Liebherr CUPesf 3021 Comfort Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CUPesf 3021 Comfort (8 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Liebherr CUPesf 3021 Comfort of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | CUPesf 3021 Comfort |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Kleur van het product: | Roestvrijstaal |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Breedte: | 550 mm |
| Diepte: | 629 mm |
| Hoogte: | 1800 mm |
| Jaarlijks energieverbruik: | 262 kWu |
| Brutocapaciteit vriezer: | 87 l |
| Nettocapaciteit vriezer: | 85 l |
| Vriescapaciteit: | 7 kg/24u |
| Ontdooifunctie: | Ja |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Brutocapaciteit koelkast: | 203 l |
| Koelkast binnenverlichting: | Ja |
| Aantal planken koelkast: | 4 |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 27 uur |
| Aantal planken vriezer: | 3 |
| Aantal sterren: | 4* |
| Totale nettocapaciteit: | 199 l |
| Eierenrekje: | Ja |
| Flessenrek: | Ja |
| No Frost system: | Nee |
| Totale brutocapaciteit: | 284 l |
| Ingebouwde vriezer: | Ja |
| IJsblokjes-lade: | Ja |
| Aantal compressors vriezer: | 1 |
| Ijsblokjeshouder: | Ja |
Handleiding Liebherr CUPesf 3021 Comfort – volledige tekst
20Het apparaat in vogelvluchtBedieningselementen A1, afb. :1 Aan/Uit temperatuurregelaar en "1" = warm "7" = koud Draai de temperatuurregelaar bij voorkeur in de middelstestand. 2 Cool-Plus-schakelaar*. Bij lage kamertemperaturen van 18 °C of minder inschakelen. Binnenverlichting Type gloeilamp: max. 15 W, de stroomsoort en spanning moeten met de gegevens op het typeplaatje overeenstemmen, fitting: E 14. Vervangen van de gloeilamp, afb. : Schakel het apparaat uit. A1aW Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. W Door de flessen- en conservenhouder te verschuiven kunt u de flessen tegen omvallen bij het openen en sluiten van de deuren beschermen. Voor het reinigen kan de houder afgenomen wor-den:- afb. : De houder geheel naar rechts of links langs het deurvak A2schuiven en laten vergrendelen. W Alle zijn voor het reinigen uitneembaar, afb.
: opbergvakken A2vak omhoog schuiven en naar voren eruit tillen. W * kunt u afhankelijk van de hoogte van de De draagplateausproducten verplaatsen, afb. : A4 - Til het draagplateau op, trek het naar voren en zwenk het weg. - Schuif de draagplateaus altijd met de aanslagrand achter naar boven wijzend terug, daar de levensmiddelen anders aan de achterwand vast kunnen vriezen. W Trek de lade tot aan de aanslag naar Laden eruit halen: voren en til hem eruit, afb. A3. W Afb. : Indien u plaats nodig heeft voor hoge flessen en vaat-A5werk, dan de voorste halve glasplaat gewoon naar achter 1schuiven. Voor het reinigen kunnen de houders voor de halve 2glasplaten worden afgenomen.
21NLWij feliciteren u met uw nieuwe apparaat. Door uw aankoop heeft u gekozen voor alle voordelen van de modernste koudetechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge bedrijfszekerheid garandeert. De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort. Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvriendelijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdrage aan het behoud van ons milieu. Lees, om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, a. u. b. de informatie in deze ge-bruiks-aanwijzing aandachtig door. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat. Inhoud pag. Gebruiksaanwijzing Het apparaat in vogelvlucht. 20 Energie sparen. 21 Indelingsvoorbeeld. 21 Het info-systeem. 21 Inhoud. 21 Bepalingen. 21 1 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. 22 Aanwijzingen m. b. t. afdanken.
22 Opstellen. 22 Aansluiten. 22 2 Koelgedeelte. 23 In- en uitschakelen. 23 Temperatuur instellen. 23 Cool-Plus-schakelaar. 23 Aanwijzingen m. b. t. het koelen. 23 3 Vriesgedeelte. 23 IJsblokjes maken. 23 Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren. 23 4 Ontdooien, reinigen. 24 5 Storingen - Problemen. 25 Technische dienst en typeplaatje. 25Opstel- en ombouwaanwijzingen Draairichting deur veranderen. 25 Inbouw in het keukenblok. 25 Indelingsvoorbeeld AAfb. 1 boter, kaas 2 eieren 3 pakken melk/sap, dranken, flessen 4 blikken, bakproducten 5 zuivelproducten 6 koudste vak: gevoelige levensmiddelen, vlees/worst, vis, basismelkproducten, kant-en-klare maaltijden 7 fruit, groenten, sla 8 diepvriesproducten, ijsblokjesBepalingen W Het apparaat is alleen geschikt voor het koe-len van levensmiddelen.
Het apparaat is niet geschikt voor opslag en koeling van medicijnen, bloedplasma, laboratoriumpreparaten en dergelijke onder de richtlijn 2007/47/EG voor medische hulpmiddelen vallende stoffen en producten. Misbruik van het apparaat kan tot beschadigingen van de opges-lagen waren en het bederf daarvan leiden. Verder is het apparaat niet geschikt voor het gebruik in een explosie-gevaarlijke omgeving. W Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaat-klasse d. w. z. een minimale omgevingstemperatuur waa-ronder en een maximale omge vingstemperatuur waar-boven het apparaat niet gebruikt mag worden. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje.
Hierbij worden de volgende afkortingen gebruikt: Klimaatklasse ontworpen voor omgevingstemperaturen van SN +10 °C tot +32 °C N +16 °C tot +32 °C ST +16 °C tot +38 °C T +16 °C tot +43 °C - Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. - Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG en 2004/108/ EG. §kant-en-klare maaltijden varkensvleesHet info-systeemDe ingevroren levensmiddelen moeten binnen de aanbevolen bewaartijd worden gebruikt. De getallen tussen de symbolen staan voor de bewaarduur in maanden voor meerdere soorten diepvriesproducten. De vermelde bewaartijden zijn richtwaarden voor vers in te vriezen levensmiddelen. Of de minimale of maximale bewaar-tijd geldig is, hangt van de kwaliteit van de levensmiddelen en de voorbehandeling af. Houd voor de wat vettere levensmid-delen altijd de minimale bewaartijd aan.
ijsvisgroentefruitDe symbolen van het info-systeem hebben de volgende betekenis:wildworstjespaddestoelenbroodgevogelterund-/kalfsvlees Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk. Energie sparen - Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp.
-roosters niet afdekken. - Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naast een fornuis, verwarming of dergelijke. - Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandigh-eden b. v. de omgevingstemperatuur. - Open het apparaat zo kort mogelijk. - Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger is het energieverbruik. - Zet de levensmiddelen soort bij soort. (zie Het apparaat in vogelvlucht). - Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden. - Levensmiddelen slechts zolang als nodig buiten het apparaat laten staat, zodat ze niet te warm worden. - Warme gerechten inleggen: eerst laten afkoelen tot kamer-temperatuur. - Diepvriesproducten in de koelruimte laten ontdooien. - Wanneer het apparaat een dikke rijp-laag heeft: apparaat ontdooien.
Stof doet het energieverbruik toenemen: - de koelmachine met warmtewisselaar- metalen rooster aan de achterkant van het apparaat - eens per jaar afstoffen. Aanwijzing - Levensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zowerkt het apparaat energiebesparend. - Plateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverde toe-standvoor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld.
22 1 Veiligheidsinstructies en waarschuwingenAanwijzing m. b. t. afdankenDe verpakking is van recyclebare materialen ge-fabriceerd. - Golfkarton/karton- Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen- Folies van polyetheen- Spanbanden van polypropeenW Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen- verstikkingsgevaar door folies. W Breng a. u. b. de verpakking naar een officiële inzamelpunt. Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen en moet gescheiden van het onge-sorteerde afval worden afgevoerd. W Afgedankte apparaten onbruikbaar maken: trek de stekker uit het stopcontact, snijd het netsnoer door en zet de sluiting buiten werking zodat kin-deren zich niet kunnen opsluiten. W Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd. W Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje.
W Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig ge-beuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voorschrift-en en wetten. Technische veiligheid W Om persoonlijk letsel en materiële schade te voor-komen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten. W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar. W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen. Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbran-den. W Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontste-kingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen, stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed ventileren. W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aanslui-ten - bij de leverancier reclameren. W Om een veilig gebruik te waarborgen het apparaat alleen volgens de informatie in de gebruiks-aanwijzing monteren en aansluiten.
W In geval van een storing het apparaat van het net loskoppe-len: stekker uit het stopcontact trekken (hierbij niet aan de aansluitkabel trekken) of zekering laten aanspringen resp. eruit draaien.
W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoeren, daar anders aanzien-lijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. Veiligheid bij gebruik W Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan, pentaan enz. , in het apparaat. Eventueel vrijkomende gassen zouden door elektrische componenten kunnen ontbranden. U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte inhoudsvermelding of aan een vlamsymbool. W Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande bewaren. W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of onts-tekingsbronnen gebruiken. W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsapparatuur, ijsmakers enz. ). W Plint, laden, deuren enz.
niet als voetensteun of om te leu-nen misbruiken. W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid ver-antwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen of die aanvankelijk toezicht uitoefent. Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. W Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlakken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken. Bij langdu-rig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv. hand-schoenen dragen. W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken.
W De lampen voor speciale doeleinden (gloeilampen, led, TL-lampen) in het apparaat zijn bedoeld om de binnenruimte te verlichten en niet geschikt als kamerverlichting. Opstellen W Let er bij het opstellen/inbouwen op dat er geen leidingen van het koelsysteem beschadigd raken.
W Schuif het apparaat in de nis. Verdraai de stelpoten met een steeksleutel 10 om het apparaat stevig en waterpas op te stellen. W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koel-middelcircuit geen ont-vlambare gas-lucht-mengeling in de plaatsingsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. W Het apparaat steeds direct aan de wand opstellen. W Dek de ventilatieopeningen nooit af. Lees de informatie in de opstel- en ombouwaanwijzingen. W Plaats geen apparaten die warmte afgeven op de koel- of diepvrieskast, bijv. magnetron, broodroo-ster enz. W Houd brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vlammen uit de buurt van het apparaat, zodat ze geen brand veroorzaken.
W Brandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluiting vochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. - Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een gesloten ruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgeving of binnen bereik van spatwater plaatsen. W VOORZICHTIG. Gevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd transport. - Het apparaat verpakt transporteren. - Het apparaat overeind transporteren. - Het apparaat niet alleen transporteren. W Het apparaat mag alleen in onbeladen toestand worden verschoven. AansluitenDe stroom (wisselstroom) en spanningop de opstelplaats moeten overeenkomen met de ge-gevens op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de linker binnenkant, naast de groenteladen. W Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd randaardestopcontact aansluiten. W Het stopcontact moet d. m. v.
een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het appa-raat liggen en goed toegankelijk zijn. W Het apparaat niet samen met andere apparaten aansluiten via een stekkerdoos - gevaar op oververhitting.
23NLHet verdient aanbeveling, het apparaat voor ingebruikneming te reinigen, meer hierover in de paragraaf "Reinigen". In- en uitschakelen, temperatuur instellen W Aan: Draai de temperatuurregelaar 1, afb. A1, rechts-om van "0" op "4". Het apparaat wordt ingeschakeld en de binnenverlichting gaat aan. W Uit: stand "0". De binnenverlichting is uit. W De standen van de temperatuurregelaar betekenen: "1" = warm, kleinste koelcapaciteit "7" = koud, grootste koelcapaciteitW Draai de temperatuurregelaar bij voorkeur in de middelstestand. W Bij de instelling “7” is het mogelijk in de koudste zone van het koelgedeelte temperaturen “0” te bereiken. W Worden diepvriesproducten bewaard en moeten de lage vriestemperaturen gewaarborgd zijn, dan verdient een instelling tussen "4" en "7" de aanbeveling. Cool-Plus-schakelaar* W Bij lage kamertemperaturen van 18 °C of minder de Cool-Plus-schakelaar , afb.
, 2A1aan de temperatuurregelaar inschakelen Dit garandeert de vereiste lage temperatuur in het vriesgedeelte. W Bij normale kamertemperaturen van meer dan 18 °C, is het inschakelen nodig, de Cool-Plus-nietschakelaar moet uitgeschakeld zijn. Tip: Houd er rekening mee dat de binnentemperatuur wordt beïnvloed door de kamertemperatuur, de vulling, de plaats van het apparaat en de frequentie waarmee de deur wordt geopend. Aanwijzingen m. b. t. het koelen W Door de luchtcirculatie ontstaan verschillende tempe-ratuurzones, die voor het bewaren van de verschillende levensmiddelen gunstig zijn. - Direct boven de groenteladen en tegen de achterwand is het het koudste - gunstig voor bijv. worst- en vleeswaren. - In het bovenste voorste bereik en in de deur is het het warmste - gunstig voor bijv. smeerbare boter en kaas.
W Let erop dat de levensmiddelen zo bewaard worden dat de lucht nog goed kan circuleren. Leg ze dus niet te dicht bij elkaar en zorg ervoor dat er een afstand van ca. 2 cm tussen de levensmiddelen en de binnenverlichting is.
W Bewaar ze altijd in gesloten verpakkingen. W Als verpakkingsmateriaal zijn recyclebare kunststof, me-talen, aluminium, glazen verpakkingen en vershoudfolie geschikt. W Ethyleengasproducerende en -gevoelige levensmiddelen zoals fruit, groente en sla, altijd gescheiden bewaren of verpakken, om de houdbaarheid niet te reduceren; bijv. tomaten niet met kiwi's of kool bewaren. 2 Koelgedeelte* afhankelijk van model en uitvoering 3 Vriesgedeelte In het -vriesgedeelte kunt u bij een bewaartempe-ratuur van -18 °C en lager (d. w. z. vanaf de middelste stand van de temperatuurregelaar) diepvriesproducten en levensmiddelen verscheidene maanden lang bewaren, ijsblokjes maken en bovendien verse levensmiddelen invriezen. Opmerking: temperatuur van de lucht De in het vriesge-deelte (gemeten met een thermometer of andere meetap-paratuur) kan schommelen.
Dit heeft bij een gevuld vak echter weinig invloed op de ingevroren levensmiddelen. De van de ingevroren levensmiddelen kerntemperatuurligt dan rond het gemiddelde van deze schommelingen. IJsblokjes maken W Vul de * voor driekwart met water en ijsblokjeshouderlaat dit bevriezen. De ijsblokjes komen los uit de houder door deze te buigen, of wanneer de ijsblokjeshouder korte tijd onder stromend water wordt gehouden. Invriezen van verse levensmiddelenVerse levensmiddelen moeten zo snel mogelijk door en door bevroren worden. Voedingswaarde, vitaminen, uiterlijk en smaak van de levensmiddelen blijven zo het beste be-waard. Ga bij het invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen als volgt te werk: W Stel de temperatuurregelaar ca. uur vóór het erin 24leggen op een (ca. 6) in. gemiddelde tot koude stand - Schakel Cool-Plus 2 in.
Reeds ingevroren diepvries-producten krijgen een "koudereserve". W Leg vervolgens de verse levensmiddelen erin. Op het typeplaatje (zie onder "Invriescapaciteit. kg/24h") vindt u hoeveel kilo verse levensmiddelen u binnen 24 uur maximaal kunt invriezen*.
Verdeel de verse levensmiddelen zo breed mogelijk over de bodem van het vriesgedeelte en laat ze niet in aanra-king komen met reeds ingevroren diepvriesproducten. W Na nog eens 24 uur zijn de nieuwe, in te vriezen levens-middelen door en door bevroren. - Draai de temperatuurregelaar weer in de oorspronkelijke stand terug. Schakel Cool-Plus weer uit. Het normale 2koelproces komt weer op gang. Het invriezen is voltooid. Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren W Diepvriesproducten (reeds ingevroren levensmiddelen) kunt u in het koude vriesgedeelte leggen, onmiddellijkhetzelfde geldt voor tot ca. 1 kg verse levensmiddelen per dag. W Als u het maximale volume wilt gebruiken, kunt u de laden eruit nemen en de vriesproducten direct op de koudeplaten bewaren. W Vries eenmaal ontdooide levensmiddelen bij voorkeur niet opnieuw in, maar bereid ze direct na het ontdooien.
24 4 Ontdooien, reinigen W Reinig de dooiwater-afvoeropening in de achterwand boven de groenteladen regelmatig, afb. ,. A pijl Gebruik indien nodig een spits hulpmiddel, bijv. een wattenstaafje. W Let erop dat u geen kabels of andere onderdelen lostrekt, knikt of beschadigt. W Steek vervolgens de stekker weer in het stopcontact (of schakel de zekering in de meterkast weer in) en schakel het apparaat in. Moet het apparaat voor worden, langere tijd uitgeschakeldmaak het dan leeg, trek de stekker uit het stopcontact, maak het op de hierboven beschreven manier schoon en laat de deur van het apparaat open staan om geurvorming te voorko-men. OntdooienHet koelgedeelteontdooit automatisch. Het vrijkomende water verdampt door de vrijkomende warmte van de compressor - wa-terdruppels op de achterwand zijn normaal en wijzen niet op een storing.
W U hoeft er slechts voor te zorgen dat het dooiwater onge-hinderd door de afvoeropening (pijl in afb. ) in de achter-Awand kan wegstromen. Het vriesgedeelteIn het vriesvak vormt zich na een wat langer gebruik een dikkere rijm- resp. ijslaag, afhankelijk van de veelvuldigheid waarmee de deuren worden geopend en de "warmte" van de levensmid-delen die erin werden gelegd. Dat is heel normaal. W Schakel het apparaat uit om het te laten ontdooien: - trek de stekker uit het stopcontact of - draai de temperatuurregelaar in de stand "0". W Bewaar de ingevroren levensmiddelen evt. in een diepvries-lade, in kranten of dekens gewikkeld, op een koele plaats. W Plaats een pan heet (niet: kokend) water op een van de middelste platen om het apparaat sneller te laten ontdooien.
Gebruik voor het ontdooien geen elektrische verwar-mings- of stoomreinigingsapparaten, ontdooisprays, open vuur of metalen voorwerpen om ijs te verwijderen. Gevaar voor verwondingen en beschadigingen. W Laat de deur van het apparaat tijdens het ontdooien open staan. Neem het laatste dooiwater met een spons of doek op. Maak het apparaat vervolgens schoon.
Reinigen W Trek altijd de stekker uit het stopcontact of scha-kel de zekering in de meterkast uit, voordat u het apparaat schoonmaakt. W Schappen, glasplaten en andere uitrustingsdelen met de hand reinigen. W Buitenwand, binnenruimte en delen van het interieur met lauwwarm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen. Gebruik geen stoomreinigingsapparaat ten-einde verwondingen en beschadigingen te voorkomen. W Gebruik geen schurende/krassende sponsen of geconcentreerde reinigingsmiddelen en in geen geval zand-, chloride- of zuurhoudende poets- resp. chemische oplosmiddelen; ze beschadigen de oppervlakken en kunnen corrosie veroorzaken. W Aanbevolen zijn zachte poetsdoeken en een allesreiniger met een neutrale pH-waarde. Binnen in het apparaat alleen reinigings- en onderhoudsmiddelen gebruiken, die zonder bezwaar kunnen worden gebruikt in combinatie met levensmiddelen.
W Voor apparaten in roestvrij stalen uitvoering*:- Zijwanden en deuroppervlakken uitsluitend met een scho-ne, zachte, zonodig licht vochtige doek (water + afwas-middel) reinigen. Optioneel kan ook een microvezeldoek worden gebruikt. W Let erop dat geen schoonmaakwater in de ventilatieopenin-gen, de afvoergoot* en elektrische delen dringt. Wrijf het apparaat droog. W Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat nooit: het is belangrijk voor de technische dienst. * afhankelijk van model en uitvoering.
25NLHet apparaat maakt te veel lawaai. - Is het apparaat ingeschakeld. - Is het gloeilampje defect. Vervang het lampje als onder "Binnenverlichting" beschreven. Binnenverlichting brandt als de Cool-Plus is ingeschakeld: - Dit is noodzakelijk voor de Cool-Plus-functie en is in orde. - Om de volledige Cool-Plus functie te kunnen waarborgen, moet de defecte gloeilamp zo snel mogelijk worden vervan-gen. Het apparaat werkt niet. Het apparaat is zodanig geconstrueerd en gefabriceerd dat storingen nagenoeg niet voorkomen en een lange levensduur gegarandeerd is. Doet zich desondanks een storing voor, ga dan a. u. b. na of deze misschien het gevolg is van een verkeerde bediening. Is dit het geval dan moeten we helaas - ook tijdens de garantie-termijn - de reparatiekosten in rekening brengen.
De volgende storingen kunt u zelf opsporen en verhelpen: Storing mogelijke oorzaak en oplossing 5 Storingen - Problemen. Het apparaat niet side-by-side met een andere koel-/vrieskast plaatsen. Belangrijk voor het vermijden van condensatiewater en daaruit resulterende schade. De van het apparaat vindt u in uitwendige afmetingenafb. op de laatste pagina. SDraairichting deur veranderen Afb. T: Desgewenst kan de draairichting worden veran-derd. Ga hiervoor volgens afb. / en in de volgorde van de T T1positienummers te werk. Inbouw in het keukenblok Afb. : De apparaten kunnen door de keukeninrichting Uomgeven worden. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan te passen kunt u er een opbouwkast 1op plaatsen. Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast een ventilatieruimte van ten minste 50 mm diepte vrij voor de toevoer en afvoer van lucht.
De ventilatieruimte moet een minimale oppervlakte van 300 cm2 hebben. Hoe groter de oppervlakte van de ventilatieruimte, des te energiezuiniger werkt het apparaat. W Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muur neem dan een afstandlijst (breedte min. 30 4mm) tussen apparaat en muur op.
1 2 opbouwkast koel-/vrieskast 3 4 keukenmeubel muur - Staat het apparaat op een stevige ondergrond. Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draaien-de aggregaat aan het trillen gebracht. Schuif het apparaat eventueel iets weg, stel het met de stelpoten waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af. - Normaal zijn: stromingsgeluiden (borrelen of ruisen) ver-oorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcircuit stroomt. Een kort klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt. De motor bromt even iets harder Brommen van de motorals het aggregaat wordt ingeschakeld. De temperatuur is niet laag genoeg. - Is de temperatuur goed ingesteld. Stel indien nodig een lagere temperatuur in. - De losse thermometer in het apparaat geeft een foute tem-peratuur weer. - Sluit de apparaatdeur goed.
- Is er voldoende be- en ontluchting. Ventilatierooster even-tueel vrijmaken. - Is de omgevingstemperatuur te hoog. (zie passage "Bepa-lingen") - Werd het apparaat te vaak of te lang geopend. - Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt. Technische dienst en typeplaatjeKunt u geen van de hierboven beschreven oorzaken vaststellen en de storing niet zelf verhelpen, neem dan a. u. b. contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst (zie bijgevoegd overzicht) en geef de volgende gegevens op het typeplaatje door: , ,de typeaanduiding 1 het service- 2 het apparaatnummer. Hierdoor wordt een snelle en efficiënte 3service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker binnen-kant van het apparaat. Opstel- en ombouwaanwijzingenVouw voor het lezen de inslagpagina achterin met de afbeeldingen eruit. - Is het apparaat correct ingeschakeld.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr CUPesf 3021 Comfort stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast