Liebherr CTNESF 3663 Handleiding

Liebherr Koelkast CTNESF 3663

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CTNESF 3663 (15 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 57 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Liebherr CTNESF 3663 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/15
Gebruikshandleiding
Koel-vriescombinatie
20201119 7082862 - 00
CTN(esf) 32../36..

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelkast
Model: CTNESF 3663
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Soort bediening: Knoppen
Kleur van het product: Zilver
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: Ja
Gewicht: 77000 g
Breedte: 600 mm
Diepte: 630 mm
Hoogte: 1911 mm
Netbelasting: 120 W
Geluidsniveau: 41 dB
Energie-efficiëntieklasse: F
Jaarlijks energieverbruik: 257 kWu
Gewicht verpakking: 83500 g
Breedte verpakking: 617 mm
Diepte verpakking: 711 mm
Hoogte verpakking: 1968 mm
Brutocapaciteit vriezer: 76 l
Nettocapaciteit vriezer: 59 l
Vriescapaciteit: 8 kg/24u
Materiaal behuizing: Staal
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Nettocapaciteit koelkast: 248 l
Brutocapaciteit koelkast: 257 l
No Frost (koelkast): Ja
Koelkast binnenverlichting: Ja
Soort lamp: LED
Aantal planken koelkast: 5
Aantal groente lades: 1
Vriezer positie: Boven
No Frost (vriezer): Ja
Bewaartijd bij stroomuitval: 20 uur
Aantal planken vriezer: 1
Aantal sterren: 4*
Totale nettocapaciteit: 307 l
Eierenrekje: Ja
Flessenrek: Ja
Automatisch ontdooien (koelkast): Ja
Totale brutocapaciteit: 333 l
Plankmateriaal: Gehard glas
Super Cool functie: Ja
Koelkastdeurvakken: 4
Vers zone compartiment: Nee
Deur open alarm: Ja
Stroomgebruik per dag: 0.61 kWh/24u
Aantal compressoren: 1
Minimum operationele temperatuur: 10 °C
Maximale temperatuur (in bedrijf): 43 °C
Klimaatklasse: SN-T
Automatische ontdooiing ( diepvries ): Ja
Geluidsemissieklasse: C
Verstelbare voeten: Ja
Breedte met de deur open: 639 mm
Diepte wanneer de deur open is: 1180 mm
Stroomuitvalmelder: Ja
Foutmelding: Ja
AC-ingangsspanning: 220 - 240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Type beeldscherm: LED
Energie-efficiëntieschaal: A tot G
Zwenkwieltjes: Ja
Ijsblokjeshouder: Ja

Handleiding Liebherr CTNESF 3663 – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Overzicht apparaat en uitrusting. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Productgegevens. 31. 5 EPREL-database. 31. 6 Opstelafmetingen. 31. 7 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Bedienings- en controle-elementen. 53. 2 Temperatuurweergave. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 Inbouw in het keukenblok. 84. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 84. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 95. 1 Deuralarm. 95. 2 Temperatuuralarm. 95. 3 Koelgedeelte. 95. 4 Vriesgedeelte. 106 Onderhoud. 126. 1 Ontdooien met NoFrost. 126. 2 Apparaat reinigen. 126. 3 Binnenverlichting met LED-lamp vervangen. 126. 4 Technische Dienst. 137 Storingen. 138 Uitzetten. 148.

1 Apparaat uitschakelen. 148. 2 Buiten werking stellen. 149 Apparaat afdanken. 14De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Overzicht apparaat en uitrustingAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend.

1 (1) Transportgreep achter Plateaus, verplaatsbaar(10)(2) Bedienings- en contro-lepaneel(11) Afvoeropening(3) (12)Botervak Koudste zone(4) Ventilator Groentelade(13)(5) (14)Deurvakken Typeplaatje(6) Binnenverlichting Vriesgedeelte(15)(7) (16)Plateaus, deelbaar IJsblokjeshouder(8) (17)Flessenhouder Stelpootjes voor, trans-portwieltjes achter(9) (18)Flessenplank* Eiervakje1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen voor huishoudelijkeof soortgelijke doeleinden. Hieronder valt bijv. het gebruik-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Het apparaat is niet bestemd voor gebruik alsinbouwapparaat. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.

-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebiedenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden. Klimaatklasse voor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 3 ConformiteitHet koudemiddelcircuit is gecontroleerd op dichtheid.

Hetapparaat voldoet aan de desbetreffende veiligheidsvoor-schriften alsmede de richtlijnen 2014/35/EU, 2014/30/EU,2009/125/EG, 2011/65/EU en 2010/30/EU. 1. 4 ProductgegevensDe productgegevens zijn conform de richtlijn van de (EU)2017/1369 bij het apparaat gevoegd. Het volledige productge-gevensblad kunt op de website van Liebherr in het download-bereik downloaden. 1. 5 EPREL-databaseVanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzakeenergieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerpte vinden in de Europese productdatabase (EPREL). Ukrijgt toegang tot de productdatabase via de link https://eprel. ec. europa. eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidentifi-catie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op het type-plaatje. 1. 6 OpstelafmetingenFig. 2 a (mm)CTN(esf) 32. 1761CTN(esf) 36. 1911x Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4.

-Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsings-omstandigheden zoals bijv. de omgevingstemperatuur(zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). Bij eenwarmere omgevingstemperatuur kan het energieverbruiktoenemen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Levensmiddelen gesorteerd plaatsen (zie 1 Het apparaat invogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren. Condensvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden. -Warme gerechten plaatsen: eerst tot op kamertemperatuurlaten afkoelen. -Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. -Bij langere vakantietijden koelgedeelte leegmaken enuitschakelen.

sensorische of mentale bekwaamheden ofeen gebrek aan ervaring en kennis wordengebruikt onder toezicht van een derde ofmet betrekking tot het veilige gebruik vanhet apparaat zijn onderwezen en de gevarenkennen en begrijpen. Kinderen mogen nietmet het apparaat spelen. De reiniging en hetonderhoud mag niet door kinderen zondertoezicht worden uitgevoerd. Kinderen van 3-8jaar mogen het apparaat inladen en uitladen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen uit de buurtvan het apparaat te worden gehouden, als hetapparaat niet continu onder toezicht staat. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is.

-Reparaties en ingrepen aan het apparaat enhet vervangen van de netaansluiting magalleen worden uitgevoerd door de klantenser-vice of ander vakpersoneel dat hiervoor isopgeleid. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel (gegevens ophet typeplaatje) is milieuvriendelijk maarbrandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kanontbranden. •Pijpleidingen van het koelcircuit nietbeschadigen. •Vermijd het hanteren van ontstekings-bronnen in de binnenkant van het apparaat. •Binnen het apparaat geen elektrischetoestellen gebruiken (bijv. stoomreinigers,verwarmingen, ijsmakers, enz. ). •Als koudemiddel weglekt: Open vuur ofontstekingsbronnen vlakbij het lek verwij-deren. Vertrek goed ventileren. Informeerde klantendienst.

Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Vermijd permanent contact van de huid metkoude oppervlakken of gekoelde/bevrorenproducten of tref beschermende maatre-gelen, gebruik bijvoorbeeld handschoenen.

Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur nietin het scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken. Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de oliein de compressor en wijst op het volgendegevaar: Kan bij het inslikken en indringen inde luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzingis alleen voor het recyclingproces van belang. In de normale modus bestaat er geen gevaar. Het symbool bevindt zich op de compressoren wijst op het gevaar van ontvlambarestoffen. De sticker niet verwijderen. Deze of een vergelijkbare sticker kan op deachterkant van het apparaat zijn aangebracht.

Deze heeft betrekking op de schuimpanelenin de deur en/of de behuizing. Deze aanwij-zing is alleen voor het recyclingproces vanbelang. De sticker niet verwijderen.

GEVAAR duidt een direct gevaar aan, diede dood of ernstig lichamelijk letseltot gevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die licht of middelzwaar lichame-lijk letsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. LET OP duidt een gevaarlijke situatie aan,die materiële schade tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt. Aanwijzing duidt op nuttige informatie en tips. 3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controle-elementenFig.

3 (1) Toets On/Off koelge-deelte(6) Insteltoets vriesgedeelte(2) Toets ventilatie Toets SuperFrost(7)(3) (8)Insteltoets koelgedeelte Toets alarm(4) Temperatuurdisplaykoelgedeelte(9) Toets On/Off vriesge-deelte(5) Temperatuurdisplayvriesgedeelte3. 2 TemperatuurweergaveIn de normale modus worden:-de ingestelde vriestemperatuur-en de ingestelde koeltemperatuur weergegevenDe temperatuurweergave van het vriesgedeelte knippert:-de temperatuurinstelling wordt veranderd;-na het inschakelen is de temperatuur nog niet koud genoeg;-de temperatuur is met meerdere graden gestegen. De volgende weergaven wijzen op een storing. De mogelijkeoorzaken en maatregelen voor het oplossen: (zie 7 Storingen). -De toets SuperFrost en de temperatuurdisplay knipperenbeiden. 4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenuHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren.

uHet apparaat niet in uw eentje transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting.

Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar brandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt kan ontbranden. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen.

uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. AanwijzingWorden meerdere apparaten naast elkaar geplaatst, moet eenafstand van 100 mm tussen de apparaten worden gelaten. Wordt deze afstand niet aangehouden, vormt zich condens-water tussen de zijwanden van de apparaten. Bedienings- en controle-elementen* afhankelijk van model en uitvoering 5.

Fig. 4 qBij schade aan het apparaat onmiddellijk vóór het aansluitencontact met de leverancier opnemen. qDe vloer op de standplaats moet horizontaal en vlak zijn. qPlaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. qHet apparaat met de achterkant en het gebruik van demeegeleverde wandafstandhouders (zie onder) altijd directtegen de wand plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverplaatst. qDe ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogtehebben als de omgeven bodem. qHet apparaat niet zonder hulp plaatsen. qDes te meer koelmiddel in het apparaat aanwezig is, deste groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lek een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimteminimaal 1 m3 groot zijn.

Gegevens over het gebruikte koel-middel staan op het typeplaatje aan de binnenkant van hetapparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. LET OPDe edelstalen deuren zijn voorzien van een hoogwaardigeoppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegde reini-gingsmiddel worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uDe gecoate mogen uitsluitend met eendeuroppervlakkenzachte schone doek worden afgeveegd. uBreng alleen op de roestvrijstalen zijwanden een verzor-gingsmiddel gelijkmatig en in slijprichting aan. De reinigingop een later tijdstip wordt daardoor eenvoudiger. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.

Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de appa-raatdiepte ca. 35 mmgroter.

Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5 Afvalverwerking van deverpakking). uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. uVervolgens de deur onder-steunen: stelvoet bij lagerbus(B) uitdraaien tot deze op devloer komt, daarna 90° verderdraaien. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4.

3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx® 25qTorx® 15qschroevendraaierqeventueel accuschroevendraaierqeventueel een tweede persoon voor de montage4. 3. 1 Bovenste deur afnemenAanwijzinguVerwijder levensmiddelen uit de deurvakken voordat de deurwordt afgenomen, zodat er geen levenmiddelen uit vallen. Fig. 5 uBovenste deur sluiten. uAfdekking Fig. 5 (1) naar voren en boven wegtrekken. uAfdekking Fig. 5 (2) eraf nemen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt. uDeur goed vasthouden. uDeur voorzichtig neerzetten. uBovenste lagerbus Fig. 5 (3) losschroeven (2 maal Torx®25) Fig. 5 (4) en naar boven eraf trekken. uBovenste deur naar boven optillen en opzij zetten. In gebruik nemen6 * afhankelijk van model en uitvoering.

4. 3. 8 Deuren uitlijnenuDe deuren eventueel via de beide langgaten in de onderstelagerbus Fig. 7 (25) en middelste lagerbus Fig. 6 (13) tenopzichte van de kast uitlijnen. Eerst de middelste schroef inde onderste lagerbus Fig. 7 (25) uitdraaien. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kande deur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. 4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 10 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast(2) (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2 Apparaat opstellen). Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig.

10 (2) aan de hoogte van het keukenblok aante passen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig. 10 (1)worden aangebracht. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 10 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mm x en in hetmidden 50 mm x uit ten opzichte van het keukenkastfront. LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht. Ventilatie-eisen:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ontluchtingsdoorsnede onder het plafond moet minimaal300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt.

Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 10 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4.

5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethy-leen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPVerkeerd aansluiten. Beschadiging van de elektronica. uGeen omvormer gebruiken. uGeen energiespaarstekker gebruiken. WAARSCHUWINGVerkeerd aansluiten. Brandgevaar. uGeen verlengkabel gebruiken. uGeen verdeeldozen gebruiken. Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanbestemming moeten met de informaties op het typeplaatje(zie 1 Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen.

Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenAanwijzinguOm het hele apparaat in te schakelen, dient u alleen hetvriesgedeelte in te schakelen. Hierbij wordt automatisch hetkoelgedeelte mee ingeschakeld. Zet het apparaat ca. 2 uur aan voordat u diepvriesproductenerin legt. 4. 7. 1 Vriesgedeelte inschakelenuToets On/Off vriesgedeelte Fig. 3 (9) indrukken. wHet apparaat is ingeschakeld. De temperatuurdisplay duidtde ingestelde temperatuur aan.

wWanneer op het display alle LED's van het temperatuur-display van het koelgedeelte branden, is de demonstratie-modus geactiveerd. U kunt contact opnemen met de Techni-sche Dienst. 4. 7. 2 Koelgedeelte inschakelenAanwijzinguWanneer u het koelgedeelte inschakelt, wordt automatischhet vriesgedeelte mee ingeschakeld. uToets On/Off koelgedeelte Fig. 3 (1) indrukken. wDe binnenverlichting brandt bij open deur. wDe temperatuurdisplay brandt. Koelgedeelte en vriesge-deelte zijn ingeschakeld. 5 Bediening5. 1 DeuralarmVoor koel- en vriesgedeelteAls de deur langer dan 60 seconden open staat,klinkt er een geluidssignaal. Het geluidssignaal dooft automatisch, als de deurwordt gesloten. 5. 1. 1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 3 (8) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. 5.

2 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay ende toets alarm. *De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:-warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd-bij het sorteren en uitnemen van de levensmiddelen is teveelwarme lucht binnengekomen-de stroom is langer uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, de toets alarmFig. 3 (8) gaat uit en de temperauurdisplay stopt met knip-peren, wanneer de temperatuur weer voldoende laag is*Wanneer het alarm niet uitgaat (zie 7 Storingen). AanwijzingWanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 2. 1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd.

3 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de groente-lades en tegen de achterkant is het het koudste. Voorin aan debovenkant en in de deur is het het warmste. 5. 3. 1 Levensmiddelen koelenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. uVentilatieluchtspleten altijd vrijlaten. uLicht bederfelijke levensmiddelen zoals klaargemaaktemaaltijden, vleeswaren en worsten in de koudste zoneopslaan. In het bovenste bereik en in de deur boter enconservenblikken neerzetten. (zie 1 Het apparaat in vogel-vlucht)uVoor het inpakken herbruikbare kunststof, metalen, alumi-nium of glazen bakken en vershoudfolie gebruiken.

uRauw vlees of vis altijd in schone, afgesloten bakjes op deonderste plank van het koelgedeelte bewaren, zodat ze nietin contact komen met ander voedsel en er geen vloeistofvan vlees of vis op ander voedsel kan druipen. uLevensmiddelen, die gemakkelijk een geur of smaakaannemen of afgeven, zoals vloeistoffen, altijd in geslotenreservoirs of afgedekt bewaren. uHet voorste vlak van de koelbodem alleen gebruiken voorhet kort plaatsen van koelproducten, bijv. bij het verplaatsenof uitsorteren. Koelproducten echter niet laten staan, anderskan deze bij het sluiten van de deur naar achter wordengeschoven of omvallen. uLevensmiddelen niet te dicht opslaan, zodat de lucht goedkan circuleren. 5. 3.

2 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de duur van het openen van de deur-de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat-soort, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: 5 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Is de instelling1 °C bereikt dan wordt opnieuw bij 9 °C begonnen. uTemperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op deinsteltoets koelgedeelte Fig. 3 (3). wIn het temperatuurdisplay knippert de LED van de huidigetemperatuur.

uDruk net zo vaak op de insteltoets koelgedeelte Fig. 3 (3) totde LED's de gewenste temperatuur aangeven. AanwijzinguDoor de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen 5 °C en 7 °C) eeniets koudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay isdan de LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 3. 3 VentilatorMet de ventilator kunt u grote hoeveelheden verselevensmiddelen snel afkoelen of een relatief gelijk-matige temperatuurverdeling op alle schappenbereiken. De circulatiekoeling is aan te bevelen:-bij hoge kamertemperatuur (hoger dan 33 °C )-bij hoge luchtvochtigheidBediening* afhankelijk van model en uitvoering 9.

De circulatiekoeling heeft een iets hoger energieverbruik. Omenergie te besparen, gaat de ventilator bij geopende deur auto-matisch uit.Ventilator inschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (2).wDe toets Ventilatie brandt.*wDe ventilator is actief. Bij sommige apparaten wordt dezepas ingeschakeld, wanneer de compressor draait.Ventilator uitschakelenuDruk kort op de toets Ventilatie Fig. 3 (2).wDe toets Ventilatie gaat uit.*wDe ventilator is uitgeschakeld5.3.4 DraagplateausPlateaus verplaatsen of uitnemenDe draagplateaus moeten worden beveiligd tegen het perongelijk omlaag vallen door uittrekaanslagen.Fig. 11 uDraagplateau omhoog tillen en een beetje naar vorentrekken.uDraagplateau qua hoogte instellen.

Schuif hiervoor deuitsparingen langs de steunen.uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken.uDraagplateau inschuiven, met de aanslagrand aan deachterzijde en naar boven toe wijzend.wDe levensmiddelen vriezen niet aan de achterwand vast.Draagplateaus demonterenuDe draagplateauskunnen voor het reinigengedemonteerd worden.5.3.5 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 12 In de hoogte verstellen:uGlasplaten één voor één naar voren toe naar buiten trekken.uSteun uit vergrendeling trekken en op de gewenste hoogtevastklikken.Beide oppervlakken gebruiken:uBovenste glasplaat omhoog tillen, onderste glasplaat naarvoren trekken.wDe glasplaat (1) met de uittrekaanslag moet zich vóórbevinden, zodat de aanslagen (3) omlaag gericht zijn.5.3.6 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenFig. 13 *Fig. 14 *Opbergvakken demonterenFig. 15 *Fig.

16 *uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd.5.4 VriesgedeelteIn het vriesgedeelte kunt u diepvriesproducten of ingevrorenlevensmiddelen bewaren, ijsblokjes maken en verse levens-middelen invriezen.Bediening10 * afhankelijk van model en uitvoering

5. 4. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie 1 Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. Na het sluiten van de deur ontstaat er een vacuüm. Na hetsluiten ongeveer 1 min. wachten, dan is de deur gemakkelijkerte openen. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Ditgeldt met name voor koolzuurhoudend drinken. uFlessen en blikjes met drinken niet invriezen. Om ervoor te zorgen dat de levensmiddelen door en door inge-vroren worden, dient u de volgende hoeveelheden per verpak-king niet te overschrijden:- Groente, fruit tot 1 kg- Vlees tot 2,5 kguLevensmiddelen in diepvrieszakjes, her te gebruiken kunst-stof, metalen of aluminium bakjes in porties verpakken. 5. 4.

2 BewaartijdenRichtwaardes voor de opslagduur van de verschillendelevensmiddelen in het vriesgedeelte:Consumptie-ijs 2 tot 6 maandenWorst, ham 2 tot 6 maandenBrood en banket 2 tot 6 maandenWild, varkensvlees 6 tot 10 maandenVis, vet 2 tot 6 maandenVis, mager 6 tot 12 maandenKaas 2 tot 6 maandenGevogelte, rundvlees 6 tot 12 maandenGroente, fruit 6 tot 12 maandenDe aangegeven bewaartijden zijn richtwaardes. 5. 4. 3 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- in een magnetron- in een oven/heteluchtoven- bij kamertemperatuuruNeem alleen zoveel levensmiddelen als u nodig heeft. Ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk verwerken. uOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 4. 4 Temperatuur instellenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Is de instelling-32 °C bereikt dan wordt opnieuw bij -15 °C begonnen.

uDruk net zo vaak op de insteltoets vriesgedeelte Fig. 3 (6)tot de LEDs de gewenste temperatuur aangeven. AanwijzinguDoor de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen -15 °C en -18 °C) eeniets koudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay isdan de LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 4. 5 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen. Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. U kunt maximaal zoveel kilogram aan verse levensmiddeleninvriezen binnen 24 uur, zoals aangegeven op het typeplaatjeonder „vriescapaciteit. kg/24u”. Deze maximale invriescapa-citeit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse.

Afhankelijk van de hoeveel nieuwe levensmiddelen die wordeningevroren, moet SuperFrost bijtijds worden ingeschakeld: bijeen kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6h,bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen 24hvoordat u de levensmiddelen in de vriezer legt. Verpak de levensmiddelen en leg ze zo breed mogelijk uit. Inte vriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren productenin contact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te schakelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dagMet SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (7) kort indrukken. wDe toets SuperFrost is verlicht. *wDe temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximalekoeling.

AanwijzinguBij het indrukken van de toets SuperFrost kan de inge-bouwde inschakelvertraging ervoor zorgen dat het inscha-kelen van de compressor maximaal 8 minuten vertraagdwordt. Deze vertraging verhoogt de levensduur van decompressor. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten.

6 Onderhoud6. 1 Ontdooien met NoFrostHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch. Koelgedeelte:Het dooiwater verdampt door de warmte van de compressor. Waterdruppels op de achterwand zijn normaal en wijzen niet opeen storing. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). Vriesgedeelte:Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatigontdooid en verdampt dan. uU hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien. 6. 2 Apparaat reinigenHet apparaat regelmatig reinigen. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers. LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol.

uGeen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudendeschoonmaakmiddelen gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit. uUit- en inwendige oppervlaktes van kunststof met lauw-warm water en een beetje afwasmiddel met de handreinigen.

LET OPDe RVS deuren zijn behandeld met een hoogwaardige opper-vlaktecoating en mogen niet met een onderhoudsmiddel voorRVS worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uGecoate deuroppervlakten gelakte zijwanden en uitslui-tend met een zachte, schone doek afvegen.

Bij sterkevervuiling een beetje water of een neutraal reinigingsmiddelgebruiken. Optioneel kan ook een microvezeldoek wordengebruikt. uRoestvrijstalen zijwanden bij vervuiling met een gebrui-kelijke roestvrijstaalreiniger reinigen. Vervolgens het meege-leverde rvs onderhoudsmiddel gelijkmatig in slijprichtingaanbrengen. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. uDe mogen in de vaatwasser worden gereinigd. *onderdelenuDe met lauw water en een beetje afwasmiddel hand-ladenmatig reinigen. *uRolplaten van de groentelade kunnen eveneens in devaatwasmachine worden gereinigd. *uAndere onderdelen met lauwwarm water en een beetjeafwasmiddel met de hand reinigen. *Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven.

uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 4. 5 SuperFrost). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Binnenverlichting met LED-lampvervangenIn het apparaat is standaard een LED-lamp aangebracht voorde verlichting van de binnenruimte. Bij gebruik van een gloeilamp:qEen gloeilamp met max. 15 W en fitting E14 gebruiken. qStroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats vanopstelling moeten overeenkomen met de informatie op hettypeplaatje (zie 1 Het apparaat in vogelvlucht). Bij gebruik van een LED-lamp:qUitsluitend de originele LED-lamp van de fabrikant magworden gebruikt. De lamp kan worden verkregen via deklantenservice of de vakhandel (zie 6. 4 Technische Dienst). WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2.

Bij het gebruik van andere LED-lampen bestaat oververhittings-resp. brandgevaar. uGebruik de originele LED van de fabrikant. uSchakel het apparaat uit. uTrek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. uHet afdekkapje van de lampboven en onder vastpakkenFig. 17 (1). uHet afdekkapje achterlosklikken en verwijderenFig. 17 (2). uVervang de lamp Fig. 17 (3). uZet het afdekkapje achter terugen klik de zijkanten vast. Fig. 17 Onderhoud12 * afhankelijk van model en uitvoering.

6. 4 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen(zie 7 Storingen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dancontact op met de Technische Dienst. Het adres vindt u in hetbijgevoegd overzicht. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 6 Onder-houd) , uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren. uApparaataanduidingFig. 18 (1), service-nr. Fig. 18 (2) enserie-nr. Fig. 18 (3)van het typeplaatjeaflezen. Het type-plaatje bevindt zichaan de linkerkantbinnen in het appa-raat. Fig. 18 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 18 (1), service-nr. Fig. 18 (2) en serie-nr. Fig. 18 (3) mededelen. wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk.

uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controlerenof de storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen.

→De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal.

Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillende geluidenveroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal. Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt. →Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal.

→De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat)Een lage bromtoon. →Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Trilgeluiden→Het apparaat staat niet vast op de vloer. Daardoor gaanvoorwerpen en meubels in de buurt van het lopendekoelaggregaat trillen. uLijn het apparaat via de stelvoeten uit. uFlessen en bakken uit elkaar drukken. De toets SuperFrost en de temperatuurdisplay knipperenbeiden. →Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Op het temperatuurdisplay van het koelgedeelte brandenalle LED's. →De demonstratiemodus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie 6 Onder-houd). Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal.

Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uVentilatieroosters vrijmaken en reinigen. →De omgevingstemperatuur is te hoog.

uOplossing: (zie 1. 2 Toepassingsgebied van het apparaat). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordtbereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie 6 Onderhoud). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 4. 5 SuperFrost)→De temperatuur is verkeerd ingesteld. uStel de temperatuur lager in en controleer deze na 24 uur. →Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min. open. uDe binnenverlichting schakelt zich bij een geopende deurna ca. 15 min. automatisch uit. Storingen* afhankelijk van model en uitvoering 13.

→Als de binnenverlichting niet brandt, maar de temperatuur-weergave brandt, is de lamp (levering met LED-lamp)defect. WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door LED-lamp. De lichtintensiteit van de led-verlichting komt overeen met risi-cogroep RG 2. Wanneer de afdekking wordt verwijderd:uNiet met optische lenzen vanuit de directe nabijheid directin de verlichting kijken. Daarbij kunnen de ogen wordenbeschadigd. uLampje vervangen (zie 6 Onderhoud). 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenAanwijzinguOm het apparaat volledig uit te schakelen, dient u alleen hetvriesgedeelte uit te schakelen. Hierbij wordt automatisch hetkoelgedeelte mee uitgeschakeld. 8. 1. 1 Vriesgedeelte uitschakelenuToets On/Off vriesgedeelte Fig. 3 (9) gedurende ten minste3seconden indrukken. wDe temperatuurdisplays zijn uit. Het hele apparaat is uitge-schakeld. 8. 1. 2 Koelgedeelte uitschakelenuToets On/Off koelgedeelte Fig.

3 (1) gedurende ten minste3seconden indrukken. wDe interieurverlichting is uit. wDe temperatuurdisplay voor het koelgedeelte is uit. AanwijzinguAls u alleen het koelgedeelte wilt uitschakelen, bijv. gedu-rende een vakantie, let er dan altijd op dat de temperatuur-display van het vriesgedeelte brandt. 8. 2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken. uApparaat uitschakelen (zie 8 Uitzetten). uNetstekker eruit halen. uApparaat reinigen (zie 6. 2 Apparaat reinigen). uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan. 9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven. Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig deplaatselijk geldende voorschriften en wetten.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr CTNESF 3663 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden