Pelgrim IDK 652 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Pelgrim IDK 652 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Pelgrim IDK 652 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Pelgrim |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | IDK 652 |
Handleiding Pelgrim IDK 652 – volledige tekst
5InleidingDeze inductiekookplaat is ontworpen voor deechte kookliefhebber.Koken op een inductiekookplaat heeft eenaantal voordelen: Het is comfortabel, omdatde kookplaat snel reageert en ook op een zeerlaag vermogen is in te stellen. Dankzij hethoge vermogen gaat het aan de kook brengenzeer snel.De ruime afstanden tussen de kookzonesmaken het koken comfortabel.De kookzones zijn nauwkeurig regelbaar doormiddel van tiptoetsen. De standen zijn bedoeldals referentie, hierdoor kunt u snel een be-paalde instelling kiezen.Koken op een inductiekookplaat verschilt metkoken op een traditioneel toestel. Inductie-koken maakt gebruik van een magnetisch veldom warmte op te wekken. Dit betekent dat uniet zomaar een willekeurige pan kuntgebruiken.
Het hoofdstuk pannen geeft uhierover meer informatie.Voor optimale veiligheid is de inductie-kookplaat uitgerust met meerderetemperatuurbeveiligingen en een rest-warmtesignalering die aangeeft welkekookzones nog heet zijn.In deze handleiding staat beschreven opwelke manier u de inductiekookplaat zooptimaal mogelijk kunt benutten. Naastinformatie over de bediening treft u ookachtergrondinformatie aan die van dienst kan zijn bij het gebruik van dit product.Daarnaast zijn kooktabellen en onderhouds-tips opgenomen.De veiligheidsvoorschriften die van belang zijn tijdens de installatie zijn opgenomen in het hoofdstuk 'installatievoorschrift'.Bewaar deze handleiding zorgvuldig.De handleiding dient als referentievoor de servicedienst.
Plak daarom hetgegevensplaatje welke op de glasplaatgeplakt is op de achterzijde van dezehandleiding in het daarvoor bestemde kader.Zodra u de servicedienst belt zullen demedewerkers vragen naar de gegevens op hetbijgeleverde gegevensplaatje. Wanneer udeze gegevens niet hebt is het verlenen vaneen goede service moeilijker.Veel kookplezier!UW INDUCTIEKOOKPLAAT
6Werking inductieIn het toestel wordt een magnetisch veldopgewekt. Door een pan met een ijzerenbodem op een kookzone te plaatsen ontstaatin de panbodem een inductiestroom. Deze inductiestroom wekt warmte op in de panbodem.De spoel (1) in de kookplaat (2) wekt eenmagnetisch veld (3) op. Door een pan met eenijzeren bodem (4) op de spoel te plaatsenontstaat in de panbodem een inductiestroom.ComfortabelDe elektronische regeling is nauwkeurig eneenvoudig in te stellen. Op de laagste standkunt u bijvoorbeeld chocolade direct in de pansmelten of ingrediënten bereiden die ugewoonlijk au bain marie verwarmt.SnelDoor het hoge vermogen van deinductiekookplaat gaat het aan de kookbrengen erg snel.
Het doorkoken kost evenveel tijd als koken op een andere kookplaat.SchoonDe kookplaat is eenvoudig te reinigen.Doordat de kookzones niet heter worden dande pan zelf, kunnen voedselresten nietinbranden.VeiligDe warmte wordt opgewekt in de pan zelf. Deglasplaat wordt niet warmer dan de pan.Hierdoor blijft de kookzone een stuk koelerdan die van een bijvoorbeeld een keramischekookplaat of een gasbrander. Na hetwegnemen van een pan is de kookzone snelafgekoeld.UW INDUCTIEKOOKPLAAT
7 VEILIGHEIDVeiligheidWaar moet u op lettenInductiekoken is uiterst veilig. Omdat dewarmte in de pan wordt opgewekt en deglasplaat niet warmer wordt dan de inhoudvan de pan, is de kans klein dat u zich aan hettoestel zou branden. Toch zijn er, net als bijelk toestel, een aantal zaken waar u op moetletten. Aansluiten en reparatie ■Dit toestel mag alleen door een erkendinstallateur worden aangesloten. ■Open nooit de behuizing van het toestel. Alleen een servicetechnicus mag hettoestel openen. Maak het toestelspanningsloos voordat met reparatie wordtgestart. Bij voorkeur door de stekker uit hetstopcontact te halen, de (automatische)zekering(en) uit te schakelen of deschakelaar in de toevoerleiding op nul te zetten bij een vaste aansluiting. ■Gebruik een toestel dat een breuk ofscheurtjes vertoont niet meer.
Schakel hettoestel onmiddellijk uit, maak hetspanningsloos om elektrische schokken te voorkomen en bel de servicedienst. Eerste keer gebruiken ■Als de kookplaat voor de eerste keergebruikt wordt zult u een 'nieuwigheids-luchtje' ruiken. Dit is normaal. Over hetalgemeen verdwijnt deze geur nadat u hettoestel een keer of vijf hebt gebruikt. Hetluchtje ontstaat doordat beschermings-middelen op de elektronica in het toestelopgewarmd worden en verdampen. Door teventileren verdwijnt de geur vanzelf. Zorg voor voldoende ventilatie tijdens hetgebruik ■Houd natuurlijke ventilatieopeningen, aande onder- en voorzijde van het toestel,open. Wanneer er zich een lade onder de kookplaatbevindt ■Zorg voor enkele centimeters afstandtussen de kookplaat en de inhoud van de lade. ■Leg geen brandbare voorwerpen in de lade.
De kookzones worden warm tijdens gebruiken blijven na gebruik ook een tijd warm (zieook 'restwarmte-indicator', verderop in dezehandleiding). ■Laat geen kleine kinderen in de buurt vande kookplaat tijdens en vlak na het koken. Gebruik van vet en olie ■Vet en olie zijn bij oververhittingontvlambaar. ■Ga niet te dicht bij de pan staan.
8 VEILIGHEIDGebruik van andere apparaten in de buurt vande kookplaat ■Voorkom dat snoeren van elektrischeapparaten, zoals van een mixerbijvoorbeeld, terechtkomen op de hetekookzones. Flambeer nooit onder de afzuigkap ■Door de hoge vlammen kan brand ontstaan,ook bij een uitgeschakelde afzuigkap.Hogedrukreiniger of stoomreinigers ■Gebruik nooit een hogedrukreiniger ofstoomreinigers op of rondom de kookplaatom schoon te maken. Glasplaat ■Dit kooktoestel is ontworpen voorhuishoudelijk gebruik. Gebruik het alleenvoor het bereiden van gerechten. ■Let op dat de pan niet droogkookt. Schadeontstaan door droogkoken valt buiten degarantie. ■De glaskeramische plaat is zeer sterk,maar niet onbreekbaar. Wanneer erbijvoorbeeld een kruidenpotje of een puntigvoorwerp op zou vallen, kan er een breukontstaan. ■Gebruik het kookvlak niet als opslagplaats.
■Leg geen metalen voorwerpen, zoalsbakvormen, koektrommels deksels vanpannen of bestek op de kookzone. Dezekunnen zeer snel heet worden enbrandwonden veroorzaken.Tijdens gebruik ■Houd rekening met de zeer snelleopwarmtijd op de hogere standen. Blijf eraltijd bij staan als u een kookzone op eenhoge stand heeft ingesteld. ■Laat nooit een lege pan op eeningeschakelde kookzone staan. Hoewel dekookzone beveiligd is tegen oververhitten,wordt de pan zeer heet en bestaat de kansdat deze beschadigd raakt. ■Houd tijdens het gebruik van deinductiekookplaat magnetiseerbarevoorwerpen (creditcards, bankpasjes,diskettes, horloges e.d.) uit de buurt vanhet toestel. Wij adviseren pacemaker-dragers om eerst de hartspecialist teraadplegen. ■Gebruik het toestel niet beneden 5 °C.
9 BEDIENINGInstellenDe inductiekookplaat is voorzien van eenrestwarmte-indicatie, automatische timer,automatische kookduurbegrenzing enkinderslot. Op deze en de volgende pagina'skunt u lezen hoe u gebruik maakt van dezevoorzieningen.Inschakelen1. Zet een pan op een kookzone.2. Druk op de aan/uit toets. In het display verschijnt een 0. U kunt nu hetgewenste kookvermogen instellen. Indien ugeen kookvermogen ingeeft, zal de kookzoneautomatisch na enkele seconden wordenuitgeschakeld.Vermogen instellen1. Druk op de + toets. 2. Stel een hogere of lagere stand in door nogeen keer op de + of - toets te drukken.De kookzones hebben 9 standen (IDK641) of 11standen (IDK826) + een boost-stand.De IDK826 and IDK652 is uitgevoerd met een snelstart-functie. Druk op de toetsen omsnel een vermogen in te stellen. Selecteer direct stand b (boost) door 1x op de toets tedrukken.
UitschakelenSchakel de zone meteen uit met de aan/uittoets of druk net zo lang op de - toets totdatde kookzone op stand 0 staat.VermogenHet vermogen is, afhankelijk van de diametervan de zone, instelbaar van 50 tot 3100 Watt.Zie onderstaande tabel.Twee achter elkaar liggende kookzonesworden bestuurd door één generator. Ditheeft als voordeel dat per kookzone een hoogvermogen gerealiseerd kan worden. Dit isideaal voor het zeer snel aan de kook brengenvan gerechten en vloeistoffen, frituren of hetaanbraden van grote hoeveelheden.De generator verdeelt het vermogen overbeide zones. Tot en met stand 5 heeft dit geenconsequenties. Vanaf stand 6 wordt deandere kookzone automatisch begrensd. Wilt u een van beide zones op hogere standinstellen, dan moet u eerst de andere zonelager zetten. Diameter Vermogen instelbaar ø 160 mm 50 - 2000 W ø 180 mm 50 - 2800 W ø 210 mm 50 - 3100 W
10 BEDIENINGMaximale combinatiesIDK641IDK652 -IDK826Achter elkaar liggende zones beïnvloedenelkaar. Zones naast elkaar kunnentegelijkertijd op een hoge stand wordeningesteld.Twee naast elkaar liggende kookzonesbeïnvloeden elkaar niet. U kunt ze dusgelijktijdig op een hoge stand instellen.Even wennen...In het begin zult u verrast zijn door desnelheid van het toestel. Vooral het aan dekook brengen op een hogere stand gaat zeersnel. Om overkoken of droogkoken tevoorkomen, kunt u er het beste altijd bij blijvenstaan. Bij inductiekoken wordt alleen dat deelvan de zone benut waar de pan op staat.Gebruikt u een kleine pan op een grote zone,dan zal het vermogen zich aanpassen aan dediameter van de pan. Het vermogen zal dus kleiner zijn en het zallanger duren voordat het gerecht in de panaan de kook is.
Het beste resultaat bereikt udoor een pan te nemen die dezelfdeafmetingen heeft als de kookzone. Als een tekleine pan gebruikt wordt zal de kookzone nietinschakelen. De minimum diameter is 12 cm,met uitzondering van de 16 cm zone, waar eenpan met een diameter van 10 cm te gebruiken is.Stand b (boost)Stand b is geschikt voor het aan de kookbrengen van water. Deze stand is te hoog voorhet verhitten van boter of melk en veel te hoogvoor ontdooien.Raadpleeg om de techniek te leren kennen dekooktabel in het hoofdstuk comfortabel koken.Stand 9 (IDK641) / Stand 11 (IDK652 - IDK826)Stand 9/11 is de grillstand. Deze stand isgeschikt om vlees te bakken.
Op de booststand gaat dit veel te hard; de melkbestand-delen in de margarine verbranden voordat demargarine gesmolten is.Restwarmte-indicatorNa een intensief gebruik van een kookzonekan de gebruikte zone nog enkele minutenwarm blijven.Zolang de kookzone te warm is, zal er een “H” in het display blijven branden. 1e zone 5 67 8 9 b(oost)2e zone b(oost) 9 8 7 6 5 1e zone 6 710 11 b(oost)2e zone b(oost) 11 10 7 6
11 BEDIENINGUitschakeltimerMet de uitschakeltimer kunt u één van dekookzones automatisch uitschakelen. Met de timer kunt u de kookzone kiezen dieuitgeschakeld moet worden. Bij model IDK641geeft een haak de kookzone weer, waaraan detimer gekoppeld gaat of kan worden. Druk herhaaldelijk op timertoets om dejuiste zone te selecteren. De timer kaneenmalig aan een willekeurige kookzoneworden gekoppeld. Model heeft een timertoetsIDK652 - IDK826 per kookzone. U kunt de timer ook gebruiken als kookwekkerzonder dat u de kookplaat gebruikt. De timer gebruiken1. Zet een pan op de kookzone. 2. Schakel de kookzone (die u automatisch wiltuitschakelen) in met de aan/uittoets. 3. Model IDK641: Druk net zo vaak op de timertoets tot de betreffende kookzone isgeselecteerd. Model IDK826: Druk op de timertoets vande betreffende kookzone. 4. Stel een tijd in (0-99 min. ) d. m. v. de + en -toetsen van de timer.
De indicator op hetdisplay licht op. U kunt de kookduur op elk moment tijdens debereiding wijzigen d. m. v. de + en - toetsen van detimer. Nadat de door u ingestelde tijd is verstreken,wordt de zone uitgeschakeld en hoort u eenpieptoon. U kunt deze pieptoon uitschakelend. m. v. de + of - toetsen van de timer. De laatsteminuut van de ingestelde tijd wordt weergegevenin seconden. Om de uitschakeltimer stop te zetten: Druk op de timertoets om de timer uit teschakelen. Bescherming bij overkokenHet toestel heeft een bescherming tegenoverkoken. Een pieptoon klinkt en het symbool verschijnt op het display. Het toestel schakelt automatisch uit. Dit kanéén van de volgende oorzaken hebben: ■Overkoken waarbij de bedientoetsenworden afgedekt ■Natte doek op de toetsen ■Metalen voorwerp op de bedientoetsen. Reinig het toestel of verwijder het metalenvoorwerp.
KookduurbegrenzingKookduurbegrenzing is een veiligheidsfunctievan uw kookplaat. Deze stopfunctie wordtautomatisch ingeschakeld indien u uwkookplaat na een bereiding vergeet uit tezetten.
De uitschakeltijd (tussen 1 en 10 uur) isafhankelijk van het gebruikte vermogen. Bij het automatisch uitschakelen van eenkookzone verschijnt voor de betreffendekookzone “A“ (IDK641) of “AS” (IDK652 -IDK826) in het display. Een pieptoon klinktgedurende 2 minuten. “A” of ”AS” blijft op hetdisplay staan tot u op een willekeurige toetsdrukt.
12 BEDIENINGTabel kookduurbegrenzingKinderslotUw kookplaat beschikt over een kinderslotwaarmee u de kookplaat kunt vergrendelen: ■op het moment dat de kookplaat isuitgeschakeld (met het oog op reinigingvan de kookplaat) of onbedoeldinschakelen door kinderen. ■tijdens het koken (de zones blijven daningeschakeld en de op het displayweergegeven instelling kan niet gewijzigdworden). Wanneer het kinderslot wordt gebruikt tijdens het koken werken de uittoetsen nog welom veiligheidsredenen. Vergeet hetbedieningspaneel niet te ontgrendelenalvorens het opnieuw te gebruiken. Inschakelen kinderslot Druk op de vergrendeltoets (+/-5 sec. ) tothet lampje boven de toets oplicht en u eenpieptoon hoort. Vergrendelde kookzone in werkingIn het display verschijnt afwisselend het symbool en het ingeschakelde vermogenvan de betreffende kookzone.
Wanneer u eentoets van de ingeschakelde kookzone bedientgaat het lampje boven de vergrendeltoetsenkele seconden branden. Uit veiligheids-overwegingen kunt u de kookzone nog wel uitschakelen met de aan/uittoets. Wanneer u een toets bedient van eenkookzone die niet is ingeschakeld gaat het symbool en het lampje boven de ver-grendeltoets een aantal seconden branden. Uitschakelen kinderslot Druk op de vergrendeltoets (+/-5 sec. ) tothet lampje boven de toets dooft. U hoort eendubbele pieptoonPieptoon IDK641U kunt de pieptoon van de “+” en “-” toetsenin- of uitschakelen. Schakel de pieptoon uitdoor de voorste linkerzone aan en uit te zettenen daarna binnen 3 seconden de beide “-”toetsen van de voorste linkerzones tebedienen. De pieptoon kan weer ingeschakeldworden door de voorgaande handeling teherhalen. Pieptoon IDK652 - IDK826U kunt de pieptoon van de “+” en “-” toetsenin- of uitschakelen.
13 BEDIENINGExtra zekerheidVeiligheid kookplaat ■Een sensor controleert ononderbroken detemperatuur van de onderdelen van dekookplaat. Bij een te hoge temperatuurwordt het vermogen van de kookplaatautomatisch verlaagd. ■Zodra u de kookpan van de kookplaatverwijdert, stopt automatisch de kook-activiteit. Wen uzelf echter aan altijd dekookplaat of zone na gebruik uit teschakelen om onbedoeld inschakelen tevoorkomen. Veiligheid kookpannen Elke kookzone is voorzien van een sensor dieononderbroken de temperatuur van de bodemvan de kookpan controleert om elk risico opoververhitting bij bijvoorbeeld een droog-gekookte pan te vermijden. Veiligheid metalen voorwerpenEen klein voorwerp zoals een te kleinekookpan (kleiner dan 12 cm of kleiner dan 10 cm bij de 16 cm zone), een vork of een lepelwordt door de kookplaat niet als een kookpangedetecteerd.
Het display van de zoneknippert en de kookplaat wordt nietingeschakeld. Oververhittingsbeveiligingen Het toestel kan oververhit raken, wanneer: ■de pan de warmte niet goed geleidt; ■vet of olie op een hoge stand verhit wordt; ■er onvoldoende luchtcirculatie is (zie ookventilatiebeveiliging bij het installatie-voorschrift). In geval van oververhitting leidt dit bij dedesbetreffende kookzone, respectievelijk allekookzones, tot een van de volgende reacties: ■de kookplaat zal het toegevoerde vermogeniets laten afnemen (dit is niet zichtbaar bijde kookstanden in de displays); ■wanneer dit niet helpt zal de kookplaatuitschakelen en een serie liggendestreepjes in de displays laten zien. Wanneer de kookplaat voldoende is afgekoeldverdwijnen de streepjes weer. Het toetselblijft uitgeschakeld.
14De kookplaat optimaal gebruikenHet warmteverlies is minimaal omdat dewarmte in de pan zelf opgewekt wordt.Bij kleinere pannen wordt alleen dat deel vande zone geactiveerd dat contact maakt met depanbodem. Een bijkomend voordeel is dat dehandgrepen van de pan niet warm wordendoor stralingswarmte langs de pan.1. Warmteverlies en hete handgrepen bij eenconventionele kookplaat.2. Geen warmteverlies en koude handgrepenbij inductiekoken.Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzakendie niet meer te verwijderen zijn. ■Zet alleen pannen met een schone bodemop het kookvlak. ■Til pannen altijd op als u ze verplaatst. ■Gebruik de kookplaat niet als werkvlak.Schuif de panbodem over een(vochtige) doek, voordat u de pan ophet kookvlak zet. Dit voorkomt dat er zand-korreltjes en dergelijke op het kookvlakterechtkomen. Til pannen altijd op; schuif er nooit mee.
Kook altijd met het deksel op de pan omenergieverlies te voorkomen.Bij inductiekoken wordt gebruik gemaakt vaneen magnetisch veld om warmte op tewekken. Daarom moet de panbodem ijzerbevatten en dus magnetisch zijn. De kookzones van de kookplaat hebben eendiameter van 16,18 of 21 cm. De kookplaat pastzich echter automatisch aan bij gebruik vankleinere of grotere pannen. Bij kleinere pannen is er dus geenenergieverlies, maar het vermogen is lagerdan bij grotere pannen. De panbodem moetaltijd groter zijn dan 12 cm (of 10 cm bij de 16 cm zone).U kunt zelf met een magneet controleren ofuw pannen geschikt zijn.Een pan is geschikt wanneer: ■de panbodem wordt aangetrokken door eenmagneet; ■de pan geschikt is voor elektrisch koken.Gebruik alleen pannen met een dikke(minimaal 2,25 mm), vlakke bodem die geschiktzijn voor inductiekoken. Het beste zijn pannenmet het "Class Induction" keurmerk.
15Pannen, waarvan de bodem niet magnetisch isof niet geschikt zijn voor elektrisch koken, zijnongeschikt voor gebruik op de inductie-kookplaat.Geschikt: ■speciale roestvrijstalen pannen voorinductiekoken; ■solide geëmailleerde pannen; ■geëmailleerde gietijzeren pannen.Ongeschikt: ■Aardewerk; ■Aluminium; ■Kunststof; ■Koper; ■Porselein; ■Roestvrijstaal.Wees voorzichtig met plaatstaalgeëmailleerde pannen. Deze kunnenbeschadigd raken als ze gebruikt worden voorinductiekoken. Met name wanneer dezepannen een te dunne bodem hebben. Bij plaatstaal geëmailleerde pannen kan: ■email afspringen (het email laat los van hetstaal) wanneer u de kookplaat op een hogestand inschakelt terwijl de pan (te) droog is; ■de panbodem kromtrekken door bijvoor-beeld oververhitting of door gebruik vaneen te hoog vermogen.Gebruik nooit pannen met een vervormdebodem.
Een holle of bolle bodem kan dewerking van de oververhittingbeveiligingbelemmeren. Het toestel wordt te warm. Hierdoor kan de glasplaat barsten en depanbodem smelten. Schade, ontstaan door hetgebruik van ongeschikte pannen ofdroogkoken, valt buiten de garantie.Geluid in de bodem van de pan Tijdens het koken kunt u een ratelend geluidhoren in de bodem van de pan. Dit is onschul-dig. Het geluid wordt veroorzaakt doordat hethoge vermogen van de kookzone inwerkt opde panbodem. Verminder het ratelende geluiddoor een lagere stand te kiezen.Snelkookpannen Inductiekoken is zeer geschikt voor het kokenin snelkookpannen. De kookzone reageertzeer snel, waardoor de snelkookpan ook snelop druk is. Zodra u een kookzone uitschakeltstopt het kookproces direct.Gebruikte pannen ■Pannen waarmee al eerder op eengaskookplaat is gekookt, zijn niet meerbruikbaar voor inductie.PANNEN
16KooktabelDe onderstaande tabel is uitsluitend bedoeldals leidraad, omdat de instelwaarde af-hankelijk is van de hoeveelheid en samen-stelling van het gerecht en de pan.Gebruik de hoogste stand voor: ■snel aan de kook brengen; ■slinken van bladgroenten; ■blancheren van groenten; ■verhitten van olie en vet ; ■bakken van biefstuk (saignant, rood); ■onder druk brengen van een snelkookpan; ■koken van glad gebonden pudding en vla.Gebruik een iets lagere stand voor: ■aanbraden van vlees; ■bakken van platvis, dunne moten of filet; ■bakken van gare aardappelen; ■bereiden van glad gebonden soepen ensauzen; ■bakken van omeletten; ■bakken van biefstuk (medium, rozerood); ■frituren (afhankelijk van de temperatuur ende hoeveelheid).Gebruik een stand iets boven de middelstestand voor: ■bakken van dikke pannenkoeken; ■bakken van dik, gepaneerd vlees; ■gaar bakken van dun vlees; ■doorbraden van groot vlees; ■uitbakken van spek of bacon; ■bakken van rauwe aardappelen; ■bakken van wentelteefjes; ■bakken van gepaneerde vis; ■bakken van dun, gepaneerd vlees; ■bakken van omeletten.Gebruik de middelste standen voor: ■doorkoken van grote hoeveelheden; ■ontdooien van harde groenten,bijvoorbeeld sperziebonen.Gebruik de laagste standen voor: ■trekken van bouillon; ■rood koken van stoofperen; ■bereiden van stoofvlees; ■doorkoken van gerechten; ■smoren van groenten.COMFORTABEL KOKEN
17AlgemeenDagelijkse reinigingHoewel overgekookt voedsel niet kan in-branden verdient het aanbeveling de kook-plaat direct na gebruik schoon te maken. Voorde dagelijkse reiniging kunt u het beste eenmild reinigingsmiddel en een vochtige doekgebruiken. Nadrogen met keukenpapier of eendroge doek. Hardnekkige vlekkenOok hardnekkige vlekken zijn met een mildreinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel, teverwijderen. Verwijder waterkringen enkalkresten met schoonmaakazijn. Atag heeft een serie schoonmaakmiddelensamengesteld onder de naam Atag Shine. Deze zijn te verkrijgen via de websitewww. hps. nl. Hier vindt u ook diverseschoonmaak- en gebruikstips. Metaalsporen (ontstaan door schuiven vanpannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale middelen verkrijgbaar inde handel. Overgekookte voedselrestenverwijderen met een glasschraper.
Ookgesmolten kunststof en suiker kunt uverwijderen met een glasschraper. Nooit gebruikenSchuurmiddelen mag u nooit gebruiken. Dezeveroorzaken krasjes waarin zich kalk en vuilophopen. Gebruik ook nooit scherpe voor-werpen, zoals staalwol en schuursponsjes. Schakel, voordat u met schoonmaken begint,eerst het kinderslot in. ONDERHOUDSOORT VUILLichte vlekken. Ingebakken vlekken. Overkoken van zoetegerechten, gesmoltenplastic. Kringen en kalkaanslag. Glanzend metalenkleuringen. Wekelijks onderhoud. REINIGINGS METHODEHet te reinigen gebied met warm waterdoorweken, daarna afvegen. Het te reinigen gebied met warm waterdoorweken, een speciaal glaskrabbertjegebruiken om het ergste vuil te verwijderen,daarna met de schuurzijde van eenhuishoudsponsje het resterende vuilverwijderen en afvegen. Warme schoonmaakazijn op de vlekkenaanbrengen, in laten werken en afvegen meteen zachte doek.
18 STORINGENTabelWanneer u twijfelt over de goede werking van uw inductiekookplaat betekent dit nietautomatisch dat deze defect is. Controleer in elk geval de volgende punten: U constateert het volgende: Mogelijke oorzaken: Oplossingen Het display licht op. Normale werking. Niets, de weergave verdwijnt na 30seconden. Slechts één zijde werkt. De zekering in de meterkast isdefect. Continue piep. Verkeerde aansluiting van dekookplaat. Controleer de elektrischeaansluiting. Zie elektrischeaansluiting (pag. 23). Bij het eerste gebruik komt er eenvreemde geur van de kookplaat af. Nieuw apparaat. Verwarm een pan vol water een halfuur lang op elke zone De kookplaat werkt niet en dedisplays op het bedieningspaneelblijven uit. Het apparaat krijgt geen stroom. Defecte voeding of fouteaansluiting. Controleer de zekeringen en deelektrische hoofdschakelaar.
De kookplaat werkt niet en erverschijnt een code F1, F2, F3 of F4. De elektronische schakeling werktslecht. Neem contact op met deServicedienst. De kookplaat werkt niet, de informatie of wordtweergegeven. De kookplaat is vergrendeld. Zie hoofdstuk gebruikkinderbeveiliging. De kookplaat schakelt uit tijdens hetgebruik, er verschijnen 4 liggendestreepjes. Er is iets overgekookt of er ligt eenvoorwerp op het bedieningspaneel. Reinig de kookplaat of verwijder hetvoorwerp en ga verder met koken. Een serie kleine of F0 wordtweergegeven. De elektronische schakelingen zijnwarm geworden. Zie hoofdstuk inbouw. Foutcode F0 Pan is drooggekookt of te heetgeworden. Laat toestel afkoelen of kook oplagere stand verder. Na het inschakelen van eenkookzone blijft het display van hetbedieningspaneel knipperen.
Uw kookplaat maakt een tikkendgeluid tijdens het koken. Normaal voor sommige soortenpannen. Dit wordt veroorzaakt doorde energie die van de kookplaatnaar de pan gaat. Niets. Er is geen gevaar, noch vooruw kookplaat noch voor uw pan. De ventilator blijft enkele minutendoorwerken na uitschakeling van dekookplaat. Afkoeling van de elektronica. Normale werking. Niets.
19 STORINGEN AlgemeenRaadpleeg bij storingen het telefoonnummervan de servicedienst. Zie hiervoor debijgeleverde garantiekaart of raadpleeg deinternet site www.hps.nl.Indien u een barstje of scheurtje (hoeklein ook) op de glasplaat vaststelt,schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit, haalmeteen de stekker van de kookplaat uit hetstopcontact, verbreek de (automatische)zekering(en) in de meterkast of zet deschakelaar in de toevoerleiding op de nul bijeen vaste aansluiting.Neem vervolgens contact op met deservicedienst.Alleen een erkend elektrotechnischinstallateur mag dit toestel aansluiten!De installatie moet geschieden volgens denationale en lokale geldende voorschriften. Schade ontstaan door verkeerd aansluiten ofverkeerd inbouwen valt niet onder degarantie.
20 MILIEUASPECTENVerpakking en toestel afvoerenDe verpakking van het toestel is recyclebaar.Gebruikt kunnen zijn: ■karton; ■polyethyleenfolie (PE); ■CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim).Deze materialen op verantwoorde wijze enconform de overheidsbepalingen afvoeren.Op het typeplaatje is het symbool van eendoorgekruiste vuilnisbak aangebracht:Dit betekent dat het apparaat aan het eindevan zijn levensduur niet bij het gewonehuisvuil mag worden gevoegd, maar naar eenspeciaal centrum voor gescheidenafvalinzameling van de gemeente moetworden gebracht of naar een verkooppunt datdeze service verschaft.Het apart verwerken van een huishoudelijkapparaat zoals deze kookplaat, voorkomtmogelijk negatieve gevolgen voor het milieuen de gezondheid, die door een ongeschikteverwerking ontstaat, en zorgt ervoor dat dematerialen waaruit het apparaat bestaatteruggewonnen kunnen worden om eenaanmerkelijke besparing van energie engrondstoffen te verkrijgen.
21 INSTALLATIEVOORSCHRIFTAlgemeenDit toestel voldoet aan alle relevante CErichtlijnen.Op het gegevensplaatje aan de onderzijde vanhet toestel wordt de totale aansluitwaarde, devereiste spanning en de frequentie aange-geven.VeiligheidAlleen een erkend elektrotechnischinstallateur mag dit toestel aansluiten. De aansluiting moet voldoen aan de nationaleen lokale voorschriften. Het toestel moet altijd geaard zijn.Schade ontstaan door verkeerd aansluiten,verkeerd inbouwen of verkeerd gebruik valtniet onder de garantie.Voor een goede werking van het toestel is hetvan belang dat: ■de aansluitkabel vrij hangt en niet door eenlade wordt aangestoten; ■het werkblad vlak is.De wanden en het werkblad rondom hettoestel moeten van hittebestendig (>85 °C)materiaal zijn. Ook al wordt het toestel zelfniet warm, door de warmte van bijvoorbeeldeen hete braadpan zou de wand kunnenverkleuren of beschadigen.
Elektrische aansluitingHet typenummer, de energiesoort en deaansluitwaarde staan op het gegevensplaatjevermeld.Het gegevensplaatje bevindt zich aan deonderzijde van het toestel.De aansluiting is van het type Y.Dit betekent dat de aansluitkabel alleen magworden vervangen door de fabrikant, deserviceorganisatie of door gelijkwaardiggekwalificeerde personen om gevaarlijkesituaties te voorkomen.Wilt u een vaste aansluiting maken, zorg erdan voor dat er een omnipolaire schakelaarmet een contactafstand van minimaal 3 mm inde toevoerleiding wordt aangebracht.22 INSTALLATIEVOORSCHRIFT
23 INSTALLATIEVOORSCHRIFTElektrische aansluitingHet toestel wordt geleverd met eenaansluitsnoer. Het aansluitsnoer heeftstandaard een doorverbinding tussen debruine en blauwe, en de grijze en zwartedraad. In de meeste gevallen dient u dezedoorverbindingen te verwijderen.2 faseaansluiting 2 fase + 2 nul 2 2N a.c. 230 VVerwijder de doorverbindingen.Uw groep moet gezekerd zijn met 16 A.nulaansluiting N1 (blauw)nulaansluiting N2 (bruin)faseaansluiting L1 (grijs)faseaansluiting L2 (zwart) 2 fase + 1 nul 2 N a.c. 400 VVerwijder de doorverbinding tussen de grijzeen zwarte draad.Uw groep moet gezekerd zijn met 16 A.nulaansluiting N (blauw met bruin)faseaansluiting L1 (grijs)faseaansluiting L2 (zwart)3e fase niet gebruikenDe volgende afwijkende aansluitingen zijn ookmogelijk:1 faseaansluiting 1 fase + 1 nul 1 N a.c.
3 faseaansluiting3 fase zonder nul 3 a.c. 230 VVerwijder de doorverbinding tussen de grijzeen zwarte draad.Uw groep moet gezekerd zijn met 16 A.faseaansluiting L1 (grijs)faseaansluiting L2 (zwart)faseaansluiting L3 (blauw met bruin)VeiligheidsvoorschriftenVoor een goede werking van het toestel is hetvolgende van belang: ■Dat er voldoende ventilatie aanwezig isvoor het koelen van de kookplaat; een enander volgens de in dit hoofdstukgespecificeerde mogelijkheden. ■De ventilatielucht die de kookplaat aanzuigtmag niet warmer zijn dan 65 °C. Houd hierrekening mee als u een oven onder dekookplaat inbouwt. ■Dat de aansluitkabel vrij hangt en niet dooreen lade aangestoten wordt. ■Dat het aanrechtblad vlak is.- Toestel niet inbouwen boven vaatwasser,wasmachine, koelkast of vriezer.24 INSTALLATIEVOORSCHRIFTblauwbruingrijszwartgeel/groen L3 L2 L1230V230V230V
26 INSTALLATIEVOORSCHRIFTBeluchtingDe elektronica in het toestel heeft koelingnodig. Aan de onderzijde van het toestelbevinden zich de ventilatieopeningen. Doordeze openingen moet koele lucht aangezogenkunnen worden. Aan de voorzijde enonderzijde is het toestel voorzien vanuitblaasopeningen. Voor een optimale koelingvan het kooktoestel moet u enkele wijzigingenaanbrengen in het keukenmeubel.Boven lade, deur of vaste blendeZaag de beluchtingsopeningen (min. 100 cm2)uit. Beluchting vindt plaats via plint enachterzijde kast.
Een lade mag de ventilatieopeningenaan de onderzijde van het toestel nietafsluiten.Bij een lade moet er aan de voorzijde eenopening gemaakt worden van minimaal 560 x 3 mm.De afstand tussen lade “ ” en de kookplaatAmoet minimaal 10 mm bedragen.Bij een vaste blende hoeven geen extraaanpassingen voor beluchting te geschieden.VentilatiebeveiligingDe elektronica moet gekoeld worden. Dekoele lucht wordt achter het keukenkastjeaangezogen en aan de onderzijde en voorzijdevan de kookplaat weer uitgeblazen. Hettoestel kan daarom alleen functioneren als ervoldoende lucht kan circuleren.Het toestel schakelt zich na korte tijduit wanneer er onvoldoende luchtcirculeert.150Amin. 560 x 3 mmmin. 10 mm
27 INSTALLATIEVOORSCHRIFTBoven een 60 cm oven van het merk PelgrimNismaat minimaal 600 mm hoog. Beluchtingvindt plaats via plint en achterzijde oven.Bij een oven moet er aan de voorzijde eenopening gemaakt worden van minimaal 560 x 3 mm. Zaag de beluchtingsopeningen "A" + "B"uit (100 cm2). Maak een uitsparing "C" in dezijwand van de keukenkast voor het door-voeren van de aansluitkabel.Let er op dat de aansluitkabels vrij hangen. Iser een lade onder de inductiekookplaat, zorger dan voor dat de lade niet boven de randgevuld is om de beluchting niet te belem-meren.Installatie van de inductiekookplaat boveneen combitron, magnetron, Pelgrim oven van 90 cm of een oven van een ander merk.Zaag de beluchtingsopening(en) uit zodat detotale oppervlakte van de gaten minimaal 100 cm2is. Zie bijvoorbeeld figuur met tweegaten ( ) van 50 cm12.Plaats een schermplaat ( ) tussen de oven en2de kookplaat.
De plaat moet minimaal 10 mmdik zijn en hittebestendig (85 °C). De ruimtetussen de onderzijde van de kookplaat enschermplaat moet minimaal 50 mm bedragen.Plaats, voor afscherming van de luchtstroom,een schermpaneel ( ) van het zelfde materiaal3als de schermplaat tussen de schermplaat ende kookplaat. Beluchting vindt plaats via denaastliggende kasten.Installeer de kookplaat zo dat destekker altijd gemakkelijk bereikbaarblijft. 600CBA5020048min.560 x 3 mm
1. Controleer of het keukenmeubel en deuitsparing voldoen aan de gestelde eisen(uitsparing in werkblad zagen).2. Verwijder de beschermfolie van hetafdichtband en plak het band (A) in de groefvan de aluminium profielen of op de randvan de glasplaat. Plak het afdichtband nietdoor de hoek, maar knip 4 stukken die goedaansluiten in de hoek.3. Als het werkblad van hout is, behandel dande kopse kanten van het werkblad metafdichtvernis, om uitzetten van hetwerkblad door vocht te voorkomen.4. Keer het toestel om en leg het in deuitsparing. 5. Sluit het toestel aan op het elektriciteitsnet.De displays zullen ongeveer 30 secondenoplichten. Dit is normaal!6. Controleer de werking. 7. Overhandig de gebruiksaanwijzing aan uwcliënt.28 INSTALLATIEVOORSCHRIFTAAAAAA
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Pelgrim IDK 652 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Pelgrim
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis