Miele KM 5814 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele KM 5814 (88 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Miele KM 5814 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | KM 5814 |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Touch |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Timer: | Ja |
| Breedte: | 614 mm |
| Diepte: | 514 mm |
| Hoogte: | 41 mm |
| Kinderslot: | Ja |
| Soort materiaal (bovenkant): | Keramisch |
| Vermogen brander/kookzone 3: | 1500 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 1200 W |
| Aantal branders/kookzones: | 4 zone(s) |
| Type kookplaat: | Keramisch |
| Type brander/kookzone 1: | Sudderen |
| Type brander/kookzone 2: | Groot |
| Type brander/kookzone 3: | Groot |
| Installatie compartiment afmetingen(WxDxH): | 600 x 500 x 47 mm |
| Aantal gaspitten: | 0 zone(s) |
| Aantal elektronische kook zones: | 4 zone(s) |
| Sudder brander/kookzone: | 1200 W |
| Normale brander/kookzone: | 1200 W |
| Grote brander/kookzone: | 750 W |
| Type timer: | Digitaal |
| Restwarmte-indicator: | Ja |
| Extra grote hoge-snelheid kookzone: | 1500 W |
| Auto-off timer koks voedsel veilig: | Ja |
| Type brander/kookzone 4: | Sudderen |
| Vermogen brander/kookzone 4: | 1200 W |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 3: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 4: | Electrisch |
| Kookzone 3 boost: | 2400 W |
| Positie brander/kookzone 1: | Links achter |
| Diameter brander/kookzone 1: | 145 mm |
| Positie brander/kookzone 2: | Links voor |
| Diameter brander/kookzone 2: | 120 \ 210 mm |
| Positie brander/kookzone 3: | Rechts achter |
| Positie brander/kookzone 4: | Rechts voor |
| Diameter brander/kookzone 4: | 145 mm |
| Kookzone 1 vorm: | Rond |
| Kookzone 2 vorm: | Rond |
| Kookzone 3 vorm: | Rond |
| Kookzone 4 vorm: | Rond |
| AC-ingangsspanning: | 230 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 Hz |
| Kookzone 3 grootte (WxD): | 170 x 265 mm |
Handleiding Miele KM 5814 – volledige tekst
Beschrijving van het toestel. 4Modellen. 4KM 5801. 4KM 5803 / KM 5804. 5KM 5805 / KM 5807. 6KM 5813 / KM 5814 / KM 5815 / KM 5816. 7KM 5817 / KM 5818. 8KM 5821 / KM 5822 / KM 5823 / KM 5824 / KM 5825 / KM 5826. 9Bedieningsveld. 10Kookzonegegevens. 12Opmerkingen omtrent uw veiligheid. 14Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 20Vóór het eerste gebruik. 21Eerste reiniging. 21Toestel in gebruik nemen. 21Werking van de kookzones. 22Bediening. 23Bedieningsprincipe. 23Inschakelen. 24Tabel met vermogensstanden. 25Kookstartautomaat. 26Kookzone-uitbreiding. 28Uitschakelen / weergave van de resterende warmte. 30Kookgerei. 31Tips om stroom te besparen. 32Timer. 33Kookwekker. 34Kookzone automatisch uitschakelen. 37Combinatiegebruik. 38Veiligheidsvoorzieningen. 39Vergrendeling / inschakelblokkering. 39Stop and Go. 41Veiligheidsuitschakeling. 42Beveiliging tegen oververhitting.
Sensortoetsena Kookvlak in-/uitschakelenb Cijferreeks (Vermogensstand instellen / Tijd instellen)c Kookvlak vergrendelend Kookzone uitbreiden (afhankelijk van het toestel)e Sensortoets van de kookzone (hiermee schakelt u de kookzone in en uit)f Stop and Gog - Timer selecteren- Van timerfunctie veranderen- Een uitschakeltijd selecteren (zie rubriek "Kookzone automatisch uitscha -kelen")h Timer in stappen van een half uur instellenControlelampjesi Kookvlakvergrendelingj Kookzone-uitbreidingKookzonedisplaysk 0 = Kookzone is klaar voor gebruik1 9tot = Vermogensstand# = Resterende warmteA = Kookstartautomaat geactiveerd (alleen als u het aantalvermogensstanden hebt uitgebreid)l Controlelampje dat aangeeft dat de kookstartautomaat geactiveerd is of dattussenstanden aangeeft (zie rubriek "Programmering")Timerdisplaym Controlelampje van de kookzone, bijv.
Dit kookvlak voldoet aan de voorge-schreven veiligheidsvoorschriften.Door ondeskundig gebruik kunnengebruikers echter letsel oplopen enkan er schade optreden aan het toe-stel.Lees de gebruiks- en montageaan-wijzing daarom aandachtig doorvoordat u het kookvlak in gebruikneemt.U vindt er belangrijke opmerkingenomtrent uw veiligheid, de installatie,het gebruik en het onderhoud vanuw toestel. Dat is veiliger voor uzelfen u voorkomt schade aan het toe-stel.Bewaar de gebruiks- en montage-aanwijzing en geef ze door aan wiehet toestel eventueel na u gebruikt.Juist gebruik~Dit kookvlak is bedoeld voor gebruikin het huishouden en gelijkaardige om-gevingen zoals– in winkels, kantoren engelijkaardige werkomgevingen,– op boerderijen– door klanten in hotels, motels,bed-and-breakfasts en anderetypische woonomgevingen.
Gebruikhet kookvlak uitsluitend in huishoude-lijke context voor het bereiden enwarmhouden van gerechten.~Gebruik voor andere doeleinden isniet toegelaten. Miele is niet verant-woordelijk voor schade die wordt ver-oorzaakt door een ander gebruik danwat hier wordt vermeld of door foutievebediening.~Personen die door hun fysieke,zintuiglijke of geestelijke mogelijkhedenof hun onervarenheid of gebrek aankennis niet in staat zijn om dit kookvlakveilig te bedienen, mogen dit kookvlakalleen onder het toezicht of debegeleiding van een verantwoordelijkiemand gebruiken.Opmerkingen omtrent uw veiligheid14
Kinderen in het huishouden~Maak gebruik van de vergrendelingom te vermijden dat kinderen het kook-vlak onverhoeds inschakelen of instel-lingen wijzigen.~Hou kinderen die in de buurt van hetkookvlak komen in het oog. Laat kin-deren nooit met het toestel spelen.~Kinderen mogen het kookvlak alleenmaar gebruiken wanneer hen de bedie-ning ervan zo uitgelegd is dat ze hetveilig kunnen bedienen. Kinderen moe-ten de eventuele risico's van een foutie-ve bediening kunnen beseffen.~Het kookvlak wordt heet wanneerhet in gebruik is en dat blijft het ooknog enige tijd na het uitschakelen. Houkinderen van het toestel weg totdat hetis afgekoeld en er geen gevaar meerbestaat dat ze er zich aan verbranden.~Bewaar geen voorwerpen die voorkinderen interessant zijn boven of ach-ter het toestel.
Anders worden kinderenertoe verleid op het toestel te klauteren.Er is gevaar voor verbranding!~Zorg ervoor dat kinderen geen heetkookgerei omlaag kunnen trekken.Draai de handvaten van de kookpottenen pannen over het werkblad. Hierdoorvoorkomt u dat iemand zich verbrandt.In de handel vindt u een speciaalbeveiligingshekje waardoor dit risicowordt beperkt.~Delen van de verpakking, bijv. folieof piepschuim, kunnen voor kinderengevaar inhouden. Kinderen kunnenverstikken! Bewaar deze delen van deverpakking buiten hun bereik en verwij-der de verpakking ook zo vlug mogelijk.Opmerkingen omtrent uw veiligheid15
Technische veiligheid~Controleer vóórdat het kookvlakwordt geplaatst, of het aan de buiten -kant zichtbaar beschadigd is. Is dat hetgeval, neem het dan in geen geval ingebruik. Een beschadigd toestel kanuw veiligheid in gevaar brengen. ~De elektrische veiligheid van hetkookvlak is alleen gewaarborgd als hetwordt aangesloten op een volgens devoorschriften geïnstalleerd aardsys -teem. Het is belangrijk dat u dit con -troleert. Laat de elektrische installatie in uw wo -ning bij twijfel door een elektricien con-troleren. De fabrikant kan niet aanspra-kelijk worden gesteld voor schade diewerd veroorzaakt doordat de aardlei-ding onderbroken was of gewoon ont-brak (bijv. elektrische schokken). ~Vergelijk zeker eerst de aansluitge-gevens (spanning en frequentie) op hettypeplaatje met die van uw elektrischeinstallatie. Sluit daarna pas uw kookvlakaan.
Deze gegevens dienen absoluut over -een te stemmen. Anders treedt er scha -de op aan uw toestel. Vraag bij twijfelinlichtingen aan uw elektricien. ~Gebruik uw kookvlak enkel in inge -bouwde toestand. Enkel dan is een vei -lige werking gewaarborgd. ~Open in geen geval de ommantelingvan het kookvlak. Wanneer u aansluitingen onder span -ning aanraakt of de elektrische en me -chanische constructie wijzigt, kan datvoor u gevaar opleveren. Het kan ooktot storingen in de werking van hetkookvlak leiden. ~Installatiewerken, onderhouds -werken en reparaties mogen alleenworden uitgevoerd door vakmensen diedoor de fabrikant erkend zijn. Door ondeskundig uitgevoerdeinstallatie-, onderhouds- ofreparatiewerken kunnen er voor de ge-bruiker aanzienlijke risico's ontstaanwaarvoor de fabrikant niet aansprakelijkkan worden gesteld.
~Tijdens installatie-, onderhouds- enreparatiewerken moet het toestel vanhet elektriciteitsnet losgekoppeld zijn. Het toestel is pas stroomloos als aaneen van deze voorwaarden is voldaan:– De zekeringen in uw zekeringkastzijn uitgeschakeld. – De schroefzekeringen in uwzekeringkast zijn helemaal uitge -draaid.
~Laat u het kookvlak tijdens de ga-rantieperiode herstellen, dan mag datenkel gebeuren door een technicus diedoor de fabrikant erkend is. Anders iser bij schade achteraf geen aanspraakmeer op garantie. ~Defecte onderdelen mogen enkelworden vervangen door origineleMiele-wisselstukken. Enkel dan bent uzeker dat ze ten volle voldoen aan deeisen die Miele qua veiligheid stelt. ~Als de aansluitkabel beschadigd ismoet een elektricien de kabelvervangen door een speciale aansluit-kabel van het type H 05 VV-F(PVC-isolatie). Deze kabel is verkrijg-baar bij de fabrikant of de Service AfterSales van Miele. ~Gebruik uit veiligheidsoverwegingengeen stopcontactenblokken ofverlengkabels om het kookvlak aan tesluiten. Die bieden niet voldoende vei-ligheidsgaranties. Er bestaat ondermeer gevaar voor oververhitting.
~Als het kookvlak defect is of als deglaskeramiekplaat barsten of spletenvertoont, mag u het kookvlak niet in ge-bruik nemen en dient u het toestel di-rect uit te schakelen. Ontkoppel hettoestel in dat geval van het elektrici-teitsnet. Anders bestaat het risico dat uelektrische schokken oploopt. Efficiënt gebruik~Het toestel wordt heet wanneer hetin gebruik is en dat blijft het ook nogenige tijd na het uitschakelen. Pas zo-dra de aanduiding voor resterendewarmte is uitgegaan, is het gevaar omu te verbranden geweken. ~Laat het toestel niet zonder toezichtachter terwijl het in werking is. De fabrikant is niet verantwoordelijkvoor de schade die door het verwar-men van leeg kookgerei kan optredenaan de glaskeramiek. Door oververhitting kunnen olie en vetin brand vliegen en kan vervolgens hettoestel in brand vliegen.
~Als heet vet of hete olie in brandvliegt, probeer het vuur dan niet metwater te blussen. Doe het vuur stikken,bijv. met een deken, een vochtige vaat-doek of iets in die aard. ~Gebruik het toestel niet om het ver-trek te verwarmen. Door de hoge tem-peraturen bestaat er brandgevaar voorlicht ontvlambare voorwerpen in de om-geving van het toestel.
~Bescherm uw handen telkens als umet het hete toestel omgaat. Maak ge -bruik van ovenwanten, pannenlappenof iets dergelijks. Zorg ervoor dat dittextiel niet nat of vochtig is. Anderswordt de warmte sterker overgedragenen kunt u zich verbranden. ~Flambeer nooit gerechten onder eendampkap. De ventilator zuigt de vlam -men aan zodat de dampkap in brandkan vliegen. ~Gebruik het toestel niet om er voor -werpen op neer te leggen. Als het toestel ingeschakeld is, als uhet toestel onverhoeds inschakelt of alshet nog warm is van een bereiding, be-staat het risico dat metalen voorwerpenverhitten. U kunt zich eraan verbran-den. Afhankelijk van het materiaal, kunnenvoorwerpen die u op het toestel plaatstook smelten of in brand vliegen. Natte deksels van kookgerei kunnenzich vastzuigen. Vergeet de kookzones na gebruik nietuit te schakelen. ~Dek het toestel nooit af met eendoek of folie.
Het kan zo heet zijn dat erbrandgevaar is. ~Gebruik geen kookgerei van kunst -stof of aluminiumfolie. Dat smelt bij ho -gere temperaturen. Er is dan ookbrandgevaar. ~Verwarm geen gesloten recipiënten,bijv. conservenblikjes, met dit toestel. Door de resulterende overdruk kunnende recipiënten of blikjes uiteenspatten. Er is dan risico op verbrandingen enander lichamelijk letsel. ~Gebruik alleen kookpotten en pan -nen met een effen bodem. Als ukookpotten en pannen met een ruwebodem gebruikt, kunnen er krassen opde glaskeramiekplaat optreden. ~Als u kookgerei uit aluminium of meteen aluminium bodem gebruikt, kunnener metaalachtige, glinsterende vlekkenoptreden op het kookvlak. Deze vlek-ken kunnen worden verwijderd met hetreinigingsmiddel voor glaskeramiek enroestvrij staal (zie rubriek "Reiniging enonderhoud").
~Om te vermijden dat resten gaan in -branden, verwijdert u het vuil zo vlugmogelijk. Als u een kookpot of pan op -zet, let er dan op dat de bodem zuiveris, droog en vrij van vet.~Als er suiker, eten met suiker, kunst -stof of aluminiumfolie op een warmkookvlak terechtkomt, moet u het toe -stel uitschakelen. Verwijder deze stof -fen onmiddellijk grondig met een glas -krabber, terwijl de kookzone nog heetis. Als u zou wachten tot het toestel isafgekoeld, zou u het oppervlak bescha -digen. Let op dat u zich niet verbrandt!Maak de kookzone verder schoon zo-dra ze afgekoeld is.~Wees voorzichtig als u een stopcon-tact gebruikt dicht bij het toestel. De ka-bel van een ander toestel mag niet methet hete toestel in aanraking komen. Deisolatie van de kabel kan beschadigdraken.
Er bestaat gevaar voor elek-trische schokken!~Als er onder het kookvlak een ladeis aangebracht, mag u daarin geen ont -vlambare vloeistof noch brandbarevoorwerpen zoals bijv. spraybussen be -waren. Is die lade met een bestekinzetuitgerust, dan dient die vervaardigd tezijn van materiaal dat tegen hitte be -stand is.~Zorg ervoor dat de gerechten altijdvoldoende worden verwarmd.
Kiemendie eventueel in de gerechten aanwe -zig zijn, worden alleen gedood als detemperatuur waaraan ze worden bloot -gesteld hoog genoeg is en die lang ge -noeg wordt aangehouden.~Als het toestel is ingebouwd achtereen meubeldeur, mag het alleen wor -den gebruikt wanneer de meubeldeuris geopend.De meubeldeur mag pas worden geslo -ten wanneer het toestel uitgeschakeldis en de streepjes voor resterendewarmte verdwenen zijn.De fabrikant is niet aansprakelijkvoor schade die ontstaan is doordatdeze veiligheidsrichtlijnen niet inacht werden genomen.Opmerkingen omtrent uw veiligheid19
Recycleerbare verpakkingDe verpakking behoedt het toestel voortransportschade. Er werd voor milieu-vriendelijk en recycleerbaar verpak-kingsmateriaal gekozen.Het recycleren van het verpakkingsma-teriaal vermindert de afvalproductie enhet gebruik van grondstoffen. UwMiele-handelaar neemt de verpakkingterug.Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het apparaatnodig waren. Als u het apparaat bij hetgewone afval doet of bij verkeerde be-handeling kunnen deze stoffen schade-lijk zijn voor de gezondheid en hetmilieu. Verwijder het afgedankte appa-raat dan ook nooit met het gewone af-val.Bij de aankoop van uw nieuw toestelheeft u een bijdrage betaald. Die wordtvolledig gebruikt voor de toekomstigerecyclage van dat toestel.
Dat bevattrouwens nog waardevol materiaal.Door te recycleren wordt er dan ookminder verspild en vervuild.Als u vragen heeft omtrent het af-danken van uw oud toestel, neem dancontact op met– de handelaar bij wie u het kochtof– de firma Recupel,telefoon 02 706 86 10,website: www.recupel.beof– uw gemeentebestuur als u uw toestelnaar een containerpark brengt.Zorg er ook voor dat het toestel intus-sen kindveilig wordt bewaard voor u hetlaat wegbrengen.Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu20
Kleef het typeplaatje dat bij de documentatie bijgevoegd isop de daarvoor bestemde plaats in de rubriek "Miele ServiceAfter Sales, typeplaatje".Eerste reinigingVerwijder eventuele beschermfolies en stickers.Voor het eerste gebruik gaat u met een vochtige doek overhet toestel. Vervolgens wrijft u het droog.Gebruik geen afwasmiddel bij het reinigen. Daardoor kun-nen er blauwachtige verkleuringen op deglaskeramiekplaat ontstaan.Toestel in gebruik nemenEnkel bij kookvlakken met facetrand (geslepen glazenrand):De eerste dagen na de inbouw kan er een kleine spleetzichtbaar zijn tussen het kookvlak en het werkblad. Doorhet gebruik wordt die wel kleiner. Ondanks deze spleetblijft de elektrische veiligheid steeds gewaarborgd.De metalen onderdelen zijn beschermd door een onder-houdsmiddel.
Daarom komt er een geur vrij als het toestelvoor het eerst wordt gebruikt.Die geur en eventueel ook damp trekken gauw weg. Dezeverschijnselen wijzen niet op een verkeerde aansluiting nochop een defect aan het toestel. Ze zijn niet schadelijk voor degezondheid.Vóór het eerste gebruik21
Gewone kookzones met 1 diameter zijn met 1verwarmingskring uitgerust, kookzones met 2 diameters enbraadzones met 2 verwarmingskringen. Afhankelijk van hetmodel zijn de verwarmingskringen mogelijk door een lijn vanelkaar gescheiden.Elke kookzone is voorzien van een beveiliging tegen overver -hitting. Deze voorkomt dat de glaskeramiek oververhit raakt(zie rubriek "Beveiliging tegen oververhitting").Als een vermogensstand wordt ingesteld, wordt de verwar -ming ingeschakeld en is de verwarmingskring door de glas -keramiek heen zichtbaar.Het verwarmingsvermogen van de kookzones is afhankelijkvan de ingestelde vermogensstand en wordt elektronisch ge -regeld.
BedieningsprincipeHet bedieningspaneel van uw keramische kookvlak is voor -zien van elektronische sensortoetsen. Die reageren op hetcontact met uw vingers.Door met een vinger de gewenste sensortoetsen aan te ra -ken, bedient u het kookvlak. Bij elke reactie van de sensor -toetsen hoort u een geluidssignaal.Om de vermogensstand van een kookzone of een tijd te kun -nen instellen of wijzigen, moet de betreffende kookzone of detimer ingeschakeld zijn.Raak de sensortoets van de betreffende kookzone of de timeraan om de kookzone of de timer in te schakelen. Wanneer ude sensortoets aanraakt, begint het display van de betreffen -de kookzone of het timerdisplay te knipperen.
Zolang het dis-play knippert, is de kookzone of de timer ingeschakeld enkunt u een vermogensstand of tijd instellen.Uitzondering:Als er slechts één kookzone in gebruik is, kan de vermogens-stand worden gewijzigd zonder dat u eerst de sensortoetsvan de betreffende kookzone hoeft aan te raken.Hou het bedieningsveld altijd schoon. Leg er geen voor-werpen op. Anders reageren de sensortoetsen niet of acti -veert u onbedoeld functies. Ook is het mogelijk dat hetkookvlak dan automatisch wordt uitgeschakeld (zie rubriek"Veiligheidsuitschakeling").Zet in geen geval heet kookgerei op de sensortoetsen. Deelektronische besturing die eronder zit, kan daardoorschade oplopen.Bediening23
InschakelenSchakel eerst het kookvlak in en schakel daarna de gewenstekookzone in.Laat het toestel niet zonder toezicht achter terwijl het inwerking is!Kookvlak inschakelen^Raak de sensortoets aan.sOp de displays van al de kookzones verschijnt een .
Stelt u0niets in, dan wordt het kookvlak om veiligheidsredenen na en-kele seconden weer uitgeschakeld.Kookzone inschakelen, vermogensstand instellen^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.De op het display van de kookzone knippert.0^Stel de gewenste vermogensstand in door op decijferreeks het betreffende cijfer aan te raken.Als u een tussenstand (zie rubriek "Tabel met vermogens-standen") wilt instellen, moet u de ruimte tussen de cijfersaanraken.De ingestelde vermogensstand knippert gedurende enkeleseconden en brandt dan continu.Vermogensstand wijzigen^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.De vermogensstand op het display van de kookzone knip-pert.^Stel de gewenste vermogensstand in door in de cijferreekshet betreffende cijfer aan te raken.Als er slechts één kookzone in gebruik is, kan de vermo-gensstand worden gewijzigd zonder dat u eerst de sensor-toets van de betreffende kookzone hoeft aan te raken.Bediening24
Tabel met vermogensstandenIn de fabriek zijn 9 vermogensstanden geprogrammeerd. Als u fijner afgestemdevermogensstanden wenst, kunt u het aantal standen uitbreiden (zie rubriek "Pro -grammering"). Bij de tussenstanden verschijnt een punt naast het getal.Bereidingsproces Vermogensstand*Fabrieksinstel -ling(9 vermogens-standen)Aantal uitge -breid(17 vermogens-standen)Boter, chocolade enz. laten smeltenGelatine oplossenYoghurt bereiden1 - 2 1 - 2.Saus aanmaken met enkel eigeel en boterKleine hoeveelheden vloeistof opwarmenGerechten die gemakkelijk aanbranden warmhoudenRijst koken1 - 3 1 - 3.Vloeibare of halfvaste gerechten opwarmenGebonden saus of roomsaus maken, bijv.
witte-wijnsausof sauce hollandaiseRijstpap of havermoutpap makenOmelet of spiegelei zonder korst bakkenFruit blancheren2 - 4 2 - 4.Diepvriesproducten ontdooienGroente of vis stovenDeegwaren of peulvruchten gaar kokenGraan gaar koken3 - 5 3 - 5.Gerechten in grotere hoeveelheden aan de kook brengen enverder laten koken5 5.Vis, schnitzel, worst, spiegeleieren e.d. behoedzaam laten bra -den of bakken zonder dat het vet oververhit wordt6 - 7 6 - 7.Pannenkoeken, flensjes e.d. bakken 7 - 8 7 - 8.Grote hoeveelheden water aan de kook brengenAankoken8 - 9 8. - 9* De gegevens hierboven zijn richtwaarden. Ze zijn van toepassing op normale porties voor4 personen. Als u extra hoog kookgerei gebruikt, zonder deksel kookt of grotere hoeveelhedenbereidt, moet een hogere vermogensstand worden ingesteld. Bereidt u kleinere hoeveelheden, steldan een lagere vermogensstand in.Bediening25
KookstartautomaatAls de kookstartautomaat geactiveerd is, wordt de betreffen-de kookzone automatisch een bepaalde tijd op het hoogstevermogen verwarmd. Daarna wordt teruggeschakeld naar devermogensstand die u hebt ingesteld. Dit noemen we devoortkookstand.
De kookstarttijd hangt af van de ingesteldevoortkookstand (zie tabel).Bij hoge voortkookstanden zijn slechts relatief kortekookstarttijden vereist, omdat met deze instellingen meestalleeg kookgerei wordt opgewarmd om te braden.Activeren^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.Het display van de kookzone knippert.^Stel een voortkookstand in door het gewenste cijfer aan teraken totdat een geluidssignaal weerklinkt en op het kook-zonedisplay een controlelampje brandt rechts van devoortkookstand.Na afloop van de kookstart gaat het controlelampje rechtsvan de voortkookstand uit.Hebt u het (zie ru-aantal vermogensstanden uitgebreid briek "Programmering"), dan knipperen op het display afwis-selend een en de voortkookstand (tot het einde van deAkookstart).Wordt tijdens de kookstart de voortkookstand gewijzigd,dan wordt de kookstartautomaat gedeactiveerd.DeactiverenU kunt de kookstartautomaat gedurende de kookstarttijd uit-schakelen.^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.Het display van de kookzone knippert.^Raak de ingestelde voortkookstand aan totdat het controle-lampje of uitgaat, of stel een andere vermogensstand in.ABediening26
Kookzone-uitbreidingAls u groot kookgerei gebruikt, kunt u de tweede of derdeverwarmingskring van een kookzone inschakelen als dekookzone meerdere diameters heeft of kan worden gecombi-neerd tot een braad(plus-)zone (zie "Beschrijving van het toe-stel").Afhankelijk van uw model, kunnen twee boven elkaar lig-gende kookzones met elkaar worden gecombineerd tot eenbraadplus-zone. Dit gebeurt via een verwarmingselement datde kookzones overbrugt. Deze braadplus-zone kan alleen viade cijferreeks van de kookzone rechts vooraan worden be-diend.Als een extra verwarmingskring is ingeschakeld, brandt hetcontrolelampje voor uitbreiding van de kookzone zolang devermogensstand op het display van de betreffende kookzoneknippert. Zodra de vermogensstand niet meer knippert, gaathet controlelampje uit.
Bij een kookzone met drie diameterskunt u op het bedieningsveld geen onderscheid zien tussende uitbreiding met een tweede of derde verwarmingskring.Als u een kookzone uitschakelt, wordt de kookzone-uitbreiding ook uitgeschakeld.Kookzone met 2 diameters / braadzone^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.^Stel de gewenste vermogensstand in.^Raak de sensortoets aan. Doe dit terwijl de vermogensn-stand nog knippert op het kookzonedisplay.Braadplus-zone^Raak de sensortoets van de kookzone rechts vooraan kortaan.^Stel de gewenste vermogensstand in.^Raak de sensortoets aan. Doe dit terwijl de vermogensn-stand nog knippert op het kookzonedisplay.De ingestelde vermogensstand wordt op beide kookzonedis-plays weergegeven.Bediening28
Kookzone met 3 diameters^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.^Stel de gewenste vermogensstand in.^Raak de sensortoets zo vaak aan tot het gewenste aann-tal extra verwarmingskringen is ingeschakeld. Doe dit ter-wijl de vermogensstand op het kookzonedisplay nog knip-pert.Kookzone-uitbreiding uitschakelen^Raak kort de sensortoets van de gewenste kookzone aan.De vermogensstand op het kookzonedisplay knippert en hetcontrolelampje van de kookzone-uitbreiding gaat aan.^Raak de toets zo vaak aan tot het controlelampje uitn-gaat.Bediening29
Uitschakelen / weergave van de resterende warmteKookzone uitschakelen^Raak de sensortoets van de gewenste kookzone 2 keeraan.Op het kookzonedisplay knippert gedurende enkele secon-den een . Is de kookzone nog heet, dan wordt kort daarna0via streepjes de resterende warmte weergegeven.Kookvlak uitschakelen^Raak de sensortoets aan.sNu zijn alle kookzones uitgeschakeld. Op de displays van dekookzones die nog te heet zijn om aan te raken, wordt de res-terende warmte via streepjes weergegeven.Weergave van de resterende warmteDe streepjes die de resterende warmte weergeven, ver-dwijnen één voor één naarmate de kookzones afkoelen. Hetlaatste streepje dooft pas zodra u de kookzones zonder enigrisico kunt aanraken.Raak de kookzones niet aan zolang de streepjes voor deresterende warmte branden.
–Het best geschikt zijn potten en pannen met een dikkebodem, die zich in koude toestand lichtjes naar binnenwelven. Als de bodem heet wordt, ligt die dan mooi effenop de kookzone. Zo wordt de warmte optimaal geleid.Koud Warm–Kookgerei uit glas, keramiek of aardewerk is minder ge-schikt. Deze materialen geleiden de warmte niet goed ver-der.– Kookgerei van kunststof of aluminiumfolie is .niet geschiktDat smelt bij hogere temperaturen.– Als u kookgerei uit aluminium of met een aluminium bodemgebruikt, kunnen er metaalachtige, glinsterende vlekkenoptreden op het kookvlak. Deze vlekken kunnen wordenverwijderd met het reinigingsmiddel voor glaskeramiek enroestvrij staal (zie rubriek "Reiniging en onderhoud").– Gebruik alleen kookpotten en pannen met een effen bo-dem.
Als u kookpotten en pannen met een ruwe bodemgebruikt, kunnen er krassen op de glaskeramiekplaat op-treden.– Hef het kookgerei op wanneer u het verplaatst. Zo voor-komt u strepen en krassen.– Merk op dat in winkels bij potten en pannen vaak de maxi-male of bovenste diameter wordt opgegeven. Wat telt, isechter de meestal kleinere diameter van de bodem.Kookgerei31
– Let erop dat de pot- of panbodem met het formaat van dekookzone overeenstemt of iets groter is. Zo wordt er geenwarmte verspild.Te klein Gepast– Kook bij voorkeur met een deksel op de kookpot of pan. Zovermijdt u dat er nodeloos warmte ontsnapt.Zonder deksel Met deksel– Gebruik voor kleine hoeveelheden een kleine pot. Eenkleine pot op een kleine kookzone gebruikt minder energiedan een grote, slechts gedeeltelijk gevulde pot op eengrote kookzone.– Kook met weinig water en kies na het begin van het kook-of braadproces een lagere vermogensstand.– Schakel de kookzone bij lange kooktijden reeds 5 à10 minuten voor het einde van de kooktijd uit. Zo benut ude resterende warmte.Tips om stroom te besparen32
Als u de timer wilt gebruiken moet het kookvlak ingeschakeldzijn.U kunt de timer op twee manieren gebruiken:– als kookwekker– voor het automatisch uitschakelen van een kookzone.U kunt een tijd instellen tussen 1 minuut ( ) en 9 uren ( ).01 9^Een tijd tot 99 minuten wordt in minuten ingesteld en weerge-geven.VoorbeeldBij een tijd van meer dan 99 minuten, moet eerst de sensor-toets h worden aangeraakt. De tijd wordt in stappen van eenhalf uur ingesteld. De halve uren worden via een punt naasthet cijfer weergegeven.Voorbeeld (1 uur en 30 minuten):Na afloop van de ingestelde tijd verschijnt op het00timerdisplay. Tegelijkertijd weerklinkt er enkele secondenlange en geluidssignaal.Timer33hhhhh
KookwekkerKookwekkertijd instellenMinutenVoorbeeld: U wilt 15 minuten instellen.^Schakel het kookvlak in (als dat nog niet gebeurd is).^Raak de sensortoets aan.mOp het timerdisplay verschijnt 00. De 0rechts knippert.Eerst wordt het linkercijfer van de tijd ingesteld, vervolgenshet rechtercijfer.^Raak in de cijferreeks het cijfer aan dat u wilt instellen alslinkercijfer (in dit voorbeeld 1).Op het timerdisplay knippert nu rechts een .1^Raak in de cijferreeks het cijfer aan dat u wilt instellen alsrechtercijfer (in dit voorbeeld 5).De 1 verschuift naar links en rechts verschijnt .5Het aftellen van de kookwekkertijd begint.Timer34hhhhhhhhhhhhhhh
UrenU kunt volle uren instellen door in de cijferreeks het betreffen-de cijfer aan te raken.U kunt halve uren instellen door in de cijferreeks de ruimtetussen 2 cijfers aan te raken.Voorbeeld: U wilt 2 uren en 30 minuten instellen.^Schakel het kookvlak in (als dat nog niet gebeurd is).^Raak de sensortoets aan.mOp het timerdisplay verschijnt 00. De 0rechts knippert.^Raak de sensortoets h aan om de tijd in stappen van eenhalf uur in te stellen.^Raak in de cijferreeks de ruimte tussen de cijfers 2 en 3aan.Na enkele seconden brandt het timerdisplay continu. Hetaftellen van de kookwekkertijd begint.Timer35hhhhhhhhhhhhhhh
Kookzone automatisch uitschakelenU kunt een tijd instellen waarna een kookzone automatischmoet worden uitgeschakeld.De functie voor het automatisch uitschakelen kan voor allekookzones tegelijk worden geprogrammeerd.Als de geprogrammeerde tijd langer is dan de maximaaltoegelaten gebruiksduur, wordt de kookzone na afloop vande tijd van de veiligheidsuitschakeling (zie gelijknamige ru-briek) uitgeschakeld.^Stel voor de betreffende kookzone een vermogensstand in.^Raak de sensortoets zo vaak aan tot op het timerdisplaymhet controlelampje van de betreffende kookzone knippert.Als meerdere kookzones ingeschakeld zijn, knipperen decontrolelampjes in wijzerzin, te beginnen vanaf links vooraan.^Stel de gewenste tijd in.De ingestelde tijd wordt in stappen van een minuut afgeteld.Op het timerdisplay ziet u de resterende tijd.
U kunt deze opelk moment wijzigen.Als u ook een andere kookzone automatisch wilt laten uit-schakelen, gaat u te werk zoals reeds beschreven.Als meerdere uitschakeltijden geprogrammeerd zijn, wordtde kortste resterende tijd weergegeven. Op het timerdisplayknippert het controlelampje van de betreffende kookzone. Deandere controlelampjes branden continu. Wilt u de resteren-de tijden weergeven die op de achtergrond aflopen, raak dande sensortoets zo vaak aan totdat op het timerdisplay hetmgewenste controlelampje knippert.Timer37
CombinatiegebruikU kunt de functies "kookwekker" en "automatisch uitscha-kelen" tegelijk gebruiken.Ga als volgt te werk als u een of meer uitschakeltijden hebtgeprogrammeerd en de wilt instellen:ook kookwekker Raak de sensortoets zo vaak aan tot de controlelampjesmvan de geprogrammeerde kookzones continu branden en ophet timerdisplay verschijnt.00Ga als volgt te werk als u de kookwekker hebt ingesteld enook uitschakeltijden een of meer wilt programmeren:Raak de sensortoets zo vaak aan tot op het timerdisplaymhet controlelampje van de betreffende kookzone knippert.Kort na het invoeren van de laatste waarde schakelt hettimerdisplay over naar de weergave van de kortste resteren-de tijd.Wilt u de resterende tijden weergeven die op de achtergrondaflopen, raak dan de sensortoets zo vaak aan totdat opm- het timerdisplay het gewenste controlelampje knippert(automatisch uitschakelen).- alleen het timerdisplay knippert (kookwekkertijd).U kunt in wijzerzin de tijden voor alle ingeschakelde kookzo-nes en de kookwekkertijd weergeven, te beginnen vanaf dekortste resterende tijd.Timer38
Vergrendeling / inschakelblokkeringOm te vermijden dat iemand het kookvlak en de kookzonesper vergissing inschakelt of instellingen wijzigt, is uw toesteluitgerust met een vergrendeling (inschakelblokkering).De kan worden geactiveerd als het kookvlakvergrendeling is ingeschakeld. Als de vergrendeling geactiveerd is, kan hetkookvlak alleen nog beperkt worden bediend:– De vermogensstanden van de kookzones en de instel-lingen van de timer kunnen niet worden gewijzigd.– De kookzones, het kookvlak en de timer kunnen wel wor-den uitgeschakeld, maar daarna niet weer worden inge-schakeld.De kan worden geactiveerd als hetinschakelblokkering kookvlak is uitgeschakeld.
Als de inschakelblokkering geacti-veerd is, kan het toestel niet worden ingeschakeld en kan detimer niet worden bediend.De programmering is in de fabriek zo ingesteld dat de in-schakelblokkering handmatig moet worden geactiveerd.U kunt deze instelling wijzigen, zodat de inschakelblokkering5 minuten na het uitschakelen van het kookvlak automatischwordt geactiveerd (zie rubriek "Programmering").Als een niet-toegelaten sensortoets wordt aangeraakt terwijlde vergrendeling of de inschakelblokkering geactiveerd is,gaat het controlelampje aan.Hou ermee rekening dat de vergrendeling en de inscha-kelblokkering worden gedeactiveerd bij een stroomonder-breking.Veiligheidsvoorzieningen39
Activeren^Raak de sensortoets zo lang aan tot het bijhorende con$-trolelampje aangaat.Kort daarna gaat het controlelampje uit.U kunt de instelling voor de vergrendeling wijzigen van acti-vering met één vinger in activering met drie vingers (zie ru-briek "Programmering"). Kinderen kunnen dan minder gemak-kelijk functies activeren.Deactiveren^Raak de sensortoets zo lang aan tot het controlelampje$uitgaat.Veiligheidsvoorzieningen40
Stop and GoUw toestel is uitgerust met een functie die bij het activeren er-van de vermogensstand van al de ingeschakelde kookzonesbeperkt tot stand . De vermogensstanden van de kookzones1en de instelling van de timer kunnen niet worden gewijzigd. Ukunt alleen het kookvlak uitschakelen.Bij het deactiveren van "Stop and Go" werken de kookzonesverder op de vermogensstand die u het laatst hebt ingesteld.Als de functie niet wordt gedeactiveerd, wordt het kookvlakna 1 uur uitgeschakeld.Bij activering van "Stop and Go"- wordt het aftellen van een ingestelde tijd voorautomatische uitschakeling onderbroken.
VeiligheidsuitschakelingAls een kookzone te lang aanstaatBlijft een kookzone ongewoon lang (zie tabel) op dezelfdevermogensstand in werking, dan wordt die kookzone automa-tisch uitgeschakeld. De streepjes voor de resterende warmteworden weergegeven.Wenst u de kookzone opnieuw te gebruiken, schakel ze danop de gebruikelijke manier weer in.Vermogensstand* Maximale gebruiksduur in uren1 / 1. 102 / 2. 53 / 3. 54 / 4. 45 / 5. 36 / 6. 27 / 7. 28 / 8. 29 1* De vermogensstanden met een punt zijn alleen beschik-baar als u het aantal vermogensstanden hebt uitgebreid(zie rubriek "Programmering").Als de sensortoetsen bedekt zijnHet kookvlak wordt automatisch uitgeschakeld als een ofmeer sensortoetsen langer dan ca. 10 seconden bedekt zijn,bijvoorbeeld als u uw hand erop legt, een gerecht overkooktof als er voorwerpen op liggen.Op het timerdisplay knippert .
Beveiliging tegen oververhittingElke kookzone is voorzien van een beveiliging tegen overver-hitting. Dat is een onderdeel dat de interne temperatuur be-perkt. Hierdoor wordt de verwarming van het toestel automa-tisch uitgeschakeld voordat de glaskeramiekplaat oververhitraakt.De beveiliging tegen oververhitting reageert door de verwar-ming in en uit te schakelen, zelfs als de hoogste vermogens-stand is ingesteld.Zodra de glaskeramiekplaat afgekoeld is, wordt de verwar-ming weer automatisch ingeschakeld.De beveiliging tegen oververhitting reageert wanneer– een kookzone is ingeschakeld zonder kookgerei erop,– er leeg kookgerei wordt verwarmd.– de bodem van het kookgerei niet effen op de kookzoneligt,– het kookgerei de warmte slecht geleidt.Veiligheidsvoorzieningen43
,Gebruik in geen geval een stoomreiniger om het toe-stel te reinigen. De stoom kan op stroomvoerende onder-delen terechtkomen en een kortsluiting veroorzaken.Reinig het hele toestel na elk gebruik. Laat het toestel eerstafkoelen.Wrijf het toestel na elke vochtige reiniging droog. Zo voor-komt u kalkafzetting.Om schade aan de oppervlakken te voorkomen, mogende volgende middelen niet worden gebruikt om de opper-vlakken te reinigen:– handafwasmiddel,– reinigingsmiddelen die soda, alkali, ammoniak, zuur ofchloor bevatten,– kalkoplossende reinigingsmiddelen,– vlek- en roestverwijderaars,– schurende reinigingsproducten, zoals schuurpoeder,schuurmelk, poetsstenen,– reinigingsmiddelen met oplosmiddel,– reinigingsmiddelen voor de afwasautomaat,– grill- en ovensprays,– glasreinigers,– schurende harde borstels en sponsjes (bijv.
GlaskeramiekVerwijder al het grove vuil met een vochtige doek. Aange-koekt vuil schraapt u weg met een glaskrabber.Maak het kookvlak daarna grondig schoon met speciaal reini-gingsmiddel voor glaskeramiek en roestvrij staal (zie rubriek"Mits toeslag verkrijgbaar toebehoren"). Gebruik daartoe watkeukenrolpapier of een schone doek. Breng het reinigings-middel niet op een warm kookvlak aan. Hierdoor kunnen ervlekken ontstaan. Hou rekening met de aanwijzingen van defabrikant van het reinigingsmiddel.Vervolgens gaat u met een vochtige doek over het kookvlak.Tot slot wrijft u het kookvlak droog. Zorg ervoor dat u alle rei-nigingsmiddelresten verwijdert.
Bij volgende bereidingenzouden eventuele resten zich inbranden en de glaskeramiekbeschadigen.Vlekken door kalkresten, water en aluminiumresten(metaalachtige, glinsterende vlekken) kunt u met het reini-gingsmiddel voor glaskeramiek en roestvrij staal verwijderen.Is er op het hete kook-suiker, kunststof of aluminiumfolie vlak terechtgekomen? Schakel het toestel uit. Verwijder deresten grondig met een glaskrabber, terwijl deonmiddellijk kookzone nog heet is. Let op dat u zich niet verbrandt!Maak de kookzone verder schoon zodra ze afgekoeld is, zo-als eerder beschreven.Reiniging en onderhoud45
U kunt de programmering van uw toestel wijzigen (zie tabel).U kunt verscheidene instellingen na elkaar wijzigen.Nadat u het toestel in de programmeermodus hebt gezet, zietu op het timerdisplay (programma) en (status). Bij kookP S -vlakken met 3 kookzones verschijnt links achteraan een extraindicator.Op de kookzonedisplays links vooraan en links achteraanwordt het programma weergegeven. Voorbeeld:Programma 03 = links vooraan , links achteraan 0 3Programma 14 = links vooraan , links achteraan 1 4Op het kookzonedisplay rechts vooraan wordt de statusweergegeven.Toestel in de programmeermodus zetten^Zorg ervoor dat het kookvlak is uitgeschakeld.
Raak tege-lijkertijd de sensortoetsen en aan totdat het controle-s$lampje van de vergrendeling knippert.Programma instellen^Om het in te stellen, raakt u eerst de sensor-rechtercijfer toets van de kookzone aan en raakt u ver-links achteraan volgens het betreffende cijfer in de cijferreeks aan.^Om het in te stellen, raakt u eerst de sensor-linkercijfer toets van de kookzone aan en raakt u verlinks vooraan -volgens het betreffende cijfer in de cijferreeks aan.Status instellen^Raak eerst de sensortoets van de kookzone rechts voor-aan aan en raak vervolgens het betreffende cijfer in decijferreeks aan.Instellingen opslaan^Raak de sensortoets aan totdat de displays worden uits-geschakeld.Instellingen niet opslaan^Raak de sensortoets aan totdat de displays worden uit$-geschakeld.Programmering46
Programma* Status** InstellingP 00 Demo-modus en fabrieks -instellingenS 0 Demo-modus aan(na het inschakelen van het kook -vlak wordt enkele seconden " "dEweergegeven op hettimerdisplay)S 1 Demo-modus uitS 9 Herstellen van defabrieksinstellingenP 02 Aantal vermogensstanden 9 vermogensstandenS 0(1, 2, 3 ... tot 9)S 1 17 vermogensstanden(1, 1., 2, 2., 3 ...
tot 9)Let op!De kookstartautomaat is nu teherkennen aan een die afwisse-Alend met de voortkookstand ver-schijnt.P 04 Geluidssignaal bij het aan-raken van de sensortoet-senS 0 UitS 1 ZachtS 2 HalfluidS 3 LuidP 05 Geluidssignaal van de ti -merS 0 UitS 1 Zacht, 10 secondenS 2 Halfluid, 10 secondenS 3 Luid, 10 secondenP 06 Kookvlakvergrendeling Vergrendeling met één vingerS 0door aan te raken$S 1 Vergrendeling met drie vingersdoor tegelijkertijd en de sen$ -sortoetsen van de twee kookzo -nes rechts aan te raken* Programma's/statussen die niet in de tabel zijn vermeld, kunt u niet instellen.** De fabrieksinstellingen zijn vetgedrukt.Programmering47
Programma* Status** InstellingP 07 Inschakelblokkering Handmatige activering van de inS 0 -schakelblokkeringS 1 Automatische activering van deinschakelblokkeringP 08 Kookstartautomaat S 0 UitS 1 AanP 11 Tweedeverwarmingskring van dekookzone links vooraanS 0 Wordt niet automatisch ingescha-keldS 1 Wordt altijd automatisch inge-schakeldP 12 Tweedeverwarmingskring van dekookzone rechts vooraanS 0 Wordt niet automatisch ingescha-keldS 1 Wordt altijd automatisch inge-schakeldP 13 Tweedeverwarmingskring van dekookzone rechts achter-aanS 0 Wordt niet automatisch ingescha-keldS 1 Wordt altijd automatisch inge-schakeldP 14 Tweedeverwarmingskring van dekookzone midden achter-aanS 0 Wordt niet automatisch ingescha-keldS 1 Wordt altijd automatisch inge-schakeldP 16 Reactiesnelheid van desensortoetsenS 0 LangzaamS 1 Normaal (300 ms)S 2 Snel* Programma's die niet in de tabel zijn vermeld, kunt u niet instellen.** De fabrieksinstellingen zijn vetgedrukt.Programmering48
De meeste problemen die zich bij het dagelijkse gebruik voordoen kunt u zelf op-lossen. Doordat u dan geen beroep hoeft te doen op de Service After Sales vanMiele, bespaart u tijd en kosten!Het onderstaande overzicht kan u helpen om de oorzaken van een probleem tevinden en problemen te verhelpen. Vergeet echter niet:,Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen wor-den uitgevoerd. Door ondeskundig uitgevoerde herstellingen kunnen er niet teonderschatten risico's voor de gebruiker ontstaan.Probleem Oorzaak OplossingHet kookvlak of dekookzones kunnenniet worden inge-schakeld.De inschakelblokkering isgeactiveerd.Deactiveer de inschakel-blokkering (zie rubriek "Ver-grendeling / inschakelblok-kering").De zekering is gesprongen. Schakel de zekering in(min.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele KM 5814 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Miele
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis