Marklin 54293 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Marklin 54293 (32 pagina’s), behorend tot de categorie Modelbouw. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 7 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Marklin 54293 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Marklin |
| Categorie: | Modelbouw |
| Model: | 54293 |
Handleiding Marklin 54293 – volledige tekst
Vorbild • Prototype • Exploitation dans le réel • Grootbedrijf5Informatie van het voorbeeldDe economische crisis aan het eind van de jaren twintig in de 20e eeuw leidde tot een voorbijgaand verflauwen van de activiteiten van de Deutsche Reichsbahn bij de verdere elek-trificatie van de trajecten. Tegelijk werd ook de aanschaf van nieuwe elektrische locomotieven onderbroken. Dit gat werd door de drie locomotieffabrieken Bergmann-Elektrizitäts-Werke AG, Maffei- Schwartzkopf-Werke GmbH en Siemens-Schuckert-Werke AG door de eigen ontwikkeling van een nieuwe eloc opgevuld. Elke fabriek ontwikkelde haar eigen oplossing, die door van de Deutsche Reichsbahn onder de serie E 44 (SSW-versie), E 445 (MSW-versie) en E 4420 (BEW-versie) ingevoerd werd.
Terwijl de E 4420 een enkeling bleef en de E 445 slechts in twee kleine bouwseries met ieder 4 exemplaren geprodu-ceerd werd, was de E 44 van Siemens de onmiskenbaar meest succesvolle ontwikkeling met een aantal van meer dan 180 exemplaren. Daarbij werden de laatste locomo-tieven van deze serie zelfs nog door de DB aangeschaft, waardoor bij deze loc een totale bouwtijd van ca. 20 jaar ontstaan is. Deze locomotieven werden met concentratie op het vanaf 1933 geëlektrifi-ceerde traject Stuttgart-Augsburg ingezet. Van de 174 voor de oorlog geproduceerde versies bleven 45 stuks bij de Deutsche Reichsbahn en werden daar later als serie 244 aangeduid. De overige modellen werden door de Deutsche Bundesbahn overgenomen en vanaf 1968 als serie 144 gevoerd. Enkele van deze voertuigen werden voor het keertreinbedrijf technisch aangepast.
Een van de kenmerkende verschillen met de vroegere eloc-constructies is het gebruik van twee draaistellen zonder voorloopassen. Daarmee vormt deze loc de oervoorouder van de moderne constructies. Met een maximumsnelheid van 90 km/h en een vermogen van maximaal 2200 kW kon deze geslaagde constructie aan eisen van het bedrijf tot in tijdperk IV voldoen.
Betrieb • Operation • Fonctionnement • Exploitatie12WerkingDeze loc met ingebouwde digitaalelektronica biedt u:• Naar keuze conventioneel bedrijf (wisselstroom met de Transformer 32 VA of gelijkstroom [max +/– 18 Volt=] ), bedrijf met Märklin Delta (alleen het Delta Station 6607), Märklin Digital (Control Unit) of het Märklin Systems (Mo-bile Station of Central Station). Het bedrijf met rijregelaars van andere systemen (bijv. impulsbreedte sturing, gebruik van de Central-Control 1 (6030) of een dergelijk systeem) is niet mogelijk. • Het bedrijfssysteem wordt automatisch herkend. • Instelbare adressen: 01-80. Vanaf de fabriek: 14. • Mfx-technologie voor het Mobile Station / Central Station. Naam af de fabriek: BR 144• Instelbare optrekvertraging. • Instelbare afremvertraging. • Instelbare maximumsnelheid.
• Elektronische instelling van de locomotiefparameters via de Control Unit, Mobile Station of Central Station. • Ingebouwde geluidselektronica, alleen bruikbaar in het bedrijf met de Control Unit of Märklin Systems. Extra schakelbare geluiden. • Het model is ontwikkeld voor het gebruik op het Märklin Spoor 1 railsysteem. Het gebruik op een ander railsys-teem geschied op eigen risico. • Berijdbare minimumradius: 600 mm. • Het model beschikt zowel voor als achter over een telex-koppeling. Hiermee kunnen in digitaal/ systems bedrijf Märklin 1- modellen voorzien van klauwkoppellingen met een schakelcommando afgekoppeld worden. Bij het ge-bruik van koppelingssystemen van andere fabrikanten zijn storingen niet uit te sluiten. De in het normale bedrijf voorkomende onderhoudswerk-zaamheden zijn verderop beschreven. Voor reparatie of onderdelen kunt u zich tot uw Märklin winkelier wenden.
de ombouw oorzaak van nadien opgetreden defecten en / of schade was. De aantoonplicht en de bewijslijst daaromtrent, dat de inbouw van vreemde onderdelen in Märklin-producten of de ombouw van Märklin-producten niet de oorzaak van opgetreden defecten en / of schade is geweest, berust bij de voor de inbouw en/of ombouw verantwoor-delijke persoon en / of firma danwel bij de klant. Veiligheidsvoorschriften• De loc mag alleen met een daarvoor bestemd bedrjfssys-teem (Märklin wisselstroom transformator 6647, Mär-klin Delta, Märklin digitaal of Märklin Systems) gebruikt worden. • De loc mag niet vanuit meer dan één stroomvoorziening-gelijktijdig gevoed worden. • Lees ook aandachtig de veiligheidsvoorschriften in de gebruiksaanwijzing van uw bedrijfssysteem.
Le début et la fin de la côte doivent en tous cas étre arrondis. La différence de pente entre deux éléments de voie d’au moins 300 mm de longueur doit étre de 1 à 1,5% maximum. Aansluiting van de sporenOm spanningsverlies op de modelbaan te voorkomen moeten de raillassen altijd goed op elkaar aansluiten. Om de 2 à 3 meter moet de voeding opnieuw op de rails gezet worden. Daarbij zijn de aansluitklemmen 5654 aan te raden. Voor het conventionele bedrijf met de het treinstel dient de aansluitrail te worden ontstoort. Hiervoor dient men de ontstoor-set 104770 te gebruiken. Voor het digitale bedrijf is deze ontstoor-set niet geschikt. Berijden van hellingenIn tegenstelling tot het grote voorbeeld kunnen met een modelbaan ook grotere hellingen bereden worden. Normaal moet een helling maximaal 3 procent zijn.
In extreme gevallen is maximaal 5 procent mogelijk, maar dan moet rekening gehouden worden met een evenredig verlies aan vermogen. Het begin en het einde van de helling moeten altijd gerond worden.
Les feux clignotent lentement (ex-ception : réinitialisation aux valeurs d’usine)13. Définition de paramètres suivante à partir du point 6 ou terminer par le point 14. 14. Terminez le processus en pressant la touche „Stop“. Ensuite, pressez la touche „Go“. Locparameters instellen met de Control Unit1. Voorwaarde: opbouw zoals tekening op pagina 17. Alleen de loc die gewij-zigd moet worden op de rails. 2. ”Stop”- en ”Go”-toets gelijktijdig indrukken tot ”99” in het display oplicht. 3. ”Stop”-toets indrukken. 4. Het adres „80“ invoeren. 5. Omschakelcommando met de rijre-gelaar vasthouden. Tijdens het vast-houden de toets “Go” indrukken. 6. De verlichting van de loc knippert langzaam. Indien dit niet het geval is, vanaf stap 2 opnieuw beginnen. 7. Het registernummer van de te wijzigen parameter invoeren (=> lijst op pagina 19). 8. Omschakelcommando geven. 9. Verlichting gaat snel knipperen.
Respectez les remarques mentionnées dans l’instruction accompagnant la Mobile Station / Central Station. En faveur de l’une des bonnes caractéristiques de roulement, la VMAX du modèle est préréglée sur 54% (Mobile Station) ou 138 (Central Station). L’augmentation de cette valeur n’augmentera pas la vitesse, mais risque uniquement d’altérer les caractéristiques de roulement. Bedrijf met Mobile Station / Central Station• Loc op de rails plaatsen. De loc meldt zichzelf aan in de loclijst. • Geen terugmelding van de loc als: bij het Mobile Station de snelheidsbalk knippert bij het Central Station het mfx-symbool onderstreept is• Loc afmelden: 1. loc van de rails nemen 2. loc invoer wissen. Het wijzigen van het adres is niet nodig. Locparameter wijzigen met het Mobile Station/ Central Station 1. Loc uit de loclijst kiezen. 2. Ga naar het nevenmenu ”WIJZIG LOC”. 3.
4. Nieuwe waarde invoeren en overnemen. Lees ook de opmerkingen in de gebruiksaanwijzing van het Mobile Station / Central Station. Voor het verbeteren van de rijeigenschappen is bij het mo-del de maximumsnelheid op 54% (Mobile Station) dan wel 138 (Central Station) ingesteld. Het verhogen van deze voo-ringestelde waarde heeft geen invloed op de maximumsnel-heid, maar beïnvloed alleen de rijeigenschappen negatief.
Het gebruik bij slecht weer (sneeuw of regen) is niet aan te raden. Aandrijving en elektronica zijn weliswaar afgeschermd tegen spatwater maar rijden door het water is niet mogelijk. Het is aan te bevelen het model na het gebruik buiten te controleren op vuil en dit eventueel droog te verwij-deren met een stofdoek of een zachte kwast. Nooit de loc onder stromend water reinigen. Opmerking: reinigings-middelen kunnen de lak en de opschriften op de loc aantasten en beschadigen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Marklin 54293 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Modelbouw Marklin
Handleiding Modelbouw
Nieuwste handleidingen voor Modelbouw