Miele G 4930 SCi Handleiding

Miele Vaatwasser G 4930 SCi

Bekijk gratis de handleiding van Miele G 4930 SCi (88 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 47 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Miele G 4930 SCi of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/88
Gebruiksaanwijzing
Vaatwasser
Lees in elk geval de gebruiksaanwijzing en het montageplan voor u het
toestel opstelt, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf
en u vermijdt schade aan het toestel.
nl-BEM.-Nr. 10 550 910HG05

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Miele
Categorie: Vaatwasser
Model: G 4930 SCi
Apparaatplaatsing: Semi-ingebouwd
Soort bediening: Knoppen
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 43700 g
Breedte: 598 mm
Diepte: 570 mm
Hoogte: 805 mm
Netbelasting: 2100 W
Aantal couverts: 14 couverts
Deurkleur: Niet van toepassing
Snoerlengte: 1.7 m
Uitgestelde start timer: Ja
Startvertraging: 24 uur
Resterende tijd indicatie: Ja
Droogklasse: A
Duur cyclus: - min
Geluidsniveau: 45 dB
Jaarlijks energieverbruik: 266 kWu
Energie-efficiëntieklasse (oud): A++
Installatie compartiment breedte: 600 mm
Installatie compartiment diepte: 570 mm
Waterconsumptie per cyclus: 9.9 l
Stroom: 10 A
Installatie compartiment hoogte (min): 805 mm
Diepte wanneer de deur open is: 1 mm
Kleur bedieningspaneel: Roestvrijstaal
Bescherming tegen overstromen: Ja
Glasbescherming: Ja
Half-geladen: Ja
Afwasprogramma's: Auto, Glass/delicate, Eco, Intensive, Normal
Energieverbruik per cyclus: 0.94 kWu
Jaarlijks waterverbruik: 2772 l
Lengte afvoerslang: 1.5 m
Lengte watertoevoerslang: 1.5 m
Sensor programma selectie: Ja
Installatie compartiment hoogte (max): 870 mm
Stroomverbruik (indien uit): 0.2 W
AC-ingangsspanning: 230 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz

Handleiding Miele G 4930 SCi – volledige tekst

Inhoud3Beschrijving van het toestel. 6Het toestel in één oogopslag. 6Bedieningspaneel. 7Opmerkingen omtrent uw veiligheid. 8Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 18Spaarzaam afwassen. 19Toestel voor het eerst in gebruik nemen. 20Deur openen. 20Deur sluiten. 20Kinderbeveiliging. 20Waterontharder. 21Waterhardheid weergeven en instellen. 22Wat u nodig hebt om het toestel voor het eerst in gebruik te nemen:. 24Regenereerzout. 24Zout bijvullen. 25Controlelampje voor het bijvullen van zout. 26Naspoelmiddel. 27Naspoelmiddel bijvullen. 27Controlelampje voor het bijvullen van naspoelmiddel. 28Doseerhoeveelheid voor naspoelmiddel instellen:. 29Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen. 30Waar u bij het vullen van de afwasautomaat op moet letten. 30Bovenkorf. 32Bovenste korf in de hoogte verstellen. 33Onderrek. 34Bestek. 363D-besteklade (afhankelijk van het model).

Inhoud4Einde van het programma. 47Uitschakelen. 48Het vaatwerk eruit halen. 48Programma onderbreken. 49Wisseling van programma. 49Programmaopties. 50Kort. 50DosControl. 50Controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel uitschakelen. 51Startuitstel. 52Aanpassing Automatic-programma. 54Memory. 55Optimalisering standby. 56Fabrieksinstellingen. 57Programmaoverzicht. 58Reiniging en onderhoud. 62Spoelruimte reinigen. 62Deurdichting en deur reinigen. 62Front van het toestel reinigen. 63Zeefcombinatie in de spoelruimte controleren. 64Zeefcombinatie reinigen. 64Sproeiarmen reinigen. 66Nuttige tips. 67Technische storingen. 67Storingen in de watertoevoer. 69Storingen in de waterafvoer. 69Algemene problemen met de afwasautomaat. 70Geluiden. 71Onbevredigend resultaat. 72Storingen verhelpen. 76Filter in de watertoevoer reinigen. 76Afvoerpomp en terugslagklep reinigen.

Beschrijving van het toestel6Het toestel in één oogopslagaBovenste sproeiarm (niet zichtbaar)bBesteklade (afhankelijk van het mo-del)cBovenste korfdMiddelste sproeiarmeLuchttoevoer voor het drogen (afhan-kelijk van het model)fOnderste sproeiarmgZeefcombinatiehTypeplaatjeiReservoir voor naspoelmiddeljTweevaksdoseerbakje voor reini-gingsmiddelkReservoir voor regenereerzout

Beschrijving van het toestel7BedieningspaneelaProgrammakeuzeECO = ECOAuto = Automatic 55 °C = Normaal 55°C 75 °C = Intensief 75 °C 45 °C = Speciaal 45 °CbTijdsaanduidingcControle-/bijvulaanduiding / = Toevoer/Afvoer = Naspoelmiddel = ZoutdToets met controlelampjeStarteToets (kort) met controlelampjefToets (Startuitstel) met controle-lampjegProgrammakeuzetoetshToets (Aan/Uit)In deze gebruiksaanwijzing worden meerdere afwasautomaatmodellen beschre-ven. Deze hebben verschillende hoogten. Deze modellen worden in de gebruiksaanwijzing als volgt aangeduid: Normaal = Afwasautomaat met een hoogte van 80,5 cm (inbouwtoestel) of 84,5 cm (vrijstaand toestel) XXL = Afwasautomaat met een hoogte van 84,5 cm (inbouwtoestel).

Opmerkingen omtrent uw veiligheid8Deze vaatwasser voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsbepa-lingen. Een onjuist gebruik kan echter persoonlijk letsel of materië-le schade veroorzaken.Lees de montage-handleiding en de gebruiksaanwijzing aandach-tig door voordat u de vaatwasser in gebruik neemt. Daarin vindt ubelangrijke instructies met betrekking tot de montage, de veilig-heid, het gebruik en het onderhoud. Dit is in het belang van uwveiligheid en voorkomt schade aan het apparaat.Bewaar de gebruiks- en montagehandleiding, zodat u deze kuntdoorgeven aan een eventuele volgende eigenaar.Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die daar-van het gevolg is.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid9Juist gebruik Deze afwasautomaat is bedoeld voor gebruik in het huishoudenen in gelijkaardige omgevingen. Deze afwasautomaat is niet bestemd voor gebruik buiten. Gebruik de afwasautomaat uitsluitend in huishoudelijke contextvoor het afwassen van huishoudelijk vaatwerk. Gebruik voor anderedoeleinden is niet toegelaten. Personen die door hun fysieke, zintuiglijke of geestelijke mogelijk-heden of hun onervarenheid of gebrek aan kennis niet in staat zijnom deze afwasautomaat veilig te bedienen, moeten bij de bedieningin het oog worden gehouden. Deze personen mogen de afwasauto-maat zonder toezicht bedienen, maar alleen wanneer de bedieningvan de afwasautomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel vei-lig kunnen bedienen. Ze moeten de eventuele gevaren van een fou-tieve bediening kunnen beseffen en begrijpen.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid10Kinderen in het huishouden Kinderen jonger dan acht jaar moeten uit de buurt van de afwas-automaat worden gehouden, tenzij ze constant in het oog wordengehouden. Kinderen vanaf acht jaar mogen de afwasautomaat zonder toe-zicht bedienen, maar alleen wanneer de bediening van de afwasau-tomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel veilig kunnen be-dienen. Kinderen moeten de eventuele gevaren van een foutieve be-diening kunnen beseffen en begrijpen. Kinderen mogen de afwasautomaat niet zonder toezicht reinigenof onderhouden. Hou kinderen die in de buurt van de afwasautomaat komen in hetoog. Laat ze nooit met de afwasautomaat spelen. Wanneer kinderendat doen, bestaat o.a.

het gevaar dat ze zich in de afwasautomaatopsluiten! Bij een geactiveerde automatische deuropening (afhankelijk vanhet model) moeten kleine kinderen buiten het openingsbereik van dedeur van de afwasautomaat worden gehouden. In geval van een on-juiste werking, wat weliswaar onwaarschijnlijk is, bestaat gevaar voorletsel. Gevaar voor verstikking! Spelende kinderen kunnen zich wikkelenin verpakkingsmateriaal (bijv. folies) of het over hun hoofd trekken endaardoor verstikken. Hou kinderen uit de buurt van verpakkingsma-teriaal. Zorg ervoor dat kinderen niet met reinigingsmiddelen in aanrakingkunnen komen! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in monden keel veroorzaken of tot verstikking leiden. Hou kinderen daaromuit de buurt van de afwasautomaat wanneer deze openstaat. Moge-lijk zijn er nog resten reinigingsmiddel aanwezig in de afwasauto-maat.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid11Technische veiligheid Door ondeskundig uitgevoerde installatie-, onderhouds- of her-stellingswerken kunnen er voor de gebruiker aanzienlijke gevarenontstaan. Installatie-, onderhouds- of herstellingswerken mogen al-leen door vakmensen worden uitgevoerd die door Miele erkend zijn. Beschadigingen van de afwasautomaat kunnen uw veiligheid ingevaar brengen. Controleer het toestel op zichtbare schade. Een be-schadigd toestel mag niet in gebruik worden genomen. De elektrische veiligheid van de afwasautomaat wordt enkel gega-randeerd als het toestel op een aardsysteem aangesloten is dat vol-gens de voorschriften geïnstalleerd is. Het is heel belangrijk dat aandeze fundamentele veiligheidsvoorwaarde is voldaan. Laat de elek-trische installatie in uw woning bij twijfel door een elektricien contro-leren.

Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die werdveroorzaakt doordat de aardleiding onderbroken was of gewoon ont-brak. Er bestaat in dat geval onder andere gevaar voor elektrischeschokken. De betrouwbare en zekere werking van de afwasautomaat is enkelgegarandeerd wanneer de afwasautomaat aan het openbare elektri-citeitsnet is aangesloten. De afwasautomaat mag alleen via een 3-polige stekker met aar-ding op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De stekker magniet worden afgeknipt om het toestel vast aan te sluiten. Na hetplaatsen van de afwasautomaat moet het stopcontact vrij toeganke-lijk zijn, zodat de afwasautomaat op elk moment van het elektrici-teitsnet kan worden ontkoppeld. Wanneer zich in de buurt van de afwasautomaat een elektrischtoestel bevindt, let er dan op dat de stekker van dat toestel nietschuilgaat achter de afwasautomaat.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid12 De afwasautomaat mag niet onder een kookvlak worden geïnstal-leerd. Een kookvlak straalt voor een deel hoge temperaturen af waar-door de afwasautomaat beschadigd zou kunnen raken. Om dezelfdereden mag de afwasautomaat niet direct naast warmteproducerendetoestellen worden geplaatst die niet standaard tot de keukenuitrus-ting behoren (bijv. open vuren voor verwarmingsdoeleinden e.d.). De aansluitgegevens (zekering, frequentie en spanning) op het ty-peplaatje van de afwasautomaat moeten absoluut overeenstemmenmet deze van het elektriciteitsnet. Zo voorkomt u schade aan de af-wasautomaat.

Vergelijk deze gegevens voordat u het toestel aansluit.Vraag bij twijfel inlichtingen aan een elektricien. De afwasautomaat mag pas op het elektriciteitsnet worden aan-gesloten nadat deze is geplaatst en geïnstalleerd en nadat de deur-veren zijn ingesteld. De afwasautomaat mag alleen met goed werkende deurmecha-niek worden gebruikt. Bij geactiveerde automatische deuropening(afhankelijk van het model) kan anders gevaar ontstaan.U kunt een goed werkende deurmechaniek aan het volgende her-kennen:– De deurveren moeten op beide zijden gelijkmatig ingesteld zijn.Ze zijn juist ingesteld, wanneer de halfgeopende deur (ca. 45°openingsboek) bij het loslaten in deze stand blijft staan.

Boven-dien mag de deur niet ongeremd naar beneden vallen.– De sluitrail van de deur wordt na de droogfase bij het openen vande deur automatisch ingeschoven. Stopcontactenblokken of verlengkabels bieden niet voldoendeveiligheidsgaranties (gevaar voor brand). Gebruik deze niet om de af-wasautomaat aan te sluiten op het elektriciteitsnet. Deze afwasautomaat mag niet op niet-vaste plaatsen (bijv. op eenschip) worden gebruikt.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid13 Plaats de afwasautomaat niet in een vertrek waar het kan vriezen.Bevroren waterslangen kunnen onder druk scheuren of springen. Debetrouwbaarheid van de elektronische besturing kan door tempera-turen onder het vriespunt in het gedrang komen. Sluit om schade aan het toestel te voorkomen de afwasautomaatalleen op een volledig ontlucht buisleidingnet aan. Het kunststofomhulsel van de wateraansluiting bevat een elek-trisch onderdeel. Dompel het omhulsel niet in vloeistof. In de watertoevoerslang bevinden zich delen die onder spanningstaan wanneer het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten.

Deslang mag daarom niet worden ingekort. Het ingebouwde Waterproof System biedt een betrouwbare be-scherming tegen waterschade, maar alleen als aan de volgendevoorwaarden is voldaan:– Het toestel moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.– Wanneer er duidelijk sprake is van schade, moet de afwasauto-maat worden hersteld of moeten de desbetreffende onderdelenworden vervangen.– De waterkraan moet bij lange afwezigheid (bijv. vakantie) wordendichtgedraaid.Het Waterproof System werkt ook wanneer de afwasautomaat is uit-geschakeld. De afwasautomaat moet dan wel op het elektriciteitsnetzijn aangesloten. De waterdruk (druk op de wateraansluiting) moet tussen 50 en1000 kPa (0,5 en 10 bar) liggen. Een afwasautomaat die beschadigd is, kan uw veiligheid in gevaarbrengen!

Opmerkingen omtrent uw veiligheid14 Het recht op garantie vervalt wanneer de afwasautomaat door eenklantendienst wordt hersteld die niet door Miele is erkend. Enkel met originele Miele-wisselstukken bent u zeker dat ze tenvolle voldoen aan de eisen die Miele qua veiligheid stelt. Defecte on-derdelen mogen enkel worden vervangen door originele Miele-wis-selstukken. Tijdens installatie-, onderhouds- en herstellingswerken moet deafwasautomaat van het elektriciteitsnet losgekoppeld zijn (schakelde afwasautomaat uit en trek vervolgens de stekker uit het stopcon-tact). Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door eenspeciale aansluitkabel van hetzelfde type worden vervangen (ver-krijgbaar via de dienst Onderdelen en toebehoren van Miele).

Omveiligheidsredenen mag de aansluitkabel alleen door een door Mieleerkende vakman of vakvrouw of door de dienst Herstellingen aanhuis van Miele worden vervangen. Deze vaatwasser heeft vanwege speciale eisen (ten aanzien vanonder meer de temperatuur, de vochtigheid, de chemische besten-digheid, de slijtvastheid en vibraties) een speciale lamp (afhankelijkvan het model). De lamp mag alleen voor deze toepassing wordengebruikt. De lamp is niet geschikt voor normale verlichtingsdoelein-den. De lamp mag uitsluitend worden vervangen door erkende Mie-le-technici of door Miele.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid15Deskundige plaatsing Neem bij het plaatsen en aansluiten van de afwasautomaat demontage-instructies op de montageschets in acht. Wees voorzichtig vóór en tijdens het plaatsen en installe-ren van de afwasautomaat. U loopt gevaar om u te verwon-den/snijden aan bepaalde metalen onderdelen. Draag be-schermende handschoenen. Om een perfecte werking te garanderen, moet u de afwasauto-maat waterpas plaatsen. Voor de stabiliteit van de afwasautomaat is het noodzakelijk datonder of in te bouwen afwasautomaten uitsluitend worden geplaatstonder een doorlopend werkblad dat is vastgeschroefd aan de kastendie ernaast staan. Wilt u van een vrijstaande afwasautomaat een onderbouwafwas-automaat maken, vervang het sokkelpaneel dan door een sokkelpa-neel dat hoort bij onderbouwafwasautomaten. Gebruik daarvoor dedesbetreffende ombouwset.

Doet u dat niet, dan loopt u gevaar omu te verwonden aan uitstekende metalen onderdelen! De deurveren moeten aan beide kanten gelijk worden ingesteld.Om te controleren of ze juist zijn ingesteld, opent u de deur gedeel-telijk (openingshoek van ca. 45°). Laat de deur vervolgens los. Als dedeur in de geopende stand blijft staan, zijn de deurveren juist inge-steld. De deur mag niet ongeremd naar beneden vallen. Het toestel mag alleen worden gebruikt als de deurveren juist zijn in-gesteld.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid16Veilig gebruik Gebruik geen oplosmiddelen in de spoelruimte. Gevaar voor ex-plosies! Adem geen poedervormige reinigingsmiddelen in! Slik geen reini-gingsmiddelen in! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in neus,mond en keel veroorzaken. Ga direct naar de dokter wanneer u eenreinigingsmiddel hebt ingeademd of ingeslikt. U kunt u verwonden aan de geopende deur van de afwasauto-maat of u eraan stoten. Laat de deur niet onnodig openstaan. Staat de deur open, ga er dan niet op zitten of erop staan. Doet udat wel, dan kan de afwasautomaat kantelen.

Daarbij kunt u letseloplopen of kan de afwasautomaat beschadigd raken. Het vaatwerk kan na afloop van het programma zeer heet zijn!Laat het vaatwerk daarom na het uitschakelen van de afwasauto-maat in het toestel afkoelen totdat u het goed kunt vastpakken. Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen en naspoelmiddelen voorhuishoudelijke afwasautomaten die in de handel verkrijgbaar zijn.Gebruik geen handafwasmiddelen! Gebruik geen reinigingsmiddelen die voor bedrijfs- of industriëleafwasautomaten zijn ontwikkeld. Doet u dat wel, dan kan er materië-le schade ontstaan en kunnen er hevige chemische reacties optre-den (bijv. een knalgasreactie). Reinigingsmiddel beschadigt het naspoelmiddelreservoir! Vul hetnaspoelmiddelreservoir niet met poedervormig of vloeibaar reini-gingsmiddel. Reinigingsmiddel beschadigt de waterontharder.

Opmerkingen omtrent uw veiligheid17 Gebruik uitsluitend speciaal grofkorrelig regenereerzout of anderzout dat speciaal is ontwikkeld voor afwasautomaten. Gebruik ingeen geval andere soorten zout. Deze bevatten mogelijk bestandde-len die niet oplosbaar zijn in water en die een storing in de werkingvan de waterontharder veroorzaken. Hebt u een afwasautomaat met een bestekkorf (afhankelijk vanhet model), dan plaatst u bestek zo in de vakken van de bestekkorfdat de snijkanten van de messen en de punten van vorken benedenzitten. Dat is veiliger. Hou ermee rekening dat u zich kunt verwondenaan snijkanten van messen en punten van vorken die naar boven ge-richt zijn. Wel is het zo dat bestek gemakkelijker wordt gereinigd engedroogd wanneer u het zo plaatst dat de scherpe kanten boven ende grepen beneden zitten. Reinig geen hittegevoelig kunststofvaatwerk in de afwasautomaat(bijv.

wegwerpbakjes of wegwerpbestek). Dat soort vaatwerk kandoor de hoge temperaturen vervormen. Wanneer u de programmaoptie "FlexiTimer/Startuitstel" gebruikt(afhankelijk van het model), moet u ervoor zorgen dat het doseerbak-je voor het reinigingsmiddel droog is. Reinigingsmiddel gaat in eenvochtig doseerbakje klonteren en wordt dan mogelijk niet volledigweggespoeld. Neem de gegevens omtrent de capaciteit van de afwasautomaatin acht die vermeld staan in de rubriek "Technische gegevens".Toebehoren Gebruik alleen origineel Miele-toebehoren. Worden er andere on-derdelen gemonteerd of geplaatst, dan vervalt het recht op garantieen/of de productaansprakelijkheid.Wat met een afgedankte afwasautomaat? Maak het deurslot onbruikbaar zodat kinderen zich niet in het toe-stel kunnen opsluiten. Verwijder daartoe de sluithaak van het deur-slot.

Een bijdrage aan de bescherming van het milieu18Recycleerbare verpakkingDe verpakking behoedt het toestel voortransportschade. Er werd milieuvriende-lijk en recycleerbaar verpakkingsmateri-aal gekozen.Door hergebruik van verpakkingsmateri-aal wordt er op grondstoffen bespaarden wordt er minder afval geproduceerd.Uw vakhandelaar neemt de verpakkingin het algemeen terug.Uw toestel afdankenOude elektrische en elektronische toe-stellen bevatten meestal nog waarde-volle materialen. Ze bevatten echter ookstoffen, mengsels en onderdelen dienodig zijn geweest om de toestellengoed en veilig te laten functioneren.Wanneer u uw oude toestel bij het ge-wone afval doet of er op een anderemanier niet goed mee omgaat, kunnendeze stoffen schadelijk zijn voor de ge-zondheid en het milieu.

Doe uw oudetoestel daarom nooit bij het gewonehuisafval.Lever het in bij een gemeentelijk inza-meldepot voor elektrische en elektro-nische apparatuur, bij uw vakhandelaarof bij Miele. U bent wettelijk zelf verant-woordelijk voor het wissen van eventue-le persoonlijke gegevens op het af tedanken toestel.Bij de aankoop van uw nieuw toestelheeft u een bijdrage betaald. Die wordtvolledig gebruikt voor de toekomstigerecyclage van dat toestel. Dat bevattrouwens nog waardevol materiaal.Door te recycleren wordt er dan ookminder verspild en vervuild.Als u vragen heeft omtrent het afdankenvan uw oud toestel, neem dan contactop met– de handelaar bij wie u het kochtof– de firma Recupel,telefoon 02 706 86 10,website: www.recupel.beof– uw gemeentebestuur als u uw toestelnaar een containerpark brengt.Zorg er ook voor dat het toestel intus-sen kindveilig wordt bewaard voor u hetlaat wegbrengen.

Een bijdrage aan de bescherming van het milieu19Spaarzaam afwassenDeze afwasautomaat wast uiterst water-en energiebesparend af. U kunt meewerken aan deze spaar-zaamheid door de volgende tips in achtte nemen:– Doe de vaatwerkkorven zo vol moge-lijk, zonder ze te overladen. Dan wastu met uw afwasautomaat het spaar-zaamst af.– Kies een programma dat afgestemdis op het soort vaatwerk en op degraad van vervuiling.– Kies het programma (indienECOvoorhanden) voor energiebesparendafwassen. Dit programma is met be-trekking tot het gecombineerde ener-gie- en waterverbruik het beste ge-schikt voor het reinigen van normaalverontreinigd vaatwerk.– Hou rekening met de doseerinstruc-ties van de fabrikant van het afwas-middel.– Wanneer de vaatwerkkorven maarvoor de helft gevuld zijn, kunt u hetpoedervormig of vloeibaar afwasmid-del 1/3 reduceren.– U kunt de afwasautomaat aansluitenop het warme water.

Hiervoor uitste-kend geschikt is de warmwateraan-sluiting bij een energetisch voordeligewarmwaterbereiding zoals bijvoor-beeld zonne-energie met circulatielei-ding.Bij elektrisch verwarmde installatiesraden wij u aan de afwasautomaat opde koudwaterleiding aan te sluiten.Meer instructies voor een spaarzaamafwassen vindt u in het afwaslexiconvan Miele onder www.miele.de

Toestel voor het eerst in gebruik nemen20Deur openenPak de deur bij de deurgreep en trekaan de deurgreep om de deur te ope-nen.Wanneer de deur wordt geopend terwijlde afwasautomaat in werking is, wor-den de afwasfuncties automatisch on-derbroken.Wanneer het water in de afwas-automaat heet is, loopt u gevaar omu te verbranden!Wanneer u de deur echt moet ope-nen terwijl het toestel in werking is,doe dat dan zeer voorzichtig.Deur sluitenSchuif de vaatwerkkorven naar bin-nen.Sluit de deur totdat deze vastklikt.Gevaar voor knellen!Grijp niet in het sluitbereik van dedeur.KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging kunt u voorko-men dat kinderen de deur van de vaat-wasser opendoen. In dat geval kan dedeur alleen met zeer grote kracht wor-den geopend.Duw het schuifje onder de deurgreepnaar rechts om de deur te vergren-delen.Schuif het naar links om de deur teontgrendelen.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen21WaterontharderOm een goed resultaat te kunnen le-veren heeft de vaatwasser zacht (kal-karm) water nodig. Hard water veroor-zaakt witte aanslag op het serviesgoeden de wanden van de spoelruimtes. Water met een hardheid van meer dan4°dH (0,7mmol/l) moet daarom ont-hard worden. Dat gebeurt automatischin de ingebouwde waterontharder. Deontharder is geschikt voor een water-hardheid tot 70°dH (12,6mmol/l).– De waterontharder heeft daarvoorwel regenereerzout nodig. Bij gebruik van combi-tabs hoeft u alnaargelang de waterhardheid(

Toestel voor het eerst in gebruik nemen22Waterhardheid weergeven en instel-lenSchakel de afwasautomaat uit met detoets als het toestel nog ingescha-keld is.Hou de toets ingedrukt en scha-Startkel de afwasautomaattegelijkertijdin met de toets .Hou de toets minstens 4 secon-Startden ingedrukt, totdat het controle-lampje aangaat.StartAls dit niet het geval is, begint u op-nieuw.Druk 2 keer op de toets .Het controlelampje knippert 2 keerkort.De ingestelde waarde wordt weergege-ven in de cijfers achter de op het dis-play (zie tabel).Op het display wordt weergege-ven.Dit betekent dat in de fabriek een wa-terhardheid van 15°d is ingesteld.Kies met de toets de waarde dieStarthoort bij de hardheid van uw water.Telkens als u op de toets drukt, ver-groot u de waarde.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen24Wat u nodig hebt om het toe-stel voor het eerst in gebruik tenemen:– ca. 2l water,– ca. 2kg regenereerzout,– reinigingsmiddel voor huishoudelijkeafwasautomaten,– naspoelmiddel voor huishoudelijkeafwasautomaten.Elke afwasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest. Als ge-volg van deze tests blijft er water inhet toestel achter. Dat betekent nietdat het toestel eerder door een andereconsument is gebruikt.RegenereerzoutOm goede reinigingsresultaten te be-reiken heeft de afwasautomaat zacht(kalkarm) water nodig. Bij hard waterontstaat er witte kalkaanslag op het ser-viesgoed en op de wanden van despoelruimte. Water met een waterhardheid van 4°dH(0,7 mmol/l) moet daarom worden ont-hard.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen25Zout bijvullenBelangrijk! Voor de eerste vulling metzout moet u het reservoir met ca. 2 lwater vullen, zodat het zout zich kanoplossen.Na de ingebruikname is er altijd vol-doende water in het reservoir.Neem de onderste korf uit de afwas-ruimte en open de afsluitkap van hetreservoir.Telkens het deksel van het zoutreser-voir wordt geopend loopt er water ofzoutwater uit het reservoir.Open het zoutreservoir daarom al-leen om zout bij te vullen.Vul het reservoir eerst met ca. 2l wa-ter.Zet er de vultrechter op en doe danzoveel zout in het reservoir tot het volis.

Het reservoir kan naargelang hetsoort zout tot 2 kg bevatten.Maak de vulopening schoon vanzoutresten en schroef vervolgens deafsluitkap vast op het reservoir.Na het vullen van het zout start u on-middellijk het programma  metFijn de programmaoptie Kort zondervaatwerk, zodat eventueel overgelo-pen zoutwater verdunt en vervolgenswordt afgepompt.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen26Controlelampje voor het bijvullen vanzout Vul na het einde van een programmazout bij zodra het controlelampjeZout gaat branden.Gevaar voor corrosie! Na het vullen van het zout start u on-middellijk het programma  metFijn de programmaoptie Kort zondervaatwerk, zodat eventueel overgelo-pen zoutwater verdunt en vervolgenswordt afgepompt.Wanneer de zoutconcentratie nog on-voldoende is, kan het controlelampjevoor bijvullen van zout na het vullen nogkorte tijd branden.

Het gaat uit, zodrazich een voldoende hoge zoutconcen-tratie heeft gevormd.Het controlelampje voor het bijvullenvan zout is uitgeschakeld wanneer u deafwasautomaat op een waterhardheidlager dan 5°d (=0,9mmol/l) heeft ge-programmeerd.Wanneer u permanent multifunctionelereinigingsmiddelen gebruikt en decontrolelampjes voor het bijvullen vanzout en naspoelmiddel u storen, kuntu beide controlelampjes samen uit-schakelen (zie rubriek "Programmaop-ties, controlelampjes voor het bijvullenvan zout en naspoelmiddel uitscha-kelen").Wanneer u geen multifunctioneel rei-nigingsmiddel meer gebruikt, mag uniet vergeten zout en naspoelmiddelbij te vullen en de controlelampjesvoor het bijvullen van zout en na-spoelmiddel weer in te schakelen.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen27NaspoelmiddelNaspoelmiddel is nodig om ervoor tezorgen dat het water tijdens het drogenals een film van het vaatwerk afloopt endat het vaatwerk na het afwassen ge-makkelijker droogt. Het naspoelmiddel wordt in het na-spoelmiddelreservoir gegoten en bij hetnaspoelen in de ingestelde dosering au-tomatisch toegevoegd.Vul het naspoelmiddelreservoiralleen met naspoelmiddel voor huis-houdelijke afwasautomaten. Vul hetin geen geval met handafwasmidde-len of reinigingsmiddelen. Dat zouhet naspoelmiddelreservoir bescha-digen.Een andere mogelijkheid is dat u– azijn voor huishoudelijk gebruik(maximaal 5% zuur)of– vloeibaar citroenzuur (10%)gebruikt. Het vaatwerk zal echter voch-tiger zijn en meer vlekken vertonen danwanneer u naspoelmiddel gebruikt.U mag in geen geval azijn meteen hoger zuurpercentage (bijv.

azij-nessence van 25%) gebruiken.Daardoor zou de afwasautomaat be-schadigd kunnen raken.Gebruikt u uitsluitend combinatierei-nigingsmiddelen, dan hoeft u het na-spoelmiddelreservoir niet met na-spoelmiddel te vullen.Naspoelmiddel bijvullenDruk de openingstoets op het dekselvan het naspoelreservoir in de rich-ting van de pijl. De klep springt open.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen28Vul zoveel naspoelmiddel bij tot het inde vulopening zichtbaar wordt.Het reservoir kan ca.110ml bevatten.Sluit de klep totdat deze duidelijkvastklikt, anders kan tijdens het spoe-len water in het naspoelreservoir bin-nendringen.Wis eventueel gemorst naspoelmid-del goed af, zodat een krachtigeschuimvorming in het volgende pro-gramma wordt vermeden.Controlelampje voor het bijvullen vannaspoelmiddel Als het conrolelampje voor het bijvullenvan  brandt, is er nognaspoelmiddel maar een reserve voor 2tot3 spoel-beurten voorhanden.Vul tijdig naspoelmiddel bij.Wanneer u permanent multifunctionelereinigingsmiddelen gebruikt en decontrolelampjes voor het bijvullen vanzout en naspoelmiddel u storen, kuntu beide controlelampjes samen uit-schakelen (zie rubriek "Programmaop-ties, controlelampjes voor het bijvullenvan zout en naspoelmiddel uitscha-kelen").Wanneer u geen multifunctioneel rei-nigingsmiddel meer gebruikt, mag uniet vergeten zout en naspoelmiddelbij te vullen en de controlelampjesvoor het bijvullen van zout en na-spoelmiddel weer in te schakelen.

Toestel voor het eerst in gebruik nemen29Doseerhoeveelheid voor naspoelmid-del instellen:U kunt om een optimaal spoelresultaatte bereiken de doseerhoeveelheid vanhet naspoelmiddel aanpassen.De doseerhoeveelheid is in standen van0 tot 6 instelbaar.

In de fabriek werd alsaanbeveling stand 3 ingesteld.De gedoseerde hoeveelheid naspoel-middel kan door de automatische aan-passing van het programma Automatic(indien voorhanden) hoger uitvallen dande ingestelde waarde.Wanneer het vaatwerk vlekken vertoont:Dan moet u een grotere hoeveelheidnaspoelmiddel instellen.Wanneer het vaatwerk wolken of stre-pen vertoont:Dan moet u een kleinere hoeveelheidnaspoelmiddel instellen.Schakel de afwasautomaat uit met detoets , wanneer hij nog ingescha-keld is.Houd de toets ingedrukt enStartschakel de afwasauto-tegelijkertijdmaat in met de toets .Houd daarbij de toets geduren-Startde minstens vier seconden ingedrukt,tot het controlelampje brandt.StartIs dat niet het geval, dan moet u allesnog een keer herhalen.Druk 3 keer op de toets .Het controlelampje knippert 3 keerkort in het interval.De ingestelde waarde wordt in de tijds-aanduiding na de weergegeven.In de tijdsaanduiding wordt de knipper-volgorde weergegeven.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen30Waar u bij het vullen van de af-wasautomaat op moet lettenVerwijder de ergste etensresten van hetvaatwerk.Het is niet nodig om het vaatwerk voor-af onder stromend water af te spoelen!Was vaatwerk met as, zand,was, smeervet of verf niet af in de af-wasautomaat. De afwasautomaatzou beschadigd raken door dezestoffen.U kunt elk stuk vaatwerk in principeoveral in de korven plaatsen. Neemdaarbij wel de volgende opmerkingen inacht:– Plaats vaatwerk en bestek zo dat hetniet tegen of op elkaar ligt.– Plaats het vaatwerk altijd zo dat allevlakken door het water kunnen wor-den bereikt. Enkel op die manier iseen goed resultaat mogelijk!– Plaats al het vaatwerk zo dat het ste-vig staat.– Plaats al het holle vaatwerk (bijv. kop-jes, glazen, kookpotten enz.) met deopeningen naar beneden in de kor-ven.– Plaats hol vaatwerk dat hoog en smalis (bijv.

fluitglazen) niet in de hoekenvan de korven maar zoveel mogelijkin het midden ervan. De waterstralenkunnen er dan beter bij.– Plaats vaatwerk met een diepe bo-dem zoveel mogelijk schuin in dekorf, zodat het water eraf kan lopen.– Zorg ervoor dat de sproeiarmen nietworden geblokkeerd door te hoogvaatwerk of door vaatwerk dat doorde korven heen steekt. U kunt datcontroleren door de sproeiarmen metde hand te draaien.– Let erop dat kleine stukken vaatwerkniet door de spijlen van de korvenvallen. Leg dat soort vaatwerk (bijv. deksel-tjes) daarom in de besteklade of debestekkorf (afhankelijk van het mo-del).Levensmiddelen zoals wortels, toma-ten of ketchup kunnen natuurlijkekleurstoffen bevatten.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen31Vaatwerk en bestek die niet geschiktzijn voor de afwasautomaat– Vaatwerk en bestek die óf helemaalóf voor een deel uit hout bestaandrogen uit en worden lelijk. Boven-dien houdt de lijm niet in de afwasau-tomaat. Het gevolg daarvan is dathouten grepen los kunnen raken. – Kunstvoorwerpen, waardevolle vazenof glazen met decoraties zijn nietvaatwasserbestendig. – Voorwerpen van niet-hittebestendigekunststof kunnen vervormen. – Voorwerpen van koper, messing, tinen aluminium kunnen verkleuren ofdof worden. – Kleurdecoraties op glazuur kunnenna een groot aantal afwasbeurtenverbleken. – Teer glaswerk en kristallen voor-werpen kunnen na lang gebruik dofworden. Neem deze opmerkingen in acht. Zilver zilverpoets dat met is behan-deld, kan na afloop van het afwaspro-gramma nog vochtig zijn doordat hetwater er niet als een film afloopt.

Hetzilver moet dan met een doek wordenafgedroogd. Zilver kan verkleuren wanneer het inaanraking komt met levensmiddelen diezwavel bevatten. Denk daarbij bijv. aaneigeel, uien, mayonaise, mosterd, peul-vruchten, vis, pekelsaus van vis en ma-rinades. Aluminium vaatwerk (bijv. vetfil-ters van dampkappen) mag niet wor-den afgewassen met sterk alkalischereinigingsmiddelen die in bedrijfsaf-wasautomaten of industriereinigersworden gebruikt. Gebeurt dat wel, dan kan er materië-le schade ontstaan. In het ergste ge-val bestaat het gevaar dat er eenchemische reactie optreedt die toteen explosie leidt (bijv. een knalgas-reactie). Tip: Koop serviesgoed en bestek datgeschikt is om in een afwasautomaat teworden afgewassen. U herkent dergelijkserviesgoed en bestek aan de vermel-ding "vaatwasserbestendig" of een ge-lijkaardige vermelding.

De kans dat het glaswerk dofwordt, is dan kleiner. – Koop glazen die geschikt zijn om ineen afwasautomaat te worden afge-wassen (bijv. glazen van Riedel). Uherkent dergelijke glazen aan de ver-melding "vaatwasserbestendig" ofeen gelijkaardige vermelding. – Gebruik reinigingsmiddelen met eenspeciale receptuur die beschermt te-gen glascorrosie.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen32BovenkorfLees voor het rangschikken van vaat-werk en bestek ook de rubriek "Vaat-werk en bestek rangschikken, rang-schikvoorbeelden".Was om veiligheidsredenen al-leen af met ingezette boven- en on-derkorf (behalve in het programmaZonder bovenrek, indien voorhanden).Plaats in de bovenkorf kleine, lichteen gevoelige stukken, zoals ondertas-sen, kopjes, glazen, dessertbordenenz. U kunt ook een vlakke pan in de bo-venkorf plaatsen.Leg afzonderlijke lange stukken zoalspollepel, roerlepel en lange messenvooraan dwars in de bovenkorf.KopjesroosterKlap de kopjesrooster omhoog omhoge delen te kunnen rangschikken.U kunt glazen tegen de kopjesroosterlaten leunen, zodat ze vaster staan.Klap de kopjesrooster naar benedenen laat de glazen daartegen leunen.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen33Bovenste korf in de hoogte verstellenOm in de bovenste korf of de onderstekorf meer ruimte te krijgen voor hogervaatwerk kunt u de bovenste korf in dehoogte verstellen. U kunt kiezen tussendrie standen met een verschil van tel-kens ca. 2 cm.U kunt de bovenste korf ook schuinplaatsen. Zo loopt het water gemakke-lijker van vaatwerk met uitsparingen.Controleer wel dat u de korf zonderproblemen in de spoelruimte kuntschuiven.Trek de bovenste korf naar buiten.Ga als volgt te werk om de bovenstekorf naar boven toe te verstellen:Trek de korf naar boven totdat dezevastklikt.Ga als volgt te werk om de bovenstekorf naar onderen toe te verstellen:Trek de hendels aan de zijkanten vande korf naar boven.Stel de gewenste positie in en laat dehendels weer vastklikken.Afhankelijk van de stand van de boven-ste korf kunt u bijv.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen34OnderrekVoor het inruimen van serviesgoed enbestek zie ook de voorbeelden in hetgelijknamige hoofdstuk.Plaats in het onderrek groot en zwaarserviesgoed zoals borden, platteschotels, pannen en schalen.U kunt ook glazen, kopjes, schotel-tjes, ontbijt- en dessertbordjes in hetonderrek zetten.Zet grote borden in het midden vanhet onderrek.U kunt er ook borden met een doorsne-de van 35 cm in plaatsen, als u ze ietsschuin zet.MultiComfortzoneIn de achterste zone van de onderstekorf kunt u kopjes, glazen, borden enkookpotten plaatsen.Om hoog vaatwerk te kunnenplaatsen, kunt u de glazenhouderomhoogklappenGlazen met een lange steel, bijv.wijn-, champagne- of speciale bier-glazen, kunt u in de uitsparingen vande glazenhouder hangen.U kunt de hoogte van de glazenhouderin twee standen zetten.Schuif de glazenhouder op de ge-wenste hoogte.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen36Bestek3D-besteklade (afhankelijk van het mo-del)Neem voor het plaatsen van vaatwerken bestek in de afwasautomaat ook derubriek "Vaatwerk en bestek in de af-wasautomaat plaatsen, Voorbeeldenvan plaatsing" in acht.Plaats het bestek in de besteklade.Wanneer u messen, vorken en lepels alsaparte groepen in de besteklade legt,kunt u ze er na afloop van het program-ma gemakkelijker uithalen.Leg de lepels met de grepen tussen deopstaande kammen en de lepelbladentussen de getande kammen, zodat ookde laatste waterdruppel er zonder pro-blemen af kan lopen.De bovenste sproeiarm mag nietworden geblokkeerd door te hoogvaatwerk (bijv.

een taartschep)!U kunt de inzetten aan de zijkanten ver-schuiven naar het midden wanneer uhoger vaatwerk in de bovenste korf wiltplaatsen.Wanneer de lepels niet met de grepentussen de opstaande kammen passen,leg ze dan met de grepen op de getan-de kammen.Om in het middelste gedeelte van debesteklade meer ruimte te hebben voorgroter bestek, kunt u dit gedeelte metbehulp van de gele schuiver in de hoog-te verstellen.

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen37Bestekkorf (afhankelijk van het model)U kunt de bestekkorf op elke willekeu-rige plaats op de voorste spike-rijen vande onderste korf plaatsen.Plaats bestek zo in de vakken van debestekkorf dat de snijkanten van demessen en de punten van vorken be-neden zitten. Dat is veiliger. Wel is hetzo dat bestek gemakkelijker wordtgereinigd en gedroogd wanneer u hetzo plaatst dat de scherpe kanten bo-ven en de grepen beneden zitten.Plaats kort bestek in de gaatjes aandrie kanten van de bestekkorf.Speciale bestekhouder voor de be-stekkorfIn de bijgeleverde bestekhouder kunt usterk vervuild bestek plaatsen.

Het be-stek ligt niet op elkaar maar wordt indeze houder naast elkaar opgehangen.Zo kunnen de waterstralen er beter bij.Plaats de bestekhouder indien nodigop de bestekkorf.Plaats het bestek in de bestekhoudermet de grepen beneden.Verdeel het bestek gelijkmatig overde houder.

thee,koffie, tomatensap).Er zijn voornamelijk licht alkalische rei-nigingsmiddelen met enzymen en zuur-stofbleekmiddelen verkrijgbaar.De reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaarin verschillende vormen.– Poeder en gel voor de afwasauto-maat worden naargelang de hoeveel-heid vaatwerk en de mate waarin hetvuil is op een verschillende maniergedoseerd.– Tabletten bieden een dosis die voorde meeste toepassingen volstaat.Naast normale reinigingsmiddelen zijner ook combinatiereinigingsmiddelen(zie rubriek "Programmaopties,DosControl (Doseringscontrole)", indienaanwezig). Deze producten hebben een na-spoelfunctie en een wateronthardings-functie (zoutvervanger). U vindt dezeproducten in de handel onder de naam"3 in 1". Als ze ook bescherming tegenglascorrosie, glans voor roestvrij staalof extra reinigingskracht bieden, hetenze vaak "5 in 1", "7 in 1", "All in 1" enz.

Gebruik deze combinatiereinigingsmid-delen alleen in combinatie met de wa-terhardheid die op de verpakking wordtaangeraden. Het reinigingsvermogen en droogver-mogen van deze combinatiereinigings-middelen variëren sterk.U bereikt de beste afwas- en droogre-sultaten door reinigingsmiddel te ge-bruiken in combinatie met afzonder-lijke zoutdosering en naspoelmiddel-dosering.

Bediening43ReinigingsmiddeldoseringNeem bij het doseren van reinigings-middel de aanwijzingen in acht dievermeld staan op de verpakking vanhet reinigingsmiddel.Tenzij anders vermeld, doseert u eenreinigingstablet of, volgens de matewaarin het vaatwerk vuil is, 20 tot 30ml in vakje II. Wanneer het vaatwerkerg vuil is, kunt u een kleine hoeveel-heid extra reinigingsmiddel in vakje Idoen.Het is mogelijk dat bepaalde tablettenniet volledig oplossen wanneer u hetprogramma "Snel" (indien aanwezig)hebt gekozen.Wanneer u minder reinigingsmiddelgebruikt dan is aangeraden, is hetmogelijk dat het vaatwerk niet goedschoon wordt.Reinigingsmiddelen kunnenbrandwonden in neus, mond en keelveroorzaken.Adem geen poedervormig reinigings-middel in. Slik geen reinigingsmiddelin. Ga direct naar de dokter wanneeru een reinigingsmiddel hebt ingea-demd of ingeslikt.

Zorg ervoor dat kinderen niet met rei-nigingsmiddelen in aanraking kunnenkomen. Mogelijk zijn er nog restenreinigingsmiddel aanwezig in de af-wasautomaat. Hou kinderen daaromuit de buurt van de afwasautomaatwanneer deze openstaat. Bovendienkunt u het reinigingsmiddel beter pastoevoegen vlak voordat u het pro-gramma start. Vergrendel ook dedeur met de kinderbeveiliging (afhan-kelijk van het model).

Bediening44Reinigingsmiddel doseren Druk op de openingstoets. Het klepjevan het doseerbakje voor het reini-gingsmiddel springt open.Na afloop van een programma is hetklepje van het doseerbakje voor het rei-nigingsmiddel altijd geopend. Doseer het reinigingsmiddel in devakjes en sluit het klepje van het do-seerbakje voor het reinigingsmiddel. Sluit ook de verpakking van het reini-gingsmiddel. Het middel zou anderskunnen gaan klonteren.DoseerhulpIn vakje I kan maximaal 10ml en in vakje II kan maximaal 50ml reini-gingsmiddel.In vakjeII zijn markeringen aangebrachtom het doseren makkelijker te maken:20, 30. Wanneer de deur 90° geopendis geven deze streepjes in ml aan hoe-veel reinigingsmiddel er ongeveer in zit.

Bediening45Inschakelen Controleer of de sproeiarmen vrij kun-nen draaien. Sluit de deur. Draai de kraan open als deze nogdicht is. Schakel de vaatwasser met de -toets in.Het controlelampje Start gaat knipperenen het controlelampje van het laatst ge-kozen programma gaat branden.Wanneer u in plaats van het program-ma opnieuw het laatst ingesteldeECOprogramma wilt kiezen, schakelt u deprogramma-optie "Memory" in.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Miele G 4930 SCi stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden