Miele G 4300 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele G 4300 (68 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 67 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Miele G 4300 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | G 4300 |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Breedte: | 600 mm |
| Diepte: | 600 mm |
| Hoogte: | 850 mm |
| Netbelasting: | 2200 W |
| Aantal couverts: | 13 couverts |
| Deurkleur: | Wit |
| Uitgestelde start timer: | Ja |
| Startvertraging: | 24 uur |
| Resterende tijd indicatie: | Ja |
| Geluidsniveau: | 46 dB |
| Jaarlijks energieverbruik: | 299 kWu |
| Energie-efficiëntieklasse (oud): | A+ |
| Waterconsumptie per cyclus: | 13 l |
| Stroom: | 10 A |
| Geïntegreerde timer: | Ja |
| Aantal wasprogramma's: | 6 |
| Kleur bedieningspaneel: | Wit |
| Zout indicator: | Ja |
| Glansmiddel indicator: | Ja |
| Energieverbruik per cyclus: | 1.01 kWu |
| Jaarlijks waterverbruik: | 3640 l |
| AC-ingangsspanning: | 230 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 Hz |
Handleiding Miele G 4300 – volledige tekst
Beschrijving van het toestel. 4Het toestel in één oogopslag. 4Bedieningspaneel. 5Opmerkingen omtrent uw veiligheid. 6Uw bijdrage aan de bescherming van het milieu. 16Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal. 16Uw toestel afdanken. 16Spaarzaam afwassen. 17Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt. 18Het openen van de deur. 18Het sluiten van de deur. 18Kinderslot. 18Waterontharder. 19Het programmeren van de waterhardheid. 20Het controleren van de geprogrammeerde waterhardheid. 21Voor het eerste gebruik hebt u nodig:. 22Regenereerzout doseren. 22Controlelampje voor het bijvullen van zout. 23Naspoelmiddel. 24Het doseren van naspoelmiddel. 24Controlelampje voor het naspoelmiddel. 25Het instellen van de hoeveelheid te doseren naspoelmiddel. 26Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen. 27Vaatwerk en bestek die niet geschikt zijn voor de afwasautomaat. 28Bovenste korf.
29Kopjesrooster (afhankelijk van het model). 29Bovenste korf in de hoogte verstellen. 30Onderste korf. 31Bestek. 32Besteklade (afhankelijk van het model). 32Bestekkorf (afhankelijk van het model). 33Bediening. 34Reinigingsmiddelen. 34Het doseren van reinigingsmiddel. 35Afwasautomaat inschakelen. 36Programma kiezen. 36Programma starten. 36Weergave van het programmaverloop. 36Inhoud2.
Het toestel in één oogopslaga Bovenste sproeiarm (niet zichtbaar)b Besteklade (afhankelijk van het mo-del)c Bovenste korfd Middelste sproeiarme Luchttoevoer voor het drogen(afhankelijk van het model)f Onderste sproeiarmg Filterh Typeplaatjei Kinderbeveiliging in de deurgreep(niet zichtbaar)j Reservoir voor naspoelmiddelk Tweevaksdoseerbakje voor reini-gingsmiddell Reservoir voor regenereerzoutBeschrijving van het toestel4
Bedieningspaneela Programmakeuzeb Display (weergave van destartuitsteltijd)c Weergave van het programmaver-loopd Toets K (aan-uittoets)e Controlelampjes "Toevoer/Afvoer","Naspoelmiddel" en "Zout"f Toets "Start/Stop" en controlelampje"Start/Stop"g Toets "Startuitstel"h Toets "Turbo" en controlelampje "Tur-bo"i Toets "Programma"In deze gebruiksaanwijzing worden meerdere afwasautomaatmodellen be-schreven. Deze hebben verschillende hoogten.Deze modellen worden in de gebruiksaanwijzing als volgt aangeduid:Normaal = Afwasautomaat met een hoogte van 80,5 cm (inbouwtoestel)of 84,5 cm (vrijstaand toestel)XXL = Afwasautomaat met een hoogte van 84,5 cm.Beschrijving van het toestel5
Deze afwasautomaat voldoet aan de voorgeschreven veiligheids-voorschriften. Door ondeskundig gebruik kunnen gebruikers ech-ter letsel oplopen en kan er schade optreden aan het toestel.Lees de montage-instructies op de montageschets en de ge-bruiksaanwijzing daarom aandachtig door voordat u deze afwas-automaat plaatst en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf enu vermijdt schade aan de afwasautomaat.Bewaar de gebruiksaanwijzing en de montageschets en geefdeze door aan wie het toestel eventueel na u gebruikt.Juist gebruik~Deze afwasautomaat is bedoeld voor gebruik in het huishoudenen gelijkaardige omgevingen.~Deze afwasautomaat is niet bestemd voor gebruik buiten.~Gebruik de afwasautomaat uitsluitend in huishoudelijke contextvoor het afwassen van huishoudelijk vaatwerk.Gebruik voor andere doeleinden is niet toegelaten.
Miele is niet ver-antwoordelijk voor schade die wordt veroorzaakt door een ander ge-bruik dan wat hier wordt vermeld of door foutieve bediening.~Personen die door hun fysieke, zintuiglijke of geestelijke mogelijk-heden of hun onervarenheid of gebrek aan kennis niet in staat zijnom deze afwasautomaat veilig te bedienen, mogen deze afwasauto-maat alleen onder het toezicht of de begeleiding van een verant-woordelijk iemand gebruiken.Opmerkingen omtrent uw veiligheid6
Kinderen in het huishouden~Kinderen jonger dan acht jaar moeten uit de buurt van de afwas-automaat worden gehouden, tenzij ze constant in het oog wordengehouden.~Kinderen vanaf acht jaar mogen de afwasautomaat zonder toe-zicht bedienen, maar alleen wanneer hun de bediening ervan zo uit-gelegd is dat ze de afwasautomaat veilig kunnen bedienen. Kin-deren moeten de eventuele risico's van een foutieve bediening kun-nen beseffen.~Kinderen mogen de afwasautomaat niet zonder toezicht reinigenof onderhouden.~Hou kinderen die in de buurt van de afwasautomaat komen in hetoog. Laat ze nooit met de afwasautomaat spelen. Wanneer zij ditdoen, bestaat het gevaar dat ze zich in de afwasautomaat opsluiten!~Zorg ervoor dat kinderen niet met reinigingsmiddelen in aanra-king kunnen komen! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden inmond en keel veroorzaken of tot verstikking leiden.
Technische veiligheid~Controleer vóórdat de afwasautomaat wordt geplaatst of het toe-stel aan de buitenkant zichtbaar beschadigd is. Is dat het geval,neem de afwasautomaat dan in geen geval in gebruik. Een afwasau-tomaat die beschadigd is, kan uw veiligheid in gevaar brengen.~De afwasautomaat mag alleen via een 3-polige stekker met aar-ding op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De stekker magniet worden afgeknipt om het toestel vast aan te sluiten. U moet naplaatsing van de afwasautomaat zonder problemen bij het stopcon-tact kunnen komen.~Wanneer zich in de buurt van de afwasautomaat een elektrischtoestel bevindt, let er dan op dat de stekker van dit toestel nietschuilgaat achter de afwasautomaat.
Aangezien de inbouwnis nietaltijd diep genoeg is, kan er druk op de stekker ontstaan, wat het ri-sico op oververhitting en daarmee op brand verhoogt.~De afwasautomaat mag niet onder een kookvlak worden geïnstal-leerd. Een kookvlak straalt voor een deel hoge temperaturen afwaardoor de afwasautomaat beschadigd zou kunnen raken. Om de-zelfde reden mag de afwasautomaat niet direct naast warmteprodu-cerende toestellen worden geplaatst die niet standaard tot de keu-kenapparatuur behoren.~De afwasautomaat mag pas op het elektriciteitsnet worden aan-gesloten, nadat deze is geplaatst en geïnstalleerd en nadat dedeurveren zijn ingesteld.Opmerkingen omtrent uw veiligheid8
~Controleer of de elektrische waarden van uw elektrische installa-tie (spanning, frequentie en zekering) overeenkomen met de gege-vens op het typeplaatje.~De elektrische veiligheid van deze afwasautomaat, wordt enkelgewaarborgd als het toestel op een aardsysteem aangesloten is datvolgens de voorschriften geïnstalleerd is. Het is heel belangrijk dataan deze fundamentele veiligheidsvoorwaarde is voldaan. Laat uwelektrische installatie bij twijfel door een vakman of vakvrouw con-troleren.De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die werd veroorzaaktdoordat de aardleiding onderbroken was of gewoon ontbrak. Er be-staat in dat geval onder andere gevaar voor elektrische schokken.~Gebruik uit veiligheidsoverwegingen geen ongeschiktestopcontactenblokken of ongeschikte verlengkabels om de afwas-automaat aan te sluiten. Die bieden niet voldoende veiligheidsga-ranties.
Er bestaat onder andere gevaar voor oververhitting.~Deze afwasautomaat mag niet op niet-vaste plaatsen (bijv. opeen schip) worden gebruikt.~Plaats de afwasautomaat niet in een vertrek waar het kan vriezen.Bevroren waterslangen kunnen onder druk scheuren of springen. Debetrouwbaarheid van de elektronische besturing kan door tempera-turen onder het vriespunt in het gedrang komen.Opmerkingen omtrent uw veiligheid9
~Het kunststof omhulsel van de wateraansluiting bevat een elek-trisch onderdeel. Dompel het omhulsel niet in vloeistof.~In de watertoevoerslang bevinden zich delen die onder spanningstaan wanneer het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten. Deslang mag daarom niet worden ingekort.~Het Waterproof System van Miele biedt een betrouwbare be-scherming tegen waterschade, maar alleen als aan de volgendevoorwaarden is voldaan:–Het toestel moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.– Wanneer er duidelijk sprake is van schade, moet het toestel wor-den hersteld of moeten de desbetreffende onderdelen wordenvervangen.– Draai de waterkraan dicht bijlange afwezigheid (bijv. vakantie).Het Waterproof System werkt ook wanneer de afwasautomaat is uit-geschakeld.
De afwasautomaat moet dan wel op het elektriciteitsnetzijn aangesloten.~Een afwasautomaat die beschadigd is, kan uw veiligheid in ge-vaar brengen. Schakel het toestel meteen uit wanneer het bescha-digd is en neem contact op met uw Miele-handelaar of met dedienst Herstellingen aan huis van Miele.Opmerkingen omtrent uw veiligheid10
~Door ondeskundig uitgevoerde herstellingen kunnen er niet te on-derschatten risico's ontstaan voor de gebruiker. Daarvoor kan Mieleniet aansprakelijk worden gesteld. Herstellingen mag u uitsluitendlaten uitvoeren door vakmensen die door Miele erkend zijn. Andersis er bij schade achteraf geen aanspraak meer op garantie.~Laat defecte onderdelen enkel vervangen door origineleMiele-wisselstukken. Enkel dan bent u zeker dat ze ten volle voldoenaan de eisen die Miele qua veiligheid stelt.~Bij onderhoudswerken dient u altijd het toestel los te koppelenvan het elektriciteitsnet. Schakel daartoe de afwasautomaat uit entrek daarna de stekker uit het stopcontact, of schakel de hoofdscha-kelaar in uw zekeringkast uit.~Wanneer de aansluitkabel is beschadigd, moet deze door eenspeciale aansluitkabel worden vervangen.
Deskundige plaatsing~Neem bij plaatsing en aansluiting van de afwasautomaat demontage-instructies in de montageschets in acht.~Wees voorzichtig vóór en tijdens het plaatsen en installe-ren van de afwasautomaat. U loopt het risico zich te ver-wonden/snijden aan bepaalde metalen onderdelen. Draagbeschermende handschoenen.~Om een perfecte werking te waarborgen, dient u het toestel wa-terpas op te stellen.~Voor de stabiliteit van de afwasautomaat is het noodzakelijk datonder of in te bouwen afwasautomaten uitsluitend worden geplaatstonder een doorlopend werkblad dat is vastgeschroefd aan de kas-ten die ernaast staan.~Wilt u van een vrijstaande afwasautomaat een onderbouwafwas-automaat maken, vervang het sokkelpaneel dan door een sokkelpa-neel dat hoort bij onderbouwafwasautomaten.
Gebruik daarvoor dedaarbij horende ombouwset.Doet u dat niet, dan loopt u het risico zich aan uitstekende metalenonderdelen te verwonden.~De deurveren moet aan beide kanten gelijk worden ingesteld. Omte controleren of ze juist zijn ingesteld, opent u de deur gedeeltelijk(openingshoek van ca. 45°). Laat de deur vervolgens los. Als dedeur in de geopende stand blijft staan, zijn de deurveren juist inge-steld. De deur mag niet ongeremd naar beneden vallen.Opmerkingen omtrent uw veiligheid12
Veilig gebruik~Gebruik geen oplosmiddelen in de spoelruimte. Dit in verbandmet explosiegevaar.~Adem geen poedervormige reinigingsmiddelen in! Slik geen reini-gingsmiddelen in! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden inneus, mond en keel veroorzaken. Ga direct naar de dokter wanneeru een reinigingsmiddel hebt ingeademd of ingeslikt.~Laat de deur van de afwasautomaat niet onnodig openstaan. Uzou zich daaraan kunnen stoten.~Het vaatwerk kan na afloop van het programma zeer heet zijn!Laat het vaatwerk daarom na het uitschakelen van de automaat inde afwasautomaat afkoelen, totdat u het goed kunt vastpakken.~Wanneer de deur openstaat, ga daar dan niet op zitten of staan.Doet u dat wel, dan kan het toestel kantelen. Daarbij kunt u letseloplopen of kan het toestel beschadigd raken.~Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen voor huishoudafwasauto-maten. Gebruik geen handafwasmiddelen!
~Vul het naspoelmiddelreservoir niet met poedervormig of vloei-baar reinigingsmiddel. Dit zou het naspoelmiddelreservoir bescha-digen!~Vul het zoutreservoir niet met poedervormig of vloeibaar reini-gingsmiddel. Het reinigingsmiddel zou de waterontharder bescha-digen.~Gebruik uitsluitend speciaal grofkorrelig regenereerzout of anderzout dat speciaal is ontwikkeld voor afwasautomaten.Gebruik in geen geval andere soorten zout. Die bevatten soms nietin water op te lossen deeltjes die een nadelig effect kunnen hebbenop de werking van de waterontharder.~Hebt u een afwasautomaat met een bestekkorf (afhankelijk vanhet model), dan plaatst u bestek zo in de vakken van de bestekkorfdat de snijkanten van de messen en de punten van vorken benedenzitten. Dit is veiliger.
Hou ermee rekening dat u zich kunt verwondenaan snijkanten en punten van vorken die naar boven gericht zijn.Wel is het zo dat bestek gemakkelijker wordt gereinigd en gedroogdwanneer u het zo plaatst dat de scherpe kanten boven en de gre-pen beneden zitten.~Reinig geen kunststof vaatwerk in de afwasautomaat dat niet hit-tebestendig is, zoals wegwerpbakjes of wegwerpbestek. Dit soortvaatwerk kan door de hoge temperaturen vervormen.~Wanneer u de extra functie "Startuitstel" gebruikt (afhankelijk vanhet model), moet u ervoor zorgen dat het doseerbakje voor het reini-gingsmiddel droog is. Reinigingsmiddel gaat in een vochtig doseer-bakje klonteren en wordt misschien niet volledig weggespoeld.Opmerkingen omtrent uw veiligheid14
Toebehoren~Alleen toebehoren dat Miele uitdrukkelijk heeft goedgekeurd,mag worden gemonteerd of ingebouwd. Worden er andere onder-delen gemonteerd of ingebouwd, dan vervalt het recht op garantieen/of de productaansprakelijkheid.Wat met een afgedankte afwasautomaat?~Maak het deurslot onbruikbaar zodat kinderen zich niet in het toe-stel kunnen opsluiten. Verwijder hiertoe de sluithaak van het deur-slot.Wanneer de veiligheidsinstructies niet worden gevolgd, kan defabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die daareventueel het gevolg van is.Opmerkingen omtrent uw veiligheid15
Het wegdoen van het verpak-kingsmateriaalDe verpakking beschermt het toesteltegen transportschade. Er werd voormilieuvriendelijk en recycleerbaar ver-pakkingsmateriaal gekozen.Het gaat om de volgende soorten mate-riaal:Buitenverpakking:–Golfkarton van 100 %kringloopmateriaal,andere mogelijkheid:stretchfolie/wikkelfolie van polyethy-leen (PE)– Kunststofomsnoeringsbanden vanpolypropyleen (PP)Binnenverpakking:– Expansieve polystyreen (EPS) zon-der toevoeging van chloor of fluor– Bodem, deksellijst en steunlijsten vanonbehandeld hout vanbosteeltkundig beheerde bossen–Beschermingsfolie van polyethyleen(PE)Het recycleren van het verpakkingsma-teriaal vermindert de afvalproductie enhet gebruik van grondstoffen.
UwMiele-handelaar neemt de verpakkingterug of geeft u informatie over dedichtstbijzijnde mogelijkheid voorteruggave.Uw toestel afdankenOude elektrische en elektronische toe-stellen bevatten vaak nog waardevollematerialen. Ze bevatten echter ookschadelijke stoffen die voor het functio-neren en de veiligheid van het toestelnodig waren. Als deze stoffen bij hetrestafval terechtkomen of verkeerd wor-den behandeld, kunnen ze schade be-rokkenen aan de gezondheid van men-sen en het milieu. Geef uw oud toesteldus niet mee met het gewone huisvuil.Breng het toestel liever naar het dichtst-bijzijnde gemeentelijk containerpark.Vraag meer informatie aan uw Miele-handelaar.Zorg er ook voor dat het toestelkindveilig wordt bewaard voor u hetwegbrengt.Alle kunststofonderdelen van het toestelzijn gemarkeerd met een internationaalerkend symbool.
Daardoor kan bij hetafdanken van het toestel hetkunststofafval correct worden geschei-den voor milieuvriendelijke recyclage.Uw bijdrage aan de bescherming van het milieu16
Spaarzaam afwassenDeze afwasautomaat werkt uiterstwater- en energiebesparend.U kunt nog spaarzamer te werk gaanals u de volgende adviezen volgt:^Het is mogelijk om de afwasautomaatop warm water aan te sluiten. Bijzon-der geschikt is een warmwateraan-sluiting bij een energetisch gunstigewarmwaterbereiding, bijv.zonne-energie met circulatieleiding.Bij elektrisch verwarmde installatiesis het echter aan te bevelen om uwtoestel op koud water aan te sluiten.^ Benut de volledige beladingscapaci-teit van de rekken zonder de afwas-automaat te overladen.
Zo wast u hetefficiëntst af.^ Kies een afwasprogramma dat pastbij het soort vaatwerk en de mate vanvervuiling.^ Gebruik het programma "EnergieSpaar" om energie te besparen.Dit programma is voor de reinigingvan normaal vervuild vaatwerk hetefficiëntst qua energie- en waterver-bruik.^Neem de doseeraanwijzingen van dereinigingsmiddelfabrikant in acht.^Wanneer u poedervormig of vloei-baar reinigingsmiddel gebruikt en derekken maar half beladen zijn, kunt ude hoeveelheid reinigingsmiddel met1/3reduceren.Uw bijdrage aan de bescherming van het milieu17
Het openen van de deur^ Pak de deur bij de deurgreep endruk het deurslot naar boven.Wanneer de deur wordt geopend terwijlde afwasautomaat in gebruik is, wordenalle functies automatisch onderbroken.Het sluiten van de deur^ Schuif de korven naar binnen.^Sluit de deur totdat deze vastklikt.KinderslotMet het kinderslot kunt u voorkomendat kinderen de deur van de wasauto-maat opendoen.^ Schuif het schuifje onder de deur-greep naar rechts om de deur te ver-grendelen.^ Schuif het schuifje naar links om dedeur te ontgrendelen.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt18
WaterontharderOm goede reinigingsresultaten te be-reiken heeft de afwasautomaat zacht(kalkarm) water nodig.Bij hard water ontstaat er witte kalkaan-slag op het vaatwerk en op de wandenvan de spoelruimte.Water met een waterhardheid van 4°Duitse of 7° Franse moet daarom wor-den onthard. Daar wordt in de inge-bouwde waterontharder automatischvoor gezorgd.–De waterontharder heeft daarvoorwel regenereerzout nodig.– De afwasautomaat moet precies wor-den geprogrammeerd naar de hard-heid van uw water.^ Informeer bij het plaatselijke waterlei-dingbedrijf wat voor hardheidsgraaduw water precies heeft.Programmeer bij een variërende water-hardheid (bijv.
37 - 50 ° Duitse ofwel67 - 90 ° Franse) altijd de hoogstewaarde (in dit voorbeeld 50 °d of 90 °f).Bij een eventuele reparatie is het voorde monteur makkelijk om de hardheidvan uw water te weten.^Noteer daarom de hardheid van uwwater:°dVanuit de fabriek is een waterhard-heid van 12 - 15 °d ofwel 22 - 27 °f ge-programmeerd.Wanneer deze waterhardheid overeen-komt met de hardheid van uw eigenwater, hoeft u dit hoofdstuk niet verderte lezen.Wanneer uw water echter een anderehardheid heeft, moet u deze via detoetsen en de programmakeuzeschake-laar van uw bedieningspaneel pro-grammeren.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt19
Het programmeren van de waterhard-heidBij het programmeren gaan iedere keernadat u op een toets hebt gedrukt weerandere controlelampjes knipperen enbranden.Voor de programmering zijn echter al-leen die controlelampjes van belangdie in de volgende stappen worden ge-noemd.U kunt het programmeren altijd zon-der problemen afbreken en van vo-ren af aan beginnen, wanneer u deafwasautomaat met de K-toets uit-schakelt.^ Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.^ Druk op de Start/Stop-toets, blijf eropdrukken en schakel tegelijk de af-wasautomaat met de K-toets in.Blijf daarbij minstens 4 seconden opde Start/Stop-toets drukken totdat hetcontrolelampje "Start/Stop" gaat bran-den.Als dit niet het geval is, begint u op-nieuw.^Druk 2 keer op de Startuitsteltoets.Het controlelampje van het ondersteprogramma knippert 2 keer kort in inter-vallen en het controlelampje "Reinigen"knippert 4 keer kort in intervallen.
Dit isvanuit de fabriek ingesteld).De ingestelde hoeveelheid is te zienaan het knipperritme van het controle-lampje "Reinigen" Zie tabel.°d mmol/l °f Knipper-ritme"Reinigen"1 - 4 0,2 - 0,7 2- 7 1 x kort5 - 7 0,9 - 1,3 9- 13 2 x kort8 - 11 1,4 - 2,0 14- 20 3 x kort12 - 15 2,2 - 2,7 22- 27 4 x kort16 - 20 2,9 - 3,6 29- 36 5 x kort21 - 25 3,8 - 4,5 38- 45 6 x kort26 - 30 4,7 - 5,4 47- 54 7 x kort31 - 36 5,6 - 6,5 56- 65 8 x kort37 - 45 6,7 - 8,1 67- 81 9 x kort46 - 70 8,3 - 12,6 83-126 1 x lang^ Kies met de Start/Stop - toets hetknipperritme dat hoort bij de hard-heid van uw water.Bij iedere druk op de toets krijgt meneen hogere waterhardheid.Na de hoogste waterhardheid beginthet tellen weer van voren af aan.Voorbeeld:De waterhardheid bedraagt 22 °d of40 °f.Het controlelampje "Reinigen" knip-pert 6 keer kort in intervallen .^Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt20
Het controleren van de geprogram-meerde waterhardheid^Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.^Druk op de Start/Stop-toets, blijf eropdrukken en schakel tegelijk de af-wasautomaat met de K-toets in.Blijf daarbij minstens 4 seconden opde Start/Stop-toets drukken totdat hetcontrolelampje "Start/Stop" gaat bran-den.^Druk 2 keer op de Startuitsteltoets.Het controlelampje "Reinigen" knippertin dat ritme dat hoort bij de ingesteldewaterhardheid. Zie tabel.^ Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt21
Voor het eerste gebruik hebt unodig:–ca. 2 l water,–ca. 2 kg regenereerzout,–reinigingsmiddel voor huishoudaf-wasautomaten,–naspoelmiddel voor huishoudafwas-automaten.Iedere afwasautomaat wordt in de fa-briek op zijn werking getest.Als gevolg van deze tests blijft er wa-ter in het toestel achter. Dit betekentniet dat het toestel eerder door eenandere consument is gebruikt.Regenereerzout doserenDoseer ook regenereerzout als umultifunctionele reinigingsmiddelengebruikt. Zo garandeert u een opti-maal reinigingsresultaat en eenduurzame werking van de onthar-der.Ligt de hardheid van uw watersteeds onder de 4 °d(= 0,7 mmol/l), dan hoeft u geenzout te doseren.U moet dan echter wel de afwasau-tomaat instellen op de hardheid vanuw water.Belangrijk! Wanneer u het zoutreser-voir voor de eerste keer met regene-reerzout wilt vullen, vul het dan eerstmet ca. 2 l water. Zo kan het zoutoplossen.
Nadat u de afwasauto-maat in gebruik hebt genomen zit eraltijd genoeg water in het reservoir.,Doseer geen poedervormig ofvloeibaar reinigingsmiddel in het re-servoir voor het regenereerzout,want dan gaat de ontharder kapot.,Gebruik uitsluitend het specialegrofkorrelige regenereerzout of an-dere zuivere ingedampte zouten.Gebruik in geen geval anderesoorten zout. Die bevatten soms nietin water op te lossen deeltjes dieeen nadelig effect kunnen hebbenop de werking van de ontharder.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt22
^Haal de onderste korf uit de spoel-ruimte en draai de dop van het zout-reservoir open.Iedere keer wanneer u de dop vanhet zoutreservoir opendraait loopt erwater of zout over de rand van hetreservoir. Draai de dop er daaromalleen maar af om zout bij te vullen.^Vul het zoutreservoir voordat u hettoestel voor de eerste keer gebruiktmet ca. 2 l water.^Plaats een trechter in de opening vanhet zoutreservoir en doseer dan zo-veel zout in het zoutreservoir totdathet vol is. In het zoutreservoir kan af-hankelijk van het soort zout max.
2 kg.^Verwijder de zoutresten die zich rondhet zoutreservoir bevinden enschroef de dop weer stevig op hetzoutreservoir.^Start direct daarna het programma"Snel" zonder vaatwerk (zonder defunctie "Turbo", indien aanwezig), zo-dat eventueel gemorste zoutrestenkunnen worden verdund en daarnaweggepompt.Controlelampje voor hetbijvullen van zout^Vul na afloop van een programmazout bij wanneer het controlelampje"Zout" brandt.Het is mogelijk dat het controlelampjenog korte tijd blijft branden nadat u zouthebt bijgevuld.
Het lampje gaat uit zo-dra zich een zoutconcentratie heeft ge-vormd die hoog genoeg is.Het controlelampje voor het bijvullenvan zout is uitgeschakeld wanneer u deafwasautomaat op een waterhardheidvan minder dan 4 °d (= 0,7 mmol/l)hebt ingesteld.,Start direct na het doseren vanregenereerzout het programma"Snel" zonder vaatwerk en zonder defunctie "Turbo", zodat eventueel ge-morste zoutresten kunnen wordenverdund en daarna weggepompt.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt23
NaspoelmiddelNaspoelmiddel is nodig om ervoor tezorgen dat het water tijdens het drogenals een film van het vaatwerk afloopt enhet vaatwerk na het spoelen droogtzonder dat het vlekken gaat vertonen.Het naspoelmiddel wordt in het reser-voir voor naspoelmiddel gedoseerd enbij het naspoelen in de ingestelde hoe-veelheid automatisch toegevoegd.,Doseer alleen naspoelmiddelvoor huishoudafwasautomaten in hetnaspoelmiddelreservoir. Doseer ingeen geval reinigingsmiddelen voorafwasautomaten of reinigingsmid-delen voor de handafwas in het na-spoelmiddelreservoir, want dan gaathet reservoir kapot.Een andere mogelijkheid is dat u– azijn voor huishoudelijk gebruik(maximaal 5 % zuur)of–vloeibaar citroenzuur (10%)gebruikt.
Het vaatwerk zal echter voch-tiger zijn en meer vlekken vertonen danwanneer u naspoelmiddel gebruikt.,U mag in geen geval azijn meteen hoger zuurpercentage (bijv.azijnessence van 25 %) gebruiken.Daarbij kan de afwasautomaat be-schadigd worden.Als u uitsluitend met multifunctionelereinigingsproducten wilt reinigen,hoeft u geen naspoelmiddel te dose-ren.Het doseren van naspoelmid-del^ Zet de openingstoets op het dekselvan het naspoelmiddelreservoir in derichting van de pijl. De klep springtopen.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt24
^Doseer zoveel naspoelmiddel totdathet in het zeefje in de vulopeningzichtbaar is.In het naspoelmiddelreservoir kan ca.110 ml.^ Sluit het klepje en wel zo dat het dui-delijk vastklikt. Is het klepje niet goedgesloten dan kan er tijdens het spoe-len water in het naspoelmiddelreser-voir lopen.^Veeg eventueel gemorst naspoelmid-del goed weg om bij de volgende af-wasbeurt sterke schuimvorming tevoorkomen.Controlelampje voor hetnaspoelmiddelWanneer het controlelampje "Naspoel-middel" in het bedieningspaneel gaatbranden zit er nog een reserve in voor2 - 3 afwasbeurten.^Vul op tijd naspoelmiddel bij.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt25
Het instellen van de hoeveel-heid te doseren naspoelmiddelVoor een optimaal resultaat kunt u dedosering van het naspoelmiddel aan-passen.Het te doseren naspoelmiddel is instel-baar in hoeveelheden van ca. 0-6 ml.Vanuit de fabriek is een hoeveelheidvan ca.
3 ml naspoelmiddel ingesteld.Deze hoeveelheid wordt geadviseerd.Vertoont het vaatwerk vlekken:^Stel een grotere hoeveelheid na-spoelmiddel in.Vertoont het vaatwerk strepen of slui-ers:^ Stel een lagere hoeveelheid naspoel-middel in.^ Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.^Druk op de Start/Stop-toets, blijf eropdrukken en schakel tegelijk de af-wasautomaat in met de K-toets in.Hou daarbij de Start/Stop-toets min-stens 4 seconden ingedrukt tot hetcontrolelampje "Start/Stop" brandt.Als dit niet het geval is, begint u op-nieuw.^Druk 3x op de Startuitsteltoets.Het controlelampje van het ondersteprogramma knippert 3x kort in interval-len.Het controlelampje "Reinigen" knippert3x kort in intervallen.Vanuit de fabriek is een hoeveelheidvan ca.
3 ml naspoelmiddel ingesteld.De ingestelde hoeveelheid is te zienaan het knipperritme van het controle-lampje "Reinigen".Zie tabel.Naspoelmiddel-hoeveelheidin mlKnipperritme80-11x22x33x44x55x66x^Kies met een druk op de Start/Stop-toets het knipperritme dat hoort bij dehoeveelheid te doseren naspoelmid-del.Bij iedere druk op de toets krijgt meneen grotere hoeveelheid.De geprogrammeerde hoeveelheid tedoseren naspoelmiddel is direct opge-slagen.^Schakel de afwasautomaat met deK-toets uit.Wanneer u het toestel voor het eerst in gebruik neemt26
Waar u bij vullen van de afwas-automaat op moet lettenVerwijder de ergste etensresten van hetvaatwerk.Het is niet nodig om het vaatwerk vante voren onder stromend water af tespoelen!,Reinig vaatwerk met as, zand,was, smeervet of verf niet in de af-wasautomaat.De afwasautomaat zou beschadigdraken door deze stoffen.U kunt ieder stuk vaatwerk in principeoveral in de korven plaatsen. Neemhierbij echter de volgende tips in acht.– Plaats vaatwerk en bestek zo dat hetniet tegen of op elkaar ligt.– Plaats het vaatwerk altijd zo dat allevlakken door het water kunnen wor-den bereikt.
Enkel op die manier iseen goed resultaat mogelijk!–Plaats al het vaatwerk zo dat het ste-vig staat.–Plaats hol vaatwerk zoals kopjes, gla-zen en kommen met de openingennaar beneden in de korven.–Plaats hoog, smal, hol vaatwerk nietin de hoeken van de korven, maarzoveel mogelijk in het midden ervan.Het water kan er dan beter bij.–Plaats vaatwerk met een diepe bo-dem zoveel mogelijk schuin in dekorf, zodat het water eraf kan lopen.–Let erop dat de sproeiarmen nietdoor te hoog of door de korven heenstekend vaatwerk worden geblok-keerd.U kunt dit controleren door desproeiarmen een keer met de handrond te draaien.–Let erop dat kleine stukken vaatwerkniet door de spijlen van de korvenvallen.Leg dit soort vaatwerk (bijv.dekseltjes) daarom in de bestekladeof de bestekkorf.Levensmiddelen zoals wortels, to-maten of ketchup kunnen natuurlijkekleurstoffen bevatten.
Vaatwerk en bestek die nietgeschikt zijn voor de afwas-automaat–Vaatwerk en bestek die óf helemaalóf voor een deel uit hout bestaandrogen uit en worden lelijk. Boven-dien houdt de lijm niet in de afwasau-tomaat. Het gevolg daarvan is dathouten grepen los kunnen raken.–Kunstvoorwerpen, antieke vazen ofglazen met decoraties zijn niet be-stand tegen reiniging in de afwasau-tomaat.– Voorwerpen van niet-hittebestendigekunststof kunnen vervormen.– Voorwerpen van koper, messing, tinen aluminium kunnen verkleuren ofdof worden.– Kleurdecoraties op glazuur kunnenna vele afwasbeurten verbleken.– Teer glaswerk en kristallen voor-werpen kunnen na een tijd dof wor-den.Wij raden u aan:–Koop serviesgoed van materiaal datgeschikt is om in een afwasautomaatte worden afgewassen en bestek metde aanduiding "Geschikt voor deafwasmachine".–Glazen kunnen na vele afwasbeurtendof worden.
Gebruik voor tere glazenprogramma's met lage temperaturen(zie rubriek "Programmaoverzicht") ofprogramma's met GlassCare (afhan-kelijk van het model) . De kans dathet glaswerk dof wordt is dan kleiner.Let verder op het volgende:Zilver dat met zilverpoets is behan-deld kan na afloop van het afwaspro-gramma nog vochtig zijn doordat hetwater er niet als een film afloopt. Het zil-ver moet dan met een doek worden af-gedroogd.Zilver kan verkleuren wanneer het inaanraking komt met levensmiddelen diezwavel bevatten, bijv. eigeel, uien,mayonaise, mosterd, peulvruchten, vis,pekelsaus van vis en marinades.,Aluminium vaatwerk zoals vetfil-ters mag niet worden afgewassenmet bijtende alkalische reinigings-middelen die in bedrijfsafwasauto-maten of industriereinigers wordengebruikt. Gebeurt dat wel, dan kaner materiële schade ontstaan.
In hetergste geval bestaat het gevaar dater hevige chemische reacties optre-den die tot een explosie kunnen lei-den (bijv. een knalgasreactie).Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen28
Bovenste korf,Gebruik de afwasautomaat omveiligheidsredenen niet zonder bo-venste en onderste korf.^ Plaats in de bovenste korf klein, lichten breekbaar vaatwerk zoals glazen,kopjes, schoteltjes en dessertschaalt-jes.U kunt er ook een platte pan inplaatsen.^Leg erg lang bestek zoals soeple-pels, pollepels en lange messendwars aan de voorkant van de bo-venste korf.Kopjesrooster (afhankelijk van hetmodel)^Klap het kopjesrooster omhoog omhoog vaatwerk goed te kunnenplaatsen.Glazen staan steviger wanneer u ze te-gen het kopjesrooster aanzet.^Klap het kopjesrooster neer en zet erde glazen tegen.Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen29
Bovenste korf in de hoogte verstellenOm in de bovenste korf of de onderstekorf meer plaats te krijgen voor hogervaatwerk kunt u de bovenste korf in dehoogte verstellen. U kunt kiezen tussen3 standen met een verschil van telkensca. 2 cm.U kunt de bovenste korf ook schuinplaatsen, namelijk met één kant hoogen met één kant laag. Zo zal het watervlotter uit holtes lopen. Let er echter opdat u de korf zonder problemen in despoelruimte kunt schuiven.^ Trek de bovenste korf naar buiten.Om de bovenste korf naar boven toe teverstellen,^trekt u de korf naar boven, tot dezevastklikt.Om de bovenste korf naar onderen toete verstellen,^trekt u de hendels aan de zijkantenvan de korf naar boven.^Stel de gewenste positie in en laat dehendels weer vastklikken.Afhankelijk van de stand van de boven-ste korf kunt u bijv.
Onderste korf^Plaats in de onderste korf groot enzwaar vaatwerk zoals borden, platteschotels, pannen en schalen.U kunt ook glazen, kopjes, schotel-tjes en ontbijt- en dessertbordjes inde onderste korf zetten.Afwasautomaat met bestekladeAfwasautomaat met bestekkorfSterk vervuild vaatwerk^Plaats grote borden in het middenvan de onderste korf.U kunt de borden schuin plaatsen. Zokunt u borden met een diameter tot35 cm plaatsen.Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen31
BestekBesteklade (afhankelijk van het model)^ Plaats het bestek in de bestekladezoals op het plaatje.Wanneer u messen, vorken en lepelsals aparte groepen in de bestekladelegt, kunt u ze er na het afwasprogram-ma makkelijker uithalen en opbergen.Leg de lepels met de grepen tussen deopstaande kammen en de lepelbladentussen de getande kammen, zodat ookde laatste waterdruppel er zonder pro-blemen af kan lopen.De bovenste sproeiarm mag nietdoor te hoog vaatwerk (bijv. eentaartschep) worden geblokkeerd.Wanneer de lepels niet met de grepentussen de opstaande kammen passen,leg ze dan met de grepen op de getan-de kammen.Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen32
Bestekkorf (afhankelijk van het model)U kunt de bestekkorf op elke willekeu-rige plaats op de voorste spike-rijenvan de onderste korf plaatsen.^ Plaats bestek zo in de vakken van debestekkorf dat de snijkanten van demessen en de punten van vorken be-neden zitten. Dit is veiliger.Wel is het zo dat bestek gemakke-lijker wordt gereinigd en gedroogdwanneer u het zo plaatst dat descherpe kanten boven en de grepenbeneden zitten.^Plaats kort bestek in de gaatjes aandrie zijden van de bestekkorf.Speciale bestekhouder voor de be-stekkorfIn de bijgeleverde bestekhouder kunt usterk vervuild bestek plaatsen.Het bestek ligt niet op elkaar maarwordt in deze houder naast elkaar op-gehangen. Daardoor kan het water erbeter bij.^Plaats de bestekhouder zo nodig opde bestekkorf.^Plaats het bestek in de bestekhoudermet de grepen beneden.
Naast normale reinigingsmiddelen zijner ook producten met verschillende ex-tra functies (zie rubriek "Extra functies,Combi-tab", indien aanwezig). Combinatiereinigingsmiddelen hebbennaast een reinigingsfunctie ook eenglansspoel- en een wateronthardings-functie. U vindt deze producten in de handelonder de naam "3 in 1". Als ze ookglansbescherming, glans voor roestvrijstaal of extra reinigingskracht bieden,heten ze vaak "4 in 1", "5 in 1", enz. Gebruik deze combinatiereinigings-middelen alleen in combinatie met dehardheidsgraad die op de verpakkingvermeld staat. Het afwas- en droogvermogen vandeze reinigingsmiddelen met extrafuncties is zeer uiteenlopend. Optimale spoel- en droogresultatenbereikt u door normale reinigingsmid-delen te gebruiken in combinatie metafzonderlijke zoutdosering en glans-spoelmiddel.
Dosering van het reinigingsmiddel^ Neem bij het doseren daarvan deaanwijzingen in acht die op de ver-pakking staan. ^ Tenzij anders vermeld, doseert u eenreinigingstablet of, volgens de matewaarin het vaatwerk vuil, 20 tot 30 mlin vakje II.
Wanneer het vaatwerk erg vuil is kuntu een kleine hoeveelheid extra reini-gingsmiddel in vakje I doen (zie Pro-grammaoverzicht). ^Gebruik bij het programma "Snel"geen tabletten. De tabletten lossenbij dit programma niet helemaal op. Wanneer u minder reinigingsmiddelgebruikt dan is geadviseerd, is hetmogelijk dat het vaatwerk niet goedschoon wordt. Bediening34.
,Adem geen poedervormig reini-gingsmiddel in! Slik geen reinigings-middel in! Reinigingsmiddelen kun-nen brandwonden in neus, mond enkeel veroorzaken. Ga direct naar dedokter wanneer u een reinigingsmid-del hebt ingeademd of ingeslikt.Zorg ervoor dat kinderen niet metreinigingsmiddelen in aanrakingkunnen komen. Laat kinderen daar-om niet bij de afwasautomaat komenals deze geopend is. Er zouden nogresten reinigingsmiddel in de afwas-automaat aanwezig kunnen zijn. Bo-vendien kunt u het reinigingsmiddelbeter pas dán toevoegen vlak voor-dat u het programma start. Vergren-del de deur bovendien met hetkinderslot, wanneer uw automaatdaarover beschikt.Het doseren van reinigings-middel^Druk op de openingstoets.
Dereservoirklep springt open.Na afloop van een afwasprogramma ishet klepje van het reinigingsmiddelbak-je altijd geopend.^ Doseer het reinigingsmiddel in devakjes en sluit het klepje van het do-seerbakje.^ Sluit ook de verpakking van het reini-gingsmiddel. Het middel zou anderskunnen gaan klonteren.DoseerhulpIn vakje I kan maximaal 10 ml enin vakje II kan maximaal 50 ml reini-gingsmiddel.In vakje II zijn markeringen aange-bracht om het doseren makkelijker temaken: 20, 30. Wanneer de deur 90°geopend is geven deze streepjes in mlaan hoeveel reinigingsmiddel er onge-veer in zit.Bediening35
Afwasautomaat inschakelen^Controleer of de sproeiarmen vrijkunnen draaien en niet worden ge-blokkeerd.^Sluit de deur.^Draai de waterkraan open als dezenog dichtgedraaid is.^Schakel de afwasautomaat in met detoets K.Het controlelampje "Start/Stop" begintte knipperen en het controlelampje vanhet laatst gekozen programma gaataan.Programma kiezenLaat de keuze voor een programmasteeds afhangen van het soort vaatwerken de mate waarin het vuil is.In de rubriek "Programmaoverzicht"zijn de programma's beschreven en detoepassingen ervan.Programma starten^Kies met de toets "Programma" hetgewenste programma.Het controlelampje van het gekozenprogramma gaat aan.^Druk op de toets "Start/Stop".Het programma start.
De controlelamp-jes "Start/Stop" en "Reinigen" en hetcontrolelampje van het gekozen pro-gramma branden.Als de functie "Turbo" is gekozen,brandt ook het desbetreffende controle-lampje.Wanneer u een programma moet af-breken, doe dat dan alleen in deeerste minuten.Doet u dat later, dan is het mogelijkdat belangrijke programmafases(bijv. het regenereren) worden over-geslagen.Weergave van hetprogrammaverloopNa de start van het programma gevende controlelampjes in de weergave vanhet programmaverloop telkens aan wel-ke fase in het programmaverloop is be-reikt.Bediening36
Stand-bymodusEnkele minuten nadat u het laatst opeen toets hebt gedrukt of enkele minu-ten na het einde van een programmaschakelt de afwasautomaat automa-tisch over op de stand-bymodus omenergie te besparen. De controlelamp-jes en het display (indien aan) wordenuitgeschakeld.
Alleen het controlelamp-je "Start/Stop" knippert langzaam.^Om de controlelampjes en het dis-play weer in te schakelen, drukt u opeen willekeurige toets (behalve op detoets K).Het toestel wordt uit destand-bymodus gehaald.Tijdens een programma of wanneereen melding voor het bijvullen vanzout of naspoelmiddel of een fout-melding wordt weergegeven, scha-kelt de afwasautomaat niet over opde stand-bymodus.Einde van het programmaWanneer in de weergave van het pro-grammaverloop het controlelampje"Einde" brandt, is het programma be-ëindigd.Bij het programma "Snel" werkt dedroogventilator na het einde van hetprogramma nog enkele minuten na.U kunt de afwasautomaat nu openen enhet vaatwerk eruit halen.,Om beschadigingen aan delica-te werkbladen door waterdamp tevoorkomen kunt u de deur na afloopvan een programma het best óf he-lemaal opendoen óf gesloten hou-den totdat u het vaatwerk uit de af-wasautomaat haalt.
Afwasautomaat uitschakelenNa afloop van het programma:^Schakel de afwasautomaat uit met detoets K.De afwasautomaat verbruikt energiezolang u deze niet met behulp vande toets K hebt uitgeschakeld.Draai veiligheidshalve de waterkraandicht wanneer de afwasautomaatlangere tijd niet wordt gebruikt, bijvoor-beeld wanneer u op reis gaat.Vaatwerk uit de afwasautomaathalenHeet vaatwerk breekt snel!Laat het vaatwerk daarom na het uit-schakelen van de automaat in de af-wasautomaat afkoelen, totdat u hetgoed kunt vastpakken.Wanneer u de deur na het uitschakelenvan de automaat helemaal opent, koelthet vaatwerk sneller af.^Haal eerst de onderste korf leeg, dande bovenste korf en ten slotte de be-steklade (afhankelijk van het model).Zo voorkomt u dat er druppels vande bovenste korf of van de bestekla-de op het vaatwerk in de onderstekorf vallen.Programma onderbrekenHet programma wordt onderbroken zo-dra u de deur opendoet.Zodra u de deur weer dichtdoet, gaathet programma na enkele secondendaar verder, waar het is onderbroken.,Wanneer het water in de afwas-automaat heet is, loopt u het risicoom u te verbranden.Wanneer u de deur echt moet ope-nen, doe dat dan zeer voorzichtig.Laat de deur voordat u die weer sluitca.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele G 4300 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser Miele
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser