Samsung CLP-350 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Samsung CLP-350 (100 pagina’s), behorend tot de categorie Printer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 69 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Samsung CLP-350 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Samsung |
| Categorie: | Printer |
| Model: | CLP-350 |
Handleiding Samsung CLP-350 – volledige tekst
Samsung Electronics is niet verantwoordelijk voor wijzigingen en directe of indirecte schade die voortvloeien uit of verband houden met het gebruik van deze gebruikershandleiding.• CLP-350N zijn namen van modellen van Samsung Electronics Co., Ltd• Samsung en Samsung logo zijn handelsmerken van Samsung Electronics Co., Ltd.• PCL en PCL 6 zijn handelsmerken van Hewlett-Packard.• Microsoft, Windows en Windows Vista zijn handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van Microsoft Corporation.• PostScript 3 is een handelsmerk van Adobe Systems, Inc.• UFST® en MicroType™ zijn gedeponeerde handelsmerken van Monotype Imaging Inc.• TrueType, LaserWriter en Macintosh zijn handelsmerken van Apple Computer, Inc.• Alle andere merk- of productnamen zijn handelsmerken van hun respectieve bedrijven of organisaties.
INHOUDInformatie over de gebruikshandleiding. iMeer informatie. iInformatie in verband met veiligheid en wettelijke voorschriften. ii1. InleidingSpeciale functies. 1. 1Apparaatoverzicht. 1. 2Overzicht van het bedieningspaneel. 1. 3Kennismaking met het bedieningspaneel. 1. 4LED’s. 1. 4Stopknop. 1. 42. SoftwareoverzichtMeegeleverde software. 2. 1Eigenschappen van het printerstuurprogramma. 2. 1Systeemvereisten. 2. 23. Aan de slagDe hardware installeren. 3. 1Het netwerk installeren. 3. 1Ondersteunde besturingssystemen. 3. 2Het programma SetIP gebruiken. 3. 2De software installeren. 3. 3Hoogte-instelling. 3. 44. Afdrukmedia selecteren en plaatsenAfdrukmateriaal selecteren. 4. 1Richtlijnen voor het kiezen en bewaren van afdrukmaterialen. 4. 1Specificaties over afdrukmedia. 4. 2Richtlijnen voor speciale afdrukmaterialen. 4. 3De uitvoerlocatie controleren. 4. 4Papier plaatsen. 4.
iInformatie over de gebruikshandleidingDeze gebruikershandleiding brengt de gebruiker basisbegrip bij over het apparaat en geeft een gedetailleerde uitleg over iedere stap in het gebruik ervan. Zowel nieuwe als professionele gebruikers kunnen de handleiding gebruiken bij de installatie en het gebruik van het apparaat. Deze uitleg is hoofdzakelijk gebaseerd op het Windows-besturingssysteem van Microsoft. Onderstaande termen worden in deze handleiding afwisselend gebruikt. • Document is synoniem met origineel. • Papier is synoniem voor media of afdrukmedia. • De benaming van het model, zoals CLP-3xx Series, is synoniem voor apparaat. De volgende tabel biedt een overzicht van de conventies die in deze handleiding worden gebruikt. Conventie Beschrijving VoorbeeldVet Gebruikt voor teksten op het display of afdrukken op papier.
StartenNB Gebruikt om extra informatie over de eigenschappen en functies van het apparaat te verschaffen. NB De datumnotatie verschilt van land tot land. Opgepast Gebruikt om gebruikers informatie te verschaffen waarmee ze het apparaat tegen mechanische schade of defecten kunnen beschermen. OpgepastRaak de groene onderkant van de printercassette niet aan. VoetnootGebruikt om meer gedetailleerde informatie te geven over bepaalde woorden of over een of andere zin. a. pagina’s per minuut(Zie pagina 1. 1 voor meer informatie. )Gebruikt om gebruikers naar de pagina met referenties te leiden voor extra informatie. (Zie pagina 1. 1 voor meer informatie. )Meer informatieMeer informatie over de instelling en het gebruik van uw apparaat kunt u afdrukken of op het scherm weergeven. Beknopte installatie-handleidingBiedt meer informatie over het instellen van uw apparaat.
Volg deze instructies om het apparaat gebruiksklaar te maken. Onlinegebruikers-handleidingGeeft stapsgewijze instructies om alle functies van uw apparaat te benutten en verschaft meer informatie over het onderhoud van uw apparaat, probleemoplossing en de installatie van accessoires.
Deze handleiding bevat ook een gedeelte Software met informatie over hoe u documenten kunt afdrukken onder verschillende besturingssystemen en hoe u de meegeleverde hulpprogramma’s moet gebruiken. NB U vindt anderstalige gebruikershandleidingen in de map Manual op de cd-rom met printersoftware. Hulp bij het printerstuur-programmaBiedt ondersteunende informatie over de eigenschappen van het printerstuurprogramma en instructies voor de instelling van afdrukeigenschappen. Klik op Help in het dialoogvenster printereigenschappen om toegang te krijgen tot het helpscherm van het printerstuurprogramma. Samsung-websiteAls u over een internetverbinding beschikt, kunt u hulp, ondersteuning, printerstuurprogramma’s, handleidingen en bestelinformatie vinden op de website van Samsung, www. samsungprinter. com.
iiInformatie in verband met veiligheid en wettelijke voorschriftenBelangrijke voorzorgsmaatregelen en veiligheidsinformatieHoud u bij gebruik van dit apparaat altijd aan de onderstaande basisinstructies om de kans op brand, elektrische schokken en persoonlijke ongelukken zo klein mogelijk te houden:1 Zorg dat u alle instructies gelezen en begrepen hebt. 2 Gebruik altijd uw gezonde verstand bij het gebruik van elektrische apparaten. 3 Volg alle aanwijzingen en waarschuwingen op die zich op het product en in de bijbehorende documentatie bevinden. 4 Als andere gebruiksinstructies deze veiligheidsinstructies lijkt tegen te spreken, moet u zich aan deze veiligheidsinstructies houden. Misschien zijn de andere gebruiksinstructies u niet helemaal duidelijk. Wanneer u er niet uit komt, moet u contact opnemen met uw leverancier of service center.
5 Haal de stekker van het apparaat altijd uit het stopcontact voordat u het apparaat reinigt. Gebruik geen vloeistoffen of spuitbussen. Gebruik voor het schoonmaken alleen een vochtige doek. 6 Zet het apparaat niet op een wankel wagentje, onderstel of tafel. Het apparaat kan dan vallen, waardoor het ernstig beschadigd kan raken. 7 Het apparaat mag nooit op of dichtbij een radiator, kachel, airconditioner of ventilatiekanaal worden geplaatst. 8 Plaats geen voorwerpen op het netsnoer. Zet het apparaat ook niet op een plaats waar de kabels kunnen knikken of problemen kunnen ontstaan doordat er mensen over de kabels heen lopen. 9 Sluit niet te veel apparaten op hetzelfde stopcontact of verlengsnoer aan. Dit kan de werking verstoren en verhoogt de kans op brand en elektrische schokken. 10 Zorg dat er geen huisdieren in de wisselstroomkabels of pc-interfacekabels kunnen bijten.
11 Steek nooit vreemde voorwerpen door de openingen in de behuizing van het apparaat. Ze kunnen dan in aanraking komen met een gevaarlijk hoge spanning, met kans op brand of elektrische schokken. Zorg dat er nooit vloeistoffen op of in het apparaat worden gemorst.
12 Om de kans op elektrische schokken zo klein mogelijk te houden, moet u het apparaat niet uit elkaar halen. Breng het naar een gekwalificeerd onderhoudstechnicus, wanneer herstellingen nodig zijn. Als u de behuizing opent of verwijdert, kunt u worden blootgesteld aan een gevaarlijk hoge spanning en andere gevaren. Wanneer het apparaat niet op de juiste manier in elkaar wordt gezet, bestaat ook tijdens gebruik kans op elektrische schokken. 13 Koppel het apparaat los van de pc en de wandcontactdoos, en doe een beroep op gekwalificeerd onderhoudspersoneel in de volgende situaties:• Als een deel van het netsnoer of de stekker of connector is beschadigd of gerafeld. • Als er vloeistof in het apparaat is gemorst. • Als het apparaat is blootgesteld aan regen of water. • Als het apparaat niet goed werkt hoewel de instructies goed zijn opgevolgd.
• Als het apparaat is gevallen of wanneer de behuizing zichtbaar beschadigd is. • Als het apparaat plotseling duidelijk anders functioneert. 14 Verander alleen instellingen die in de handleiding worden behandeld. Wijzigen van andere instellingen kan schade tot gevolg hebben, en een deskundige onderhoudsmonteur kan daarna heel wat tijd nodig hebben om het apparaat weer in orde te maken. 15 Gebruik het apparaat niet tijdens onweer. Er bestaat dan enige kans op elektrische schokken ten gevolge van blikseminslag. Indien mogelijk koppelt u het apparaat van het wisselstroomnet voor de duur van het onweer. 16 Als u vaak meerdere pagina’s afdrukt, kan het oppervlak van de uitvoerlade heet worden. Raak het oppervlak niet aan en zorg dat er zich geen kinderen in nabijheid van het oppervlak bevinden. 17 Gebruik het netsnoer dat bij het apparaat werd geleverd voor een veilige werking.
Als u een netsnoer met een lengte van meer dan twee meter gebruikt voor een apparaat dat op 110 V werkt, moet de draaddikte van het netsnoer minstens 16 AWG1 zijn. 18 BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
Milieu- en veiligheidsoverwegingenVerklaring inzake laserveiligheidDe printer is in de Verenigde Staten gecertificeerd als zijnde in overeenstemming met de vereisten van DHHS 21 CFR, hoofdstuk 1, subhoofdstuk J voor laserproducten van klasse I(1), en is elders gecertificeerd als een laserproduct van klasse I dat voldoet aan de vereisten van IEC 825. Laserproducten van klasse I worden niet als gevaarlijk beschouwd. Het lasersysteem en de printer zijn zo ontworpen dat bij normaal gebruik, onderhoud door de gebruiker of in de instructies voorgeschreven onderhoudssituaties nooit iemand zal worden blootgesteld aan laserstraling hoger dan klasse I. 1 AWG: American Wire Guage.
iiiWaarschuwing Gebruik of onderhoud de printer nooit als de beschermkap van de laser/scanner is verwijderd. Hoewel de gereflecteerde laserstraal onzichtbaar is, kan ze uw ogen beschadigen. Als u dit apparaat gebruikt, moeten deze elementaire veiligheidsmaatregelen altijd in acht worden genomen om het risico van brand, elektrische schokken en lichamelijk letsel te beperken:OzonveiligheidTijdens normale werking produceert dit apparaat ozon. De geproduceerde ozon vormt geen gevaar voor de gebruiker. Wij raden echter aan het apparaat op te stellen in een goed geventileerde ruimte. Voor meer informatie over ozon kunt u contact opnemen met een Samsung-verkoper in uw buurt. Energie besparenDit apparaat maakt gebruik van geavanceerde energiebesparende technologie, die het energiegebruik vermindert wanneer het apparaat niet wordt gebruikt.
Als het apparaat gedurende langere tijd geen gegevens ontvangt, wordt het energiegebruik automatisch verminderd. ENERGY STAR en het ENERGY STAR-merk zijn gedeponeerde Amerikaanse handelsmerken. Meer informatie over het ENERGY STAR-programma vindt u op http://www. energystar. gov RecyclingRecycle de verpakkingsmaterialen van dit product of voer ze op een milieuvriendelijke wijze af. Correcte verwijdering van dit product (elektrische & elektronische afvalapparatuur)Dit merkteken op het product of het bijbehorende informatiemateriaal duidt erop dat het niet met ander huishoudelijk afval verwijderd moet worden aan het einde van zijn gebruiksduur.
Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u dit product van andere soorten afval scheiden en op een verantwoorde manier recyclen, zodat het duurzame hergebruik van materiaalbronnen wordt bevorderd. Huishoudelijke gebruikers moeten contact opnemen met de winkel waar ze dit product hebben gekocht of met de gemeente waar ze wonen om te vernemen waar en hoe ze dit product milieuvriendelijk kunnen laten recyclen.
Zakelijke gebruikers moeten contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden van de koopovereenkomsten nalezen. Dit product moet niet worden gemengd met ander bedrijfsafval voor verwijdering. RadiofrequentiestralingFCC-voorschriftenUit tests is gebleken dat dit apparaat voldoet aan de beperkingen voor een digitaal apparaat van klasse B conform artikel 15 van de FCC-voorschriften. Deze beperkingen zijn bedoeld om een redelijke bescherming te bieden tegen schadelijke interferentie binnenshuis. Dit apparaat genereert, gebruikt en straalt mogelijk radiofrequentie-energie uit en kan, indien het niet overeenkomstig de aanwijzingen wordt geïnstalleerd en gebruikt, schadelijke interferentie voor radiocommunicatie veroorzaken. Er kan echter niet worden gegarandeerd dat er bij een specifieke installatie geen interferentie zal plaatsvinden.
Als dit apparaat schadelijke interferentie voor radio- of tv-ontvangst veroorzaakt, wat u kunt controleren door het apparaat in en uit te schakelen, kunt u de interferentie trachten te elimineren door een of meer van de volgende stappen te ondernemen:• Draai of verplaats de ontvangstantenne. • Vergroot de afstand tussen het apparaat en de ontvanger. • Sluit het apparaat aan op een stopcontact in een andere stroomkring dan deze waarop de ontvanger is aangesloten. • Raadpleeg de verkoper of een ervaren radio-/tv-technicus. Opgelet: Wijzigingen of aanpassingen die niet uitdrukkelijk zijn goedgekeurd door de fabrikant die verantwoordelijk is voor de naleving van de toepasselijke voorschriften, kunnen ertoe leiden dat de gebruiker niet langer de toestemming heeft om het apparaat te gebruiken.
met de volgende toepasselijke 93/68/EEG-richtlijnen van de Europese Unie per de aangegeven datums:1 januari 1995: Richtlijn 73/23/EEG van de Raad betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke voorschriften van de lidstaten inzake elektrisch materiaal bestemd voor gebruik binnen bepaalde spanningsgrenzen (laagspanningsrichtlijn). 1 januari 1996: Richtlijn 89/336/EEG van de Raad (92/31/EEG) betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake elektromagnetische compatibiliteit. 9 maart 1999: Richtlijn 1999/5/EG van de Raad betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit. U kunt bij uw vertegenwoordiger van Samsung Electronics Co. , Ltd. een volledige verklaring krijgen waarin de relevante richtlijnen en de normen waarnaar wordt verwezen zijn gedefinieerd.
Stekker van het netsnoer vervangen (alleen voor UK)BelangrijkHet netsnoer van dit apparaat is voorzien van een standaardstekker (BS 1363) van 13 ampère en een zekering van 13 ampère. Wanneer u de zekering vervangt, moet u een geschikt type van 13 ampère gebruiken. Nadat u de zekering hebt gecontroleerd of vervangen, moet u de afdekkap van de zekering weer sluiten.
Als u de afdekkap van de zekering kwijt bent, mag u de stekker niet gebruiken totdat u er een nieuwe afdekkap op hebt gezet. Neem contact op met de leverancier bij wie u het apparaat hebt gekocht. De 13 ampère stekker is het meest voorkomende type in de UK en kan in de meeste gevallen worden gebruikt. Sommige (meest oudere) gebouwen hebben echter geen normale 13 ampère stopcontacten. Als u het apparaat op een ouder stopcontact wilt aansluiten, moet u een geschikt verloopstuk (adapter) kopen. Verwijder nooit de aangegoten stekker van het netsnoer. WaarschuwingAls u ondanks het bovenstaande toch de aangegoten stekker verwijdert, gooi deze dan onmiddellijk in de vuilnisbak. U kunt de stekker niet opnieuw bedraden, en wanneer iemand hem in een passend stopcontact doet, bestaat er groot gevaar voor elektrische schokken.
Belangrijke waarschuwing: dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. De aders van het netnoer hebben de volgende kleurcodering:• groen en geel: aarde• blauw: neutraal• bruin: faseGa als volgt te werk als de kleuren van de aders in het netsnoer niet gelijk zijn aan die van de stekker. Sluit de groen/gele aardedraad aan op de pool die is gemarkeerd met de letter “E”, het aarde-symbool, de kleuren groen/geel of de kleur groen. Sluit de blauwe draad aan op de pool die is gemarkeerd met de letter “N” of de kleur zwart. Sluit de bruine draad aan op de pool die is gemarkeerd met de letter “L” of de kleur rood. Ergens in de stroomkring moet een zekering van 13 Ampère zijn aangebracht: in de stekker, in de adapter of in de meterkast.
1. 1 1InleidingGefeliciteerd met de aankoop van uw printer. In dit hoofdstuk treft u de volgende onderwerpen aan:• Speciale functies• Apparaatoverzicht• Overzicht van het bedieningspaneel• Kennismaking met het bedieningspaneelNBEnkele functies zijn optioneel. Controleer de sectie met de specificaties. (Zie “Specificaties” op pagina 10. 1. )Speciale functiesUw nieuw apparaat is voorzien van speciale functies. Afdrukken met een hoge snelheid en uitstekende kwaliteit• U kunt alle kleuren afdrukken met de kleuren cyaan, magenta, geel en zwart. • U kunt afdrukken tot een resolutie van 2. 400 x 600 dpi. Raadpleeg Software. • Uw apparaat drukt papier van A4-formaat af tegen 19 ppma in zwartwitmodus en 5 ppm in kleurenmodus. • Het apparaat controleert uw continent en stelt de kleuren of tinten voor hemel en gras automatisch in volgens uw continentale kleurenvoorkeur.
Zie Software voor meer informatie. Probleemloos verschillende papierinstellingen gebruiken• De standaard papierlade van 150 vellen is geschikt voor papier van A4/Letter-formaat en speciale afdrukmaterialen, zoals voorbedrukt papier, enveloppen, etiketten, afdrukmaterialen met een aangepast formaat, postkaarten, transparanten en zwaardere papiersoorten. •Lade 1 voor 150 vellen en de optionele lade 2 voor 250 vellen kunnen worden gebruikt voor normaal papier van diverse afmetingen. Professionele documenten maken•Watermerken afdrukken. U kunt uw documenten voorzien van een watermerk (bijv. “Vertrouwelijk”). Raadpleeg Software. •Posters afdrukken. De tekst en afbeeldingen op elke pagina van uw document worden vergroot en afgedrukt op afzonderlijke vellen papier die u kunt samenvoegen tot een poster. Raadpleeg Software. •Boekjes afdrukken.
Met deze functie kunt u gemakkelijk een document afdrukken om een boekje te maken. Na het afdrukken, dient u de pagina’s alleen nog te vouwen en te bundelen. Raadpleeg Software.
Tijd en geld besparenDe capaciteit van uw apparaat uitbreiden* Zoran IPS-emulatie compatibel met PostScript 3 © Copyright 1995-2005, Zoran Corporation. Alle rechten voorbehouden. Zoran, het Zoran-logo, IPS/PS3 en OneImage zijn handelsmerken van Zoran Corporation. * 136 PS3-lettertypesBevat UFST en MicroType van Monotype Imaging Inc. Afdrukken onder verschillende besturingssystemen• Om papier te besparen, drukt u meerdere pagina’s op één vel papier af. • Dit apparaat bespaart automatisch stroom door het stroomverbruik aanzienlijk te beperken als het apparaat niet wordt gebruikt. • U kunt handmatig beide zijden van het papier bedrukken (Manueel dubbelzijdig afdrukken) in Windows and macintosh. Raadpleeg Software. • Uw apparaat heeft een extra sleuf om het geheugen uit te breiden. (Pagina 8. 1)• Zoran IPS-emulatie* compatibel met PostScript 3-emulatie* (PS) maakt PS-afdrukken mogelijk.
• U kunt afdrukken onder Windows 2000 en onder Windows XP/2003/Vista, evenals op Linux- en Macintosh-systemen. • Uw apparaat is uitgerust met een USB- en een netwerk interface. a. pagina’s per minuut.
1.2 ApparaatoverzichtHieronder ziet u waar de belangrijkste onderdelen van het apparaat zich bevinden.• De bovenstaande afbeelding toont uw apparaat met alle beschikbare accessoires. (Zie pagina 8.1 voor meer informatie.)• Het *-symbool geeft aan dat het om een optioneel apparaat gaat.1bovenklep 8voorklep2uitvoerlade (afdrukijde naar onder) 9uitvoersteun3bedieningspaneel 10 achterklep4toegangspaneel besturingskaart 11 netschakelaar5greep 12 netwerkpoort6lade 1 13 USB-poort7optionele lade*14 netsnoeraansluitingNB • De illustraties in deze gebruikershandleiding kunnen verschillen van uw apparaat afhankelijk van de accessoires of het model.• Het oppervlak van de uitvoerlade kan warm worden als u een groot aantal pagina’s tegelijk afdrukt. Vermijd aanraking met het oppervlak en hou kinderen uit de buurt.
1.3 Overzicht van het bedieningspaneel1Tonerkleuren: De status van elke printercassette weergeven. Raadpleeg de Status-LED in de berichten over de printercassettes op pagina 1.4.2Status: Toont de status van uw apparaat. (Voor meer informatie raadpleegt u “Kennismaking met het bedieningspaneel” op pagina 1.4.)3Stoppen: Stopt een handeling op ieder moment en er zijn meerdere functies. (Voor meer informatie raadpleegt u “Kennismaking met het bedieningspaneel” op pagina 1.4.)
1.4 Kennismaking met het bedieningspaneelLED’sDe kleur van de Status-LED en van de Tonerkleuren-LED geeft de actuele status van het apparaat aan.NB Alle afdrukfouten zullen in het venster van het programma Smart Panel verschijnen.StopknopStatus-LED BeschrijvingTestpagina afdrukken Houd deze knop 2 seconden lang ingedrukt in gereedmodus tot de Status-LED traag begint te knipperen.Configuratiepagina’s afdrukkenHoud deze knop 5 seconden lang ingedrukt in gereedmodus tot de Status-LED snel begint te knipperen.De afdruktaak annuleren Druk op deze knop tijdens het afdrukken. De rode LED knippert terwijl de afdruktaak uit de computer en het apparaat wordt gewist waarna het apparaat terugkeert naar gereedmodus.
Dit kan even duren afhankelijk van de omvang van de afdruktaak.Status-LED Tonerkleuren-LED BeschrijvingLicht groen op Alle LED’s zijn uit Het apparaat is gereed voor afdrukken.Knippert traag groen Alle LED’s zijn uit Het apparaat ontvangt gegevens van de computer.Knippert snel groen Alle LED’s zijn uit Het apparaat is bezig met het afdrukken van gegevens.Licht rood op Alle LED’s zijn uit • Er is een fout opgetreden in het apparaat, zoals vastgelopen papier, een openstaande klep, geen papier meer; geen opvangbak voor verbruikte toner geïnstalleerd of de opvangbak voor verbruikte toner is vol.• Er is een fout opgetreden in het apparaat die een herstelling vereist, zoals een probleem in de laserscaneenheid, fixeereenheid of transportriem.
Neem contact op met uw verdeler of een medewerker van de technische dienst.Licht groen opAlle LED’s knipperen roodAlle printercassettes zijn bijna leeg.Knippert rood Alle LED’s lichten rood opAlle printercassettes zijn bijna leeg. U kunt afdrukken, maar de kwaliteit zal onbetrouwbaar zijn.Licht rood op Alle LED’s lichten rood op• Alle printercassettes zijn leeg. U kunt niet afdrukken.• Alle printercassettes zijn verkeerd.Licht groen opAlle LED’s knipperen herhaaldelijk roodHet apparaat wordt voorbereid.
2. 1 2SoftwareoverzichtDit hoofdstuk geeft een overzicht van de meegeleverde software. Meer informatie over het gebruik van de software vindt u in Software. In dit hoofdstuk treft u de volgende onderwerpen aan:• Meegeleverde software• Eigenschappen van het printerstuurprogramma• SysteemvereistenMeegeleverde softwareU installeert de software van het apparaat vanaf de meegeleverde cd-rom’s nadat u uw apparaat hebt geïnstalleerd en op de computer hebt aangesloten. De cd-rom’s bevatten de volgende software:Cd-rom InhoudCd-rom met printer-softwareWindows • Printerstuurprogramma: Gebruik dit stuurprogramma om de functies van uw apparaat ten volle te benutten. •PPD-bestand (Postscript Printer Description): Het PostScript-stuurprogramma is bedoeld voor het afdrukken van documenten met complexe lettertypes en PostScript-afbeeldingen.
•Smart Panel: Dit programma geeft de status van het apparaat weer en waarschuwt u wanneer er een fout optreedt tijdens het afdrukken. •SetIP: Met dit programma kunt u de TCP/IP-adressen van uw apparaat instellen. • Gebruikershandleiding in PDF-formaatLinux•PPD-bestand (Postscript Printer Description): Gebruik dit stuur-programma voor de bediening van het apparaat en het afdrukken van documenten via een computer met een Linux-besturingssysteem. •Smart Panel: Dit programma geeft de status van het apparaat weer en waarschuwt u wanneer er een fout optreedt tijdens het afdrukken. Eigenschappen van het printerstuurprogrammaUw printerstuurprogramma’s ondersteunen de volgende standaardfuncties:• papierinvoer selecteren• papierformaat, afdrukstand en type afdrukmateriaal instellen• aantal exemplaren instellenU kunt bovendien verschillende speciale afdrukfuncties gebruiken.
Onderstaande tabel geeft een algemeen overzicht van de functies die door uw printerstuurprogramma’s worden ondersteund:PrinterstuurprogrammaFunctie Windows Linux MacintoshKleurmodus O O OOptie apparaatkwaliteit O O OPoster afdrukken O X XHandmatig dubbelzijdig afdrukkenO X XMeerdere pagina’s per vel (N-up)O O (2, 4) O (2, 4, 6, 9, 16)Afdruk aan pagina aanpassen O X XVerkleinen/vergroten O X OBoekjes afdrukken O X XWatermerk O X XOverlay O X XNB Als u de printertaal wilt wijzigen, gaat u naar de printereigenschappen en wijzigt u de printertaal op het tabblad Printer. Macintosh • PPD-bestand (Postscript Printer Description): Gebruik dit bestand voor de bediening van uw apparaat en het afdrukken van documenten vanaf een Macintosh-computer. •Smart Panel: Dit programma geeft de status van het apparaat weer en waarschuwt u wanneer er een fout optreedt tijdens het afdrukken. Cd-rom Inhoud.
3.1 3Aan de slagIn dit hoe u het apparaat kunt installeren.In dit hoofdstuk treft u de volgende onderwerpen aan:• De hardware installeren• Het netwerk installeren• De software installeren• Hoogte-instellingDe hardware installerenDeze sectie toont de stappen om de hardware te installeren zoals toegelicht in de snelinstallatiegids. Lees de snelinstallatiegids en voer de volgende stappen uit.1Kies een stabiele plek. Kies een vlak stabiel oppervlak met voldoende ruimte voor luchtcirculatie. Hou extra ruimte vrij voor het openen van kleppen en papierladen. Plaats het apparaat in een ruimte die voldoende geventileerd is, maar niet in direct zonlicht, vlakbij een warmte- of koudebron of op een vochtige plek. Plaats de printer niet te dicht tegen de rand van een bureau of tafel. U kunt probleemloos afdrukken tot op een hoogte van 1.000 m. Raadpleeg de hoogte-instellingen voor optimaal afdrukken.
Zie pagina 3.4 voor meer informatie.Plaats het apparaat op een vlak en stabiel oppervlak zodat het niet meer dan 2 mm overhelt. Dit is immers nadelig voor de afdrukkwaliteit. 2Haal het apparaat uit de verpakking en controleer alle meegeleverde artikelen.3Verwijder de tape van het apparaat en hou het stevig vast.4Installeer beide printercassettes.5Plaats papier. (Zie “Papier plaatsen” op pagina 4.4.)6Controleer of alle kabels op het apparaat zijn aangesloten. 7Schakel het apparaat in. OpgepastAls u de printer verplaatst, mag u hem niet ondersteboven of op zijn kant leggen.
De binnenzijde van het apparaat kan op die manier verontreinigd raken door tonerpoeder, wat uw apparaat kan beschadigen of voor een slechte afdrukkwaliteit kan zorgen.Het netwerk installerenU moet de netwerkprotocollen installeren op het apparaat om het in te stellen als netwerkprinter.NBMet de USB-kabel maakt u een verbinding tussen de computer en het apparaat. Raadpleeg hiervoor de software-installatie in Software.
3. 2 Ondersteunde besturingssystemenDe volgende tabel toont de netwerkomgevingen die het apparaat ondersteunt: Item VereistenNetwerkinterface 10/100 Base-TXNetwerkbesturings-systeemWindows 2000/XP/VistaVerschillende Linux-besturingssystemenMac OS 10. 3 ~ 10. 4Netwerkprotocollen TCP/IP, DLC/LLC, IPP, SNMPDynamische-adresseringsserverDHCP, BOOTPNB•SyncThru™ Web Admin Service: een op het web gebaseerd afdrukbeheersysteem voor netwerkbeheerders. Met SyncThru™ Web Admin Service kunt u netwerkapparaten op een efficiënte manier beheren en kunt u ze op afstand controleren en problemen oplossen vanuit elke locatie met toegang tot het intranet van het bedrijf. U kunt dit programma downloaden van http://solution. samsungprinter. com.
•SyncThru™ Web Service: een in de netwerkafdrukserver geïntegreerde webserver waarmee u de netwerkparameters voor deprinter kunt configureren, zodat u een verbinding kunt maken metdiverse netwerkomgevingen. •SetIP: een hulpprogramma waarmee u een netwerkinterface kunt selecteren en handmatig IP-adressen kunt configureren voor gebruik met het TCP/IP-protocol. Zie 'Het programma SetIP gebruiken' op pagina 3. 2. Het programma SetIP gebruikenDit programma wordt gebruikt om IP-adressen van netwerkapparaten in te stellen met het MAC-adres dat het hardwareserienummer van de netwerkprinterkaart of interface is. Het wordt met name door netwerkbeheerders gebruikt om de IP-adressen van meerdere netwerkapparaten tegelijk in te stellen. 1Plaats de bij het apparaat geleverde cd met stuurprogramma's in het cd-romstation. 2Start Windows Verkenner en open station X.
(X staat voor de letter die aan het cd-romstation is toegewezen. )3Dubbelklik op Application > SetIP. 4Open de map van de gewenste taal. 5Dubbelklik op Setup. exe om het programma te installeren. 6Selecteer in het menu Start van Windows Programma's > Samsung Network Printer Utilities > SetIP. 7Selecteer de naam van uw printer en klik op.
NBAls de naam van uw printer niet wordt weergegeven, klikt u op om de lijst te vernieuwen. 8Voer het MAC-adres, het IP-adres, het subnetmasker en de standaardgateway van de netwerkkaart in, en klik vervolgens op Toepassen. NBAls u niet zeker bent van het MAC-adres van de netwerkkaart, drukt u het netwerkinformatierapport van het apparaat af. 9Klik op OK om de instellingen te bevestigen. 10 Klik op Afsluiten om het programma SetIP af te sluiten. NBAls u het DHCP-netwerkprotocol wilt instellen, downloadt u van de webpagina http://developer. apple. com/networking/bonjour/download/ het programma Bonjour for Windows dat bij uw besturingssysteem past, en installeert u het. Met dit programma kunt u de netwerkparameter automatisch instellen. Volg de instructies in het installatievenster. Dit programma biedt geen ondersteuning voor Linux.
3. 3 De software installerenU moet de apparaatsoftware voor afdrukken installeren. De software bevat stuurprogramma’s, toepassingen en andere gebruiksvriendelijke programma’s. NB• De volgende procedure is van belang wanneer u het apparaat wilt gebruiken als netwerkapparaat. Als u een apparaat wilt verbinden door middel van een USB-kabel, raadpleegt u Software. • De volgende procedure is gebaseerd op het besturingssysteem Windows XP. De procedure en het pop-upvenster dat tijdens de installatie verschijnt, kan verschillen al naar gelang het gebruikte besturingssysteem, de printereigenschappen of de gebruikte interface. (Raadpleeg Software. )1Controleer of de netwerkinstallatie voor uw apparaat is voltooid. ( Zie “Het netwerk installeren” op pagina 3. 1. ) Sluit alle toepassingen op uw computer af voordat u met de installatie begint.
2Plaats de cd-rom met printersoftware in het cd-romstation van uw computer. De cd-rom start automatisch en er verschijnt een installatievenster. 3Klik op Volgende. Als het installatievenster niet verschijnt, klikt u op Start en vervolgens op Uitvoeren. Typ X:\Setup. exe, waarbij u “X” vervangt door de letter van het cd-romstation, en klik op OK. Als u Windows Vista gebruikt, klikt u op Start > Alle programma's > Bureau-accessories > Uitvoeren en typt u X:\Setup. exe. • Het bovenstaande venster kan enigszins verschillen als u het stuurprogramma opnieuw installeert. • Gebruikershandleiding weergeven: Biedt u de mogelijkheid om de gebruikershandleiding te bekijken. Als Adobe Acrobat niet op uw computer is geïnstalleerd, klikt u op deze optie. Adobe Acrobat Reader wordt automatisch op uw computer geïnstalleerd. Open vervolgens de gebruikershandleiding.
• Als uw apparaat niet in de lijst voorkomt, klikt u op Bijwerken om de lijst te vernieuwen of selecteert u TCP/IP-poort toevoegen om uw apparaat aan het netwerk toe te voegen. Als u het apparaat aan het netwerk wilt toevoegen, moet u de poortnaam en het IP-adres voor het apparaat invoeren. Om het IP-adres of het MAC-adres van uw apparaat te controleren, drukt u een netwerkconfiguratiepagina af. (Zie “Een configuratierapport van het apparaat afdrukken” op pagina 6. 1. )• Selecteer Gedeelde printer (UNC) om een gedeelde netwerkprinter (UNC-pad) te vinden en voer de gedeelde naam handmatig in of zoek een gedeelde printer door te klikken op de knop Bladeren. NBAls u niet zeker bent van het IP-adres neemt u contact op met uw netwerkbeheerder of drukt u de netwerkgegevens af. (Zie “Een configuratierapport van het apparaat afdrukken” op pagina 6. 1. ).
3.4 6Nadat de installatie is voltooid, verschijnt er een venster met de vraag of u een testpagina wilt afdrukken en of u zich wilt registreren als gebruiker van een Samsung-apparaat zodat Samsung u hierover informatie kan toesturen. Als u dit wilt, schakelt u het desbetreffende selectievakje in en klikt u op Voltooien.NBAls uw apparaat niet naar behoren werkt na de installatie, installeert u het printerstuurprogramma best opnieuw. Raadpleeg Software.Hoogte-instellingDe afdrukkwaliteit wordt beïnvloed door de atmosferische druk die afhankelijk is van de hoogte boven de zeespiegel waarop de printer zich bevindt. De volgende informatie helpt u om de beste afdrukkwaliteit van uw printer in te stellen. Zoek uit op welke hoogte u uw apparaat gebruikt voor u de hoogtewaarde instelt.
1 Controleer of u het printerstuurprogramma hebt geïnstalleerd vanaf de meegeleverde cd-rom met printersoftware.2Dubbelklik op het pictogram Smart Panel op de taakbalk van Windows (of het systeemvak in Linux). U kunt ook klikken op Smart Panel op de statusbalk in Mac OS X.3Klik op Printerinstelling.4Klik op Instelling > Luchtdrukaanpassing. Selecteer de geschikte waarde uit de vervolgkeuzelijst en klik vervolgens op Toepassen. NBAls uw apparaat op een netwerk is aangesloten, verschijnt automatisch het scherm SyncThru Web Service. Klik op Apparaatinstellingen > Instelling (of Apparaatinstelling) > Luchtdrukcorr.. Selecteer de juiste hoogte en klik vervolgens op Toepassen.0Hoogte 3Hoogte 23Hoogte 1Normaal4Waarde12
4. 1 4Afdrukmedia selecteren en plaatsenDit hoofdstuk legt uit hoe u afdrukmedia voor uw apparaat moet selecteren en plaatsen. In dit hoofdstuk treft u de volgende onderwerpen aan:• Afdrukmateriaal selecteren• De uitvoerlocatie controleren• Papier plaatsen• Afdrukken op speciale afdrukmaterialen• Papierformaat en papiertype instellenAfdrukmateriaal selecterenU kunt afdrukken op verschillende afdrukmaterialen, waaronder normaal papier, enveloppen en etiketten. Gebruik alleen afdrukmaterialen die geschikt zijn voor het apparaat. Als u afdrukmaterialen gebruikt die niet aan de specificaties in deze handleiding voldoen, kan dit de volgende problemen veroorzaken:• slechte afdrukkwaliteit;• vastlopen van het papier;• versnelde slijtage van het apparaat.
De eigenschappen van het papier, zoals gewicht, samenstelling, vezel- en vochtgehalte, zijn van grote invloed op de prestaties van het apparaat en op de afdrukkwaliteit. Houd bij de keuze van afdrukmedia rekening met het volgende:• Het type, formaat en gewicht van afdrukmedia voor uw toestel worden verderop in deze sectie besproken. • Gewenst resultaat: het afdrukmateriaal dat u kiest, moet geschikt zijn voor uw project. • Helderheid: sommige afdrukmaterialen zijn witter dan andere en leveren scherpere en levendigere afbeeldingen op. • Gladheid van het oppervlak: de gladheid van het afdrukmateriaal bepaalt hoe scherp de afdrukken eruit zien op papier. Opgepast Het gebruik van afdrukmaterialen die niet aan deze specificaties voldoen, kan problemen veroorzaken die reparaties vereisen. Zulke reparaties vallen niet onder de garantie of onderhouds-contracten van Samsung.
NB• Het is mogelijk dat bepaalde afdrukmaterialen, hoewel ze voldoen aan alle hier genoemde specificaties, toch geen bevredigende resultaten opleveren. Dit kan het gevolg zijn van onjuiste bediening, een ongeoorloofd temperatuur- en vochtigheidsniveau, of andere variabele omstandigheden waarover Samsung geen controle heeft.
• Controleer, voordat u grote hoeveelheden afdrukmaterialen koopt, of het materiaal voldoet aan de vereisten in deze handleiding. Richtlijnen voor het kiezen en bewaren van afdrukmaterialenHoud de volgende richtlijnen in acht bij de keuze van papier, enveloppen of andere afdrukmaterialen:• Gebruik alleen afdrukmaterialen die beantwoorden aan de specificaties op pagina. 4. 2• Als u probeert af te drukken op vochtig, gekruld, verkreukeld of gescheurd papier, kan dit papierstoringen en een slechte afdrukkwaliteit tot gevolg hebben. • Voor een optimale afdrukkwaliteit, gebruikt u bij voorkeur hoogwaardig kopieerpapier speciaal voor laserapparaten. • Vermijd de volgende afdrukmaterialen:- papier met reliëf, perforaties of een oppervlak dat te ruw of te glad is- wisbaar bankpostpapier- kettingpapier- synthetisch papier en warmtegevoelig papier- zelfdoorschrijvend en calqueerpapier.
Deze papiersoorten kunnen aanleiding geven tot papierstoringen, chemische dampen en schade aan het apparaat. • Laat afdrukmaterialen in hun verpakking tot u ze gebruikt. Plaats de kartonnen dozen op pallets of in rekken, niet op de grond. Plaats geen zware voorwerpen bovenop het papier, ongeacht of het verpakt is of niet. Vermijd vocht of andere omstandigheden waardoor het papier kan gaan krullen of kreuken. • Bewaar niet gebruikt afdrukmateriaal bij temperaturen tussen 15 °C en 30 °C. De relatieve luchtvochtigheid moet tussen 10% en 70% liggen. • Bewaar onbedrukte afdrukmaterialen in een vochtbestendige verpakking, zoals een plastic doos of zak, om te vermijden dat het papier door vocht en stof wordt aangetast. • Plaats speciale afdrukmaterialen een voor een in de multifunctionele lade om papierstoringen te vermijden.
4. 3 Richtlijnen voor speciale afdrukmaterialenSoort materiaal RichtlijnenEnveloppen • Of enveloppen naar behoren worden bedrukt, is afhankelijk van de kwaliteit van de enveloppen. Houd bij de keuze van enveloppen rekening met de volgende factoren:- Gewicht: Het gewicht van het enveloppenpapier mag niet meer dan 90 g/m2 bedragen, anders kan een papierstoring optreden. - Ontwerp: Voor het afdrukken mogen enveloppen geen lucht bevatten en niet meer dan 6 mm uitsteken. - Voorwaarde: De enveloppen mogen niet verkreukt, gescheurd of anderszins beschadigd zijn. - Temperatuur: U moet enveloppen gebruiken die bestand zijn tegen de hitte en druk die in het apparaat ontstaat tijdens het afdrukproces. • Gebruik alleen goed gevormde enveloppen met scherpe vouwen. • Gebruik geen afgestempelde enveloppen.
• Gebruik geen enveloppen met sluithaakjes, knipsluitingen, vensters, gecoate binnenbekleding, zelfklevende sluiting of andere synthetische materialen. • Gebruik geen enveloppen van slechte kwaliteit of beschadigde exemplaren. • Controleer of de naad aan beide uiteinden van de envelop helemaal doorloopt tot in de hoek. AanvaardbaarOnaanvaardbaar• Enveloppen met een verwijderbare strip of met meer dan één zelfklevende vouwbare klep moeten van een kleefmiddel zijn voorzien dat compatibel is met de smelttemperatuur van het apparaat (°C per 0,1 seconde). Controleer de specificaties van uw apparaat om de smelttemperatuur te kennen, zie pagina 10. 1. De extra kleppen en strips kunnen kreuken, scheuren en papierstoringen veroorzaken, en kunnen zelfs de fixeereenheid beschadigen. • Voor de beste afdrukkwaliteit plaatst u de marges niet dichter dan 15 mm van de rand van de enveloppe.
• Bij de keuze van etiketten dient u rekening te houden met de volgende factoren:- Kleefstoffen: Het kleefmiddel moet stabiel zijn bij de smelttemperatuur van het apparaat. Controleer de specificaties van uw apparaat om de smelttemperatuur te kennen, zie pagina. 10. 1- Schikking: Gebruik uitsluitend etiketten zonder ruimte ertussen. Etiketten kunnen loskomen van de vellen, waarbij de ruimte tussen de etiketten ernstige papierstoringen kan veroorzaken. - Krullen: Voor het afdrukken moeten de etiketten plat liggen en mogen ze niet meer dan 13 mm naar boven krullen. - Voorwaarde: Gebruik geen etiketten met kreuken, blazen of loszittende etiketten. • Let op dat er tussen de etiketten geen zelfklevend materiaal blootligt. Blootliggende delen kunnen ertoe leiden dat etiketten tijdens het afdrukken loskomen, waardoor het papier kan vastlopen.
Ook kunnen hierdoor onderdelen van het apparaat beschadigd raken. • Plaats geen gebruikte etikettenvellen in het apparaat. De klevende voering mag slechts een keer door het apparaat worden gevoerd. • Gebruik geen etiketten die loskomen van de achterzijde, blaasjes vertonen of gekreukt of anderszins beschadigd zijn. Kaarten of materiaal van afwijkende grootte• Druk niet af op materialen die minder breed dan 98 mm of langer dan 148 mm zijn. • Stel de marges in de softwaretoepassing in op minstens 6,4 mm van de rand van het materiaal. Voorbedrukt papier• Het briefhoofd moet gedrukt zijn met inkt die niet smelt, verdampt of schadelijke gassen vrijgeeft wanneer het 0,1 seconde lang blootgesteld wordt aan de smelttemperatuur van de printer. Controleer de specificaties van uw apparaat om de smelttemperatuur te kennen, zie pagina. 10.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Samsung CLP-350 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Printer Samsung
Handleiding Printer
Nieuwste handleidingen voor Printer