Miele h 232 e Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele h 232 e (60 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 126 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Miele h 232 e of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | h 232 e |
Handleiding Miele h 232 e – volledige tekst
Symbolen van de verkorte handleidingAan de binnenkant van de ovendeurstaat een verkorte handleiding.De volgende symbolen worden daar af-gebeeld:Soort gebak, gerecht"- koekjes%- plaatkoek van gistdeeg+- tulbandM- cake!- biscuitgebakk- broodV- krans van gistdeegZ- rund:- wildY- varken(- lam;- gevogelte_- visVerwarmingssoortenD- HeteluchtA- Boven- en onderwarmteE- BraadautomaatDeze verwarmingssoort bestaat bij ditapparaat niet. Kies in plaats daarvan"Hetelucht D".Gebruiksmogelijkheden- braden met vetfilter=- braden zonder vetfilterL- braden in de panK- braden op het roosterLet op de aangegeven temperaturen,inschuifhoogtes en tijdsduur.Kies gewoonlijk de gemiddelde tempe-ratuur.Test na afloop van de kortste berei-dingstijd of het gerecht gaar is.
InhoudAlgemeen. 4-5Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 6Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 7-11Voor het eerste gebruik. 12-13KookzonesSchakelknoppen. 14Algemeen. 15Gebruik. 16-18OvenVerwarmingssoorten. 19-20Bediening. 21-23Bediening van de digitale klok. 24-27Gebruiksmogelijkheden– Bakken, Tabel voor het bakken. 28-31– Braden, Tabel voor het braden. 32-34– Ontdooien. 35– Koken. 36– Inmaken. 37– Grilleren, Tabel voor het gebruik van de grill. 38-40Geteste gerechten. 41Reiniging en onderhoud– Keramische kookplaat. 42-43– Front, bedieningspaneel, accessoires. 44– Binnenruimte van de oven. 45-50Nuttige tips. 51-53Technische Dienst. 53Extra accessoires. 54Voor de installateur / elektricienElektrische aansluiting. 55Inbouwinstructies– Keramische kookplaat. 56-57– Fornuis. 58– Oven. 59.
AlgemeenAccessoires–Bakplaten–Braadslede De braadslede kan tevens als vetop-vangplaat worden gebruikt.–Rooster met beveiliging tegen uittrek-ken voor bakken, braden en grille-ren. –Vetfilterbij het braden op het rooster met "He-telucht" of "Braadautomaat" en bij"Grilleren met luchtcirculatie" aan-brengen.De vetdruppels worden opgevangendoor het vetfilter. De binnenruimtevan de oven en de ruimte achter deoven blijven hierdoor schoner.Typeplaatje van de kookplaatHet typeplaatje van de kookplaat is nietmeer te zien als de oven is ingebouwd.Daarom wordt er een tweede typeplaat-je meegeleverd.Plak dit in de gebruiksaanwijzing onderde rubriek "Technische Dienst". U heeftde gegevens die op dit typeplaatjestaan vermeld nodig wanneer u con-tact opneemt met de TechnischeDienst.5
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieuHet verpakkingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenmet het oog op een geringe belastingvan het milieu en de mogelijkhedenvoor afvalverwerking.Hergebruik van het verpakkingsmateri-aal remt de afvalproductie en het ge-bruik van grondstoffen. Vaak neemt deleverancier de verpakking terug. Als ude verpakking zelf wegdoet, informeerdan bij de reinigingsdienst van uw ge-meente waar u die kunt afgeven.Wat te doen met een afgedankt apparaatVan een afgedankt apparaat kunnende onderdelen vaak nog waardevolzijn. Zorg er daarom voor dat uw oudeapparaat via de dealer of via de ge-meente gerecycled kan worden (zorgtu ervoor dat het afgedankte apparaattot die tijd buiten het bereik van kinde-ren wordt opgeslagen).
Veiligheidsinstructies en waarschuwingenDit apparaat voldoet aan de voorge-schreven veiligheidsbepalingen. Als het apparaat echter niet wordtgebruikt voor het doel waarvoor hetbestemd is, of als het op een ver-keerde manier wordt bediend, kun-nen personen letsel oplopen en kaner materiële schade ontstaan. Lees eerst aandachtig de gebruiks-aanwijzing door voordat u uw oven /fornuis voor het eerst gebruikt. U vindt hierin belangrijke instructiesvoor het inbouwen, de veiligheid,het gebruik en het onderhoud vanhet apparaat. Dat is veiliger vooruzelf en voorkomt onnodige schadeaan uw apparaat. Bewaar deze gebruiksaanwijzingzorgvuldig en geef deze door aaneen eventuele volgende eigenaarvan het apparaat. Efficiënt gebruik Dit fornuis / deze oven is uitslui-tend bestemd voor huishoudelijkgebruik, en wel voor het bakken, bra-den, ontdooien, koken, inmaken, dro-gen en grilleren van levensmiddelen.
Gebruik voor andere doeleinden is vooreigen risico en kan gevaarlijk zijn. Defabrikant kan niet aansprakelijk wordengesteld voor schade die wordt veroor-zaakt door gebruik voor andere doelein-den dan hier aangegeven of door eenfoutieve bediening. Technische veiligheid Voordat u het fornuis / de oven aan-sluit, dient u de aansluitgegevens(spanning en frequentie) op het type-plaatje met de waarden van het elektri-citeitsnet te vergelijken. Deze gege-vens moeten beslist overeenkomen. De elektrische veiligheid van hetapparaat is uitsluitend gegaran-deerd als het is aangesloten op eenaardingssysteem dat volgens de gel-dende veiligheidsbepalingen is geïn-stalleerd. Laat de huisinstallatie bij twij-fel door een vakman inspecteren. De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die is ont-staan door een ontbrekende of bescha-digde aarddraad (bijv. een elektrischeschok).
Gebruik het fornuis / de oven al-leen als deze is ingebouwd. Dit omte voorkomen dat u per ongeluk elektri-sche onderdelen aanraakt. Open in geen geval de ommante-ling van het apparaat.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingenOndeskundig uitgevoerde installa-tie- en onderhoudswerkzaamhe-den, alsmede ondeskundig uitgevoer-de reparaties leveren gevaar op voorde gebruiker. De fabrikant kan daarvoor niet aanspra-kelijk worden gesteld. Laat installatie-en onderhoudswerkzaamheden en re-paraties uitsluitend uitvoeren door er-kende vakmensen. Er staat alleen dan geen elektri-sche spanning op het apparaat,als aan één van de volgende voorwaar-den is voldaan:–als de aansluitkabel niet op het elek-triciteitsnet is aangesloten;–als de zekering van de huisinstallatieis uitgeschakeld;–als de hoofdschakelaar van de huis-installatie is uitgeschakeld. Het apparaat mag niet via een ver-lengsnoer op het elektriciteitsnetworden aangesloten. Met verlengsnoe-ren kan een veilig gebruik van het ap-paraat niet worden gewaarborgd. GebruikPas op. Verbrandingsgevaar.
Deoven / het fornuis wordt zeer warm. Zorg ervoor dat kinderen van hetapparaat afblijven als het in wer-king is. Niet alleen de kookzones wordenwarm, maar ook bijv. de ovendeur, hetdeel bij de afzuiging, de handgreep enhet bedieningspaneel. OvenDraag altijd ovenwanten als u ge-rechten in de oven zet of eruithaalt, of als u de binnenkant van deoven aanraakt. Wanneer u "Boven- en onderwarmte" ofbijv. de grill gebruikt, worden de boven-ste verwarmingselementen en de af-schermplaat zeer heet. U kunt zich hier-aan verbranden. Als u de bovenwand van de ovenwilt reinigen, laat dan eerst het ver-warmingselement afkoelen voordat uhet naar beneden laat zakken. Anderskunt u zich eraan verbranden. Duw het verwarmingselement voorde grill niet met geweld omlaag,want daardoor kan het beschadigen. Gebruik bij inmaken in de ovennooit conservenblikken.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingenDek de gerechten altijd af als ze inde oven worden bewaard. Hetvocht uit de gerechten kan corrosie ver-oorzaken. Bovendien voorkomt u doorhet afdekken dat de gerechten uitdro-gen.Als u gerechten die al klaar zijn inde oven laat staan om ze warm tehouden, of als u gebruik wilt makenvan de restwarmte, stel dan de laagstetemperatuur in. Laat de functieschake-laar op de gekozen verwarmingssoortstaan.Schakel het apparaat in geen geval uit.De luchtvochtigheid stijgt en leidt ertoedat het bedieningspaneel beslaat, datzich onder het werkblad druppels vor-men of dat het meubelfront beslaat.Door condens kan de kastombouw /het werkblad beschadigen en kan ercorrosie in het apparaat ontstaan.Leg geen diepvriesproducten (zo-als pizza e.d.) op de bakplaat ofde braadslede om ze te verwarmen ofte koken.
De bakplaat kan zodanigkrom trekken, dat deze niet meer uit deoven gehaald kan worden als hij heetis. Bij elk volgend gebruik trekt de plaatweer krom. Gebruik daarom het roosteren leg daar bakpapier op.Keramische kookplaatDe kookzones worden heet zodraze worden ingeschakeld. De rest-warmte-aanduiding geeft aan of eenkookzone heet is.Schakel de kookplaat onmiddellijkuit als deze scheurtjes e.d. ver-toont. Door de scheuren kunnen etens-resten en overgekookt vocht bij elektri-sche delen geraken, waardoorkortsluiting ontstaat.Trek de stekker uit de contactdoos ofschakel de zekering uit. Waarschuw deTechnische Dienst van Miele NederlandB.V.Gebruik de kookplaat niet als werk-blad. Leg er dus geen voorwerpenop, want als er nog restwarmte is, ofals er nog een kookzone aanstaat, kaner brand ontstaan.Laat geen voorwerpen op de kera-mische plaat vallen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingenVoorkom dat er suiker in vaste ofvloeibare vorm, kunststof en alumi-niumfolie op warme kookzones terecht-komen. Dit kan bij afkoeling scheurenen barsten in de keramische plaat ver-oorzaken. Komt er per ongeluk tochiets op een hete kookzone terecht,schakel deze dan uit en verwijder deresten onmiddellijk met een schraperzolang de kookzone nog warm is. Letdaarbij op dat u uw handen niet brandt. Gebruik op de keramische kook-plaat geen pannen of schalen meteen scherpe rand aan de bodem. Daar-door ontstaan krassen die niet meer teverwijderen zijn. AlgemeenGebruik voor het reinigen van deoven, het fornuis en de kookplaatnooit een stoomreiniger. Stoom kan inaanraking komen met delen van het ap-paraat die onder spanning staan en zokortsluiting veroorzaken. Houd de oven goed in de gatenals u met olie en/of vetten werkt. Olie en vet kunnen in brand raken.
Gebruik in geen geval aluminiumfo-lie of serviesgoed dat van kunst-stof is vervaardigd, omdat dit bij hogetemperaturen smelt. Bij de keramische kookplaat bestaat te-vens het gevaar dat de keramischeplaat wordt beschadigd. Gebruik het fornuis niet om eenruimte te verwarmen. Door dehoge temperatuurontwikkeling in deovenruimte kunnen licht ontvlambarevoorwerpen, die zich in de buurt vande oven bevinden, gaan branden. Als u een contactdoos in de buurtvan de oven gebruikt, let er dan opdat de aansluitkabel van de oven niettussen de hete ovendeur beklemdraakt. De aansluitkabel kan beschadi-gen en u loopt zo het risico een elektri-sche schok te krijgen. Zorg ervoor dat voedsel altijd vol-doende verwarmd wordt.
De tijddie daarvoor nodig is hangt af van ver-schillende factoren, zoals de tempera-tuur van de ingrediënten op het mo-ment dat het gerecht in de oven wordtgezet, de hoeveelheid, het soort voed-sel, de kwaliteit ervan en eventuele wij-zigingen in het recept. Eventuele bacte-riën in het eten worden alleen gedoodwanneer de temperatuur hoog genoegis en lang genoeg wordt aangehouden.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingenHet is belangrijk dat de tempera-tuur in het gerecht gelijkmatigwordt verdeeld en bovendien hoog ge-noeg is. Roer de gerechten daartoe re-gelmatig door of draai ze om. Gebruik van accessoiresSchuif na het gebruik van de schra-per altijd het mes weer naar bin-nen, anders bestaat er gevaar voor ver-wondingen!Het afdanken van het apparaatHaal de stekker uit de contactdoosen maak deze samen met de aan-sluitkabel onbruikbaar.Hiermee voorkomt u dat de oven ver-keerd wordt gebruikt.Als de veiligheidsinstructies nietworden opgevolgd kan de fabrikantniet verantwoordelijk worden ge-steld voor schade die daar eventu-eel het gevolg van is. 11
Voor het eerste gebruikDigitale klokNa het aansluiten van het apparaat ver-schijnen "0•00" en "AUTO" knipperendin het display.Dagtijd instellen(24-uurs weergave)Druk de toetsen "g" en "r" tegelij-kertijd in.In het display knipperen "0•00" en"AUTO" verder.Voer de dagtijd met de +/- toets in(uren•minuten)Zodra de +/- toets wordt ingedrukt, ver-schijnt "@ " in het display.Na het invoeren loopt de dagtijd per mi-nuut af.OvenNeem de ovenruimte af met warmwater en een mild reinigingsmiddel.Wrijf de ovenruimte daarna met eenschone doek droog.Sluit de ovendeur pas wanneer debinnenruimte droog is.Was de accessoires af.Plaats de meegeleverde geleide-rails in de oven.12
Voor het eerste gebruikBij nieuwe apparaten ontstaat altijdeen onaangename geur als ze voor heteerst worden gebruikt. Door een hogetemperatuur verdwijnt deze geur snel-ler. Zet de oven daarom minstens één uuraan:Draai de functieschakelaar op "Hete-lucht D".Stel met de temperatuurschakelaarde hoogste temperatuur in.U kunt dit ook m.b.v. de digitale klokautomatisch laten beëindigen.Zorg ervoor dat er voldoende luchtkan worden toegevoerd als de ovenaanstaat.Keramische kookplaatReinig de keramische kookplaat eersteenmaal grondig en daarna regelma-tig. Reinig de plaat alleen als dezehandwarm of koud is.Bij het eerste gebruik kan er even eengeur vrijkomen; het water in de isole-ring verdampt.13
Kookzones - schakelknoppenDe kookzones worden m.b.v. energie-schakelaars bestuurd.Draai de kookzoneschakelaars al-leen rechtsom en maximaal tot aande aanslag.De schakelaars gaan anders kapot.Zodra een schakelaar op een bepaal-de stand wordt gedraaid, begint hetcontrolelampje voor de kookzones tebranden.
Dit lampje gaat uit zodra deschakelaar op "0" wordt gedraaid.Zo gebruikt u de keramischekookplaatKies een hoge stand voor het aan dekook brengen of aanbraden van eengerecht.Zodra er stoom onder de rand vande pan vandaan komt, moet de kook-zoneschakelaar teruggedraaid wor-den op een lagere stand.Als u de schakelaar op tijd terugdraait–voorkomt u dat gerechten overkoken;–voorkomt u dat gerechten aanbran-den;–bespaart u energie.Tabel voor het instellen van dekookzoneschakelaarsstandboter smeltenchocolade smeltengelatine oplossenyoghurt maken 1 - 2gerechten warm houdenkleine hoeveelheden opwarmensaus maken 1 - 3diepvriesprodukten ontdooiengroente/fruit blancherenvis stovenbouillon trekken 3 - 5vlees/vis/groente kokenaardappels/eenpansgerechten/soep kokenjam maken 4 - 6vlees bradeneieren bakken 7 - 10pannekoeken bakkenbiefstuk bakkenfrituren in vet 9 - 12De getallen in deze tabel zijn richtlijnen.
Zehebben betrekking op normale porties voor 4personen. Als u hogere pannen gebruikt, zon-der deksel kookt of grotere hoeveelheden be-reidt, moet een hogere stand worden inge-steld. Als u kleinere hoeveelheden bereidt,moet een lagere stand worden ingesteld.14
Kookzones - algemeenKeramische kookplaatDoorsnede kookzonesDe kookzones zijn duidelijk zichtbaar inde kookplaat aangebracht.Alleen de ingeschakelde kookzonewordt verwarmd. de rest van het opper-vlak blijft relatief koud.Restwarmte-indicatorIedere kookzone heeft een controlelam-pje voor de restwarmte. Wanneer dekookzone na het inschakelen een be-paalde temperatuur heeft bereikt, gaatdit lampje branden.Het lampje gaat weer uit als de kookzo-ne niet meer warm is.Kookzone-vergroting nDe vergroting van de kookzone linksvoor wordt met de betreffende kookzo-neschakelaar ingeschakeld.Deze functie is gekoppeld aan een con-trolelampje in het display. Dit lampjegaat branden zodra de vergroting vande kookzone is ingeschakeld.Draai de schakelaar alleen rechts-om tot aan de aanslag.De schakelaar gaat anders kapot..Draai de schakelaar rechtsom - doorstand 12 heen - op het symbool "n".
Kookzones - gebruikDe juiste pannenAls u de volgende adviezen opvolgt–bespaart u zoveel mogelijk energie;–voorkomt u dat overkokend vocht in-brandt.De bodem van de panDe pannen moeten een stabiele onder-kant hebben die iets naar binnen buigt.Als de bodem heet wordt, staat dezevlak op de kookzone. Gebruik pannendie geschikt zijn voor koken op een ke-ramische kookplaat.De grootte van de panDe doorsnede van de pan moet ietsgroter zijn dan die van de kookzone.Het dekselEen deksel op de pan voorkomt dat dewarmte ontsnapt.16
Kookzones - gebruikLet op het volgendeOm onnodig energieverbruik te voorko-men moet u altijd een pan op de kook-zone zetten voordat u deze inschakelt.Zowel de kookzone als de pan moetschoon en droog zijn. Hierdoor hoeft una het koken minder schoon te maken.Zorg ervoor dat er geen zand op dekookzones ligt.Als er zand tussen pan en kookzonekomt, kan dit krassen veroorzaken.De bodem van de pan mag geenscherpe randen hebben.Als u een pan met scherpe randen ver-schuift, ontstaan er krassen op de kera-mische kookplaat.Schuif niet met bakplaten ofbraadsledes over de kookplaat.Hierdoor ontstaan krassen!Pannen van aluminium en pannenvan roestvrij staal met een alumini-um bodem kunnen parelmoerachti-ge vlekken op de kookplaat veroor-zaken.Deze vlekken kunt u het beste onmid-dellijk verwijderen met een speciaal rei-nigingsmiddel (zie de rubriek "Reini-ging en onderhoud").17
Kookzones - gebruikLaat op warme kookzones geen sui-ker in vaste of vloeibare vorm te-rechtkomen en leg er geen kunst-stof of aluminiumfolie op.Dit kan bij afkoeling scheuren en bar-sten in de keramische plaat veroorza-ken. Komt er toch per ongeluk iets opeen hete kookzone terecht, schakeldeze dan uit en verwijder de resten on-middellijk met een schraper zolang dekookzone nog warm is. Let daarbij opdat u uw handen niet brandt. Als de bevuilde kookzone afkoelt zon-der dat deze van tevoren is gereinigd,ontstaan er kraterachtige gaten in dekeramische plaat.18
VerwarmingssoortenHetelucht DDeze verwarmingssoort werkt met eenhete luchtstroom.De ventilator aan de achterkant zuigtde lucht uit de oven, leidt deze langshet ringvormige verwarmingselementen blaast de verwarmde lucht door deopeningen in de achterwand weer te-rug.Omdat de gerechten direct worden ver-warmd is voorverwarmen van de ovenniet nodig.Uitzondering: voor het braden van ros-bief of filet moet de oven wel wordenvoorverwarmd.Bij het gebruik van "Hetelucht" kan erop verschillende niveaus tegelijk wor-den gebakken en gebraden. Door dehete luchtstroom kan er bij deze verwar-mingssoort met lagere temperaturenworden gewerkt dan bij "Boven- en on-derwarmte".Ontdooien iEr wordt zonder verwarming ontdooid.De ventilator aan de achterkant zorgtvoor constante circulatie van de koudelucht.19
VerwarmingssoortenBoven- en onderwarmte ABij deze conventionele verwarmings-soort wordt het gerecht van boven envan onderen verwarmd.Voorverwarmen van de oven is alleennodig–voor het bakken van gebak met eenkorte baktijd;–voor het braden van rosbief / filet.Grilleren ,Het binnenste gedeelte van het verwar-mingselement voor Bovenwarmte wordtgebruikt voor het grilleren. Enkele minu-ten na inschakeling wordt het roodgloei-end en zorgt voor de infrarood straling,die voor het grilleren nodig is.Verwarm het grillelement ca. 5 minutenvoor. Houd hierbij de deur gesloten.20
Bediening van de ovenBedieningsknoppenDe oven heeft twee bedieningsknop-pen: de functieschakelaar en de tempe-ratuurschakelaar.FunctieschakelaarMet de functieschakelaar kiest u de ge-wenste verwarmingssoort.De schakelaar kan zowel links- alsrechtsom gedraaid worden.–Verlichting HOm de ovenverlichting apart in te scha-kelen.–Hetelucht DVoor bakken en koken op meerdere ni-veaus tegelijk.–Boven- en onderwarmte AVoor het bakken en braden van traditio-nele gerechten, soufflé.–Bovenwarmte CVoor het gratineren van gerechten.–Onderwarmte BAan het einde van de baktijd kiezen alseen taart aan de onderkant bruinermoet worden.–Ontdooien GOm diepvriesprodukten behoedzaamte ontdooien.–Grilleren ,Voor het grilleren van vlees, zoals kar-bonade, biefstuk, gevogelte, saté.21
Bediening van de ovenTemperatuurschakelaarMet de temperatuurschakelaar stelt ude temperatuur voor de bereiding in.Draai de temperatuurschakelaar al-leen rechtsom tot aan de aanslagen weer terug.De schakelaar gaat anders kapot.Ontdooien G:Stel bij deze verwarmingssoortgeen temperatuur in.De temperatuur kan traploos worden in-gesteld.Zodra er een temperatuur is ingesteld,brandt het controlelampje boven detemperatuurschakelaar. Dit lampjebrandt altijd als de verwarming is inge-schakeld.Als de ingestelde temperatuur is be-reikt, wordt de verwarming automatischuitgeschakeld.
Zodra de temperatuuronder de ingestelde waarde daalt,wordt de verwarming weer ingescha-keld.De oven kan alleen met de schake-laar worden ingeschakeld als hetsymbool "@ " in het display tezien is.Druk hiertoe de toets "i" in.Oven voorverwarmenDe oven hoeft slechts in enkele ge-vallen te worden voorverwarmd:Bij "Hetelucht D":–voor het braden van rosbief, filet.Bij "Boven- en onderwarmte A":–voor het bakken van taart met eenkorte baktijd;.–voor het braden van rosbief, filet.VoorverwarmenDraai de functieschakelaar op de ge-wenste stand.Stel met de temperatuurschakelaarde juiste temperatuur in.Plaats de gerechten in de oven zo-dra het controlelampje voor de eer-ste keer uitgaat.22
Bediening van de ovenRooster met beveiliging tegenuittrekkenDeze beveiliging voorkomt dat het roos-ter helemaal uit de oven glijdt, terwijl hijer slechts gedeeltelijk uitgetrokken hadmoeten worden.Let er daarom bij het inschuiven al-tijd op dat de beveiliging tegen uit-trekken aan de achterkant zit.Het rooster kan nu alleen uit de ovenworden gehaald als het wordt opgetild.23
Bediening van de digitale klokDe digitale klok kan–de dagtijd aangeven;–de oven automatisch uitschakelen ofin- en uitschakelen.DruktoetsenMet de druktoetsen kunt ul–een kookwekkertijd instellen;g–de duur van een bereiding instellen;)–het einde van een bereiding instel-len;i–een ingestelde bereiding wissen;+/-–de tijden instellen / veranderen.Symbolen in het displayDe volgende symbolen verschijnen inhet display:l–als er een kookwekkertijd is inge-steld;AUTO–als een bereiding is voorgeprogram-meerd;–(knipperend) als de bereidingstijd isafgelopen;AUTO en @–als de bereiding wordt uitgevoerd;@–als de oven onafhankelijk van de di-gitale klok kan worden ingeschakeld.24
Bediening van de digitale klokDagtijd(24-uurs weergave)Na het aansluiten van het apparaatof nadat de stroom is uitgevallenverschijnen "0•00" en "AUTO" knippe-rend in het display.Dagtijd instellenDruk de toetsen "g" en "r" tegelij-kertijd in.In het display knipperen "0•00" en"AUTO" verder.Voer de dagtijd met de +/- toets in(uren•minuten).Zodra de +/- toets wordt ingedrukt, ver-schijnt "@ " in het display.Na het invoeren loopt de dagtijd per mi-nuut af.Dagtijd veranderenHet veranderen van de dagtijd ge-schiedt net zo als het instellen ervan:Druk de toetsen "g" en "r" tegelij-kertijd in.Verander de dagtijd met de +/- toets(uren•minuten).Als er een bereiding was ingesteld,dan wordt deze door het veranderenvan de dagtijd gewist.KookwekkerU kunt een kookwekkertijd instellenvoor externe bereidingen, zoals het ko-ken van eieren.De kookwekkertijd kan onafhankelijkvan de ingestelde bereiding worden in-gesteld.Kookwekkertijd instellenDruk de toets "l" in.Stel de gewenste tijd met de + toetsin (uren•minuten).In het display verschijnt "l" .Na afloop van de kookwekkertijd–klinkt ca.
Bediening van de digitale klokBereiding automatischuitschakelenDraai de functieschakelaar en detemperatuurschakelaar op de gewen-ste stand.Druk de toets "g" in.In het display verschijnt "0•00".Stel met de + toets de gewenste tijdin (uren•minuten).In het display brandt "AUTO".Bereiding voorprogrammerenDraai de functieschakelaar en detemperatuurschakelaar op de gewen-ste stand.Stel eerst de bereidingsduur in:Druk de toets "g" in.In het display verschijnt "0•00".Stel met de + toets de gewenste tijdin (uren•minuten).In het display brandt "AUTO".Stel nu de eindtijd in:Druk de toets ")" in.In het display verschijnen nu de dagtijden de ingestelde bereidingsduur.Stel met de + toets de eindtijd in.De oven wordt uitgeschakeld en in hetdisplay verschijnt "AUTO".Let op het volgendeAls u een taart of brood wilt bakken,kunt u de bereiding beter niet al te langvan tevoren programmeren.Het deeg kan uitdrogen en de werkingvan het rijsmiddel kan minder worden.Einde van een bereidingNa afloop van een ingestelde bereiding–wordt de ovenverwarming automa-tisch uitgeschakeld;–klinkt ca.
7 minuten lang een akoes-tisch signaal;–knippert "AUTO".Druk de toets "i" in.Het optische en het akoestische sig-naal worden uitgeschakeld.Zodra de toets "i " wordt inge-drukt, gaat de ovenverwarmingweer aan. Schakel het apparaatdaarom altijd uit.Draai de functieschakelaar en detemperatuurschakelaar op "0".26
Bediening van de digitale klokControleren en veranderenvan de ingestelde tijdenDe tijden die voor een bepaalde berei-ding zijn ingesteld en de kookwekker-tijd kunnen op elk gewenst moment ge-controleerd of veranderd worden.ControlerenDruk de toets in waarvan u de tijdwilt controleren."g"De ingestelde bereidingstijd of de reste-rende tijd van een bereidingsprocesdat bezig is, wordt weergegeven.
")"De eindtijd van de bereiding wordtweergegeven."l" De resterende kookwekkertijd wordtweergegeven.VeranderenDruk op de toets waarvan u de tijdwilt veranderen.Stel met de +/- toets de gewenstetijd in.Automatisch proces wissenDruk de toets "i" in.Let op:Zodra het bereidingsproces is gewist,gaan de verwarming en de verlichtingvan de oven aan.Akoestisch signaal veranderenU kunt kiezen uit drie verschillendeakoestische signalen.Druk de - toets in.Bij elke druk op de - toets klinkt een an-der akoestisch signaal.Verander het akoestische signaal al-leen als de oven is uitgeschakeld.27
Bakken in de ovenVoor het bakken bevelen wij de volgen-de verwarmingssoorten aan:–Hetelucht D–Boven- en onderwarmte AZo bakt u met "Hetelucht D"U kunt alle hittebestendige bakvormengebruiken, ook als ze van lichte dunnematerialen zijn vervaardigd.U kunt op meerdere niveaus tegelijker-tijd bakken. Wij raden het volgendeaan:1 bakplaat . . . . . . . . 1e inschuifhoogte2 bakplaten . . . 1e en 3e inschuifhoogte3 bakplaten 1e, 2e en 5e inschuifhoogteAls u vochtig gebak, taart of broodbakt, gebruik dan niet meer dan 2bakplaten tegelijk.Bij "Hetelucht D" ligt de baktempera-tuur lager dan bij "Boven- en onder-warmte A".Zo bakt u met "Boven- enonderwarmte A"In de volgende bakvormen wordt hetgebak regelmatig gebruind:matte en donkergekleurde bakvormen;hittebestendige glazen of kunststof bak-vormen.Gebruik geen lichte, dunne bakvor-men.
Hierin wordt het gebak niet ge-lijkmatig gebruind.Voorverwarmen van de oven:alleen voor het bakken van taart/gebakmet een korte baktijd.Kies de inschuifhoogte afhankelijkvan hetgeen u wilt bakken:hoog gebak . . . 1e of 2e inschuifhoogteplat gebak . . . . 2e of 3e inschuifhoogte28
Bakken in de ovenLet op het volgendePlaats een cakeblik of een langwerpi-ge bakvorm dwars in de oven.Bak diepvriesproducten zoals pizza’se.d. op het rooster met daarop bakpa-pier.Let op de temperaturen, inschuif-hoogtes en baktijden in de tabel opde volgende pagina’s.Het gebak wordt regelmatig gebruindals –de gemiddelde temperatuur wordtaangehouden;Het komt vaak voor dat men voor hetbakken een te hoge temperatuur in-stelt. Het gebak is dan weliswaarsneller klaar, maar het is niet mooi re-gelmatig gebruind.–de inschuifhoogte wordt aangepastaan het soort gebak en de verwar-mingssoort;–na afloop van de kortste baktijdwordt getest of het gebak gaar is.Prik met een breinaald in het deeg. Alser niets aan de breinaald blijft kle-ven, is het gebak gaar.29
Braden in de ovenVoor het braden bevelen wij de volgen-de verwarmingssoorten aan:–Hetelucht D–Boven- en onderwarmte AHetelucht D:Plaats voordat u gaat braden op hetrooster altijd het vetfilter voor deaanzuigopening van de ventilator.Het is handig om in een pan te braden:–er blijft genoeg fond over om eensaus van te maken;–de oven blijft schoner dan bij bradenop het rooster.U kunt het volgende serviesgoed ge-bruiken: braadpan, braadslee, vuurvasteschaal, römertopf.De handgrepen van het servies-goed moeten hittebestendig zijn.Plaats het servies op het rooster.Het vlees moet in de oven gezet wor-den als deze nog koud is.Uitzondering: voor het braden van ros-bief/filet moet de oven voorverwarmdworden op de temperatuur die in het re-cept wordt vermeld.Kies voor het braden de 1e inschuif-hoogte.Uitzondering: kies voor het braden vangevogelte tot 1 kg, rosbief, filet of visde 2e inschuifhoogte.Bij "Hetelucht D" moet de temperatuurca.
40 °C lager zijn dan bij "Boven- enonderwarmte A".Hoe groter het stuk vlees, hoe lager detemperatuur. Stel de temperatuur vanaf3 kg. ca. 10 °C lager in dan aangege-ven in de tabel voor het braden.Het braden duurt dan weliswaar ietslanger, maar het vlees wordt gelijkmatiggaar en de korst wordt niet te dik.Bij het braden op het rooster Kmoet de temperatuur ca. 20 °C lageringesteld worden dan bij het braden inde pan L.De bereidingstijd wordt bepaald doorhet soort vlees, de grootte en de diktevan het vlees.32
Braden in de ovenZo kunt u de bereidingstijd bereke-nen:Hoogte van het vlees x de tijd per cmvoor de betreffende vleessoort.vleessoort tijd per cmhoogterund/wildvarken/kalf/lamrosbief/filet15-18 min.12-15 min.8-10 min.Voorbeeld:rundvlees, 8 cm hoog8 x 15 min. per cm = 120 min. berei-dingstijd.Let op het volgendeStel de temperatuur niet hoger in danaangegeven. Het vlees wordt dan welbruin, maar niet gaar.Het vlees wordt aan het einde van debereidingstijd bruin. Het vlees wordtextra bruin als u op de helft van debraadtijd het deksel van de schaal af-haalt.Na afloop van de bereidingHaal het vlees uit de oven, wikkel het inaluminiumfolie en laat het ca. 10 minu-ten staan. Op deze manier loopt er bijhet aansnijden van het vlees mindervocht weg.Tips voor de bereidingBraden in de pan LKruid het vlees en leg het in de pan.Leg er kleine stukjes boter of margari-ne op of giet er olie overheen.
Voegaan grote magere stukken vlees (2 tot 3kg.) en vet gevogelte ongeveer 1/8 literwater toe.Braden op het rooster KKruid het vlees en leg het op het roos-ter of in de braadslede. Leg er kleinestukjes boter of margarine op en laathet vlees gaar worden. Giet tijdens hetbraden wat vocht (water, bouillon,room) over het vlees.Gevogelte bradenHet vel wordt knapperig als u het gevo-gelte 10 minuten voor het einde van debereidingstijd bestrijkt met licht gezou-ten water.Diepgevroren vlees bradenDiepgevroren vlees met een gewichttot ca. 1,5 kg kunt u braden zonder hetvan tevoren te ontdooien. De berei-dingstijd wordt per kilo ca. 20 minutenlanger.33
1,5 kg 1 4) 160-180 35-55 200-220 35-55De tijden gelden, tenzij anders aangegeven, voor een oven die niet is voorverwarmd.1) Plaats het vetfilter bij gebruik van "Hetelucht D".2) Als het vlees op het rooster K wordt bereid: temperatuur 20 °C lager instellen.3) Verwarm de oven voor als u "Hetelucht D" of "Boven- en onderwarmte A" gebruikt.4) 2e inschuifhoogte bij "Boven- en onderwarmte A".De getallen in de tabel zijn richtlijnen.34
Ontdooien in de ovenDraai de functieschakelaar op "Ontdooien G". Stel voor het ontdooien geen tempe-ratuur in.–Haal het diepgevroren product uit deverpakking en leg het op een schaalof bakplaat.–Voor het ontdooien van gevogelte ishet aan te bevelen om het rooster tegebruiken en daaronder een schaalte plaatsen. Zo komt het gevogelteniet in het vocht te liggen.Let bij het ontdooien van gevogelteextra op de hygiëne. Gebruik hetvocht dat bij het ontdooien vrijkomtniet. De kans op bacteriën is groot!–Vlees, gevogelte en vis hoeven niethelemaal ontdooid te zijn voor verde-re bereiding. Het is voldoende als debuitenlaag zo zacht is geworden, datde kruiden goed worden opgeno-men.Tijden voor het ontdooienop kamertemperatuurDe tijden hangen af van soort en ge-wicht van het voedsel dat wordt ont-dooid.1000 g vis . . . . . . . . . . . . . . 60-90 min.1000 g gevogelte . . . . . . . 90-120 min.
Koken in de ovenVoor het koken in de oven zijn de vol-gende verwarmingssoorten aan te be-velen:–Hetelucht D–Boven- en onderwarmte AU kunt het volgende serviesgoed ge-bruiken: vuurvaste glazen schaal, porseleinenserviesgoed, römertopf, pan met hitte-bestendige handvatten.Schuif het rooster op de 1e inschuif-hoogte in de oven en plaats het ser-viesgoed er op.Stel de verwarmingssoort en detemperatuur in.Hetelucht D. . . . . . . . . . . . . 170-190°CBoven- en onderwarmte A. 190-210°CTijden voor het kokenmenu . . . . . . . . . . . . . . . . . . 70-90 min.ovenschotel . . . . . . . . . . . . . 40-60 min.Let op het volgendeDek de gerechten afals ze gesmoord of geblancheerd moe-ten worden.Daardoor voorkomt u dat het gerechtuitdroogt. Als u geen geschikt dekselheeft, gebruik dan bijv.
aluminiumfolie.Dek de gerechten niet afals ze een korstje moeten krijgen.Tip voor het kokenHet is mogelijk om pannen of schalenop elkaar te zetten. Leg dan het dekselvan de onderste pan/schaal op de kop.Zet de gerechten die bruin moeten wor-den bovenop.36
Inmaken in de ovenVoor het inmaken in de oven bevelenwij de verwarmingssoort "Hetelucht D"aan.De volgende potten zijn geschikt voorhet inmaken:–weckpotten (bereid deze op de ge-wone manier voor);–glazen potten met schroefdeksel (ge-bruik alleen die potten die speciaalvoor inmaken geschikt zijn; deze zijnverkrijgbaar in de speciaalzaak).Gebruik geen conservenblikken!Schuif de braadslede op de 1e in-schuifhoogte in de oven en plaatsde potten/glazen er op.Er kunnen maximaal 6 potten/glazentegelijk in de oven.Giet ongeveer 1 liter water op debraadslede.Stel de temperatuur in op 150-170°C.Deze temperatuur is nodig totdat de in-houd gaat borrelen (gelijkmatig opstij-gen van luchtbelletjes).Als de inhoud begint de borrelen–fruit en komkommerDraai de temperatuurschakelaar op"0°C" en laat de functieschakelaar op"Hetelucht D" staan.Laat de potten nog 25 tot 30 minuten inde oven staan.–groenteStel de temperatuur in op 100°C.Laat de groente verder koken:asperges, worteltjes .
Grilleren in de ovenVerwarm het grillelement ongeveer5 minuten voor. Laat hierbij de oven-deur dicht.Tijdens het grilleren moet de oven-deur gesloten blijven. Dit bespaartenergie en vermindert het ontsnap-pen van geuren.Vlees voorbereidenSpoel het vlees af met koud water endroog het goed af. Zout het vlees nietvoor het grilleren, anders verliest hetzijn vocht.Bestrijk mager vlees met een beetjeolie. Andere soorten vet worden snel tedonker of zorgen voor rookontwikke-ling. Kip kan met boter bestreken wor-den.Platte vissen en moten vis kunt u zou-ten en met een beetje citroensap be-sprenkelen.Grilleren op het roosterZet de grillinrichting in elkaar zoalsop de afbeelding hierboven.Leg het vlees op het rooster.Draai de functieschakelaar op"Grilleren , ".Stel de temperatuur in:soort vlees temperatuurplatbijv.
karbonade, biefstuk 275°Cdikgevogelte, rollade 240°CAls tijdens de bereiding van groterestukken vlees de buitenkant al behoor-lijk bruin is geworden en de binnenkantis nog niet gaar, dan kunt u op een la-gere temperatuur verder grilleren.38
Grilleren in de ovenDe inschuifhoogte wordt bepaalddoor de hoogte van het vlees:plat vlees . . . . . 4e of 5e inschuifhoogtedik vlees. . . . . . 1e of 2e inschuifhoogteTijden voor het grillerenplat vlees/vis. . . . . . . . 5-6 min. per kantdikkere stukken . . . . . . . . . . iets langerrollade etc. . . . . . .
10 min per cm dikteTips voor het grillerenAls u wilt vaststellen in hoeverre hetvlees al gaar is, druk dan met een lepelop het vlees.–Als het nog veerkrachtig aanvoelt,dan is het vlees van binnen nog rood.–Als het een beetje meegeeft, dan ishet vlees van binnen roze ("medium").–Als het bijna niet meegeeft, dan ishet door en door gaar ("doorbakken").U kunt het beste ongeveer even grotestukken vlees tegelijk grilleren, zodatde bereidingstijden niet teveel uiteen-lopen.Draai het vlees halverwege de berei-dingstijd om.GrillkwastOm het vlees gemakkelijk in te kunnenvetten is er een grillkwast verkrijgbaarbij de Miele vakhandel of rechtstreeksbij Miele Nederland B.V. 39
Reiniging en onderhoudKeramische kookplaatVoor het reinigen van een keramischekookplaat gelden in principe dezelfderichtlijnen als voor het reinigen van eenglazen oppervlak.Gebruik in geen geval schurende ofagressieve middelen zoals grill- enovensprays, roestverwijderaars,schuurmiddelen of schuursponsjes.Reinig de kookplaat na ieder gebruikLichte, niet vastgekoekte vervuiling ver-wijdert u met een vochtige doek ofzachte spons zonder reinigingsmiddel.U kunt ook niet-schurende reinigings-middelen gebruiken.Als u voor het reinigen afwasmiddel ge-bruikt, kunnen hardnekkige blauwevlekken ontstaan die zelfs met een spe-ciaal reinigingsmiddel moeilijk te verwij-deren zijn.Vastgekoekte vervuiling verwijdert umet een schraper.Behandel het oppervlak vervolgensmet een vochtige doek of een zachtespons.Vlekken verwijderenLichte parelmoerkleurige vlekken(aluminiumvlekken) verwijdert u meteen speciaal reinigingsmiddel, zodrade kookzone is afgekoeld.Kalkafzetting (veroorzaakt door overgekookt water ofnat serviesgoed) verwijdert u met azijnof een speciaal reinigingsmiddel.42
Reiniging en onderhoudSuiker, suikerhoudend voedsel, kunst-stof, aluminiumfolie verwijderenKomt er per ongeluk toch iets opeen hete kookzone terecht, schakeldeze dan uit en verwijder de restenonmiddellijk met een schraper zo-lang de kookzone nog warm is. Letdaarbij op dat u uw handen nietbrandt.Reinig de afgekoelde kookzone meteen speciaal reinigingsmiddel.ReinigingsmiddelGebruik alleen speciale reinigingsmid-delen die geschikt zijn voor keramischekookplaten.Wanneer u een reinigingsmiddel ge-bruikt, let dan op de aanwijzingenvan de fabrikant.Gebruik geen reinigingsmiddel ophete kookzones.Verwijder de resten van het reini-gingsmiddel altijd met een vochtigedoek van de kookplaat. Als de resten warm worden kunnendeze irritatie veroorzaken.In de speciaalzaak zijn reinigingsmid-delen verkrijgbaar die een bescher-mend siliconenlaagje op de kerami-sche plaat vormen.
Hierdoor oogt dekookplaat gladder en wordt enigszinswater- en vuilafstotend.Dit siliconenlaagje is echter niet be-stand tegen hoge temperaturen enmoet daarom steeds opnieuw wordenaangebracht.Wanneer u de kookplaat met een spe-ciaal reinigingsmiddel reinigt, voorkomtu schade door suiker, suikerhoudendvoedsel en aluminiumfolie.43
Reiniging en onderhoudFront, bedieningspaneelNeem het front en het bedieningspa-neel met een mild reinigingsmiddel ofmet een beetje afwasmiddel in wateraf. Wrijf ze daarna met een zachte doekdroog.Gebruik geen schuurmiddelen,want deze veroorzaken krassen.Het is aan te raden om bij een appa-raat met een wit front na ieder gebruikde handgreep van de deur van het ap-paraat met een mild vetoplossend reini-gingsmiddel zoals afwasmiddel af tenemen. Zo voorkomt u dat vet of ande-re resten inbranden.Roestvrijstalen frontGebruik nooit schurende middelenof middelen die soda, zuren of chlo-riden bevatten!Deze middelen tasten het oppervlakaan.Voor het onderhoud van het front kunt ueen niet-schurend reinigingsmiddelvoor roestvrij staal gebruiken.
U kunt het front extra tegen vervuilingbeschermen door het in te wrijven meteen speciaal onderhoudsmiddel (bijv.Neoblank, te verkrijgen bij de afdelingOnderdelen van Miele Nederland B.V.,bestelnr. 4565110).Smeer een kleine hoeveelheid van hetmiddel met een zachte doek gelijkma-tig over het gehele oppervlak uit.AccessoiresGeleiderailin warm water met afwasmiddel of meteen reinigingsmiddel voor roestvrijstaal reinigen.Bakplaat, braadslede, roosterna elk gebruik afspoelen en afdrogen.Moeilijk afwasbare resten verwijdert u–van roestvrij staal:met een reinigingsmiddel voor roest-vrij staal;–van email:met een zachte borstel nadat u hetin warm water heeft laten weken.Vetfilterin warm water met afwasmiddel of inde afwasautomaat reinigen.44
Reiniging en onderhoudBinnenruimteDe ovenruimte is bekleed metb Clean Emailenc katalytisch email.Reinig de oven elke keer nadat uhem gebruikt heeft. Als u te langwacht met schoonmaken, wordt hetmoeilijker en kunt u sommige vlek-ken misschien helemaal niet meerverwijderen.Verwijder eerst het vuil van hetClean Email, reinig vervolgens hetkatalytische email met de reinigings-hulp zoals beschreven op de vol-gende pagina’s.Behandel de emaillagen nooit metharde borstels, schuursponsjes,messen of schuurmiddelen. Dezekunnen het email beschadigen!b Clean EmailDit is een bijzonder hard soort emailmet een extra glad oppervlak.Daardoor kunnen de meeste voedsel-resten met een spons, warm water enafwasmiddel verwijderd worden.Aangekoekte resten kunt u met eenschraper verwijderen.
Reinig het emailvervolgens nog met een sponsje metniet-schurend reinigingsmiddel of meteen reinigingsmiddel voor roestvrijstaal.vruchtensap en deeg kunt u het bestverwijderen als de oven nog warm is.vruchtensap kan verkleuring veroorza-ken. Ook kunnen na het braden doffeplekken op de braadslede ontstaan.Let bij het gebruik van ovenspray al-tijd op de aanwijzingen van de fabri-kant.Zorg ervoor dat er geen ovensprayop het katalytische email kan ko-men! De spray kan het email be-schadigen.45
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele h 232 e stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Miele
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis