Miele G 646-3 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele G 646-3 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Miele G 646-3 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | G 646-3 |
Handleiding Miele G 646-3 – volledige tekst
Algemeen. 4Het apparaat in één oogopslag. 4Bedieningspaneel. 5Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 6Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 10Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal. 10Het afdanken van het apparaat. 10Economisch afwassen. 10Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt. 11Wat u voor het eerste gebruik nodig heeft. 11Het openen van de deur. 12Het sluiten van de deur. 12Kinderbeveiliging. 12Waterontharder. 13Het programmeren van de waterontharder. 14Het controleren van de geprogrammeerde waterhardheid. 15Het doseren van regenereerzout. 16Controlelampje "Zout". 17Naspoelmiddel. 18Het doseren van naspoelmiddel. 18Controlelampje "Naspoelmiddel". 19Het instellen van de hoeveelheid te doseren naspoelmiddel. 20Het inruimen van serviesgoed en bestek. 21Bovenrek. 22Kopjesrek. 22Steun. 22Het verstellen van het bovenrek. 23Onderrek. 24Omklapbare spijlen.
Bediening. 30Reinigingsmiddelen. 30Het doseren van reinigingsmiddel. 31Het kiezen van een programma. 32Het inschakelen van de afwasautomaat. 33Het starten van een programma. 33Controlelampjes voor het programmaverloop. 34Einde van het programma. 34Het uitschakelen van de afwasautomaat. 34Het onderbreken van het programma. 35Wisseling van programma. 35Extra functie. 36De werkingstijd van de droogventilator. 36Het uitruimen van de afwasautomaat. 37Reiniging en onderhoud. 38Het reinigen van de zeven in de spoelruimte. 38Het reinigen van de sproeiarmen. 40Het reinigen van de spoelruimte. 41Het reinigen van de deurdichting en de deur. 41Het reinigen van het bedieningspaneel. 41Het reinigen van het front van de afwasautomaat. 42Nuttige tips. 43Het verhelpen van storingen. 52Het reinigen van het zeefje in de schroefkoppeling van de watertoevoer.
Deze afwasautomaat voldoet aan devoorgeschreven veiligheidsbepalin-gen. Door ondeskundig gebruik kunnenpersonen echter letsel oplopen enkan er materiële schade ontstaan. Lees deze gebruiksaanwijzing daar-om eerst aandachtig door voordat udit apparaat in gebruik neemt. Dat isveiliger voor uzelf en u voorkomtdaarmee schade aan uw apparaat. Bewaar deze gebruiksaanwijzingzorgvuldig. Efficiënt gebruikDeze afwasautomaat is uitsluitendbestemd voor huishoudelijk ge-bruik. Gebruik deze afwasautomaat uit-sluitend voor het afwassen vanhuishoudservies. Het gebruik voor andere doeleinden enhet aanbrengen van veranderingen aanhet apparaat is ontoelaatbaar en kangevaarlijk zijn. De fabrikant kan nietaansprakelijk worden gesteld voorschade die is ontstaan door gebruikvoor andere doeleinden dan hier aan-gegeven of door een foutieve bedie-ning.
Bij de leveringControleer vóórdat het apparaatwordt geplaatst, of het zichtbaarbeschadigd is. Is dat het geval, neem het dan in geengeval in gebruik. Een afwasautomaatdie beschadigd is kan uw veiligheid ingevaar brengen. Zorg ervoor dat de verpakking kanworden hergebruikt. Bij plaatsing en installatieNeem bij plaatsing en aansluitingvan de afwasautomaat de mon-tage-instructies in acht. U moet na plaatsing van de auto-maat zonder problemen bij hetstopcontact kunnen komen. Voor de stabiliteit van de afwas-automaat is het noodzakelijk datonder of in te bouwen afwasautomatenuitsluitend worden geplaatst onder eendoorlopend werkblad dat is vastge-schroefd aan de kasten die ernaaststaan. De afwasautomaat mag niet ondereen kookplaat worden geïnstal-leerd. Een kookplaat straalt voor eendeel hoge temperaturen af waardoor deafwasautomaat beschadigd zou kun-nen raken.
Om dezelfde reden mag de afwasauto-maat niet direct naast warmteproduce-rende apparaten worden geplaatst dieniet standaard tot de keukenuitrustingbehoren. Wanneer de afwasautomaat wordtgeïnstalleerd mag deze niet op hetelektriciteitsnet zijn aangesloten.
De elektrische veiligheid van dezeafwasautomaat is alleen dan ge-waarborgd als hij wordt aangesloten opeen aardingssysteem dat volgens degeldende veiligheidsvoorschriften isgeïnstalleerd. Laat de huisinstallatie bij twijfel dooreen vakman/vakvrouw controleren. De fabrikant kan niet aansprakelijk wor-den gesteld voor schade die is ont-staan door een ontbrekende of bescha-digde aarddraad (bijv. een elektrischeschok). Wanneer dit apparaat op eenniet-stationaire locatie (bijv. op eenboot of in een camper) moet wordengeplaatst, mag het uitsluitend door eenvakman/vakvrouw worden ingebouwden aangesloten. Hierbij moet aan allevoorwaarden voor een veilig gebruikworden voldaan. Een afwasautomaat die bescha-digd is kan uw veiligheid in gevaarbrengen.
Stel het apparaat meteen bui-ten werking wanneer het beschadigd isen neem contact op met uw leverancierof met de afdeling Klantcontacten vanMiele Nederland B. V. De kunststof behuizing van de Wa-terproofventielen bevat een elek-trisch onderdeel. Dompel de behuizingniet in vloeistof. In de watertoevoerslang bevindenzich spanningsvoerende delen. Knip de slang daarom niet door, ook alis hij te lang. Gebruik geen verlengsnoer. Dit inverband met gevaar voor overver-hitting en daarmee voor brand. In het dagelijks gebruikGebruik geen oplosmiddelen in despoelruimte. Dit in verband met explosiegevaar. Drink geen water uit de spoelruimte,want dit water is geen drinkwater. Adem geen poedervormige reini-gingsmiddelen in. Slik geen reini-gingsmiddelen in. Reinigingsmiddelenkunnen brandwonden in neus, mond enkeel veroorzaken.
Ga direct naar dedokter wanneer u reinigingsmiddelenhebt ingeademd of ingeslikt. Laat de deur van de automaat nietonnodig openstaan. U zou zich daaraan kunnen stoten. Ga niet op de geopende deur vande afwasautomaat zitten of staan,want als u dat doet kan het apparaatkantelen. Daarbij kunt u letsel oplopenof kan het apparaat beschadigd raken.
Heeft u een afwasautomaat meteen bestekkorf, kunt u het bestekhet beste in de bestekkorf plaatsen metde grepen beneden en met de scherpekant boven. Dan wordt het bestek mak-kelijker schoon en droog. Wanneer u daardoor echter kans looptom zich aan de scherpe kant van demessen en de punten van de vorken teverwonden, dan kunt u het bestek hetbeste met de grepen boven en met descherpe kant beneden plaatsen. Gebruik uitsluitend reinigingsmidde-len voor huishoudafwasautomaten. Gebruik geen reinigingsmiddelen voorde handafwas. Gebruik uitsluitend naspoelmiddelenvoor huishoudafwasautomaten. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7.
Gebruik uitsluitend het specialegrofkorrelige regenereerzout of an-dere zuivere ingedampte zouten. Gebruik in geen geval andere soortenzout, bijv. keukenzout of strooizout. Deze soorten zout bevatten soms nietin water op te lossen deeltjes die eennadelig effect kunnen hebben op dewerking van de ontharder. Reinig geen kunststof vaatwerk inde afwasautomaat dat niet hittebe-stendig is zoals wegwerpbakjes ofwegwerpbestek. Dit soort vaatwerk kan door de hogetemperaturen vervormen. Wees extra voorzichtig met appara-ten met vrijliggend verwarmingsele-ment (afhankelijk van het model)Zorg ervoor dat u een vrijliggendverwarmingselement tijdens eenprogramma-onderbreking of direct na af-loop van een afwasprogramma niet aan-raakt. U kunt zich daaraan verbranden. Kunststof servies kan smelten ofvlam vatten wanneer het met hetverwarmingselement in aanraking komt.
Plaats kunststof servies daarom altijd inhet bovenrek wanneer u niet zeker weetof het hittebestendig is. Zorg ervoor dat kleine stukken servies-goed niet op het het verwarmingsele-ment kunnen vallen door ze zwaarderte maken of vast te zetten. Als er kinderen in huis zijnZorg ervoor dat kleine kinderenniet met de afwasautomaat spelenof de automaat bedienen. Wanneer zij dit doen bestaat het gevaardat ze zich in het apparaat opsluiten. Zorg ervoor dat kinderen niet metreinigingsmiddelen in aanrakingkunnen komen. Reinigingsmiddelen kunnen brandwon-den in mond en keel veroorzaken of totverstikking leiden. Ga direct naar de dokter wanneer uwkind reinigingsmiddel binnengekregenheeft. Om te voorkomen dat kinderen methet reinigingsmiddel in aanrakingkunnen komen, kunt u het middel beterpas dán toevoegen vlak voordat u hetprogramma start.
Om te voorkomen dat kinderen methet reinigingsmiddel in aanrakingkunnen komen, moet u het volgende inde gaten houden. Wanneer u de extra functie "Voorkeuze"gebruikt (afhankelijk van het model),moet u ervoor zorgen dat het doseer-bakje voor het reinigingsmiddel droogis. Reinigingsmiddel gaat in een voch-tig doseerbakje klonteren en wordt mis-schien niet volledig weggespoeld. Na afloop van het afwasprogrammazouden kinderen met deze resten reini-gingsmiddel in aanraking kunnen ko-men wanneer de deur van de afwas-automaat geopend is. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8.
Ter voorkoming van materiëleschadeDoseer geen poedervormig ofvloeibaar reinigingsmiddel in hetreservoir voor naspoelmiddel, want dangaat het reservoir kapot. Doseer geen poedervormig ofvloeibaar reinigingsmiddel in hetreservoir voor het regenereerzout, wantdan gaat de ontharder kapot. Gebruik geen reinigingsmiddelendie voor bedrijfsafwasautomaten ofindustriereinigers bestemd zijn. Doet u dat wel kan er materiële schadeontstaan en kunnen er hevige chemi-sche reacties optreden (bijv. een knal-gasreactie). Het Miele-Waterproofsysteem biedteen betrouwbare bescherming te-gen waterschade, maar wel op de vol-gende voorwaarden:– Het apparaat moet volgens de voor-schriften geïnstalleerd zijn. –Wanneer er duidelijk sprake is vanschade moet het apparaat wordengerepareerd, resp. moeten onderde-len worden vervangen. –De kraan moet bij langere afwezig-heid (bijv. vakantie) worden dichtge-draaid.
Bij reparaties en onderhoudReparaties mogen uitsluitend doorvakmensen worden uitgevoerd. Door ondeskundige reparaties kan degebruiker grote risico's lopen. Bij onderhoudswerkzaamhedendient u altijd de spanning van hetapparaat te halen. Schakel daartoe de automaat uit en trekdaarna de stekker uit het stopcontact ofschakel de hoofdschakelaar van deelektrische huisinstallatie uit. Een beschadigde aansluitkabel magalleen door een aansluitkabel vanhetzelfde type worden vervangen. Dezeis verkrijgbaar bij de afdeling Onderdelenvan Miele Nederland B. V. Om veiligheidsredenen mag de kabelalleen door een erkend vakman / vak-vrouw of door een technicus van MieleNederland B. V. worden vervangen. Bij het afdanken van de afwas-automaatMaak afgedankte apparaten on-bruikbaar. Trek de stekker uit hetstopcontact en knip de aansluitkabeldoor.
Om te voorkomen dat kinderen zich inhet apparaat opsluiten moet u de sluit-haak van het deurslot verwijderen doorde 2 kruiskopschroeven los te draaien. Zorg ervoor dat de afwasautomaat opmilieuvriendelijke wijze kan worden af-gedankt.
Het wegdoen van het verpak-kingsmateriaalDe verpakking beschermt het apparaattegen transportschade. Het verpakkingsmateriaal is uitgekozenomdat dit het milieu relatief weinig be-last en kan worden hergebruikt. Hergebruik van het verpakkingsmateri-aal vermindert de afvalproductie en hetgebruik van grondstoffen. De vakhan-delaar neemt de verpakking terug. Het afdanken van het apparaatOude elektrische en elektronische ap-paraten bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het apparaatnodig waren. Als u het apparaat bij hetgewone afval doet of bij verkeerde be-handeling kunnen deze stoffen schade-lijk zijn voor de gezondheid en het mili-eu. Verwijder het afgedankte apparaatdan ook nooit met het gewone afval.
Lever het apparaat in bij een gemeen-telijk inzameldepot voor elektrische enelektronische apparatuur. Het afgedankte apparaat moet tot dietijd buiten het bereik van kinderen wor-den opgeslagen. Hierover vindt u meerinformatie in het hoofdstuk "Veiligheids-instructies en waarschuwingen". Economisch afwassenDeze afwasautomaat werkt uiterstwater- en energiebesparend. U kunt nog spaarzamer te werk gaan,indien u de volgende adviezen opvolgt:^Het is mogelijk om de afwasautomaatop warm water aan te sluiten. Bijzonder geschikt is een warmwater-aansluiting bij een energetischgunstige warmwaterbereiding, bijv. zonne-energie met circulatieleiding. Bij elektrisch verwarmde installatiesis het echter aan te bevelen om uwapparaat op koud water aan te slui-ten. ^Benut de volledige beladingscapaci-teit van de rekken zonder de afwas-automaat te overladen.
^Kies een afwasprogramma dat pastbij het soort vaatwerk en de mate vanvervuiling. ^Gebruik voor energiezuinig afwassenhet programma "Spaar". ^Houdt u aan de doseeradviezen opde verpakking van het afwasmiddel.
Wat u voor het eerste gebruiknodig heeft–ca. 2 l water;–ca. 2 kg regenereerzout;–reinigingsmiddel voor huishoudaf-wasautomaten;–naspoelmiddel voor huishoudafwas-automaten.Iedere afwasautomaat wordt in defabriek op zijn werking getest.Als gevolg van deze tests blijft erwater in het apparaat achter. Dit wa-ter betekent niet dat het apparaateerder door een andere consumentis gebruikt.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt11
Het openen van de deur^Pak de greep.^Trek de greep naar voren.Wanneer de deur wordt geopend terwijlde afwasautomaat in gebruik is, wordenalle functies automatisch onderbroken.Het sluiten van de deur^Schuif de rekken naar binnen.^Sluit de deur totdat deze vastklikt.KinderbeveiligingAan de voorkant van het bovenrekhangt een gele sleutel voor de kin-derbeveiliging.Haal deze sleutel eraf voordat u deafwasautomaat in gebruik neemt enberg de sleutel buiten de automaatveilig op.Sluit de deur van de afwasautomaatmet deze sleutel wanneer u wilt voor-komen dat kinderen de deur openen.Horizontale stand =De deur is vergrendeldVerticale stand =De deur is niet vergrendeldWanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt12
WaterontharderOm goede reinigingsresultaten te berei-ken heeft de afwasautomaat zacht(kalkarm) water nodig.Bij hard water ontstaat er witte kalkaan-slag op het vaatwerk en op de wandenvan de spoelruimte.Water met een waterhardheid van4°dH (0,7 mmol/l) en hoger moet daar-om worden onthard. Daar wordt in deingebouwde waterontharder automa-tisch voor gezorgd.Bedenk dat– de waterontharder regenereerzoutnodig heeft– en dat de afwasautomaat preciesmoet worden geprogrammeerd naarde hardheid van uw water.^Informeer bij het plaatselijke waterlei-dingbedrijf hoe hard uw water pre-cies is.Programmeer bij een variërende water-hardheid (bijv.
8 - 17° dH) altijd dehoogste waarde (in dit voorbeeld17° dH).Bij een eventuele reparatie is het voorde monteur makkelijk om de hardheidvan uw water te weten.^Noteer daarom de hardheid van uwwater:Waterhardheid: °dHWanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt13
Het programmeren van de water-ontharder^Schakel de afwasautomaat met deI-Aan-/0-Uit - toets uit.^Draai de programmakeuzeschake-laar op "Einde/Reset".^Druk op de Start - toets, blijf eropdrukken en schakel de afwasauto-maat tegelijk met behulp van deI-Aan-/0-Uit - toets in.Laat de Start - toets binnen 2 secon-den weer los.Het controlelampje "Zout" begint teknipperen.Let op:Wanneer er een ander controlelampjegaat knipperen of branden, begin dannog eens van voren af aan.Uitzondering:Het controlelampje "Naspoelmiddel"brandt, wanneer u nog naspoelmiddelmoet doseren of bijvullen.^Draai de programmakeuzeschake-laar op de stand die hoort bij dehardheid van uw water (zie tabel).°dH mmol/lStand van de program-makeuzeschakelaar1 - 4 0,2 - 0,7 "1 uur-stand"5 - 7 0,9 - 1,3 "2 uur-stand"8 - 10 1,4 - 1,8 "3 uur-stand"11 - 13 2,0 - 2,3 "4 uur-stand"14 - 16 2,5 - 2,9 "5 uur-stand"17 - 22 3,1 - 4,0 "6 uur-stand"23 - 35 4,1- 6,3 "7 uur-stand"36 - 70 6,5 -12,6 "8 uur-stand"Vanuit de fabriek is een waterhardheidvan 14 - 16 °dH (2,5 - 2,9 mmol/l) ge-programmeerd.Voorbeeld:Wanneer de hardheid van uw water20 ° dH bedraagt, moet de program-makeuzeschakelaar op de "6 uur-stand" staan.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt14
Zie de ta-bel in de paragraaf: "Het programmerenvan de waterontharder".^Draai de programmakeuzeschake-laar op "Einde/Reset".^Schakel de afwasautomaat met be-hulp van de I-Aan/0-Uit - toets uit.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt15
Het doseren van regenereer-zoutAls de hardheid van uw water steedsonder de 4 °dH (= 0,7 mmol/l) ligt,hoeft u geen zout te doseren. Umoet dan echter wel de afwasauto-maat programmeren naar de hard-heid van uw water.Wanneer u het zoutreservoir voor deeerste keer met regenereerzout wiltvullen, vul het dan eerst met ca. 2 lwater. Zo kan het zout oplossen.Nadat u de afwasautomaat in ge-bruik hebt genomen zit er altijd ge-noeg water in het reservoir.,Doseer geen poedervormig ofvloeibaar reinigingsmiddel in het re-servoir voor het regenereerzout,want dan gaat de ontharder kapot.,Gebruik uitsluitend het specialegrofkorrelige regenereerzout of an-dere zuivere ingedampte zouten.Gebruik in geen geval andere soor-ten zout, bijv. keukenzout of strooi-zout.
Deze soorten zout bevattensoms niet in water op te lossen deel-tjes die een nadelig effect kunnenhebben op de werking van de ont-harder.^Haal het onderrek uit de spoelruimteen draai de dop van het zoutreservoiropen.^Vul het zoutreservoir voordat u hetapparaat voor de eerste keer ge-bruikt met ca. 2 l water.^Plaats een trechter in de opening vanhet zoutreservoir en doseer dan zo-veel zout in het zoutreservoir totdathet vol is.In het zoutreservoir kan afhankelijkvan het soort zout max. 2 kg.Terwijl u zout in het reservoir doseertloopt er water over de rand van het re-servoir.^Verwijder de zoutresten die zich rondhet zoutreservoir bevinden en schroefde dop weer op het zoutreservoir.^Start direct daarna het programma"Voorspoelen" zodat eventueel ge-morste zoutresten kunnen wordenverdund en daarna weggepompt.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt16
Controlelampje "Zout"Zolang het controlelampje "Zout" in hetbedieningspaneel niet brandt, zit ernog genoeg zout in het reservoir.^Vul zout bij zodra het controlelampje"Zout" gaat branden.Zie hoofdstuk: "Het doseren van re-genereerzout".Het is mogelijk dat het controlelampjenog korte tijd blijft branden, nadat uzout hebt bijgevuld.Het lampje gaat uit, zodra zich eenzoutconcentratie heeft gevormd diehoog genoeg is.AttentieHet controlelampje "Zout" gaat ookbranden wanneer er geen regenereer-zout in het reservoir zit daar de hard-heid van uw water onder de 4 °dH ligt.Dat het lampje brandt heeft in dit gevalniets te betekenen!Het controlelampje "Zout" zal in de toe-komst door de afdeling Klantcontactenworden gebruikt om deafwasprogramma's te updaten en in hetgeheugen van uw afwasautomaat op teslaan.Vandaar dat achter het controlelampje"Zout" PC staat ("Programm Correc-tion").Zie hoofdstuk: "Afdeling Klantcontac-ten".Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt17
NaspoelmiddelNaspoelmiddel is nodig om ervoor tezorgen dat het water tijdens het drogenals een film van het vaatwerk afloopt enhet vaatwerk na het spoelen droogtzonder dat het vlekken gaat vertonen.Het naspoelmiddel wordt in het reser-voir voor naspoelmiddel gedoseerd enbij het naspoelen in de ingestelde hoe-veelheid automatisch toegevoegd.,Doseer alleen naspoelmiddelvoor huishoudafwasautomaten in hetnaspoelmiddelreservoir.Doseer in geen geval reinigingsmid-delen voor afwasautomaten of reini-gingsmiddelen voor de handafwasin het naspoelmiddelreservoir, wantdan gaat het reservoir kapot.Het doseren van naspoel-middel^Open het klepje van het naspoelmid-delreservoir door het gele palletje inde richting van de pijl te drukken.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt18
^Doseer zoveel naspoelmiddel totdathet in het zeefje in de vulopeningzichtbaar is.In het naspoelmiddelreservoir kanca. 130 ml.^Sluit het klepje en wel zo dat het dui-delijk vastklikt.Is het klepje niet goed gesloten dankan er tijdens het spoelen water in hetnaspoelmiddelreservoir lopen.^Veeg eventueel gemorst naspoelmid-del goed weg om bij de volgende af-wasbeurt sterke schuimvorming tevoorkomen.Controlelampje "Naspoel-middel"Zolang het controlelampje "Naspoel-middel" in het bedieningspaneel nietbrandt, zit er nog genoeg naspoelmid-del in het reservoir.Wanneer het controlelampje "Naspoel-middel" in het bedieningspaneel gaatbranden zit er nog een reserve in voor2 - 3 afwasbeurten.^Vul op tijd naspoelmiddel bij.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt19
Het instellen van de hoeveel-heid te doseren naspoelmiddelDe te doseren hoeveelheid naspoel-middel is met behulp van de keuze-knop instelbaar. Men kan kiezen tussen6 standen.Vanuit de fabriek is de keuzeknop (ziepijl) op stand 3 ingesteld. Er wordt danper programma ca. 3 ml naspoelmiddelverbruikt. Deze stand wordt geadvi-seerd.Vertoont het vaatwerk vlekken:^zet de keuzeknop dan op een hogerestand.Vertoont het vaatwerk strepen of sluiers:^zet de keuzeknop dan op een lagerestand.Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt20
Waar u bij het inruimen vanserviesgoed en bestek opmoet letten^Verwijder de ergste etensresten vanhet vaatwerk. Het is niet nodig om het vaatwerk vante voren onder stromend water af tespoelen. ,Was vaatwerk met as, zand,was, smeervet of verf niet in de af-wasautomaat. As wordt niet opge-lost, maar in de spoelruimte ver-deeld. Door was, smeervet en verfraakt de afwasautomaat bescha-digd. U kunt ieder stuk servies in principeoveral in de rekken inruimen. Neem daar echter de volgende tips bijin acht. ^Plaats serviesgoed en bestek zo dathet niet tegen of op elkaar ligt. ^Plaats het serviesgoed om het goedschoon te krijgen zo in de rekken, dathet water er aan alle kanten bij kan. ^Plaats al het serviesgoed zo, dat hetstevig staat. ^Plaats hol serviesgoed zoals kopjes,glazen en kommen met de openin-gen naar beneden in de rekken.
^Plaats hoog, smal, hol serviesgoedniet in de hoeken van de rekken,maar zoveel mogelijk in het middenervan. Het water kan er dan beter bij. ^Plaats servies met een diepe bodemzoveel mogelijk schuin in het rek, zo-dat het water eraf kan lopen. ^Let erop dat de sproeiarmen nietdoor te hoog of door de rekkenheenstekend vaatwerk worden ge-blokkeerd. U kunt dit controlerendoor de sproeiarmen een keer metde hand rond te draaien. ^Let erop dat kleine stukken servies-goed niet door de spijlen van de rek-ken vallen. Leg dit soort servies zoals deksel-tjes daarom in de besteklade of debestekkorf. Levensmiddelen zoals wortels, to-maten of ketchup kunnen natuurlijkekleurstoffen bevatten. Door deze stoffen kunnen kunststofvaatwerk en kunststof onderdelenervan verkleuren, wanneer zij in rui-me mate met het vaatwerk in de au-tomaat terechtkomen.
Deze verkleuring heeft echter geeninvloed op de stabiliteit van kunst-stof vaatwerk. Wanneer u het vaatwerk inruimt dankunnen er etens- en drankresten opde binnenkant van de deur van deafwasautomaat terechtkomen. Ditgedeelte hoort niet tot de spoelruim-te en wordt dus niet afgespoeld.
BovenrekPlaats in het bovenrek klein, licht enteer serviesgoed zoals glazen, kopjes,schoteltjes en dessertschaaltjes.U kunt er ook een plat steelpannetje inplaatsen.Leg erg lang bestek zoals soeplepels,pollepels en lange messen dwars aande voorkant van het bovenrek.KopjesrekKlap het kopjesrek omhoog om hoogserviesgoed te kunnen inruimen.SteunOm serviesgoed gemakkelijk te kunneninruimen en er gemakkelijk weer uit tekunnen halen kunt u de steun omklap-pen naar het midden van het bovenrek.Het inruimen van serviesgoed en bestek22
Het verstellen van het bovenrek(afhankelijk van het model)Om in het boven- of onderrek meerplaats te krijgen voor hoger servies-goed kunt u het bovenrek in hoogteverstellen. U kunt kiezen tussen 3 stan-den met een verschil van telkens ca.2 cm.U kunt het bovenrek ook schuin plaat-sen, nl. met één kant hoog en met éénkant laag.Let er echter op dat u het rek zonderproblemen in de spoelruimte kan schui-ven.^Trek het bovenrek naar buiten.^Trek de hendels aan de zijkanten vanhet bovenrek naar boven.^Zet het bovenrek in de gewenste po-sitie.^Laat de hendels weer vastklikken.Afhankelijk van de stand van het bo-venrek kunt u bijv.
OnderrekPlaats in het onderrek groot en zwaarserviesgoed zoals borden, platte scho-tels, pannen en schalen.U kunt ook schoteltjes, ontbijt- of des-sertbordjes in het onderrek zetten.Plaats geen fijn glaswerk in het onder-rek. Daarvoor is een apart inzetreknoodzakelijk.Afwasautomaat met bestekladeAfwasautomaat met bestekkorfOmklapbare spijlenDe twee rijen spijlen van dit rek kunt uomklappen om meer ruimte te krijgenvoor grote stukken vaatwerk, bijv. pot-ten, pannen en diepe schalen.^Til de rijen spijlen op en klap ze om.Het inruimen van serviesgoed en bestek24
Hoogte-indicatorMet de beugel aan het bovenrek kunt uzien hoe hoog het serviesgoed in hetonderrek mag zijn, zonder dat de mid-delste sproeiarm daar tegenaan komt.Fleshouder(afhankelijk van het model)Op de fleshouder kunt u smal servies-goed plaatsen zoals een melk- of baby-fles.U kunt de fleshouder op de wit gemar-keerde plaatsen in het onderrek zetten.Plaats de houder niet in de hoeken,want het water kan dan niet in de bin-nenkant van de fles komen en de fleswordt zo niet goed schoon.Het inruimen van serviesgoed en bestek25
BestekBestekkorf^Plaats het bestek ongesorteerd enmet de grepen beneden in de vakjesvan de bestekkorf.Het water kan er dan beter bij.,Wanneer u daardoor echter kansloopt om zich aan de scherpe kantvan de messen en de punten van devorken te verwonden, dan kunt u hetbestek het beste met de grepen bo-ven en met de scherpe kant bene-den plaatsen.^Plaats kleine lepels in de speciale le-pelsegmenten aan weerszijden vande bestekkorf.Het inruimen van serviesgoed en bestek26
Speciale bestekhouder voor de be-stekkorfIn de bijgevoegde bestekhouder kunt usterk vervuilde lepels en/of vorkenplaatsen.De lepels en/of vorken liggen niet op el-kaar maar worden in deze houder naastelkaar opgehangen. Daardoor kan hetwater er beter bij.^Plaats de bestekhouder als dat nodigis op de bestekkorf.^Plaats de lepels en/of vorken in debestekhouder met de grepen bene-den.Verdeel het bestek gelijkmatig overde houder.Het inruimen van serviesgoed en bestek27
Besteklade (SC)Wanneer u messen, vorken en lepelsapart in de besteklade legt, kunt u ze erna het afwasprogramma makkelijker uit-halen en opbergen.Leg de messen met de snijkanten ende vorken met de tanden tussen de op-staande kammen. Leg de lepels daar-entegen met de grepen tussen de op-staande kammen.Lang bestek zoals sauslepels, taart-scheppen, pollepels en lange messenkunt u in het dieper gelegen gedeelte inhet midden van de besteklade leggen.De bovenste sproeiarm mag nietdoor te hoog vaatwerk (bijv. eentaartschep) worden geblokkeerd.Het inzetstuk van de besteklade is uit-neembaar.Leg de lepels met de grepen tussen deopstaande kammen.
De lepelbladenliggen dan tussen de getande kammen,zodat ook de laatste waterdruppel erzonder problemen af kan lopen.Wanneer de lepels niet met de grepentussen de opstaande kammen passen,leg ze dan met de grepen op de getan-de kammen.Let er daarbij op dat de lepelbladenrechtop staan, zodat al het water erafkan lopen.Het inruimen van serviesgoed en bestek28
Serviesgoed en bestek die nietgeschikt zijn voor de afwas-automaat–Serviesgoed en bestek die óf hele-maal óf voor een deel uit hout be-staan drogen uit en worden lelijk.Bovendien houdt de lijm niet in de af-wasautomaat.
Het gevolg daarvan isdat houten grepen los kunnen raken.–Kunstvoorwerpen, antieke vazen ofglazen met decoraties zijn niet be-stand tegen de afwasautomaat.–Voorwerpen van niet hittebestendigkunststof kunnen vervormen.– Voorwerpen van koper, messing, tinen aluminium kunnen verkleuren ofdof worden.– Kleurdecoraties op het glazuur kun-nen na vele afwasbeurten verbleken.– Teer glaswerk en kristallen voor-werpen kunnen na een tijd dof wor-den.Wij raden u aan:–Koop serviesgoed en bestek van ma-teriaal dat geschikt is om in een af-wasautomaat te worden afgewassen.–Wanneer u teer glaswerk per se in deafwasautomaat wilt afwassen doe datdan uitsluitend bij lage temperaturen.Zie programma-overzicht.De kans dat het glaswerk dof wordtis dan kleiner.–Blijf bijzonder waardevolle glazenmet de hand afwassen.Let verder op het volgende:Zilver dat met zilverpoets is behandeldkan na afloop van het afwasprogrammanog vochtig zijn doordat het water erniet als een film afloopt.
Het zilver moetdan met een doek worden afgedroogd.Daarentegen is zilver dat in zilverpoetsis ondergedompeld in de regel weldroog. Het zilver kan echter beslaan.Zilver kan verkleuren wanneer het inaanraking komt met levensmiddelen diezwavel bevatten, bijv. eigeel, uien,mayonaise, mosterd, peulvruchten, vis,pekelsaus van vis en marinades.,Aluminium serviesgoed zoalsvetfilters mag niet worden afgewas-sen met bijtende alkalische reini-gingsmiddelen die in bedrijfsafwas-automaten of industriereinigers wor-den gebruikt.Gebeurt dat wel dan kan er materië-le schade ontstaan. In het ergste ge-val bestaat het gevaar dat er hevigechemische reacties optreden die toteen explosie kunnen leiden (bijv.een knalgasreactie).Het inruimen van serviesgoed en bestek29
Reinigingsmiddelen,Gebruik uitsluitend reinigings-middelen voor huishoudafwasauto-maten.^U kunt poedervormige of vloeibarereinigingsmiddelen of reinigingsta-bletten gebruiken.Neem bij het doseren van het reini-gingsmiddel de aanwijzingen in achtdie op de verpakking staan.^Doseer poedervormige of vloeibarereinigingsmiddelen in de reinigings-middelvakjes.^Leg reinigingstabletten alleen in reini-gingsmiddelvakje II, als de fabrikantvan deze tabletten dat adviseert.Geeft de fabrikant het advies om dereinigingstabletten in de bestekkorf teleggen, leg ze dan in plaats daarvanaan de binnenkant van de deur of di-rect in de spoelruimte.
De tablettenlossen dan beter op.De fabrikanten van reinigingsmiddelengeven op hun verpakkingen de totalehoeveelheid reinigingsmiddel aan dievoor een programma nodig is.^Gebruik wanneer uw afwasautomaatvol beladen is voor de volgendeprogramma’s minstens 30 ml reini-gingsmiddel:- "Intensief";- "Universeel extra";- "Universeel";- "Normaal";- "Spaar".Geeft de fabrikant een grotere hoe-veelheid aan, gebruik dan deze gro-tere hoeveelheid.Wanneer u minder reinigingsmiddelgebruikt dan is geadviseerd, is hetmogelijk dat de vaat niet goedschoon wordt.Bediening30
Het doseren van reinigings-middel,Adem geen poedervormig reini-gingsmiddel in! Slik geen reinigings-middel in! Reinigingsmiddelen kun-nen brandwonden in neus, mond enkeel veroorzaken. Ga direct naar dedokter wanneer u een reinigingsmid-del hebt ingeademd of ingeslikt.Zorg ervoor dat kinderen niet metreinigingsmiddelen in aanrakingkunnen komen. Laat kinderen daar-om niet bij de afwasautomaat komenals deze geopend is.
Er zouden nogresten reinigingsmiddel in de afwas-automaat aanwezig kunnen zijn.Bovendien kunt u het reinigingsmid-del beter pas dán toevoegen vlakvoordat u het programma start.Vergrendel de deur bovendien metde kinderbeveiliging.Neem daarom in ieder geval de aan-wijzingen met betrekking tot het do-seren van reinigingsmiddel in acht.Deze staan in het programma-over-zicht aan het einde van de gebruiks-aanwijzing.DoseerhulpIn vakje I kan maximaal 20 m enin vakje II kan maximaal 70 ml reini-gingsmiddel.In vakje II zijn markeringen aange-bracht om het doseren makkelijker temaken: 20, 25, 30.
Wanneer de deur90° geopend is geven deze streepjes inml aan hoeveel reinigingsmiddel er on-geveer in zit.^Open het klepje van het reinigings-middeldoseerbakje door het knopjeopzij te drukken.Na afloop van een afwasprogramma ishet klepje van het reinigingsmiddelbak-je altijd geopend.^Doseer het reinigingsmiddel in devakjes en sluit het klepje van het do-seerbakje.^Sluit ook het pak reinigingsmiddel omte voorkomen dat het middel aan rei-nigingskracht verliest.Bediening31
Het kiezen van een programmaLaat de keuze voor een programmasteeds afhangen van het soort vaat-werk en de mate waarin dat is vervuild.In de meeste gevallen zult u het pro-gramma "Universeel" of "Universeel ex-tra" kiezen.Deze programma’s zijn optimaal bere-kend voor de dagelijkse afwas.In het programma-overzicht aan heteinde van deze gebruiksaanwijzing zijnde programma’s beschreven en de toe-passingsmogelijkheden ervan.Bediening32
Het inschakelen van de af-wasautomaat^Controleer of de sproeiarmen vrijkunnen draaien en niet worden ge-blokkeerd.^Sluit de deur van de afwasautomaat.^Draai de waterkraan open indiendeze nog gesloten is.^Druk de I-Aan-/0-Uit - toets (13) in.Het controlelampje "Start" (15) gaatknipperen.Het starten van een program-ma^Neem bij het kiezen van een pro-gramma het programma-overzichtaan het einde van de gebruiksaanwij-zing in acht.^Draai de programmakeuzeschake-laar (16) naar links of rechts op hetgewenste programma.^Druk nu op de Start - toets (15).Het programma start.De controlelampjes "Start" (15) en"Spoelen" (14) gaan branden.Breek een programma niet voortijdigaf!Wanneer u dat doet, is het mogelijkdat belangrijke programmafases(bijv. het regenereren) worden over-geslagen.Bediening33
Controlelampjes voor hetprogrammaverloop (14)Het controlelampje "Spoelen" brandt inde programmafases "Voorspoelen","Reinigen", "Tussenspoelen" en "Na-spoelen".Het controlelampje "Drogen" brandt inde programmafase "Drogen".Het controlelampje "Einde" brandt naafloop van het programma.Einde van het programmaWanneer in het programmaverloop (14)het controlelampje "Einde" brandt, is hetprogramma beëindigd.U kunt de afwasautomaat nu openen enhet vaatwerk eruithalen.Zie paragraaf: "Het uitruimen van de af-wasautomaat".Schakel de afwasautomaat voor de vei-ligheid altijd uit wanneer u niet direct naafloop van een programma nog eenkeer wilt afwassen.Het uitschakelen van de af-wasautomaat^Draai de programmakeuzeschake-laar (16) na afloop van het program-ma op "Einde/Reset".Het controlelampje "Einde" (14) gaat uiten het controlelampje "Start" (15) gaatknipperen.^Druk de I-Aan-/0-Uit - toets (13) in enlaat deze weer naar buiten springen.Het controlelampje "Start" (15) gaat uit.De afwasautomaat verbruikt stroomzolang u hem niet met behulp vande I-Aan-/0-Uit - toets hebt uitge-schakeld.Draai veiligheidshalve de kraan dicht,wanneer de afwasautomaat langere tijdniet wordt gebruikt, bijvoorbeeld in devakantietijd.Bediening34
Het onderbreken van het pro-grammaHet afwasprogramma wordt onderbro-ken, zodra u de deur opendoet.Wanneer u de deur weer dichtdoet,gaat het programma daar verder, waarhet is onderbroken.,Wanneer het water in de afwas-automaat heet is, loopt u het risicoom zich te verbranden.Wanneer u de deur beslist moetopenen, doe dat dan zeer voorzich-tig.Laat de deur voordat u die weer sluitca.
20 seconden op een kier staan,zodat de temperatuur zich in despoelruimte kan verdelen.Druk de deur daarna stevig dicht,totdat hij vastklikt.Wisseling van programmaIs het klepje van het reinigingsmid-deldoseerbakje al geopend, wisseldan niet meer van programma.Ook wanneer een door u gekozen pro-gramma al is gestart, kunt u nog op eenander programma overgaan.^Draai de programmakeuzeschake-laar (16) op "Einde/Reset".^Laat de programmakeuzeschakelaar(16) minstens één seconde op dezestand staan.^Draai de programmakeuzeschake-laar (16) op het gewenste program-ma.^Druk op de Start - toets (15).Het programma start.Bediening35
Extra functieDe werkingstijd van de droogventi-latorZolang de deur van de afwasautomaatgesloten blijft, komt er vochtige lucht uitde uitblaasopening van de droogventi-lator vrij.Om te voorkomen dat gevoelige werk-bladen boven de afwasautomaat wor-den beschadigd kunt u de werkingstijdvan de droogventilator verlengen, enwel met 14 minuten na het einde vanhet programma.Het in- en uitschakelen van de ver-lenging van de werkingstijd:^Schakel de afwasautomaat met deI-Aan-/0-Uit - toets uit.^Draai de programmakeuzeschake-laar op "Einde/Reset".^Druk op de Start - toets, blijf eropdrukken en schakel tegelijk deafwasautomaat met behulp van deI-Aan-/0-Uit - toets in.Laat de Start - toets binnen 2 secon-den weer los.Het controlelampje "Zout" begint teknipperen.Let op:Wanneer er een ander controlelampjebegint te knipperen of te branden, be-gin dan nog eens van voren af aan.Uitzondering:Het controlelampje "Naspoelmiddel"brandt, wanneer u nog naspoelmiddelmoet doseren of bijvullen.^Draai de programmakeuzeschake-laar op de 9 uur-stand.–Wanneer het controlelampje "Start"niet brandt dan is de werkingstijdvan de droogventilator niet verlengd.–Wanneer het controlelampje "Start"wel brandt dan is de werkingstijd vande droogventilator met 14 minutenverlengd.^Druk op de Start - toets om de instel-ling te veranderen.Afhankelijk van de vorige instelling gaathet controlelampje "Start" aan of uit.^Draai de programmakeuzeschake-laar op "Einde/Reset".^Schakel de afwasautomaat met deI-Aan-/0-Uit - toets uit.De wijziging is nu opgeslagen.Bediening36
Het uitruimen van de afwas-automaat^Heet serviesgoed breekt snel!Laat het serviesgoed daarom na hetuitschakelen van de automaat zolang in de afwasautomaat afkoelen,totdat u het goed kunt vastpakken.^Wanneer u de deur na het uitschake-len van de automaat helemaal opent,koelt het vaatwerk sneller af.^Ruim eerst het onderrek, dan het bo-venrek en tenslotte de besteklade uit,wanneer deze aanwezig is.Zo voorkomt u dat er druppels vanhet bovenrek of van de bestekladeop het vaatwerk in het onderrek val-len.Bediening37
Controleer regelmatig - ongeveer2 tot 3 keer per jaar - de algeheletoestand van uw afwasautomaat.De kans op storingen is daardoorgeringer.Het reinigen van de zeven in despoelruimteOp de bodem van de spoelruimte be-vindt zich een zeefcombinatie. Dezezeefcombinatie houdt het ergste vuil te-gen dat in het afwaswater zit.
Op dezemanier wordt voorkomen dat het vuil inhet circulatiesysteem en via de sproei-armen weer in de spoelruimte terecht-komt.,Zonder zeven mag niet wordenafgewassen!De zeven kunnen door in de loop vande tijd door het vuil verstopt raken.Controleer de zeefcombinatie daaromregelmatig - ongeveer 2 tot 3 keer perjaar - en reinig de combinatie indien no-dig.^Schakel eerst de afwasautomaat uit.^Ontgrendel de zeefcombinatie doorde greep naar rechts te draaien.^Verwijder de zeefcombinatie.^Ontdoe de zeefcombinatie van groveresten.^Spoel de combinatie onder stromendwater goed af.Gebruik daarbij eventueel eenborstel.Reiniging en onderhoud38
Om de binnenkant van het tuitvormigegedeelte van de zeefcombinatie te rei-nigen moet u de sluiting opendoen.^Doe dat door de gele vergrendelingnaar achteren te trekken.^Reinig alle delen met een afwasbor-stel onder stromend water.^Doe daarna de sluiting dicht.De vergrendeling moet daarbij vast-klikken.^Plaats de zeefcombinatie zo terug,dat ze plat tegen de bodem van despoelruimte aanligt.^Vergrendel de zeefcombinatie doorde greep van rechts naar links tedraaien.,De zeefcombinatie moet goedzijn geplaatst en vergrendeld.Is dat niet het geval, dan is het mo-gelijk dat de grove resten in het cir-culatiesysteem terechtkomen en dathet systeem verstopt raakt.Reiniging en onderhoud39
Het reinigen van de sproei-armenHet is mogelijk dat er etensresten vastgaat zitten in de sproeikoppen en de la-gering van de sproeiarmen.Controleer de sproeiarmen derhalve re-gelmatig - ongeveer 2 tot 3 keer perjaar.^Schakel de afwasautomaat eerst uit.Verwijder de sproeiarmen als volgt:^Trek (indien aanwezig) de bestekladenaar buiten.^Druk de bovenste sproeiarm om-hoog, zodat de tanden in elkaar grij-pen en schroef de sproeiarm er af.^Druk de middelste sproeiarm iets op(a), zodat de tanden in elkaar grij-pen en schroef de sproeiarm er af(b).^Trek het onderrek naar buiten.^Trek de onderste sproeiarm omhoogen haal hem er af.^Druk de etensresten in de sproeikop-pen met een scherp voorwerp naarbinnen.^Spoel de sproeiarmen onder stro-mend water goed af.^Zet de sproeiarmen weer terug encontroleer of ze makkelijk ronddraai-en.Reiniging en onderhoud40
Het reinigen van de spoelruim-teWanneer u altijd de juiste hoeveelheidreinigingsmiddel gebruikt houdt u daar-mee automatisch de spoelruimteschoon.Wanneer zich echter toch kalk of vetheeft afgezet, kunt u deze aanslag meteen speciaal reinigingsmiddel verwijde-ren.
Deze speciale reinigingsmiddelenzijn in de handel te verkrijgen.Het reinigen van de deurdich-ting en de deur^Neem de deurdichtingen regelmatigmet een vochtige doek af en verwij-der de etensresten.^Veeg gemorste etens- en drankrestenvan de zijkanten van de deur van deafwasautomaat af.Deze gedeelten horen niet bij despoelruimte en de waterstralen kun-nen daar niet bijkomen.Het reinigen van het bedie-ningspaneel,Gebruik geen schuurmiddelenen ook geen glas- of allesreinigers,want deze kunnen het oppervlakdoor hun chemische samenstellingflink beschadigen.Paneel van kunststof^Gebruik hiervoor alleen een vochtigedoek of een doek met wat reinigings-middel voor kunststof.Paneel van roestvrij staal^Gebruik hiervoor een vochtige doekmet wat handafwasmiddel of eenniet-schurend reinigingsmiddel voorroestvrij staal.^Om te voorkomen dat het paneelweer snel vuil wordt, bijv.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele G 646-3 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser Miele
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser