Miele H 370-2 Handleiding

Miele Oven H 370-2

Bekijk gratis de handleiding van Miele H 370-2 (88 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Miele H 370-2 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/88
Gebruiksaanwijzing
Combi-fornuizen
Combi-ovens
H 370-2, H 373-2
H 380-2, H 383-2, H 390-2
Lees deze gebruiksaanwijzingbeslist
voordat u het apparaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan het apparaat.
M
M.-Nr. 05 850 200

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Oven
Model: H 370-2

Handleiding Miele H 370-2 – volledige tekst

Algemeen. 5Uitvoering. 6Accessoires. 7Bakplaat, braadslede, rooster. 7Vetfilter. 8Spatel. 8Bratometer. 8Draaigrilleerinrichting. 9Kookplaat. 9Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 10Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 11Veiligheidsvoorzieningen. 16Automatische uitschakeling. 16Vóór het eerste gebruik. 17Dagtijd instellen. 17Katalysator en grillmotor inschakelen. 18Reiniging voor het eerste gebruik. 18Ovenfuncties. 19Bediening van de oven. 21Bedieningselementen. 21Functiekeuzeschakelaar. 21Temperatuur- en tijdtoetsen. 21Toetsen "+" en "–". 21Ovenfuncties. 22Voorgeprogrammeerde temperatuur. 23Principe. 24Temperatuur veranderen. 24Een eigen standaardtemperatuur programmeren. 25Snelopwarmsysteem. 25Snelopwarmsysteem uitschakelen. 26Oven voorverwarmen. 26Benutting restwarmte. 27Ovenverlichting. 27Nachtverlichting. 27Kookwekker. 28Inhoud2.

UitvoeringOvenelektronicaDankzij de elektronica van het apparaatkunt u niet alleen bakken, braden engrilleren. U kunt de elektronica ook ge-bruiken:– als klok,– als kookwekker,– voor het automatisch in- en uitscha-kelen van het apparaat met rest-warmtebenutting,– voor individuele instellingen,– als beveiliging om onbedoeld in-schakelen te voorkomen,– voor automatische uitschakeling alshet apparaat te lang aanstaat.WasemkoelingZodra de oven een bepaalde tempera-tuur bereikt, wordt automatisch eenventilator ingeschakeld. Deze zorgt er-voor dat de hete wasem uit de oven-ruimte gemengd wordt met koele luchtuit de keuken waardoor de wasem af-koelt voordat deze vrijkomt tussenovendeur en bedieningspaneel. De be-dieningselementen en de deurgreepblijven zo koel genoeg om te wordenaangeraakt.Ook na het uitschakelen van de ovenblijft de ventilator nog enige tijd inge-schakeld.

Zo wordt voorkomen dat zichvocht ophoopt in de ovenruimte, dekeukenkast en op het bedieningspa-neel. De ventilator wordt automatischuitgeschakeld, zodra de temperatuur inde ovenruimte onder een bepaaldewaarde zakt.DeurcontactschakelaarBoven het rechter deurscharnier be-vindt zich de deurcontactschakelaar.Wordt de ovendeur tijdens een berei-ding geopend, dan worden de verwar-mingselementen automatisch uitge-schakeld en afhankelijk van de geko-zen ovenfunctie ook de heteluchtventi-lator.Zo blijft het warmteverlies beperkt als ude deur opent om bijvoorbeeld hetvlees te besprenkelen.PerfectClean-veredelde oppervlakkenDe oppervlakken van– de ovenruimte,– de geleiderails,– de bakplaat,– de braadslede en– het roosterzijn PerfectClean-veredeld.Deze oppervlaktebehandeling resul-teert in zeer goedeanti-aanbakeigenschappen en een zeereenvoudige reiniging.

Katalytisch geëmailleerde oppervlak-kenDe achter- en de bovenwand zijn voor-zien van donkergrijs katalytisch email.Dankzij dit speciale email worden olie-en vetspatten bij hoge temperaturenvanzelf verwijderd.De reiniging van deze moeilijk toegan-kelijke ovendelen is hierdoor veel een-voudiger. Zie ook de aanwijzingen inhet hoofdstuk "Reiniging en onder-houd".KatalysatorDe katalysator is in het ventilatiesys-teem (de wasemkoeling) van het appa-raat ingebouwd.De katalysator filtert het vet uit de wa-sem en vermindert de etensluchtjes.Bij alle ovenfuncties wordt de katalysa-tor automatisch ingeschakeld, behalvebij ontdooien en als alleen de verlich-ting wordt ingeschakeld.AccessoiresDe volgende accessoires worden bijhet apparaat geleverd.Extra accessoires zijn verkrijgbaar bijuw vakhandelaar of bij Miele NederlandB.V.

Meer informatie vindt u in het ge-lijknamige hoofdstuk.Bakplaat, braadslede, roosterDe bakplaat, de braadslede en hetrooster zijn voorzien van een bevei-liging die voorkomt dat u deze toebeho-ren per ongeluk helemaal uit de oventrekt, terwijl u ze slechts gedeeltelijk er-uit had willen trekken.Let er daarom bij het inschuiven opdat de uittrekbeveiliging altijd aande achterkant zit.De bakplaat, de braadslede en hetrooster kunnen nu alleen uit de ovenworden gehaald als deze worden opge-tild.Algemeen7

VetfilterPlaats het vetfilter voor de aanzuigope-ning van de ventilator:– bij "Hetelucht " en "BraadautomaatDE" voor braden op het rooster, ineen open pan of in de braadslede.–bij "Grilleren met luchtcirculatie ".NDe vetdruppels worden nu door het vet-filter opgevangen. De binnenruimte vande oven en de ruimte achter de achter-wand van de oven blijven hierdoorschoner.Plaats het vetfilter niet bij bakken,anders neemt de baktijd toe.SpatelDe spatel gebruikt u als u de afdekkingvan de halogeenverlichting moet verwij-deren.De (ziemodellen H 373, H 383, H 390 typeplaatje onder bij de ovenruimte)zijn bovendien voorzien van– een Bratometer en– een draaigrilleerinrichting.BratometerMet de Bratometer (kerntemperatuur-voeler) kunt u tijdens de bereiding detemperatuur van het gerecht nauwkeu-rig controleren (zie ook het hoofdstuk"Braden met de Bratometer").Algemeen8

DraaigrilleerinrichtingGrote stukken vlees, zoals rollade ofkip, kunt u aan het spit grilleren.De draaigrilleerinrichting wordt op debraadslede gemonteerd. Als u het sys-teem op de eerste inschuifhoogte in deoven schuift, sluit het spit automatischaan op de grillmotor en begint te draai-en. Bij gebruik van het spit wordt hetvlees aan alle kanten gelijkmatig bruin.KookplaatIn de gebruiksaanwijzing van de kook-plaat kunt u lezen hoe de kookplaatmoet worden ingebouwd en bediend.Algemeen9

Het verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpak -kingsmateriaal is uitgekozen met hetoog op een zo gering mogelijke belas-ting van het milieu en de mogelijkhedenvoor recycling.Hergebruik van het verpakkingsmateri-aal remt de afvalproductie en het ge-bruik van grondstoffen. Vaak neemt deleverancier de verpakking terug. Als ude verpakking zelf wegdoet, informeerdan bij de reinigingsdienst van uw ge-meente waar u die kunt afgeven.Het afdanken van het apparaatVan een afgedankt apparaat kunnen deonderdelen vaak nog waardevol zijn.Zorg er daarom voor dat uw oude ap-paraat via de dealer of de gemeentegerecycled kan worden.Zorgt u ervoor dat het afgedankte ap-paraat tot die tijd buiten het bereik vankinderen wordt opgeslagen. Zie ook hethoofdstuk "Veiligheidsinstructies enwaarschuwingen".Een bijdrage aan de bescherming van het milieu10

Dit apparaat voldoet aan de gelden-de veiligheidsbepalingen. Onjuistgebruik echter kan persoonlijk letselof beschadiging van het apparaattot gevolg hebben. Lees daarom de gebruiksaanwijzingaandachtig door, voordat u het ap-paraat in gebruik neemt. In de ge-bruiksaanwijzing vindt u belangrijkeinstructies met betrekking tot in-bouw, veiligheid, gebruik en onder-houd. Bewaar de gebruiksaanwijzing zorg-vuldig en geef deze door aan eeneventuele volgende eigenaar. Verantwoord gebruikDit apparaat is uitsluitend bestemdvoor huishoudelijk gebruik, en welvoor het bakken, braden, ontdooien,koken, inmaken, drogen en grillerenvan levensmiddelen. Gebruik voor andere doeleinden is niettoegestaan en kan gevaarlijk zijn. Defabrikant kan niet aansprakelijk wordengesteld voor schade die wordt veroor-zaakt door gebruik voor andere doel-einden dan hier aangegeven of doorfoutieve bediening.

Kinderen mogen het apparaat al-leen zonder toezicht gebruiken alsze weten hoe ze het apparaat veiligmoeten bedienen. De kinderen moetenzich bewust zijn van de gevaren vaneen foutieve bediening. Technische veiligheidVoordat u het apparaat aansluit,dient u de aansluitgegevens (span-ning en frequentie) op het typeplaatjete vergelijken met de waarden van hetelektriciteitsnet. Deze gegevens moe -ten beslist overeenkomen om bescha-diging van het apparaat te voorkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien. De elektrische veiligheid van hetapparaat is uitsluitend gegaran-deerd, als het wordt aangesloten opeen aardingssysteem dat volgens degeldende veiligheidsbepalingen is ge-ïnstalleerd. Het is zeer belangrijk datwordt nagegaan of aan deze funda-mentele veiligheidsvoorwaarde is vol-daan en dat de huisinstallatie bij twijfeldoor een vakman wordt geïnspecteerd.

De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die wordt ver-oorzaakt door een ontbrekende of be-schadigde aarddraad (bijvoorbeeldeen elektrische schok). Gebruik het apparaat alleen als hetis ingebouwd.

Dit om te voorkomendat u per ongeluk elektrische onderde-len aanraakt. Open in geen geval de ommante-ling van het apparaat. Wanneer onderdelen worden aange-raakt die onder spanning staan of wan-neer elektrische of mechanische onder-delen worden veranderd, levert dit ge-vaar op voor de gebruiker. Het kan ertevens toe leiden dat het apparaat nietmeer goed functioneert. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen11.

Laat installatie-, onderhouds- enreparatiewerkzaamheden uitslui-tend door erkende vakmensen uitvoe-ren. Ondeskundig uitgevoerde werk-zaamheden leveren grote risico's opvoor de gebruiker. De fabrikant kanhiervoor niet aansprakelijk worden ge-steld. Er staat alleen dan geen elek-trische spanning op het apparaatals aan één van de volgende voorwaar-den is voldaan:– als de hoofdschakelaar van de huis-installatie is uitgeschakeld. – als de zekering van de huisinstallatieer geheel is uitgedraaid. – als de stekker uit het stopcontact isgetrokken. Trek daarbij aan de stek-ker en niet aan de aansluitkabel. Het apparaat mag niet via een ver-lengsnoer op het elektriciteitsnetworden aangesloten. Met verlengsnoe-ren kan een veilig gebruik van het ap-paraat niet worden gewaarborgd (erkan bijvoorbeeld oververhitting ont-staan). De oven is bedoeld voor inbouw ineen hoge kast.

Wanneer u kiestvoor inbouw in een onderkast, moet hetroestvrijstalen element boven het be-dieningspaneel worden vervangen dooreen dichtprofiel. Dit profiel biedt extrabescherming tegen vloeistoffen dieeventueel van het werkblad stromen. Het dichtprofiel is verkrijgbaar bij MieleNederland. Dit apparaat mag uitsluitend dooreen vakman op een niet-stationairelocatie (bijvoorbeeld een boot of cam-per) worden ingebouwd en aangeslo-ten. Hierbij moet aan alle voorwaardenvoor een veilig gebruik worden vol-daan. GebruikPas op. De kookzones en de ovenworden zeer heet. Zorg dat kinderen uit de buurt vanhet apparaat blijven als het in wer-king is. De huid van kinderen is gevoe-liger voor hoge temperaturen dan dehuid van volwassenen. Het apparaatwordt niet alleen bij de kookzones heet,maar ook bij de deur, de wasemafvoeren het bedieningspaneel.

Als u de bovenwand van de ovenwilt reinigen, laat dan eerst het ver-warmingselement afkoelen, voordat uhet naar beneden laat zakken. Anderskunt u zich eraan branden. Duw het verwarmingselement nietmet geweld omlaag, want daar-door kan het beschadigd raken. Gebruik alleen de specialeMiele-Bratometer. Wanneer dezemoet worden vervangen, bestel daneen originele Miele-Bratometer. Deze isverkrijgbaar bij de Miele-vakhandelaarof rechtstreeks bij Miele Nederland. Laat de Bratometer niet in de ovenals u met de grill werkt. Door dehoge temperaturen kan de kunststofsmelten. Gebruik geen kunststof servies-goed. Kunststof smelt bij hogetemperaturen, waardoor de oven be-schadigd kan raken. Gebruik bij inmaken in de ovennooit conservenblikken. Deze kun-nen door overdruk uiteenspatten en deoven beschadigen.

Schuif geen pannen en dergelijkeover de bodem van de oven heenen weer, anders beschadigt u het op-pervlak van de bodem. Ga niet op de geopende ovendeurzitten of staan. Zet er ook geenzware voorwerpen op, anders kunt uhet apparaat beschadigen. Het maxi -mumgewicht dat de deur kan dragen,is 15 kg. Zorg dat niets tussen de deur vanhet apparaat vastgeklemd raakt. Dek gerechten altijd af als ze in deoven worden bewaard. Het vochtuit de gerechten kan corrosie veroorza-ken. Bovendien voorkomt u door het af-dekken dat de gerechten uitdrogen. Schakel het apparaat niet uit, als ude restwarmte wilt benutten om ge-rechten warm te houden. Stel de laag-ste temperatuur in, maar kies geen an-dere ovenfunctie.

Schakel de oven in geen geval uit, an-ders stijgt de luchtvochtigheid in hetapparaat, wat leidt tot het beslaan vanhet bedieningspaneel, tot condensvor-ming onder het werkblad en tot het be-slaan van het meubelfront. Door condenswater kan– de kastombouw/het werkblad be-schadigd raken. – in het apparaat corrosie ontstaan. Bovendien kan de wasem in de kataly-sator neerslaan, waardoor bij een vol-gend gebruik geurvorming kan optre-den.

Bereid diepvriesproducten (zoalspizza) niet op de bakplaat of debraadslede. De bakplaat en de braad -slede kunnen zo kromtrekken dat zeniet meer uit de oven gehaald kunnenworden als ze heet zijn. Bij elk volgendgebruik trekken ze weer krom. Gebruikdaarom het rooster en leg onder hetdiepvriesproduct bakpapier. Voor patat,kroketten en dergelijke kunt u de bak-plaat of de braadslede wel gebruiken. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13.

Giet nooit water op de bakplaat, debraadslede of in de ovenruimte,zolang deze heet zijn, anders vormtzich waterdamp die ernstige brandwon-den kan veroorzaken, alsmede schadeaan het email. Leg nooit aluminiumfolie op de bo-dem van de oven, wanneer u deovenfunctie "Boven- en onderwarm-te ", "Onderwarmte " of "IntensiefA Bbakken " gebruikt. Zet ook geenFpannen, schalen, bakplaten of eenbraadslede op de bodem van het ap-paraat. Gebruikt u een braadslede van een an-der merk, let er dan op dat de afstandtussen de onderkant van de braadsle-de en de bodem van de oven minimaal6 cm is. Neemt u deze aanwijzingen niet in acht,dan kan de onderwarmte niet goedworden afgegeven, waardoor de email-laag van de bodem kan scheuren enloslaten. In de handel worden soms produc-ten van aluminiumfolie aangebo-den die de ovenruimte moeten schoon-houden en de reiniging moeten verge-makkelijken.

Gebruik dergelijke produc-ten niet, aangezien ze een negatiefeffect op het bak- en braadresultaathebben en de oven kunnen bescha-digen (bijvoorbeeld door warmteopho-ping). AlgemeenHoud het apparaat goed in de ga-ten als u met olie en/of vettenwerkt. Olie en vet kunnen vlam vatten. Brandgevaar. Gebruik het apparaat niet om ereen ruimte mee te verwarmen. Door de hoge temperaturen in de oven-ruimte kunnen licht ontvlambare voor-werpen, die zich in de buurt van het ap-paraat bevinden, vlam vatten. Zorg ervoor dat voedsel altijd vol-doende wordt verwarmd. De tijddie daarvoor nodig is, hangt af van ver-schillende factoren, zoals de tempera-tuur van de ingrediënten op het mo-ment dat het gerecht in de oven wordtgezet, de hoeveelheid, het soort voed-sel, de kwaliteit ervan en eventuele wij-zigingen in het recept.

Eventuele bacte-riën in het eten worden alleen gedoodwanneer de temperatuur hoog genoegis (> 70 °C) en lang genoeg wordt aan-gehouden (> 10 min. ). Wanneer u twij-felt of een gerecht voldoende verwarmdis, kies dan liever een iets langere tijd.

Wanneer u een stopcontact ge-bruikt dat zich in de buurt van deoven bevindt, zorg er dan voor datelektriciteitskabels van andere appara-ten niet tussen de ovendeur beklemdraken. Wanneer dat gebeurt, kan scha -de aan de kabelisolatie het gevolg zijn.U kunt dan een elektrische schok krij-gen.Gebruik voor het reinigen van hetapparaat nooit een stoomreiniger.De stoom kan in aanraking komen metdelen die onder spanning staan enkortsluiting veroorzaken.Let op als u alcoholhoudendedranken voor het bakken of bradengebruikt. Voor de bereiding van levens-middelen in de oven worden vaak alco-holhoudende dranken gebruikt, zoalsrum, cognac of wijn. Door de hoge tem-peraturen verdampt de alcohol. Houder rekening mee dat deze damp doorhet verwarmingselement vlam kan vat-ten.Het afdanken van het apparaatMaak afgedankte apparaten on-bruikbaar.

Haal de stekker uit hetstopcontact en maak deze samen metde aansluitkabel onbruikbaar. Een ap-paraat met een vaste aansluiting moetdoor een vakman worden losgekop-peld. Hiermee voorkomt u dat het ap-paraat gevaar oplevert, bijvoorbeeldvoor spelende kinderen.Wanneer de "Veiligheidsinstructiesen waarschuwingen" niet worden op-gevolgd, kan de fabrikant niet aan-sprakelijk worden gesteld voor scha-de die daarvan het gevolg is.Veiligheidsinstructies en waarschuwingen15

Vergrendeling oven en kookzo-nesDe vergrendeling voorkomt dat de ovenof de kookzones onbedoeld worden in-geschakeld.Zo activeert u de vergrendeling:De functiekeuzeschakelaar moet op"0" staan.^Houd de toets " " ingedrukt, totdatphet sleutelsymbool " " in het dis-0--§play verschijnt.De oven en de kookzones kunnen nuniet meer worden ingeschakeld.Het sleutelsymbool " " verdwijnt na0--§5 seconden uit het display.

Bedient ude keuzeschakelaar of een toets, dan ishet symbool weer 5 seconden te zien.Zo heft u de vergrendeling weer op:De functiekeuzeschakelaar mag opelke stand staan.^Houd de toets " " ingedrukt, totdatphet sleutelsymbool " " uit het dis0--§ -play verdwijnt.Automatische uitschakelingDe oven wordt automatisch uitgescha-keld als het apparaat ongebruikelijklang aanstaat.Wanneer de oven wordt uitgeschakeld,hangt af van de ingestelde ovenfunctie.In het display verschijnt de foutmelding" ".F6U kunt de oven meteen weer gebruikenals u de functiekeuzeschakelaar op "0"zet en het programma opnieuw instelt.Veiligheidsvoorzieningen16

Laat het apparaat door een vakmanaansluiten. Voordat u de oven kunt ge-bruiken, moet u bij apparaten met eenklok eerst de dagtijd instellen.Ga daarna als volgt te werk:–Schakel de katalysator en de grill-motor in.–Reinig het apparaat en schakel deoven leeg in. Onaangename geur-tjes die bij nieuwe apparaten vaakontstaan, verdwijnen dan snel.Dagtijd instellenNadat het apparaat is aangesloten,knipperen in het display " ", alsme12:00 -de de symbolen " " en " ".f )^Druk de toetsen " " en " " tegelijkf )in.^Stel nu de dagtijd in met de "+" of "–"toets (in uren en minuten). Doe datzolang het controlelampje tussen detoetsen "–/+" brandt.De klok heeft een 24-uursweergave.Wanneer het controlelampje tussen detoetsen "–/+" uitgaat, wordt de dagtijdovergenomen. De tijd wordt in uren enminuten weergegeven. De dubbelepunt knippert.Sommige modellen zijn voorzien vaneen .

Katalysator en grillmotorinschakelenIn het wasemkoelsysteem van uw ap-paraat is een katalysator ingebouwd.Is de katalysator ingeschakeld, dan fil-tert deze het vet uit de wasem en ne -men kookluchtjes af.Af fabriek is de katalysator uitgescha-keld.Als uw apparaat voorzien is van eendraaigrilleerinrichting, is ook de daarbijbehorende grillmotor standaard uitge-schakeld.Om de katalysator en de grillmotor in teschakelen, gaat u te werk zoals be-schreven in de gebruiksaanwijzing inhet hoofdstuk "Instellingen van de ovenwijzigen" (standaardinstelling 02).Reiniging voor het eerstegebruikVerwijder– eventuele stickers van de bak-plaat, de braadslede en debodem van de oven.– eventuele afstandshouders vankurk boven uit de ovenruimte.^Reinig de met warm waovenruimte -ter en een mild reinigingsmiddel.

Wrijfde ruimte daarna met een schonedoek droog.Sluit de ovendeur pas wanneer debinnenruimte droog is.^Was de af.accessoires Bij ontstaat vaaknieuwe apparaten een onaangename geur als ze voor heteerst worden gebruikt. Als u de ovenenige tijd op een hoge temperatuuraanzet, verdwijnt deze geur snel.Zet de lege oven daartoe minstens1 uur aan:^Zet de functiekeuzeschakelaar op"Hetelucht ".D^Stel nu meteen met de "+" toets dehoogste temperatuur in (250 °C). Doedat zolang het controlelampje tussende toetsen "–/+" brandt.Bij apparaten met een klok kunt u deoven ook automatisch laten uitschake-len.Zorg dat de ruimte waar het appa-raat staat voldoende geventileerdwordt.Vóór het eerste gebruik18

Hetelucht DBij deze ovenfunctie wordt met eenhete luchtstroom gewerkt. De ventilator aan de achterkant zuigtde lucht uit de oven aan, leidt dezelangs het ringvormige verwarmingsele-ment en blaast de verwarmde luchtdoor de openingen in de achterwandweer terug. Omdat de gerechten direct worden ver-warmd, is voorverwarmen van de ovenniet nodig. Uitzondering: voor het braden van ros-bief of filet en voor het bakken van don-ker brooddeeg moet de oven wel wor-den voorverwarmd. Bij gebruik van "Hetelucht" kan er opverschillende niveaus tegelijk wordengebakken en gebraden. Door de heteluchtstroom kan er bij deze ovenfunctiemet lagere temperaturen worden ge-werkt dan bij "Boven- en onderwarmte". Als een temperatuur van 140 °C of ho-ger wordt ingesteld, wordt het snelop-warmsysteem geactiveerd. Het boven-ste verwarmingselement wordt nu auto-matisch bijgeschakeld, zodat de ovensneller warm wordt.

Op deze manierwerkt u energiezuinig. Braadautomaat EBij de ovenfunctie "Braadautomaat"wordt de oven eerst automatisch meteen hoge temperatuur ingeschakeld(230 °C), zodat het vlees snel dicht-schroeit. De oven schakelt daarna van-zelf terug naar de ingestelde tempera-tuur (doorbraadtemperatuur). Als een temperatuur van 140 °C of ho-ger wordt ingesteld, wordt het snelop-warmsysteem geactiveerd. Het boven-ste verwarmingselement wordt nu auto-matisch bijgeschakeld, zodat de ovensneller warm wordt. Op deze manierwerkt u energiezuinig. Boven- en onderwarmte ABij deze conventionele ovenfunctiewordt het gerecht van boven en van on-deren verwarmd. Voorverwarmen van de oven is alleennodig– voor gebak met een korte baktijd (totca. 30 minuten);– voor het bakken van fijne deegsoor-ten;– voor het bakken van donker brood-deeg;– voor het braden van rosbief of filet.

Ontdooien GEr kan zonder verwarming of bij eentemperatuur tot 50 °C worden ontdooid.Als zonder verwarming wordt ontdooid,zorgt de ventilator aan de achterkantvoor circulatie van de lucht in de oven-ruimte. Het ontdooien gaat dan nog be-hoedzamer.Intensief bakken F"Intensief bakken" gebeurt met "Hete-lucht" in combinatie met "Onderwarm-te". Deze ovenfunctie wordt onder meergebruikt voor gebak met een vochtigevulling.Grilleren met lucht-circulatie NDe hitte van het grillelement wordt doorde ventilator aan de achterkant over hetgehele gerecht verspreid. Hierdoor kanmet een lagere temperatuur worden ge-werkt dan bij gewoon grilleren.Grilleren 1 mHet binnenste gedeelte van het grill-element wordt gebruikt voor het grille-ren.

Enkele minuten nadat het elementis ingeschakeld, wordt het roodgloei-end en levert de infraroodstraling dievoor het grilleren nodig is.Deze ovenfunctie is bijzonder geschiktvoor kleine hoeveelheden.Grilleren 2 nHet gehele bovenste verwarmingsele-ment wordt voor het grilleren gebruikt.Met deze ovenfunctie is het oppervlakwaarop gegrilleerd wordt groter en kun-nen er dus grotere hoeveelheden wor-den bereid.Ovenfuncties20

BedieningselementenDe bedieningselementen van de ovenbestaan uit de functiekeuzeschakelaaren de druktoetsen.Functiekeuzeschakelaar(afhankelijk van het model)^Draai de functiekeuzeschakelaarnaar links of rechts op de gewensteovenfunctie.Temperatuur- en tijdtoetsenMet de druktoetsen kunt u:– de veranderen.oventemperatuur – de veranderen alskerntemperatuur met de Bratometer wordt gewerkt (af-hankelijk van het model).– een instellen.kookwekkertijd Elke druktoets is gekoppeld aan eensymbool in het display.Toetsen "+" en "–"Met de toetsen "+" en "–" kunt u tempe-raturen en tijden instellen of veran-deren.U kunt de temperaturen/tijden stap voorstap (toets telkens kort indrukken) ofsnel (toets ingedrukt houden) instellen.De instellingen veranderen dan alsvolgt:– de oventemperatuur in stappen van5 °C.– de kerntemperatuur in stappen van1 °C.– de kookwekker- of bereidingstijd instappen van 1 minuut.Bediening van de oven21

OvenfunctiesMet de functiekeuzeschakelaar kunt ude volgende ovenfuncties kiezen:– "Verlichting "HOm de ovenverlichting apart in teschakelen.H 390: Zodra de functiekeuzescha-kelaar op "Verlichting " wordt geH-draaid, worden alle ovenfuncties inhet display weergegeven.– "Hetelucht "DVoor bakken en koken op meerdereniveaus.– "Bovenwarmte "CVoor het gratineren van ovenschotelsen groente of om gerechten extrabruin te laten worden.– "Boven- en onderwarmte "AVoor het bakken en braden van tradi-tionele gerechten, bijvoorbeeldsoufflés.– "Onderwarmte "BKies deze functie tegen het eindevan de baktijd, als de taart aan deonderkant bruiner moet worden.– "Braadautomaat "EVoor automatisch aanbraden endoorbraden van vlees.Niet geschikt voor bakken.Uitzondering: bakken van zuurde-sembrood (geen bakmixen).– "Ontdooien "GOm diepvriesproducten behoed-zaam te ontdooien.– "Intensief bakken "FVoor het bakken van taart met eenvochtige vulling, bijvoorbeeld kwark-taart, pruimentaart of quiche en ookvoor taart met couverture enniet-voorgebakken bodem.

Niet ge-schikt voor het bakken van plat ge-bak en niet voor braden (de fond zouhierbij te donker worden).–"Grilleren met luchtcirculatie "NVoor het grilleren van gerechten meteen relatief grote doorsnede, zoalseen rollade of gevogelte. Sluit deovendeur tijdens het grilleren.– "Grilleren 1 "mVoor het grilleren van kleine hoeveel-heden plat vlees en voor het gratine-ren van gerechten in kleine oven-schalen. Sluit de ovendeur tijdenshet grilleren.–"Grilleren 2 "nVoor het grilleren van grote hoeveel-heden plat vlees en voor het gratine-ren van gerechten in grote oven -schalen. Sluit de ovendeur tijdenshet grilleren.Bediening van de oven22

VoorgeprogrammeerdetemperatuurZodra u een ovenfunctie kiest, ver-schijnt in het display van de oven devoorgeprogrammeerde temperatuur.Af fabriek zijn de volgende temperatu-ren ingesteld:Hete lucht . . . . . . . . . . . . . . . 160 °CDBraadautomaat *. . . . . . . . . . 160 °CEBovenwarmte . . . . . . . . . . . . . 190 °CCBoven- en onderwarmte . . . . 190 °CAOnderwarmte . . . . . . . . . . . . . 190 °CBOntdooien . . . . . . geen temperatuurGIntensief bakken . . . . . . . . . 170 °CFGrilleren met luchtcirculatie . 200 °CNGrilleren 1 (klein) . . . . . . . . . . 240 °CmGrilleren 2 (groot) . . . . . . . . . . 240 °Cn* Aanbraadtemperatuur ca. 230 °C,doorbraadtemperatuur 160 °CWanneer de voorgeprogrammeerdetemperatuur overeenkomt met de aan-wijzingen uit uw recept, wacht dan tot-dat het controlelampje tussen detoetsen "–/+" uitgaat.

De voorgepro-grammeerde temperatuur wordt nu au-tomatisch overgenomen en de ovenver-warming gaat aan.In het display verschijnt de werkelijketemperatuur in de oven.In het display wordt het stijgen van detemperatuur weergegeven totdat de in-gestelde temperatuur bereikt is.Bij de ovenfunctie "Braadautomaat "Ewordt de oven eerst tot een hoge tem-peratuur verhit (230 °C), zodat het vleessnel dichtschroeit. Zodra die tempera-tuur bereikt is, schakelt de oven vanzelfterug naar de ingestelde temperatuur(doorbraadtemperatuur). In het displaywordt alleen de temperatuurstijging totde ingestelde temperatuur getoond.Wordt de ovendeur geopend of een la-gere temperatuur ingesteld, dan daaltde weergegeven temperatuur in stap-pen.Bediening van de oven23

Principe^Plaats het gerecht in de oven.^Kies de gewenste ovenfunctie.Te zien zijn:– de voorgeprogrammeerde tempera-tuur in het display van de oven en– het controlelampje tussen de toetsen"–/+".Zolang het controlelampje brandt,kunt u de voorgeprogrammeerde tem-peratuur met de toetsen "+" en "–"wijzigen.Telkens als u op één van de toetsendrukt, wordt de invoertijd verlengd.Zodra het controlelampje dooft, wordtde instelling opgeslagen en de oven-verwarming ingeschakeld.De verwarming wordt automatisch uit-geschakeld, zodra u de ovendeuropent. Hiervoor zorgt de deurcontact-schakelaar. Als het heteluchtsysteem isingeschakeld, wordt ook de hetelucht-ventilator uitgeschakeld.^Haal het gerecht na de bereiding uitde oven en schakel het apparaat uit.Zodra u de functiekeuzeschakelaar op"0" zet, worden alle bereidingen ensymbolen gewist.

Uitzondering: Als deBratometer in gebruik is, blijft het sym-bool " " branden.eAls een kookwekkertijd is ingesteld,blijft het symbool " " branden en verl-schijnt de aflopende tijd in het display.Temperatuur veranderenBinnen bepaalde grenzen kunt u detemperatuur van een ovenfunctie op elkmoment veranderen:Hetelucht . . . . . . . . . . . . 30 – 250 °CDBraadautomaat . . . . . 100 – 230 °CEBovenwarmte . . . . . . . . . 30 – 250 °CCBoven- en onderwarmte 30 – 280 °CAOnderwarmte . . . . . . . . 100 – 250 °CBOntdooien . . . . . . . . . . . . 30 – 50 °CGIntensief bakken . . . . . . 50 – 250 °CFGrilleren met luchtcirc. . 50 – 260 °CNGrilleren 1 (klein) . . . . . 200 – 300 °CmGrilleren 2 (groot) . . . . . 200 – 300 °CnGa als volgt te werk:^Druk op de toets " ".p^Stel de gewenste temperatuur in.Bediening van de oven24

Een eigen standaardtemperatuurprogrammerenWanneer u vaak met een temperatuurwerkt die van de voorgeprogram-meerde temperatuur afwijkt, kunt u ookeen eigen standaardtemperatuur invoe-ren (behalve voor "Ontdooien "). UGhoeft dan niet steeds opnieuw de dooru gewenste temperatuur in te stellen. Ga als volgt te werk:^Kies de ovenfunctie waarvan u devoorgeprogrammeerde temperatuurwilt wijzigen. In het display verschijnt de in de fabriekingestelde temperatuur. ^Voer nu onmiddellijk de gewenste tem-peratuur in. U kunt de instelling wij-zigen zolang het controlelampje tussende toetsen "–/+" brandt. ^Druk vervolgens zo lang op de toets" ", totdat u een signaal hoort. pUw eigen standaardtemperatuur is nuopgeslagen. Als u de volgende keer deze ovenfunc-tie kiest, verschijnt in het display dedoor u ingestelde temperatuur. Let op.

Na een stroomstoring moetende individuele temperaturen opnieuwworden geprogrammeerd. SnelopwarmsysteemBij de ovenfuncties "Hetelucht ",D"Braadautomaat " en "Boven- en onE-derwarmte " wordt het snelopwarmA-systeem automatisch ingeschakeldwanneer bij– "Hetelucht " en "BraadautomaatDE" een temperatuur van minimaal140 °C is ingesteld. – "Boven-en onderwarmte " een temA-peratuur van minimaal 150 °C is in-gesteld. Naast de ingestelde temperatuur ver -schijnt er een roterende " ". Dit bete-Ckent dat het apparaat versneld wordtopgewarmd. Tijdens de opwarmtijd zijn de hetelucht-verwarming met de heteluchtventilatoren het bovenste verwarmingselementgelijktijdig in werking om het apparaatzo snel mogelijk op te warmen. Hier-door bespaart u energie. Zodra de ingestelde temperatuur is be-reikt, wordt het extra verwarmingsele -ment uitgeschakeld.

Wanneer de inge-stelde temperatuur eenmaal bereikt is,wordt het extra verwarmingselementniet meer ingeschakeld, ook al stelt udaarna een hogere temperatuur in. Uitzondering: U stelt een hogere tem-peratuur in voordat de oorspronkelijk in-gestelde temperatuur bereikt is.

Snelopwarmsysteem uitschakelenBij sommige gerechten kunt u beter hetsnelopwarmsysteem uitschakelen (bis-cuit, koeken, koekjes).^Stel de gewenste ovenfunctie en tem-peratuur in.^Wacht totdat het controlelampje tus-sen de toetsen "+" en "–" gedoofd isen de werkelijke temperatuur in hetdisplay verschijnt.Het snelopwarmsysteem kan nu alsvolgt worden uitgeschakeld:^Druk op de toets "–" en houd dezetoets ingedrukt totdat de letter " " inChet display niet meer draait.Het snelopwarmsysteem is nu voordeze bereiding uitgeschakeld.Het systeem wordt pas weer ingescha-keld als de functiekeuzeschakelaar op"0" wordt gedraaid.U kunt het snelopwarmsysteem voor dedrie ovenfuncties ook helemaal uitscha-kelen (zie hiervoor het hoofdstuk "Instel-lingen van de oven wijzigen, program-meerfunctie 06").Oven voorverwarmenDe meeste gerechten kunt u in de kou-de oven plaatsen.

Zo wordt ook dewarmte van de opwarmfase benut.De oven hoeft slechts in enkele geval-len te worden voorverwarmd:Bij "Hetelucht ":D– voor het bakken van donker brood-deeg.– voor het braden van rosbief of filet.Bij "Boven- en onderwarmte ":A– voor gebak met een korte baktijd (totca. 30 minuten).– voor het bakken van fijne deegsoor-ten (biscuit).– voor het bakken van donker brood-deeg.– voor het braden van rosbief of filet.Schakel bij pizza en gevoeligedeegsoorten (zoals biscuit en koek-jes) het snelopwarmsysteem uit tij-dens de opwarmfase, anders wor-den deze producten aan de boven-kant te snel bruin.Bediening van de oven26

Benutting restwarmteProgrammeert u een bereidingsprocesmet de digitale klok of gebruikt u deBratometer, dan bespaart u energie,omdat nu automatisch gebruik wordtgemaakt van de restwarmte.Kort voor het einde van de bereidings-tijd wordt de verwarming van de ovenautomatisch uitgeschakeld.

De energie-besparende functie wordt in het displayaangeduid met "EC".De restwarmte in de oven is voldoendeom de bereiding te voltooien.De koudeluchtventilator en (afhankelijkvan de gekozen ovenfunctie) ook deheteluchtventilator blijven draaien.OvenverlichtingAls de oven in gebruik is, wordt de ver-lichting na 15 seconden automatischuitgeschakeld.De verlichting wordt weer ingeschakeldals u een willekeurige toets indrukt ofals u de ovendeur opent.U kunt de ovenverlichting zodanig in-stellen dat deze altijd brandt, als deoven in gebruik is (zie hiervoor hethoofdstuk "Instellingen van de oven wij-zigen, programmeerfunctie 05").NachtverlichtingTussen 22:00 en 6:00 uur wordt delichtintensiteit van het display automa-tisch verminderd.Wordt de dagtijd continu weergegeven,dan verschijnen de cijfers minder fel.Als u gedurende die tijd de functiekeu-zeschakelaar bedient, werkt het displayweer met de normale intensiteit.Bediening van de oven27

De kookwekker kunt u gebruiken als ugerechten buiten de oven bereidt, bij-voorbeeld als u eieren kookt.De kookwekker kan onafhankelijk vande ingestelde programma's worden in-gesteld.U kunt de kookwekker dus los van deklokfuncties gebruiken, bijvoorbeeld omu eraan te herinneren dat u na een be -paalde bereidingstijd kruiden moet toe-voegen of het vlees moet besprenke-len.Kookwekker instellen^ lDruk de toets " " in.^Stel de tijd met de toets "+" in(uren:minuten).Zodra het controlelampje tussen detoetsen "–/+" uitgaat, wordt de inge-stelde tijd overgenomen. De tijd loopt inminuten af.Als op hetzelfde moment de oven wordtgebruikt, is de aflopende kookwekker-tijd maar even zichtbaar. Daarna ver -schijnt de oven- of kerntemperatuurweer in het display. Het symbool " "lblijft branden om u aan de kookwekker-tijd te herinneren.Na afloop van de kookwekkertijd– klinkt ca.

5 seconden een akoestischsignaal;– knippert ca. 1 minuut het symbool" ".lAls u de toets " " indrukt, stopt hetlakoestische signaal en verdwijnt hetsymbool " " uit het display.lKookwekkertijd wissen^ lDruk de toets " " in.^Zet de kookwekkertijd met de toets"–" op " ".0:00Kookwekker28

U kunt voor bepaalde instellingen vande oven een alternatief kiezen.De oveninstellingen die u kunt wijzigen,vindt u in de volgende tabel.Ga als volgt te werk:^Draai de functiekeuzeschakelaar op"0".^Zet de ovendeur helemaal open.^Zet de functiekeuzeschakelaar op"Verlichting ".H^Druk op de toets " ".pIn het display van de oven verschijnt" " of de laatst gewijzigde instelling.01:0^Kies met toets "+" of "–" het nummervan de gewenste instelling (zie ta-bel).^ lDruk op de toets " ".Verschijnt er een :1, dan is de stan-daardinstelling uitgeschakeld en hetalternatief gekozen.Verschijnt er een :0, dan is de stan-daardinstelling ingeschakeld.Met uitzondering van functie :08Afhankelijk van het model kan de klok 1of maximaal 4 uur achteruit worden ge-zet.

Standaardinstelling Alternatief01:0 Als de oven in gebruik is, kunnende ovenfunctie en de tempera-tuur op elk moment worden ge-wijzigd.01:1 De vergrendelingsfunctie voor deoven is actief. Als de ovenfunctieen temperatuur zijn ingesteld enhet controlelampje tussen detoetsen "–/+" niet meer brandt,kan de ingestelde ovenfunctieniet meer worden gewijzigd. Ukunt alleen nog een lagere tem-peratuur instellen.Pas wanneer de functiekeuze-schakelaar weer op "VerlichtingH" of op "0" wordt gedraaid, kuntu de ovenfunctie, de temperatuuren een eventueel voorgepro-grammeerde bereiding wijzigen.02:0 De katalysator en de grillmotorzijn uitgeschakeld. Vet en kook-luchtjes worden niet uit de wa-sem gefilterd en de draaigrilleer-inrichting kan niet worden ge-bruikt.02:1 De katalysator en de grillmotorzijn ingeschakeld.

Vet en kook-luchtjes worden uit de wasemgefilterd en de draaigrilleerinrich-ting kan worden gebruikt.03:0 De verlichting wordt ingescha-keld zodra u een ovenfunctie in-stelt.03:1 De ovenverlichting gaat aan zo-dra de ovendeur wordt geopend,ook als de functiekeuzeschake-laar op "0" staat. Op die manierhoeft u de verlichting voor het rei-nigen van de oven niet in teschakelen.04:0 De temperatuur wordt in °C weer-gegeven.De klok heeft een24-uursweergave.04:1 De temperatuur wordt in °F weer-gegeven.De klok heeft een12-uursweergave.05:0 Als de oven in gebruik is, wordtde verlichting na 15 secondenautomatisch uitgeschakeld.05:1 De verlichting blijft ingeschakeld,zolang de oven in gebruik is.Instellingen van de oven wijzigen30

Standaardinstelling Alternatief06:0 Het snelopwarmsysteem is inge-schakeld tijdens de ovenfuncties"Hetelucht ", "BraadautomaatDE" en "Boven- en onderwarmteA".06:1 Het snelopwarmsysteem is uitge-schakeld.07:0 In het tijddisplay verschijnt deoorspronkelijke dagtijd.07:1 De klok wordt 1 uur vooruit gezet.08:0 08:1Afhankelijk van het model Afhankelijk van het model–verschijnt in het tijddisplay naeen druk op de toets " " deloorspronkelijke dagtijd.–wordt de klok 1 uur achteruitgezet.–verschijnt in het tijddisplayeerst de oorspronkelijke dag-tijd, wanneer na herhaaldelijkdrukken op de toets " " delwaarde "0" bereikt is.–kan de klok maximaal 4 uurachteruit worden gezet doormeermaals op de toets " " teldrukken.

Deze functie is nodigom in de Verenigde Staten bijaansluiting van eenradiogestuurde klok de klok opde desbetreffende tijdzone inte stellen.09:0 Na afloop van een bereidingklinkt er een akoestisch signaal(ook bij een Miele INFO CON-TROL, indien aanwezig).09:1 Na afloop van een bereidingklinkt er geen akoestisch signaal(ook bij een Miele INFO CON-TROL, indien aanwezig).Instellingen van de oven wijzigen31

FunctiesDe klok kan– de dagtijd weergeven.– de oven en de voorste kookzonesonafhankelijk van elkaar automatischuitschakelen of in- en uitschakelen.TijdtoetsenMet de druktoetsen kunt u– een instellen.begintijd – een instellen.bereidingstijd – een instellen.eindtijd – de dagtijd instellen.Elke druktoets is gekoppeld aan eensymbool in het display van de klok.Toetsen "+" en "–"Met de toetsen "+" en "–" kunt u de tij-den in uren en minuten invoeren.De tijden veranderen in stappen van 1minuut.Klok32

PrincipeU kunt alleen tijden invoeren, als ueerst een ovenfunctie kiest of eenkookzone inschakelt.Als u een tijd wilt invoeren, moet u eerstop de betreffende tijdtoets drukken.Met de toetsen "–/+" stelt u vervolgensde gewenste tijd in.^Druk op de betreffende .tijdtoetsDaarna verschijnt– het betreffende symbool in het tijd-display.– het controlelampje tussen de toetsen"+" en "–".^Zolang het controlelampje brandt,kunt u de tijd met de toetsen "+" en"–" instellen.Telkens als u op een toets drukt, wordtde beschikbare invoertijd verlengd.Als het controlelampje uitgaat, wordt deingevoerde waarde opgeslagen.Dagtijd instellenNadat het apparaat is aangesloten ofna een stroomstoring, knipperen in hetdisplay " ", alsmede de symbolen12:00" " en " ".f )U kunt de dagtijd alleen instellen alsde functiekeuzeschakelaar op "0"staat.^Druk de toetsen " " en " " tegelijkf )in.^Voer de dagtijd in met de toets "+" of"–" (in uren en minuten).De klok heeft een 24-uursweergave.Zodra de tijd is opgeslagen, begint detijd te lopen.

Dagtijdweergave in- en uitschakelenOm energie te besparen kunt u de dag-tijdweergave uitschakelen.Ga hiervoor als volgt te werk:^Druk de toetsen " " en " " tweef )keer achter elkaar tegelijk in.De dagtijd loopt op de achtergronddoor.De dagtijdweergave kan niet wordenuitgeschakeld als u een bereidingheeft geprogrammeerd.Om de dagtijdweergave weer in teschakelen, gaat u als volgt te werk:^Druk de toetsen " " en " " éénf )keer tegelijk in.Bereiding programmerenMet de klok kunnen de oven en de tweevoorste kookzones automatisch wordenuitgeschakeld of op een later tijdstipworden in- en uitgeschakeld.De oven, de kookzone links voor en dekookzone rechts voor kunnen onafhan-kelijk van elkaar worden geprogram-meerd.Oven programmerenVoordat u een bereiding kunt pro-grammeren, moet u eerst een oven-functie kiezen.De voert u in via de toetsen " ",tijden f" " of " ".g )Na het invoeren van een waarde ver-schijnt in het display altijd de actueledagtijd.De symbolen , of herinnerenf g )u aan de ingestelde tijden.Vlak voor het einde van een berei-dingsproces wordt de ovenverwarminguitgeschakeld.De is nuenergiebesparende functie actief.

In het display van de oven ver-schijnt de aanduiding " ". De werkelijEC -ke oventemperatuur wordt niet meerweergegeven.De verwarming van de oven wordt weeringeschakeld als u– de ingestelde oventemperatuur ver-andert.– de bereidingstijd aanzienlijk verlengt.Klok34

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele H 370-2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden