Liebherr IGN 1064 Premium Handleiding

Liebherr Vriezer IGN 1064 Premium

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr IGN 1064 Premium (10 pagina’s), behorend tot de categorie Vriezer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 55 mensen. Heb je een vraag over Liebherr IGN 1064 Premium of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/10
Gebruikshandleiding
Inbouwvrieskast
20210309 7086546 - 00
IGN10/ IGN16/ SIGN35

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Vriezer
Model: IGN 1064 Premium
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Knoppen
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 36300 g
Breedte: 559 mm
Diepte: 544 mm
Hoogte: 712 mm
Netbelasting: 163 W
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 36 dB
Energie-efficiëntieklasse: E
Jaarlijks energieverbruik: 183 kWu
Gewicht verpakking: 38100 g
Breedte verpakking: 572 mm
Diepte verpakking: 622 mm
Hoogte verpakking: 770 mm
Brutocapaciteit vriezer: 76 l
Nettocapaciteit vriezer: 65 l
Vriescapaciteit: 11 kg/24u
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Bewaartijd bij stroomuitval: 15 uur
Aantal planken vriezer: 3
Aantal sterren: 4*
No Frost system: Ja
Installatie compartiment breedte: 570 mm
Installatie compartiment diepte: 550 mm
Installatie compartiment hoogte: 730 mm
Plankmateriaal: Glas
Deur open alarm: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.398 kWh/24u
Stroom: 1.3 A
Klimaatklasse: SN-T
Automatische ontdooiing ( diepvries ): Nee
Geluidsemissieklasse: C
Omzetbare vriezer: Nee
SuperFrost-functie: Ja
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 10 - 43 °C
Type product: Staand
Energie-efficiëntieschaal: A tot G
Ijsblokjeshouder: Ja

Handleiding Liebherr IGN 1064 Premium – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 EPREL-database*. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 43. 2 Temperatuurweergave. 44 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat inschakelen. 55 Bediening. 55. 1 Kinderbeveiliging. 55. 2 Deuralarm. 55. 3 Temperatuuralarm. 55. 4 Levensmiddelen invriezen. 55. 5 Levensmiddelen ontdooien. 65. 6 Temperatuur instellen. 65. 7 SuperFrost. 65. 8 Laden. 65. 9 Plateaus. 65. 10 VarioSpace. 75. 11 Info-systeem*. 75. 12 IJsblokjeshouder. 75. 13 Koelaccu*. 76 Onderhoud. 76. 1 Ontdooien met NoFrost. 76. 2 Apparaat reinigen. 76. 3 Technische Dienst. 87 Storingen. 88 Uitzetten. 98. 1 Apparaat uitschakelen. 98. 2 Buiten werking stellen. 99 Apparaat afdanken.

9De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzichtFig.

Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan. Voorzienbaar verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat in vogelvlucht2 * afhankelijk van model en uitvoering.

Het apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturenSN, N t/m 32 °CST t/m 38 °CT t/m 43 °CEen probleemloze werking van het apparaatis gewaarborgd tot een omgevingstemperatuurvan 5 °C. 1. 3 ConformiteitHet koudemiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid. Hetapparaat voldoet in de inbouwtoestand aan de desbetreffendeveiligheidsvoorschriften alsmede de richtlijnen 2014/35/EU,2014/30/EU, 2009/125/EG, 2011/65/EU en 2010/30/EU. 1. 4 EPREL-database*Vanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzakeenergieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerpte vinden in de Europese productdatabase (EPREL).

Ukrijgt toegang tot de productdatabase via de link https://eprel. ec. europa. eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidentifi-catie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op het type-plaatje. *1. 5 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af. -Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij. *-Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsings-omstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur(zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). Bij eenwarmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruiktoenemen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.

*2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmededoor personen met verminderde psychische,sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde ofmet betrekking tot het veilige gebruik vanhet apparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen. De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken.

-Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding inbouwen, aansluiten enafvoeren. -Het apparaat alleen in ingebouwde toestandin gebruik nemen. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens ophet typeplaatje) is milieuvriendelijk maarbrandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Vermijd het hanteren van ontstekings-bronnen in de binnenkant van het apparaat.

ontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Vermijd permanent contact van de huid metkoude oppervlakken of gekoelde/bevrorenproducten of tref beschermende maatre-gelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken.

-IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur nietin het scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de oliein de compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. De sticker niet verwijderen. Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aangebracht. Deze heeft betrekking op de schuimpanelenin de deur en/of de behuizing. Deze aanwij-zing is alleen voor het recyclingproces vanbelang. De sticker niet verwijderen.

WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing duidt op nuttige informatie en tips. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig. 2 (1) Toets On/Off Toets Alarm(6)(2) Temperatuurdisplay Symbool Alarm(7)(3) Toets Up/Down Symbool Menu(8)(4) Toets SuperFrost Symbool Kinderbeveili-(9)ging(5) Symbool SuperFrost Symbool Stroomuitval(10)3.

2 TemperatuurweergaveIn de normale modus worden:-de warmste vriestemperatuurDe temperatuurweergave knippert:-de temperatuurinstelling wordt veranderd;-na het inschakelen is de temperatuur nog niet koud genoeg;-de temperatuur is met meerdere graden gestegen. In de weergave knipperen strepen:-de vriestemperatuur is boven de 0 °C. De volgende weergaven wijzen op een storing. Demogelijke oorzaken en maatregelen voor het oplossen:(zie 7 Storingen). *-F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9 tot *-Het symbool stroomuitval knippert. *Bedienings- en controle-elementen4 * afhankelijk van model en uitvoering.

4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat inschakelenuOpen de deur. uAan/uit-toets Fig. 2 (1) indrukken. wHet temperatuurdisplay licht op. Het apparaat isingeschakeld. wWanneer op het display „DEMO” wordt aange-geven, is de demonstratiemodus geactiveerd. Ukunt contact opnemen met de Technische Dienst. 5 Bediening5. 1 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderenbij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 1. 1 Kinderbeveiliging instellenMoet de functie worden ingeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 2 (4)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 2 (8) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 2 (4) kort bevestigen. wOp het display verschijnt. c1c1c1c1c1uMet de toets SuperFrost Fig. 2 (4) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 2 (9) op dedisplay gaat branden.

wOp de display knippert. cccccwDe functie kinderbeveiliging is ingeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 2 (1) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Moet de functie worden uitgeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 2 (4)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 2 (8) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 2 (4) kort bevestigen. wOp het display verschijnt. c0 c0 c0 c0 c0 uMet de toets SuperFrost Fig. 2 (4) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 2 (9) gaat uit. wOp de display knippert. cccccwDe functie kinderbeveiliging is uitgeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off Fig. 2 (1) kort in. -of-u5 min. wachten.

wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 2 DeuralarmAls de deur langer dan 60 seconden open staat,klinkt er een geluidssignaal. Het geluidssignaal dooft automatisch, als de deurwordt gesloten. 5. 2.

1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 2 (6) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. 5. 3 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 2 (7). De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:-warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd-bij het herindelen en verwijderen van levensmiddelen isteveel warme kamerlucht naar binnen gestroomd. -de stroom is langer uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, het symbool AlarmFig. 2 (7) gaat uit en de temperatuurdisplay houdt op met knip-peren, wanneer de temperatuur weer laag genoeg is. Wanneer het alarm niet uitgaat: (zie 7 Storingen).

AanwijzingWanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 3. 1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd. Wanneer detemperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weeractief. uToets Alarm Fig. 2 (6) indrukken. wHet akoestisch alarm is gedeactiveerd. 5. 4 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast. De plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproducten wordenbelast. Na het sluiten van de deur ontstaat er een vacuüm. Na hetsluiten ongeveer 1 min. wachten, dan is de deur gemakkelijkerte openen.

5. 5 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 6 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de duur van het openen van de deur-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CDe temperatuur kan doorlopend worden veranderd. Is deinstelling -28 °C bereikt, dan wordt weer met -15 °C begonnen. uTemperatuurfunctie oproepen: Eenmaal Instel-toets Fig. 2 (3) indrukken. wOp het temperatuurdisplay wordt de tot nog toeingestelde waarde knipperend aangegeven.

uTemperatuur wijzigen in stappen van 1 °C: Drukde insteltoets Fig. 2 (3) net zo vaak in totdatde gewenste temperatuur op het temperatuur-display oplicht. uTemperatuur doorlopend veranderen: insteltoets ingedrukthouden. wTijdens het instellen wordt de waarde knipperend weerge-geven. wCa. 5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de nieuwe instelling overgenomen en dedaadwerkelijke temperatuur weer aangegeven. De tempera-tuur in de binnenruimte past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 7 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen. Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. U kunt maximaal zoveel kilogram aan verse levensmiddeleninvriezen binnen 24 uur, zoals aangegeven op het typeplaatjeonder „vriescapaciteit. kg/24u”.

Deze maximale invriescapa-citeit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse. Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca.

6h,bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. Inte vriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren productenin contact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te schakelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dag5. 7. 1 Met SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 2 (4) eenmaal kort indrukken. wHet symbool SuperFrost Fig. 2 (5) is verlicht. wDe temperatuur daalt, het apparaat werkt met maximalekoeling. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. uVerpakte levensmiddelen in de diepe onderste ladenleggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 24 u wachten.

uDe plateaus kunnenworden gedemonteerd omte worden gereinigd.*5.10 VarioSpaceU kunt naast de schuifladenook de draagplateaus eruithalen. Zo maakt u plaats voorgrotere levensmiddelen zoalsgevogelte, vlees, groter wild enkunnen hoge producten van debakkerij volledig worden inge-vroren en verder worden klaar-gemaakt.uDe schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast.uDe plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproductenworden belast.5.11 Info-systeem*Fig. 3 (1) (4)Brood Groente(2) (5)IJs Vlees(3) (6)Vis FruitDe getallen geven telkens voor meerdere soorten ingevrorenlevensmiddelen de bewaartijd in maanden aan. De vermeldebewaartijden zijn richtwaarden.5.12 IJsblokjeshouderFig.

5 uDe ijsblokjeshouder kan voor het reinigen uit elkaar wordengehaald.5.13 Koelaccu*De koelaccu's verhinderen bij stroomuitval dat de temperatuurte snel stijgt.5.13.1 Koelaccu's gebruiken**uDe bevroren koelaccu'sin het bovenste, voorstebereik van de vriesruimteop de diepvriesproductenleggen.*6 Onderhoud6.1 Ontdooien met NoFrostHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch.Het vocht staat op de verdamper neer, wordt periodiek ontdooiten verdampt.uHet apparaat hoeft niet handmatig te worden ontdooid.6.2 Apparaat reinigenHet apparaat regelmatig reinigen.WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom!Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen.uGebruik geen stoomreinigers!Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 7

LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uLuchttoe- en -afvoerroosters regelmatig reinigen.

wStof verhoogt het energieverbruik. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. *uDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. uAndere onderdelen met lauwwarm water en een beetjeafwasmiddel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 7 SuperFrost). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen(zie 7 Storingen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dancontact op met de Technische Dienst. Het adres vindt u in hetbijgevoegd overzicht.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6 Onder-houd) , uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig.

6 (1), service-nr. Fig. 6 (2) enserie-nr. Fig. 6 (3)van het typeplaatjeaflezen. Het type-plaatje bevindt zichaan de linkerkantbinnen in het appa-raat. Fig. 6 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 6 (1), service-nr. Fig. 6 (2) en serie-nr. Fig. 6 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controlerenof de storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen.

Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een LED onder aan de achterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 5 seconden*. *→Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Geluiden zijn te luid.

→Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt.

uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat)Een lage bromtoon. *→Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen. uDe inbouw controleren en eventueel het apparaat opnieuwuitlijnen. Storingen8 * afhankelijk van model en uitvoering.

Een stromingsgeluid aan de sluitdemper. *→Het geluid ontstaat bij het openen en sluiten van de deur. uHet geluid is normaal. In de temperatuurdisplay wordt aangegeven: tot *F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9→Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Op het temperatuurdisplay knippert stroomuitval. Ophet temperatuurdisplay wordt de warmste temperatuurweergegeven, die tijdens de stroomuitval werd bereikt. *→De vriestemperatuur was door stroomuitval of een stroom-onderbreking in de afgelopen uren of dagen te hoog. Zodrade stroomonderbreking voorbij is, werkt het apparaat weerverder met de laatste temperatuurinstelling. uAanduiding van de warmste temperatuur wissen: toetsAlarm Fig. 2 (6) indrukken. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. Ontdooide levensmid-delen niet meer opnieuw invriezen.

In de temperatuurdisplay brandt DEMO. *→De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6 Onderhoud). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 7 SuperFrost)→De temperatuur is verkeerd ingesteld.

uStel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron.

→Het apparaat werd niet juist in de nis ingebouwd. uControleer of het apparaat juist is ingebouwd en de deurgoed sluit. Op het display worden streepjes ( ) weergegeven. „- -”→De vriestemperatuur is door een stroomuitval of eenstroomonderbreking boven de nul graden gestegen. *uZie ook “stroomuitval” en “ ”*De deurafdichting is defect of moet om andere redenenworden vervangen. →De deurafdichting is bij enkele apparaten verwisselbaar. Het kan zonder overig gereedschap worden verwisseld. uNeem contact op met de Technische Dienst. (zie 6 Onder-houd). Het apparaat is bevroren of er vormt zich condenswater. →De deurafdichting kan uit de sleuf zijn weggegleden. uDe deurafdichting controleren op juiste bevestiging in desleuf. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenuDruk de On/Off-toets Fig. 2 (1) in gedurendeca. 2 seconden. wEr klinkt een lange pieptoon. Het temperatuurdis-play is uit.

Het apparaat is uitgeschakeld. wWanneer het apparaat niet kan wordenuitgeschakeld, is de kinderbeveiliging actief(zie 5. 1 Kinderbeveiliging). 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uApparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten). uNetstekker eruit halen. uApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig deplaatselijk geldende voorschriften en wetten. Het afgedankte apparaat tijdens afvoer niet aan het koelcircuitbeschadigen, om te voorkomen dat het koelmiddel (gegevensop het typeplaatje ) en de olie niet ongecontroleerd uit hetapparaat kunnen lopen.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr IGN 1064 Premium stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden