Liebherr GNP 2756 Handleiding

Liebherr Vriezer GNP 2756

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr GNP 2756 (14 pagina’s), behorend tot de categorie Vriezer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 85 mensen. Heb je een vraag over Liebherr GNP 2756 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/14
Gebruiksaanwijzing
Vrieskast
20200131 7085668 - 01
GN/GNP

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Vriezer
Model: GNP 2756
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Wit
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 66900 g
Breedte: 600 mm
Diepte: 630 mm
Hoogte: 1644 mm
Netbelasting: 259 W
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 41 dB
Jaarlijks energieverbruik: 225 kWu
Gewicht verpakking: 72000 g
Breedte verpakking: 615 mm
Diepte verpakking: 709 mm
Hoogte verpakking: 1712 mm
Energie-efficiëntieklasse (oud): A++
Brutocapaciteit vriezer: 265 l
Nettocapaciteit vriezer: 221 l
Vriescapaciteit: 18 kg/24u
Verlichting binnenin: Ja
Materiaal behuizing: Staal
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Soort lamp: LED
Bewaartijd bij stroomuitval: 20 uur
Aantal planken vriezer: 7
Aantal sterren: 4*
Temperatuur alarm: Ja
No Frost system: Ja
Plankmateriaal: Gehard glas
Deur open alarm: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.616 kWh/24u
Stroom: 1.3 A
Klimaatklasse: SN-T
Automatische ontdooiing ( diepvries ): Ja
Verstelbare voeten: Ja
VarioSpace-systeem: Ja
Transporthendels: Ja
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Type product: Staand
Type beeldscherm: LCD
Zwenkwieltjes: Ja

Handleiding Liebherr GNP 2756 – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Overzicht van apparaat en uitrusting. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Productgegevens. 31. 5 Opstelafmetingen. 31. 6 Energie sparen. 31. 7 Isolatieplaat. 31. 8 HomeDialog. 41. 9 SmartGrid. 42 Algemene veiligheidsvoorschriften. 43 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Bedienings- en controlepaneel. 53. 2 Temperatuurweergave. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 64. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 Inbouw in het keukenblok. 84. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 84. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 95. 1 Helderheid van het temperatuurdisplay. 95. 2 Kinderbeveiliging. 95. 3 Deuralarm. 95. 4 Temperatuuralarm. 95. 5 Levensmiddelen invriezen. 95. 6 Levensmiddelen ontdooien. 105. 7 Temperatuur instellen. 105. 8 SuperFrost. 105.

9 Laden. 105. 10 Plateaus. 105. 11 VarioSpace. 105. 12 Info-systeem. 115. 13 Kruiden- en bessenlade. 115. 14 Koelaccu. 116 Onderhoud. 116. 1 Ontdooien met NoFrost. 116. 2 Apparaat reinigen. 116. 3 Binnenverlichting vervangen. 116. 4 Technische Dienst. 127 Storingen. 128 Uitzetten. 138. 1 Apparaat uitschakelen. 138. 2 Buiten werking stellen. 139 Apparaat afdanken. 13De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*).

1 Overzicht van apparaat en uitrustingAanwijzinguPlateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverdetoestand voor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld. Fig. 1 (1) Transportgreep achter Typeplaatje(7)(2) Bedienings- en contro-lepaneel(8) Lades(3) LED-binnenverlichting Info-systeem(9)(4) NoFrost installatie VarioSpace(10)(5) Kruiden- en bessenvak Stelvoeten, transport-(11)grepen voor, transport-wieltjes achter(6) Koudeaccu1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen voor huishoudelijkeof soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.

-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturenSN, N t/m 32 °CST t/m 38 °CT t/m 43 °CEen probleemloze werking van het apparaat isgewaarborgd tot een omgevingstemperatuurvan 5 °C. 1.

3 ConformiteitHet koudemiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid. Hetapparaat voldoet aan de desbetreffende veiligheidsvoor-schriften alsmede de richtlijnen 2014/35/EU, 2014/30/EU,2009/125/EG, 2011/65/EU en 2010/30/EU. 1. 4 ProductgegevensDe productgegevens zijn conform de richtlijn van de (EU)2017/1369 bij het apparaat gevoegd. Het volledige productge-gevensblad kunt op de website van Liebherr in het download-bereik downloaden. 1. 5 OpstelafmetingenFig. 2 Model Apparaathoogte H (mm)GN 19. , GNP 19. 1250GN 23. , GNP 23. 1447GN 27. , GNP 27. 1644GN 30. , GNP 30. 1841x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm (zie 4. 2 Apparaat opstellen) groter. 1. 6 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af.

-Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsconditieszoals bijv. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2 Toepassings-gebied van het apparaat).

Bij een van de normtemperatuurafwijkende omgevingstemperatuur van 25° C kan het ener-gieverbruik veranderen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Condensvorming wordt voorkomen. -Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuurlaten afkoelen. Stof verhoogt het energieverbruik:-De koelmachine met warmtewisselaar -metalen roosters aan de achterkant vanhet apparaat - eenmaal jaarlijksafstoffen. 1. 7 IsolatieplaatDe isolatieplaat, waarmee u slechts een gedeelte van hetapparaat gebruikt, is apart te verkrijgen bij de vakhandelaar. Het apparaat in vogelvlucht* afhankelijk van model en uitvoering 3.

Wanneer u niet veel levensmiddelen in devrieskast heeft, kunt u met behulp van deisolatieplaat het energieverbruik tot 50%verlagen. Afhankelijk van het model,kunnen er tot 5 schuilfaden worden uitge-schakeld. Om te koelen zijn minstens 3schuifladen nodig. Meer informatie vindt uop de bijsluiter van de isolatieplaat. 1. 8 HomeDialogAfhankelijk van model en uitrusting kunnen methet HomeDialog System meerdere Liebherr-apparaten (b. v. in de kelder) aan een hoofdap-paraat (b. v. in de keuken) worden gekoppeld envanuit deze worden bediend. Nadere informatieover de voordelen, voorwaarden en het functie-principe vindt u op internet onder www. liebherr. com. 1. 9 SmartGridAfhankelijk van model en uitvoering is uwapparaat voorbereid voor de toekomsttech-nologie "SmartGrid".

SmartGrid is een toekomstige mogelijkheid om de individueleenergiekosten via een intelligente elektriciteitsmeter van deenergieleverancier te laten dalen. Bij de aanwezigheid vanenergieoverschotten, bijvoorbeeld door de toevoer van regene-ratieve energie, worden huishoudens voorzien van voordeligestroom. Diepvrieskasten met SmartGrid-ready zijn nu reedsvoorbereid voor deze toekomsttechnologie. Met een daarvoorbenodigde extra module zullen de apparaten in staat zijn om deenergiekosten te optimaliseren. Meer informatie over de voordelen, voorwaarden en werkwijzevindt u op internet op de homepage van uw energieleverancieren op www. liebherr. com.

2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmede doorpersonen met verminderde psychische,sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde of metbetrekking tot het veilige gebruik van hetapparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen. De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen.

Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door.

-Speciale lampen zoals LED-lampen in hetapparaat dienen voor de verlichting van debinnenruimte van het apparaat en zijn nietgeschikt voor de verlichting van de ruimte. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens op hettypeplaatje) is milieuvriendelijk maar brand-baar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Gebruik binnen in het apparaat nooit openvuur of ontstekingsbronnen. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv. stoomreinigers,verwarmingen, ijsmakers, enz. ). •Als koudemiddel weglekt: Open vuur ofontstekingsbronnen vlakbij het lek verwij-deren. Vertrek goed ventileren. Informeerde klantendienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren.

-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levensmid-delen vermijden of veiligheidsmaatregelentreffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur niet inhet scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken.

Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de olie inde compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aange-bracht. Deze heeft betrekking op de schuim-panelen in de deur en/of de behuizing. Dezeaanwijzing is alleen voor het recyclingprocesvan belang. De sticker niet verwijderen. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt.

VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing geeft aan dat praktische aanwij-zingen en tips gegeven worden. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controlepaneelFig. 3 (1) (7)Insteltoets Up Toets On/Off(2) (8)Insteltoets Down Toets SuperFrost(3) (9)Symbool menu Toets alarm(4) (10)Symbool alarm Symbool stroomuitval(5) (11)Symbool SuperFrost Symbool kinderbeveiliging(6) Temperatuurdisplay Symbool HomeDialog(12)3.

2 TemperatuurweergaveIn de normale modus worden:-de warmste vriestemperatuurDe temperatuurweergave knippert:-de temperatuurinstelling wordt veranderd;-na het inschakelen is de temperatuur nog niet koud genoeg;-de temperatuur is met meerdere graden gestegen. In de weergave knipperen strepen:-de vriestemperatuur is boven de 0 °C. De volgende weergaven wijzen op een storing. De mogelijkeoorzaken en maatregelen voor het oplossen: (zie 7 Storingen). -F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9 tot -Het symbool stroomuitval knippert. 4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. Bedienings- en controle-elementen* afhankelijk van model en uitvoering 5.

4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar brandbaar.

Koelmiddel dat ontsnapt kan ontbranden. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. AanwijzingWorden meerdere apparaten naast elkaar geplaatst, moet eenafstand van 100 mm tussen de apparaten worden gelaten. Wordt deze afstand niet aangehouden, vormt zich condens-water tussen de zijwanden van de apparaten. Fig. 4 qBij schade aan het apparaat onmiddellijk vóór het aansluitencontact met de leverancier opnemen.

qDe vloer op de standplaats moet horizontaal en vlak zijn. qPlaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.

qEen optimale standplaats is een droge en goed geventi-leerde ruimte. qHet apparaat met de achterkant en het gebruik van demeegeleverde wandafstandhouders (zie onder) altijd directtegen de wand plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverplaatst. qDe ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogtehebben als de omgeven bodem. qHet apparaat niet zonder hulp plaatsen. qDes te meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, des tegroter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In tekleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimte mini-maal 1 m3 groot zijn. Gegevens over het gebruikte koel-middel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van hetapparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan.

uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mmgroter. Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5 Afvalverwerking van deverpakking). uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat.

uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.

Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx 25qTorx 15qSchroevendraaierqmeegeleverde steeksleutelqeventueel een tweede persoon voor de montageVOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. uRechts onder aan de lagerbus deborgschroef Fig. 5 (1) uitdraaien. uDeur openen. uDeur aan de greepzijde en onder-kant vastpakken en optillen. wDe lagerbout Fig. 5 (21) komt uitde lagerbus Fig. 6 (2) los. uIndien de lagerbout Fig. 5 (21)niet kan worden losgedraaid, debout van onderaf naar buitendrukken. Fig. 5 uDeur aan de onderkant uitdraaien en loshalen. Fig. 6 uLagerbus Fig. 6 (2) losschroeven. uLagerdeel Fig. 6 (3) losschroeven en in het tegenoverlig-gende opnamegat van de lagerbus omzetten en weer vast-schroeven. uStop Fig. 6 (4) uit de lagerbus verwijderen en in de tegen-overliggende opening van de lagerbus omzetten.

uVeerklem aan de nieuwescharnierkant weer erinschuiven totdat hij inklikt. uLagerbout Fig. 9 (21) uit dedeurbus nemen en samenmet het plaatje aan detegenoverliggende kantaanbrengen. De sluitnokmoet naar de binnenkantvan de deur wijzen, de kerfnaar de buitenkant. Fig. 9 uDeur boven in de lagerbout Fig. 7 (9) hangen. uDeur aan de onderkant vastzetten en de lagerboutFig. 9 (21) in de lagerbus aanbrengen. Evt. de lagerboutdraaien om deze te laten vastklikken. uBorgschroef Fig. 5 (1) onder in de lagerbout draaien en vast-schroeven. (met 4 Nm)uDe deur eventueel via de beide langsgaten in de lagerbusten opzichte van de kast uitlijnen. Daartoe middelste schroefuitdraaien. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 7.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen/lagerbouten goed (met 4 Nm) vast-schroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. 4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 10 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast(2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2 Apparaat opstellen). Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig. 10 (2) aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 10 (1)worden aangebracht. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 10 (3) wordengeplaatst.

Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mm x en in hetmidden 50 mm x uit ten opzichte van het keukenkastfront. LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht. Ventilatie-eisen:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 10 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4.

De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethy-leen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPVerkeerd aansluiten. Beschadiging van de elektronica. uGeen omvormer gebruiken. uGeen energiespaarstekker gebruiken. WAARSCHUWINGVerkeerd aansluiten. Brandgevaar. uGeen verlengkabel gebruiken. uGeen verdeeldozen gebruiken. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje(zie 1 Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A.

Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenAanwijzingDe fabrikant adviseert:uDiepvriesproducten bij -18 °C of kouder in het apparaatleggen. Apparaat ca. 2 uur vóór de eerste lading inschakelen. uToets On/Off Fig. 3 (7) indrukken. wHet temperatuurdisplay en het symbool Alarm knipperen totde temperatuur voldoende koud is. Als de temperatuurboven 0 °C ligt knipperen streepjes, is de temperatuur lager,knippert de huidige temperatuur. wDe binnenverlichting brandt wanneer de deur open is. In gebruik nemen8 * afhankelijk van model en uitvoering.

wOm de binnenruimte bij eerste ingebruikname zo snel moge-lijk te laten afkoelen, werkt het apparaat op maximaalvermogen, wat inhoudt, dat de compressor op een hoogtoerental werkt. Daarom zijn de geluiden in eerste instantieiets luider. Daarna werkt het apparaat in de energiebespa-rende normale modus aanzienlijk zachter verder. wWanneer op het display „DEMO” wordt aangegeven, is dedemonstratiemodus geactiveerd. U kunt contact opnemenmet de Technische Dienst. 5 Bediening5. 1 Helderheid van het temperatuurdis-playU kunt de helderheid van het temperatuurdisplay aanpassenaan het omgevingslicht. 5. 1. 1 Helderheid instellenDe helderheid is instelbaar tussen (geen verlichting) en h0h0h0h0h0 h5h5h5h5h5(maximale lichtsterkte). uInstelmodus activeren: druk gedurende ca. 6 sec. op detoets SuperFrost Fig. 3 (8). wOp het display wordt aangegeven. cccccwHet symbool Menu Fig. 3 (3) licht op.

uMet insteltoets Up Fig. 3 (1) of insteltoets Down Fig. 3 (2) hhhhhkiezen. uBevestigen: toets SuperFrost Fig. 3 (8) even indrukken. uDisplay lichter instellen: insteltoets Up Fig. 3 (1)indrukken. uDisplay donkerder instellen: insteltoets DownFig. 3 (2) indrukken. uBevestigen: toets SuperFrost Fig. 3 (8)indrukken. wDe helderheid is op de nieuwe waarde ingesteld. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (7) indrukken. -of-u5 min. wachten. wOp het temperatuurdisplay wordt weer de temperatuuraangegeven. 5. 2 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor dat kinderenbij het spelen het apparaat niet onbedoeld uitscha-kelen. 5. 2. 1 Kinderbeveiliging instellenuInstelmodus activeren: druk gedurende ca. 6 sec. op detoets SuperFrost Fig. 3 (8). wOp de display knippert. cccccwHet symbool Menu Fig. 3 (3) is verlicht. uDruk kort op de toets SuperFrost Fig. 3 (8) om te bevestigen.

cccccAls in de display wordt aangegeven:c0c0c0c0c0uom de kinderbeveiliging uit te schakelen, drukt u kort op detoets SuperFrost Fig. 3 (8). wHet symbool Kinderbeveiliging Fig. 3 (11) dooft. Op dedisplay knippert. cccccuInstelmodus deactiveren: toets On/Off Fig. 3 (7) indrukken. -of-u5 min. wachten. wOp de temperatuurdisplay wordt opnieuw de temperatuurweergegeven. 5. 3 DeuralarmAls de deur langer dan 60 seconden open staat,klinkt er een geluidssignaal. Het geluidssignaal dooft automatisch, als de deurwordt gesloten. 5. 3. 1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 3 (9) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. 5. 4 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af.

Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay enhet symbool Alarm Fig. 3 (4). De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:-warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd-bij het herindelen en verwijderen van levensmiddelen isteveel warme kamerlucht naar binnen gestroomd. -de stroom is langer uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, het symbool AlarmFig. 3 (4) gaat uit en de temperatuurdisplay houdt op met knip-peren, wanneer de temperatuur weer laag genoeg is. Wanneer het alarm niet uitgaat: (zie 7 Storingen). AanwijzingWanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 4. 1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd.

Wanneer detemperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weeractief. uToets Alarm Fig. 3 (9) indrukken. wHet akoestisch alarm is gedeactiveerd. 5. 5 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit.

VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Ditgeldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. Om ervoor te zorgen dat de levensmiddelen door en door inge-vroren worden, dient u de volgende hoeveelheden per verpak-king niet te overschrijden:- Groente, fruit tot 1 kg- Vlees tot 2,5 kguLevensmiddelen in diepvrieszakjes, her te gebruiken kunst-stof, metalen of aluminium bakjes in porties verpakken. 5. 6 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 7 Temperatuur instellenHet apparaat is standaard ingesteld voor een normale werking.

De temperatuur is instelbaar tussen -14 °C en -28 °C, aanbe-volen wordt -18 °C. uTemperatuur hoger instellen: insteltoets Up Fig. 3 (1)indrukken, totdat de temperatuur op het display knippert. Toets loslaten. uTemperatuur lager instellen: insteltoets Down Fig. 3 (2)indrukken, totdat de temperatuur op het display knippert. Toets loslaten. wOp het temperatuurdisplay wordt de actuele temperatuurweergegeven. uTemperatuur laten verspringen in stapjes van 1 °C: toets kortindrukken. -of-uTemperatuur doorlopend veranderen: toets ingedrukthouden. wTijdens het instellen knippert de waarde. wCa. 5 seconden nadat de toets voor de laatste keer werdingedrukt, wordt de daadwerkelijke temperatuur aange-geven. De temperatuur past zich langzaam aan de nieuweinstelling aan. 5. 8 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen.

U kunt maximaal zoveel kilogram aan verse levensmiddeleninvriezen binnen 24 uur, zoals aangegeven op het typeplaatjeonder „vriescapaciteit. kg/24u”. Deze maximale invriescapa-citeit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse. Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6h, bijde maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten incontact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te schakelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dag5. 8.

1 Met SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (8) indrukken, totdat op het displayhet symbool wordt weergegeven. Toets loslaten. wDe temperatuur daalt, het apparaat werkt met maximalekoeling. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. uVerpakte levensmiddelen in de diepe onderste ladenleggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 24 u wachten. uOnderste diepe laden uitschuiven en de levensmiddelendirect op de onderste plateaus leggen. wSuperFrost schakelt automatisch uit. Naargelang hoeveel-heid nieuwe levensmiddelen op zijn vroegst na 30 h uiterlijkna 65 h. wHet symbool SuperFrost Fig. 3 (5) gaat uit, wanneer hetinvriezen is afgesloten. uLevensmiddelen in de laden legen en deze weer inschuiven. wHet apparaat werkt in de energiebesparende normalemodus verder. 5.

uOm de diepvriesproducten direct op de draagplateaus op tebergen: Schuiflade naar voren trekken en eruit halen. 5. 10 Plateaus5. 10. 1 Plateaus verplaatsenuPlateau uitnemen: vooraan optillen enuittrekken. uPlateau terugplaatsen: tot aanslaginschuiven. 5. 11 VarioSpaceU kunt naast de schuifladen ook dedraagplateaus eruit halen. Zo maaktu plaats voor grotere levensmid-delen zoals gevogelte, vlees, groterwild en kunnen hoge producten vande bakkerij volledig worden inge-vroren en verder worden klaarge-maakt. Bediening10 * afhankelijk van model en uitvoering.

uDoe de diepvriesproductenover in diepvrieszakjes of -bakjes. uDiepvrieszakjes of -bakjes in een lade plaatsen. uOm te ontdooien spreidt u de ingevroren diepvriesproductenlosjes naast elkaar uit. 5. 14 KoelaccuDe koelaccu's verhinderen bij stroomuitval dat de temperatuurte snel stijgt. 5. 14. 1 Koelaccu's gebruikenuDe koelaccu's ruimtebespa-rend in de kruiden- en vruch-tenlade leggen. uDe bevroren koelaccu's in hetbovenste, voorste bereik vande vriesruimte op de diep-vriesproducten leggen. 6 Onderhoud6. 1 Ontdooien met NoFrostHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch. Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatigontdooid en verdampt dan. uU hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien. 6. 2 Apparaat reinigenHet apparaat regelmatig reinigen. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom.

uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd.

Bij hardnekkig vuil lauw-warm water met allesreiniger gebruiken. uGelakte deuroppervlakken uitsluitend met een zachte,schone doek afvegen. Bij hardnekkig vuil een beetje waterof allesreiniger gebruiken. Naar keuze kan ook een microve-zeldoek worden gebruikt. uDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. uAndere onderdelen met lauwwarm water en een beetjeafwasmiddel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 8 SuperFrost). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Binnenverlichting vervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp gemonteerd om debinnenruimte te verlichten. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp van max. 15 W en fitting E14 gebruiken.

qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de standplaatsmoeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje(zie 1 Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qAlleen de originele LED-lamp van de fabrikant mag wordengebruikt.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhittings-resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. Wanneer de lamp defect is, moet deze op de volgendewijze worden vervangen:Fig. 12 uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit of schakel de beveiliging uit. uVervang de lamp onder het bedieningspaneel volgens deafbeelding. 6. 4 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen(zie 7 Storingen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dancontact op met de Technische Dienst. Het adres vindt u in hetbijgevoegd overzicht.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6 Onder-houd) , uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig. 13 (1), service-nr. Fig. 13 (2) en serie-nr. Fig. 13 (3) van hettypeplaatje aflezen. Het typeplaatjebevindt zich aan delinkerkant binnen inhet apparaat. Fig. 13 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 13 (1), service-nr. Fig. 13 (2) en serie-nr. Fig. 13 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit.

7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt.

In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal.

Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat)Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer.

Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen. uLijn het apparaat via de stelvoeten uit. In de temperatuurdisplay wordt aangegeven: tot F0F0F0F0F0 F9F9F9F9F9→Het betreft een storing.

uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Op het temperatuurdisplay knippert stroomuitval. Ophet temperatuurdisplay wordt de warmste temperatuurweergegeven, die tijdens de stroomuitval werd bereikt. →De vriestemperatuur was door stroomuitval of een stroom-onderbreking in de afgelopen uren of dagen te hoog. ZodraStoringen12 * afhankelijk van model en uitvoering.

de stroomonderbreking voorbij is, werkt het apparaat weerverder met de laatste temperatuurinstelling. uAanduiding van de warmste temperatuur wissen: toetsAlarm Fig. 3 (9) indrukken. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. Ontdooide levensmid-delen niet meer opnieuw invriezen. In de temperatuurdisplay brandt DEMO. →De demonstratie-modus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat).

→Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6 Onderhoud). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 8 SuperFrost)→De temperatuur is verkeerd ingesteld. uStel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. Op het display worden streepjes ( ) weergegeven. „- -”→De vriestemperatuur is door een stroomuitval of eenstroomonderbreking boven de nul graden gestegen. uZie ook “stroomuitval” en “ ”De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min. open. uDe binnenverlichting schakelt zich bij een geopende deurna ca.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid direct inde verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. uLampje vervangen (zie 6 Onderhoud). De deurafdichting is defect of moet om andere redenenworden vervangen. →De deurafdichting is bij enkele apparaten verwisselbaar. Het kan zonder overig gereedschap worden verwisseld. uNeem contact op met de Technische Dienst. (zie 6 Onder-houd). Het apparaat is bevroren of er vormt zich condenswater. →De deurafdichting kan uit de sleuf zijn weggegleden. uDe deurafdichting controleren op juiste bevestiging in desleuf. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenuToets On/Off Fig. 3 (7) indrukken, totdat het display donkerwordt. Toets loslaten.

wWanneer het apparaat niet kan worden uitgeschakeld, is dekinderbeveiliging actief (zie 5. 2 Kinderbeveiliging). 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uApparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten). uNetstekker eruit halen. uApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig deplaatselijk geldende voorschriften en wetten. Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen. uApparaat onbruikbaar maken. uTrek de stekker uit. uSnijd het aansluitsnoer door.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr GNP 2756 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden