Microlife BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter Handleiding

Microlife Bloeddrukmeter BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter

Bekijk gratis de handleiding van Microlife BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter (62 pagina’s), behorend tot de categorie Bloeddrukmeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Microlife BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/62
IB BP 3AS1-2 VarC 3405
Europe / Middle-East / Africa
Microlife AG
Max Schmidheiny-Strasse 201
9435 Heerbrugg / Switzerland
Tel. +41 / 71 727 70 30
Fax +41 / 71 727 70 39
www.microlife.com
Asia
Microlife Corporation.
9F, 431, RuiGang Road, NeiHu
Taipei, 114, Taiwan, R.O.C.
Tel. 886 2 8797-1288
Fax.886 2 8797-1283
www.microlife.com
North / Central / South America
Microlife USA, Inc.
424 Skinner Blvd., Suite C
Dunedin, FL 34698 / USA
Tel. +1 727 451 0484
Fax +1 727 451 0492
www.microlife.com

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Microlife
Categorie: Bloeddrukmeter
Model: BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter

Handleiding Microlife BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter – volledige tekst

49Inhoudstafel1. Inleiding1.1. Kenmerken1.2. Belangrijke informatie om zelf de bloeddruk te meten2. Belangrijke informatie over de bloeddruk en het meten ervan2.1. Wat is de oorzaak van een hoge/lage bloeddruk ?2.2. Welke zijn de normale waarden ?2.3. Wat te doen wanneer de bloeddruk regelmatig te hoog/te laag is ?3. De verschillende elementen van een bloeddrukmeter4. Gebruik van de bloeddrukmeter4.1. Plaatsen van de batterijen4.2. Aansluiten van de manchetslang5. Het meten van de bloeddruk5.1. Vooraleer de bloeddruk te meten5.2. Veelvoorkomende fouten5.3. Plaatsen van de manchet5.4. Procedure voor het meten van de bloeddruk5.5. Verhogen van de druk in de manchet5.6. Onderbreken van de meting5.7. Memoriseren van de laatste meting6. Foutmeldingen/Storingen7. Onderhoud en ijking8. Waarborg9. Normreferenties10. Technische gegevens11. www.microlife.com

501. Inleiding1. 1. KenmerkenDe bloeddrukmeter is een halfautomatisch, elektronisch toestel dat volgens de oscillometrische methodesnel en exact de systolische en diastolische bloeddruk en de hartfrequentie ter hoogte van de arm meet. Degrote meetprecisie van deze bloeddrukmeter is klinisch getest. Deze meter biedt bovendien een maximaalgebruikscomfort. Zijn handpalmontwerp zorgt voor een comfortabele bediening en goede zichtbaarheid vande tijdens de meting behaalde waarden. De BP 3AS1-2 heeft een groot LCD-scherm waarop gedurende de hele meetfase zowel de status van demeting als de druk in de manchet verschijnen. Gelieve deze gebruiksaanwijzing aandachtig te lezen alvorens de bloeddrukmeter te gebruiken en berg hemvervolgens veilig op. Met alle andere vragen omtrent de bloeddruk en het meten ervan, kan u terecht bij uwgeneesheer. Opgelet. 1. 2.

Belangrijke informatie om zelf de bloeddruk te meten•Vergeet niet dat wanneer u zelf de bloeddruk meet dit louter en alleen een controle is en geendiagnose of een behandeling. Wanneer de gemeten waarden ongewoon zijn, moet u dit melden aanuw arts. Wijzig nooit zelf de door uw arts voorgeschreven doses geneesmiddelen. •De weergave van de hartslag is geen controlemiddel voor de frequentie van hartstimulatoren. •In geval van hartritmestoornissen (aritmie) mag u het toestel niet meer gebruiken tot u uw arts heeftgeraadpleegd. Elektromagnetische interferentie :Het toestel bevat gevoelige elektronische elementen (micro-computer). Het mag dus niet in de directeomgeving komen van sterke elektrische of elektromagnetische velden (vb. draagbare telefoons, microgol-foven). Dit kan de precisie van de bloeddrukmeter tijdelijk beïnvloeden. 2. Belangrijke informatie over de bloeddruk en het meten ervan2.

1. Wat is de oorzaak van een hoge/lage bloeddruk. De bloeddrukwaarde wordt bepaald door een deel van de hersenen, het cardiovasculair centrum genoemd,en verandertdoor reacties die via het centrale zenuwstelsel gaan.

Om de bloeddruk te regelen, worden desterkte van de hartslag en de frequentie ervan (de polsslag) evenals de diameter van de bloedvaten gewi-jzigd. Deze wijziging gebeurt door fijne spieren in de wanden van de bloedvaten. Het niveau van de arter-iële bloeddruk verandert periodiek tijdens de hartactiviteit : wanneer het bloed wordt «geëjecteerd» (sys-tole), heeft men een maximumwaarde (systolische druk), aan het einde van de «ontspanningsfase» van hethart (diastole) heeft men een minimumwaarde (diastolische druk). Om bepaalde ziekten te voorkomen, moeten de waarden voor de bloeddruk binnen bepaalde, normalemarges liggen. 2. 2. Welke zijn de normale waarden. De bloeddruk is abnormaal wanneer in rust de diastolische bloeddruk hoger is dan 90 mmHg en/of de sys-tolische hoger dan 140 mmHg. In dat geval moet u onmiddellijk uw arts waarschuwen.

Op lange termijnhoudt een dergelijke hoge bloeddruk een risico in voor uw gezondheid omdat het gepaard gaat met pro-gressieve letsels aan de bloedvaten.

51Umoet ook uw arts raadplegen wanneer uw bloeddruk te laag is, met andere woorden wanneer de sys-tolische waarde lager is dan 100 mmHg en/of de diastolische lager dan 60 mmHg. Zelfs bij een normale bloeddruk is het aangewezen zelf regelmatig de bloeddruk te controleren met uw bloed-drukmeter. Op die manier kan u tijdig mogelijke afwijkingen opsporen en de nodige maatregelen treffen. Wanneer u onder medische behandeling bent om uw bloeddruk te regelen, kan u de waarden van uw bloed-druk nagaan door regelmatig en op vaste uren uw bloeddruk te meten. Leg deze meetresultaten voor aanuw arts. Wijzig de door uw arts voorgeschreven doses van uw geneesmiddel nooit zelf op basisvan uw meetresultaten.

Tabel met bloeddrukwaarden (meeteenheid mmHg) volgens de Wereldgezondheidsorganisatie:☞Bijkomende inlichtingen :•Wanneer uw bloeddruk volledig normaal is in rusttoestand, maar uitzonderlijk hoog bij krachtinspan-ningen of stress, is het mogelijk dat u lijdt aan wat men «labiele hypertensie» noemt. Als u dit ver-moedt, dient u uw arts te raadplegen. •Wanneer de correct gemeten diastolische bloeddruk hoger is dan 120 mmHg, is een medica-menteuze behandeling onmiddellijk noodzakelijk. 2. 3. Wat te doen wanneer de bloeddruk regelmatig te hoog/te laag is. a) Raadpleeg uw arts. b) Een hoge bloeddruk (verschillende vormen van hypertensie) houdt op lange of middellange termijngrote risico’sin voor de gezondheid. Dit heeft betrekking op de arteriële bloedvaten van uw lichaamdie gevaar lopen te gaan vernauwen door de vorming van afzettingen op de vaatwanden (arterioscle-rose).

Dat kan tot gevolg hebben dat er onvoldoende bloed naar belangrijke lichaamsdelen wordt gevo-erd(hart, hersenen, spieren). Anderzijds brengen hoge bloeddrukwaarden op lange termijn schade toeaan de structuur van het hart. c) Een hoge bloeddruk kan verschillende oorzaken hebben. Men onderscheidt de algemene primaire hy-pertensie (essentiële hypertensie) en secundaire hypertensie.

Deze laatste kan te wijten zijn aan speci-fieke disfuncties van de organen. Om de mogelijke oorzaak van uw hypertensie te kennen, dient u uwarts te raadplegen. d) U kan bepaalde maatregelen treffen, niet alleen om de door uw arts vastgestelde hypertensie te ver-minderen, maar ook om hypertensie te voorkomen. Deze maatregelen hebben betrekking op uw levens-gewoonten in het algemeen :A) Eetgewoonten•Zorg ervoor dat uw gewicht normaal is voor uw leeftijd. Maak komaf met overgewicht. •Vermijd bovenmatig gebruik van keukenzout. •Vermijd vet voedsel.

52•problemen met het vetmetabolisme•artritisC) Stimulatoren•Stop volledig met roken.•Beperk alcoholgebruik.•Beperk cafeïnegebruik (koffie).D) Lichaamsbeweging•Doe regelmatig aan sport na een voorafgaand medisch onderzoek.•Kies voor duursporten en vermijd krachtsporten.•Ga niet tot het uiterste van uw krachten.•Indien u al ziek bent en/of indien u ouder bent dan 40 jaar, dient u uw arts te raadplegen vooraleer met om het even welke sport te beginnen. Hij weet welke sport ideaal is voor u en hoe vaak u moetsporten.3. De verschillende elementen van een bloeddrukmeterOnderstaande tekening geeft de bloeddrukmeter weer. Hij bevat :a) Meeteenheidb) Manchet :optieType ACMNP-1,voor een armomtrek van 22-32 cm otType ACLNP-1,voor een armomtrek van 32-42 cm (beschikbaar als speciaal accessoire)4. Gebruik van de bloeddrukmeter4.1.

53a) Verwijder het deksel zoals op de tekening is aangeduid. b) Plaats de batterijen (2 x AAA 1,5V) in de juiste richting (polariteit). c) Wanneer de batterijen leeg zijn, wordt dit op het schermweergegeven. Vervang de batterijen dan door nieuwe. Opgelet. •Wanneer op het scherm het teken verschijnt dat de batterijenleeg zijn, is het toestel geblokkeerd tot u er nieuwe in plaatst. •Gebruik batterijen van het type «AAA» lange duur of alka-linebatterijen van 1,5V. Wij raden het af oplaadbare batterijenvan 1,2V te gebruiken. •Wanneer u de bloeddrukmeter voor een lange tijd niet gebruikt,is het aangeraden de batterijen eruit te verwijderen. Controle van de werkingOm alle schermelementen te controleren, houdt u de toets aan/uit/geheugen ingedrukt. Als het toestel cor-rect werkt, verschijnen alle segmenten. 4. 2.

Aansluiten van de manchetslang•Manchet ACMNP-1 (1-manchetslang + T-vormigverbindingsstuk): sluit het slangetje op de manchet,het toestel en het peertje aan (of controleer deaansluiting) volgens het schema hiernaast. 5. Het meten van de bloeddruk5. 1. Vooraleer de bloeddruk te meten•Alvorens u de bloeddruk meet, is het beter niet te eten, te roken of om het even welke vorm van in-spanning te doen. Al deze factoren beïnvloeden het resultaat van de meting. Probeer de tijd te vindenom u te ontspannen door bijvoorbeeld 5 minuten rustig in de zetel te gaan zitten alvorens de bloeddrukte meten. •Verwijder elk spannend kledingstuk van de bovenarm. •Doe de metingen altijd aan dezelfde arm(doorgaans de linkerarm). •Doe de metingen regelmatig en altijd op een vast tijdstip omdat de bloeddruk in de loop van de dagverandert. 5. 2.

Zorgvoor eenontspannen en comfortabele houding en gebruik tijdens de hele meetfase geen enkele spier van demeetarm. Gebruik, indien nodig, een kussen om de arm te ondersteunen. •Wanneer de armslagader zich aanzienlijk hoger of lager dan het hart bevindt, krijgt u een foutief resul-taat (te hoog/te laag). (Elk hoogteverschil van 15 cm, heeft een fout van 10 mmHg tot gevolg). •Als de manchet te veel spant of te kortis, zal het meetresultaat foutief zijn. De keuze van een geschiktmanchet is uiterst belangrijk. De goede maat is afhankelijk van de armomtrek (gemeten in het midden.

54van de bovenarm). De aanvaardbare marge staat vermeld op de manchet. Als die niet past, raadpleegdan uw gespecialiseerde verdeler. Opmerking : gebruik enkel klinisch geteste manchetten!•Een te los manchet of een hoeveelheid lucht die een laterale zwelling vormt, geven foutieve meetre-sultaten. 5.3. Plaatsen van de mancheta) Plaats de manchet rond de linkerbovenarm zodat hetslangetje naar de voorarm is gericht. b) Plaats de manchet rond arm zoals op de tekening isaangeduid. Zorg ervoor dat de onderkant van demanchet zich 2 tot 3 cm boven de elleboogplooibevindt en dat de rubberen manchetslang langs debinnenkant van de arm uit de manchet komt.Belangrijk:het merkteken (streep van ongeveer 3cm) moet precies op de arterie die langs de bin-nenkant van de arm loopt.c) Neem het vrije uiteinde van de manchet en sluit deze.

d) Er mag geen ruimte vrij zijn tussen de arm en demanchet omdat dit tot verkeerde resultaten zou kunnenleiden. De arm mag niet gehinderd worden door kledij.Verwijder hinderende kledij (bijvoorbeeld een trui).e) Sluit de manchet met de zelfklevende band. Zorg er-voor dat deze niet te veel spant en comfortabel zit.Laat de armop tafel rusten (met de handpalm naarboven gericht) en let erop dat de manchet zich terhoogte van het hart bevindt. Let er eveneens op datde manchetslang niet gedraaid is. f) Blijf zo twee minuten rustig zitten alvorens de bloed-druk te meten.Opmerking: Als u de manchet niet om de linkerarm kan plaatsen, kan uhem ook rond de rechterarmdoen. Alle volgende metingenzullen dan echter wel aan deze arm moeten gebeuren.2–3 cmslang

555. 4. Procedure voor het meten van de bloeddrukWanneer u de manchet juist hebt aangebracht, kan u met de meting beginnen:a) Zet het toestel aan door op de O/I-Memory-toets te drukken. Zorg ervoor dat de slang goed met het instrument is verbonden. De manchetslang mag nog niet verbonden zijn met de bloed-drukmeter. Gedurende twee seconden verschijnt volgende aan-duiding (zie tekening hiernaast). Vervolgens hoort u een kortebliep : het toestel is afgesteld op de omgevingsdruk en is klaarvoor gebruik. Op het scherm verschijnt een «0». b) Neem het peertje van de pomp in uw vrije hand en blaas demanchet op tot een druk die ongeveer 40 mmHg hoger is dan de vermoede systolische arteriële bloed-druk. Als u geen idee heeft van deze druk blaast u de manchetop tot ongeveer 160-180 mmHg. De druk in de manchet wordtvoortdurend op het scherm weergegeven.

c) Vervolgens legt u het peertje neer en blijft u rustig zitten. Demeting gebeurt nu automatisch. Als de meting mislukt is, ver-schijnt op het scherm een knipperend, naar boven gericht pijltje:kijk onder het punt «Verhoging van de druk in de manchet». Zodra het toestel een hartslag waarneemt, verschijnt een knip-perend hartje op het scherm. d) Wanneer de meting beëindigd is, hoort u een lange bliep. Ophet scherm verschijnen de systolische en diastolische arteriëlebloeddrukwaarden evenals de hartfrequentie of de polsslag. Tegelijkertijd zal de druk in de manchet automatisch wordenverminderd door het decompressieventiel van het toestel. 5. 5. Verhoging van de druk in de manchetAls de manchet niet voldoende opgeblazen is, wordt demeting na enkele seconden onderbroken en verschijnt ophet schermeen knipperend, naar boven gericht pijltje.

Udient dan minstens 20 mmHg meer dan de vorige poging inde manchet pompen. Het is mogelijk dat deze handelingverschillende keren herhaald moet worden. Opgelet:Als de manchet te veel opgepompt is (meer dan 300mmHg), verschijnt op het schermde aanduiding «HI» enhoort u een geluidssignaal.

565. 6. Onderbreking van de metingWanneer u om een of andere reden de meting moet onder-breken (bijvoorbeeld wanneer u zich niet lekker voelt), drukop de O/I-toets. Het toestel zal de druk in de manchet danmeteen automatisch verlagen. 5. 7. Memoriseren van de laatste metingDe bloeddrukmeter slaat automatisch de laatst gemetenwaarde op. door ten minste 3 seconden op de O/I-toets tedrukken zal de laatste meting worden weergegeven. 6. Foutmeldingen/StoringenWanneer tijdens de meting een fout gebeurt, wordt demeting onderbroken en verschijnt de overeenstemmendefoutmelding op het scherm (bijvoorbeeld : err 1). *Neem a. u. b. contact op met uw arts wanneer dit of enig ander probleem vaker optreedt.

Andere mogelijke fouten en oplossingenWanneer zich tijdens de meting een probleem voordoet, gaat u volgende punten na en treft u, indien nodig,de gepaste maatregelen :MRNummer von de fout Mogelijke oorzaakERR 1 De systolische druk werd bepaald maar vervolgens is de druk in de manchet onder20 mmHg gedaald. Deze situatie kan zich voordoen wanneer bijvoorbeeld demanchetslang is losgekomen na de meting van de systolische bloeddruk. Anderemogelijke oorzaak : er werd geen hartslag waargenomen. ERR 2 Abnormale drukimpulsen beïnvloeden het meetresultaat. Oorzaak: de arm werd tij-dens de meting (artefact) bewogen. ERR 5 De meetresultaten geven een onaanvaardbaar verschil aan systolische en diastolis-che bloeddruk. Voer zorgvuldig nog een meting uit met nachtneming van de vol-gende richtlijnen. Raadpleeg een arts als u ongebruikelijke met ingen blijft krijgen.

57☞Bijkomende informatie :Het niveau van de bloeddruk varieert zelfs bij een gezonde persoon. Het is dus belangrijk dat de metingenaltijd in dezelfde omstandigheden (in rust. ) gebeuren om ze te kunnen vergelijken. Wanneer u technische problemen ondervindt met uw bloeddrukmeter, kan u zich richten tot uw leverancierof uw apotheker. Probeer nooit zelf het toestel te herstellen. Als het toestel zonder toestemming werdgeopend, vervalt de waarborg. 7. Onderhoud en ijkinga) Stel de bloeddrukmeter nooit bloot aan extreme temperaturen,vocht, stof of direct zonlicht. b) De manchet bevat een gevoelige, luchtdichte zak. Behandel dievoorzichtig en zorgervoor dat ze niet vervormd kan worden doorhaar te draaien of te plooien. c) Reinig de bloeddrukmeter met een zachte droge doek. Gebruik geenether, verdunningsmiddel, of oplosmiddel.

Vlekken op de manchetkunnen voorzichtig verwijderd worden met een sopje en eenvochtige doek. De manchet mag niet gewassen worden. d) Spring voorzichtig om met de manchetslang. Trek er niet aan en leger geen knopen in. Leg de slang niet over scherpe randen. e) Laat de bloeddrukmeter niet vallen en zorg ervoor dat hij niet aanschokken wordt blootgesteld. f) Open de bloeddrukmeter nooit. Hierdoor wordt de ijking waardeloos. Regelmatige ijkingDe precisie van gevoelige meetapparaten moet regelmatig wordennagekeken. Wij raden u bijgevolg aan om de statische druk om de 2 jaarte controleren. Uw leverancier zal u hieromtrent graag meer informatieverschaffen. Probleem OplossingHet toestel kan de bloeddrukwaarden vaak ni-et meten of de gemeten waarden zijn te laag(te hoog). 1. Plaats de manchet correct rond de arm. 2.

Zorg ervoor dat de manchet niet te veel spant en er geenopgerolde mouw een druk uitoefent op de plaats waar ude bloeddruk meet alvorens de meting te beginnen. Ver-wijder, indien nodig, het hinderende kledingstuk. 3. Voer de meting opnieuw uit in een toestand van volledi-ge rust.

Elke meting resulteert in verschillende waar-den, hoewel het toestel normaal functioneerten normale waarden worden weergegeven. • Kijk onder het punt «Bijkomende informatie» en«Veelvoorkomende fouten» en herhaal de meting. De gemeten bleoddrukwaarden verschillenvan de door de arts gemeten waarden. • Noteer de dagelijkse evolutie van de waarden en raad-pleeg uw arts. Gasoline.

588. WaarborgOp de bloeddrukmeter rust een waarborg van 3jaar vanaf de aankoopdatum. De waarborg heeft betrekking op de bloeddrukmeter en de manchet. De waarborg dekt geen schadeveroorzaakt oneigenlijk gebruik ongelukken, verkeerd gebruik of wijzigingen die door een derde aan hettoestel zijn aangebracht.De waarborg is enkel geldig bij voorlegging van de door de leverancier ingevulde waarborgbon.Verdeler:9.

NormreferentiesNorm van toepassing op het toestel: Het toestel voldoet aan de vereisten van de Eu-ropese norm voor non-invasieve bloeddrukmetersEN1060-1/12:95EN1060-3/09:97DIN 58130, NIBP - klinisch onderzoekANSI/AAMI SP10, NIBP - vereistenElektromagnetische compatibiliteit: Het toestel voldoet aan de vereisten van de Eu-ropese norm EN 60601-1-2Klinische tests: De klinische werkingstests werden uitgevoerdinDuitsland conformDIN 58130/1997 procedure N6(sequentieel).Er is voldaan aan de vereisten van de EuropeseRichtlijn 93/42/EEG met betrekking tot de medischebepalingen van de klasse IIa.

5910. Technische gegevensGewicht : 310 g (incl. batterijen)Afmetingen : 68 (breedte) x 186 (lengte) x 48.5 (hoogte) mmOpslagtemperatuur : –20 à +50° C Vochtigheid : 15 tot 90 % maximale relatieve vochtigheidWerkingstemperatuur : 10 tot 40°CScherm : LCD-scherm (Liquid Cristal Display)Meetmethode : oscillometrischMeetsonde n: capacitiEfMeetbereik :SYS/DIA: 30 tot 280 mmHgHartkloppingen : 40 tot 200 per minuutGeheugen : automatische memorisatie van de laatste twee metingenMeetresolutie : 1mmHgPrecisie :druk binnen ± 3 mmHgpols ± 5 % van de afgelezen waardeElektrische voeding : 2droge batterijen, AM-4, AAA, 1.5 VAccessoires: manchet van het type AC-1 M voor een armomtrek van 22-32 cmmanchet van het type AC-1 L voor een armomtrek van 32-42 cmOnder voorbehoud van technische wijzigingen!11.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Microlife BP 3AS1-2 Bloeddrukmeter stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden