Motorola CLP446e Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Motorola CLP446e (756 pagina’s), behorend tot de categorie Walkie talkie. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 42 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Motorola CLP446e of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Motorola |
| Categorie: | Walkie talkie |
| Model: | CLP446e |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Gewicht: | 95 g |
| Breedte: | 51 mm |
| Diepte: | 25 mm |
| Hoogte: | 90 mm |
| Internationale veiligheidscode (IP): | IP54 |
| Beeldschermdiagonaal: | - " |
| Trilalarm: | Ja |
| Levensduur accu/batterij: | 20 uur |
| Bedoeld voor: | Professionele mobiele radio (PMR) |
| Aantal: | 1 |
| Maximumbereik: | 7400 m |
| Frequentie: | 446.0 - 446.2 MHz |
| Oplaadbaar: | Ja |
| Bedrijfstemperatuur (T-T): | -30 - 60 °C |
| Batterijtechnologie: | Lithium-Ion (Li-Ion) |
| Aantal kanalen (totaal): | 16 kanalen |
Handleiding Motorola CLP446e – volledige tekst
40Radiogolven- en codetabel. 41Frequentielijst. 41CLPe-frequenties. 42CTCSS/DPL-interferentie-eliminatiecodes. 43Beperkte garantie voor Motorola Solutions. 46Garantie-informatie. 46V. WAT WORDT NIET GEDEKT DOOR DEZE GARANTIE. 46Accessoires. 47MN006181A01-AAInhoud 3.
Auteursrechtvermelding voordocumentatieZonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van Motorola Solutions mag dit document of eengedeelte daarvan niet worden gekopieerd of verspreid.Niets uit deze handleiding mag worden gereproduceerd, gedistribueerd of verzonden in welke vorm ofop welke wijze dan ook, elektronisch of mechanisch, voor welk doel dan ook, zonder de uitdrukkelijkeschriftelijke toestemming van Motorola Solutions.MN006181A01-AAAuteursrechtvermelding voor documentatie4
Afwijzing van aansprakelijkheidDe informatie in dit document is zorgvuldig onderzocht en wordt volledig betrouwbaar geacht. Er wordtechter geen verantwoordelijkheid genomen voor onjuistheden.Motorola Solutions behoudt tevens zich het recht voor om aan ieder product veranderingen aan tebrengen, om de leesbaarheid, de functionaliteit of het ontwerp te verbeteren. Motorola Solutionsaanvaardt geen enkele aansprakelijkheid die voortvloeit uit de toepassingen of het gebruik van eenproduct of circuit dat in dit document wordt beschreven. Motorola Solutions dekt geen enkele licentieonder haar octrooirechten, noch de rechten van anderen.MN006181A01-AAAfwijzing van aansprakelijkheid 5
Auteursrechten op computersoftwareBij de in deze handleiding beschreven Motorola Solutions-producten horen mogelijk auteursrechtelijkbeschermde Motorola Solutions-computerprogramma's die zijn opgeslagen in halfgeleidergeheugensof op andere media. Volgens de wetgeving in de Verenigde Staten en andere landen behoudt MotorolaSolutions zich bepaalde exclusieve rechten voor op auteursrechtelijk beschermdecomputerprogramma's, met inbegrip van, maar niet beperkt tot het exclusieve recht om hetauteursrechtelijk beschermde computerprogramma te kopiëren of reproduceren, op welke manier danook.
Dienovereenkomstig mogen de auteursrechtelijk beschermde computerprogramma's in de in dezehandleiding omschreven Motorola Solutions-producten dan ook niet zonder de uitdrukkelijke,schriftelijke toestemming van Motorola Solutions op welke manier dan ook worden gekopieerd,gereproduceerd, aan reverse-engineering worden onderworpen of worden verspreid.Aan de koop van Motorola Solutions-producten kan bovendien geen gebruiksrecht worden ontleendkrachtens auteursrechten, patenten of gepatenteerde toepassingen van Motorola Solutions, directnoch indirect, door juridische uitsluiting noch anderszins, behalve het normale, niet-exclusieve, rechtop gebruik van rechtswege bij de verkoop van een product.MN006181A01-AAAuteursrechten op computersoftware6
Veiligheidsinformatie over batterijen,opladers en audioaccessoiresDit document bevat belangrijke veiligheids- en gebruiksinstructies. Lees deze instructies goed door enbewaar deze voor later gebruik. Voordat u de batterijoplader gaat gebruiken, dient u alle instructies enwaarschuwingsmarkeringen te lezen met betrekking tot:• de oplader• de batterij• de op de batterij aangesloten portofoon1 Verminder de kans op letsel door alleen gebruik te maken van de oplaadbare, door MotorolaSolutions goedgekeurde batterijen. Het opladen van andere batterijen kan leiden tot explosie,lichamelijk letsel of schade. 2 Het gebruik van accessoires die niet worden aanbevolen door Motorola Solutions, kan leiden totbrand, een elektrische schok of letsel. 3 Verminder schade aan de stekker en de stroomkabel door de oplader aan de stekker en niet aande kabel uit het stopcontact te trekken.
4 Gebruik alleen een verlengkabel als dit nodig is. Het gebruik van een verkeerde verlengkabel kanleiden tot brand of een elektrische schok. Als een verlengkabel noodzakelijk is, gebruikt u een kabelmet een dikte van 18 AWG bij een lengte tot 2 m en een kabel met een dikte van 16 AWG bij eenlengte tot 3 meter. 5 Gebruik de oplader niet als deze op enige manier defect of beschadigd is. Breng de oplader in datgeval naar gekwalificeerde Motorola Solutions-servicemonteurs. 6 Haal de oplader niet uit elkaar; deze kan niet worden gerepareerd en er zijn geen vervangendeonderdelen verkrijgbaar. Als u de oplader uit elkaar haalt, kan er een elektrische schok of brandontstaan. 7 Verminder de kans op een elektrische schok door de oplader uit het stopcontact te trekken voordatu deze onderhoudt of reinigt. Richtlijnen voor veilige bediening• Schakel de portofoon uit tijdens het opladen.
• Sluit de oplader aan op een correct bekabelde voedingsbron met zekeringen en het juiste voltage(uitsluitend zoals vermeld op het product). • Koppel de oplader los van de netspanning door de stekker uit het stopcontact te trekken. • Sluit de apparatuur aan op een stopcontact dat gemakkelijk te bereiken en in de buurt is. • Eventuele zekeringen in apparatuur moeten worden vervangen volgens het type en de specificatiezoals vermeld in de bijbehorende instructies. • De maximale omgevingstemperatuur van de spanningsbronapparatuur mag niet hoger zijn dan 40°C. • Het uitvoervermogen van de spanningsbroneenheid mag niet hoger zijn dan de classificaties dieaan de onderzijde van de oplader staan vermeld op het productetiket. MN006181A01-AAVeiligheidsinformatie over batterijen, opladers en audioaccessoires 7.
Gehoorschade als gevolg van luide geluiden wordt in eerste instantie vaakniet opgemerkt en kan een cumulatief effect hebben.Bescherming van uw gehoor:• Gebruik een zo laag mogelijk volume om uw werk te doen.• Stel het volume alleen luider in als u zich in een rumoerige omgeving bevindt.• Verlaag het volume voordat u de headset of oortelefoon aansluit.• Gebruik headsets of oortelefoons zo kort mogelijk met hoog volume.• Als het geluid hinderlijk wordt voor uw oren, als u een piepend geluid hoort of als u de stemmenslecht verstaat, moet u direct stoppen met het luisteren naar uw portofoon via een headset ofoortelefoon. Bezoek een arts om uw oren te laten controleren.MN006181A01-AAVeiligheidsinformatie over batterijen, opladers en audioaccessoires8
Veiligheidsnormen voor blootstellingaan radiogolvenProductveiligheid en blootstelling aan radiogolven.LET OP:Lees voor het gebruik van de portofoon de bedieningsinstructies voor veilig gebruik in debijgeleverde handleiding Productveiligheid en blootstelling aan radiogolven.LET OP!Om te voldoen aan de FCC-vereisten ten aanzien van blootstelling aan radiogolven, mag dezeportofoon alleen beroepsmatig worden gebruikt. Lees de handleiding Blootstelling aan radiogolvenen productveiligheid voor draagbare portofoons alvorens deze portofoon in gebruik te nemen.
Kennisgeving aan gebruikersDit apparaat voldoet aan Deel 15 van de FCC-regels onder de volgende voorwaarden:• Dit apparaat mag geen nadelige storing veroorzaken.• Dit apparaat moet ontvangen storing accepteren, inclusief storing die een ongewenste werking totgevolg heeft.LET OP: Wijzigingen of modificaties aan het apparaat die niet nadrukkelijk zijn goedgekeurddoor Motorola Solutions, kunnen ertoe leiden dat de bevoegdheid van de gebruiker om hetapparaat te gebruiken teniet wordt gedaan.MN006181A01-AAKennisgeving aan gebruikers10
InleidingIn deze gebruikershandleiding wordt de werking van uw portofoons beschreven.Uw leverancier of systeembeheerder kan de portofoon hebben aangepast aan uw specifieke eisen.Vraag uw leverancier of systeembeheerder om meer informatie.U kunt uw leverancier of systeembeheerder om de volgende informatie vragen:• Is uw radio geprogrammeerd met vooraf ingestelde conventionele kanalen?• Welke knoppen zijn geprogrammeerd voor andere functies?• Welke optionele accessoires passen binnen uw eisenpakket?• Wat zijn de beste praktijken voor portofoongebruik voor een effectieve communicatie?• Welke onderhoudsprocedures verlengen de batterijduur van de portofoon?Inhoud van het pakketIn dit gedeelte vindt u informatie over de inhoud van het pakket voor de portofoon.Uw productpakket bevat de volgende producten en handleidingen:• CLPe-tweewegportofoon• Draaibare riemklemhouder• Lithium-ionbatterij en batterijklepje• Oplader met transformator1• Audioaccessoire1• Klep audio-aansluiting• Beknopte handleiding, RF-veiligheidsgids, brochure met richtlijnen inzake radioapparatuurZie https://learning.motorolasolutions.com voor productinformatie.In deze gebruikershandleiding worden de volgende modellen besproken:Model FrequentiebandZendvermogen Compatibiliteit repeaterAantal kanalen2CLP446e PMR446 0,5 W Nee 163CLPe PLUS UHF 1 W Ja 161Alleen van toepassing op niet-multipack-modellen.2Uitbreidbaar via de Customer Programming Software (CPS).3Indien toegestaan volgens de lokale wetgeving.
Aan de slagDit gedeelte helpt u om vertrouwd te raken met de basishandelingen van de portofoon.De batterij plaatsenProcedure:1 Til de vergrendeling onder aan het batterijklepje omhoog en verwijder het batterijklepje van deportofoon.2 Zorg dat de contactpunten van de batterij overeenkomen met de lipjes in hetbatterijcompartiment.3 Plaats de contactzijde van de batterij eerst en duw de batterij vervolgens naar beneden om dezete bevestigen.4 Plaats het batterijklepje op de portofoon en duw de vergrendeling omlaag om het batterijklepjete vergrendelen.Afbeelding 2: De batterij plaatsenBekabelde audioaccessoire aansluitenEerste vereisten: Schakel de portofoon uit.Procedure:1 Sluit het audioaccessoire aan op de portofoon waarbij het ontgrendelingspictogram op hetaudioaccessoire naar de voorkant van de portofoon is gericht.Zorg ervoor dat de indicatoren op het audioaccessoire en de portofoon zijn uitgelijnd.MN006181A01-AAAan de slag 13
2 Draai de stekker van het audioaccessoire totdat het vergrendelingspictogram op de stekker naarde voorkant van de portofoon wijst en de indicatoren zijn uitgelijnd.Afbeelding 3: Bekabelde audioaccessoire aansluiten3 Schakel de portofoon in.4 Druk op de knop Battery Status, Menu of Volume Control om te controleren of er geluid is viahet audioaccessoire.Tabel 1: Configuratie bovenste LED als accessoire voor bekabelde audio niet is aangesloten ofis verwijderdGebruikersmodus LED-status KleurSchakel de portofoon inzonder dat er eenaudioaccessoire isaangesloten.Ononderbroken blauwHet audioaccessoire isverwijderd terwijl deportofoon ingeschakeld is.Het lampje knippert rood/paars tot eenaudioaccessoire isaangeslotenMN006181A01-AAAan de slag14
Voor de lijst met doorMotorola Solutions goedgekeurde accessoires raadpleegt u http://www.motorolasolutions.com/CLPe.Procedure:1 Voer de volgende stappen uit om de portofoon in de houder te plaatsen:a Schuif de onderkant van de portofoon in de houder.b Klik de bovenkant van de houder in de portofoon rond de accessoireaansluiting.2 Als u de portofoon uit de houder wilt verwijderen, trekt u aan het bovenste of onderste lipje entrekt u de portofoon uit de houder.3 Maak een kleine lus in het snoer en leid het snoer door de snoergeleider. Steek het snoer in deu-vormige groef en trek het stevig vast om het snoer op zijn plaats te vergrendelen.MN006181A01-AAAan de slag 15
Afbeelding 4: Draaibare riemklemhouder12Itemnummer Beschrijving1 Snoergeleider2 U-vormige groef4 Draai de riemklem naar de gewenste positie.Uitzenden en ontvangenProcedure:1 Voer een van de volgende acties uit om oproepen uit te zenden:• Houd de PTT-knop op de voorkant van de portofoon ingedrukt.• Houd de PTT-knop op het bedrade audioaccessoire ingedrukt met de PTT-knop in het snoer.2 Spreek duidelijk in de microfoon op het audioaccessoire.3 Laat de PTT-knop los om te luisteren.MN006181A01-AAAan de slag16
4 Als u oproepen wilt ontvangen, luistert u via de oortelefoon en drukt u op de PTT-knop om tereageren.ZendbereikTabel 2: ZendbereikModel Toepassing Bereik(standaarddekking)BereikCLP446e Unit naar unit Tot 6 verdiepingen Tot 7432 vierkantemeterCLPe PLUS Unit naar unit Tot 10 verdiepingen Tot 9290 vierkantemeterMet repeaterTot 20 verdiepingenTot 23.225 vierkantemeterMenu-instellingProcedure:1 Om door de menu-instellingen te navigeren, drukt u op de knop Menu.2 Om het menu te verlaten, drukt u kort op de knop PTT of wacht u drie seconden.Bewerkingen met menu-instellingenIn dit gedeelte worden bewerkingen met behulp van de menu-instellingen uitgelegd.KENNISGEVING:Als u niet wilt wachten tot de gesproken aanwijzing is voltooid, drukt u op de volgende knop omverder te gaan.Als u zich in de menumodus bevindt, drukt u kort op PTT of wacht u drie seconden om hetmenu af te sluiten.Procedure:1 Kanaal wijzigen:a Druk op de knop Menu om naar Kanaal te gaan.b Druk op (+) of (-) om van kanaal te veranderen.2 De monitormodus instellen:a Druk op de knop Menu om naar Monitor te gaan.b Druk op (+) om de monitor te activeren of op (-) om de monitor te deactiveren.3 De scanmodus instellen:a Druk op de knop Menu om naar Scan te gaan.b Druk op (+) om scannen te activeren of op (-) om scannen te deactiveren.4 Beltoon verzenden:a Druk op de knop Menu om naar Beltoon te gaan.b Druk op (+) of (-) om de beltoon te verzenden.Ingeschakeld via Customer Programming Software (CPS - Klantprogrammeringssoftware).MN006181A01-AAAan de slag 17
Kanalen selecterenProcedure:1 Druk op de knop Menu.U hoort een gesproken aanwijzing om van kanaal te veranderen door op (+) of (-) te drukken.2 Selecteer het kanaal van uw keuze.De LED geeft de kleur van het nieuwe kanaal aan.3 Druk op de PTT-knop om te bevestigen. Anders wordt het kanaal geactiveerd na drie secondenwachttijd.Standaardkanaalinstellingen voor CPSIn de tabel worden de standaardkanaalinstellingen voor CPS (Customer Programming Software)beschreven.Tabel 3: Kanaalinstellingen voor CPSCLP446e4 Modellen en CLPe PLUS-modellenKanaal LED-status Kleur1 Rood2 Groen3 Geel4 Blauw5 Paars4Indien toegestaan volgens de lokale wetgeving. In Rusland wettelijk beperkt tot 8 kanalen.MN006181A01-AAAan de slag18
De kleur van deLED verandert in de bovenste sleuf als elke cyclus isvoltooid.In- of uitschakelen De bovenste rode en de resterende witte LED gaan kortbranden.GeavanceerdeportofoonconfiguratieKnippert groen.Feedback audio-aansluiting LED knippert blauw wanneer er geen accessoire is bij hetopstarten.LED knippert snel rood en paars als het accessoire islosgekoppeld.Volume-LEDWanneer het volume wordt verhoogd, gaat de LED van de slimme lichtgevende statusring kloksgewijsbranden, van linksonder naar rechtsonder op de LED-ring.Dit zijn de drie niveaus voor de LED-helderheid voor elke LED wanneer het volume wordt verhoogd:• Gedimd• Gemiddeld• Maximale helderheid4Indien toegestaan volgens de lokale wetgeving. In Rusland wettelijk beperkt tot 8 kanalen.MN006181A01-AAAan de slag20
Kanalen monitorenProcedure:1 Als u de monitormodus wilt activeren, drukt u op de knop Menu en navigeert u naar MonitorSelection (Monitorselectie). Als de monitormodus is uitgeschakeld, hoort u een gesproken aanwijzing om de modus teactiveren door op + of - te drukken. 2 Druk op + of - om de monitormodus te activeren of te deactiveren. Als de monitormodus is ingeschakeld, hoort u ruis als er geen activiteit is of audio als er welkanaalactiviteit is. 3 Als u de monitormodus wilt inschakelen, schakelt u de monitorfunctie in via het menu wacht u tothet menu verdwijnt. 4 U kunt de monitormodus uitschakelen door op de knop PTT te drukken. ScannenU kunt maximaal zestien kanalen scannen op CLP446e- en CLPe PLUS-modellen. Wanneer de portofoon activiteit detecteert, stopt deze met scannen en gaat de portofoon naar hetactieve kanaal.
U kunt dan luisteren naar en praten met de persoon op dat kanaal zonder dat u vankanaal hoeft te wisselen. Kanalen scannenProcedure:1 Druk op de knop Menu om naar de scanmodus te navigeren. Als de scanfunctie is uitgeschakeld, hoort u een gesproken aanwijzing om de functie teactiveren door op + of - te drukken. 2 Druk op + of - om de scanfunctie te activeren. Wanneer de scanfunctie is ingeschakeld, hoort u een gesproken aanwijzing om de functie tedeactiveren door op + of - te drukken. 3 Druk op + of - om de scanfunctie uit te schakelen. Dynamische talkaround scannenDeze functie maximaliseert de communicatiedekking voor een repeater op locatie die is ingeschakeldop tweewegportofoons. Dynamische talkaround scannen kan worden ingeschakeld op een repeater-kanaal via de CustomerProgramming Software (CPS).
Met deze functie kan de portofoon de zend- en ontvangstfrequentiesvan een repeater-kanaal scannen. KENNISGEVING: De functie heeft een hogere prioriteit dan de scanmodus. Als dynamischetalkaround scannen en scannen zijn ingeschakeld op het thuiskanaal, kan de portofoon alleendynamische talkaround scannen ondersteunen.
Beltonen uitzendenProcedure:1 Druk op de knop Menu om naar Beltoon te navigeren. 2 Druk op + of - om een geselecteerde beltoon uit te zenden. KENNISGEVING:Er zijn zes beltonen beschikbaar. Deze functie wordt ingeschakeld via de Customer Programming Software (CPS). De portofoon dempenDe instelling Headsetvolume dempen wordt geconfigureerd via de CPS (Customer ProgrammingSoftware). Procedure:1 Als u het volume van de headset wilt verlagen of dempen, houdt u + of - ingedrukt. U hoort de spraakopdracht Dempen op de portofoon. 2 Druk op een willekeurige knop om het volume van de headset weer in te schakelen. U hoort de spraakopdracht Dempen opheffen op de portofoon. Oproep escalerenMet de functie Oproep escaleren kunt u overschakelen naar het kanaal voor het escaleren vanoproepen en een beltoon verzenden via dit kanaal.
Om de functie Oproep escaleren in te schakelen, moet het kanaal voor het escaleren van oproepenworden geconfigureerd in Customer Programming Software (CPS). Houd de knop Menu ingedrukt omde functie Oproep escaleren te activeren en automatisch een beltoon te verzenden via het kanaal voorhet escaleren van oproepen. De wachttijd voor het escaleren van een oproep begint na elke oproep. De portofoon houdt een vooraf gedefinieerde periode van wachttijd aan voor het escaleren van eenoproep. De functie Oproep escaleren wordt uitgeschakeld wanneer de wachttijd is verstreken. Deportofoon keert terug naar het laatste kanaal. De wachttijd wordt geconfigureerd via CPS. Als u op de PTT-knop drukt tijdens de wachttijd, kunt u op het kanaal praten.
De wachttijd voor hetescaleren van oproepen wordt herstart na afloop van de spraakoproep en u kunt oproepen ontvangenvan andere portofoons op het kanaal voor het escaleren van oproepen. Bij het overschakelen naar het kanaal voor het escaleren van oproepen volgt portofoon hetgeselecteerde kanaalgedrag, met uitzondering van de beltoon en de kanaalaankondiging.
Batterijen en opladerIn dit hoofdstuk worden de batterij- en oplaadfunctie van de portofoon beschreven. BatterijspecificatiesBij portofoons wordt een oplaadbare lithium-ionbatterij meegeleverd. Om een optimale capaciteit enprestaties te garanderen, moet de batterij worden opgeladen voordat u de portofoon voor het eerstgebruikt. De levensduur van de batterij wordt bepaald door meerdere factoren. De cruciale factoren zijn hetovermatig opladen van batterijen en de gemiddelde ontlading voor elke cyclus. Doorgaans geldt dat,hoe groter de overlading en hoe sterker de gemiddelde ontlading, des te lager het aantal keren dat eenbatterij kan worden gebruikt. Een batterij die bijvoorbeeld meerdere keren per dag overmatig wordtopgeladen en voor 100% wordt ontladen, gaat minder lang mee dan een batterij die minder overmatigwordt opgeladen en die slechts voor 50% wordt ontladen.
Een batterij die minimaal overmatig wordtopgeladen en gemiddeld voor 25% wordt ontladen, gaat zelfs nog langer mee. Batterijen van Motorola Solutions zijn speciaal ontworpen voor gebruik met een Motorola Solutions-oplader en vice versa. Door op te laden in een apparaat dat niet van Motorola Solutions is, kan debatterij beschadigen en kan de garantie van de batterij komen te vervallen. Houd indien mogelijk detemperatuur van de batterij op 25 °C (kamertemperatuur). Het opladen van een koude batterij (onderde 10 °C) kan leiden tot het weglekken van batterijvloeistof en uiteindelijk tot een defecte batterij. Hetopladen van een hete batterij (boven de 35 °C) resulteert in een verminderde ontladingscapaciteit, watde prestaties van de portofoon nadelig beïnvloedt.
Afbeelding 5: Batterij verwijderen1Itemnummer Beschrijving1 Klepje van de batterijVoedingsbron, adapter en opladerDe portofoon wordt geleverd met een oplader met een transformator.KENNISGEVING: Alleen van toepassing zijn op niet-multipack-modellen.Zie voor informatie over accessoires Accessoires op pagina 47.Afbeelding 6: Voedingsbron, adapter en opladerMN006181A01-AABatterijen en oplader24
Losse batterijDe batterij kan worden opgeladen als een losse batterij.De batterij wordt opgeladen met behulp van een oplader voor één apparaat of een oplader voormeerdere apparaten.KENNISGEVING: Wanneer u extra opladers of voedingsbronnen aanschaft, moet u erop lettendat deze overeenkomen met de opladers en de voedingsbronsets die u al heeft. Zie voor meerinformatie over accessoires Accessoires op pagina 47.Afbeelding 7: Losse batterij1Itemnummer Beschrijving1 Micro-USB-poortEen losse batterij opladen met de oplader voor één apparaatProcedure:1 Steek de stekker van de voedingsbron in de micro-USB-poort aan de voorkant van de opladerom de batterij op te laden.2 Sluit de voedingsbron aan op een geschikt stopcontact.3 Plaats de batterij in de houder, met de binnenzijde van de batterij naar de voorkant van deoplader gericht.
Zie Losse batterij op pagina 25.4 Controleer of de sleuven in de batterij goed in de oplader zijn geplaatst.Een losse batterij opladen met de optionele oplader voor meerdereapparatenProcedure:1 Plaats de oplader op een vlakke ondergrond of bevestig deze aan de muur.2 Sluit de voedingskabel aan op de aansluiting op de oplader voor meerdere apparaten.3 Sluit het ene uiteinde van de voedingskabel aan op een stopcontact en het andere op deoplader.4 Plaats de batterij in het opladercompartiment, met de binnenzijde van de batterij naar devoorkant van de oplader gericht.MN006181A01-AABatterijen en oplader 25
Zorgervoor dat de oplaadcontacten op de oplader zijn uitgelijnd met de contactpunten op deportofoon.Afbeelding 8: De portofoon opladenKENNISGEVING: Zorg er bij het opladen van een batterij die is bevestigd aan deportofoon voor dat de portofoon is uitgeschakeld. U kunt met Customer ProgrammingSoftware (CPS) de portofoon automatisch laten uitschakelen wanneer de portofoon in deoplader wordt geplaatst.Opladen met de optionele oplader voor meerdere apparatenMet de oplader voor meerdere apparaten kunt u wel zes portofoons opladen. In elk van de zescompartimenten kunt u een portofoon plaatsen met daarin een batterij. De oplader voor meerdereapparaten biedt compartimenten voor het plaatsen van headsets.Procedure:1 Plaats de oplader op een vlakke ondergrond of bevestig deze aan de muur.MN006181A01-AABatterijen en oplader26
2 Sluit de voedingskabel aan op de aansluiting op de oplader voor meerdere apparaten.3 Sluit het ene uiteinde van de voedingskabel aan op een stopcontact en het andere op deoplader.4 Schakel de portofoon uit.KENNISGEVING: Zorg er bij het opladen van een batterij die aan de portofoon isbevestigd voor dat de portofoon is uitgeschakeld.
U kunt met Customer ProgrammingSoftware (CPS) de portofoon automatisch laten uitschakelen wanneer de portofoon in deoplader wordt geplaatst.5 Plaats de portofoon met de voorkant naar beneden en de batterij in het opladercompartiment.Zorg ervoor dat de portofooncontacten zijn uitgelijnd met de contactpunten op de oplader voormeerdere apparaten.KENNISGEVING: De batterij kan worden opgeladen met behulp van de sleuf op hetplatte oppervlak van het opladercompartiment.Afbeelding 9: Portofoons opladenLED-indicaties opladerOp de oplader heeft het opladercompartiment voor de portofoon een LED.Op de oplader voor meerdere apparaten heeft elk van de zes opladercompartimenten een LED.KENNISGEVING: U kunt maximaal twee bronportofoons en twee doelportofoons klonen met deoplader voor meerdere apparaten.
Portofoonprogrammering via CPSU kunt de functies van de portofoons programmeren of wijzigen door gebruik te maken van deCustomer Programming Software (CPS) en de CPS-programmeerkabel.CPS kan gratis worden gedownload van http://www.motorolasolutions.com/CLPe.De portofoon programmerenEerste vereisten:Installeer de Computer Programming Software (CPS) op uw computer.Zorg dat de portofoon is ingeschakeld.Procedure:1 Sluit de portofoon aan met behulp van de oplader of het opladercompartiment met het PROG-label op de oplader voor meerdere apparaten en de CPS-programmeerkabel6Afbeelding 10: De portofoon programmeren via een oplader voor één apparaat6De CPS-programmeerkabel (P/N HKKN4027_) is een afzonderlijk verkrijgbaar accessoire. Neemvoor meer informatie contact op met een Motorola Solutions-verkooppunt.MN006181A01-AAPortofoonprogrammering via CPS 29
Afbeelding 11: De portofoon programmeren via een oplader voor meerdere apparaten2 Zet de kabelschakelaar op analoog.3 Zodra de verbinding met de portofoon tot stand is gebracht, opent u de CPS en selecteert uLezen op de werkbalk om het portofoonprofiel op te halen.U kunt de algemene instellingen voor audio, menu, kanalen, scanlijst en aangepaste PL/DPLwijzigen en frequenties en PL/DPL-codes voor elk kanaal selecteren.4 Als u de instellingen wilt opslaan, selecteert u Schrijven naar de radio op de werkbalk.KENNISGEVING: Zie het Help-menu in de CPS voor meer informatie over de CPS.StandaardfabrieksinstellingenDe volgende fabrieksinstellingen zijn ingesteld op uw portofoon.Tabel 8: Standaardinstellingen CLP446eKanaalnummer Frequentie-instellingen (MHz)Codewaarde (Hz) Bandbreedte (kHz)1 446,00625 67,0 12,52 446,018753 446,031254 445,043755 446,056256 446,06875MN006181A01-AAPortofoonprogrammering via CPS30
Portofoon klonenMet deze functie kunt u portofooninstellingen van de ene portofoon naar de andere klonen.Portofooninstellingen klonenU kunt de portofooninstellingen van de bron naar een andere portofoon kopiëren.U kunt een van de volgende opladers en kabels voor klonen gebruiken:• CLP-oplader voor één apparaat - onderdeelnummer IXPN4028_7 en CLP-kloonkabelset -onderdeelnummer HKKN4028_ (optioneel accessoire).• Oplader voor meerdere apparaten - onderdeelnummer IXPN4029_ (optioneel accessoire)De oplader voor meerdere apparaten hoeft niet te worden aangesloten om te klonen, maar beideportofoons hebben opgeladen batterijen nodig.Portofoons klonen met de kloonkabelEerste vereisten:• Voor elke portofoon heeft u een volledig opgeladen batterij nodig.• Twee opladers voor één apparaat.• Beide portofoons zijn uitgeschakeld.• Bronportofoon: Te klonen portofoon.• Doelportofoon: Portofoon waarnaar u de configuratie van de bronportofoon wilt kopiëren.Een portofoon die wordt geprogrammeerd met de uitgebreide frequenties (446.00625 MHz–446.19375MHz) biedt geen ondersteuning voor het klonen naar oudere portofoons met acht frequentiekanalen.Afbeelding 12: De portofoon klonen via een oplader voor één apparaatProcedure:1 Koppel eventuele kabels zoals netsnoeren of micro-USB-kabels los van de oplader voor éénapparaat.2 Sluit het ene uiteinde van de micro-USB van de kloonkabel aan op de ene oplader voor éénapparaat en het andere uiteinde op de andere oplader.7Revisie B en hogerMN006181A01-AAPortofoon klonen 33
KENNISGEVING:Zorg ervoor dat de schakelaar op de kloonkabel is ingesteld op Legacy. Tijdens het kloonproces wordt de voeding uitgeschakeld voor de oplader voor éénapparaat. De batterijen kunnen niet worden opgeladen. Er vindt alleengegevenscommunicatie plaats tussen de twee portofoons. 3 Schakel de doelportofoon in en plaats deze in een van de opladers voor één apparaat. 4 Als u de bronportofoon wilt inschakelen, houdt u tegelijkertijd de PTT-knop en - ingedrukt terwijlu de portofoon inschakelt, totdat u de kloontoon hoort. 5 Om het kloonproces te starten, plaatst u de bronportofoon in de oplader voor één apparaat meteen audioaccessoire en drukt u kort op de knop Menu. Als het klonen is gelukt, laat de bronportofoon een positieve pieptoon horen. Als het klonen is mislukt, laat de bronportofoon een negatieve pieptoon horen. De toon klinkt niet langer dan vijf seconden.
6 Sluit de kloonmodus af na afloop van het klonen om de portofoons uit en weer in te schakelen. Zo wordt de gebruikersmodus ingeschakeld. KENNISGEVING: Als kloonmodus op de portofoon is ingeschakeld, is de functieAutomatische uitschakeling niet van toepassing. Portofoons klonen op de oplader voor meerdere apparatenEerste vereisten:• Voor elke portofoon heeft u een volledig opgeladen batterij nodig. • CLP-oplader voor meerdere apparaten. • Beide portofoons zijn uitgeschakeld. • Bronportofoon: Te klonen portofoon. • Doelportofoon: Portofoon waarnaar u de configuratie van de bronportofoon wilt kopiëren. Procedure:1 Als u de bronportofoon in de kloonmodus wilt zetten, houdt u tegelijkertijd de PTT-knop en -ingedrukt terwijl u de portofoon inschakelt, totdat u de kloontoon hoort. 2 Plaats de bronportofoon in een van de opladercompartimenten met het label CLONE.
3 Schakel de doelportofoon in en plaats deze in het opladercompartiment met het label CLONEen start het kloonproces. 4 Druk op de knop Menu op de bronportofoon om het kloonproces te starten.
Afbeelding 13: De portofoon klonen via een oplader voor meerdere apparatenProbleemoplossing voor kloonmodusWaar en wanneer gebruiken:U hoort een negatieve pieptoon als het kloonproces is mislukt.
Als het klonen mislukt, voert u elk vande volgende stappen uit voordat u probeert het kloonproces opnieuw te starten.Procedure:1 Zorg ervoor dat de batterijen van beide portofoons volledig zijn opgeladen en goed op deportofoons zijn geplaatst.2 Controleer of de kloonkabel goed is aangesloten op beide opladers voor één apparaat.3 Controleer of de oplader en de contactpunten van de portofoons vrij zijn van vuil en dat hetcontactpunt van de portofoon goed op de oplader is aangesloten.4 Controleer of de doelportofoon is ingeschakeld.5 Controleer of de bronportofoon zich in de kloonmodus bevindt.6 Controleer of de twee portofoons binnen dezelfde frequentieband en regio vallen en hetzelfdezendvermogen hebben.KENNISGEVING: Deze kloonkabel is alleen bedoeld voor gebruik met compatibeleMotorola Solutions-opladers voor één apparaat.Bij het bestellen van een kloonkabelset gebruikt u onderdeelnummer HKKN4028_.
Geavanceerde portofoonconfiguratieMet de geavanceerde portofoonconfiguratie kunt u instellingen configureren vanuit eenvoorgeprogrammeerde lijst zonder een computer te gebruiken.In de modus Advanced Configuration Mode (Geavanceerde configuratiemodus) kunt u de volgendeinstellingen aanpassen:• Kanalen• Frequenties• Codes (CTCC/DPL)Met de functie Frequenties kunt u frequenties selecteren voor elk kanaal.
De functie Codes helptinterferentie te minimaliseren door middel van een reeks codecombinaties voor het filteren van statischgeluid, ruis en ongewenste berichten.De modus voor geavanceerde portofoonconfiguratie instellenEerste vereisten:Schakel de portofoon uit.Procedure:1 Druk tegelijkertijd op de knop PTT, + en de aan/uit-knop en houd deze drie tot vijf secondeningedrukt totdat u een geluid en de spraakopdracht Programming Mode (Programmeermodus)hoort.Knippert de LED knippert.2 Druk op de knop Menu om de instellingen te selecteren die u wilt wijzigen.De volgende instellingen kunt u wijzigen:• Kanaal (voor modellen met meerdere kanalen)• Frequentie• CodeDe spraakmeldingen geven de menu-items en hun huidige instellingen aan.3 Druk op + of - als u de instelling wilt wijzigen.4 Druk op de knop Menu om naar de volgende menuoptie te gaan.5 Als u de modus Advanced Radio Configuration (Geavanceerde portofoonconfiguratie) wiltafsluiten, houdt u de PTT-knop ingedrukt totdat u een geluid hoort.MN006181A01-AAGeavanceerde portofoonconfiguratie36
Dan...Geen stroom Laad de lithium-ionbatterij op of vervangdeze.KENNISGEVING: Een extremebedrijfstemperatuur kan ervoorzorgen dat de batterij minder langmeegaat.Zie Batterijspecificaties op pagina 23.U hoort ruis of andere gesprekken op eenkanaalFrequentie of interferentie-eliminatiecodeis mogelijk al in gebruik.Voer een van de volgende handelingen uit:• Controleer of de interferentie-eliminatiecode is ingesteld.• Wijzig de instellingen voor frequenties ofcodes op alle portofoons.• Zorg ervoor dat bij het zenden de juistefrequentie en code worden gebruikt.Bericht is gecodeerd Scramble-code is mogelijk ingeschakelden/of de instelling wijkt af van die van deandere portofoons.Wijzig de instellingen via de CustomerProgramming Software (CPS).De geluidskwaliteit is onvoldoende De instellingen van de portofoon zijn nietgoed op elkaar afgestemd.Controleer de frequenties, codes enbandbreedtes om er zeker van te zijn dat deinstellingen voor alle portofoons gelijk zijn.Beperkt zendbereik Voer een van de volgende handelingen uit:• Gebruik een open omgeving om hetzendbereik te verbeteren.
Als... Dan...• Als u het bereik en de dekking wiltverbeteren, zorgt u voor minderobstakels of verhoogt u het vermogen.UHF-portofoons hebben een beteredekking in industriële of commerciëlegebouwen. Als u het vermogen verhoogt,vergroot u het bereik en heeft het signaalminder moeite met obstakels.Bericht niet verzonden of ontvangen Voer een van de volgende handelingen uit:• Druk de PTT-knop volledig in wanneer uprobeert te zenden.• Controleer of de instellingen van deportofoons voor kanalen, frequenties,interferentie-eliminatiecodes enscramble-codes overeenkomen. Zie Uitzenden en ontvangen op pagina 16.• Laad de batterijen op, vervang ze ofverwissel ze van plaats. Zie Batterijspecificaties op pagina 23.• Wijzig de locatie van de portofoon.Obstakels en gebruik binnenshuis of invoertuigen veroorzaken interferentie.• Zorg ervoor dat de portofoon niet in descanmodus staat.
Zie Kanalen scannenop pagina 21.Zware statische ruis of interferentie Portofoons zijn te dicht bij elkaar. Zorgervoor dat de zend- en ontvangstportofoonszich op een afstand van ten minsteanderhalve meter bevinden.De portofoons bevinden zich te ver uit elkaarof er zijn obstakels die interferentieveroorzaken.Batterijen bijna leeg Laad de lithium-ionbatterij op of vervangdeze.KENNISGEVING: Een extremebedrijfstemperatuur zorgt ervoordat de batterij minder langmeegaat.Zie Batterijspecificaties op pagina 23.De LED van het oplaadstation knippertnietVoer een van de volgende handelingen uit:• Controleer of de portofoon en de batterijgoed zijn geplaatst.• Controleer of de batterij en decontactpunten schoon zijn en deoplaadpin goed is geplaatst.MN006181A01-AAProbleemoplossing38
Als... Dan...Zie hiervoor Een losse batterij opladen metde oplader voor één apparaat op pagina 25en LED-indicaties oplader op pagina 27.De batterij is niet opgeladen, hoewel dezeenige tijd in de oplader heeft gestaan.Voer een van de volgende handelingen uit:• Controleer of de oplader goed isaangesloten op een compatibelevoedingsbron. Zie Een losse batterijopladen met de oplader voor éénapparaat op pagina 25.• Bekijk de LED's van de oplader om tecontroleren of er problemen zijn met debatterij. Zie LED-indicaties oplader oppagina 27.MN006181A01-AAProbleemoplossing 39
Gebruik en onderhoudIn dit hoofdstuk wordt het onderhoud van de portofoon uitgelegd.Gebruik een zachte, vochtigedoek om de buitenkant tereinigenDompel de portofoon niet onderin waterGebruik geen alcohol ofschoonmaakmiddelen.Als de portofoon wordt ondergedompeld in water:Schakel de portofoon uit enverwijder de batterijenDroog de portofoon met eenzachte doekMaak geen gebruik van deportofoon totdat deze droogisKENNISGEVING: Portofoon is alleen IP54 wanneer de stofkap of het audioaccessoire opde connector is aangesloten.MN006181A01-AAGebruik en onderhoud40
Beperkte garantie voor MotorolaSolutionsGarantie-informatieDe geautoriseerde Motorola Solutions-verkoper bij wie u de Motorola Solutions-tweerichtingsportofoonen/of originele accessoires hebt gekocht, accepteert een garantieclaim en/of voorziet ingarantieservice. Retourneer de radiozendontvanger naar uw verkoper om gebruik te maken van degarantieservice. Stuur de radiozendontvanger niet terug naar Motorola Solutions. Om aanspraak tekunnen maken op garantie dient u de aankoopnota of een vergelijkbaar bewijs van aankoop voorzienvan de aankoopdatum te overleggen. De radiozendontvanger dient ook duidelijk te zijn voorzien vaneen serienummer. De garantie vervalt als het type- of serienummer op het product is veranderd,verwijderd of onleesbaar gemaakt. V.
WAT WORDT NIET GEDEKT DOOR DEZE GARANTIE1 Defecten of schade als gevolg van gebruik van het Product op een andere manier dan de normaleen gebruikelijke manier. 2 Defecten of schade door misbruik, ongevallen, nalatigheid of vocht. 3 Defecten of schade door onjuist testen, gebruik of onderhoud of onjuiste installatie, wijziging ofaanpassing. 4 Afbreken van of schade aan antennes, tenzij rechtstreeks veroorzaakt door materiaal- offabricagefouten. 5 Producten die op ongeoorloofde wijze zijn gewijzigd, gedemonteerd of gerepareerd (met inbegripvan, maar niet beperkt tot, toevoegingen van niet door Motorola Solutions geleverde apparatuuraan het Product), die de prestaties van het Product nadelig beïnvloeden of die de normale garantie-inspectie of het normale testen van het Product door Motorola Solutions voor het vaststellen vangarantieclaims verstoren.
6 Producten waarvan het serienummer is verwijderd of onleesbaar is gemaakt. 7 Oplaadbare batterijen, indien:• de afdichting van de batterij kapot is of wanneer er duidelijk mee is geknoeid. • de schade of het defect is veroorzaakt door het opladen of gebruik van de batterij in apparatuurof een service anders dan het Product waarvoor de batterij is bedoeld.
8 Vervoerkosten naar de reparatielocatie. 9 Producten die, als gevolg van illegale of ongeoorloofde wijziging van de software/firmware in hetProduct, niet meer werken in overeenstemming met de door Motorola Solutions gepubliceerdespecificaties of de FCC-certificering voor het Product die van kracht was op het moment dat hetProduct oorspronkelijk door Motorola Solutions werd gedistribueerd. 10 Krassen of andere cosmetische schade aan oppervlakken van het Product die de werking van hetProduct niet beïnvloeden. 11 Normale en gebruikelijke slijtage. MN006181A01-AABeperkte garantie voor Motorola Solutions46.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Motorola CLP446e stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Walkie talkie Motorola
Handleiding Walkie talkie
Nieuwste handleidingen voor Walkie talkie