Miele KM 7574 FL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele KM 7574 FL (105 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 78 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Miele KM 7574 FL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | KM 7574 FL |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Touch |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Aantal vermogenniveau's: | 9 |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Timer: | Ja |
| Gewicht: | 12000 g |
| Breedte: | 800 mm |
| Diepte: | 526 mm |
| Hoogte: | 52 mm |
| Snoerlengte: | 1.4 m |
| Kinderslot: | Ja |
| Wi-Fi-besturing: | Ja |
| Geïntegreerde klok: | Ja |
| Soort klok: | Elektronisch |
| Soort materiaal (bovenkant): | Keramisch |
| Vermogen brander/kookzone 2: | 1400 W |
| Vermogen brander/kookzone 3: | 2100 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 2300 W |
| Aantal branders/kookzones: | 4 zone(s) |
| Type kookplaat: | Inductiekookplaat zones |
| Type brander/kookzone 1: | Groot |
| Type brander/kookzone 2: | Sudderen |
| Type brander/kookzone 3: | Regulier |
| Makkelijk schoon te maken: | Ja |
| Aantal gaspitten: | 0 zone(s) |
| Aantal elektronische kook zones: | 4 zone(s) |
| Normale brander/kookzone: | 2100 W |
| Controle positie: | Rechtsboven |
| Aangesloten lading (elektrisch): | 7300 W |
| Installatie compartiment breedte: | 780 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 500 mm |
| Grote brander/kookzone: | 3400 W |
| Aangesloten lading (gas): | - W |
| Automatisch uitschakelen: | Ja |
| Type timer: | Digitaal |
| Breedte kookplaat: | 80 cm |
| Boost functie: | Ja |
| Versterken van normale pit/kookplaat: | 3000 W |
| Installatie compartiment diepte (min): | 51 mm |
| Versterken van grote pit/kookplaat: | 4800 W |
| Type brander/kookzone 4: | Regulier |
| Vermogen brander/kookzone 4: | 2100 W |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 3: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 4: | Electrisch |
| Kookzone 1 boost: | 3000 W |
| Kookzone 2 boost: | 1750 W |
| Kookzone 3 boost: | 3000 W |
| Kookzone 4 boost: | 3000 W |
| Positie brander/kookzone 1: | Links voor |
| Diameter brander/kookzone 1: | 230 mm |
| Positie brander/kookzone 2: | Midden achter |
| Diameter brander/kookzone 2: | 160 mm |
| Positie brander/kookzone 3: | Rechts achter |
| Positie brander/kookzone 4: | Rechts voor |
| Kookzone 1 vorm: | Rond |
| Kookzone 2 vorm: | Rond |
| Stop-and-go-functie: | Ja |
| Kookzone 3 vorm: | Rechthoekig |
| Kookzone 4 vorm: | Rechthoekig |
| AC-ingangsspanning: | 230 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Inbouw afzuigkap: | Nee |
| Kookzone 4 grootte (WxD): | 150 x 230 mm |
| Kookzone 3 grootte (WxD): | 150 x 230 mm |
| Kookzone 2 dubbele boost: | 2200 W |
| Kookzone 3 dubbele boost: | 3650 W |
| Kookzone 1 dubbele boost: | 3650 W |
| Kookzone 4 dubbele boost: | 3650 W |
| Warmhoudzone: | Ja |
Handleiding Miele KM 7574 FL – volledige tekst
Inhoud3Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 6Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 17Overzicht. 18Kookplaat. 18KM7564FR, KM7564FL. 18KM7574FR, KM7574FL. 19KM7575FR, KM7575FL. 20KM7594FR, KM7594FL. 21KM7684FL. 22Bedieningselementen en indicatoren. 23Kookzones. 24Ingebruikneming van het apparaat. 29Kookplaat voor de eerste keer reinigen. 29Kookplaat voor de eerste keer in gebruik nemen. 29Miele@home. 30Con@ctivity. 33Inductie. 36Principe. 36De juiste pannen. 36Powermanagement. 38Geluiden. 39Tips om energie te besparen. 40Tabel vermogensstanden. 41Bediening. 42Principe van de bediening. 42Kookplaat inschakelen. 43Vermogensstand instellen. 43Kookzone/kookplaat uitschakelen. 43Restwarmte-indicator. 43Vermogensstand instellen (uitgebreid aantal standen). 44PowerFlex-kookzone. 45Aankookautomaat. 46Booster. 47Warmhouden. 49Timer. 50Kookwekker.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen6Deze kookplaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften.Onjuist gebruik kan echter persoonlijk letsel of materiële schadetot gevolg hebben.Lees de gebruiks- en montagehandleiding aandachtig door voor-dat u de kookplaat in gebruik neemt. Hierin vindt u belangrijke in-structies met betrekking tot de inbouw, de veiligheid, het gebruiken het onderhoud.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt schadeaan de kookplaat.In overeenstemming met de norm IEC60335-1 adviseert Miele uuitdrukkelijk om het hoofdstuk over de installatie van de kookplaaten de veiligheidsinstructies en waarschuwingen te lezen en op tevolgen.Wanneer de veiligheidsrichtlijnen en waarschuwingen niet wordenopgevolgd, kan Miele niet aansprakelijk worden gesteld voor scha-de die daarvan het gevolg is.Bewaar de gebruiks- en montagehandleiding en geef deze dooraan een eventuele volgende eigenaar.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7Verantwoord gebruik Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor particulier huishoudelijkgebruik (of daarmee vergelijkbaar). Deze kookplaat mag niet buiten worden gebruikt. Gebruik deze kookplaat uitsluitend in huishoudelijke situaties voorhet bereiden en warmhouden van gerechten. Gebruik voor anderedoeleinden is niet toegestaan. Dit apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die instaat zijn het apparaat veilig te bedienen. Deze personen moetenvolledig op de hoogte zijn van de inhoud van de gebruiksaanwijzing.Men moet zich bewust zijn van de gevaren van een foutieve bedie-ning.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8Wanneer er kinderen in huis zijn Houd kinderen onder 8 jaar op een afstand, tenzij u voortdurendtoezicht houdt. Kinderen vanaf 8 jaar mogen het apparaat alleen zonder toezichtgebruiken als ze precies weten hoe ze het apparaat veilig moetenbedienen. De kinderen moeten zich bewust zijn van de gevaren vaneen foutieve bediening. Kinderen mogen de kookplaat niet zonder toezicht reinigen. Houd kinderen in de gaten wanneer deze zich in de buurt van dekookplaat bevinden. Laat ze nooit met de kookplaat spelen. De kookplaat wordt tijdens het gebruik heet en blijft dat ook nogenige tijd nadat deze is uitgeschakeld. Houd kinderen op een af-stand, totdat de kookplaat voldoende is afgekoeld en er geen ver-brandingsgevaar meer bestaat. Pas op voor verbranding.
Bewaar voorwerpen, die voor kindereninteressant kunnen zijn, niet op plaatsen boven of achter het appa-raat. Zo krijgen de kinderen niet de neiging om op het apparaat teklimmen. Verbrandingsgevaar! Draai de grepen van de pannen zo dat zezich boven het werkblad bevinden, zodat kinderen de pannen nietvan het apparaat kunnen trekken. Verstikkingsgevaar! Kinderen kunnen zich tijdens het spelen inverpakkingsmateriaal wikkelen (bijvoorbeeld in folie) of het materiaalover hun hoofd trekken en stikken. Houd verpakkingsmaterialen bijkinderen vandaan. Maak gebruik van de vergrendeling, zodat kinderen de kookplaatniet onbedoeld kunnen inschakelen of instellingen kunnen wijzigen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen9Technische veiligheid Door ondeskundig uitgevoerde installatie-, onderhouds- of repara-tiewerkzaamheden kan de gebruiker aanzienlijke risico's lopen. In-stallatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen alleendoor een door Miele geautoriseerde vakkracht worden uitgevoerd. Een beschadigd apparaat kan uw veiligheid in gevaar brengen.Controleer het apparaat op zichtbare schade. Neem nooit een be-schadigd apparaat in gebruik. De kookplaat kan alleen betrouwbaar en veilig functioneren alsdeze op het openbare elektriciteitsnet is aangesloten. Het apparaat mag niet op wisselrichters worden aangesloten diebij autonome stroomvoorzieningen worden toegepast (zoals bij zon-ne-energie). Als het apparaat wordt ingeschakeld, kan het bij span-ningspieken om veiligheidsredenen worden uitgeschakeld.
De elek-tronica kan beschadigd raken. De elektrische veiligheid van de kookplaat is uitsluitend gegaran-deerd als deze wordt aangesloten op een aardingssysteem dat vol-gens de geldende voorschriften is geïnstalleerd. Aan deze funda-mentele veiligheidsvoorwaarde moet worden voldaan. Laat de elek-trische installatie bij twijfel door een vakman inspecteren. De aansluitgegevens (frequentie en spanning) op het typeplaatjemoeten beslist overeenkomen met de waarden van het elektriciteits-net om beschadiging van de kookplaat te voorkomen. Vergelijk deze gegevens voor de aansluiting. Raadpleeg bij twijfeleen elektricien. Stekkerdozen of verlengsnoeren bieden niet voldoende veiligheid(brandgevaar). Gebruik deze niet voor het aansluiten van de kook-plaat op het elektriciteitsnet. Gebruik de kookplaat alleen als deze is ingebouwd, zodat de vei-ligheid gewaarborgd is.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen10 Deze kookplaat mag niet op een niet-stationaire locatie (zoals eenboot) worden gebruikt. Wanneer onderdelen worden aangeraakt die onder spanningstaan of wanneer elektrische of mechanische onderdelen wordenveranderd, is dit gevaarlijk voor de gebruiker. Het kan er tevens toeleiden dat het apparaat niet meer goed functioneert.Open nooit de ommanteling van het apparaat. Het recht op garantie vervalt wanneer de kookplaat door eentechnicus wordt gerepareerd die niet door Miele is geautoriseerd. Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderdelenworden vervangen.
Alleen van Miele-onderdelen kunnen wij garan-deren dat zij volledig aan de veiligheidseisen voldoen. De kookplaat mag niet worden gebruikt met een externe schakel-klok of een systeem dat op afstand werkt. De kookplaat moet door een elektricien op het elektriciteitsnetworden aangesloten (zie hoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Elek-trische aansluiting”). Als de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door een elektri-cien door een speciale aansluitkabel worden vervangen (zie hethoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Elektrische aansluiting”). Bij installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden moet dekookplaat volledig van het elektriciteitsnet losgekoppeld zijn. Gadaarvoor als volgt te werk:- schakel de zekeringen in uw zekeringkast uit of- draai de zekeringen in uw zekeringkast er helemaal uit of- trek de stekker (indien aanwezig) uit de contactdoos.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen11 Gevaar voor elektrische schok. Neem het apparaat niet in gebruikbij een defect of bij breuken, scheuren en barsten in de keramischeplaat of schakel het apparaat meteen uit. Haal de elektrische span-ning van de kookplaat. Neem contact op met Miele. Als het apparaat achter een meubeldeur is ingebouwd, mag dedeur niet worden gesloten als u het apparaat gebruikt. Achter eengesloten deur worden warmte en vocht opgehoopt. Hierdoor kunnenhet apparaat, de kast en de vloer beschadigd raken. Sluit de meu-beldeur pas als de restwarmte-indicatie verdwenen is.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen12Veilig gebruik De kookplaat wordt heet als deze in gebruik is en blijft dat ooknog enige tijd na het uitschakelen. Zodra het lampje voor de rest-warmte (afhankelijk van het model) is uitgegaan, is het verbrandings-gevaar geweken. Olie en vet kunnen bij oververhitting vlam vatten. Houd het appa-raat goed in de gaten als u met olie en/of vetten werkt. Blus eenbrand met olie of vet nooit met water. Schakel het apparaat uit en doof de vlammen voorzichtig met eendeksel of een blusdeken. Houd toezicht op het apparaat als het in gebruik is. Houd continutoezicht op korte kook- en braadprocessen. Flambeer nooit onder een afzuigkap. Door de vlammen kan de af-zuigkap in brand vliegen. Spuitbussen, licht ontvlambare vloeistoffen en brandbare materia-len kunnen bij verhitting vlam vatten.
Bewaar dergelijke productendaarom niet in een schuiflade onder het apparaat. Een eventuele be-stekbak moet van hittebestendig materiaal zijn. Verwarm kookgerei nooit zonder inhoud. In afgesloten blikken en dergelijke ontstaat tijdens het inmaken ofverwarmen overdruk. Hierdoor kunnen deze voorwerpen openbar-sten. Gebruik het apparaat niet om voedingsmiddelen in afgeslotenblikken en dergelijke in te maken of te verwarmen. Als de kookplaat wordt afgedekt, bestaat het risico dat het materi-aal van de afdekking in brand vliegt, barst of smelt als u de kook-plaat per ongeluk inschakelt of als deze nog heet is. Dek de kook-plaat nooit af met bijvoorbeeld afdekplaten, een doek of bescherm-folie.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13 Als de kookplaat ingeschakeld is, als u deze per ongeluk inscha-kelt of als deze nog warm is van het koken, bestaat het risico datmetalen voorwerpen die op de kookplaat liggen heet worden. Andermateriaal kan smelten of vlam vatten. Vochtige pannendeksels kun-nen zich vastzuigen. Gebruik de kookplaat niet als legplank. Schakelde kookzones na gebruik uit! U kunt zich aan de hete kookplaat branden. Gebruik daarom altijdovenhandschoenen of pannenlappen als u met het hete apparaatwerkt. Gebruik alleen droge handschoenen of pannenlappen. Nat ofvochtig textiel geleidt de warmte beter en kan door stoom verbran-dingen veroorzaken. Als u een elektrisch apparaat (bijvoorbeeld een mixer) in de buurtvan de kookplaat gebruikt, mag de aansluitkabel niet in contact ko-men met de hete kookplaat.
De isolatie van de kabel zou beschadigdkunnen raken. Zout, suiker of zandkorrels (bijvoorbeeld van groente) kunnenkrassen veroorzaken als ze onder de pan komen. Zorg dat de kera-mische glasplaat en de panbodem schoon zijn, voordat u het kook-gerei op de kookplaat plaatst. Laat geen voorwerpen op de keramische plaat vallen. Zelfs eenlicht voorwerp zoals een zoutvaatje kan scheuren of barsten veroor-zaken. Hete voorwerpen op de sensortoetsen en de displays kunnen deelektronica eronder beschadigen. Zet nooit hete pannen op de sen-sortoetsen en de displays. Als er suiker, suikerhoudende gerechten, kunststof of aluminium-folie op de hete kookplaat vallen en smelten, raakt de keramischeplaat tijdens het afkoelen beschadigd. Schakel in dat geval het ap-paraat meteen uit en verwijder deze stoffen direct grondig met eenglasschraper. Trek daarbij ovenwanten aan.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen14 Door drooggekookte pannen kan de keramische plaat beschadigdraken. Houd daarom altijd toezicht op de kookplaat! Gebruik alleen pannen met een gladde bodem. Een ruwe bodemkan krassen op de keramische plaat veroorzaken. Til pannen op als u ze wilt verplaatsen. U voorkomt zo vlekkendoor wrijving en krassen. Door de snelle reactietijd van inductie kan de temperatuur in debodem van de pan in zeer korte tijd zo hoog oplopen dat olie en vetvanzelf ontbranden. Houd daarom altijd toezicht op het apparaat alshet in gebruik is. Verhit vetten en olie hooguit gedurende 1minuut en gebruik daar-voor nooit de booster. Alleen voor personen met een pacemaker: in de directe omgevingvan de ingeschakelde kookplaat ontstaat een elektromagnetischveld. Het is niet waarschijnlijk dat dit veld de werking van de pace-maker nadelig beïnvloedt.
Neem bij twijfel contact op met de fabri-kant van de pacemaker of met uw arts. Het elektromagnetische veld van de ingeschakelde kookplaat kande werking van magnetiseerbare voorwerpen beïnvloeden. Houdcreditcards, opslagmedia, rekenmachines etc. uit de buurt van hetingeschakelde apparaat. Metalen voorwerpen die in een lade onder de kookplaat wordenbewaard, kunnen heet worden als u de kookplaat lang en intensiefgebruikt. De kookplaat heeft een koelventilator. Als zich onder de inge-bouwde kookplaat een lade bevindt, moet de afstand tussen de in-houd van de lade en de onderkant van de kookplaat voldoende zijn,zodat de ventilatie van de kookplaat is gewaarborgd.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen15 Bewaar geen scherpe of kleine voorwerpen, papier, servetten endergelijke in de lade als deze zich onder de ingebouwde kookplaatbevindt. Deze voorwerpen kunnen via de ventilatieopeningen in debehuizing terechtkomen of aangezogen worden en zo de ventilatorbeschadigen of de koeling beïnvloeden. Plaats nooit twee pannen tegelijk op een kook- of braadzone. Als een pan slechts gedeeltelijk op de kook- of braadzone staat,kunnen de handgrepen heet worden.Plaats een pan altijd in het midden van de kook- of braadzone. Als u gebruikmaakt van een inductie-adapterplaat voor uw pan-nen, kan dit de inductiegeneratoren (onherstelbaar) beschadigen.Gebruik geen inductie-adapterplaten.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen16Reiniging en onderhoud De stoom van een stoomreiniger kan terechtkomen op onderdelendie onder spanning staan en een kortsluiting veroorzaken.Gebruik voor het reinigen van de kookplaat nooit een stoomreiniger. Schakel de kookplaat niet in als deze boven een pyrolyse-oven of-fornuis is ingebouwd en de pyrolysefunctie actief is, omdat de over-verhittingsbeveiliging van de kookplaat zou kunnen reageren (zie hetbetreffende hoofdstuk). Miele geeft u na afloop van de serieproductie van de kookplaateen leveringsgarantie van maximaal 15 jaar en minimaal 10 jaar vooressentiële onderdelen.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu17Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpak-kingsmateriaal is uitgekozen met hetoog op een zo gering mogelijke belas-ting van het milieu en de mogelijkhedenvoor recycling.Door hergebruik van verpakkingsmateri-aal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van een apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten meestal waardevollematerialen. Ze bevatten ook stoffen,mengsels en onderdelen die nodig zijngeweest om de apparaten goed en vei-lig te laten functioneren. Wanneer u uwoude apparaat bij het gewone huisafvaldoet of er niet goed mee omgaat, kun-nen deze stoffen schadelijk zijn voor degezondheid en het milieu.
Doe uw oudeapparaat daarom nooit bij het gewoneafval.Lever het apparaat in bij een gemeente-lijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur, bij uw vak-handelaar of bij Miele. U bent wettelijkzelf verantwoordelijk voor het wissenvan eventuele persoonlijke gegevens ophet af te danken apparaat. Bewaar hetafgedankte apparaat buiten het bereikvan kinderen.Voor België:Bij de aankoop van uw nieuwe apparaatheeft u een bijdrage betaald. Die wordtvolledig gebruikt voor de toekomstigerecycling van het apparaat.
Het bevattrouwens nog waardevol materiaal.Door recycling wordt er dan ook min-der verspild en vervuild.Als u vragen heeft omtrent het afdankenvan uw oude apparaat, neem dan con-tact op met- de handelaar bij wie u het kochtof- de firma Recupel,telefoon 0800/15 880,website: www.recupel.beof- uw gemeentelijk bestuur als u uw ap-paraat naar een inzameldepot brengt.Zorg er ook voor dat het apparaat intus-sen veilig wordt bewaard voordat u hetdeponeert.
Overzicht20KM7575FR, KM7575FLaPowerFlex-kookzone met TwinBoosterbPowerFlex-kookzone met TwinBoosterab te combineren tot een groot PowerFlex-kookvlakcPowerFlex-kookzone met TwinBoostercf te combineren tot een groot PowerFlex-kookvlakdPowerFlex-kookzone met TwinBoosterePowerFlex-kookzone met TwinBoosterde te combineren tot een groot PowerFlex-kookvlakfPowerFlex-kookzone met TwinBoostergBedieningselementen en indicatoren
vermogenin watt bij 230V3Verbondenkookzone4Ø1215–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.650 + +22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.4004.8007.300-Totaal 7.3001Binnen het aangegeven bereik kunt u pannen met een willekeurige bodemdiameter gebrui-ken.2Het aangegeven bereik komt overeen met het maximale bodemoppervlak van de te gebrui-ken pannen.3Het aangegeven vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van degebruikte pannen.4De kookzone is elektrisch met deze kookzone verbonden om zo voor een hoger vermogen tezorgen, zie het hoofdstuk “Bediening”, paragraaf “Powermanagement”.
vermogenin watt bij 230V3Verbondenkookzone4Ø1216–22 – NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.3003.0003.65010–16 – NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand21.4001.7002.20015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.650 + 22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.4004.8007.300-Totaal 7.3001Binnen het aangegeven bereik kunt u pannen met een willekeurige bodemdiameter gebrui-ken.2Het aangegeven bereik komt overeen met het maximale bodemoppervlak van de te gebrui-ken pannen.3Het aangegeven vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van degebruikte pannen.4De kookzone is elektrisch met deze kookzone verbonden om zo voor een hoger vermogen tezorgen, zie het hoofdstuk “Bediening”, paragraaf “Powermanagement”.
vermogenin watt bij 230V3Verbondenkookzone4Ø1215–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.650 + 22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.1503.4003.650- + +22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.4004.8007.300-Totaal 11.0001Binnen het aangegeven bereik kunt u pannen met een willekeurige bodemdiameter gebrui-ken.2Het aangegeven bereik komt overeen met het maximale bodemoppervlak van de te gebrui-ken pannen.3Het aangegeven vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van degebruikte pannen.4De kookzone is elektrisch met deze kookzone verbonden om zo voor een hoger vermogen tezorgen, zie het hoofdstuk “Bediening”, paragraaf “Powermanagement”.
vermogenin watt bij 230V3Verbondenkookzone4Ø1215–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65018–28 – NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.6003.0003.650-15–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.650 + +22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.4004.8007.300-Totaal 11.0001Binnen het aangegeven bereik kunt u pannen met een willekeurige bodemdiameter gebrui-ken.2Het aangegeven bereik komt overeen met het maximale bodemoppervlak van de te gebrui-ken pannen.3Het aangegeven vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van degebruikte pannen.4De kookzone is elektrisch met deze kookzone verbonden om zo voor een hoger vermogen tezorgen, zie het hoofdstuk “Bediening”, paragraaf “Powermanagement”.
vermogenin watt bij 230V3Verbondenkookzone4Ø1215–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.65015–23 19x23 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand22.1003.0003.650 + +22–23 23x39 NormaalTwinBooster, stand1TwinBooster, stand23.4004.8007.300-Totaal 7.3001Binnen het aangegeven bereik kunt u pannen met een willekeurige bodemdiameter gebrui-ken.2Het aangegeven bereik komt overeen met het maximale bodemoppervlak van de te gebrui-ken pannen.3Het aangegeven vermogen kan variëren afhankelijk van de grootte en het materiaal van degebruikte pannen.4De kookzone is elektrisch met deze kookzone verbonden om zo voor een hoger vermogen tezorgen, zie het hoofdstuk “Bediening”, paragraaf “Powermanagement”.
Ingebruikneming van het apparaat29Plak het typeplaatje dat bij de docu-mentatie gevoegd is op de daarvoorbestemde plaats in het hoofdstuk“Service”.Verwijder eventueel aanwezige be-schermfolies en stickers.Kookplaat voor de eerste keerreinigenWis uw kookplaat voor het eerste ge-bruik af met een vochtige doek endroog de plaat weer af.Kookplaat voor de eerste keerin gebruik nemenDe onderdelen van metaal worden meteen onderhoudsmiddel beschermd. Alshet apparaat voor het eerst in gebruikwordt genomen, ontstaan daardoorgeuren en eventueel ook damp. Ookdoor de verwarming van de inductie-spoelen wordt tijdens de eerste ge-bruiksuren een geur afgegeven.
Bij ie-der verder gebruik wordt de geur min-der en deze verdwijnt uiteindelijk volle-dig.De geur en de eventueel optredendedamp wijzen niet op een verkeerde aan-sluiting of een defect en zijn ook nietschadelijk voor de gezondheid.Denk eraan dat de opwarmtijd bij in-ductiekookplaten veel korter is dan bijgewone kookplaten.
Ingebruikneming van het apparaat30Miele@homeVoorwaarde: een eigen wifi-netwerkUw kookplaat heeft een geïntegreerdewifi-module. De kookplaat kan met heteigen wifi-netwerk verbonden worden.Als uw Miele afzuigkap ook in het eigenwifi-netwerk is opgenomen, kunt u deautomatische bediening van de afzuig-kap met de Con@ctivity-functie gebrui-ken. Meer informatie hierover vindt u inde gebruiks- en montagehandleidingvan uw afzuigkap.Het signaal van uw wifi-netwerkmoet voldoende sterk zijn op de lo-catie van uw kookplaat.U kunt de kookplaat op verschillendemanieren in uw wifi-netwerk opnemen.In de netwerkgebonden stand-by heeftde kookplaat max. 2W nodig.Beschikbaarheid wifi-verbindingDe wifi-verbinding deelt een frequentie-bereik met andere apparaten (zoalsmagnetrons, op afstand bestuurbaarspeelgoed). Hierdoor kunnen tijdelijkeof volledige storingen in de verbindingoptreden.
Een constante beschikbaar-heid van de aangeboden functies kandaarom niet worden gegarandeerd.Beschikbaarheid van Miele@homeHet gebruik van de Miele app is afhan-kelijk van de beschikbaarheid van deMiele@home-services in uw land.De service Miele@home is niet in elkland beschikbaar.Informatie over de beschikbaarheidvindt u op de website www.miele.com.Miele appDe Miele app kunt u gratis downloadenuit de Apple App Store® of de GooglePlay Store™.Als u de Miele app op een mobiel appa-raat geïnstalleerd hebt, kunt u het vol-gende doen:- Informatie over de status van dekookplaat opvragen- Opmerkingen over het programma-verloop van de kookplaat opvragen- Een Miele@home-netwerk met ande-re voor wifi geschikte Miele appara-ten installeren
Ingebruikneming van het apparaat31Miele@home installerenMet de app verbindenU kunt de netwerkverbinding met deMiele app tot stand brengen.Installeer de Miele app op uw mobie-le eindapparaat.Voor de aanmelding via de app dient ute beschikken over:1. Het wachtwoord van uw wifi-net-werk.2. Het wachtwoord van uw kookplaat.De laatste 9cijfers van het serienummerop het typeplaatje vormen het wacht-woord van uw kookplaat.Schakel de kookplaat in.Start de Miele app.Raak in het display van een willekeu-rige kookzone sensortoets0 aan.Raak tegelijk de sensortoetsen0 en 5gedurende 6seconden aan.De seconden worden in het timerdis-play afgeteld.
Na afloop verschijnt in hettimerdisplay gedurende 10secondencode .:U heeft nu 10minuten tijd om de wifite configureren.Volg de aanwijzingen in de app.Met WPS verbindenVoorwaarde: u heeft een router, diegeschikt is voor WPS (Wifi ProtectedSetup).Schakel de kookplaat in.Raak in het display van een willekeu-rige kookzone sensortoets0 aan.Raak tegelijk de sensortoetsen0 en 6gedurende 6seconden aan.De seconden worden in het timerdis-play afgeteld. Na afloop verschijnt in hettimerdisplay een looplicht (maximaal120seconden) tijdens de poging omverbinding te maken.De WPS-aanmelding is alleen tijdensdeze 120seconden actief.Activeer de functie WPS op uw wifi-router.Als de verbinding geslaagd is, verschijntin het timerdisplay code . Als u:geen verbinding kunt maken, verschijntin het timerdisplay code .
Het is mo-:gelijk dat u WPS op uw router niet snelgenoeg heeft geactiveerd. Herhaal indat geval de voorgaande stappen.Tip: Gebruik de Miele app als uw wifi-router niet over WPS als verbindings-methode beschikt.
Ingebruikneming van het apparaat32Proces afbrekenRaak een willekeurige sensortoetsaan.Instellingen resettenBij vervanging van de router hoeft u deinstellingen niet te resetten.Schakel de kookplaat in.Raak in het display van een willekeu-rige kookzone sensortoets0 aan.Raak tegelijk de sensortoetsen0 en 9aan en laat uw vingers 6seconden opdeze toetsen rusten.De seconden worden in het timerdis-play afgeteld. Na afloop verschijnt in hettimerdisplay gedurende 10secondencode .:Reset de instellingen wanneer u dekookplaat wegdoet, verkoopt of een ge-bruikte kookplaat gaat gebruiken. Al-leen dan bent u er zeker van dat u allepersoonlijke gegevens heeft verwijderden dat de vorige eigenaar geen toegangmeer heeft tot de kookplaat.
Ingebruikneming van het apparaat33Con@ctivityCon@ctivity beschrijft de directe com-municatie tussen uw elektrische kook-plaat van Miele en een afzuigkap vanMiele. Met Con@ctivity kan de afzuig-kap automatisch bestuurd worden, af-hankelijk van de instellingen op uwkookplaat.Meer informatie hierover vindt u in degebruiks- en montagehandleiding vanuw afzuigkap.In de netwerkgebonden stand-by heeftde kookplaat max. 2W nodig.Beschikbaarheid wifi-verbindingDe wifi-verbinding deelt een frequentie-bereik met andere apparaten (zoalsmagnetrons, op afstand bestuurbaarspeelgoed). Hierdoor kunnen tijdelijkeof volledige storingen in de verbindingoptreden.
Een constante beschikbaar-heid van de aangeboden functies kandaarom niet worden gegarandeerd.Con@ctivity installerenCon@ctivity via het eigen wifi-net-werk (Con@ctivity 3.0)Voorwaarde:- Een eigen wifi-netwerk- Miele-afzuigkap die geschikt isvoor wifiNeem uw kookplaat en uw afzuigkapop in het eigen wifi-netwerk (ziehoofdstuk “Eerste ingebruikname”,paragraaf “Miele@home”).Con@ctivity wordt automatisch geacti-veerd.
Ingebruikneming van het apparaat34Con@ctivity via een directe wifi-ver-binding (Con@ctivity3.0)Voorwaarde: Afzuigkap van Miele, diegeschikt is voor het wifiAls u geen eigen netwerk heeft, kunt ueen directe verbinding tussen kookplaaten afzuigkap tot stand brengen.Schakel de afzuigkap uit.Houd toets ( *) ingedrukt.BDruk tegelijkertijd toets ( *) in.1* Afzuigkappen met sensortoetsen.Controlelampje brandt continu, lamp-2je knippert.3De afzuigkap is gedurende de volgendetweeminuten klaar om verbinding temaken.Schakel de kookplaat in.Raak in het display van een willekeu-rige kookzone sensortoets0 aan.Raak in het display gelijktijdig de sen-sortoetsen 0 en 7 gedurende 6se-conden aan.De seconden worden in de timerindica-tie afgeteld. Na afloop verschijnt in hettimerdisplay een looplicht tijdens de po-ging om verbinding te maken.
Ingebruikneming van het apparaat35Proces afbrekenRaak een willekeurige sensortoetsaan.Instellingen resettenBij vervanging van de router hoeft u deinstellingen niet te resetten.Schakel de kookplaat in.Raak in het display van een willekeu-rige kookzone sensortoets0 aan.Raak tegelijk de sensortoetsen0 en 9aan en laat uw vingers 6seconden opdeze toetsen rusten.De seconden worden in het timerdis-play afgeteld. Na afloop verschijnt in hettimerdisplay gedurende 10secondencode .:Reset de instellingen wanneer u dekookplaat wegdoet, verkoopt of een ge-bruikte kookplaat gaat gebruiken. Al-leen dan bent u er zeker van dat u allepersoonlijke gegevens heeft verwijderden dat de vorige eigenaar geen toegangmeer heeft tot de kookplaat.
Inductie36PrincipeOnder een inductiekookzone bevindtzich een inductiespoel. Deze spoel ge-nereert een magnetisch veld, dat directinvloed heeft op de bodem van de pan-nen en deze verhit. De kookzone zelfwordt alleen indirect verwarmd door destralingswarmte, die de bodem van depan afgeeft.Het inductieprincipe werkt alleen bijpannen met een magnetiseerbare bo-dem (zie hoofdstuk: “Inductie”, para-graaf: “De juiste pannen”).
Het systeemhoudt automatisch rekening met degrootte van de gebruikte pan.Gevaar voor verbranding doorhete voorwerpen.Als het apparaat ingeschakeld is, alsu het apparaat per ongeluk inscha-kelt of als het nog warm is van hetkoken, bestaat het risico dat metalenvoorwerpen die erop liggen heetworden.Gebruik de kookplaat nooit als werk-blad.Schakel het apparaat na gebruik uitmet sensortoets .De juiste pannenGeschikt zijn pannen van- roestvrij staal met een magnetiseer-bare bodem- geëmailleerd staal- gietijzerDe kwaliteit van de panbodem kan hetbereidingsresultaat beïnvloeden (bij-voorbeeld een gelijkmatige bruineringvan pannenkoeken). De panbodemmoet de hitte gelijkmatig verdelen.
Heelgeschikt is een sandwichbodem vanroestvrij staal.Niet geschikt zijn pannen van- roestvrij staal met een niet magneti-seerbare bodem- aluminium of koper- glas, keramiek of aardewerkPannen controlerenAls u niet zeker weet of een pan ge-schikt is voor inductie, houdt u eenmagneet tegen de bodem van de pan.Als de magneet hecht, is de pan in prin-cipe geschikt.
Inductie37Indicatie van een ontbrekende/onge-schikte panOp het bedieningspaneel van de kook-zone knippert de ingestelde vermo-gensstand- als u een kookzone zonder pan ofmet een ongeschikte pan (met nietmagnetiseerbare bodem) inschakelt- als de bodemdiameter van de pan teklein is- als u de pan van een ingeschakeldekookzone haaltAls u binnen 3 minuten een geschiktepan op de kookzone zet, stopt het knip-peren en kunt u gewoon doorgaan.Als u geen (geschikte) pan plaatst,wordt de kookzone na 3 minuten auto-matisch uitgeschakeld.Tips- Kies voor een optimaal gebruik vande kookzone een pan met een pas-sende bodemdiameter (zie hoofd-stuk: “Overzicht”, paragraaf: “Kook-zones”). Als de pan te klein is, wordtdeze niet herkend.- Plaats de pan zo mogelijk in het mid-den van de desbetreffende kookzo-ne.- Gebruik alleen pannen met een glad-de bodem.
Een ruwe bodem kankrassen op de keramische plaat ver-oorzaken.- Til pannen op als u ze wilt verplaat-sen. Op die manier voorkomt u vlek-ken door wrijving en krassen. Kras-sen die ontstaan als pannen heen enweer worden geschoven, hebbengeen invloed op de functie van dekookplaat. Dergelijke krassen zijnnormale gebruikssporen en geen re-den tot een klacht.- Houd er bij de aanschaf rekeningmee dat pannenfabrikanten vaak demaximale diameter of de diameteraan de bovenkant vermelden. Vanbelang is echter alleen de (meestalkleinere) bodemdiameter.- Gebruik bij voorkeur pannen met eenrechte rand. Bij pannen met eenschuine rand werkt de inductie ookop de rand van de pan. De rand kanhierdoor verkleuren, een coating kanafbladderen.
Inductie38PowermanagementDe kookplaat beschikt over een maxi-maal totaal vermogen, dat om veilig-heidsredenen niet kan worden over-schreden.Op de kookplaat kunnen steeds 2kook-zones met elkaar verbonden zijn.
Dank-zij de verbinding kan extra vermogenvan de ene naar de andere kookzoneworden overgebracht.De laatste instelling gaat voor en wordtdoor de kookplaat uitgevoerd.Als er vermogen van de ene kookzonenaar de eraan verbonden kookzonewordt overgebracht, moet het vermo-gen worden verlaagd tot het vermogenvan de kookzone die als eerste is inge-schakeld.In het hoofdstuk “Overzicht”, paragraaf“Gegevens kookzone” is het mogelijkemaximale totale vermogen te vinden,en ook welke kookzones met elkaarverbonden zijn.Als er meer vermogen van de tweedeingeschakelde kookzone wordt ge-vraagd dan de ingeschakelde kookzonekan geven, kan dit de volgende effectenop de eerste ingeschakelde kookzonehebben:- De vermogensstand wordt verlaagd.- De aankookautomaat wordt uitge-schakeld. Er wordt op de ingesteldedoorkookstand verder gekookt.
Alshet vermogen niet voldoende is,wordt de vermogensstand verder ver-laagd.- De booster wordt uitgeschakeld.- De kookzone wordt uitgeschakeld.Als de laatst ingestelde vermogens-stand wordt verlaagd of de boosterwordt uitgeschakeld, kan de vermo-gensstand van de verbonden kookzoneweer worden verhoogd.
Inductie39GeluidenBij gebruik van een inductiekookplaatkunnen in de pannen allerlei geluidenontstaan. De geluiden zijn afhankelijkvan het materiaal en de constructie vande bodem van de pannen.Bij een hoge vermogensstand kunt ugebrom horen. Dit geluid neemt af ofverdwijnt als u een lagere vermogens-stand instelt.Bij pannen met een bodem die uit ver-schillende materialen bestaat (bijvoor-beeld een sandwichbodem) kan eenknetterend geluid optreden.Er kan een fluitend geluid ontstaan alsde met elkaar verbonden kookzones(zie hoofdstuk: “Bediening”, paragraaf:“Booster”) tegelijk zijn ingeschakeld enop de kookzones pannen staan met eenbodem die uit verschillende materialenbestaat (bijvoorbeeld een sandwichbo-dem).Vooral bij lage vermogensstanden kun-nen bij elektronische schakelingen klik-geluiden optreden.Als de koelventilator inschakelt, kan ereen zoemend geluid ontstaan.
Tips om energie te besparen40- Bereid gerechten zoveel mogelijk al-leen in gesloten potten of pannen.Dat voorkomt dat onnodig warmteontsnapt.- Gebruik voor een kleine hoeveelheideen kleine pan. Voor een kleine pan isminder energie nodig dan voor eengrote, niet geheel gevulde pan.- Gebruik zo weinig mogelijk water.- Schakel na het aankoken of aanbra-den op tijd terug naar een lagere ver-mogensstand.- Gebruik een snelkookpan om de be-reidingstijd te verkorten.
Tabel vermogensstanden41De kookplaat heeft standaard 9vermogensstanden. Indien u een fijnere indelingwenst, kunt u deze uitbreiden tot 17vermogensstanden (zie hoofdstuk: “Program-mering”).Vermogensstandinstelling affabriek(9standen)uitgebreid(17standen)Boter smeltenChocolade smeltenGelatine oplossen1–2 1–2.Kleine hoeveelheden vloeistof verwarmenGerechten warm houden die gemakkelijk aanbakkenRijst wellen, rijstepap of havermoutpap kokenEen blok diepgevroren groenten ontdooien2–4 2–3.Vloeibare of halfvaste gerechten verwarmenFruit blancherenAardappelen verder koken (pan met deksel)4–6 3.–5.Omeletten of spiegeleieren zonder korst bereidenGehaktballen voorzichtig bradenGroente en vis blancherenDeegwaren en peulvruchten wellenDiepvriesvoedsel ontdooien en verwarmenGebonden saus of roomsaus maken, bijv.
wittewijnsaus of sau-ce hollandaise5–7 4.–7.Vis, schnitzel, braadworst, eieren, pannenkoeken voorzichtigbakken (zonder oververhitting van het vet)6–8 6–7.Poffertjes, pannenkoeken, etc. bakken 7–8 7–8.Grote hoeveelheden water kokenAan de kook brengenGrote hoeveelheden vlees aanbraden9 8.–9De aangegeven standen zijn slechts algemene richtlijnen. Het vermogen van de inductie-spoel varieert afhankelijk van de grootte en het materiaal van de panbodem. Het is dan ookmogelijk dat bij uw pannen de vermogensstanden een geringe afwijking vertonen. In depraktijk zult u al gauw weten welke instellingen voor uw pannen de beste zijn. Stel voornieuwe pannen waarvan u de gebruikseigenschappen niet kent de vermogensstand éénstand lager in dan aangegeven.
Bediening42Principe van de bedieningDe kookplaat is voorzien van elektroni-sche sensortoetsen. Deze reageren opvingercontact. De sensortoets Aan/Uit moet bij het inschakelen om vei-ligheidsredenen iets langer worden aan-geraakt dan de overige toetsen.Elke reactie van de toetsen wordt be-vestigd met een akoestisch signaal.Als de kookplaat uitgeschakeld is, is al-leen het opgedrukte symbool voor desensortoets Aan/Uit zichtbaar.
Als ude kookplaat inschakelt, lichten ook an-dere sensortoetsen op.Storing door vuile en/of bedektesensortoetsen.De sensortoetsen reageren niet of erworden ongewenste schakelingenuitgevoerd, eventueel wordt het ap-paraat automatisch uitgeschakeld(zie hoofdstuk: “Beveiligingen”, para-graaf: “Veiligheidsuitschakeling”).Hete pannen op de sensortoetsen/displays kunnen de daaronder lig-gende elektronica beschadigen.Houd de sensortoetsen en displaysschoon.Leg geen voorwerpen op de sensor-toetsen en displays.Zet geen hete pannen op de sensor-toetsen en displays.aPlaats van de sensortoetsen en indi-catoren
Bediening43Brandgevaar door oververhittingvan gerechten.Als u gerechten niet in de gatenhoudt, kunnen deze oververhit rakenen in brand vliegen.Houd toezicht op het apparaat alshet in gebruik is.Denk eraan dat de opwarmtijd bij in-ductiekookplaten veel korter is danbij gewone kookplaten.Kookplaat inschakelenTip de sensortoets aan.Er lichten meer sensortoetsen op.Als u daarna geen instellingen uitvoert,wordt de kookplaat om veiligheidsre-denen na enkele seconden weer uit-geschakeld.Vermogensstand instellenStandaard is de permanente panher-kenning geactiveerd (zie hoofdstuk“Programmering”).
Als de kookplaatingeschakeld is en u plaatst een panop een kookzone, lichten alle sensor-toetsen van het betreffende bedie-ningspaneel op.Plaats een pan op de gewenste kook-zone.Raak op het betreffende bedienings-paneel de sensortoets van de ge-wenste vermogensstand aan.Kookzone/kookplaat uitscha-kelenOm een kookzone uit te schakelen,raakt u de sensortoets0 op het be-treffende bedieningspaneel aan.Om de kookplaat en daarmee allekookzones uit te schakelen, raakt ude sensortoets aan.Restwarmte-indicatorAls een kookzone heet is, licht na hetuitschakelen de restwarmte-indicatieop. Afhankelijk van de temperatuur ver-schijnt boven de vermogensstanden 1,2 en 3 telkens een punt.De punten van de restwarmte-indicatieverdwijnen één voor één als de kookzo-ne afkoelt.
De laatste punt verdwijnt alsde kookzone zover is afgekoeld dat udeze zonder gevaar kunt aanraken.Gevaar voor verbranding doorhete kookzones.Na het koken zijn de kookzones nogheet.Raak de kookzones niet aan als derestwarmte-indicatie nog brandt.
Bediening45PowerFlex-kookzoneDe PowerFlex-kookzones worden auto-matisch tot één PowerFlex-kookzonesamengevoegd als u een voldoendegrote pan op de kookplaat zet (ziehoofdstuk: “Overzicht”, paragraaf:“Kookplaat”). De instellingen voor dekookzone regelt u via de cijferreeks vande voorste of de linker PowerFlex-kook-zone (afhankelijk van het model). U kuntde PowerFlex-kookzones ook handma-tig samenvoegen of loskoppelen:Raak de sensortoets aan.Pannen plaatsenInformatie over de afmetingen van depannen en hun koppeling aan een posi-tie staat in de gegevens van de kookzo-nes van uw kookplaat (zie hoofdstuk“Overzicht”, paragraaf “Gegevens kook-zones”).PowerFlex-kookzonePowerFlex-kookzone (pan)PowerFlex-kookzone (braadslede)
Deaankooktijd hangt af van de ingesteldedoorkookstand (zie tabel).Aankookautomaat activerenRaak de sensortoets van de ge-wenste doorkookstand zo lang aan,tot er een signaal klinkt en de sensor-toets begint te knipperen.Gedurende de aankooktijd (zie tabel)knippert de ingestelde doorkookstand.Als het aantal vermogensstanden is uit-gebreid (zie hoofdstuk “Programme-ring”) en er een tussenstand is geselec-teerd, knipperen de sensortoetsen vooren na de tussenstand.Als u tijdens de aankooktijd de door-kookstand wijzigt, deactiveert u deaankookautomaat.Aankookautomaat deactiverenRaak de sensortoets van de inge-stelde doorkookstand aanofstel een andere vermogensstand in.Doorkookstand* Ankooktijd[min:sec]1 ca. 0:151. ca. 0:152 ca. 0:152. ca. 0:153 ca. 0:253. ca. 0:254 ca. 0:504. ca. 0:505 ca. 2:005. ca. 5:506 ca. 5:506. ca. 2:507 ca. 2:507. ca. 2:508 ca. 2:508. ca.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele KM 7574 FL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Miele
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis