Rosieres RHD 10 IN Handleiding

Rosieres Afzuigkap RHD 10 IN

Bekijk gratis de handleiding van Rosieres RHD 10 IN (20 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Rosieres RHD 10 IN of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/20
INSTRUCTIONS FOR INSTALLATION AND USE
MONTAGE- UND GEBRAUCHSANWEISUNG
INSTRUCTIONS POUR L'INSTALLATION ET L’UTILISATION
ISTRUZIONI PER L'INSTALLAZIONE E L’USO
INSTRUCCIONES PARA INSTALACIÓN Y USO
INSTRUÇÕES DE INSTALAÇÃO Y UTILIZAÇÃO
AANWIJZING VOOR GEBRUIK EN INSTALLATIE

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Rosieres
Categorie: Afzuigkap
Model: RHD 10 IN

Handleiding Rosieres RHD 10 IN – volledige tekst

1) worden de door het apparaat geleide lucht en dampen gezuiverd door koolstoffilters en via de luchtroosters aande zijkant van de schoorsteen weer in het vertrek geleid. LET OP: Bij het gebruik in de filterversie dienen er koolstoffiltersen een luchtgeleideplaat gebruikt te worden, die in het bovenste gedeelte van de pijp geplaatst moet worden, zodat de luchtweer in het vertrek kan stromen (Fig. 1A). In de (Fig. 2) worden de kookluchtjes en –dampen via eenafzuigversie afvoerleiding door de muur/het plafond rechtstreeks naar buiten geleid. Het gebruik van koolstoffilters is in dat geval dusniet meer nodig. In de versie met een externe motor (Fig. 3) dient er een afzonderlijk werkende afzuigregeleenheid ophet apparaat aangesloten te worden, waarbij het apparaat als verbindingsbasis van de af te voeren lucht gebruikt wordt.

INSTALLATIEAlvorens het apparaat te monteren moet u het (de) antivetfilter(s) verwijderen zodat u het apparaat makkelijker kunthanteren: duw ter hoogte van de handgreep de pal naar binnen en trek het filter naar beneden (Fig. 4). Bevestiging aan de muur (Fig. 5): Maak gebruik van de speciale boormal en boor de gaten die op de boormalaangegeven zijn in de muur. Zoals reeds vermeld in het hoofdstuk “Gebruiksaanwijzing” moet u er rekening mee houdendat de afstand tussen de onderste rand van de afzuigkap en de kookplaat minimaal 650 mm moet bedragen. Maak demetalen beugel (B) met de schroeven en de pluggen aan de muur vast (de beugel, de schroeven en de pluggen wordenbij het apparaat geleverd). Gebruik de beide driehoekjes die uitgesneden zijn in de beugel om de beugel exact langs deverticale aslijn van de afzuigkap te plaatsen. Haak de afzuigkap daarna aan de beugel.

Stel de horizontale positie af doorde afzuigkap naar rechts of naar links te verplaatsen zodat de afzuigkap precies op één lijn met de keukenkasten komtte zitten. Mocht het noodzakelijk zijn om de afzuigkap ook in de hoogte af te stellen moet u aan de speciale stelschroeven(V) draaien (meegeleverd). Nadat u de afzuigkap afgesteld heeft moet u de afzuigkap definitief met 2 andere schroeven(M) bevestigen: teken de 2 gaten die geboord moeten worden af, haak de afzuigkap los en boor de afgetekende gaten(diameter 8 mm) in de muur; maak vervolgens gebruik van de meegeleverde pluggen en schroeven om de afzuigkapdefinitief te bevestigen. Bevestiging met een achterplaat (Fig. 6): De achterplaat moet aan de bovenkant van de kookplaat aan de muurbevestigd worden.

De bevestiging van het apparaat aan de achterplaat vindt op dezelfdemanier plaats als de bevestiging aan de muur, door gebruik te maken van de meegeleverde metalen beugel (B) en deschroeven en de pluggen die bij de plaat geleverd worden. Monteer de plaat van de elektrische installatie door hem vast te zetten met 3 schroeven en 2 metalen schijfjes (Fig. 7). Bevestiging van de telescopische pijpen:Essentiële eisen voor de montage: – Breng de elektrische aansluiting zodanig tot stand dat e. e. a. binnen de decorpijpweggewerkt wordt; – Als uw apparaat in de afzuigversie of in de versie met een externe motor geïnstalleerd moet wordendan moet er een luchtafvoergat gemaakt worden.

Om zowel in de afzuigversie als in de versie met een externe motor optimale omstandigheden te creëren, dient er eenluchtafvoerpijp gebruikt te worden die de volgende eigenschappen heeft: minimum benodigde lengte, zo min mogelijkbochten (maximaal toegestane hoek van de bochten: 90°), het materiaal moet goedgekeurd zijn volgens de voorschriften(afhankelijk van het land), zo glad mogelijke binnenzijde. Er wordt bovendien geadviseerd om drastische veranderingenvan de doorsnede van de pijp (diameter: 150 mm) te vermijden. Stel de lengte van de steunbeugel (W) van de telescopische pijp door middel van de op fig. 8 afgebeelde schroeven A af. Maak de beugel vervolgens met de meegeleverde pluggen en schroeven aan het plafond vast en zorg er daarbij voor datde beugel op één lijn met de aslijn van uw afzuigkap komt te zitten.

Bij de filterversie moeten de luchtafvoerroosters aande bovenkant komen te zitten (Fig. 9). Bij de afzuigversie moet de bovenste pijp ondersteboven geplaatst worden zodatde luchtafvoerroosters aan de onderkant komen te zitten (Fig. 10). Afzuigversie en versie met een externe motor: Sluit de flens van de afzuigkap door middel van een flexibele pijp aan ophet afvoergat in de muur/het plafond. Alleen bij de versie met een externe motor (Fig.

11): breng de elektrische aansluitingvan de afzuigkap op de externe regeleenheid tot stand en maak daarbij gebruik van de speciale klemmenblokken: verwijderkabelklem A en kap B van de aansluitkast; sluit de verbindingskabel van de regeleenheid aan op het klemmenblok C; brengkabelklem A en kap B van de aansluitkast weer aan; het andere uiteinde van de kabel moet op het klemmenblok van deexterne regeleenheid aangesloten worden.

Breng de elektrische aansluiting van de afzuigkap door middel van de voedingskabel tot stand. Doe de telescopische pijpenerin en laat ze op de afzuigkap steunen; doe de bovenste pijp tot aan het plafond omhoog en maak hem met de beideschroeven (G) – Fig. 12 vast. Filterversie: Maak de geleideplaat met de 4 speciale schroeven (meegeleverd) aan de bovenste pijp vast – Fig. 13; sluiteen flexibele pijp met een diameter van 125 mm op de geleideplaat aan. Monteer het verloopstuk (meegeleverd) ter hoogtevan het luchtuitlaatpunt op de afzuigkap (Fig. 14). Neem de beide telescopische pijpen die in elkaar gezet zijn en laat zeop de afzuigkap steunen; doe de bovenste pijp tot aan het plafond omhoog en maak hem met de beide schroeven (G) –Fig. 12 vast. Doe de onderste pijp omhoog en houd hem met tape op zijn plaats en sluit de flexibele pijp aan op hetverloopstuk vna de afzuigkap.

Breng de elektrische aansluiting van de afzuigkap door middel van de voedingskabel totstand. Laat de onderste pijp zakken zodat hij op de afzuigkap steunt. Installeer de koolstoffilters en doe daarbij de beidelipjes van het filter op de daarvoor bestemde plaats (Fig. 15) en draai het filter naar boven. WERKINGAfhankelijk van de versies is het apparaat uitgerust met de volgende bedieningselementen:Bedieningselementen van Fig. 16: Toets A = lampjes aan/uit. Toets B = TIMER inschakelen/uitschakelen: door 1 keerop deze toets te drukken wordt de timer ingeschakeld, zodat na 5 minuten de motor stopt (tegelijkertijd zal op het displayhet nummer van de gekozen snelheid knipperen); de timer blijft werken als de snelheid van de motor veranderd word.

Door de toets nogmaals in te drukken, worden de motor-snelheden gekozen van 1 tot en met 4 in opeenvolgende orde. Houdt u de toets circa 2 seconden dan zal de motor stoppen. Toets R = reset van de antivetfilters en koolstoffilters. Als het filteralarm verschijnt (d. w. z. als het middelste gedeelte vanhet display gaat branden) dan moeten de antivetfilters gereinigd worden (er zijn 30 werkingsuren verstreken). Als hetmiddelste gedeelte daarentegen knippert dan moeten de antivetfilters gereinigd worden en de koolstoffilters vervangenworden (er zijn 120 werkingsuren verstreken). Is uw afzuigkap niet in de filterversie en zijn de koolstoffilters niet aanwezigdan hoeft u uiteraard alleen de antivetfilters te reinigen, dit geldt zowel als het middelste gedeelte brandt danwel als hetmiddelste gedeelte knippert.

Het filteralarm verschijnt wanneer de motor uitgeschakeld is en is ongeveer 30 secondenzichtbaar. Om opnieuw te beginnen moet u de toets 2 seconden gedurende het zichtbaar zijn van het alarm. Bedieningselementen van Fig. 17: Toets A: verlichtingsschakelaar. Toets B: aan/uitschakelaar van de motor: eerstesnelheid. Toets C: 2de snelheidsschakekaar. Toets D: 3de snelheidsschakelaar. E: controlelampje dat aangeeft dat demotor in werking is. Bedieningselementen van Fig. 18: Toets A: schakelt de verlichting in/uit; om de 30 bedrijfsuren gaat het corresponderendelampje (S) branden om aan te geven dat de antivetfilters moeten worden schoongemaakt; om de 120 bedrijfsuren gaathet corresponderende lampje (S) branden om aan te geven dat de antivetfilters moeten worden schoongemaakt en hetkoolstoffilter moet worden vervangen.

Om de telling van de uren weer te laten starten (RESET), moet de toets A ongeveer1” ingedrukt gehouden worden (terwijl het lampje S in werking is). Toets B: schakelt de motor in op de 1e snelheid (hetcorresponderende lampje gaat branden); als hij ongeveer 1” ingedrukt gehouden wordt, gaat de motor uit.

Toets C:schakelt de motor in op de 2e snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door nogmaals op de toets te drukken(terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderende lampje knippert). Toets D: schakelt de motor in op de 3e snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door de toets nogmaals inte drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderendelampje knippert). Toets E: schakelt de motor in op de 4e snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door detoets nogmaals in te drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (hetcorresponderende lampje knippert).

Er dient met name zorg besteed te worden aan de antivetfilters: als het door u aangeschafte model uitgerust is met deop Figuur 16: de antivetfilters moeten na elke circa 30 werkingsuren schoongemaakt worden (als het middelste gedeelteop het display gaat branden of gaat knipperen). Om de filters te verwijderen: duw ter hoogte van de handgreep de pal naarbinnen en trek het filter naar beneden. Reinig de filters met een neutraal afwasmiddel met de hand of in de vaatwasmachine. Zodra de schone filters weer gemonteerd zijn moet u toets R (Reset) 2 seconden lang ingedrukt houden zodat de tellingweer overnieuw kan beginnen. Voor nadere informatie zie Bedieningselementen van Fig. 16 onder de paragraaf “Werking”.

Als het door u aangeschafte model uitgerust is met de op Figuur 17: het antivetfilter moet van tijd tot tijd vervangen wordenin verhouding tot de mate waarin het apparaat gebruikt wordt (minimaal één keer in de twee maanden). Om het filter teverwijderen: druk ter hoogte van de handgreep de pal naar binnen en trek het filter naar beneden. Reinig de filters met eenneutraal afwasmiddel met de hand of in de vaatwasmachine.

Als het door u aangeschafte model uitgerust is met de opFiguur 18: de antivetfilters moeten na elke circa 30 werkingsuren schoongemaakt worden (als het lampje van deverlichtingtoets gaat branden - Fig. 18S). Om de filters te verwijderen: duw ter hoogte van de handgreep de pal naar binnenen trek het filter naar beneden. Reinig de filters met een neutraal afwasmiddel met de hand of in de vaatwasmachine. Alsde schone filters zijn teruggeplaatst, moet de verlichtingtoets ongeveer 1” ingedrukt worden om de telling opnieuw te latenstarten (Fig. 18A), terwijl het corresponderende lampje (S) brandt. Voor nadere informatie zie Bedieningselementen vanFig. 18 onder de paragraaf “Werking”. Vervanging van de koolstoffilters: Indien u het apparaat in de filterversie gebruikt moeten de koolstoffilters vervangenworden: om de filters te verwijderen moet u de pal naar binnen duwen (Fig.

bedieningselementen dan moet u de koolstoffilters vervangen telkens als het middelste gedeelte op het display knippert(d.w.z. na elke 120 werkingsuren). Als het door u aangeschafte model uitgerust is met de op figuur 17 afgebeeldebedieningselementen dan moet u de koolstoffilters vervangen in verhouding tot de mate waarin het apparaat gebruiktwordt, gemiddeld één keer in de 6 maanden. Als het door u aangeschafte model uitgerust is met de op figuur 18 afgebeeldebedieningen, moeten de koolstoffilters telkens worden vervangen wanneer het lampje van de verlichtingstoets (Fig. 18S)knippert (d.w.z. na elke 120 werkingsuren).Verlichting: voor vervanging van de halogeen lampen de deksel openen door het op te lichten in de daarvoor bestemdeopening (Fig. 19). Vervangen met lampen van hetzelfde type.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Rosieres RHD 10 IN stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden