Siemens CM978GNB1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Siemens CM978GNB1 (52 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 88 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Siemens CM978GNB1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Siemens |
| Categorie: | Oven |
| Model: | CM978GNB1 |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Touch |
| Magnetronvermogen: | 900 W |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Deurscharnieren: | Neer |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 37500 g |
| Breedte: | 594 mm |
| Diepte: | 548 mm |
| Hoogte: | 455 mm |
| Netbelasting: | 3600 W |
| Grill: | Ja |
| Snoerlengte: | 1.5 m |
| Kinderslot: | Ja |
| Wi-Fi-besturing: | Ja |
| Verlichting binnenin: | Ja |
| Warmhoud functie: | Ja |
| Soort lamp: | LED |
| Totale binnen capaciteit (ovens): | 45 l |
| Aantal ovens: | 1 |
| Installatie compartiment breedte: | 568 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 550 mm |
| Installatie compartiment hoogte: | 455 mm |
| Soort reiniging: | Hydrolytisch + Pyrolytisch |
| Stroom: | 16 A |
| Installatie compartiment hoogte (min): | 450 mm |
| Energieverbruik (conventioneel): | - kWu |
| Energieverbruik (geforceerde convectie): | - kWu |
| Grootte oven: | Middelmaat |
| Soort oven: | Elektrische oven |
| Totaal vermogen van de oven: | - W |
| Netto capaciteit oven: | 45 l |
| Magnetronbereiding: | Ja |
| Thermostaatbereik oven: | 30 - 300 °C |
| Bakplaat afmetingen: | Ja |
| Zelfreinigend: | Ja |
| Onderverwarming: | Ja |
| Kleur handvat: | Zwart |
| Restwarmte-indicator: | Ja |
| Installatiecompartiment breedte (min): | 560 mm |
| Aantal bakplaten: | 2 |
| Pizzafunctie: | Ja |
| Aantal kookprogramma's: | 21 |
| Energieverbruik (stand-by): | 0.5 kWu |
| Inclusief grilrooster: | Ja |
| Verhitting van gehele grilloppervlak: | Ja |
| Aantal magnetron energie niveaus: | 5 |
| Ventilatieroosterfunctie: | Ja |
| Deuropening oven: | Deur naar beneden klappen |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| Oven-ontdooifunctie: | Ja |
| Siemens-technologieën (koken): | 4D hotAir, bakingSensor Plus, cookControl Pro, coolStart, fast preheat, roastingSensor Plus |
Foutcodes Siemens CM978GNB1
Foutcodes uit de officiële handleiding, met betekenis en oplossing.
| Code | Betekenis | Oplossing |
|---|---|---|
| E0111 | Foutcode bestaande uit letters en cijfers die op het display verschijnt wanneer de elektronica een fout heeft geconstateerd (voorbeeld van formaat). | Schakel het apparaat uit en weer in. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice en geef de exacte foutmelding door. |
Handleiding Siemens CM978GNB1 – volledige tekst
3325 Storingen verhelpen . 3426 Afvoeren . 3627 Servicedienst . 3628 Informatie over vrije software en opensource-software . 3729 Conformiteitsverklaring . 3730 Zo lukt het . 3731 MONTAGEHANDLEIDING . 4631. 1 Algemene montage-instructies . 46Veiligheid 1 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voor vol-gende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten.
Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ In het huishouden en soortgelijke toepassin-gen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor me-dewerkers in winkels, kantoren en anderecommerciële omgevingen, in boerderijen;van klanten in hotels en andere verblijven, inbed and breakfasts. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. Dit apparaat voldoet aan de norm EN55011resp. CISPR11. Het is een product van groep2, klasse B. Groep 2 betekent dat er microgol-ven worden geproduceerd om levensmiddelente verwarmen. Klasse B houdt in dat het appa-raat geschikt is voor huishoudelijk gebruik. 1.
Veiligheid nlveilige gebruik van het apparaat en de daaruitresulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nietworden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veiliger gebruikAccessoires altijd op de juiste manier in debinnenruimte schuiven. "Accessoires", Pagina12WAARSCHUWING‒Brandgevaar. In de binnenruimte bewaarde brandbare voor-werpen kunnen vlam vatten. Bewaar nooit brandbare materialen in debinnenruimte. Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehoudenom eventueel optredende vlammen te do-ven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaater een luchtstroom. Het bakpapier kan dan deverwarmingselementen raken en vlam vatten. Plaats nooit bakpapier bij het voorverwar-men en tijdens het bereiden los op het ac-cessoire. Bakpapier altijd op maat maken en verzwa-ren met een vorm. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den. Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet. Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. Neem hete accessoires en vormen altijd metbehulp van een pannenlap uit de binnen-ruimte.
) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) verhit-ten. Apparaatdeur voorzichtig openen. De telescooprails worden heet bij het gebruikvan het apparaat. Laat hete telescopische rails afkoelen voor-dat u deze aanraakt. Raak de telescopische rails uitsluitend aanmet pannenlappen. WAARSCHUWING‒Kans op verbranding. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hetestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van detemperatuur niet altijd zichtbaar. Apparaatdeur voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Door water in de hete binnenruimte kan hetewaterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel.
Wanneer er krassen op het glas van de appa-raatdeur zitten, kan dit barsten. Gebruik geen scherp of schurend reinigings-middel of scherpe metalen schraper voorhet reinigen van het glas van de ovendeuromdat dit het oppervlak kan beschadigen. Het apparaat en de delen ervan die aange-raakt kunnen worden kunnen scherpe randenhebben. Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen. Draag indien mogelijk veiligheidshandschoe-nen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kun-nen scherpe randen hebben. Draag veiligheidshandschoenen. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten en kan de apparaatdeur open-3.
nl Veiligheidspringen en er eventueel afvallen. De deurra-men kunnen kapot gaan en versplinteren. "Materiële schade vermijden", Pagina7Gebruik slechts geringe hoeveelheden drankmet een hoog alcoholpercentage. Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) verhit-ten. Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. Er mogen uitsluitend originele reserveonder-delen worden gebruikt voor reparatie van hetapparaat. Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat-aansluitkabel van dit apparaat beschadigdraakt, moet deze worden vervangen dooreen speciale netaansluitkabel of speciale ap-paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij defabrikant of de klantenservice.
Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen. Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge-bruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken.
Wanneer het apparaat of het netsnoer is be-schadigd, dan direct de stekker van het net-snoer uit het stopcontact halen of de zeke-ring in de meterkast uitschakelen. Neem contact op met de klantenservice. Pagina36Na de installatie van het apparaat mogen deopeningen in de achterwand van het apparaatniet toegankelijk zijn.
Houd het speciale installatievoorschrift aan. WAARSCHUWING‒Gevaar: magnetisme. Let op. magnetisme Opgelet voor personen met pacema-ker Op het bedieningspaneel of worden perma-nente magneten toegepast. Deze kunnen dewerking van elektronische implantaten, bijv. pacemakers of insulinepompen beïnvloeden. Personen met elektronische implantaten die-nen minimaal een afstand van 10 cm tot hetbedieningspaneel aan te houden. WAARSCHUWING‒Kans op verstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde-ren houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaalspelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. Kleine onderdelen uit de buurt van kinderenhouden. Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. 1.
5 MagnetronBELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENZORGVULDIG LEZEN EN VOOR HET VERDE-RE GEBRUIK BEWARENWAARSCHUWING‒Brandgevaar. Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge-vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm-de pantoffels, granen- pittenkussens kunnenbijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten. Droog nooit gerechten of kleding met hetapparaat. Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens,zwammen, vochtige poetslappen e. d. methet apparaat opwarmen. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het be-reiden van gerechten en dranken. 4.
Veiligheid nlLevensmiddelen en de verpakkingen ervankunnen ontbranden. Nooit levensmiddelen opwarmen in verpak-kingen die bestemd zijn om ze warm te hou-den. Levensmiddelen nooit zonder toezicht ver-warmen in voorwerpen van kunststof, papierof ander brandbaar materiaal. Bij de magnetron nooit een te groot vermo-gen of te lange tijdsduur instellen. Houd uaan de opgaven in deze gebruiksaanwijzing. Nooit levensmiddelen drogen met de mag-netron. Levensmiddelen die weinig water bevatten,zoals bijv. brood, nooit met een te hoogmagnetronvermogen of gedurende een telange tijd ontdooien of verwarmen. Spijsolie kan vlam vatten. Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met demagnetron. WAARSCHUWING‒Explosiegevaar. Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dichtafgesloten vormen kunnen gemakkelijk explo-deren. Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelenverhitten in dicht afgesloten vormen.
WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den. Levensmiddelen met een vaste schil of pelkunnen tijdens, maar ook nog na het opwar-men, exploderen. Nooit eieren in de eierschaal koken of hard-gekookte eieren in de eierschaal opwarmen. Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken. Bij spiegeleieren of eieren in een glas dientu eerst de dooier door te prikken. Bij levensmiddelen met een vaste schil ofpel, bijv. appels, tomaten, aardappelen enworstjes, kan de schil knappen. Prik voor hetopwarmen gaatjes in de schil of vel. De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld inde babyvoeding. Warm nooit babyvoeding op in gesloten ver-pakkingen. Verwijder altijd het deksel of de speen. Na het verwarmen goed roeren of schudden. Voordat de voeding aan het kind wordt ge-geven dient de temperatuur te worden ge-controleerd. Verhitte gerechten geven warmte af. De vor-men kunnen heet worden.
Neem gerechten altijd met een pannenlap uitde binnenruimte. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. De droogfunctie bij de hoogste standen bij demagnetronfunctie schakelt automatisch eenverwarmingselement bij en verhit de binnen-ruimte. Raak nooit de hete oppervlakken in de bin-nenruimte of de verwarmingselementen aan. Houd kinderen uit de buurt. WAARSCHUWING‒Kans op verbranding. Bij het verwarmen van vloeistof kan er kook-vertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kook-temperatuur wordt bereikt zonder de kenmer-kende bellen ontstaan. Al bij een kleine schokvan het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en weg-spatten. Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen al-tijd een lepel in de vorm staat. Zo wordtkookvertraging voorkomen.
WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormenvan porselein en keramiek kunnen kleine gaat-jes hebben in de handgrepen en deksels. Ach-ter deze gaatjes bevindt zich een holle ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit bar-sten veroorzaken in de vormen. Alleen servies gebruiken dat geschikt is voorde magnetron. Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnenvormen van metaal of vormen met metalencoating leiden tot het ontstaan van vonken. Hetapparaat wordt dan beschadigd. Gebruik nooit metalen vormen bij gebruikvan uitsluitend de magnetron. 5.
nl VeiligheidAlleen vormen die geschikt zijn voor demagnetron in combinatie met een verwar-mingsmethode gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Het apparaat werkt met hoogspanning. Nooit de behuizing verwijderen. WAARSCHUWING‒Kans op ernstig totdodelijk letsel. Gebrekkige reiniging kan het oppervlak vanhet apparaat vernietigen, de gebruiksduur ver-korten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoalsbijvoorbeeld naar buiten komende magnetron-energie. Het apparaat regelmatig schoonmaken enresten van voedingsmiddelen direct verwijde-ren. Kookcompartiment, deurafdichting, deur enscharnier altijd schoon houden. "Reiniging en onderhoud", Pagina27Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deurvan de binnenruimte of deurdichting bescha-digd is. Er kan energie van de microgolvennaar buiten komen.
Het apparaat nooit gebruiken wanneer dedeur van de binnenruimte, de deurafdichtingof de kunststof omlijsting van de deur be-schadigd is. Alleen door de servicedienst laten repareren. Bij apparaten waarvan de behuizing niet is af-gedekt komt energie van microgolven vrij. De afdekking van de behuizing nooit verwij-deren. Neem voor onderhouds- of reparatiewerk-zaamheden contact op met de klantenservi-ce. 1. 6 BraadthermometerWAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Bij gebruik van een verkeerde braadthermo-meter kan de isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer dievoor dit apparaat bestemd is. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. De kerntemperatuurmeter is puntig. Ga voorzichtig om met de kerntemperatuur-meter. 1. 7 ReinigingsfunctieWAARSCHUWING‒Brandgevaar. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnentijdens de reiniging vlam vatten.
Verwijder altijd de grove verontreiniging uitde binnenruimte voordat de reiniging start. Accessoires nooit meereinigen. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen.
Voorkant van het apparaat vrijhouden. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grotehitte in het bereik van de deur. De dichting niet schuren en niet afnemen. Nooit het apparaat met beschadigde afdich-ting of zonder afdichting gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op ernstig totdodelijk letsel. Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reini-gen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vor-men wordt aangetast en er ontstaan giftigegassen. Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit pla-ten en vormen met een antiaanbaklaag mee-reinigen. Accessoires nooit meereinigen. WAARSCHUWING‒Kans op gevaar voorde gezondheid. De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte toteen heel hoge temperatuur op zodat restenvan braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties vande slijmvliezen kunnen leiden.
Tijdens de reinigingsfunctie de keuken gron-dig ventileren. Niet gedurende langere tijd in de ruimte ver-blijven. Kinderen en huisdieren uit de buurt houden. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon-den. De binnenruimte wordt zeer heet tijdens hetreinigen. Nooit de apparaatdeur openen. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. 6.
Materiële schade vermijden nlHet apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurtzijn. Materiële schade vermijden2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OPAlcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan deapparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. Dedeurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Doorde onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar bin-nen sterk vervormen. Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgie-ten van gerechten) verhitten. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. Voor gebruik het water van de bodem van de binnen-ruimte opnemen.
Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat erwarmteophoping door voorwerpen op de bodem van debinnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen niet meeren het email wordt beschadigd. Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welke soortdan ook op de bodem van de binnenruimte leggen. Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnen-ruimte plaatsen wanneer een temperatuur van minderdan 50°C ingesteld is. Door siliconenvormen, afdekkingen, accessoires of foliedie silicone bevatten kan de baksensor beschadigd ra-ken. Ook wanneer de baksensor niet wordt gebruikt,kan er schade ontstaan. Gebruik geen vormen van silicone of silicone-houden-de, folie, afdekkingen of accessoires. Nooit voorwerpen van silicone in de binnenruimte be-waren. Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat erwaterdamp. Door de temperatuurverandering kan erschade optreden. Giet nooit water in de hete binnenruimte.
Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurendelangere tijd in de gesloten binnenruimte. Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. Klem niets tussen de apparaatdeur. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekkenachter die niet meer kunnen worden verwijderd. De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet teovervloedig bedekken. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimteleidt tot beschadiging van het email. Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte. Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnen-ruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken. Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of la-ten steunen. Geen vormen of accessoires op de apparaatdeurplaatsen. Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoireskrassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeurwanneer deze gesloten wordt. Accessoires altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte leggen. Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanenteverkleuringen ontstaan. Aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in contactkomen met de deurruit. 2. 2 MagnetronVolg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetron ge-bruikt. LET OPAls het metaal tegen de wand van de binnenruimte aankomt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be-schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkantkan worden aangetast.
Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,moeten minstens 2cm van de wanden van de bin-nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderdzijn. Accessoires die te dicht tegen elkaar worden geplaatstveroorzaken vonken.
Het rooster niet combineren met de braadslede. Accessoires alleen op de eigen hoogte inschuiven. Wordt alleen de magnetron gebruikt, dan is de braad-slede of de bakplaat niet geschikt. Er kunnen vonkenontstaan waardoor de binnenruimte wordt beschadigd. Gebruik het meegeleverde rooster om er iets op tezetten. Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken ver-oorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het appa-raat beschadigd. Gebruik geen vormen van aluminium in het apparaat. Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in debinnenruimte leidt tot overbelasting. Start nooit de magnetron zonder dat er zich etens-waar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte ser-7.
nl Milieubescherming en besparingviestest vormt hierop een uitzondering. Wordt er bij het maken van popcorn in de magnetroneen te hoog vermogen gebruikt, dan kan de deurruitbarsten als gevolg van overbelasting. Nooit een te hoog magnetronvermogen instellen. Maximaal 600watt gebruiken. Het popcornzakje altijd op een glazen schaal leggen. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het receptof de instellingsadviezen dat aangeven. Zo lukt het"Zo lukt het", Pagina37Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan be-spaart u tot wel 20% energie.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bak-vormen. Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goed op. Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinigmogelijk. De temperatuur in de binnenruimte blijft constant enhet apparaat hoeft niet na te verwarmen. Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallel bak-ken. De binnenruimte is na de eerste keer bakken opge-warmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak dat ver-volgens wordt gebakken korter. Bij langere bereidingstijden het apparaat 10minutenvoor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. De restwarmte is voldoende om het gerecht verder tebereiden. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruim-te. Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd te wor-den. Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ontdooi-en. Hierdoor wordt bespaard op de energie om het voed-sel te ontdooien.
Het display in de basisinstellingen uitschakelen. "Basisinstellingen", Pagina24Er wordt energie bespaard wanneer het display wordtuitgeschakeld. Twee glazen of kopjes met vloeistof tegelijkertijd verwar-men.
Het opwarmen van meerdere gerechten tegelijkertijdvraagt minder energie dan het verwarmen van meer-dere gerechten na elkaar. Opmerking: Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzakeecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakel-de toestand sprake van een andere toestand. Dezewordt hierna als spaarstand aangeduid. Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het ap-paraat energie nodig voor:Detectie van de bediening van de sensortoetsenBewaking van de deuropeningBewerking van de tijd (zonder display)Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nogvan een "standby-stand", en daarom wordt de aandui-ding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaar-stand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden ge-bruikt. Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen4.
1 BedieningspaneelVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw appa-raat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoe-stand. Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm. 8.
Uw apparaat leren kennen nl12DisplayOp het display ziet u de actuele instelwaarden,keuzemogelijkheden of aanwijzingsteksten. "Display", Pagina9KnoppenMet de toetsen stelt u de verschillende functies di-rect in. "Knoppen", Pagina94. 2 DisplayHet display is onderverdeeld in verschillende gebieden. StatusregelBoven in het display bevindt zicht de statusregel. Al naar gelang de instelstap kunt u acties uitvoeren. Symbool FunctieEén instelling terug gaan. Basisinstellingen openen. Behalve tekstinformatie ziet u ook de actuele stand vanverschillende functies aan de hand van symbolen. Symbool BetekenisTijd bijv. "12min10s"Aanwijzing lopende tijdfuncties. "Tijdfuncties", Pagina16Timer is geactiveerd. "Timer instellen", Pagina16Kinderslot is geactiveerd. "Kinderslot", Pagina24Vanwege de reinigingsfunctie of het kin-derslot is de apparaatdeur vergrendeld.
"Reinigingsfunctie Pyrolyse activeC-lean", Pagina29"Basisinstellingen", Pagina24WiFi-signaalsterkte voor HomeConnect. Hoe meer lijntjes van het symbool gevuldzijn, des te beter is het signaal. Wanneer het symbool is doorgestreept , dan is er geen WiFi-signaal. Wanneer er een "x" bij symbool is, danis er geen verbinding met de HomeCon-nect server. "HomeConnect ", Pagina25Symbool BetekenisStart op afstand met HomeConnect isgeactiveerd. "HomeConnect ", Pagina25Diagnose op afstand met HomeConnectvoor onderhoud is geactiveerd. "HomeConnect ", Pagina25InstelbereikHet instelbereik is in tegels weergegeven. Het aantal tegels toont u de actuele selectiemogelijkhe-den en reeds uitgevoerde instellingen. Druk op de be-treffende tegel om een functie te kiezen. Informatie wordt tevens in tegels weergegeven. Veeg over het display om meerdere tegels naar links ofrechts te bladeren.
Opmerking: Een blauwe stip of een blauwe ster in eentegel geeft aan dat met de HomeConnect app een nieu-we functie, een nieuwe favoriet of een update op uw ap-paraat werd gedownload. InforegelAl naar gelang de instelstap ziet u onder in het displayextra informatie over uw instellen en kunt u acties uit-voeren. 4. 3 KnoppenMet de knoppen kiest u de verschillende functies direct. Knop FunctieApparaat in- of uitschakelen. "De Bediening in essentie", Pagina14Functie magnetron direct kiezen. "Magnetron", Pagina17Timer selecteren. "Timer instellen", Pagina16Ca. 4 seconden ingedrukt houden: kin-derslot activeren of deactiveren. "Kinderslot", Pagina244. 4 BinnenruimteVerschillende functies in de binnenruimte ondersteunenbij het gebruik uw apparaat. RekjesU kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rek-jes in de binnenruimte schuiven.
nl FunctiesDe rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijde-ren. "Rekjes", Pagina33VerlichtingEen of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruim-te. Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat de ver-lichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langer danca. 18 minuten open, dan gaat de verlichting weer uit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodrahet gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëin-digd, schakelt de verlichting uit. KoelventilatorDe koelventilator schakelt afhankelijk van de tempera-tuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ontsnaptvia de deur. LET OPDoor het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het ap-paraat oververhit. Dek de ventilatiesleuven niet af. Om het apparaat af te koelen en om restvocht uit hetkookcompartiment te verwijderen, loopt de koelventilatorna bedrijf nog een bepaalde tijd na.
Opmerking: U kunt de nalooptijd wijzigen in de basisin-stellingen. Wanneer u vaak zeer vochtige gerechten be-reidt of in het kookcompartiment warm houdt, dan steltu een langere nalooptijd in. "Basisinstellingen", Pagina24ApparaatdeurWanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik,wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur,dan wordt de werking automatisch voortgezet. Wanneer u bij het gebruik van de magnetronfunctie deapparaatdeur sluit, dient u de werking voort te zetten. Functies5 FunctiesHier krijgt u een overzicht van de hoofd- en andere func-ties van uw apparaat. Tip: Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies benutten. Informatie daarover kunt u vinden in de app. Functie GebruikVerwar-mingsmetho-denFijn afgestemde verwarmingsmethodenvoor een optimale bereiding van uw ge-rechten kiezen.
"Gerechten", Pagina21Magnetron Met magnetron sneller bereiden, verhittenof ontdooien. "Magnetron", Pagina17Functie GebruikReiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimtekiezen. "Reinigingsfunctie Pyrolyse activeC-lean", Pagina29"Reinigingsondersteuning humidClean",Pagina30"Droogfunctie", Pagina31Favorieten Eigen opgeslagen instellingen gebruiken. "Favorieten", Pagina23HomeConnectMet HomeConnect kunt u de oven met een mobieleindapparaat verbinden en op afstand bedienen om devolledige functionaliteit van het apparaat te benutten. Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies voor uwapparaat benutten. Informatie daarover kunt u vinden inde app. "HomeConnect ", Pagina255. 1 VerwarmingsmethodenOm altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de ver-schillen en toepassingen.
Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u om welke verwarmingsmethoden het gaat. Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het apparaat u een passende temperatuur of stand voor. U kunt dewaarde overnemen of wijzigen in het weergegeven gebied. Bij temperatuurinstellingen boven 275°C en grillstand 3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 minuten totca. 275°C resp. grillstand 1. 10.
Functies nlSym-boolVerwarmingsmetho-deTemperatuur-bereikGebruik en werkwijzeEventuele extra functies4D-Hetelucht 30 - 275°C Op één of meer niveaus bakken of braden. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Boven- en onder-warmte30 - 300°C Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsme-thode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Hetelucht Eco 125-250 °C Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voor-zichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten.
Alsu de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwar-men zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het ener-gieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse ge-bruikt. Boven/ onderwarmteEco150-250 °C Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Alsu de toesteldeur ook maar kort opent, blijft het apparaat verwar-men zonder gebruik te maken van de restwarmte. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen vanhet energieverbruik in de conventionele modus. Circulatiegrillen 30 - 300°C Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht.
Grill, klein Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkKleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleinehoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. Pizzastand 30 - 275°C Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen no-dig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingsele-ment aan de achterwand zijn ingeschakeld. coolStart- functie 30 - 275°C Voor een snelle bereiding van diepvriesproducten zonder voorver-warmen. Kies de temperatuur die de fabrikant aangeeft. Gebruikde hoogste temperatuur die op de verpakking staat aangegeven. Intensieve warmte 30 - 300°C Gerechten met een knapperige bodem bereiden. De hitte komt van boven en bijzonder sterk van onderen. Langzaam garen 70 - 120°C Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig en lang-zaam garen.
nl Accessoires5. 2 TemperatuurTijdens het opwarmen kunt u op het display bij demeeste verwarmingsmethoden de actuele temperatuurin de binnenruimte en de ingestelde temperatuur naastelkaar aflezen, bijv. 120°/210°C. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voorhet plaatsen van het voedsel bereikt, zodra de opwarm-lijn volledig is gevuld en een akoestisch signaal klinkt. Opmerking: Door thermische traagheid kan de weerge-geven temperatuur een beetje afwijken van de werkelij-ke temperatuur in de binnenruimte. Restwarmte-indicatieWanneer het apparaat uitgeschakeld is, geeft het dis-play de restwarmte in de binnenruimte weer met sym-bool. Hoe verder de temperatuur daalt, des te minderis zichtbaar van het symbool. Bij ca. 60°C en lagerdooft het symbool helemaal. 5. 3 MagnetronvermogenHier vindt u een overzicht van de magnetronvermogens en het gebruik ervan.
De magnetronvermogens zijn standen en komen niet altijd overeen met het precieze aantal Watt dat door het appa-raat wordt gebruikt. Magnetronvermogenin wattMaximale duur in uur Gebruik90W 1:30 Gevoelige gerechten ontdooien. 180W 1:30 Gerechten ontdooien en verder bereiden. 360W 1:30 Vlees en vis bereiden. Gevoelige gerechten opwarmen. 600W 1:30 Gerechten verwarmen en bereiden. 900W "Boost" 0:30 Vloeistoffen verwarmen. OpmerkingenTer bescherming van het apparaat wordt het maxima-le vermogen van de magnetron "Boost" gedurendede eerste minuten trapsgewijs tot 600W geredu-ceerd. Het maximale vermogen is na een afkoelperio-de weer beschikbaar. De magnetronvermogens komen niet overeen methet daadwerkelijke opgenomen vermogen van het ap-paraat. Accessoires6 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat. Accessoires GebruikRooster BakvormenOvenschalenVormenVlees, bijv. braad- of grillstukkenDiepvriesgerechtenBraadslede Vochtig gebakGebakBroodGrote braadstukkenDiepvriesgerechtenAfdruipende vloeistof opvangen, bijv vet bijhet grillen op het rooster. Bakplaat PlaatgebakKlein gebak6. 1 Aanwijzingen bij het toebehorenSommig toebehoren is alleen voor bepaalde functiesgeschikt. MagnetrontoebehorenVoor de zuivere magnetronfunctie is alleen het meegele-verde rooster geschikt. Platen, bijv. de universele braadslede of de bakplaat,kunnen vonken vormen en zijn niet geschikt. 12.
Voor het eerste gebruik nlNeem de aanwijzingen m. b. t. de magnetron in acht. "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina176. 2 VergrendelingsfunctieDe vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoireskantelen wanneer ze worden uitgetrokken. U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken,tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert al-leen wanneer u het accessoire op de juiste manier in debinnenruimte schuift. 6. 3 Accessoire in de binnenruimte schuivenHet toebehoren altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonder tekantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken. 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan deachterkant bevindt en naar beneden wijst. 2. De accessoire altijd tussen de beide geleidestangenvan een inschuifhoogte plaatsen.
Rooster Het rooster met de open kant naar deapparaatdeur en de welving naar be-neden in de oven schuiven. Plaatbijv. braad-slede ofbakplaatDe plaat met de afschuining gerichtnaar de ovendeur in de oven schui-ven. Plaats het accessoire op de ingeschoven telescoop-rail. Rooster ofplaatDe accessoire er zo opleggen, dat hetaccessoire op de achterste aanslag vanhet uittreksysteem wordt ingelegd. Opmerking: De telescooprails met een lichte druk te-rugschuiven in de binnenruimte. 3. Het toebehoren er volledig inschuiven, zodat het deapparaatdeur niet raakt. Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebtbij het gebruik uit de binnenruimte. 6. 4 Meer accessoiresMeer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, inspeciaalzaken of op het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onzefolders of op internet:siemens-home. bsh-group.
Voor het eerste gebruik7 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 7. 1 Eerste keer in gebruik nemenNadat je het apparaat op het lichtnet hebt aangesloten,moet je de instellingen voor de eerste ingebruiknamevan het apparaat vastleggen. Het kan enkele minutenduren tot op het display de instellingen verschijnen. Opmerking: U kunt de instellingen ook met de Ho-meConnect app uitvoeren. Als je apparaat verbondenis, volg dan de aanwijzingen in de app. 1. Schakel het apparaat in met. De eerste instelling verschijnt. 2. Indien nodig de instelling wijzigen. Mogelijke instellingen:– Taal– Home Connect– Tijd– Datum3. Ga met naar de volgende instelling. 4. De instellingen doorlopen en wijzigen indien gewenst. Na de laatste instelling verschijnt een aanwijzing ophet display dat de eerste ingebruikname is afgeslo-ten. 5.
nl De Bediening in essentie7. 2 Het apparaat reinigen voordat u het voorhet eerst gebruiktVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met hetapparaat dient u de binnenruimte en de accessoires tereinigen. 1. De productinformatie en het toebehoren uit de bin-nenruimte nemen. Verpakkingsresten, zoals korreltjespiepschuim en tape aan binnen- en buitenzijde vanhet apparaat verwijderen. 2. Gladde oppervlakken in de binnenruimte afnemenmet een zachte, vochtige doek. 3. Schakel het apparaat in met. 4. Volgende instellingen uitvoeren:Verwarmingsmethode 4DheteluchtTemperatuur maximaalTijdsduur 1uur"De Bediening in essentie", Pagina145. In werking stellen. Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolanghet apparaat opwarmt. Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing,dat de werking is beëindigd. 6. Schakel het apparaat uit met.
7. Als het apparaat is afgekoeld, gladde oppervlakken inde binnenruimte met zeepsop en een schoonmaak-doekje reinigen. 8. De accessoires met zeepsop en een schoonmaak-doekje of een zachte borstel grondig reinigen. De Bediening in essentie8 De Bediening in essentie8. 1 Apparaat inschakelenSchakel het apparaat in met. Op het display verschijnt het menu. 8. 2 Apparaat uitschakelenSchakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaathet automatisch uit. Schakel het apparaat uit met. Het apparaat gaat uit. Lopende functies worden afge-broken. Op het display verschijnt de tijd of de restwarmte-indi-catie. 8. 3 In werking stellenElke functie moet u starten. LET OPWater op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. Voor gebruik het water van de bodem van de binnen-ruimte opnemen. Start de werking met "Start". Op het display verschijnen de instellingen. 8.
4 Werking onderbrekenU kunt de werking onderbreken en weer hervatten. 1. Druk op "Stop" om de werking te onderbreken. 2. Om de werking voort te zetten, op "Start" drukken. 8. 5 Functie instellenNadat u het apparaat heeft ingeschakeld, verschijnt hetmenu op het display. 1. Veeg op het display naar links of rechts om door deverschillende keuzemogelijkheden te bladeren. 2. Druk op de betreffende tegel om een functie te kie-zen. Al naar gelang de functie verschijnen mogelijke in-stelwaarden of verdere tegels waaruit gekozen kanworden. 3. Druk indien gewenst op een andere tegel. 4. Om instelwaarden te wijzigen:Over de blauwe instellijn vegen of op de instellijnop de betreffende plek drukken. Of druk op en voer de waarde direct in via hetnumerieke veld dat verschijnt. 5. Start de werking met "Start". 6.
Wanneer de werking is beëindigd:Indien nodig kunt u verdere instellingen maken ende werking opnieuw starten. Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Tip: Uw instellingen kunt u als "Favorieten" opslaan enopnieuw gebruiken. "Favorieten", Pagina238. 6 Verwarmingsmethode en temperatuurinstellen1. Druk op "Verwarmingsmethoden". 2. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 3. Stel de temperatuur in via de instellijn of voer deze di-rect in via het numerieke veld. Indien nodig kunt u verdere instellingen maken:–"Snel voorverwarmen", Pagina15–"Tijdfuncties", Pagina16–"Magnetron", Pagina17–"Ventilatiefunctie Knapperig", Pagina19–"Kerntemperatuurmeter", Pagina194. Start de werking met "Start". Het apparaat begint op te warmen. Op het display staan de instelwaarde en de tijd hoe-lang het programma al loopt. 5. Schakel het apparaat uit met wanneer het gerechtklaar is.
Snel voorverwarmen nlOpmerking: De meest geschikte verwarmingsmethodevoor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de ver-warmingsmethoden. "Verwarmingsmethoden", Pagina10Verwarmingsmethode wijzigenVerandert u de verwarmingsmethode, dan worden ookde andere instellingen teruggezet. 1. Druk op "Stop". 2. Druk op. 3. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 4. Stel de werking opnieuw in en start met "Start". Temperatuur wijzigenNa het starten van de werking kunt u de temperatuur teallen tijde wijzigen. 1. Op de temperatuur drukken. 2. Wijzig de temperatuur in via de instellijn of voer dezedirect in via het numerieke veld. 3. Druk op "Overnemen". 8. 7 Informatie weergevenIn de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uit-gevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschij-nen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep ofwaarschuwing. 1. Druk op.
Wanneer er informatie aanwezig is wordt deze gedu-rende enkele seconden weergegeven. 2. Bij veel inhoud naar onderen swipen. 3. Indien nodig de aanwijzing sluiten met. 8. 8 Warmhouden gedurende een langereperiodeU kunt met uw apparaat gerechten tot 24 uur warmhou-den, zonder dat het gedrag van het apparaat wijzigt. Ge-bruik de tijdfuncties en wijzig de basisinstellingen. Opmerking: Wanneer u de apparaatdeur tijdens het ge-bruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het apparaatverder. Om er zeker van te zijn dat het gedrag van hetapparaat tijdens bedrijf niet verandert, de apparaatdeurpas na het verstrijken van de ingestelde tijd openen. 1. Wijzig de basisinstelling "Verlichting" naar "Altijd uit". "Basisinstellingen", Pagina242. De basisinstelling "standby-indicatie" in "Aan" wijzi-gen. 3.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Siemens CM978GNB1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven Siemens
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
