Liebherr ICBN 3324-22 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr ICBN 3324-22 (16 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 51 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Liebherr ICBN 3324-22 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | ICBN 3324-22 |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 65900 g |
| Breedte: | 559 mm |
| Diepte: | 544 mm |
| Hoogte: | 1770 mm |
| Netbelasting: | 136 W |
| Ijsmaker: | Nee |
| Kinderslot: | Ja |
| Geluidsniveau: | 38 dB |
| Energie-efficiëntieklasse: | E |
| Jaarlijks energieverbruik: | 225 kWu |
| Gewicht verpakking: | 70300 g |
| Breedte verpakking: | 572 mm |
| Diepte verpakking: | 622 mm |
| Hoogte verpakking: | 1829 mm |
| Brutocapaciteit vriezer: | 81 l |
| Nettocapaciteit vriezer: | 68 l |
| Vriescapaciteit: | 10 kg/24u |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Geschikt voor paneelaanpassing: | Nee |
| Nettocapaciteit koelkast: | 179 l |
| Brutocapaciteit koelkast: | 198 l |
| No Frost (koelkast): | Nee |
| Koelkast binnenverlichting: | Ja |
| Soort lamp: | LED |
| Multi-luchtwegsysteem (koelkast): | Nee |
| Aantal planken koelkast: | 4 |
| Aantal groente lades: | 2 |
| Vriezer positie: | Onder |
| No Frost (vriezer): | Ja |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 15 uur |
| Snelvriesfunctie: | Nee |
| Aantal planken vriezer: | 3 |
| Aantal sterren: | 4* |
| Vakantie functie: | Nee |
| Totale nettocapaciteit: | 247 l |
| Temperatuur alarm: | Ja |
| Eierenrekje: | Ja |
| Automatisch ontdooien (koelkast): | Ja |
| Totale brutocapaciteit: | 279 l |
| Installatie compartiment breedte: | 570 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 550 mm |
| Installatie compartiment hoogte: | 1788 mm |
| Plankmateriaal: | Gehard glas |
| Super Cool functie: | Ja |
| Koelkastdeurvakken: | 2 |
| Vers zone compartiment: | Ja |
| Deur open alarm: | Ja |
| Stroomgebruik per dag: | 0.643 kWh/24u |
| Stroom: | 1.4 A |
| Aantal uitneembare platen: | 3 |
| Minimum operationele temperatuur: | 10 °C |
| Maximale temperatuur (in bedrijf): | 38 °C |
| Klimaatklasse: | SN-ST |
| Automatische ontdooiing ( diepvries ): | Ja |
| Geluidsemissieklasse: | C |
| Verstelbare voeten: | Ja |
| Deur montage: | Deur-op-deur |
| Deur openingshoek: | 115 ° |
| Vers zone compartiment netto capaciteit: | 67 l |
| Vers zone compartiment bruto capaciteit: | 72 l |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Energie-efficiëntieschaal: | A tot G |
| Ijsblokjeshouder: | Ja |
Handleiding Liebherr ICBN 3324-22 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Productgegevens. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 43. 1 Bedienings- en controle-elementen. 43. 2 Temperatuurweergave. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat inschakelen. 55 Bediening. 55. 1 Kinderbeveiliging. 55. 2 Deuralarm*. 55. 3 Temperatuuralarm. 65. 4 Koelgedeelte. 65. 5 BioFresh-gedeelte. 75. 6 Vriesgedeelte. 96 Onderhoud. 116. 1 handmatig ontdooien*. 116. 2 Ontdooien met NoFrost*. 116. 3 Apparaat reinigen. 116. 4 Technische Dienst. 127 Storingen. 128 Uitzetten. 138. 1 Apparaat uitschakelen. 138. 2 Buiten werking stellen. 149 Apparaat afdanken. 14De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen.
Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaten- en uitrustingsoverzichtFig.
2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen voor huishoudelijkeof soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan. Voorzienbaar verkeerd gebruikHet apparaat in vogelvlucht2 * afhankelijk van model en uitvoering.
De volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1.
3 ConformiteitHet koudemiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid. Hetapparaat voldoet in de inbouwtoestand aan de desbetreffendeveiligheidsvoorschriften alsmede de richtlijnen 2014/35/EU,2014/30/EU, 2009/125/EG, 2011/65/EU en 2010/30/EU. De BioFresh-lade voldoet aan de eisen van een koelvakconform DIN EN 62552. 1. 4 ProductgegevensDe productgegevens zijn conform de richtlijn van de (EU)2017/1369 bij het apparaat gevoegd. Het volledige productge-gevensblad kunt op de website van Liebherr in het download-bereik downloaden. 1. 5 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af. -Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij. -Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsconditieszoals bijv.
de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). Bij een vande normtemperatuur afwijkende omgevingstemperatuur van25° C kan het energieverbruik veranderen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik.
-Levensmiddelen gesorteerd plaatsen (zie 1). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Condensvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden. -Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuurlaten afkoelen. -Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. -Als in het apparaat een dikke ijsaanslag aanwezig is: Appa-raat ontdooien. *-Bij langere vakantietijden koelgedeelte leegmaken enuitschakelen. 2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmede doorpersonen met verminderde psychische,sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde of metbetrekking tot het veilige gebruik van hetapparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen.
De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding inbouwen, aansluiten enafvoeren.
•Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Gebruik binnen in het apparaat nooit openvuur of ontstekingsbronnen. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv. stoomreinigers,verwarmingen, ijsmakers, enz. ). •Als koudemiddel weglekt: Open vuur ofontstekingsbronnen vlakbij het lek verwij-deren. Vertrek goed ventileren. Informeerde klantendienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten.
Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levensmid-delen vermijden of veiligheidsmaatregelentreffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur niet inhet scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken.
Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de olie inde compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn.
Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aange-bracht. Deze heeft betrekking op de schuim-panelen in de deur en/of de behuizing. Dezeaanwijzing is alleen voor het recyclingprocesvan belang. De sticker niet verwijderen. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt.
(6) Toets On/Off vriesge-deelte(14) Symbool Kinderbeveili-ging(7) Temperatuurdisplayvriesgedeelte(15) Symbool Stroomuitval(8) Insteltoets vriesge-deelte3. 2 TemperatuurweergaveIn de normale modus worden:-de warmste vriestemperatuur-de gemiddelde koeltemperatuurDe temperatuurweergave van het vriesgedeelte knippert:-de temperatuurinstelling wordt veranderd;-na het inschakelen is de temperatuur nog niet koud genoeg;-de temperatuur is met meerdere graden gestegen. In de weergave knipperen strepen:-de vriestemperatuur is boven de 0 °C. De volgende weergaven wijzen op een storing. De mogelijkeoorzaken en maatregelen voor het oplossen: (zie 7). -F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9 tot -Het symbool stroomuitval knippert. 4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat inschakelenAanwijzingDe fabrikant adviseert:uDiepvriesproducten bij -18 °C of kouder in het apparaatleggen. Apparaat ca.
4 uur vóór de eerste lading inschakelen. 4. 1. 1 Volledig apparaat via het vriesgedeelteinschakelenuOpen de deur. uDruk op de toets On/Off van het vriesgedeelte Fig. 2 (6). wKoel- en vriesgedeelte zijn ingeschakeld. wtemperatuurweergaven branden. wBij het openen van de deur van het koelgedeelte gaat debinnenverlichting aan. wWanneer op het display „DEMO” wordt aangegeven, is dedemonstratiemodus geactiveerd. U kunt contact opnemenmet de Technische Dienst. 4. 1. 2 Koelgedeelte inschakelenAanwijzingLangere afwezigheid zoals vakantieuHet koelgedeelte kan afzonderlijk van het vriesgedeelte in-of uitgeschakeld worden. uOpen de deur. uDruk op de toets On/Off van het koelgedeelte Fig. 2 (1). wtemperatuurweergaven branden. wBij het openen van de deur van het koelgedeelte gaat debinnenverlichting aan. wHet koelgedeelte is ingeschakeld. 5 Bediening5.
1 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderenbij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 1. 1 Kinderbeveiliging instellenMoet de functie worden ingeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 2 (9)gedurende ca.
5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 2 (13) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 2 (9) kort bevestigen. wOp het display verschijnt. c1c1c1c1c1uMet de toets SuperFrost Fig. 2 (9) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 2 (14) op dedisplay gaat branden. wOp de display knippert. cccccwDe functie kinderbeveiliging is ingeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off van het vriesgedeelte Fig. 2 (6) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. Moet de functie worden uitgeschakeld:uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 2 (9)gedurende ca. 5 seconden in. wOp de display wordt het symbool Menu Fig. 2 (13) weerge-geven. wOp de display knippert. cccccuMet de toets SuperFrost Fig. 2 (9) kort bevestigen. wOp het display verschijnt.
c0 c0 c0 c0 c0 uMet de toets SuperFrost Fig. 2 (9) kort bevestigen. wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 2 (14) gaat uit. wOp de display knippert. cccccwDe functie kinderbeveiliging is uitgeschakeld. Wanneer de instelmodus moet worden beëindigd:uDruk de toets On/Off van het vriesgedeelte Fig. 2 (6) kort in. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt weer de temperatuur weer-gegeven. 5. 2 Deuralarm*Voor koel- / BioFresh-gedeelte en vriesgedeelteAls de deur langer dan 60 seconden open staat,klinkt er een geluidssignaal. Het geluidssignaal dooft automatisch, als de deurwordt gesloten. 5. 2. 1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 2 (11) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 5.
5. 3 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 2 (12). De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:-warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd-bij het herindelen en verwijderen van levensmiddelen isteveel warme kamerlucht naar binnen gestroomd. -de stroom is langer uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, het symbool AlarmFig. 2 (12) gaat uit en de temperatuurdisplay houdt op metknipperen, wanneer de temperatuur weer laag genoeg is. Wanneer het alarm niet uitgaat: (zie 7). AanwijzingWanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 3.
1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd. Wanneer detemperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weeractief. uToets Alarm Fig. 2 (11) indrukken. wHet akoestisch alarm is gedeactiveerd. 5. 4 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de afschei-ding tussen de BioFresh zone en de achterzijde is het hetkoudste. Voorin aan de bovenkant en in de deur is het hetwarmste. 5. 4. 1 Levensmiddelen koelenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. uVentilatieluchtspleten altijd vrijlaten. uIn het bovengedeelte en in de deur boter en conservenbewaren. (zie 1)uGebruik om te verpakken herbruikbare dozen van kunststof,metaal, aluminium, glas en vershoudfolie.
Levensmiddelen daar niet latenliggen, ze kunnen bij het sluiten van de deur naar achterworden geschoven of omvallen. uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. 5. 4. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: 5 °CDe temperatuur kan doorlopend worden veranderd. Is deinstelling 3 °C bereikt, wordt weer bij 9 °C begonnen. uTemperatuurfunctie oproepen: Druk de instel-toets van het koelgedeelte Fig. 2 (3) in. wOp het temperatuurdisplay wordt de tot nog toeingestelde waarde knipperend aangegeven. uTemperatuur in 1 °C -stappen wijzigen: Druk deinsteltoets koelgedeelte Fig. 2 (3) net zo vaak in,totdat de gewenste temperatuur op het tempera-tuurdisplay oplicht.
uTemperatuur doorlopend veranderen: insteltoetsingedrukt houden. wTijdens het instellen wordt de waarde knippe-rend weergegeven. wCa. 5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de nieuwe instelling overgenomen en dedaadwerkelijke temperatuur weer aangegeven. De tempera-tuur in de binnenruimte past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 4. 3 SuperCoolMet SuperCool schakelt u het hoogste afkoelver-mogen in. Daarmee bereikt u lagere koeltempera-turen. Gebruik SuperCool om grote hoeveelheidenlevensmiddelen snel af te koelen. Wanneer SuperCool ingeschakeld is, kan de ventilator*draaien. Het apparaat werkt met maximaal koelvermogen,daardoor kan het geluid van het koelaggregaat tijdelijk luiderzijn. SuperCool heeft een iets hoger energieverbruik. Met SuperCool koelenuToets SuperCool Fig. 2 (4) kort indrukken. wHet symbool SuperCool Fig.
SuperCool voortijdig uitschakelenuToets SuperCool Fig. 2 (4) kort indrukken. wHet symbool SuperCool Fig. 2 (5) in de display gaat uit. wSuperCool is uitgeschakeld. 5. 4. 4 DraagplateausPlateaus verplaatsen of uitnemenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen. Fig. 3 uDraagplateau omhoog tillen en een beetje naar vorentrekken. uDraagplateau qua hoogte instellen. Schuif hiervoor deuitsparingen langs de steunen. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken. uPlateaus op gewenste hoogte terugschuiven. De uittrek-stops moeten naar beneden wijzen en achter de voorstesteunrib liggen. Bediening6 * afhankelijk van model en uitvoering.
Draagplateaus demonterenuDe draagplateaus kunnenvoor het reinigen gedemon-teerd worden.5.4.5 Deelbare draagplateau gebruikenuDeelbaar draagplateauvolgens de afbeeldingonderschuiven.Fig. 4 uDe glasplaat (1) met de uittrekstoppers moet vooraanliggen, zodat de stoppers (3) naar beneden wijzen.5.4.6 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenFig. 5 Opbergvakken demonterenFig. 6 uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd.5.4.7 Flessenhouder gebruikenuOm ervoor te zorgen dat deflessen niet omvallen, moetde flessenhouder wordenverschoven.5.4.8 EierhouderDe eierhouder kan eruit getrokken worden en is draaibaar.
Debeide delen van de eierhouder kunnen bijvoorbeeld wordengebruikt om verschillen qua aankoopdatum aan te geven.uGebruik de bovenste zijde voor de opslag van kippeneieren.uGebruik de onderste zijde voor de opslag van kwarteleieren.5.5 BioFresh-gedeelteHet BioFresh-gedeelte zorgt ervoor dat sommige verse levens-middelen langer bewaard kunnen worden dan bij traditioneelkoelen.Voor levensmiddelen met een vervaldatum geldt altijd dedatum vermeld op de verpakking.Zakken de temperaturen onder de 0 °C, kunnen levensmid-delen vastvriezen.5.5.1 DrySafeDe DrySafe is geschikt voor het bewaren van droge of verpaktelevensmiddelen (bijv.
zuivelproducten, vlees, vis, vleeswaren).Hier ontstaat een relatief droog bewaarklimaat.5.5.2 Fruit & Vegetable-SafeDe luchtvochtigheid in Fruit & Vegetable-Safe is afhankelijk vanhet in het vak geplaatste koelgoed alsmede van de frequentievan het openen en sluiten van het vak. U kunt de vochtigheidzelf instellen.De Fruit & Vegetable-Safe is geschikt voor het instellen van dehoge luchtvochtigheid voor het opslaan van niet verpaktesalade, groenten en fruit met een hoog vochtgehalte. Bij eengoed gevulde schuiflade wordt een dauwvers klimaat ingesteld.Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 7
5. 5. 3 Vochtigheid in Fruit & Vegetable-SafeinstellenFig. 7 De luchtvochtigheid in Fruit & Vegetable-Safe kan traploosworden ingesteld. u Lage luchtvochtigheid: De schuifregelaars naar achterplaatsen. wDe openingen in de deksel zijn deels of volledig geopend. De luchtvochtigheid in Fruit & Vegetable-Safe neemt af. u Hoge luchtvochtigheid: De schuifregelaar naarvoren trekken. wDe openingen in de deksel zijn deels of volledig dicht. Deluchtvochtigheid in Fruit & Vegetable-Safe neemt toe. 5. 5. 4 Levensmiddelen bewarenAanwijzinguIn het BioFresh-gedeelte horen geen groenten zoalsaugurken, aubergines, tomaten, zucchini en zeevruchten diegevoelig zijn voor kou. uZorg ervoor dat levensmiddelen niet bederven door overge-dragen bacteriën: bewaar onverpakte dierlijke en plantaar-dige levensmiddelen gescheiden van elkaar in de laden. Datgeldt ook voor verschillende soorten vlees.
Als u levensmiddelen omwille van plaatsgebrek samen moetbewaren:ude levensmiddelen verpakken. uZeer vochtige levensmiddelen bewaren: Vooraf latenuitdruppelen. Als er te veel vocht in het vak zit:uInstelling te lage luchtvochtigheid kiezen. -of-uVocht met een doek verwijderen. 5. 5. 5 BewaartijdenRichtwaarden voor de opslagduur bij een lage lucht-vochtigheid bij 0 °Cboter tot 90 dagenharde kaas tot 110 dagenmelk tot 12 dagenworst, beleg tot 9 dagengevogelte tot 6 dagenvarkensvlees tot 7 dagenrundvlees tot 7 dagenwild tot 7 dagenAanwijzinguDenk erom dat eitwitrijke levensmiddelen sneller bederven. D. w. z. schaal- en schelpdieren bederven sneller dan vis, vissneller dan vlees.
5. 5. 6 Temperatuur in het BioFresh-gedeelteinstellenAanbevolen instelling koelgedeelte: 5 °C. De BioFresh-tempe-ratuur wordt automatisch geregeld en ligt tussen het bereik van0 °C en 3 °C. U kunt de temperatuur een beetje kouder of warmer instellen. De temperatuur is instelbaar van (laagste temperatuur) totb1b1b1b1b1b9b9b9b9b9 b5b5b5b5b5 (hoogste temperatuur). Standaard is de waarde inge-steld. Bij de waarden t/m kan de temperatuur onder deb1b1b1b1b1 b4b4b4b4b40 °C zakken, zodat de levensmiddelen kunnen aanvriezen. De waarde kan doorlopend worden veranderd. Wanneer deinstelling b9 is bereikt, wordt weer begonnen met b1. uInstelmodus activeren: Druk de toets SuperFrost Fig. 2 (9)gedurende ca. 5 seconden in. wHetsymbool Menu Fig. 2 (13) is verlicht. Op het tempera-tuurdisplay wordt aangegeven. cccccuDruk net zo vaak op de insteltoets van hetvriesgedeelte Fig.
2 (8) totdat op het displaybbbbb knippert. uBevestigen: Druk kort op de toets Super-Frost Fig. 2 (9). uDruk net zo vaak op de insteltoets vriesge-deelte Fig. 2 (8) totdat de gewenste waardeop het display wordt aangegeven. uBevestigen: Druk op de toets SuperFrostFig. 2 (9). wOp het temperatuurdisplay knipppert. bbbbbuInstelmodus deactiveren: druk op de toets On/Off van hetvriesgedeelte Fig. 2 (6). wOp het temperatuurdisplay wordt de temperatuur van hetkoelgedeelte weer aangegeven. wDe temperatuur in het BioFresh-gedeelte past zich lang-zaam aan de nieuwe instelling aan. 5. 5. 7 SchuifladenFig. 8 uSchuiflade uittrekken, achterkant optillen en naar voren eruitlichten. uGeleiders weer erin schuiven. Fig. 9 uRails uitschuiven. uSchuiflade op de rails plaatsen en inschuiven tot deze aande achterkant hoorbaar vastklikt. 5. 5. 8 Deksel Fruit & Vegetable-SafeFig.
10 (1) plaatsen en vanvoren in de houder Fig. 10 (2) klikken. 5. 6 VriesgedeelteIn het vriesgedeelte kunt u diepvriesproducten of ingevrorenlevensmiddelen bewaren, ijsblokjes maken en verse levens-middelen invriezen. 5. 6. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1) onder „Invriesca-paciteit. kg/24h” is aangegeven. De schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast. De plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproducten wordenbelast. Na het sluiten van de deur ontstaat er een vacuüm. Na hetsluiten ongeveer 1 min. wachten, dan is de deur gemakkelijkerte openen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Ditgeldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen.
Richtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen in het vriesgedeelte:Gevogelte, rundvlees 6 tot 12 maandenGroente, fruit 6 tot 12 maandenDe aangegeven bewaartijden zijn richtwaardes. 5. 6. 3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 6. 4 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CDe temperatuur kan doorlopend worden veranderd. Is deinstelling -26 °C bereikt, wordt weer bij -15 °C begonnen.
uTemperatuurfunctie oproepen: Druk eenmaal deinsteltoets van het vriesgedeelte Fig. 2 (8) in. wOp het temperatuurdisplay wordt de tot nog toeingestelde waarde knipperend aangegeven. uTemperatuur in 1 °C -stappen wijzigen: Druk deinsteltoets vriesgedeelte Fig. 2 (8) net zo vaak intotdat de gewenste temperatuur op het tempera-tuurdisplay oplicht. uTemperatuur doorlopend veranderen: insteltoets ingedrukthouden. wTijdens het instellen wordt de waarde knipperend weerge-geven. wCa. 5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de nieuwe instelling overgenomen en dedaadwerkelijke temperatuur weer aangegeven. De tempera-tuur in de binnenruimte past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 6. 5 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen.
Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. Bovendien bouwen reeds ingevroren levensmiddelen zo een„koudereserve op”. Daardoor blijven de levensmiddelen langerbevroren, wanneer u het apparaat ontdooit.
*U kunt maximaal zoveel kilogram aan verse levensmiddeleninvriezen binnen 24 uur, zoals aangegeven op het typeplaatjeonder „vriescapaciteit. kg/24u”. Deze maximale invriescapa-citeit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse. Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6h, bijde maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten incontact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te schakelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca.
5. 6. 8 VarioSpaceU kunt naast de schuifladenook de draagplateaus eruithalen. Zo maakt u plaats voorgrotere levensmiddelen zoalsgevogelte, vlees, groter wild enkunnen hoge producten van debakkerij volledig worden inge-vroren en verder worden klaar-gemaakt. De schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast. uDe plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproductenworden belast. 5. 6. 9 IJsblokjeshouderFig. 11 Als het water is bevroren:uIJsblokjesbakje kort onder warm water houden. uDeksel eraf halen. uBeide uiteinden van de ijsblokjeshouder licht in tegenge-stelde richting draaien en de ijsblokjes eruit halen. IJsblokjeshouder uit elkaar halenFig. 12 uDe ijsblokjeshouder kan voor het reinigen uit elkaar wordengehaald. 6 Onderhoud6. 1 handmatig ontdooien*Koelgedeelte:Het ontdooit automatisch. Het dooiwaterkoelgedeelteverdampt door de vrijkomende warmte van de compressor.
Waterdruppels op de achterwand zijn normaal en wijzen niet opeen storing. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater wegkan lopen (zie 6. 3). Vriesgedeelte:In het vormt zich na langere gebruiksduur eenvriesgedeelterijp- resp. ijslaag. De vorming van een rijp- resp. ijslaag wordt in de hand gewerktdoor vaak de deur te openen of door warme levensmiddelen inte leggen. Een dikkere ijslaag verhoogt echter het energiever-bruik. Daarom moet u het apparaat regelmatig ontdooien. Ontdooiprocedure:WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiginguGeen mechanische hulpmiddelen of andere middelengebruiken die niet door de fabrikant werden aanbevolen, omhet ontdooien te versnellen. uVoor het ontdooien geen elektrische kacheltjes of stoomrei-nigers, open vuur of ontdooispray gebruiken. uIJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
uDe buisleidingen van het koudemiddelcircuit niet bescha-digen. uSchakel één dag voor het ontdooien de SuperFrost-functiein. wDe diepvriesproducten krijgen een „koudereserve”. uSchakel het apparaat uit. wDe temperatuurdisplay gaat uit.
wAls de temperatuurdisplay niet uitgaat, dan is de kinderbe-veiliging (zie 5. 1) geactiveerd. uTrek de stekker uit of schakel de beveiliging uit. uBewaar de ingevroren levensmiddelen evt. in een diepvries-lade, en in kranten of dekens gewikkeld, op een koeleplaats. uPlaats een pan met heet, niet kokendwater op een plateau in het midden. -of-uDe twee onderste lades half methandwarm water vullen en in hetapparaat plaatsen. wHet ontdooien wordt versneld. wDooiwater wordt in de lades opgevangen. uLaat tijdens het ontdooien de deur van het apparaat openstaan. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen. uLet er op dat er geen dooiwater in de ombouw van het appa-raat terecht komt. uDooiwater evt. meerdere keren met een spons of doekopnemen. uHet apparaat reinigen (zie 6. 3) en afdrogen. 6. 2 Ontdooien met NoFrost*Het NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch.
Koelgedeelte:Het dooiwater verdampt door de warmte van de compressor. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen (zie 6. 3). Vriesgedeelte:Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatigontdooid en verdampt dan. uU hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien. 6. 3 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 11.
LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit.
uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. uDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. uDeksel Fruit & Vegetable-Safe met lauw water en eenbeetje spoelmiddel met de hand reinigen. uDe overige uitrustingsdelen mogen in de vaatwasserworden gereinigd. uTelescooprails alleen met een vochtige doek reinigen. Hetvet in de geleiders dient ter smering en mag niet wordenverwijderd. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 6. 5). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6.
4 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zie 7). Mochtdit niet het geval zijn, neem dan contact op met de TechnischeDienst. Het adres vindt u in het bijgevoegd overzicht. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie.
uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6) ,uitsluitend door de Technische Dienst laten uitvoeren. uApparaataanduidingFig. 13 (1), service-nr. Fig. 13 (2) en serie-nr. Fig. 13 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 13 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 13 (1), service-nr. Fig. 13 (2) en serie-nr. Fig. 13 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn.
Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. →SuperCool is ingeschakeld.
uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een LED onder aan de achterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 5 seconden*. →Het betreft een storing.
uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6). Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Storingen12 * afhankelijk van model en uitvoering.
Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →Bij ingeschakelde SuperCool, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Een lage bromtoon. →Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen. uDe inbouw controleren en eventueel het apparaat opnieuwuitlijnen. uFlessen en bakken uit elkaar drukken.
In de temperatuurdisplay wordt aangegeven: tot F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9→Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6). Op het temperatuurdisplay knippert stroomuitval. Ophet temperatuurdisplay wordt de warmste temperatuurweergegeven, die tijdens de stroomuitval werd bereikt. →De vriestemperatuur was door stroomuitval of een stroom-onderbreking in de afgelopen uren of dagen te hoog. Zodrade stroomonderbreking voorbij is, werkt het apparaat weerverder met de laatste temperatuurinstelling. uAanduiding van de warmste temperatuur wissen: toetsAlarm Fig. 2 (11) indrukken. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. Ontdooide levensmid-delen niet meer opnieuw invriezen. In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6).
Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten.
→Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 6. 5)→De temperatuur is verkeerd ingesteld. uStel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. →Het apparaat werd niet juist in de nis ingebouwd. uControleer of het apparaat juist is ingebouwd en de deurgoed sluit. In de display worden streepjes ( ) aangegeven.
„- -”→De vriestemperatuur is door stroomuitval of een stroomon-derbreking boven nul gestegen. uZie ook “Stroomuitval” en “ ”De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min. open. uDe binnenverlichting schakelt zich bij een geopende deurna ca. 15 min. automatisch uit. →De LED-verlichting is defect of de afdekking is beschadigd:WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door een elektrische schok. Onder de afdekking bevinden zich stroomgeleidende delen. uLED-binnenverlichting uitsluitend door de Technische Dienstof daarvoor geschoold personeel laten vervangen of repa-reren. WAARSCHUWINGRisico op letsel door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Als de afdekkap defect is:uNiet met optische lensen uit directe nabijheid direct in deverlichting kijken.
Hierdoor kan oogletsel ontstaan. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenAanwijzinguOm het uit te schakelen, moet alleen hethele apparaatvriesgedeelte worden uitgeschakeld. Daarbij wordt tevenshet koelgedeelte automatisch uitgeschakeld.
uHet koelgedeelte kan afzonderlijk worden uitgeschakeld(bijv. tijdens langere afwezigheid zoals vakantie), het vries-gedeelte blijft daarbij in gebruik. uAls het apparaat resp. het koelgedeelte niet uitgeschakeldkan worden, is de kinderbeveiliging actief (zie 5. 1). 8. 1. 1 Volledige apparaat via het vriesgedeelteuitschakelenuToets On/Off van het vriesgedeelte Fig. 2 (6) ca. 2 secondenindrukken. wEr klinkt een lange pieptoon. wDe temperatuurweergaven zijn donker. wHet apparaat (koelgedeelte en vriesgedeelte) is uitgescha-keld. 8. 1. 2 Koelgedeelte uitschakelenAanwijzingLangere afwezigheid zoals vakantieuHet koelgedeelte kan afzonderlijk van het vriesgedeelte in-of uitgeschakeld worden. uToets On/Off van het koelgedeelte Fig. 2 (1) ca. 2 secondenindrukken. wDe temperatuurweergave van het koelgedeelte Fig. 2 (2) isdonker. wHet koelgedeelte is uitgeschakeld.
8.2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken.uApparaat uitschakelen (zie 8) .uNetstekker eruit halen.uApparaat reinigen (zie 6.3) .uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan.9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig deplaatselijk geldende voorschriften en wetten.Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Apparaat afdanken14 * afhankelijk van model en uitvoering
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr ICBN 3324-22 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast