Microlife BP A100 Plus Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Microlife BP A100 Plus (104 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 47 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Microlife BP A100 Plus of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/104
Microlife BP A100 Plus
BP A100
BP A200
NC 100
NEB 10
MT 16C2MT 16E1MT 1931MT 1871
BP 3AG1
IB BP A100 Plus&T&W V13-1 5015
EN 1
FR 8
NL 16
SV 24
FI 32
DA 40
NO 48
LV 56
LT 64
EE 72
RU 80
DE 88
IT 96
Europe / Middle-East / Africa
Microlife AG
Espenstrasse 139
9443 Widnau / Switzerland
Tel. +41 / 71 727 70 30
Fax +41 / 71 727 70 39
Email admin@microlife.ch
www.microlife.com
Asia
Microlife Corporation.
9F, 431, RuiGang Road, NeiHu
Taipei, 11492, Taiwan, R.O.C.
Tel. +886 2 8797-1288
Fax +886 2 8797-1283
Email service@microlife.com.tw
www.microlife.com
North / Central / South America
Microlife USA, Inc.
1617 Gulf to Bay Blvd., 2nd Floor Ste A
Clearwater, FL 33755 / USA
Tel. +1 727 442 5353
Fax +1 727 442 5377
Email msa@microlifeusa.com
www.microlife.com

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Microlife
Categorie: Bloeddrukmeter
Model: BP A100 Plus
Soort: Automatisch
Automatisch uitschakelen: Ja
Ondersteuning voor plaatsing: Bovenarm
Ondersteund aantal accu's/batterijen: 4
Batterij bijna leeg-indicatie: Ja
Memory-functie: Ja
Opbergetui: Ja
Pulse rate meting: Ja
Mean slagaderlijke druk: Ja
Batterijen inbegrepen: Ja
Type beeldscherm: LCD
Type batterij: AA

Handleiding Microlife BP A100 Plus – volledige tekst

16WeergaveLees alvorens dit apparaat te gebruiken de instructies aandachtig door.Geleverd onderdeel type BFGeachte klant,Uw nieuwe Microlife bloeddrukmeter is een betrouwbaar medisch apparaat voor het doen van metingen aan de bovenarm. Het is eenvoudig in gebruik, nauwkeurig en uitermate geschikt voor het controleren van uw bloeddruk thuis. Deze bloeddrukmeter is in samenwerking met artsen ontwikkeld en klinische validatiestudies hebben aangetoond dat de meetnauwkeurigheid bijzonder hoog is.*Lees deze handleiding zorgvuldig door zodat u alle functies en veilig-heidsinformatie begrijpt. Wij willen graag dat u tevreden bent over het apparaat. Mocht u vragen hebben of wanneer u reserveonderdelen wilt bestellen, neemt u dan contact op met uw Microlife importeur. De verkoper zal u het adres van de Microlife importeur in uw land geven.

Natuurlijk kunt u ook de website www.microlife.nl raadplegen, waar u waardevolle informatie kunt vinden over onze producten.Blijf gezond – Microlife AG!* Dit apparaat gebruikt o.a. dezelfde meettechnologie als het gevali-deerde model «BP 3BTO-A» getest conform het British Hypertension Society (BHS) protocol.Microlife BP A100 Plus NL1AAN/UIT knop2Weergave3Insteekkaart4Manchetaansluiting5Adapteraansluiting6Manchetcompartiment7Batterijcompartiment8Manchet9ManchetconnectorAT M-knop (geheugen)AK MAM SchakelaarAL TijdknopAM Aritmie indicatorAN PolsAO BatterijweergaveAP Opgeslagen waardenAQ Systolische waardeAR Diastolische waardeAS HartslagfrequentieBT Datum /tijdBK MAM ModusBL MAM IntervaltijdBM VerkeerslichtweergaveBN AlarmtijdDroog houden

17BP A100 Plus NLInhoudsopgave1. Belangrijke feiten over bloeddruk en het zelf meten hiervan• Hoe meet ik mijn bloeddruk. 2. Eerste gebruik van het apparaat• Activeren van geplaatste batterijen• Instellen van datum en tijd• Selecteer de juiste manchet• Selecteer de meetmodus: standaard of MAM modus• MAM modus3. Bloeddruk meten met behulp van dit apparaat4. Weergave van de aritmie indicator voor vroegtijdige detectie5. Verkeerslichtindicatie in de weergave6. Geheugenopslag• Bekijken van de opgeslagen waarden• Geheugen vol• Wis alle waarden• Een meting uitvoeren zonder deze op te slaan7. Vervangen van de insteekkaart8. Instellen van de alarmfunctie9. Batterij-indicator en batterijvervanging• Batterijen bijna leeg• Batterijen leeg – vervanging• Welke batterijen en welke werkwijze. • Gebruik van oplaadbare batterijen10. Gebruik van een netadapter11. Foutmeldingen12.

Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijdering• Veiligheid en bescherming• Apparaatonderhoud• Reinig de manchet• Nauwkeurigheidstest• Verwijdering13. Garantie14. Technische specificatiesGarantiebon (zie achterzijde)1. Belangrijke feiten over bloeddruk en het zelf meten hiervan•Bloeddruk is de druk waarmee het bloed door de aderen stroomt veroorzaakt door het pompen van het hart. Twee waarden, de systolische (boven) waarde en de diastolische (onder) waarde worden altijd gemeten. •Het apparaat geeft ook de hartslagfrequentie (het aantal keren dat het hart per minuut slaat) aan. •Constante hoge bloeddruk kan nadelig zijn voor uw gezondheid en moet door uw arts worden behandeld. •Bespreek altijd uw waarden met uw arts en vertel hem/haar wanneer u iets ongebruikelijks heeft opgemerkt of onzeker bent. Vertrouw nooit op een enkel bloeddruk resultaat.

•Maak een notitie van uw resultaten in het bijgevoegde bloed-drukdagboek. Dit geeft uw arts een kort overzicht. •Er zijn verschillende oorzaken voor hoge bloeddrukwaarden.

Uw arts zal deze gedetailleerder met u bespreken en indien nodig een behandeling voorstellen. Naast medicatie en gewichtsafname, kunt uzelf door lifestyle aanpassingen uw bloeddruk ook verlagen. •Verander nooit de doseringen van de geneesmiddelen zoals deze zijn voorgeschreven door uw arts. •Afhankelijk van lichamelijke inspanning en conditie, is bloed-druk onderhevig aan brede schommelingen gedurende de dag. U dient daarom de bloeddruk steeds onder dezelfde rustige omstandigheden op te nemen en wanneer u zich ontspannen voelt. Neem minimaal twee metingen per dag, één in de ochtend en één in de avond. •Het is vrij normaal wanneer twee metingen vlak na elkaar genomen opvallend verschillende resultaten opleveren. •Afwijkingen tussen metingen genomen door uw arts of de apotheek en die thuis zijn opgenomen zijn vrij normaal, omdat deze situaties volledig verschillend zijn.

•Verschillende metingen geven een veel duidelijker plaatje dan slechts een enkele meting. •Neem een korte rustpauze van minimaal 15 seconden tussen twee metingen. •Als u in verwachting bent moet u uw bloeddruk zeer nauwkeurig in de gaten houden omdat de bloeddruk gedurende deze tijd drastisch kan veranderen. •Als u lijdt aan onregelmatige hartslag (aritmie, zie «Paragraaf 4. »), moeten metingen genomen met dit apparaat alleen worden beoordeeld in overleg met uw arts.

18•De polsfrequentie is niet geschikt voor het controleren van de frequentie van hart-pacemakers. Hoe meet ik mijn bloeddruk. De hogere waarde is de waarde die de evaluatie beoordeelt. Bijvoorbeeld: een uitgelezen waarde tussen 150/85 of 120/98 mmHg toont «bloeddruk te hoog». De insteekkaart 3 aan de voorzijde van het apparaat toont de bereiken 1-6 in de tabel. 2. Eerste gebruik van het apparaatActiveren van geplaatste batterijenTrek de beschermende uitstekende strip uit het batterijenvakje 7. Instellen van datum en tijd1. Nadat de batterijen zijn geplaatst knippert het jaartal in het scherm. U kunt het jaar instellen door op de M-knop AT te drukken. Om te bevestigen en vervolgens de maand in te stellen, drukt u op de tijdknop AL. 2. Nu kunt u de maand instellen met de M-knop. Druk op de tijdknop om te bevestigen en stel dan de dag in. 3.

Volg de bovenstaande instructies om dag, uur en minuten in te stellen. 4. Zodra u de minuten heeft ingesteld en de tijdknop indrukt, zijn de datum en tijd ingesteld en wordt de tijd weergegeven. 5. Als u de datum en de tijd wilt veranderen, houdt u de tijdknop ingedrukt gedurende ca. 3 seconden totdat het jaartal begint te knipperen. Nu kunt u nieuwe waarden invoeren zoals hierboven beschreven. Selecteer de juiste manchetMicrolife heeft manchetten in verschillende maten. Selecteer de manchetgrootte die overeenkomt met de omtrek van uw bovenarm (de gemeten omtrek rond het midden van de bovenarm). Voorgevormde «Easy» manchetten zijn optioneel verkrijgbaar. Gebruik alleen Microlife manchetten. Neem contact op met uw Microlife importeur, als de bijgesloten manchet 8 niet past.

Om standaard modus te selecteren, schuift u de MAM schakelaar AK aan de zijkant van het apparaat in stand «1» en om MAM modus te selecteren, schuift u deze schakelaar in stand «3». MAM modus•In MAM modus, 3 metingen worden automatisch genomen in volgorde en het resultaat wordt dan automatisch geanalyseerd en weergegeven. Omdat de bloeddruk constant schommelt, is een op deze manier bepaald resultaat betrouwbaarder dan een die is verkregen door een enkele meting. •Na het indrukken van de AAN/UIT knop 1, verschijnt het MAM-symbool BK in het display. •Het gedeelte rechtsonder in het display toont een 1, 2 of 3 om aan te geven welke van de 3 metingen momenteel genomen wordt. •Er is een pauze van 15 seconden tussen de metingen (15 seconden zijn adequaat volgens «Blood Pressure Monito-ring, 2001, 6:145-147» voor oscillometrische instrumenten).

Het aftellen toont de resterende tijd en een zoemer zal klinken 5 seconden voordat de 2e en 3e metingen beginnen. •De individuele resultaten worden niet weergegeven. Uw bloeddruk zal alleen worden getoond nadat alle 3 de metingen zijn verricht. •Verwijder de manchet niet tussen de metingen. •Als een van de afzonderlijke metingen twijfelachtig was, dan wordt een vierde automatisch genomen. Tabel voor het categoriseren van bloeddrukwaarden in overeen-stemming met de World Health Organisation (WHO) in 2003. Data in mmHg. Bereik Systo-lisch Diasto-lisch Adviesbloeddruk te laag10060Raadpleeg uw arts1. bloeddruk optimaal100 - 120 60 - 80Zelfcontrole2. bloeddruk normaal120 - 130 80 - 85Zelfcontrole3. bloeddruk licht verhoogd130 - 140 85 - 90Raadpleeg uw arts4. bloeddruk te hoog140 - 160 90 - 100Win medisch advies in5. bloeddruk veel te hoog160 - 180 100 - 110Win medisch advies in6.

19BP A100 Plus NL3. Bloeddruk meten met behulp van dit apparaatStappenplan voor een betrouwbare bloeddrukmeting1. Vermijd activiteit, eten of roken vlak vóór een meting. 2. Zit en ontspan minimaal 5 minuten voor het meten. 3. Meet altijd op dezelfde arm (normaal links). 4. Verwijder de kleding die de bovenarm bedekt, mouwen moeten niet worden opgerold om afklemmen te voorkomen. 5. Zorg er altijd voor dat de juiste manchetmaat wordt gebruikt (markering arm omtrek staat vermeld op het manchet). •Bevestig de manchet om de arm, maar niet te strak. •Zorg ervoor dat de manchet 2 cm boven uw elleboog is geplaatst. •De adermarkering op de manchet (ca. 3 cm lange bar) dient op de ader van de arm (binnenkant) te worden gelegd. •Ondersteun uw arm zodat deze ontspannen is. •Zorg dat de manchet op dezelfde hoogte is als uw hart. 6. Druk op de AAN/UIT knop 1 om de meting te starten. 7.

De manchet wordt nu automatisch opgeblazen. Ontspan, beweeg niet en span uw armspieren niet totdat het meetresul-taat wordt getoond. Adem normaal en praat niet. 8. Wanneer de juiste druk is bereikt, stopt het pompen en daalt de druk langzaam. Als de gewenste druk niet werd bereikt, zal het apparaat automatisch meer lucht in de manchet pompen. 9. Tijdens de meting knippert het hartslag symbool AN op het scherm en een zoemer weerklinkt elke keer met de waarneming van een hartslag. 10. Het resultaat, inclusief de systolische AQ en de diastolische AR bloeddruk en de hartslagfrequentie AS wordt weergegeven en een langere zoemer wordt gehoord. Raadpleeg ook deze hand-leiding voor uitleg van de overige weergaven. 11. Wanneer een meting voltooid is, verwijder dan de manchet en verpak het in het instrument als getoond in afb. II. 12.

Noteer het resultaat in het bijgevoegde bloeddrukpasje en schakel het apparaat uit. (De monitor gaat automatisch uit na ongeveer. 1 min. ). U kunt de meting op elk gewenst moment beëindigen door op de AAN/UIT knop te drukken (bijv.

wanneer u een onge-makkelijke of een onplezierige druk voelt). Als bekend is dat de systolische bloeddruk heel hoog is, kan het gunstig zijn de druk individueel in te stellen. Druk op de AAN/UIT knop nadat de monitor is opge-pompt tot een niveau van ca. 30 mmHg (weergegeven in de display). Hou de knop ingedrukt totdat de druk ca 40 mmHg boven de verwachte waarde – laat dan de knop los. 4. Weergave van de aritmie indicator voor vroegtijdige detectieDit symbool AM geeft aan dat bepaalde onregelmatigheden in de polsslag tijdens het meten werden waargenomen. In dit geval kan het resultaat afwijken van uw normale bloeddruk – herhaal de meting. In de meeste gevallen is dit geen reden voor ongerustheid. Echter, als het symbool regelmatig verschijnt (bijv. een paar keer per week met dagelijkse metingen) raden wij u aan dit aan uw arts te vertellen. Laat uw arts de volgende uitleg zien:5.

Verkeerslichtindicatie in de weergaveDe balken in de linkerhoek van de verkeerslichtweergave laten u het bereik zien waarbinnen de getoonde bloeddrukwaarde ligtBM. Afhankelijk van de hoogte van de balk ligt de uitleeswaarde of binnen het normale (groene), grensgebied (geel) of gevaren (rode) bereik. De classificatie komt overeen met de 6 bereiken in de tabel zoals gedefinieerd door de WHO, zoals beschreven in «Paragraaf 1. ». Verder verschillen de kleuren op de display volgens de uitlezingen. Als bijvoorbeeld de uitlezingen in het gebied van 1 tot 2 liggen is het lampje op de display groen, in gebied 3 geel en in het gebied 4, 5 en 6 rood. 6. GeheugenopslagAan het eind van een meting slaat dit apparaat automatisch elk resultaat op inclusief datum en tijd.

Informatie voor de arts naar aanleiding van veelvuldige weergave van de aritmie indicatorDit apparaat is een oscillometrische bloeddrukmeter die ook de polsfrequentie tijdens de bloeddrukmeting analyseert. Het appa-raat is klinisch gevalideerd.

Het aritmie symbool wordt weergegeven na de meting, als er een onregelmatigheid in de polsslag tijdens het meten is geregis-treerd. Als het symbool vaker verschijnt (bijv. verschillende malen per week bij dagelijks verrichte metingen) adviseren wij de patiënt medisch advies in te winnen. Dit apparaat vervangt geen hartonderzoek, maar dient ervoor om onregelmatigheden in de polsslag in een vroeg stadium te ontdekken.

20Bekijken van de opgeslagen waardenDruk eventjes op de M-button AT, wanneer het apparaat is uitge-schakeld. De weergave toont eerst «M» AP en dan een waarde, b. v. «M 17». Dit betekent dat er 17 waarden in het geheugen zijn. Het apparaat schakelt dan naar het laatst opgeslagen resultaat. Wederom op de M-knop drukken toont de vorige waarde. Door nogmaals op de M-knop te drukken, kunt u door de meetresultaten heen bladeren. Geheugen volLet op dat de maximale geheugencapaciteit van 200 niet wordt overschreden. Als het geheugen vol is, worden de oude waarden automatisch overschreven door nieuwe. Om gegevensverlies te voorkomen, moeten waarden worden geëvalueerd door een arts voordat de maximale geheugencapaciteit is bereikt.

Wis alle waardenAls u zeker weet dat u alle waarden permanent wilt verwijderen, dan houdt u de M-knop (het apparaat moet van te voren zijn uitge-schakeld) ingedrukt totdat «CL» verschijnt en dan laat u de knop los. Om het geheugen permanent te wissen, drukt u op de M-knop terwijl «CL» knippert. Losse waarden kunnen niet worden gewist. Een meting uitvoeren zonder deze op te slaanZodra de meting is uitgevoerd en het resultaat wordt weergegeven in het display houdt u de AAN/UIT knop 1 ingedrukt totdat de «M» AP in het display knippert. Druk dan vervolgens op de M-knop AT, dan wordt de meting verwijderd en niet opgeslagen in het geheugen. 7. Vervangen van de insteekkaartU kunt de insteekkaart 3 vervangen door hem opzij eruit te trekken, zoals getoond in afb. IV en vervang de papieren inzet.

Het kan nuttig zijn uw arts de dosering van de geneesmiddelen te laten noteren of een noodtelefoonnummer op de kaart te schrijven. Extra kaarten worden geleverd met het apparaat voor dit doeleinde. 8. Instellen van de alarmfunctieDit apparaat stelt u in staat 2 alarmtijden in te stellen, waarbij een alarmsignaal geactiveerd zal worden. Dit kan handig zijn voor bijvoorbeeld; Een herinnering voor het innemen van uw medicatie. 1.

Voor het instellen van de alarmtijd,drukt u op de tijdknop AL het apparaat moet van tevoren zijn uitgeschakeld)en direct erna de M-knop AT en houdt beide ingedrukt tot het kloksymbool BN links onderaan in de weergave verschijnt. Laat dan beide knoppen los. Het knipperen «1» in de weergave geeft aan dat het eerst alarm nu kan worden ingesteld. 2. Druk op de tijdknop om de uren in te stellen – de urenweergave knippert en het indrukken van M-knop laat u de uren instellen. Druk op de tijdknop ter bevestiging3. Nu knippert de minutenweergave. De minuten kunnen met de M-knop worden ingesteld. Ter bevestiging drukt u weer op de tijdknop. 4. Het kloksymbool zal nu knipperen. Gebruik de M-knop om te selecteren of de alarmtijd actief) of inactief moet zijn (doorge-kruiste klok).

Druk op de tijdknop ter bevestigingOm een tweede alarmtijd in te stellen gaat u als hierboven vermeld te werk, maar wanneer het symbool «1» knippert drukt u eenmaal op de M-knop zodat het symbool «2» knippert, middels de «Tijd» knop kunt u deze tweede alarmtijd bevestigen. Wordt een actief alarm aangegeven door het kloksymbool in het display. Het alarm zal op de ingestelde tijd elke dag klinken. Om het alarm uit te zetten wanneer een alarm weerklinkt drukt u op de AAN/UIT knop 1. Om het alarm permanent uit te schakelen, ga dan als hierboven beschreven te werk, en selecteer het doorgekruiste kloksym-bool. Het symbool zal dan van de display verdwijnen. De alarmtijden moeten opnieuw worden ingevoerd elke keer dat de batterijen vervangen zijn. 9.

Batterij-indicator en batterijvervangingBatterijen bijna leegWanneer de batterijen ongeveer ¾ verbruikt zijn zal het batterij-symbool AO knipperen zodra het apparaat ingeschakeld is (gedeeltelijk geladen batterij wordt weergegeven). Alhoewel het apparaat door zal gaan met betrouwbaar meten moet u batterijen weldra vervangen.

Batterijen leeg – vervangingWanneer de batterijen leeg zijn, zal het batterijsymbool AO knipperen zodra het apparaat ingeschakeld is (lege batterij weergegeven). U kunt niet verder meten en moet de batterijen vervangen. 1. Maak het batterijenvakje open 7 aan de achterzijde van het apparaatdoor naar binnen te drukken bij de twee pijlen en het dekseltje van het batterijenvakje eruit te trekken. 2. Vervang de batterijen – controleer de juiste polariteit zoals getoond door de symbolen in het compartiment.

21BP A100 Plus NL3. Om de datum en de tijd in te stellen volg de procedure zoals beschreven in «Paragraaf 2. ». Het geheugen bevat alle waarden alhoewel datum en tijd (en mogelijk ook ingestelde alarmtijden) gereset moeten worden – het jaartal knippert daarom automatisch nadat de batterijen zijn vervangen. Welke batterijen en welke werkwijze. Gebruik 4 nieuwe, long-life 1,5V, type AA alkaline batterijen. Gebruik geen batterijen waarvan de uiterste verkoopdatum is verstreken. Verwijder batterijen als het apparaat voor een langere tijd niet gebruikt gaat worden. Gebruik van oplaadbare batterijenU kunt voor dit apparaat ook oplaadbare batterijen gebruiken. Gebruik a. u. b. alleen type «NiMH» oplaadbare batterijen. De batterijen moeten worden verwijderd en opgeladen, als het batterijsymbool (batterij leeg) verschijnt.

Ze moeten niet in het apparaat blijven, omdat ze beschadigd kunnen raken (volledige ontlading tengevolge van een minimaal gebruik van het apparaat, zelfs wanneer het uitstaat). Verwijder altijd de oplaadbare batterijen, als u niet van plan bent het apparaat voor een week of langer te gebruiken. De batterijen kunnen NIET worden opgeladen in de bloed-drukmeter. Laad deze batterijen op in een externe oplader en houdt u aan de informatie met betrekking tot het opladen, onderhoud en duurzaamheid. 10. Gebruik van een netadapterU kunt dit apparaat met de Microlife netadapter (DC 6V, 600mA) gebruiken. Gebruik alleen de origineel beschikbare Microlife netadapter als accessoire voor uw voedingsspanning t. b. v. het gebruik via netstroom. Controleer dat zowel de netadapter als de kabel niet beschadigd zijn. 1. Steek de adapter kabel in de netadapteraansluiting 5 van de bloeddrukmonitor. 2.

Steek de netadapterstekker in de wandcontactdoos. Wanneer de netadapter is aangesloten, wordt er geen batterij-stroom gebruikt. 11. FoutmeldingenAls er een fout optreedt, wordt de meting onderbroken en wordt een foutmelding, b. v.

«ERR 3», weergegeven. * Neem a. u. b. contact op met uw arts wanneer dit of enig ander probleem vaker optreedt. Fout Beschrijving Mogelijke oorzaak en oplossing«ERR 1» Signaal te zwakDe polsslag wordt onvoldoende doorge-geven door de manchet. Plaats de manchet opnieuw en herhaal de meting. *«ERR 2» Foutmelding Tijdens het meten zijn er fouten ontstaan, door bijvoorbeeld een bewe-ging of samentrekking van een spier. Herhaal de meting terwijl u uw arm stil houdt. «ERR 3» Geen juiste drukopbouw in de manchetEen adequate druk kan niet in de manchet worden geproduceerd. Er kan een lek in het manchet zijn. Controleer of de manchet goed is aangesloten en niet te los om de arm zit. Vervang de batterijen indien nodig. Herhaal de meting. «ERR 5» Abnormaal resultaatDe meetsignalen zijn onbetrouwbaar en daarom kan geen resultaat worden weergegeven.

Neem het stappenplan door voor een betrouwbare meting en herhaal dan de metingen. «ERR 6» MAM Modus Er waren teveel fouten tijdens het meten in MAM mode, wat het onmoge-lijk maakt om een betrouwbaar resul-taat weer te geven. Lees de controlelijst door voordat u betrouwbare metingen verricht en herhaal dan de metingen. «HI» Hartslag of manchet-druk te hoogDe druk in de manchet is te hoog (boven 300 mmHg) OF de hartslagfre-quentie is te hoog (boven 200 slagen per minuut). Ontspan gedurende 5 minuten en herhaal de meting. *«LO» Polsslag te laagDe hartslagfrequentie is te laag (minder dan 40 slagen per minuut). Herhaal de meting. *.

22Als u denkt dat de resultaten ongebruikelijk zijn, leest u dan a. u. b. zorgvuldig de informatie in «Paragraaf 1. ». 12. Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijderingVeiligheid en bescherming•Dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor het doel zoals in de gebruiksaanwijzing beschreven. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door onjuist gebruik. •Dit apparaat bevat gevoelige componenten en moet met voor-zichtigheid worden behandeld. Neem de bewaar- en bedienings-condities beschreven in de «Technische specificaties» paragraaf in acht. •Bescherm het tegen:- water en vochtigheid- extreme temperaturen- schokken en laten vallen- vervuiling en stof- direct zonlicht- warmte en kou•De manchetten zijn gevoelig en moeten met zorgvuldigheid worden behandeld. •Alleen de manchet oppompen wanneer hij is aangebracht.

•De werking van dit apparaat kan worden verstoord, wanneer het gebruikt wordt in de buurt van sterk electromagnetische velden bijvoorbeeld rondom mobiele telefoons en radio installaties, wij adviseren dan ook een afstand van tenminste 1 meter. In het geval dat het vermijden van sterk magnetische velden niet moge-lijk is, verifieer voor ingebruikname eerst of het apparaat goed functioneert. •Gebruik het apparaat niet wanneer u vermoedt dat het bescha-digd is of wanneer u tijdens het gebruik iets ongebruikelijks constateert. •Open het apparaat nooit. •Wanneer het apparaat voor een langere tijd niet gebruikt gaat worden moeten de batterijen worden verwijderd. •Lees de verdere veiligheidsinstructies in de afzonderlijke para-grafen van dit boekje. Laat kinderen het apparaat alleen onder toezicht van een volwassene gebruiken. Kleine onderdelen kunnen worden ingeslikt.

Wees alert op het gevaar van verstrengeling, indien het apparaat is voorzien van kabels of slangen. ApparaatonderhoudReinig het apparaat alleen met een zachte droge doek.

Reinig de manchetVerwijder vlekken op de manchet met een vochtige doek en een mild reinigingsmiddel. WAARSCHUWING: Was de manchet nooit in de wasma-chine en/of afwasmachine. NauwkeurigheidstestWij adviseren om dit apparaat elke 2 jaar op nauwkeurigheid te laten testen of na mechanische schok (bijv. na een val). Neem a. u. b. contact op met uw Microlife importeur om een algemene functiecontrole aan te vragen (zie voorwoord). VerwijderingBatterijen en elektronische instrumenten moeten volgens de plaatselijke regelgeving worden verwijderd, niet bij het huishoudelijke afval. 13. GarantieDit apparaat heeft een garantie van 5 jaar vanaf aankoopdatum. De garantie is alleen van toepassing bij overhandigen van een garantiekaart ingevuld door de dealer (zie achterzijde) of met een bevestiging van de aankoopdatum of kassabon. •Batterijen, manchet en slijtageonderdelen zijn niet inbegrepen.

•Opening van of wijzigingen aan het apparaat maken de garantie ongeldig. •De garantie dekt geen schade veroorzaakt door oneigenlijk gebruik, ontladen batterijen, ongelukken of het zich niet houden aan de bedieningsinstructies. Neem contact op met uw Microlife importeur (zie voorwoord). 14. Technische specificatiesWerkingscondities: 10 - 40 °C / 50 - 104 °F15 - 95 % maximale relatieve vochtigheidBewaarcondities: -20 - +55 °C / -4 - +131 °F15 - 95 % maximale relatieve vochtigheidGewicht: 748 g (inclusief batterijen)Afmetingen: 160 x 140 x 98 mm.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Microlife BP A100 Plus stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden