Miele G 6415 SCI XXL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele G 6415 SCI XXL (100 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 32 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Miele G 6415 SCI XXL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | G 6415 SCI XXL |
| Apparaatplaatsing: | Semi-ingebouwd |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 45700 g |
| Breedte: | 598 mm |
| Diepte: | 570 mm |
| Hoogte: | 845 mm |
| Netbelasting: | 2100 W |
| Aantal couverts: | 14 couverts |
| Deurkleur: | Niet van toepassing |
| Snoerlengte: | 1.7 m |
| Uitgestelde start timer: | Ja |
| Droogklasse: | A |
| Geluidsniveau: | 44 dB |
| Jaarlijks energieverbruik: | 237 kWu |
| Energie-efficiëntieklasse (oud): | A+++ |
| Installatie compartiment breedte: | 600 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 570 mm |
| Waterconsumptie per cyclus: | 9.7 l |
| Stroom: | 10 A |
| Installatie compartiment hoogte (min): | 845 mm |
| Geïntegreerde timer: | Ja |
| Aantal wasprogramma's: | 9 |
| Diepte wanneer de deur open is: | 1205 mm |
| Productafmeting: | Volledige grootte (60 cm) |
| Kleur bedieningspaneel: | Roestvrijstaal |
| Half-geladen: | Ja |
| Afwasprogramma's: | Auto, Eco, Intensive, Normal, Quick |
| Energieverbruik per cyclus: | 0.84 kWu |
| Jaarlijks waterverbruik: | 2716 l |
| Lengte afvoerslang: | 1.5 m |
| Lengte watertoevoerslang: | 1.5 m |
| Installatie compartiment hoogte (max): | 910 mm |
| AC-ingangsspanning: | 230 V |
| Type beeldscherm: | LCD |
Handleiding Miele G 6415 SCI XXL – volledige tekst
Inhoud2 Beschrijving van het toestel. 5Het toestel in één oogopslag. 5Bedieningspaneel. 6De werking van het display. 7Opmerkingen omtrent uw veiligheid. 8Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 18Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal. 18Uw toestel afdanken. 18Zuinig afwassen. 19Weergave van het verbruik met EcoFeedback. 20Toestel voor het eerst in gebruik nemen. 21Deur openen. 21Deur sluiten. 21Kinderbeveiliging. 21Basisinstellingen. 22Wat u nodig hebt om het toestel voor het eerst in gebruik te nemen:. 24Regenereerzout. 24Zoutreservoir vullen met zout. 25Melding voor het bijvullen van zout. 26Naspoelmiddel. 27Naspoelmiddel bijvullen. 27Melding voor het bijvullen van naspoelmiddel. 28Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen. 29Waar u bij het vullen van de afwasautomaat op moet letten. 29Bovenkorf. 31Bovenste korf in de hoogte verstellen. 33Onderste korf. 34Bestek.
Beschrijving van het toestel5Het toestel in één oogopslagaBovenste sproeiarm (niet zichtbaar) bBesteklade (afhankelijk van het mo‐del) cBovenste korf dMiddelste sproeiarm eLuchttoevoer voor het drogen (afhan‐kelijk van het model) fOnderste sproeiarm gZeefcombinatie hTypeplaatje iReservoir voor naspoelmiddel jTweevaksdoseerbakje voor reini‐gingsmiddel kReservoir voor regenereerzout
Beschrijving van het toestel6BedieningspaneelaProgrammakeuze bDisplay cToetsen voor opties met controle‐lampjes dToets Start met controlelampje ePijltoetsen fToets OK gToets (FlexiTimer) met controle‐lampje hProgrammakeuzetoets iToets (aan/uit) In deze gebruiksaanwijzing worden meerdere afwasautomaatmodellen beschre‐ven. Deze hebben verschillende hoogten. Deze modellen worden in de gebruiksaanwijzing als volgt aangeduid: Normaal = Afwasautomaat met een hoogte van 80,5 cm (inbouwtoestel) of 84,5 cm (vrijstaand toestel) XXL = Afwasautomaat met een hoogte van 84,5 cm (inbouwtoestel).
Beschrijving van het toestel7De werking van het displayAlgemeenVia het display kunt u het volgende kie‐zen of instellen:– het programma– de FlexiTimer (Startuitstel)– het menu "Instellingen"Op het display kan het volgende wor‐den weergegeven:– de actuele dagtijd (het uur)– de programmafase– de vermoedelijke resterende duurvan het programma– het energie- en waterverbruik (Eco‐Feedback)– mogelijke foutmeldingen en anderemeldingenOm energie te besparen, wordt de af‐wasautomaat uitgeschakeld wanneerer enkele minuten lang niet op eentoets is gedrukt. Druk op de toets om de afwasauto‐maat weer in te schakelen.Menu "Instellingen"In het menu "Instellingen" kunt u deelektronische besturing van de afwas‐automaat aanpassen aan uw specifiekewensen.
U kunt het menu "Instellingen"openen door op een bepaalde combi‐natie toetsen te drukken (zie rubriek"Menu Instellingen").De pijlen op het display geven aan dater nog andere keuzemogelijkheden zijn.U kunt deze keuzemogelijkheden kiezendoor onder het display op de pijltoetsen te drukken.Met de toets OK kunt u meldingen ofinstellingen bevestigen en kunt u naarhet volgende menu of een ander menu‐niveau gaan.De gekozen instelling is gemarkeerdmet een vinkje .Wanneer u een submenu wilt verlaten,kiest u met de pijltoetsen de optieTerug op het display en bevestigt umet OK.Wanneer u meerdere seconden niet opeen toets drukt, schakelt het display te‐rug naar een bovenliggend menuni‐veau. U moet dan eventueel uw instel‐lingen opnieuw instellen.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid8Deze afwasautomaat voldoet aan de voorgeschreven veiligheids‐voorschriften. Door ondeskundig gebruik kunnen gebruikers ech‐ter letsel oplopen en kan er schade optreden aan het toestel.Lees de montage-instructies op de montageschets en de ge‐bruiksaanwijzing daarom aandachtig door voordat u deze afwas‐automaat plaatst en in gebruik neemt. U vindt er belangrijke op‐merkingen omtrent inbouw, veiligheid, gebruik en onderhoud. Datis veiliger voor uzelf en u vermijdt schade aan de afwasautomaat. Bewaar de gebruiksaanwijzing en de montageschets en geef dezedoor aan wie het toestel eventueel na u gebruikt.Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die ont‐staan is doordat deze opmerkingen niet in acht werden genomen.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid9Juist gebruik Deze afwasautomaat is bedoeld voor gebruik in het huishoudenen in gelijkaardige omgevingen. Deze afwasautomaat is niet bestemd voor gebruik buiten. Gebruik de afwasautomaat uitsluitend in huishoudelijke contextvoor het afwassen van huishoudelijk vaatwerk. Gebruik voor anderedoeleinden is niet toegelaten. Personen die door hun fysieke, zintuiglijke of geestelijke mogelijk‐heden of hun onervarenheid of gebrek aan kennis niet in staat zijnom deze afwasautomaat veilig te bedienen, moeten bij de bedieningin het oog worden gehouden. Deze personen mogen de afwasauto‐maat zonder toezicht bedienen, maar alleen wanneer de bedieningvan de afwasautomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel vei‐lig kunnen bedienen. Ze moeten de eventuele gevaren van een fou‐tieve bediening kunnen beseffen en begrijpen.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid10Kinderen in het huishouden Kinderen jonger dan acht jaar moeten uit de buurt van de afwas‐automaat worden gehouden, tenzij ze constant in het oog wordengehouden. Kinderen vanaf acht jaar mogen de afwasautomaat zonder toe‐zicht bedienen, maar alleen wanneer de bediening van de afwasau‐tomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel veilig kunnen be‐dienen. Kinderen moeten de eventuele gevaren van een foutieve be‐diening kunnen beseffen en begrijpen. Kinderen mogen de afwasautomaat niet zonder toezicht reinigenof onderhouden. Hou kinderen die in de buurt van de afwasautomaat komen in hetoog. Laat ze nooit met de afwasautomaat spelen. Wanneer kinderendat doen, bestaat o.a.
het gevaar dat ze zich in de afwasautomaatopsluiten! Bij een geactiveerde automatische deuropening (afhankelijk vanhet model) moeten kleine kinderen buiten het openingsbereik van dedeur van de afwasautomaat worden gehouden. In geval van een on‐juiste werking, wat weliswaar onwaarschijnlijk is, bestaat gevaarvoor letsel. Gevaar voor verstikking! Spelende kinderen kunnen zich wikkelenin verpakkingsmateriaal (bijv. folies) of het over hun hoofd trekken endaardoor verstikken. Hou kinderen uit de buurt van verpakkingsma‐teriaal. Zorg ervoor dat kinderen niet met reinigingsmiddelen in aanrakingkunnen komen! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in monden keel veroorzaken of tot verstikking leiden. Hou kinderen daaromuit de buurt van de afwasautomaat wanneer deze openstaat. Moge‐lijk zijn er nog resten reinigingsmiddel aanwezig in de afwasauto‐maat.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid11Technische veiligheid Door ondeskundig uitgevoerde installatie-, onderhouds- of her‐stellingswerken kunnen er voor de gebruiker aanzienlijke gevarenontstaan. Installatie-, onderhouds- of herstellingswerken mogen al‐leen door vakmensen worden uitgevoerd die door Miele erkend zijn. Beschadigingen van de afwasautomaat kunnen uw veiligheid ingevaar brengen. Controleer het toestel op zichtbare schade. Een be‐schadigd toestel mag niet in gebruik worden genomen. De elektrische veiligheid van de afwasautomaat wordt enkel ge‐garandeerd als het toestel op een aardsysteem aangesloten is datvolgens de voorschriften geïnstalleerd is. Het is heel belangrijk dataan deze fundamentele veiligheidsvoorwaarde is voldaan. Laat deelektrische installatie in uw woning bij twijfel door een elektriciencontroleren.
Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die werdveroorzaakt doordat de aardleiding onderbroken was of gewoonontbrak. Er bestaat in dat geval onder andere gevaar voor elek‐trische schokken. De betrouwbare en zekere werking van de afwasautomaat is enkelgegarandeerd wanneer de afwasautomaat aan het openbare elektri‐citeitsnet is aangesloten. De afwasautomaat mag alleen via een 3-polige stekker met aar‐ding op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De stekker magniet worden afgeknipt om het toestel vast aan te sluiten. Na hetplaatsen van de afwasautomaat moet het stopcontact vrij toeganke‐lijk zijn, zodat de afwasautomaat op elk moment van het elektrici‐teitsnet kan worden ontkoppeld. Wanneer zich in de buurt van de afwasautomaat een elektrischtoestel bevindt, let er dan op dat de stekker van dat toestel nietschuilgaat achter de afwasautomaat.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid12 De afwasautomaat mag niet onder een kookvlak worden geïnstal‐leerd. Een kookvlak straalt voor een deel hoge temperaturen afwaardoor de afwasautomaat beschadigd zou kunnen raken. Om de‐zelfde reden mag de afwasautomaat niet direct naast warmteprodu‐cerende toestellen worden geplaatst die niet standaard tot de keu‐kenuitrusting behoren (bijv. open vuren voor verwarmingsdoeleindene.d.). De aansluitgegevens (zekering, frequentie en spanning) op het ty‐peplaatje van de afwasautomaat moeten absoluut overeenstemmenmet deze van het elektriciteitsnet. Zo voorkomt u schade aan de af‐wasautomaat. Vergelijk deze gegevens voordat u het toestel aan‐sluit.
Vraag bij twijfel inlichtingen aan een elektricien. De afwasautomaat mag pas op het elektriciteitsnet worden aan‐gesloten nadat deze is geplaatst en geïnstalleerd en nadat de deur‐veren zijn ingesteld. Stopcontactenblokken of verlengkabels bieden niet voldoendeveiligheidsgaranties (gevaar voor brand). Gebruik deze niet om deafwasautomaat aan te sluiten op het elektriciteitsnet. De afwasautomaat mag alleen met goed werkende deurmecha‐niek worden gebruikt. Bij geactiveerde automatische deuropening(afhankelijk van het model) kan anders gevaar ontstaan.U kunt een goed werkende deurmechaniek aan het volgende her‐kennen:– De deurveren moeten op beide zijden gelijkmatig ingesteld zijn.Ze zijn juist ingesteld, wanneer de halfgeopende deur (ca. 45°openingsboek) bij het loslaten in deze stand blijft staan.
Boven‐dien mag de deur niet ongeremd naar beneden vallen.– De sluitrail van de deur wordt na de droogfase bij het openen vande deur automatisch ingeschoven. Deze afwasautomaat mag niet op niet-vaste plaatsen (bijv. op eenschip) worden gebruikt.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid13 Plaats de afwasautomaat niet in een vertrek waar het kan vriezen.Bevroren waterslangen kunnen onder druk scheuren of springen. Debetrouwbaarheid van de elektronische besturing kan door tempera‐turen onder het vriespunt in het gedrang komen. Sluit om schade aan het toestel te voorkomen de afwasautomaatalleen op een volledig ontlucht buisleidingnet aan. Het kunststofomhulsel van de wateraansluiting bevat een elek‐trisch onderdeel. Dompel het omhulsel niet in vloeistof. In de watertoevoerslang bevinden zich delen die onder spanningstaan wanneer het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten.
Deslang mag daarom niet worden ingekort. Het ingebouwde Waterproof System biedt een betrouwbare be‐scherming tegen waterschade, maar alleen als aan de volgendevoorwaarden is voldaan:– Het toestel moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.– Wanneer er duidelijk sprake is van schade, moet de afwasauto‐maat worden hersteld of moeten de desbetreffende onderdelenworden vervangen.– De waterkraan moet bij lange afwezigheid (bijv. vakantie) wordendichtgedraaid.Het Waterproof System werkt ook wanneer de afwasautomaat is uit‐geschakeld. De afwasautomaat moet dan wel op het elektriciteitsnetzijn aangesloten. De waterdruk (stromingsdruk bij de wateraansluiting) moet tussende 30 en 1000 kPa (0,3 en 10 bar) liggen. Een afwasautomaat die beschadigd is, kan uw veiligheid in ge‐vaar brengen!
Schakel de afwasautomaat meteen uit wanneer hettoestel beschadigd is en neem contact op met uw Miele-handelaarof met de dienst Herstellingen aan huis van Miele. Het recht op garantie vervalt wanneer de afwasautomaat door eenklantendienst wordt hersteld die niet door Miele is erkend.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid14 Enkel met originele Miele-wisselstukken bent u zeker dat ze tenvolle voldoen aan de eisen die Miele qua veiligheid stelt. Defecte on‐derdelen mogen enkel worden vervangen door originele Miele-wis‐selstukken. Tijdens installatie-, onderhouds- en herstellingswerken moet deafwasautomaat van het elektriciteitsnet losgekoppeld zijn (schakelde afwasautomaat uit en trek vervolgens de stekker uit het stopcon‐tact). Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door eenspeciale aansluitkabel van hetzelfde type worden vervangen (ver‐krijgbaar via de dienst Onderdelen en toebehoren van Miele).
Omveiligheidsredenen mag de aansluitkabel alleen door een door Mieleerkende vakman of vakvrouw of door de dienst Herstellingen aanhuis van Miele worden vervangen.Deskundige plaatsing Neem bij het plaatsen en aansluiten van de afwasautomaat demontage-instructies op de montageschets in acht. Wees voorzichtig vóór en tijdens het plaatsen en installe‐ren van de afwasautomaat. U loopt gevaar om u te verwon‐den/snijden aan bepaalde metalen onderdelen. Draag be‐schermende handschoenen. Om een perfecte werking te garanderen, moet u de afwasauto‐maat waterpas plaatsen. Voor de stabiliteit van de afwasautomaat is het noodzakelijk datonder of in te bouwen afwasautomaten uitsluitend worden geplaatstonder een doorlopend werkblad dat is vastgeschroefd aan de kas‐ten die ernaast staan.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid15 Wilt u van een vrijstaande afwasautomaat een onderbouwafwas‐automaat maken, vervang het sokkelpaneel dan door een sokkelpa‐neel dat hoort bij onderbouwafwasautomaten. Gebruik daarvoor dedesbetreffende ombouwset. Doet u dat niet, dan loopt u gevaar omu te verwonden aan uitstekende metalen onderdelen! De deurveren moeten aan beide kanten gelijk worden ingesteld.Om te controleren of ze juist zijn ingesteld, opent u de deur gedeel‐telijk (openingshoek van ca. 45°). Laat de deur vervolgens los. Als dedeur in de geopende stand blijft staan, zijn de deurveren juist inge‐steld. De deur mag niet ongeremd naar beneden vallen. Het toestel mag alleen worden gebruikt als de deurveren juist zijn in‐gesteld.Veilig gebruik Gebruik geen oplosmiddelen in de spoelruimte. Gevaar voor ex‐plosies! Adem geen poedervormige reinigingsmiddelen in!
Slik geen reini‐gingsmiddelen in! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in neus,mond en keel veroorzaken. Ga direct naar de dokter wanneer u eenreinigingsmiddel hebt ingeademd of ingeslikt. U kunt u verwonden aan de geopende deur van de afwasauto‐maat of u eraan stoten. Laat de deur niet onnodig openstaan. Staat de deur open, ga er dan niet op zitten of erop staan. Doet udat wel, dan kan de afwasautomaat kantelen. Daarbij kunt u letseloplopen of kan de afwasautomaat beschadigd raken. Het vaatwerk kan na afloop van het programma zeer heet zijn!Laat het vaatwerk daarom na het uitschakelen van de afwasauto‐maat in het toestel afkoelen totdat u het goed kunt vastpakken. Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen en naspoelmiddelen voorhuishoudelijke afwasautomaten die in de handel verkrijgbaar zijn.Gebruik geen handafwasmiddelen!
Opmerkingen omtrent uw veiligheid16 Gebruik geen reinigingsmiddelen die voor bedrijfs- of industriëleafwasautomaten zijn ontwikkeld. Doet u dat wel, dan kan er materië‐le schade ontstaan en kunnen er hevige chemische reacties optre‐den (bijv. een knalgasreactie). Reinigingsmiddel beschadigt het naspoelmiddelreservoir! Vul hetnaspoelmiddelreservoir niet met poedervormig of vloeibaar reini‐gingsmiddel. Reinigingsmiddel beschadigt de waterontharder. Vul het zoutre‐servoir niet met poedervormig of vloeibaar reinigingsmiddel. Gebruik uitsluitend speciaal grofkorrelig regenereerzout of anderzout dat speciaal is ontwikkeld voor afwasautomaten. Gebruik ingeen geval andere soorten zout.
Deze bevatten mogelijk bestandde‐len die niet oplosbaar zijn in water en die een storing in de werkingvan de waterontharder veroorzaken. Hebt u een afwasautomaat met een bestekkorf (afhankelijk vanhet model), dan plaatst u bestek zo in de vakken van de bestekkorfdat de snijkanten van de messen en de punten van vorken benedenzitten. Dat is veiliger. Hou ermee rekening dat u zich kunt verwondenaan snijkanten van messen en punten van vorken die naar boven ge‐richt zijn. Wel is het zo dat bestek gemakkelijker wordt gereinigd engedroogd wanneer u het zo plaatst dat de scherpe kanten boven ende grepen beneden zitten. Reinig geen hittegevoelig kunststofvaatwerk in de afwasautomaat(bijv. wegwerpbakjes of wegwerpbestek).
Dat soort vaatwerk kandoor de hoge temperaturen vervormen. Wanneer u de programmaoptie "FlexiTimer/Startuitstel" gebruikt(afhankelijk van het model), moet u ervoor zorgen dat het doseer‐bakje voor het reinigingsmiddel droog is. Reinigingsmiddel gaat ineen vochtig doseerbakje klonteren en wordt dan mogelijk niet volle‐dig weggespoeld. Neem de gegevens omtrent de capaciteit van de afwasautomaatin acht die vermeld staan in de rubriek "Technische gegevens".
Opmerkingen omtrent uw veiligheid17Toebehoren Gebruik alleen origineel Miele-toebehoren. Worden er andere on‐derdelen gemonteerd of geplaatst, dan vervalt het recht op garantieen/of de productaansprakelijkheid.Wat met een afgedankte afwasautomaat? Maak het deurslot onbruikbaar zodat kinderen zich niet in het toe‐stel kunnen opsluiten. Verwijder daartoe de sluithaak van het deur‐slot.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu18Het wegdoen van het verpak‐kingsmateriaalDe verpakking beschermt het toesteltegen transportschade. Er werd voormilieuvriendelijk en recycleerbaar ver‐pakkingsmateriaal gekozen.Het gaat om de volgende soorten mate‐riaal:Buitenverpakking:– Golfkarton dat voor tot 100% bestaatuit kringloopmateriaal, andere mogelijkheid: stretchfolie/wikkelfolie van polyethyleen (PE)– Kunststofomsnoeringsbanden vanpolypropyleen (PP)Binnenverpakking:– Expansieve polystyreen (EPS) zondertoevoeging van chloor of fluor– Bodem, deksellijst en steunlijsten vanonbehandeld hout van bosteeltkun‐dig beheerde bossen– Beschermingsfolie van polyethyleen(PE)Het recycleren van het verpakkingsma‐teriaal vermindert de afvalproductie enhet gebruik van grondstoffen.
Uw Mie‐le-handelaar neemt de verpakking terugof geeft u informatie over de dichtstbij‐zijnde mogelijkheid voor teruggave.Uw toestel afdankenOude elektrische en elektronische toe‐stellen bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio‐neren en de veiligheid van het toestelnodig waren. Als deze stoffen bij hetrestafval terechtkomen of verkeerd wor‐den behandeld, kunnen ze schade be‐rokkenen aan de gezondheid van men‐sen en het milieu. Geef uw afgedanktetoestel dus in geen geval mee met hetgewone huisvuil.Breng het toestel liever naar hetdichtstbijzijnde gemeentelijk container‐park. Vraag meer informatie aan uw Mi‐ele-handelaar.Zorg er ook voor dat het toestel kind‐veilig wordt bewaard voor u het weg‐brengt.Alle kunststofonderdelen van het toe‐stel zijn gemarkeerd met een internatio‐naal erkend symbool.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu19Zuinig afwassenDeze afwasautomaat werkt uiterst wa‐ter- en energiebesparend.U kunt nog zuiniger te werk gaan, in‐dien u de volgende adviezen opvolgt:– Maak gebruik van de volledige bela‐dingscapaciteit van de rekken zonderde afwasautomaat te overladen.– Kies een afwasprogramma dat pastbij het soort serviesgoed en de matevan verontreiniging.– Kies het programma ECO (indien aan‐wezig) als u energiebesparend wiltreinigen. De water- en energiebespa‐ring is voor normaal verontreinigdserviesgoed bij dit programma hetgrootst.– Kies bij een warmwateraansluiting hetprogramma SolarSpaar voor het reini‐gen van licht tot normaal verontrei‐nigd vaatwerk. Bij dit programmawordt het reinigingswater niet verderverwarmd.
Daardoor kan het vaat‐werk na afloop van het programmavochtiger zijn dan bij andere pro‐gramma's.– Volg de doseeradviezen op die op deverpakking van het afwasmiddelstaan.– Bij gebruik van poedervormige ofvloeibare reinigingsmiddelen kunt ude dosering met 1/3 verminderen,wanneer de rekken maar half beladenzijn.Zie voor zuinig afwassen ookwww.miele.be.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu20Weergave van het verbruik metEcoFeedbackVia de functie Verbruik krijgt u informatieover het energie- en waterverbruik vanuw afwasautomaat (zie rubriek "MenuInstellingen, Verbruik").Er kunnen drie verschillende soorten in‐formatie worden weergegeven:– vóór de start van het programma eenprognose (schatting) van het verbruik– na afloop van het uitgevoerde pro‐gramma het werkelijke verbruik– het totale verbruik van de afwasauto‐maat1.
Prognose van het verbruik:Na het kiezen van een programmawordt eerst de programmanaam weer‐gegeven en vervolgens gedurende en‐kele seconden een prognose (schatting)van het energie- en waterverbruik.De prognose van het verbruik wordtweergegeven via een streepjesdiagram.Hoe meer streepjes ( ) er zichtbaarzijn, hoe meer energie of water het pro‐gramma zal verbruiken.De waarden variëren afhankelijk van hetgekozen programma en de gekozenprogrammaopties.Het display schakelt automatisch overnaar de weergave van de resttijd.De weergave van het verbruik is in defabriek ingeschakeld. U kunt de weer‐gave echter ook uitschakelen (zie ru‐briek "Menu Instellingen, Verbruik").2.
Werkelijk verbruikNa afloop van het programma kunt uhet werkelijke energie- en waterverbruikvan het uitgevoerde programma latenweergeven. Druk op OK wanneer de melding Ver-bruik (OK) wordt weergegeven.Wanneer de afwasautomaat na af‐loop van het programma wordt uit‐geschakeld, worden de werkelijkeverbruikswaarden van het uitge‐voerde programma gewist.3. Instelling "Verbruik"Bij de instelling Verbruik is het totaleenergie- en waterverbruik van alle reedsgebruikte programma's van uw afwas‐automaat samengeteld (zie rubriek"Menu Instellingen, Verbruik").
Toestel voor het eerst in gebruik nemen21Deur openenDe deur gaat na afloop van een pro‐gramma met een droogfase (zie rubriek"Programmaoverzicht") automatisch opeen kier open. Dat verbetert de droging.
U kunt deze functie ook uitschakelen(zie rubriek "Menu Instellingen,AutoOpen"). Pak de deur bij de deurgreep en trekaan de deurgreep om de deur te ope‐nen. Open de deur helemaal.Wanneer de deur wordt geopend terwijlde afwasautomaat in werking is, wor‐den de afwasfuncties automatisch on‐derbroken. Wanneer het water in de afwas‐automaat heet is, loopt u gevaar omu te verbranden!Wanneer u de deur echt moet ope‐nen terwijl het toestel in werking is,doe dat dan zeer voorzichtig. Zorg ervoor dat er genoeg plaatsis om de deur te openen.Deur sluiten Schuif de vaatwerkkorven naar bin‐nen. Sluit de deur totdat deze vastklikt. Gevaar voor knellen!Grijp niet in het sluitbereik van dedeur.KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging kunt u voorko‐men dat kinderen de deur van de af‐wasautomaat openen. Schuif het schuifje onder de deur‐greep naar rechts om de deur te ver‐grendelen. Schuif het schuifje naar links om dedeur te ontgrendelen.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen22Basisinstellingen Schakel de afwasautomaat in met detoets .De eerste keer dat de afwasautomaatwordt ingeschakeld, wordt het wel‐komstscherm weergegeven.TaalHet display schakelt automatisch overnaar een scherm waar u de taal kunt in‐stellen. Kies met de pijltoetsen de ge‐wenste taal en eventueel het ge‐wenste land en bevestig met OK.Zie de rubriek "De werking van hetdisplay" voor meer informatie over dewerking van het display.De ingestelde taal is gemarkeerd meteen vinkje .DagtijdHet display schakelt over naar eenscherm waar u de dagtijd (het uur) kuntinstellen.De dagtijd is vereist om de program‐maoptie "FlexiTimer" te kunnen ge‐bruiken.Bovendien kunt u de actuele dagtijd ophet display laten weergeven. Stel met de pijltoetsen de uren inen bevestig met OK. Stel vervolgens de minuten in en be‐vestig met OK.Wanneer u de pijltoetsen inge‐drukt houdt, verspringt de tijd auto‐matisch in stijgende of dalende zin.Het display schakelt over naar eenscherm waar u de dagtijdweergave kuntinstellen. Kies of de dagtijd (het uur) moet wor‐den weergegeven op het display enbevestig met OK. Wanneer u Weergave Aan hebt geko‐zen, bevestigt u de melding over hethogere stroomverbruik met OK.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen23WaterhardheidHet display schakelt over naar eenscherm waar u de waterhardheid kuntinstellen.– De afwasautomaat moet precies wor‐den geprogrammeerd naar de water‐hardheid van uw water.– Informeer bij uw maatschappij voorwatervoorziening welke waterhard‐heid uw water precies heeft.– Programmeer bij een variërende wa‐terhardheid (bijv.
10-15 °d) altijd dehoogste waarde (in dit voorbeeld15 °d).Als u later eventueel een beroep moetdoen op de dienst Herstellingen aanhuis van Miele, is het voor de technicushandig om de waterhardheid van uwwater te weten.Noteer daarom de waterhardheid vanuw water:____________°dIn de fabriek is een waterhardheid van15 °d (2,7 mmol/l) geprogrammeerd. Kies met de pijltoetsen de water‐hardheid van uw water en bevestigmet OK.Zie de rubriek "Menu Instellingen, Wa‐terhardheid" voor meer informatieover het instellen van de waterhard‐heid.Vervolgens wordt de melding Apparaat isklaar voor gebruik weergegeven.Na het bevestigen van deze meldingmet OK worden mogelijk de volgendemeldingen weergegeven: Vul zout bij.en Vul naspoelmid.
bij.. Vul indien nodig het zoutreservoir metzout en het naspoelmiddelreservoirmet naspoelmiddel (zie rubriek "Toe‐stel voor het eerst in gebruik nemen,Regenereerzout" en "Naspoelmid‐del"). Bevestig de meldingen met OK.Op het display wordt kort het gekozenprogramma weergegeven en het des‐betreffende controlelampje brandt. Daarna wordt mogelijk gedurende en‐kele seconden de prognose van hetenergie- en waterverbruik van het geko‐zen programma weergegeven.Vervolgens schakelt het display overnaar de weergave van de vermoedelijkeprogrammaduur voor het gekozen pro‐gramma.Deze basisinstellingen worden opgesla‐gen zodra een programma voor heteerst volledig is uitgevoerd.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen24Wat u nodig hebt om het toe‐stel voor het eerst in gebruik tenemen:– ca. 1 kg regenereerzout,– reinigingsmiddel voor huishoudelijkeafwasautomaten,– naspoelmiddel voor huishoudelijkeafwasautomaten.Elke afwasautomaat wordt in de fa‐briek op zijn werking getest. Als ge‐volg van deze tests blijft er water inhet toestel achter. Dat betekent nietdat het toestel eerder door een andereconsument is gebruikt.RegenereerzoutOm goede afwasresultaten te bereiken,heeft de afwasautomaat zacht (kalkarm)water nodig. Bij hard water ontstaat erwitte kalkaanslag op het vaatwerk enop de wanden van de spoelruimte. Water met een waterhardheid van meerdan 4 °d (0,7 mmol/l) moet daaromworden onthard. Daar wordt in de inge‐bouwde waterontharder automatischvoor gezorgd.
De waterontharder is ge‐schikt voor een waterhardheid tot 70 °d(12,6 mmol/l).De waterontharder heeft daarvoor welregenereerzout nodig. Als u combinatiereinigingsmiddelen ge‐bruikt, kunt u afhankelijk van de water‐hardheid (< 21 °d) ervoor kiezen geenzout te doen in het zoutreservoir (zie ru‐briek "Bediening, Reinigingsmiddel").Ligt de waterhardheid van uw watersteeds onder de 5 °d (= 0,9 mmol/l),dan hoeft u geen zout te doen in hetzoutreservoir. De melding voor het bij‐vullen van zout wordt automatisch uit‐geschakeld. Reinigingsmiddel beschadigt dewaterontharder.Vul het zoutreservoir niet met poe‐dervormig of vloeibaar reinigings‐middel. Gebruik uitsluitend speciaal grof‐korrelig regenereerzout of ander zoutdat speciaal is ontwikkeld voor af‐wasautomaten.Gebruik in geen geval anderesoorten zout.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen25Zoutreservoir vullen met zout Open de deur maar voor de helftwanneer u het zoutreservoir met zoutwilt vullen. Zo zorgt u ervoor dat alhet zout in het zoutreservoir terecht‐komt. Open het klepje van het zoutreservoirdoor op het knopje te drukken in derichting van de pijl.Het klepje springt open. Klap de trechter open.Giet geen water in het zoutreservoir! Vul het zoutreservoir met zout totdathet zoutreservoir vol is of totdat erwater uit de opening loopt. In hetzoutreservoir kan afhankelijk van hetsoort zout maximaal ca.
1 kg.Doe niet meer dan 1 kg zout in hetzoutreservoir.Wanneer u het zoutreservoir met zoutvult, loopt er mogelijk water uit hetzoutreservoir. Verwijder de zoutresten die zich rondhet zoutreservoir bevinden en sluitvervolgens het klepje van het zoutre‐servoir. Start direct na het vullen van hetzoutreservoir met zout het program‐ma Snel in combinatie met de pro‐grammaoptie Kort, zonder vaatwerk,zodat eventueel gemorste zoutrestenkunnen worden verdund en daarnaweggepompt.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen26Melding voor het bijvullen van zout Vul na afloop van een programmazout bij als de melding Vul zout bij.wordt weergegeven. Bevestig met OK.De melding voor het bijvullen van zoutverdwijnt. Gevaar voor corrosie! Start na het vullen van het zoutreser‐voir met zout altijd het programmaSnel in combinatie met de program‐maoptie Kort, zonder vaatwerk, zo‐dat eventueel gemorste zoutrestenkunnen worden verdund en daarnaweggepompt.Het is mogelijk dat de melding voor hetbijvullen van zout opnieuw op het dis‐play verschijnt nadat u zout hebt bijge‐vuld. Dat is het geval wanneer de zout‐concentratie die zich heeft gevormd,nog niet hoog genoeg is.
In dat gevalbevestigt u nogmaals met OK.De melding voor het bijvullen van zoutwordt uitgeschakeld wanneer u de af‐wasautomaat op een waterhardheidvan minder dan 5 °d (= 0,9 mmol/l) hebtgeprogrammeerd.Als u steeds combinatiereinigingsmid‐delen gebruikt en de meldingen voorhet bijvullen van zout en naspoelmid‐del u storen, kunt u deze meldingenuitschakelen (zie rubriek "Menu Instel‐lingen, Bijvulcontrole").Wanneer u geen combinatiereini‐gingsmiddelen meer gebruikt, moetu het zoutreservoir en naspoelmid‐delreservoir weer vullen en de mel‐dingen voor het bijvullen van zout ennaspoelmiddel (Bijvulcontrole) weerinschakelen.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen27NaspoelmiddelNaspoelmiddel is nodig om ervoor tezorgen dat het water tijdens het drogenals een film van het vaatwerk afloopt endat het vaatwerk na het afwassen ge‐makkelijker droogt. Het naspoelmiddel wordt in het na‐spoelmiddelreservoir gegoten en bij hetnaspoelen in de ingestelde doseringautomatisch toegevoegd. Vul het naspoelmiddelreservoiralleen met naspoelmiddel voor huis‐houdelijke afwasautomaten. Vul hetin geen geval met handafwasmidde‐len of reinigingsmiddelen. Dat zouhet naspoelmiddelreservoir bescha‐digen.Een andere mogelijkheid is dat u– azijn voor huishoudelijk gebruik(maximaal 5% zuur)of– vloeibaar citroenzuur (10%)gebruikt.
Het vaatwerk zal echter voch‐tiger zijn en meer vlekken vertonen danwanneer u naspoelmiddel gebruikt. U mag in geen geval azijn meteen hoger zuurpercentage (bijv.azijnessence van 25%) gebruiken.Daardoor zou de afwasautomaat be‐schadigd kunnen raken.Gebruikt u uitsluitend combinatierei‐nigingsmiddelen, dan hoeft u het na‐spoelmiddelreservoir niet met na‐spoelmiddel te vullen.Naspoelmiddel bijvullen Druk de openingstoets op het dekselvan het naspoelreservoir in de rich‐ting van de pijl. De klep springt open.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen28 Vul zoveel naspoelmiddel bij tot het inde vulopening zichtbaar wordt.Het reservoir kan ca. 110 ml bevatten. Sluit de klep totdat deze duidelijkvastklikt, anders kan tijdens hetspoelen water in het naspoelreservoirbinnendringen. Wis eventueel gemorst naspoelmid‐del goed af, zodat een krachtigeschuimvorming in het volgende pro‐gramma wordt vermeden.Voor een optimaal afwasresultaat kuntu de naspoelmiddeldosering aanpas‐sen (zie rubriek "Menu Instellingen,Naspoelmiddel").Melding voor het bijvullen van na‐spoelmiddelWanneer op het display de melding Vul naspoelmid. bij.
wordt weergege‐ven, is er nog genoeg naspoelmiddelvoor 2 tot 3 afwasbeurten. Vul op tijd naspoelmiddel bij. Bevestig met OK.De melding voor het bijvullen van na‐spoelmiddel verdwijnt.Als u steeds combinatiereinigingsmid‐delen gebruikt en de meldingen voorhet bijvullen van zout en naspoelmid‐del u storen, kunt u deze meldingenuitschakelen (zie rubriek "Menu Instel‐lingen, Bijvulcontrole").Wanneer u geen combinatiereini‐gingsmiddelen meer gebruikt, moetu het zoutreservoir en naspoelmid‐delreservoir weer vullen en de mel‐dingen voor het bijvullen van zout ennaspoelmiddel (Bijvulcontrole) weerinschakelen.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen29Waar u bij het vullen van de af‐wasautomaat op moet lettenVerwijder de ergste etensresten van hetvaatwerk.Het is niet nodig om het vaatwerk voor‐af onder stromend water af te spoelen! Was vaatwerk met as, zand,was, smeervet of verf niet af in de af‐wasautomaat. De afwasautomaatzou beschadigd raken door dezestoffen.U kunt elk stuk vaatwerk in principeoveral in de korven plaatsen. Neemdaarbij wel de volgende opmerkingen inacht:– Plaats vaatwerk en bestek zo dat hetniet tegen of op elkaar ligt.– Plaats het vaatwerk altijd zo dat allevlakken door het water kunnen wor‐den bereikt. Enkel op die manier iseen goed resultaat mogelijk!– Plaats al het vaatwerk zo dat het ste‐vig staat.– Plaats al het holle vaatwerk (bijv.kopjes, glazen, kookpotten enz.) metde openingen naar beneden in dekorven.– Plaats hol vaatwerk dat hoog en smalis (bijv.
fluitglazen) niet in de hoekenvan de korven maar zoveel mogelijkin het midden ervan. De waterstralenkunnen er dan beter bij.– Plaats vaatwerk met een diepe bo‐dem zoveel mogelijk schuin in dekorf, zodat het water eraf kan lopen.– Zorg ervoor dat de sproeiarmen nietworden geblokkeerd door te hoogvaatwerk of door vaatwerk dat doorde korven heen steekt. U kunt datcontroleren door de sproeiarmen metde hand te draaien.– Let erop dat kleine stukken vaatwerkniet door de spijlen van de korvenvallen. Leg dat soort vaatwerk (bijv. deksel‐tjes) daarom in de besteklade of debestekkorf (afhankelijk van het mo‐del).Levensmiddelen zoals wortels, toma‐ten of ketchup kunnen natuurlijkekleurstoffen bevatten.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen30Vaatwerk en bestek die niet geschiktzijn voor de afwasautomaat– Vaatwerk en bestek die óf helemaalóf voor een deel uit hout bestaandrogen uit en worden lelijk. Boven‐dien houdt de lijm niet in de afwasau‐tomaat. Het gevolg daarvan is dathouten grepen los kunnen raken. – Kunstvoorwerpen, waardevolle vazenof glazen met decoraties zijn nietvaatwasserbestendig. – Voorwerpen van niet-hittebestendigekunststof kunnen vervormen. – Voorwerpen van koper, messing, tinen aluminium kunnen verkleuren ofdof worden. – Kleurdecoraties op glazuur kunnenna een groot aantal afwasbeurtenverbleken. – Teer glaswerk en kristallen voor‐werpen kunnen na lang gebruik dofworden. Neem deze opmerkingen in acht. Zilver dat met zilverpoets is behan‐deld, kan na afloop van het afwaspro‐gramma nog vochtig zijn doordat hetwater er niet als een film afloopt.
Hetzilver moet dan met een doek wordenafgedroogd. Zilver kan verkleuren wanneer het inaanraking komt met levensmiddelen diezwavel bevatten. Denk daarbij bijv. aaneigeel, uien, mayonaise, mosterd, peul‐vruchten, vis, pekelsaus van vis en ma‐rinades. Aluminium vaatwerk (bijv. vetfil‐ters van dampkappen) mag niet wor‐den afgewassen met sterk alkalischereinigingsmiddelen die in bedrijfsaf‐wasautomaten of industriereinigersworden gebruikt. Gebeurt dat wel, dan kan er materië‐le schade ontstaan. In het ergste ge‐val bestaat het gevaar dat er eenchemische reactie optreedt die toteen explosie leidt (bijv. een knalgas‐reactie). Tip: Koop serviesgoed en bestek datgeschikt is om in een afwasautomaat teworden afgewassen. U herkent derge‐lijk serviesgoed en bestek aan de ver‐melding "vaatwasserbestendig" of eengelijkaardige vermelding.
Gebruikvoor tere glazen programma's met la‐ge temperaturen (zie rubriek "Pro‐grammaoverzicht") of programma'smet GlassCare (afhankelijk van hetmodel). De kans dat het glaswerkdof wordt, is dan kleiner. – Koop glazen die geschikt zijn om ineen afwasautomaat te worden afge‐wassen (bijv. glazen van Riedel). Uherkent dergelijke glazen aan de ver‐melding "vaatwasserbestendig" ofeen gelijkaardige vermelding. – Gebruik reinigingsmiddelen met eenspeciale receptuur die beschermt te‐gen glascorrosie (bijv. Miele CareCol‐lection-tabletten).
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen31BovenkorfLees voor het rangschikken van vaat‐werk en bestek ook de rubriek "Vaat‐werk en bestek rangschikken, rang‐schikvoorbeelden". Was om veiligheidsredenen al‐leen af met ingezette boven- en on‐derkorf (behalve in het programmaZonder bovenrek, indien voorhanden). Plaats in de bovenkorf kleine, lichteen gevoelige stukken, zoals onder‐tassen, kopjes, glazen, dessertbor‐den enz.
U kunt ook een vlakke pan in de bo‐venkorf plaatsen. Leg afzonderlijke lange stukken zoalspollepel, roerlepel en lange messenvooraan dwars in de bovenkorf.Kopjesrooster Klap de kopjesrooster omhoog omhoge delen te kunnen rangschikken.U kunt glazen tegen de kopjesroosterlaten leunen, zodat ze vaster staan. Klap de kopjesrooster naar benedenen laat de glazen daartegen leunen.Neerklapbare spikesU kunt de spike-rij neerklappen ommeer ruimte te krijgen voor grote stuk‐ken vaatwerk, bijv. een platte pan. Druk de gele hendel naar beneden en klap de spike-rij neer .
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen32Jumbokopjesrek (afhankelijk van hetmodel)U kunt de breedte van het kopjesrek intwee standen zetten, zodat u ook grotekopjes kunt plaatsen. Trek het kopjesrek naar boven en laathet op de gewenste breedte weervastklikken.GlasbeugelGlazen met een lange steel staan ste‐viger wanneer u de glasbeugel gebruikt. Klap de glasbeugel neer en zet deglazen ertegen. Verschuif indien nodig een van de in‐zetten aan de zijkanten van de be‐steklade naar het midden wanneer uhogere glazen in de bovenste korfwilt plaatsen.In de hoogte verstellenU kunt de hoogte van de glasbeugel intwee standen zetten. Trek de glasbeugel naar boven enlaat deze op de gewenste hoogteweer vastklikken.In de lage stand kunt u kleine glazen enmokken ertegen zetten.In de hoge stand kunt u hoge glazen englazen met lange stelen ertegen zetten.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen33Bovenste korf in de hoogte verstellenOm in de bovenste korf of de onderstekorf meer ruimte te krijgen voor hogervaatwerk kunt u de bovenste korf in dehoogte verstellen. U kunt kiezen tussendrie standen met een verschil van tel‐kens ca. 2 cm.U kunt de bovenste korf ook schuinplaatsen. Zo loopt het water gemakke‐lijker van vaatwerk met uitsparingen.Controleer wel dat u de korf zonderproblemen in de spoelruimte kuntschuiven. Trek de bovenste korf naar buiten.Ga als volgt te werk om de bovenstekorf naar boven toe te verstellen: Trek de korf naar boven totdat dezevastklikt.Ga als volgt te werk om de bovenstekorf naar onderen toe te verstellen: Trek de hendels aan de zijkanten vande korf naar boven. Stel de gewenste positie in en laat dehendels weer vastklikken.Afhankelijk van de stand van de boven‐ste korf kunt u bijv.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen34Onderste korfNeem voor het plaatsen van vaatwerken bestek in de afwasautomaat ookde rubriek "Vaatwerk en bestek in deafwasautomaat plaatsen, Voorbeeldenvan plaatsing" in acht. Plaats in de onderste korf groot enzwaar vaatwerk zoals borden, platteschotels, kookpotten, schalen enz. U kunt ook glazen, kopjes, dessert‐bordjes, kommetjes voor ontbijtgra‐nen en schoteltjes in de onderste korfplaatsen. Plaats grote borden in het middenvan de onderste korf.U kunt de borden schuin plaatsen. Zokunt u borden met een diameter tot35 cm plaatsen.Uitneembare MultiComfortzoneIn de achterste zone van de onderstekorf kunt u kopjes, glazen, borden enkookpotten plaatsen.U kunt de MultiComfortzone uit het toe‐stel nemen om meer ruimte te krijgenvoor grote stukken vaatwerk, bijv.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen35Glazenhouder Om hoog vaatwerk te kunnenplaatsen, kunt u de glazenhouderomhoogklappen. Glazen met een lange steel, bijv.wijn-, champagne- of speciale bier‐glazen, kunt u in de uitsparingen vande glazenhouder hangen.U kunt de hoogte van de glazenhouderin twee standen zetten. Schuif de glazenhouder op de ge‐wenste hoogte. Zorg ervoor dat debevestigingen bovenaan of onderaanvastklikken.GlasbeugelGlazen met een lange steel staan ste‐viger wanneer u de glasbeugel gebruikt. Klap de glasbeugel neer en zet deglazen ertegen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele G 6415 SCI XXL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser Miele
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser