Liebherr TP 1444 Comfort Handleiding

Liebherr Koelkast TP 1444 Comfort

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr TP 1444 Comfort (14 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 27 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Liebherr TP 1444 Comfort of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/14
Gebruikshandleiding
Tafelmodel koelkast
20220503
7080358 - 02
T(be)(sl)/TP(esf)/Tb14../15../17../18..

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelkast
Model: TP 1444 Comfort
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Nee
Breedte: 554 mm
Diepte: 623 mm
Hoogte: 850 mm
Netbelasting: - W
Geluidsniveau: 37 dB
Energie-efficiëntieklasse: D
Jaarlijks energieverbruik: 112.8 kWu
Nettocapaciteit vriezer: 14.5 l
Vriescapaciteit: 4.8 kg/24u
Nettocapaciteit koelkast: 106.3 l
Koelkast binnenverlichting: Ja
Soort lamp: LED
Aantal groente lades: 1
Vriezer positie: Boven
Bewaartijd bij stroomuitval: 9 uur
Aantal sterren: 4*
Totale nettocapaciteit: 120 l
Stroomgebruik per dag: 0.309 kWh/24u
Minimum operationele temperatuur: 10 °C
Maximale temperatuur (in bedrijf): 38 °C
Klimaatklasse: SN-ST
Geluidsemissieklasse: C
AC-ingangsspanning: 220-240 V
AC-ingangsfrequentie: 0.8 Hz

Handleiding Liebherr TP 1444 Comfort – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 EPREL-database. 31. 5 Afmetingen. 31. 6 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 43 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Bedienings- en controle-elementen. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 Onderbouw. 74. 5 In het keukenblok schuiven. 74. 6 Afvalverwerking van de verpakking. 84. 7 Apparaat aansluiten. 84. 8 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 85. 1 Koelgedeelte. 85. 2 Vriesvak*. 96 Onderhoud. 106. 1 Ontdooien. 106. 2 Apparaat reinigen. 106. 3 Binnenverlichting vervangen. 116. 4 Technische Dienst. 116. 5 Energie-efficiëntieklasse verlichting. 117 Storingen. 128 Uitzetten. 128. 1 Apparaat uitschakelen. 128. 2 Buiten werking stellen.

129 Afvalverwijdering. 129 Apparaat op afvoer voorbereiden. 129 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren 13De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Handelingsinstructies zijn gemarkeerd met een , hande-lingsresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzichtAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend.

1 (1) Behuizing thermostaat,binnenverlichting(7) Koudste zone(2) Vriesvak* Groentenvak(8)(3) Boter- en kaasvak Stelpoten voorzijde en(9)transportwieltjes* achter(4) (10)Flessenrek* Condenswaterafvoer(5) (11)Flessenhouder* Typeplaatje(6) Plateaus, verplaatsbaar1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen voor huishoudelijkeof soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Het apparaat is niet geschikt voor het invriezenvan levensmiddelen. *Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.

Voorzienbaar verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-Het apparaat in vogelvlucht2 * afhankelijk van model en uitvoering.

fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 3 ConformiteitDe koudemiddelkringloop is op dichtheid gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de toepasbare veiligheidsbepalingenen de richtlijnen 2014/35/EU, 2014/30/EU, 2009/125/EG,2011/65/EU, 2010/30/EU en 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring isbeschikbaar op het volgende internetadres: www. Liebherr. com1. 4 EPREL-databaseVanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzakeenergieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerpte vinden in de Europese productdatabase (EPREL). Ukrijgt toegang tot de productdatabase via de link https://eprel. ec. europa. eu/.

Bij eenwarmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruiktoenemen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Levensmiddelen gesorteerd rangschikken:home. liebherr. com/food. -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Condensvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden. -Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuurlaten afkoelen. Het apparaat in vogelvlucht* afhankelijk van model en uitvoering 3.

-Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. *-Als in het apparaat een dikke ijsaanslag aanwezig is: Appa-raat ontdooien. *Stof verhoogt het energieverbruik:-De koelmachine met warmtewisselaar- metalen roosters aan de achterkantvan het apparaat - eenmaal jaarlijksafstoffen. 2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmededoor personen met verminderde psychische,sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde ofmet betrekking tot het veilige gebruik vanhet apparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen. De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen.

Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door.

Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens ophet typeplaatje) is milieuvriendelijk maarbrandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Vermijd het hanteren van ontstekings-bronnen in de binnenkant van het apparaat. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv.

stoomreinigers,verwarmingen, ijsmakers, enz. ). •Als koudemiddel weglekt: Open vuur ofontstekingsbronnen vlakbij het lek verwij-deren. Vertrek goed ventileren. Informeerde klantendienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz.

niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Vermijd permanent contact van de huid metkoude oppervlakken of gekoelde/bevrorenproducten of tref beschermende maatre-gelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Knelgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur nietin het scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Symbolen op het apparaat:Algemene veiligheidsvoorschriften4 * afhankelijk van model en uitvoering.

Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de oliein de compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. De sticker niet verwijderen. Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aangebracht. Deze heeft betrekking op de schuimpanelenin de deur en/of de behuizing. Deze aanwij-zing is alleen voor het recyclingproces vanbelang. De sticker niet verwijderen. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, diede dood of ernstig lichamelijk letseltot gevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt.

WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing duidt op nuttige informatie en tips. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig. 3 (1) Temperatuurregelaar Schakelaar Cool-Plus(2)4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenuHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet in uw eentje transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht.

Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGOndeskundig gebruik. Brand.

Als een netkabel/-stekker het achterpaneel van hetapparaat raakt, kunnen de netkabel/-stekker beschadigd rakendoor de trillingen van het apparaat, waardoor kortsluiting kanontstaan. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uOp contactdozen in het apparaatacchterpaneel geen appa-raten aansluiten. uMeervoudige contactdozen/verdeeldozen en andere elektro-nische apparaten (bijv. halogeen trafo’s) mogen niet aanhet achterpaneel van apparaten worden aangebracht engebruikt. WAARSCHUWINGVrijkomend koudemiddel en olie. Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar welbrandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomendkoelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratieen in contact met een externe warmtebron ontvlammen. uBuisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressorniet beschadigen.

WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. LET OPBeschadigingsgevaar door condenswater. Schimmel en roest. Als gevolg van verhinderde warmteafgiftekan zich tussen twee apparaten condens vormen, waardoor deapparaten kunnen gaan schimmelen en roesten. uHet apparaat niet direct op een ander koel-/vriesapparaatplaatsen. LET OPAfgedekte ventilatieopeningen. Beschadigingen. Het apparaat kan oververhit raken, wat delevensduur van diverse onderdelen van het toestel kan vermin-deren en kan leiden tot functiebeperkingen. uLet altijd op de be- en ontluchting. uVentilatieopeningen of - roosters in de apparaatbehuizingen in het keukenmeubel (inbouwapparaat) moeten altijd vrijworden gehouden. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten.

qBij schade aan het apparaat onmiddellijk vóór het aansluitencontact met de leverancier opnemen. qDe vloer op de standplaats moet horizontaal en vlak zijn. qPlaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. qHet apparaat met de achterkant en het gebruik van demeegeleverde wandafstandhouders (zie onder) altijd directtegen de wand plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverplaatst. qDe ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogtehebben als de omgeven bodem. qHet apparaat niet zonder hulp plaatsen. qDes te meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, deste groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimteminimaal 1 m3 groot zijn.

Gegevens over het gebruikte koel-middel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van hetapparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uHaal de beschermfolie van de buitenzijde van het apparaat. *uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de appa-raatdiepte ca. 35 mmgroter. Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4.

Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig is kan het scharnierpunt worden verwisseld. Zorg ervoor dat het volgende gereedschap klaarligt:qTorx® 25qTorx® 15qmeegeleverde steeksleutelqevt. tweede persoon voor de montageVOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. Fig. 4 uLinksonder de afstandhouder Fig. 4 (13) uit de deur verwij-deren. Fig. 5 bij apparaten met handgreepIn gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.

Fig. 6 bij apparaten zonder handgreep*Fig. 7 bij apparaten met vriesvak*uGa te werk in de volgorde van de nummering in de afbeel-ding.Fig. 8 uDe afstandhouder Fig. 8 (13) weer rechtsonder in de deurterugplaatsen, omdat dit belangrijk is voor de stabiliteit vanhet apparaat.WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur!Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kande deur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben.Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt.uDe lagerbussen/lagerbouten goed (met 4 Nm) vast-schroeven.uAlle schroeven controleren en evt.

aandraaien.4.4 OnderbouwWAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting!uWanneer het apparaat in de nis wordt geschoven mag hetnetsnoer niet bekneld raken, vastklemmen of beschadigen.uGebruik het apparaat niet wanneer het netsnoer defect is.Tafelmodellen, tot 850 mm hoogte, zijn geschikt voor onder-bouw. Voor doorlopende werkbladen kan het dekblad van dekoelkast worden verwijderd en het apparaat onder het werk-blad worden geschoven.Het stopcontact Fig. 9 (1) dient daarbij naast de achterkant vanhet apparaat te vallen en eenvoudig toegankelijk te zijn.Voor de ventilatie van de achterkant van het toestel is eenopening in het werkblad nodig van min.140 cm2. Het afdek-profiel tussen wand en werkblad mag bij 600 mm onderbouw-diepte max. 10 mm diep zijn.Fig. 9 Verwijderen dekblad:uBouten Fig.

Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig. 10 (2) aan de hoogte van het keukenblok aante passen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 10 (1)worden aangebracht. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 10 (3) wordengeplaatst. Het apparaat staat aan de zijkant 34 mm x en in hetmidden van het apparaat 50 mm x tegenover de voorkant vande keukenkast. *LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht. Ventilatievereisten:-Aan de achterkant van de opzetkast moet een luchtafvoer-kanaal van minimaal 50 mm diep, over de volledige breedtevan de opzetkast, aanwezig zijn. -De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal300 cm2 bedragen.

*-Hoe groter de ontluchtingsdiameter hoe zuiniger het appa-raat werkt. Wanneer het apparaat met de scharnieren naast een wandFig. 10 (4) wordt geplaatst, moet de afstand tussen het appa-raat en de wand minimaal 40 mm bedragen. Dit komt overeenmet de uitsteekmaat van de handgreep bij geopende deur. *4. 6 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethy-leen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 7 Apparaat aansluitenLET OPVerkeerd aansluiten. Beschadiging van de elektronica.

Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje(zie 1 Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 8 Apparaat inschakelenSchakel het apparaat in ongeveer 2 uur voor u er voor het eerstdiepvriesproducten in legt. *uTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) naar rechts van stand 0 naarstand 3 draaien. wDe binnenverlichting brandt. 5 Bediening5.

1 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groente-lades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aan debovenkant en in de deur is het het warmste. 5. 1. 1 Levensmiddelen koelenVlak boven de groenteschuifladen en aan de achterwand is hethet koudste. In de bovenste voorste zone en in de deur is detemperatuur het hoogst. *uLicht bederfelijke levensmiddelen zoals klaargemaaktemaaltijden, vleeswaren en worsten in de koudste zoneopslaan. In het bovenste bereik en in de deur boter enconservenblikken neerzetten. (zie 1 Het apparaat in vogel-vlucht)uVoor het inpakken herbruikbare kunststof, metalen, alumi-nium of glazen bakken en vershoudfolie gebruiken.

uLevensmiddelen niet te dicht opslaan, zodat de lucht goedkan circuleren. 5. 1. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is instelbaar tussen 1 (warmste temperatuur,laagste koelvermogen) en 7 (koudste temperatuur, hoogstekoelvermogen). Wij raden u de middelste stand aan, zodat de gemiddeldetemperatuur in de koelruimte ca. 5 °C bedraagt. In het vriesvak is de gemiddelde temperatuur dan ca. –18 °C. *Als er diepvriesproducten worden bewaard en de lage diep-vriestemperaturen gegarandeerd moeten zijn, is het aan teraden de temperatuurregelaar op stand „4” tot „7” in te stellen. Bij de instelling „7” is het mogelijk in de koudste zone van hetkoelgedeelte temperaturen onder 0 °C te bereiken. *uTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) draaien.

De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:- hoe vaak de deur wordt geopend- de duur van het openen van de deur- de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat- soort, temperatuur en hoeveelheid ingevroren levensmid-delenuEventueel de temperatuur met de regelaar aanpassen. Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoering.

5. 1. 3 Functie CoolPlus*Bij lage kamertemperaturen van 15 °C of minder:uSchakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) indrukken. wDe lage temperaturen in het vriesvak worden gegarandeerd. Als de kamertemperatuur weer hoger is dan 15 °C:uschakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) handmatig uitschakelen. AanwijzinguBij normale ruimtetemperaturen, hoger dan 15 °C, is hetinschakelen nodig, de Cool-Plus-schakelaar moet dannietuitgeschakeld zijn. 5. 1. 4 DraagplateausPlateaus verplaatsen of uitnemenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen. Fig. 11 uDraagplateau omhoog tillen en een beetje naar vorentrekken. uDraagplateau qua hoogte instellen. Schuif hiervoor deuitsparingen langs de steunen. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken.

uDraagplateau inschuiven, met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boven toe wijzend. wDe levensmiddelen vriezen niet aan de achterwand vast. Draagplateaus demonterenuDe draagplateauskunnen voor het reinigengedemonteerd worden. 5. 1. 5 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 12 In de hoogte verstellen:uGlasplaten één voor één naar voren toe naar buiten trekken. uSteun uit vergrendeling trekken en op de gewenste hoogtevastklikken. Beide oppervlakken gebruiken:uBovenste glasplaat omhoog tillen, onderste glasplaat naarvoren trekken. wDe glasplaat (1) met de uittrekaanslag moet zich vóórbevinden, zodat de aanslagen (3) omlaag gericht zijn. 5. 1. 6 OpbergvakkenOpbergvakken verwijderen. uVakken uitnemen volgens de afbeel-ding. *Fig. 13 *Opbergvakken demonteren*Fig. 14 *uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 1.

7 Flessenhouder uitnemenuFlessenhouder volgens afbeeldinguitnemen. *5. 2 Vriesvak*In het vriesvak kunt u bij een temperatuur van -18 °C en lagerdiepvriesproducten en ingevroren levensmiddelen meerderemaanden bewaren, ijsblokjes maken en verse levensmiddeleninvriezen.

De luchttemperatuur in het vak, gemeten met een thermometerof andere meetapparatuur, kan schommelen. 5. 2. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Ditgeldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 9.

u24 uur voor het invriezen de temperatuur op de middelste ofkoudste stand instellen. uCoolPlus inschakelen: Toets CoolPlus Fig. 3 (2) indrukken. *Om ervoor te zorgen dat de levensmiddelen door en door inge-vroren worden, dient u de volgende hoeveelheden per verpak-king niet te overschrijden:- Groente, fruit tot 1 kg- Vlees tot 2,5 kguLevensmiddelen in diepvrieszakjes, her te gebruiken kunst-stof, metalen of aluminium bakjes in porties verpakken. uLevensmiddelen verspreidt op de bodem leggen en niet incontact laten komen met reeds bevroren producten, zodatdeze niet beginnen te ontdooien. *uTemperatuur 24 uur na het erin plaatsen van de levensmid-delen weer terugzetten. Als de kamertemperatuur hoger is dan 15 °C:*uCoolPlus uitschakelen: Toets CoolPlus Fig. 3 (2) indrukken. *5. 2.

2 BewaartijdenRichtwaarden voor de houdbaarheid van verschillendelevensmiddelen in het vriesvak:Consumptieijs 2 tot 6 maandenWorst, ham 2 tot 6 maandenBrood, bakkerijproducten 2 tot 6 maandenWild, varkensvlees 6 tot 10 maandenVette vis 2 tot 6 maandenMagere vis 6 tot 12 maandenKaas 2 tot 6 maandenPluimgedierte, rundvlees 6 tot 12 maandenGroente, fruit 6 tot 12 maandenDe vermelde bewaartijden zijn richtwaarden. 5. 2. 3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 6 Onderhoud6. 1 Ontdooien6. 1. 1 Koelgedeelte ontdooienHet koelgedeelte ontdooit automatisch. Het dooiwaterverdampt.

Waterdruppels maar ook een dunne rijp- of ijslaagop de achterkant zijn functioneel en derhalve volledig normaal. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen. (zie 6. 2 Apparaat reinigen)6. 1. 2 Vriesvak ontdooien*In het vriesvak vormt zich na verloop van tijd een rijp- resp. ijslaag. Dat is heel normaal. De rijp- resp.

ijslaag wordt snellergevormd, indien de deur vaak wordt geopend of indien deingelegde levensmiddelen warm zijn. Een dikke ijslaag doetechter het energieverbruik stijgen. Daarom moet u het apparaatregelmatig ontdooien. WAARSCHUWINGApparaat op de verkeerde manier ontdooid. Verwondingen en beschadigingen. uOm het ontdooiproces te versnellen, geen mechanischehulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet doorde fabrikant worden aanbevolen. uGebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings-of stoomreinigingsapparaten, open vuur of ontdooisprays. uIJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. uApparaat uitschakelen. uNetstekker uit het stopcontact halen. uWikkel de diepvriesproducten in krantenpapier of in eendeken en bewaar de producten op een koele plek. uLaat de deur van het vak en van het apparaat open tijdenshet ontdooien. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen.

uIndien nodig neemt u het dooiwater enkele keren op met eenspons of doek. uHet vak reinigen. (zie 6. 2 Apparaat reinigen)6. 2 Apparaat reinigenHet apparaat regelmatig reinigen. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen.

uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uLuchttoe- en -afvoerroosters regelmatig reinigen. wStof verhoogt het energieverbruik. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. Bij hardnekkig vuil lauw-warm water met allesreiniger gebruiken. *uGelakte deuroppervlakken uitsluitend met een zachte,schone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. *RVS onderhoudsmiddel niet op glazen of kunststof opper-vlakken aanbrengen om krassen te vermijden. Donkereplekken in het begin en een intensievere kleur van het edel-stalen oppervlak zijn normaal.

uDe buitenkant van roestvrijstaal kan met speciale in dehandel verkrijgbare roestvrijstaalreiniger worden gereinigd. Vervolgens het meegeleverde rvs onderhoudsmiddel gelijk-matig in slijprichting aanbrengen. **uAfvoeropening reinigen: afzet-tingen met een dun hulpmiddel, bijv. een wattenstaafje verwijderen. *uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. uDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. uAndere onderdelen met lauwwarm water en een beetjeafwasmiddel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Binnenverlichting vervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte.

Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 15 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie 1 Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt. De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4 Technische Dienst). WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid directin de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhittings-resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant.

uAfdekkapje volgens afbeelding,binnen, aan de voorkant uitelkaar drukken en zijdelingswegtrekken. uDe lamp vervangen. uSchuif het afdekkapje terug tothet vastklikt. 6. 4 Technische DienstControleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen(zie 7 Storingen). Als dit niet het geval is, dient u contact op tenemen met de klantenservice. Het adres vindt u in bijgevoegdoverzicht. WAARSCHUWINGOndeskundige reparatie. Verwondingen. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6 Onder-houd) , uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uBeschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, deklantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoonlaten vervangen. uBij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook deklant zelf de vervanging uitvoeren. uApparaataanduidingFig. 15 (1), servi-cenr. Fig. 15 (2) enserienr. Fig.

15 (3)van het typeplaatjeaflezen. Het type-plaatje bevindt zichaan de linkerkantbinnen in het appa-raat. Fig. 15 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 15 (1), servicenr. Fig. 15 (2) en serienr. Fig. 15 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 6. 5 Energie-efficiëntieklasse verlichtingVerlichtingEnergie-efficiëntieklasse1LichtbronDit product bevat een lichtbron met energie-effi-ciëntieklasse GLed1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillende energie-effi-ciëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse isaangegeven. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 11.

7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controlerenof de storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal.

Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij nieuw opgeslagen levensmiddelen of na lang geopendedeur wordt het koelvermogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog.

uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat)Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen. uLijn het apparaat via de stelvoeten uit.

uFlessen en bakken uit elkaar drukken. Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6 Onderhoud). →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen.

→Het lampje (levering met LED-lamp) is defect. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid directin de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. uLampje vervangen (zie 6 Onderhoud). Bij omgevingstemperaturen lager dan 15 °C wordt hetapparaat bij het rechter zijwandvlak van de koelruimteplaatselijk licht verwarmd. →Dat gebeurt bij deze functie automatisch. uDit is normaal. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenuTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) op 0 draaien. 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uApparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten). uNetstekker eruit halen. uApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen).

In de EU is het nu voor de consu-ment wettelijk verplicht deze batterijen voor deafvoer van apparaten te verwijderen. Als uwapparaat batterijen bevat, wordt dit op het appa-raat aangegeven. Lampen Als u lampen zelfstandig en zonder kapot temaken kunt verwijderen, verwijder deze daneveneens voor het voeren. uApparaat buiten bedrijf stellen. (zie 8. 2 Buiten werkingstellen)uApparaat met batterijen: verwijder batterijen. Beschrijvingzie hoofdstuk. OnderhouduIndien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot temaken. Storingen12 * afhankelijk van model en uitvoering.

9 Apparaat volgens milieuvoor-schriften afvoerenHet apparaat bevat waardevollematerialen en moet gescheidenvan het ongesorteerde, huishou-delijke afval worden afgevoerd.Voer batterijen gescheiden vanhet apparaat af. Batterijen kunnengratis worden ingeleverd bij dewinkel en bij andere inleverpuntenzoals het gemeentelijk depot ende chemokar.Lampen Lever gedemonteerde lampen inbij een daarvoor bestemd inlever-punt.Voor Duitsland: U kunt het apparaat gratis inle-veren bij de milieustraat. Bij deaankoop van een nieuwe koelkastof vriezer en een verkoopopper-vlak > 400 m2 neemt de dealer hetoude apparaat ook gratis terug.WAARSCHUWINGVrijkomend koudemiddel en olie!Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar welbrandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar.

Vrijkomendkoelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratieen in contact met een externe warmtebron ontvlammen.uBuisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressorniet beschadigen.uVoer het apparaten af zonder het te beschadigen.uVoer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierbovenbeschreven.Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren* afhankelijk van model en uitvoering 13

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr TP 1444 Comfort stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden