Scheppach HC52Si Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Scheppach HC52Si (88 pagina’s), behorend tot de categorie Compressor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 42 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Scheppach HC52Si of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/88
Art.Nr.
5906186901
AusgabeNr.
5906186901_0101
Rev.Nr.
09/07/2025
HC52Si
DE
Kompressor | Originalbetriebsanleitung......4
GB
Compressor | Translation of the original
operating instructions..................................17
FR
Compresseur | Traduction du mode d’emploi
original.........................................................27
IT
Compressore | Traduzione delle istruzioni per
l'uso originali................................................38
NL
compressor | Vertaling van de originele
gebruiksaanwijzing......................................49
ES
Compresor | Traducción del manual de
instrucciones original...................................60
PT
Compressor | Tradução do manual de
operação original.........................................72
Nachdrucke, auch auszugsweise, bedürfen der Genehmigung.
Technische Änderungen vorbehalten. Abbildungen beispielhaft!

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Scheppach
Categorie: Compressor
Model: HC52Si

Handleiding Scheppach HC52Si – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Inleiding. 492 Productbeschrijving (afb. 1-7). 503 Meegeleverd (afb. 1, 2). 504 Beoogd gebruik. 505 Veiligheidsvoorschriften. 506 Technische gegevens. 547 Uitpakken. 548 Montage. 549 Voor de ingebruikname. 5510 Bediening. 5511 Elektrische aansluiting. 5612 Reiniging en onderhoud. 5613 Transport. 5714 Opslag. 5715 Reparatie en reserveonderdelen bestellen. 5816 Afvalverwerking en hergebruik. 5817 Verhelpen van storingen. 5918 EU-conformiteitsverklaring. 5919 Explosietekening. 83Verklaring van de symbolen op hetproductHet gebruik van symbolen in deze handleiding is bedoeldom uw aandacht te vestigen op eventuele risico's. De vei-ligheidssymbolen en de bijbehorende uitleg moeten goedworden begrepen. De waarschuwingen zelf voorkomengeen risico's en kunnen de juiste maatregelen betreffendeongevallenpreventie niet vervangen.

Lees voorafgaand aan de ingebruikname degebruikshandleiding en de veiligheidsvoor-schriften. Let op. Het niet in acht nemen van de op hetproduct aangebrachte veiligheidstekens enwaarschuwingen alsook het niet in acht ne-men van de veiligheids- en bedieningsaan-wijzingen kan tot ernstig of zelfs dodelijk let-sel leiden. Draag een veiligheidsbril. Draag gehoorbescherming. Bescherm de luchtwegen bij stofontwikke-ling. Let op hete oppervlakken - gevaar voorbrandwonden. Waarschuwing voor elektrische spanning. Waarschuwing. De eenheid wordt op af-stand aangestuurd en mag zonder waar-schuwing starten. Stel het product niet bloot aan regen. Hetproduct mag alleen in droge omgevingscon-dities worden gestationeerd, opgeslagen engebruikt. 63Specificatie van het geluidsdrukniveau indB. 85Gegarandeerd geluidsvermogensniveau vanhet product. Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen.

Aanwijzing:De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijn-de wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijkvoor schade die aan dit product of door dit product ont-staan bij:• Ondeskundige behandeling• Het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding• Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmen-sen• Inbouw en vervanging van niet-originele reserveon-derdelen• Gebruik dat niet conform de voorschriften is• uitvallen van de elektrische installatie bij het niet inacht nemen van de elektrische voorschriften en VDE-voorschriften 0100, DIN 57113 / VDE0113. Let op:De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het pro-duct veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u geva-ren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitvaltijden vermin-dert en de betrouwbaarheid en levensduur van het pro-duct verhoogt.

van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor dewerking van het product geldende voorschriften van uwland in acht nemen. Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekendmet alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik hetproduct uitsluitend als beschreven en voor de aangege-ven toepassingen. Bewaar de gebruikshandleiding daar-om goed, en verstrek alle documentatie als het productwordt doorgegeven aan derden. 2 Productbeschrijving (afb. 1-7)1. Luchtfilterdeksel1a. Bout1b. Luchtfilter2. Aan/uit-schakelaar3. Drukschakelaar4. Transportgreep5. Drukregelaar6. Snelkoppeling7. Manometer8. Drukvat8a. Aftapschroef (condenswater)9. Standaard9a. Bout9b. moer10. Wiel10a. Bout10b. moer11. Veiligheidsklep11a. Aftapmoer3 Meegeleverd (afb. 1, 2)Pos. Aantal Aanduiding9. 1 x Standaard9a. 1 x Bout (M8x26 mm)9b. 1 x Moer (M8)10. 2 x Wiel10a. 2 x Bout (M10x52 mm)10b.

2 x Moer (M10)1 x compressor1 x Gebruiksaanwijzing4 Beoogd gebruikDe compressor wordt gebruikt voor het genereren vanperslucht voor persluchtgereedschap dat kan worden be-diend met een luchtvolume tot ca. 116 l/min. (bijv. ban-denspanningsmeter, luchtpistool en verfspuitpistool). Door de beperkte luchtstroom is het niet mogelijk om ge-reedschappen met een zeer hoog luchtverbruik te bedie-nen (Bijv. excentrische schuurmachine, rechte slijper enslagschroevendraaier). De compressor mag alleen in droge en goed geventileer-de binnenruimtes worden gebruikt. Het product mag uitsluitend worden gebruikt waarvoor hetbedoeld is. Elk ander of verdergaand- is niet volgens devoorschriften. Voor hieruit ontstane schade of verwondin-gen, van welke soort dan ook, is de gebruiker en niet defabrikant aansprakelijk.

Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de mon-tagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshand-leiding maken deel uit van het beoogd gebruik. Personen, die het product bedienen of onderhoud aan hetproduct verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op dehoogte zijn van de mogelijke gevaren.

De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aanhet product worden aangebracht en de hieruit voortvloei-ende schade. Het product mag uitsluitend met de originele onderdelenen originele accessoires van de fabrikant worden ge-bruikt. De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van defabrikant alsook de in de technische gegevens aangege-ven afmetingen moeten in acht worden genomen. Let erop dat onze producten volgens het beoogd gebruikniet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toe-passingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aanspra-kelijkheid wanneer het product in bedrijfsmatige, ambach-telijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijkewerkzaamheden worden ingezet.

Verklaring van de signaalwoorden inde gebruikershandleiding GEVAARSignaalwoord voor aanduiding van een directaanwezige, gevaarlijke situatie die, indien de-ze niet wordt vermeden, de dood of ernstigeverwondingen tot gevolgd heeft. WAARSCHUWINGSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, tot de dood of ernstigeverwondingen kan leiden. VOORZICHTIGSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, tot geringe of matigeverwondingen kan leiden. LET OPSignaalwoord voor aanduiding van een mo-gelijke gevaarlijke situatie die, indien dezeniet wordt vermeden, materiële schade aanproducten of eigendommen tot gevolg kanhebben.

Bewaar alle veiligheidsvoorschriften en -aanwijzingenvoor toekomstig gebruik. Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip "Elek-trisch gereedschap" is van toepassing op netgevoed elek-trisch gereedschap (met netsnoer) of op accugevoedelektrisch gereedschap (zonder netsnoer). 1) Veiligheid op de werkpleka) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Rommel of slecht verlichte werkplaatsen kunnen lei-den tot ongevallen. b) Werk met het elektrisch gereedschap niet in eenexplosiegevaarlijke omgeving, waarin zich brand-bare vloeistoffen, gas of stof bevinden. Elektrischapparaat produceert vonken, waardoor stof of dam-pen kunnen ontbranden. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het ge-bruik uit de buurt van het elektrische gereed-schap. Bij afbuiging kunt u de controle over het elek-trische apparaat verliezen.

2) Elektrische veiligheida) De aansluitstekker van het elektrische gereed-schap moet in het stopcontact passen. De stekkermag op geen enkele wijze worden gewijzigd. Ge-bruik geen adapterstekker samen met geaard elek-trisch gereedschap. Ongewijzigde stekkers en pas-sende stopcontacten verminderen het risico op elektri-sche schok. b) Let op dat u geen fysiek contact maakt met geaar-de onderdelen zoals bijv. buizen, radiatoren, elek-trische haarden, koelkasten. Er bestaat een ver-hoogd risico op een elektrische schok als uw lichaamgeaard is. c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van re-gen of vocht. Het indringen van water in een elek-trisch apparaat vergroot het risico op een elektrischeschok. d) Gebruik het netsnoer niet om het elektrische ge-reedschap te dragen, aan op te hangen of om destekker uit het stopcontact te trekken.

Houd hetnetsnoer uit de buurt van hitte, scherpe randen ofbewegende delen. Beschadigde of opgewikkeldesnoeren verhogen het risico op een elektrische schok. e)Als u met een elektrisch gereedschap in de openlucht werkt, gebruik dan alleen een verlengsnoer datook geschikt is voor gebruik buitenshuis.

De toepas-sing van een voor buitenshuis gebruik geschikt verleng-snoer vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereedschapin een vochtige omgeving niet kan worden verme-den, gebruik dan een aardlekschakelaar. Het ge-bruik van een aardlekschakelaar voorkomt het risicoop een elektrische schok. 3) Veiligheid van personena) Wees altijd voorzichtig, let op waar u mee bezigbent en ga verstandig te werk bij werkzaamhedenmet elektrisch gereedschap. Maak geen gebruikvan elektrisch gereedschap als u moe bent of on-der invloed bent van drugs, alcohol of medica-menten. Een moment van onachtzaamheid bij ge-bruik van het elektrische gereedschap kan leiden toternstig letsel. b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en ookaltijd een veiligheidsbril.

Het dragen van persoonlij-ke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, an-tislip-veiligheidsschoenen, een veiligheidshelm of ge-hoorbescherming, al naar gelang het soort gereed-schap en de toepassing ervan, verkleint het risico opverwondingen. c) Vermijd ingebruikname zonder toezicht. Contro-leer of het elektrisch gereedschap is uitgescha-keld voordat u het op de stroomvoorziening en/ofde accu aansluit, het gereedschap oppakt ofdraagt. Als u tijdens het dragen van het elektrischegereedschap uw vinger op de schakelaar hebt of hetreeds ingeschakelde elektrische apparaat op destroomvoorziening aansluit, kan dit tot letsel en onge-vallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of de moersleutel,voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een gereedschap of sleutel dat/die zich in een draai-end onderdeel van het elektrische gereedschap be-vindt, kan verwondingen veroorzaken.

e) Voorkom een onnatuurlijke lichaamshouding. Zorg voor een stabiele positie en zorg ervoor dat ualtijd stabiel staat. Daardoor kunt u het elektrischegereedschap in onverwachte situaties beter ondercontrole houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kledingof sieraden.

Houd haren en kleding uit de buurtvan bewegende delen. Loszittende kleding, sieradenof lange haren kunnen worden vastgegrepen door be-wegende delen. g) Als stofafzuig- en -opvanginrichtingen kunnenworden gemonteerd, moeten deze worden aange-sloten en juist worden toegepast. Het gebruik vaneen stofafzuiging kan gevaar door stof verminderen. h) Voorkom een vals gevoel van zekerheid en houd ualtijd aan de veiligheidsvoorschriften voor elektri-sche apparaten, ook als u ervaren bent met hetelektrisch apparaat. Achteloos handelen kan in eenfractie van een seconde tot ernstige verwondingen lei-den. 4) Gebruik en behandeling van hetelektrische gereedschapa) Zorg dat het elektrische gereedschap niet overbe-last raakt. Gebruik voor de werkzaamheden hetdaarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Methet juiste elektrische apparaat werkt u beter en veili-ger in het aangegeven vermogensbereik.

b) Gebruik geen elektrisch apparaat, waarvan deschakelaar defect is. Een elektrisch gereedschap,dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is ge-vaarlijk en moet gerepareerd worden. c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijderde uitneembare accu voordat u de apparaatinstel-lingen wijzigt, inzetstukken vervangt of het elektri-sche apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregelvoorkomt dat het elektrische gereedschap per ongelukwordt gestart. NL | 51www. scheppach. com.

d) Bewaar niet-gebruikte elektrische apparaten bui-ten bereik van kinderen. Laat het elektrisch appa-raat niet gebruiken door personen die er niet meevertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet hebbengelezen. Elektrische apparaten zijn gevaarlijk als zedoor onervaren personen worden gebruikt. e) Voer zorgvuldig onderhoud uit aan elektrische ap-paraten en inzetstukken. Controleer of bewegendedelen probleemloos functioneren en niet klem-men, of onderdelen gebroken of beschadigd zijn,waardoor de functie van het elektrische gereed-schap wordt beïnvloed. Laat beschadigde onder-delen voor gebruik van het elektrische apparaateerst repareren. Veel ongevallen ontstaan doorslecht onderhouden elektrische apparaten. f) Houd snijgereedschap scherp en schoon. Zorgvul-dig onderhouden snijgereedschap met scherpe snij-randen klemt minder snel vast en is makkelijker te ge-bruiken.

g) Gebruik elektrische apparaten, inzetstuk, inzet-stukken enz. overeenkomstig deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de omstandighedenwaarin gewerkt wordt en de uit te voeren werk-zaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschapvoor andere toepassingen dan het voorgeschrevengebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd grepen en greepoppervlakken droog,schoon en vrij van olie en vet. Als grepen en gree-poppervlakken glad zijn, kan het elektrisch gereed-schap in onvoorziene situaties niet veilig bediend enonder controle gehouden worden. 5) Servicea) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend doorgekwalificeerd deskundig personeel reparerenmet uitsluitend originele reserveonderdelen. Hier-mee wordt de veiligheid van het elektrische gereed-schap gewaarborgd. 5.

1 Veiligheidsvoorschriften voorcompressorenLET OPBij gebruik van deze compressor dient u de volgendefundamentele veiligheidsmaatregelen te nemen ter be-scherming tegen elektrische schokken, letsel en brand-gevaar. Lees deze aanwijzingen voordat u het productgaat gebruiken. Veilig werken1.

Onderhoud zorgvuldig uw gereedschap– Houd de compressor schoon om goed en veiligerte kunnen werken. – Neem de onderhoudsvoorschriften in acht. – Controleer regelmatig het netsnoer van het elek-trisch gereedschap en laat deze bij beschadigingdoor een erkende specialist vervangen. – Controleer regelmatig de verlengsnoeren en ver-vang deze als ze zijn beschadigd. 2. Neem de stekker uit het stopcontact– Als u het elektrisch gereedschap niet gebruikt,voordat u onderhoud uitvoert of gereedschappenwisselt, zoals zaagbladen, boren en frezen. 3. Controleer het elektrisch gereedschap op eventuelebeschadigingen. – Voor verder gebruik van het elektrisch gereed-schap moeten veiligheidsvoorzieningen of licht be-schadigde onderdelen zorgvuldig op probleemlozeen beoogde werking worden gecontroleerd.

– Controleer of de bewegende delen probleemloosfunctioneren en niet vastklemmen of onderdelenbeschadigd zijn. Alle onderdelen moeten juist zijngemonteerd en aan alle voorwaarden voldoen omhet probleemloos gebruik van het elektrisch ge-reedschap te kunnen waarborgen. – Beschadigde veiligheidsvoorzieningen en onder-delen moeten conform de voorschriften door eenerkende gespecialiseerde werkplaats worden ge-repareerd en vervangen, voor zover niets andersin de gebruikshandleiding is aangegeven. – Gebruik geen defecte of beschadigde aansluitka-bels. LET OPGebruik voor uw eigen veiligheid alleen accessoires enhulpapparaten, die in de gebruikshandleiding zijn aan-gegeven of door de fabrikant worden aanbevolen ofaangegeven. Bij gebruik anders dan in de gebruiks-handleiding of in de catalogus aanbevolen inzetstukkenof accessoires kan gevaar voor persoonlijk letsel ont-staan. 4.

Vervangen van netsnoer– Als het snoer wordt beschadigd, moet deze doorde fabrikant of een elektricien worden vervangenom gevaar te voorkomen. Risico op een elektri-sche schok. 5.

Vullen van banden– Controleer de bandenspanning direct na het vullenmet behulp van een geschikte manometer, bijvoor-beeld bij een tankstation. 6. Mobiele wegcompressoren in de bouw– Let op dat alle slangen en armaturen geschikt zijnvoor de hoogst toelaatbare werkdruk van de com-pressor. 7. Opstellingslocatie– Plaats de compressor op een vlak oppervlak. 8. Het is aan te bevelen, om toevoerslangen bij een drukboven 7 bar van een veiligheidskabel te voorzien, bijv. een staalkabel. 9. Vermijd zware belasting van het leidingsysteem doorflexibele slangaansluitingen te gebruiken en knikkente vermijden. 5. 2 AanvullendeveiligheidsvoorschriftenNeem de overeenkomstige gebruikshandleidingenvan de betreffende persluchtgereedschappen /persluchtvoorzetapparatuur in acht. De volgende algemene aanwijzingen moeten eveneens inacht worden genomen. 52 | NL www. scheppach. com.

5. 2. 1 Veiligheidsvoorschriften voorwerkzaamheden met perslucht enluchtpistolen• Neem voldoende afstand tot het product, ten minsteechter 2,50 m en houd de persluchtgereedschappen /persluchtvoorzetapparatuur tijdens het gebruik uit debuurt van de compressor. • Compressorpomp en leidingen bereiken tijdens bedrijfhoge temperaturen. Contact leidt tot brandwonden. • De door de compressor aangezogen lucht moet vrij-gehouden worden van toevoegingen die brand of ex-plosies in de compressorpomp kunnen veroorzaken. • Houd bij het losmaken van de slangkoppeling het kop-pelstuk van de slang met de hand vast. Zo voorkomt uletsel door de terugspringende slang. • Draag bij de werkzaamheden met het persluchttackereen veiligheidsbril en luchtwegmasker. Stoffen zijnschadelijk voor de gezondheid. Door vreemde deeltjesen weggeblazen onderdelen kunnen verwondingenontstaan. GEVAARGevaar voor letsel.

Met het luchtpistool niet richting personen blazen of kle-ding op het lichaam wordt gedragen, reinigen. 5. 2. 2 Veiligheidsvoorschriften bij hetgebruik van spuit- ensproeivoorzetapparaten (bijv. spuiten)• Houd bij het vullen het sproeivoorzetapparaat uit debuurt van de compressor, zodat er geen vloeistof inaanraking kan komen met de compressor. • Spuit met de sproeivoorzetapparaten (bijv. verf spui-ten) nooit in de richting van de compressor. Vocht kanleiden tot elektrische gevaren. GEVAARExplosiegevaar. Geen lakken of oplosmiddelen met een vlampunt vanminder dan 55 °C verwerken. GEVAARExplosiegevaar. Lak en oplosmiddelen niet verwarmen. • Als er vloeistoffen worden verwerkt die schadelijk zijnvoor de gezondheid, zijn er filterapparaten (gelaats-maskers) nodig ter bescherming.

• De specificaties en aanduidingen van de verordeninginzake gevaarlijke stoffen die op de omverpakking vande verwerkte materialen zijn aangebracht, moeten inacht worden genomen. Indien nodig moeten aanvul-lende voorzorgsmaatregelen worden getroffen, metname wat betreft het dragen van geschikte kleding enmaskers. GEVAARExplosiegevaar. Tijdens het spuiten alsook in de werkruimte mag nietworden gerookt. Ook verfdampen zijn licht ontvlambaar. • Vuur, open verlichting of vonkende producten mogenniet aanwezig zijn resp. bediend worden. • Bewaar of consumeer geen voedsel en dranken in dewerkomgeving. Verfdampen zijn schadelijk voor degezondheid. • De werkruimte moet groter zijn dan 30 m³ en er moetworden gezorgd voor voldoende luchtverversing tij-dens het spuiten en drogen. • Spuit niet tegen de wind in.

Neem altijd de voorschrif-ten van de plaatselijke politie in acht bij het spuitenvan brandbare of gevaarlijke spuitmateriaal. • Verwerk geen media zoals testbenzine, butylalcoholen methyleenchloride in combinatie met de PVC-drukslang. Deze media vernietigen de drukslang. • De werkomgeving moet door de compressor zijn los-gekoppeld, zo dat deze niet direct met het werkbereikin aanraking kan komen. 5. 2. 3 Gebruik van drukvaten• Iedereen die een drukvat bedient, moet het conformde voorschriften in goede staat houden, goed bedie-nen, controleren, noodzakelijke onderhouds- en in-standhoudingswerkzaamheden onverwijld uitvoerenen de door de omstandigheden vereiste veiligheids-maatregelen treffen. • De toezichthoudende autoriteit kan in individuele ge-vallen nodige controlemaatregelen vereisen.

• Een drukvat mag niet worden gebruikt als het defec-ten vertoont die werknemers of derden in gevaarbrengen. • Controleer vóór elk gebruik het drukvat op roestvor-ming en beschadigingen. De compressor mag niet ge-bruikt worden als het drukvat beschadigd of roestig is. Neem contact op met de klantenservicewerkplaats alsu beschadigingen constateert.

Bewaar zorgvuldig alle veiligheidsvoorschriften en-aanwijzingen. Restrisico'sHet product is vervaardigd volgens de stand van detechniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn vanenkele restrisico's. • Gevaar voor de gezondheid, veroorzaakt door elektri-citeit bij gebruik van onjuiste snoeren. • Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzie-ningen verborgen restrisico's bestaan. • Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de“veiligheidsvoorschriften” en het “gebruik conform devoorschriften” alsook de bedieningshandleiding wor-den opgevolgd. • Vermijd onvoorziene ingebruikname van het product. • Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneerhet product in bedrijf is. NL | 53www. scheppach. com.

• Volg de in de gebruikshandleiding voorgeschrevenonderhouds- en veiligheidsvoorschriften op. WAARSCHUWINGDit elektrisch apparaat genereert een elektromagne-tisch veld als het is ingeschakeld. Dit veld kan onderbepaalde omstandigheden interfereren met actieve ofpassieve medische implantaten. Om het risico op ern-stig of dodelijk letsel te beperken, raden we personenmet medische implantaten aan om hun arts en de fabri-kant van het medische implantaat te raadplegen voor-dat het elektrische apparaat wordt gebruikt. 6 Technische gegevensNominale spanning 230 V~/50 HzNominaal vermogen 1100 W (S1*)Nominaal stationair toerental 2850 min-1Inhoud drukvat ca. 50 lBedrijfsdruk ca. 8 barTheor. aanzuigcapaciteit ca. 168 l/minEffectief afgiftevermogen bij 1 bar ca. 116 l/minEffectief afgiftevermogen bij 4 bar ca. 82 l/minEffectief afgiftevermogen bij 7 bar ca.

57 l/minBeschermingsgraad IP 30Lengte netsnoer 2 mMax. plaatsingshoogte (boven NAP) 1000 mGewicht ca. 23,6 kgTechnische wijzigingen voorbehouden. *Bedrijfsmodus S1 (continubedrijf)Het product kan continu met het aangegeven vermogenworden gebruikt. WAARSCHUWINGLawaai kan ernstige gezondheidsklachten tot gevolghebben. Als het geluid van de machine hoger is dan 85dB, draag dan geschikte gehoorbescherming voor u enpersonen in de omgeving. De geluids- en trillingswaarden zijn bepaald volgens EN62841-1. GeluidswaardenGeluidsdrukniveau LpA70,2 dBMeetonnauwkeurigheid KpA2,12 dBGemeten geluidsvermogensniveau LwA83,2 dBGegarandeerd geluidsvermogensniveau LwA85 dBMeetonzekerheid KwA2,12 dBDe opgegeven geluidsemissiewaarden zijn gemeten vol-gens een standaardtestmethode en kunnen worden ge-bruikt om elektrische apparaten met elkaar te vergelijken.

Dit is afhanke-lijk van de wijze waarop het elektrisch appa-raat wordt gebruikt en de aard van het werk-stuk dat wordt bewerkt. Probeer om de belasting zo gering mogelijk te houden. Zo kan bijvoorbeeld de werktijd worden beperkt. Hierbijmoeten alle aspecten van de bedrijfscyclus in aanmer-king worden genomen (zoals de tijd dat de machine uit-geschakeld is en de tijd dat deze ingeschakeld is, maaronbelast draait). 7 Uitpakken WAARSCHUWINGHet product en de verpakkingsmaterialen zijn geenkinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies enkleine onderdelen spelen. Er bestaat gevaar voorinslikken en verstikkingsgevaar. • Open de verpakking en haal het product er voorzichtiguit. • Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de ver-pakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhan-den). • Controleer of de inhoud van de levering volledig is.

• Controleer het product en de hulpstukken op trans-portschade. Meld eventuele schade direct bij hettransportbedrijf dat het product heeft bezorgd. Recla-maties op een later tijdstip worden niet erkend. • Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het ver-strijken van de garantietijd. • Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekendmet het product aan de hand van de gebruikshandlei-ding. • Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveon-derdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveon-derdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier. • Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook typeen bouwjaar van het product aan. 8 MontageLET OPHet product voor de ingebruikstelling in ieder gevalvolledig monteren. WAARSCHUWINGGevaar voor letsel. Steek de voedingsstekker pas in het stopcontact als hetproduct klaar is voor gebruik. 54 | NL www. scheppach. com.

Benodigd gereedschap:• Moersleutel SW 12 mm*• Steeksleutel SW 13 mm*• 2x steeksleutel/dopsleutel SW 17 mm** = niet altijd meegeleverd. 8. 1 Wielen (10) monteren (afb. 3)1. Om schade aan het product te vermijden, legt u tij-dens de montage een onderlegger op de grond. 2. Kantel het product iets naar de zijkant. 3. Plaats de wielen (10) in de hiervoor voorziene monta-gegaten in het basisframe. 4. Monteer het wiel (10) met een bout (10a) op het ba-sisframe en borg deze met een moer (10b). Gebruiktwee steeksleutels/dopsleutels SW17. 5. Herhaal deze werkwijze aan de tegenoverliggende zij-de. 8. 2 Standaard (9) monteren (afb. 4)1. Kantel het product naar achteren op de wielen (9). 2. Plaats de standaard (9) in de hiervoor voorziene mon-tagegaten in het basisframe. 3. Monteer de standaard (9) met een bout (9a) op hetbasisframe en borg deze met een moer (9b).

Gebruik een steeksleutel SW12 en een dopsleutelSW13. 9 Voor de ingebruikname WAARSCHUWINGGevaar voor letsel. Steek de voedingsstekker pas in het stopcontact als hetproduct klaar is voor gebruik. WAARSCHUWINGTrek altijd de voedingsstekker eruit voordat u in-stellingen aan het product uitvoert. VOORZICHTIGOngeschikte verlengsnoeren kunnen gevaarlijk zijn. Erbestaat gevaar op persoonlijke schade door elektrischeschokken. Algemene aanwijzingen• Ga voorzichtig te werk. Maak uzelf vertrouwd met hetgebruik en de mogelijke beperkingen ervan, maar ookmet de specifieke potentiële gevaren. • Overtuig u voor het aansluiten van het product, dat degegevens op het typeplaatje overeenkomen met degegevens van het stroomnet. • Bij onvakkundig gebruik kunnen onvoldoende geïnfor-meerde gebruikers zichzelf en anderen in gevaarbrengen. De gebruiker is verantwoordelijk voor der-den.

• Controleer het product regelmatig op beschadigingen. • De opstelling van het product moet nabij de verbruikerplaatsvinden. • Lange luchtleidingen en lange snoeren (verlengsnoe-ren) moeten worden voorkomen.

• Let er op dat de aanzuiglucht droog en stofvrij is. • Het product niet in vochtige of natte ruimtes plaatsen. • Het product mag uitsluitend in geschikte ruimtes(goed geventileerd, omgevingstemperatuur +5 °C tot40 °C) worden gebruikt. In de ruimte mag geen sprakezijn van stof, zuren, dampen, explosieve of brandbaregassen. • Het product is geschikt voor gebruik in droge ruimtes. In het bereik waar met spatwater wordt gewerkt, is ge-bruik niet toegestaan. • Het product mag alleen kortstondig, bij droge omge-vingscondities, buitenshuis worden gebruikt. • Het product moet altijd droog worden gehouden enmag na de werkzaamheden niet buitenshuis achterworden geladen. 9. 1 Netaansluiting• Het product is voorzien van een netsnoer met een ge-aarde stekker. Deze kan op elke geaard stopcontact230 V ~ 50 Hz, welke met 16 A is afgezekerd, wordenaangesloten.

• Let bij de ingebruikname er op dat de netspanningovereenkomt met de bedrijfsspanning en met het pro-ductvermogen overeenkomstig de gegevens op hetgegevensplaatje van de machine. • Lange toevoerleidingen, alsook verlengstukken, ka-belhaspels enz. veroorzaken spanningsverlies en kun-nen het starten van de motor verhinderen. • Bij lage temperaturen onder +5 °C wordt het startenvan de motor door zwaar lopen in gevaar gebracht. 10 Bediening10. 1 Aan/uit-schakelaar (2) (afb. 1)1. Steek de voedingsstekker in een correct gezekerdstopcontact. 2. Om de compressor in te schakelen, trekt u de aan/uit-schakelaar (2) omhoog. 3. Voor het uitschakelen wordt de aan/uit-schakelaar (2)omlaag gedrukt. 10. 2 Druk instellen (afb. 1)1. Met de drukregelaar (5) wordt de druk op de manome-ter (7) ingesteld. 2. De ingestelde druk kan bij de snelkoppeling (6) wor-den afgelezen. 10.

11 Elektrische aansluitingDe geïnstalleerde elektromotor is bedrijfsklaar aange-sloten. De aansluiting voldoet aan de relevante VDE-en DIN-voorschriften. De netaansluiting van de klanten het gebruikte verlengsnoer moeten eveneens aandeze voorschriften voldoen. Bij werkzaamheden met spuit- en sproeivoorzetapparatenalsook bij tijdelijk gebruik in de buitenlucht moet het pro-duct absoluut middels een aardlekschakelaar met een af-schakelstroom van 30 mA of minder worden aangesloten. 11. 1 Defecte elektrische aansluitkabelBij elektrische aansluitkabels treedt vaak schade aan deisolatie op.

Mogelijke oorzaken zijn:• Drukpunten, als aansluitkabels door venster- of deuro-peningen worden geleid,• Knikken door een onvakkundige bevestiging of gelei-ding van het netsnoer,• Snijplekken omdat over de snoer is gereden,• Beschadigde isolatie omdat de stekker uit de wand-contactdoos is getrokken,• Scheuren door veroudering van de isolatie. Dergelijke defecte elektrische aansluitkabels mogen nietworden gebruikt en zijn levensgevaarlijk als de isolatie isbeschadigd. Controleer de elektrische aansluitkabels regelmatig opschade. Let erop dat bij het controleren het netsnoer nietop het stroomnet is aangesloten. Elektrische aansluitkabels moeten aan de relevante VDE-en DIN-voorschriften voldoen. Gebruik uitsluitend snoerenmet dezelfde aanduiding. Op de aansluitkabel moet de type-aanduiding vermeldstaan.

Veiligheidsvoorschriften voor het vervangen vanbeschadigde of defecte netsnoerenAansluittype YAls het netsnoer moet worden vervangen, dan moet ditdoor de fabrikant of zijn vertegenwoordiger worden ge-daan om veiligheidsrisico's te voorkomen. 11. 2 WisselstroommotorAansluitingen en reparaties van de elektrische apparatuurmogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitge-voerd. • De netspanning moet 230V~ zijn. • Verlengsnoeren moeten tot een lengte van 25 m eendoorsnede hebben van 1,5 vierkante millimeter. 11.

3 Belangrijke aanwijzingenBij overbelasting van de motor schakelt deze vanzelf uit. Na een afkoeltijd (deze tijd is verschillend) kan de motorweer worden ingeschakeld. 12 Reiniging en onderhoud WAARSCHUWINGLaat reparatie- en onderhoudswerkzaamhe-den, die niet in deze gebruikshandleiding be-schreven staan, uitvoeren door onze gespeci-aliseerde werkplaats. Gebruik uitsluitend ori-ginele reserveonderdelen. WAARSCHUWINGOnjuist onderhoud of onjuiste reiniging kanletsel veroorzaken. WAARSCHUWINGTijdens reinigings-, reparatie- en onderhoudswerk-zaamheden kan het product onverwacht starten enletsel en brandwonden veroorzaken. – Schakel het product uit. – Trek de voedingsstekker uit het contact. – Laat het product afkoelen. – Maak de compressor drukloos.

Aanwijzing:Laat de overdruk in de compressor ontsnappen door decompressor uit te schakelen en de nog aanwezige pers-lucht in het drukvat te gebruiken, bijv. een universeel per-sluchtgereedschap op stationair toerental of met eenluchtpistool. 12. 1 Reiniging• Zorg dat de veiligheidsinrichtingen, de ventilatiesleu-ven en de motorbehuizing zo stof- en vuilvrij mogelijkzijn. Wrijf het product met een schone doek* af enblaas deze met perslucht* bij lage druk uit. Wij advise-ren u, om het product direct na elk gebruik te reinigen. • Maak het product regelmatig schoon met een vochtigedoek* en een beetje zachte zeep. Gebruik geen reini-gingsmiddelen of oplosmiddelen; deze kunnen dekunststofonderdelen van het product aantasten. Zorgervoor dat er geen water in het product kan komen. • Wij adviseren u, om het product direct na elk gebruikte reinigen.

• Slang en spuitgereedschap moeten voor reiniging vande compressor worden losgekoppeld. De compressormag niet met water, oplosmiddelen of soortgelijk wor-den gereinigd. 12. 2 OnderhoudBenodigd gereedschap:• Kruiskopschroevendraaier** = niet altijd meegeleverd. 56 | NL www. scheppach. com.

12. 2. 1 Luchtfilter (1b) onderhouden (afb. 5) GEVAARBrand- en explosiegevaar. Brandstof kan bij een incorrecte reiniging ontsteken eneventueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandin-gen of zelfs de dood. – Reinig het luchtfilter uitsluitend door uitkloppen. – Reinig het luchtfilter nooit met benzine of brandbareoplosmiddelen. LET OPRisico op materiële schade. Het bedrijf van de motor zonder of met een beschadigdfilterelement kan tot motorschade leiden. – Laat de motor nooit zonder of met een beschadigdluchtfilterelement draaien. Dan komen er verontrei-nigingen in de motor terecht, die de motor ernstigkunnen beschadigen. LET OPVervuilde luchtfilters verminderen het motor-vermogen door een te geringe luchttoevoernaar de carburateur. Regelmatige controle isdaarom absoluut noodzakelijk. Het luchtfilter voorkomt het inzuigen van stof en vuil.

Ditfilter moet minimaal elke 300 bedrijfsuren worden gerei-nigd. 1. Verwijder de luchtfilterafdekking (1) door de bout (1a)te demonteren. Gebruik een kruiskopschroevendraaier. 2. Verwijderen het luchtfilter (1b). 3. Reinig het luchtfilter(1b) uitsluitend door uitkloppen. 4. Vervang een defecte luchtfilter (1b) door een nieuwe. 5. Plaats het luchtfilter (1b) en schroef het luchtfilterdek-sel (1) met de bout (1a) vast. 12. 2. 2 Veiligheidsklep (11) (afb. 6)• De veiligheidsklep is ingesteld op de maximaal toege-stane druk van het drukvat. • Het is verboden om de veiligheidsklep te verstellen ofde verbindingszekering tussen de aftapmoer en dedop te verwijderen. • De veiligheidsklep moet om de 30 bedrijfsuren, maartenminste drie keer per jaar worden bediend, zodatdeze correct functioneert als dit nodig mocht zijn. 1.

7)LET OPOm het drukvat in goede staat te houden, moet u na elkgebruik het condenswater aftappen door de aftapplug teopenen. LET OPHet condenswater uit het drukvat bevat olieresten. Ont-doet u zich van het condenswater op een milieuvriende-lijke manier en deponeer het op een overeenkomstigeinzamelplaats. 1. Maak hiertoe eerst de ketel drukloos (zie 14. 1). 2. Open de aftapplug (8a) door deze linksom te draaien(gezien vanaf de onderzijde van de compressor op debout). 3. Om het condenswater volledig uit het drukvat (8) af tetappen, moet deze iets opzij worden gekanteld zodatde aftapplug (8a) het laagste punt vormt. 4. Draai vervolgens de aftapplug (8a) weer vast (rechts-om). Controleer vóór elk gebruik het drukvat (8) oproestvorming en beschadigingen. 5. De compressor mag niet gebruikt worden als het druk-vat (8) beschadigd of roestig is.

Neem contact op metde klantenservicewerkplaats als u beschadigingenconstateert. 13 Transport• Om beschadigingen en letsel te vermijden, moet hetproduct tijdens het transport in voertuigen worden be-veiligd tegen omvallen en wegglijden. • Bescherm het product tegen stoten, schokken en ster-ke trillingen, bijv. tijdens transport in voertuigen. • Gebruik uitsluitend de transportgreep om het productte vervoeren. 14 OpslagBewaar het product en de bijbehorende accessoires opeen donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoe-gankelijke plaats. De optimale bewaartemperatuur ligt tussen 5 °C en 30 ˚C. Bewaar het product in de originele verpakking. Dek het product af om het te beschermen tegen stof ofvocht. Bewaar de gebruikshandleiding bij het product. LET OPHaal de voedingsstekker uit het stopcontact, ontlucht decompressor en alle aangesloten persluchtgereedschap.

Stel de compressor dusdanig af dat deze niet door on-bevoegden in gebruik kan worden genomen. LET OPHet product mag uitsluitend in een droge en voor onbe-voegden ontoegankelijke omgeving worden bewaard. Niet kantelen, alleen staand bewaren. 14.

15 Reparatie en reserveonderdelenbestellenNa reparatie of onderhoud controleren of alle veiligheids-technische delen zijn bevestigd en in optimale toestandzijn. Delen, waarbij er gevaar voor verwonding voor ande-re personen en kinderen bestaat, ontoegankelijk bewa-ren. LET OPConform de wetgeving voor productgaranties wordt ergeen garantie geboden voor schade die ontstaan isdoor incorrecte reparaties of door het niet gebruikenvan originele reserveonderdelen. Neem contact op met een servicecentrum of een erken-de specialist. Overeenkomstig geldt dit ook voor acces-soires. Reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bijons servicecentrum. Scan hiertoe de QR-code op de titel-pagina. Aansluitingen en reparatiesAansluitingen en reparaties van de elektrische apparatuurmogen uitsluitend door een elektromonteur worden uitge-voerd. 15.

1 Bestelling van reserveonderdelenBij het bestellen van reserveonderdelen moeten de vol-gende gegevens worden vermeld:• Modelaanduiding• Artikelnummer• Gegevens op het typeplaatje15. 2 Service-informatieLet op dat bij dit product de volgende delen onderhevigzijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. devolgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt. Slijtageonderdelen*: Luchtfilter* = niet meegeleverd. 16 Afvalverwerking en hergebruikAanwijzingen op de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn re-cyclebaar. Verpakkingen milieu-vriendelijk afvoeren. Aanwijzingen betreffende de wetgeving Afgedankteelektrische en elektronische apparatuur (AEEA)Afgedankte elektrische en elektronische appa-ratuur behoort niet bij het huishoudelijke af-val, maar moeten worden ingezameld resp. ge-scheiden worden afgevoerd.

• Oude batterijen of accu’s die niet vast in het afge-dankte apparatuur zijn geïntegreerd, moeten vóór hetafvoeren op niet-destructieve wijze worden verwijderd. Het afvoeren hiervan is geregeld in de wetgeving in-zake batterijen. • Eigenaars resp.

gebruikers van elektrische en elektro-nische apparaten zijn wettelijk verplicht om na gebruikde batterijen en accu's in te leveren. • De eindgebruiker is verantwoordelijk voor het wissenvan persoonsgerelateerde gegevens op het af te voe-ren afgedankte apparaat. • Het symbool van de doorgekruiste vuilnisbak betekentdat afgedankte elektrische en elektronische appara-tuur niet bij het huishoudelijk afval mag worden ge-gooid. • Afgedankte elektrische en elektronische apparatuurkunnen bij de volgende punten kosteloos worden in-geleverd:– Openbare afvalverwijderings- of inzamelpunten(bijv. gemeentewerven)– Verkooppunten van elektrische apparaten (statio-nair en online), voor zover dealers verplicht zijn zeterug te nemen of dit vrijwillig aanbieden.

– Tot drie afgedankte elektronische apparaten perapparaattype, met een randlengte van niet meerdan 25 centimeter, kunnen gratis naar de fabrikantworden teruggebracht zonder eerst een nieuw ap-paraat van de fabrikant te hoeven kopen, of naareen ander erkend verzamelpunt in je omgevingworden gebracht. – Voor verdere aanvullende terugnamevoorwaardenvan de fabrikanten en distributeurs verzoeken wiju contact op te nemen met de betreffende klanten-service. • Bij levering van een nieuw elektrisch apparaat door defabrikant aan een particulier huishouden, kan de fabri-kant op verzoek van de eindgebruiker zorgen voor hetkosteloos afhalen van het afgedankte elektrische ap-paraat. Neem hiertoe contact op met de klantenser-vice van de fabrikant.

• Deze uitspraken zijn alleen geldig voor apparaten diein de landen van de Europese Unie worden geïnstal-leerd en verkocht en die onder de Europese Richtlijn2012/19/EU vallen. In landen buiten de EuropeseUnie kunnen andere voorschriften gelden voor het af-voeren van afgedankte elektrische en elektronischeapparatuur. 58 | NL www. scheppach. com.

17 Verhelpen van storingenDe volgende tabel toont storingssymptomen en beschrijft hoe u deze op kunt lossen, als uw product niet goed werkt. Alsu het probleem hiermee niet kunt vinden en oplossen, neem dan contact op met uw service-werkplaats. Storing Mogelijke oorzaak OplossingProduct draait niet. Netspanning niet aanwezig. Kabel, voedingsstekker; zekering en stopcontact con-troleren. Netspanning te laag. Te lang verlengsnoer vermijden. Verlengsnoer met vol-doende aderdoorsnede gebruiken. Buitentemperatuur te laag. Werk niet onder +5 °C buitentemperatuur. Motor oververhit. Motor laten afkoelen, evt. de oorzaak van de overver-hitting wegnemen. Product loopt, maar geen druk. Veiligheidsklep lek. Neem contact op met uw lokaal servicecentrum. Repa-raties uitsluitend laten uitvoeren door geschoold perso-neel. Afdichtingen defect.

Afdichtingen controleren, een defecte afdichting bij eengespecialiseerde werkplaats laten vervangen. Aftapplug voor condenswaterlek. Bout met de hand aanhalen. Afdichting op de bout con-troleren, evt. vervangen. Het product loopt, de druk wordtaangegeven op de manometer,maar het gereedschap loopt niet. Slangverbindingen lek. Persluchtslang en gereedschap controleren, evt. ver-vangen. Snelkoppeling lek. Neem contact op met uw lokaal servicecentrum. Repa-raties uitsluitend laten uitvoeren door geschoold perso-neel. Te lage druk op de drukrege-laar ingesteld. Drukregelaar weer opendraaien. 18 EU-conformiteitsverklaringVertaling van de originele conformiteitsverklaringFabrikant:Scheppach GmbHGünzburger Straße 69D-89335 IchenhausenWij verklaren onder eigen verantwoordelijkheid dat hethier beschreven product voldoet aan de geldende richtlij-nen en normen. Merk: SCHEPPACHArt.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Scheppach HC52Si stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden