Liebherr K 3130-21 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr K 3130-21 (14 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Liebherr K 3130-21 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | K 3130-21 |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 60600 g |
| Breedte: | 600 mm |
| Diepte: | 631 mm |
| Hoogte: | 1447 mm |
| Netbelasting: | - W |
| Kinderslot: | Nee |
| Geluidsniveau: | 38 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | F |
| Jaarlijks energieverbruik: | 139 kWu |
| Gewicht verpakking: | 65200 g |
| Breedte verpakking: | 617 mm |
| Diepte verpakking: | 711 mm |
| Hoogte verpakking: | 1515 mm |
| Materiaal behuizing: | Staal |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Geschikt voor paneelaanpassing: | Nee |
| Nettocapaciteit koelkast: | 298 l |
| Brutocapaciteit koelkast: | 309 l |
| Koelkast binnenverlichting: | Ja |
| Soort lamp: | LED |
| Aantal planken koelkast: | 6 |
| Aantal groente lades: | 2 |
| Vakantie functie: | Nee |
| Eierenrekje: | Ja |
| Flessenrek: | Ja |
| Automatisch ontdooien (koelkast): | Ja |
| Plankmateriaal: | Glas |
| Super Cool functie: | Ja |
| Koelkastdeurvakken: | 5 |
| Deur open alarm: | Nee |
| Stroomgebruik per dag: | 0.296 kWh/24u |
| Minimum operationele temperatuur: | 10 °C |
| Maximale temperatuur (in bedrijf): | 43 °C |
| Klimaatklasse: | SN-T |
| Geluidsemissieklasse: | C |
| Diepte zonder handvat: | 661 mm |
| Breedte met de deur open: | 637 mm |
| Diepte wanneer de deur open is: | 1176 mm |
| Blikjesrek: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 Hz |
| Energie-efficiëntieschaal: | A tot G |
Handleiding Liebherr K 3130-21 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Overzicht apparaat en uitrusting. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Opstelafmetingen. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 43. 2 Temperatuurdisplay. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Draairichting deur veranderen. 54. 2 Inbouw in het keukenblok. 64. 3 Apparaat transporteren. 64. 4 Apparaat opstellen. 74. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 74. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 85. 1 Helderheid van het temperatuurdisplay. 85. 2 Levensmiddelen koelen. 85. 3 Temperatuur instellen. 85. 4 SuperCool. 85. 5 Ventilator. 95. 6 Draagplateaus. 95. 7 Deelbare draagplateau gebruiken. 95. 8 Opbergvakken. 96 Onderhoud. 106. 1 Ontdooien. 106. 2 Apparaat reinigen. 106.
3 Binnenverlichting met LED-lamp vervangen. 106. 4 Technische Dienst. 117 Storingen. 118 Uitzetten. 128. 1 Apparaat uitschakelen. 128. 2 Buiten werking stellen. 129 Apparaat afdanken. 12De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Overzicht apparaat en uitrustingAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren.
1 (1) Bedienings- encontrole-elementen(8) Dooiwaterafvoer(2) Schap, deelbaar Koudste zone(9)(3) (10)Schap*, verstelbaar Flessenvak*(4) (11)Eiervakje Groentelade(5) (12)Flessenrek Typeplaatje(6) Binnenverlichting Stelvoeten voor, transpor-(13)trollen achter(7) Deuropbergvakken,verstelbaar1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen in een huishoude-lijke of vergelijkbare omgeving. Daartoe wordtbijv. het gebruik gerekend-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Verkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaat-klassevoor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 3 ConformiteitHet koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsbe-palingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG,2009/125/EG en 2010/30/EU. 1. 4 OpstelafmetingenFig. 2 HK(sl) 2630 1250K(sl) 3130 1447x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm (zie 4. 4).
1. 5 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af. -Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij. -Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsconditieszoals bijv. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). Bij een vande normtemperatuur afwijkende omgevingstemperatuur van25° C kan het energieverbruik veranderen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Sorteer de levensmiddelen (zie Het apparaat in vogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Rijpvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden.
2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t. het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is.
-Reparaties, aanpassingen aan het apparaaten het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. Algemene veiligheidsvoorschriften* afhankelijk van model en uitvoering 3.
-De lampen voor speciale doeleinden (gloei-lampen, led, TL-lampen) in het apparaat zijnbedoeld om de binnenruimte te verlichten enniet geschikt als kamerverlichting. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu-vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. •De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. •Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). •Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnenin de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren.
Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen.
Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur niet inhet scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de olie in decompressor en wijst op het volgende gevaar: Kanbij het inslikken en indringen in de luchtwegendodelijk zijn. Deze aanwijzing is alleen voor hetrecyclingproces van belang. In de normale modusbestaat er geen gevaar. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt.
WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig. 3 (1) (6)Aan/uit-toets Symbool SuperCool(2) (7)SuperCool-toets Symbool helderheid(3) Temperatuurdisplay Symbool ventilatie(8)(4) (9)Insteltoets Symbool menu(5) Ventilator-toetsBedienings- en controle-elementen4 * afhankelijk van model en uitvoering.
3.2 TemperatuurdisplayBij normale werking wordt aangegeven:-de ingestelde koeltemperatuur4 In gebruik nemen4.1 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx 25qTorx 15qSteeksleutel SW 6qSchroevendraaierqmeegeleverde steeksleutelqeventueel een tweede persoon voor de montageVOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt!uDeur goed vasthouden.uDeur voorzichtig neerzetten.Fig. 4 uLinksonder de afstandhouder Fig. 4 (22) uit de deur verwij-deren.uRechts onder aan de lagerbus deborgschroef Fig. 5 (1) uitdraaien.uDeur openen.uDeur aan de greepzijde en onder-kant vastpakken en optillen.wDe lagerbout Fig. 5 (21) komt uitde lagerbus Fig. 6 (2) los.uIndien de lagerbout Fig. 5 (21)niet kan worden losgedraaid, debout van onderaf naar buitendrukken.Fig.
5 uDeur aan de onderkant uitdraaien en loshalen.Fig. 6 uLagerbus Fig. 6 (2) losschroeven.uLagerdeel Fig. 6 (3) losschroeven en in het tegenoverlig-gende opnamegat van de lagerbus omzetten en weer vast-schroeven.uStop Fig. 6 (4) uit de lagerbus verwijderen en in de tegen-overliggende opening van de lagerbus omzetten.uAfdekking Fig. 6 (5) aan kant van de greep voorzichtigwegnemen.uSchroef Fig. 6 (6) uitdraaien en aan de andere kant weerindraaien.uAfdekking Fig. 6 (5) weer terugplaatsen.uLagerbus Fig. 6 (2) aan de nieuwe scharnierzijde evt. metbehulp van een accuschroevendraaier weer goed (met4 Nm) vastschroeven.Fig. 7 uAan de bovenkant afdekking Fig. 7 (7) en afdekkingFig. 7 (8) met een schroevendraaier losklikken en schuinnaar beneden verwijderen.uLagerbout Fig. 7 (9) uitdraaien en aan de andere kant goed(min. 4 Nm) vastschroeven.uAfdekking Fig.
Fig. 8 uTil de stop Fig. 8 (12) uit de deurlagerbus en plaats hem om. uMonteer deurgreep, stop Fig. 8 (10) en drukplatenFig. 8 (11) af en monteer ze aan de tegenoverliggende kant. uLet er bij het monteren van de drukplaten op, dat deze goedvastklikken. uVeerklem Fig. 9 (20)verplaatsen: Sluitnokomlaag drukken, veerklemeroverheen en eraftrekken. uVeerklem aan de nieuwescharnierkant weer erinschuiven totdat hij inklikt. uLagerbout Fig. 9 (21) uit dedeurbus nemen en samenmet het plaatje aan detegenoverliggende kantaanbrengen. De sluitnokmoet naar de binnenkantvan de deur wijzen, de kerfnaar de buitenkant. Fig. 9 uDeur boven in de lagerbout Fig. 7 (9) hangen. uDeur aan de onderkant vastzetten en de lagerboutFig. 9 (21) in de lagerbus aanbrengen. Evt. de lagerboutdraaien om deze te laten vastklikken. uBorgschroef Fig. 5 (1) onder in de lagerbout draaien en vast-schroeven.
(met 4 Nm)uDe deur eventueel via de beide langsgaten in de lagerbusten opzichte van de kast uitlijnen. Daartoe middelste schroefuitdraaien. uDe afstandhouder Fig. 4 (22) weer rechtsonder in de deurplaatsen. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen/lagerbouten goed (met 4 Nm) vast-schroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. 4. 2 Inbouw in het keukenblokVoor apparaten van 600 mm breedFig. 10 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast(2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 4). Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig.
10 (2) aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 10 (1)worden aangebracht. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 10 (3) wordengeplaatst.
Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. Ventilatie-eisen:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 10 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4. 3 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.
4. 4 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel.
Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier. qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.
qStel het apparaat niet op zonder hulp. qHoe meer koelmiddel R 600a er in het apparaat is, des tegroter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In tekleine ruimtes kan bij een lek een brandbaar mengsel vangas en lucht ontstaan. Volgens de norm EN 378 moet per11 g koelmiddel R 600a de plaatsingsruimte ten minste 1 m3groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel van uw apparaat staatop het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mmgroter.
Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. *uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhoudersdeze wandafstandhouders linksen rechts boven aan de achter-kant van het apparaatmonteren. **uVoer de verpakking af (zie 4. 5). uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
4. 6 Apparaat aansluitenLET OPVerkeerd aansluiten. Beschadiging van de elektronica. uGeen omvormer gebruiken. uGeen energiespaarstekker gebruiken. WAARSCHUWINGVerkeerd aansluiten. Brand. uGeen verlengkabel gebruiken. uGeen verdeeldozen gebruiken. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje (zieHet apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken.
wHet apparaat is ingeschakeld. De temperatuurdisplay geeftde ingestelde temperatuur weer. wWanneer op het display alle LED's van het temperatuurdis-play branden, is de demonstratiemodus geactiveerd. U kuntcontact opnemen met de Technische Dienst. 5 Bediening5. 1 Helderheid van het temperatuurdis-playU kunt de helderheid van het temperatuurdisplay aanpassenaan het omgevingslicht. 5. 1. 1 Helderheid instellenDe achtergrondverlichting kan worden uitgeschakeld of op eenvan de 5 lichtsterktes worden ingesteld. Bij levering is deachtergrondverlichting uitgeschakeld. uInstelmodus activeren: toets SuperCool Fig. 3 (2) ca. 5 sindrukken. wHet symbool menu Fig. 3 (9) brandt en het symbool helder-heid Fig. 3 (7) knippert. uFunctie helderheid bevestigen: toets SuperCool Fig. 3 (2)kort indrukken. wHet symbool Helderheid Fig. 3 (7) is verlicht. uMet de insteltoets Fig.
wHet symbool Helderheid Fig. 3 (7) knippert. wDe helderheid is op de nieuwe waarde ingesteld. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (1) indrukken. -of-u5 min. wachten. wHet symbool Helderheid Fig. 3 (7) en het symbool MenuFig. 3 (9) gaan uit. wOp het temperatuurdisplay wordt weer de temperatuuraangegeven. 5. 2 Levensmiddelen koelenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. uVentilatieluchtspleten altijd vrijlaten. uBederfelijke etenswaren, bereide gerechten, vlees en vlees-waren bewaart u in de koudste zone. In het bovengedeelteen in de deur boter en conserven bewaren. (zie Het appa-raat in vogelvlucht)uGebruik om te verpakken herbruikbare dozen van kunststof,metaal, aluminium, glas en vershoudfolie.
uLevensmiddelen die gemakkelijk geur of smaak opnemen ofafgeven, zoals vloeistoffen, altijd in gesloten verpakking ofafgedekt bewaren. uLevensmiddelen die veel ethyleengas afgeven of daargevoelig voor zijn, zoals fruit, groenten en salades, altijdapart bewaren of verpakken, om de bewaartijd niet teverkorten; bijv. tomaten niet samen bewaren met kiwi's ofkool. uhet gedeelte vooraan op de bodem van het koelgedeeltealleen gebruiken om producten korte tijd neer te zetten, bijv. bij het opruimen of sorteren. Levensmiddelen daar niet latenliggen, ze kunnen bij het sluiten van de deur naar achterworden geschoven of omvallen. uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. uFlessen tegen omvallen beveiligen: de flessenhouderverschuiven. 5.
3 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat-soort, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: 5 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Is de instelling1 °C bereikt dan wordt opnieuw bij 9 °C begonnen. uTemperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op deinsteltoets Fig. 3 (4).
wIn het temperatuurdisplay knippert de LED van de huidigetemperatuur. uDruk net zo vaak op de insteltoets Fig. 3 (4) tot de LED's degewenste temperatuur aangeven. AanwijzinguDoor de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen 5 °C en 7 °C) een ietskoudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay is dande LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 4 SuperCoolMet SuperCool schakelt u het hoogste afkoelver-mogen in. Daarmee bereikt u lagere koeltempera-turen. Gebruik SuperCool om grote hoeveelheidenlevensmiddelen snel af te koelen. Wanneer SuperCool ingeschakeld is, kan de ventilator*draaien. Het apparaat werkt met maximaal koelvermogen,Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoering.
daardoor kan het geluid van het koelaggregaat tijdelijk luiderzijn. Als SuperCool ingeschakeld is, werkt het apparaat met maxi-male koelcapaciteit. Hierdoor kan het koelaggregaat tijdelijkmeer geluid maken. SuperCool heeft een iets hoger energieverbruik. 5. 4. 1 Met SuperCool koelenuToets SuperCool Fig. 3 (2) kort indrukken. wHet symbool SuperCool Fig. 3 (6) is verlicht in de display. Fig. 11 wDe koeltemperatuur daalt tot op de koudste waarde. SuperCool is ingeschakeld. wSuperCool schakelt na 6 tot 12 uur automatisch uit. Hetapparaat werkt in de energiebesparende normale modusverder. 5. 4. 2 SuperCool voortijdig uitschakelenuToets SuperCool Fig. 3 (2) kort indrukken. wHet symbool SuperCool Fig. 3 (6) in de display gaat uit. wSuperCool is uitgeschakeld. 5.
5 VentilatorMet de ventilator kunt u grote hoeveelheden verselevensmiddelen snel afkoelen of een relatief gelijk-matige temperatuurverdeling op alle schappenbereiken. De circulatiekoeling is aan te bevelen:-bij hoge kamertemperatuur (hoger dan 33 °C )-bij hoge luchtvochtigheidDe circulatiekoeling heeft een iets hoger energieverbruik. Omenergie te besparen, gaat de ventilator bij geopende deur auto-matisch uit. 5. 5. 1 Ventilator inschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (5). wHet symbool Ventilatie Fig. 3 (8) brandt. Fig. 12 wDe ventilator is actief. Bij sommige apparaten wordt dezepas ingeschakeld, wanneer de compressor draait. 5. 5. 2 Ventilator uitschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (5). wHet symbool Ventilatie Fig. 3 (8) gaat uit. wDe ventilator is uitgeschakeld5. 6 Draagplateaus5. 6.
1 Plateaus verplaatsen of uitnemenDe plateaus zijn door uittrekstops beveiligd tegen ongewilduittrekken. Fig. 13 uTil het plateau op en trek het een stuk naar voren. uVerstel het plateau in de hoogte. Verschuif daarvoor deuitsparingen langs de geleiders. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken.
uDraagplateau inschuiven, met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boven toe wijzend. wDe levensmiddelen vriezen niet aan de achterwand vast. 5. 6. 2 Draagplateaus demonterenuDe plateaus kunnen wordengedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 7 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 14 uDe glasplaat met aanslagrand (2) moet achteraan liggen. uDe glasplaat (1) met de uittrekstoppers moet vooraanliggen, zodat de stoppers (3) naar beneden wijzen. In de hoogte verstellen:uGlasplaten één voor één naar voren toe naar buiten trekken. uSteun uit vergrendeling trekken en op de gewenste hoogtevastklikken. Beide oppervlakken gebruiken:uBovenste glasplaat omhoog tillen, onderste glasplaat naarvoren trekken. 5. 8 Opbergvakken5. 8. 1 Opbergvakken in de deur verplaatsenFig. 15 Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 9.
5. 8. 2 Opbergvakken demonterenFig. 16 uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 6 Onderhoud6. 1 Ontdooien6. 1. 1 Koelgedeelte ontdooienHet koelgedeelte ontdooit automatisch. Het dooiwaterverdampt. Waterdruppels op de achterwand zijn normaal enwijzen niet op een storing. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen (zie 6. 2). 6. 2 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen.
uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. Bij hardnekkig vuil lauw-warm water met allesreiniger gebruiken. uGelakte deuroppervlakken uitsluitend met een zachte,schone doek afvegen.
Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen.
uOnderdelen met lauwwarm water en een beetje afwas-middel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uDe levensmiddelen weer inleggen. 6. 3 Binnenverlichting met LED-lampvervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 15 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt. De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4). WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M.
Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhittings-resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. uHet afdekkapje van de lampboven en onder vastpakkenFig. 17 (1). uHet afdekkapje achterlosklikken en verwijderenFig. 17 (2). uVervang de lamp Fig. 17 (3). uZet het afdekkapje achter terugen klik de zijkanten vast. Fig. 17 Onderhoud10 * afhankelijk van model en uitvoering.
6. 4 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zieStoringen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder-houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig. 18 (1), service-nr. Fig. 18 (2) en serie-nr. Fig. 18 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 18 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 18 (1), service-nr. Fig. 18 (2) en serie-nr. Fig. 18 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk.
uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen.
→De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperCool is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal.
Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperCool, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal.
→De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Een lage bromtoon. →Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Door het draai-ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes. uFlessen en containers uit elkaar zetten. In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog.
Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie Onderhoud). →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min. open. uDe binnenverlichting schakelt bij geopende deur naca. 15 min. automatisch uit. →Als de binnenverlichting niet brandt, maar de temperatuur-weergave brandt wel, is de verlichting (levering met LED-verlichting) defect. Storingen* afhankelijk van model en uitvoering 11.
WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp!De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen met delaserklasse 1/1M.Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd.uVervang de verlichting (zie Onderhoud).8 Uitzetten8.1 Apparaat uitschakelenuToets On/Off Fig. 3 (1) indrukken, totdat het display donkerwordt. Toets loslaten.wWanneer het apparaat niet kan worden uitgeschakeld, is dekinderbeveiliging actief .8.2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken.uNetstekker eruit halen.uApparaat reinigen (zie 6.2) .uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan.9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven.
Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig deplaatselijk geldende voorschriften en wetten.Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Uitzetten12 * afhankelijk van model en uitvoering
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr K 3130-21 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast