Pelgrim GVW696 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Pelgrim GVW696 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Pelgrim GVW696 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
   
GVW696/P01
GVW697/P01
GVW996/P01
GVW997/P01
Handleiding

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Pelgrim
Categorie: Vaatwasser
Model: GVW696

Handleiding Pelgrim GVW696 – volledige tekst

nl InhoudV eiligheidsvoorschriften 4. Bij aflevering 4. Bij de installatie 4. Dagelijks gebruik 4. Bij kinderen in het huishouden 4 Kinderbeveiliging (deurvergrendeling) 4 Bij schade 5. Bij het afvoeren van het apparaat 5 Kennismaking met het apparaat 5 Bedieningspaneel 5. Binnenkant van het apparaat 5. Wateronthardingsinstallatie 6 Instellen 6. Onthardingszout 7. Gebruik van onthardingszout 7. Indicatie zout bijvullen/ ontharding uitschakelen 7. Glansspoelmiddel 8. Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen 8Indicatie glansspoelmiddel bijvullen uitschakelen 8. Serviesgoed 9. Ongeschikt servies 9. Schade aan glas en serviesgoed 9 Inruimen 9. Uitruimen 9. Kopjes en glazen 9. Pannen 10. Bestekkorf 10. Omklapbare bordensteunen 10. Houder voor kleingoed 10. Messenrek 11. Verstellen van de korfhoogte11. Afwasmiddel 12. V 13ul afwasmiddel. Programma-overzicht 14. Programmakeuze 14.

Aanwijzingen voor vergelijkende tests 14 Extra functies 15. Tijdverkorting/Tijd besparen* 15. Halve belading 15. Hygiëne 15. Intensief Zone 15. Extra drogen 15. Afwassen 15. Programmagegevens 15. Aqua-Sensor 15. Inschakelen van het apparaat 15. Optische indicatie tijdens het programmaverloop 16. Resttijdindicatie 16. Starttijd kiezen 16. Einde van het programma 17. Uitschakelen van het apparaat 17 Onderbreken van het programma 17 Afbreken van het programma (Reset) 17 Wijzigen van het programma 18. Intensief drogen 18. Schoonmaken en onderhoud 18 Algemene toestand van de machine 18 Zeven 19. Sproeiarmen 19. Afvoerpomp 20. Kleine storingen zelf verhelpen 20. bij het inschakelen 21. aan het apparaat 21. bij het instellen 21. bij de afwas 22. aan het serviesgoed 22. Servicedienst 23. Installatie 24. Veiligheidsvoorschriften 24. Aflevering 24. Plaatsing 25. Aansluiten op de waterafvoer 25.

nl4VeiligheidsvoorschriftenBij afleveringControleer onmiddellijk of de ver-pakking en de afwasautomaat tijdenshet transport beschadigd zijn. Eenbeschadigd apparaat niet in gebruiknemen maar contact opnemen metuw leverancier. Het verpakkingsmateriaalmilieuvriendelijk volgens de geldendevoorschriften afvoeren. Laat kinderen niet met de verpakkingen de onderdelen daarvan spelen. Kans op stikken door vouwdozenen folie. Bij de installatieHoe het apparaat volgens de voorschriftengeplaatst en aangesloten moet worden,kunt u nalezen in het hoofdstuk „Installatie”. Dagelijks gebruikDe afwasautomaat alleen in hethuishouden gebruiken en alleen voorhet aangegeven doel: het afwassenvan huishoudelijk serviesgoed. Niet op de geopende deur gaan zittenof staan. Het apparaat kan kantelen. Bij vrijstaande apparaten erop lettendat het apparaat naar voren kan kiepenbij te vol geladen servieskorven.

Doe geen oplosmiddel in de spoel-ruimte. Kans op explosie. Tijdens het programmaverloop de deuralleen heel voorzichtig openen. Er kannamelijk heet water uit het apparaatspuiten. Om verwondingen bijv. door struikelente voorkomen: de afwasautomaattijdens het in- en uitladen zo kortmogelijk openen. Let op de veiligheidsvoorschriftenresp. de aanwijzingen bij het gebruikop de verpakkingen van het afwas-en glansspoelmiddel. AttentieMessen en andere voorwerpen metscherpe punten met de punten naarbeneden in de bestekkorf zetten of platin het messenrek * leggen. * Afhankelijk van het modelBij kinderen in het huishoudenMaak gebruik – indien aanwezig – vande kinderbeveiliging. Een nauwkeurigebeschrijving vindt u achter in deomslag. Laat kinderen nooit met het apparaatspelen of het bedienen. Kinderen uit de buurt van afwasmiddelen glansspoelmiddel houden.

Er kunnen nog resten afwasmiddelin het apparaat zijn achtergebleven. Let op dat kinderen niet in detab-opvangschaal 22 grijpen. De vingertjes kunnen in de sleuvenbeklemd raken. Bij een hoog ingebouwd apparaat bijhet openen en sluiten van de deur eropletten dat kinderen zich niet tussen dedeur van het apparaat en de kastdeureronder wringen en/of bekneld raken. Kinderbeveiliging(deurvergrendeling)De beschrijving van de kinderbeveiligingbevindt zich achterin in de omslag.

nl5Bij schadeReparaties en ingrepen mogen alleendoor een vakkundig monteur wordenuitgevoerd. Hierbij mag het apparaatniet op het lichtnet zijn aangesloten.Stekker uit het stopcontact trekkenof de zekering losdraaien resp.uitschakelen. Kraan dichtdraaien.Bij het afvoeren vanhet apparaatHet afgedankte apparaat onmiddellijkonbruikbaar maken om eventueleongelukken te voorkomen.Het apparaat op een milieuvriendelijkewijze (laten) afvoeren.AttentieKinderen kunnen zichzelf tijdenshet spelen in het apparaat opsluiten (kansop stikken) of in een andere gevaarlijkesituatie geraken.Trek daarom de stekker uit het stop-contact. Aansluitkabel doorknippenen verwijderen.

Deurslot onklaar makenzodat de deur niet meer sluit.Kennismaking methet apparaatDe afbeeldingen van het bedienings-paneel en van de binnenruimte van hetapparaat vindt u vooraan in de omslagvan deze gebruiksaanwijzing.In de tekst wordt op de verschillendeposities gewezen.Bedieningspaneel 1AAN/UIT-schakelaar 2Programmatoetsen ** 3Indicatie „Watertoevoer controleren” 4Indicatie zout bijvullen 5Indicatie glansspoelmiddel bijvullen 6Starttijd kiezen * 7Extra functies ** 8START-toets 9Cijferindicatie 10 Toets om de deur te openen* afhankelijk van het model** Aantal afhankelijk van het modelBinnenkant van het apparaat20Bovenste servieskorf21Messenrek *22Tab-opvangschaal23Bovenste sproeiarm24Onderste sproeiarm25Reservoir voor onthardingszout26Zeven27Bestekkorf28Onderste servieskorf29Voorraadreservoirvoor glansspoelmiddel30Afwasmiddelbakje31Vergrendelingvoor afwasmiddelbakje32Typeplaatje* afhankelijk van het model

nl6WateronthardingsinstallatieVoor een goed afwasresultaat heeft deafwasautomaat zacht water, d.w.z. watermet weinig kalk nodig. Anders zetten zichwitte kalkresten op het serviesgoed ende binnenkant van de spoelruimte af.Leidingwater met een hardheidsgraad boven 7_ dH (vanaf instelwaarde )moet onthard worden.Dit gebeurt met behulp van onthardings-zout (regenereerzout) in de wateront-hardingsinstallatie van de afwasmachine.De instelling en daarmee de benodigdehoeveelheid zout zijn afhankelijk vande hardheidsgraad van het leidingwater.InstellenDe hoeveelheid onthardingszout is van tot instelbaar. Bij de instelwaarde is geenonthardingszout nodig.Vraag de hardheidsgraad van het waterbij het waterleidingbedrijf of bij deServicedienst op.De instelwaarde vindt u in de tabel voorde waterhardheid.Deur openen.AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen.

nl7OnthardingszoutGebruik van onthardingszoutOnmiddellijk vóór het inschakelen van hetapparaat zout bijvullen. Hiermee bereiktu dat de overgelopen zoutoplossingonmiddellijk wordt uitgespoeld en corrosieaan het spoelreservoir wordt voorkomen.De schroefdop van het voorraadreservoir 25 eraf draaien.Het reservoir met water vullen(alleen nodig bij het eerste gebruik).Daarna met voor afwasmachinesgeschikt, speciaal zout vullen(geen keukenzout of tabletten).

Hierdoor wordt het water verdrongenen loopt weg.Zodra de indicatie zout bijvullen 4op het bedieningspaneel brandt, moetopnieuw zout worden bijgevuld.* afhankelijk van het modelGebruik vanreinigingsproductenmet zoutcomponentenBij gebruik van gecombineerde reinigings-producten met zoutcomponenten hoeft inhet algemeen tot een waterhardheid van21° dH (37° fH, 26° Clarke, 3,7 mmol/l)geen onthardingszout gebruikt te worden.Bij een waterhardheid boven 21° dH is hetgebruik van onhardingszout noodzakelijk.Indicatie zout bijvullen/ontharding uitschakelenAls de indicatie zout bijvullen 4 stoort(bijv.

bij gebruik van gecombineerdereinigingsproducten met zoutcom-ponenten), dan kan deze uitgeschakeldworden.Ga te werk zoals onder„Onthardingsinstallatie instellen”is beschreven en de waarde op zetten.Hiermee zijn de onthardingsinstallatieen de indicatie zout bijvullenuitgeschakeld.WaarschuwingenHet zoutreservoir nooit met afwas-middel vullen. Hierdoor gaat deonthardingsinstallatie kapot.Zout moet altijd onmiddellijk vóór hetinschakelen van het apparaat wordenbijgevuld om schade door corrosiete voorkomen.

nl8GlansspoelmiddelZodra de glansspoelmiddelindicatie 5op het bedieningspaneel brandt, moetglansspoelmiddel worden bijgevuld. Glansspoelmiddel hebt u nodig voorstreeploos gedroogd serviesgoed enheldere glazen. Gebruik alleen glansspoelmiddel voorhuishoudelijke afwasautomaten. Gecombineerde reinigingsproducten metglansspoelcomponenten kunnen alleen toteen waterhardheid van 21 _dH (37 _fH,26 _Clarke, 3,7 mmol/l) gebruikt worden. Bij een waterhardheid boven 21 _dH isook hier het gebruik van glansspoelmiddelnoodzakelijk. Het voorraadreservoir 29 openendoor het lipje op het deksel in tedrukken en op te tillen. Glansspoelmiddel voorzichtig tot demax. markering in de vulopeninggieten. Deksel sluiten tot u een klik hoort. Eventueel gemorst glansspoelmiddelmet een doekje verwijderen om over-matige schuimontwikkeling bij devolgende afwasbeurt te voorkomen.

voor-werpen van kristal) kunnen dof wordennadat ze vele malen zijn afgewassen.Schade aan glasen serviesgoedOorzaken:Glassoort en fabricagewijze van hetglas.Chemische samenstelling van hetafwasmiddel.Temperatuur van het water tijdensde afwas.Advies:Gebruik alleen glas en porselein datvolgens de fabrikant geschikt is voorde afwasautomaat.Gebruik afwasmiddel waarop staataangegeven dat het het serviesgoedontziet.Glas en bestek na afloop van hetprogramma zo snel mogelijk uit deafwasmachine halen.InruimenGrove etensresten verwijderen.Voorspoelen onder stromend wateris niet nodig.Het serviesgoed zodanig inruimen datDhet stevig staat en niet kanomvallen.Dalle soorten serviesgoed metde opening naar beneden staan.Dserviesgoed met een ronding of eenholte schuin staat zodat het waterer vanaf kan lopen.D het de twee sproeiarmen 23 en 24 tijdens het ronddraaien nietbelemmert.Hele kleine voorwerpen niet in de machineafwassen.

Ze kunnen gemakkelijk uit deservieskorven vallen.UitruimenOm te vermijden dat waterdruppels vande bovenste servieskorf op het servies-goed in de onderste servieskorf vallen,is het aan te raden het apparaat van ondernaar boven uit te ruimen.Kopjes en glazen Bovenste servieskorf 20* afhankelijk van het model

nl10Pannen Onderste servieskorf 28BestekkorfBestek altijd ongesorteerd met de scherpekant naar beneden inruimen.Om verwondingen te voorkomen: lange,puntige bestekdelen en messen in hetmessenrek leggen.Omklapbare bordensteunen ** afhankelijk van het modelDe bordensteunen zijn omklapbaarwaardoor pannen, schalen en glazenpraktischer kunnen worden ingeruimd.Houder voor kleingoed ** afhankelijk van het modelHierdoor kunnen lichte kunststof voor-werpen zoals bekers, deksels enz. vast-geklemd worden.

nl11Messenrek ** afhankelijk van het modelLange messen en andere lange voor-werpen kunnen horizontaal ingeruimdworden.U kunt het messenrek eruit halen omhoger serviesgoed af te wassen. Let bijhet inbouwen op de juiste positie van hetmessenrek.Verstellen van de korfhoogte ** afhankelijk van het modelDe bovenste servieskorf kan – indiengewenst – in de hoogte versteld wordenom in de bovenste of in de ondersteservieskorf meer ruimte te maken voorhoger serviesgoed.Hoogte van het apparaat 81,5 cmBovenstekorfOnderstekorf Stand 1 max. ∅22 cm 30 cm Stand 2 max. ∅24,5 cm 27,5 cm Stand 3 max. ∅27 cm 25 cmHoogte van het apparaat 86,5 cmBovenstekorfOnderstekorf Stand 1 max. ∅24 cm 33 cm Stand 2 max. ∅26,5 cm 30,5 cm Stand 3 max.

nl12Om de korf op te tillen de korf aande zijkant aan de bovenste randvastpakken en naar boven trekken. Overtuig u ervan dat de korf – voordatu hem weer in het apparaat schuift –aan beide zijden op dezelfde hoogt ligt. Anders kan de deur van het apparaatniet dicht en heeft de bovenstesproeiarm geen verbinding met hetaansluitpunt van de watertoevoer. bovenste servieskorf met bovenen onder een paar rollenDe bovenste servieskorf uittrekken. De bovenste servieskorf eruit halenen op de bovenste (stand 3) resp. onderste (stand 1) rollen weer erinhangen. AfwasmiddelU kunt zowel tabletten als poedervormigeof vloeibare afwasmiddelen voor dewasmachine gebruiken, maar nooithandafwasmiddel. Tabs bevatten behalveafwasmiddel vaak ook glansspoelmiddelen zout (3in1) en afhankelijk van decombinatie (4in1, 5in1 enz. ) nog anderecomponenten zoals glasbescherming ofroestvrijstaalglans.

Als het afwasmiddelglansspoelmiddel en zout bevat, danvervalt normaal gesproken tot eenbepaalde waterhardheidsgraad de extradosering van glansspoelmiddel en zout. Bij hogere hardheidsgraden en bij gebruikvan losse afwasmiddelen (poedervormigeof vloeibare reinigingsmiddelen resp. tabletten zonder glansspoelmiddel enzout) moeten glansspoelmiddel en zoutworden toegevoegd. Het apparaat doseertdeze automatisch volgens de tevoreningestelde waarden voor de waterhardheiden de hoeveelheid glansspoelmiddel. Zodra gecombineerdereinigingsproducten gebruikt wordenpast het afwasprogramma zichautomatisch zodanig aan dat altijdhet best mogelijke afwas- endroogresultaat bereikt wordt. TipHet in acht nemen van de gebruiks-aanwijzing of van de aanwijzingen op deverpakking van de reinigingsproductenis van groot belang voor de effectiviteitvan deze middelen.

nl13Vul afwasmiddel Afwasmiddelbakje 30 metafwasmiddel vullen (tablet platneerleggen, niet op zijn kant). Dosering: zie de aanwijzingen vande fabrikant op de verpakking. Deksel van het bakje omhoog schuiventot de sluiting hoorbaar vastklikt. Het afwasmiddelbakje gaat, afhankelijkvan het programma, op het juiste tijdstipautomatisch open. Het poedervormigeof vloeibare afwasmiddel wordt in hetapparaat verdeeld en opgelost, hettablet valt in de tab-opvangschaalen wordt daar gedoseerd opgelost. TipAls het serviesgoed niet erg vuil is, kuntu normalerwijze volstaan met minderafwasmiddel dan is aangegeven. WaarschuwingenLeg geen kleine voorwerpen om af te wassen in de tab-opvangschaal 22 ;hierdoor kan het tablet niet gelijkmatigoplossen. Als u na de start van het programmaserviesgoed wilt bijvullen, gebruik de tab-opvangschaal 22 dan niet alshandgreep voor de bovensteservieskorf.

Het tablet kan er al inliggen waardoor u met het gedeeltelijkopgeloste tablet in contact komt. AanwijzingenOptimale afwas- en droogresultatenbereikt u door het gebruik van losseafwasmiddelen in combinatie met(apart) gebruik van onthardingszouten glansspoelmiddel. Bij korte programma’s kunnen tablettendoor een verschillende manier vanoplossen eventueel niet de vollereinigingskracht ontwikkelen waardoorer onopgeloste afwasmiddeldeeltjesachterblijven. Voor deze programma’sis een reinigingsmiddel in poedervormbeter geschikt. Bij het programma „Intensief” (niet bijalle modellen) is de dosering vanéén tablet voldoende. Bij gebruik vanpoedervormig afwasmiddel kuntu nog wat extra afwasmiddel op debinnenkant van de deur strooien.

Ook als de indicatie glansspoelmiddelen/of zout bijvullen brandt, verloopthet afwasprogramma bij gebruik vangecombineerde reinigingsmiddelenvlekkeloos (neem bij gebruik van dezeproducten het bijvullen vanglansspoelmiddel bij een waterhardheidboven 21 _dH in acht – zie hoofstuk„Glansspoelmiddel”).

Als u van gecombineerde reinigings-middelen op losse afwasmiddelenomschakelt, let er dan op dat dewateronthardingsinstallatie en dehoeveelheid glansspoelmiddel opde juiste waarde zijn ingesteld. Bij gebruik van afwasmiddelen metin water oplosbaar beschermendomhulsel: Het omhulsel alleen metdroge handen vastpakken. Het afwas-middelbakje moet vóór het vullenabsoluut droog zijn, anders kan hetafwasmiddel eraan vastplakken.

nl14Programma-overzichtIn dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bij uw apparaatbehorende programma’s kunt u op het bedieningspaneel aflezen.

Programma Soort serviesgoeden mate vanvervuiling Programmaverloop Eventuele extrafuncties Intensief 70ºPannen,serviesgoeden bestekErg vuilVoorspoelenReinigen 70ºTussenspoelenGlansspoelen 70ºDrogenalle Normaal 65°Serviesgoeden bestekNormaal vervuildVoorspoelenReinigen 65ºTussenspoelenGlansspoelen 65ºDrogenalle Auto 45º º–65 Serviesgoeden bestekNormaal vervuildWordt naar mate vande vervuiling met behulpvan het sensorsysteemgeoptimaliseerd.alle Eco 50°Serviesgoeden bestekNormaal vervuildVoorspoelenReinigen 50ºTussenspoelenGlansspoelen 65ºDrogenalle Glas 40ºServiesgoeden bestekLicht vervuildVoorspoelenReinigen 40ºTussenspoelenGlansspoelen 55ºDrogenIntensief ZoneTijd besparenHalve beladingExtra drogen Snel 45ºServiesgoeden bestekLicht vervuildReinigen 45°TussenspoelenGlansspoelen 55ºExtra drogen Voorspoelen Voorspoelen geenLicht vervuildProgrammakeuzeAan de hand van het soort serviesgoeden de mate van vervuiling kunt u eenpassend programma uitzoeken.Aanwijzingen voorvergelijkende testsDe voorwaarden voor de vergelijkendetests vindt u op het extra blad„Aanwijzingen voor vergelijkende tests”.

nl15Extra functies* afhankelijk van het modelInstelbaar via de toetsen extra functies7. Tijdverkorting/Tijd besparen*De afwastijden en de droogfase wordenverkort. Door de tijdverkorting wordt hetafwas- en droogresultaat verminderd. Halve belading *Als u maar weinig afwas hebt (bijv. glazen,kopjes, borden), dan kunt u de „Halvebelading” bijschakelen. Hiermee bespaartu water, energie en tijd. Vul het afwas-middelbakje met iets minder afwasmiddeldan zoals aanbevolen bij een vollebelading van de machine. Hygiëne *Tijdens het reinigingsproces wordt detemperatuur verhoogd. Hierdoor wordteen verhoogde hygiënestatus bereikt. Deze extra functie is ideaal voor bijv. hetafwassen van snijplanken of babyflesjes. Intensief Zone *Perfect voor gemengde belading. U kunterg vuile potten en pannen in de ondersteservieskorf samen met normaal vervuildserviesgoed in de bovenste korf afwassen.

De sproeidruk in de onderste servieskorfwordt versterkt, de temperatuur van hetafwaswater iets verhoogd. Extra drogen *Tijdens het glansspoelen wordt detemperatuur verhoogd en de droogfaseverlengd waardoor ook de kunststof delengoed kunnen drogen. Het energieverbruikis iets hoger. AfwassenProgrammagegevensDe programmagegevens (verbruiks-waarden) vindt u in de korte handleiding. Ze hebben betrekking op normaleomstandigheden en de instelwaarde van de waterhardheid. Verschillendefactoren zoals de temperatuur van hetwater en de druk in de waterleidingzijn hierbij van invloed en kunnentot afwijkingen leiden. Aqua-Sensor ** afhankelijk van het modelDe Aqua-Sensor is een optisch meet-systeem (met lichtstraal) waarmee devertroebeling van het afwaswater wordtgemeten. Afhankelijk van het programma treedtde Aqua-Sensor in werking.

Als deAqua-Sensor actief is, kan „schoon”afwaswater in de volgende reinigingsfasegebruikt worden en het waterverbruikdaardoor met 3–6 liter verminderd worden. Is het water te vuil, dan wordt hetafgepompt en door vers water vervangen.

In de automatische programma’s wordenbovendien temperatuur en looptijd aande mate van vervuiling aangepast. Inschakelen van het apparaatKraan helemaal opendraaien. Deur openen. AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen. De indicatie van het laatst gekozenprogramma knippert. Dit programmablijft gekozen zolang er geen andereprogrammatoets 2 wordt ingedrukt. Op de cijferindicatie 9 knippert devermoedelijke programmaduur. START-toets 8 indrukken. Deur sluiten. Het programmaverloop start.

nl16Optische indicatie tijdenshet programmaverloop ** afhankelijk van het modelTijdens het programmaverloop verschijnteen lichtpunt op de vloer onder de deurvan het apparaat. Deur van het apparaatpas dan openen als de lichtpunt op devloer niet meer te zien is.Bij inbouw in een hoge kast met afsluitendmeubelfront in één lijn is het lichtpunt niette zien.Deze functie kan als volgt gewijzigdworden:Deur openen.AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen. Programmatoets A ingedrukt houdenen de START-toets 8 net zolangindrukken tot de cijferindicatie brandt.Beide toetsen loslaten. De indicatie van toets A knipperten op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde .

Programmatoets A net zo vaakindrukken tot op de cijferindicatie 9de in de fabriek ingestelde waarde verschijnt.Om de instelling te wijzigen: Door toets C in te drukken kunt u de functie uit- of inschakelen.START-toets 8 indrukken.De instelwaarde is opgeslagen.Deur sluiten.ResttijdindicatieBij de keuze van het programma verschijntop de cijferindicatie 9 de resterendeduur van het programma.De programmaduur wordt tijdens hetprogramma bepaald door de temperatuurvan het water, de hoeveelheid servies-goed en de mate van vervuiling en kan(afhankelijk van het gekozen programma)variëren.Starttijd kiezen ** afhankelijk van het modelU kunt het programma tot 24 uur later(in stappen van een uur) laten starten.Deur openen.AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen.Toets 6 + indrukken tot decijferindicatie 9 op springt.Toets 6 + of – net zo vaak indrukkentot de aangegeven tijd aan uw wensvoldoet.START-toets 8 indrukken,de gekozen starttijd is geactiveerd.Om de gekozen starttijd te wissen:de toets 6 + of – net zo vaakindrukken tot op de cijferindicatie verschijnt.Tot de starttijd kunt u het programmawillekeurig wijzigen.Deur sluiten.

nl17Einde van het programmaHet programma is beëindigd als opde cijferindicatie 9 de waarde verschijnt. Bovendien wordt het einde van hetprogramma door een zoemtoonakoestisch aangegeven. Deze functie kan als volgt gewijzigdworden:Deur openen. AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen. Programmatoets A ingedrukt houdenen de START-toets 8 net zolangindrukken tot de cijferindicatie brandt. Beide toetsen loslaten. De indicatie van toets A knipperten op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde. Programmatoets A net zo vaakindrukken tot op de cijferindicatiede door de fabriek ingestelde waarde verschijnt. Om de instelling te wijzigen: Programmatoets C indrukken. Bij elke druk op de toets wordt deinstelwaarde met één cijfer verhoogd. Als de waarde is bereikt, dan springt de indicatie weer op (uit). START-toets 8 indrukken,de instelwaarde is opgeslagen. Deur sluiten.

Uitschakelen van het apparaatKorte tijd na afloop van het programma:Deur openen. AAN/UIT-schakelaar 1 uitschakelen. Kraan dichtdraaien (niet bij Aqua-Stop). Na afkoeling het serviesgoed uit hetapparaat halen. AttentieOm na afloop van het programmahet serviesgoed uit te ruimen: de deurhelemaal openen en niet op een kier latenstaan. Eventueel nog ontsnappendewaterdamp kan gevoelige werkbladenbeschadigen. Onderbreken van hetprogrammaDeur openen. AAN/UIT-schakelaar 1 uitschakelen. De indicatielampjes gaan uit. Het pro-gramma blijft in het geheugenopgeslagen. Als bij aansluiting op warm water of alshet apparaat al is opgewarmd de deurvan het apparaat geopend werd, dedeur eerst een paar minuten op eenkier laten staan en dan pas dichtdoen. Anders kan de deur van het apparaatdoor expansie (overdruk) openspringenof water uit het apparaat komen.

Om het programma voort te zettende AAN/UIT-schakelaar 1 weerinschakelen. Deur sluiten. Afbreken van het programma(Reset)Deur openen. START-toets 8 gedurendeca. 3 seconden indrukken. De cijferindicatie 9 geeft aan. Deur sluiten. Het programma is na ca.

nl18Wijzigen van het programmaNa het indrukken van de START-toets 8kan het programma niet gewijzigd worden. Wijzigen van het programma is alleenmogelijk door het programma af te breken(Reset). Intensief drogenTijdens het glansspoelen wordt detemperatuur verhoogd waardoor hetdroogresultaat wordt verbeterd. De looptijdkan hierdoor iets verlengd worden. (Weesvoorzichtig met gevoelig serviesgoed. )Deur openen. AAN/UIT-schakelaar 1 inschakelen. Programmatoets A ingedrukt houdenen de START-toets 8 net zolangindrukken tot de cijferindicatie brandt. Beide toetsen loslaten. De indicatie van toets A knipperten op de cijferindicatie brandt de door de fabriek ingestelde waarde. Programmatoets A net zo vaakindrukken tot op de cijferindicatie 9de in de fabriek ingestelde waarde verschijnt.

Om de instelling te wijzigen: Door indrukken van de toets C kuntu het programma Intensief drogen in- of uitschakelen. START-toets 8 indrukken. De instelwaarde is opgeslagen. Deur sluiten. Schoonmakenen onderhoudRegelmatige controle en onderhoud vanhet apparaat dragen ertoe bij defecten tevoorkomen. Dit bespaart u tijd en ergernis. Algemene toestand vande machineSpoelruimte controleren op kalkaanslagen vetresten. Als u zulke aanslag aantreft:afwasmiddelbakje met afwasmiddelvullen. Het apparaat zonderserviesgoed in het programma metde hoogste afwastemperatuur starten. Om het apparaat te reinigen alleenspeciaal voor afwasautomaten geschikteafwas-/schoonmaakmiddelen gebruiken. Deurafdichting regelmatig met eenvochtig doekje afnemen. Gebruik bij het reinigen van uwafwasautomaat nooit een stoomreiniger. De fabrikant kan niet aansprakelijk wordengesteld voor eventuele gevolgen.

nl19Onthardingszouten glansspoelmiddelDe bijvulindicaties 4 en 5controleren. Eventueel zout en/ofglansspoelmiddel bijvullen.Zeven De zeven 26 zorgen ervoor dat groveetensresten in het spoelwater niet in deafvoerpomp terechtkomen. Door dezeetensresten kunnen de zeven verstoptraken.Het zevensysteem bestaat uit een grovezeef, een vlakke fijne zeef en een micro-zeef.Na elke afwasbeurt de zevenop etensresten controleren.Zeefcylinder zoals afgebeeld losdraaienen het zeefsysteem eruit halen.Eventuele etensresten verwijderenen de zeven onder stromend waterschoonmaken.Zevensysteem in omgekeerde volgordeweer erin zetten en erop letten dat degemarkeerde pijlen na het sluitentegenover elkaar staan.SproeiarmenKalk en etensresten in het afwaswaterkunnen de sproeiopeningen en de lagers van de sproeiarmen 23 en 24blokkeren.Sproeiopeningen van de sproeiarmenop verstopping controleren.

nl20AfvoerpompGrove etensresten in het afwaswaterdie niet door de zeven wordentegengehouden, kunnen de afvoerpompblokkeren. Het afwaswater wordt dan nietafgepompt en blijft boven de zeef staan.In dit geval:Altijd eerst de stekker uit het stop-contact trekken resp de zekeringuitschakelen of losdraaien. Zeven 26 eruit halen.Water eruit scheppen, eventueelmet behulp van een spons.Pompafdekking (zoals afgebeeld)met behulp van een lepel eruit tillen totu een klik hoort.

Hierna de afdekkingaan het verbindingsstuk naar boventrekken tot u niet verder kunt en daarnanaar voren eruit trekken.Binnenruimte op vreemde voorwerpencontroleren en deze – indien nodig –verwijderen.Afdekking weer in de oorspronkelijkestand brengen, naar beneden drukkenen vastklikken.Zeven monteren.Kleine storingenzelf verhelpenDe meeste storingen die in het dagelijksgebruik voorkomen, kunt u zelf verhelpenzonder de hulp van de Servicedienst inte roepen. Hiermee bespaart u natuurlijkkosten en bent u er zeker van dat demachine snel weer gebruikt kan worden.Het volgende overzicht kan u erbij helpende oorzaken van de ontstane storingte vinden.AttentieAls op de cijferindicatie 9 een foutcodeverschijnt (E:01 tot E:30), moet altijd eerstde stekker van het apparaat uit het stop-contact getrokken resp.

de zekeringuitgeschakeld worden en de kraan wordendichtgedraaid.Bepaalde storingen (zie de volgendebeschrijving van storingen) kunt u zelfverhelpen; bij alle andere storingena.u.b. de Servicedienst inschakelen ende aangegeven storing E:XX aangeven.AttentieAttentie: reparaties mogen alleen dooreen vakkundig monteur worden uitgevoerd.Mocht het uitwisselen van een onderdeelnoodzakelijk zijn, let er dan op dat alleenoriginele onderdelen gebruikt worden.Ondeskundige reparatie of gebruik vanniet-originele onderdelen kan aanzienlijkeschade en gevaar voor de gebruikeropleveren.

nl21... bij het inschakelenHet apparaat start niet.Zekering van de huisinstallatie nietin orde.De stekker zit niet in het stop-contact.De deur van het apparaat is nietgoed dicht.... aan het apparaatDe onderste sproeiarm draaitmoeilijk.Sproeiarm geblokkeerd.De deur kan niet alleen moeilijkgeopend worden. *Kinderbeveiliging is geactiveerd.De gebruiksaanwijzing voor dedeactivering bevindt zich achterinin de omslag.* afhankelijk van het modelDe deur kan niet sluiten.Het deurslot is omgesprongen.Om het slot terug te zetten de deurmet grote kracht sluiten....

bij het instellenDe instelling kan niet gewijzigdworden, een programma start.Verkeerde programmatoetsingedrukt.Het programma afbreken(zie hoofdstuk „Programmaafbreken (Reset)”) en van vorenaf aan beginnen.Einde van het programma nietafgewacht.Deksel van het afwasmiddelbakjekan niet gesloten worden.Afwasmiddelbakje te vol ofmechanisme door vastgeplakteafwasmiddelresten geblokkeerd.Afwasmiddelresten in hetafwasmiddelbakje.Afwasmiddelbakje was tijdenshet vullen vochtig.Indicatie „Watertoevoercontroleren” 3 brandt.Kraan dicht.Watertoevoer onderbroken.Watertoevoerslang geknikt.Zeef aan de kraan verstopt.Apparaat uitschakelen en destekker uit het stopcontacttrekken.Kraan dichtdraaien.Zeef in de toevoerslangschoonmaken.Stroom weer inschakelen.Kraan opendraaien.Apparaat inschakelen.Na afloop van het programmablijft er water in het apparaatstaan.(E24) Waterafvoerslangverstopt of geknikt.(E25) Waterafvoerpompgeblokkeerd, afdekking vande waterafvoerpomp nietvastgeklikt (zie Schoonmakenen onderhoud).Zeven verstopt.Programma nog nietbeëindigd.

nl22Bijvulindicatie voor zout 4 en/ofglansspoelmiddel 5 brandt niet. Bijvulindicatie(s) uitgeschakeld. Voldoende zout/glansspoelmiddelaanwezig. De navulindicatie voor speciaalzout 4 brandt. Het zout ontbreekt. Onthardingszout bijvullen. Sensor herkent de zouttablettenniet. Ander speciaal zout gebruiken. bij de afwasAbnormale schuimvormingHandafwasmiddel in het reservoirvoor glansspoelmiddel. Gemorst glansspoelmiddel leidttot overmatige schuimvorming. Daarom moet u het gemorsteglansspoelmiddel met een doekjeverwijderen. Het programma stopt tijdensde afwas. Stroomtoevoer onderbroken. Watertoevoer onderbroken. Klappende/kletterende geluidentijdens de afwas. De sproeiarm slaat tegen hetserviesgoed. Het serviesgoed is niet goedingeruimd. Klappende geluiden vande vulventielen. Wordt veroorzaakt door de liggingvan de waterleiding maar heeftgeen invloed op het functionerenvan het apparaat.

Deze geluidenkunnen niet verholpen worden. aan het serviesgoedEtensresten op het serviesgoed. Serviesgoed te dicht op elkaaringeruimd, servieskorf te vol. Te weinig afwasmiddel. Te zwak afwasprogrammagekozen. Sproeiarmen konden nietongehinderd ronddraaien. Sproeiers van sproeiarmenverstopt. Zeven verstopt. Zeven verkeerd ingezet. Afvoerpomp geblokkeerd. Bovenste servieskorf rechts enlinks niet op dezelfde hoogte eringezet. Er zijn resten thee of lippenstiftachtergebleven. Het afwasmiddel heeft te weinigbleekwerking. Te lage afwaswatertemperatuur. Te weinig/ongeschikt afwasmiddelWitte vlekken op hetserviesgoed/de glazenblijven melkkleurig. Bij het gebruik van afwasmiddel zonderfosfaat kan er bij hard leidingwater eerderwitte aanslag op het serviesgoed en debinnenwanden van de machine ontstaan. Te weinig/ongeschikt afwasmiddel. Te zwak programma gekozen. Geen/te weinig glansspoelmiddel.

nl23Doffe, verkleurde glazen, aanslagkan niet worden afgewassen.Ongeschikt afwasmiddel.Glazen niet geschikt voorafwasmachine.Strepen op glazen en bestek,glazen zien er metaalachtig uit.Te veel glansspoelmiddel.Verkleuringen op kunststof delen.Te weinig/ongeschikt afwasmiddel.Te zwak programma gekozen.Roestsporen op het bestek.Bestek niet roestbestendig.Zoutgehalte in het afwaswaterte hoog doordat het deksel vanhet zoutreservoir niet goed isvastgedraaid of bij het bijvullenzout gemorst werd.Serviesgoed niet droog.De deur van het apparaat werd tevroeg geopend en het serviesgoedwerd er te snel uitgehaald.Een programma zonder drogengekozen.Te weinig glansspoelmiddel.ServicedienstAls u de storing niet zelf kunt verhelpen,roep dan de hulp van de Servicedienst in.Het dichtstbijzijnde adres van de Service-dienst vindt u in het telefoonboek of in demeegeleverde brochure met service-adressen.

Geef aan de Servicediensttypenummer (1) en het FD-Nummer (2)op. U vindt deze gegevens op het type-plaatje 32 op de deur van het apparaat.FD12AttentieAls u om een monteur vraagt en het blijktdat hij alleen maar een advies (bijv. overde bediening of het onderhoud van hetapparaat) hoeft te geven om de storingte verhelpen, dan moet u, ook in degarantietijd, de volledige kosten vandat bezoek betalen.

nl24InstallatieOm de afwasautomaat goed te latenfunctioneren moet hij vakkundig wordenaangesloten. De gegevens van water-toevoer en waterafvoer en de elektrischeaansluitwaarden moeten met de vereistecriteria overeenkomen zoals deze in devolgende alinea’s resp. in het montage-voorschrift zijn beschreven. Bij de montage de juiste volgorde vande handelingen aanhouden:Bij aflevering controlerenPlaatsenAansluiten op de waterafvoerAansluiten op de watertoevoerElektrische aansluitingVeiligheidsvoorschriftenHet apparaat volgens het installatie-en montagevoorschrift plaatsen enaansluiten. Tijdens het installeren magde afwasautomaat niet op hetelektriciteitsnet zijn aangesloten. Overtuig u ervan dat het aardings-systeem van de elektrischehuisinstallatie volgens de elektro-technische voorschriften isgeïnstalleerd.

De elektrische aansluitvoorwaardenmoeten overeenkomen met degegevens op het typeplaatje vande afwasautomaat. Als de elektrische aansluitkabel van hetapparaat beschadigd wordt, dan moetdeze door een speciale aansluitkabelvervangen worden. Om gevaren te voorkomen mag dezealleen door de Servicedienst vervangenworden. Als de afwasmachine in een hoge kastmoet worden ingebouwd, dan moetdeze volgens de voorschriftenbevestigd worden. Voor een goede stabiliteit van hetapparaat mogen integreerbare ofonderbouwapparaten alleen ondereen doorlopend werkblad wordeningebouwd dat aan de kasten ernaastis vastgeschroefd. Het apparaat niet in de buurt van eenwarmtebron (radiator, boiler, fornuis ofandere apparaten die warmte afgeven)installeren en niet onder een kook-plateau inbouwen. Na het plaatsen van het apparaat moetde stekker gemakkelijk te bereiken zijn.

AttentieAls het apparaat niet in een nis staatwaardoor een zijwand toegankelijk is,dan moeten de deurscharnieren omveiligheidsredenen aan de zijkant afgedektworden (kans op verwondingen). De afdekkingen zijn als extra toebehorentegen meerprijs bij de Servicedienst of bijuw leverancier verkrijgbaar. AfleveringUw afwasmachine werd in de fabriekgrondig gecontroleerd op correctfunctioneren. Hierbij zijn kleine water-vlekken achtergebleven. Dezezijn na de eerste afwas verdwenen.

nl25PlaatsingDe vereiste inbouwmaten vindtu in het montagevoorschrift.Het apparaat met behulp van deverstelbare voetjes waterpas zetten.Let erop dat het apparaat stevig staat.Geïntegreerde en onderbouwapparatendie naderhand als vrijstaand apparaatworden opgesteld, moeten beveiligdworden tegen kantelen, bijv. door vast-schroeven aan de wand of door inbouwonder een doorlopend werkblad dataan de kasten ernaast is vast-geschroefd.Het apparaat kan zonder problementussen wanden van hout of kunststofin een rij keukenmeubelen wordeningebouwd. Als de stekker na hetinbouwen niet gemakkelijk bereikbaaris, dan moet er volgens de veiligheids-voorschriften een meerpoligescheidingsinstallatie met eencontactopening van minimaal 3 mmaanwezig zijn.Aansluiten op de waterafvoerDe noodzakelijke handelingen vindtu in het montagevoorschrift.

Eventueeleen sifon met aansluitnippel monteren.Afvoerslang met behulp van demeegeleverde onderdelen op deaansluitnippel van de sifon aansluiten. Let erop dat de waterafvoerslang nietgeknikt, ingedrukt of ineen gestrengeldis en dat een stop in de afvoer hetwegstromen van het water nietbelemmert!Aansluiten op de watertoevoerAansluiting volgens het montage-voorschrift. De toevoerslang met behulpvan de meegeleverde onderdelenop de kraan aansluiten.Let erop dat de toevoerslangniet geknikt, platgedrukt ofineengestrengeld is.Bij vervanging van het apparaat moetaltijd een nieuwe watertoevoerslangin gebruik worden genomen.Waterdruk:minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk eendrukreduceerventiel ervoor installeren.Hoeveelheid binnenstromend water:minimaal 10 liter per minuutTemperatuur van het water:Bij voorkeur koud water, bij warm watermax. temperatuur 60 °C.

nl26Elektrische aansluitingHet apparaat uitsluitend via een volgensde voorschriften aangebracht, rand-geaard stopcontact op 220 V tot 240 Ven 50 Hz of 60 Hz aansluiten. Zie het typeplaatje 32 voor de vereistezekering. Het stopcontact moet zich in de buurtvan het apparaat bevinden en ook nahet inbouwen gemakkelijk bereikbaarzijn. Veranderingen in de aansluiting mogenalleen door een vakkundig monteurworden uitgevoerd. Een verlenging van de elektrischeaansluitkabel mag alleen door deServicedienst geleverd worden. Bij gebruik van een aardlekschakelaarmag alleen een type met het teken geïnstalleerd worden. Alleen dezevoldoet aan de nu geldende voor-waarden. Het apparaat is voorzien vaneen waterbeveiligingssysteem. Let op: het functioneert alleen als hetapparaat op de stroom is aangesloten. DemontageNeem ook hier de volgorde vande handelingen in acht.

Apparaat van het elektriciteitsnetloskoppelen. Kraan dichtdraaien. Aansluiting op de waterafvoeren -toevoer loskoppelen. Bevestigingsschroeven onderhet werkblad eruit draaien. De plint – indien aanwezig –demonteren. Apparaat eruit halen en daarbij deslang voorzichtig naar voren trekken. TransportAfwasmachine leeg laten lopenen losse onderdelen vastzetten. Het apparaat in de volgende stappenlegen:Kraan opendraaien. Deur openen. AAN/UIT-schakelaar 1inschakelen. De indicaties van het laatstgekozen programma gaanbranden. Programma met de hoogstetemperatuur kiezen. Op de cijferindicatie 9 verschijntde vermoedelijke duur van hetprogramma. START-toets 8 indrukken. Deur sluiten. Het programmaverloop start. Na ca. 4 minuten de deur openen. START-toets 8 net zolangindrukken tot deze de cijfer- indicatie aangeeft. Deur sluiten. Na ca. 1 minuut de deur openen. Op de cijferindicatie verschijnt.

nl27Afvoeren van de verpakkingen van uw oude apparaatZowel de verpakking van het nieuweapparaat als het oude apparaat bevatwaardevolle grondstoffen en materiaaldat hergebruikt kan worden.De afzonderlijke delen a.u.b. gesorteerdafvoeren.U kunt bij uw leverancier of bij degemeente informeren hoe u uw oudeapparaat en het verpakkingsmateriaalkunt (laten) afvoeren.VerpakkingAlle kunststof delen van het apparaatzijn gemerkt met een gestandaardiseerdafkortingsteken (bijv. >PS< polystyreen).Hierdoor is bij het afvoeren van hetapparaat een scheiding per soort vande kunststof afvaldelen mogelijk.Neem a.u.b. de aanwijzingen voorde veiligheid onder „Bij levering” in acht.Uw oude apparaatNeem a.u.b.

40 Kinderbeveiliging inschakelen 41 Deur openen bij ingeschakeldekinderbeveiliging 42 Kinderbeveiliging uitschakelenZorg dat de deur van het apparaat altijdgoed gesloten is als u het apparaat verlaat.Alleen zo kunt u uw kinderen tegeneventuele gevaren beschermen.Kinderbeveiliging *Grote bakplaten of roosters en borden met een doorsnede van meer dan 30 cm (gourmetborden,pastaborden, onderborden) kunt u met behulp van deze sproeikop reinigen.Hiertoe de bovenste servieskorf eruit halen en de sproeikop zoals afgebeeld erin zetten.De bakplaten zoals afgebeeld inruimen zodat de sproeistraal alle delen kan bereiken (maximaal4 bakplaten en 2 roosters).De afwasautomaat altijd met de bovenste servieskorf of de bakplaat-sproeikop gebruiken!Bakplaat-sproeikop ** niet bij alle modellen

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Pelgrim GVW696 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden