Neff B14M42N5 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Neff B14M42N5 (28 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 65 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Neff B14M42N5 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Neff |
| Categorie: | Oven |
| Model: | B14M42N5 |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Buttons,Rotary |
| Kleur van het product: | Black,Stainless steel |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Breedte: | 595 mm |
| Diepte: | 550 mm |
| Hoogte: | 595 mm |
| Netbelasting: | 3500 W |
| Grill: | Ja |
| Snoerlengte: | 1.5 m |
| Geluidsniveau: | - dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | A |
| Verlichting binnenin: | Ja |
| Geïntegreerde klok: | Ja |
| Soort klok: | Elektronisch |
| Convectie koken: | Ja |
| Totale binnen capaciteit (ovens): | 66 l |
| Aantal ovens: | 1 |
| Controle positie: | Boven voorzijde |
| Installatie compartiment diepte: | 550 mm |
| Stroom: | 16 A |
| Installatie compartiment hoogte (min): | 575 mm |
| Energieverbruik (conventioneel): | 0.96 kWu |
| Energieverbruik (geforceerde convectie): | 0.84 kWu |
| Energie-efficiëntie-index (EEI): | 101.2 |
| Koken: | Ja |
| Grootte oven: | Middelmaat |
| Soort oven: | Elektrische oven |
| Netto capaciteit oven: | 66 l |
| Boven- en onderverwarming: | Ja |
| Thermostaatbereik oven: | 50 - 275 °C |
| Bakplaat afmetingen: | Ja |
| Automatisch uitschakelen: | Ja |
| Koeldeur: | Ja |
| Deur temperatuur ( max): | 40 °C |
| Type timer: | Digitaal |
| Auto-off timer koks voedsel veilig: | Ja |
| Installatie compartiment hoogte (max): | 593 mm |
| Snelle hitte: | Ja |
| Aantal rasters: | 1 |
| Afmetingen binnenkant (B x D x H): | 479 x 418 x 329 mm |
| Klaar alarm: | Ja |
| Maximum temperatuur (convectie): | 200 °C |
| AC-ingangsspanning: | 220-230 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 Hz |
| Oven-ontdooifunctie: | Ja |
Handleiding Neff B14M42N5 – volledige tekst
4: Belangrijke veiligheidsvoorschriftenLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geven aan een volgende eigenaar. Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installatievoorschrift in acht. Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade. Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.
000 meter boven zeeniveau. Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel. Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing. Risico van brand.
Het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Risico van brand. ■Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren. Risico van verbranding. ■Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte. Risico van verbranding.
■Alcoholdampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen. Kans op verbranding. ■Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Kans op verbrandingen. ■Door water in de hete binnnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
5Risico van letsel. Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken. Kans op een elektrische schok. ■Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■De kabelisolatie van hete toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat. Kans op een elektrische schok. ■Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok.
■Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. Kans op een elektrische schok. ■Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Oorzaken van schadeAttentie. ■Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van meer dan 50 °C ingesteld is. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte.
De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd. ■Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
■Vochtige levensmiddelen: Geen vochtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd. ■Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. ■Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen laten afkoelen wanneer deze afgesloten is. Ook wanneer de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd. ■Sterk vervuilde deurdichting: is de deurdichting sterk vervuild, dan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd. Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
■Apparaatdeur als vlak om op iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen. ■Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kunnen de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven. ■Apparaat transporteren: Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat niet en kan afbreken. Energie en milieutipsHier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert. Energie besparenDe oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven. Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk. Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Hierdoor kan de baktijd voor de tweede taart of cake korter zijn.
Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken. Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Bedieningselementen en indicaties Gebruik/BetekenisOven(‚ Functiekeuzeknop Gewenste functie kiezen (zie het hoofdstuk: Apparaat bedienen)0 Temperatuurknop Gewenst temperatuur instellen (zie het hoofdstuk: Apparaat bedienen)8r Indicatielampje temperatuurkeuzeknop Apparaat in- of uitgeschakeld (zie het hoofdstuk: Apparaat bedienen)Elektronische klok (snel voorverwarmen)@ Indicatie Elektronische klok Indicatie voor Tijd, Tijdfuncties en Snel voorverwarmen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok) H KJ Klokfunctietoets De gewenste klokfunctie of de functie Snel voorverwarmen kiezen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok)P Draaiknop Instellingen binnen een klokfunctie uitvoeren of de functie Snel voorverwar-men inschakelen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok)#+ 3
7FunctiesHier krijgt u een overzicht van de functies van uw apparaat. De toebehorenIn dit hoofdstuk vindt u informatie over ■de toebehoren ■de manier waarop de toebehoren op de juiste manier in de binnenruimte worden geschoven ■de inschuifniveaus ■de extra toebehorenToebehorenBij de levering van uw apparaat zijn de volgende toebehoren inbegrepen:Aanwijzing: De bakplaat en braadslede kunnen tijdens het gebruik van het toestel iets kromtrekken. De oorzaak hiervan zijn grote temperatuurverschillen bij de toebehoren. Deze kunnen zich voordoen wanneer er slechts op een deel van de toebehoren gerechten zijn geplaatst of diepvriesproducten, zoals pizza's, op de toebehoren zijn gelegd. Toebehoren inschuivenDe toebehoren zijn voorzien van een vergrendelingsfunctie. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen wanneer ze worden verwijderd.
De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zodat de kantelbeveiliging goed werkt. Let er bij het inschuiven van het rooster op ■dat de ontgrendelnok (a) naar beneden wijst ■dat de ontgrendelnok (a) zich achter het rooster bevindtLet er bij het inschuiven van de bakplaat of de braadslede op ■dat de ontgrendelnok (a) zich achter de toebehoren bevindt ■dat de schuine kant van de toebehoren tijdens het inschuiven naar de deur van het toestel is gericht Functie Gebruik3 CircoTherm® hetelucht Voor het bakken en braden op één of meerdere niveaus% Boven- en onderwarmte Voor het bakken en braden op één niveau. Bijzonder geschikt voor taarten met een vochtige bedekking (bijv. kwarktaart)4 Thermogrillen Voor gevogelte en grotere stukken vlees( Grill, groot Voor grote hoeveelheden platte en kleine gerechten van de grill (bijv.
A Ontdooistand Voor het voorzichtig ontdooien van vlees, brood en kwetsbaar gebak (bijv. slagroomtaart)\ Verlichting van de binnenruimte Als hulp bij het onderhoud en reinigen van de binnenruimteRooster voor het bakken in vormen, het braden in braadservies en het grillenBraadslede, geëmailleerd voor het bakken van vochtig gebak, voor het braden, het grillen en het opvangen van afdruipende vloeistofInzetrooster om te braden en grillenAanwijzing: Het inlegrooster wordt altijd samen met de braadslede gebruikt. Hiervoor wordt het inlegrooster in de braadslede gelegd. DDDD.
8InschuifhoogtesDe binnenruimte heeft vier inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld. Aanwijzing: Bij het bakken en braden met CircoTherm® hetelucht 3 inschuifhoogte 2 niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat. Extra toebehorenExtra toebehoren kunt u kopen bij de klantenservice of in speciaalzaken. Een omvangrijk aanbod voor uw oven vindt u in onze prospectussen of op onze homepage. Voor het eerste gebruikIn dit hoofdstuk leest u ■hoe u na de elektrische aansluiting van uw apparaat de tijd instelt ■hoe u het apparaat voor het eerste gebruik schoonmaaktTijd instellenAanwijzing: Wanneer u op de klokfunctietoets KJ drukt, heeft u 3 seconden de tijd om de tijd met de draaiknop in te stellen. Was dit te kort, dan kunt u de tijd later nog veranderen. Op het klokdisplay knippert :. ‹ ‹‹ 1.
Klokfunctietoets KJ kort indrukken om naar de instelmodus te gaan. De symbolen KJ en zijn verlicht. Op het klokdisplay 3verschijnt ‚ƒ ‹‹:. 2. Met de draaiknop de actuele tijd instellen. Uw instelling wordt na 3 seconden automatisch overgenomen. Tijd wijzigen Om de tijd achteraf te veranderen, drukt u zo vaak op de klokfunctietoets KJ KJ tot de symbolen en weer verlicht 3zijn. Met de draaiknop de tijd wijzigen. Apparaat reinigenMaak het apparaat voor het eerste gebruik schoon 1. Toebehoren uit de binnenruimte nemen. 2. Verpakkingsresten (bijv. stukjes piepschuim) volledig verwijderen uit de binnenruimte. 3. Toebehoren en binnenruimte schoonmaken met warm zeepsop (zie het hoofdstuk: Reiniging en onderhoud). 4. Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt. Boven- en onderwarmte % 60 minuten lang opwarmen bij 240 °C. 5.
9Apparaat bedienenIn dit hoofdstuk leest u ■hoe u het apparaat in- en uitschakelt ■hoe u een functie en temperatuur kiestApparaat inschakelen 1. Aan de functiekeuzeknop (Afb. A) draaien tot de gewenste functie is ingesteld. 2. Aan de temperatuurkeuzeknop (Afb. B) draaien tot de gewenste temperatuur ingesteld is.Het indicatielampje r brandt terwijl het apparaat voorverwarmt en altijd bij het nawarmen.Apparaat uitschakelen. 1. Functiekeuzeknop in de stand terugdraaien.Û 2.
Temperatuurkeuzeknop in de stand terugdraaien.ÚNa het uitschakelen kan de koelventilator nalopen.Elektronische klokIn dit hoofdstuk leest u ■hoe u de kookwekker instelt ■hoe u het apparaat automatisch uitschakelt (gebruiksduur en gebruikseinde) ■hoe u het apparaat automatisch in- en uitschakelt (instelling vooraf) ■hoe u de tijd instelt ■hoe u de functie Snel voorverwarmen inschakeltKlokdisplay%$(Klokfunctietoets0Draaiknop Klokfunctie GebruikQ Kookwekker U kunt de wekker gebruiken als een kook- of eierwekker. Het apparaat gaat niet automa-tisch aan of uit.xGebruiksduur Het apparaat gaat na een ingestelde gebruiksduur (bijv. ‚:„‹ uur) automatisch uityGebruikseinde Het apparaat gaat op een ingesteld tijdstip (bijv. ‚ƒ „‹: uur) automatisch uit Voorkeuze functie Het apparaat wordt automatisch in- en uitgeschakeld.
10Aanwijzingen ■Tussen : en : uur wordt het klokdisplay ƒƒ ‹‹ † †Šverduisterd wanneer u in deze tijd niets instelt of als er geen klokfunctie geactiveerd is. ■Bij het instellen van een klokfunctie wordt het tijdsinterval langer wanneer u hogere waarden instelt (bijv. gebruiksduur tot‚:‹‹œ met een precisie van één minuut, hoger dan ‚:‹‹œ met een precisie van 5 minuten in te stellen). ■Bij de klokfuncties Kookwekker , Gebruiksduur , QxGebruikseinde y en Voorkeuzefunctie klinkt na afloop van de instellingen een signaal en het symbool Q resp. y knippert. Wilt u het geluidssignaal voortijdig beëindigen, druk dan op de klokfunctietoets KJ. ■Druk steeds maar slechts kort op de klokfunctietoets KJom een klokfunctie te kiezen. U heeft dan 3 seconden de tijd om de geselecteerde klokfunctie in te stellen. Hierna wordt de instelmodus automatisch verlaten. Klokdisplay uit- en inschakelen 1.
Klokfunctietoets KJ 6 seconden lang indrukken. Het klokdisplay gaat uit. Is er een klokfunctie actief, dan blijft het bijbehorende symbool verlicht. 2. Klokfunctietoets kort indrukken. KJHet klokdisplay gaat aan. Kookwekker 1. KLokfunctietoets zo vaak indrukken tot de KJsymbolen KJ en verlicht zijn. Q 2. Met de draaiknop de tijdsduur instellen (bijv. : minuten). † ‹‹ De instelling wordt automatisch overgenomen. Hierna wordt weer de tijd weergegeven en de kookwekker loopt af. GebruiksduurAutomatisch uitschakelen na een ingestelde tijdsduur. 1. Functie en temperatuur instellen. Het apparaat warmt op. 2. Klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de KJsymbolen KJ en x verlicht zijn. 3. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. :‚ „‹ uur). De instelling wordt automatisch overgenomen. Hierna wordt weer de tijd weergegeven en de ingestelde gebruiksduur loopt af.
Klokfunctietoets indrukken om de klokfunctie te KJbeëindigen. GebruikseindeAutomatisch uitschakelen op een ingesteld tijdstip. 1. Functie en temperatuur instellen. Het apparaat warmt op. 2. KLokfunctietoets zo vaak indrukken tot de KJsymbolen KJ en y verlicht zijn. 3. Met de draaiknop het gebruikseinde instellen (bijv. ‚ƒ:„‹ uur). De instelling wordt automatisch overgenomen. Hierna wordt weer de tijd weergegeven. Op het tijdstip van het ingestelde gebruikseinde schakelt het apparaat automatisch uit. 1. Functie- en temperatuurkeuzeknop weer in de stand Ûdraaien. 2. Klokfunctietoets indrukken om de klokfunctie te KJbeëindigen. VoorkeuzefunctieHet apparaat schakelt automatisch in en op het tijdstip van het gekozen gebruikseinde uit. Combineer hiervoor de klokfuncties Gebruiksduur en Gebruikseinde. Let erop dat levensmiddelen die snel bederven niet te lang in de binnenruimte mogen staan. 1.
Functie en temperatuur instellen. Het apparaat warmt op. 2. Klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de KJsymbolen KJ en x verlicht zijn. 3. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. :‚ „‹ uur). De instelling wordt automatisch overgenomen. 4. KLokfunctietoets zo vaak indrukken tot de KJsymbolen KJ en y verlicht zijn. 5. Met de draaiknop het gebruikseinde instellen (bijv. ‚ƒ:„‹ uur). Het apparaat schakelt uit en wacht op het juiste tijdstip om in te schakelen (in het voorbeeld om ‚‚:‹‹ uur). Op het ingestelde gebruikseinde schakelt het apparaat automatisch uit (‚ƒ:„‹ uur). 6. Functie- en temperatuurkeuzeknop weer in de stand Ûdraaien. 7. Klokfunctietoets indrukken om de klokfunctie te KJbeëindigen.
11Tijd instellenU kunt de tijd alleen wijzigen wanneer er geen andere klokfunctie actief is. 1. Klokfunctietoets KJ zo vaak indrukken tot de symbolen KJ en 3 verlicht zijn. 2. Met de draaiknop de tijd instellen. De instelling wordt automatisch overgenomen. Snel voorverwarmenBij CircoTherm® hetelucht 3kunt u de opwarmtijd verkorten wanneer de ingestelde temperatuur hoger is dan 100 °C. Aanwijzing: Plaats tijdens het snel voorverwarmen zolang het symbool verlicht is geen gerecht in de binnenruimte. f 1. Functie en temperatuur instellen. Het apparaat warmt op. 2. Klokfunctietoets KJ zo vaak indrukken tot de symbolen KJ en f Œ verlicht zijn en op het klokdisplay verschijnt. 3. De draaiknop naar rechts draaien. Op het klokdisplay wordt Ž f weergegeven en het symbool is verlicht. De functie Snel voorverwarmen wordt bijgeschakeld.
Na het bereiken van de ingestelde temperatuur schakelt de functie Snel voorverwarmen uit. Het symbool f verdwijnt. Instellingen controleren, corrigeren of wissen 1. Om uw instellingen te controleren drukt u zo vaak op de klokfunctietoets KJ tot het betreffende symbool verlicht is. 2. Zo nodig kunt u de instelling met de draaiknop corrigeren. 3. Wanneer u de instelling wilt wissen, draait u de draaiknop naar links terug op de oorspronkelijke waarde. BakkenIn dit hoofdstuk vindt u informatie over ■bakvormen en platen ■bakken op meerdere niveaus ■bakken van gebruikelijk basisdeeg (baktabel) ■bakken van kant-en-klare diepvriesproducten en verse gerechten (baktabel) ■Tips en trucs voor het bakkenAanwijzing: Bij het bakken met CircoTherm® hetelucht 3 inschuifhoogte 2 niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.
Wilt u met vormen van blik en boven- en onderwarmte % bakken, gebruik dan inschuifhoogte 1. Wanneer u siliconen vormen wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De deegvormen en receptgegevens kunnen afwijken. Plaats bij het bakken op één niveau met CircoTherm® hetelucht 3 een rechthoekige vorm altijd diagonaal (Afbeelding A) en een ronde bakvorm altijd in het midden van het rooster (Afbeelding B). BakplatenWij raden u aan alleen originele platen te gebruiken, omdat deze optimaal op de binnenruimte en de functies zijn afgestemd. Schuif de bakplaat of de braadslede altijd voorzichtig tot de aanslag in en let erop dat de schuine kant altijd naar de apparaatdeur wijst. Gebruik bij vochtig gebak de braadslede, zodat de binnenruimte niet vuil wordt. $ %.
12Bakken op meerdere niveausGebruik bij het bakken op meerdere niveaus bij voorkeur bakplaten en schuif deze tegelijkertijd in. Houd er rekening mee dat uw gebak op de verschillende niveaus niet even snel bruin wordt. Het gebak op het onderste niveau wordt het snelst bruin en kan vroeger uit de oven worden genomen. Wilt u bij het bakken op twee niveaus een bakplaat en een braadslede gebruiken, schuif de bakplaat dan op inschuifhoogte 3 en de braadslede op inschuifhoogte 1 in. Baktabel voor basisdeegDe gegevens in de tabel zijn richtwaarden, die gelden voor geëmailleerde bakplaten en donkere bakvormen. De waarden kunnen variëren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm. De waarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm. Wij raden u aan om de eerste keer de laagste van de opgegeven temperaturen in te stellen.
13Baktabel voor gerechten en kant-en-klare diepvriesproductenAanwijzingen ■Gebruik voor diepvriesproducten de braadslede ■Bekleed de braadslede met bakpapier of met speciaal vetopnemend papier wanneer u diepvries-aardappelproducten bakt. ■Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. ■Leg frites niet op elkaar ■Keer diepvries-aardappelproducten na de helft van de baktijd om. ■Kruid diepvries-aardappelproducten pas na het bakken ■Zorg ervoor dat er wat ruimte tussen voorgebakken broodjes is wanneer u deze afbakt. Leg er niet te veel op de bakplaat ■Gebruik geen diepvriesproducten met vriesbrand (uitdroging) ■Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten ■Neem de aanwijzingen van de fabrikant in achtDe gegevens in de tabel zijn richtwaarden, die gelden voor geëmailleerde bakplaten.
Controleer of u een door ons aanbevolen bakvorm heeft gebruiktPlaats uw vorm op het rooster en niet op de bakplaat. Zijn de inschuifhoogte en de bakvorm juist, houd dan een langere baktijd of hogere temperatuur aan. Het gebak is te donker Controleer de inschuifhoogte. Is de inschuifhoogte correct, verkort dan de baktijd of verlaag de temperatuur. Het gebak in de bakvorm is ongelijkmatig bruin gewordenControleer de inschuifhoogte. Controleer de temperatuur. Let erop dat uw bakvorm niet direct voor de luchtuitlaat van de achterwand van de bin-nenruimte staat. Controleer of de bakvorm goed op het rooster staatHet gebak op de bakplaat is ongelijkmatig bruin gewordenControleer de inschuifhoogte. Controleer de temperatuur. Neem bij het bakken op meerdere niveaus de bakplaten op verschillende tijdstippen uit de oven.
Let erop dat u bij het bakken van klein gebak gelijke groottes en diktes gebruikt Het gebak is te droog Stel de temperatuur wat hoger in en houd een wat kortere baktijd aan. Het gebak is van binnen te vochtig Stel de temperatuur wat lager in. Let op: baktijden kunnen door hogere temperaturen niet korter worden (van buiten gaar, van binnen niet). Houd een langere baktijd aan en laat het deeg langer rijzen. Voeg minder vloeistof aan het deeg toe. Bij zeer vochtig gebak, bijv. vruchtentaart, ontstaat veel waterdamp in de binnen-ruimte, die op de apparaatdeur neerslaatDoor de apparaatdeur kort en voorzichtig te openen (1 tot 2 keer, bij een langere bak-tijd vaker) kunt u de waterdamp onttrekken aan de binnenruimte en de condens aan-zienlijk verminderen. Het gebak zakt in nadat u het uit de oven heeft genomenGebruik minder vloeistof voor het deeg.
Houd een langere baktijd aan of stel de temperatuur wat lager in. De opgegeven baktijd is niet juist Controleer bij klein gebak de hoeveelheid op uw bakplaat. Klein gebak mag elkaar niet raken. Diepvriesproduct is na het bakken niet overal gelijkmatig bruin gewordenLet erop of het diepvriesproduct misschien ongelijkmatig voorgebruind is. De ongelijke bruine kleur blijft na de baktijd behouden. Diepvriesproduct is niet bruin, niet knap-perig of de opgegeven tijd is niet juistVerwijder voor het bakken het ijs van het diepvriesproduct. Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten Energie besparen U dient alleen maar voor te verwarmen wanneer dit in de baktabel is aangegeven. Gebruik donkere bakvormen, omdat deze de hitte beter opnemen. Maak gebruik van het nawarmen en schakel bij een langere baktijd de oven 5 tot 10 minuten voor het einde van de baktijd uit.
15BradenIn dit hoofdstuk vindt u informatie over ■braden in het algemeen ■open braden ■gesloten braden ■het braden van vlees, gevogelte en vis (braadtabel) ■Tips en trucs voor het braden: Kans op letsel door gebruik van niet hittebestendige schalen. Gebruik alleen braadvormen die speciaal voor de oven bestemd zijn. Bij het braden met CircoTherm® hetelucht 3 inschuifhoogte 2 niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter braadresultaat. Open bradenVoor het open braden wordt een vorm zonder deksel gebruikt. Tijdens het braden verdampt de vloeistof in de braadvorm. Voeg zo nodig voorzichtig wat hete vloeistof toe. Keer het vlees bij het braden met boven- en onderwarmte % om nadat ca. de helft of twee derde van de braadtijd verstreken is. Bakken in de braadsledeTijdens het braden in de braadslede ontstaat braadsap.
Dit braadsap kunt u als basis voor een smakelijke saus gebruiken. Blus het vleessap met heet water, bouillon, wijn of iets dergelijks. Breng het aan de kook, bind het met maïzena, maak het op smaak af en giet het zo nodig door een zeef. Bij het braden in de braadslede kunt u ook bijgerechten (bijv. groenten) mee laten garen. Bij kleinere stukken vlees kunt u in plaats van de braadslede een kleinere braadvorm gebruiken. Plaats deze direct op het rooster. Braden in de braadslede met inzetroosterLeg het inzetrooster met de verlaging naar beneden in de braadslede en schuif deze samen in op dezelfde inschuifhoogte. Doe voor vet vlees en gevogelte al naargelang de grootte en het soort vlees X tot ¼ liter water in de braadslede. Braden in de braadslede met braadplaatDe braadplaat gaat vervuiling in de binnenruimte tegen.
Leg de braadplaat in de braadslede en plaats ze samen op dezelfde inschuifhoogte. Afdruipend sap en braadvocht worden opgevangen in de braadslede. Gesloten bradenVoor het gesloten braden wordt een braadvorm met deksel gebruikt. Gesloten braden is zeer geschikt voor stoofgerechten.
Leg het vlees in de braadvorm. Voeg er voor het braadsap water, wijn, azijn of iets dergelijks aan toe. Dek de braadvorm met de bijbehorende deksel af en plaats hem in de binnenruimte. BraadtabelDe braadtijd en temperatuur zijn afhankelijk van de grootte, de hoogte, de kwaliteit en het soort vlees. In het algemeen geldt: Hoe groter het braadstuk, des te lager de temperatuur en des te langer de braadduur. Bestrijk mager vlees naar wens met vet of leg er reepjes spek op. De opgaven in de tabel zijn richtwaarden en gelden voor het braden zonder deksel. De waarden kunnen variëren, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid vlees en de braadvorm. Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op. Laat het vlees na afloop van de braadtijd nog ca. 10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte.
16Tips en trucsGrillenIn dit hoofdstuk vindt u informatie over ■grillen in het algemeen ■thermogrillen 4 ■vlakgrillen (Attentie. Schade door hoge temperaturen: In de binnenruimte ontstaat een zeer hoge temperatuur. Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit met een geopende apparaatdeur grillen. Aanwijzingen ■Gebruik voor het grillen bij voorkeur de braadslede met inzetrooster ■Leg het inzetrooster in de braadslede en plaats beide op de inschuifhoogte die in de grilltabel wordt opgegeven ■Leg het te grillen gerecht altijd midden op het rooster ■Let er bij het grillen van meerdere vleesstukken op dat het soort, de dikte en het gewicht van het vlees hetzelfde is ■Gebruik het rooster voor bijzonder grote hoeveelheden. Plaats het rooster op de inschuifhoogte die in de grilltabel wordt opgegeven. Om verontreiniging te voorkomen plaatst u de braadslede een niveau lager.
Controleer de inschuifhoogte. Korst te dun Verhoog de temperatuur of schakel na afloop van de braadtijd de grill even in. Het vlees is van binnen niet gaar Neem de toebehoren die niet nodig zijn uit de binnenruimte. Houd langere braadtijden aan. Controleer met behulp van een vleesthermometer de kerntemperatuur van het vlees. Waterdamp in de binnenruimte slaat neer op de apparaatdeurWanneer het apparaat aan is, verdwijnt de waterdamp geleidelijk. Bij zeer veel water-damp kunt u kort en voorzichtig de apparaatdeur openen, zodat hij sneller verdwijnt.
17ThermogrillenDe functie Thermogrillen is zeer geschikt voor gevogelte of 4vlees (bijv. gebraden varkensvlees met zwoerd), dat knapperig gegrild moet worden. Keer grote stukken na ca. de helft tot twee derde van de grilltijd om. Steek bij eend en gans het vel onder de vleugels en bouten vast, zodat het vet er goed uit kan braden. Bij thermogrillen kan al naargelang het te grillen gerecht de binnenruimte sterker verontreinigd raken. Maak de binnenruimte na gebruik daarom altijd schoon, zodat het vuil niet inbrandt. De gegevens in de tabel zijn richtwaarden, die gelden voor de geëmailleerde braadslede met inzetrooster. De waarden kunnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren. Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op. Laat de gerechten van de grill na afloop nog ca.
10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten oven. Bij de opgegeven grilltijd is de aanbevolen rusttijd niet inbegrepen. De opgaven gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt. VlakgrillenBestrijk de gerechten naar wens licht met olie. Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot twee derde van de grilltijd om. De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. De waarden kunnen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren. Ze gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt. U kunt het grillresultaat beïnvloeden door de positie van het rooster te veranderen:Aanwijzing: De braadslede altijd in de normale toestand (niet omgekeerd) gebruiken.
Gerechten van de grill Inschuifhoogte Temperatuur in °C Grilltijd in minuten Rosbief, medium (1,5 kg) 2 220 - 240 40 - 50 Lamsbout zonder been, medium 2 170 - 190 120 - 150Varkensvlees Gebraden varkensvlees met zwoerd 2 170 - 190 140 - 160 Varkensschenkel 2 180 - 200 120 - 150Gevogelte (ongevuld) Halve kippen (1 - 2 stuks) 2 210 - 230 40 - 50 Kip, heel (1 - 2 stuks) 2 200 - 220 60 - 80 Eend, heel (2 - 3 kg) 2 180 - 200 90 - 120 Eendenborst 3 230 - 250 30 - 45 Gans, heel (3 - 4 kg) 1 150 - 170 130 - 160 Ganzenborst 2 160 - 180 80 - 100 Ganzenbout 2 180 - 200 50 - 80Positie van het roosterGebruikHet inzetrooster met de verlaging naar bene-den in de braadslede leggen: geschikt voor gegrilde gerechten die overwegend doorbak-ken moeten zijnHet inzetrooster met de verlaging naar boven in de braadslede leggen: geschikt voor gegrilde gerechten die overwegend saignant tot medium moeten zijn Gerechten van de grill Inschuif-hoogteTempera-tuur in °CGrilltijd in minutenAanwijzingen Toast met bedekking 3 220 10 - 15 De inschuifhoogte is afhankelijk van de hoogte van het beleg Groente 4 270 15 - 20 Worsten 4 250 10 - 14 Licht insnijdenVarkensvlees Filetsteaks, medium (3 cm dik) 4 270 12 - 15 Via de positie van het rooster kan het bereidingsre-sultaat naar wens beïnvloed worden Steak, doorbakken (2 cm dik) 4 270 15 - 20Rundvlees Filetsteaks (3 - 4 cm dik) 4 270 15 - 20 Met het oog op het gewenste resultaat kunnen grilltij-den verkort of verlengd worden.
Aanwijzingen ■Ontdooide diepvriesproducten (vooral vlees) hebben kortere bereidingstijden nodig dan verse producten ■De bereidingstijd van diepvriesvlees wordt verlengd met de tijd die nodig is voor het ontdooien ■Diepvriesgevogelte dient u voor de bereiding altijd te ontdooien om de ingewanden te kunnen verwijderen ■Maak diepvriesvis op dezelfde temperatuur klaar als verse vis ■U kunt kant-en-klare diepvriesgroente in aluminiumschalen in grotere hoeveelheden gelijktijdig in de binnenruimte plaatsen ■Gebruik bij het ontdooien op één niveau inschuifhoogte 1 en op twee niveaus inschuifhoogte 1 + 3 ■Houd u bij diepvrieslevensmiddelen aan de aanwijzingen van de fabrikantOntdooistandMet de functie Ontdooistand A kunt u bijzonder goed gevoelig gebak (bijv. slagroomtaart) ontdooien. 1. De functie Ontdooistand inschakelen. A 2.
Diepvriesproduct afhankelijk van de soort en grootte 25 45 minuten ontdooien. 3. Diepvriesproduct uit de binnenruimte nemen en 30 - 45 minuten laten rusten. Bij kleine hoeveelheden (stukjes) wordt de ontdooitijd 15 15 minuten korter. 20 minuten en de rusttijd 10 YoghurtMet uw apparaat kunt u de yoghurt ook zelf maken. Hiervoor wordt de warmte van de verlichting van de binnenruimte \ gebruikt. 1. Toebehoren en inhangroosters, telescooprails of afzonderlijke insteeksystemen verwijderen. 2. 1 liter gesteriliseerde melk (3,5 % vet) of gepasteuriseerde melk tot 40 °C opwarmen of 1 liter gepasteuriseerde melk één keer opkoken en tot 40 °C laten afkoelen. 3. 150 g yoghurt bij de warme melk doen, er doorheen roeren en hier gelijkmatig potjes of kommen mee vullen. Niet meer dan 200 ml per potje/kom. 4. De potjes of kommen met een passend deksel of plasticfolie afdekken. 5.
Gevogelte Kippenbouten 3 250 25 - 30 Door gaatjes te prikken in het vel kan de vorming van belletjes bij het grillen voorkomen worden Kleine stukken kip 3 250 25 - 30Vis Steaks 4 220 15 - 20 De stukken moeten even dik zijn Koteletten 4 220 15 - 20 Hele vis 3 220 20 - 25 Gerechten van de grill Inschuif-hoogteTempera-tuur in °CGrilltijd in minutenAanwijzingen Diepvriesgerecht Tempera-tuur in °COntdooitijd in minutenRauwe diepvriesproducten/ diep-vrieslevensmiddelen 50 30 - 90 Brood/broodjes (750 - 1500 g) 50 30 - 60 Droog diepvriesplaatgebak 60 45 - 60 Vochtig diepvriesplaatgebak 50 50 - 70.
19Inmaken: Risico van letsel. Inmaakpotten van levensmiddelen die op een verkeerde manier zijn ingemaakt kunnen barsten. Neem de volgende aanwijzingen in acht: ■Fruit en groente moeten vers zijn en in onberispelijke staat verkeren. ■Gebruik alleen schone en onbeschadigde inmaakpotten ■De inmaakpotten mogen elkaar niet raken wanneer ze in de binnenruimte staanIn de binnenruimte kunt u de inhoud van maximaal zes inmaakpotten van ½, 1 of 1½ liter tegelijkertijd met CircoTherm® hetelucht 3 inmaken. Aanwijzingen ■Gebruik tijdens één inmaakproces alleen inmaakpotten van dezelfde grootte en met dezelfde levensmiddelen. ■Let op de hygiëne bij het voorbereiden en afsluiten van de inmaakpotten. ■Gebruik alle hittebestendige rubberringen. ■U kunt de volgende levensmiddelen met uw apparaat inmaken: de inhoud van blik, vlees, vis of pasteien. Fruit voorbereiden 1.
Het fruit wassen en afhankelijk van de soort schillen, ontpitten en kleinsnijden. 2. De inmaakpotten tot ca. 2 cm onder de rand vullen met het fruit. 3. Inmaakpotten met een hete, afgeschuimde suikeroplossing vullen (ca. Y liter voor een literpot). Op één liter water: ■ca. 250 g suiker bij zoet fruit ■ca. 500 g suiker bij zurig fruit Groente voorbereiden 1. Groente wassen en afhankelijk van de soort schoonmaken en kleinsnijden. 2. De inmaakpotten tot ca. 2 cm onder de rand vullen met de groente. 3. De inmaakpotten direct vullen met heet water dat eerst gekookt is. Inmaakpotten afsluiten 1. De randen van de inmaakpotten met een schone, vochtige doek afnemen. 2. Rubberring en deksel er nat op plaatsen en de potten met een klem afsluiten. Inmaken starten 1. Braadslede op inschuifhoogte 1 inschuiven. 2. Inmaakpotten in een driehoek opstellen, zonder dat ze elkaar raken. 3.
20Reiniging en onderhoudIn dit hoofdstuk vindt u informatie over ■reiniging en onderhoud van uw apparaat ■schoonmaakmiddelen en -hulpen: Risico van kortsluiting. Gebruik geen hogedrukreiniger of stoomstraalapparaat om uw apparaat schoon te maken. Attentie. Schade aan het oppervlak door verkeerde reiniging: Gebruik geen ■scherpe of schurende schoonmaakmiddelen ■alcoholhoudende schoonmaakmiddelen ■schurende reinigingshulpen zoals staalwol of schuursponzen. Houd u aan de opgaven in de tabellen. Aanwijzing: Via de klantenservice kunt u bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en onderhoudsmiddelen betrekken. Neem de betreffende aanwijzingen van de fabrikant in acht. Het apparaat van buiten reinigenBinnenruimte reinigenAttentie. Schade aan het oppervlak. Maak geen gebruik van speciaal voor ovens bestemde schoonmaakmiddelen. Aanwijzingen ■Het email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand.
Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. ■De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie is echter gegarandeerd. Apparaatonderdeel/oppervlak Reinigingsmiddel/ hulp Roestvrijstalen oppervlakken In de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen. Gebruik bij sterke vervuiling een reinigingsmiddel voor gematteerd roestvrij staal. Gelakte oppervlakken In de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen. Bedieningspaneel In de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken.
Om de temperatuur omlaag te brengen zit op de ruit aan de binnenkant van de deur een coating waarmee de warmte wordt gereflecteerd. Het zicht door de deur wordt hierdoor niet beïnvloed. Wanneer de deur van het apparaat geopend is, kan deze coa-ting een zeer helle weerschijn hebben. Dit is normaal en doet geen afbreuk aan de kwaliteit. Apparaatonderdeel Reinigingsmiddel/-hulp Emaillen vlakken Om het schoonmaken te vergemakkelijken kunt u de verlichting van de binnenruimte inschakelen en eventueel de deur verwijderen. In de handel gebruikelijk schoonmaakmiddel of azijnwater met een zachte, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zachte doek nadrogen. Neem ingebrande voedselresten af met een vochtige doek en schoonmaakmiddel. Bij sterke verontreiniging adviseren wij het gebruik van een ovenreiniger.
Bij het schoonmaken met ovenreiniger dient u zich te houden aan de opgaven van de fabri-kant. De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen. Deurdichting Warm zeepsop Inhangroosters Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Telescooprails Warm zeepsop: reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet laten weken of schoonmaken in de vaatwasmachine. Toebehoren In heet zeepsop weken, reinigen met borstel en schoonmaaksponsje of in de vaatwas-machine.
21Vervuiling vermijden Om vervuiling van de binnenruimte te voorkomen, dient u ■de binnenruimte na gebruik altijd schoon te maken, omdat het vuil bij later gebruik van de oven inbrandt en moeilijk kan worden verwijderd. ■kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk te verwijderen ■zo mogelijk CircoTherm® hetelucht 3 te gebruiken. Bij deze functie treedt minder vervuiling op ■voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede te gebruiken. ■voor het bakken en braden geschikte vormen (bijv. een braadpan) of een bak- of braadplaat te gebruiken (zie het hoofdstuk: Toebehoren)Apparaatdeur verwijderen en inbrengenOm gemakkelijker schoon te maken kunt u de apparaatdeur verwijderen. : Risico van letsel. De scharnieren van de apparaatdeur kunnen met grote kracht terugklappen.
Klap de blokkeerhendels van de scharnieren om de deur te kunnen verwijderen altijd helemaal open en na het inbrengen weer helemaal dicht. Kom niet met uw handen aan het scharnier. : Risico van letsel. Hangt de apparaatdeur er aan één kant uit, kom dan niet met uw handen aan het scharnier. Het scharnier kan met grote kracht terugklappen. Neem contact op met de klantenservice. Apparaatdeur verwijderen 1. Apparaatdeur helemaal openen. 2. Blokkeerhendels links en rechts helemaal openklappen. De scharnieren zijn beveiligd en kunnen niet dichtklappen. 3. De apparaatdeur zó ver sluiten tot u merkt dat er een weerstand is (Afbeelding A). 4. Met beide handen links en rechts vastpakken, iets verder sluiten en eruit trekken (Afbeelding B). Apparaatdeur inbrengen 1. De scharnieren in de houders links en rechts plaatsen (Afbeelding C). De keep van beide scharnieren moet inklikken. 2.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Neff B14M42N5 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven Neff
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven