Liebherr KSL 2814-20 Handleiding

Liebherr Koelkast KSL 2814-20

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr KSL 2814-20 (14 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 92 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Liebherr KSL 2814-20 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/14
Gebruiksaanwijzing
Vrijstaande koelkast met vriesvak
171214 7082860 - 00
K(sl) 2814 ... 1
Downloaded from www.vandenborre.be

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelkast
Model: KSL 2814-20
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Kleur van het product: Zilver
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Nee
Gewicht: 53000 g
Breedte: 550 mm
Diepte: 629 mm
Hoogte: 1402 mm
Netbelasting: - W
Geluidsniveau: 40 dB
Jaarlijks energieverbruik: 178 kWu
Gewicht verpakking: 56500 g
Breedte verpakking: 567 mm
Diepte verpakking: 711 mm
Hoogte verpakking: 1454 mm
Energie-efficiëntieklasse (oud): A++
Brutocapaciteit vriezer: - l
Nettocapaciteit vriezer: 21 l
Vriescapaciteit: 2 kg/24u
Materiaal behuizing: Roestvrijstaal
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Nettocapaciteit koelkast: 250 l
Brutocapaciteit koelkast: - l
Koelkast binnenverlichting: Ja
Soort lamp: LED
Aantal planken koelkast: 5
Aantal groente lades: 2
Vriezer positie: Boven
Bewaartijd bij stroomuitval: 15 uur
Aantal sterren: 4*
Totale nettocapaciteit: 250 l
Eierenrekje: Ja
Flessenrek: Ja
Totale brutocapaciteit: - l
Plankmateriaal: Gehard glas
Koelkastdeurvakken: 4
Vers zone compartiment: Nee
Stroom: 0.8 A
Klimaatklasse: SN-T
Verstelbare voeten: Ja
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
Zwenkwieltjes: Ja

Handleiding Liebherr KSL 2814-20 – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingen van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Afmetingen. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 44 In gebruik nemen. 44. 1 Apparaat transporteren. 44. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 54. 4 Inbouw in het keukenblok. 74. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 74. 6 Apparaat aansluiten. 74. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 85. 1 Koelgedeelte. 85. 2 Vriesvak. 96 Onderhoud. 96. 1 Ontdooien. 96. 2 Apparaat reinigen. 96. 3 Binnenverlichting vervangen. 106. 4 Technische Dienst. 107 Storingen. 118 Uitzetten. 118. 1 Apparaat uitschakelen. 118. 2 Buiten werking stellen. 119 Apparaat afdanken.

11De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzichtAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend. uPlateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverdetoestand voor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld. Fig.

2 Toepassingen van het apparaatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is alleen geschikt voor het koelenvan levensmiddelen in huishoudelijke of soort-gelijke omgeving. Hiertoe behoort bijvoorbeeldhet gebruik-in personeelskeukens, bed and breakfasts,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere onderkomens,-voor catering en soortgelijke diensten in degroothandel. Gebruik het apparaat alleen voor huishoudelijketoepassingen. Alle andere toepassingen zijnniet toegestaan. Te voorzien verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-het bewaren en koelen van medicijnen,bloedplasma, laboratoriumpreparaten endergelijke stoffen en producten als genoemdin de richtlijn inzake medische hulpmiddelen2007/47/EG,-het gebruik in explosiegevaarlijke gebieden,Misbruik van het apparaat kan leiden tot schadeaan bewaarde producten of tot bederf ervan.

2 a c c' d e e' g hK(sl) 2814 550 560 592 1126x629x660x615x1402x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter (zie 4. 2). 1. 5 Energie sparen-Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp. -roosters niet afdekken. -Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. -Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandig-heden b. v. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). -Open het apparaat zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger ishet energieverbruik. -Zet de levensmiddelen soort bij soort. (zie Het apparaat invogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden. -Levensmiddelen slechts zolang als nodig buiten het appa-raat laten staat, zodat ze niet te warm worden.

Stof doet het energieverbruik toenemen:-de koelmachine met warmtewisselaar -metalen rooster aan de achterkant vanhet apparaat - eens per jaar afstoffen. 2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t. het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit.

-Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties, aanpassingen aan het apparaaten het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. -De lampen voor speciale doeleinden (gloei-lampen, led, TL-lampen) in het apparaat zijnbedoeld om de binnenruimte te verlichten enniet geschikt als kamerverlichting. Algemene veiligheidsvoorschriften* afhankelijk van model en uitvoering 3Downloaded from www. vandenborre. be.

Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu-vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. •De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. •Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). •Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnenin de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten.

-Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen nietmeer nuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levens-middelen vermijden of veiligheidsmaatre-gelen treffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren.

Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur niet inhet scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig.

4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel.

Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier. qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.

qHoe meer koelmiddel R 600a er in het apparaat is, des tegroter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In tekleine ruimtes kan bij een lek een brandbaar mengsel vangas en lucht ontstaan. Volgens de norm EN 378 moet per11 g koelmiddel R 600a de plaatsingsruimte ten minste 1 m3groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel van uw apparaat staatop het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. LET OPDe roestvrijstalen deurenzijn voorzien van een hoogwaar-dige oppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegdereinigingsmiddel worden behandeld. De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uDe uitsluitend met een zachtegecoate deuroppervlakkenschone doek afvegen.

uDe met een roestvrijstaalreinigerroestvrijstalen zijwandenin de slijprichting van het materiaal behandelen. De laterereiniging wordt hierdoor makkelijker. uGelakte zijwanden gelakte deuroppervlakken en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mmgroter. Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegeleverde wandafstandhoudersmoeten deze wandafstandhouders aan de achterkant vanhet apparaat links en rechts boven de compressor wordengemonteerd. uVoer de verpakking af (zie 4. 5).

uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. uVervolgens de deur onder-steunen: stelvoet bij lagerbus(B) uitdraaien tot deze op devloer komt, daarna 90° verderdraaien. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2).

Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx 25qTorx 15In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 5Downloaded from www. vandenborre. be.

qschroevendraaierqevt. accuschroevendraaierqeventueel een tweede persoon voor de montage4. 3. 1 Deur verwijderenAanwijzinguVerwijder levensmiddelen uit de deurvakken voordat dedeur wordt afgenomen, zodat er geen levenmiddelen uitvallen. Fig. 4 uLinksonder het afstandsdeel Fig. 4 (13)uit de deur verwij-deren. Fig. 5 uAfdekking Fig. 5 (1) naar voren en omhoog wegtrekken. uAfdekking Fig. 5 (2) verwijderen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. uBovenste scharnierplaat Fig. 5 (3) losschroeven (2 keerTorx® 25) Fig. 5 (4) en omhoog wegtrekken. uDeur naar boven wegtrekken en opzij zetten. 4. 3. 2 Vriesvakdeur vervangenFig. 6 uAfdekking aan lagerbus Fig. 6 (15) wegklappen. uLagerbus Fig. 6 (15) met de vakdeur losdraaien. uSluitstuk Fig. 6 (16) losdraaien. uDe vrij geworden gaten met de meegeleverde stoppenFig.

uLet bij het monteren van de drukplaten aan de andere kantop het juiste inklikken. 4. 3. 5 Deur monterenuDeur van bovenaf op de scharnierbouten Fig. 8 (24)plaatsen. uSluit de deur. uBovenste scharnierplaat Fig. 5 (3) op de nieuwe scharnier-zijde in de deur plaatsen. uBovenste scharnierplaat (2vastschroeven (met 4 Nm)keer Torx® 25) Fig. 5 (4). Eventueel een accuboormachinegebruiken. In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.

uAfdekking Fig. 5 (1) van buitenaf terugplaatsen op deandere zijde en vastklikken. uAfdekking Fig. 5 (2) telkens van bovenaf terugplaatsen opde andere zijde en vastklikken. uStelvoet Fig. 8 (22) uit de onderste scharnierplaat Fig. 8 (23)draaien totdat deze op de grond ligt. Fig. 10 uHet afstandsdeel Fig. 10 (13) weer rechtsonder in de deurplaatsen, omdat het belangrijk is voor de stabiliteit van hetapparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. 4. 4 Inbouw in het keukenblokFig.

11 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast(2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). Het apparaat Fig. 11 (2) kan worden ingebouwd in de keuken. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 11 (1) opplaatsen. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 11 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht. Ventilatie-eisen:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer.

-De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 11 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen.

Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met poly-ethyleen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPGevaar voor beschadiging van de elektronische componenten. uGebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naarwisselstroom) of spaarstekker. WAARSCHUWINGBrand- en oververhittingsgevaar. uGebruik geen verlengsnoer of verdeeldoos.

Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje (zieHet apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 7Downloaded from www. vandenborre. be.

uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenSchakel het apparaat in ongeveer 2 uur voor u er voor het eerstdiepvriesproducten in legt. uTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) naar rechts van stand 0 naarstand 3 draaien. wDe binnenverlichting brandt. 5 Bediening5. 1 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groen-telades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aande bovenkant en in de deur is het het warmste. 5. 1. 1 Levensmiddelen koelenuBederfelijke etenswaren, bereide gerechten, vlees en vlees-waren bewaart u in de koudste zone. In het bovengedeelteen in de deur boter en conserven bewaren. (zie Het appa-raat in vogelvlucht)uGebruik om te verpakken herbruikbare dozen van kunststof,metaal, aluminium, glas en vershoudfolie.

uLevensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak opnemen ofafgeven, zoals vloeistoffen, altijd in gesloten verpakking ofafgedekt bewaren. uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. uFlessen tegen omvallen beveiligen: de flessenhouderverschuiven. 5. 1. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is instelbaar tussen 1 (warmste temperatuur,laagste koelvermogen) en 7 (koudste temperatuur, hoogstekoelvermogen). Wij raden u de middelste stand aan, zodat de gemiddeldetemperatuur in de koelruimte ca. 5 °C bedraagt. Als er diepvriesproducten worden bewaard en de lage diep-vriestemperaturen gegarandeerd moeten zijn, is het aan teraden de temperatuurregelaar op stand „4” tot „7” in te stellen. Bij de instelling „7” is het mogelijk in de koudste zone van hetkoelgedeelte temperaturen onder 0 °C te bereiken. In het vriesvak is de gemiddelde temperatuur dan ca. –18 °C.

De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:- hoe vaak de deur wordt geopend- de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat- soort, temperatuur en hoeveelheid ingevroren levensmid-delenuEventueel de temperatuur met de regelaar aanpassen. 5. 1. 3 Functie CoolPlusBij lage kamertemperaturen van 18 °C of minder:uSchakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) indrukken. wDe lage temperaturen in het vriesvak worden gegarandeerd. Als de kamertemperatuur weer hoger is dan 18 °C:uschakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) handmatig uitschakelen. AanwijzinguBij normale ruimtetemperaturen, hoger dan 18 °C, is hetinschakelen nodig, de Cool-Plus-schakelaar moet dannietuitgeschakeld zijn. 5. 1. 4 DraagplateausPlateaus verplaatsen of uitnemenDe plateaus zijn door uittrekstops beveiligd tegen ongewilduittrekken. Fig. 12 uTil het plateau op en trek het een stuk naar voren. uVerstel het plateau in de hoogte.

Verschuif daarvoor deuitsparingen langs de geleiders. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken. uDraagplateau inschuiven, met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boven toe wijzend. Draagplateaus demonterenuDe plateaus kunnen wordengedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 1. 5 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 13 uDe glasplaat met aanslagrand (2) moet achteraan liggen. uDe glasplaat (1) met de uittrekstoppers moet vooraanliggen, zodat de stoppers (3) naar beneden wijzen. 5. 1. 6 OpbergvakkenOpbergvakken verwijderen. Fig. 14 Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.

Opbergvakken demonterenFig. 15 uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 2 VriesvakIn het vriesvak kunt u bij een temperatuur van -18 °C en lagerdiepvriesproducten en ingevroren levensmiddelen meerderemaanden bewaren, ijsblokjes maken en verse levensmiddeleninvriezen. De luchttemperatuur in het vak, gemeten met een thermometerof andere meetapparatuur, kan schommelen. 5. 2. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal 2 kg verse levensmiddelen per 24 u invriezen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. uCool-Plus inschakelen: toets Cool-Plus Fig. 3 (2) indrukken. wDe temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximalekoeling.

Om de levenmiddelen snel door en door te laten bevriezen,mag u de volgende hoeveelheden per verpakking niet over-schrijden:- fruit, groente max. 1 kg- vlees max. 2,5 kguVerdeel de levensmiddelen in porties en doe ze in diepvries-zakjes of in herbruikbare bakjes van kunststof, metaal ofaluminium. uLeg de levensmiddelen breed op de grond van het vak enbreng ze niet in aanraking met reeds bevroren producten,zodat deze niet beginnen te dooien. Indien de kamertemperatuur hoger is dan 18 °C:uCool-Plus uitschakelen: toets Cool-Plus Fig. 3 (2) indrukken. 5. 2.

3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 6 Onderhoud6. 1 Ontdooien6. 1. 1 Koelgedeelte ontdooienHet koelgedeelte ontdooit automatisch. Het dooiwaterverdampt. Waterdruppels op de achterwand zijn normaal enwijzen niet op een storing. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen (zie 6. 2). 6. 1. 2 Vriesvak ontdooienIn het vriesvak vormt zich na verloop van tijd een rijp- resp. ijslaag. Dat is heel normaal. De rijp- resp. ijslaag wordt snellergevormd, indien de deur vaak wordt geopend of indien de inge-legde levensmiddelen warm zijn. Een dikke ijslaag doet echterhet energieverbruik stijgen. Daarom moet u het apparaat regel-matig ontdooien. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom.

uVoor het ontdooien geen elektrische kacheltjes of stoomrei-nigers, open vuur of ontdooispray gebruiken. uGebruik geen scherpe voorwerpen om ijs te verwijderen. uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit. uWikkel de diepvriesproducten in krantenpapier of in eendeken en bewaar op een koele plek. uLaat de deur van het vak en van het apparaat open tijdenshet ontdooien. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen. uIndien nodig neemt u het dooiwater enkele keren op meteen spons of doek. uHet vak reinigen (zie 6. 2). 6. 2 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 9Downloaded from www. vandenborre. be.

LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen bijtende, schurende, chloor- resp. oplosmiddelbevat-tende schoonmaakproducten gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uLuchttoe- en -afvoerroosters regelmatig reinigen.

wStof verhoogt het energieverbruik. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. Bij hardnekkig vuil lauw-warm water met allesreiniger gebruiken. uGelakte deuroppervlakken uitsluitend met een zachte,schone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. LET OPDe zijn behandeld met een hoogwaardige opper-RVS deurenvlaktecoating en mogen niet met een onderhoudsmiddel voorRVS worden behandeld. De oppervlaktecoating wordt door dit middel aangetast. uGecoate deuroppervlakten gelakte zijwanden, engelakte deuroppervlakten uitsluitend met een zachte,schone doek afvegen. Bij sterke vervuiling een beetje waterof een neutraal reinigingsmiddel gebruiken.

Aansluitend het onder-houdsmiddel voor RVS gelijkmatig in de slijprichtingaanbrengen. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. uOnderdelen met lauwwarm water en een beetje afwas-middel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uDe levensmiddelen weer inleggen. 6. 3 Binnenverlichting vervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 15 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie Het apparaat in vogelvlucht).

Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt. De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4). WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhit-tings- resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. Als de lamp defect is, moet deze op de volgende wijzeworden vervangen:uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit of schakel debeveiliging uit. uSteek uw hand in het afdekkapjevan de lamp.

Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder-houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. Onderhoud10 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www. vandenborre. be.

uApparaataanduidingFig. 16 (1), service-nr. Fig. 16 (2) en serie-nr. Fig. 16 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 16 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 16 (1), service-nr. Fig. 16 (2) en serie-nr. Fig. 16 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt.

In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid.

→Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillendegeluiden veroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal.

Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij nieuw opgeslagen levensmiddelen of na lang geopendedeur wordt het koelvermogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Door het draai-ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes. uFlessen en containers uit elkaar zetten. Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten.

uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uLuchtrooster schoonmaken. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelfwordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie Onderhoud). →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De verlichting (levering met LED-verlichting) is defect. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken.

uStekker uittrekken. uApparaat reinigen (zie 6. 2). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstigde plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Storingen* afhankelijk van model en uitvoering 11Downloaded from www. vandenborre. be.

Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Apparaat afdanken12 * afhankelijk van model en uitvoeringDownloaded from www.vandenborre.be

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr KSL 2814-20 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden