Pfaff Amber Air S600 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Pfaff Amber Air S600 (68 pagina’s), behorend tot de categorie Naaimachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 7 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Pfaff Amber Air S600 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Pfaff |
| Categorie: | Naaimachine |
| Model: | Amber Air S600 |
Handleiding Pfaff Amber Air S600 – volledige tekst
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIESLees alle instructies door voordat u deze naaimachine in gebruik neemt. Wanneer u een elektrisch apparaat gebruikt, moet u altijd de elementaire veiligheidsvoorschriften inacht nemen, inclusief het volgende:Bewaar de instructies op een geschikte plaats, dicht bij de naaimachine. Lever de instructies bij denaaimachine als deze van eigenaar verwisselt. Dit apparaat is bedoeld voor gebruik door volwassenen. Het apparaat mag onder toezicht van eenvolwassene worden gebruikt door (i) kinderen van 8 tot 12 jaar en (ii) door personen metverminderde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met een gebrek aan ervaring en kennis alsze toezicht of instructies hebben gekregen om het apparaat op een veilige manier te kunnengebruiken en als ze begrijpen welke gevaren eraan verbonden zijn.
Reiniging en gebruikersonderhoudmogen niet zonder supervisie door kinderen worden uitgevoerd. Het is niemand toegestaan om metde machine te spelen. Kinderen tot 8 jaar mogen de machine niet gebruiken. GEVAAR - U BEPERKT ALS VOLGT HET RISICO VAN EENELEKTRISCHE SCHOK:• Naaimachines mogen nooit onbewaakt blijven wanneer de stekker in het stopcontact zit. Hetstopcontact waar de machine mee is verbonden, moet makkelijk toegangbaar zijn. Haal de stekkervan deze naaimachine altijd meteen uit het stopcontact na het gebruik en voordat u de machinegaat reinigen, afdekpanelen ervan verwijdert, voordat u de machine smeert of wanneer u andereonderhoudswerkzaamheden uitvoert die in de gebruiksaanwijzing staan. WAARSCHUWING - U BEPERKT ALS VOLGT HET RISICOVAN BRANDWONDEN, BRAND, EEN ELEKTRISCHESCHOK OF LICHAMELIJK LETSEL:• Laat kinderen niet spelen met de naaimachine.
Let goed op wanneer deze naaimachine wordtgebruikt door of in de buurt van kinderen. • Gebruik de naaimachine alleen voor de werkzaamheden waarvoor deze bedoeld is, zoalsbeschreven in deze handleiding.
Gebruik alleen hulpstukken die door de producent zijnaanbevolen, zoals in deze handleiding wordt beschreven. • Gebruik deze naaimachine nooit wanneer het netsnoer of de stekker beschadigd is, als denaaimachine niet goed werkt, als de naaimachine gevallen of beschadigd is of in het water heeftgelegen. Breng de naaimachine in dat geval naar de dichtstbijzijnde bevoegde dealer of eenonderhoudscentrum voor onderzoek, reparatie en elektrische of mechanische bijstelling. • Gebruik de naaimachine nooit wanneer de ventilatieopeningen geblokkeerd zijn. Houd deventilatieopeningen van de naaimachine en het voetpedaal vrij van opgehoopt stof, pluisjes enloshangende lappen stof. • Houd uw vingers uit de buurt van alle bewegende delen. Wees vooral voorzichtig in de buurt vande naaimachinenaald. • Gebruik altijd de juiste steekplaat. Wanneer u de verkeerde steekplaat gebruikt, kan de naaldbreken.
• Draag een veiligheidsbril.• Schakel de naaimachine uit (“0”) wanneer u iets wilt veranderen in de omgeving van de naald,zoals een draad door de naald halen, een andere naald plaatsen, de spoel plaatsen, een anderenaaivoet plaatsen en dergelijke.• Laat geen voorwerpen in een opening vallen en steek geen voorwerpen in openingen van denaaimachine.• Gebruik de naaimachine niet buiten.• Gebruik de naaimachine niet in een omgeving waar spuitbussen worden gebruikt of waar zuurstofwordt toegediend.• Voordat u de stekker uit het stopcontact haalt, moet u eerst alle knoppen uitschakelen (“0”).• Trek de stekker niet aan het netsnoer uit het stopcontact. Pak de stekker vast, niet het snoer.• Het voetpedaal wordt gebruikt om de naaimachine te bedienen.
Plaats nooit andere voorwerpenop het voetpedaal.• Gebruik de machine niet als hij nat is.• Als het LED-lampje beschadigd of kapot is, moet het worden vervangen door de fabrikant ofdiens service-agent of een persoon met dezelfde kwalificaties, om gevaar te voorkomen.• Als het snoer van het voetpedaal is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant ofdiens service-agent of een persoon met dezelfde kwalificaties om gevaar te voorkomen.Alleen voor overlockmachines:• Werk nooit als er geen mesbedekking of goed bevestigde deksteektafel zijn geïnstalleerd.BEWAAR DEZE INSTRUCTIES
49Standaard flatlock, breed. 49Decoratieve flatlock, breed. 49Laddersteek. 49Deksteken naaien. 50Machine instellen. 50Begin te naaien. 50Het einde van de deksteeknaad vastzetten. 50Kettingsteken naaien. 51Machine instellen. 51Naaien aan het begin en het einde. 51Naaitips. 52Naaien met decoratief garen in de grijpers. 52Rimpelen met het differentieel transport. 52Hoeken naaien. 52Cirkels naaien. 536 Aanpassingen aan steken. 54Persvoetdruk. 54Steekbreedte aanpassen. 54Aanpassen met naaldpositie. 54Aanpassing met de steekbreedteknop. 54.
NaaldgebiedABACDEA. Linker overlocknaaldB. Rechter overlocknaaldC. Linker deksteeknaaldD. Middelste deksteeknaald / KettingsteeknaaldE. Rechter deksteekLet op: Als u twee naalden gebruikt, wordt de linkernaald iets hogergeplaatst dan de rechternaald (ze moeten niet op gelijke hoogte zijn).Bij het gebruik van drie naalden, zoals bij het naaien van eendrievoudige deksteek, is de middelste naald iets hoger dan derechternaald en is de linkernaald iets hoger dan de middelste naald (zemoeten niet op gelijke hoogte zijn).Accessoires124856 739 10111412131615171. Garenkloshouder x 52. Garenschijf x 53. Garennetje x 54. Pincet5. Draadinsteker6. Inbussleutel7. Schroevendraaier8. Borsteltje9. Naaimachineolie10. Mesje voor bovenmes11. Stylus12. Deksteektafel B13. Kniehevel14. Accessoiredoos15. Inrijgdraad16. Voetpedaal17. Draaipen, gebruikt voor het naaien van cirkels18. Afvalbak (niet afgebeeld)19.
2 VoorbereidingenHet voetpedaal en de voedingaansluitenC A BBij de accessoires vindt u ook de voedingskabel en hetvoetpedaal.Bij deze machine te gebruiken voetpedaal:C-9000, gefabriceerd door: CHIEN HUNGSluit het snoer van het voetpedaal aan op het voorste contactrechts onder aan de machine (A).Sluit het netsnoer aan op het achterste contact, rechts onderaan de machine (B). Steek de stekker in het stopcontact.Controleer voordat u de stekker van de machine in hetstopcontact steekt of de spanning gelijk is aan de spanningdie op het plaatje op de onderkant van de machine staataangegeven.
De specificaties kunnen van land tot landverschillen.Zet de ON/OFF-schakelaar op ON om devoedingsspanning en het licht in te schakelen (C).Let op: Wanneer de voorkant van de machine openstaat, is deveiligheidsschakelaar ingeschakeld zodat de machine niet kan naaien,zelfs niet als het voetpedaal wordt ingedrukt.Let op: Uw overlockmachine is erop gebouwd om de beste resultaten televeren bij normale kamertemperatuur. Extreem warme en koudetemperaturen kunnen de naairesultaten nadelig beïnvloeden.Voordat u uw machine de eerste keergebruiktVoordat u uw machine de eerste keer gebruikt, legt u eenstukje stof onder de naaivoet en laat u de machine een paarminuten lopen zonder garen. Veeg alle eventuele olie dieverschijnt weg.2 Voorbereidingen 9
De spoelstandaard bevestigenABMachine van bovenafCBreng de twee pinnen van de spoelstandaard (A) aan in desleuven (B) aan de achterkant van de machine.Duw de spoelstandaard naar rechts om deze op zijn plaats tevergrendelen (C).De uitschuifbare garenstandaardaanbrengenABCPlaats de uitschuifbare draadgeleider in de aansluiting op degarenstandaard (A). Breng de knop op de draadgeleider (B)gelijk met de sleuf (C) in de draadstandaard. Trek deuitschuifbare garenstandaard uit tot de volledige hoogte endraai er dan aan totdat de standaard vastklikt.AfvalbakjeABAAIn het afvalbakje worden afgesneden stof en dradenopgevangen. Controleer of het afval in het bakje valt tijdenshet naaien. Leeg het bakje na het naaien.Plaats het bakje aan de rand van de uitschuiftafel (A). Duwhet afvalbakje naar de voorklep en breng de lipjes aan in despleet onder de voorklep (B).
KniehevelABUw naaimachine wordt geleverd met een kniehevel waarmeeu de naaivoet met uw knie omhoog kunt brengen. Dit is zeerhandig tijdens het naaien, omdat u de stof met uw beidehanden kunt hanteren, terwijl uw knie de naaivoet omhoogbrengt.Laat de ribbels op de kniehevel overeenkomen met deuitsparingen in de kniehevelaansluiting (A). Duw dekniehevel voorzichtig in de aansluiting. Stel de rechthoekigestang van de kniehevel af totdat deze voor u eencomfortabele hoogte heeft (B).Duw uw knie naar de kniehevel en naar rechts om denaaivoet omhoog te brengen.
U kunt de naaivoet omhoogbrengen naar twee posities; hoog en extra hoog.Als u de kniehevel wilt verwijderen, trekt u deze recht uit deaansluiting.Voorklep12Stel de machine in op de naaistand voordat u de voorklep sluitDuw om te openen de voorklep eerst zo ver mogelijk naarrechts (1) en trek hem dan omlaag naar u toe (2).Sluit de voorklep weer door deze eerst omhoog te trekken endan naar links te schuiven totdat hij vastklikt.Let op: De inrijg-/naaihendel moet in de naaistand worden geplaatstom de voorklep te kunnen sluiten.Let op: De voorkant heeft een veiligheidsschakelaar; de machine naaitniet als de voorkant open staat.Aanschuiftafel / Vrije armVerwijder de uitbreiding van het werkoppervlak om de vrijearm te gebruiken.
De vrije arm is handig voor het naaien vanbroekspijpen en andere kleine delen, zoals kinderkleding.Trek de uitbreiding van het werkoppervlak naar links van demachine af.Om de afdekking van de aanschuiftafel weer aan te brengen,brengt u hem aan rondom de vrije arm en duwt u hem terugnaar rechts, totdat hij vastklikt.Let op: De afdekking van de aanschuiftafel moet ook worden verwijderdom de aanschuiftafel te bevestigen.2 Voorbereidingen 11
De aanschuiftafel bevestigen123AOm de aanschuiftafel te gebruiken, verwijdert u de afdekkingvan het werkoppervlak (zie Aanschuiftafel / Vrije arm).1. Klap de poten van de aanschuiftafel uit.2. Plaats de aanschuiftafel rond de vrije arm. Steek de pen(A) van de uitschuiftafel in het bijbehorende gat op demachine. Duw de aanschuiftafel naar de machine toe omhem goed te bevestigen.3. Draai indien nodig aan de nivelleringsschroeven aan deonderkant van de poten om de aanschuiftafel stevig telaten staan.Om de aanschuiftafel te verwijderen, duwt u hem voorzichtignaar links.Afwisselen tussen mesbedekking A endeksteektafel BBCDEAVoor het naaien van deksteken en kettingsteken, moetdeksteektafel B worden gebruikt.
U kunt eenvoudigafwisselen tussen mesbedekking A (gemonteerd bij levering)en deksteektafel B.Open de voorkant van de overlockmachine.Druk de ontgrendelingshendel (A) omlaag en trekmesbedekking A naar u toe om deze te verwijderen.Plaats deksteektafel B onder het voordeksel. Schuif deontgrendelingshendel van bovenaf in de sleuf in de voorklep(B). Plaats de twee pinnen (C) van deksteektafel B, vanonderaf, in de gaten (D) van de voorklep.Duw naar de voorklep totdat de ontgrendelingshendel opzijn plaats klikt in de sleuf op de voorklep (E).Let op: Of u mesbedekking A of deksteektafel B gebruikt, ze wordenop dezelfde manier bevestigd en verwijderd.PersvoetlichterABreng de naaivoet omhoog door de persvoetlichter (A) aande rechterkant van de machine omhoog te brengen.
Als depersvoetlichter omhoog wordt gebracht, komt de naaivoet inde extra hoge positie geplaatst.Breng de naaivoet altijd omhoog wanneer u de machineinrijgt. Wanneer de naaivoet omhoog staat, gaan despanningsschijven open en wordt inrijgen makkelijker.Let op: De machine naait niet als de naaivoet omhoog staat. Breng denaaivoet omlaag voordat u begint te naaien.12 2 Voorbereidingen
Naaivoet vervangenACBZet de hoofdschakelaar uit en haal de stekker uit hetstopcontact.Breng de naaivoet omhoog.Draai het handwiel naar u toe totdat de naalden in dehoogste positie staan.Druk op de rode knop (A) op de achterkant van depersvoethouder om de naaivoet te ontgrendelen.Breng de naaivoet naar de extra hoge positie om hem teverwijderen.Zet de nieuwe naaivoet met de pen recht onder de groef vande houder wanneer deze in de extra hoge positie staat (B).Laat de naaivoet zakken om hem vast te laten klikken.Tip: Als u het moeilijk vindt om de naaivoet vast te klikken, drukt uop de rode knop op de achterkant van de persvoethouder wanneer u denaaivoet (C) omlaag brengt.2 Voorbereidingen 13
Informatie over de naaldDeze overlockmachine gebruikt een industriële naald met platte schacht die voorkomt dat de naald achterstevoren kan wordenaangebracht.Probeer niet om een standaard huishoudnaald van welke dikte of welk type dan ook te gebruiken in deze overlockmachine.Gebruik HUSQVARNA® VIKING® naalden EL x 705 maten 14/90 en 12/80, die bij deze machine worden geleverd.U kunt naaien met een, twee of drie naalden, afhankelijk van welke steek u gebruikt.Let op: Als u twee naalden gebruikt, wordt de linkernaald iets hoger geplaatst dan de rechternaald (ze moeten niet op gelijke hoogte zitten, zoals eentweelingnaald).De naalden controlerenOm te controleren of de naald niet is verbogen, legt u de platte zijde van de naald op iets plats (steekplaat, glas enz.). De afstandtussen de naald en het vlakke oppervlak moet overal gelijk zijn.
Gebruik nooit een verbogen of stompe naald.De naalden vervangenZet de hoofdschakelaar uit en haal de stekker uit hetstopcontact.Vervang de naald regelmatig. Als algemeneregel moeten naalden nadat er 6-8 uur mee isgenaaid, worden vervangen.Draai het handwiel naar u toe totdat de naalden in dehoogste positie staan.Draai de naaldklemschroef los met de inbussleutel terwijl ude naalden vasthoudt. Verwijder de schroef niet.Verwijder de geselecteerde naald.Houd de nieuwe naald met het platte gedeelte naar deachterkant.Breng de naald zo ver mogelijk aan in de naaldklem.Let op: We raden aan het gaatje in de draadinsteker te gebruiken om denaald vast te houden.Draai de naaldklemschroef stevig vast met de inbussleutel.Let op: Draai de schroef niet te strak aan, omdat hierdoor denaaldklem beschadigd kan raken.Let op: Bij gebruik van slechts één naald, draait u de anderenaaldklemschroeven licht aan.
Positie bovenmesZet de hoofdschakelaar uit en haal de stekker uit het stopcontact.AABACADSchakel het bovenmes uit, positie BSchakel het bovenmes uit voor flatlock, deksteek enkettingsteek of ander naaiwerk waarbij de stof niet moetworden afgesneden.Open de voorkant van de overlockmachine.Draai het handwiel naar u toe totdat het bovenmes (A) in dehoogste positie staat.Trek de knop van het bovenmes (B) zo ver mogelijk naarrechts.Draai de knop naar u toe totdat het mes in de vergrendeldepositie B klikt (C).Schakel het bovenmes in, positie AOpen de voorklep.Trek de knop van het beweegbare mes zo ver mogelijk naarrechts.Draai de knop van u af totdat het mes in de snijpositie Aklikt (D).2-draads overlockconverterAAABAC2-draads overlocksteken worden genaaid met één bovendraaden de ondergrijperdraad.
Voor het naaien moet de 2-draadsconverter worden ingeschakeld.De 3-draads elastische overlocksteek en de 4-draadsveiligheidssteek worden ook genaaid met de 2-draadsoverlock-converter ingeschakeld.Zet de hoofdschakelaar uit en haal de stekker uit hetstopcontactSchakel de 2-draads overlockconverter inOpen de voorklep.Draai de 2-draadsconverter (A) naar links over debovengrijper heen. Duw de punt van de convertervoorzichtig naar achteren en steek de scherpe rand (B) van deconverter in het oog (C) aan de achterkant van debovengrijper.Ontkoppel de 2-draads overlockconverterDuw de 2-draadsconverter voorzichtig naar achteren enverwijder de scherpe rand uit het oog van de bovengrijper.Draai de converter naar rechts totdat deze zich in deontkoppelde positie bevindt.2 Voorbereidingen 15
Positie bovengrijper12Schakel de bovengrijper uit voor het naaien van deksteken enkettingsteken.Schakel de bovengrijper uit, positie BOpen de voorklep.Draai aan het handwiel totdat de bovengrijper in de laagstepositie staat.Schuif de positiehendel van de bovengrijper naar links om debovengrijper, positie B (1), uit te schakelen.Schakel de bovengrijper in, positie AOpen de voorklep.Schuif de hendel naar rechts om de bovengrijper, positie A(2) in te schakelen.Inrijg-/naaihendelInrijgstandDraai het handwiel naar u toeInrijgstandVoordat u de grijpers inrijgt, moet de machine in deinrijgstand worden gezet.
Dan worden de grijpers engrijperbuizen in de juiste positie gezet voor het inrijgen.Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Zet de inrijg-/naaihendel in de positie "Inrijgen" door dezenaar links te schuiven.Draai het handwiel langzaam naar u toe totdat het klikt en denaalden/grijpers zijn vergrendeld in de inrijgstand.Rijg de naalden (pagina 26) en grijpers (pagina 33 ) in zoalsbeschreven in de respectieve paragraaf.NaaistandNaaistandWanneer het inrijgen is voltooid, moet de machine in denaaistand worden gezet.Zet de inrijg-/naaihendel in de positie "Naaien" door dezenaar rechts te schuiven.Trek 10 cm van de draad onder de brede kant van denaaivoet en terug tussen de naaivoet en het bovenmes.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag.Hendel instelhaakjeABCHet instelhaakje (A) wordt gebruikt om de stofrand testabiliseren tijdens het vormen van de steken.
De hendel vanhet instelhaakje moet op "N" worden gezet voor al hetstandaard-overlockwerk (B). Voor het naaien van rolzomenmoet u het haakje intrekken door de hendel van hetinstelhaakje op "R" te zetten (C).Duw de hendel van het instelhaakje zo ver mogelijk naar allerichtingen als u het instelhaakje verplaatst.16 2 Voorbereidingen
Nauwkeurige draadregelingBAAfhankelijk van de steek, stof en het garen die wordt gebruikt,kunnen er draadlussen uitsteken tot over de stofrand of testrak rondom de stofrand worden gevormd. Als dedraadspanning (pagina 20, pagina 57) en de snijbreedte-afstelling (pagina 54) niet voldoende zijn, geeft deNauwkeurige draadregeling (Precice Thread Control - PTC)u de mogelijkheid om verdere afstellingen te maken. Denauwkeurige draadregeling maakt zeer kleine bewegingen vanhet instelhaakje mogelijk ter compensatie, zodat dedraadlussen netjes rondom de stofrand worden gevormd.Breng de nauwkeurige draadregelingshendel naar de "+" toe(A) om de lussen breder te maken. Breng de hendel naar de"-" toe (B) om de lussen minder breed te maken.Tip: Lees meer over steekaanpassingen en PTC, pagina 55.2 Voorbereidingen 17
3 TouchscreenOverzicht touchscreenDe naaimodus is de eerste weergave op het touchscreen nadat u de naaimachine aanzet. De geselecteerde steek wordtweergegeven in het stekengebied. Hier vindt u alle basisinformatie en aanbevelingen die u nodig heeft om te beginnen metnaaien. Dit is ook het menu waarin u de instellingen van uw steek aanpast. Let op: Als een instelling wordt aangepast, wordt de waarde gemarkeerd. 123456 791081. Vervolgkeuzemenu stekenselectie2. Stekengebied3. Naalddikte4. Naaldpositie5. Snelheidsinstelling6. Differentieel transport afstellen7. Steeklengte aanpassen8. Snijbreedte9. Draadspanning (druk hierop om hetdraadspanningsmenu te openen, waarin de ingesteldewaarden worden weergegeven en aangepast)10.
SEWING ADVISOR™ functie (voer in welke stof ugebruikt, om de best mogelijke instellingen voor de steeken stof te maken, zie hieronder)Exclusieve SEWING ADVISOR™ functieA B C D E FA – Geweven dunB – Geweven normaalC – Geweven dikD – Elastisch dunE – Elastisch normaalF – Elastisch dikDruk op dit pictogram om de exclusieve SEWINGADVISOR™ functie te openen. Hier kunt u de stofselecteren die het beste overeenkomt met de stof die in uwproject wordt gebruikt. De machine maakt automatisch deinstellingen en geeft aanbevelingen op basis van die stof. Degeselecteerde stof wordt op het scherm weergegeven in hetSEWING ADVISOR™ pictogram. Een steek selecteren1231. Druk op de pijl rechts in het vervolgkeuzemenustekenselectie om een lijst met steken te openen. 2. Gebruik de schuifbalkpijlen om door de lijst te bladeren. 3. Raak een steek in de lijst aan om deze te selecteren.
Voor de beste resultaten bij het naaien voert u het stoftype enhet gewicht van uw project in in de SEWING ADVISOR™functie (zie hierboven). De machine maakt de geschikteinstellingen voor de geselecteerde steek. Bij het inschakelen van de machine wordt de laatste genaaidesteek geselecteerd (de eerste keer dat u de machine inschakelt,is een 4-draads overlocksteek geselecteerd).
Steek-aanbevelingen123654AAanbevelingen voor naaldpositie, snijbreedte en druk van depersvoet zijn altijd zichtbaar in de weergave Naaimodus.Wanneer een steek is geselecteerd, wordt een pop-up metuitgebreide aanbevelingen weergegeven. Druk op Annuleren(A) om de pop-up te sluiten.1. Positie bovenmes A/B2. Gebruik mesbedekking A of deksteektafel B3. Instelling hendel instelhaakje4. Naaivoetdruk5. Instelling bovengrijper, positie A/B6. Gebruik de 2-draads converterDe uitgebreide aanbevelingen voor de geselecteerde steekzijn ook te vinden in de infosysteemweergave, i1, zieInfosysteem.InfosysteemBADCAanbevelingen voor naaldpositie en snijbreedte zijn altijdzichtbaar in de weergave Naaimodus. Wanneer een steek isgeselecteerd, wordt een pop-up met uitgebreideaanbevelingen weergegeven.
Deze informatie is ooktoegankelijk via de infoknop (A).Het infosysteem bestaat uit drie tabs, de openingstab toonteen afbeelding van de steek en welke inrijgroutes u moetgebruiken (B). De tweede tab, i1, toont uitgebreideinformatie over het instellen van uw machine (C). Op tab i2vindt u informatie over waar de steek voor kan wordengebruikt, maar ook welke stofsoorten worden aanbevolenvoor die specifieke steek (D).Druk opnieuw op de infotoets om af te sluiten.Aanpassingen aan steken op hetschermUw machine stelt de beste instellingen in voor iedere geselecteerde steek. U kunt uw eigen aanpassingen maken aan degeselecteerde steek.De instelling heeft alleen invloed op de geselecteerde steek. Uw veranderde instellingen worden teruggezet op standaardwanneer u een andere steek selecteert.
DraadspanningBA CRaak het draadspanningspictogram (A) aan om eendraadspanningsaanpassingsvenster te openen waarin despanning voor elk van de vijf draden wordt weergegeven.Raak het waardenummer (B) aan voor een draad om deze teselecteren. Het getal wordt omgeven door een gekleurdeachtergrond, wat aangeeft dat het is geselecteerd. Druk op -of + om de draadspanning aan te passen voor degeselecteerde draad.
Het getal wordt gemarkeerd, waaruitblijkt dat de standaardinstelling is gewijzigd (C).Raak het draadspanningspictogram aan om hetaanpassingsvenster te sluiten.Let op: Zie pagina 57 voor een overzicht van spanningsaanpassingenvoor elk steektype.Differentieel transportDruk op + of — om het differentieel transport aan te passen.Het getal wordt gemarkeerd, waaruit blijkt dat destandaardinstelling is gewijzigd.Let op: Zie pagina 56 voor meer instructies voor het aanpassen van hetdifferentieel transport.SteeklengteDruk op + of — om de steeklengte aan te passen. Het getalwordt gemarkeerd, waaruit blijkt dat de standaardinstelling isgewijzigd.Let op: Zie pagina 55 voor meer instructies over het aanpassen van desteeklengte.NaaisnelheidDruk op + of — om de standaardsnelheid aan te passen. Hetgetal wordt gemarkeerd, waaruit blijkt dat destandaardinstelling is gewijzigd.20 3 Touchscreen
Een steek opslaan11ACDBDruk op de toets Steek opslaan (A) om de aangepaste steekop te slaan. U kunt tot 30 verschillende steken opslaan. Ukunt met de pijlen door de lijst bladeren om een vrije positiete vinden. Een vak zonder steek is vrij en kan wordengebruikt om uw nieuwe steek in op te slaan. Raak een vrijepositie (B) en vervolgens OK (C) aan om uw steek op teslaan. De steekinformatie verschijnt op de geselecteerdepositie.Druk op Annuleren (D) om het venster voor opslaan tesluiten en terug te keren naar de naaimodusweergave.Voor elke positie die bezet is door een steek, kunt u de eerderopgeslagen steek overschrijven. Druk gewoon op de steekom de steek te overschrijven. Een pop-up vraagt u tebevestigen dat u de eerder opgeslagen steek wiltoverschrijven.
De steekinformatie verschijnt op degeselecteerde positie.Persoonlijke naamA B CD EWanneer een steek wordt opgeslagen, behoudt deze deoorspronkelijke steeknaam. Als u uw opgeslagen steek eennieuwe persoonlijke naam wilt geven, drukt u op hettoetsenbordpictogram (A) om een venster te openen voorhet invoeren van een persoonlijke naam.Raak de letters op het toetsenbord aan om uw naam in tevoeren. Druk op het pictogram wissen (B) om een ingevoerdteken te verwijderen. Druk op "Aa1" (C) om te wisselentussen hoofdletters, kleine letters en cijfers. Druk op OK (D)om de nieuwe naam te bevestigen of op Annuleren (E) om teannuleren en de oude naam te behouden.Een opgeslagen steek verwijderen1BAOm een opgeslagen steek te verwijderen, gebruikt u deschuifbalkpijlen om door de lijst te lopen. Het gemarkeerdesteeknummer (A) geeft aan welke steek is geselecteerd. Drukop de toets Verwijderen (B).
Een steek ladenAC BDruk op de toets Laden (A) om een eerder opgeslagen steekte laden.Gebruik de schuifbalkpijlen om door de lijst te bladeren.Druk op een steek in de lijst om deze te selecteren of drukop Annuleren om terug te keren naar de weergaveNaaimodus.Wanneer een steek is geselecteerd, verschijnt er een pop-upbericht met gedetailleerde informatie over de steek. Drukop OK (B) om de geselecteerde steek te laden of opAnnuleren (C) om terug te keren naar de lijst Steek laden.Menu InstellingenABCDB. GeluidC. TaalD. Touchscreen kalibrerenDruk op de instellingentoets (A) om het menu Instellingen teopenen.
Hier kunt u de machine-instellingen aanpassen.Druk nogmaals op de instellingentoets om het menuInstellingen te sluiten en de wijzigingen in hetmachinegeheugen op te slaan.De veranderingen in instellingen blijven bewaard nadat u demachine uitzet.GeluidSchakel het geluid in en uit door op het luidsprekerpictogramte drukken. Een doorgestreepte luidspreker geeft aan dat hetgeluid uit staat.TaalStap door de beschikbare talen die op het scherm wordengebruikt door de pijlen aan te raken. De taalbeschrijvingverandert voor elke aanraking.Touchscreen kalibrerenHet is mogelijk dat het scherm gekalibreerd moet wordenvoor de manier waarop u op het scherm drukt. Druk op hetpictogram voor kalibreren om een speciaal scherm te openenvoor het kalibreren van het touchscreen. Raak met de styluseerst het midden van het kruisje in de linkerbovenhoek vanhet scherm aan.
Het kruis verandert van kleur en erverschijnt een nieuw kruisje. Blijf het midden van de kruisjesaanraken die worden weergegeven. Het kalibratieschermwordt automatisch gesloten nadat u alle kalibratiekruisjesheeft aangeraakt.Pop-upsIndien nodig kan uw machine u waarschuwen door pop-upvensters op het scherm weer te geven. De pop-upberichten en uitlegvindt u hieronder.22 3 Touchscreen
Voorklep openUit voorzorg kunt u niet naaien met een geopendevoorklep. De pop-up wordt gesloten wanneer devoorklep is gesloten.Naaivoet is omhoogU kunt niet beginnen met naaien met de naaivoet omhoog.De pop-up wordt gesloten wanneer de naaivoet omlaag wordtgebracht.Waarschuwing, overbelast, even wachtenAls u op zeer dikke stof naait of als de naaimachinegeblokkeerd raakt tijdens het naaien, kan de hoofdmotoroverbelast raken waardoor de machine stopt met naaien.De pop-up wordt gesloten wanneer de hoofdmotor ende stroomtoevoer veilig zijn.Breng de naaivoet omhoog om te kalibrerenDe naaivoet moet omhoog worden gebracht bij hetinschakelen van de machine. De pop-up wordt geslotenwanneer de naaivoet omhoog is gebracht.3 Touchscreen 23
4 Draad inrijgenAlgemene informatie over inrijgenBA1 2 3 4 5 62122 23 24 25261415 161920789 10 11 12 131718Binnenin de voorklep staat een tabel waarop te zien is hoe degrijpers (A) moeten worden ingeregen en ook een overzichtvan de steken (B).De inrijgroutes zijn kleurgecodeerd, om het inrijgengemakkelijker te maken. Begin altijd met inrijgen van linksnaar rechts. Zie het stekenoverzicht, pagina 38 , voor eengedetailleerde beschrijving van de inrijgroutes en -instellingendie moeten worden gebruikt voor elke steek.Wanneer een steek is geselecteerd, kunt u ook de nodigeinformatie vinden over inrijgroutes en instellingen op deinfotabs op het display.Uw machine is uitgerust met een "luchtinrijgsysteem" voorsnel, eenvoudig inrijgen van de boven-, onder- enkettinggrijpers.Alle drie de grijpers kunnen tegelijkertijd worden ingeregen,met één druk op de "inrijgtoets".
Als de draad tijdens het inrijgen en/of naaien van hetgarenklosje af glijdt, plaats dan een netje over het klosjeom te voorkomen dat de draad in de war raakt.Draad verwisselenOm de draden te vervangen, rijgt u de naalden opnieuw in zoals staatbeschreven in paragraaf De naalden inrijgen, pagina 26 en de grijpersmet het luchtinrijgsysteem, volgens de beschrijving in paragraaf Degrijpers inrijgen, pagina 33.Dit is nog een eenvoudige manier om draden te verwisselen:Knip de draad dicht bij het klosje af, achter de geleiders opde uitschuifbare garenstandaard.Verwijder het garenklosje en plaats het nieuwe klosje op degarenpen.Knoop het begin van de nieuwe draad aan het einde van deoude draad.
Knip de uiteinden van de draden af op ongeveer2-3 cm en trek stevig aan beide draden om te controleren ofde knoop goed vastzit.Breng de naaivoet omhoog om de draadspanning af te laten.Trek de draden één voor één door de machine totdat deknopen voor de naald zitten. Als de draden niet gemakkelijkdoor kunnen worden getrokken, kijk dan of ze niet in de warzitten op de draadgeleiders of op de grijpers onder degarenstandaard.Tip: Door het handwiel ten minste een slag van u af te draaien en dedraden recht naar achteren te trekken, kan het gemakkelijker zijn omde draden door te trekken.Knip de draad door achter de knoop en rijg de naald in.Let op: Gebruik deze methode niet bij dikke garens, rijg die in volgensde aanbevelingen op pagina 36.4 Draad inrijgen 25
De naalden inrijgenInrijgen van de linker overlocknaald (A)2135684762 35874919Gele inrijgrouteBlauwe inrijgroute voor veiligheidssteken nr. 1 en 4A BC D ENaald ALet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de linker garenpen. Trek dedraad door de linker draadgeleider van achteren naarvoren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng het naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de middelste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7.
Trek de draad dan in de tweede sleuf op de volgendedraadgeleider.8. Breng de draad aan in de derde sleuf op de draadgeleiderboven de naaldklem.9. Breng de draad achter de geleider boven de A/B-naalden.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.26 4 Draad inrijgen
Inrijgen van de rechter overlocknaald (B)21537894662 3589741Blauwe inrijgrouteA BC D ENaald BLet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de tweede garenpen van links.Trek de draad door de tweede draadgeleider van links,van achteren naar voren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng deze naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de voorste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7. Trek de draad dan in de derde sleuf op de volgendedraadgeleider.8.
Breng de draad aan in de vierde sleuf op de draadgeleiderboven de naaldklem.9. Breng de draad achter de geleider boven de A/B-naalden.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.4 Draad inrijgen 27
De kettingsteeknaald inrijgen (D)62 35874121537846Blauwe inrijgrouteGele inrijgroute voor veiligheidssteken nr. 1, 2, 4 en 5A BC D ENaald DLet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de tweede garenpen van links.Trek de draad door de tweede draadgeleider van links,van achteren naar voren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng deze naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de middelste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7.
Trek de draad dan in de tweede sleuf op de volgendedraadgeleider.8. Breng de draad aan in de tweede sleuf op dedraadgeleider boven de naaldklem.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.28 4 Draad inrijgen
De deksteeknaalden inrijgenLet op: Rijg de naalden in de volgende volgorde: links (C), midden (D), rechts (E)De linker deksteeknaald inrijgen (C)2135684762 358741Gele inrijgrouteA BC D ENaald CLet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de linker garenpen. Trek dedraad door de linker draadgeleider van achteren naarvoren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng deze naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de achterste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7.
Trek de draad dan in de eerste sleuf op de volgendedraadgeleider.8. Breng de draad aan in de eerste sleuf op de draadgeleiderboven de naaldklem.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.4 Draad inrijgen 29
De middelste deksteeknaald inrijgen (D)62 35874121537846Blauwe inrijgrouteA BC D ENaald DLet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de tweede garenpen van links.Trek de draad door de tweede draadgeleider van links,van achteren naar voren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng deze naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de middelste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7. Trek de draad dan in de tweede sleuf op de volgendedraadgeleider.8.
Breng de draad aan in de tweede sleuf op dedraadgeleider boven de naaldklem.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.30 4 Draad inrijgen
De rechter deksteeknaald inrijgen (E)2135684762 358741Rode inrijgrouteA BC D ENaald ELet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).1. Schuif een klosje garen op de middelste garenpen. Trekde draad door de linker draadgeleider van achteren naarvoren.2. Schuif de draad voorzichtig onder devoorspanningsdraadgeleider van rechts naar links.3. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.4. Trek de draad omlaag door de gleuf en breng deze naarlinks door de inrijgroute.5. Trek de draad in de voorste sleuf op de draadgeleider.6. Ga verder met het inrijgen in de sleuf op dedraadhefboom.7. Trek de draad dan in de derde sleuf op de volgendedraadgeleider.8.
Breng de draad aan in de derde sleuf op de draadgeleiderboven de naaldklem.Rijg de draad door het oog van de naald. Gebruik dedraadinsteker (zie pagina 32) om de draad makkelijkerdoor het oog van de naald te krijgen. Trek ongeveer 10cm draad door het oog van de naald en laat dat vrijhangen.Breng de draad naar de achterkant, onder de naaivoet.Sluit de voorklep en breng de naaivoet omlaag om tebeginnen met naaien.4 Draad inrijgen 31
DraadinstekerDABCOm het inrijgen van de naalden gemakkelijker te maken,gebruikt u de draadinsteker die bij de accessoires ismeegeleverd.Draai het handwiel zodat de naalden zich in hun hoogstepositie bevinden en breng de naaivoet omlaag. Zorg ervoordat een van de rechthoekige markeringen van dedraadinsteker naar boven wijst (A). Breng de draad van rechtsnaar links in de inkeping op het puntje van de draadinsteker(B).Houd de draadinsteker tegen de naald. Breng dedraadinsteker omlaag naar het oog van de naald en drukzacht tegen de naald, waardoor een kleine metalen pin dedraad door het oog van de naald duwt en een draadlus (C)vormt.Gebruik de draadinsteker om de draadlus achter de naald (D)naar buiten te trekken.32 4 Draad inrijgen
De grijpers inrijgenDe bovengrijper inrijgen3 475 68921986514327Rode inrijgrouteLet op: Breng de naaivoet omhoog om de spanningsschijven vrij temaken.Let op: Breng de uitschuifbare garenstandaard tot de hoogste stand (opde afbeelding staat een "bijgesneden" garenstandaard).Let op: Zorg ervoor dat de bovengrijper in de hoge positie staat, door depositiehendel van de bovengrijper naar rechts te duwen (pagina 16).Let op: Raadpleeg pagina 36 bij het inrijgen van speciale garens, zoalswol-achtige nylon.1. Zet de inrijg-/naaihendel in de positie "Inrijgen" doordeze naar links te schuiven.Draai het handwiel langzaam naar u toe totdat het klikten de grijpers zijn vergrendeld in de inrijgstand.2. Schuif een klosje garen op de middelste garenpen. Trekde draad door de middelste draadgeleider van achterennaar voren.3.
Schuif de draad voorzichtig onder de bovenstedraadgeleider van rechts naar links, zoals te zien is op deafbeelding.4. Trek de draad langs de inrijggleuf. Breng de draad metuw beide handen aan tussen de spanningsschijven.5. Trek de draad omlaag door de sleuf en in debovengrijperdraadgeleider.6. Trek ongeveer 56 cm draad uit. Zorg ervoor dat de draadniet verstrikt raakt rond het deksel.Steek met de pincet het uiteinde van de draad 2 cm ofmeer in het inrijggat van de bovengrijper.Let op: Snijd het draaduiteinde af, zodat het makkelijk in hetinrijggat kan worden gestoken.7. Druk op de inrijgtoets om de grijper in te rijgen.8. Zorg ervoor dat de draad uit het gat van de grijperpuntkomt.Als de draad niet uit het gat komt, volg dan de procedureopnieuw vanaf stap "6".Trek 10 cm van de draad onder de brede kant van denaaivoet en terug tussen de naaivoet en het bovenmes.9.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Pfaff Amber Air S600 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Naaimachine Pfaff
Handleiding Naaimachine
Nieuwste handleidingen voor Naaimachine