Marquant MCR-718 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Marquant MCR-718 (83 pagina’s), behorend tot de categorie Autoradio. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 26 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Marquant MCR-718 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Marquant |
| Categorie: | Autoradio |
| Model: | MCR-718 |
Handleiding Marquant MCR-718 – volledige tekst
NL Veiligheidsinstructies Gebruik het apparaat uitsluitend voor het daarvoor bestemde doel. Monteer het apparaat zodanig dat voorhanden ventilatieopeningen niet worden afgedekt. Open nooit de behuizing van het apparaat. Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Neem het apparaat in geval van beschadigen niet meer in gebruik, maar laat het door een vakman repareren. Het symbool met het uitroepteken verwijst naar belangrijkebedienings- en onderhoudsinstructies in de begeleidende documentatie. Apparaten met dit symbool werken met een „klasse 1-laser„ voor de aftasting van de CD. De ingebouwde veiligheidsschakelaars moeten voorkomen dat de gebruiker wordt blootgesteld aan gevaarlijke, voor het menselijk oog onzichtbaar laserlicht wanneer het CD-vak geopend is.
Deze veiligheidsschakelaars mogen in geen geval overbrugd of gemanipuleerd worden omdat u anders gevaar loopt, aan het laserlicht te worden blootgesteld. Verkeersveiligheid• De verkeersveiligheid heeft absolute prioriteit. Gebruik daarom uw autoradio-installatie zodanig dat u de actuele verkeerssituatie altijd onder controle hebt. • Denk erom dat u bij een snelheid van 50 km/h maar liefst 14 m per seconde rijdt. • Wij raden u aan, het apparaat in kritieke situaties niet te bedienen. • De waarschuwingsaanwijzingen van bijv. politie en brandweer moet u in de auto op tijd kunnen horen en/of zien. • Beluister uw programma daarom tijdens het rijden alléén met gepaste geluids-sterkte. Voor de montage en de aansluiting dient u de volgende veiligheidsinstructies in acht te nemen. • Klem eerst de minpool en dan de pluspool van de accu af. (Het aanklemmen geschiedt in omgekeerde volgorde.
NL• De doorsnede van de plus- en de minkabel mag niet minder dan 1,5 mm² bedragen. • Let bij het boren van gaten op dat geen auto-onderdelen worden beschadigd.Installatietips:• Met beschermtules kunt u voorkomen dat kabels aan scherpe carrosseriede-len doorschuren. • De isolatie van de kabel mag tijdens de installatie niet worden beschadigd.• Het gebruik van het juiste gereedschap is bij de installatie van een autoradio vanzelfsprekend.Al naargelang de bouwwijze kan uw auto van deze beschrijving afwijken. Voor schade op grond van montage- of aansluitfouten en voor volgschade zijn wij niet aansprakelijk.InstallatieMonteer het radioapparaat volgens de onderstaande afbeeldingena Moerb Veerringc Onderlegplaatjed Schroefe Montagehoekf Inschuifbehuizingg SchroefdraadboutLet op!h Schroeven van de trans-portbeveiliging (a.u.b.
NL Zet het bedieningselement eerst aan tegen de rechterzijde en klik het vervolgens aan de linkerzijde in.AansluitingBreng de aansluiting tot stand volgens de afbeelding.Opgelet:• Plaats het verwijderbare bedieningselement pas na de aansluiting van de kabels.• Gebruik luidsprekers met een impedantie van 4 Ohm.Belangrijke aanvullende informatie voor de montage van uw autoradio!1. Verwijder vóór de montage a.u.b. de schroeven (h) van de transportbe-veiliging omdat in het andere geval de CD niet kan worden geladen. 2. Het apparaat is geconcipieerd voor de minpool van de accu die aan de carros-serie van het voertuig dient te zijn aangesloten. U dient dit vóór de installatie te controleren.antenneaansluitingpermanente stroomaansluitingmassaontstekingautom.
NL3. Let bij de montage/aansluiting van uw apparaat op dat niet iedere auto over een originele „ISO ANSCHLUSS“ beschikt. In dat geval adviseren wij het gebruik van een auto specifi eke ISO-adapter. Adapters zijn verkrijgbaar in een zaak voor autotoebehoren en/of bij uw garage.4. Bij de toewijzing van de Tijdsduur +“ (Permanente stroomaansluiting) kunnen echter al naargelang het voertuigtype afwijkingen optreden. (Dit is echter noodzakelijk voor de opslag van de zenderstations). Om alle functies te kunnen waarborgen dient de montage absoluut volgens deze handleiding te geschieden. Neem in geval van twijfel contact op met een geautoriseerde garage.5. De maximale hellingshoek bij de montage van uw autoradio mag niet meer dan 20° bedragen omdat bij een grotere montagehoek de functie van uw autoradio (CD-speler) niet meer gewaarborgd is.6.
Al naargelang het voertuigtype kunnen in uitzonderingsgevallen stoorgeluiden in de radio/CD-modus optreden. Deze kunnen worden verholpen met een extra ontstoorfi lter. Uw apparaat is standaard reeds uitgerust met een ont-stoorfi lter. Desondanks kunnen er afhankelijk van het voertuigtype storingen optreden. Ontstoorfi lters zijn verkrijgbaar kunt in een zaak voor autotoebehoren en/of bij uw garage.7. Let bij de montage van uw autoradio op dat de achterzijde van de radio over genoeg vrije ruimte beschikt, zodat voldoende ventilatie gewaarborgd is. 8. Voor de antenne bestaan twee verschillende normaansluitingen. De oude (50 Ohm) met lang, uitstekend rond contact aan de auto en een ronde bus aan de radio en de ISO-genormeerde antennesteker (150 Ohm). Adapters voor beide formaten zijn verkrijgbaar en/of bij uw garage.
Bij VW/Audi dient absoluut in acht te worden genomen: de actieve antenne vereist spanning op de afscherming van de coaxiale antennekabel, zonder deze spanning is de ontvangst onvoldoende. Een antenneadapter met fantoomvoeding lost dit probleem op.NL4
NLBediening1. REL-toets Druk op de REL-toets om het voorste bedieningselement te verwijderen.2. (selectie) SE - oets L ta) Druk kort op de SEL-toets om naar het selectiemenu van de klankmodus te schakelen. Op het display verschijnt „VOL“ voor de instelling van de geluidssterkte. Door herhaaldelijk op de SEL-toets te drukken kunt u nu de afzonderlijke menupunten zoals VOL (geluidssterkte), BAS (bass), TRE (treble), BAL L - - R (balance) en FAD F - - R (faderregeling) selecteren. U verandert de instellingen van de verschillende menupunten door aan de multifunctionele knop VOL (2) te draaien. Opmerking: wanneer onder DSP equalizerinstellingen zoals bijv.
POP, ROCK geselecteerd zijn, kunnen BASS en TREBLE niet worden ingesteld.b) Druk lang op de SEL-toets om naar het selectiemenu te schakelen: • TA SEEK / TA ALARM• PI MUTE / PI SOUND• RETUNE L / RETUNE S• MASK DPI / MASK ALL• BEEP 2ND / BEEP ALL / BEEP OFF• SEEK 1 / SEEK 2• DSP OFF / FLAT / POP M / CLASSICS / ROCK• LOUD ON / OFF• STEREO / MONO• LOCAL / DX• VOL LAST / ADJ Op het display verschijnt „TA SEEK“. Door herhaaldelijk op de SEL-toets te drukken kunt u nu de afzonderlijke menupunten selecteren. U verandert de instellingen van de verschillende menupunten door aan de multifunctionele knop VOL te draaien.NL5
NL• TA SEEK-menu (verkeersberichten-zenderzoekfunctie)Selecteer TA SEEK wanneer bij de selectie van de TA-functie automatisch een zender met verkeersberichten gezocht dient te worden. Wanneer u TA ALARM selecteert, ontvangt u een waarschuwing op het display, zodra u onder de TA-functie een zender hebt ingesteld die geen verkeersberichten uitzendt. • PI MUTE/PI SOUND (alleen voor de radiomodus) Wanneer u zich in een gebied bevindt waarin twee programma-identifi ca-ties (PI) elkaar overlappen, kunt u voor de weergave de optie PI SOUND en PI MUTE selecteren. Een afwisselend omschakelen van de program-ma-identifi catie dient te worden vermeden. PI SOUND: wanneer desondanks een omschakeling plaatsvindt, wordt de klank van een andere zender slechts minder dan een seconde weergegeven. PI MUTE: de klank van een andere zender wordt onderdrukt.
• RETUNE L/RETUNE S (alleen voor de radiomodus) Wanneer voor een bepaalde tijd geen TA-informatie (verkeersinformatie) ontvangen wordt, zoekt de radio automatisch naar de volgende zender met een identieke PI-kenmerking (programma-identifi catie). RETUNE L = 90 secondes. RETUNE S = 60 secondes. • MASK DPI/ALLVerbergen van alternatieve frequenties (AF) tijdens het zoeken naar een programma-identifi catie (PI). MASK DPI: wanneer het apparaat naar de programma-identifi catie (PI) van een zender zoekt, blijven de alternatieve frequenties met een andere programma-identifi catie verborgen. MASK ALL: bij het zoeken naar een programma-identifi catie (PI) blijven alternatieve frequenties met een andere programma-iden-tifi catie en zenders met een sterke signaalniveau zonder RDS-signaal verborgen.
• BEEP 2ND/BEEP ALL/BEEP OFF (bevestigingsgeluid) Voor het bevestigingsgeluid bij het indrukken van toetsen hebt u drie keuzemogelijkheden. BEEP 2ND: het bevestigingsgeluid klinkt wanneer u een toets ingedrukt houdt. BEEP ALL: het bevestigingsgeluid klinkt na iedere druk op de toets. BEEP OFF: het bevestigingsgeluid is uitgeschakeld.
NL SEEK 1: houd de /I I-toetsen ingedrukt en de radio stopt bij het volgende ontvangbare zenderstation. SEEK 2: houd de I /I-toetsen ingedrukt totdat de zoekfunctie in de frequentieband wordt voortgezet. • (Equalizer) DSP In het DSP kunt de equalizerinstellingen FLAT, POP M, CLASSICS, en ROCK selecteren. Selecteer DSP OFF om eigen instellingen uit te voeren. Zie hiervoor ook punt 3a. • LOUD ON/LOUD OFFAan- en uitschakelen van de LOUDNESS-functie. In het lagere volumebereik wordt door middel van de functie LOUDNESS (LOUD) het geluidsbeeld uitgebreid. Hoogten en bassen worden versterkt. • (alléén selecteerbaar in radiomodus). STEREO/MONO-omschakeling• LOCAL/DX (EON) (alleen in radiomodus selecteerbaar) Uw radio kan RDS EON-gegevens ontvangen. Met EON wordt de over-dracht van extra zenderinformatie binnen een zenderketen, bijv. de WDR, bedoeld.
In geval van een verkeersbericht (TA) wordt binnen een zender-keten van een niet-verkeerszender overgeschakeld naar de desbetreffende verkeerszender van de zenderketen. De ontvangst van deze zendergege-vens wordt door middel van het EON-teken op het display weergegeven. U kunt kiezen uit de EONTA LOCAL- resp. EONTA DISTANCE-modus voor de lokale of de langeafstandsverkeersberichten. Het doel voor deze functie bestaat daarin, een ongewenst overschakelen naar een EON-TA-verkeersbericht te onderdrukken. Wanneer een EON-zender zeer ver weg ligt, kunt u gedeeltelijk toch EON TA-informatie van dit station ontvangen. De radio schakelt over naar dit EON-verbindingsstation en probeert de verkeersinformatie te ontvangen. Het signaal is echter te zwak en de ontvangst is slecht omdat dit EON-verbindingsstation te ver buiten het bereik ligt.
EONTA LOCAL: door middel van deze functie wordt een omschakelen naar een EON-verbinding met een te zwak signaal vermeden. De radio schakelt niet over naar deze zender en de luisteraar neemt de storing nauwelijks waar. EON TA-DISTANCE-modus: in deze modus probeert de EON TA-schakeling de EON TA-informatie van een bereikbare zender te ontvangen en de ontvangstkwaliteit op deze wijze te verbeteren. NL7.
NL• VOL LAST/VOL ADJ VOL LAST: de radio schakelt in met de op het laatst ingestelde geluids-sterkte. VOL ADJ: druk opnieuw op de toets SEL, A - - VOL verschijnt op het display. Met de multifunctionele knop VOL kunt u de gewenste inschakelgeluidssterkte selecteren. 3. LCD-displ ya (vloeibaa -kristaldispl y)r a4. BND- oetstDruk kortstondig op de BND-toets om tussen de drie FM- (UKW) en de 2 AM- (middengolf) niveaus heen en weer te schakelen. De benaming van de desb t e ende ni eaus FM1, FM2, FM3, ordt op h t CD-dis-e r ff v w e Lpl y eergeg en. In CD-modus ordt OLDER (map), a w ev w FTITEL, ARTIST (artiest) en ALBUM weergegeven (alléén wanneer het medium ID3-tag-informatie bevat). 5. I / I - oetsen TUNE, SEEK, TR CK, SKIP UP/D WNt A Oa) In de radiomodus: druk kortstondig op de I of I-toets om een radi-ozender handmatig in te stellen.
Houd de I of I-toets ingedrukt om het zoeken naar een radiozender te starten. Zie hiervoor ook de functie SEEK 1 / SEEK 2. b) In CD-modus: druk o ts ondig op de o tsen k r t t e I of I om voorruit of achteruit te springen. Om titels voorruit of achteruit te spoelen houdt u de pijltoetsen I I of ingedrukt. 6. MOD- oetstDruk op deze o ts om de CD-spele -, radiomodus enz. e selec e en. t e r t t r7. MU- oets t (s omscha eling) t kDruk op de MU-toets om de luidsprekers kortstondig uit te schakelen. MUTE knippert op het display. Druk de toets opnieuw in om de functie weer te deactiveren. Deze functie kan ook door het indrukken van de MOD-, BND-, SEL-toets en de multifunctionele knop VOL worden gedeactiveerd. 8. (au omatische zende opslag) A. P- oett s t r In de radiomodus:a) Opslagfunctie:druk langer dan 1 seconde op de A. P-toets om de automatische zende-ropslag te activeren.
NL De nu opgeslagen zenders worden telkens ca. 5 seconden lang aange-speeld en daarna wordt de zender van de eerste geheugenplaats ingesteld. Indien u nog meer zenders op de FM-band wilt zoeken, drukt u op de BND-toets om naar de FM2-of FM3-band over schakelen. Druk opnieuw langer dan 1 seconde op de A. P-toets om verder te zoeken. b) Aanspeelfunctie:nadat u de A. P-toets kort hebt ingedrukt, speelt de radio alle vooringestel-de zenders van de frequentieband aan. Opmerking: de aanspeelfunctie eindigt automatisch weer bij de geheugen-plaats waarop deze werd gestart. A. P-toets voor zoekfunctie in de MP3-modus:Wanneer bij het produceren van een CD in MP3-formaat dienovereenkoms-tige gegevens werden aangelegd, kunnen deze met behulp van de volgende functies worden gezocht. a) Directe invoer van het titelnummer bij CD´s in MP3-formaat:1. Druk 1x op de A. P-toets.
Op het display verschijnt „MP3 T000“. Het derde cijfer vóór de komma knippert. 2. Door aan de multifunctionele knop VOL te draaien, hebt u nu de moge-lijkheid om als derde cijfer vóór de komma een titelnummer van 0 t/m 9 in te voeren. 3. Druk kortstondig op de SEL-toets. Het tweede cijfer vóór de komma knippert. Ga te werk als onder punt 2 beschreven. 4. Druk opnieuw kortstondig op de SEL-toets om het laatste cijfer vóór de komma in te voeren. 5. Sluit de invoer van het titelnummer af door langer (1 sec. ) op de SEL-toets te drukken. Onmiddellijk daarna wordt de geselecteerde titel afgespeeld. b) Zoekfunctie voor sleutelwoorden bij CD‘s in MP3-formaat:1. Druk 2x op de A. P-toets. Op het display verschijnt „A - -“. Wanneer een titel of een map met deze letter gevonden wordt, wordt de titel rechts op het display weergegeven. (Wanneer ID3-tag-informatie op de CD voorhanden is). 2.
Binnen een beginletter kunt u echter ook met behulp van de SKIP-toet-sen door alle ti els blade en die m t deze l t er beginnen (afhan e-5t r e e t klijk van het medium). 3. Druk kortstondig op de SEL-toets. De desbetreffende titel/map wordt aangespeeld. c) Mapselectie bij CD‘s in MP3-formaat:1. Druk 3x op de A. P-toets. Op het display verschijnt “ROOT” voor de hoofdmap. 2. Wanneer submappen voorhanden zijn, kunt u deze ook door het draai-en aan de multifunctionele knop VOL selecteren. NL9.
NL3. Bevestig een geselecteerde map door op de SEL-toets te drukken. De eerste titel van de geselecteerde map wordt afgespeeld. 3a. M t behulp an de SKI - o tsen unt u ook in een map een ti el e v P t e 5k tselecteren. Bevestig de selectie door op de SEL-toets te drukken. Opmerking: de weergave van een door de gebruiker gemaakte CD kan op grond van de vele beschikbare programma’s en CD-media niet worden gegarandeerd. In de normale afspeelmodus van CD´s in MP3-formaat kunt u met de I - of I-toetsen telkens één titel omhoog of omlaag springen. Met de stationstoet-sen 5 en 6 kunt u telkens 10 titels omlaag of omhoog springen. 9. als stations o tsen (1–6) an oorgeselec eerde zenders en als t e v v t1II 2INT 3RPT 4RDM-, -, -, -toetsen in de CD-modusa) Radio-modusDoor kortstondig indrukken kunt u via deze toetsen een voorgeselecteerde radiozender direct selecteren.
Wanneer u deze toetsen langer dan één seconde indrukt, wordt de actueel ingestelde zender onder de geselecteer-de stationstoets opgeslagen. b) CD-modus• Druk op de 1 II-toets om het afspelen van de CD te onderbreken (pau-zefunctie). Druk de toets opnieuw in om de functie weer te deactiveren. • Druk op de 2INT-toets. Iedere titel van de CD wordt gedurende 10 seconden afgespeeld. Druk opnieuw op deze toets om de zoekfunctie af te breken. De actueel geselecteerde titel wordt afgespeeld. • Druk op de 3RPT-toets. De actuele titel wordt herhaald. Druk de toets opnieuw in om de functie weer te deactiveren. • Druk op de 4RDM-toets. De CD-titels worden in willekeurige volgorde afgespeeld. Druk de toets opnieuw in om de functie weer te deactive-ren. 10.
A trafT fi c annonuncement ( oorrangscha eling oor er eersberich en) v k v v k tDe TA-fucntie wordt door het kort indrukken van de TA-toets geactiveerd en door het TA-symbool op het display weergegeven. In de radiomodus in een FM-frequentieband begint het zoeken naar een verkeersberichtzender (TA SEEK) automatisch.
Wanneer een FM-zender wordt ontvangen die periodiek de nieuwste verkeers-informatie uitzendt, brandt de TP-weergave op het display. Wanneer de TA-functie is ingeschakeld, onderbreken de UKW/FM verkeers-berichten automatisch de CD-modus (op het display verschijnt TRAFFIC). De geluidssterkte wordt opgevoerd naar de minimale waarde voor de overdracht van de verkeersberichten. Na afl oop van de verkeersinformatie wordt het tevoren ingestelde programma voortgezet. NL10.
NL Onderbreking van de TA-functie: wanneer u de weergave van de actuele verkeersberichten wilt onderbreken, drukt u kort op de TA-toets. De TA-modus wordt hierdoor niet uitgeschakeld.11. P etsTY- ot selectie an h t p ogrammatypev e rNaast de naam van de zender geven sommige FM-zenders ook informatie over het programmatype van hun programma. Deze informatie kan door uw autoradio worden weergegeven. Deze programmatypes kunnen bijv. zijn: SPORT NEWS POP CLASSICS Met de PTY-functie kunt u doelgericht zenders uitkiezen van een bepaald programmatype. Druk 1x op de PTY-toets om naar de PTY-muziekgroep te schakelen. Op het display verschijnt het teken “PTY“.
Wanneer het gezochte programmatype niet werd gevonden, verschijnt op het display „PTY NONE”. Wanneer de gezochte PTY-informatie niet meer bestaat, schakelt de PTY-functie automatisch over naar de normale modus. NL11
NL12. (al ernati e f equenties) -functie AF t ev r REGa) is een functie die met behulp van het RDS ( adio AF R Data System) werkt en alleen bij FM-zenders kan worden gebruikt. Het apparaat zoekt op de achtergrond de beste te ontvangen frequenties van de ingestelde zenders. Wanneer de AF-functie wordt geselecteerd, controleert de radio voortdu-rend de signaalsterkte van de AF-frequentie. Het controle-interval voor iedere AF-frequentie is afhankelijk van de signaalsterkte van de actuele zender en varieert van een paar minuten in geval van een sterke zender tot een paar seconden bij zwakke zenders. Iedere keer wanneer de nieuwe AF-frequentie sterker is dan het actueel ingestelde station, schakelt het ap-paraat voor een korte tijd naar deze frequentie over en er wordt gedurende een tot twee seconden de melding weergegeven “NEW FREQUENCY”.
Omdat de geluidloze overschakelingstijd tijdens de frequentiewissel resp. de controletijd zeer kort is, is dit tijdens het normale programma nauwelijks hoorbaar. De AF-functie wordt door kort indrukken van de A. F-toets geactiveerd en de status van de AF-functie wordt door een kort AF-teken op het display weergegeven. • Wanneer het AF-teken op het display verschijnt, is de AF-functie inge-schakeld en worden RDS-zendgegevens ontvangen. • Wanneer het AF-teken op het display knippert, is de AF-functie weliswaar ingeschakeld, maar kan geen RDS-zendsignaal worden ontvangen. • Druk opnieuw op de A. F-toets om de functie weer uit te schakelen. Het AF-teken op het display dooft. b) -functieREGSommige zenders spreiden hun programma’s op bepaalde tijdstippen in regionale programma’s met verschillende inhoud. REG ON: door lang indrukken van de A. F-toets wordt de regionale modus ingescha eld.
Het is daarom mogelijk dat in de dubbele weergavemodus enkele segmenten van het display gewist zijn. Met de functie REG ON wordt vermeden dat de radio overschakelt naar alternatieve frequenties die een andere regionale programma-inhoud hebben. REG OFF: door het opnieuw lang indrukken van de A. F-toets wordt de re-gionale modus uitgeschakeld. Op het display verschijnt gedurende enkele seconden de melding “REG OFF”. De programma-identi catie (PI) van het regionale zendprogramma wordt tijdens het zoeken naar een alternatieve frequentie (AF) of een program-ma-identi catie (PI) genegeerd. NL 13. Uit erp oetsw t :Druk op deze toets om de CD uit te werpen. NL NL 14. P WE -knopO RDruk op deze toets om het apparaat in- of uit te schakelen. Druk kort op deze toets om het apparaat in te schakelen en houd de toets ingedrukt om het uit te schakelen. NL12.
NLVerhelpen van storingenVoer eerst alle aansluitingen uit voordat u de checklist doorloopt. Wanneer u na controle aan de hand van de checklist nog steeds vragen hebt, neem dan a.u.b. contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice.Storingssymptoom Reden OplossingCD‘s worden maar tot de helft in de CD-sleuf getrokken.De schroeven van de trans-portbeveiliging werden niet verwijderd.Verwijder de schroeven van de transportbeveiliging. ERROR 2 wordt op het display weergegeven. De CD is verkeerd om geplaatst. Plaats de CD correct.De CD kan niet via de MOD-toets worden geselecteerd. Er is géén CD geplaatst Plaats een CD.Na het plaatsen in het apparaat loopt de CD of de cassette niet. De volumeregelaar is te zacht ingesteld.
Stel de volumeregelaar hoger in.De aansluitingen zijn niet correct uitgevoerd.Controleer de +12V- en de massa-aansluiting.De CD stokt.Het wegdek is ruw.Wacht met het afspelen van de CD totdat het wegdek vlakker wordt.Het apparaat is niet vast gemonteerd.Bouw het apparaat vast in. Waarborg dat de achterste bevestiging wordt gebruikt wanneer het voertuig niet over een geschikte opname voor het achterste apparaatgedeelte beschikt.De CD is defect.Probeer een andere CD. Wan-neer deze correct functioneert is de eerste CD waarschijnlijk beschadigd.De CD is verontreinigd. Reinig de CD.Eventueel is het apparaat te schuin in de auto gemonteerd.Let op dat de max. inbouwhoek van 20° niet mag worden overschreden!Geen functie.De ontsteking is uitgeschakeld.
Draai ontstekingssleutel naar de stand „ON“ of „ACC“.Een of meerdere zekeringen zijn doorgebrand.Vervang de zekering door een andere 10A /0,5A/1A-zekering.Het apparaat kan niet via de ont-steking “In” of “Uit” geschakeld worden.Verkeerde aansluiting(iedere autofabrikant voert de ISO-aansluiting in de auto anders uit).Neem contact op met uw garage of een autospecialist i.v.m. auto-specifi eke aansluitadapters. NL14
NLStoringssymptoom Reden OplossingHet apparaat functioneert niet correct(EJECT, LOAD, PLAY).De microcomputer werd door elektromagnetische velden gestoord.Verwijder de CD of cassette en plaats deze weer.Schakel het apparaat uit- en weer in.Het apparaat kan niet worden bediend, het “hangt vast“.De stuurprocessor van het apparaat kan op grond van over- of onderspanning in het boordnet geblokkeerd zijn.Druk op de RESET-toets.(Meestal achter het verwijderba-re bedieningselement.)Geen radio-ontvangst. De antennekabel is niet aangesloten.Steek de antennekabel vast in de antennebus van het apparaat.Slechte radio-ontvangst.Eventueel beschikt uw auto over een speciale antenne (antenne met fantoomvoeding.)Neem contact op met uw garage of een autospecialist. (Voor “fabrikaten van derden” zijn specifi eke scheidingsfi lters resp.
spanningsadapters verkrijgbaar.)In de automatische zoek-modus stopt de radio niet bij zenderstation(s).De zendersignalen zijn te zwak. Stel het zenderstation handmatig in.SD/MMC-kaart wordt niet afgespeeld resp. kan niet worden geselecteerd.De SD/MMC-kaart is verkeerd om geplaatst.Steek de SD/MMC-kaart correct in de opening. (Op het display verschijnt dan FLASH.)De SD/MMC-kaart is niet correct geplaatst.Let op dat de SD/MMC-kaart hoorbaar vastklikt. (Op het display verschijnt dan FLASH.)Er bevindt zich geen SD/MMC-kaart in het apparaat.Steek een SD/MMC-kaart in de opening.NL15
NLHandling van een CDReinigen van de CDReinig de CD vóór het afspelen met een schone, stofvrije reinigingsdoek. Verwijder het stof van de CD in pijlrichting.Opmerking: gebruik géén oplosmiddelen zoals benzine of verdunner. De algemeen verkrijgbare reinigingsmiddelen of antistatische sprays bescha-digen het apparaat. Plaatsen van de CDWanneer de CD met de opdruk naar beneden wordt geplaatst, kan het apparaat beschadigd worden.Plaats de CD altijd met het label naar boven.Opmerking: tracht niet, een Cd te plaatsen wan-neer zich reeds een CD in de CD-sleuf bevindt. Hierdoor kan het apparaat worden beschadigd.Vastpakken van de CDGrijp de CD altijd aan de rand vast.
Om de Cd schoon te houden, mag u deze niet aan het op-pervlak vastpakken.• Plak geen papier of plakband op de CD.• Stel de CD niet bloot aan directe zoninstraling of warmtebronnen zoals verwarmingsbuizen en laat de CD ook niet in de auto liggen wanneer deze in de zon geparkeerd staat omdat dit een aanzienlijke temperatuurstijging tot gevolg heeft.• Controleer alle CD’s op scheuren, krassen en oneffenheden voordat u deze afspeelt. CD’s met een dergelijke beschadiging kunnen eventueel niet correct worden afgespeeld. Gebruik deze CD’s niet. • Gebruik alléén in de handel verkrijgbare cirkelvormige CD’s met een diameter van 12 cm. CD’s met een diameter van 8 cm of CD’s die over contouren be-schikken, bijv. in de vorm van een vlinder of een hart, zijn niet geschikt voor de weergave. Het gevaar bestaat dat de CD en het station onherstelbaar worden beschadigd.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Marquant MCR-718 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Autoradio Marquant
Handleiding Autoradio
Nieuwste handleidingen voor Autoradio