Miele CSDA 7001 FL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Miele CSDA 7001 FL (80 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 19 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Miele CSDA 7001 FL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Miele |
| Categorie: | Afzuigkap |
| Model: | CSDA 7001 FL |
| Soort bediening: | Sensor |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 11000 g |
| Breedte: | 120 mm |
| Diepte: | 520 mm |
| Snoerlengte: | 2 m |
| Geluidsniveau: | 65 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | A++ |
| Jaarlijks energieverbruik: | 25 kWu |
| Soort: | Inbouw |
| Materiaal behuizing: | Ceramic,Glass |
| Maximale afzuigcapaciteit: | 290 m³/uur |
| Afzuigmethode: | Luchtafvoer |
| Fluid dynamic efficiency class: | A |
| Verlichtingefficiëntieklasse: | Nee |
| Vetfilterefficiëntieklasse: | B |
| Geluidsniveau (lage snelheid): | 29 dB |
| Soort vetfilter: | Metaal |
| Hoogte (max): | 168 mm |
| Geluidsniveau (hoge snelheid: | 51 dB |
| Aantal filters: | 1 stuk(s) |
| Installatie compartiment breedte: | 100 mm |
| Aantal snelheden: | 3 |
| Stroom: | 10 A |
| Intensieve stand: | Ja |
| Geluidsniveau (medium snelheid): | 43 dB |
| Geluidsniveau (intensieve snelheid): | 55 dB |
| Vaatwasserbestendig filter: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 230 V |
Handleiding Miele CSDA 7001 FL – volledige tekst
Inhoud2Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 4Een bijdrage aan de bescherming van het milieu. 14Overzicht. 15Werkbladafzuiging. 15Bedieningselementen en indicatoren. 16Bijgeleverde accessoires. 17Principe. 18SmartLine-element voor het eerst reinigen. 19Bediening. 20Werkbladafzuiging inschakelen. 20Vermogensstand instellen/wijzigen. 20Werkbladafzuiging uitschakelen. 20Naloop. 20Tips om energie te besparen. 21Reiniging en onderhoud. 22Keramische plaat reinigen. 23Opvangschaal reinigen. 23Vetfilter/aanzuigrooster. 24Nuttige tips. 26Bij te bestellen accessoires. 27Service. 28Contact bij storingen. 28Typeplaatje. 28Garantie. 28Installatie. 29Veiligheidsinstructies voor het inbouwen. 29Inbouwmogelijkheden. 30Aanwijzingen voor het inbouwen – opliggend. 31Uitsparing werkblad – opliggend. 33Verbindingsstrips – opliggend. 36Inbouwmaten – opliggend.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen4Deze werkbladafzuiging voldoet aan de geldende veiligheidsvoor-schriften. Onjuist gebruik kan echter persoonlijk letsel of materiëleschade tot gevolg hebben.Lees de gebruiks- en montagehandleiding aandachtig door voor-dat u de werkbladafzuiging in gebruik neemt. Hierin vindt u be-langrijke instructies met betrekking tot de inbouw, de veiligheid,het gebruik en het onderhoud.
Zo beschermt u zichzelf en vermijdtu schade aan de werkbladafzuiging.In overeenstemming met de norm IEC60335-1 adviseert Miele uuitdrukkelijk om het hoofdstuk over de installatie van de werkblad-afzuiging en de veiligheidsinstructies en waarschuwingen te lezenen op te volgen.Wanneer de veiligheidsrichtlijnen en waarschuwingen niet wordenopgevolgd, kan Miele niet aansprakelijk worden gesteld voor scha-de die daarvan het gevolg is.Bewaar de gebruiks- en montagehandleiding en geef deze dooraan een eventuele volgende eigenaar.Lees voor de veiligheid ook de gebruiks- en montagehandleidin-gen van de bijbehorende SmartLine-elementen en kookplaten.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen5Verantwoord gebruik Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor particulier huishoudelijkgebruik (of daarmee vergelijkbaar). Het apparaat mag niet buiten worden gebruikt. Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor het afzuigen van dampenen geuren die bij de bereiding van levensmiddelen vrijkomen.Gebruik voor andere doeleinden is niet toegestaan. Dit apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die instaat zijn het apparaat veilig te bedienen en die volledig op de hoog-te zijn van de inhoud van de gebruiksaanwijzing!De personen die het apparaat bedienen, moeten zich bewust zijnvan de gevaren van een foutieve bediening.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen6Wanneer er kinderen in huis zijn Houd kinderen onder 8 jaar op een afstand, tenzij u voortdurendtoezicht houdt. Kinderen vanaf 8 jaar mogen de werkbladafzuiging alleen zondertoezicht gebruiken als ze precies weten hoe ze deze veilig moetenbedienen. De kinderen moeten zich bewust zijn van de gevaren vaneen foutieve bediening. Kinderen mogen het apparaat niet zonder toezicht reinigen of on-derhouden. Houd kinderen in de gaten wanneer zij zich in de buurt van het ap-paraat bevinden. Laat kinderen nooit met het apparaat spelen. Verstikkingsgevaar! Kinderen kunnen zich tijdens het spelen inverpakkingsmateriaal wikkelen (bijvoorbeeld in folie) of het materiaalover hun hoofd trekken en stikken. Houd verpakkingsmaterialen bijkinderen vandaan.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen7Technische veiligheid Door ondeskundig uitgevoerde installatie-, onderhouds- of repara-tiewerkzaamheden kan de gebruiker aanzienlijke risico's lopen. In-stallatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen alleendoor een door Miele geautoriseerde vakkracht worden uitgevoerd. De werkbladafzuiging mag alleen in combinatie met de door Mieleaangegeven SmartLine-elementen en kookplaten worden gemon-teerd en gebruikt. Een beschadigd apparaat kan uw veiligheid in gevaar brengen.Controleer het vóór de inbouw op zichtbare schade. Neem een be-schadigd apparaat nooit in gebruik. Tijdelijk of doorlopend gebruik van een autonome of niet-netsyn-chrone energievoorziening (zoals microgrids, back-upsystemen) ismogelijk.
Voorwaarde voor het gebruik is dat de energievoorzieningvoldoet aan de bepalingen van EN50160 of een vergelijkbare stan-daard.De veiligheidsvoorzieningen van de huisinstallatie en dit Miele pro-duct moeten ook werken bij gebruik van een microgrid of een niet-netsynchrone energievoorziening of de veiligheidsvoorzieningen inde energievoorziening moeten door gelijkwaardige voorzieningenworden vervangen. Zoals bijvoorbeeld beschreven in de laatste pu-blicatie van de NEN 1010. De elektrische veiligheid van het apparaat is uitsluitend gegaran-deerd, als het wordt aangesloten op een aardingssysteem dat vol-gens de geldende voorschriften is geïnstalleerd. Aan deze funda-mentele veiligheidsvoorwaarde moet worden voldaan.
Laat de elek-trische installatie bij twijfel door een vakman inspecteren. De aansluitgegevens (frequentie en spanning) op het typeplaatjemoeten beslist met de waarden van het elektriciteitsnet overeen-komen, om beschadiging van het apparaat te voorkomen. Vergelijkdeze gegevens vóór de aansluiting. Raadpleeg bij twijfel een elektri-cien.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen8 Met een stekkerdoos of verlengsnoer kan een veilig gebruik vanhet apparaat niet worden gewaarborgd (brandgevaar). Sluit het ap-paraat hiermee niet op het elektriciteitsnet aan. Gebruik het apparaat alleen als het is ingebouwd, zodat de veilig-heid is gewaarborgd. Dit apparaat mag niet op een niet-stationaire locatie (zoals eenboot) worden gebruikt. Raak geen onderdelen aan die onder spanning staan. Veranderniets aan de elektrische en mechanische opbouw van het apparaat.Dat is gevaarlijk en kan storingen veroorzaken.Open de ommanteling alleen voorzover dat in het kader van de mon-tage en de reiniging is toegestaan.
Open in geen geval overige delenvan de ommanteling. De garantie vervalt als het apparaat niet wordt gerepareerd dooreen technicus die door Miele is geautoriseerd. Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderdelenworden vervangen. Alleen van Miele-onderdelen kunnen wij garan-deren dat zij volledig aan de veiligheidseisen voldoen. Het apparaat mag niet worden gebruikt met een externe schakel-klok of een systeem dat op afstand werkt. Als de stekker wordt verwijderd of als de aansluitkabel geen stek-ker heeft, mag het apparaat uitsluitend door een vakman op het networden aangesloten. Als de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door een elektri-cien door een speciale aansluitkabel worden vervangen (zie hethoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Elektrische aansluiting”).
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen10Gelijktijdig gebruik van de werkbladafzuiging en een apparaat dat lucht indiezelfde ruimte verbruiktEr zijn apparaten die ertoe dienen om iets te verhitten, daar-voor de lucht gebruiken in het vertrek waar zij zich bevinden en deverbruikte lucht door bijv. een schoorsteen naar buiten afvoeren.Het gaat hierbij bijvoorbeeld om gas-, olie- of kolenkachels, gei-sers, boilers, warmwaterketels, gaskookplaten en gasovens.Wanneer zo'n verbrandingsapparaat zich in dezelfde ruimte be-vindt als de werkbladafzuiging en tegelijk daarmee wordt gebruikt,ontstaat er een gevaarlijke situatie.
De werkbladafzuiging onttrektnamelijk zuurstof aan deze ruimte en aan de kamers ernaast.Dat geldt voor afzuiging - met luchtafvoer, - met luchtcirculatie met een buiten het vertrek geplaatste luchtcir-culatiebox.Wanneer er niet voldoende lucht wordt toegevoerd ontstaat er on-derdruk. Daardoor krijgt een verbrandingsapparaat te weinig luchtom te verbranden, kan het verbrandingsproces niet goed wordenuitgevoerd en kunnen er giftige gassen ontstaan. Deze kunnen uitde schoorsteen of een ander luchtafvoerkanaal in de woonvertrek-ken terechtkomen.Dit is levensgevaarlijk!
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen11Het gelijktijdig gebruik van de werkbladafzuiging en een verbran-dingsapparaat in dezelfde ruimte is ongevaarlijk als de onderdrukmaximaal 4 Pa (0,04 mbar) is. In dat geval bestaat er geen gevaardat de afvoergassen van het verbrandingsapparaat worden terug-gezogen.Hiervoor kan worden gezorgd als er, bijv. door niet afsluitbare ope-ningen in deuren of ramen, constant lucht wordt toegevoerd dienodig is voor de verbranding.
Hierbij moet er wel op worden geletdat de luchttoevoeropening voldoende dwarsdoorsnede heeft.Luchttoevoer-/luchtafvoermuurkasten garanderen geen constanteluchttoevoer.Laat bij de beoordeling van de situatie door een deskundige naarhet gehele luchtgeleidingssysteem in de woning kijken.Wanneer de werkbladafzuiging met luchtcirculatie wordt gebruikten de lucht wordt teruggevoerd in het vertrek waar het apparaat isgeplaatst, is gelijktijdig gebruik van de werkbladafzuiging en eenverbrandingsapparaat in dezelfde ruimte niet gevaarlijk.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen12Veilig gebruik Bij open vuur bestaat brandgevaar.Kook nooit met een open vlam naast de werkbladafzuiging. Bijvoor-beeld het flamberen en grillen met open vlam is niet toegestaan. Alsde werkbladafzuiging ingeschakeld is, worden de vlammen in het fil-ter gezogen. Vetresten kunnen vlam vatten. Olie en vet kunnen bij oververhitting vanzelf ontbranden en daarbijde werkbladafzuiging in brand zetten.Blijf altijd in de buurt van pannen en friteuses, als u olie en vet ge-bruikt. Ook het grillen op elektrische grillapparaten moet daarom on-der continu toezicht plaatsvinden. Gebruik de werkbladafzuiging nooit zonder vetfilter om te voorko-men dat zich vuil en vet in de afzuiging afzetten, waardoor deze opden duur niet meer goed zal functioneren. Pas op! De werkbladafzuiging kan heel heet worden door de hetekookdampen.
Raak de ommanteling en het vetfilter pas aan als de werkbladafzui-ging afgekoeld is. Gebruik de werkbladafzuiging niet als plateau. Vocht kan de werkbladafzuiging beschadigen.Houd vloeistoffen dus uit de buurt van de werkbladafzuiging. Lichte voorwerpen kunnen door de werkbladafzuiging opgezogenworden, waardoor de afzuiging niet meer goed functioneert.Leg geen lichte voorwerpen zoals doekjes of papier in de buurt vande werkbladafzuiging. Als u het apparaat meteen naast een werkbladafzuiging gebruikt,moet tussen de werkbladafzuiging en het kookelement een Flame-Guard worden geplaatst.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen13Reiniging en onderhoud De stoom van een stoomreiniger kan terechtkomen op onderdelendie onder spanning staan en een kortsluiting veroorzaken.Gebruik voor de reiniging nooit een stoomreiniger. Er kan brand ontstaan als het apparaat niet volgens de aanwij-zingen in deze gebruiksaanwijzing wordt gereinigd. Miele geeft u na het einde van de serieproductie van de CombiSeteen leveringsgarantie van maximaal 15jaar en minimaal 10jaar vooressentiële onderdelen.Accessoires Gebruik uitsluitend Miele-accessoires om te voorkomen dat ga-rantieaanspraken vervallen.
Principe18LuchtafvoerDe aangezogen lucht wordt door hetvetfilter gereinigd en vervolgens naarbuiten afgevoerd.Luchtcirculatie(met ombouwset DUU 1000(-1))De aangezogen lucht wordt door hetvetfilter gereinigd. Daarna wordt delucht naar de luchtcirculatiebox geleidwaar de lucht ook nog door een geurfil-ter wordt gezuiverd. Daarna komt delucht weer in de keuken.
SmartLine-element voor het eerst reinigen19Plak het typeplaatje dat bij de docu-mentatie gevoegd is op de daarvoorbestemde plaats in het hoofdstuk“Service”.Verwijder eventueel aanwezige be-schermfolies en stickers.Wis het keramische oppervlak meteen vochtige doek af en wrijf hetdaarna weer droog.
Bediening20Werkbladafzuiging inschakelenPlaats het aanzuigrooster.Raak de sensortoets aan.De sensortoetsen lichten op.Als u daarna geen instellingen uitvoert,wordt de werkbladafzuiging om veilig-heidsredenen na enkele secondenweer uitgeschakeld.Vermogensstand instellen/wij-zigenVoor normaal gebruik kunt u kiezen uitde vermogensstanden tot en met .1 3Bij sterke wasem- en geurvorming (zo-als bij het aanbraden) kunt u de boos-terstand gebruiken.BKies de gewenste vermogensstand.BoosterDe maximale looptijd voor de boosterbedraagt 10minuten.Om de boosterfunctie voortijdig tebeëindigen, stelt u een andere vermo-gensstand in.Werkbladafzuiging uitschake-lenTip de sensortoets aan.De sensortoetsen doven.Als u het systeem niet uitschakelt,wordt het 12uur na de laatste bedie-ning automatisch uitgeschakeld.NaloopOm achtergebleven wasem en geurtjesuit de keukenlucht te verwijderen, looptde werkbladafzuiging na het uitschake-len nog 5minuten op de laatst inge-stelde vermogensstand door.
Tijdens denalooptijd wordt de vermogensstandstapsgewijs verlaagd. De actuele ver-mogensstand knippert tijdens de na-looptijd.Tip: Plaats voor een effectieve stoomaf-voer bij pannen met een hoogte vanmeer dan 15cm een kooklepel tussenhet deksel en de pan.
Tips om energie te besparen21De werkbladafzuiging is heel efficiënt enenergiezuinig. De volgende maatregelenondersteunen een zuinig gebruik vanhet apparaat:- Zorg tijdens het koken voor een goe-de ventilatie van de keuken. Als bij af-zuiging met luchtafvoer nicht vol-doende lucht wordt aangevoerd,werkt de werkbladafzuiging niet effi-ciënt en maakt meer geluid.- Kook met een zo laag mogelijk ver-mogen. Als er weinig damp vrijkomtbij het koken, kunt u voor de af-zuiging een lagere vermogensstandkiezen. Zo verlaagt u het energiever-bruik.- Controleer het ingestelde vermogenop de werkbladafzuiging. Meestal iseen lage vermogensstand voldoende.Gebruik de boosterstand alleen alsdat nodig is.- Zet het afzuigsysteem tijdig op eenhogere stand als er veel damp vrij-komt.
Dat is efficiënter dan door lang-durig afzuigen te proberen dampenterug te zuigen die zich al hebbenverspreid.- Schakel de afzuiging na het kokenweer uit.- Reinig of vervang het filter van het af-zuigsysteem regelmatig. Een sterkverontreinigd filter vermindert het ver-mogen, verhoogt het brandgevaar envormt een hygiënerisico.
Reiniging en onderhoud22Gevaar voor verbranding doorhete oppervlakken.Na het koken zijn de oppervlakkennog heet.Schakel de werkbladafzuiging en dekookelementen uit.Laat de oppervlakken afkoelen voor-dat u de werkbladafzuiging reinigt.Schade door vocht in het appa-raat.De stoom van een stoomreiniger kanterechtkomen op onderdelen die on-der spanning staan en een kortslui-ting veroorzaken.Gebruik voor de reiniging nooit eenstoomreiniger.Alle oppervlakken kunnen verkleurenof veranderen wanneer u onge-schikte reinigingsmiddelen gebruikt.De oppervlakken zijn krasgevoelig.Verwijder resten van reinigingsmid-delen onmiddellijk.Gebruik geen schurende reinigings-middelen of middelen die krassenkunnen veroorzaken.Laat het SmartLine-element voor el-ke reiniging afkoelen.Reinig het apparaat en de accessoi-res na elk gebruik.Maak het apparaat na elke vochtigereiniging weer droog om kalkresten tevoorkomen.Ongeschikte reinigingsmidde-lenOm beschadigingen aan de oppervlak-ken te voorkomen, mogen de volgendemiddelen niet worden gebruikt:- afwasmiddelen- soda-, alkali-, ammoniak-, zuur- ofchloridehoudende reinigingsmiddelen- kalkoplossende reinigingsmiddelen- vlek- en roestverwijderaars- schurende reinigingsmiddelen, zoalsschuurpoeder, vloeibaar schuurmid-del en reinigingssteen- oplosmiddelhoudende reinigingsmid-delen- reinigingsmiddelen voor afwasauto-maten- grill- en ovensprays- glasreinigers- schurende harde borstels en spons-jes (zoals pannensponsjes) of ge-bruikte sponsjes die nog restenschuurmiddel bevatten- vlekkensponsjes
Reiniging en onderhoud23Keramische plaat reinigenSchade door spitse voorwerpen.De afdichttape tussen apparaat enwerkblad kan beschadigd raken.Gebruik voor de reiniging geen spitsevoorwerpen.Met een afwasmiddel worden niet al-le verontreinigingen en resten verwij-derd. Er ontstaat een onzichtbarefilm die tot verkleuringen van hetkeramische glas leidt. Deze verkleu-ringen kunnen niet meer worden ver-wijderd.Reinig de keramische plaat regelma-tig met een speciaal reinigingsmiddelvoor keramisch glas.Verwijder alle grove verontreinigingenmet een vochtige doek. Vastgekoekteverontreinigingen verwijdert u meteen glasschraper.Reinig de plaat vervolgens met hetMiele-reinigingsmiddel voor kera-mische platen en roestvrij staal (ziehoofdstuk: “Bij te bestellen accessoi-res”) of met een ander geschikt reini-gingsmiddel voor keramische platen.Gebruik hierbij een stuk keukenrol ofeen schone doek.
Volg de aanwij-zingen van de fabrikant van het reini-gingsmiddel op.Reinig de keramische plaat ten slottemet een vochtige doek en wrijf deplaat daarna weer droog. Verwijderalle reinigingsmiddelresten.Verwijder van kalkresten ofvlekkenwater met het reinigingsmiddel voorkeramische platen en roestvrij staal.Opvangschaal reinigenReinig de opvangschaal als door mor-sen of overkoken vloeistoffen in de af-zuiging zijn terechtgekomen.Haal het vetfilter eruit en reinig hetzoals beschreven in het hoofdstuk“Vetfilter”.Houd de opvangschaal vast en opende 2vergrendelingen (1voor, 1ach-ter). Houd de opvangschaal recht enhaal deze voorzichtig van de behui-zing los.Giet het vocht weg.Reinig de opvangschaal en droog de-ze af.Reinig en droog ook de binnenkantvan de afzuiging (voor zover u erbijkunt).Bevestig de opvangschaal weer aande behuizing.Plaats het vetfilter terug en ook de af-dekking.
Reiniging en onderhoud24Vetfilter/aanzuigroosterHet aanzuigrooster en het herbruikbaremetalen vetfilter in de wasemafvoer ne-men de vaste bestanddelen van dekookdampen op (vet, stof enz.) en voor-komen dat de werkbladafzuiging vuilwordt. Aangekoekt vet wordt na verloopvan tijd hard en het wordt dan steedsmoeilijker om het filter schoon te krij-gen.
U kunt daarom het beste het vetfil-ter om de 3–4weken schoonmaken.Gevaar voor brand door veront-reinigde vetfilters.In het vetfilter opgehoopt vet kan inbrand vliegen.Reinig het vetfilter regelmatig.Vetfilter verwijderenVerwijder de FlameGuard indien vantoepassing.Verwijder het aanzuigrooster.Verwijder het vetfilter voorzichtig.Kantel het vetfilter niet.Giet het vocht weg dat zich op de bo-dem van het vetfilter heeft verzameld.Vetfilter en aanzuigrooster handmatigreinigenReinig het aanzuigrooster en het vet-filter met een afwasborstel en watwarm water met een mild reinigings-middel. Gebruik geen geconcentreerdreinigingsmiddel.Vetfilter en aanzuigrooster in de vaat-wasser reinigenZet het aanzuigrooster rechtop in hetonderrek.Zet het vetfilter met de filterbodemnaar boven in het onderrek.
Let eropdat de sproeiarm vrij kan bewegen.Gebruik een reinigingsmiddel dat ge-schikt is voor huishoudelijk gebruik.Kies een programma met een tempe-ratuur van maximaal:- 55°C voor het aanzuigrooster- 65°C voor het vetfilterBij reiniging in de vaatwasser kunnensommige reinigingsmiddelen blijvendeverkleuringen veroorzaken op de filter-oppervlakken van het vetfilter. Dezeverkleuringen hebben geen nadelig ef-fect op de werking van het vetfilter.
Reiniging en onderhoud25Het plaatsen van het vetfilterPlaats het vetfilter zo dat de rechtekant van het filter zich aan de kantvan de aansluiting van het luchtka-naal bevindt.Voorbeeld: aansluitstuk luchtkanaallinksBinnenkant behuizingReinig ook de voor u toegankelijkedelen van de behuizing als u het vet-filter heeft verwijderd. Zo voorkomt ubrandgevaar.
Nuttige tips26De meeste storingen en problemen die bij dagelijks gebruik kunnen optreden, kuntu zelf verhelpen. U bespaart daarmee niet alleen tijd, maar ook kosten, omdat uMiele niet hoeft in te schakelen.De volgende tabellen helpen u de oorzaken van een probleem te achterhalen enhet probleem te verhelpen.Probleem Oorzaak en oplossingDe vermogensstanden 1tot B licht na elkaar op.Na een stroomstoring wordt een automatische resetuitgevoerd.Het apparaat kan nietingeschakeld worden.Het apparaat heeft geen stroom.Controleer of de zekering van de elektrische instal-latie doorgeslagen is. Neem contact op met eenelektricien of met Miele (minimale sterkte van dezekering zie typeplaatje).Er is mogelijk sprake van een technische storing.Maak het apparaat ca.1minuut spanningsvrij.
Doedat als volgt:– schakel de hoofdschakelaar van de huisinstalla-tie uit of draai de betreffende zekering(en) eruitof– schakel de aardlekschakelaar uit.Schakel daarna alles weer in. Kunt u het apparaatdan nog niet in gebruik nemen, neem dan contactop met een elektricien of met Miele.
Bij te bestellen accessoires27Speciaal voor uw apparatuur levertMiele een uitgebreid assortiment aantoebehoren, alsmede reinigings- en on-derhoudsmiddelen.U kunt deze producten heel eenvoudigvia de webshop bestellen.De producten zijn ook verkrijgbaar bijMiele (zie achter in deze gebruiksaan-wijzing) en bij uw Miele vakhandelaar.FlameGuardVoor plaatsing tussen de werkbladafzui-ging en het kookelement op gasReinigingsmiddel voor kera-mische platen en roestvrij staal250mlVoor het verwijderen van verontreini-gingen, kalk- en aluminiumvlekkenMicrovezeldoekjeVoor het verwijderen van vingerafdruk-ken en lichte verontreinigingen
Service28Contact bij storingenVoor storingen die u niet zelf kunt verhelpen, waarschuwt u uw Miele vakhandelaarof Miele.Een bezoek van een technicus kunt u online op www.miele.com/service boeken.De contactgegevens van de afdeling klantcontacten van Miele vindt u achteraanin dit document.Miele heeft de typeaanduiding en het serienummer nodig (Fabr./SN/Nr.). Beide ge-gevens vindt u op het typeplaatje.TypeplaatjePlak hier het bijgaande typeplaatje. Controleer of het type apparaat overeenkomtmet het type dat op de achterkant van dit document staat.GarantieDe garantietermijn voor dit apparaat bedraagt 2jaar.Voor meer informatie zie de bijgevoegde garantievoorwaarden.
Installatie*INSTALLATION*29Veiligheidsinstructies voor het inbouwenSchade door ondeskundige inbouw.Door ondeskundige inbouw kan het apparaat beschadigd raken.Laat het apparaat alleen door een gekwalificeerde vakman/-vrouw inbouwen.Schade door vallende voorwerpen.Bij de montage van bovenkasten kan het apparaat beschadigd raken.Bouw het apparaat pas na de montage van de bovenkasten in. De aansluitkabel mag na de inbouw van het apparaat niet in aan-raking komen met de beweegbare delen van de keukenelementen(zoals een lade) en mag ook niet worden blootgesteld aan mechani-sche belastingen. Combinatie met gasapparatenNaast de werkbladafzuiging mogen alleen CS 7xxx-gasapparatenvan Miele worden ingebouwd. Neem de veiligheidsafstanden op de volgende pagina's in acht. Voor het monteren van de luchtafvoer mogen alleen buizen ofslangen van niet-brandbaar materiaal worden gebruikt.
Deze zijn ver-krijgbaar bij de Miele-vakhandel of bij Miele Nederland. De lucht mag niet worden afgevoerd via een schoorsteen diewordt gebruikt voor de afvoer van rook of gas, noch via een schachtdie wordt gebruikt voor de ontluchting van ruimten waarin wordt ge-stookt. Als de lucht moet worden afgevoerd via een schoorsteen die nietmeer in gebruik is voor de afvoer van rook of gas, dient u de officiëlevoorschriften te raadplegen.
Installatie*INSTALLATION*31Aanwijzingen voor het inbou-wen – opliggendDichting tussen SmartLine-elementen werkbladAls u voegenkit gebruikt tussen hetSmartLine-element en het werkbladkunnen het apparaat en het werkbladbeschadigd raken als het apparaatvoor werkzaamheden moet wordenverwijderd.Gebruik daarom geen voegenkit tus-sen het apparaat en het werkblad.De dichting onder de rand van hetapparaat is voldoende als afdichtingtussen het apparaat en het werkblad.Werkblad met tegelsDe voegen en het gearceerde ge-deelte onder de rand moeten glad envlak zijn, zodat het apparaat gelijkmatigaansluit en de dichting onder de randvan het apparaat voldoende afdicht.AfdichttapeAls het SmartLine-element voor on-derhoud wordt gedemonteerd, kande afdichttape onder de rand van hetSmartLine-element beschadigd ra-ken.Vervang de afdichttape steeds voor-dat het SmartLine-element weerwordt ingebouwd.
Installatie*INSTALLATION*32Bij inbouw van meerdereSmartLine-elementenDe voegen tussen de afzonderlijkeSmartLine-elementen moeten met eentemperatuurbestendige (min. 160°C) si-liconenkit worden gevuld. Bij naadloosaansluitende inbouw moet ook de voegtussen het/de SmartLine-element(en) enhet werkblad met een temperatuurbe-stendige (min.160°C) siliconenkit wor-den gevuld.De elementen moeten na de inbouwvan onderaf goed toegankelijk zijn, zo-dat de onderkant van de apparatenvoor onderhoudsdoeleinden kan wor-den verwijderd. Als de apparaten nietvan onderaf toegankelijk zijn, moet devoegenkit bij onderhoudswerkzaamhe-den worden verwijderd om de appara-ten te kunnen verwijderen.Diepte werkbladDe werkbladafzuiging kan naar keuzemet een aansluiting voor een luchtka-naal rechts of links worden ingebouwd.Minimale diepte werkblad bij- aansluiting rechts 600mm- aansluiting links 665mm
Installatie*INSTALLATION*36Verbindingsstrips – opliggendAls u meerdere apparaten inbouwt, moet u tussen de apparaten verbindingsstripsaanbrengen.U heeft de bijgevoegde klemmen alleen nodig voor het inbouwen van een CS-DA700xFL.Inbouw van 3elementen en 2verbindingsstripsVerbindingsstrips werkbladafzuiging – opliggendaKlemmen
Installatie*INSTALLATION*39aDe achterste wand van de behuizing moet voor eventuele werkzaamheden de-monteerbaar zijn.Voor de plaatsing van het luchtafvoerkanaal moet tussen de wand van de be-huizing en een aangrenzende muur of kast een minimumafstand van 110mmworden aangehouden.bDe afneembare opvangschaal moet na de inbouw toegankelijk zijn.Voor het verwijderen, moeten de 2snelkoppelingen voor en achter worden los-gemaakt.cDe lengte van het kanaal moet worden aangepast aan de hoogte van de onder-kast.Standaardlevering 500mmInbouw lengtecompensatie, zie het hoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Inbouw –opliggend”.dAfzuigingIn de sokkel op de vloer
Installatie*INSTALLATION*42aDe achterste wand van de behuizing moet voor eventuele werkzaamheden de-monteerbaar zijn.Voor de plaatsing van het luchtafvoerkanaal moet tussen de wand van de be-huizing en een aangrenzende muur of kast een minimumafstand van 110mmworden aangehouden.bTussenstuk van het kanaal, aangepast aan de diepte van het werkbladcDe afneembare opvangschaal moet na de inbouw toegankelijk zijn.Voor het verwijderen, moeten de 2snelkoppelingen voor en achter worden los-gemaakt.dDe lengte van het kanaal moet worden aangepast aan de hoogte van de onder-kast.Standaardlevering 500mmInbouw lengtecompensatie, zie het hoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Inbouw –opliggend”.eAfzuigingIn de sokkel op de vloerx Het aantal mm dat het werkblad dieper is dan 600mm.
Installatie*INSTALLATION*45Inbouw – opliggendAls de dikte van het werkblad meerdan 24mm is, moet het werkbladrechts dan wel links aan de onderkantworden aangepast.aWerkbladbMaximaal 24mmc12mmProfielen bevestigen1profiel (bij de verbindingsstrip ge-voegd) moet in overeenstemming metde inbouwzijde in het midden aan derechter- dan wel de linkerkant van deuitsparing worden bevestigd.Houten werkbladPlaats het profiel gelijk met de boven-rand van de uitsparing.Bevestig het profiel met de bijgele-verde houtschroeven 3,5x25mm.Werkblad van natuursteenVoor het bevestigen van het profielmoet u sterk dubbelzijdig plakbandgebruiken (niet bijgeleverd).Bevestig het plakband langs de bo-venrand van de uitsparing.Plaats het profiel gelijk met de boven-rand van de uitsparing.Druk het profiel stevig vast.
Installatie*INSTALLATION*46Voorbereiding werkbladMaak de uitsparing in het werkblad.Let op de veiligheidsafstanden (ziehet hoofdstuk “Installatie”, paragraaf“Veiligheidsafstanden”).De snijvlakken van houten werk-bladen moeten met speciale lak, sili-conenkit of giethars worden afge-werkt om te voorkomen dat het werk-blad door vocht wordt aangetast.
Hetafdichtmateriaal moet temperatuurbe-stendig zijn.Deze materialen mogen niet op hetoppervlak van het werkblad terecht-komen.Verbindingsstrips monterenGebruik de middelste schroefgaten alsrechts of links naast de verbindingsstripde volgende SmartLine-elementen wor-den ingebouwd: CS7611, CS 7641,CS7101(-1), CS7102(-1)Houten werkbladPlaats de verbindingsstrips naadloosaansluitend op de bovenrand van deuitsparing.Bevestig de verbindingsstrips met debijgeleverde houtschroeven3,5x25mm.Werkblad van natuursteenVoor het bevestigen van de verbin-dingsstrips moet u sterk dubbelzijdigplakband gebruiken (niet bijgeleverd).Bevestig het plakband langs de bo-venrand van de uitsparing.Plaats de verbindingsstrips naadloosaansluitend op de bovenrand van deuitsparing.Druk de verbindingsstrips stevig aan.
Installatie*INSTALLATION*47Werkbladafzuiging inbouwenDe werkbladafzuiging kan naar keuzemet een aansluiting voor een luchtka-naal rechts of links worden ingebouwd.aAansluitstuk luchtkanaal rechtsbAansluitstuk luchtkanaal linksPlak de bijgeleverde afdichttape on-der de rand van de afdekking. Brengde afdichttape niet onder trekspan-ning aan.Plaats de klemmen op de verbin-dingsstrips.Leid de aansluitkabel voor de bedie-ning tussen de verbindingsstrips doornaar beneden.Plaats de afdekking op de verbin-dingsstrips.Haal de vetopvangschaal los van debehuizing.Bevestig de behuizing van binnenmet de schroeven rechts enlinks (telkens3).Bevestig de vetopvangschaal.
Installatie*INSTALLATION*48Luchtkanaal inbouwenMonteer het luchtkanaal.Plak de bijgeleverde afdichttape ophet aansluitstuk van de luchtafvoerals de afvoerleiding niet stevig op hetaansluitstuk van de luchtafvoer zit.Het luchtkanaal mag na de inbouwniet onder mechanische spanningstaan.LengtecompensatieDe lengtecompensatie vergemakke-lijkt onderhoud en reparatie. De inbouw-positie van de lengtecompensatie is af-hankelijk van de diepte van het werk-blad.Lengtecompensatie – werkbladdiepte600mmDe lengtecompensatie past niet.Het kanaalstuk moet minstens100mm lang zijn.Verdeel het platte afvoerkanaal in2stukken, passend bij uw inbouwsi-tuatie. Het bovenste stuk moet mini-maal 100mm lang zijn.Steek de korte bocht in de hori-zontale bocht.Verbind het kanaalstuk met de kor-te bocht .
Installatie*INSTALLATION*49Lengtecompensatie – werkbladdieptegroter dan 600mmVerdeel het platte afvoerkanaal in2stukken. 1stuk moet daarbij over-eenkomen met het verschil tussen600mm en de werkbladdiepte. Steek het kanaalstuk in de hori-zontale bocht.Verbind het kanaalstuk met de kor-te bocht . Zet de verbinding vastmet de afdichttape.Pas de rest van het kanaalstuk aande hoogte van de onderkast aan. Schuif de lengtecompensatie overhet aangepaste kanaalstuk . Houdhet aangepaste kanaalstuk onderde korte bocht . Schuif de lengte-compensatie van onderaf over dekorte bocht . Zet de verbinding vastmet de afdichttape.Motor afzuiging inbouwenaAfdichttapePlak de bijgeleverde afdichttape opde aansluiting van de afzuiging.
Installatie*INSTALLATION*50E-boxaAansluitkabelbAansluiting raamcontactcAansluitbus leiding werkspanningventilatordAansluitbus leiding besturing ventila-toreAansluitbus leiding bedieningseen-heidAansluiting raamcontact, indien no-digDe aansluiting voor het raamcon-tact staat onder spanning.Pas op! Letselrisico door elektrischeschok!Maak de werkbladafzuiging span-ningsvrij, voordat het schakelsy-steem wordt aangesloten.De aansluitkabel van het schakelsy-steem mag alleen door een vakmanworden aangesloten.De aansluitkabel van het schakelsy-steem moet van het type H03VV-F2x0,75mm2 zijn en mag niet langerzijn dan 2,0m.Het schakelsysteem moet een poten-tiaalvrij sluitcontact hebben dat ge-schikt is voor 230V, 1A.
In geopendeschakelstand is het afzuigsysteemuitgeschakeld.Gebruik alleen toegelaten en gekeur-de radiografische schakelsystemen(bijvoorbeeld raamcontactschake-laars en onderdrukschakelaars). Laathet betreffende systeem door eengeautoriseerde vakman vrijgeven.Het schakelsysteem moet geschiktzijn voor gebruik met een BLDC-mo-tor.Voor een veilige aansluiting en eenveilig gebruik moet u over de docu-mentatie van het externe schakelsy-steem beschikken.
Installatie*INSTALLATION*51Maak het nokje los en trek de stekkereruit.Draai de schroef van de trekontlas-ting los en ontgrendel de behuizingaan beide kanten .Open de behuizing.Verwijder de stop.Vervang de brug door de aansluit-kabel van het schakelsysteem.Sluit de behuizing.Draai de schroef van de trekontlastinger weer in.Plaats de stekker weer terug.E-box aansluitenSluit de leidingen “werkspanning” en“besturing ventilator” op de e-box ende ventilator aan.Sluit de leiding “bedieningseenheid”op de e-box aan.De aansluitingen zijn zo geconstrueerddat ze niet kunnen worden verwisseld.Sluit de werkbladafzuiging op hetelektriciteitsnet aan.Controleer of de werkbladafzuiginggoed functioneert.Voegen afdichtenDe voegen tussen de afzonderlijkeSmartLine-elementen en bij inbouwzonder rand tussen de SmartLine-ele-menten en het werkblad moeten meteen temperatuurbestendige(min.160°C) siliconenkit worden ge-vuld.Een ongeschikte voegenkit kan na-tuursteen beschadigen.Gebruik voor natuursteen en tegelsvan natuursteen uitsluitend een voornatuursteen geschikte siliconenkit.Neem de aanwijzingen van de fabri-kant in acht.
Installatie*INSTALLATION*52Aanwijzingen voor het inbou-wen – naadloos aansluitendEen naadloos aansluitende inbouw isalleen mogelijk bij natuurstenen (gra-niet, marmer), massief houten en bete-gelde werkbladen. Als uw werkbladvan een ander materiaal is gemaakt,informeer dan bij de fabrikant of hetwerkblad geschikt is voor naadloosaansluitende inbouw.De breedte van de onderkast moet tenminste zo groot zijn als de uitsparingin het werkblad. (Zie hoofdstuk “Instal-latie”, paragraaf “Inbouwmaten –naadloos aansluitend”). Zo is hetSmartLine-element ook na de inbouwvan onderaf goed toegankelijk. Eentechnicus moet de onderkant van dekookplaat kunnen verwijderen.
Als hetapparaat niet van onderaf toegankelijkis, moet de voegenkit bij onderhouds-werkzaamheden worden verwijderdom het apparaat te kunnen verwijde-ren.Natuurstenen werkbladenHet apparaat wordt direct in de uitspa-ring geplaatst.Massief houten, betegelde werk-bladen, glazen werkbladenHet apparaat wordt met houten lijsten inde uitsparing vastgezet. Deze lijstenworden niet meegeleverd en moeten terplaatse beschikbaar zijn.AfdichttapeAls het SmartLine-element voor on-derhoud wordt gedemonteerd, kande afdichttape onder de rand van hetSmartLine-element beschadigd ra-ken.Vervang de afdichttape steeds voor-dat het SmartLine-element weerwordt ingebouwd.
Installatie*INSTALLATION*53Bij inbouw van meerdereSmartLine-elementenDe voegen tussen de afzonderlijkeSmartLine-elementen moeten met eentemperatuurbestendige (min. 160°C) si-liconenkit worden gevuld. Bij naadloosaansluitende inbouw moet ook de voegtussen het/de SmartLine-element(en) enhet werkblad met een temperatuurbe-stendige (min.160°C) siliconenkit wor-den gevuld.De elementen moeten na de inbouwvan onderaf goed toegankelijk zijn, zo-dat de onderkant van de apparatenvoor onderhoudsdoeleinden kan wor-den verwijderd. Als de apparaten nietvan onderaf toegankelijk zijn, moet devoegenkit bij onderhoudswerkzaamhe-den worden verwijderd om de appara-ten te kunnen verwijderen.Diepte werkbladDe werkbladafzuiging kan naar keuzemet een aansluiting voor een luchtka-naal rechts of links worden ingebouwd.Minimale diepte werkblad bij- aansluiting rechts 600mm- aansluiting links 665mm
Installatie*INSTALLATION*57Verbindingsstrips – naadloos aansluitendAls u meerdere apparaten inbouwt, moet u tussen de apparaten verbindingsstripsaanbrengen.U heeft de bijgevoegde klemmen alleen nodig voor het inbouwen van een CS-DA700xFL.Inbouw van 3elementen en 2verbindingsstripsVerbindingsstrips werkbladafzuiging – naadloos aansluitendaKlemmen
Installatie*INSTALLATION*60aDe achterste wand van de behuizing moet voor eventuele werkzaamheden de-monteerbaar zijn.Voor de plaatsing van het luchtafvoerkanaal moet tussen de wand van de be-huizing en een aangrenzende muur of kast een minimumafstand van 110mmworden aangehouden.bDe afneembare opvangschaal moet na de inbouw toegankelijk zijn.Voor het verwijderen, moeten de 2snelkoppelingen voor en achter worden los-gemaakt.cDe lengte van het kanaal moet worden aangepast aan de hoogte van de onder-kast.Standaardlevering 500mmInbouw lengtecompensatie, zie het hoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Inbouw –naadloos aansluitend”.dAfzuigingIn de sokkel op de vloer
Installatie*INSTALLATION*63aDe achterste wand van de behuizing moet voor eventuele werkzaamheden de-monteerbaar zijn.Voor de plaatsing van het luchtafvoerkanaal moet tussen de wand van de be-huizing en een aangrenzende muur of kast een minimumafstand van 110mmworden aangehouden.bTussenstuk van het kanaal, aangepast aan de diepte van het werkbladcDe afneembare opvangschaal moet na de inbouw toegankelijk zijn.Voor het verwijderen, moeten de 2snelkoppelingen voor en achter worden los-gemaakt.dDe lengte van het kanaal moet worden aangepast aan de hoogte van de onder-kast.Standaardlevering 500mmInbouw lengtecompensatie, zie het hoofdstuk “Installatie”, paragraaf “Inbouw –naadloos aansluitend”.eAfzuigingIn de sokkel op de vloerx Het aantal mm dat het werkblad dieper is dan 600mm.
Installatie*INSTALLATION*66Inbouw – naadloos aansluitendAls de dikte van het werkblad meerdan 28mm is, moet het werkbladrechts dan wel links aan de onderkantworden aangepast.aWerkbladbMaximaal 24mmc12mmProfielen bevestigen1profiel (bij de verbindingsstrip ge-voegd) moet in overeenstemming metde inbouwzijde in het midden aan derechter- dan wel de linkerkant van deuitsparing worden bevestigd.Houten werkblad Plaats het profiel naadloos aanslui-tend op de bovenrand van het onder-ste gedeelte van de getrapte frees-rand. Bevestig het profiel met de bijgele-verde houtschroeven 3,5x25mm.Werkblad van natuursteenVoor het bevestigen van het profielmoet u sterk dubbelzijdig plakbandgebruiken (niet bijgeleverd). Bevestig het plakband langs de bo-venrand van het onderste gedeeltevan de getrapte freesrand. Plaats het profiel naadloos aanslui-tend op de bovenrand van het onder-ste gedeelte van de getrapte frees-rand. Druk het profiel stevig vast.
Installatie*INSTALLATION*67Voorbereiding werkblad Maak de uitsparing in het werkblad.Let op de veiligheidsafstanden (ziehet hoofdstuk “Installatie”, paragraaf“Veiligheidsafstanden”). De snijvlakken van houten werk-bladen moeten met speciale lak, sili-conenkit of giethars worden afge-werkt om te voorkomen dat het werk-blad door vocht wordt aangetast.
Hetafdichtmateriaal moet temperatuurbe-stendig zijn.Deze materialen mogen niet op hetoppervlak van het werkblad terecht-komen. Bevestig bij houten werkbladen dehouten lijsten 5,5mm onder de bo-venkant van het werkblad.Bij de CS7611FL moet de houtenlijst 7mm onder de bovenkant vanhet werkblad worden bevestigd.Verbindingsstrips monterenGebruik de middelste schroefgaten alsrechts of links naast de verbindingsstripde volgende SmartLine-elementen wor-den ingebouwd: CS7611, CS 7641,CS7101(-1), CS7102(-1)Houten werkblad Plaats de verbindingsstrips gelijk methet onderste gedeelte van de getrap-te freesrand. Bevestig de verbindingsstrips met debijgeleverde houtschroeven3,5x25mm.Werkblad van natuursteenVoor het bevestigen van de verbin-dingsstrips moet u sterk dubbelzijdigplakband gebruiken (niet bijgeleverd). Bevestig het plakband langs het on-derste gedeelte van de getraptefreesrand. Plaats de verbindingsstrips gelijk methet onderste gedeelte van de getrap-te freesrand. Druk de verbindingsstrips stevig aan.
Installatie*INSTALLATION*68Werkbladafzuiging inbouwenDe werkbladafzuiging kan naar keuzemet een aansluiting voor een luchtka-naal rechts of links worden ingebouwd.aAansluitstuk luchtkanaal rechtsbAansluitstuk luchtkanaal links Plak de bijgeleverde afdichttape on-der de rand van de afdekking. Brengde afdichttape niet onder trekspan-ning aan. Plaats de klemmen op de verbin-dingsstrips. Leid de aansluitkabel voor de bedie-ning tussen de verbindingsstrips doornaar beneden. Plaats de afdekking op de verbin-dingsstrips. Haal de vetopvangschaal los van debehuizing. Bevestig de behuizing van binnenmet de schroeven rechts enlinks (telkens3). Bevestig de vetopvangschaal.
Installatie*INSTALLATION*69Luchtkanaal inbouwenMonteer het luchtkanaal.Plak de bijgeleverde afdichttape ophet aansluitstuk van de luchtafvoerals de afvoerleiding niet stevig op hetaansluitstuk van de luchtafvoer zit.Het luchtkanaal mag na de inbouwniet onder mechanische spanningstaan.LengtecompensatieDe lengtecompensatie vergemakke-lijkt onderhoud en reparatie. De inbouw-positie van de lengtecompensatie is af-hankelijk van de diepte van het werk-blad.Lengtecompensatie – werkbladdiepte600mmDe lengtecompensatie past niet.Het kanaalstuk moet minstens100mm lang zijn.Verdeel het platte afvoerkanaal in2stukken, passend bij uw inbouwsi-tuatie. Het bovenste stuk moet mini-maal 100mm lang zijn.Steek de korte bocht in de hori-zontale bocht.Verbind het kanaalstuk met de kor-te bocht .
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Miele CSDA 7001 FL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Afzuigkap Miele
Handleiding Afzuigkap
Nieuwste handleidingen voor Afzuigkap