Miele m 625 eg Handleiding

Miele Magnetron m 625 eg

Bekijk gratis de handleiding van Miele m 625 eg (48 pagina’s), behorend tot de categorie Magnetron. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 45 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Miele m 625 eg of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/48
Gebruiksaanwijzing
Magnetron
M 625 EG
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw apparaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.
M
M.-Nr. 05 784 720

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Magnetron
Model: m 625 eg

Handleiding Miele m 625 eg – volledige tekst

Bijgeleverde accessoiresGeleiderailsU plaatst de geleiderails in de oven-ruimte voor het grillrooster en de glazenopvangschaal. Als u het gerecht op hetdraaiplateau zet, kunt u de magnetronook zonder geleiderails gebruiken.De geleiderails zijn los bij het apparaatgevoegd.GrillroosterHet grillrooster is speciaal ontwikkeldvoor de magnetron en kan dus altijdworden gebruikt.

Het rooster is ideaalvoor grilleren (al dan niet in combinatiemet de magnetronfunctie).Glazen opvangschaalU kunt de glazen opvangschaal vooralle verwarmingssoorten gebruiken.Als u op het rooster grilleert, kunt u hetbeste de glazen opvangschaal onderhet rooster in het apparaat schuiven.Het vet wordt dan in de schaal opge-vangen.DekselHet deksel mag uitsluitend voor demagnetronfunctie worden gebruikt, nietvoor andere ovenfuncties ofcombinatieprogramma’s!Het deksel voorkomt dat het gerechtuitdroogt, houdt de ovenruimte schoonen versnelt de bereiding.KookstaafjeGebruik altijd het kookstaafje als u eenvloeistof verhit. De vloeistof wordt dangelijkmatig verwarmd.Bij te bestellen accessoiresGourmet-plaatDe gourmet-plaat is een ronde grillplaatmet een anti-aanbaklaag.

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpak-kingsmateriaal is uitgekozen met hetoog op een zo gering mogelijke belas-ting van het milieu en de mogelijkhedenvoor recycling.Hergebruik van het verpakkingsmateri-aal remt de afvalproductie en het ge-bruik van grondstoffen. Vaak neemt deleverancier de verpakking terug. Als ude verpakking zelf wegdoet, informeerdan bij de reinigingsdienst van uw ge-meente waar u die kunt afgeven.Het afdanken van het apparaatVan een afgedankt apparaat kunnen deonderdelen vaak nog waardevol zijn.Zorg er daarom voor dat uw oude ap-paraat via de dealer of de gemeentegerecycled kan worden.Zorgt u ervoor dat het afgedankte ap-paraat tot die tijd buiten het bereik vankinderen wordt opgeslagen. Zie ook hethoofdstuk "Veiligheidsinstructies enwaarschuwingen".Een bijdrage aan de bescherming van het milieu7

Dit apparaat voldoet aan de gelden-de veiligheidsbepalingen. Onjuistgebruik echter kan persoonlijk letselof beschadiging van het apparaattot gevolg hebben. Lees daarom de gebruiksaanwijzingaandachtig door, voordat u het ap-paraat in gebruik neemt. In de ge-bruiksaanwijzing vindt u belangrijkeinstructies met betrekking tot veilig-heid, gebruik en onderhoud. Bewaar de gebruiksaanwijzing zorg-vuldig en geef deze door aan eeneventuele volgende eigenaar. Verantwoord gebruikDeze magnetron is uitsluitend be-stemd voor huishoudelijk gebruiken wel voor het ontdooien, verwarmen,koken, grilleren en inmaken van voe-dingsmiddelen. Gebruik voor anderedoeleinden is voor eigen risico en kangevaarlijk zijn. De fabrikant kan nietaansprakelijk worden gesteld voorschade die wordt veroorzaakt door ge-bruik voor andere doeleinden dan hieraangegeven of door foutieve bedie-ning.

Gebruik de magnetron nooit voorhet bewaren of drogen van ont-vlambare producten. Aanwezig waterverdampt en er ontstaat brandgevaar. Kinderen mogen het apparaat al-leen zonder toezicht gebruiken alsze weten hoe ze het apparaat veiligmoeten bedienen. De kinderen moetenzich bewust zijn van de gevaren vaneen foutieve bediening. Technische veiligheidGebruik de magnetron niet als– de deur verbogen is. – de deurscharnieren los zitten. – er gaatjes of scheuren in de omman-teling, de deur, de deurdichting of debinnenwanden van het apparaat zitten. Als de magnetron wel wordt ingeschakeld,kunnen er microgolven vrijkomen die ge-vaarlijk kunnen zijn voor de gebruiker. Ondeskundig uitgevoerdeinstallatie-, reparatie- en onder-houdswerkzaamheden leveren gevaarop voor de gebruiker. De fabrikant kandaarvoor niet aansprakelijk worden ge-steld.

Als onder span-ning staande delen worden aangeraakten/of als er iets aan de elektrische ofmechanische opbouw van het apparaatwordt veranderd, kan de gebruiker ge-vaar lopen (bijvoorbeeld een elek-trische schok). Bovendien is het moge-lijk dat het apparaat dan niet meergoed functioneert. Als de aansluitkabel beschadigdis, moet deze door de TechnischeDienst worden vervangen of door eendoor de fabrikant opgeleide vakman. Voordat u het apparaat aansluit,dient u de aansluitgegevens (span-ning en frequentie) op het typeplaatjete vergelijken met de waarden van hetelektriciteitsnet. Deze gegevens moe-ten beslist overeenkomen om bescha-diging van het apparaat te voorkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8.

De elektrische veiligheid van hetapparaat is uitsluitend gegaran-deerd, als het wordt aangesloten opeen aardingssysteem dat volgens degeldende veiligheidsbepalingen is ge-ïnstalleerd. Het is zeer belangrijk datwordt nagegaan of aan deze funda-mentele veiligheidsvoorwaarde is vol-daan en dat de huisinstallatie bij twijfeldoor een vakman wordt geïnspecteerd. De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die wordt ver-oorzaakt door een ontbrekende of be-schadigde aarddraad (bijvoorbeeldeen elektrische schok). Er staat alleen dan geen elek-trische spanning op het apparaatals aan één van de volgende voorwaar-den is voldaan:– als de stekker uit het stopcontact isgetrokken. Trek daarbij aan de stekker en niet aande aansluitkabel. – als de hoofdschakelaar van de huisin-stallatie is uitgeschakeld. – als de zekering van de huisinstallatieer geheel is uitgedraaid.

Het apparaat mag niet via een ver-lengsnoer op het elektriciteitsnetworden aangesloten. Met verlengsnoe-ren kan een veilig gebruik van het ap-paraat niet worden gewaarborgd (erkan bijvoorbeeld oververhitting ont-staan). Dit apparaat mag uitsluitend dooreen vakman op een niet-stationairelocatie (bijvoorbeeld een boot of cam-per) worden ingebouwd en aangeslo-ten. Hierbij moet aan alle voorwaardenvoor een veilig gebruik worden vol-daan. GebruikZorg ervoor dat voedsel altijd vol-doende wordt verwarmd. De tijddie daarvoor nodig is, hangt af van ver-schillende factoren, zoals de tempera-tuur van het gerecht op het moment dathet in de magnetron wordt gezet, dehoeveelheid, het soort voedsel, de kwa-liteit ervan en mogelijke wijzigingen inhet recept. Eventuele bacteriën in het eten wordenalleen gedood wanneer de temperatuurhoog genoeg is (>70 °C) en lang ge-noeg wordt aangehouden (>10 min. ).

Wanneer u twijfelt of een gerecht vol-doende is verwarmd, verleng dan debereidingstijd nog iets. Het is belangrijk dat de tempera-tuur in het gerecht gelijkmatigwordt verdeeld en hoog genoeg is.

Roer het gerecht daarom regelmatigdoor of keer het. Let ook op de aange-geven doorwarmtijden (de tijd waarinde warmte zich gelijkmatig verdeelt) bijhet ontdooien, verwarmen en koken. Houd bij ontdooien, verwarmen ofkoken met de magnetron rekeningmet het feit dat de bereidingstijdenvaak veel korter zijn dan op een kook-plaat of in een gewone oven. Als ge-rechten te lang in de magnetron staan,drogen ze uit en kunnen zelfs in brandvliegen. Gevaar voor brand bestaat ook als ubijvoorbeeld brood in de magnetronverwarmt of bloemen en kruiden te langdroogt. Blijf er dus bij staan. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen9.

Kussens met kersenpitten, gel endergelijke mogen niet in de mag-netron worden verhit. Zulke kussenskunnen in brand raken, ook nadat ze uithet apparaat zijn gehaald. Brandge-vaar!Zet de magnetron niet op hethoogste vermogen, wanneer u leegserviesgoed wilt verwarmen of kruidenwilt drogen. De magnetron zou bescha-digd kunnen raken, omdat er te weinigin staat.Verwarm eten of drinken nooit ineen gesloten potje of fles. Andersontstaat er druk waardoor het potje ofde fles uiteen kan spatten. U zou hierbijletsel kunnen oplopen! Bij zuigflessenmoeten de dop en de speen van tevo-ren worden verwijderd.Als u de gerechten uit de magne-tron haalt, controleer dan of detemperatuur goed is. Let vooral bij ba-byvoeding op de juiste temperatuur!Babyvoeding goed doorroeren ofschudden. Proef er zelf even van, zodatu zeker weet dat de baby zich er nietaan brandt.

Meet de juiste temperatuurniet aan de temperatuur van het ser-viesgoed! Als gerechten in de magne-tron worden verwarmd, ontstaat dewarmte in het voedsel zelf, waardoorhet serviesgoed minder heet wordt. Hetserviesgoed wordt alleen warm door dewarmte die het gerecht afgeeft.Als u een vloeistof wilt verwarmen,zet dan het bijgeleverde kookstaaf-je in de beker of het glas.Als u het kookstaafje niet gebruikt, ishet mogelijk dat bij het koken en vooralhet naverwarmen van vloeistoffen hetkookpunt wordt bereikt, zonder dat debekende luchtbelletjes opstijgen. Devloeistof kookt dan niet gelijkmatig. Alsu nu het glas of de beker uit de magne-tron haalt, kan de vloeistof ineens gaanborrelen en overkoken. U kunt zichdaarbij branden.Als de vloeistof nog in de magnetronstaat en plotseling hevig gaat koken,kan de deur openspringen. U kuntdaarbij letsel oplopen. Bovendien kanhet apparaat beschadigd raken.

Laat de deur van de magnetrondicht als de voedingsmiddelen inde ovenruimte rook ontwikkelen. Even-tuele vlammen worden op deze maniergedoofd. Zet de magnetron uit (druktwee keer op de toets Stop/C) en trekde stekker uit het stopcontact. Open dedeur pas wanneer de rook is wegge-trokken. Verwarm nooit onverdunde alcohol. Alcohol kan in brand raken. Gebruik voor het inmaken nooitconservenblikken. Deze kunnendoor overdruk uiteenspatten. U kuntdaarbij letsel oplopen en het apparaatkan beschadigd raken. Gebruik in de magnetron geen me-talen pannen, geen aluminiumfolie,geen bestek, geen serviesgoed meteen metalen laagje, geen kristal datlood bevat, geen schalen met een kar-telrand, geen kunststof die niet tegenhitte bestand is en geen houten ser-viesgoed.

Gebruik ook geen metalenclips, geen kunststof en papieren clipswaar ijzerdraad in zit en geen roombe-kertjes waarvan het dekseltje niet hele-maal is verwijderd. Als u deze voor-werpen wel gebruikt, kan het servies-goed beschadigd raken of kan erbrand ontstaan. Het bijgevoegde verstelbare rooster isspeciaal ontwikkeld voor de magnetronen kan dus zonder problemen wordengebruikt. Blijf bij het apparaat als u voe-dingsmiddelen bereidt in weg-werpbakjes van kunststof, papier of an-dere brandbare stoffen. Wegwerpbakjes van kunststof zijn ge-schikt als ze voldoen aan de eisen diein de rubriek "Kunststof" staan. Kook eieren alleen met speciaalserviesgoed. Verwarm ook geenhardgekookte eieren in de magnetron. Door de druk kunnen ze uiteenspatten,ook nadat u ze uit de magnetron heeftgehaald. Eieren zonder schaal mogen in demagnetron worden bereid als u vantevoren een paar gaatjes in de dooierprikt.

Als u dit niet doet, kan het eigeeler na het koken onder hoge drukuitspuiten. U kunt daarbij letsel oplo-pen. Bij voedingsmiddelen waarvan deschil of het vel hard is (tomaten,aubergines, worstjes, etc. ), moet ueerst een paar gaatjes of inkepingen inde schil of het vel maken, voordat devoedingsmiddelen in de magnetronworden verwarmd.

Zet de magnetron pas aan als ereen gerecht of bruineringsserviesin staat en plaats altijd het draaiplateau. Houd de magnetron goed in degaten als u met olie of vetten werkt. Olie en vet kunnen in brand raken. Frituur nooit in de magnetron. Gebruik in de magnetron geen ser-viesgoed met holle handgrepen enknoppen. Hierin kan zich vocht opho-pen, waardoor druk ontstaat en het ser-vies uiteen kan spatten. U loopt daarbijhet risico zich te verwonden. Als dezedelen goed ontlucht zijn, kunt u het ser-vies wel gebruiken. Bij grilleren met of zonder de ver-warmingssoort "Magnetron" wordende wanden, het grillelement, de gelei-derails, de deur en de ommanteling vanhet apparaat heet. Zorg ervoor dat kin-deren het apparaat niet aanraken alshet aan staat. Er bestaat gevaar voorverbrandingen. Draag bij of na grilleren altijd oven-wanten als u gerechten in de mag-netron zet of als u deze eruit haalt.

Ukunt zich anders branden. Het rooster wordt tijdens het grille-ren (met of zonder de verwar-mingssoort "Magnetron") heet. U kuntzich er aan branden. Zet de (hete) glazen opvangschaalniet op een koud oppervlak, zoalseen granieten werkblad of tegeltjes, an-ders kan de schaal beschadigd raken. Gebruik eventueel een onderzetter. Gebruik het apparaat niet om ereen ruimte mee te verwarmen. Door de hoge temperaturen in het ap-paraat kunnen licht ontvlambare voor-werpen, die zich in de buurt bevinden,vlam vatten. Gebruik het apparaat niet als werk-blad. De warmte aan de bovenkantvan het apparaat kan er toe leiden datbepaalde stoffen smelten. Onderbreek het bereidingsprocesals u de temperatuur van het ge-recht wilt meten. Gebruik nooit kwik- ofvloeistofthermometers, aangezien dezeniet geschikt zijn voor hoge temperatu-ren en gemakkelijk breken. Gebruik uit-sluitend speciale thermometers.

Gebruik voor het reinigen van hetapparaat nooit een stoomreiniger. De stoom kan in aanraking komen metdelen die onder spanning staan enkortsluiting veroorzaken.

Let op het volgende als u bruine-ringsservies gebruiktDraag altijd ovenwanten als u brui-neringsservies aanraakt. U kuntzich anders branden!Zet bruineringsservies altijd op eenonderzetter als het warm is. Hetwerkblad kan anders beschadigd ra-ken.Gebruik bruineringsservies alleenin de magnetron of om gerechtente serveren. Als u het voor traditionelebereidingswijzen gebruikt, wordt despeciale glazuurlaag beschadigd.Het afdanken van het apparaatZorg dat afgedankte apparatenniet meer gebruikt kunnen worden.Trek daartoe de stekker uit de contact-doos en maak de stekker en de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt zodat iemand oneigenlijk gebruik maaktvan het apparaat.Wanneer de "Veiligheidsinstructiesen waarschuwingen" niet worden op-gevolgd, kan de fabrikant niet aan-sprakelijk worden gesteld voor scha-de die daarvan het gevolg is.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13

Hoe werkt de magnetron?In het apparaat zit een magnetronbuis.Deze zet stroom om inelektromagnetische golven: de micro-golven. Deze microgolven worden ge-lijkmatig over de binnenruimte ver-deeld. Bovendien worden ze door dezijwanden gereflecteerd, zodat ze vanalle kanten bij en in het voedsel kunnenkomen. Is het draaiplateau ingescha-keld, dan is de verdeling nog beter.Omdat de microgolven bij en in het ge-recht moeten kunnen komen, moet hetserviesgoed geschikt zijn voor gebruikin de magnetron. Microgolven dringendoor porselein, glas, karton en kunst-stof heen, maar niet door metaal. Ge-bruik daarom geen metalen pannen ofschalen of pannen en schalen met eenmetaalhoudend decorlaagje. Metaalkaatst de golven terug, waardoor von-ken kunnen ontstaan.Als het juiste servies wordt gebruikt,dringen de microgolven meteen doortot in het gerecht. Voedingsmiddelenbestaan uit moleculen.

Deze molecu-len, vooral watermoleculen, wordendoor de microgolven in trilling gebracht(maar liefst 2,5 miljard bewegingen perseconde). Hierdoor ontstaat warmte diezich vanaf de buitenkant van het voed-sel naar binnen verplaatst. Hoe meerwater een gerecht bevat, des te snellerwerkt de magnetron.De warmte ontstaat dus direct in hetgerecht, waardoor–een gerecht over het algemeen metweinig of geen toevoeging van vloei-stof of vet in de magnetron kan wor-den bereid.–ontdooien, verwarmen en kokensneller gaan dan met een traditioneleoven.–voedingsstoffen zoals vitaminen enmineralen voor het grootste deel be-houden blijven.–de natuurlijke kleur en smaak van degerechten nauwelijks veranderen.De magnetron wordt uitgeschakeld, zo-dra u het bereidingsproces onderbreektof de deur van het apparaat opent. Tij-dens een bereiding biedt de geslotendeur voldoende bescherming tegen demicrogolven.

Wat kan de magnetron?In de magnetron kunt u gerechten inkorte tijd ontdooien, verwarmen en ko-ken.U kunt de magnetron als volgt ge-bruiken:–U kunt voedingsmiddelen ontdooien,verwarmen en koken door een mag-netronvermogen en een tijd in te stel-len.–Diepvriesproducten kunt u ontdooienen meteen daarna bereiden.– U kunt uw magnetron tevens als"kleine keukenhulp" gebruiken, bij-voorbeeld voor het laten rijzen vandeeg, het smelten van chocolade ofboter, het oplossen van gelatine enhet inmaken van kleine hoeveelhe-den fruit, groente of vlees.Welke verwarmingssoortenheeft de magnetron?MagnetronMet alleen de magnetronfunctie (mag-netron solo) kunt u ontdooien, verwar-men en koken.GrillerenDeze functie is ideaal voor bijvoorbeeldbiefstuk en worstjes.Combinatie van magnetron en grillIdeaal voor het bereiden van gegrati-neerde ovenschotels. De magnetronmaakt het gerecht gaar.

Het grill-element zorgt voor een bruin korstje.Automatische programma’sU kunt kiezen uit:– drie automatische ontdooiprogramma’s(NOM),–twee automatische kookprogramma’s(°Q),–en twee combinatieprogramma’s(QL).Deze programma’s zijn gewichtsafhan-kelijk. U moet daarom het gewicht vanhet gerecht invoeren.Mogelijkheden15

De microgolven–worden door metaal teruggekaatst.– dringen door glas, porselein, etc.–worden door het gerecht opgeno-men.Materiaal en vormHet materiaal en de vorm van het ser-viesgoed kunnen van invloed zijn op debereidingstijd. Het beste kunt u rondeof ovale platte schalen gebruiken. Degerechten worden dan gelijkmatigerverwarmd dan in rechthoekige schalen.MetaalMetalen schalen, aluminiumfolie enbestek zijn niet geschikt voor ge-bruik in de magnetron, evenmin alsserviesgoed met een metalen laagje(bijvoorbeeld een goudkleurig of ko-baltblauw decorrandje).Metaal kaatst microgolven terug, waar-door het gerecht niet warm kan worden.Uitzonderingen:– Kant-en-klaarmaaltijden in aluminiumbakjesDeze kunnen in de magnetron wordenontdooid en verwarmd. Verwijder altijdvan tevoren het deksel. Op deze ma-nier worden de gerechten echter alleenvan boven verwarmd.

–AluminiumfolieVlees met een onregelmatige vorm, zo-als gevogelte, wordt het beste ontdooiden bereid als u de platte delen delaatste paar minuten met stukjes alumi-niumfolie afdekt.De folie moet minstens 2 cm van debinnenwanden van het apparaatverwijderd blijven!–Metalen spiesen en klemmenDeze kunt u alleen gebruiken als hetvlees veel groter is dan het metaal.GlasVuurvast glas en keramisch glas zijnzeer geschikt.Kristalglas (dat vaak lood bevat) englazen schalen met een gekartelderand kunnen uiteenspatten.

Ze zijndan ook niet geschikt.PorseleinPorseleinen serviesgoed is zeer ge-schikt.Het mag echter geen metalen deco-ratie (zoals een goudrand) hebbenen geen holle handgrepen.AardewerkBeschilderd aardewerk is alleen ge-schikt als het motief zich onder een gla-zuurlaag bevindt.Aardewerk kan heet worden.Servies met een glazuurlaagje of verfSommige glazuur- en verfsoortenbevatten metalen.Daarom is dit serviesgoed niet ge-schikt voor de magnetron.KunststofKunststof serviesgoed mag alleenvoor de verwarmingssoort "Magne-tron" worden gebruikt, dus niet voorgrilleren of voor combinatieprogram-ma’s.

Het materiaal moet bestandzijn tegen temperaturen van mini-maal 110 °C.Kunststof die niet hittebestendig is, kanvervormen of zelfs smelten.Kunststof serviesgoed voor de magne-tron is verkrijgbaar in speciaalzaken.Kunststof serviesgoed van melamine isniet geschikt, omdat het energie op-neemt en daardoor te heet wordt.Informeer dus altijd eerst van welk ma-teriaal het kunststof serviesgoed is.Serviesgoed van piepschuim, bijvoor-beeld polystyreen, kunt u gebruiken alsu gerechten maar eventjes wilt verwar-men.Kunststof kookbuiltjes kunt u ge-bruiken voor het verwarmen en ko-ken van de inhoud. Prik eerst gaat-jes in het builtje zodat de stoom eruitkan.Daardoor voorkomt u dat de druk tehoog wordt en het builtje uiteenspat.Servies dat geschikt is voor de magnetron17

U kunt ook braadfolie en braadzakkengebruiken. De braadfolie moet ca.40 cm en de braadzak ca. 20 cmlanger zijn dan het vlees. Het geheelmoet zorgvuldig worden dichtgemaaktmet een draadje (garen). De uiteindenkunt u omslaan en dichtbinden.

Prik ergaatjes in volgens de aanwijzingen opde verpakking.Gebruik geen metalen clips of clipsvan kunststof of papier waar ijzer-draad in zit.Er bestaat anders brandgevaar.HoutHouten schalen of bakjes zijn nietgeschikt.Tijdens het koken verdampt het wa-ter in het hout waardoor het uit-droogt en barst.WegwerpbakjesWegwerpbakjes van kunststof moetenvoldoen aan de eisen in de rubriek"Kunststof".Blijf bij het apparaat als u voedings-middelen bereidt in wegwerpbakjesvan kunststof, papier of anderebrandbare stoffen.U kunt uit milieu-overwegingen betergeen gebruik maken van wegwerpbak-jes.Het testen van serviesgoedAls u niet zeker weet of u serviesgoedvan glas, aardewerk of porselein in demagnetron kunt gebruiken, kunt u hetservies als volgt testen:^Plaats het servies leeg in het middenvan het apparaat.^Sluit de deur.^Stel met de functieschakelaar eenvermogen in van 1000 W.^Stel een tijd in van 30 seconden.^Druk op de toets START.Hoort u vervolgens knetterende ge-luiden en ziet u vonkjes, schakel demagnetron dan meteen uit.

Drukdaartoe twee keer op de toetsStop/C.Serviesgoed dat tot een dergelijke re-actie leidt, is niet geschikt voor de mag-netron.Als u twijfelt, adviseren wij u bij defabrikant of winkelier te informeren ofhet servies geschikt is voor de mag-netron.Met het bovenstaande kunt u overigensniet controleren of eventuele hollehandgrepen voldoende ontlucht zijn.Servies dat geschikt is voor de magnetron18

Deksel–Het deksel voorkomt dat bij langekooktijden teveel waterdamp ont-snapt, zoals bij aardappelen.–zorgt dat het gerecht sneller warmwordt.–voorkomt dat het gerecht uitdroogt.–voorkomt dat het gerecht aroma ver-liest.–houdt de ovenruimte schoon.Dek gerechten daarom altijd met hetkunststof deksel af, als u met de ver-warmingssoort "Magnetron" werkt.U kunt ook speciale magnetronfolie ge-bruiken. Pas op met gewone huishoud-folie. Deze kan vervormen en zelfssmelten.Verhit nooit afgesloten potjes, zoalspotjes babyvoeding. Open de potjeseerst!Gebruik geen deksel–als u gepaneerde gerechten ver-warmt.–als het gerecht een korstje moet krij-gen, bijvoorbeeld toast.Het deksel mag alleen voor de ver-warmingssoort "Magnetron" wordengebruikt, niet voor grilleren of voorde combinatieprogramma’s.Het materiaal is geschikt tot eentemperatuur van 110 °C.

Laat het uitgepakte apparaat natransport ca. 2 uur bij kamertempe-ratuur staan, voordat u het in ge-bruikt neemt.In deze tijd neemt het apparaat de om-gevingstemperatuur aan. Dit is belang-rijk voor het goed functioneren van deelektronica.^Verwijder alle verpakkingsmaterialenals u het apparaat uitpakt.Verwijder nooit de afdekking van deopening voor de microgolven (zie af-beelding).^Controleer het apparaat op bescha-digingen.Gebruik de magnetron niet als– de deur verbogen is.– de deurscharnieren los zitten.– er gaatjes of scheuren in de om-manteling, de deur, de deurdichtingof de binnenwanden van het appa-raat zitten.Als de magnetron wel wordt inge-schakeld, kunnen er microgolvenvrijkomen die gevaarlijk kunnen zijnvoor de gebruiker.^Reinig de ovenruimte en de acces-soires met een sponsdoekje en warmwater.Vóór het eerste gebruik20

Dagtijd instellen^Sluit het apparaat op de netspanningaan.In het display knippert gedurende4 seconden 12:00 en het symbool mlicht op.^Stel met de afgebeelde draaiknop dedagtijd in.Na 4 seconden wordt automatisch deingestelde tijd overgenomen.

De dub-bele punt tussen de uren en de minutenknippert.Dagtijd corrigeren^Druk op de toets m.In het display knippert de actueledagtijd en het symbool mlicht op.^Corrigeer de dagtijd met de draai-knop.Dagtijdweergave uitzetten^Druk twee keer op de toets m.Het display is nu donker.Als u opnieuw twee keer op de toets mdrukt, verschijnt de dagtijd weer.NachtschakelingU kunt het apparaat zo instellen dat dedagtijdweergave automatisch tussen23.00 en 04.00 uur uitgeschakeldwordt.U zet de nachtschakeling als volgt aan:^Houd de toets Stop/C ingedrukt endruk op de toets m.In het display verschijnt ON.U kunt het apparaat uiteraard ge-woon blijven gebruiken.U zet de nachtschakeling als volgt uit:^Houd de toets Stop/C ingedrukt endruk op de toets m.In het display verschijnt OFF.Dagtijdweergave21

Deur openen^Druk op de toets aom de deur teopenen.Als de magnetron is ingeschakeld,wordt de bereiding bij het openen vande deur onderbroken.Serviesgoed in het apparaatzettenPlaats het serviesgoed bij voorkeur inhet midden van de ovenruimte.DraaiplateauGebruik het apparaat alleen als hetdraaiplateau geplaatst is.Met het draaiplateau wordt het ge-recht nog gelijkmatiger ontdooid enbereid.Het draaiplateau wordt bij elke berei-ding automatisch ingeschakeld.Ontdooi en bereid gerechten niet ophet draaiplateau zelf. Het gebruikte ser-viesgoed mag niet groter zijn dan hetplateau.Schakel het draaiplateau niet uit. Alleenbij serviesgoed dat buiten het plateauuitsteekt en het apparaat zou kunnenblokkeren, moet u het draaiplateau uit-zetten.

Druk daartoe op de toets ä.Roer het gerecht dan wel regelmatigom of draai de pan of schaal, zodat hetgerecht gelijkmatig verwarmd wordt.Deur sluiten^Druk de deur dicht.Als u tijdens een bereiding de deurheeft geopend, kunt u de bereidingvoortzetten door op de toets START tedrukken.Als de deur niet goed gesloten is,kunt u het apparaat niet inschake-len.Bereidingsproces startenStel met de betreffende schakelaarseen vermogensstand en een tijd in. Hetmaakt niet uit welke instelling u heteerst doet.^Zet de functieschakelaar op de ge-wenste vermogensstand voor demagnetron.U kunt uit 7 vermogensstanden kiezen.Hoe groter het vermogen, des te meermicrogolven bereiken het gerecht.Kies een laag vermogen bij gerechtendie tijdens de bereiding niet kunnenworden doorgeroerd of omgekeerd.Alleen zo wordt de warmte gelijkmatigverdeeld.

Uitzondering:Als u het hoogste magnetronvermogenheeft gekozen (1000 W), kunt u maxi-maal 10 minuten instellen.De benodigde tijd hangt af van:– De temperatuur van het voedsel.Voedsel dat uit de koelkast komt,moet langer worden verwarmd danvoedsel op kamertemperatuur.– De kwaliteit van het voedsel en hetsoort voedsel.Verse groente bijvoorbeeld bevatmeer water dan minder verse groen-te en hoeft daardoor minder lang teworden verwarmd.–De frequentie van het roeren en om-keren.Als u het gerecht frequent doorroerten omkeert, wordt de warmte gelijk-matiger verdeeld en neemt de berei-dingstijd af.–De hoeveelheid voedsel.Dubbele hoeveelheid = bijna dedubbele tijd.Kleinere hoeveelheid = een evenre-dig kortere tijd.–De vorm en het materiaal van hetserviesgoed.^Druk op de toets START om de berei-ding te starten.De verlichting van de ovenruimtegaat aan.U kunt een bereiding alleen starten alsde deur van het apparaat gesloten is.Bereidingsproces onderbreken /voortzettenU kunt op elk moment een bereiding ....

Instellingen wijzigenMocht u, nadat de bereiding is gestart,constateren dat . . .. . . de vermogensstand van de mag-netron te hoog of te laag is:^Kies dan een nieuwe vermogens-stand.. . . de ingestelde tijd te kort of te langis:^Onderbreek dan de bereiding (drukéén keer op de toets Stop/C), stelmet de draaiknop voor de tijd eennieuwe tijd in en zet de bereidingvoort (druk op de toets START).Bereidingsproces wissen^Druk twee keer op de toets Stop/C.Na afloop van eenbereidingsprocesNa afloop van een bereidingsproceshoort u een akoestisch signaal.

De ver-lichting gaat uit.^Druk op een willekeurige toets als uhet akoestische signaal eerder wiltuitzetten.WarmhoudautomaatDe warmhoudautomaat wordt automa-tisch geactiveerd, als na afloop van eenbereiding (met een magnetronvermo-gen van minstens 600 Watt) de deurgesloten blijft en geen toets wordt inge-drukt.De warmhoudfunctie wordt dan na ca.2 minuten ingeschakeld gedurendemaximaal 15 minuten.In het display verschijnt H:H. De instel-ling van het draaiplateau wordt overge-nomen.Als u bij geactiveerde warmhoudauto-maat de deur van het apparaat opent ofop de toets Stop/C drukt, wordt defunctie beëindigd.U kunt de warmhoudfunctie niet apartactiveren.Bediening24

Quick-Start (programmeerbaar)Als u alleen op de toets START /cdrukt, wordt het apparaat op maximaalvermogen ingeschakeld.U kunt uit drie geprogrammeerde tijdenkiezen:^30 sec.: 1 x op START /cdrukken^1 min.: 2 x op START /cdrukken^2 min.: 3 x op START /cdrukkenWanneer u vier keer achter elkaar opde toets START /cdrukt, bent u weerbij de eerste instelling.Tijden programmerenU kunt de geprogrammeerde tijden wij-zigen.^Kies met de toets START /cde des-betreffende geheugenplaats (1 x, 2 xof 3 x drukken) en houd de toetsSTART /cingedrukt.^Verander tegelijk de tijd met de draai-knop voor de tijd.Als u de toets START /closlaat,wordt het gewijzigde programma uit-gevoerd.De door u geprogrammeerde tijdenworden bij een stroomstoring gewisten moeten dan opnieuw worden in-gevoerd.VergrendelingDe vergrendeling voorkomt dat het ap-paraat kan worden bediend.Vergrendeling inschakelen^Houd de toets äingedrukt, totdat ueen signaal hoort en het sleutelsym-bool in het display verschijnt.Het sleutelsymbool verdwijnt na kortetijd.Wordt een toets of één van de draai-knoppen bediend, dan verschijnt hetsleutelsymbool weer.De vergrendeling moet na eenstroomuitval opnieuw worden inge-schakeld.Vergrendeling uitschakelen^Als u de vergrendeling wilt uitzetten,houdt u de toets äingedrukt, totdatu een signaal hoort.Bediening25

KookwekkerVoor bereidingen buiten de magnetronkunt u de kookwekkerfunctie gebruiken,bijvoorbeeld als u eieren kookt. De in-gestelde tijd loopt in seconden af.^Druk op de toets l.In het display knippert nu 0:00 en hetsymbool llicht op.^Stel met de draaiknop voor de tijd degewenste kookwekkertijd in.^Druk op de toets START.^Na afloop van de tijd klinkt er eenakoestisch signaal, de dagtijd ver-schijnt in het display en het symboollbegint te knipperen.^Druk een keer op de toets Stop/C enhet symbool lverdwijnt.Kookwekkertijd corrigeren^Druk op de toets Stop/C.De kookwekkertijd wordt onderbro-ken. In het display lichten de resttijden het symbool lop. Het startsym-bool hbegint te knipperen.^Corrigeer de kookwekkertijd met dedraaiknop en druk op de toetsSTART.Bediening26

U kunt kiezen uit drie grilleerstanden.Ook tijdens de bereiding kunt u een an-dere stand kiezen.Gebruik de grill niet als het elementnaar beneden geklapt is. Het appa-raat kan anders beschadigd raken.Is de grilleertijd korter dan 15 minuten,verwarm het grillelement dan ca. 5 mi-nuten voor.Draai vlees en vis halverwege om zodatbeide kanten gelijkmatig bruin worden.Platte stukken hoeven slechts één keerte worden gekeerd; grotere, ronde stuk-ken meermaals.De grilleertijden (zie de geteste ge-rechten) zijn slechts algemene richtlij-nen.

Vooral bij grilleren spelen het soortgerecht, de dikte van het product enhet gewenste resultaat een belangrijkerol.^Doe het gerecht in een geschikteschaal of pan.^Schuif het rooster of de opvang-schaal met het gerecht op de juistehoogte in het apparaat of plaats deschaal met het gerecht op het draai-plateau.Kiest u voor het draaiplateau, schakeldat dan niet uit. U bereikt dan een ge-lijkmatig resultaat.^Zet de functieschakelaar op de punt.^Kies de gewenste grilleerstand (1, 2of 3). In het display verschijnen hetsymbool nen het gekozen nummer.De tijdwaarde 0:00 knippert.^Stel met de draaiknop voor de tijd debereidingstijd in.^Druk de toets START in.Na afloop van de bereiding klinkt ereen akoestisch signaal.Het rooster en de glazen opvang-schaal worden bij gebruik heet. Ukunt zich eraan branden!Ook tijdens het grilleren kunt u de be-reidingstijd nog wijzigen.

De glazen opvangschaal en het roosterzijn gemakkelijker te reinigen, als u zena gebruik meteen in een sopje van af-wasmiddel zet.Combinatie magnetron en grillNiet alleen bij het begin, maar ook tij-dens een bereidingsproces met demagnetron (met uitzondering van deautomatische programma’s) kunt u opelk moment de grill bijschakelen of uit-zetten (bijvoorbeeld voor een bruinkorstje).^Druk op de gewenste grilltoets om degrilleerfunctie te activeren, of omdeze uit te zetten.Ook nu kunt u tijdens de bereiding eenandere grilleerstand kiezen.Bediening - grilleren28

De magnetron kiestvervolgens automatisch de tijd die bijdat gewicht hoort.Ontdooiprogramma’sU kunt kiezen uit drieontdooiprogramma’s voor verschillendesoorten voedingsmiddelen.NFruit / groente R 1(100 g – 1 kg)OVis / gevogelte _;(100 g – 2 kg)MVlees Y Z(100 g – 2 kg)Kookprogramma’sDeze twee programma’s kunt u ge-bruiken voor gerechten met een ge-wicht van 100 g tot 1 kg.°Verse groente 1,zoals wortels, witte kool en spruitjesQVerse groente E,zoals aardappelen, courgette, prei, spi-nazie en broccoliCombinatieprogramma’sBij deze programma’s werkt de grill incombinatie met de magnetron op 150dan wel 450 Watt.QGevogelte ;(100 – 1500 g)LBraadvlees G(500 – 1500 g)^Kies met de functieschakelaar hetgewenste automatische programma.In het display knipperen nu het start-symbool en de waarde 100 g (bij L500 g).^Stel met de draaiknop het gewicht in.^Druk op de toets START.De bij het gewicht behorende tijd looptaf.Na de helft van de bereidingstijd hoortu een akoestisch signaal.^Onderbreek het programma om hetgerecht te keren of door te roeren.Zet het programma daarna voort.Indien gewenst kunnen de geprogram-meerde tijden tijdens het programmaworden gewijzigd (onderbreek het pro-gramma, wijzig de tijd en zet het pro-gramma voort).Na afloop van het bereidingsproceshoort u een akoestisch signaal en dooftde verlichting.Bediening - automatische programma’s29

Kies om voedingsmiddelen te verwar-men het volgende vermogen:Dranken . . . . . . . . . . . . . . . . . 1000 WattGerechten . . . . . . . . . . . . . . . . 600 WattBaby- en kindervoeding . . . . . 450 WattBaby- en kindervoeding mogen niette heet zijn. Verwarm deze produc-ten daarom slechts 1/2tot 1 minuutop 450 Watt.Tips voor het verwarmenVerwarm gerechten afgedekt. Alleengepaneerde gerechten moet u niet af-dekken.Maak gesloten potjes altijd open.Bij potjes kindervoeding moet u vantevoren het deksel verwijderen.Zuigflessen mogen alleen zonderdop en speen worden verwarmd.Plaats het bijgevoegde kookstaafjein het glas of de beker als u vloei-stoffen verwarmt.Verwarm hardgekookte eieren nooitin de magnetron, ook niet zonder ei-erschaal.

De eieren kunnen explode-ren.De tijd die nodig is voor het verwarmen,is afhankelijk van de kwaliteit en dehoeveelheid van het product en detemperatuur ervan op het moment dat uhet in de magnetron doet. Voor ge-rechten uit de koelkast bijvoorbeeld ismeer tijd nodig dan voor gerechten opkamertemperatuur.Zorg ervoor dat voedsel altijd vol-doende wordt verwarmd.Als u twijfelt of het gerecht warm ge-noeg is, stel dan nog een tijd in.De gerechten moet u tijdens het ver-warmen af en toe omscheppen ofkeren. Omdat de buitenkant het eerstwarm wordt, is het raadzaam de buiten-ste lagen naar het midden toe te roe-ren.Na het verwarmenWees voorzichtig als u het gerechtuit de magnetron haalt!

Het servies-goed kan heet zijn.Het serviesgoed wordt niet door de mi-crogolven warm (met uitzondering vanvuurvast aardewerk), maar door dewarmte die het gerecht afgeeft.Laat het gerecht nadat het is verwarmdeen paar minuten bij kamertemperatuurstaan. De warmte wordt dan gelijkma-tiger verdeeld.Vergeet niet gerechten om te schep-pen of te schudden, nadat u zeheeft verwarmd, vooral baby- en kin-dervoeding. Controleer of deze niette heet zijn!Verwarmen30

Doe het gerecht in een schaal die ge-schikt is voor de magnetron en kook hetafgedekt.Stel voor het aankoken een vermogenin van 850 Watt en daarna voor hetdoorkoken een vermogen van 450 Watt.Stel voor het koken van pap en derge-lijke eerst 850 Watt in en vervolgens150 Watt.Let op het volgendeDe bereidingstijd van groente is afhan-kelijk van de versheid. Verse groentebevat meer water en is daardoor snellergaar. Is de groente niet meer helemaalvers, voeg dan voor de bereiding eenbeetje water toe.Voor gerechten uit de koelkast geldteen langere bereidingstijd dan voor ge-rechten op kamertemperatuur.Roer het gerecht tijdens de bereidingdoor of keer het om.

De warmteverde-ling is dan gelijkmatiger.Zorg dat bederfelijke etenswaren,zoals vis, voldoende gaar worden.Houdt u zich bij dergelijk voedsel al-tijd aan de aangegeven bereidings-tijden.Bij voedingsmiddelen waarvan de schilof het vel hard is (tomaten, aubergines,worstjes, etc.), moet u eerst een paargaatjes of inkepingen in de schil of hetvel maken, voordat u de voedingsmid-delen in de magnetron verwarmt. Zokan de vrijkomende waterdamp ont-snappen en voorkomt u dat de voe-dingsmiddelen ontploffen.Eieren kunt u uitsluitend in speciaalserviesgoed in de magnetron koken.Eieren kunnen uiteenspatten, ooknadat u ze uit het apparaat heeft ge-haald!Eieren zonder schaal mag u in de mag-netron bereiden als u eerst een paargaatjes in de dooier prikt. Als u dit nietdoet, kan het eigeel er na het koken on-der hoge druk uitspuiten.Na het kokenWees voorzichtig als u het gerechtuit het apparaat haalt!

Het servies-goed kan heet zijn.Het serviesgoed wordt niet door de mi-crogolven warm (met uitzondering vanvuurvast aardewerk), maar door dewarmte die het gerecht afgeeft.Laat het gerecht na de bereiding eenpaar minuten bij kamertemperatuurstaan (doorwarmtijd). De warmte wordtdan gelijkmatiger verdeeld.Koken31

OntdooienKies om voedingsmiddelen te ontdooi-en het volgende magnetronvermogen:–150 W:Voor het ontdooien van kwetsbarevoedingsmiddelen, zoals melk,kwark, brood, zandtaart en fruit.–80 WVoor het ontdooien van zeer kwets-bare voedingsmiddelen, zoals room,boter, kaas, slagroom- en crèmetaar-ten.Haal het diepvriesproduct uit de ver-pakking en doe het in een schaal diegeschikt is voor de magnetron. Laat hetonafgedekt ontdooien. Roer of draai hetgerecht halverwege de tijd om of snijdhet in stukken.Laat diepgevroren vlees op een omge-keerd bord in een glazen of porseleinenschaal ontdooien. Op deze manier kanhet vocht weglopen.

Keer het vlees hal-verwege de tijd om.Na het ontdooienLaat het gerecht een paar minuten opkamertemperatuur staan, zodat de tem-peratuur zich gelijkmatig over het ge-recht kan verdelen.Ontdooien en bereidenDiepgevroren voedingsmiddelen kun-nen worden ontdooid en aansluitendmeteen worden bereid.Stel eerst een vermogen in van850 Watt en daarna van 450 Watt. De inte stellen tijden zijn afhankelijk van di-verse factoren (zie het hoofdstuk "Be-diening").Haal het gerecht uit de verpakking enleg het in een schaal die geschikt isvoor gebruik in de magnetron. Laat hetgerecht afgedekt ontdooien. Bereid hetook afgedekt (uitzondering: gehakt).Roer soepen en groente tussendooreen paar keer door.

Draai vlees en vishalverwege de tijd om.Diepvriesmaaltijden in een kartonnenverpakking kunnen in de magnetronworden bereid als dat op de verpakkingvermeld staat.Na het ontdooien en bereidenLaat het gerecht een paar minuten opkamertemperatuur staan, zodat de tem-peratuur zich gelijkmatig over het ge-recht kan verdelen.Ontdooien / ontdooien en bereiden32

Met de magnetron kunt u kleine hoe-veelheden fruit, groente of vlees inweckpotten inmaken. Bereid de weck-potten voor zoals u dat gewend bent.De potten mogen tot maximaal 2 cmonder de rand worden gevuld.Sluit de weckpotten alleen af metklemmen die geschikt zijn voor ge-bruik in de magnetron of met door-zichtig plakband.Gebruik nooit metalen klemmen ofschroefdeksels!Gebruik nooit conservenblikken.Deze kunnen door overdruk uiteen-spatten en het apparaat bescha-digen.U kunt maximaal 3 potten van 1/2litertegelijk inmaken. Zet de potten op hetdraaiplateau.

Laat het plateau inge-schakeld, zodat de inhoud van de pot-ten gelijkmatig wordt verhit.Breng de inhoud van de potten aan dekook met een vermogen van 850 Watt.De benodigde tijd is afhankelijk van:–de begintemperatuur van de inhoudvan de potten.–het aantal potten.De tijdsduur totdat de inhoud van depotten gaat borrelen (gelijkmatig opstij-gen van luchtbelletjes) is bij1 pot. . . . . . . . . . . . . . . . ca. 21/2minuut2 potten. . . . . . . . . . . . . . . . 4-5 minuten3 potten. . . . . . . . . . . . . . . . 7-8 minutenBij fruit en vruchten zijn deze tijden vol-doende voor het inmaken.Verlaag bij groenten het vermogen hier-na tot 450 Watt en kook- wortels ca. 15 minuten (3 potten) na,- erwten ca.

25 minuten (3 potten).Na het inmakenHaal de potten uit het apparaat, leg ereen doek overheen en laat ze ca.24 uur op een tochtvrije plaats staan.Verwijder de klemmen of het plakbanden controleer of alle potten goed dichtzitten.Inmaken33

Margarine en boter smeltenSmelt 100 g margarine of boter met eenvermogen van 450 Watt, onafgedekt,gedurende 1-11/2minuut.Chocolade smeltenBreek 100 g chocolade in stukken ensmelt het geheel met een vermogenvan 450 Watt, onafgedekt, gedurendeca. 2 minuten.Gelatine oplossenLos 1 pakje gelatine op in 5 eetlepelswater (afhankelijk van de aanwijzingenop de verpakking) met een vermogenvan 450 Watt, onafgedekt, gedurende1/2-1 minuut. Tussendoor omroeren.Glazuur bereidenVerwarm 1 pakje glazuur en 1/4litervloeistof met een vermogen van450 Watt, onafgedekt, gedurende4-5 minuten. Tussendoor omroeren.Deeg laten rijzenDeeg (van 500 g meel) met een vermo-gen van 80 Watt laten rijzen, afgedekt,gedurende 8-10 minuten.Tomaten pellenMaak bij het kroontje kruisvormige inke-pingen. Verwarm 3 tomaten in watermet een vermogen van 450 Watt gedu-rende ca. 2 minuten.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele m 625 eg stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden