Liebherr CUb 2831-20 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CUb 2831-20 (14 pagina’s), behorend tot de categorie Vriezer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 69 mensen. Heb je een vraag over Liebherr CUb 2831-20 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Vriezer |
| Model: | CUb 2831-20 |
Handleiding Liebherr CUb 2831-20 – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Apparaat- en uitrustingsoverzicht. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 EPREL-database. 31. 5 Opstelmaten. 31. 6 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 43 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Bedienings- en controle-elementen. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 In het keukenblok schuiven. 84. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 84. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 85. 1 Koelgedeelte. 85. 2 Vriesgedeelte. 96 Onderhoud. 106. 1 Handmatig ontdooien. 106. 2 Apparaat reinigen. 106. 3 Binnenverlichting vervangen. 116. 4 Technische Dienst. 116. 5 Energie-efficiëntieklasse verlichting. 127 Storingen. 128 Uitzetten. 128. 1 Apparaat uitschakelen. 128. 2 Buiten werking stellen.
139 Afvalverwijdering. 139 Apparaat op afvoer voorbereiden. 139 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren 13De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Handelingsinstructies zijn gemarkeerd met een , hande-lingsresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Apparaat- en uitrustingsoverzichtAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend.
1 (1) (7)Schappen, verstelbaar De koudste zone vande koelruimte, voor gevoe-lige en licht bederfelijkelevensmiddelen(2) (8)Eiervakje Laden voor groenten, sla,fruit(3) (9)Deurvak, verstelbaar Typeplaatje(4) Aan-/uit- en tempera-tuurregelaar en binnen-verlichting(10) Hoge diepvriesladen(5) Dooiwaterafvoer Stelvoeten voor(11)(6) (12)Flessenrooster IJsblokjesbakje1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen voor huishoudelijkeof soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Het apparaat is niet bestemd voor gebruik alsinbouwapparaat. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Verkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 3 ConformiteitDe koudemiddelkringloop is op dichtheid gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de toepasbare veiligheidsbepalingenen de richtlijnen 2014/35/EU, 2014/30/EU, 2009/125/EG,2011/65/EU, 2010/30/EU en 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring isbeschikbaar op het volgende internetadres: www. Liebherr. com1.
4 EPREL-databaseVanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzakeenergieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerpte vinden in de Europese productdatabase (EPREL). Ukrijgt toegang tot de productdatabase via de link https://eprel. ec. europa. eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidentifi-catie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op het type-plaatje. 1. 5 OpstelmatenFig. 2 HCU(el) 2331 1372CU(el)(no)(fb)(kw)(b) 2831 1612CU(el)(ef) 3331/ CU 3301 1812KGw 1855 2E 1812x Bij apparaten waarbij wandafstandhouders worden meegele-verd, ligt de maat 35 mm hoger (zie 4. 2 Apparaat opstellen). 1. 6 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af. -Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
-Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Levensmiddelen gesorteerd rangschikken:home. liebherr. com/food. -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Condensvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden. -Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuurlaten afkoelen. -Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. -Als in het apparaat een dikke ijsaanslag aanwezig is: Appa-raat ontdooien. Stof verhoogt het energieverbruik:-De koelmachine met warmtewisselaar- metalen roosters aan de achterkantvan het apparaat - eenmaal jaarlijksafstoffen. Het apparaat in vogelvlucht* afhankelijk van model en uitvoering 3.
2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen alsmededoor personen met verminderde psychische,sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde ofmet betrekking tot het veilige gebruik vanhet apparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen. De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken.
-Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens ophet typeplaatje) is milieuvriendelijk maarbrandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Vermijd het hanteren van ontstekings-bronnen in de binnenkant van het apparaat. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv.
butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen.
Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Vermijd permanent contact van de huid metkoude oppervlakken of gekoelde/bevrorenproducten of tref beschermende maatre-gelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Knelgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur nietin het scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de oliein de compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar.
Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. De sticker niet verwijderen. Algemene veiligheidsvoorschriften4 * afhankelijk van model en uitvoering.
Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aangebracht. Deze heeft betrekking op de schuimpanelenin de deur en/of de behuizing. Deze aanwij-zing is alleen voor het recyclingproces vanbelang. De sticker niet verwijderen. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, diede dood of ernstig lichamelijk letseltot gevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt.
Aanwijzing duidt op nuttige informatie en tips. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig. 3 (1) Temperatuurregelaar Schakelaar Cool-Plus(2)4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenuHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet in uw eentje transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGOndeskundig gebruik. Brand. Als een netkabel/-stekker het achterpaneel van hetapparaat raakt, kunnen de netkabel/-stekker beschadigd rakendoor de trillingen van het apparaat, waardoor kortsluiting kanontstaan.
halogeen trafo’s) mogen niet aanhet achterpaneel van apparaten worden aangebracht engebruikt. WAARSCHUWINGVrijkomend koudemiddel en olie. Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar welbrandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomendkoelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratieen in contact met een externe warmtebron ontvlammen. uBuisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressorniet beschadigen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. LET OPAfgedekte ventilatieopeningen. Beschadigingen. Het apparaat kan oververhit raken, wat delevensduur van diverse onderdelen van het toestel kan vermin-deren en kan leiden tot functiebeperkingen. uLet altijd op de be- en ontluchting.
uVentilatieopeningen of - roosters in de apparaatbehuizingen in het keukenmeubel (inbouwapparaat) moeten altijd vrijworden gehouden. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. AanwijzingWorden meerdere apparaten naast elkaar geplaatst, moet eenafstand van 100 mm tussen de apparaten worden gelaten. Wordt deze afstand niet aangehouden, vormt zich condens-water tussen de zijwanden van de apparaten. Bedienings- en controle-elementen* afhankelijk van model en uitvoering 5.
Fig. 4 qBij schade aan het apparaat onmiddellijk vóór het aansluitencontact met de leverancier opnemen. qDe vloer op de standplaats moet horizontaal en vlak zijn. qPlaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. qHet apparaat met de achterkant en het gebruik van demeegeleverde wandafstandhouders (zie onder) altijd directtegen de wand plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverplaatst. qDe ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogtehebben als de omgeven bodem. qHet apparaat niet zonder hulp plaatsen. qDes te meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, deste groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimteminimaal 1 m3 groot zijn.
Gegevens over het gebruikte koel-middel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van hetapparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. LET OPDe edelstalen deuren zijn voorzien van een hoogwaardigeoppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegde reini-gingsmiddel worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uDe gecoate mogen uitsluitend met eendeuroppervlakkenzachte schone doek worden afgeveegd. uBreng alleen op de roestvrijstalen zijwanden een verzor-gingsmiddel gelijkmatig en in slijprichting aan. De reinigingop een later tijdstip wordt daardoor eenvoudiger. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.
Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de appa-raatdiepte ca. 35 mmgroter.
Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegeleverde wandafstandhoudersmoeten deze wandafstandhouders aan de achterkant vanhet apparaat links en rechts boven de compressor wordengemonteerd. uVoer de verpakking af (zie 4. 5 Afvalverwerking van deverpakking). VOORZICHTIGVerwondings- en beschadigingsgevaar door kantelen en eruitvallen van de apparaatdeur. Wanneer de extra stelvoet aan de onderkant van de lagerbusniet correct op de vloer rust, kan de deur eruit vallen of hetapparaat kantelen. Dit kan tot materiële schade en verwon-dingen leiden. uDe extra stelvoet op de lagerbus eruit draaien tot deze op devloer rust. uDan 90° verder draaien. uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op.
uVervolgens de deur onder-steunen: stelvoet bij lagerbus(B) uitdraaien tot deze op devloer komt, daarna 90° verderdraaien. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx® 15qTorx® 25qschroevendraaierqeventueel accuschroevendraaierqeventueel een tweede persoon voor de montage4. 3. 1 Bovenste deur afnemenAanwijzinguVerwijder levensmiddelen uit de deurvakken voordat de deurwordt afgenomen, zodat er geen levenmiddelen uit vallen. Fig. 5 In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.
4 Onderste lagerdelen omplaatsenFig. 7 uBevestigingsbouten Fig. 7 (21) losschroeven. uLagerbok onder Fig. 7 (23) volledig met lagerboutenFig. 7 (24), schijf Fig. 7 (26) en stelvoet Fig. 7 (22), verwij-deren. uLagerbouten Fig. 7 (24) volledig met schijf Fig. 7 (26)losschroeven, terugplaatsen in het tegenoverliggende opna-megat van het lagerbok en weer vastschroeven. uAfdekplaat Fig. 7 (25) voorzichtig verwijderen en terug-plaatsen op de andere zijde. uLagerbok onder Fig. 7 (23) volledig met lagerboutenFig. 7 (24), schijf Fig. 7 (26) en stelvoet Fig. 7 (22) weerop de nieuwe scharnierzijde evt. met behulp van een accu-boormachine vastschroeven (met 4 Nm). 4. 3. 5 Onderste deur monterenuOnderste deur van bovenaf op scharnierpen Fig. 7 (24)plaatsen. uSluit de deur. uMiddelste scharnierblok Fig. 6 (13) 180° gedraaid inde onderste deur plaatsen en met bevestigingsboutenFig.
uPlaats de bovenste lagerbus Fig. 5 (3) aan de nieuwe schar-nierkant in de deur. uBovenste lagerbok vastschroeven (met 4 Nm) (2 keerTorx® 25) Fig. 5 (4). Eventueel een accuboormachinegebruiken. uAfdekking Fig. 5 (1) aan de andere kant buiten plaatsen envastklikken. uAfdekking Fig. 5 (2) steeds aan de andere kant van bovenafplaatsen en vastklikken. uStelpoot Fig. 7 (22) van onderste scharnierblok Fig. 7 (23)eruit draaien, tot deze de vloer raakt. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kande deur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 7.
4. 4 In het keukenblok schuivenFig. 8 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast(2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met bijgeleverde wandafstandshouders wordtde maat 35 mm (zie 4. 2 Apparaat opstellen) groter. Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig. 8 (2) aan de hoogte van het keukenblok aante passen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 8 (1)worden aangebracht. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 8 (3) wordengeplaatst. Het apparaat staat aan de zijkant 34 mm x en in hetmidden van het apparaat 50 mm x tegenover de voorkant vande keukenkast. LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht.
Ventilatievereisten:-Aan de achterkant van de opzetkast moet een luchtafvoer-kanaal van minimaal 50 mm diep, over de volledige breedtevan de opzetkast, aanwezig zijn. -De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ontluchtingsdiameter hoe zuiniger het appa-raat werkt. Wanneer het apparaat met de scharnieren naast een wandFig. 8 (4) wordt geplaatst, moet de afstand tussen het apparaaten de wand minimaal 40 mm bedragen. Dit komt overeen metde uitsteekmaat van de handgreep bij geopende deur. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
uSluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoalszonne-energiesystemen en benzinegenerators. uGeen energiespaarstekker gebruiken. WAARSCHUWINGVerkeerd aansluiten. Brandgevaar. uGeen verlengkabel gebruiken. uGeen verdeeldozen gebruiken. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje(zie 1 Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen. Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenNeem het apparaat ca.
2 uur voor de eerste vulling met diep-vriesproducten in bedrijf. uTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) naar rechts van stand 0 naarstand 3 draaien. wDe binnenverlichting brandt. 5 Bediening5. 1 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groente-lades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aan debovenkant en in de deur is het het warmste. Bediening8 * afhankelijk van model en uitvoering.
5. 1. 1 Levensmiddelen koelenuLicht bederfelijke levensmiddelen zoals klaargemaaktemaaltijden, vleeswaren en worsten in de koudste zoneopslaan. In het bovenste bereik en in de deur boter enconservenblikken neerzetten. (zie 1 Het apparaat in vogel-vlucht)uVoor het inpakken herbruikbare kunststof, metalen, alumi-nium of glazen bakken en vershoudfolie gebruiken. uRauw vlees of vis altijd in schone, afgesloten bakjes op deonderste plank van het koelgedeelte bewaren, zodat ze nietin contact komen met ander voedsel en er geen vloeistofvan vlees of vis op ander voedsel kan druipen. uLevensmiddelen, die gemakkelijk een geur of smaakaannemen of afgeven, zoals vloeistoffen, altijd in geslotenreservoirs of afgedekt bewaren. uHet voorste vlak van de koelbodem alleen gebruiken voorhet kort plaatsen van koelproducten, bijv. bij het verplaatsenof uitsorteren.
Koelproducten echter niet laten staan, anderskan deze bij het sluiten van de deur naar achter wordengeschoven of omvallen. uLevensmiddelen niet te dicht opslaan, zodat de lucht goedkan circuleren. 5. 1. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is instelbaar tussen 1 (warmste temperatuur,laagste koelvermogen) en 7 (koudste temperatuur, hoogstekoelvermogen). Wij raden u de middelste stand aan, zodat de gemiddeldetemperatuur in de koelruimte ca. 5 °C bedraagt. In het vriesvak is de gemiddelde temperatuur dan ca. –18 °C. Als er diepvriesproducten worden bewaard en de lage diep-vriestemperaturen gegarandeerd moeten zijn, is het aan teraden de temperatuurregelaar op stand „4” tot „7” in te stellen. Bij de instelling „7” is het mogelijk in de koudste zone van hetkoelgedeelte temperaturen onder 0 °C te bereiken. uTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) draaien.
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:- hoe vaak de deur wordt geopend- de duur van het openen van de deur- de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat- soort, temperatuur en hoeveelheid ingevroren levensmid-delenuEventueel de temperatuur met de regelaar aanpassen. 5. 1. 3 Functie CoolPlusBij lage kamertemperaturen van 15 °C of minder:uSchakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) indrukken. wDe lage temperaturen in het vriesvak worden gegarandeerd. Als de kamertemperatuur weer hoger is dan 15 °C:uschakelaar Cool-Plus Fig. 3 (2) handmatig uitschakelen. AanwijzinguBij normale ruimtetemperaturen, hoger dan 15 °C, is hetinschakelen nodig, de Cool-Plus-schakelaar moet dannietuitgeschakeld zijn. 5. 1. 4 DraagplateausPlateaus verplaatsen of uitnemenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen. Fig.
9 uDraagplateau omhoog tillen en een beetje naar vorentrekken. uDraagplateau qua hoogte instellen. Schuif hiervoor deuitsparingen langs de steunen. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken. uDraagplateau inschuiven, met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boven toe wijzend. wDe levensmiddelen vriezen niet aan de achterwand vast. Draagplateaus demonterenuDe draagplateaus kunnenvoor het reinigen gedemon-teerd worden. 5. 1. 5 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenuVakken uitnemen volgens de afbeel-ding. 5. 2 VriesgedeelteIn het vriesgedeelte kunt u diepvriesproducten of ingevrorenlevensmiddelen bewaren, ijsblokjes maken en verse levens-middelen invriezen. 5. 2.
1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast. De plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproducten wordenbelast.
Na het sluiten van de deur ontstaat er een vacuüm. Na hetsluiten ongeveer 1 min. wachten, dan is de deur gemakkelijkerte openen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Ditgeldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. u24 uur voor het invriezen de temperatuur op de middelste ofkoudste stand instellen. uCoolPlus inschakelen: Toets CoolPlus Fig. 3 (2) indrukken. wDe vriestemperatuur daalt, het apparaat werkt op het grootstmogelijke koelvermogen. Bediening* afhankelijk van model en uitvoering 9.
Om ervoor te zorgen dat de levensmiddelen door en door inge-vroren worden, dient u de volgende hoeveelheden per verpak-king niet te overschrijden:- Groente, fruit tot 1 kg- Vlees tot 2,5 kguLevensmiddelen in diepvrieszakjes, her te gebruiken kunst-stof, metalen of aluminium bakjes in porties verpakken. uLevensmiddelen verspreidt op de bodem leggen en niet incontact laten komen met reeds bevroren producten, zodatdeze niet beginnen te ontdooien. uTemperatuur 24 uur na het erin plaatsen van de levensmid-delen weer terugzetten. Als de kamertemperatuur hoger is dan 15 °C:uCoolPlus uitschakelen: Toets CoolPlus Fig. 3 (2) indrukken. 5. 2.
2 BewaartijdenRichtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen in het vriesgedeelte:Consumptie-ijs 2 tot 6 maandenWorst, ham 2 tot 6 maandenBrood en banket 2 tot 6 maandenWild, varkensvlees 6 tot 10 maandenVis, vet 2 tot 6 maandenVis, mager 6 tot 12 maandenKaas 2 tot 6 maandenGevogelte, rundvlees 6 tot 12 maandenGroente, fruit 6 tot 12 maandenDe aangegeven bewaartijden zijn richtwaardes. 5. 2. 3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 2. 4 LadenuOm de diepvriespro-ducten direct op dedraagplateaus op tebergen: Schuifladenaar voren trekken eneruit halen. 5. 2.
5 PlateausPlateaus verplaatsenuPlateau uitnemen: vooraan optillen enuittrekken. uPlateau terugplaatsen: tot aanslaginschuiven. 5. 2. 6 VarioSpaceU kunt naast de schuifladen ook dedraagplateaus eruit halen. Zo maaktu plaats voor grotere levensmid-delen zoals gevogelte, vlees, groterwild en kunnen hoge producten vande bakkerij volledig worden inge-vroren en verder worden klaarge-maakt. uDe schuifladen kunnen met max. 25 kg diepvriesproductenworden belast.
uDe plateaus kunnen elk met 35 kg diepvriesproductenworden belast. 6 Onderhoud6. 1 Handmatig ontdooienKoelgedeelte:Het ontdooit automatisch. Het dooiwaterkoelgedeelteverdampt door de warmte van de compressor. Waterdruppelsmaar ook een dunne rijp- of ijslaag op de achterkant zijn func-tioneel en derhalve volledig normaal. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater wegkan lopen. (zie 6. 2 Apparaat reinigen). Vriesgedeelte:In het vormt zich na langere gebruiksduur eenvriesgedeelterijp- resp. ijslaag. De vorming van een rijp- resp. ijslaag wordt in de hand gewerktdoor vaak de deur te openen of door warme levensmiddelenin te leggen. Een dikke ijslaag doet echter het energieverbruikstijgen. Daarom moet u het apparaat regelmatig ontdooien. Ontdooiprocedure:WAARSCHUWINGApparaat op de verkeerde manier ontdooid. Verwondingen en beschadigingen.
uOm het ontdooiproces te versnellen, geen mechanischehulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet doorde fabrikant worden aanbevolen. uGebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings-of stoomreinigingsapparaten, open vuur of ontdooisprays. uIJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. uApparaat uitschakelen. uTrek de stekker uit of schakel de beveiliging uit. uBewaar de ingevroren levensmiddelen evt. in een diepvries-lade, en in kranten of dekens gewikkeld, op een koeleplaats. uPlaats een pan met heet, niet kokendwater op een plateau in het midden. wHet ontdooien wordt versneld. uLaat de deur van het apparaat open tijdens het ontdooien. uLosgeraakte ijsstukken uitnemen. uIndien nodig neemt u het dooiwater enkele keren op met eenspons of doek. uHet apparaat reinigen. (zie 6. 2 Apparaat reinigen)6. 2 Apparaat reinigenHet apparaat regelmatig reinigen.
WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde.
uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uLuchttoe- en -afvoerroosters regelmatig reinigen. wStof verhoogt het energieverbruik. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen. LET OPDe RVS deuren zijn behandeld met een hoogwaardige opper-vlaktecoating en mogen niet met een onderhoudsmiddel voorRVS worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uGecoate deuroppervlakten gelakte zijwanden en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen. Bij sterkevervuiling een beetje water of een neutraal reinigingsmiddelgebruiken. Optioneel kan ook een microvezeldoek wordengebruikt. uRoestvrijstalen zijwanden bij vervuiling met een gebrui-kelijke roestvrijstaalreiniger reinigen.
Vervolgens het meege-leverde rvs onderhoudsmiddel gelijkmatig in slijprichtingaanbrengen. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk.
uDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. uAndere onderdelen met lauwwarm water en een beetjeafwasmiddel met de hand reinigen. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Binnenverlichting vervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 15 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie 1 Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt. De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4 Technische Dienst).
WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid directin de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. WAARSCHUWINGBrandgevaar door LED-lamp. Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhittings-resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. Als de lamp defect is, moet deze op de volgende wijzeworden vervangen:uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit of schakel debeveiliging uit. uAfdekkapje volgens afbeelding,binnen, aan de voorkant uitelkaar drukken en zijdelingswegtrekken. uDe lamp vervangen. uSchuif het afdekkapje terug tothet vastklikt. 6. 4 Technische DienstControleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen(zie 7 Storingen).
Als dit niet het geval is, dient u contact op tenemen met de klantenservice. Het adres vindt u in bijgevoegdoverzicht. WAARSCHUWINGOndeskundige reparatie. Verwondingen.
uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6 Onder-houd) , uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uBeschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, deklantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoonlaten vervangen. uBij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook deklant zelf de vervanging uitvoeren. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 11.
uApparaataanduidingFig. 10 (1), servi-cenr. Fig. 10 (2) enserienr. Fig. 10 (3)van het typeplaatjeaflezen. Het type-plaatje bevindt zichaan de linkerkantbinnen in het appa-raat. Fig. 10 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 10 (1), servicenr. Fig. 10 (2) en serienr. Fig. 10 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 6. 5 Energie-efficiëntieklasse verlichtingVerlichtingEnergie-efficiëntieklasse1LichtbronDit product bevat een lichtbron met energie-effi-ciëntieklasse GLed1 Het apparaat kan lichtbronnen met verschillende energie-effi-ciëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse isaangegeven.
7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controlerenof de storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen. →De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal.
Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid.
→Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij nieuw opgeslagen levensmiddelen of na lang geopendedeur wordt het koelvermogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat)Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen.
uLijn het apparaat via de stelvoeten uit. uFlessen en bakken uit elkaar drukken. Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6 Onderhoud). →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld.
Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid directin de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. uLampje vervangen (zie 6 Onderhoud). Bij omgevingstemperaturen lager dan 15 °C wordt hetapparaat bij het rechter zijwandvlak van de koelruimteplaatselijk licht verwarmd. →Dat gebeurt bij deze functie automatisch. uDit is normaal. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenuTemperatuurregelaar Fig. 3 (1) op 0 draaien. Storingen12 * afhankelijk van model en uitvoering.
8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uApparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten). uNetstekker eruit halen. uApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Afvalverwijdering9 Apparaat op afvoer voorbe-reidenLiebherr maakt bij sommige apparaten gebruikvan batterijen. In de EU is het nu voor de consu-ment wettelijk verplicht deze batterijen voor deafvoer van apparaten te verwijderen. Als uwapparaat batterijen bevat, wordt dit op het appa-raat aangegeven. Lampen Als u lampen zelfstandig en zonder kapot temaken kunt verwijderen, verwijder deze daneveneens voor het voeren. uApparaat buiten bedrijf stellen. (zie 8. 2 Buiten werkingstellen)uApparaat met batterijen: verwijder batterijen. Beschrijvingzie hoofdstuk. OnderhouduIndien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot temaken.
9 Apparaat volgens milieuvoor-schriften afvoerenHet apparaat bevat waardevollematerialen en moet gescheidenvan het ongesorteerde, huishou-delijke afval worden afgevoerd. Voer batterijen gescheiden vanhet apparaat af. Batterijen kunnengratis worden ingeleverd bij dewinkel en bij andere inleverpuntenzoals het gemeentelijk depot ende chemokar. Lampen Lever gedemonteerde lampen inbij een daarvoor bestemd inlever-punt. Voor Duitsland: U kunt het apparaat gratis inle-veren bij de milieustraat. Bij deaankoop van een nieuwe koelkastof vriezer en een verkoopopper-vlak > 400 m2 neemt de dealer hetoude apparaat ook gratis terug. WAARSCHUWINGVrijkomend koudemiddel en olie. Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar welbrandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomendkoelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratieen in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
uBuisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressorniet beschadigen. uVoer het apparaten af zonder het te beschadigen. uVoer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierbovenbeschreven.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr CUb 2831-20 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vriezer Liebherr
Handleiding Vriezer
Nieuwste handleidingen voor Vriezer