Liebherr KID 2212 Comfort Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr KID 2212 Comfort (9 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 13 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Liebherr KID 2212 Comfort of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | KID 2212 Comfort |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Ingebouwd display: | Nee |
| Breedte: | 560 mm |
| Diepte: | 550 mm |
| Hoogte: | 1223 mm |
| Jaarlijks energieverbruik: | 277 kWu |
| Brutocapaciteit vriezer: | 46 l |
| Nettocapaciteit vriezer: | 46 l |
| Vriescapaciteit: | 4 kg/24u |
| Ontdooifunctie: | Ja |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Geschikt voor paneelaanpassing: | Nee |
| Brutocapaciteit koelkast: | 170 l |
| Koelkast binnenverlichting: | Ja |
| Aantal planken koelkast: | 4 |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 18 uur |
| Aantal planken vriezer: | 2 |
| Aantal sterren: | 4* |
| Totale nettocapaciteit: | 169 l |
| Eierenrekje: | Ja |
| Flessenrek: | Ja |
| Totale brutocapaciteit: | 215 l |
| Ingebouwde vriezer: | Ja |
| Klimaatklasse: | N |
| IJsblokjes-lade: | Ja |
| Koelkast temperatuurbereik: | 16 - 32 °C |
Handleiding Liebherr KID 2212 Comfort – volledige tekst
18KlimaatklasseHet apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse d. w. z. een maximale temperatuur waarboven het apparaat niet gebruikt mag worden. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje. Hierbij worden de volgende afkortingen gebruikt: Klimaatklasse OmgevingstemperaturenSN +10° tot +32 °CN +16° tot +32 °CST +16° tot +38 °CT +16° tot +43 °CVeiligheidsaanwijzingenenwaarschuwingen• Voorkom blessures en beschadigingen: pak het apparaat altijd met twee personen uit en stel hem samen op. • Neem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nog vóór het aansluiten - contact op met de leverancier. • Stel het apparaat volgens de aanwijzingen in deze gebruiksaan-wijzing op en houd u aan de aansluitvoorschriften om zeker te zijn van een goede werking.
• Koppel het apparaat bij storingen los van de netspanning: trek de stekker uit het stopcontact of draai de zekering in de meterkast eruit. • Trek de stekker niet aan het netsnoer uit het stopcontact maar pak de stekker vast. • Laat reparaties en ingrepen aan het apparaat uitsluitend door de technische dienst of een installateur uitvoeren, aangezien anders grote gevaren voor uzelf en anderen kunnen ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. • Gebruik in het apparaat nooit open vuur of ontstekingsbronnen. Let er daarom tijdens het vervoeren en reinigen van het apparaat goed op dat het koelcircuit niet wordt beschadigd. Mocht het koelcircuit des ondanks beschadigd raken, houd het apparaat dan uit de buurt van open vuur. Zorg voor goede ventilatie in het vertrek. • Ga nooit op de sokkel, laden, deur enz. staan of leunen om ergens bij te kunnen.
• Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. • Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlakken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken. Bij langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treen, bijv. handschoenen dragen. • Eet consumptieijs, met name waterijsjes of ijsblokjes, niet direct op nadat u het uit het apparaat genomen hebt. Extreem lage temperaturen kunnen blaren aan uw handen of in uw mond ver-oorzaken.
• Consumeer geen levensmiddelen die al over de verbruiksdatum heen zijn of te lang in het apparaat liggen aangezien u hierdoor een voedselvergiftiging kunt oplopen. • Het apparaat is bedoeld voor het koelen, invriezen en bewaren van levensmiddelen evenals het maken van ijs. Het apparaat werd ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Bij professioneel gebruik (in de horeca, detailhandel enz. ) moeten de op de betreende be-drijfstak van toepassing zijnde voorschriften worden opgevolgd. • Bewaar geen explosieve stoen of spuitbussen met brandbare drijfgassen (bijv. butaan, propaan, pentaan) in het apparaat. Eventueel vrijkomend gas kan door de elektrische componen-ten ontstoken worden. U herkent dergelijke spuitbussen aan het waarschuwingssymbool bestaande uit enkele vlammen met eronder de tekst "Licht ontvlambaar" dan wel aan de tekst op de spuitbus.
GroenteladenTypeplaatjeVerplaatsbareopbergvakkenTemperatuurregelaarVerplaatsbareplateausBoter-enkaasvakRoostervriesgedeelteOverzichtvanapparaatenuitrustingAanwijzingm. b. t. afdankenDe verpakking is van recyclebare materialen gefabriceerd. - Golfkarton/karton- Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen- Folies van polyetheen- Spanbanden van polypropeen• Verpakkingsmateriaalisgeenspeelgoedvoorkinderen-verstikkingsgevaardoorfolies. • Breng a. u. b. de verpakking naar een officiële inzamelpunt. Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde afval worden afgevoerd. • Afgedankte apparaten onbruikbaar maken: trek de stekker uit het stopcontact, snijd het netsnoer door en zet de sluiting buiten werking zodat kinderen zich niet kunnen opsluiten.
• Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd. • Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het type-plaatje. • Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig ge-beuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voorschriften en wetten. ToepassingenvanhetapparaatHet apparaat is uitsluitend geschikt voor het koelen van levens-middelen. In het geval van het industriële koelen van levensmid-delen moeten de geldige wettelijke bepalingen in acht worden genomen. Het apparaat is niet bedoeld voor het bewaren en koelen van ge-neesmiddelen, bloedplasma, laboratoriumspreparaten of eendere aan de Europese Richtlijn medische hulpmiddelen 2007/47/EG ten grondslag liggende stoffen en producten. Een abusievelijk gebruik van het apparaat kan schade aan de bewaarde producten of het bederf ervan veroorzaken.
19Tipsomenergietebesparen• Laat de deur niet onnodig lang open staan. • Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur afkoelen voordat u ze in in de kast plaatst. • Ontdooi het apparaat zodra zich een laag ijs gevormd heeft. Het apparaat vriest dan beter èn zuiniger. In-enuitschakelenWij adviseren u om het apparaat te reinigen voordat u hem in gebruik neemt (zie verder onder " "). ReinigenDraai de temperatuurreglaar rechtsom van stand "0" naar stand T"1". Het apparaat wordt ingeschakeld en de binnenverlichting gaat aan. In de stand "0" is het apparaat uitgeschakeld (afb. A / B). SchakelaarW(afhankelijkvanuitvoering)Bedraagt de temperatuur in de ruimte waarin de koelkaststaat18°C(ofminder) W, druk dan op de wipschakelaar van de temperatuurreglaar - het controlelampje in de schakelaar gaat aan.
De vereiste lage temperaturen in het vriesgedeelte worden hierdoor gewaarborgd. Bijnormaletemperaturenvanmeerdan18°Choeft de wip-schakelaar niet te worden ingedrukt. afb. afb. A BOpstellen• De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ontvlambare gas-lucht-mengeling in de plaat-singsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid ko-elmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. • Het apparaat niet samen met andere apparaten aansluiten via een verlengkabel - gevaar voor oververhitting. AansluitenStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de opstellingsplaats moeten met de informatie op het typeplaatje overeenstemmen. Het typeplaatje vindt u links op de binnenwand. Het stopcontact moet d. m. v.
Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd randaar-destopcontactaansluiten. TemperatuurinstellenDe temperatuur kan met de temperaturregelaar worden Tingesteld. Stand"1"=minimalekoeling,warmStand"7"=maximalekoeling,koudWilt u diepvriesprodukten in het vriesgedeelte bewaren, zet dan de temperatuurregelaar tussen 4 en 7. In het vriesvak wordt dan een temperatuur van -18 C of lager bereikt. °BinnenverlichtingTypelampje:gloeilamp 15 W, E14-tting. Draai in geen geval een lamp van meer dan 15 W in de tting. Zie voor de spanningsgege-vens het typeplaatje. Lampje in het apparaat vervangen:Trekdestekkeruithetstopcontactofschakeldezekeringindemeterkastuit. Uitvoeringalsinafb. APak het lampje via de open achterkant van het afdekkapje vast. Draai het gloeilampje eruit en vervang het. Uitvoeringalsinafb.
BTil het afdekkapje in de richting van de pijl op en trek het eraf. ➋Vervang het gloeilampje en zet het kapje weer terug. IndelingveranderenDesgewenst kunt u de verplaat-plateaussen. Til de plateaus van voren op, trek ze er half uit en kantel ze omhoog/omlaag om ze eruit te halen. Bij het terugzetten moet de opstaande rand achter omhoog wijzen aangezien er anders levensmiddelen aan de achterwand kunnen vastvriezen. OpbergvakkenindedeurverplaatsenDruk het opbergvak omhoog en neem het naar voren weg. Zet het in de omgekeerde volgorde op de gewenste hoogte terug. Desgewenst kunt u de essenhouderFverschuiven om te voorkomen dat de essen bij het openen/sluiten van de deur kantelen. NL.
20KoelenIndelingsvoorbeeld➊ boter, kaas➋ eieren➌ essen, conservenblikken, tubes ➍ diepvriesprodukten/ijsblokjes➎ vlees, worst, zuivelprodukten➏ gebak, kant-en-klare maaltij-den, dranken➐ fruit, groente, slaOpmerkingen• Bewaar vloeistoffen en le-vensmiddelen die snel geur of smaak afgeven of aannemen altijd in een gesloten koel-kastdoos of afgedekt. Bewaar sterke alcoholica uitsluitend in een goed gesloten, rechtop staande es. • Fruit, groente en sla kunt u onverpakt in de groenteladen bewaren. • Als verpakkingsmateriaal zijn geschikt: koelkastdozen van kunst-stof, metaal (bijv. aluminium), glas en voor hergebruik geschikte kunststof folie en zakken. InvriezenOp het typeplaatje Invriescapaciteit vindt u hoeveel kilo verse levensmid-delen u binnen 24 uur mag invriezen. De invriescapaciteit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse van het apparaat.
Invriezen• Zet de temperatuurregelaar Top een gemiddelde tot koude stand. Druk de schakelaar W(indien aanwezig). • 24 uur wachten. • Leg de verse levensmiddelen erin. • Ongeveer 24 uur nadat ze erin gelegd zijn, zijn de verse levens-middelen door en door bevroren. - Zet de temperatuurregelaar weer in de gewenste stand. - Schakelaar uitzetten. WVoor het invriezen van kleine hoeveelheden levensmiddelen, tot 1 kg per dag, hoeft u de hierboven beschreven procedure niet te gebruiken. Bij het bewaren van diepvriesprodukten (reeds ingevroren levens-middelen) kan het vriesgedeelte onmiddellijk volledig worden gevuld. De temperatuurregelaar hoeft niet in een andere stand te worden gezet. Opmerking:De temperatuur van de lucht in het vak (gemeten met een thermo-meter of andere meetapparatuur) kan schommelen. IJsblokjesmaken• IJsblokjeshouder met water vullen.
Aanwijzingenvoorhetinvriezenenbewaren• Verpak levensmiddelen die u zelf invriest altijd in afgemeten porties. Om deze porties meteen door en door te laten bevriezen, doet u er goed aan de volgende maximale hoeveelheden per portie aan te houden: fruit, groente: max. 1 kg, vlees: max. 2,5 kg. • Als verpakkingsmateriaal zijn geschikt: diepvrieszakjes, voor hergebruik geschikte koelkastdozen van kunststof of metaal (bijv. aluminium). • Breng in te vriezen levensmiddelen niet in contact met reeds ingevroren produkten. Leg uitsluitend droge verpakkingen in het apparaat zodat ze niet aan elkaar kunnen vastvriezen. • Noteer altijd datum en inhoud op de verpakkingen. Houd u aan de maximale houdbaarheid. • Vries geen essen en pakken met koolzuurhoudende dranken in aangezien deze kunnen exploderen. • Ontdooien: Haal steeds slechts zoveel levensmiddelen uit het apparaat als u direct nodig hebt.
Verwerk eenmaal ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk tot een gerecht. Ingevrorenlevensmiddelenkuntualsvolgtontdooien:– in de hete-luchtoven– in de magnetron– bij kamertemperatuur– in de koelkast: de warmte die voor het ontdooien nodig is, wordt aan de overige produkten in de koelkast onttrokken. VentilatorschakelaarV (afhankelijkvanuitvoering) Met de ventilatorschakelaar V kunnen, afhankelijk van de behoefte, verschillende klimaatomstandigheden in het koelgedeelte worden ingesteld. Stand1: De ventilator werkt tegelijk met het koelaggregaat. Hierdoor ontstaat tijdens de koelfase een snelle afkoeling en een gelijkmatige temperatuurverdeling in het koelgedeelte. Stand2: De ventilator draait continu. Hierdoor wordt de snelste afkoeling, een gelijk-matige temperatuurverdeling en een hoge luchtvochtigheid in het koelgedeelte bereikt.
21OntdooienHetkoelgedeelteHet koelgedeelte ontdooit automa-tisch. Het vrijkomende water stroomt via de dooiwaterafvoer in de achter-wand in een verdampingsschaal buiten het apparaat. Hier verdampt het water door de vrijkomende warmte van de compressor. Het enige wat u hoeft te doen, is van tijd tot tijd te controleren of het dooi-water door de dooiwaterafvoer boven de groenteladen ongehinderd kan wegstromen. Zie verder onder `Reinigen´. HetvriesgedeelteIn het vriesvak ontstaat na geruime tijd een dikkere laag rijp of ijs. Hierdoor stijgt het energieverbruik. Ontdooi daarom regelmatig. • Schakel het apparaat uit om hem te ontdooien: trek de stekker uit het stopcontact of draai de temperatuurregelaar naar "0". • Wikkel de levensmiddelen in oude kranten of een deken en bewaar ze op een koele plaats.
• Plaats een pan met heet - niet kokend - water op een vries-plaat, om het apparaat sneller te laten ontdooien. • Laat de deur van het apparaat tijdens het ontdooien open staan. Neem het laatste restje dooiwater met een doek op en maak het apparaat vervolgens schoon. Gebruikvoorhetontdooiengeenmechanischeofanderehulp-middelentenzijdezedoordefabrikantwordenaanbevolen. ReinigenVoorhetreinigenaltijdhetapparaatuitschakelen. Stekkeruithetstopcontacttrekkenofdevoorgeschakeldezekeringeneruitschroevenresp. latenaanspringen. Reinig de binnenkant van het apparaat en de accessoires met lauw water waaraan een beetje afwasmiddel is toegevoegd. Gebruik in geen geval chemische oplosmiddelen of produkten die zand of zuren bevatten. Gebruikgeenstoomreinigingsapparaten. Gevaarvoorbeschadigingenverwonding.
• Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat nooit: het is belangrijk voor onze technische dienst. StoringenDevolgendestoringenkuntuzelfopsporenenverhelpen: Controleer:Hetapparaatwerktniet. – of het apparaat is ingeschakeld;– of de stekker goed in het stopcontact zit;– of de zekering in de meterkast nog goed is. Hetapparaatmaaktteveellawaai. Controleer:– of het apparaat stabiel staat;– of meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draaiende aggregaat aan het trillen worden gebracht. Bedenk dat een diep-vrieskast nooit helemaal geluidloos kan werken. Controleer:Detemperatuurisnietlaaggenoeg.
– of u de temperatuur goed hebt ingesteld (zie onder `Temperatuur instellen´);– of er te grote hoeveelheden verse levensmiddelen in het apparaat gelegd werden;– of de losse thermometer de juiste waarde aangeeft;– of de ventilatie in orde is;– of het apparaat te dicht bij een warmtebron staat. Neem, indien geen van de boven-genoemde oorzaken van toepas-sing zijn en u de storing niet zelf verhelpen kunt, contact op met de technische dienst van de leveran-cier van het apparaat. Zorg dat u tijdens het gesprek de typeaan-duiding , het servicenummer ➊ ➋en apparaatnummer ➌ bij de hand hebt. Het typeplaatje vindt u links op de binnenwand (Koelgedeelte). BuitenwerkingstellenWilt u het apparaat voor langere tijd buiten werking stellen, schakel het dan uit, trek de stekker uit het stopcontact of draai de zeke ringen in de meterkast eruit.
Reinig het apparaat en laat het apparaatdeur open staan om geurvorming te voorkomen. Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbe-palingen en de EG-richtlijnen 2004/108/EG en 2006/95/EG. De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Hebt u er daarom a. u. b. begrip voor dat wij ons wijzigingen in vorm, uitvoering en techniek moeten voor-behouden. NL.
22Inbouw- en ombouwinstructies voor inbouwmodellen met decorlijstenDeurombouwen• Schroef de decorlijst eraf.➊• Wip het afdekplaatje ➋ en lagerbus ➌ met een schroeven draaier los.• Open de deur en kantel de bovenkant uit het scharnier .
Neem ➍de deur naar boven weg.• Wip het afdekplaatje met een schroevendraaier los en zet het ➎naar de andere kant van de deur over.• Schroef het scharnier eraf en til de onderste deur omhoog.➏• Demonteer het afdekplaatje en de schroeven en zet ze naar ➓de andere kant van de deur over.• Wip de stopjes los.➒• Schroef het scharnier eraf; schroef de scharnierpen eruit ➐ ➑en draai hem in het ernaast liggende bevestigingsgat; zet het scharnier naar de andere kant over.➐• Zet de stopjes naar de andere kant over.➒• Plaats de onderste deur op de scharnierpen en sluit de deur.➑• Draai het scharnier ➏ 180°, steek het met de pen in het deurlager en schroef het aan het apparaat vast.• Schroef het scharnier eraf, draai het 180° en zet het naar de ➍andere kant over.• Zet de bovenste deur op het scharnier , positioneer de deur ➏onder het bovenste scharnier ➍ en sluit de deur.
Zet lagerpen ➌terug.• Leg het afdekplaatje terug.➋• Monteer de decorlijst en de bijgevoegde handgrepen.➊InbouwenindeombouwkastLijn de ombouwkast met een waterpas en winkelhaak uit. Breng indien nodig onderlegblokjes aan. De legborden en zijwanden moeten haaks op elkaar staan.Voor de luchttoevoer en -afvoer moet aan de achterkant van de ombouwkast minimaal 38 mm vrijblijven.De lucht wordt via de plint van de ombouwkast toegevoerd. De ventilatieopening in de plint moet minimaal 200 cm² groot zijn.Wordt het apparaat in een ombouwkast zonder ventilatie-rooster in de plint ingebouwd, dan wordt de lucht via de plint van het apparaat toegevoerd. Houd in dit geval tussen de onderkant van de deur en de ombouwkast een spleet van minimaal 13 mm vrij.
23Vastzettenindeombouwkast• Trek de beschermfolie van het afdekproel af en plak het aan ➌de kant van de deurgreep op de behuizing van het apparaat. Het afdekproel mag niet te ver naar voren uitsteken: belangrijk voor het correct sluiten van de deur.• Bij een nisbreedte groter dan 568 mm moet het afstandsblokje ➎ ➍ op het scharnier worden geklikt. • Schuif het apparaat in de nis van de ombouwkast totdat de aans-lagstrip tegen de ombouwkast rust.➊• Draai de schroeven (4 x 14) door de aanslagstrip ➊ en het schar-nier in de ombouwkast.➏• Draai een schroef 3,9 x 32 door het scharnier ➍ in de zijkant van de ombouwkast.DekorplaatmonterenAfmetingendecorplaat(mm): hoogte breedte dikte max.Koelgedeelte 838 585 4Vriesgedeelte 341 585 4Dikkere decorplaten moeten als in afb.
Neem de deur naar boven weg.• Wip het afdekplaatje ➋ los en zet het naar de andere kant van de deur over.• Neem de lagerpen weg en neem de onderste deur naar boven ➌weg.• Zet de stopjes en deurkoppeldelen naar de andere kant ➒ ➓over.• Druk het afdekplaatje aan de zijkant in en neem het weg.➎• Schroef het scharnier eraf.➏• Wip de stopjes los en zet ze naar de andere kant over.➍• Draai het scharnier 180° en zet het naar de andere kant over.➏• Druk het afdekplaatje vast.➎• Neem de stopjes ➐ en lagerpen ➑ eruit en zet ze naar de andere kant over.• Plaats de onderste deur op de lagerpen en sluit de deur.➑• Zet de lagerpen weer terug.➌• Plaats de bovenste deur op de lagerpen en sluit de deur.➌• Schroef de lagerpen weer terug.➊Inbouwmaten(mm): A B C DKID22(216lt.) 1221-1232 858 30 24KID25(242lt.) 1444-1452 1036 56 50KID32(315lt.) 1774-1782 1395 30 24InbouwenindeombouwkastLijn de ombouwkast met een waterpas en winkelhaak uit.
Breng indien nodig onderlegblokjes aan. De legborden en zijwanden moeten haaks op elkaar staan.Voor de luchttoevoer en -afvoer moet aan de achterkant van de ombouwkast minimaal 38 mm vrijblijven.De lucht wordt via de plint van de ombouwkast toegevoerd. De ventilatieopening in de plint moet minimaal 200 cm² groot zijn.
25InbouwenindeombouwkastSchroefvóórhetinbouwendebijgevoegdebevestigingsstripmetschroeven3,9x9,5ophetapparaat.• Controleer of de keukendeurtjes correct uitgelijnd zijn en goed sluiten. Stel indien nodig de scharnieren bij.• Leg de voedingsleiding zodanig dat het apparaat na het inbouwen gemakkelijk kan worden aangesloten.• Verwijder het afdekplaatje indien de nis extreem klein is; laat ➏het anders zitten.• Schuif het apparaat in de nis van de ombouwkast totdat de voorkant van scharnier uitgelijnd is met de ombouwkast, zie ➋detailtekening X.Lijn hetapparaat ingeen geval t.o.v. debovenstebevesti-gingsstripuit!• Houd aan de kant van de deurgreep tussen ombouwkast en apparaat 4 mm vrij.• Snij het afdekproel op de juiste lengte af en schuif het in de ➊spleet tussen ombouwkast en apparaat.
Schuif het apparaat tegen de ombouwkast zodat het afdekproel samengedrukt wordt.Vastzettenindeombouwkast• Draai schroeven (4 x 14) door de bevestigingsstrip boven en ➌de scharnieren onder in de ombouwkast.• Verzet de deurkoppeldelen afhankelijk van de positie van de ➍deurgrepen van het keukendeurtje op de deur van het apparaat. Monteer indien nodig 2 deurkoppeldelen per deur. Gebruik hiervoor schroeven 3,9 x 9,5.• Open de deur van het apparaat helemaal. Schuif een koppelrail ➎ ➍ in het deurkoppeldeel . De afstand tussen de koppelrail d➎en de rand van het keukenkastje moet overeenkomen met de plaatdikte van de ombouwkast. Schroef de koppelrail op de ➎deur van het keukenkastje vast.• Justeer de deurkoppeldelen ➍ zodanig dat de deur van het keu-kenkastje in gesloten toestand niet tegen de ombouwkast rust (afstand ca. 1 mm). NL
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr KID 2212 Comfort stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast