Oranier Isola E-A Handleiding

Oranier Afzuigkap Isola E-A

Bekijk gratis de handleiding van Oranier Isola E-A (32 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 12 mensen. Heb je een vraag over Oranier Isola E-A of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
NL
4051543044590
8854 11 · 1028
Bedienings- en installatieaanwijzingen
Eilandafzuigkap
Lissero Isola 90 E-A
met geursensor

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Oranier
Categorie: Afzuigkap
Model: Isola E-A
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Zilver
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 22000 g
Breedte: 900 mm
Diepte: 660 mm
Hoogte: 1015 mm
Geluidsniveau: 64 dB
Energie-efficiëntieklasse: B
Jaarlijks energieverbruik: 72 kWu
Soort: Eiland
Motor vermogen: - W
Uitlaat aansluiting diameter: 150 mm
Illuminance: 350 Lux
Maximale afzuigcapaciteit: 780 m³/uur
Afzuigmethode: Afvoerend/recirculerend
Fluid dynamic efficiency class: A
Verlichtingefficiëntieklasse: A
Vetfilterefficiëntieklasse: B
Geluidsniveau (lage snelheid): 50 dB
Aantal lampen: 2 gloeilamp(en)
Type lamp: LED
Soort vetfilter: Metaal
Wasbaar filter: Ja
Hoogte (min): 805 mm
Hoogte (max): 1015 mm
Vermogen lamp: 2.8 W
Verwijderbare filter: Ja
Aantal snelheden: 3
Intensieve stand: Ja
Geluidsniveau (intensieve snelheid): 71 dB
Vaatwasserbestendig filter: Ja
Hoogte zonder schoorsteen: 390 mm
Druk (Pa): 428
Type beeldscherm: LCD
Indicator filterreiniging: Ja

Handleiding Oranier Isola E-A – volledige tekst

2NLGeachte klant,hartelijk dank dat u voor een ORANIER-huishoudelijk toestel gekozen hebt. ORANIER-huishoudelijke toestellen bieden u uitgekien-de en betrouwbare techniek, functionaliteit en aanspre-kend design. Mocht u, ondanks onze zorgvuldige kwaliteitscontrole, een klacht hebben, neem dan contact op met onze cen-trale klantendienst, hier zal men u graag helpen:Aanvraag voor klantendienst eMail klantenservice@oranier. comTelefoon 0031-481-353463Telefax 0031-481-352625Alle diensten zijn bereikbaar Ma-vr 9. 00 - 17. 00 uurBuiten de kantoor uren kunt u ons uw wensen ook per e-mail of fax meedelen. Voor algemene aanvragen over onze producten en hun werking kunt u zich per e-mail wenden tot:keukentechniek@oranier. comOPMERKING:U kunt deze bedienings- en installatieaanwijzing op de websitewww. oranier-keukentechniek. nldownloaden.

Daar vindt u ook meer informatie over pro-ducten en accessoires. Dit toestel is alleen geschikt voor privégebruik. Elk ander gebruik van het toestel is niet toegestaan. De gebruikte illustraties in deze bedienings- en installa-tieaanwijzing zijn schematisch en afhankelijk van het model. Inhoudsopgave Veiligheidsaanwijzingen 3Uw toestel, een overzicht 4Bediening van de kap 5 Bedieningseenheid 5 Automatische besturing met geursensor 5 Instellingsniveau geursensor instellen 5InhoudsopgaveManuele besturing 6 Toestelmotor in- / uitschakelen 6 Vermogensregeling 6 Intensief niveau 6 Turbo-functie 6 Welk vermogensniveau moet geselecteerd worden.

3NLVeiligheidsaanwijzingen voor het gebruikVOORZICHTIG. Aanraakbare delen kunnen heet worden wanneer ze met kooktoestellen gebruikt worden. • Debedieningsaanwijzingisbestanddeelvanhettoestel.  Bewaar het document zorgvuldig. • Deafzuigkapmagalleenbovenelektrischeofgaskookplatengebruikt worden. Onze toestellen zijn niet geschikt voor commercieel gebruik, alleen voor huishoudelijk gebruik. • Tijdenshetbedrijfvandeafzuigkapmoetendemetaalvetfiltersaltijdgebruikt worden, anders kan zich vet in de kap en in het afvoerlucht-systeem afzetten. • Bijgaskookplatenmoetuitgeslotenwordendatdekookplaatnietzonder kookgerei gebruikt wordt. Bij open gasvlammen kunnen delen van de afzuigkap door de opstijgende sterke hitte beschadigd worden. • Flamberenonderdeafzuigkapiswegenshetbrandgevaarverboden.

 De opstijgende vlam kan de in het filter afgezette vet ontsteken. • Friturenofhetwerkenmetolieofvetonderdeafzuigkapmagwegenshet brandgevaar enkel onder permanent toezicht gebeuren. Bij reeds meerdere keren gebruikte olie neemt het risico voor zelfontbranding toe. • Anderewerkenmetopenvlamzijnverboden. Zezoudeneenbrandkunnen produceren en het metaalvetfilters of andere delen kunnen beschadigen. Uitzondering hierop is het vakkundige gebruik van een gasoven. • Bijgelijktijdigbedrijfvandekookveldaftrekeenheidenstookinrichtingenmag in de opstelplaats van de stookinrichting de onderdruk niet groter zijn dan 4 Pa (4 x 10-5 bar). In elk geval moet advies gevraagd worden aan de be- voegde schoorsteenveger. •  Dekapmagingeengevalopeeninbedrijfzijnderook-ofuitlaatgasoven van andere toestellen (boiler, ketel, oven, etc. ) aangesloten worden.

4NLEen verwijdering van het toestel via het normale huisvuil is niet toegestaan! De verwijdering moet overeenkomstig de plaatselijke bepalingen voor de afvalverwijdering gebeuren (zie aanwijzing pagina 29).Uw toestel, een overzicht Afb.

5NLBediening van de kapAutomatische besturing met geursensor (Toets "AUTO")Dit toestel beschikt over een “Geursensor“. Deze rea-geert op waterdamp en braad- of kookdampen en zet, wanneer nodig, de afzuigkap zelfstandig in bedrijf. Hierbij vindt een volautomatische sturing van het ventilatorver-mogen plaats, afhankelijk van de intensiteit van de damp. De motor loopt tot de volledige verwijdering van de geu-ren automatisch en kan ook nog nalopen wanneer het kookveld reeds uitgeschakeld is. De motor blijft ook nog werken wanneer geen kookdamp meer voorhanden is. Daarbij wordt het vermogen van de motor trapsgewijs verminderd: Van niveau 4 naar 3 wordt na 60 s, van niveau 3 naar 2 na 30 s en van niveau 2 naar 1 na 60 s verminderd. Na nog eens 150 s schakelt het automati-sche bedrijf de motor uit.

Na nog eens een minuut gaat “A” in het display uit en gaat het toestel naar het handma-tige bedrijf. Druk op de toets „AUTO“ om tussen automatisch (geur-sensor) en handmatig (handgestuurd) bedrijf te wisselen. Bij geselecteerd automatisch bedrijf wordt in het dis-play de letter “A” weergegeven, de geursensor is actief. De bedieningseenheid bevindt zich aan de voorkant van het toestel; het is aantrekkelijk, gebruikersvriendelijk en een-voudig te bedienen (Afb. 2). Afb.

2: BedieningseenheidToestelIn / UitVermogen/tijd/verlichtings-sterkte verminderenAutomatisch / manueel bedrijfNaloopstand /TimerVerlichtingIn / UitAnaloog displayvermogensniveauBedrijfsindicatiemotorTurbo-functieVerlichting Metaalvetfilter reinigenTimer actiefNaloopstandactiefDisplay:Vermogensniveau (•SPD)Naloopduur (MIN) Timer (MIN)Geursensor (A)Vermogen/tijd/verlichtings-sterkte verhogenNa inschakeling heeft de geursensor ca. 90 seconden nodig voor de elektronische instelling. In deze periode activeert de geursensor zich nog niet op de damp. De elektronische justering is ook nodig wanneer u van het handmatig enaar het automatische bedrijf omschakelt.

Opmerking:Zodra een van de twee tijdgestuurde functies van het toestel geselecteerd wordt, verdwijnt de “A” uit het dis-play en wordt de resterende duur van de tijdgestuurde functie als getallenwaarde weergegeven. De geursensor blijft echter actief tot de motor handmatig of door de naloopstand uitgeschakeld wordt. De uitschakeling gebeurt handmatig door middel van de toets of door de naloopstand. Het instellingsniveau van de geursensor handmatig of door de naloopstand instellen: Het instellingsniveau van de geursensor kan in 3 stappen ingesteld worden (1, 2 en 3). Om het geselecteerde instellingsniveau van de geursen-sor op te roepen drukt u ongeveer 3 seconden op de toets “AUTO”. Drukt u nogmaals kort op de toets “AUTO” gaat u naar het volgende niveau voor het instel-lingsniveau (gevoeligheid) van de geursensor.

Bij het geselecteerde instellingsniveau “3” voert een verdere druk op de toets naar stap “1”, etc. Daarbij is niveau 3 het gevoeligste, en bijgevolg het instellingsniveau het laagste: Reeds relatief geringe hoeveelheden waterdamp c. q. kookdamp zorgen ervoor dat de motor ingeschakeld wordt. Niveau 2 (= fabrieksinstelling) biedt een middelhoge, Niveau 1 de laagste gevoeligheid. De instellingsni-veau wordt dus constant verhoogd: Pas grotere hoeveelheden aan waterdamp c. q. kook-damp zorgen er nu voor dat de geursensor de motor inschakelt. Geursensor.

6NLManuele besturingVanzelfsprekend kunt u het toestel echter ook steeds handmatig in bedrijf nemen en het vermogen van de motor instellen. Welk vermogensniveau moet gekozen worden. Het vermogen van het toestel moet aan de gegenereer-de kook- en braaddampen aangepast worden. Met andere woorden, bij geringe rook moet een gering, en bij sterke rook moet een hoger vermogensniveau gekozen worden. Voor het constante bedrijf staan 3 normale niveaus ter beschikking (“1” = klein niveau, “2” = normaal niveau, “3” = hoog niveau). Tijdelijk kan een intensief niveau (knipperende “4”) voor het hoogste afzuigniveau bijgeschakeld worden (gedurende max. 5 minuten, daarna schakelt de elektro-nica weer automatisch terug naar het vermogensniveau “3”). Onze tip: Vergeet niet het toestel reeds samen met de kookin-richting in te schakelen zodat zich een luchtstroom kan opbouwen.

Dit heeft een zeer positief effect op het afzu-igvermogen. Na het koken moet het toestel nog een beetje nalopen (de naloopstand gebruiken) zodat de resterende geuren en restvloeistof verwijderd kunnen worden. De motor handmatig in- / uitschakelen Door middel van de toets kunt u het toestel handma-tig (manueel) inschakelen. Bij inschakeling wordt automatisch vermogensniveau "2" geactiveerd. Door middel van de toets bij lopend bedrijf wordt de motor uitgeschakeld. Dit geldt zowel voor automatisch als voor handmatig bedrijf. Intensief niveau (display “TURBO”)Het intensieve niveau wordt vanuit niveau 3 geactiveerd door nogmaals op de toets te drukken. In het display verschijnt “4" en “TURBO”. Het intensieve niveau wordt na vijf minuten automatisch teruggeschakeld naar niveau “3”.

Het geselecteerde vermogensniveau (normale niveaus 1, 2, 3 en intensief niveau) wordt gelijkmatig met balken (analoog display) en digitaal (numeriek display “•SPD” met cijfer weergegeven. Verlichting in- / uitschakelen De verlichting wordt door middel van de toets (verlichting in / uit) in- c. q. uitgeschakeld. Verlichting.

7NLTijdgestuurde functiesToets “Naloopstand / Timer“Naloopstand Het toestel beschikt over een naloopstand, die de motor en de verlichting automatisch uitschakelt. De naloop-stand moet altijd na het koken ingeschakeld worden om de kookdamp, die na het koken in de keuken achterblijft, te verwijderen De naloopstand wordt door eenvoudig indrukken van de toets bij lopende motor geactiveerd. Het symbool begint in het display te knipperen, het numerieke display wisselt van “•SPD” naar “MIN” engeeft nu de nalooptijd in minuten aan (basisinstelling 10 minuten). Met de toetsen en kan de nalooptijd, zolang het symbool knippert, tussen 1 en 90 minuten geselecteerd worden. Na enkele seconden verschijnt het symbool permanent. Nu kan met + en - weer het vermogens-niveau geselecteerd worden. De resterende looptijd (in minuten) wordt weergegeven.

Na afloop van de resterende looptijd worden de ventila-tormotor en de verlichting automatisch uitgeschakeld. De naloopstand kan steeds beëindigd worden door opni-euw te drukken op de toets. De afzuigkap kan door drukken op de toets steeds, dus ook bij geselecteerde naloopstand, compleet uitge-schakeld worden. Metaalvetfilterverzadigings-indicatie "FILTER" wissenNa de reiniging, “FILTER” als volgt wissen:• Detoets (motor in/uit) minstens 3 seconden lang ingedrukt houden. Na een kort akoestisch signaal (pieptoon) verdwijnt “FILTER”, onafhankelijk van het feit of het toestel op dat ogenblik in- of uitge- schakeld is. • Hetmetaalvetfilter-verzadigingsindicatieistijdgestu- urd en herinnert na ca. 20 uur bedrijfstijd opnieuw door het verschijnen van het metaalvetfilter- verzadigingsindicatie "FILTER” eraan dat het metaal- vetfilter gereinigd moet worden.

Belangrijke opmerking: Na een bedrijfsduur van 20 uur verschijnt “FILTER” om u attent te maken op de noodzake-lijke reiniging van het metaalvetfilter (6). Timer Door bij lopend bedrijf twee keer te drukken op de toets c. q. een keer te drukken bij uitgeschakelde motor kan de praktische timer steeds gebruikt worden, onafhankelijk van de bedrijfsstatus van de kap. In het display verschijnt het knipperende symbool. Hetnumeriekedisplaywisseltvan“•SPD”naar“MIN”engeeft nu de resterende tijd tot het alarm in minuten aan (basisinstelling: 5 minuten). Met de toetsen en kan de tijd tot het alarmsignaal (pieptoon) tussen 1 en 90 minuten ingesteld worden zolang het symbool knippert. Na enkele seconden verschijnt het symbool permanent. Nu kan met en opnieuw het vermogensniveau geselecteerd worden. De resterende duur van de timer wordt getoond.

Na afloop van de geselecteerde periode weerklinkt geduren-de 20 seconden een akoestisch signaal (pieptoon), dat echter door het indrukken van de toets uitgeschakeld kan worden. De functie “Timer” kan steeds voor het einde van de ingestelde periode door middel van de toets afgebro-ken worden. Instelbare optiesVoorinstelling naloopstandFabrieksinstelling is een naloopduur van 10 minuten. Door de toetsen en gelijktijdig en minstens 3 seconden in te drukken kunt u een nalooptijd van 15 minuten als voorinstelling selecteren. Voorinstelling verlichting samen met motor uitscha-kelenNormaliter wordt de verlichting na afloop van de ingestel-de nalooptijd bij geselecteerde naloopstand samen met de motor automatisch uitgeschakeld. Om met de naloopstand alleen de motor uit te scha-kelen, maar de verlichting ingeschakeld te laten, drukt u minstens 3 seconden op de toetsen en.

Beide opties kunnen door herhaling van de toetsencom-binaties naar keuze omgeschakeld worden. De instelling van de fabrieksinstelling wordt met een pieptoon, de selectie van de optie met een dubbele piep-toon bevestigd.

8NLOnderhoud, reiniging en serviceSTOP LET OP:Voor alle onderhouds- en reini-gingswerken moet de stekker uit-getrokken c. q. moet de zekering uitgeschakeld of uitgeschroefd worden. OnderhoudsintervallenEen regelmatig onderhoud van de afzuigkap is absoluut noodzakelijk om het rendement van het toestel langere tijd te garanderen. Wanneer metaalvetfilters met vet- en vuildeeltjes verstopt zijn, wordt de werking van het toe-stel sterk beïnvloed. Binnen de afzuigkap en het afvoer-luchtsysteem kan het tot onnodige vetafzettingen komen wat in de loop van de tijd tot een verhoogd brandrisico kan leiden. Actief koolstoffilters (alleen bij recirculatie functie nodig) kunnen noch gewassen, noch geregenereerd worden. Daarom moeten actief koolstoffilters regelmatig vervan-gen worden. Reserve actief koolstoffilters zijn verkrijg-baar bij uw dealer.

• Reinigingsinterval van het metaalvetfilters: om de 2-3 weken, naargelang de gebruiksfrequentie of ten laatste wanneer “FILTER” verschijnt. • Interval voor het vervangen van actief kool- stoffilters: (alleen bij recirculatie functie) om de 3-6 maanden, naargelang de gebruiksfrequentie. De reinigings- en onderhoudsintervallen moeten strikt worden nageleefd om te vermijden dat de vet zich op keukenwanden en -meubilair afzet. Wanneer metaalvetfilters niet regelmatig gereinigd wor-den, verstoppen actief koolstoffilters ook sneller en neemt het rendement van het toestel af. Reiniging van de kap• Stekkeruittrekkenc. q. zekeringuitschakelen. • Deafzuigkapmagnietmeteenstoomofhogedruk- reiniger gereinigd worden. • Onvakkundigereinigingvanroestvrijstalenoppervlak- ken leidt tot kleurenveranderingen en beschadiging van het oppervlak.

9NLLED-LeuchtenAfb. 3a (Soortgelijke afbeelding)Afb. 3b (Afbeelding bij wijze van voorbeeld)Het onderaanzicht van de behuizing, met gedeeltelijk blik op de luchtgeleidingsplaaten van het interieur: Ze dienen om het afzuigvermogen te verbeteren en leveren een zeer belangrijke bijdrage tot een gemakkelijkere reiniging van het interieur van de kap.GeursensorLuchtgeleidingsplatenLED-lampenMetaalvetfilterMetaalvetfilter reinigenDe stekker uittrekken c.q. de zekering uitschakelen!Het metaalvetfilter afnemenDe greeplijst lichtjes naar binnen drukken en daarna het metaalvetfilter schuin naar buiten uittrekken.GreeplijstReiniging• Hetmetaalvetfilterinheetafwaswatergoedweken, dan met een zachte borstel reinigen en daarna met heet water goed afspoelen. Wanneer nodig, de procedure herhalen.• Metaalvetfilterskunnenookindevaatwasmachinebij een normaal programma van ca.

55° gereinigd wor- den.OpmerkingBij de reiniging van metaalvetfilters verzekeren dat het rooster niet beschadigd wordt. Door frequente reiniging of door het gebruik van agressieve reinigingsmiddelen kunnen kleurenveranderingen optreden. Deze hebben geen invloed op de werking van de filters en zijn geen reden voor klachten!Na de reiniging de droge metaalvetfilter met de achter-kant naar voren in het filterframe van de kap plaatsen. Het filter naar boven klappen. De vergrendeling kort indrukken en de vetfilter in de definitieve positie laten klikken. STOP LET OP:Voor alle onderhouds- en reini-gingswerken moet de stekker uit-getrokken c.q. moet de zekering uitgeschakeld of uitgeschroefd worden!

10NLActief koolstoffilter vervangen• Omdeactievekoolstof- filter uit te nemen de twee bevestigingsclips in het filterframe naar buiten drukken (1). Daarna de actieve kool- stoffilter aan de lussen naar beneden uit het filterframe trekken (2) (Afb. 4b, 4c). 1122LussenBevestigings-clipsen in het filterframe• De actief koolstoffilter (filtertype KSC 100; alleen bij recirculatie functie) is na het verwijderen van het metaalvetfilters zichtbaar en toegankelijk.Afb. 4b:• Nahetuitnemenvandenieuwefiltercassettesuitde verpakking moet het granulaat gelijkmatig verdeeld worden door te schudden (Afb. 4c).Afb. 4c:Afb. 4d:Lussen• Bijhetaanbrengenvandenieuweactievekool- stoffilter verzekeren dat de lussen aan de filter naar de wand c.q. naar ovren wijzen (Afb.

4d).• Hetfiltereerstaandezijdevandewandinhetfilter- frame hangen, daarna de voorkant van het filter naar boven klappen en in het filterframe laten inklikken (Afb. 4c).FilterframeActieve kool-stoffilterBevestigingsclips in het filterframeAchterzijdeAfb. 4a:Schematisch aanzicht van beneden, metaalvetfilter afgenomen.STOP LET OP:Voor alle onderhouds- en reini-gingswerken moet de stekker uit-getrokken c.q. moet de zekering uitgeschakeld of uitgeschroefd worden!OpmerkingBij recirculatie functie moet de afzuigkap na beëin-diging van het koken, voor de droging van de actief koolstoffilter, nog ongeveer 10 tot 15 minuten inge-schakeld blijven. Bij dit toetsen is het raadzaam om de praktische naloopstand te gebruiken. Zie in dit verband ook het hoofdstuk ”Bediening van de kap”. In het recirculatie functie nemen de geluidsniveaus van de afzuigkap duidelijk toe.

Dit wordt veroorzaakt door de actief koolstoffilter die ene bijkomende weerstand voor de lucht vormt. Daarom is een verhoogd geluidsniveau in het recir-culatie functie geen reden voor klachten.

11NLAfb. 5aAfb. 5b (Soortgelijke afbeelding; principeschets)LED-lampen vervangenDoor het gebruik van LED-lampen als werkplaatsver-lichting wordt een vervanging van defecte lampen hoogst onwaarschijnlijk.Levensduur, betrouwbaarheid en energie-efficiëntie lig-gen boven elk conventionele lamp, halogeen, Tl-buis, e.a.Mocht het toch een stoot een uitval van de lampen komen, gaat u als volgt te werk: De reservelamp moet deze elektrische waarden verto-nen: 230 V, 2,8 W, GU10 of GZ10. Het metaalvetfilters verwijderen (Afb. 5a). De metaalbeu-gel (A) van de lampenhouder naar beneden drukken en de lamp (B) na een kwart draaiing tegen de richting van de wijzers van de klok in uitdraaien (Afb. 5b).

De nieuwe lamp (hoogvolt LED-lamp 230 V / 2,8 W / GU10 of GZ10) door een kwart draaiing in de richting van de wijzers van de klok aanbrengen.Zo wordt de lamp uitgenomen:STOP LET OP:Voor alle onderhouds- en reini-gingswerken moet de stekker uit-getrokken c.q. moet de zekering uitgeschakeld of uitgeschroefd worden!Greeplijst

12NLIn het display knippert “FILTER”. • Naeenbepaaldebedrijfsduurmaaktdeelektronicade gebruiker erop attent dat het metaalvetfilter gereinigd moet worden. Meer informatie over de procedure vindt u in het hoofdstuk “Onderhoud, reiniging en service”. Afb. 6Elektronische boxAansluitbox bedienings-eenheidFilterframe actief koolstoffilterAansluitbox geursensor Zekeringhouder Een LED-lamp is uitgevallen:• VervangdeLED-lamp. Ziehiervoorhethoofdstuk “LED-lamp vervangen”. Alle LED-lampen zijn uitgevallen:LET OP:De smeltzekering mag alleen door de fabrikant of door zijn klanten-dienst vervangen worden. • BijeenkortsluitingvaneenLED-lampspreektde smeltzekering aan. In dit geval de defecte smelt- zekering door een nieuwe zekering met dezelfde waarde vervangen.

De zekeringhouder bevindt zich in de zwarte elektronische box en is toegankelijk na het ver- wijderen van het metaalvetfilter en de actieve kool- stoffilter. STOP LET OP:Voor alle onderhouds- en reini-gingswerken moet de stekker uit-getrokken c. q. moet de zekering uitgeschakeld of uitgeschroefd worden. In geval van een storingDe kap werkt helemaal niet:• Werdeventueeldeveiligheidszekeringindehuisin- stallatie geactiveerd. Stroomaansluiting van de kap resp. hoofdzekering controleren• Isdestekkerbevestigd. • Destekkeruittrekkenomdebesturingselektronica terug in de fabrieksstand te zetten. Ongeveer 15 - 20 seconden wachten vooraleer de stekker terug in te steken. Alternatief kunt u ook de netzekering voor voornoemde periode uit- en daarna terug inschakelen.

13NLAfb. 7Afvoerlucht- of recirculatie functie. Bij afvoerluchtbedrijf (Afb. 7, aanbevolen) wordt de damp via een afvoerluchtsysteem met muurkast naar de open lucht gevoerd. Bij recirculatie functie (Afb. 8) wordt de damp van vetresten en geuren bevrijd en opnieuw in de keuken uitgeblazen. Om de geuren te binden moeten actief koolstoffilters in de afzuigkap aangebracht worden. Deze bedrijfsmodus wordt alleen toegepast wanneer er geen mogelijkheid is om de afvoerlucht naar buiten te voeren. Het gebruik van een actief koolstoffilter verhoogt de zuigweerstand van de motor, met andere woorden de luchthoeveelheid vermindert bij toenemende luchtsnel-heid. Het typische luchtstromingsgeluid verhoogt zich daardoor eveneens. In de fabriek wordt de kap zonder actief koolstoffilter geleverd, met andere woorden, de kap is voor afvoerluchtbedrijf voorzien.

Een zo exact mogelijke beschrijving van het probleem of van uw servicewens GarantieUitvoerige garantie-informatie vindt u aan het einde van deze bedieningshandleiding. Belangrijke opmerking Bij gelijkmatig bedrijf van de afzuigkap in het afvoerluchtbedrijf en stookplaatsen mag in de opstelruimte van de stookplaats de onderdruk niet groter zijn dan 4 Pa (4 x 10-5 bar).

Hiervoor moeten de noodzakelijke maatregelen voor de drukcompensatie genomen worden. Dit gebeurt door een passende toevoerluchto-pening met minstens dezelfde doorsnede als de afvoerluchtopening, of door middel van een vensterschakelaar, die een ingebruikname van de afzuigkap alleen bij geopend resp. gekanteld venster toelaat.

14NL- De pijpen niet in spitse hoeken, maar in vlakke bochten leggen. - Afvoerluchtkasten en pijpen met Ø 100 mm en kleiner zijn niet geschikt. De garantie vervalt wanneer afvoer- luchtkasten en pijpen met een diameter van 100 mm en kleiner op het toestel aangesloten worden. • Dekapmoetaaneenmuurwandbevestigdworden.  Houten wanden e. d. zijn niet geschikt omdat deze bij ingeschakelde motor als resonantielichamen werken en daardoor hoge bedrijfsgeluiden veroor- zaken. • Geenflexibelekunststofafvoerluchtslangengebrui- ken omdat anders eventueel ongewenste luchtloop- geluiden zoals klepperen, ratelen, etc. kunnen ontstaan. • Bijhetborenvandenoodzakelijkeboorgatendient ervoor gezorgd te worden dat in de wand lopende leidingen (stroom, gas, water) niet beschadigd kunnen worden.

Elektrische aansluiting• Deafzuigkapwordtaffabriekmetaansluitkabelen netstekker uitgeleverd. Ze kan op elke correct ge- ïnstalleerde en beveiligde beschermingscontactdoos (230 V / 50 Hz wisselspanning) aangesloten worden. Bij de montage van afzuigkappen in het luchtafvoerstand moeten de volgende aanwijzingen gevolgd worden:• Inopstelruimteszonderopenvuurinrichtingmoetde doorsnede van de toevoerluchtopening minstens zo groot zijn als de doorsnede van de afvoerlucht- opening, opdat geen onderdruk zou ontstaan en de kap goed werkt. • Belangrijk:Inwoningenmetopenstookinrichtingen zoals kachelhaarden, koolovens, open haarden, etc. moet altijd voldoende toevoer van frisse lucht gega- randeerd zijn. Dit gebeurt bij voorkeur door een inbouwmuurbox of een vensterkiepschakelaar. Voor de ingebruikname moet de afzuigkap door een erkende schoorsteenveger afgenomen worden.

Daarbij moet rekening gehouden worden met de volledige beluchting van de woning (ruimtevolume, dichtheid vensters, etc. ). Noodzakelijke informatie over de luchttechnische inrichtingen dient door de erkende schoorsteen- veger verstrekt te worden. • Dekapmagingeengevalopeeninbedrijfzijnde rook- of afvoergasoven in andere toestellen (boiler, ketel, oven, etc. ) aangesloten worden. Er mag ook geen schacht gebruikt worden die dient om ruimtes met stookinrichtingen te beluchten en te ontluchten. • Bijaansluitingopstilgelegderook-ofafvoergasoven is de toestemming van de erkende schoorsteenveger vereist. In elk geval moeten de bouwvoorschriften van het land in kwestie gevolgd worden. • Bijhetplaatsenvandeafvoerluchtleidingmoetophet volgende gelet worden:- Korte, rechte afvoerluchttrajecten kiezen. - Zo weinig mogelijk pijpbochten gebruiken. Afb.

9Hoogte van het kookveldAfstand ABelangrijke aanwijzingen• Omwillevanveiligheidsredenenmoetbijditmodelde afstand tussen onderzijde kap en kookvlak bij elektri- sche kookinrichtingen minstens 65 cm en bij gas- kookinrichtingen minstens 75 cm bedragen. • Voordeelektrischeaansluitingdientgecontroleerdte worden of de op het typeplaatje aangegeven span- ning met de bestaande plaatselijke spanning overeen- stemt. Het typeplaatje bevindt zich in de kap en wordt na het afnemen van de vetmetaalfilters zichtbaar. • Bijafvoerluchtbedrijfmoethetafvoerluchtsysteem een diameter van minstens 125 mm hebben. Om een optimaal ventilatorvermogen en gering geluid tijdens het bedrijf te garanderen, wordt een diameter van 150 mm aanbevolen.

LET OP: De aansluitleiding moet in geval van een beschadiging door een nieuwe aansluitleiding door de fabrikant of zijn klantendienst vervangen worden.

• Wanneerdegebruiktecontactdoosnademontage van de kap niet meer vrij toegankelijk is, moet het gebruikte stroomcircuit voor onderhoudswerken uitgeschakeld worden. • Het toestel komt overeen met beschermingsklasse 1. Aanwijzingen over constructieve voorwaardenAfstand A:Elektrische kookinstallatie 65 - 75 cmKookinstallatie op gas 75 - 85 cm.

16NLCentrale offset afvoerluchtbuisBelangrijke opmerking: Gelieve rekening te houden met het feit dat de opening van de afvoerluchtbuis op het motorblok zich niet in het midden van de kap bevindt. Het midden van de opening is, zoals zichtbaar op de volgende tekening, 31 mm van het midden van het motorblok verplaatst (Afb. 14a). Afb. 14aAfb. 13Afb. 12De plafondplaat (6, Afb. 11 en 12) aan het plafond houden en de locatie van de 4 boringen "A" tekenen. Telkens in het midden van de langsgaten markeren zodat de positie van de basismodule wanneer nodig een beetje gecorrigeerd kan worden. Aan de op deze wijze gemarkeerde plaatsen van het plafond de boringen (8 mm) aanbrengen en plugs (16) aanbrengen (Afb. 12, 13). PlafondmontageConstructieve voorwaarden: Het plafond, waaraan de kap bevestigd moet worden, moet voldoende stabiel en geschikt zijn voor de montage. Belangrijk.

Op het volgende letten: De zijlengten van de bestanddelen van de schacht (pla-fondplaat, plafondkrans, grond- en telescoopschacht) verschillen slechts in gering mate van elkaar. Een correcte montage is echter alleen bij correcte uitlijning van de bestanddelen van de schacht moge-lijk:Grondschacht: De onderste bevestigingen wijzen naar voren. Telescoopschacht: De afvoerluchtopeningen wijzen naar de zijkant. Plafondplaat: De uitsparingen in de rand wijzen naar de zijkant. Plafondkrans: Smallere zijden wijzen naar de zijkant. Zie in dit verband ook Afb. 11Mits inachtneming van de mini-mum afstand (zie Afb. 9), de inbouwhoogte van de kap bere-kenen. De hoogte van de gemonteerde kap wordt in de volgende stap door de monta-ge van de vier montagehoeken (8) aan het motorblok (7) bepaald (Afb. 14). Hiervoor zijn de montagehoeken (8) met voldoende boringen uitgerust.

Hoogte van, het kookveldAfstand AAfstand BAfstand CAfstand B = Ruimtehoogte - kookveld-hoogte -afstand A - afstand C (Afstand C = Hoogte van het kap behu-izing met motorkast: 405 mmNu de plafondplaat (6) met vier schroeven (15) en onder-legplaatjes in de plugs aan het plafond bevestigen. Het bevestigingsmateriaal bevindt zich in de meegele-verde zak accessoires (Afb. 12).

17NLHet motorblok (7) wordt als volgt op de plafondplaat (6) bevestigd (Afb. 16):Het motorblok (7) met de gemonteerde montagehoeken (8) aan de bevestigde plafondplaat (6) optillen en aan-brengen. Voor een zekere bevestiging telkens 4 schroe-ven 3,5x9,5 (10) aan elke hoek van de plafondplaat (6) aanbrengen en aantrekken (Afb. 16, 17). Plafondplaat (6)Plafondplaat (6)Montagehoek (8)Montagehoek (8)Afb. 16Afb. 17Afb. 15Alle schroeven 3,5x9,5 mm (10)Alle schroeven 3,5x9,5 mm (10)BELANGRIJK. Door de kabellengten van de interne bekabeling is het motorblok (7) slechts in een positie correct gemonteerd: De afvoerluchtbuis moet zich aan de tegenover de bedienerzijde liggende kant bevinden. Bedieningszijde 8 8 8 8Elke van de vier montagehoeken (8) met minstens 2 schroeven (10) aan het motorblok (7) bevestigen.

Om de stabiliteit van de constructie verder te verhogen, moet nog de stabilisatiestrip (12) met in totaal 4 schroeven (10) aan de montagehoeken (8) bevestigd worden (Afb. 15). Afb. 18aSchuif nu de telescoopschacht (2) en de plafondkrans (5) samen met een aan de voor- of achterkant van binnen tegen de montagehoek (8) gelegde montageplaat (13) voor de telescoopschacht over het motorblok (7) tot de plafondkrans (5) op het plafond ligt. De montageplaat (13) is nu met 2 schroeven 3,5x9,5 mm (10) van binnen aan de montagehoeken (8) te bevesti-gen. Gebruik daarbij de bovenste langsgaten van de montageplaat om de noodzakelijke hoogte met de nodige precisie (Afb. 18b, 18c, 19a). Afb. 18bSchroef (10)Montagehoek (8)Montageplaat (13)Afb. 18c: De montageplaaten worden van binnen op de montagehoeken vastgeschroefd. SchachtmontageBeschermfolies verwijderen.

18NLWanneer de eerste montageplaat bevestigd werd, moet nog de tweede montageplaat op dezelfde wijze aan de tegenoverliggende kant bevestigd worden.Montageplaat voor telescoopschachtAfb. 19aUitzondering: Zelden, wanneer de afzuigkap ongewoon dicht onder het plafond gemonteerd moet worden en de telescoop-schacht (2) slechts enkele centimeter uit de grond-schacht (3) steekt, moeten de montageplaaten (13) met dezelfde schroeven (10) aan de montagehoeken (8) bevestigd worden waarmee ook het motorblok (7) aan de montagehoeken (8) bevestigd is (Afb. 19 b).Montageplaat voor telescoopschachtAfb. 19bDaarna de grondschacht (3) over het motorblok (7) en de telescoopschacht (2) schuiven. De grondschacht (3) wordt dan met 2 schroeven 3,5x9,5 mm (10) aan de onderzijde van het motorblok (7) beve-stigd ( Afb. 20).Afb.

21: Zo ziet de gemonteerde schacht eruit.PlafondkransTelescoopschachtGrondschachtAAA AAAAAAfb. 20: Hier (witte pijlen) worden de twee schroeven (10) aan de onderzijde van het motorblok (7) aange-bracht om de grondschacht (3) te bevestigen.“A” markeert 8 verbindingen voor de bevestiging van het kap behuizing (4) op het motorblok (7); zie ook de volgende pagina.

19NLDe twee kabels voor de verlichting c.q. het bedieningspa-neel met kabelbinders (in de accessoires inbegrepen) aan de daarvoor voorziene steunpunten bevestigen (Afb. 28). 121711....aansluitingen tot stand gebracht.2-polige verbindingsstekker voor verlichtinginsteken... Afb. 25Afb. 27Afb. 28Aansluitbox openen...Aansluitbox sluiten...Afb. 24Afb. 26Interne elektrische verbindingen tot stand brengenDe kabels voor de verlichting met de twee witte, tweepo-lige stekkers verbinden. Verzekeren dat geen kabel na het tot stand brengen van de verbinding LED-lampen of lampenhouders aanraakt. De grijze aansluitbox openen. Daarvoor het deksel zoals in Afb. 24 samendrukken en opheffen. Daarna de con-nector met vlakke bandkabel van het bediendeel in de daarvoor voorziene bus steken (Afb. 25). Het deksel opnieuw aanbrengen en met licht aandrukken laten insluiten (Afb. 26).

Daarmee zijn de elektrische verbindingen tot stand gebracht (Afb. 27).Kap behuizing monteren De twee plaathaken (14) aan het kap behuizing (4) met telkens een schroef 3,5x9,5 (10) vastschroeven (Afb. 22).Voorzijde (bedienveld)AchterzijdeAfb. 22Verbinding APlaathaken (14)Afb. 23(Soortgelijke afbeelding)Let op: De volgende werken moeten met behulp van een tweede persoon worden uitgevoerd!Hef nu het kap behuizing (4) met de gemonteerde grond-schacht (3) op en over het aan het plafond gemonteerde motorblok (7).Daarbij moet de grondschacht (3) over de telescoop-schacht (2) geschoven worden.Zodra de plaathaken (14) aan het kap behuizing (4) in de zijdelingse openingen op het motorblok (7) insluiten, is de montagepositie bereikt (Afb. 23). Het kap behuizing moet nu met 8 schroeven M4x12 (18) bevestigd worden (verbinding A) (Afb. 20, 23).

20NLPfostensteckerGeruchssensorNaast de grijze aansluitbox voor het bedieningseenheid bevindt zich nog een andere aansluitbox. Deze bevat de aan-sluitbox voor de geursensor.Open de aansluitbox en steek de rode connector met 10 polen van de geursensor in de bijhorende bus (Afb. 29). Daarna het deksel weer aanbrengen en laten insluiten. De interne bekabeling is hiermee beëindigd.AansluitboxGeursensorAansluitbox bedieningseenheidConnectorGeursensorAfb. 29Elektrische aansluiting tot stand brengenDe netstekker van het toestel in de contactdoos steken. Wanneer alle montagewerken beëindigd zijn kunt u de stroom voor de contactdoos van de afzuigkap weer inschakelen.Luchtslang monteren(Alleen bij afvoerluchtbedrijf)Voor de verbinding met de wanddoorbraak een kunststof buis of een afvoerluchtslang Ø 150 mm (min.

Ø 120 mm) gebruiken (Niet meegeleverd).Belangrijk: De afvoerluchtaansluiting moet voor de be-vestiging van de afzuigkap beëindigd zijn!De buis resp. slang op de vereiste lengte snijden. De slang mag niet gebogen worden. Buis/Slang aan de ene kant aan de aansluitbuis van de afzuigkap en aan de andere kant aan de afvoerluchtaansluiting in de wand verbinden.Belangrijk: Wanneer de afvoerlucht naar een buiten-wand gevoerd wordt, moet de luchtuitlaat van buiten met een afdekking met zelf openende gleuf of een terugslag-klep (niet meegeleverd) uitgerust worden.Hiermee een gespecialiseerde firma belasten die de wanddoorvoer uitvoert.Ingebruikname Na de volledige montage van de kap: • Alle kartonen delen uit de kap verwijderen en alle beschermfolies aftrekken.• Eenfunctietestuitvoeren(ziehethoofdstuk“Bediening van de kap”).

normaal niveau [ dB ] 64Geluid (intensief niveau) LWA, intensief niveau [ dB ] 71Vermogensopname in uit-staat PO [ W ] 0,30Vermogensopname in bedrijfsklare staat PS [ W ] -De energie-efficiëntieklasse, het jaarlijkse energieverbruik en de luchtverplaatsing efficiëntie zijn volgens Bijlage II van de GEDELEGEERDE VERORDENING Nr. 65/2015 VAN DE COMMISSIE van 1 oktober 2013 en de Bijlage II van de VERORDENING (EU) Nr. 66/2014 VAN DE COMMISSIE van 14 januari 2014 op de volgende waarden gebaseerd:Tijdverlengingsfactor f [ - ] 1,0Energie-efficiëntie-index EEIhood [ - ] 60,6Luchtvolumestroom in het beste punt QBEP [ m3/h ] 441,3Statische verschildruk in het beste punt PBEP [ Pa ] 428Elektrisch ingangsvermogen in het beste punt WBEP [ W ] 181,2Nominaal warmtevermogen van het verlichtingssysteem WL [ W ] 5,6De verlichtingsefficiëntie is volgens Bijlage II van de GEDELEGEERDE VERORDENING Nr.

24NLAfzuigkappen in het afvoerluchtbedrijf - Tips en trucsToevoer van frisse luchtIn het afvoerluchtbedrijf is het zeer belangrijk dat de luchthoeveelheid, die uit de ruimte afgezogen wordt, ook ongehinderd als frisse lucht van buiten kan nastromen. Anders wordt door de ontstane onderdruk in de ruimte/in het huis het afzuigvermogen ernstig negatief beïnvloed en verzamelt zich vet en condenswater in de afzuigkap. Een geopende keukendeur bijvoorbeeld naar de gang of de woonkamer is niet voldoende. De toevoer van frisse lucht kan bijvoorbeeld door een gekanteld keukenvenster of een geopende balkon-/ter-rasdeur gebeuren. Dit geldt bij elk seizoen en elk weer. Belangrijk: De afzuigkap wordt reeds samen met de kookplaat ingeschakeld zodat zich een luchtstroom in de keuken kan opbouwen. Dit heeft positief effect op het afzuigvermogen.

Daarna moet het vermogen van de afzuigkap aan de kook- en braaddampen aangepast worden, met andere woorden, bij geringe damp moet een gering c. q. bij ster-ke damp moet een hoog vermogensniveau gekozen worden. Na het koken moet de afzuigkap nog een periode nalo-pen zodat de resterende geuren en het resterende vocht afgetrokken wordt. Bij gelijktijdig gebruik van een afzuigkap in de afvoer-stand met een kachel of open haard moet in iedere geval de erkende schoorsteenveger gecontakteerd worden. Er moeten maatregelen voor de drukcompensatie geno-men worden. Dit gebeurt door een passende toevoer-luchtopening of door het gebruik van een vensterscha-kelaar, die de inbedrijfstelling van de afzuigkap enkel bij geopend c. q. gekanteld venster toelaat. Installatie van het afvoerluchtsysteemIn principe geldt:De luchtstroom wordt in het afvoerluchtsysteem gecom-primeerd.

Hoe nauwer en langer het afvoerluchtkanaal, des te sterker de compressie. In het meest ongunstige geval, dus bij zeer lange afvoerluchtkanalen, komt de transportstroom tot stilstand. Daarom mag, indien moge-lijk, het afvoerluchtkanaal een totale lengte van 4 m niet overschrijden.

Wordt echter 1 bocht aangebracht mag het afvoerluchtkanaal een totale lengte van 3 m niet overschrijden. Het afvoerluchtsysteem moet permanent een diameter (rond) van minstens 125 mm hebben. Om een optimaal vermogen en gering bedrijfsgeluid te garanderen, wordt een diameter van 150 mm aanbevolen. De ORANIER-garantie is alleen geldig wanneer de afzuigkap vakkundig op een afvoerluchtsysteem van 125 of 150 aangesloten wordt. De planning en installatie van de afvoerluchtkanalen is zeer belangrijk, want hier kunnen ernstige plan-ningsfouten de investering in een performante afzu-igkap tenietdoen. Bij het leggen van het afvoerlucht-kanaal moet rekening gehouden worden met de vol-gende aanwijzingen:· Het afvoerluchtkanaal moet idealiter op korte of rechte weg naar buiten voeren. · Nauwe plekken, veranderingen van de doorsnede en veel bochten van 90° moeten vermeden worden.

· De eerste bocht mag niet direct op de afvoerluchtbuis van de afzuigkap aangebracht worden. Er moet rekening gehouden worden met een instromingstra- ject van min. 30 cm, anders ontstaan bijkomende wervelingen en verhoogde bedrijfsgeluiden. · De installatie van het afvoerluchtkanaal in vlakke bochten en/of spitse hoeken vermijden. · Licht verval (2°) naar buiten (van de motorblok weg) om terugloop van condensaat te verhinderen. Worden de aanwijzingen hierboven niet gevolgd, wordt de luchtstromingsweerstand enkel onnodig verhoogd. De motor probeert dan door verhoogde vermogensopna-me de weerstand te compenseren, en wordt daarbij onaangenaam luid en de luchtstroming komt tot stilstand. Daarna verzamelt zich vet en condenswater in de afzuig-kap. Andere gevolgen zijn de overbelasting van de motoreenheid en verkorting van de levensduur van de afzuigkap.

25NLAfzuigkappen in het afvoerluchtbedrijf - Tips en trucsHet materiaal van het afvoerluchtkanaal heeft een grote invloed op het vermogen van een afzuigkap. Vaste afvoerluchtbuizen uit kunststof moeten in elk geval de voorkeur krijgen op aluminium flexslangen. Bij alumi-nium flexslangen moet verzekerd worden dat deze niet platgedrukt worden (vooral in de bochten) en niet gebo-gen zijn. Een met spiraaldraad doortrokken kunststof slang is niet toegelaten omdat ongewenste luchtloopgeluiden zoals klepperen, ratelen, etc. kunnen ontstaan en het vermo-gen van de afzuigkap aanzienlijk beïnvloed wordt. De relatief grote golven in de kunststof slang laten geen perfecte luchtstroming toe. Het komt tot sterke wervelingen en in de afzuigkap hopen zich vet en condenswater op. Door de afvoerlucht verwarmen deze slangen zich bovendien en zet het materiaal dan uit.

Het komt tot uitzakking van de slang met ophoping van condenswater, naast wervelende lucht en drukverliezen. Daardoor kan een afzuigkap niet goed functioneren. Conclusie over de installatie van het afvoerlucht-systeem:· Voor zo kort mogelijke afvoerluchtwegen zorgen. · Bochten, veranderingen van doorsneden en reducties vermijden. · Het correcte materiaal nemen. · Voor voldoende toevoer van frisse lucht zorgen. InbouwmuurboxOok bij inbouwmuurbox zijn er aanzienlijke verschillen. Hoogwaardige inbouwmuurbox met beweeglijke kunst-stof lamellen garanderen een hoge doorgang tot 98%:Veel inbouwmuurbox hebben echter starre lamellen. Hier kunnen aanzienlijke vermogensverliezen ontstaan:1 = Terugslagklep 2 = Hor ca.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Oranier Isola E-A stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden