Liebherr KB 3650 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr KB 3650 (11 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Liebherr KB 3650 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | KB 3650 |
Handleiding Liebherr KB 3650 – volledige tekst
33IKB/EKB. 6NLBepalingenW Het apparaat werd ontworpen voor het koelen en in het vriesvak* invriezen en bewaren van levensmiddelen evenals het maken van ijs. Het is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Bij profes-sioneel gebruik (in de horeca, detailhandel enz. ) moeten de op de betreffende bedrijfstak van toepassing zijnde voorschriften worden nageleefd. W Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaat-klasse d. w. z. een minimale omgevingstemperatuur waar-onder en een maximale omgevingstemperatuur waarbo-ven het apparaat niet gebruikt mag worden. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje.
Hierbij worden de volgende afkortingen gebruikt: Klimaatklasse ontworpen voor omgevingstemperaturen van _________________________________________ SN +10 °C tot +32 °C N +16 °C tot +32 °C ST +18 °C tot +38 °C T +18 °C tot +43 °C- Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. - Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 73/23/EEG en 89/336/EEG. Tips voor energiebesparingW Houd de ventilatieopeningen vrij. W Laat de deur nooit onnodig lang open staan. W Plaats de levensmiddelen soort bij soort in het apparaat; houdt u aan de maximale bewaartijd. W Bewaar alle levensmiddelen goed verpakt of afgedekt; rijpvorming wordt zo voorkomen. W Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur afkoe-len voordat u ze in het apparaat plaatst. W Laat diepvriesproducten in het koelgedeelte ontdooien.
W Ontdooi het vriesvak* zodra zich een dikkere laag ijs gevormd heeft. Het apparaat vriest dan beter en zuiniger. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk. Wij feliciteren u met uw nieuwe apparaat.
Door uw aankoop heeft u gekozen voor alle voordelen van de modernste koudetechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge bedrijfs-zekerheid garandeert. De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort. Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvriendelijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdrage aan het behoud van ons milieu. Lees, om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, a. u. b. de informatie in deze gebruiks-aanwijzing aandachtig door. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat. Inhoud pag. Gebruiksaanwijzing Het apparaat in vogelvlucht. 32 Inhoud. 33 Bepalingen. 33 Tips voor energiebesparing. 33Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 34 Aanwijzing m. b. t. afdanken. 34 Inbouw- en ventilatie-aanwijzing. 34Ingebruikneming en controlepaneel.
35 Aansluiten. 35 In- en uitschakelen. 35 Temperatuur instellen. 35 Temperatuurdisplay. 35 Alarm - geluidssignaal. 36 SuperCool. 36 Extra functies. 36 Kinderbeveiliging. 36 Lichtintensiteit van het display*. 36 Temperatuur in het BioFresh-gedeelte. 36Koelgedeelte. 37 Verdelen van de levensmiddelen. 37 Indeling aanpassen. 37BioFresh-gedeelte. 38 Wenken voor het bewaren. 38Vriesvak. 39Ontdooien, reinigen. 40Storingen - Problemen. 41 Technische dienst en typeplaatje. 41§.
34 IKB/EKB. 6 Veiligheidsinstructies en waarschuwingenAanwijzing m. b. t. afdankenDe verpakking als transportbescherming van het ap-paraat en afzonderlijke onderdelen is van recyclebare materialen gefabriceerd. - Golfkarton/karton- Voorgevormde delen van PS (geschuimd, cfk-vrij polysty-reen)- Folies en plastic zakken van PE (polyetheen)- Spanbanden van PP (polypropeen)W Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinde-ren - verstikkingsgevaar door folies. W Breng a. u. b. het verpakkingsmateriaal naar het dichtst-bijzijnde officiële inzamelpunt zodat de verschillende materialen hergebruikt resp. verwerkt kunnen worden. Het afgedankte apparaatbevat nog waardevolle materialen en moet geschei-den van het ongesorteerde afval worden afgevoerd. W Afgedankte apparaten onmiddellijk onbruikbaar maken, stekker uit het stopcontact trekken en aansluitkabel doorknippen. Verwijder een evt.
snap- of grendelslot, zodat spe-lende kinderen zich niet zelf kunnen opsluiten - ze stikken. W Let erop dat het koelmiddelcircuit van een afgedankte apparaat niet beschadigd wordt. - Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje. - Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voor-schriften en wetten. Technische veiligheidW Om persoonlijk letsel en materiële schade te voor-komen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten. W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar. W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen. Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.
W Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontste-kingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijde-ren, stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed ventileren. W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aan-sluiten - bij de leverancier reclameren.
W Om een veilig gebruik te waarborgen het apparaat alleen volgens de informatie in de gebruiksaanwijzing monteren en aansluiten. W In geval van een storing het apparaat van het net loskop-pelen: stekker uit het stopcontact trekken (hierbij niet aan de aansluitkabel trekken) of zekering laten aanspringen resp. eruit draaien. W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoeren, daar anders aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. Veiligheid bij gebruikW Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan, pen-taan enz. , in het apparaat. Eventueel vrijkomende gas-sen zouden door elektrische componenten kunnen ont-branden. U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte inhoudsvermelding of aan een vlamsymbool.
W Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande bewaren. W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken. W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebrui-ken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsappa-ratuur, ijsmakers enz. ). W Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinde-ren) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het ap-paraat worden onderwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblij-ven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen.
W Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes, na het eruit nemen niet onmiddellijk en niet te koud consume-ren. Door de lage temperaturen bestaat "Gevaar voor verbranding". W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken. Inbouw- en ventilatie-aanwijzing W Vermijd standplaatsen direct in het zonlicht, naast het fornuis, de radiator en dergelijke. W Dek de ventilatieopeningen nooit af. Zorg al-tijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet vol-gens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ontvlambare gas-lucht-menge-ling in de plaatsingsruimte van het apparaat kan ont-staan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
35IKB/EKB. 6NLIngebruikneming en controlepaneel* afhankelijk van model en uitvoeringWij adviseren u om het apparaat te reinigen voordat u het in gebruik neemt (zie verder onder "Reinigen"). Schakel het apparaat met het vriesvak ongeveer 2 uur voor-dat u de eerste levensmiddelen erin plaatst in. AansluitenStroomsoort (wisselstroom) en spanningop de opstellingsplaats moeten met de informatie op het typeplaatje overeenstemmen. Het typeplaatje be-vindt zich aan de linker binnenkant, afb. A. W Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd randaardestopcontact aansluiten. W Het stopcontact moet d. m. v. een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het ap-paraat liggen en goed toegankelijk zijn. W Het apparaat niet - op stand-alone ondulatoren aansluiten en- in combinatie met zgn.
energiebesparingsstekkers ge-bruiken - de elektronica kan beschadigd worden,- samen met andere elektrische apparaten via een ver-deellijst of een verlengkabel aansluiten - oververhittings- en brandgevaar. W Bij het loshalen van het netsnoer van de achterzijde van het apparaat de kabelhouder verwijderen, om rammelen te voorkomen. In- en uitschakelenW Inschakelen: Druk op de Aan/Uit-toets 3; het tempera-tuurdisplay licht op/knippert. - De verlichting brandt wanneer de deur geopend is. W Uitschakelen: Druk ca. twee seconden op de Aan/Uit-toets; het temperatuurdisplay gaat uit. A11634 52SuperCoolTemperatuur instellenHet apparaat is standaard ingesteld voor normaal bedrijf. Voor het koelgedeelte adviseren wij +5 °C. In het vriesvak* is de gemiddelde temperatuur van de be-vroren levensmiddelen dan -18 °C. In het koelgedeelte:W Temperatuur verlagen/kouder: Druk op de DOWN-insteltoets 2.
- De eerste keer dat u op een temperatuur-tiptoets drukt toont het temperatuurdisplay de laatst ingestelde tempe-ratuur van het koelgedeelte. - Door meermaals kort op een tiptoets te drukken, laat u de ingestelde temperatuur in stapjes van 1 °C versprin-gen. Houdt u de tiptoets langer ingedrukt dan verandert de temperatuur doorlopend. - Ca. 5 s na de laatste druk op een toets schakelt de elek-tronica automatisch om en wordt de gemiddelde koeltem-peratuur (= actuele waarde) weergegeven. - De temperatuur is instelbaar in het koelgedeelte tussen 9 °C en 4 °C. W In het BioFresh-gedeelte wordt de temperatuur automa-tisch geregeld, tussen 0 en 3 °C. Indien u een hogere of een lagere temperatuur verkiest, bv. voor het bewaren van vis, kunt u de afsteltemperatuur in het BioFresh-gedeelte wijzigen. Meer informatie vindt u in de paragraaf "Extra functies".
TemperatuurdisplayIn de normale stand wordt de gemiddelde temperatuur in de koelruimte weergegeven. Verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmelding "F0" tot "F5" dan is sprake van een storing. Neem in dit geval contact op met de technische dienst van de leverancier van het apparaat. Wanneer u het nummer van de foutmelding (bijv. "F2") noemt, kan men u snel van dienst zijn.
36 IKB/EKB. 6 Ingebruikneming en controlepaneelA11634 52SuperCoolAlarm - geluidssignaalHet geluidssignaal helpt u, opgeslagen koelgoed te be-schermen en energie te besparen. - Dit is altijd te horen, wanneer de deur langer dan ca. 1 min. geopend is. W Het geluid wordt uitgeschakeld door het indrukken van de Alarm-toets 5,- automatisch, wanneer de deur gesloten wordt. - Het uitschakelen van het geluid is zolang actief als de deur geopend is. Bij het sluiten van de deur is de alarm-functie automatisch weer ingeschakeld. SuperCoolMet de functie SuperCool schakelt u op hoogste koelcapa-citeit. Deze functie is bijzonder geschikt om grote hoeveelhe-den levensmiddelen, dranken, vers gebak of vers bereide levensmiddelen zo snel mogelijk af te koelen. W Inschakelen: Druk kort op de SuperCool-toets 4 zodat ze oplicht. De koeltemperatuur daalt tot op de koudste waarde.
Opmerking: SuperCool verbruikt iets meer stroom. Na ca. 6 uur schakelt de elektronica echter weer automatisch naar de energiebesparende stand terug. Extra functiesVia de instelmodus kunt u de kinderbeveiliging gebruiken, de lichtintensiteit van het display* veranderen en de tem-peratuur in het BioFresh-gedeelte iets kouder of warmer instellen. Instelmodus activeren:W SuperCool-toets ca. 5 sec drukken - de SuperCool-toets knippert - het display toont c voor kinderbeveiliging. Opmerking: De waarde die dient te worden veranderd knippert. W Door op de Up/Down-toets te drukken, de gewenste functie kiezen: c = kinderbeveiliging, h = lichtintensiteit of b = BioFresh-temperatuur.
• Bij h = lichtintensiteit door op de Up/Down-toets te drukken h1 = minimale tot h5 = maximale intensiteit selecteren en met de SuperCool-toets bevestigen. • Bij b = BioFresh-temperatuur door op de Up/Down-toets te drukken een waarde tus-sen b1 = koudste en b9 = warmste kiezen en met de SuperCool-toets bevestigen. De veranderde BioFresh-temperatuur wordt langzaam op de nieuwe waarde ingesteld. Opmerking: b5 = instelling vooraf. Bij wijziging in richting kouder, "b4" tot "b1", kunnen temperaturen onder nul worden bereikt en de levensmiddelen in het BioFresh-gedeelte makkelijk invriezen. Instelmodus verlaten:W Door op de On/Off-toets te drukken, de instelmodus be-eindigen; na 2 min. schakelt de electronica automatisch om. - Het standaard regelbedrijf is weer actief.
37IKB/EKB. 6NL* afhankelijk van model en uitvoering Koelgedeelte1 boter, kaas2 eieren3 pakken melk/sap, dranken, fles-sen4 In het vriesvak*: diepvriesproduc-ten5 conservenblikken, bakproducten6 zuivelproductenBioFresh-gedeelte7 vlees, worst, vis, kant-en-klare maaltijden8 fruit, groente, slaSuperCool AlarmOn/OffDownUp°CB478125356CLRRLE11212E2D1D3123D3D3D2Verdelen van de levensmiddelenDoor de natuurlijke luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan gebieden met verschillende temperaturen. Voor de diverse soorten levensmiddelen kan deze temperatuurverdeling voordelig zijn. Bovenin het apparaat, aan de voorkant en in de deur heerst de hoogste temperatuur (optimaal voor bijv. kaas en smeerbare boter). Plaats de levensmiddelen daarom volgens het indelingsvoorbeeld, afb. B, in het ap-paraat.
Tips voor het koelen- Leg de levensmiddelen niet te dicht tegen elkaar zodat de lucht er goed tussen circuleren kan. Ventilatorlucht-gaten* aan de achterkant niet bedekken - belangrijk voor het koelvermogen. - Bewaar levensmiddelen die snel geur of smaak afgeven of aannemen evenals vloeistoffen altijd in een gesloten koelkastdoos of afgedekt. Indeling aanpassenW Het conservenblikkenvak* kunt u verplaatsen en alle opbergvakken zijn voor het reinigen uitneembaar, afb. C: schuif het opbergvak omhoog, neem het er naar voren uit en zet het in de omgekeerde volgorde terug. W Door het verschuiven van de flessen- en conserven-houder kunt u flessen beveiligen tegen omvallen bij het openen en sluiten van de deur, afb. C, neem de flessen-houder altijd bij het fixeerdeeltje van kunststof. Voor het reinigen kan de houder worden weggenomen: de onderste rand van de houder naar voren trekken en losmaken.
- De korte* glasplaat bovenaan, steeds voor de ventilator, onder het vriesvak* inschuiven. W In de bodem van het koelgedeelte kunt u naar keuze het geïntegreerde flessenplateau voor extra dranken of de glasplaat voor nog meer aflegplaats gebruiken. - Als u het flessenplateau gebruikt, kunt u de glasplaat onder het flessenplateau plaatsbesparend bewaren. Mochten de flessen verder dan het geïntegreerde fles-senplateau reiken, afb. D2, dan moet u het onderste deurvak een positie hoger zetten. - Gebruik het voorste vlak van de koeldeelbodem voor het kortstondig neerzetten van te koelen levensmiddelen, bijv. wanneer u opnieuw inricht of sorteert. Daardoor wordt het gebruik gemakkelijker. Laat de te koelen le-vensmiddelen er echter niet staan, anders kunnen ze bij het sluiten van de deur naar achteren geschoven worden of omvallen, afb. D3.
W De halve glasplaten bieden plaats voor hoge dozen: De bijgevoegde draagrails, afb. E1, op de gewenste hoogte rechts en links op de oplegnoppen steken, daarbij op het rechter- (R) en het linkerdeel (L) letten. De glaspla-ten 1/2 overeenkomstig afb. E2 inschuiven. De glas-plaat 2 met aanslagrand moet achteraan liggen. - Als u plaats voor hoge dozen nodig heeft, moet u ge-woonweg de voorste halve glasplaat* voorzichtig onder de achterste plaat schuiven, afb. E2.
38 IKB/EKB. 6 BioFresh-gedeelteIn het BioFresh-gedeelte kunt u diverse verse levensmid-delen tot drie keer zo lang bewaren met een constante kwaliteit als bij traditionele koeling. Zo houdt u verse levensmiddelen langer goed. Smaak, versheid en voedings-waarde (gehalte aan vitamine B en C) blijven in hoge mate behouden. Er ontstaat minder afval en gewichtsverlies bij het panklaar maken van groente en fruit. U kunt vaker verse groente en fruit (en dus natuurlijker) eten. De automatisch geregelde bewaartemperatuur tussen 0 °C en 3 °C en de zich instellende luchtvochtigheid bieden optimale bewaaromstandigheden voor de verschillende levensmiddelen. De bovenste lade 7,afb. B, is geschikt voor het bewaren van droge of verpakte levensmiddelen (bijv. zuivelproducten, vlees, vis, worst). Hier ontstaat een relatief droog bewaarklimaat. De regelbare laden 8,afb.
B, zijn in de stand "vochtig" geschikt voor het bewaren van onverpakte sla, groente, fruit. Bij een goed gevulde lade ontstaat een heerlijk fris klimaat met een luchtvochtig-heid tot max. 90%. Indien nodig kunt u deze lade naar keuze gebruiken met een droog of vochtig klimaat. Vochtigheid regelen:W "droog": klein vochtigheidssymbool - schuif naar links duwen. Voor levensmiddelen die geschikt zijn voor droge bewaring. W "vochtig": hoge relatieve luchtvochtig-heid van ca. 90%, groot vochtigheids-symbool - schuif helemaal naar rechts duwen. Geschikt voor onverpakt be-waarde levensmiddelen met een hoge vochtigheidsgraad, vb. verse bladsala-des. Opmerkingen:W De luchtvochtigheid in de lade is afhankelijk van het vochtigheidsgehalte van de opgeslagen levensmiddelen en van hoe vaak de deur wordt geopend. W Let erop dat u uitsluitend verse etenswaar koopt.
appels niet met kiwi's of kool bewaren. W Onverpakte dierlijke en plantaardige levensmiddelen apart bewaren en gesorteerd in de laden leggen. Als dit uit plaatsgebrek niet mogelijk is, moeten zulke levens-middelen worden verpakt. Houd verschillende soorten vlees van elkaar gescheiden. Indien u het vlees afzon-derlijk verpakt, kunnen ziektekiemen zich minder snel uitbreiden en voorkomt u vroegtijdig bederf. W Houd er rekening mee dat eiwitrijkere levensmiddelen sneller bederven. Dit betekent dat schaaldieren en kreeftachtigen sneller bederven dan vis, vis sneller dan vlees. W Levensmiddelen ongeveer enige tijd voor het nuttigen uit de laden halen. Aroma en smaak komen pas bij kamer-temperatuur weer naar voren, de genotwaarde stijgt.
39IKB/EKB. 6NL(vier sterren, indien aanwezig, afhankelijk van model) In het vriesvak kunt u bij een bewaartemperatuur van -18 °C en lager (d. w. z. vanaf een temperatuurinstelling van 5 °C) diepvriesproducten en levensmiddelen verscheidene maanden lang bewaren, ijsblokjes maken en bovendien verse levensmiddelen invriezen. Invriezen van verse levensmiddelenVerse levensmiddelen moeten zo snel mogelijk door en door bevroren worden. Voedingswaarde, vitamines, uiter-lijk en smaak van de levensmiddelen blijven dan het beste bewaard. Daarom doet u er goed aan bij het invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen als volgt te werk te gaan:W Ca. 4 uur voor het erin leggen de temperatuur op 5 °C of lager (bijv. 4 °C) zetten. Reeds opgeslagen diepvriesproducten krijgen een koude-reserve. W Vervolgens de verse levensmiddelen erin leggen. Er kan max. 2 kg/24 uur worden ingevroren.
De verse levensmiddelen zo goed mogelijk verdeeld op de bodem van het vak leggen en niet met reeds opge-slagen diepvriesproducten in contact brengen; ontdooien wordt hierdoor vermeden. W Na nog eens 24 uur zijn de nieuwe in te vriezen levens-middelen bevroren. Zet de temperatuur op de normale instelling (bijv. 5 °C) terug. Het normale koelproces wordt weer hersteld. Het invriezen is voltooid. Opmerking:De temperatuur van de lucht in het vak (gemeten met een thermometer of andere meetapparatuur) kan schommelen. Dit heeft bij een gevuld vak echter weinig invloed op de ingevroren levensmiddelen. De kerntemperatuur van de in-gevroren levensmiddelen ligt dan rond het gemiddelde van deze schommelingen. Vriesvak*BewaarinstructiesW Diepvriesproducten (reeds ingevroren producten) kunnen onmiddellijk in het vriesvak worden gelegd.
W Bij voorkeur geen flessen in het vak leggen om ze snel te koelen; indien toch, dan uiterlijk na één uur eruit nemen, ze barsten anders. W Eenmaal ontdooide levensmiddelen bij voorkeur niet opnieuw invriezen, maar tot een gerecht verwerken.
Voe-dingswaarde en smaak blijven zo het beste bewaard. W Als richtwaarden voor de houdbaarheid van verschillende levensmiddelen in het vriesvak geldt: Gevogelte, rundvlees, lam 6 tot 12 maanden Vis, varkensvlees 2 tot 6 maanden Wild, konijn, kalfsvlees 4 tot 8 maanden Worst, ham 2 tot 4 maanden Kant-en-klare gerechten 2 tot 4 maanden Groente en fruit 6 tot 12 maanden Kaas, brood, bakproducten 2 tot 6 maanden Van gistdeeg gebakken gebak 1 tot 5 maanden Consumptie-ijs 2 tot 3 maanden Of de minimale of maximale bewaartijd geldig is, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen, de voorbe-werking voor het invriezen en de kwaliteitseisen van de individuele huishouding. Houd voor de wat vettere levensmiddelen altijd de minimale bewaartijd aan; vetten worden snel ranzig. IJsblokjes makenW De ijsblokjeshouder voor driekwart met water vullen.
40 IKB/EKB. 6 OntdooienHet koelgedeelte en het BioFresh-gedeelteontdooien automatisch. Het vrijkomende water verdampt door de vrijkomende warmte van de compressor. In het vriesvak*ontstaat na geruime tijd een dikkere laag rijp of ijs. Hierdoor stijgt het energieverbruik. Ontdooi daarom regelmatig:W Schakel het apparaat uit om het te laten ontdooien: Trek de stekker uit het stopcontact of druk op de Aan/Uit-toets; het temperatuurdisplay gaat uit. Gaat het tempera-tuurdisplay niet uit, dan is de kinderbeveiliging ingescha-keld. W Bewaar de ingevroren levensmiddelen, in kranten of dekens gewikkeld, op een koele plaats. W Plaats een pan warm (niet: kokend) water in het vak om het sneller te laten ontdooien. Gebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings- of stoomreinigingsapparaten, ontdooisprays, open vuur of scherpe voor-werpen om ijs te verwijderen.
Gevaar voor verwondingen en beschadigingen. W Laat de deur van het vriesvak en het apparaat tijdens het ontdooien openstaan. Wis het dooiwater met een spons of doek op. Maak het apparaat vervolgens schoon. ReinigenW Voor het reinigen altijd het apparaat uitscha-kelen. Stekker uit het stopcontact trekken of de voorgeschakelde zekeringen eruit schroe-ven resp. laten aanspringen. W Binnenruimte en delen van het interieur met lauwwarm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen. Niet met stoomreinigingsapparatuur werken - gevaar voor verwonding en beschadiging. W Gebruik bij voorkeur zachte poetsdoeken en een pH-neu-trale allesreiniger. - Gebruik geen schurende/krassende sponsen, geconcen-treerde reinigingsmiddelen evenmin als schoonmaakpro-ducten die zand, chloride of zuur bevatten of chemische oplosmiddelen.
W Let erop dat er geen schoonmaakwater in de afvoergoot, ventilatieroosters en elektrische onderdelen dringt. Wrijf het apparaat droog. - Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat nooit: het is belangrijk voor de techni-sche dienst.
W De boterdoos* kunt u in de vaatwasmachine plaatsen. De plateaus, glasplaten en de overige uitrusting moet u met de hand reinigen. Ontdooien, reinigenW De draagplateaus volgens de afbeel-ding eruit nemen: - De glasplaat omhoogheffen, de uitsparing over het oplegvlak trekken, naar de kant toe neerlaten en schuin eruit nemen. - Schuif de draagplateaus altijd met de aanslagrand achter naar boven wijzend terug, daar de levensmiddelen anders aan de achterwand vast kunnen vriezen. W Als u het bovenste deurvak (boter- en kaasvak) wilt ver-wijderen, dan het vak altijd samen met het deksel* ver-wijderen. Daarna een zijstuk van het vak voorzichtig naar buiten duwen totdat de dekselpen vrij komt en het deksel zijwaarts weggehaald kan worden. - U kunt draagplateaus en opbergvak-ken demonteren om ze te reinigen - trek de lijsten en de zijkanten van de glasplaten.
- Beschermfolies van alle sierlijsten trek-ken, zie afb. W Trek de BioFresh-laden 1 er voor het reinigen hele-maal uit en til ze naar boven weg (afb. L). - Voor het terugzetten de laden op de rails plaatsen en gewoonweg inschuiven (afb. M). Afb. L Afb. M- Het deksel van de lade met de vochtigheidsregeling 2 bij uitgenomen laden voorzichtig naar voren trekken en naar beneden wegnemen. Bij het inzetten omgekeerd te werk gaan; de dekselrib-ben in de opnamehouders aanbrengen en vastklikken. W Reinig de dooiwater-afvoerope-ning in de achterwand achter de 2e BioFresh-lade regelmatig, zie pijl op afb. Indien nodig met een spits hulpmiddel, bijv. watten-staafjes of iets dergelijks, reini-gen. W Steek vervolgens de stekker weer in het stopcontact (of schakel de zekering in de meterkast weer in) en schakel het apparaat in.
Moet het apparaat voor langere tijd uitgeschakeld wor-den, maak het dan leeg, trek de stekker uit het stopcontact, maak het op de hierboven beschreven manier schoon en laat de deur van het apparaat open staan om geurvorming te voorkomen. 12123* afhankelijk van model en uitvoering1122.
41IKB/EKB. 6NL* afhankelijk van model en uitvoeringStoringen - Problemen. Het apparaat is zodanig geconstrueerd en gefabriceerd dat storingen nagenoeg niet voorkomen en een lange levens-duur gegarandeerd is. Doet zich desondanks een storing voor, ga dan a. u. b. na of deze misschien het gevolg is van een verkeerde bediening. Is dit het geval dan moeten we helaas - ook tijdens de ga-rantietermijn - de reparatiekosten in rekening brengen. De volgende storingen kunt u zelf opsporen en verhelpen:Storing - mogelijke oorzaak en oplossing______________________________________________Het apparaat werkt niet, het display blijft donker. - Is het apparaat correct ingeschakeld. - Zit de stekker goed in het stopcontact. - Is de zekering in de meterkast in orde. De binnenverlichting brandt niet. - Is het apparaat ingeschakeld. - Stond de deur langer dan 15 min. open.
De binnenver-lichting wordt automatisch uitgeschakeld wanneer het apparaat langer dan ca. 15 minuten open staat. - Gaat de binnenverlichting niet automatisch aan wanneer u het apparaat opent maar is het temperatuurdisplay wel verlicht, dan is de verlichting misschien defect. Opgelet. Om persoonlijke ongelukken en materiële schade te vermijden, doet u er goed aan de reparaties en de vervanging van de LED-binnenverlichting alleen door de technische dienst te laten uitvoeren. Voorzichtig - laserstraling klasse 1M. Bij open afdekking, niet rechtstreeks met optische instrumenten erin kijken. Het apparaat maakt te veel lawaai. - Staat het apparaat op een stevige ondergrond. Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draai-ende aggregaat aan het trillen gebracht. Zet de flessen en verpakkingen eventueel van elkaar af.
- Normaal zijn: stromingsgeluiden (borrelen of ruisen) ver-oorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcircuit stroomt. Een kort klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt. Brommen van de motor.
De motor bromt even iets harder als het aggregaat wordt ingeschakeld. Het apparaat geeft een alarmsignaal. - Is het apparaat goed gesloten. Controleer het apparaat volgens de paragraaf "Alarm - geluidssignaal". De temperatuur is niet laag genoeg. - Is de temperatuur goed ingesteld. Stel indien nodig een lagere temperatuur in en lees het display na 24 uur nog eens af. - Sluit de apparaatdeur goed. - Werd het apparaat juist ingebouwd. - Is er voldoende be- en ontluchting. Ventilatierooster eventueel vrijmaken. - Is de omgevingstemperatuur te hoog. (zie passage "Bepalingen")- Werd het apparaat te vaak of te lang geopend. - Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt.
Technische dienst en typeplaatjeKunt u geen van de hierboven beschreven oorza-ken vaststellen en de storing niet zelf verhelpen of verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmel-ding "F0" tot "F5" dan is er sprake van een storing. Neem in dit geval contact op met de dichtstbijzijnde tech-nische dienst (zie bijgevoegd overzicht). Geef het nummer van de foutmelding (F1 enz. ) door evenals de volgende gegevens op het typeplaatje: de typeaanduiding 1, het servicenummer 2, het apparaatnummer 3. Hierdoor wordt een snelle en efficiënte service mogelijk. Het typeplaatje bevindt zich binnenin het apparaat, links naast de on-derste BioFresh-lade. Laat het apparaat dicht tot de klantendienst komt om een nog groter koudeverlies te vermijden. _______________________________________________De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Hebt u er daarom a. u. b.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr KB 3650 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast