook op de bodem van de binnenruimteleggen. ▶ Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnen-ruimte plaatsen wanneer een temperatuur van min-der dan 50°C ingesteld is. Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat erwaterdamp. Door de temperatuurverandering kan erschade optreden. ▶ Giet nooit water in de hete binnenruimte. ▶ Zet nooit servies met water op de bodem van debinnenruimte. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. ▶ Laat na het gebruik de binnenruimte drogen. Opendaarvoor de apparaatdeur volledig of gebruik dedroogfunctie.

▶ Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurendelangere tijd in de gesloten binnenruimte. ▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. ▶ Klem niets tussen de apparaatdeur. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekkenachter die niet meer kunnen worden verwijderd. ▶ De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet teovervloedig bedekken. ▶ Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimteleidt tot beschadiging van het email. ▶ Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruim-te. ▶ Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de bin-nenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijde-ren.

nl Milieubescherming en besparing6Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken. ▶ Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. ▶ Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. ▶ Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen oflaten steunen. ▶ Geen vormen of accessoires op de apparaatdeurplaatsen. Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoi-res krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaat-deur wanneer deze gesloten wordt. ▶ Accessoires altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte leggen. Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanen-te verkleuringen ontstaan.

▶ Aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in con-tact komen met de deurruit. 3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het re-cept of de instellingsadviezen dat aangeven. →"Zo lukt het", Pagina32¡Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan be-spaart u tot 20 % energie. Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bak-vormen. ¡Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goedop. Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinigmogelijk. ¡De temperatuur in de binnenruimte blijft constanten het apparaat hoeft niet na te verwarmen. Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallelbakken.

¡De binnenruimte is na de eerste keer bakken opge-warmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak datvervolgens wordt gebakken korter. Bij langere bereidingstijden het apparaat 10minutenvoor het einde van de bereidingstijd uitschakelen.

¡De restwarmte is voldoende om het gerecht verderte bereiden. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnen-ruimte. ¡Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd teworden. Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ont-dooien. ¡Hierdoor wordt bespaard op de energie om hetvoedsel te ontdooien. Het display in de basisinstellingen uitschakelen. →"Basisinstellingen", Pagina18¡Er wordt energie bespaard wanneer het displaywordt uitgeschakeld. Opmerking:Het apparaat verbruikt:¡ in netwerkgebonden stand-by max. 2 W¡ in niet netwerkgebonden stand-by met uitgescha-keld display max. 0,5W.

Uw apparaat leren kennen nl74 Uw apparaat leren kennen4. 1 BedieningspaneelVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw ap-paraat instellen en informatie krijgen over de gebruiks-toestand. Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm. 121DisplayOp het display ziet u de actuele instelwaarden,keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten. Met de knoppen en navigeert u in het dis-play. →"Display", Pagina72KnoppenMet de toetsen stelt u de verschillende functiesdirect in. →"Knoppen", Pagina74. 2 DisplayHet display is onderverdeeld in verschillende gebieden. StatusregelBoven in het display bevindt zicht de statusregel. Al naar gelang de instelstap kunt u acties uitvoeren. Behalve tekstinformatie ziet u ook de actuele stand vanverschillende functies aan de hand van symbolen. Symbool BetekenisTijd bijv.

"12min10s"Aanwijzing lopende tijdfuncties. →"Tijdfuncties", Pagina13Timer is geactiveerd. →"Timer instellen", Pagina14Kinderslot is geactiveerd. →"Kinderslot", Pagina18Vanwege de reinigingsfunctie of het kin-derslot is de apparaatdeur vergrendeld. →"Reinigingsfunctie 'Pyrolyse activeC-lean'", Pagina23→"Basisinstellingen", Pagina18Symbool BetekenisWiFi-signaalsterkte voor HomeConnect. Hoe meer lijntjes van het symbool ge-vuld zijn, des te beter is het signaal. Wanneer het symbool is doorgestreept, dan is er geen WiFi-signaal. Wanneer er een "x" bij symbool is,dan is er geen verbinding met de Ho-meConnect server. →"HomeConnect ", Pagina19Start op afstand met HomeConnect isgeactiveerd. →"HomeConnect ", Pagina19Diagnose op afstand met HomeCon-nect voor onderhoud is geactiveerd. →"HomeConnect ", Pagina19Ovenlamp is aan of uit.

Druk op de be-treffende tegel om een functie te kiezen. Informatie wordt tevens in tegels weergegeven. Gebruik om meerdere tegels naar links of rechts te bla-deren de nagivatieknoppen en ⁠. Mogelijke symbolen in tegelsSymbool BetekenisBij veel inhoud in de tegel bladeren. Instelwaarde verlagen of verhogen. Instelwaarde resetten. Tegel sluiten. Opmerking:Een blauwe stip of een blauwe ster in eentegel geeft aan dat met de HomeConnect app eennieuwe functie, een nieuwe favoriet of een update opuw apparaat werd gedownload. 4. 3 KnoppenMet de knoppen kiest u de verschillende functies di-rect. Knop FunctieApparaat in- of uitschakelen. →"De Bediening in essentie",Pagina12Werking starten of onderbreken. →"De Bediening in essentie",Pagina12Eén instelling terug gaan.

nl Functies8Knop FunctieTimer selecteren. →"Timer instellen", Pagina14Ca. 4 seconden ingedrukt houden: kin-derslot activeren of deactiveren. →"Kinderslot", Pagina184. 4 BinnenruimteVerschillende functies in de binnenruimte ondersteunenbij het gebruik uw apparaat. RekjesU kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rek-jes in de binnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina10Uw apparaat heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoog-tes worden van beneden naar boven geteld. De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijde-ren. →"Rekjes", Pagina28VerlichtingEen of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruim-te. Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat deverlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langerdan ca. 18 minuten open, dan gaat de verlichting weeruit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodrahet gebruik wordt gestart.

Als het gebruik wordt beëin-digd, schakelt de verlichting uit. KoelventilatorDe koelventilator schakelt afhankelijk van de tempera-tuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ont-snapt via de deur. LET OP. Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt hetapparaat oververhit. ▶ Dek de ventilatiesleuven niet af. De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat hetapparaat na gebruik sneller afkoelt. ApparaatdeurWanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik,wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur,dan wordt de werking automatisch voortgezet. 5 FunctiesHier krijgt u een overzicht van de hoofd- en anderefuncties van uw apparaat. Tip:Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies benutten. Informatie daarover kunt u vinden in de app.

→"Verwarmingsmethoden", Pagina9→"De Bediening in essentie",Pagina12Gerechten Geprogrammeerde, aanbevolen instel-lingen voor verschillende gerechten ge-bruiken. →"Gerechten", Pagina16Functie GebruikReiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimtekiezen. →"Reinigingsfunctie 'Pyrolyse activeC-lean'", Pagina23→"Reinigingsondersteuning 'humid-Clean'", Pagina24→"Droogfunctie", Pagina24Favorieten Eigen opgeslagen instellingen gebrui-ken. →"Favorieten", Pagina17Basisinstel-lingenBasisinstellingen openen→"Basisinstellingen", Pagina18HomeConnectMet HomeConnect kunt u de oven met een mobieleindapparaat verbinden en op afstand bedienen om devolledige functionaliteit van het apparaat te benutten. Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies voor uwapparaat benutten. Informatie daarover kunt u vinden inde app.

Functies nl95. 1 VerwarmingsmethodenOm altijd de passende verwarmingsmethode voor uwgerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg overde verschillen en toepassingen. Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u omwelke verwarmingsmethoden het gaat. Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het ap-paraat u een passende temperatuur of stand voor. Ukunt de waarde overnemen of wijzigen in het weerge-geven gebied. Bij temperatuurinstellingen boven 275°C en grillstand3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 mi-nuten tot ca. 275°C resp. grillstand 1. Sym-boolVerwarmingsmetho-deTemperatuurbe-reikGebruik en werkwijzeEventuele extra functies3D-Hetelucht 30 - 275°C Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte.

Boven- en onder-warmte30 - 300°C Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmings-methode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedek-king. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Hetelucht zacht 125-250 °C Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voor-zichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het pro-duct wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het ener-gieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse ge-bruikt. Boven-onderwarmtezacht150-250 °C Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen vanhet energieverbruik in de conventionele modus.

Grill, groot Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkPlatte producten, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerech-ten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. Grill, klein Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkKleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleinehoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. Pizzastand 30 - 275°C Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderennodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingsele-ment aan de achterwand zijn ingeschakeld. coolStart- functie 30 - 275°C Voor een snelle bereiding van diepvriesproducten zonder voor-verwarmen. Kies de temperatuur die de fabrikant aangeeft. Ge-bruik de hoogste temperatuur die op de verpakking staat aange-geven. Langzaam garen 70 - 120°C Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig enlangzaam garen.

nl Accessoires105. 2 TemperatuurTijdens het opwarmen kunt u op het display bij demeeste verwarmingsmethoden de actuele temperatuurin de binnenruimte en de ingestelde temperatuur naastelkaar aflezen, bijv.  ⁠120°/210°C. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voorhet plaatsen van het voedsel bereikt, zodra de opwarm-lijn volledig is gevuld en een akoestisch signaal klinkt. Opmerking:Door thermische traagheid kan de weer-gegeven temperatuur een beetje afwijken van de wer-kelijke temperatuur in de binnenruimte. Restwarmte-indicatieWanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het dis-play de restwarmte in de binnenruimte weer met sym-bool. Hoe verder de temperatuur daalt, des te min-der is zichtbaar van het symbool. Bij ca. 60°C en lagerdooft het symbool helemaal. 6 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op hetapparaat afgestemd.

Opmerking:Wanneer de accessoires heet worden,kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen in-vloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer na-dat de accessoires zijn afgekoeld. De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhan-kelijk van het type apparaat. Accessoires GebruikRooster ¡ Bakvormen¡ Ovenschalen¡ Vormen¡ Vlees, bijv. braad- of grillstukken¡ DiepvriesgerechtenBraadslede ¡ Vochtig gebak¡ Gebak¡ Brood¡ Grote braadstukken¡ Diepvriesgerechten¡ Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vetbij het grillen op het rooster. Bakplaat ¡ Plaatgebak¡ Klein gebak6. 1 VergrendelingsfunctieDe vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoireskantelen wanneer ze worden uitgetrokken. U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken,tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert al-leen wanneer u het accessoire op de juiste manier inde binnenruimte schuift. 6.

Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan deachterkant bevindt en naar beneden wijst. 2. De accessoires altijd tussen de beide geleidestan-gen van een inschuifhoogte plaatsen. Rooster Het rooster met de open kant naarde apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven. Plaatbijv. braad-slede ofbakplaatDe plaat met de afschuining gerichtnaar de ovendeur in de ovenschuiven.

Voor het eerste gebruik nl113. Het toebehoren volledig inschuiven, zodat het deapparaatdeur niet raakt. Opmerking:Haal de accessoires die u niet nodig hebtbij het gebruik uit de binnenruimte. Accessoires combinerenOm afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u hetrooster in combinatie met de braadslede gebruiken. 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beideafstandshouders achter op de rand van de braad-slede liggen. 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen vaneen inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbijboven de bovenste geleidingsstang. Rooster opbraadslede6. 3 Meer accessoiresMeer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, inspeciaalzaken of op het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in on-ze folders of op internet:siemens-home. bsh-group. com Voor de verschillende apparaten zijn specifieke acces-soires beschikbaar.

Geef bij de aankoop altijd de pre-cieze aanduiding (E-nr. ) van uw apparaat op. Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat,kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klan-tenservice. 7 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 7. 1 Eerste keer in gebruik nemenNadat je het apparaat op het lichtnet hebt aangesloten,moet je de instellingen voor de eerste ingebruiknamevan het apparaat vastleggen. Het kan enkele minutenduren tot op het display de instellingen verschijnen. Opmerking:U kunt de instellingen ook met de Ho-meConnect app uitvoeren. Als je apparaat verbondenis, volg dan de aanwijzingen in de app. 1. Schakel het apparaat in met ⁠. a De eerste instelling verschijnt. 2. Indien nodig de instelling wijzigen. Mogelijke instellingen:– Taal– Home Connect– Tijd– Datum3. Ga met naar de volgende instelling. 4.

Om ervoor te zorgen dat het apparaat zich vóór heteerste verwarmen controleert, de deur van het appa-raat een keer openen en sluiten. 7. 2 Het apparaat reinigen voordat u het voorhet eerst gebruiktVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met hetapparaat dient u de binnenruimte en de accessoires tereinigen. 1. De productinformatie en het toebehoren uit de bin-nenruimte nemen. Verpakkingsresten, zoals korrel-tjes piepschuim en tape aan binnen- en buitenzijdevan het apparaat verwijderen. 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte afnemenmet een zachte, vochtige doek. 3. Schakel het apparaat in met ⁠. 4. Volgende instellingen uitvoeren:Verwarmingsmethode 3DheteluchtTemperatuur maximaalTijdsduur 1uur→"De Bediening in essentie", Pagina125. In werking stellen. ‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolanghet apparaat opwarmt.

a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing, dat de werking is beëindigd. 6. Schakel het apparaat uit met ⁠. 7. Als het apparaat is afgekoeld, gladde oppervlakkenin de binnenruimte met zeepsop en een schoon-maakdoekje reinigen. 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaak-doekje of een zachte borstel grondig reinigen.

nl De Bediening in essentie128 De Bediening in essentie8. 1 Apparaat inschakelen▶Schakel het apparaat in met ⁠. a Op het display verschijnt het menu. 8. 2 Apparaat uitschakelenSchakel het apparaat uit wanneer u het niet nodigheeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient,gaat het automatisch uit. ▶Schakel het apparaat uit met ⁠. a Het apparaat gaat uit. Lopende functies worden af-gebroken. a Op het display verschijnt de tijd of de restwarmte-in-dicatie. 8. 3 In werking stellenElke functie moet u starten. LET OP. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. ▶ Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. ▶ Voor gebruik het water van de bodem van de bin-nenruimte opnemen. ▶Start de werking met ⁠. a Op het display verschijnen de instellingen. 8.

4 Werking onderbrekenU kunt de werking onderbreken en weer hervatten. 1. Druk op om de werking te onderbreken. 2. Druk opnieuw op om de werking te hervatten. 8. 5 Functie instellenNadat u het apparaat heeft ingeschakeld, verschijnt hetmenu op het display. 1. Druk op of om in de verschillende selectiemoge-lijkheden te bladeren. 2. Druk op de betreffende tegel om een functie te kie-zen. a Al naar gelang de functie verschijnen mogelijke in-stelwaarden of verdere tegels waaruit gekozen kanworden. 3. Druk indien gewenst op een andere tegel. 4. Om instelwaarden te wijzigen:‒ Druk op of ⁠. ‒ Of de waarde direct via de instelbalk kiezen. 5. Start de werking met ⁠. 6. Wanneer de werking is beëindigd:‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is.

Stel de temperatuur in met of of direct via deinstelbalk. Indien nodig kunt u verdere instellingen maken:– →"Snel voorverwarmen", Pagina13– →"Tijdfuncties", Pagina13– →"Kerntemperatuurmeter", Pagina144. Start de werking met ⁠. a Het apparaat begint op te warmen. a Op het display staan de instelwaarde en de tijd hoe-lang het programma al loopt. 5. Schakel het apparaat uit met wanneer het gerechtklaar is. Opmerking:De meest geschikte verwarmingsmethodevoor uw gerechten vindt u in de beschrijving van deverwarmingsmethoden. →"Verwarmingsmethoden", Pagina9Verwarmingsmethode wijzigenVerandert u de verwarmingsmethode, dan worden ookde andere instellingen teruggezet. 1. Druk op ⁠. 2. Druk op ⁠. 3. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 4. Stel de werking opnieuw in en start met ⁠. Temperatuur wijzigenNa het starten van de werking kunt u de temperatuur teallen tijde wijzigen. 1.

Op de temperatuur drukken. 2. Wijzig de temperatuur met of of direct via deinstelbalk. 3. Druk op "Overnemen". 8. 7 Informatie weergevenIn de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuistuitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen ver-schijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproepof waarschuwing. 1. Druk op ⁠. a Wanneer er informatie aanwezig is wordt deze gedu-rende enkele seconden weergegeven. 2. Bij veel inhoud in de tegel bladeren met of ⁠. 3. Indien nodig de aanwijzing sluiten met ⁠. 8. 8 Sabbatconform bedienenWanneer u uw apparaat sabbatconform wilt bedienen,gebruik dan de tijdfuncties en wijzig de basisinstellingvoor de verlichting. Opmerking:Wanneer u de apparaatdeur tijdens hetgebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het appa-raat verder.

Snel voorverwarmen nl13Zo blijft de verlichting in de binnenruimte tijdens hetgebruik en wanneer u de apparaatdeur opent altijduit. 2. Stel de gewenste functie in. →"Functie instellen", Pagina12→"Verwarmingsmethode en temperatuur instellen",Pagina123. Stel al naar gelang de functie de gewenste tijdsduurin. →"Tijdsduur instellen", Pagina13→"Tijdfuncties", Pagina134. Stel met "Einde" het tijdstip in, waarop de werkingmoet eindigen. →"Einde instellen", Pagina14→"Tijdfuncties", Pagina135. Plaats het gerecht in de binnenruimte, voordat hetapparaat begint te verwarmen. 6. In werking stellen. a Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindtzich in de wachtstand. a Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op tewarmen en de tijdsduur loopt af. 7. Haal het gerecht uit de binnenruimte wanneer dewerking is beëindigd. Na ca.

15tot 20minutenschakelt het apparaat volledig automatisch uit. Opmerking:Wijzig indien nodig de basisinstellingvan de verlichting weer. 9 Snel voorverwarmenOm tijd te besparen, kan het snel voorverwarmen bijingestelde temperaturen boven 100°C de opwarmings-duur verkorten. Bij deze verwarmingsmethoden is snel voorverwarmenmogelijk:¡ 3Dhetelucht¡ Boven- en onderwarmte9. 1 Snel voorverwarmen instellenOm een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen,plaatst u uw gerecht pas na het snel voorverwarmen inde binnenruimte. Opmerking:Stel pas een tijdsduur in wanneer het snelvoorverwarmen beëindigd is. 1. Een geschikte verwarmingsmethode en een tempe-ratuur vanaf 100°C instellen. Vanaf een ingestelde temperatuur van 200°C wordthet snel voorverwarmen automatisch ingeschakeld. 2. Druk op "Snel voorverwarmen". a Op de tegel staat "Aan". 3. Start de werking met ⁠.

a Het snel voorverwarmen start. a Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd,klinkt er een signaal. Bij "Snel voorverwarmen" staat "Uit". 4. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen.

Snel voorverwarmen afbreken▶Druk op "Snel voorverwarmen". a Op het display verschijnt bij "Snel voorverwarmen"⁠ "Uit". 10 TijdfunctiesVoor gebruik kunt u de tijdsduur en de tijdstip, waaropde werking moet eindigen, instellen. De timer kan onaf-hankelijk van de werking worden ingesteld. Tijdfunctie GebruikTijdsduur Wanneer u voor de werking een tijds-duur instelt, houdt het apparaat nahet verstrijken van de tijdsduur auto-matisch op met verwarmen. Einde Voor de tijdsduur kunt u een tijd in-stellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodatde werking op het gewenste tijdstipklaar is. Timer De timer kunt u onafhankelijk van dewerking instellen. Hij beïnvloedt hetapparaat niet. 10. 1 Tijdsduur instellenDe tijdsduur voor de werking kunt u instellen tot 24uur. Vereiste:Een werking en een temperatuur of stand zijningesteld. 1. Druk op "Tijdsduur". 2.

Druk om de tijdsduur in te stellen, op de betreffendetijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" of minutenaan-wijzing "min". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 3. Stel de tijdsduur in met of of direct via de in-stelbalk. Rest indien nodig de instelwaarde met ⁠. 4. Druk op "Overnemen". 5. Start de werking met ⁠. a Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduurloopt af. a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing, dat de werking is beëindigd. 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen makenen de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Tijdsduur wijzigenU kunt de tijdsduur altijd wijzigen. 1. Op de tijdsduur drukken. 2. Wijzig de tijdsduur met of of direct via de in-stelbalk. 3. Druk op "Overnemen".

nl Kerntemperatuurmeter14Tijdsduur afbrekenU kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken. 1. Op de tijdsduur drukken. 2. Reset de tijdsduur met ⁠. Opmerking:Bij functies waarbij een tijdsduur nodigis, reset het apparaat de tijdsduur terug naar devooringestelde waarde. 3. Druk op "Overnemen". 10. 2 Einde instellenHet tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moetzijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven. Opmerkingen¡ Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wij-zigt u het einde niet meer als de werking eenmaal isgestart. ¡ Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven,dient u ze niet te lang in de binnenruimte te latenstaan. Vereisten¡ Een werking en een temperatuur of stand zijn inge-steld. ¡ Er is een tijdsduur ingesteld. 1. Druk op "Einde". 2. Verschuif de tijd met of ⁠. Rest indien nodig de instelwaarde met ⁠. 3. Druk op "Overnemen". 4. Start de werking met ⁠.

a Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindtzich in de wachtstand. a Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op tewarmen en de tijdsduur loopt af. a Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing, dat de werking is beëindigd. 5. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒ Indien nodig kunt u verdere instellingen makenen de werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Einde instellenOm een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt ude ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werkinggestart is en de tijdsduur afloopt. 1. Druk op "Einde". 2. Wijzig de tijd met of ⁠. 3. Druk op "Overnemen". Einde annulerenU kunt de ingestelde tijd altijd wissen. 1. Op "Stop" drukken. 2. Op "Einde" drukken. 3. Reset de tijd met ⁠.

Opmerking:Bij functies waarbij een tijdsduur nodigis, reset het apparaat het tijdstip, waarop de tijds-duur eindigt, terug op de het volgende mogelijk tijd-stip. 4. Op "Starten" drukken. 10.

3 Timer instellenDe timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt detimer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot24 uur instellen. De timer heeft een eigen signaal, zo-dat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt. 1. Druk op de knop ⁠. 2. Druk om de timer in te stellen, op het display op debetreffende tijdswaarde, bijv. urenaanwijzing "h" ofminutenaanwijzing "min". a De geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 3. Stel de timer in met of of direct via de instel-balk. Rest indien nodig de instelwaarde met ⁠. 4. Druk op "Starten" om de timer te starten. a De timer loopt af. a Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft detimer op het display zichtbaar. a Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellin-gen van de lopende werking op het display. De ti-mer wordt in de statusregel weergegeven. a Wanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal.

Op het display verschijnt een aanwijzing, dat de ti-mer is beëindigd. Timer wijzigenU kunt de timer altijd wijzigen. 1. Druk op de knop ⁠. 2. Op "Pauze" drukken. 3. De timer wijzigen. 4. Op "Starten" drukken. Timer afbrekenU kunt de timer altijd annuleren. 1. Druk op de knop ⁠. 2. De timer met resetten. 3. Op "Starten" drukken. 11 KerntemperatuurmeterU kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door ereen kerntemperatuurmeter in te steken en op het ap-paraat een kerntemperatuur in te stellen. De kerntem-peratuurmeter meet de temperatuur in het binnenste.

Kerntemperatuurmeter nl15van het product. Zodra de ingestelde kerntemperatuurin het product is bereikt, houdt het apparaat automa-tisch op te verwarmen. 11. 1 Geschikte verwarmingsmethoden metkerntemperatuurmeterVoor het gebruik met de kerntemperatuurmeter zijn al-leen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt. Bij deze verwarmingsmethoden kunt u dekerntemperatuurmeter gebruiken:¡ 3Dhetelucht¡ Boven- en onderwarmte¡ Onderwarmte ¡ Boven-/onderwarmte zacht ¡ Hete lucht zacht ¡ Circulatiegrillen¡ Pizzastand¡ Warmhouden¡ Langzaam garen 11. 2 Steek de kerntemperatuurmeter in hetvleesGebruik de meegeleverde kerntemperatuurmeter of be-stel een geschikte kerntemperatuurmeter via onze klan-tenservice. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kande isolatie beschadigd raken. ▶ Gebruik alleen de braadthermometer die voor ditapparaat bestemd is.

LET OP. Anders kan de braadthermometer beschadigd raken. ▶ Het snoer van de braadthermometer niet inklem-men. ▶ Om te voorkomen dat de braadthermometer be-schadigd raakt door een te intensieve hitte, moet deafstand tussen grillelement en braadthermometerenkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdensde bereiding uitzetten. 1. Steek de kerntemperatuurmeter in het product. Steek de kerntem-peratuurmeter ophet dikste puntschuin in het vlees. Opmerking:Wan-neer u het productwilt keren, steekdan de kerntempe-ratuurmeter in dezijkant van het pro-duct, zodat dezebij het keren nietverwijdert hoeft teworden. Zorg ervoor dat de punt van dekerntemperatuurmeter juist in het vlees isgepositioneerd:– De punt moet zich ongeveer in het midden vanhet product bevinden. – De punt mag niet in het vet steken. – De punt mag geen kookgerei of been raken. 2.

Opmerking:Wilt u het product keren, verwijder dekerntemperatuurmeter dan niet. Controleer na het ke-ren van het product of de kerntemperatuurmeter noggoed in het gerecht zit. 11. 3 Kerntemperatuurmeter instellenU kunt een kerntemperatuur tussen de 30°C en 99°Cinstellen. Vereisten¡ Het product met de kerntemperatuurmeter staat inde binnenruimte. ¡ De kerntemperatuurmeter is in de binnenruimte inge-plugd. 1. Druk op "Verwarmingsmethoden". 2. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 3. Stel de temperatuur van de binnenruimte in met of of direct via de instelbalk. Stel de temperatuur van de binnenruimte minstens10°C hoger in dan de kerntemperatuur. Stel de temperatuur van de binnenruimte niet hogerin dan 250°C. 4. Druk op "Braadthermometer". 5. Stel de kerntemperatuur in met of of direct viade instelbalk. Reset indien nodig de instelwaarde met ⁠. 6. Druk op "Overnemen". 7.

Start de werking met ⁠. a Het apparaat begint op te warmen. a Op het display staan de instelwaarde en de tijd hoe-lang het programma al loopt. Als uw apparaat metHomeConnect is verbonden, wordt de voorspelderesterende tijdsduur weergegeven. a Wanneer de kerntemperatuur is bereikt, dan klinkteen signaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing, dat de werking is beëindigd. Het apparaatwarmt niet meer op. Bij de methode langzaam ga-ren, blijft het apparaat verwarmen. 8. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden. De binnenruimte, accessoires en braadthermometerworden zeer heet. ▶ Neem hete accessoires en de braadthermometeraltijd met behulp van een pannenlap uit de bin-nenruimte. Wanneer de kerntemperatuur is bereikt:‒ Indien nodig kunt u meer instellingen maken ende werking opnieuw starten. ‒ Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is.

‒ Neem de kerntemperatuurmeter uit de aanslui-ting in de binnenruimte. ‒ Neem de kerntemperatuurmeter uit het producten uit de binnenruimte. Tips¡ U kunt de kerntemperatuurmeter ook met eenandere functie combineren, bijv.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Siemens HB774G2B2S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden