Liebherr IRCe 5121 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr IRCe 5121 (22 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Liebherr IRCe 5121 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | IRCe 5121 |
Handleiding Liebherr IRCe 5121 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 31. 1 Leveringsomvang. 31. 2 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 31. 3 Toepassingsgebied van het apparaat. 31. 4 Conformiteit. 31. 5 EPREL-database. 42 Algemene veiligheidsvoorschriften. 43 In gebruik nemen. 53. 1 Apparaat inschakelen. 53. 2 Uitrusting aanbrengen. 54 Levensmiddelenbeheer. 64. 1 Levensmiddelen opslaan. 64. 2 Opslagtijden. 75 Energie sparen. 76 Bediening. 76. 1 Bedienings- en weergave-elementen. 76. 1. 1 Status-weergave. 76. 1. 2 Navigatie. 76. 1. 3 Bedieningsstructuur. 76. 1. 4 Symbolen. 86. 2 Bedieningslogica. 86. 2. 1 Functie activeren / deactiveren. 86. 2. 2 Functiewaarde selecteren. 86. 2. 3 Instelling activeren / deactiveren. 86. 2. 4 Instellingswaarde selecteren. 86. 2. 5 Klantenmenu oproepen. 96. 3 Functies. 9Temperatuur. 9SuperCool. 9PartyMode. 9HolidayMode. 10E-Saver. 106. 4 Instellingen.
Symbool UitlegGebruiksaanwijzing lezenOm alle voordelen van uw nieuwe apparaat teleren kennen, moet u de instructies in dezegebruiksaanwijzing aandachtig doorlezen. Volledige gebruiksaanwijzing op internetU vindt de uitvoerige gebruiksaanwijzing opinternet via de QR-code aan de voorkant vande gebruiksaanwijzing, op door het service‐nummer in te voeren op home. liebherr. com/fridge-manuals. Het servicenummer vindt u op het typeplaatje:Fig. VoorbeeldApparaat controlerenControleer alle onderdelen op transportschade. Neem bij op- of aanmerkingen contact op metde distributeur of de klantenservice. AfwijkingenDe gebruiksaanwijzing geldt voor verschillendemodellen, afwijkingen zijn mogelijk. Secties diealleen van toepassing zijn op bepaalde appa‐raten worden met een sterretje (*) aangeduid. Instructies voor actie en resultaten van deactieInstructies voor actie worden aangeduid meteen.
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor:-IRC e/f 51211 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 LeveringsomvangControleer alle onderdelen op transportschade. Neem bij op-of aanmerkingen contact op met de handelaar of de klan‐tenservice (zie 9. 4 Klantenservice). De levering bestaat uit de volgende onderdelen:-Inbouwapparaat-Uitrusting (afhankelijk van het model)-Montagemateriaal (afhankelijk van het model)-„Quick Start Guide”-„Installation Guide”-Servicebrochure1. 2 Apparaten- en uitrustingsoverzichtFig.
3 Toepassingsgebied van het apparaatGebruik volgens de voorschriften-in priv keukens, ontbijtgelegenheden,é-door gasten in landhuizen, hotels, motelsen andere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toege‐staan. Voorzienbaar verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-Opslag en koeling van medicijnen, bloed‐plasma, laboratoriumpreparaten of verge‐lijkbare, overeenkomstig de Europeserichtlijn 2007/47/EG medische hulpmid‐delen, ten grondslag liggende stoffen enproducten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden.
KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat‐klasse, bij begrensde omgevingstempera‐turen, worden gebruikt. De voor uw apparaatbetreffende klimaatklasse staat op het type‐plaatje vermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar‐borgen, moet de aangegeven omgevings‐temperatuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 4 ConformiteitDe koudemiddelkringloop is op dichtheid gecontroleerd. Alshet apparaat is ge nstalleerd, voldoet het aan de relevanteïveiligheidsvoorschriften en aan de richtlijnen 2014/35/EU,2014/30/EU, 2009/125/EG, 2011/65/EU, 2010/30/EU en2014/53/EU. Het apparaat in vogelvlucht* afhankelijk van model en uitvoering 3.
De volledige tekst van de EU-conformiteitsverkla‐ring is beschikbaar op het volgende internetadres:www. Liebherr. com1. 5 EPREL-databaseVanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzakeenergieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerpte vinden in de Europese productdatabase (EPREL). Ukrijgt toegang tot de productdatabase via de link https://eprel. ec. europa. eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidenti‐ficatie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op hettypeplaatje. 2 Algemene veiligheidsvoor‐schriftenBewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat uhem te allen tijde kunt raadplegen. Als u het apparaat doorgeeft, geef dan ook dehandleiding door aan de volgende eigenaar. Om het apparaat goed en veilig te kunnengebruiken, moet u deze handleiding vóórgebruik aandachtig doorlezen. Volg altijdde instructies, veiligheidsvoorschriften enwaarschuwingen die hierin zijn opgenomen.
Deze zijn belangrijk om het apparaat veiligen probleemloos te kunnen installeren engebruiken. Gevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmededoor personen met verminderde psychi‐sche, sensorische of mentale bekwaam‐heden of een gebrek aan ervaring enkennis worden gebruikt onder toezichtvan een derde of met betrekking tot hetveilige gebruik van het apparaat zijn onder‐wezen en de gevaren kennen en begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. De reiniging en het onderhoud magniet door kinderen zonder toezicht wordenuitgevoerd. Kinderen van 3-8 jaar mogenhet apparaat inladen en uitladen. Kinderenjonger dan 3 jaar dienen uit de buurt vanhet apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -De contactdoos moet eenvoudig toeganke‐lijk zijn, zodat het apparaat in noodgevallensnel van de stroomvoorziening kan wordenlosgekoppeld.
Deze moet zich buiten deachterkant van het apparaat bevinden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken.
-Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliginguit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defectis. -Reparaties en ingrepen aan het apparaatalleen door de klantenservice of ander hier‐voor opgeleid vakpersoneel laten uitvoeren. -Het apparaat alleen conform de beschrij‐ving in de handleiding inbouwen,aansluiten en afvoeren. -Het apparaat alleen in ingebouwdetoestand in gebruik nemen. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens ophet typeplaatje) is milieuvriendelijk maarbrandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Vermijd het hanteren van ontstekings‐bronnen in de binnenkant van het appa‐raat. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv. stoomreini‐gers, verwarmingen, ijsmakers, enz. ).
•Als koudemiddel weglekt: Open vuurof ontstekingsbronnen vlakbij het lekverwijderen. Vertrek goed ventileren. Informeer de klantendienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussenmet brandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan, propaan, pentaan enz. in hetapparaat bewaren. Zulke spuitbussen zijnherkenbaar aan de op de verpakkingvermelde inhoudsstoffen of een vlammen‐symbool. Eventueel ontsnappende gassenkunnen door elektrische componenten vlamvatten. -Brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vuur uit de buurt vanhet apparaat houden, zodat ze het apparaatniet in brand kunnen steken. -Alkoholische dranken of andere verpak‐kingen die alcohol bevatten, mogen uitslui‐tend goed afgesloten worden bewaard. Eventueel uittredende alcohol kan doorelektrische componenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voeten‐steun of om te leunen misbruiken.
Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheid enpijn:-Vermijd permanent contact van de huid metkoude oppervlakken of gekoelde/bevrorenproducten of tref beschermende maatre‐gelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrischekacheltjes of stoomreinigers, open vuur ofontdooispray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwij‐deren. Knelgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur nietin het scharnier grijpen. De vingers kunneningeklemd raken. Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de oliein de compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringenin de luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwij‐zing is alleen voor het recyclingproces vanbelang. In de normale modus bestaat ergeen gevaar.
Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. De sticker niet verwijderen. Deze of een vergelijkbare sticker kanop de achterkant van het apparaat zijnaangebracht. Deze heeft betrekking op deschuimpanelen in de deur en/of de behui‐zing. Deze aanwijzing is alleen voor hetrecyclingproces van belang. De sticker nietverwijderen. Neem de specifieke waarschuwingen en deandere specifieke instructies in de anderehoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letseltot gevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR‐SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichame‐lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt.
VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichame‐lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materi le schade tot gevolgëkan hebben wanneer dit gevaarniet vermeden wordt. Aanwijzing duidt op nuttige informatie en tips. 3 In gebruik nemen3.
1 Apparaat inschakelenZorg ervoor dat aan de volgende eisen zijn voldaan:qHet apparaat is overeenkomstig de montagehandleidingingebouwd en aangesloten. qAlle bevestigingsstrips, plak- en beschermfolie en detransportbeveiligingen in en op het apparaat zijn verwij‐derd. qAlle reclame-inserts zijn uit de laden verwijderd. Fig. 2 uApparaat via de gebruikersinterface naast het displayinschakelen. wStatusweergave verschijnt. Apparaat start in DemoMode:Als het apparaat in DemoMode start, kunt u de DemoModebinnen de volgende 5 minuten deactiveren. Fig. 3 uBevestiging naast het display 3 seconden lang indrukken. wDemoMode is gedeactiveerd. AanwijzingDe fabrikant adviseert:uLevensmiddelen plaatsen: ca. 6 uur wachten tot de inge‐stelde temperatuur is bereikt. uDiepvriesproducten bij -18 °C of kouder in de diepvriezer leggen. 3.
4 Levensmiddelenbeheer4. 1 Levensmiddelen opslaanWAARSCHUWINGBrandgevaaruGeen elektrische apparaten in het levensmiddelenge‐deelte van het apparaat gebruiken, wanneer deze daar‐voor niet door de fabrikant zijn aanbevolen. AanwijzingHet energieverbruik stijgt en het koelvermogen neemt af alsde ontluchting niet toereikende is. uHoud de luchtopening altijd vrij. Bij de opslag van levensmiddelen ervoor zorgen dat:qVentilatieopeningen aan de achterkant vrij zijn. qVentilatieopeningen op de ventilator vrij zijn. qLevensmiddelen goed zijn verpakt. qLevensmiddelen, die gemakkelijk een geur of smaakaannemen of afgeven, zitten in gesloten reservoirs of zijnafgedekt. qRauw vlees of vis bevindt zich in schonen, afgeslotenbakjes, zodat deze geen contact met andere levensmid‐delen kunnen maken of op ander voedsel kunnen druipen. qVloeistoffen bevinden zich in gesloten bakjes.
qLevensmiddelen zijn op afstand opgeslagen, zodat delucht goed kan circuleren. AanwijzingHet niet opvolgen van deze gegevens kan tot bederf vanlevensmiddelen leiden. 4. 1. 1 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie zijn er verschillendetemperatuurzones. Levensmiddelen ordenen:uIn het bovenste bereik en in de deur: Boter en kas,conserven en tubes. uIn de koudste zone : Licht bederfelijke levens‐ Fig. 1 (D)middelen zoals klaargemaakte maaltijden, vleeswaren enworstenuOp het onderste plateau: Rauw vlees of vis4. 1. 2 EasyFresh-Safe De lade is geschikt voor niet-ingepakte levensmiddelen,zoals fruit en groente. De luchtvochtigheid is afhankelijk van het in de ladegeplaatste koelgoed alsmede van de frequentie van hetopenen en sluiten van de lade. U kunt de luchtvochtigheidregelen. Levensmiddelen ordenen:uNiet-ingepakt fruit en groente plaatsen.
3 BodemladeDeze lade is geschikt voor de opslag van koudegevoeligelevensmiddelen, zoals aardappelen, uien of zuidvruchten,alsmede alle levensmiddelen of dranken die bij gebruik niette koud moeten zijn. De bodemlade is zodoende een optimale vervanging van deprovisiekamer. Levensmiddelen ordenen:Fig. 4 uReservoir : Niet-ingepakte groente en zuid‐Fig. 4 (1)vruchten plaatsen. uReservoir Fig. 4 (2) : Niet-ingepakte kleine soorten fruit engroente plaatsen. uReservoir : Afzonderlijke flessen plaatsen. Fig. 4 (3)4. 1. 4 VriesvakDe luchttemperatuur in het vak, gemeten met een thermo‐meter of andere meetapparaten, kunnen verschillen. Detemperatuurverschillen kunnen in een halfvol of leeg vakgroter zijn en het is mogelijk temperaturen warmer dan-18 °C te realiseren.
Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zoveel kilogram aan verse levensmiddeleninvriezen binnen 24 uur, zoals aangegeven op het type‐plaatje onder "vriescapaciteit. kg/24u". Om ervoor te zorgen dat de levensmiddelen door en dooringevroren worden, dient u de volgende hoeveelheden perverpakking in acht te nemen:-Groente, fruit tot 1 kg-Vlees tot 2,5 kgLevensmiddelen ordenen:VOORZICHTIGVerwondingsgevaar door glasscherven. Flessen en blikken met drank kunnen bij bevriezen openbar‐sten. Dit geldt met name voor koolzuurhoudende dranken. uFlessen en blikken met drank niet invriezen. uverpakte levensmiddelen in het vriesvak leggen, zodat delevensmiddelen contact met de bodem of de zijwandenmaken. Levensmiddelen ontdooien- in de koelruimte- in de magnetron- In de oven/heteluchtoven- Bij kamertemperatuurWAARSCHUWINGGevaar voor voedselvergiftiging.
uOntdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. 4. 2 OpslagtijdenDe aangegeven opslagtijden zijn richtwaarden. Bij levensmiddelen met gegevens over de minimale houd‐baarheid geldt altijd de op de verpakking aangegevendatum. 5 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope‐ningen resp. -roosters niet af. -Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij. -Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarmingof dergelijke en stel het apparaat niet bloot aan directzonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsings‐omstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur(zie 1. 3 Toepassingsgebied van het apparaat). Bij eenwarmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruiktoenemen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik.
-Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertempera‐tuur laten afkoelen. -Bij langere vakantieperioden de HolidayMode gebruiken(zie HolidayMode) gebruiken. 6 Bediening6. 1 Bedienings- en weergave-elementenHet display maakt via de temperatuurinstelling en detoestand van functies en instellingen een snel overzichtmogelijk. De bediening van de functies en instellingen vindtplaats door activering / deactivering of door het kiezen vaneen waarde. 6. 1. 1 Status-weergaveFig. 5 (1) Temperatuurweergavevan het koelgedeelte(2) Temperatuurweergavebodemlade6. 1. 2 NavigatieToegang tot de afzonderlijke functies heeft u door denavigatie in het menu. Na bevestiging van een functie ofinstelling klinkt een signaaltoon. Als na 10 seconden geenselectie wordt uitgevoerd, wisselt de weergave naar deStatus-weergave. De bediening van het apparaat wordt uitgevoerd via detoetsen naast de weergave:Fig.
-Een selectie bevestigen. Na de bevestiging wisselt deweergave terug naar het menu. Terug naar de Status-weergave: op de snelste manier:-Deur sluiten en openen. -of 10 seconden wachten. De weergave wisselt naar deStatus-weergave. 6. 1. 3 BedieningsstructuurDe bedieningsstructuur wordt aan de hand van een patroonuitgelegd. Afhankelijk van de functie of instelling wijzigt deweergave. Menu zonder submenuFig. 7 (1) Status gedeactiveerd /Status geactiveerdwitte balk in hetbovenste bereik(3) Menu: Functienaam ofmenu: Instelnaam(2) Symbool of geacti‐veerde waardeMenu met submenuFig. 8 (1) Menu: Functienaam ofmenu: Instelnaam(3) Symbool of geactiveerdewaardeEnergie sparen* afhankelijk van model en uitvoering 7.
(2) (4)Status Submenu: Functienaamof Submenu: Instelnaam(2) gedeactiveerd / geac‐tiveerdDe volgende navigatie is mogelijk:-Met de navigatiepijl links / rechts navigeren. Fig. 6 (1)-Met bevestigen Fig. 6 (2) Fig. 8 (4) het submenu oproepen. •Met de navigatiepijl links / rechts navigeren. Fig. 6 (1)•Nieuwe waarde instellen: Met bevestigen Fig. 6 (2) eengedeactiveerde waarde selecteren. Fig. 7 (1)•Terug naar het menu: Met bevestigen Fig. 6 (2) de algeactiveerde waarde selecteren. Fig. 7 (2)6. 1. 4 SymbolenDe symbolen geven informatie over de actuele staat van hetapparaat. Symbool Toestand van het apparaatStand-byApparaat of temperatuurzone isuitgeschakeld. Knipperend cijferApparaat werkt. Temperatuurpulseert tot de ingestelde waardeis bereikt. Knipperend symboolApparaat werkt. Instelling wordtuitgevoerd. Balk wordt opgebouwdFunctie wordt geactiveerd. 6. 2 Bedieningslogica6. 2.
1 Functie activeren / deactiverenDe volgende functies kunnen geactiveerd / gedeactiveerdworden:Symbool FunctieSuperCoolxPartyModexHolidayModeE-Saverx Wanneer functie actief is, werkt het apparaat met eenhogere capaciteit. Daardoor kunnen werkingsgeluiden vanhet apparaat tijdelijk luider klinken en het energieverbruiktoenemen. uDruk zo vaak op de tot de wordtnavigatiepijlen Fig. 6 (1)weergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt in het menu weergegeven. wFunctie is geactiveerd / gedeactiveerd. 6. 2. 2 Functiewaarde selecterenBij de volgende functies kan een waarde in het submenuworden ingesteld:Symbool FunctieKoelen:De temperatuur instellenTemperatuurzone uit- / inschakelenuNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot de gewenste functiewordt weergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uMet navigatiepijlen instellingswaarde selecteren. Fig.
6 (1)De temperatuur instellenuBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus: geactiveerd wordt kort op het Fig. 7 (1) submenuFig. 8 (4) weergegeven. wDisplay keert terug naar het menu.
Temperatuurzone in-/uitschakelenuBevestigen 3 seconden lang indrukken. wEr klinkt een bevestigingstoon. wHet display keert terug naar de statusweergave. 6. 2. 3 Instelling activeren / deactiverenDe volgende instellingen kunnen geactiveerd / gedeacti‐veerd worden:Symbool InstellingWiFi1Invoerblokkering2SabbathMode2Cleaning Mode2Herinneringen1Terugzetten2Uitschakelen 2uNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot Instellingen wordtweergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot de gewenste instel‐ling wordt weergegeven. 1 Instelling activeren (shortpress)uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt in het menu weergegeven. wInstelling is geactiveerd/gedeactiveerd. 2 Instelling activeren (longpress)uBevestigen 3 seconden lang indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt in het menu weergegeven.
wDisplay wordt gewijzigd. 6. 2. 4 Instellingswaarde selecterenBij de volgende instellingen kan een waarde in het submenuworden ingesteld:Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoering.
Symbool InstellingenHelderheidDeuralarmuNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot Instellingen wordtweergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot de gewenste instel‐ling wordt weergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uMet navigatiepijlen instellingswaarde selecteren. Fig. 6 (1)uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt kort op het submenu weergegeven. wDisplay keert terug naar het menu. 6. 2. 5 Klantenmenu oproepenDe volgende instellingen kunnen in het klantenmenu wordenopgeroepen:Symbool FunctieC-Value 1SoftwareuNavigatiepijlen Fig. 6 (1) indrukken tot Instellingen verschijnt. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uHerhaaldelijk op de navigatiepijlen Fig. 6 (1) drukkentot de informatie over het apparaat op het displayverschijnt. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uCijfercode 151 invoeren. wHet klantmenu verschijnt.
uIn het klantenmenu drukt u herhaaldelijk op de navigatie‐pijlen totdat de gewenste instelling verschijnt. Fig. 6 (1)1 waarde kiezenuBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt kort op het display weergegeven. wDisplay keert terug naar het menu. 2 Instelling activerenuBevestigen 3 seconden lang indrukken. Fig. 6 (2)wEr klinkt een bevestigingstoon. wStatus wordt op het display weergegeven. wSymbool knippert zolang het apparaat werkt. 6. 3 Functies TemperatuurDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-de frequentie van het openen van de deur-de duur van het openen van de deur-de kamertemperatuur van de plaats van opstelling-het type, temperatuur en hoeveelheid van het levens‐middelTemperatuurzone Aanbevolen instelling Koelgedeelte 5 °CKeldervak 12 °CDe temperatuur instellenFig. 9 uWaarde instellen. (zie 6.
2 Bedieningslogica)wIngestelde temperatuur wordt rechtsonder op het displayweergegeven. Temperatuurzone uitschakelenDe bodemlade kan afzonderlijk worden uitgeschakeld.
Wanneer het koelgedeelte wordt uitgeschakeld, worden alletemperatuurzones uitgeschakeld. uWaarde instellen. (zie 6. 2 Bedieningslogica)w wordt weergegeven. SuperCoolMet deze functie schakelt u naar het hoogste afkoelver‐mogen. Daardoor kunt u lagere koeltemperaturen bereiken. De functie heeft betrekking op het koelgedeelte Fig. 1 (A)Bovendien bereikt u lagere temperaturen in het 4-sterrenvriesvak. Toepassing:-Grotere hoeveelheden levensmiddelen snel afkoelen. -Levensmiddelen invriezen. Functie activeren / deactiverenuProducten in het 4-sterren vriesvak leggen: Functie bijhet plaatsen van de producten activeren. uProducten in het koelgedeelte leggen: Functie bij hetplaatsen van de producten activeren. uActiveren / deactiveren (zie 6. 2 Bedieningslogica). De functie wordt automatisch gedeactiveerd. Daarna draaithet apparaat in de normale modus verder.
De temperatuurstelt zich op de ingestelde waarde in. PartyModeDeze functie biedt een verzameling van speciale functies eninstellingen die tijdens een feest handig zijn. De volgende functies worden geactiveerd:-SuperCoolBediening* afhankelijk van model en uitvoering 9.
Alle functies kunnen flexibel en individueel worden inge‐steld. Wijzigingen worden verworpen wanneer de functiewordt gedeactiveerd. Functie activeren / deactiverenuActiveren / deactiveren (zie 6. 2 Bedieningslogica). wGeactiveerd: Alle functies zijn gelijktijdig geactiveerd. wGedeactiveerd: Vooraf ingestelde temperaturen zijnhersteld. Na 24 uur wordt de functie automatisch gedeactiveerd. HolidayModeDeze functie zorgt voor een minimaal energieverbruiktijdens langdurige afwezigheid. De temperatuur van hetkoeldeel wordt op 15 °C ingesteld en bij het bereiken ophet statusbeeldscherm weergegeven. De ingestelde vriestemperatuur blijft behouden. De functie heeft betrekking op het koelgedeelte. Fig. 1 (A)Toepassing:-Energie sparen tijdens een langere afwezigheid. -Voorkomen van slechte geuren en schimmelvormingtijdens een langere afwezigheid.
Functie activeren / deactiverenuKoelgedeelte volledig leegmaken. uActiveren / deactiveren. (zie 6. 2 Bedieningslogica)wGeactiveerd: Koeltemperatuur wordt verhoogd. wGedeactiveerd: eerder ingestelde temperatuur wordthersteld. E-SaverDeze functie reduceert het energieverbruik. Als u dezefunctie inschakelt, wordt de koeltemperatuur hoger. Temperatuurzone Aanbevolen instel‐ling (zie Tempera‐tuur)Temperatuur bijactieve E-Saver Koelgedeelte5 °C 7 °CToepassing:-Energie sparen. Functie activeren / deactiverenuActiveren / deactiveren (zie 6. 2 Bedieningslogica). wGeactiveerd: In alle temperatuurzones zijn hogere tempe‐raturen ingesteld. wGedeactiveerd: Vooraf ingestelde temperaturen zijnhersteld. 6. 4 Instellingen WLAN-verbinding tot stand brengenDeze instelling maakt de verbinding mogelijk tussen hetapparaat en het internet mogelijk. De verbinding wordtvia de SmartDevice-box gestuurd.
Het apparaat kan danvia de SmartDevice-App in een SmartHome-System wordenge mplementeerd. Met de SmartDevice-App en de overigeïcompatibele partnernetwerken kunnen bovendien uitge‐breide opties en instelmogelijkheden worden gebruikt.
AanwijzingDe SmartDevice-box is verkrijgbaar in de Liebherr-shopvoor huishoudelijke apparatuur (https://home. liebherr. com/shop/de/deu/smartdevicebox. html). Meer informatie over de beschikbaarheid, de voorwaardenen de afzonderlijke opties vindt u op Internet op https://smartdevice. liebherr. com/install. Toepassing:-Apparaat met de SmartDevice-App of compatibele part‐nernetwerken bedienen. -Uitgebreide functies en instellingen gebruiken. -Actuele toestand van het apparaat met de SmartDevice-App oproepen. qSmartDevice-box is verkregen en gebruikt (zie https://smartdevice. liebherr. com/install). qSmartDevice-app is ge nstalleerd (zie ïhttps://apps. home. liebherr. com/). Verbinding tot stand brengenFig. 10 uInstelling activeren (zie 6. 2 Bedieningslogica). wVerbinding wordt tot stand gebracht: Status: geactiveerdFig. 7 (1) en WiFi connecting wordt weergegeven. Hetsymbool knippert.
wVerbinding is tot stand gebracht: Status: geactiveerdFig. 7 (1) wordt weergegeven. wVerbinding is mislukt: Status en Connect wordt weerge‐geven. Het symbool is continu zichtbaar. Verbinding verbrekenuInstelling deactiveren (zie 6. 2 Bedieningslogica). Fig. 11 wVerbinding is verbroken: Symbool is continu zicht‐baar. Verbinding terugzettenuInstellingen terugzetten (zie 6. 2 Bedieningslogica). Bediening10 * afhankelijk van model en uitvoering.
Fig. 12 wVerbinding en overige instellingen worden op de leve‐ringstoestand teruggezet. InvoerblokkeringDeze instelling voorkomt de abusievelijk bediening van hetapparaat, bijv. door kinderen. Toepassing:-Onbedoelde wijzigingen van instellingen en functiesvoorkomen. -Onbedoeld uitschakelen van het apparaat voorkomen. -Onbedoelde temperatuurinstelling voorkomen. Instelling activeren / deactiverenuActiveren / deactiveren. 6. 2 Bedienings‐(zielogica) Helderheid displayDeze instelling maakt de trapsgewijze instelling van dehelderheid van het display mogelijk. De volgende helderheidsniveaus kunnen worden ingesteld:-40%-60%-80%-100%Instelling kiezenuWaarde instellen (zie 6. 2 Bedieningslogica). DeuralarmDeze instelling maakt het instellen van de tijd tot het deur‐alarm (zie Deur sluiten) klinkt mogelijk. De volgende waarden kunnen ingesteld worden:-1 min. -2 min. -3 min.
-UitInstelling kiezenuWaarde instellen (zie 6. 5 Foutmeldingen). InfoDeze instelling maakt het aflezen van apparaatinformatie ende toegang tot het klantenmenu mogelijk. De volgende gegevens kunnen afgelezen worden:-Modelnaam-Index-Serienummer-ServicenummerApparaatgegevens oproepenuNavigatiepijl Fig. 6 (1) indrukken tot Instellingen wordtweergegeven. uBevestigen indrukken. Fig. 6 (2)uNavigatiepijlen Fig. 6 (1) indrukken tot de weergave metde informatie wordt weergegeven. uApparaatgegevens aflezen. SabbathModeDeze instelling vervult de religieuze eisen op de sabbat resp. Joodse feestdagen. Als de SabbathMode is geactiveerd, zijnenkele functies van de besturingselektronica uitgeschakeld. Daardoor kunt u het apparaat gebruiken zonder een appa‐raatactiviteit uit te voeren. Een lijst over de Star-K gecertificeerde apparaten treft u aanop de website: www. star-k. org/appliances.
WAARSCHUWINGGevaar van een levensmiddelenvergiftiging. Als er een stroomuitval optreedt als de SabbathMode isgeactiveerd, dan wordt deze melding niet opgeslagen.
Alsde stroomuitval is be indigd, werkt het apparaat verderëin de SabbathMode. Als deze modus is be indigd, wordtëer geen melding weergegeven over de stroomuitval in detemperatuurweergave. Als tijdens de SabbathMode een stroomuitval is opgetreden:uLevensmiddelen op hun kwaliteit controleren. Ontdooidelevensmiddelen niet consumeren. Gedrag van het apparaat als SabbathMode is geactiveerd:-De Status-weergave toont continu de SabbathMode. -Het display is voor de bediening, met uitzondering vanhet deactiveren van de SabbathMode, geblokkeerd. -Zijn er functies / instellingen geactiveerd, blijven dezeactief. -Het display blijft verlicht, wanneer de deur wordtgesloten. -Herinneringen worden niet uitgevoerd. Het ingesteldetijdsinterval wordt ook gestopt. De functie wordt in deSabbathMode niet verder uitgevoerd. -De herinneringen en waarschuwingen worden nietweergegeven.
Er worden geen akoestische signalenweergegeven en in de weergave worden geen waar‐schuwingen/instellingen weergegeven, bijv. tempera‐tuuralarm, deuralarm. -De binnenverlichting is uitgeschakeld. -De ontdooicyclus werkt alleen tot de ingestelde tijd,zonder rekening te houden met het gebruik van het appa‐raat. -Na een stroomuitval schakelt het apparaat automatischterug naar de SabbathMode. SabbathMode activeren/deactiverenuVoor het activeren van de functie met de pijlen naast deweergave tot het menuonderdeel Instellingen klikkenen dan bevestigen. Het menu wisselt naar de beschikbareinstellingen. uMet de pijlen naast de weergave zolang klikken totdathet symbool voor de SabbathMode (Menora) wordt weer‐gegeven. Het symbool bevestigen. Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 11.
wIn het bovenste deel van de weergave verschijnt eenwitte balk. wSabbathMode is geactiveerd. Voor het deactiveren van de functie, naast de weergave deknop voor de bevestiging 3 seconden indrukken. SabbathMode is gedeactiveerd. CleaningModeDeze instelling maakt een comfortabele reiniging van hetapparaat mogelijk. Deze instelling heeft betrekking op het koelgedeelteFig. 1 (A). Toepassing:-Koelgedeelte handmatig reinigen. Gedrag van het apparaat wanneer de instelling is geacti‐veerd:-Het koelgedeelte is uitgeschakeld. -De binnenverlichting is actief. -De herinneringen en waarschuwingen worden niet weer‐gegeven. Er klinkt geen geluidssignaal. Instelling activeren / deactiverenuInstelling activeren / deactiveren 6. 2 Bedieningslo‐(ziegica). wGeactiveerd: Het koelgedeelte is uitgeschakeld. Lichtblijft aan. wGedeactiveerd: de vooraf ingestelde temperatuur is weerhersteld.
Na 60 minuten wordt de instelling automatisch gedeacti‐veerd. Daarna blijft het apparaat in normaal bedrijf werken. Apparaat uitschakelenDeze instelling maakt het mogelijk om het complete appa‐raat uit te schakelen. Complete apparaat uitschakelenFig. 13 uActiveren / deactiveren (zie 6. 2 Bedieningslogica). wGedeactiveerd: Display wordt zwart. 6. 5 FoutmeldingenFoutmeldingen worden op het display weergegeven. Er zijntwee categorie n van foutmeldingen:ëCategorie BetekenisMelding Herinnert aan algemene procedures. U kuntdeze procedures uitvoeren en zo de meldingopheffen. Categorie BetekenisWaarschu‐wingVerschijnt bij functiestoringen. Naast deweergave op het display klinkt een signaal. De signaaltoon wordt luider tot de weergavedoor aantikken wordt bevestigd. Eenvoudigestoringen kunt u zelf verhelpen. Voor ernstigestoringen moet u contact met de klantenser‐vice opnemen. 6. 5.
StoringDeze melding wordt weergegeven als er een storing van hetapparaat optreedt. In een onderdeel van het apparaat is eenstoring opgetreden. uDeur openen. uFoutcode noteren. uMelding bevestigen. wSignaaltoon dempt. wStatusweergave verschijnt. uDeur sluiten. uContact met de klantenservice opnemen. (zie 9. 4 Klan‐tenservice)6. 5. 2 DemoModeWanneer op het display wordt weergegeven, is de„D”previewmodus actief. Deze functie is voor dealers ontwik‐keld, omdat alle koudetechnische functies gedeactiveerdzijn. DemoMode deactiverenWanneer een tijd op het display afloopt:uWeergave binnen de aflopende tijd bevestigen. wDemoMode is gedeactiveerd. Wanneer geen tijd afloopt:uNetstekker uit het stopcontact halen. uNetstekker weer aansluiten. wDemoMode is gedeactiveerd. Bediening12 * afhankelijk van model en uitvoering.
7 Uitrusting7.1 Vriesvak 4 sterren7.1.1 Vriesvak openen / sluitenFig. 14 Vriesvak openen:uGreepbereik van onder pakken.uGrijpplaat indrukken en gelijktijdig de deur naar vorentrekken.Vriesvak sluiten:uDeur sluiten en gelijktijdig vanaf de voorkant drukken.wDeur is vastgeklikt.7.2 Deurafsteller7.2.1 Deurafsteller verplaatsen / verwijderenFig. 15 uAfsteller naar boven schuiven.uNaar voren trekken.uIn omgekeerde volgorde weer aanbrengen.7.2.2 Deurafsteller demonterenDe deurafstellers kunnen voor het reinigen worden gede‐monteerd.Fig. 16 uDeurafsteller demonteren.7.3 Draagplateaus7.3.1 Draagplateaus verplaatsen / verwijderenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen.Fig.
Draagplateaus eruit halen:uDraagplateaus aan de voor- en achterkant omhoog tillen. uAan de voorkant eruit halen. Op de eronder liggende deksel van het vak geen productenneerzetten. Draagplateau erin schuiven:uDraagplateaus schuin, naar achter geneigd, aanbrengen. wUittrekaanslagen zijn naar onder gericht. uDraagplateaus erin schuiven en afleggen. 7. 3. 2 Draagplateaus demonterenDe draagplateaus kunnen voor het reinigen gedemonteerdworden. Fig. 20 uDraagplateaus demonteren. 7. 4 Deelbaar draagplateau7. 4. 1 Deelbaar draagplateau gebruikenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen. Fig. 21 uDeelbare draagplateaus overeenkomstig de afbeeldingeronder schuiven. Fig. 22 In de hoogte verstellen:uGlasplaten afzonderlijk vanaf de voorkant eruit trekkenFig. 22 (1). uSteunrails uit de vergrendeling trekken en op degewenste hoogte vastklikken.
uGlasplaten afzonderlijk achtereenvolgens erin schuiven. wVlakke uittrekaanslagen aan de voorkant, direct achter desteunrail. wHoge uittrekaanslagen achter. Beide oppervlakken gebruiken:uMet een hand de onderste glasplaat vasthouden en naarvoren trekken. wGlasplaat met sierlijst ligt voor. Fig. 22 (1)wStops zijn naar onder gericht. Fig. 22 (3)Apparaten met vriesvak:uSteunrails en deelbare draagplateaus niet voor de venti‐lator aanbrengen. 7. 5 VarioSafeDe VarioSafe biedt plaats voor kleine levensmiddelen,verpakkingen, tubes en glazen. 7. 5. 1 VarioSafe gebruikenDe schuiflade kan eruit gehaald worden en op tweeverschillende hoogten erin geschoven worden. Daardoorkunnen ook hogere kleine delen in de schuiflade wordenbewaard. Fig. 23 uHaal de schuiflade eruit. uOp een willekeurige hoogte Fig. 23 Fig. 23 (1) of (2) erinschuiven. 7. 5.
Fig. 26 uVarioSafe uit elkaar halen.7.6 Plaats voor de bakplaatBoven de schuifladen is plaats voor een bakplaat . Fig. 1 (6)Fig. 27 Zorg ervoor dat aan de volgende eisen zijn voldaan:qMaximale maten voor de bakplaat zijn in acht genomen(zie 9.1 Technische gegevens) .qDe bakplaat is afgekoeld tot kamertemperatuur.qOnderste deurafsteller is minimaal een positie hogeringesteld.Wanneer de deur 90° is geopend:uBakplaat op de onderste zijdelingse steunen schuiven.7.7 SchuifladenDe schuifladen kunnen voor het reinigen worden verwijderd.Het eruit halen en erin plaatsen van de schuifladen is afhan‐kelijk van het uitschuifsysteem.
De vasthouddelen kunnen voor het reinigen worden verwij‐derd.Fig. 33 uVasthouddelen verwijderen.uNa de reiniging: Vasthouddelen in omgekeerde volgordeinzetten.7.7.2 Schuiflade aanbrengenSchuiflade op telescooprailsVolledig uitgeschoven:*Fig. 34 *uRails erin schuiven.*uLade op de rails plaatsen.*uEr helemaal naar achteren inschuiven.*wVolledig uitgeschoven: Klikt aan de achterkant hoorbaarvast.*Gedeeltelijk uittrekbaar koelgedeelte:*Fig. 35 *uRails erin schuiven.*uLade op de rails plaatsen.*uEr helemaal naar achteren inschuiven.*Schuiflade uitschuifwagenFig. 36 uUitschuifwagen er volledig uittrekken.uSchuiflade vanaf de bovenkant inzetten.7.8 Deksel EasyFresh-SafeDe deksel van het vak kan voor het reinigen worden verwij‐derd.7.8.1 Deksel van het vak verwijderenFig. 37 Wanneer de schuifladen zijn verwijderd:uDeksel tot de opening in de vasthouddelen naar vorentrekken . Fig.
uDekselranden via de opening van de achterste houderFig. 38 (1) aanbrengen en van voren in de houderFig. 38 (2) klikken. uDeksel in de gewenste positie brengen (zie 7. 9 Vochtrege‐ling). 7. 9 VochtregelingU kunt het vochtgehalte in de schuiflade via de afstellingvan de deksel van het vak zelf instellen. De deksel van het vak bevindt zich direct op de schuifladeen kan door draagplateaus of extra schuifladen afgedektzijn. Fig. 39 Geringe luchtvochtigheiduSchuiflade openen. uDe deksel van het vak naar voren trekken. wBij een gesloten schuiflade: Spleet tussen de deksel enhet vak. wLuchtvochtigheid in Safe wordt verlaagd. Hoge luchtvochtigheiduSchuiflade openen. uDeksel van het vak naar achter schuiven. wBij een gesloten schuiflade: Deksel sluit het vak niet af. wLuchtvochtigheid in Safe wordt verhoogd. Als er te veel vocht in het vak zit:uInstelling „te lage luchtvochtigheid” kiezen.
-of-uVocht met een doek verwijderen. 7. 10 Accessoires7. 10. 1 FlessenhouderFlessenhouder gebruikenFig. 40 Fig. 41 *uFlessenhouder op de flessen schuiven. wFlessen vallen niet om. Flessenhouder verwijderenFig. 42 uFlessenhouder volledig naar rechts tot de rand schuiven. uVanaf de achterkant eruit halen. 8 Onderhoud8. 1 Apparaat ontdooienWAARSCHUWINGApparaat op de verkeerde manier ontdooid. Verwondingen en beschadigingen. uOm het ontdooiproces te versnellen, geen mechanischehulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet doorde fabrikant worden aanbevolen. uGebruik voor het ontdooien geen elektrische verwar‐mings- of stoomreinigingsapparaten, open vuur ofontdooisprays. uIJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordtvia de afvoeropening afgevoerd en verdampt.
Waterdruppels of een dun laagje vorst of ijs aan het achter‐paneel zijn functioneel en volkomen normaal. Deze hoevenniet verwijderd te worden. Door de energie-geoptimaliseerde regeling van het apparaatkan zich tussentijds ook een laagje vorst of ijs vormen.
WAARSCHUWINGBrandgevaaruDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha‐digen. uApparaat leegmaken. uNetstekker eruit halen. -of-uCleaningMode activeren. (zie CleaningMode)8. 2. 2 Binnenruimte reinigenLET OPOndeskundige reiniging. Beschadigingen aan het apparaat. uUitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutraleallesreiniger gebruiker. uGebruik geen schurende of krassende sponzen ofstaalwol. uGebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuur‐houdende schoonmaakmiddelen. uKunststof vlakken: met een zachte, schone doek, lauw‐warm water en een beetje spoelmiddel met de handreinigen. uMetalen vlakken: met een zachte, schone doek, lauw‐warm water en een beetje spoelmiddel met de handreinigen. uAfvoeropening Fig. 1 (8) : Aanzettingen verwijdert u meteen dun hulpmiddel, bijv. een wattenstaafje. 8. 2. 3 Uitrusting reinigenLET OPOndeskundige reiniging.
Beschadigingen aan het apparaat. uUitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutraleallesreiniger gebruiker. uGebruik geen schurende of krassende sponzen ofstaalwol. uGebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuur‐houdende schoonmaakmiddelen. Reinigen met een zachte, schone doek, lauwwarm water eneen beetje spoelmiddel:- Deurafsteller- Draagplateaus- Deelbaar draagplateau- VarioSafe- Deksel EasyFresh-Safe- Schuiflade- Variabele flessenplankReinigen met een vochtige doek:- TelescooprailsLet op: Het vet in de geleiders dient voor de smering enmag niet worden verwijderd. Reinigen in de vaatwasser tot 60 °C:- Flessenhouder- Vasthouddeel deelbaar draagplateauuUitrusting demonteren: zie betreffende hoofdstuk. uUitrusting reinigen. 8. 2. 4 Na het reinigenuApparaat en uitrustingsdelen droogwrijven. uApparaat aansluiten en inschakelen. uReiniging regelmatig herhalen. 9 Klantenhulp9.
1 Technische gegevensTemperatuurbereikKoelen 2 °C tot 9 °CBodemlade 6 °C tot 14 °CMaximale invriescapaciteit / 24 uurVriesvak „invriesca‐Zie het typeplaatje onder paciteit … /24 uur”Maximale afmeting bakplaatBreedte 466 mmDiepte 386 mmHoogte 50 mmVerlichtingEnergie-effici ntieklasseë1LichtbronDit product bevat een lichtbron van energie-effici ntieklasse FëLED1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillende energie-efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntie‐klasse is aangegeven. 9. 2 BedrijfsgeluidenHet apparaat veroorzaakt tijdens de werking verschillendeloopgeluiden. -Bij werkt het apparaat zuiniger,een lage koelcapaciteitmaar langer. De geluidssterkte is. lager-Bij een krachtige koelcapaciteit worden levensmiddelensneller gekoeld. De geluidssterkte is. hogerVoorbeelden:•Geactiveerde functies (zie 6.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr IRCe 5121 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast