Neff B4ACE4AG3 Handleiding

Neff Oven B4ACE4AG3

Bekijk gratis de handleiding van Neff B4ACE4AG3 (36 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 92 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Neff B4ACE4AG3 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/36
ST4_Neff_Cover.indd 1ST4_Neff_Cover.indd 122.01.2024 10:51:4722.01.2024 10:51:47
Inbouwoven
Gebruikershandleiding en installatie-
instructies
B4ACE4A.3

Beoordeel deze handleiding

4.0/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Neff
Categorie: Oven
Model: B4ACE4AG3

Handleiding Neff B4ACE4AG3 – volledige tekst

nl Veiligheid2Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie. InhoudsopgaveGEBRUIKERSHANDLEIDING1 Veiligheid. 22 Materiële schade vermijden. 43 Milieubescherming en besparing. 54 Uw apparaat leren kennen. 65 Accessoires. 86 Voor het eerste gebruik. 97 De Bediening in essentie. 108 Snel voorverwarmen. 109 Tijdfuncties. 1010 Kinderslot. 1211 Basisinstellingen. 1212 Reiniging en onderhoud. 1313 Reinigingshulp Easy Clean. 1514 Apparaatdeur. 1615 Rekjes. 2116 Storingen verhelpen. 2117 Afvoeren. 2218 Servicedienst. 2319 Zo lukt het. 2320 MONTAGEHANDLEIDING. 2720. 1 Algemene montage-instructies. 271 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voorvolgende eigenaren.

¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in geslotenruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. Gebruik het apparaat niet:¡ met een externe schakelklok of een af-standsbediening. 1.

3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen.

Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veiliger gebruikAccessoires altijd op de juiste manier in debinnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina8.

Veiligheid nl3WAARSCHUWING‒Kans op brand. In de binnenruimte bewaarde brandbare voor-werpen kunnen vlam vatten. ▶ Bewaar nooit brandbare materialen in debinnenruimte. ▶ Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehou-den om eventueel optredende vlammen tedoven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen. ▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaater een luchtstroom. Het bakpapier kan dan deverwarmingselementen raken en vlam vatten. ▶ Plaats nooit bakpapier bij het voorverwar-men en tijdens het bereiden los op het ac-cessoire. ▶ Bakpapier altijd op maat maken en verzwa-ren met een vorm. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden.

Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet. ▶ Neem hete accessoires en vormen altijdmet behulp van een pannenlap uit de bin-nenruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open-springen. Er kunnen hete dampen en steek-vlammen naar buiten treden. ▶ Gebruik slechts geringe hoeveelhedendrank met een hoog alcoholpercentage. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) ver-hitten. ▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶ De hete onderdelen nooit aanraken.

▶ Apparaatdeur voorzichtig openen. ▶ Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Door water in de hete binnenruimte kan hetewaterdamp ontstaan. ▶ Nooit water in de hete binnenruimte gieten. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er krassen op het glas van de appa-raatdeur zitten, kan dit barsten. ▶ Gebruik geen scherp of schurend reini-gingsmiddel of scherpe metalen schrapervoor het reinigen van het glas van de oven-deur omdat dit het oppervlak kan beschadi-gen. Het apparaat en de delen ervan die aange-raakt kunnen worden kunnen scherpe randenhebben. ▶ Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen. ▶ Draag indien mogelijk veiligheidshand-schoenen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten. ▶ Kom niet met uw handen bij de scharnie-ren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kun-nen scherpe randen hebben.

▶ Draag veiligheidshandschoenen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶ Als het netsnoer van dit apparaat wordt be-schadigd, moet het door geschoold vakper-soneel worden vervangen.

nl Materiële schade vermijden4Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. ▶ Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. ▶ Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. ▶ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact halen of de ze-kering in de meterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst.

→Pagina23WAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. 1. 5 HalogeenlampWAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. De lampen in de binnenruimte worden heelheet. Ook enige tijd na het uitschakelen be-staat er nog een risico van verbranding. ▶ Glazen kapje niet aanraken. ▶ Tijdens het schoonmaken contact met dehuid vermijden. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Bij vervanging van de lamp staan de contac-ten van de lampfitting onder spanning.

▶ Zorg er vóór het vervangen van de lampvoor dat het apparaat is uitgeschakeld, omeen mogelijke elektrische schok te voorko-men. ▶ Tevens de stekker uit het stopcontact halenof de zekering in de meterkast uitschake-len.

Materiële schade vermijden2 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OP. Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kande apparaatdeur openspringen en er eventueel afval-len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinte-ren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnen-ruimte naar binnen sterk vervormen. ▶ Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of over-gieten van gerechten) verhitten. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. ▶ Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. ▶ Voor gebruik het water van de bodem van de bin-nenruimte opnemen.

Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat erwarmteophoping door voorwerpen op de bodem vande binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen nietmeer en het email wordt beschadigd. ▶ Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welkesoort dan ook op de bodem van de binnenruimteleggen. ▶ Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnen-ruimte plaatsen wanneer een temperatuur van min-der dan 50°C ingesteld is.

Milieubescherming en besparing nl5Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat erwaterdamp. Door de temperatuurverandering kan erschade optreden. ▶ Giet nooit water in de hete binnenruimte. ▶ Zet nooit servies met water op de bodem van debinnenruimte. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. ▶ Laat na het gebruik de binnenruimte drogen. ▶ Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurendelangere tijd in de gesloten binnenruimte. ▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. ▶ Klem niets tussen de apparaatdeur. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekkenachter die niet meer kunnen worden verwijderd. ▶ De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet teovervloedig bedekken. ▶ Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimteleidt tot beschadiging van het email.

▶ Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruim-te. ▶ Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de bin-nenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijde-ren. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken. ▶ Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. ▶ Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. ▶ Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen oflaten steunen. ▶ Geen vormen of accessoires op de apparaatdeurplaatsen. Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoi-res krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaat-deur wanneer deze gesloten wordt. ▶ Accessoires altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte leggen.

Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het re-cept of de instellingsadviezen dat aangeven. →"Zo lukt het", Pagina23¡Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan be-spaart u tot wel 20% energie. Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bak-vormen. ¡Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goedop. Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinigmogelijk. ¡De temperatuur in de binnenruimte blijft constanten het apparaat hoeft niet na te verwarmen. Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallelbakken.

¡De binnenruimte is na de eerste keer bakken opge-warmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak datvervolgens wordt gebakken korter. Bij langere bereidingstijden het apparaat 10minutenvoor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. ¡De restwarmte is voldoende om het gerecht verderte bereiden. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnen-ruimte. ¡Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd teworden. Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ont-dooien. ¡Hierdoor wordt bespaard op de energie om hetvoedsel te ontdooien. Productinformatie conform (EU) 65/2014 en (EU)66/2014 vindt u onder het energielabel en op het inter-net op de productpagina van uw apparaat. Opmerking:Het apparaat verbruikt:¡ in stand-by met ingeschakeld display max. 1W¡ in stand-by met uitgeschakeld display max. 0,5W.

nl Uw apparaat leren kennen6Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen4. 1 BedieningselementenVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw ap-paraat instellen en informatie krijgen over de gebruiks-toestand. Opmerking:Afhankelijk van het apparaattype kunnendetails op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur ende vorm. 12 3 41Knoppen→"Knoppen en display", Pagina62FunctiekeuzeknopU kunt de functiekeuzeknop vanuit de nulstandnaar rechts of links draaien. →"Verwarmingsmethoden", Pagina63Display→"Knoppen en display", Pagina64TemperatuurkiezerMet de temperatuurknop stelt u de temperatuurvoor de verwarmingsmethode in of kiest de in-stelling voor andere functies. U kunt de tempe-ratuurknop vanuit de nulstand naar rechtsdraaien, tot de aanslag. →"Temperatuur en instelstanden", Pagina7Opmerking:Al naar gelang het type apparaat kunnende schakelaargrepen worden verzonken.

Om in te klik-ken en omhoog te klikken drukt u in de nulstand op deschakelaargreep. 4. 2 Knoppen en displayDe knoppen zijn aanrakingsgevoelige vlakken. Drukom een functie te kiezen op de betreffende knop. Als een functie actief is, brandt het desbetreffendesymbool op de display. Symbool GebruikTijd, timer, tijdsduur of einde instellen →"Tijdfuncties", Pagina10Instelwaarden verlagenInstelwaarden verhogenKinderslot is geactiveerd →"Kinderslot", Pagina12Apparaat warmt op →"Opwarmindicatie", Pagina74. 3 VerwarmingsmethodenHier vindt u een overzicht van de verwarmingsmethoden. U krijgt aanbevelingen over het gebruik van de verwar-mingsmethoden. Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden in. Symbool Verwarmingsmetho-de en temperatuurbe-reikGebruik en werkwijzeCirco Therm hete-luchtOp één of meer niveaus bakken of braden.

Milde Circo Therm Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voorzichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan deachterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het product wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deurvan het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Als u de toesteldeur ook maarkort opent, blijft het apparaat verwarmen zonder gebruik te maken van de rest-warmte. Kies een temperatuur tussen 120°C en 230°C. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik inde circulatieluchtmodus en de energieklasse gebruikt. Pizzastand Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan deachterwand zijn ingeschakeld.

Uw apparaat leren kennen nl7Symbool Verwarmingsmetho-de en temperatuurbe-reikGebruik en werkwijzeOnderwarmte Gerechten nabakken of au bain-marie bereiden. De warmte komt van onderen. Grill, groot Platte producten, zoals groenten, worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. Thermogrillen Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilatorwervelt de hete lucht rond het gerecht. Boven- en onder-warmteTraditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmingsmethode is bijzon-der geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energiever-bruik in de conventionele modus. 4. 4 FunctiesHier vindt u een overzicht van de functies van uw apparaat.

Met de functiekeuzeknop stelt u de functies in. Symbool Naam GebruikSnel voorverwarmen De binnenruimte zonder accessoires snel voorverwarmen. →"Snel voorverwarmen", Pagina10Ovenlamp De binnenruimte zonder verwarming verlichten. →"Verlichting", Pagina8Easy Clean Easy Clean lost lichte verontreinigingen in de binnenruimte op. 4. 5 Temperatuur en instelstandenBij de verwarmingsmethoden en functies zijn er verschillende instellingen. Opmerking:Bij temperatuurinstellingen boven 250 °C verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 10 minuten totca. 240 °C. Als uw apparaat het verwarmingstype boven-/onderwarmte of onderwarmte heeft, vindt de temperatuur-verlaging daar niet plaats. Symbool Functie GebruikNulstand Het apparaat warmt niet op. 50-275 Temperatuurbereik De temperatuur in °C in de binnenruimte instellen. ⁠ Easy Clean De reinigingshulp instellen.

Wanneer het apparaat opwarmt, is op het display hetsymbool verlicht. In de verwarmingspauzes dooft hetsymbool. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voorhet inschuiven van het gerecht bereikt zodra het sym-bool de eerste keer dooft. Opmerking:Door thermische traagheid kan de weer-gegeven temperatuur een beetje afwijken van de wer-kelijke temperatuur in de binnenruimte. 4. 6 BinnenruimteFuncties voor de binnenruimte vergemakkelijken hetgebruik van uw apparaat. RekjesU kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rek-jes in de binnenruimte schuiven. Uw apparaat heeft 4 inschuifhoogtes. De inschuifhoog-tes worden van beneden naar boven geteld.

nl Accessoires8De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijde-ren. →"Rekjes", Pagina21Zelfreinigende oppervlakkenDe achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. Dezelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte zijnvoorzien van een laagje poreus, mat keramiek en heb-ben ze een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat ingebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vets-petters van het bakken, braden of grillen op en brekenze af. Als de zelfreinigende oppervlakken zich tijdens het ge-bruik niet meer voldoende reinigen, warm de binnen-ruimte dan gericht op. →"Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte rei-nigen", Pagina15VerlichtingDe ovenlamp verlicht de binnenruimte. Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is deverlichting aan als het programma loopt. Bij het beëin-digen van de werking schakelt de verlichting uit.

Met de stand ovenlamp op de functiekeuzeschake-laar kunt u de verlichting zonder verwarming inschake-len. De koelventilator draait ook bij de stand ovenlamp ⁠. KoelventilatorDe koelventilator schakelt tijdens gebruik automatischin. De lucht ontsnapt via de deur. LET OP. Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt hetapparaat oververhit. ▶ Dek de ventilatiesleuven niet af. De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat hetapparaat na gebruik sneller afkoelt. ApparaatdeurWanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik,wordt de werking voortgezet. Accessoires5 AccessoiresGebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op hetapparaat afgestemd. Opmerking:Wanneer de accessoires heet worden,kunnen deze vervormen. De vervorming heeft geen in-vloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer na-dat de accessoires zijn afgekoeld.

braad- of grillstukken¡ DiepvriesgerechtenBraadslede ¡ Vochtig gebak¡ Gebak¡ Brood¡ Grote braadstukken¡ Diepvriesgerechten¡ Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vetbij het grillen op het rooster. Bakplaat ¡ Plaatgebak¡ Kleine bakwaren5. 1 VergrendelingsfunctieDe vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoireskantelen wanneer ze worden uitgetrokken. U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken,tot deze vastklikt. De kantelbeveiliging functioneert al-leen wanneer u het accessoire op de juiste manier inde binnenruimte schuift.

Voor het eerste gebruik nl95. 2 Accessoire in de binnenruimte schuivenHet accessoire altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonderte kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken. 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan deachterkant bevindt en naar beneden wijst. 2. Het accessoire altijd tussen de beide geleidestan-gen van een inschuifhoogte plaatsen. Rooster Het rooster met de open kant naarde apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven. Plaatbijv. braad-slede ofbakplaatDe plaat met de afschuining gerichtnaar de ovendeur in de ovenschuiven. 3. Het accessoire volledig inschuiven, zodat deze deapparaatdeur niet raakt. Opmerking:Haal de accessoires die u niet nodig hebtbij het gebruik uit de binnenruimte.

Accessoires combinerenOm afdruipende vloeistof op te vangen, kunt u hetrooster in combinatie met de braadslede gebruiken. 1. Plaats het rooster zo op de braadslede dat de beideafstandshouders achter op de rand van de braad-slede liggen. 2. De braadslede tussen de beide geleidestangen vaneen inschuifhoogte schuiven. Het rooster ligt daarbijboven de bovenste geleidingsstang. Rooster opbraadslede5. 3 Meer accessoiresMeer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, inspeciaalzaken of op het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in on-ze folders of op internet:www. neff-home. comVoor de verschillende apparaten zijn specifieke acces-soires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de pre-cieze aanduiding (E-nr. ) van uw apparaat op. Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat,kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klan-tenservice.

Voor het eerste gebruik6 Voor het eerste gebruikStel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het ap-paraat en de accessoires. 6. 1 Eerste gebruikU moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uit-voeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.

Tijd instellenNa de aansluiting van het apparaat of na een stroom-onderbreking knippert de tijd op het display. De tijdstart bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in. Vereiste:De functiekeuzeknop dient in de nulstandte staan. 1. De tijd met de toets of instellen. 2. Druk op de knop ⁠. a Het display toont de ingestelde tijd. Tip:Of de tijd op het display wordt weergegeven, kuntu in de basisinstellingen →Pagina12 vastleggen. 6. 2 Het apparaat reinigen voordat u het voorhet eerst gebruiktVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met hetapparaat dient u de binnenruimte en de accessoires tereinigen. 1. De accessoires en de verpakkingsresten zoals piep-schuimbolletjes uit de binnenruimte verwijderen. 2. Vóór het verwarmen de gladde oppervlakken in debinnenruimte af met een zachte, vochtige doek afve-gen. 3. Ventileer de ruimte zolang het apparaat opwarmt. 4.

nl De Bediening in essentie108. De accessoires met zeepsop en een schoonmaak-doekje of een zachte borstel reinigen. De Bediening in essentie7 De Bediening in essentie7. 1 Apparaat inschakelen▶De functiekeuzeknop op een stand buiten de nul-stand draaien. a Het apparaat is ingeschakeld. 7. 2 Verwarmingsmethode en temperatuurinstellen1. De verwarmingsmethode met de functiekeuzeknopinstellen. 2. De temperatuur of grillstand met de temperatuur-knop instellen. a Na enkele seconden begint het apparaat op te war-men. 3. Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen. Tips¡ De meest geschikte verwarmingsmethode voor uwgerechten vindt u in de beschrijving van de verwar-mingsmethoden. →"Verwarmingsmethoden", Pagina6¡ U kunt aan het apparaat de duur en het einde vande werking instellen. →"Tijdfuncties", Pagina10Verwarmingsmethode wijzigenU kunt de verwarmingsmethode altijd wijzigen.

▶De gewenste verwarmingsmethode met de functie-keuzeknop instellen. Temperatuur wijzigenU kunt de temperatuur altijd wijzigen. ▶De gewenste temperatuur met de temperatuurknopinstellen. 7. 3 Machine uitschakelen▶De functiekeuzeknop op de nulstand draaien. a Het apparaat is uitgeschakeld. Snel voorverwarmen8 Snel voorverwarmenOm tijd te besparen kunt u met de functie snel voorver-warmen de opwarmtijd verkorten. 8. 1 Snel voorverwarmen instellenOm een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, degerechten pas na het snel voorverwarmen in de bin-nenruimte plaatsen. 1. Snel voorverwarmen met de functiekeuzeknop in-stellen. 2. De gewenste temperatuur met de temperatuurknopinstellen. Snel voorverwarmen alleen bij ingestelde temperatu-ren van boven de 100°C gebruiken. a Na enkele seconden start het snel voorverwarmen. a Op het display verschijnt en de pijlen vullen zichvan onderen naar boven.

Na het snel voorverwarmen het beste de verwar-mingsmethode Circo Therm hetelucht gebruiken. 4. Plaats het gerecht in de binnenruimte. Tijdfuncties9 TijdfunctiesUw apparaat beschikt over verschillende tijdfunctieswaarmee u de werking kunt sturen. 9. 1 Overzicht van de tijdfunctiesMet de knop kiest u de verschillende tijdfuncties. Tijdfunctie GebruikTijd U kunt de tijd instellen. Tijdsduur Wanneer u voor de werking een tijds-duur instelt, houdt het apparaat nahet verstrijken van de tijdsduur auto-matisch op met verwarmen. Tijdfunctie GebruikEinde Voor de duur kunt u een tijd instellenwaarop de werking eindigt. Het ap-paraat start automatisch zodat dewerking op de gewenste tijd klaar is. Timer De timer kunt u onafhankelijk van dewerking instellen. Deze beïnvloedthet apparaat niet. 9.

2 Tijd instellenNa de aansluiting van het apparaat of na een stroom-onderbreking knippert de tijd op het display. De tijdstart bij 12:00 uur. Stel de actuele tijd in. Vereiste:De functiekeuzeknop dient in de nulstandte staan.

Tijdfuncties nl111. De tijd met de toets of instellen. 2. Druk op de knop ⁠. a Het display toont de ingestelde tijd. Tip:Of de tijd op het display wordt weergegeven, kuntu in de basisinstellingen →Pagina12 vastleggen. Tijd wijzigenU kunt de tijd altijd wijzigen. Vereiste:De functiekeuzeknop dient in de nulstandte staan. 1. Net zo vaak op de knop drukken totdat op hetdisplay is gemarkeerd. 2. De tijd met de knop of wijzigen. a Na enkele seconden wordt de wijziging door het ap-paraat overgenomen. 9. 3 Tijdsduur instellenDe tijdsduur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59minuten instellen. Vereiste:Een verwarmingsmethode en een tempera-tuur of stand zijn ingesteld. 1. Net zo vaak op de knop drukken totdat op hetdisplay is gemarkeerd. 2. Stel de tijdsduur in met de knop of ⁠.

Knop Voorgestelde waarde10 minuten30 minutenDe tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld instappen van een minuut, daarna in stappen van 5minuten. a Na enkele seconden begint het apparaat op te war-men en de duur verstrijkt. a Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal enop het display staat de tijdsduur op nul. 3. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒ Druk op een willekeurige knop om het signaalvoortijdig te beëindigen. ‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op deknop drukken. ‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschake-len. Tijdsduur wijzigenU kunt de tijdsduur altijd wijzigen. Vereiste:Op het display is gemarkeerd. ▶De tijdsduur met de knop of wijzigen. a Na enkele seconden wordt de wijziging door het ap-paraat overgenomen. Tijdsduur afbrekenU kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken. Vereiste:Op het display is gemarkeerd.

▶De tijdsduur met de knop weer op nul zetten. a Na enkele seconden neemt het apparaat de wijzi-ging over en wordt zonder tijdsduur verder ver-warmd. 9. 4 Einde instellenHet tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen¡ Bij verwarmingsmethoden met grillfunctie kan heteinde niet worden ingesteld. ¡ Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wij-zigt u het einde niet meer als de werking eenmaal isgestart. ¡ Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven,dient u ze niet te lang in de binnenruimte te latenstaan. Vereisten¡ Een verwarmingsmethode en een temperatuur ofstand zijn ingesteld. ¡ Er is een tijdsduur ingesteld. 1. Net zo vaak op de knop drukken totdat op hetdisplay is gemarkeerd. 2. Druk op de knop of ⁠. a Het display toont het berekende einde. 3. Het einde met de knop of verschuiven. a Na enkele seconden neemt het apparaat de instel-ling over en het display toont het ingestelde einde. a Als de berekende starttijd is bereikt, begint het ap-paraat op te warmen en de tijdsduur verstrijkt. a Als de tijdsduur verstreken is, klinkt een signaal enop het display staat de tijdsduur op nul. 4.

Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒ Druk op een willekeurige knop om het signaalvoortijdig te beëindigen. ‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen, op deknop drukken. ‒ Als uw gerecht klaar is, het apparaat uitschake-len. Einde wijzigenOm een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het in-gestelde einde alleen wijzigen totdat de werking starten de tijdsduur verstrijkt. Vereiste:Op het display is gemarkeerd. ▶Het einde met de knop of verschuiven. a Na enkele seconden wordt de wijziging door het ap-paraat overgenomen. Einde annulerenU kunt het ingestelde einde altijd wissen. Vereiste:Op het display is gemarkeerd. ▶Het einde met de knop naar de actuele tijd plus in-gestelde tijdsduur terugzetten. a Na enkele seconden neemt het apparaat de wijzi-ging over en begint het apparaat op te warmen. Detijdsduur loopt af. 9. 5 Timer instellenDe timer loopt onafhankelijk van de werking.

U kunt detimer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een ei-gen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduureindigt. 1.

nl Kinderslot12Tot 10 minuten kan de timertijd in stappen van 30seconden worden ingesteld. Daarna worden de tijd-stappen groter, naarmate de waarde hoger is. a Na enkele seconden start de timer en loopt de ti-mertijd af. a Wanneer de timertijd is verstreken, klinkt een sig-naal en op het display staat de timertijd op nul. 3. Wanneer de timertijd is verstreken:‒ Druk op een willekeurige knop om de timer uit teschakelen. Wekker wijzigenU kunt de wekkertijd altijd wijzigen. Vereiste:Op het display is gemarkeerd. ▶De wekkertijd met de toets of wijzigen. a Na enkele seconden wordt de wijziging door het ap-paraat overgenomen. Wekker afbrekenU kunt de wekkertijd altijd afbreken. Vereiste:Op het display is gemarkeerd. ▶De wekkertijd met de toets weer op nul zetten. a Na enkele seconden wordt de wijziging door het ap-paraat overgenomen en gaat uit.

Kinderslot10 KinderslotBeveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per onge-luk inschakelen of instellingen wijzigen. Opmerkingen¡ Of het kinderslot kan worden ingesteld, kunt u in debasisinstellingen →Pagina12 instellen. ¡ Na een stroomuitval is het kinderslot gedeactiveerd. 10. 1 Automatisch kinderslotNa het uitschakelen blokkeert het apparaat automa-tisch. Voordat u het apparaat kan inschakelen, moet uhet automatische kinderslot uitschakelen. Het automatische kinderslot kunt u in de basisinstellin-gen activeren en deactiveren. →"Basisinstellingen", Pagina12Automatisch kinderslot onderbrekenVereiste:Het automatische kinderslot is in de basisin-stellingen geactiveerd. →"Basisinstellingen", Pagina12▶Houd de toets ingedrukt tot op het displaydooft. Basisinstellingen11 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen. 11.

Indicatie Basisinstelling KeuzeAutomatisch kinderslot →"Kinderslot", Pagina12 = nee1 = ja2Weergave van de tijd = Tijdsweergave uit = Tijd weergeven1Signaalduur na het verstrijken van een tijds-duur of timertijd = 10 seconden = 30 seconden1 = 2 minutenGeluidssignaal bij het indrukken van eenknop = uit = aan1Nalooptijd van de koelventilator = kort = gemiddeld = lang1 = extra langWachttijd totdat een instelling is overgeno-men = 3 seconden1 = 6 seconden = 10 seconden1Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)2Alleen mogelijk wanneer ingesteld is3Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie.

Reiniging en onderhoud nl13Indicatie Basisinstelling Keuze⁠ ⁠ Kinderslot instelbaar →"Kinderslot", Pagina12 = nee = ja1Waterhardheid 3 = onthard = zacht (tot 1,5mmol/l) = gemiddeld (1,5 - 2,5 mmol/l) = hard (2,5 - 3,8 mmol/l) = zeer hard (> 3,8 mmol/l)11Fabrieksinstelling (kan afhankelijk van het apparaattype afwijken)2Alleen mogelijk wanneer ingesteld is3Alleen voor apparaattypen met stoomfunctie11. 2 Basisinstelling wijzigenVereiste:Het apparaat is uitgeschakeld. 1. De toets ca. 4seconden lang ingedrukt houden. a Op het display verschijnt de eerste basisinstelling,bijv.  ⁠ ⁠ ⁠. 2. De instelling met de toets of wijzigen. 3. Met de toets naar de volgende basisinstellinggaan. 4. Om wijzigingen op te slaan, de toets ca. 4secon-den lang ingedrukt houden. Opmerking:Na een stroomonderbreking worden debasisinstellingen naar de fabrieksinstelling teruggezet. 11.

3 Het wijzigen van de basisinstellingenafbreken▶De functiekeuzeknop draaien. a Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-gen. Reiniging en onderhoud12 Reiniging en onderhoudReinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om ervoor te zorgen dat het lang goed blijft werken. 12. 1 ReinigingsmiddelenGebruik om de verschillende oppervlakken van het ap-paraat niet te beschadigen geen ongeschikte reini-gingsmiddelen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok. Binnendringend vocht kan een elektrische schok ver-oorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruikenom het apparaat te reinigen. LET OP. Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de op-pervlakken van het apparaat. ▶ Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen ge-bruiken. ▶ Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen ge-bruiken. ▶ Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes ge-bruiken.

▶ Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruim-te. ▶ Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de bin-nenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijde-ren. Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie. ▶ Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uit-wassen. 12. 2 Geschikte schoonmaakmiddelenGebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen voor deverschillende oppervlakken van uw apparaat. Houd de handleiding aan bij het reinigen van het appa-raat.

nl Reiniging en onderhoud14Voorzijde van het apparaatOppervlak Geschikte schoonmaak-middelenAanwijzingenRVS ¡ Warm zeepsop¡ Speciale RVS-onder-houdsmiddelen voorwarme oppervlakkenVerwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvaststalen op-pervlakken onmiddellijk om corrosie te vermijden. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. Kunststof of ge-lakte oppervlak-kenbijv. bedienings-paneel¡ Warm zeepsop Gebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kook-plaat. ApparaatdeurGebied Geschikte schoonmaak-middelenAanwijzingenRuiten van dedeur¡ Warm zeepsop Gebruik geen schraper voor vitrokeramische kookplaat of RVS-schuursponsje gebruiken. Tip:Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren.

→"Apparaatdeur", Pagina16Deurafscherming ¡ Van roestvaststaal:RVS-reiniger¡ van kunststof:Warm zeepsopGebruik geen glasreiniger of schraper voor vitrokeramische kook-plaat. Tip:Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. →"Apparaatdeur", Pagina16Deurgreep ¡ Warm zeepsop Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen,het ontkalkingsmiddel direct van de deurgreep verwijderen. Deurafdichting ¡ Warm zeepsop Niet afnemen en niet schuren. BinnenruimteGebied Geschikte schoonmaak-middelenAanwijzingenEmaille oppervlak-ken¡ Warm zeepsop¡ Azijnwater¡ OvenreinigerBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraal-spons gebruiken. Laat om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van hetapparaat open. Opmerkingen¡ Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor erkleine kleurverschillen ontstaan.

De werking van het apparaatwordt niet beïnvloed. ¡ De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig wordengeëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosieblijft hierbij intact. ¡ Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting opde emaille oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor degezondheid.

De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. Ukunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. Zelfreinigende op-pervlakken- Handleiding voor de zelfreinigende oppervlakken aanhouden. →"Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte reinigen",Pagina15Glazen kapje vande ovenlamp¡ Warm zeepsop Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger.

Reinigingshulp Easy Clean nl15Gebied Geschikte schoonmaak-middelenAanwijzingenRekjes ¡ Warm zeepsop Bij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraal-spons gebruiken. Tip:Voor het reinigen de rekjes verwijderen. →"Rekjes", Pagina21Toebehoren ¡ Warm zeepsop¡ OvenreinigerBij sterke verontreiniging inweken en een borstel of RVS-spiraal-spons gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden ge-daan. 12. 3 Apparaat schoonmakenReinig om beschadiging van het apparaat te voorko-men het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en metgeschikte reinigingsmiddelen. WAARSCHUWING‒Kans op brandwonden. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. ▶ Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen. WAARSCHUWING‒Kans op brand. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brandvliegen.

▶ Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwar-mingselementen en de accessoires vrij te makenvan grove verontreiniging. Vereiste:Houd de aanwijzingen voor het gebruik vande reinigingsmiddelen aan. →"Reinigingsmiddelen", Pagina131. Het apparaat met heet zeepsop en een schoon-maakdoekje reinigen. ‒ Voor sommige oppervlakken kunt u alternatievereinigingsmiddelen gebruiken. →"Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina132. Drogen met een zachte doek. 12. 4 Zelfreinigende oppervlakken in debinnenruimte reinigenDe achterwand in de binnenruimte is zelfreinigend. Dezelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laag-je poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreini-gende oppervlakken spetters van het bakken, bradenof grillen op en breken ze af.

Wanneer de zelfreinigen-de oppervlakken zich tijdens het gebruik niet meer vol-doende reinigen, warm de binnenruimte dan gerichtop. LET OP. Als de zelfreinigende oppervlakken niet regelmatig wor-den gereinigd, kan dit leiden tot schade aan de opper-vlakken.

▶ Als op de zelfreinigende oppervlakken donkere vlek-ken zichtbaar zijn, de ovenruimte opwarmen. ▶ Geen ovenreiniger of schurende reinigingsmiddelengebruiken. Wanneer er per ongeluk ovenreiniger opde zelfreinigende oppervlakken terechtkomt, directafdeppen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven. 1. Haal de accessoires en vormen uit de binnenruimte. 2. Maak de rekjes los en verwijder ze uit de binnen-ruimte. →"Rekjes", Pagina213. Grove verontreinigingen met zeepsop en een zachtedoek verwijderen:– van de gladde emaille oppervlakken– van de apparaatdeur binnen– van de glazen afscherming van de ovenlampZo voorkomt u niet verwijderbare vlekken. 4. Voorwerpen uit de binnenruimte halen. De binnen-ruimte moet leeg zijn. 5. Circo Therm® heteluchtfunctie instellen. 6. Maximale temperatuur instellen. a Na enkele seconden begint het apparaat op te war-men. 7. Na 1 uur het apparaat uitschakelen.

8. Wanneer het apparaat goed is afgekoeld, de bin-nenruimte met een vochtige doek afnemen. Opmerking:Op de zelfreinigende oppervlakkenkunnen vlekken ontstaan. Resten van suikers en ei-witten in levensmiddelen worden niet afgebroken enblijven hechten aan de oppervlakken. Roodachtigevlekken zijn resten van zouthoudende levensmidde-len, de vlekken zijn geen roest. De vlekken zijn nietgevaarlijk voor de gezondheid. De vlekken hebbengeen invloed op het reinigende vermogen van dezelfreinigende oppervlakken. 9. De rekjes inhangen. →"Rekjes", Pagina21Reinigingshulp Easy Clean13 Reinigingshulp Easy CleanGebruik de reinigingshulp Easy Clean om de binnen-ruimte tussendoor schoon te maken. De reinigingshulpEasy Clean weekt verontreinigingen door het verdam-pen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervol-gens gemakkelijker worden verwijderd. 13.

nl Apparaatdeur16¡ De tijdsduur is vooringesteld en kan niet gewijzigdworden. Vereiste:Start de reinigingshulp alleen, wanneer debereidingsruimte volledig is afgekoeld. 1. De accessoires uit de binnenruimte verwijderen. 2. LET OP. Gebruik van gedestilleerd water in de binnenruimteleidt tot corrosie. ▶ Geen gedestilleerd water gebruiken. 0,4l water met een druppel afwasmiddel mengenen in het midden op de bodem van de binnenruimtegieten. 3. De reinigingshulp met de functiekeuzeknop en detemperatuurkeuzeknop instellen. a Op het display verschijnt de tijdsduur. a Na enkele seconden start de reinigingshulp. Op hetdisplay loopt de tijdsduur af. a Zodra de reinigingshulp is afgerond, klinkt een sig-naal. 13. 2 Binnenruimte nareinigenLET OP. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. ▶ Na de reinigingshulp de binnenruimte afnemen envolledig laten drogen.

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. ▶ Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. ▶ Voor gebruik het water van de bodem van de bin-nenruimte opnemen. 1. Apparaatdeur openen en resterende water met eenabsorberende vaatdoek opnemen. 2. Reinig gladde oppervlakken in de binnenruimte meteen schoonmaakdoekje of zachte borstel. Hardnek-kige resten kunt u verwijderen met een schuur-sponsje van roestvaststaal. 3. Verwijder kalkranden met een in azijn gedrenktedoek. Vervolgens met schoon water afnemen endroogwrijven met een zachte doek (ook onder dedeurafdichting). 4. Wanneer hardnekkige verontreinigingen niet losla-ten, herhaalt u de reinigingshulp, nadat de binnen-ruimte is afgekoeld. 5. Draai de functiekeuzeknop terug naar de nulstandom het apparaat uit te schakelen. 6.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Neff B4ACE4AG3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden