Miele K 37682 iDF Handleiding

Miele Koelen vriezen K 37682 iDF

Bekijk gratis de handleiding van Miele K 37682 iDF (100 pagina’s), behorend tot de categorie Koelen vriezen. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 20 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Miele K 37682 iDF of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/100
Gebruiks-enmontage-aanwijzing
Koelkast
Leesbeslistdegebruiks-enmontage-aanwijzingvoordatuuwapparaat
plaatst,installeerteningebruikneemt.
Datisveiligervooruzelfenuvoorkomtschadeaanuwapparaat.
M.-Nr.09942410nl-NL

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Koelen vriezen
Model: K 37682 iDF
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Sensor
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 70200 g
Breedte: 559 mm
Diepte: 544 mm
Hoogte: 1770 mm
Netbelasting: - W
Snoerlengte: 2.1 m
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 37 dB
Jaarlijks energieverbruik: 234 kWu
Energie-efficiëntieklasse (oud): A++
Brutocapaciteit vriezer: - l
Nettocapaciteit vriezer: 28 l
Vriescapaciteit: 2 kg/24u
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Geschikt voor paneelaanpassing: Ja
Nettocapaciteit koelkast: 171 l
Brutocapaciteit koelkast: - l
Koelkast binnenverlichting: Ja
Aantal planken koelkast: 3
Aantal groente lades: 3
Vriezer positie: Boven
Bewaartijd bij stroomuitval: 19 uur
Aantal sterren: 4*
Totale nettocapaciteit: 291 l
Eierenrekje: Ja
No Frost system: Nee
Totale brutocapaciteit: - l
Installatie compartiment breedte: 570 mm
Installatie compartiment diepte: 550 mm
Installatie compartiment hoogte: 1788 mm
Plankmateriaal: Gehard glas
Super Cool functie: Ja
Vers zone compartiment: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.639 kWh/24u
Stroom: 10 A
Deurpaneel inbegrepen: Nee
Klimaatklasse: SN-ST
Vers zone compartiment netto capaciteit: 92 l
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz

Handleiding Miele K 37682 iDF – volledige tekst

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade.Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt.Door hergebruik van verpakkingsmate-riaal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten meestal nog waarde-volle materialen.Ze bevatten echter ook schadelijkestoffen die nodig zijn geweest om deapparaten goed en veilig te laten functi-oneren.Wanneer u uw oude apparaat bij hetgewone afval doet of er op een anderemanier niet goed mee omgaat, kunnendeze stoffen schadelijk zijn voor de ge-zondheid en het milieu.Verwijder uw oude apparaat dan ooknooit samen met het gewone afval,maar lever het in bij een gemeentelijkinzameldepot voor elektrische en elek-tronische apparatuur.Het afgedankte apparaat moet tot dietijd buiten het bereik van kinderen wor-den opgeslagen.Let erop dat de buisleidingen van uwapparaat niet worden beschadigd,wanneer dit wordt weggebracht om opvakkundige wijze en zonder het milieual te veel schade te berokkenen te wor-den verschroot.

Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 2Beschrijving van het apparaat. 6Na te bestellen accessoires. 9Flesplateau. 9Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 10Het besparen van energie. 19Het in- en uitschakelen van de koelkast. 21Het bedienen van de koelkast. 22Het inschakelen van de koelkast. 22Het uitschakelen van de koelkast. 22Het uitschakelen van het apparaat in de sabbatmodus. 22Bij langere afwezigheid. 23De juiste temperatuur. 24. indekoelzone en de PerfectFresh Pro-zone. 24Automatische temperatuurverdeling (DynaCool). 24. inhetdiepvriesvak. 24Temperatuuraanduiding. 25Het instellen van de temperatuur. 25Het wijzigen van de temperatuur in de PerfectFresh Pro-zone. 26De functie “Superkoeling”. 28Deuralarm. 29Het voortijdig uitschakelen van de zoemer. 29Het wijzigen van instellingen. 30Vergrendeling 0. 30Geluidssignalen ). 31Lichtsterkte van het display s. 32Sabbatmodus ¬.

Het opslaan in de PerfectFresh Pro-zone. 37PerfectFresh Pro-zone. 37Droogtevak ,. 38Vochtvak ,,. / -. 38Niet verhoogde luchtvochtigheid ,. 38Verhoogde luchtvochtigheid. / -. 38Het indelen van de binnenruimte. 41Deurvakken. 41Flessensteun. 41Plateaus. 41Flesplateau. 42Vakken van de PerfectFresh Pro-zone. 42Het invriezen en bewaren van levensmiddelen. 44Het bewaren van diepvriesproducten. 44Wat gebeurt er bij het invriezen van verse levensmiddelen. 44Het invriezen en bewaren van verse levensmiddelen. 45Waar u daarbij op moet letten. 45Het verpakken. 45Vòòrdat u de verse levensmiddelen in het diepvriesvak legt. 46Het inruimen. 46Ca. 24 uur na het inruimen. 46Het ontdooien van ingevroren levensmiddelen. 46Het bereiden van ijsblokjes. 47Het snelkoelen van dranken. 47Het ontdooien van de koelkast. 48Het ontdooien van de koelzone. 48Het ontdooien van het diepvriesvak.

a Aan/Uit - toetsvan het hele apparaatb Optische interface(alleen voor Miele-technici)c Superkoeling - toetsd Temperatuurtoets(X = kouder);Toets voor de instellingsmoduse Toets voor het bevestigen van eenkeuze (OK - toets)f Temperatuurtoets(Y = warmer);Toets voor de instellingsmodusg Aan/Uit - toetsvan de instellingsmodush Toets voor het uitschakelen van dezoemer bij deuralarmi Display met temperatuuraanduidingen symbolenDe symbolen zijn alleen zichtbaar inde instellingsmodus, bij een alarm ofmelding.Voor de betekenis van de symbolenzie tabel.Beschrijving van het apparaat6

Betekenis van de symbolenSymbool Betekenis Functie0 Vergrendeling Hiermee wordt voorkomen dat per ongelukhet apparaat wordt uitgeschakeld, een an-dere temperatuur wordt ingesteld, de super-koeling wordt ingeschakeld en instellingenworden gewijzigd.) Geluidssignalen Keuzemogelijkheden van toetssignaal enzoemer bij deuralarm

Schematische afbeeldinga Bedieningspaneelb Diepvriesvak met rooster*c Deurvak met eierhouderd Ventilatore Plateau(s) met verlichting(FlexiLight)*f Plateau(s)*g Flesplateauh Deurvak voor flesseni Binnenverlichting van dePerfectFresh Pro-zonej Droogtevak van dePerfectFresh Pro-zonek Gootje voor het dooiwater enafvoeropening voor het dooiwaterl Regelaar voor het instellenvan de luchtvochtigheidin het vochtvak / de vochtvakken*m Vochtvak / Vochtvakken van dePerfectFresh Pro-zone** Afhankelijk van het modelBeschrijving van het apparaat8

Na te bestellen accessoiresRoestvrijstalen lijst met LED-verlich-ting voor plateaus (FlexiLight)Aan de roestvrijstalen lijst bevindt zichLED-verlichting b. Deze wordt via me-talen plaatjes (contactpunten) a vanstroom voorzien.Door plateaus met verlichting te ver-plaatsen kunt u zelf bepalen hoe dekoelzone moet worden verlicht.FlesplateauFlessen kunt u op het flesplateau leg-gen.

Daarmee bespaart u ruimte.Het flesplateau kan op verschillendemanieren in het apparaat worden ge-plaatst.Voor het onderhoud van roestvrijstaal hebt u het volgende nodig.–Een onderhoudsmiddel voor roestvrijstaalDit brengt iedere keer wanneer hetwordt gebruikt een film over hetroestvrij staal aan met een water- envuilwerende werking.Het middel verwijdert waterstrepen,vingerafdrukken en andere vlekkenen laat het oppervlak stralen.–Een doekje voor roestvrij staal, waarhet bovengenoemde onderhouds-middel al in zit.Het doekje heeft dezelfde reinigendeen beschermende eigenschappenals bovengenoemd middel.Universeel microvezeldoekjeHet microvezeldoekje is handig bij hetverwijderen van vingerafdrukken en an-der licht vuil op roestvrijstalen fronten,panelen, ramen enz.Accessoires kunt u nabestellen bij devakhandel, bij de afdeling Onderde-len van Miele Nederland B.V.

Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften.Onjuist gebruik echter kan persoonlijk letsel of beschadiging vanhet apparaat tot gevolg hebben.Lees daarom de gebruiks- en montagehandleiding aandachtigdoor, voordat u het apparaat in gebruik neemt.

In de handleidingvindt u belangrijke instructies met betrekking tot inbouw, veilig-heid, gebruik en onderhoud.Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die isontstaan doordat de veiligheidsinstructies en waarschuwingenniet in acht zijn genomen.Bewaar de gebruiks- en montagehandleiding en geef deze dooraan een eventuele volgende eigenaar.Efficiënt gebruik~Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk of vergelijk-baar gebruik.~Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor gebruik binnenshuis.~Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor het koelen en bewarenvan levensmiddelen, voor het bewaren van diepvriesproducten, voorhet invriezen en bewaren van verse levensmiddelen en voor het be-reiden van ijs.Gebruik voor andere doeleinden is niet toegestaan.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen10

~Het apparaat is niet geschikt voor het koelen en bewaren vanmedicamenten, bloedplasma, laboratoriumpreparaten en dergelijke.Opslag van deze producten in het apparaat kan tot kwaliteitsverliesen zelfs tot bederf van de opgeslagen levensmiddelen leiden.~Het apparaat mag niet worden gebruikt in explosiegevoeligeruimten.~De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaandoor gebruik voor andere doeleinden dan hier aangegeven of dooreen foutieve bediening.~Personen die op grond van hun fysieke of psychische gesteld-heid, hun onervarenheid of gebrek aan kennis van het apparaat nietin staat zijn om het veilig te bedienen, mogen het alleen gebruikenals ze onder toezicht staan van of worden geïnstrueerd door eenverantwoordelijk persoon.Wanneer er kinderen in huis zijn~Kinderen onder de acht jaar mogen alleen in de buurt van het ap-paraat komen als ze constant onder toezicht staan.~Kinderen vanaf acht jaar mogen het apparaat zonder toezicht ge-bruiken, maar alleen als ze weten hoe het werkt en wat voor gevaarzij lopen wanneer ze het fout bedienen.~Kinderen mogen het apparaat niet zonder toezicht reinigen of on-derhouden.~Houd kinderen in de gaten wanneer deze zich in de buurt van hetapparaat bevinden.

Technische veiligheid~Het koelsysteem is op lekken gecontroleerd. Het apparaat vol-doet aan de desbetreffende veiligheidsbepalingen en EU-richtlijnen.~Dit apparaat bevat het koelmiddel isobutaan (R600a).Dit is een natuurlijk gas dat het milieu weinig belast, maar welbrandbaar is. Het gas is niet schadelijk voor de ozonlaag en ver-sterkt het broeikaseffect niet, maar het gebruik van dit koelmiddelheeft er wel toe geleid dat het apparaat meer lawaai maakt wanneerhet aanstaat. Behalve de geluiden van de compressor kunnen erdan in het hele koelsysteem stromingsgeluiden optreden.Deze effecten zijn helaas niet te vermijden, maar hebben geen ne-gatieve invloed op de capaciteit van het apparaat.Let er bij het transport en bij de plaatsing van het apparaat op dat ergeen onderdelen van het koelsysteem worden beschadigd.

Vrijko-mend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken.Wordt het koelsysteem toch beschadigd:– vermijd dan open vuur of andere brandhaarden,– haal de spanning van het apparaat,– lucht het vertrek waar het apparaat staat enkele minuten lang door–en schakel de afdeling Klantencontacten van Miele Nederland in.~Hoe meer koelmiddel een apparaat bevat, des te groter moet hetvertrek zijn waarin dit apparaat wordt geplaatst.Wanneer het vertrek te klein is kan zich bij een eventuele lek eenbrandbaar mengsel van gas en lucht vormen.Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m3groot zijn.De hoeveelheid koelmiddel van dit apparaat staat op het typeplaatjein de binnenkant van het apparaat.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen12

Deze moeten beslist overeenkomen.Raadpleeg bij twijfel een elektricien.~De elektrische veiligheid van het apparaat is uitsluitend gegaran-deerd als het wordt aangesloten op een aardingssysteem dat vol-gens de geldende veiligheidsbepalingen is geïnstalleerd.Laat de huisinstallatie bij twijfel door een vakman / vakvrouw inspec-teren.~Wanneer de aansluitkabel is beschadigd, moet deze door een er-kend vakman / vakvrouw worden vervangen.~Dit apparaat mag niet op het elektriciteitsnet worden aangeslotenvia meervoudige stopcontacten of via verlengsnoeren die daarvoorniet geschikt zijn.Dit in verband met gevaar voor oververhitting.~Wanneer er vocht op spanningvoerende delen of de elektrischekabel terechtkomt, kan dat kortsluiting veroorzaken.Gebruik het apparaat daarom niet in ruimtes waar met water wordtgespetterd.~Dit apparaat mag niet op een niet-stationaire locatie (bijv.

op eenschip) worden gebruikt.~Controleer vóórdat het apparaat wordt geplaatst, of het zichtbaarbeschadigd is.Een beschadigd apparaat mag niet worden geplaatst en niet in ge-bruik genomen.~Gebruik het apparaat alleen als het is ingebouwd.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13

~Bij installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mag ergeen elektrische spanning op het apparaat staan.Dat is het geval als aan één van de volgende voorwaarden is vol-daan:–als de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld,–als de stekker uit het stopcontact is getrokken.Trek daarbij aan de stekker en niet aan de aansluitkabel.~Installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen al-leen door een erkend vakman / vakvrouw worden uitgevoerd.Gebeurt dat niet, dan kan de gebruiker risico's lopen waarvoor defabrikant niet aansprakelijk is.~Reparaties mogen tijdens de garantieperiode alleen door eentechnicus van Miele worden uitgevoerd.Gebeurt dat niet, dan vervalt de garantie.~Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderde-len worden vervangen.

Verdere tips voor het gebruik~Het apparaat heeft een bepaalde klimaatklasse. De klimaatklasseis een kamertemperatuurbereik waar de temperatuur niet boven ofonder mag liggen en staat aangegeven op het typeplaatje aan debinnenkant van uw apparaat.Een te lage temperatuur heeft tot gevolg dat de compressor voorlangere tijd afslaat, zodat het apparaat de vereiste temperatuur nietkan aanhouden.~Sluit de ventilatiegleuven niet af om te voorkomen dat de luchtge-leiding niet goed functioneert, het stroomverbruik stijgt en onderde-len beschadigd raken.~Bevinden zich vet- of oliehoudende levensmiddelen in het appa-raat, let er dan op dat er geen vet of olie uitloopt om scheuren in hetkunststof te voorkomen.~Bewaar geen stoffen in het apparaat die drijfgassen of andereverstuivingsmiddelen bevatten.Wanneer de thermostaat wordt ingeschakeld kunnen vonken ont-staan.

Deze kunnen licht ontvlambare producten tot explosie bren-gen.~Gebruik geen elektrische apparaten in dit apparaat, bijv. voor hetmaken van ijs.Dit om vonken en een explosie te voorkomen.~Bewaar geen blikjes en flessen in het vriesvak die koolzuurhou-dende dranken bevatten of vloeistoffen die kunnen bevriezen.In dat geval kunnen blikjes en flessen uit elkaar springen, kunt u let-sel oplopen en kan het apparaat beschadigd raken.~Plaats dranken met een hoog alcoholpercentage alleen rechtopen altijd goed gesloten in het apparaat in verband met explosiege-vaar.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen15

~Haal flessen die u in het vriesvak hebt gelegd om snel te koelener na maximaal één uur weer uit.Dit om te voorkomen dat de flessen uit elkaar springen, dat u letseloploopt en dat het apparaat beschadigd raakt.~Raak ingevroren levensmiddelen en metalen onderdelen niet metnatte handen aan om letsel aan uw handen te voorkomen.~Nuttig ijsblokjes en ijslolly's, vooral waterijsjes, nooit meteen na-dat u ze uit het vriesvak heeft gehaald om letsel aan lippen en tongte voorkomen.~Vries geheel of gedeeltelijk ontdooide levensmiddelen niet op-nieuw in.Bereid deze levensmiddelen zo snel mogelijk omdat ze anders aanvoedingswaarde verliezen en bederven.Als ontdooide levensmiddelen worden gekookt of gebraden kunnenze wel opnieuw worden ingevroren.~Wanneer u levensmiddelen eet die te lang zijn bewaard, loopt uhet risico om voedselvergiftiging op te lopen.De bewaartijd hangt van vele factoren af, zoals de versheid en kwa-liteit van de levensmiddelen en de temperatuur waarop ze wordenbewaard.Neem de bewaartips en de uiterste houdbaarheidsdatum van de le-vensmiddelenfabrikanten in acht.~Gebruik uitsluitend Miele-accessoires om te voorkomen datgarantie-aanspraken vervallen.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen16

Reiniging en onderhoud~Behandel de deurdichting niet met olie of vet om te voorkomendat deze in de loop van de tijd poreus wordt.~Gebruik voor het ontdooien en reinigen van het apparaat nooiteen stoomreiniger, aangezien stoom in aanraking kan komen metspanningvoerende delen van het apparaat en zo kortsluiting veroor-zaken.~Gebruik geen scherpe voorwerpen om–rijp- en ijslagen te verwijderen– en vastgevroren levensmiddelen los te wrikken.Doet u dat wel, dan beschadigt u de verdampers en functioneert hetapparaat niet meer.~Plaats wanneer u wilt ontdooien nooit elektrische verwarmingsap-paraten of kaarsen in het apparaat om te voorkomen dat het kunst-stof beschadigd raakt.~Gebruik geen ontdooisprays of andere middelen om te ontdooi-en.Deze kunnen explosieve gassen vormen, oplosmiddelen of drijfgas-sen bevatten die het kunststof beschadigen of schadelijk zijn voorde gezondheid.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen17

Transport~Het apparaat moet rechtop en in de transportverpakking wordenvervoerd.~Het apparaat is erg zwaar. Vraag daarom iemand u te helpen methet vervoeren ervan.Afdanken van het apparaat~Maak het slot onbruikbaar om te voorkomen dat kinderen niet inhet apparaat ingesloten kunnen raken en in levensgevaar komen.~Beschadig geen delen van het koelsysteem, bijv. door– koelmiddelkanalen van de verdamper open te prikken;– buisleidingen om te buigen;– beschermende lagen af te krabben.Spuit er koelmiddel uit, kan dat oogletsel veroorzaken.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen18

Normaal energieverbruik Te hoog energieverbruikBelangrijk bijplaatsing en on-derhoudPlaats het apparaat in eengeventileerde ruimte.In gesloten, niet geventileer-de ruimtesStel het apparaat niet blootaan zonnestralen.Direct blootgesteld aanzonnestralenPlaats het apparaat nietnaast een warmtebron.Naast een warmtebron (ver-warming, fornuis)Zorg voor een omgevingstem-peratuur van ca. 20 °C.Bij een hoge omgevingstem-peratuurDek ventilatiegleuven niet afen maak ze regelmatig stof-vrij.Met ventilatiegleuven die zijnafgedekt of vol zitten metstof.Belangrijk bij detemperatuurinstel-lingKoelzone: 4 tot 5 °C Hoe lager de temperatuur,des te hoger het energiever-bruik.PerfectFresh Pro-zone:ca.0°CDiepvriesvak: -18 °CHet besparen van energie19

Het apparaat heeft tijdnodig om daartegenop te koe-len en de compressor moetlanger werken.Neem bij het boodschappendoen een koeltas mee en legde levensmiddelen zo snelmogelijk in het apparaat.Pakt u levensmiddelen uit hetapparaat, neem dan wat u no-dig hebt en leg de rest zo snelmogelijk weer terug om koel-verlies te voorkomen.Laat warme levensmiddeleneerst buiten het apparaat af-koelen.Zijn levensmiddelen nog warmwanneer ze in het apparaatworden gelegd, ontstaat erwarme lucht in het apparaat.Het apparaat heeft tijd nodigom daartegenop te koelen ende compressor moet langerwerken.Leg de levensmiddelen alleenafgedekt of verpakt in het ap-paraat.Wanneer vloeibare stoffen inde koelzone condenseren,neemt de koelcapaciteit af.Leg ingevroren levensmid-delen in de koelzone wanneerze moeten ontdooien.Zorg ervoor dat vakken en la-den niet te zwaar worden be-laden, zodat de lucht kan cir-culeren.Belangrijk bijhet ontdooienOntdooi het vriesvak wanneerer een ijslaag van maximaal0,5 cm in zit.Een ijslaag bemoeilijkt het in-vriezen en bewaren van le-vensmiddelen.Het besparen van energie20

Vòòr het eerste gebruikVerpakkingsmateriaal^Verwijder al het verpakkingsmateriaaluit de binnenruimte.BeschermfolieDe roestvrijstalen lijsten en panelen zijntijdens het transport van een bescherm-folie voorzien.^Trek deze folie van de roestvrijstalenlijsten en panelen af.Reiniging en onderhoudZie hoofdstuk: "Het reinigen en on-derhouden van de koelkast".^ Wrijf de roestvrijstalen gedeelten di-rect daarna in met het bijgevoegdeMiele-middel voor het onderhoud vanroestvrij staal.Belangrijk!Bovengenoemd middel brengt eenfilm over het roestvrij staal aan meteen water- en vuilwerende werking.^Reinig de binnenkant van het appa-raat en de toebehoren.Accessoire - FlessensteunDe flessensteun wordt in het deurvakvoor flessen geplaatst.

Flessen staansteviger wanneer u de deur van het ap-paraat opent en sluit.^ Plaats de flessensteun in het middenvan de achterkant van het deurvakvoor flessen.Het in- en uitschakelen van de koelkast21

Het bedienen van de koelkastU bedient dit apparaat door de sensor-toetsen aan te tippen.Iedere keer wanneer u een sensortoetsaantipt, klinkt er een signaal.Dit toetssignaal kunt u uitschakelen.Zie hoofdstuk: "Het wijzigen van instel-lingen", paragraaf: "Geluidssignalen".Het inschakelen van de koel-kastNadat het apparaat elektrisch is aange-sloten, verschijnt na korte tijd in het dis-play symbool t voor de elektrischeaansluiting.^ Tip de Aan/Uit – toets aan.Symbool t voor de elektrische aanslui-ting gaat uit en in het display verschijntde temperatuur.Het apparaat begint te koelen.Wanneer de deur wordt geopend, gaatde binnenverlichting aan en wordt deLED-verlichting van de plateaus steedssterker, totdat de maximale lichtsterkteis bereikt.Vòòrdat u voor de eerste keer levens-middelen in het apparaat legt, kunt uhet apparaat het beste een paar uurlaten voorkoelen.Het uitschakelen van de koel-kast^Tip de Aan/Uit – toets aan.Is dat niet mogelijk, is de vergrendelingingeschakeld.In het display gaat de temperatuuraan-duiding uit en verschijnt symbool tvoor de elektrische aansluiting.De koeling en de binnenverlichting wor-den uitgeschakeld.Het uitschakelen van het apparaat inde sabbatmodusU kunt het apparaat ieder moment uit-schakelen.^ Tip de Aan/Uit - toets aan.In het display gaat de temperatuuraan-duiding uit en verschijnt symbool tvoor de elektrische aansluiting.De binnenverlichting gaat uit.De koeling wordt uitgeschakeld.Zodra u het apparaat weer inscha-kelt, is de sabbatmodus uitgescha-keld.Het in- en uitschakelen van de koelkast22

Bij langere afwezigheidWanneer u het apparaat langere tijdniet meer gebruikt, doe dan het volgen-de.^Schakel het apparaat uit.^Trek de stekker uit het stopcontact ofschakel de hoofdschakelaar uit.^Ontdooi het diepvriesvak.^Reinig het apparaat.^Laat de deur van het apparaat eenbeetje openstaan om te voorkomendat er luchtjes ontstaan.Wordt het apparaat in zulke gevallenwel uitgeschakeld, maar niet gerei-nigd en niet opengezet, bestaat hetgevaar dat zich schimmel vormt.Het in- en uitschakelen van de koelkast23

Het is voor de houdbaarheid van de le-vensmiddelen zeer belangrijk dat dejuiste temperatuur wordt ingesteld. Door micro-organismen bederven delevensmiddelen erg snel. De tempera-tuur beïnvloedt de snelheid waarmeede micro-organismen groeien. Hoe la-ger de temperatuur, des te langzamerde micro-organismen groeien en des telanger het duurt voordat de levensmid-delen bederven. Wanneer u voor het bewaren van le-vensmiddelen de juiste temperatuur in-stelt kunt u daarmee bederf voorkomenof vertragen. De temperatuur in het apparaat wordthoger, naarmate– de deur van het apparaat vakerwordt geopend en langer geopendblijft;– er meer levensmiddelen worden op-geslagen;– de temperatuur van de levensmid-delen hoger is, wanneer ze wordenopgeslagen;–de omgevingstemperatuur hoger is. Het apparaat is geconstrueerd vooreen bepaalde klimaatklasse.

Een kli-maatklasse is een temperatuurbereikwaar de kamertemperatuur niet bo-ven of onder mag liggen. indekoelzone en de Per-fectFresh Pro-zoneVoor de koelzone adviseren wij eenkoeltemperatuur van 4°C. In de PerfectFresh Pro-zone wordt detemperatuur automatisch geregeld enligt tussen de 0en3°C. Automatische temperatuurverdeling(DynaCool)Altijd wanneer u de koeling in de koel-zone inschakelt, schakelt het apparaatautomatisch de ventilator in. Daarmee wordt de koude in de koelzo-ne gelijkmatig verdeeld, zodat de le-vensmiddelen die in de koelzone zijnopgeslagen met ongeveer dezelfdetemperatuur worden gekoeld. inhetdiepvriesvakStel, wanneer u verse levensmiddelenwilt invriezen en ingevroren levensmid-delen lange tijd wilt bewaren, een tem-peratuur in van -18°C. Bij deze tempe-ratuur wordt de groei van micro-orga-nismen voor het grootste gedeelte ge-stopt.

TemperatuuraanduidingIs het apparaat normaal in gebruik,dan geeft de temperatuuraanduidingin het display de gemiddelde tempe-ratuur aan, die op dat moment in dekoelzone heerst.Het kan zeker een paar uur duren voor-dat de gewenste temperatuur wordt be-reikt en constant wordt aangegeven. Dithangt o.a.

van de kamertemperatuur ende instelling af.Het instellen van de tempera-tuurBij een temperatuur van 4°C in dekoelzone wordt de temperatuur in hetdiepvriesvak gemiddeld -18°C.^Stel met de temperatuurtoetsen on-der het display de temperatuur in.–Wanneer u op bovenstaande toetsdrukt, gaat de temperatuur omlaagen wordt het kouder.– Wanneer u op bovenstaande toetsdrukt, gaat de temperatuur omhoogen wordt het warmer.De temperatuurwaarde die u insteltknippert in de temperatuuraanduiding.Bij het aantippen van de temperatuur-toetsen, ziet u in het display het volgen-de veranderen:–Wanneer u voor het eerst aantipt,dan knippert de temperatuurwaardedie u het laatst heeft ingesteld.–Vanaf de tweede keer dat u aantiptverandert de temperatuurwaarde instappen van 1 °C.–Wanneer u de toets niet loslaat, ver-andert de temperatuurwaarde conti-nu.De juiste temperatuur25

Ongeveer 5 seconden nadat u voor hetlaatst op een temperatuurtoets heeftgedrukt, verschijnt in de temperatuur-aanduiding automatisch de tempera-tuurwaarde die op dat moment in hetapparaat heerst.Of^u tipt de OK - toets aan om uw keuzete bevestigen.Hebt u de temperatuur gewijzigd, con-troleer dan de temperatuuraanduidingen wel na ca. 6 uur wanneer er weiniglevensmiddelen in het apparaat lig-gen en na ca. 24 uur wanneer het ap-paraat goed vol zit. Pas dan is de in-gestelde temperatuur bereikt.Is de temperatuur dan nog te hoog of telaag, wijzig de temperatuur dan.Mogelijke temperatuurinstellingenDe temperatuur is instelbaar van 3°Ctot 9°C.Het wijzigen van de tempera-tuur in de PerfectFresh Pro-zoneIn de PerfectFresh Pro-zone wordt detemperatuur automatisch tussen de 0en 3 °C gehouden.Wanneer u het daar echter warmer ofkouder wilt hebben, bijv.

omdat u viswilt opslaan, dan kunt u de temperatuurwijzigen.De temperatuur in de PerfectFreshPro-zone is vanuit het fabriek inge-steld op 5.Bij een stand van 1 tot en met 4 kande temperatuur onder het vriespuntzakken en kunnen levensmiddelenbevriezen!De juiste temperatuur26

Het wijzigen van de temperatuur^Tip de toets voor de instellingsmodusaan.In het display verschijnen alle symbolenvoor de instellingsmodus. Symbool 0knippert.^ Tip de temperatuurtoetsen (X en Y)zo vaak aan, totdat in het displaysymbool u begint te knipperen.^ Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.In het display knippert de laatst inge-stelde variant. Symbool u brandt.Met de temperatuurtoetsen kunt u nude temperatuur in de PerfectFresh-zonewijzigen.U kunt kiezen tussen de standen 1 toten met 9.Bij 1 is de temperatuur het laagst.Bij 9 is de temperatuur het hoogst.^Tip de X of Y - toets aan om de tem-peratuur te wijzigen.^Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.Wat u heeft ingesteld, wordt overgeno-men. Symbool u knippert.^ Tip de toets voor de instellingsmodusaan om deze modus te verlaten.Doet u dat niet, verlaat de elektronicana ca.

Het gebruik van de superkoe-lingMet behulp van de functie "Superkoe-ling" daalt de temperatuur in de koelzo-ne zeer snel zo laag mogelijk. Hoe laaghangt af van de kamertemperatuur.Het gebruik van de superkoeling isvooral dan aan te raden, wanneer ugrote hoeveelheden verse levensmid-delen of drank opslaat en snel wilt latenafkoelen.Het inschakelen van de superkoeling^ Tip de Superkoeling - toets aan.De toets licht geel op.De temperatuur in het apparaat daalten de koelcapaciteit is nu maximaal.Het uitschakelen van de superkoe-lingDe superkoeling wordt automatisch naca.

12 uur uitgeschakeld.De koelcapaciteit van het apparaat isweer normaal.Om energie te besparen kunt u de su-perkoeling zelf uitschakelen zodra delevensmiddelen of dranken koel ge-noeg zijn.^ Tip de Superkoeling - toets aan.De gele achtergrondkleur verdwijnt.De koelcapaciteit van het apparaat isweer normaal.De functie “Superkoeling”28

Dit apparaat is uitgerust met een waar-schuwingssysteem dat in werkingtreedt wanneer de deur te lang open-staat.Daarmee wordt voorkomen dat er onno-dig veel energie wordt verbruikt en dathet voor de opgeslagen levensmidde-len te warm wordt.Wanneer de deur te lang openstaat,gaat er een zoemer en lichtalarmsymbool ; op.De tijd voordat het deuralarm gaat is af-hankelijk van het aantal minuten datdaarvoor is ingesteld.Vanuit de fabriek is 2 minuten inge-steld.U kunt ook 4 minuten instellen of hetdeuralarm uitschakelen.Zie hoofdstuk: "Het wijzigen van instel-lingen", paragraaf: "Geluidssignalen".Zodra de deur wordt gesloten, houdtde zoemer op en gaatalarmsymbool ; uit.Klinkt er geen zoemer, hoewel er welsprake is van een alarmsituatie, danis de zoemer bij deuralarm uitge-schakeld.Zie hoofdstuk: "Het wijzigen van in-stellingen", paragraaf: "Geluidssigna-len".Het voortijdig uitschakelen vande zoemerHindert de zoemer u, dan kunt u dezevoortijdig uitschakelen.^Tip daarvoor de toets voor het uit-schakelen van de zoemer bij deur-alarm aan.De zoemer houdt op.Alarmsymbool ; blijft branden totdatde deur wordt gesloten.Deuralarm29

Bepaalde instellingen van het apparaatkunt u alleen in de instellingsmodus wij-zigen.Zit u in de instellingsmodus, wordthet deuralarm of een andere foutmel-ding automatisch onderdrukt; in hetdisplay brandt echter welalarmsymbool ;.Instelmogelijkheden0 Vergrendeling in-/uitschakelen) Geluidssignalen in-/uitschakelens Lichtsterkte van het display in-stellenu Temperatuur in de PerfectFreshPro-zone wijzigen¬ Sabbatmodus in-/uitschakelenHoeudetemperatuur in de Perfect-Fresh Pro-zone wijzigt, wordt be-schreven in het hoofdstuk: "De juistetemperatuur".Alle andere genoemde mogelijkhedenworden hieronder beschreven.Vergrendeling 0Met de vergrendeling kunt u voorkomendat per ongeluk:–het apparaat wordt uitgeschakeld;–een andere temperatuur wordt inge-steld;–de superkoeling wordt ingeschakeld–en dat instellingen worden gewijzigd.Het uitschakelen van de vergrende-ling is natuurlijk wel mogelijk.Hiermee kan worden voorkomen datbijv.

kinderen iets aan de bedieningvan het apparaat veranderen.Het in- en uitschakelen van de ver-grendeling^ Tip de toets voor de instellingsmodusaan.In het display verschijnen alle symbolenvoor de instellingsmodus. Symbool 0knippert.^Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.In het display knippert de laatst inge-stelde variant. Symbool 0 brandt.Het wijzigen van instellingen30

^Schakel met de X/Y - toetsen de ver-grendeling in of uit.0: De vergrendeling is uitgeschakeld.1: De vergrendeling is ingeschakeld.^Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.Wat u heeft ingesteld, wordt overgeno-men. Symbool 0 knippert.^ Tip de toets voor de instellingsmodusaan om deze modus te verlaten.Doet u dat niet, verlaat de elektronicana ca. èèn minuut automatisch de in-stellingsmodus.Is de vergrendeling ingeschakeld,brandt in het display 0.Geluidssignalen )Het apparaat beschikt over geluidssig-nalen, nl. een toetssignaal en een zoe-mer bij deuralarm.Het toetssignaal en de zoemer bij deur-alarm kunt u in- en uitschakelen.Er zijn vier varianten. Vanuit de fabriekis variant 3 ingesteld, d.w.z.

toets-signaal en deuralarm zijn ingeschakeld.Het in- en uitschakelen van de ge-luidssignalen^ Tip de toets voor de instellingsmodusaan.In het display verschijnen alle symbolenvoor de instellingsmodus. Symbool 0knippert.^Tip de temperatuurtoetsen (X en Y)zo vaak aan, totdat in het displaysymbool ) begint te knipperen.^Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.In het display knippert de laatst inge-stelde variant. Symbool ) brandt.Het wijzigen van instellingen31

^Kies met de X/Y - toetsen de ge-wenste variant.0: Toetssignaal uit en zoemer uit1: Toetssignaal uit en zoemer aan(na 4 minuten)2: Toetssignaal uit en zoemer aan(na 2 minuten)3: Toetssignaal aan en zoemer aan(na 2 minuten)^ Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.Wat u heeft ingesteld, wordt overgeno-men. Symbool ) knippert.^Tip de toets voor de instellingsmodusaan om deze modus te verlaten.Doet u dat niet, verlaat de elektronicana ca. èèn minuut automatisch de in-stellingsmodus.Lichtsterkte van het display sU kunt de lichtsterkte van het displayaan de omgeving aanpassen.De lichtsterkte van het display kan in destanden 1 tot en met 3 worden inge-steld. Vanuit de fabriek is stand 3,demaximale stand, ingesteld.Het instellen van de lichtsterkte vanhet display^ Tip de toets voor de instellingsmodusaan.In het display verschijnen alle symbolenvoor de instellingsmodus.

èèn minuut automatisch de in-stellingsmodus.Sabbatmodus ¬Het apparaat beschikt over desabbatmodus om gebruikers in hunreligieuze verplichtingen van dienst tezijn.Is de sabbatmodus ingeschakeld, danworden uitgeschakeld:–de binnenverlichting wanneer dedeur wordt geopend;–alle geluidssignalen en optische sig-nalen;–de temperatuuraanduiding;– de superkoeling (als deze daarvòòrwas ingeschakeld);Is de sabbatmodus ingeschakeld, dankunt u kiezen:– de Aan/Uit – toets van de instellings-modus om de sabbatmodus uit teschakelen;– de Aan/Uit – toets van het hele appa-raat.Let erop dat de deuren goed dichtzijn, daar geluidssignalen en op-tische signalen zijn uitgeschakeld.Een mogelijke stroomuitval wordt danniet aangegeven.Na een stroomuitval start het appa-raat in de sabbatmodus.Het wijzigen van instellingen33

Het inschakelen van de sabbatmodus^Tip de toets voor de instellingsmodusaan.In het display verschijnen alle symbolenvoor de instellingsmodus. Symbool 0knippert.^ Tip de temperatuurtoetsen (X en Y)zo vaak aan, totdat in het displaysymbool ¬ begint te knipperen.^ Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.In het display knippert de laatst inge-stelde variant. Symbool ¬ brandt.^Schakel met de X/Y - toetsen desabbatmodus in.Kies instelling 1.^Tip de OK - toets aan om uw keuze tebevestigen.Wat u heeft ingesteld, wordt overgeno-men. Symbool ¬ brandt.Zodra symbool ¬ uit het display ver-dwijnt, is de sabbatmodus ingescha-keld.^Schakel de sabbatmodus na desabbat uit.Het uitschakelen van desabbatmodus^ Tip de Aan/Uit - toets van de instel-lingsmodus aan om de sabbatmoduste verlaten.In het display verschijnt de temperatuuren de binnenverlichting gaat aan.Het wijzigen van instellingen34

Gedeelten met verschillendetemperaturenDoor de natuurlijke luchtcirculatie ont-staan er in de koelzone gedeelten metverschillende temperaturen.Zo zakt dekoude, zware lucht in het onderste ge-deelte van de koelzone.Maak bij het inruimen van de levens-middelen gebruik van deze verschillen-de temperaturen.Dit is een apparaat met een automa-tische, dynamische koeling(DynaCool).

Dat houdt in dat, wan-neer de ventilator is ingeschakeld, detemperatuur in de koelzone gelijkma-tig wordt verdeeld en de tempera-tuurverschillen hier minder groot zijn.Minst koele gedeelte in de koelzoneHet minst koele gedeelte in de koelzo-ne bevindt zich helemaal bovenin aande voorkant en in de deur.Gebruik dit gedeelte voor het opslaanvan boter zodat deze smeerbaar blijften voor kaas zodat deze zijn aroma nietverliest.Koelste gedeelte in de koelzoneHet koelste gedeelte in de koelzone be-vindt zich direct boven de plaat die dekoelzone van de PerfectFresh Pro-zonescheidt en aan de achterwand.In de vakken van de PerfectFresh Pro-zone zijn de temperaturen echter noglager.Gebruik deze gedeelten voor alle le-vensmiddelen die niet lang houdbaarzijn, zoals:–Vis, vlees, gevogelte–Worst, kant-en-klaar-gerechten–Levensmiddelen met eieren of room–Alle soorten deeg–Melkproducten–In folie verpakte, voorgesnedengroente en in het algemeen alle ver-se groenten waarvan de houdbaar-heidsdatum alleen geldt bij een tem-peratuur van minstens 4 °C.Bewaar in verband met explosiege-vaar geen stoffen in het apparaatdie drijfgassen of andere explosievemiddelen bevatten.Bevinden zich vet- of oliehoudendelevensmiddelen in het apparaat,zorg er dan voor dat er geen vet ofolie uitloopt om scheuren in hetkunststof te voorkomen.Zet de levensmiddelen niet tegen deachterwand om te voorkomen dat zeeraan vastvriezen.Leg de levensmiddelen niet te dichtop elkaar, zodat de lucht goed kancirculeren.Dek de ventilator aan de achter-wand niet af; deze is belangrijk voorde koelcapaciteit.Het opslaan in de koelzone35

Niet geschikt voor de koelkastKoudegevoelige levensmiddelen zijnniet geschikt om bij temperaturen onderde 5°C te worden bewaard.Te lage temperaturen kunnen een ne-gatieve invloed hebben op de smaak,het vitaminegehalte, het uiterlijk en deconsistentie van deze levensmiddelen.Tot de koudegevoelige levensmiddelenbehoren onder andere:–Citrusvruchten, bananen, ananas,avocado's, mango's, papaja's, pas-sievruchten, tomaten, komkommers,paprika's, aubergines en courgettes– Fruit dat nog niet rijp is– Aubergines, courgettes, komkom-mers, paprika’s en tomaten– Aardappels– Parmezaanse kaasWaar u in de winkel al op moetlettenLevensmiddelen blijven langer goednaarmate ze verser zijn op het momentdat ze in de koelzone worden gelegd.De versheid is bepalend voor de be-waartijd.Let daarom op de uiterste houdbaar-heidsdatum en de juiste koeltempera-tuur.Let er daarom ook op dat de tijd tussenhet kopen en het inruimen van levens-middelen zo kort mogelijk is.

Laat zeniet te lang in een warme auto liggen.Tip: neem voor het boodschappendoeneen koeltas mee en leg de levensmid-delen direct in de koelkast.Afdekken of niet?Bewaar levensmiddelen in de koelzonealleen afgedekt of verpakt.Zo voorkomt u dat er levensmiddelen-luchtjes vrijkomen en op andere levens-middelen worden overgedragen.Tevens voorkomt u dat de levensmid-delen uitdrogen en dat mogelijk aan-wezige bacteriën zich verspreiden.Dit geldt vooral voor dierlijke levens-middelen.Ook als u de juiste temperatuur instelten het apparaat regelmatig reinigt, blij-ven de levensmiddelen langer houd-baar.In de PerfectFresh Pro-zone kunnensommige levensmiddelen wel onafge-dekt of onverpakt worden bewaard.Het opslaan in de koelzone36

PerfectFresh Pro-zoneIn de PerfectFresh Pro-zone zijn de koel-condities voor fruit, groenten, vis, vleesen melkproducten optimaal. Deze le-vensmiddelen blijven veel langer vers ensmaak en vitaminen blijven behouden. In de PerfectFresh Pro-zone wordt detemperatuur automatisch geregeld enligt bij0-3°C. Deze temperaturen zijn lager dan ineen gewone koelzone, maar voor le-vensmiddelen die niet gevoelig zijnvoor koude zijn dit de ideale opslag-temperaturen. Deze levensmiddelen zijn bij deze tem-peraturen langer houdbaar en blijvenzo langer vers. Daar komt nog bij dat de luchtvochtig-heid in de PerfectFresh Pro-zone aande opgeslagen levensmiddelen kanworden aangepast. Met een hogere luchtvochtigheid kun-nen de levensmiddelen hun natuurlijkvochtgehalte behouden. Ze drogen danniet zo snel uit en blijven dan langervers en knapperig.

Bedenk dat het voor het koelresultaatook belangrijk is dat de levensmid-delen vers zijn wanneer ze in de koel-kast worden opgeslagen. Haal de levensmiddelen die in dePerfectFresh Pro-zone zijn opgesla-gen, er ca. 30 - 60 minuten voordat uze nuttigt uit. Pas bij kamertemperatuur komen aro-ma en smaak tot hun recht. De PerfectFresh Pro-zone bestaat uittwee vakken. –Het bovenste vak is het droogtevak. In dit vak heerst een temperatuur van0-3°Ceneennormale luchtvochtig-heid ,. Hier worden vis, vlees, zuivelproduc-ten en allerlei andere verpakte le-vensmiddelen opgeslagen. – Het onderste vak is het vochtvak (ofmeerdere vochtvakken, al naargelang het model). Ook in dit vakheerst een temperatuur van0-3°C. De luchtvochtigheid is hier variabel. Aan de stand van de schuifregelaar iste zien of de luchtvochtigheid hiernormaal is (,) of verhoogd (. / -).

In het laatste geval kunnen hiergroenten en fruit worden opgeslagen. Alle levensmiddelen zijn op een speci-fieke manier samengesteld. De manierwaarop ze moeten worden gekoeld kandus ook verschillen.

Droogtevak ,Het droogtevak is vooral geschikt voorde opslag van levensmiddelen die nietlang houdbaar zijn.–Verse vis en schaaldieren–Vlees, gevogelte, worst–Delicatessen–Zuivelproducten–Allerlei andere verpakte levensmid-delenDe luchtvochtigheid in het droogtevakis ongeveer gelijk aan de luchtvochtig-heid die in een gewone koelzoneheerst. Bij het droogtevak gaat het dusvoornamelijk om de lage temperatuur.Houd er rekening mee dat levensmid-delen sneller bederven, naarmate zemeer eiwit bevatten.Dat betekent dat schaaldieren snellerbederven dan bijv. vis en dat vis weersneller bederft dan vlees.Bewaar deze levensmiddelen om hygi-ënische redenen alleen verpakt of ineen bakje.Vochtvak ,, .

/ -Niet verhoogde luchtvochtigheid ,Met deze stand , wordt het vochtvakeen droogtevak.Met de schuifregelaar worden de ope-ningen naar het vak geopend en kande in het vak heersende luchtvochtheidontsnappen.Zie paragraaf: "Droogtevak ,".Verhoogde luchtvochtigheid . / -Bij beide standen .

/ - is het vocht-vak geschikt voor de opslag van groen-te en fruit.– Bij een grote hoeveelheid groente enfruit adviseren wij stand ..Met de schuifregelaar worden deopeningen naar het vak voor eendeel gesloten en blijft een deel vande reeds in het vak heersende lucht-vochtigheid behouden.– Bij een kleine hoeveelheid groenteen fruit adviseren wij stand -.Met de schuifregelaar worden deopeningen naar het vak geheel ge-sloten en blijft de reeds in het vakheersende luchtvochtigheid geheelbehouden.Tip: Is de luchtvochtigheid te hoog envormt zich een vrij grote hoeveelheidvocht in het vak, kies dan stand ..Is de luchtvochtigheid te laag, verpakde levensmiddelen dan luchtdicht.Het opslaan in de PerfectFresh Pro-zone38

De hoogte van de luchtvochtigheid inhet vochtvak hangt sterk af van hetsoort en de hoeveelheid opgeslagen le-vensmiddelen. Ook is het in dit opzichtheel belangrijk dat de levensmiddelenniet verpakt zijn.Het is mogelijk dat zich bij een ver-hoogde luchtvochtigheid in hetvochtvak op de bodem en onder hetdeksel condenswater ontwikkelt.Verwijder dit met een doekje.Tip voor testbureaus:Voor een energiemeting volgens denorm moet de schuifregelaar aan hetvochtvak op stand , ("niet verhoogdeluchtvochtigheid") staan.Het reguleren van de luchtvochtig-heid in het vochtvakZet de schuifregelaar op stand ,, .

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele K 37682 iDF stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden