Liebherr LKexv 3910 Handleiding

Liebherr Koelkast LKexv 3910

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr LKexv 3910 (16 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 27 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Liebherr LKexv 3910 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/16
7085 940-01
Originele gebruiksaanwijzing Pagina 26
Koelkast met explosieveilige binnenkuip
Voor de inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing lezen
NL
LKUexv 1610
LKexv 3910

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelkast
Model: LKexv 3910

Handleiding Liebherr LKexv 3910 – volledige tekst

26InhoudGradatie van de waarschuwingen. 26Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 26Symbolen op het apparaat. 27Doelmatig gebruik. 27Voorspelbaar misbruik. 27Conformiteitsverklaring. 27Geluidsemissie van het apparaat. 28Klimaatklasse. 28Beschrijving van het apparaat. 28Opstellen. 28Het apparaat uitlijnen. 28Elektrische aansluiting. 29Bedienings- en controleelementen. 29Apparaat in- en uitschakelen. 29Temperatuur instellen. 29Temperatuurweergavemodus. 29Alarm bij openen deur. 30Instellen van de vertragingstijd voor het alarm bij openen deur. 30Instellingen van het geluidssignaal. 30Geluidssignaalfunctie op inactief zetten. 30Alarm-test. 30Alarmmeldingen. 31Instellen van de alarmparameters. 31Oproepen van de opgeslagen alarmtoestanden en uitlezen van het temperatuurverloop. 31Geregistreerde alarmtoestanden HAn terugzetten. 31Waarde van het geregistreerde temperatuurverloop rt terugzetten.

WAARSCHUWING duidt een gevaarlijke situatie aan, die de dood of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. VOORZICHTIG duidt een gevaarlijke situatie aan, die licht of middelzwaar lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke si-tuatie aan, die materi-ele schade tot gevolg kan hebben wanneer dit ge-vaar niet vermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwijzingen en tips gege-ven worden. Veiligheidsinstructies en waarschuwingen- WAARSCHUWING: ventilatieope-ningen van de behuizing van het apparaat of de inbouwruimte niet sluiten. - WAARSCHUWING: om het ont-dooien te versnellen, mogen er geen andere mechanische voorzieningen of andere middelen worden gebruikt dan de door de fabrikant aanbevolen middelen. - WAARSCHUWING: koelmiddelcircuit niet be-schadigen.

- WAARSCHUWING: geen elektrische apparaten in het koelvak gebruiken die niet overeenkomen met de door de fabrikant aanbevolen constructie. - WAARSCHUWING: de netkabel mag bij het plaatsen van het apparaat niet beschadigd raken. - WAARSCHUWING: meervoudige contactdozen/verdeelstrips evenals andere elektronische ap-paraten (zoals bijv. halogeentrafo's) mogen niet aan de achterkant van apparaten geplaatst en gebruikt worden. - WAARSCHUWING: dit apparaat moet volgens de gebruiksaanwijzing worden bevestigd om gevaren door onvoldoende stabiliteit uit te sluiten.

27NL- Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaar en ouder, evenals door personen met beperkte fysische, sensorische of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis worden ge-bruikt, wanneer ze onder toezicht staan of m. b. t. het veilige gebruik van het apparaat instructies hebben gekregen en de daaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen het apparaat niet zonder toezicht reinigen en onderhouden. - Om letselschade en materiële schade te voor-komen, het plaatsen van het apparaat door 2 personen uit laten voeren. - Na het uitpakken, het apparaat op beschadigin-gen controleren. Bij beschadigingen contact met de leverancier opnemen. Het apparaat niet op de spanningsvoorziening aansluiten. - Langdurig huidcontact met koude oppervlakken (bijv. te koelen/te bevriezen levensmiddelen) voorkomen.

Indien nodig veiligheidsmaatregelen nemen (bijv. handschoenen). - Reparaties en ingrepen aan het apparaat mo-gen enkel door de technische dienst of speciaal daarvoor opgeleid vakpersoneel worden uitge-voerd. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het aansluitsnoer. - Reparaties en ingrepen aan het apparaat uit-sluitend uitvoeren, wanneer de netstekker er zichtbaar uitgetrokken is. - Het apparaat uitsluitend volgens de informatie in de gebruiksaanwijzing monteren, aansluiten en verwijderen. - Bij een storing de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. - Het netsnoer uitsluitend door aan de stekker te trekken van het net loskoppelen. Niet aan de kabel trekken. - In de binnenruimte van het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken. WAARSCHUWINGGevaar van vonkvorming door wrijving als gevolg van stofopeenhopingen op de ventilatorvleugels.

Geen stoge voorwerpen in het apparaat bewaren. De ventilatiesleuven van de radiaalventilator maan-delijks met een stofzuiger reinigen. Symbolen op het apparaatHet symbool kan zich op de compressor be-vinden.

Het heeft betrekking op de olie in de compressor en wijst op het volgende gevaar: Kan bij het inslikken en indringen in de luchtwe-gen dodelijk zijn. Deze aanwijzing is alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Waarschuwing voor ontvlambare stoen. Deze of een vergelijkbare sticker kan op de achter-kant van het apparaat zijn aangebracht. Deze heeft betrekking op de schuimpanelen in de deur en/of de behuizing. Deze aanwijzing is alleen voor het recy-clingproces van belang. De sticker niet verwijderen. ConformiteitsverklaringHet koudemiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid. Het appa-raat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen en de EU-richtlijnen 2006/42/EG, 2014/30/EU, 2009/125/EG en 2011/65/EU.

Doelmatig gebruikDit apparaat, met een binnenruimte zonder ontstekingsbronnen voor professioneel gebruik, is geschikt voor de opslag van licht ontvlambare producten in gesloten houders, bij temperaturen tussen 3 °C en 16 °C. De binnenruimte is als explosief gebied van de zone 2 toegelaten conform 2014/34/EU (ATEX-richtlijn). Typische producten om op te slaan zijn onderzoeksmonsters, reagentia, laboratoriuminventaris enz. , die in de explosiegroep IIB+H2 en de temperatuurklasse T6 volgens 2014/34/EU (ATEX-richtlijn) zijn ingedeeld. De explosiegroep is te vinden in het veiligheidsgegevensblad van het product dat moet worden opgeslagen. Neem bij twijfel contact op met de leverancier van het betreende product. Bij opslag van waardevolle resp. temperatuurgevoelige stoen of producten is het gebruik van een onafhankelijk, permanent bewaakt alarmsysteem noodzakelijk.

Dit alarmsysteem moet dusdanig worden gebruikt, dat elke alarm-toestand direct geregistreerd wordt door een bevoegde persoon, die vervolgens passende maatregelen nemen kan.

Voorspelbaar misbruikHet apparaat niet voor de volgende toepassingen gebruiken:• Opslag en koeling van - chemisch instabiele- bloed, plasma of andere lichaamsvloeistoffen voor infusie, toepassing of invoer in het menselijk lichaam. • Toepassing in explosiegevaarlijke omgevingen. • Gebruik buiten of in vochtige en spatwaterzones. Ondeskundig gebruik van het apparaat leidt tot schade of bederf van de opgeslagen producten.

28Het apparaat uitlijnenBodemoneenheden met de stelpoten com-penseren. LET OPHet apparaat moet horizontaal en verticaal uitgelijnd worden. Wanneer het apparaat schuin staat, kan de body van het apparaat vervormen en de deur sluit niet meer juist. Opstellen• Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naast een verwarming of dergelijke. • Des te meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimte minimaal 1 m³ groot zijn. Gegevens over het gebruikte koelmiddel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. • Stel het apparaat altijd tegen een wand op.

KlimaatklasseDe klimaatklasse geeft aan, bij welke omgevingstemperatuur het appa-raat gebruikt mag worden om het volledig koelvermogen te bereiken en van welke maximale luchtvoch-tigheid in de opstellingsruimte van het apparaat sprake mag zijn opdat zich geen condensaat aan de buitenkant van het apparaat vormt. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje. Klimaatklasse Max. omgevings- temperatuurMax. relatieve luchtvochtigheid3 25 °C 60 %4 30 °C 55 %5 40 °C 40 %7 75 %35 °CDe minimaal toegestane omgevingstemperatuur op de opstel-lingsplaats is 10 °C. (1) Bedienings- en controleelementen(2) Typeplaatje(3) Verplaatsbare draagplateaus(4) Dooiwaterschaal(5) StelpotenLET OPDe maximale belasting per draagplateau bedraagt 40 kg. Beschrijving van het apparaatGeluidsemissie van het apparaatHet geluidsniveau tijdens het gebruik van het apparaat ligt onder 70 dB(A) (rel.

- Opslag van de minimaal/maximaal opgetreden temperatuur van de binnenruimte. - Opslag van de laatste 3 x temperatuuralarm met tijd, datum en duur van het alarm. - Opslag van de laatste 3 x stroomuitval met tijd, datum en duur van de stroomuitval. - Veiligheidsthermostaat ter voorkoming van temperaturen onder +2 °C. Deze veiligheidstechnische uitrusting moet absoluut wor-den gebruikt om schade aan de opgeslagen koelwaren te voorkomen. Er mag geen deactivering of buitenbedrijfstel-ling van deze uitrustingsonderdelen worden uitgevoerd. Afmetingen van het apparaat.

29NLElektrische aansluitingHet apparaat uitsluitend met gebruiken. wisselstroomDe toelaatbare spanning en frequentie staan op het typeplaatje. De positie van het typeplaatje is in het hoofdstuk Beschrijving van het apparaat te vinden. Het stopcontact moet correct geaard en elektrisch beveiligd zijn. De uitschakelstroom van de zekering moet tussen 10 A en 16 A liggen. Het stopcontact mag zich niet achter het apparaat bevinden en moet gemakkelijk toegankelijk zijn. Het apparaat niet door middel van een ver-lengkabel of aftakcontactdoos aansluiten. Gebruik geen omvormer (omzetten van ge-lijkstroom naar wisselstroom) of spaarstekker. Gevaar voor beschadiging van de elektroni-sche componenten.

Bedienings- en controleelementen ON/OFF-toets (apparaat in- en uitschakelen) Keuzetoetsen Ontdooitoets (ontdooifunctie handmatig activeren) Blokkering van de toetsen Toets voor het opvragen van opgeslagen alarmtoestanden Alarm Uit-toets Enter-toetsSymbolen op het display Compressor werkt LED knippert - inschakelvertraging van het aggregaat. Na drukcompensatie in het koelmiddelcircuit start de com-pressor automatisch. Ventilator werkt Het apparaat is in de ontdooifase Temperatuurindicatie m. b. v. productsensor is actief LED knippert en wordt aangegeven. De real-time-klok moet opnieuw ingesteld worden. De melding betekent dat de stroomvoorziening en de binnentemperatuur van het apparaat worden geregistreerd. Als op het display knippert, is de stroom uitgevallen of bevindt zich de temperatuur in het apparaat in een ontoelaatbaar bereik.

Alarmfunctie Er is sprake van een storing van het apparaat. Neem contact op met de technische dienst. Temperatuur instellen1 sec. op drukken. Het temperatuurdisplay knippert. Temperatuur verhogen (warmer) - op drukken. Temperatuur verlagen (kouder) - op drukken. Opnieuw op toets drukken. De gewenste temperatuurinstelling wordt opgeslaan. AanwijzingIn het warmste deel van de binnenruimte kan de temperatuur hoger zijn dan de ingestelde temperatuur.

Wanneer de deur langere tijd geopend wordt, kan de temperatuur in de vakken van het apparaat aanzienlijk stijgen. Apparaat in- en uitschakelenStekker in het stopcontact steken. Melding = OFF. Apparaat inschakelen ca. 5 sec. indrukken. Melding =. ONBij de eerste inbedrijfstelling is er geen alarmmelding. Wordt het apparaat na de eerste inbedrijfstelling gedurende langere tijd van het net gescheiden en de temperatuur in de binnenruimte stijgt tot boven de bovenste alarmgrens, wordt dit door de elektronica als fout herkend ( knippert op het display). Wanneer het apparaat opnieuw in bedrijf gesteld wordt, moet deze melding als hieronder weergegeven teruggezet worden. indrukken. + 5 sec. indrukken. Melding = De -LED schijnt nu opnieuw permanent. 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Apparaat uitschakelen ca. 5 sec. indrukken.

30Alarm-testMet deze test wordt de goede werking van de interne en van een eventueel extern aangesloten alarminstallatie gecontroleerd. De koeling van het apparaat wordt tijdens deze test niet onder-broken. + 5 sec. indrukken. • Het display toont nu een temperatuurwaarde van 0,2 °C onder de ingestelde bovenste alarmgrens. • De temperatuurwaarde stijgt nu om de 2 seconden met 0,1 °C. • Bij het bereiken van de bovenste alarmgrens verschijnt op het display. Een op de potentiaalvrije alarmuitgang aangesloten externe alarmeenheid wordt nu geactiveerd. • De temperatuurwaarde stijgt verder tot 0,2 °C boven de bovenste alarmgrens. • Dezelfde procedure voltrekt zich voor de onderste alarmgrens. Op het display verschijnt. Tijdens de test brandt de LED. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Test voortijdig afbreken 5 sec. indrukken.

OpmerkingWanneer de waarden van de bovenste en onderste alarmgrens (AL en AH in het hoofdstuk "Instellen van de alarmparameters") op 0 gezet zijn, verschijnen bij deze test op het display en. OpmerkingBij een reële temperatuuralarmtest geldt naast de instelbare alarmparameters AL, AH en Ad een toegevoegde vertragingstijd (60 min). Na het openen van een deur of na ontdooien wordt de alarmver-traging Ad met een extra vertragingstijd verlengd (60 min). Deze extra vertragingstijd mag niet worden veranderd. Zodoende komt een temperatuuralarm na het openen van een deur of na ontdooien later dan met de parameter Ad is ingesteld. Geluidssignaalfunctie op inactief zettenDe geluidssignaalfunctie kan, indien vereist, volledig gedeacti-veerd worden. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Met de toetsen of de gewenste instelling selecteren.

Instellingen van het geluidssignaalHet geluidssignaal blijft na het drukken op de toets voor het actuele alarmgeval uitgeschakeld. Wanneer het geluidssignaal weer zelfstandig geactiveerd moet worden, de volgende stappen ondernemen. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = indrukken. Melding = indrukken. Melding = Het automatisch reactiveren van het geluidssignaal is nu actief. De tijd tot wanneer het geluidssignaal weer klinkt moet worden ingesteld. indrukken. Melding = indrukken. Melding = Instelbereik = 1 - 120 minuten. Met de toetsen of de gewenste instelling selecteren. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Instellen van de vertragingstijd voor het alarm bij openen deurDe tijd tot het geluidssignaal klinkt na het openen van de deur kan worden veranderd. 5 sec. indrukken.

Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Instelbereik = 1 - 5 minuten. Met de toetsen of de gewenste instelling selecteren. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Alarm bij openen deurWanneer de deur geopend wordt, brandt de LED en de tem -peratuurindicatie begint te knipperen. Wanneer de deur langer dan 60 seconden geopend is, begint de LED te knipperen en op het display knippert en de temperatuurindicatie afwisselend. Het geluidssignaal klinkt (indien de geluidssignaalfunctie niet gedeactiveerd is). Wanneer de deur voor het opslaan van koelwaar langer geopend moet zijn, het geluidssignaal uitschakelen door op de toets te drukken.

31NLOproepen van de opgeslagen alarmtoestanden en uitlezen van het temperatuurverloop indrukken. Melding = Met de toetsen of in de lijst bladeren. Aantal opgetreden temperatuuralarms Actueelst temperatuuralarm Voorlaatst temperatuuralarm Temperatuuralarm voor Aantal stroomuitvallen Actueelste stroomuitval Voorlaatste stroomuitval Stroomuitval voor De periode in uren, waarin de maximaal en minimaal opgetreden binnentemperaturen werden gemeten De hoogst (warmst) gemeten temperatuur De laagst gemeten temperatuurMet de toets het gewenste punt activeren. Wordt deze toets nogmaals ingedrukt, geraakt men terug in de lijst. Het menu kan voortijdig worden verlaten doordat men gedurende 5 sec. op de toets drukt. Wordt binnen 60 seconden op geen toets gedrukt, schakelt de elektronica automatisch terug. Waarde van het geregistreerde temperatuur-verloop rt terugzetten indrukken.

Melding = De toets of indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = - 5 sec. indrukken. Melding = De waarden voor en (hoogst resp. laagst gemeten bin-nentemperatuur) worden daarbij op de op dat moment in de bin-nenruimte heersende temperatuur teruggezet. 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Instellen van de alarmparametersDe alarmgrenzen (verschil ten opzichte van de ingestelde tem-peratuur) en de alarmvertraging (vertraging voordat het alarm afgaat) kunnen ingesteld worden. OpmerkingNa het openen van een deur of na ontdooien wordt de alarmver-traging Ad met een extra vertragingstijd verlengd (60 min). Deze extra vertragingstijd mag niet worden veranderd. Zodoende komt een temperatuuralarm na het openen van een deur of na ontdooien later dan met de parameter Ad is ingesteld. 5 sec. indrukken.

Melding = Bovenste alarmgrens indrukken. Melding = temperatuurverschil in °CMet de toetsen of de gewenste instelling selecteren. Alleen positieve waarden instellen. indrukken. Melding = indrukken. Melding = indrukken. Melding = vertraging van het alarm in minutenMet de toetsen of de gewenste instelling selecteren. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Alarmmeldingen1. LED knippert op het displayVerschijnt op het display de melding dan heeft zich een sto-ring voorgedaan. Neem a. u. b. contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst. 2. LED knippert op het display - melding HI of LOIn de binnenruimte is het te warm (HI) of te koud (LO). Het geluidssignaal klinkt (indien de geluidssignaalfunctie niet gedeactiveerd is). OpmerkingDe alarmparameters kunnen worden ingesteld. Zie paragraaf Instellen van de alarmparameters. 3.

HA / HF / knippert op het displayEr was een langere stroomuitval ( ) of in de binnenruimte was HFhet gedurende een bepaalde periode te warm of te koud (HA). Maximaal drie alarmtoestanden worden opgeslagen en kunnen worden opgeroepen. Geregistreerde alarmtoestanden HAn terug-zetten indrukken. Melding = + 5 sec. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf.

32Kalibratie van de regelsensor (standaard sensor voor de temperatuurregeling)Eventuele toleranties van de regelsensor (weergegeven tempe-ratuur v. w. b. de werkelijke binnentemperatuur) kunnen met deze functie gecompenseerd worden. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = fabrieksmatig ingestelde correctiewaardeMet de toetsen of de correctiewaarde in stappen van 0,1 °C verhogen of verlagen. indrukken. Melding = actuele (gecorrigeerde) binnentempera-tuur indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Kalibratie van de productsensorEventuele toleranties van de productsensor (weergegeven tem-peratuur v. w. b. de werkelijke binnentemperatuur) kunnen met deze functie gecompenseerd worden. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken.

Melding = Met de toetsen of de correctiewaarde in stappen van 0,1 °C verhogen of verlagen. indrukken. Melding = actuele (gecorrigeerde) productsen-sortemperatuur indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. ProductsensorDe productsensor in het onderste gedeelte van de binnenruimte van het apparaat is een extra sensor voor de temperatuurweergave. Voorbeeld van een alarmopvraagSituatie: HA/HF/ knippert op het display. indrukken. Melding = indrukken. Melding = Er is geen alarmtoestand met een te hoge of te lage temperatuur opgetreden. Er moet worden overgegaan naar de melding. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Er is 1 stroomuitval opgetreden. indrukken. Melding = indrukken. Melding = Actueelste opgetreden stroomuitval. indrukken. Melding = (jaar) indrukken.

33NLOmschakelen van de temperatuurindicatie tussen regelsensor en productsensor 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = (regelsensor) indrukken. Melding = (productsensor)Wanneer de productsensor actief is, verschijnt op het display. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Real-time-klok instellenDe real-time-klok is vooraf ingesteld (Midden-Europese tijd). De tijd voor een andere tijdzone moet handmatig worden ingesteld. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken. Melding = indrukken. Melding = (jaar) indrukken. Melding = Met de toetsen het jaar instellen. indrukken. indrukken. Melding = (maand 1-12) indrukken. Melding = Met de toetsen de maand instellen. indrukken. indrukken. Melding = (dag 1-31) indrukken. Melding = Met de toetsen de dag instellen. indrukken. indrukken.

Melding = (weekdag) (1 = maandag, 7 = zondag) indrukken. Melding = Met de toetsen de weekdag instellen. indrukken. indrukken. Melding = (uur 0-23) indrukken. Melding = Met de toetsen het uur instellen. indrukken. indrukken. Melding = (minuut 0-59) indrukken. Melding = Met de toetsen de minuten instellen. indrukken. 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Verschijnt op het display, moet de real-time-klok opnieuw ingesteld worden. Blokkering van de toetsenMet de blokkering van de toetsen kan de elektronica tegen on-bedoelde veranderingen worden beveiligd. PIN-code voor de toetsblokkeringsfunctie vastleggen 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Met de toetsen of een PIN-code tussen 0 en 999 kiezen. indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf.

Wanneer een verkeerde PIN-code wordt ingevoerd, schakelt de elektronica naar het normale regelbedrijf terug, zonder de toetsblokkering te activeren. Blokkering van de toetsen deactiveren 5 sec. indrukken. Melding = Met de toetsen of de PIN-code kiezen. indrukken. Melding = Alle functies zijn vrijgegeven. Wanneer een verkeerde PIN-code wordt ingevoerd, blijft de toetsblokkering actief.

34OntdooienHet ontdooien vindt automatisch plaats. 1 Het dooiwater drupt in een schaal onder de verdamper. Deze schaal moet af en toe worden geleegd. De schaal naar voren uittrekken en leegma-ken. 2 Om de dooiwaterschaal niet zo vaak te moeten leegmaken, kan een opvangreservoir onder de afvoeropening van de dooiwaterschaal worden gesteld. De dooiwaterschaal mag er alleen in de onderste draagrib ingeschoven worden. Instellen van de displayweergave tijdens de ontdooifase 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Met de toetsen of de gewenste instelling selecteren. 0 = Symbool + wisselende weergave van en van de actuele temperatuur in de binnenruimte van het apparaat. 1 = Symbool + temperatuur voor aanvang van de ontdooifase (fabrieksinstelling). 2 = Symbool + indrukken. Melding = 5 sec. indrukken.

De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. VeiligheidsslotHet slot in de deur van het apparaat is met een veiligheidsmechanisme uitgerust. Apparaat afsluiten• Sleutel in de richting naar binnen 1duwen. • Sleutel 90° draaien. Om het apparaat weer te ontgrendelen moet in dezelfde volgorde te werk worden gegaan. Ontdooifunctie manueel activerenAls de deur gedurende een langere periode niet goed dicht was, kan er in de binnenruimte of aan de koudeplaat een grotere ijsaf-zetting ontstaan. In dit geval kunt u de ontdooifunctie voortijdig activeren. 3 sec. indrukken. Melding = + De elektronica schakelt automatisch terug naar het normale regelbedrijf. Melding = Parameter op fabrieksinstelling terugzettenMet deze functie kunnen de alarmgrenzen en waarden van de sensorkalibratie op de fabrieksinstelling worden teruggezet. Trek de stekker uit het stopcontact.

Netwerkadres wijzigenBij een netwerk van meerdere apparaten via de RS485-interface moet elk apparaat een eigen netwerkadres krijgen. 5 sec. indrukken. Melding = indrukken tot op het display verschijnt. indrukken. Melding = Met de toetsen of het netwerkadres wijzigen (1-207). indrukken. Melding = 5 sec. indrukken. De elektronica schakelt terug naar het normale regelbedrijf. Wisselen tussen zomertijd/wintertijdDe omstelling naar de zomertijd volgt in de elektronica automatisch op de laatste zondag in maart om 2 uur 's morgens. De omstelling naar de wintertijd volgt in de elektronica automatisch op de laatste zondag in oktober om 2 uur 's morgens. Om de nieuwe tijd te activeren, moet het apparaat na de hierboven vermelde tijdstippen uit- en ingeschakeld worden. Automatische wisseling zomertijd/wintertijd deactiveren/activeren 5 sec. indrukken.

35StoringenDe volgende storingen kunt u zelf opsporen en verhelpen:• Het apparaat werkt niet. Controleer:– of het apparaat is ingeschakeld;– of de stekker goed in het stopcontact zit;– of de zekering in de meterkast nog goed is. • De temperatuur is niet laag genoeg. Controleer:– of u de temperatuur goed hebt ingesteld (zie onder "Temperatuur instellen");– of de losse thermometer de juiste waarde aangeeft;– of de ventilatie in orde is;– of het apparaat te dicht bij een warmtebron staat. • Temperatuuralarmtest functioneert niet zoals gewenst. – Zie paragraaf „Alarm-test” en „Instellen van de alarmpa-rameters”Neem, indien geen van de bo-vengenoemde oorzaken van toepassing zijn en u de storing niet zelf verhelpen kunt, con-tact op met de dichtstbijzijnde technische dienst van de leve-rancier van het apparaat.

Geef de volgende gegevens op het typeplaatje door: typeaandui-ding 1, servicenummer 2en apparaatnummer 3. De positie van het typeplaatje is te vinden in het hoofdstuk Be-schrijving van het apparaat. NLBuiten werking stellenWanneer het apparaat het langere tijd leegstaat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en drogen en de deur open houden om schimmelvorming te voorkomen. Aanwijzing m. b. t. afdankenHet apparaat bevat waardevolle materialen en mag niet met het gewoon huis- of grofvuil worden meege-geven. Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Beschadig het koelmiddelcircuit van het afgedankte apparaat niet, wanneer u het afvoert. Dit apparaat bevat brandbare gassen in het koelmiddelcircuit en het isolatieschuim.

Mogelijke foutmeldingen op het displayFout-codeFout MaatregelE0, E1, E2, rETemperatuursensor defectContact opnemen met de technische dienstEE, EF Fout in de stuurelektronicaContact opnemen met de technische dienstdOr De deur van het apparaat te lang openDe deur van het apparaat sluitenHI Temperatuur in het apparaat te hoog (warm)Controleren of de deur wel correct gesloten is. Wanneer de temperatuur niet daalt, contact opnemen met de technische dienst. LO Temperatuur in het apparaat te laag (koud)Contact opnemen met de technische dienstEtc De real-time-klok opnieuw instellen (zie paragraaf "Re-al-time-klok instellen")HF, HA Er was een langere stroomuitval of in de binnenruimte was het gedurende een bepaalde periode te warm of te koud. Zie paragraaf Oproepen van de opgesla-gen alarmtoestanden en uitlezen van het tempera-tuurverloopAFr Temperatuur in het gedeelte van de pro-ductsensor.

36Inbouwmaten (mm)Variante 1Boven de achterzijde van het apparaat moet in het aanrechtblad een ventilatieopening met een minimale doorsnede van 200 cm2 worden aangebracht. Variante 2Als in het werkblad geen ventilatierooster wordt voorzien, moet de nishoogte tenminste 860 mm bedragen om een voldoende warmteafgifte naar voren te garanderen.AfsluitweerstandBij een netwerk van meerdere ap-paraten via de RS485-interface moet de afsluitweerstand op het laatste apparaat blijven.Bij de apparaten daartussen de afsluitweerstand verwijderen!Extern alarmAan de achterzijde van het apparaat bevinden zich verschillende aansluitings-mogelijkheden.De aansluiting van het apparaat op een externe alarminstallatie mag alleen door opgeleid en geschoold personeel worden doorgevoerd!Potentiaalvrije alarmuitgangAansluiting op de RS485-interfaceOpmerkingDe stekkers zijn met schroeven beveiligd.

Om de stekkers los te kunnen trekken, de schroeven rechts en links losdraaien.ProductsensorRS485-interfaceRx- / Tx- Dataleiding zenden/ontvangen (minpool)Rx+ / Tx+ Dataleiding zenden/ontvan-gen (pluspool)GND MassaleidingN.O Aansluiting van een waarschuwingslampje of een akoestische alarmmelder.N.CAansluiting van een controlelampje dat het normale bedrijf van het apparaat aangeeft.COMExterne spanningsbron, Maximaal 42 V/8 A gelijkstroom, Min. stroom: 150 mAPotentiaalvrije alarmuitgangDeze drie contacten kunnen worden gebruikt voor de aansluiting van een optische of akoestische alarminstallatie. De aansluiting is ontworpen voor maximaal uit een 42 V/8 A gelijkstroomveiligheidsspanningsbron voor extra lage spanning SELV (min. stroom: 150 mA).Let op!Bij gebruik van netspanning op het potentiaalvrije alarm-contact wordt niet aan de veiligheidstechnische eisen van de norm EN 60335 voldaan.

37NLDraairichting deur veranderen1. Scharnier eraf schroeven.Aanwijzing Het deurlager heeft een veerme-chanisme voor het automatisch sluiten van de deur. Bij het losma-ken van de schroeven draait het scharnier naar links.2. Deur naar beneden afnemen.3. Stopjes op de tegenzijde omzetten.4. De scharnierpen van het scharnier naar de andere kant overzetten.5. De bovenste scharnier-delen omzetten.6. Afdekkingen naar de andere kant overzetten.7. De deur over de scharnierpen schuiven en sluiten.8. Het scharnier in het onderste deurlager steken. Scharnier 90° draaien - de veer wordt gespannen. Scharnier vast-schroeven.4567839. Greep vastschroeven. 10. -Drukplaten erop schuiven, tot ze vastklikken.910

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr LKexv 3910 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden