Precor AMT 835 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Precor AMT 835 (116 pagina’s), behorend tot de categorie Fitness. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Precor AMT 835 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Precor |
| Categorie: | Fitness |
| Model: | AMT 835 |
Handleiding Precor AMT 835 – volledige tekst
Editie-informatie BEDIENING EN ONDERHOUD VAN DE P30-CONSOLE O/N 301096-571 rev A Copyright © May 2011 Precor Incorporated. Alle rechten voorbehouden. Specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Opmerking met betrekking tot het handelsmerk Precor, AMT en EFX zijn geregistreerde handelsmerken en Preva is een handelsmerk van Precor Incorporated. Andere in dit document gebruikte namen kunnen de handelsmerken of geregistreerde handelsmerken zijn van hun respectieve eigenaars.
Opmerking met betrekking tot intellectueel eigendom Alle rechten, eigendomsrechten en belangen in en voor de software van Preva Business Suite, de begeleidende gedrukte materialen, alle kopieën van deze software en alle gegevens die via de Preva Business Suite zijn verzameld, zijn exclusief eigendom van Precor of diens betreffende leveranciers. Precor staat alom bekend om zijn innovatieve, bekroonde ontwerpen van fitnessapparatuur. Precor streeft er op agressieve wijze naar om voor zowel de mechanische constructie als de uiterlijke aspecten van zijn productontwerpen Amerikaanse patenten en buitenlandse patenten te verkrijgen. Partijen die overwegen de productontwerpen van Precor te gebruiken, worden daarom bij voorbaat gewaarschuwd dat Precor inbreuk op de eigendomsrechten van Precor als een zeer ernstige zaak beschouwt.
Belangrijke veiligheidsinstructies Dit apparaat (hierna de console genoemd) is bedoeld om bij nieuwe Precor-trainingsapparaten (hierna het basisapparaat genoemd) te worden meegeleverd. Het is niet verpakt voor individuele verkoop. WAARSCHUWING Om letsel te vermijden, moet u de console veilig aan het basisapparaat bevestigen waarbij u alle instructies voor montage en installatie volgt die bij het basisapparaat zijn geleverd. De console is bedoeld om UITSLUITEND met de geleverde voeding op de AC-lichtnet te worden aangesloten. U mag het apparaat alleen inschakelen wanneer het is geïnstalleerd zoals beschreven in de instructies voor montage en installatie die bij het basisapparaat zijn geleverd. De console is uitsluitend bedoeld voor gebruik met Precor-fitnessapparatuur, niet als afzonderlijk apparaat.
6 Bediening en onderhoud van de P30-console Volg bij het gebruik van deze apparatuur altijd de basisveiligheidsvoorschriften om de kans op letsel, brand of schade te beperken. Andere hoofdstukken in deze handleiding bevatten meer details over veiligheidsfuncties. Lees deze hoofdstukken door en houd u aan alle veiligheidsvoorschriften. Deze voorzorgsmaatregelen zijn onder andere: Lees alle instructies in deze gids voor u de apparatuur installeert en ermee gaat werken en volg alle labels op de apparatuur op. Zorg ervoor dat alle gebruikers een volledig lichamelijk onderzoek krijgen bij een arts voordat ze beginnen met een fitnessprogramma. Houd kinderen of personen die niet bekend zijn met de werking van dit apparaat uit de buurt. Laat zonder toezicht geen kinderen in de buurt komen van het apparaat.
Zorg ervoor dat alle gebruikers de juiste sportkleding en -schoenen dragen voor hun workout. Losvallende kleding moet worden vermeden. Gebruikers mogen geen schoenen met hakken of leren zolen dragen en moeten vuil en steentjes verwijderen van hun schoenzolen. Lang haar moet vastgezet worden aan de achterzijde van het hoofd. Laat het apparaat nooit onbeheerd achter als dit is aangesloten op het elektriciteitsnet. Koppel het apparaat los van de voedingsbron als het niet in gebruik is, voordat het wordt gereinigd en voordat onderhoud wordt verricht. Opmerking: De optionele voedingsadapter wordt beschouwd als een voedingsbron voor zelfaangedreven apparaten. Gebruik de voedingsadapter die met de apparatuur is meegeleverd. Steek de voedingsadapter in een geschikt geaard stopcontact zoals aangegeven staat op de apparatuur.
Gebruikers moeten voorzichtig zijn bij het beklimmen of verlaten van de apparatuur. Vóór het gebruik moeten de noodstopprocedures worden gelezen, begrepen en uitgeprobeerd. Houd de voedingskabel en optionele voedingsadapter en stekker uit de buurt van verwarmde oppervlakken.
Belangrijke veiligheidsinstructies 7 Controleer of de apparatuur voldoende ventilatie heeft. Zet niets op of over de apparatuur heen. Gebruik de apparatuur niet op een gepolsterd oppervlak dat de ventilatieopening zou kunnen blokkeren. Monteer en gebruik het apparaat op een stevige horizontale ondergrond. Geschikte locatie voor apparatuur Voor alle apparatuur behalve loopbanden: Zorg dat er aan alle kanten een afstand van minimaal 1 meter is tot wanden en meubilair, en een afstand van minimaal 1 meter tot objecten achter het apparaat. Voor loopbanden: Zorg dat er aan alle kanten van de loopband een afstand van minimaal 1 meter is tot wanden en meubilair, en een afstand van minimaal 2 meter tot objecten achter de loopband. Belangrijk: Deze afstanden moet ook worden aangehouden voor warmtebronnen zoals radiators, verwarmingsroosters en kachels. Vermijd temperatuuruitersten.
Houd het apparaat uit de buurt van water en vocht. Vermijd dat er vloeistof op het apparatuur valt of erin gemorst wordt om een elektrische schok of schade aan de elektronica te voorkomen. Gebruik elektrische apparatuur niet op een vochtige of natte locatie. Werk nooit met dit apparaat als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als het niet goed werkt, of als het apparaat gevallen is, beschadigd is of blootgesteld is geweest aan water. Raadpleeg onmiddellijk een servicemonteur als er sprake is van een van deze omstandigheden. Onderhoud het apparaat zodat het goed blijft werken, zoals beschreven staat in het hoofdstuk Onderhoud van de gids over montage en onderhoud. Controleer het apparaat op onjuiste, versleten of losse onderdelen; als u deze aantreft, moet u ze vervangen of aandraaien voor het gebruik.
Als u het apparaat wilt verplaatsen, roep dan hulp in en gebruik de juiste tiltechnieken. Raadpleeg het hoofdstuk ‘Het apparaat verplaatsen’ van de gids voor de montage en het onderhoud.
8 Bediening en onderhoud van de P30-console Gebruik het apparaat alleen voor het doel waarvoor het volgens deze handleiding is bestemd. Gebruik geen accessoirehulpstukken die niet door Precor worden aanbevolen. Dergelijke hulpstukken kunnen letsels veroorzaken. Neem het apparaat niet in gebruik op plaatsen waar spuitbussen worden gebruikt of zuurstof wordt toegediend. Gebruik het apparaat niet buitenshuis. Probeer zelf geen onderhoud aan het apparaat te verrichten, behalve de onderhoudsinstructies in deze handleiding. Plaats nooit voorwerpen in openingen van het apparaat. Houd uw handen uit de buurt van bewegende onderdelen. Leg geen objecten op de vaste handgrepen, op het stuur, de displayconsole of afdekkingen. Plaats drankjes, tijdschriften en boeken in de daartoe bestemde houders. Oefen nooit gewicht uit op de console en trek er nooit aan.
VOORZICHTIG: Verwijder de afdekking NIET, anders kunt u het risico lopen op letsel door een elektrische schok. Lees de gids voor montage en onderhoud voor u het apparaat gaat bedienen. Er zijn binnenin geen onderdelen waar u als gebruiker onderhoud aan kunt uitvoeren. Neem contact op met de klantenondersteuning als de apparatuur service nodig heeft. Voor gebruik bij eenfase AC-stroomvoorziening. Gevaarlijke materialen en de afvoer ervan De accu in zelfaangedreven apparatuur bevat materialen die als schadelijk voor het milieu beschouwd worden. Volgens de nationale wetgeving moeten deze accu’s op de juiste manier weggegooid worden. Als u zich van het apparaat wilt ontdoen, neem dan contact op met de klantenservice van Precor Commercial Products voor informatie over de wijze waarop u de accu kunt afvoeren. Raadpleeg Service krijgen.
Belangrijke veiligheidsinstructies 9 Product recycleren en afvoeren Dit apparaat moet worden gerecycleerd of afgevoerd overeenkomstig de toepasselijke lokale en nationale voorschriften. Overeenkomstig de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) geven productlabels aan onder welke voorwaarden apparaten in de gehele Europese Unie waar van toepassing moeten worden afgevoerd en gerecycleerd. Het AEEA-label geeft aan dat het product niet mag worden weggegooid, maar aan het einde van de levenscyclus conform deze richtlijn moet worden gerecycleerd. Overeenkomstig de Europese AEEA-richtlijn moet elektrische en elektronische apparatuur apart worden ingezameld en hergebruikt, gerecycleerd of herwonnen aan het einde van de levenscyclus.
Gebruikers van elektrische en elektronische apparatuur (EEA) met het AEEA-etiket volgens annex IV van de AEEA-richtlijn mogen de apparatuur niet aan het einde van de levenscyclus weggooien als huisafval, maar moeten deze inleveren bij een inzamelingspunt voor het retourneren, recycleren en herverwerken van AEEA. De deelname van klanten is belangrijk om potentiële effecten van EEA op het milieu en de volksgezondheid vanwege de mogelijke aanwezigheid van gevaarlijke stoffen in EEA tot een minimum te beperken. Voor een juiste inzameling en behandeling raadpleegt u Service krijgen.
12 Bediening en onderhoud van de P30-console Aanbevelingen voor elektriciteit: Loopbanden van 120 V en 240 V Opmerking: Dit is uitsluitend bedoeld als aanbeveling. U moet de NEC-richtlijnen (National Electric Code) of de normen voor elektriciteit van de plaatselijke regio volgen. Voor apparatuur die beschikt over een P80-console of Personal Viewing System (PVS) is een aparte stroomaansluiting nodig. In een 20 ampère vertakt circuit kunnen maximaal 10 schermen worden aangesloten. Als er aan het vertakt circuit andere apparaten zijn gekoppeld, moet het aantal schermen worden verminderd met het wattverbruik van de andere apparaten. Belangrijk: Een afzonderlijk vertakt circuit biedt een warme geleider en neutrale geleider op een contactdoos. De geleiders mogen niet gelust, in serie geschakeld of verbonden zijn met andere geleiders.
Het circuit moet geaard worden volgens de NEC-richtlijnen of de normen voor elektriciteit van de plaatselijke regio. Afbeelding 1: Stekker van 120 V, 20 A Afbeelding 2: Stekker van 240 V, 20 A
Belangrijke veiligheidsinstructies 13 Aanbevelingen voor elektriciteit: Alle apparatuur behalve loopbanden Opmerking: Dit is uitsluitend bedoeld als aanbeveling. U moet de NEC-richtlijnen (National Electric Code) of de normen voor elektriciteit van de plaatselijke regio volgen. Voor apparatuur die beschikt over een P80-console of Personal Viewing System (PVS) is een aparte stroomaansluiting nodig. In een 20 ampère vertakt circuit kunnen maximaal 10 schermen worden aangesloten. Als er aan het vertakt circuit andere apparaten zijn gekoppeld, moet het aantal schermen worden verminderd met het wattverbruik van de andere apparaten. Opmerking: De standaard splittervoedingskabels met IEC-320 C13- en C14-stekkers hebben een aanbevolen maximale capaciteit van vijf schermen.
43 Een vooraf geprogrammeerde training starten. 44 Instellingsopties. 44 Een trainingssessie onderbreken en hervatten. 46 Een sessie beëindigen. 46 Programma’s. 48 Onderhoud. 53 De console en het display reinigen. 53.
Hoofdstuk 1 Aan de slag De P30-console biedt beheerders de mogelijkheid om standaardwaarden in te stellen die aan hun specifieke behoeften voldoen. Deze instellingen zijn onder andere taal, meeteenheid en een maximale trainingsduur voor elk apparaat. De console voor zelfaangedreven apparaten activeren Precor-apparatuur is zelfaangedreven of wordt extern gevoed met een optionele voedingsadapter. Bij zelfaangedreven apparatuur moet de gebruiker trainen om de console te initialiseren. In dit hoofdstuk vindt u meer informatie over de stroomvoorziening van de apparatuur.
18 Bediening en onderhoud van de P30-console De console voor zelfaangedreven apparaten activeren Wanneer een gebruiker op zelfaangedreven apparatuur begint te trainen, initialiseert de console en verschijnt het welkomstscherm. U moet een minimale bewegingssnelheid aanhouden opdat het welkomstscherm verschijnt. De woorden PEDAL FASTER (SNELLER TRAPPEN of een soortgelijk bericht, afhankelijk van het type apparaat) verschijnen op het display wanneer de bewegingssnelheid lager wordt dan het vereiste minimum. Het apparaat spaart accustroom door over te gaan op een uitschakelmodus. Als de gebruiker geen minimale bewegingssnelheid aanhoudt, wordt een uitschakelprocedure gestart die 30 seconden duurt. In deze modus geeft de console een indicator voor het aftelproces weer en negeert deze elke toetscombinatie.
Als er geen beweging wordt gedetecteerd of de bewegingssnelheid onder het minimum blijft, verandert de indicator naarmate het aftellen voortgaat. Opmerking: De gebruiker kan de training hervatten voordat de aftelling is voltooid en het programma zal verdergaan vanaf moment waarop het werd onderbroken. Optioneel gebruik van de voedingsadapter Een optionele AC-voedingsadapter biedt het apparaat voldoende voeding. Met deze adapter kunt u instellingen wijzigen zonder dat u op het apparaat moet trainen. Als u de voedingsadapter wilt kopen, neemt u contact op met uw dealer. Bij de optionele voedingsadapter dient u ook de interne kabelset aan te schaffen. De set bevat de kabel, beugel en bevestigingen waarmee de voedingsadapter wordt aangesloten op het onderste elektronicabord. VOORZICHTIG: De interne kabelset moet worden geplaatst door erkend onderhoudspersoneel.
Aan de slag 19 Nadat de interne kabelset is geplaatst, kunt u de optionele voedingsadapter op het apparaat aansluiten. Steek de stekker in een geschikte voedingsbron voor uw apparatuur (120 V of 240 V). Lees voordat u de voedingsbron gebruikt eerst de veiligheidsinstructies aan het begin van deze handleiding. VOORZICHTIG: Als u gebruikmaakt van de optionele voedingsadapter, let er dan op dat de voedingskabel geen problemen voor de veiligheid veroorzaakt. Houd de voedingskabel uit de buurt van doorgangspaden en bewegende onderdelen. Indien de voedingskabel of de stroomomzettingsmodule is beschadigd, moet deze worden vervangen. De bedieningsconsole functioneert anders als er een voedingsadapter aan gekoppeld is. Doordat de voedingsadapter de eenheid onafgebroken van voeding voorziet, kan de gebruiker een korte pauze inlassen zonder dat de uitschakelprocedure in gang wordt gezet.
Als de tijdslimiet van de pauze verloopt en de gebruiker de training niet hervat heeft, gaat de console terug naar het welkomstscherm. De standaard pauzeduur is voor alle fitnessapparaten 30 seconden. Raadpleeg de handleiding van uw bedieningsconsole voor instructies over het instellen of wijzigen van de tijdslimiet voor de pauze.
20 Bediening en onderhoud van de P30-console Onderdelen van de console identificeren In de volgende afbeelding vindt u meer informatie over de consoletoetsen. Het aantal en de acties van de consoletoetsen kunnen licht afwijken, afhankelijk van het type apparaat. Afbeelding 4: P30-consoletoetsen Tabel 1. Onderdelen van de console Nummer Naam onderdeel Details Gemiddelde snelheid Snelheid Afstand Gebruik de pijlen ▲ of ▼ � om te bepalen welk onderdeel u wilt weergeven Calorieën Hiermee geeft u het aantal verbrande calorieën weer Hartslag Hiermee geeft u uw hartslag weer Verstreken tijd Resterende tijd Gebruik de pijlen ▲ of ▼ � om te bepalen hoe de tijd wordt weergegeven Bovenste display Schuift door de informatie om de gebruiker te begeleiden
Aan de slag 21 Nummer Naam onderdeel Details • Spiermonitor - EFX • Paslengte - AMT • Snelheid per minuut - climber • - fiets, loopfiets • De spiermonitor geeft de spieren weer die u gebruikt om die training uit te voeren • Paslengte beschrijft de lengte van uw stappen tijdens een training • Snelheid per minuut geeft het aantal meter, feet of stappen weer dat een gebruiker tijdens een training heeft gepresteerd Lager display Geeft grafische informatie over uw trainingsvoortgang weer Trainingen • Handmatig: Beschikbaar op alle apparaten • Hartslag: Beschikbaar op alle apparaten • Interval: Beschikbaar op alle apparaten • Gewichtsafname: Beschikbaar op alle apparaten, behalve AMT • Afwisseling: Beschikbaar op alle apparaten, behalve AMT • Prestatie: Beschikbaar op alle apparaten, behalve AMT • Vet verbranden: alleen AMT Quick Start Hiermee kunt u uw training starten
22 Bediening en onderhoud van de P30-console Nummer Naam onderdeel Details Opties - alle apparaten, behalve AMT • Hiermee voert u Doelen, Taal, Gewicht, Leeftijd en Doelhartslag in, Meer opties • Druk op Meer metingen als u meer metrische informatie wilt weergeven voor alle apparaten, behalve de AMT Metingen: • Percentage voltooid • Tijd in zonde • Resterende segmenttijd • Gemiddelde snelheid • Snelheid - alleen loopbanden • Calorieën per minuut • Calorieën per uur • WATT • METS • Streef-HS • Gemiddelde HS • Hoogte - alleen loopbanden en climber • Paslengte - alleen AMT • Alles tonen Toets Metingen - alleen AMT Hiermee kunt u op de AMT metrische informatie weergeven Terug Hiermee keert u terug naar het vorige scherm Pauze Hiermee kunt u het apparaat kort stoppen tijdens een training OK en Pijl-omhoog en Pijl-omlaag Hiermee kunt u door opties en instellingen navigeren Indicator voor snelheid en intensiteit AMT, fiets, loopband, EFX (enkel) en EFX (dubbel) Indicator voor helling en weerstand Loopband, EFX (dubbel) en climber
Hoofdstuk 2 De console instellen Gebruik de systeemmodus om de instellingen te configureren zodat uw gebruikers en uw fitnessclub er voordeel uit halen. Het menu Systeem is alleen zichtbaar voor beheerders en geregistreerde servicetechnici. De wijzigingen die u in deze instellingen aanbrengt, worden in het fitnessapparaat opgeslagen. De categorieën van de Systeeminstellingen zijn: Clubinstellingen Informatiedisplay Systeeminstellingen De functies van de Systeeminstellingen blijven allemaal verborgen voor de uitbaters van clubs en zijn alleen toegankelijk door middel van specifieke toetscombinaties. Als u de Systeeminstellingen wilt weergeven, moet het apparaat het Welkomstscherm weergeven. Als u het Welkomstscherm wilt weergeven, moet u het apparaat van stroom voorzien.
Gebruik voor zelfaangedreven apparatuur de optionele voedingsadapter; anders moet u de minimale bewegingssnelheid aanhouden. Raadpleeg voor meer informatie over zelfaangedreven apparatuur De console voor zelfaangedreven apparaten activeren. Het apparaat bevindt zich in het Welkomstscherm wanneer het is ingeschakeld, maar niet echt wordt gebruikt. Dit betekent dat er geen trainingssessie, gegevensinvoer of diagnostische bewerking wordt uitgevoerd.
26 Bediening en onderhoud van de P30-console Wanneer het apparaat zich in de startstatus bevindt: Schuift PRECOR voorbij in het onderste display. SELECTEER EEN TRAINING OF DRUK OP QUICKSTART OM TE BEGINNEN schuift in het bovenste display voorbij. Het hartslagsignaal is het enige segment dat is geactiveerd. Bij loopbanden beweegt de band niet en is de tilmotor uitgeschakeld. Opmerking: Bij zelfaangedreven apparaten wordt de batterij geïnitialiseerd wanneer u begint te trainen. U moet een minimale bewegingssnelheid aanhouden opdat het welkomstscherm verschijnt. De wijzigingen die u in de modus Systeeminstellingen aanbrengt, worden de standaardinstellingen wanneer het display teruggaat naar het Welkomstscherm. VOORZICHTIG: Als u de weergave van meeteenheden op de loopband wijzigt, controleer dan of de snelheidsinstelling correct is. De instellingen voor Clubparameters weergeven: 1.
Druk op het welkomstscherm op Pauze. 2. Druk achtereenvolgens op de volgende cijfertoetsen om het wachtwoord op te geven: 5 6 5 1 5 6 5 3. Druk op OK. Het scherm Clubparameters instellen verschijnt. Tabel 2. Navigatietoetsen voor de modus systeeminstellingen Toets Functie ▲ of ▼ Leidt u door het instellingenmenu en de selecties. OK Selecteer een menuselectie. Terug Hiermee gaat u terug naar het vorige menuniveau zonder de wijzigingen op te slaan. Pauze Hiermee verlaat u de modus Systeeminstellingen en keert u terug naar het Welkomstscherm.
De console instellen 27 Clubparameters instellen Gebruik deze informatie om het apparaat voor uw instelling aan te passen. Veiligheidscode (alleen loopbanden) Waardebereik: Ingeschakeld of uitgeschakeld (Standaard: uitgeschakeld) Het apparaat wordt verzonden met uitgeschakelde veiligheidscodebescherming. Als u de veiligheidscode inschakelt, moeten gebruikers een getal van vier cijfers invoeren voordat ze aan hun trainingssessie kunnen beginnen en de loopband kunnen starten. De code is 1 2 3 4. Taal kiezen (alle apparaten) Waardebereik: English, Deutsch, Espanol, Français, Nederlands, Portugues, Rucckijj en Italiano (Standaard: Engels) Selecteer de taal die u verkiest voor de displayconsole. Opmerking: Programmeringsprompts worden niet beïnvloed door de taalkeuze. Deze prompts blijven Engels.
Eenheden instellen (alle apparaten) Waardebereik: Amerikaans of metrisch (Standaard: Amerikaans) Het apparaat kan de meetwaarden weergeven volgens het metrische of Amerikaanse stelsel. Belangrijk: Als u de meeteenheden op een loopband wijzigt, controleer dan of de snelheidsinstelling correct is.
28 Bediening en onderhoud van de P30-console Max. trainingsduur instellen (alle apparaten) Waardebereik: 1 tot 240 minuten (Standaard: 60 minuten) U kunt een maximale trainingsduur per sessie instellen. Kies een tijdslimiet tussen 1 en 240 minuten of selecteer Geen limiet als u geen tijdslimiet wilt instellen. Als u bijvoorbeeld een limiet van 20 minuten instelt, kunnen gebruikers alleen een trainingsduur instellen tussen 1 en 20 minuten. Selecteer Geen limiet als u geen tijdslimiet wilt instellen. Opmerking: De militaire prestatieprogramma’s worden niet voltooid als de maximale trainingsduur korter is dan 40 minuten. Stel de maximale tijd in op ongeveer 40 minuten als u deze prestatieprogramma’s hebt ingeschakeld. Max.
pauzeduur instellen (alle apparaten) Waardebereik: 1 tot 120 seconden (Standaard: 120 seconden) Deze instelling beperkt de pauzeduur van het apparaat tijdens een training voordat het wordt gereset. Opmerking: De optionele voedingsadapter moet zijn aangesloten op zelfaangedreven apparaten om een definitieve pauzelimiet in te stellen. Indien de optionele voedingsadapter niet is aangesloten en de bewegingssnelheid onder het vereiste minimum ligt, begint het apparaat met de 30 seconden durende uitschakelprocedure, waardoor de pauzemodus wordt beëindigd. Max. cool-downduur instellen (alle apparaten) Waardebereik: 0 tot 5 minuten (Standaard: 5 minuten) Selecteer de maximale duur dat het apparaat in cool-downmodus zal blijven. De cool-downduur is de periode na afloop van een programma waarin de gebruiker met een lager ritme traint.
De console instellen 29 Een aangepaste training maken Waardebereik: AAN of UIT (Standaardwaarde: UIT) Maak een aangepast programma voor uw training. Opmerking: Deze optie is niet beschikbaar op alle apparaten. Een aangepast programma maken: 1. Bij de prompt AANGEPAST PROGRAMMA INSTELLEN drukt u op OK. Het programmaprofiel verschijnt in het display en het startpunt wordt aangegeven door een knipperende kolom. 2. Druk op de pijltoets omlaag op het navigatietoetsenblok om de kolom te selecteren die u wilt wijzigen. 3. Raadpleeg de volgende tabel als u de hoogte van de kolom wilt wijzigen. Tabel 3. Toetsen persoonlijk programma Apparaat Naam toets Beschrijving Loopband Helling Wijzigt de kolomhoogte en is van invloed op de helling van het persoonlijke programma. EFX (alleen 835) Helling Wijzigt de kolomhoogte en is van invloed op de hellingshoek van het persoonlijke programma.
Fiets Weerstand Wijzigt de kolomhoogte en is van invloed op de pedaalweerstand van het persoonlijke programma. Climber Weerstand Wijzigt de kolomhoogte en is van invloed op de stapweerstand van het persoonlijke programma. 4. Wanneer u de kolomhoogte hebt ingesteld, drukt u op de pijltoets omlaag op het navigatietoetsenblok om naar de volgende kolom te gaan. U kunt op de pijltoets omhoog drukken om naar vorige kolommen terug te keren.
30 Bediening en onderhoud van de P30-console 5. Pas het profiel voor elke kolom aan. Opmerking: Er zijn twee aangepaste programma’s beschikbaar op de loopband. Sommige Precor-producten beschikken over slechts één aangepast programma. Het display geeft aan welke u hebt geactiveerd. Als u een tweede aangepast programma wilt selecteren (alleen loopbanden), drukt u op de pijltoets omlaag op het navigatietoetsenblok voordat u in stap 6 op OK drukt. De standaardwaarde van Aangepast programma instellen 2 is Uitgeschakeld. 6. Wanneer u klaar bent met het aanpassen van uw programma, drukt u op OK om het programmaprofiel op te slaan en naar het welkomstscherm terug te keren. Druk op TERUG om deze instelling te verlaten zonder uw wijzigingen aan het aangepaste profiel te bewaren.
Snelheidslimiet instellen (alleen loopbanden) Waardebereik: Hoogste snelheidsbereik van het apparaat (Standaard: maximale snelheid) Deze instelling beperkt de snelheid van de loopband en daardoor ook het aantal snelheidsinstellingen die voor de gebruiker beschikbaar zijn. Gebruik deze instelling om de maximale snelheid in te stellen die een gebruiker kan invoeren wanneer deze het apparaat gebruikt. De snelheid wordt weergegeven in kilometers per uur (km/u) of mijlen per uur (mijl/uur), afhankelijk van welke meeteenheid (metrisch of Amerikaans) eerder is geselecteerd. De snelheid varieert van 0,5 tot 16 mph (0,8 tot 25,5 km/h). Hellingslimiet instellen (alleen loopbanden) Waardebereik: Bereik van hoogste graad van het apparaat (Standaard: maximale graad mogelijk) Stel het maximale percentage van helling in dat een gebruiker kan invoeren wanneer deze het apparaat gebruikt.
De console instellen 31 Verborgen programma’s (alleen loopbanden) Waardebereik: Programma’s weergeven of Programma’s verbergen (Standaard: Programma’s verbergen) Wanneer u Programma’s weergeven hebt ingesteld, zijn alle prestatieprogramma’s beschikbaar voor een gebruiker via de toets PRESTATIE. Deze programma’s zijn: Gerkin Fitness Test, USAF PRT, NAVY PRT, ARMY PFT, USMC PFT en Federal Law Enf. PEB. Als u PROGRAMMA’S VERBERGEN, hebt ingesteld en de gebruiker drukt op PRESTATIE, verschijnt het bericht TRAINING NIET BESCHIKBAAR in het bovenste display. Weerstandsbereik instellen (alleen fietsen) Waardebereik: Hoog, Gemiddeld of Laag (Standaard: Hoog) U kunt op de ligfietsen en zitfietsen een lage, gemiddelde of hoge basisweerstand instellen. Binnen elke instelling zijn 25 weerstandsniveaus beschikbaar, maar de basisinstelling geldt voor het weerstandsbereik als geheel.
De volgende bereiken zijn beschikbaar: Hoog: Geeft het volledige weerstandsbereik. Gemiddeld: Levert circa twee derde van de weerstand die binnen de groepsinstelling hoog beschikbaar is. Laag: Levert circa een derde van de weerstand die binnen de groepsinstelling hoog beschikbaar is. Auto. niveau crossramp instellen (alleen EFX Dual) Waardebereik: 0 tot 20 (Standaard: 10) Gebruik deze instelling om een specifieke hellingshoek te kiezen zodat de EFX automatisch terugkeert naar de helling op het einde van een trainingssessie.
32 Bediening en onderhoud van de P30-console De informatiedisplays weergeven De Informatiedisplay-instellingen zijn waarden die u informatie bieden over het apparaat. Deze instellingen bevatten de volgende informatie: een gebeurtenislog, serienummer van software en apparaat en gebruiksinformatie. De Systeeminstellingen weergeven: 1. Druk op het welkomstscherm op Pauze. 2. Druk achtereenvolgens op de volgende cijfertoetsen om het wachtwoord op te geven: 6 5 3. Druk op Enter. Gebruik de volgende tabel om aangepaste waarden voor Informatiedisplay in te stellen. Tabel 4. Waarden voor Informatiedisplays Product Waarde Aangeboden informatie Alle ODOMETER (PASSENTELLER) De waarde van de passenteller stemt overeen met het type apparaat en de meeteenheid (Amerikaans of metrisch) die in de clubprogramma’s zijn geselecteerd.
• Loopband: De loopband toont het totale aantal kilometers dat tot op dat moment is geregistreerd. • EFX of AMT: Deze toont het totale aantal passen dat tot op dat moment is geregistreerd. • Fiets: De fiets toont het totale aantal toeren dat tot op dat moment is geregistreerd. • Climber: Op de climber wordt aangegeven hoeveel etages zijn geklommen.
De console instellen 33 Product Waarde Aangeboden informatie Alle HOUR METER (URENTELLER) • Deze toont het aantal uren dat het apparaat is gebruikt. • Het apparaat houdt bij hoeveel minuten zijn verstreken, maar de weergegeven waarde wordt afgerond op het dichtstbijzijnde hele uur. Alle UPPER BOOT SW PART NUMBER (UPPER BOOT SOFTWARE ONDERDEEL- NUMMER) Het onderdeelnummer en de versie van de upper board toepassingssoftware. Alle UPPER BASE SW PART NUMBER (UPPER BASE SOFTWARE ONDERDEEL- NUMMER) De softwareversie van de upper base toepassing. Alle LOWER BASE SW PART NUMBER (LOWER BASE SOFTWARE ONDERDEEL- NUMMER) De softwareversie van de lower toepassing.
Alle METRICS BOARD (METINGENBORD) Softwarenummer op het Metingenbord AMT STRIDE DIAL SW PART NUMBER (STRIDE DIAL SOFTWARE ONDERDEEL- NUMMER) Softwarenummer (Stride Dial) Alle SERIAL NUMBER (SERIENUMMER) Hiermee wordt het exacte model en type apparaat bepaald
34 Bediening en onderhoud van de P30-console Product Waarde Aangeboden informatie Alle USAGE LOG (GEBRUIKS- JOURNAAL) • Het aantal keren dat elk programma gebruikt werd en het bijbehorende totale aantal minuten worden weergegeven. • Dit komt van pas om de voorkeursopties van de gebruiker te bepalen bij de programmaselectie. Alle EVENT LOG (GEBEURTENISLOG) Geeft eventuele gebeurteniscodes weer die vastgesteld zijn door de software. Raadpleeg Gebeurtenislog voor meer informatie. Gebeurtenislog De gebeurtenislog houdt maximaal 30 gebeurtenissen bij. Als er 30 gebeurtenissen in de log zijn opgeslagen, worden oudere gebeurtenissen gewist om plaats te maken voor nieuwe gebeurtenissen.
Elke ingevoerde gebeurtenislog bevat de volgende informatie: Nummer van gebeurtenis Waarde van de passenteller op het moment dat de gebeurtenis zich voordeed Waarde van de urenteller op het moment dat de gebeurtenis zich voordeed Stroom die de motor verbruikte op het moment dat de gebeurtenis zich voordeed (alleen loopbanden) De volgende tabel bevat een lijst van gebeurtenissen die de software kan detecteren. Tabel 5. Nummers en beschrijvingen gebeurtenislog Nummer van gebeurtenis Beschrijving van gebeurtenis 00 Gebeurtenis in bovenste PCA-geheugenlocatie 02 Gebeurtenis in RAM-locatie 03 Gebeurtenis in EEPROM-checksum 05 Ingedrukte toets bij opstarten
De console instellen 35 Nummer van gebeurtenis Beschrijving van gebeurtenis 09 Gebeurtenis in lagere PCA-geheugentest 10 Lijnfrequentie buiten aanvaardbaar bereik 11 Watchdog (bovenste PCA) laag voltage 12 Watchdog (onderste PCA) laag voltage 13 Ventilator heeft verkeerde snelheid (loopbanden versie 1) 14 Ventilator werkt niet (onderste PCA) 15 Voltage van AC-ingangsspanning te hoog 16 Voltage van AC-ingangsspanning te laag 20 Te veel maximum stroomverzoeken in één seconde 21 Te veel maximum opeenvolgende stroomverzoeken 22 Geen motorslagen bij opstarten 23 Geen motorslagen na opstarten 24 Na verzoek om lagere snelheid, verlaagt de snelheid niet 26 Breedte motorslag niet correct 27 Te veel stroom naar aandrijfmotor 28 Temperatuur is te hoog 29 Overmatige wisselstroominvoer 30 Communicatiegebeurtenis lower board naar upper board 31 Verkeerde communicatiegebeurtenis upper board naar lower board 32 Communicatiegebeurtenis upper board naar lower board 33 Verkeerde communicatiegebeurtenis lower board naar upper board 40 Tilbeweging gedetecteerd 42 Waarde van tilpositie buiten bereik 43 Zero-knop niet gevonden 44 Niet gevraagde tilbeweging 45 Tilbeweging in de verkeerde richting 50 Te veel stroom naar remmen (magneet) 53 Kan doel niet lezen, kan home-knop niet vinden 54 Doelslagen verloren tijdens werking
36 Bediening en onderhoud van de P30-console Nummer van gebeurtenis Beschrijving van gebeurtenis 55 Rem home-knop onverwacht geactiveerd 60 Auto Stop-sensor werkt niet (loopbanden) 61 Auto Stop niet aanwezig (loopbanden) Invoer van gebruikers-ID bij CSAFE-apparatuur Dit apparaat is volledig compatibel let CSAFE-protocollen. Indien het apparaat is aangesloten op een CSAFE-hoofdapparaat, wordt de gebruiker gevraagd om op ENTER te drukken en de identificatieprocedure te starten. De gebruikers-ID wordt weergegeven als vijf nullen en geeft het startpunt aan. In de volgende tabel wordt aangegeven hoe toetsen werken in de CSAFE-modus. Tabel 6. CSAFE-toegangstoetsen Toetsen Functie Cijfertoetsenblok Voer met de cijfertoetsen een gebruikers-ID in. Als u de gebruikers-ID hebt ingevoerd, drukt u op ENTER of OK om de gebruikers-ID te bevestigen.
Wissen Verwijdert de afzonderlijke cijfers in de gebruikers-ID van rechts naar links. ENTER of OK Activeert de gebruikers-ID. Opmerking: De ingave van een gebruikers-ID wordt omzeild wanneer de gebruiker vijf nullen invoert. Er worden dan geen trainingsstatistieken bijgehouden. Pauze Hiermee gaat u terug naar het welkomstscherm. Op het display verschijnt er een bericht dat aangeeft wanneer dat het CSAFE-hoofdapparaat de gebruikers-ID heeft geaccepteerd. Zodra een gebruiker een programma hebt geselecteerd, kan hij/zij de training starten.
Hoofdstuk 3 Kennismaking met de P30-console VOORZICHTIG: Alvorens aan een fitnessprogramma te beginnen, dient u een volledig medisch onderzoek te ondergaan. Raadpleeg uw arts om te weten wat de doelhartslag is die bij uw fitnessniveau past. De P30-console biedt een eenvoudig te volgen display en verschillende programma’s om gebruikers te helpen hun trainingsbehoeften te vervullen. Belangrijk: Neem de volgende hoofdstukken in deze handleiding samen met uw gebruikers door voordat u hen de fitnessapparaten laat gebruiken: Belangrijke veiligheidsinstructies Aan de slag De veiligheidsclip gebruiken (alleen voor loopbanden) De functie Tiptoets hartslag gebruiken Opmerking: De prestatie van Tiptoets hartslag is afhankelijk van de fysiologie, het fitnessniveau, de leeftijd en andere factoren van de gebruiker.
38 Bediening en onderhoud van de P30-console Als u de functie Tiptoets hartslag wilt gebruiken, plaatst u uw handpalm rechtstreeks op de metalen hartslagsensoren op de handgrepen van het apparaat. Als u wilt dat de afgelezen hartslag nauwkeurig is, volgt u deze tips: Beide handen moeten de sensoren raken opdat uw hartslag kan worden geregistreerd. Er is een aantal opeenvolgende hartslagen nodig (15-20 seconden) voordat uw hartslag wordt geregistreerd. Pak de sensoren niet te stevig vast. Houd ze met een losse, komvormige greep vast. Als u de handgrepen stevig vast grijpt, wordt de aflezing mogelijk beïnvloed. Terwijl u traint, helpt uw zweet uw hartslagsignaal te verzenden. Als het voor u moeilijk is om de handgrepen te gebruiken om uw hartslag te bepalen, probeer de sensoren dan later tijdens de training opnieuw om te controleren of u een hartslagsignaal kunt krijgen.
Kennismaking met de P30-console 39 Een borstriem met zender gebruiken WAARSCHUWING De signalen die de borstriem met zender (of hartslagriem) gebruikt, kunnen de werking van pacemakers of andere geïmplanteerde apparaten verstoren. Raadpleeg uw arts en de fabrikanten van uw borstriem met zender en het geïmplanteerde apparaat voor u een borstriem met zender gebruikt. Als u tijdens uw training een borstriem met zender draagt, krijgt u nauwkeurige informatie over uw hartslag. Het apparaat kan uw hartslag alleen detecteren als u de hartslagsensoren in de handgrepen vasthoudt of een borstriem met zender draagt tijdens de training. Als er zowel gegevens uit de handgreep als draadloze gegevens aanwezig zijn, krijgen de handgreepgegevens voorrang; deze worden dan weergegeven.
Opmerking: U kunt de gegevens nauwkeurig aflezen als de riem rechtstreeks contact heeft met huid onderaan het borstbeen (net onder de buste voor vrouwen). Een borstriem met zender gebruiken: 1. Maak de achterkant van de riem voorzichtig vochtig met leidingwater. Belangrijk: Gebruik geen gedeïoniseerd water. Dit bevat niet de juiste mineralen en zouten om elektrische impulsen te geleiden. 2. Pas de riem aan en maak deze vast rond uw borst. De riem moet stevig zitten, maar mag niet knellen. 3. Zorg ervoor dat u de borstriem met de juiste kant naar boven, horizontaal en in het midden van uw borstkas draagt. 4. Test de plaatsing van de borstriem door de hartslagfunctie op het apparaat te testen. Als er een hartslag wordt geregistreerd, heeft u uw borstriem goed bevestigd. Als het apparaat geen hartslag registreert, moet u de riem aanpassen en de hartslagfunctie opnieuw controleren.
40 Bediening en onderhoud van de P30-console De veiligheidsclip van loopbanden De loopband is uitgerust met twee verschillende stopfuncties die als volgt werken: Als de gebruiker … Dan doet het loopvlak van de loopband het volgende… En doet de console het volgende … Op de rode STOP-knop drukt Vertraagt tot hij stopt Toont aan dat de training is onderbroken Aan het koord trekt dat aan de veiligheidsclip is bevestigd en de herstartknop loslaat. Vertraagt tot hij stopt Geeft de woorden DRUK OP RESET en een pijl die naar de herstartknop wijst weer De herstartknop bevindt zich net onder de console en onmiddellijk naast de rode STOP-knop, zoals in de volgende afbeelding is weergegeven. Wanneer deze vrij komt, verschijnt de balk, die aan de voorkant de woorden PUSH TO RESET SWITCH (DRUK OP RESET) weergeeft. De loopband werkt niet als deze woorden worden weergegeven. Afbeelding 6: Herstartknop
Kennismaking met de P30-console 41 Laat gebruikers weten hoe belangrijk het is dat ze de veiligheidsclip gebruiken terwijl ze op de loopband trainen, en toon hoe ze deze aan hun kleding in de buurt van hun middel moeten bevestigen. Als de herstartknop tijdens de training vrij komt, voer dan de volgende stappen uit: 1. Bevestig de veiligheidsclip indien nodig opnieuw. 2. Druk de herstartknop naar beneden tot deze vast klikt en zich terug in de normale positie bevindt. Opmerking: Als de herstartknop vrij komt, wordt alle informatie over de huidige training verwijderd. 3. Start de training vanaf het begin, waardoor het minder lang duurt om de hoeveelheid voltooide training te berekenen. Afbeelding 7: De veiligheidsclip bevestigen
42 Bediening en onderhoud van de P30-console Functie Treadmill Auto Stop™ (Automatisch stoppen) Belangrijk: De standaardinstelling voor deze functie is AAN. Een beheerder kan deze functie in de systeeminstellingen uitschakelen; maar Precor raadt u aan deze AAN te laten. De functie Auto Stop™ (Automatisch stoppen) is ontworpen om de loopband geleidelijk tot stilstand te brengen wanneer deze niet wordt gebruikt. Bijvoorbeeld wanneer de gebruiker de loopband voor het einde van een training verlaat en de loopband niet uitschakelt. Zestig seconden nadat een training op een loopband wordt gestart of hervat, controleert het apparaat of Auto Stop nodig is. Als er een gebruiker wordt gedetecteerd, verschijnt er geen bericht en gaat de geselecteerde training voort.
Als er na nog eens 30 seconden geen gebruiker wordt gedetecteerd, geeft de console het bericht NO USER DETECTED, STOPPING IN 10 SECONDS (GEEN GEBRUIKER GEDETECTEERD, STOPT OVER 10 SECONDEN) weer als waarschuwing dat de loopband gaat stoppen. Terwijl dit bericht wordt weergegeven, begint het apparaat vanaf tien seconden af te tellen. Als een gebruiker de aftelling niet opheft, komt de loopband geleidelijk tot stilstand nadat de aftelling is voltooid. Opmerking: Gebruikers die meer dan 41 kg wegen, worden binnen de snelheids- en positielimieten van de functie gedetecteerd. Gebruikers met een gewicht tussen 22,7 en 40,5 kg worden mogelijk niet gedetecteerd, afhankelijk van hun snelheid en positie. Let altijd goed op en volg de instructies van de console voor een correcte werking.
Hoofdstuk 4 Een training starten VOORZICHTIG: Als u een loopband gebruikt, bevestig dan de beveiligingsclip aan uw kleding voor u begint te trainen. Het apparaat bevindt zich in de startmodus wanneer de woorden SELECTEER EEN TRAINING OF DRUK OP QUICKSTART OM TE BEGINNEN in het bovenste display voorbij schuift en PRECOR in het onderste display voorbij schuift. Als het apparaat op CSAFE is aangesloten, schuiven de woorden SELECTEER EEN TRAINING, DRUK OP QUICKSTART OF DRUK OP ENTER OM TE BEGINNEN in het onderste display voorbij. Als er iets anders op het scherm verschijnt, drukt u op Pauze om het welkomstscherm weer te geven. Vanuit dit scherm kunt u uw training op twee manieren starten: Druk op GO (Quick Start™-methode). Hiermee start u het handmatige programma. Berekeningen, zoals verbruikte calorieën, zijn gebaseerd op een persoon die 68 kg weegt en 35 jaar oud is.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Precor AMT 835 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fitness Precor
Handleiding Fitness
Nieuwste handleidingen voor Fitness