Siemens EH831HEB1E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens EH831HEB1E (24 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Siemens EH831HEB1E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | EH831HEB1E |
Handleiding Siemens EH831HEB1E – volledige tekst
1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-raatpas en de productinformatie voor latergebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatApparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-cessen ononderbroken in het oog. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving.
Gebruik het apparaat niet:¡ met een externe timer of een separate af-standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-val dat de werking middels de doorEN50615 genoemde apparaten wordt uit-geschakeld. Als u een actief, geïmplanteerd medisch ap-paraat (zoals een pacemaker of defibrillator)draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoetaan de Richtlijn 90/385/EEG van de Raadvan de Europese Gemeenschappen van 20juni 1990 alsmede EN 45502-2-1 en EN1Beschikbaar al naar gelang de softwareversie. Meer informatie over de beschikbaarheid vindt u op de website.
Veiligheid nl345502-2-2, en conform VDE-AR-E 2750-10 isgeselecteerd, geïmplanteerd en geprogram-meerd. Als aan deze voorwaarden wordt vol-daan en er bovendien non-ferro pannen metnon-ferro handgrepen worden gebruikt, kandeze inductiekookplaat zonder bezwaar wor-den gebruikt, mits dit natuurlijk op de juistewijze gebeurt. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans op brand. Zonder toezicht koken op kookplaten met vetof olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-ken. ▶ Verlies hete oliën en vetten daarom nooituit het oog. ▶ Nooit proberen om een vuur met water teblussen, maar het apparaat uitschakelenen dan de vlammen bijv. met een deksel ofeen blusdeken afdekken. Het kookvlak wordt erg heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen op het kook-vlak of in de directe omgeving leggen. ▶ Nooit voorwerpen op het kookvlak bewa-ren. Het apparaat wordt heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen of spuitbus-sen bewaren in laden direct onder de kook-plaat. Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld dooroververhitting, in brand vliegen of ontploffendematerialen. ▶ Dek de kookplaat niet af.
▶ Er moet toezicht worden gehouden op hetkookproces. Een korte procedure moetpermanent worden gecontroleerd. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enzijn aanraakbare onderdelen heet, vooral eeneventueel aanwezig kookplaatframe. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-vallen leiden. ▶ Nooit kookplaatbeschermroosters gebrui-ken. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. ▶ Het apparaat voor het schoonmaken latenafkoelen. Voorwerpen van metaal worden zeer snelheet op de kookplaat. ▶ Leg nooit voorwerpen van metaal, zoalsmessen, vorken, lepels of deksels, op dekookplaat. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de appa-raataansluitkabel van dit apparaat bescha-digd raakt, moet deze worden vervangendoor een speciale netaansluitkabel of spe-ciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaaris bij de fabrikant of de klantenservice. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶ Is het oppervlak gescheurd, dan het appa-raat uitschakelen om een mogelijke elektri-sche schok te vermijden. Hiervoor het ap-paraat niet aan de hoofdschakelaar, maar.
nl Materiële schade voorkomen4via de zekering in de meterkast uitschake-len. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de zekering in demeterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina19Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-latie van elektrische apparaten smelten. ▶ Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elek-trische apparaten nooit in contact komt methete onderdelen van het apparaat. Contact van metalen voorwerpen met de zichaan de onderkant van de kookplaat bevinden-de ventilator kan leiden tot een elektrischeschok.
▶ Bewaar geen lange, puntige metalen voor-werpen in de lade onder de kookplaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem vande pan en de kookzone, kunnen kookpannenplotseling omhoog springen. ▶ Zorg ervoor dat de kookzone en de bodemvan de pan altijd droog zijn. ▶ Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Bij de bereiding au-bain-marie kunnen dekookplaat en kookvorm barsten door overver-hitting. ▶ De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-rect contact komen met de bodem van depan die met water is gevuld. ▶ Gebruik alleen hittebestendige vormen. Een apparaat met een gebarsten of gebrokenoppervlak kan tot snijwonden leiden. ▶ Het apparaat niet gebruiken als het opper-vlak ervan gebarsten of gebroken is. WAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken.
▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomenHier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen. Schade Oorzaak MaatregelVlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden. Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegenemet hoog suikergehalte. Onmiddellijk met een schraper voor vitroke-ramische kookplaat verwijderen. Vlekken, defecten ofbreuken in het glasDefect kookgerei, kookgerei met gesmoltenemaille of kookgerei met koperen- of alumini-umbodem. Gebruik geschikt kookgerei dat in een goedeconditie is. Vlekken, verkleurin-genOngeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-schikt zijn voor glaskeramiek en reinig dekookplaat alleen wanneer deze koud is.
Defecten of breukenin het glasStoten of vallend kookgerei, kookaccessoiresof andere harde of scherpe voorwerpen. Bij het koken niet tegen het glas stoten ofvoorwerpen op de kookplaat laten vallen. Krassen, verkleurin-genRuwe pannenbodems of het verplaatsen vande pan op de kookplaat. Kookgerei controleren. Kookgerei bij het ver-plaatsen optillen. Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om ietsop te zetten of als werkvlak.
Milieubescherming en besparing nl5Schade Oorzaak MaatregelSchade aan het ap-paraat. Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Schade aan de panof aan het apparaatKoken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hetekookzone plaatsen of verhitten. Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone ofhete deksels van pannen op het glas. Geen bakpapier of aluminiumfolie en geenkunststof containers of pandeksels op dekookplaat leggen. Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel ofop het kader. Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-den. LET OP. Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over eenventilator. ▶ Als er zich onder de kookplaat een lade bevindt, be-waar daarin dan geen kleine of scherpe voorwer-pen, geen papier en geen theedoeken. Deze voor-werpen kunnen aangezogen worden en de ventila-tor beschadigen of de koeling belemmeren.
▶ Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-in-gang moet een minimale afstand van 2cm wordenaangehouden. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaatminder energie. Een kookzone kiezen die bij de grootte van de panpast. Het kookgerei gecentreerd plaatsen. Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-eenkomt met de diameter van de kookzone. Tip:Fabrikanten van kookgerei geven vaak de boven-diameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan debodemdiameter. ¡Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedektekookzones verbruiken veel energie. Pannen afsluiten met een passend deksel.
¡Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-der het deksel op te lichten. Pannen met vlakke bodem gebruiken. ¡Als de bodem niet vlak is, wordt het energiever-bruik hoger. Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-middel. ¡Groot kookgerei met weinig product heeft meerenergie nodig om op te warmen. Met weinig water koken. ¡Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meerenergie is er nodig om op te warmen. Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand. ¡Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. Productinformatie conform (EU) 66/2014 vindt u op demeegeleveerde apparaatpas en op het intern op deproductpagina van uw apparaat. Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgereiEen voor inductiekoken geschikt kookgerei moet eenferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-neet worden aangetrokken, en verder moet de bodemeven groot zijn als de kookzone.
Wanneer het kookge-rei op een kookplaat niet herkend kan worden, plaatsdan het kookgerei op een kookplaat met de eerstvol-gende kleinere diameter. 4. 1 Grootte en kenmerken van hetkookgereiOm het kookgerei correct te herkennen, moet u met degrootte en het materiaal van het kookgerei rekeninghouden. Alle panbodems moeten volledig vlak en gladzijn.
nl Geschikt kookgerei6Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei ge-schikt is. →"Kookgerei-test", Pagina13Kookgerei Materialen EigenschappenAanbevolen kookge-reiRoestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-dem welke de warmte goed verdeelt.Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,warmt snel op en waarborgt zijn herkenning.Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerdstaal, gietijzer, of speciale pannen voor in-ductie van edelstaal.Dit kookgerei warmt snel op en wordt veiligherkend.Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetischeoppervlak kleiner is dan de bodem van hetkookgerei, warmt alleen het ferromagneti-sche oppervlak op. Daardoor verdeelt dewarmte niet gelijkmatig.Kookgereibodems met aluminiumaandeel. Deze bodems van het kookgerei verkleinenhet ferromagnetische oppervlak, waardoorminder vermogen aan het kookgerei wordtafgegeven.
Het kan zijn dat deze pannen on-voldoende of helemaal niet worden herkenden daarom ook onvoldoende worden ver-warmd.Niet geschikt Kookgerei van normaal dun staal, glas, aar-dewerk, koper of aluminium.Opmerkingen¡ Gebruik tussen de kookplaat en de pan in principegeen adapterplaten.¡ Verwarm geen leeg kookgerei en geen kookgereimet dunne bodem, omdat deze zeer sterk verhitkunnen raken.
nl Voor het eerste gebruik85. 2 Verdeling van de kookzonesHet aangegeven vermogen wordt gemeten met de ge-normeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn be-schreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootteof materiaal van het kookgerei variëren. BCABGebied Hoogste stand Ø 21cm Vermogensstand 9powerBoost2500W3700W Ø 14,5 cm Vermogensstand 9powerBoost1600W2200WGebied Hoogste stand Ø 28cm Vermogensstand 9powerBoost3000W3700WIn de vermogensstand 9 bereikt de kookplaat het in detabel aangegeven vermogen, om de voorverwarmings-tijden te verkorten, en houd dit gedurende een zekeretijd aan, zolang er geen andere kookzone aan dezelfdekan in bedrijf is. 5. 3 KookzoneControleer voordat u met het koken begint of het for-maat van de pan bij de kookzone past waarmee ukookt:Gebied Type kookzoneKookzone met enkele kring5.
4 Restwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarm-te-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt,mag u de kookzone niet aanraken. Indicatie Betekenis De kookzone is heet. De kookzone is warm. Voor het eerste gebruik6 Voor het eerste gebruikHoud de volgende adviezen aan. 6. 1 Eerste reinigingVerpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwij-deren en het oppervlak met een vochtige doek afve-gen. Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelenvindt u op de officiële website siemens-home. bsh-group. com. Meer informatie over onderhoud en reiniging. →Pagina176. 2 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging.
Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt. 6. 3 KookgereiEen lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op deofficiële website siemens-home. bsh-group. com. Meer informatie over het passende kookgerei.
→Pagina56. 4 Home Connect instellenAls u het apparaat voor de eerste keer inschakelt,wordt de instelling van het thuisnetwerk opgevraagd. Op het display licht gedurende enkele seconden op. Tik om het verbinden met Home Connect te starten op en houd de aanwijzingen in hoofdstuk aan. Om de instelling te beëindigen, de kookplaat uitscha-kelen. U kunt de instelling HomeConnect ook op een andertijdstip uitvoeren. Software-update7 Software-updateWanneer het apparaat met HomeConnect is verbon-den, dan kunnen enkele functies via een software-up-date beschikbaar zijn. Verdere informatie over de beschikbaarheid van derge-lijke functies vindt u op de website siemens-home. bsh-group. com.
De Bediening in essentie nl9De Bediening in essentie8 De Bediening in essentie8. 1 Kookplaat inschakelen▶Raak aan. Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzo-nes en de momenteel beschikbare functies bran-den. In de kookzone-indicaties brandt . a De kookplaat is gebruiksklaar. reStart▶Wanneer u het apparaat binnen 4seconden na hetuitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat inwerking met de vorige instellingen. 8. 2 De kookplaat uitschakelen▶ aanraken tot de indicaties doven. a Alle kookzones zijn uitgeschakeld. Opmerking:Wanneer alle kookzones langer dan59seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kook-plaat uit. 8. 3 De vermogensstand in de kookzonesinstellenDe kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Er moeteen vermogensstand worden gekozen die het bestvoor het product en het geplande bereidingsproces ge-schikt is. 1.
Tik op het gewenste kookzonedisplay . a en branden helderder. 2. Selecteer de gewenste vermogensstand in het in-stelgebied. a De vermogensstand is ingesteld. Opmerking:Wanneer er geen kookgerei op de kook-plaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert degekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordtde kookzone uitgeschakeld. quickStart▶Als u vóór het inschakelen van het apparaat een ofmeerdere pannen op een kookzone plaatst, herkentde kookplaat deze en kiest de kookplaat automa-tisch de kookzone voor één van de pannen. Vervol-gens in de volgende 59 seconden de vermogens-stand kiezen, anders schakelt de kookplaat zelf uit. Kookstand wijzigen en kookzone uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. De gewenste vermogensstand kiezen of op instel-len. a De vermogensstand van de kookzone wordt gewij-zigd of de kookzone wordt uitgeschakeld. 8.
nl Favorietenknop10Groente, paddestoelen, gepa-neerd, in bierdeeg of in tempu-ra6-7 -1Zonder deksel2Voorverwarmen op kookstand 8 - 8. 5Klein gebak, bijv. beignets, Ber-liner bollen, fruit in bierdeeg4-5 -1Zonder deksel2Voorverwarmen op kookstand 8 - 8. 5Favorietenknop9 FavorietenknopMet de functie kunt u twee functies of kookinstellingenkiezen, welke dan op snel toegankelijk zijn. 9. 1 Favorietenknop functies toekennenVereiste:Het apparaat met Home Connect verbinden. Meer informatie vindt u onder Home Connect1. Om functies toe te kennen, de Home Connectapp openen en de aanwijzingen opvolgen. 2. Zodra u de functies heeft toegekend, kunt u dezegebruiken:a Functie 1: kort drukken. a Functie 2: lang drukken. Opmerking:Wanneer u geen functie heeft toegekend,dan schakelt zich uit na het inschakelen van dekookplaat.
Tijdfuncties10 TijdfunctiesUw kookplaat beschikt over verschillende functies voorhet instellen van de bereidingstijd:¡ Uitschakeltimer¡ TimerAan de knop is standaard de functie Uitschakeltimertoegekend. U kunt de sensor echter ook aan één vande hierboven genoemde functies toekennen. Deze in-stellingen kunt u via de Home Connect app of onderBasisinstellingen wijzigen →Pagina12. 10. 1 UitschakeltimerMaakt de programmering mogelijk van een bereidings-tijd voor één of meerdere kookzones en hun automati-sche uitschakeling na het verstrijken van de ingesteldetijd. Uitschakeltimer inschakelen1. Kies de kookzone en de gewenste vermogensstand. 2. Op tippen. a en branden. 3. Stel binnen de volgende 10 seconden in het instel-gebied de gewenste bereidingstijd in. 4. Raak aan om te bevestigen. a De bereidingstijd begint af te lopen.
1 minuut voorhet verstrijken van de geselecteerde tijd klinkt eensignaal. U kunt de toestand van het levensmiddelcontroleren en indien nodig de bereidingstijd verlen-gen. a Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt dekookzone uit en er klinkt een signaal.
Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen1. Kies de kookzone en raak vervolgens het sym-bool aan. 2. Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-tijd, of zet deze op . 10. 2 TimerMaakt de activering van een timer mogelijk. Deze func-tie is onafhankelijk van de kookzones en andere instel-lingen. Deze schakelt de kookzones niet automatischuit. Timer inschakelenVereiste: de functie toewijzen. 1. Druk op . 2. Kies de gewenste tijd. a De tijd begint af te lopen. a Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal enknipperen de displays. Timer wijzigen of uitschakelen1. Druk op . 2. Wijzig om de functie uit te schakelen de bereidings-tijd, of zet deze op . powerBoost11 powerBoostMet de Powerboost-functie verhit u grote hoeveelhedenwater sneller dan met .
shortBoost nl11Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone aan dezelfde kant niet ingebruik is. Anders knipperen en in het display vande gekozen kookzone. Dan wordt automatisch inge-steld zonder de functie te activeren. 11. 1 powerBoost inschakelen1. Kies de kookzone. 2. Raak aana De indicatie licht op. a De functie is geactiveerd. 11. 2 powerBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Raak aan. a De indicatie verdwijnt en de kookzone schakelt te-rug naar de vermogensstand . a De functie is uitgeschakeld. Opmerking:Om de elektronica-elementen binnenin dekookplaat te beschermen, schakelt deze functie onderbepaalde omstandigheden automatisch uit. shortBoost12 shortBoost1Met deze functie verhit u pannen sneller dan met. DepowerBoost functie niet met braadpannen gebruiken,de coating kan daarbij beschadigd raken.
U kunt de functie via Home Connect of Favorietenknopactiveren. Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone aan dezelfde kant niet ingebruik is. Anders knipperen in de indicatie van de ge-kozen kookzone en. Vervolgens wordt automa-tisch ingesteld. 12. 1 Gebruiksadviezen¡ Leg geen deksel op de pan. ¡ Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten. ¡ Alleen koude pannen gebruiken. ¡ Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken. 12. 2 Schakel shortBoost inVereiste: de functie toewijzen. →"Favorietenknop", Pagina10. 1. Kies de kookzone. 2. Raak aan. a brandt. a De functie is geactiveerd. 12. 3 shortBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Vermogensstand kiezen. a doofta De functie is uitgeschakeld. Opmerking:Om hoge temperaturen te vermijden scha-kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit.
nl Pauze1214. 1 Kinderslot inschakelenVereiste:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a brandt 10seconden lang. a De kookplaat is geblokkeerd. 14. 2 Kinderslot deactiveren1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a De blokkering is opgeheven. 14. 3 Automatisch kinderslotU kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na hetuitschakelen van de kookplaat activeren. Hoe u de functie activeert en deactiveert kunt u lezenin het hoofdstuk basisinstellingen →Pagina12. Pauze15 PauzeMet de functie kunt u actieve bereidingsprocessen tot10 minuten onderbreken en hervatten zonder de geko-zen instellingen te wijzigen. De functie kunt u bijvoorbeeld voor het reinigen van hetbedieningspaneel inschakelen. 15. 1 Pauze-functie activeren▶Druk op . a In de kookzone-indicaties brandt .
a Alle actieve bereidingsprocessen worden gestopt. De instellingen blijven bewaard. a De functie is geactiveerd. 15. 2 Pauze-functie deactiveren▶Raak aan. a De functie is uitgeschakeld. De bereidingsproces-sen worden voortgezet. Opmerking:Na 10 minuten schakelt de kookzone au-tomatisch uit. Individuele veiligheidsuitschakeling16 Individuele veiligheidsuitschakelingWanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en ugeen instelling wijzigt, dan activeert u de veiligheids-functie. De kookzone geeft weer en schakelt uit. De tijd is afhankelijk van het geselecteerde vermogens-niveau. Vermogensstand Tijd1,0 - 1,5 10 uur2,0 - 3,5 5 uur4,0 - 5,0 4 uur5,5 - 6,5 3 uur7,0 - 7,5 2 uur8,0 - 9,0 1uurDruk op een willekeurige button. Basisinstellingen17 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen. 17.
Akoestische signalen - Het bevestigingssignaal, het foutsignaal en het sig-naal voor verkeerd gebruik zijn gedeactiveerd. - Het foutsignaal is geactiveerd. - Het bevestigingssignaal en het signaal voor verkeerdgebruik zijn geactiveerd. - Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld 1. Geluidsvolume van de akoestische signalen - Stil. - Gemiddeld. 1 – Luid. 1Fabrieksinstelling.
Kookgerei-test nl13Indicatie Instelling Waarde op het bedieningspaneel één van de tijd-programmeerfuncties toekennen. →"Tijdfuncties", Pagina10 - Uitschakeltimer. 1 - Timer. VermogensbegrenzingDaarmee kunt u indien nodig het totale ver-mogen van de kookplaat vanwege de specifi-caties van uw elektrische installatie begren-zen. Houd de bepalingen van uw lokale elek-triciteitsbedrijf aan. De beschikbare instellin-gen zijn afhankelijk van het maximale vermo-gen van de kookplaat. Overige informatievindt u op het typeplaatje. Wanneer de func-tie is ingeschakeld en de kookplaat de inge-stelde vermogensgrens bereikt, dan knippertde gewenste en toegestane vermogensstanden kunt u geen hogere vermogensstand kie-zen. Het vermogen wordt met elke stap met 500 W verhoogd. – Uitgeschakeld. Maximale vermogen van de kook-plaat 1. - 1000 W. Laagste vermogen. . - 1500 W. - 3000 W. . - 3500 W.
- 4000 W. . - 4500 W. - Maximale vermogen van de kookplaat. DemonstratiemodusDemo-modus van de kookplaat. Wanneer ude kookplaat inschakelt, brandt enkeleseconden lang en verwarmen de kookzonesniet. - Uitgeschakeld. 1 - Ingeschakeld. Kookgerei-testMet deze functie kunt u de kwaliteit van hetkookgerei testen. →"Kookgerei-test", Pagina13 - Ongeschikt. - Niet optimaal. - Geschikt. - cookConnect SystemDe instellingen vinden plaats afhankelijk vanhet model afzuigkap. →"Overzicht van de instellingen van de afzuigkapbedie-ning", Pagina17 Terugzetten naar de fabrieksinstellingen - Individuele instellingen 1. - Fabrieksinstellingen. 1Fabrieksinstelling17. 2 Naar de basisinstellingenVereiste:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Binnen de volgende 10 seconden gedurende 4seconden aanraken.
Raak aan om de afzonderlijke indicatiesweer te geven. 3. Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan. a en lichten op als voorinstelling. 4. Raak net zo lang herhaald aan totdat de gewens-te instelling verschijnt. 5. De gewenste instelling in het instelbereik kiezen. 6. Raak gedurende 4 seconden aan. a De instellingen worden opgeslagen. 17. 3 Wijzigen van de basisinstellingenannuleren▶Raak aan. a Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-gen. Kookgerei-test18 Kookgerei-testDe kwaliteit van het kookgerei heeft een grote invloedop de snelheid en het resultaat van het kookproces. Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgereitesten. Ga vóór de test na of de diameter van de bodem vande pan met de diameter van de gebruikte kookzoneovereenstemt. De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. →Pagina1218. 1 Kookgerei-test uitvoeren.
nl HomeConnect141. Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca. 200ml water midden op die kookzone, waarvan dediameter het best overeenkomt met de diameter vande bodem van het kookgerei. 2. Roep de basisinstellingen op en kies . 3. Het instelgebied aanraken. In de kookzones knip-pert . a De functie is ingeschakeld. a Na 10 seconden verschijnt het resultaat op hetkookzonedisplay. 18. 2 Resultaat controlerenIn de volgende tabel wordt weergegeven wat het resul-taat voor kwaliteit en snelheid van het kookproces be-tekent. ResultaatHet kookgerei is voor de kookzone niet geschikten wordt daarom niet opgewarmd. Het kookgerei warmt langzamer op dan verwachten het kookproces verloopt niet optimaal. Het kookgerei wordt goed warm en het kookpro-ces is in orde. Opmerking:Plaats in gevallen met ongunstige resulta-ten het kookgerei opnieuw op een kleinere kookzone,indien aanwezig.
Raak om de functie opnieuw te activeren het instelbe-reik aan. HomeConnect19 HomeConnectDit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uwapparaat met een mobiel eindapparaat om functies tekunnen bedienen via de HomeConnect app, basisin-stellingen aan te passen of de actuele gebruikstoe-stand te bewaken. De HomeConnect diensten zijn niet in elk land be-schikbaar. De beschikbaarheid van de functie Ho-meConnect is afhankelijk van de beschikbaarheid vande HomeConnect diensten in uw land. Informatie hier-over vindt u op: www. home-connect. com. De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-dingsproces. Volg de aanwijzingen in de HomeCon-nect app om de instellingen aan te brengen. Tip:Neem ook de aanwijzingen in deHomeCon-nectapp in acht.
Opmerkingen¡ Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze ge-bruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook wor-den nageleefd wanneer u het apparaat via de Ho-meConnect app bedient. →"Veiligheid", Pagina2¡ De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-meConnectapp niet mogelijk. ¡ In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-paraat max. 2W nodig. ¡ Kookplaten zijn niet bedoeld voor gebruik zondertoezicht. Het bereidingsproces moet in de gatenworden gehouden. 19. 1 HomeConnect app instellen1. Installeer de HomeConnect app op het mobieleeindapparaat. 2. De HomeConnect app starten en de toegang voorHomeConnect instellen. De HomeConnect app leidt u door het gehele aan-meldingsproces. 19. 2 HomeConnect instellenVereisten¡ Het apparaat is verbonden met het stroomnet en in-geschakeld. ¡ U beschikt over een mobiel eindapparaat met eenactuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-teem, bijvoorbeeld een smartphone. ¡ De HomeConnectapp is op het mobiele eindappa-raat geïnstalleerd. ¡ Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-vangst van het thuisnetwerk (wifi).
¡ Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevindenzich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uwthuisnetwerk. 1. De HomeConnect app openen en de volgende QR-code scannen. 2. De aanwijzingen van de HomeConnect app opvol-gen. 19. 3 WiFi-symbool De WiFi-indicatie op het bedieningspaneel wijzigt afhan-kelijk van de status en de kwaliteit van de verbindingen de beschikbaarheid van de HomeConnect server. Status BeschrijvingBrandt statisch met halvehelderheid. Geen netwerkverbindingopgeslagen. Knippert met volledigehelderheid. Netwerkverbinding wordttot stand gebracht. Brandt statisch met volle-dige helderheid. Netwerkverbinding opge-slagen en WiFi actief. Knippert. De netwerkinstellingenworden gereset. Uitgeschakeld. Netwerk niet actief.
HomeConnect nl1519. 4 Wifi-thuisnetwerk toevoegen ofverwijderenIn het volgende overzicht ziet u hoe u een wifi-thuisnet-werk kunt toevoegen of verwijderen. Wifi-thuisnetwerkstatus HandelingGeen wifi-thuisnetwerk op-geslagen. Om het wifi-thuisnetwerktoe te voegen, kort op drukken. Het wifi-thuisnetwerk isopgeslagen. Om een ander apparaatte koppelen, lang op drukken. Het wifi-thuisnetwerk isopgeslagen. Om de instellingen vanhet wifi-thuisnetwerk te re-setten, lang op druk-ken. Als knippert, danopnieuw lang indruk-ken. 19. 5 Instellingen via de HomeConnect appwijzigenMet de HomeConnect app kunt u de instellingen voorde kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen. Vereiste:De kookplaat is met het thuisnetwerk en deHomeConnect app verbonden. 1. De instelling in de HomeConnect app uitvoeren ennaar de kookplaat sturen. De aanwijzingen in de HomeConnect app opvol-gen.
Instellingen die u vanuit de HomeConnect app naarde kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat beves-tigen. a Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat wor-den doorgestuurd, begint afhankelijk van de instel-ling de betreffende kookzone-indicatie te knipperen. 2. Druk op om de instellingen te bevestigen. 3. Om de instelling te verwerpen, op een willekeurigander touchveld van de kookplaat drukken. 19. 6 Bluetooth®-herkenning activeren 1Deze draadloze technologie maakt een automatischeaanwezigheidsherkenning mogelijk. Wanneer u zich inde buurt van de kookplaat bevindt, hoeft u de instellin-gen van uw mobiele eindapparaat niet meer op dekookplaat te bevestigen. Wanneer u instellingen naareen kookplaat stuurt, kun u deze vanaf uw mobieleeindapparaat bevestigen. Wanneer u instellingen naareen kookzone stuurt, kunt u deze direct vanaf uw mo-biele eindapparaat bevestigen.
¡ De gebruiker bevindt zich in de buurt van de kook-plaat. 1. Open de HomeConnect app. 2. Volg om de Bluetooth®-herkenning in te stellen, deaanwijzingen in de HomeConnect app op. 19. 7 Software-updateMet de functie software-update wordt de software vanuw apparaat bijgewerkt, bijv. voor optimalisatie, verhel-pen van fouten, voor veiligheidsrelevante updates als-mede voor extra functies en diensten. Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Ho-meConnectgebruiker bent, de app op uw mobieleeindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding metde HomeConnectserver hebt gemaakt. Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt uhierover via de HomeConnectapp geïnformeerd enkunt u de software-update via de app starten. Na hetsuccesvol downloaden kunt u de installatie via de Ho-meConnectapp starten als u in uw WLAN-thuisnet-werk (WiFi) bent.
Over een succesvol uitgevoerde in-stallatie wordt u via de HomeConnectapp geïnfor-meerd. Opmerkingen¡ De software-update bestaat uit twee stappen. – In de eerste stap van de download. – In de tweede stap de installatie op uw apparaat. ¡ Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoonblijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke in-stellingen in de app kunnen software-updates ookautomatisch worden gedownload. ¡ De installatie duurt enkele minuten. Tijdens de in-stallatie kunt u uw apparaat niet gebruiken. ¡ In geval van een veiligheidsrelevante update is hetraadzaam deze zo snel mogelijk te installeren. 19.
8 AfstandsdiagnoseDe klantenservice kan via de diagnose op afstand toe-gang verkrijgen tot uw apparaat als u zich met de des-betreffende wens tot de klantenservice richt, uw appa-raat met de HomeConnect server verbonden is en dediagnose op afstand in het land waarin u het apparaatgebruikt, beschikbaar is. Tip:Meer informatie alsook aanwijzingen over de be-schikbaarheid van de diagnose op afstand in uw landvindt u in het gedeelte service/support van de lokalewebsite: www.
home-connect. com. 19. 9 Bescherming persoonsgegevensNeem de aanwijzingen m. b. t. de bescherming van depersoonsgegevens in acht. Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordtverbonden met een thuisnetwerk dat op het internet isaangesloten, geeft het de volgendegegevenscategorieën door aan de HomeConnectserver (eerste registratie):¡ Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaan-de uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de in-gebouwde WiFicommunicatiemodule). ¡ Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemo-dule (voor de informatietechnische beveiliging vande verbinding). ¡ De actuele software- en hardwareversie van uwhuishoudapparaat. 1Beschikbaar al naar gelang de softwareversie. Meer informatie over de beschikbaarheid vindt u op de website.
nl Afzuigregeling van het kookveld16¡ Status van een eventuele eerdere reset naar de fa-brieksinstellingen. Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Ho-meConnect functionaliteiten voorbereid. Deze registra-tie dient pas te worden uitgevoerd op het moment datu voor het eerst van de HomeConnect functionaliteitengebruik wilt maken. Opmerking:Let erop dat de HomeConnect functionali-teiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie metde HomeConnect app. Informatie over gegevensbe-scherming kan worden opgeroepen in de HomeCon-nect app. Afzuigregeling van het kookveld20 Afzuigregeling van het kookveldWanneer de kookplaat en de afzuigkap HomeConnect-compatibel zijn, verbindt u de apparaten in de Ho-meConnectapp. Verbind daarvoor beide apparatenmet HomeConnect en volg de aanwijzingen in de appop. Opmerkingen¡ De bediening aan de afzuigkap heeft altijd voorrang.
Gedurende deze tijd is een bediening via de afzuig-regeling van het kookveld niet mogelijk. ¡ U kunt de verbinding met de afzuigkap alleen via deHomeConnectapp realiseren. Andere methodenvoor het verbinden worden niet langer ondersteund. 20. 1 Bediening van de afzuigkap via dekookplaatIn de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u het ge-drag van uw afzuigkap afhankelijk van het inschakelenen uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kook-zones instellen. Via de bedieningselementen van de kookplaat kunt unog meer instellingen uitvoeren. Opmerking:Wanneer u deze instellingen voor uwkookplaat niet kunt vinden, controleer dan de instellin-gen van de afzuigkap in de HomeConnect app, om deverbinding te configureren. Ventilator verbinden▶Om de afzuigkap vanaf de kookplaat in te stellen,moet u eerst de afzuigkapfunctie aan de Favorieten-knop toewijzen.
Ventilator instellenVereiste:De functie is aan de Favorietenknop toege-kend. 1. Druk op . 2. De gewenste instelling in het instelbereik kiezen. U kunt de volgende instellingen kiezen:Ventilator uitVentilatorstand 1Ventilatorstand 2Ventilatorstand 3Intensiefstand 1Intensiefstand 2Automatische standOpmerking:Beschikbaar afhankelijk van het modelafzuigkap. a De ventilator is ingeschakeld. 3. Druk op om de ventilator uit te schakelen. Automatische modus inschakelenU kunt de automatische functie via het bedieningspa-neel van de kookplaat instellen. Vereiste:De functie is aan de Favorietenknop toege-kend. 1. Druk op om de automatische werking in te scha-kelen. 2. Druk op om de automatische werking uit te scha-kelen. Verlichting van de afzuigkap instellenU kunt de verlichting van de afzuigkap via het bedie-ningspaneel van de kookplaat in- en uitschakelen.
Reiniging en onderhoud nl1720. 2 Overzicht van de instellingen van de afzuigkapbedieningIn de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u afhankelijk van het model afzuigkap het gedrag van uw afzuigkap af-hankelijk van het inschakelen en uitschakelen van de kookplaat of afzonderlijke kookzones instellen. Wanneer u dezeinstellingen voor uw kookplaat niet kunt vinden, controleer dan de instellingen van de afzuigkap in de HomeConnectapp, om de verbinding te configureren. Het display toont de instelling alleen als het apparaat is verbonden met de af-zuigkap. Indicatie Instelling WaardeInstelling of en hoe de ventilator automatisch in-schakelt. Automatisch starten van de ventilator – Uitgeschakeld. De afzuigkap moet zo nodighandmatig worden ingeschakeld. – Ingeschakeld met handmatige modus. De af-zuigkap wordt bij inschakelen van een kookzoneop een vooraf gedefinieerde stand ingeschakeld.
1, – Ingeschakeld met automatische modus. Deafzuigkap wordt bij inschakelen van een kookzoneingeschakeld in de automatische modus. 2Instelling of, en hoelang de ventilator na uitschake-len van de kookplaat blijft draaien. Naventilatie – De ventilator wordt samen met de kookplaatuitgeschakeld – Ingeschakeld met standaard naventilatie – Geen wijziging van de instellingen 1, – Ingeschakeld met automatische modus 2De verlichting wordt bij inschakelen van de kook-plaat ingeschakeld. Automatisch inschakelen van de verlichting – Uitgeschakeld 1 – IngeschakeldDe verlichting wordt bij uitschakelen van de kook-plaat uitgeschakeld.
Laat alleen bijsuikervlekken, rijstzetmeel, kunststof- of aluminiumfoliede kookplaat niet afkoelen. 1. Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vi-trokeramische kookplaat. 2. Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voorglaskeramiek. Houd de reinigingsinstructies op de verpakking vanhet reinigingsmiddel aan. Tips¡ Met een speciale spons voor glaskeramiek kuntu goede reinigingsresultaten boeken. ¡ Wanneer u de bodem van het kookgerei schoonhoudt, dan blijft het oppervlak van de kookplaatin een goede conditie. 21. 3 Kookplaatrand reinigenWanneer er na het gebruik vuil of vlekken op de randvan de kookplaat bevinden, reinig deze dan. Opmerking:Geen schraper gebruiken. 1. De kookplaatrand reinigen met warm zeepsop eneen zachte doek.
nl Storingen verhelpen18Nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uitwas-sen. 2. Droog na met een zachte doek. Storingen verhelpen22 Storingen verhelpenKleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhel-pen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met deklantenservice de informatie over het verhelpen vanstoringen. Zo voorkomt u onnodige kosten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aanhet apparaat uitvoeren. ▶ Bel de servicedienst als het apparaat defect is. →"Servicedienst", Pagina19WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag repa-raties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelenworden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
▶ Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataan-sluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moetdeze worden vervangen door een speciale netaan-sluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die ver-krijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice. 22. 1 WaarschuwingOpmerkingen¡ Wanneer op de displays of verschijnt, de sensorvan de betreffende kookzone ingedrukt houden ende storingscode aflezen. ¡ Wanneer de storingscode niet in de tabel staat, dekookplaat loskoppelen van het elektriciteitsnet, 30seconden wachten en de kookplaat verbinden. Ver-schijnt de indicatie opnieuw, neem dan contact opmet de servicedienst en geef de exacte storingsco-de op. ¡ Treedt er een fout op, dan gaat het apparaat nietmeer over naar de standby-modus.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens EH831HEB1E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Siemens
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
