Liebherr cn 3033 20 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Liebherr cn 3033 20 (10 pagina’s), behorend tot de categorie Koelen vriezen. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Liebherr cn 3033 20 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/10
7081 881-00
CN 3033 0507
Gebrauchsanweisungfür Kühl-Gefrier-Kombination, NoFrost
Operating instructionsfor fridge-freezer combination, NoFrost
Consignes d'utilisationpour combiné réfrigérateur-congélateur, NoFrost
Gebruiksaanwijzingvoor koel-vries-combinatie, NoFrost
Istruzione d'usoper combinazione frigo-congelatore, NoFrost
Instrucciones de manejopara combinado frigorífico-congelador, NoFrost
Instruções de utilizaçãopara o combinado frigorífico-congelador, NoFrost
Kullaným Kýlavuzu Soðutucu-Dondurucu-Kombinasyonu, NoFrost

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelen vriezen
Model: cn 3033 20

Handleiding Liebherr cn 3033 20 – volledige tekst

26Het apparaat in vogelvlucht * afhankelijk van model en uitvoeringBoter- en kaasvakBinnenverlichtingEierrekje* Verplaatsbare draagplateaus Dooiwaterafvoer Laden voor groente, sla, fruitOpbergvak voor hoge flessen Vriesgedeelte, ca. -18 0CTypeplaatjeHoge ladesIJsblokjeshouder*Stelpoten voor, transportwieltjes achter Overzicht over toestel en uitvoering, afb. AKoelgedeelte, ca. 5 0CVerplaatsbare opbergvakken*W Door de flessen- en conservenhouder te verschuiven kunt u de flessen tegen omvallen bij het openen en sluiten van de deuren beschermen. Voor het reinigen kan de houder afgenomen worden. Bij de uitvoering volgens fig. A2: de voorste rand van de houder omhoogschuiven en uit laten klikken. W Alle opbergvakken zijn voor het reinigen uitneembaar, afb. A2: vak omhoog schuiven en naar voren eruit tillen. W De schappen* kunnen naar gelang de hoogte van de te koelen producten worden verzet, afb.

A4. - Til het draagplateau op, trek het naar voren en zwenk het weg. - Schuif de draagplateaus altijd met de aanslagrand achter naar boven wijzend terug, daar de levensmiddelen anders aan de achterwand vast kunnen vriezen. W Afb. A5: Indien u plaats nodig heeft voor hoge flessen en vaatwerk, dan de voorste halve glasplaat 1gewoon naar achter schuiven. Voor het reinigen kunnen de houders 2 voor de halve glasplaten worden afgenomen. Denk er om de rechter en de linker houder daarna aan de juiste zijde terug te plaatsen. Gegevens op het typeplaatje1 Toestelaanduiding 2 Servicenummer3 Toestelnummer4 Vriesvermogen in kg/24 uurKoudste zone van de koelruimte, voor gevoelige en licht bederfelijke levensmiddelenInfo-systeem*VarioSpace*Bedienings- en controleelementenBedienings- en controleelementen, afb.

A11 Hoofd-aan/uit regelaar voor het hele apparaat (koel- en vriesgede-elte), met temperatuurregelaar voor het vriesgedeelte 2 SuperFrost-toets met lichtdiode-aanwijzing (LED) voor ingeschakel-de functie - voor het snelle doorvriezen van verse levensmiddelen3 Temperatuur-instelaanwijzing voor vriestemperatuur4 Alarm-uit-toets voor akoestische alarmmelder, met LED-aanwijzing voor te warme temperatuur in het vriesgedeelte5 Aan/Uit regelaar en temperatuurregelaar voor het koelgedeelte6 Temperatuur-instelaanwijzing voor koeltemperatuurAanbevolen temperatuurinstelling:- Koelgedeelte: Temperatuur-instelaanwijzing 6: 5 °C- Vriesgedeelte: Temperatuur-instelaanwijzing 3: -18 °CVentilator met schakelaar 7, voor een betere luchtcirculatieVerplaatsbare flessen- en conservenhouderFlessendraagrooster.

27NLWij feliciteren u met uw nieuwe apparaat. U heeft met uw aankoop voor alle voordelen van de modernste koudetechniek beslist, die u hoog-waardige kwaliteit, een lange levensduur en een grote functieveiligheid garandeert. De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort. Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvrien-delijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdra-ge aan het behoud van ons milieu. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, gelieve de opmerkingen in deze gebruiksaanwijzig aandachtig door te nemen. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe appa-raat. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door. Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk. Inhoud pag.

GebruiksaanwijzingHet apparaat in vogelvlucht. 26 Inhoud. 27 Het info-systeem. 27 Bepalingen. 27 Tips voor energiebesparing. 27Veiligheids- en onderhoudsopmerkingen. 28 Afvalbehandeling. 28 Technische veiligheid. 28 Veiligheid bij gebruik. 28 Opstellen. 28 Aansluiten. 28Inwerkingstelling en controleelementen. 29 In- en uitschakelen. 29 Temperatuur instellen. 29 Temperatuur-instelaanwijzing. 29 Akoestische alarmmelder, rode alarm-LED. 29Koelgedeelte. 30 Levensmiddelen inruimen. 30 Indelingsvoorbeeld. 30 Koelen met ventilator. 30 Binnenverlichting. 30Vriesgedeelte. 31 IJsblokjes maken. 31 SuperFrost. 31 Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren. 31Ontdooien, reinigen. 32Storingen - problemen. 32 Technische dienst en typeplaatje. 32Opstel- en ombouwaanwijzingen Draairichting deur veranderen. 33 Inbouw in het keukenblok.

33 BepalingenW Het apparaat werd ontworpen voor het koelen, invriezen en bewaren van levensmiddelen evenals het maken van ijs. Het is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Bij een ander gebruik kan er geen garantie voor de onberispelijke werking worden gegeven.

W Het apparaat is naar gelang de klimaatklasse voor de werking bij beperkte omgevingstemperaturen bedoeld. Deze dienen niet te worden over- of onderschreden. De voor uw apparaat geldige klimaatklasse is op het type-plaatje aangegeven. Het betekent: Klimaatklasse ontworpen voor omgevingstemperaturen van SN +10 °C tot +32 °C N +16 °C tot +32 °C ST +18 °C tot +38 °C T +18 °C tot +43 °C- Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. - Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde vei-ligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG en 2004/108/ EG. Tips voor energiebesparing W Houd de ventilatieopeningen vrij. W Laat de deur nooit onnodig lang open staan. W Rangschik de levensmiddelen gesorteerd. Ga de aange-geven bewaarduur niet te boven. W Bewaar alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt.

W Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur af-koelen voordat u ze in het apparaat plaatst. W Bewaar eendere diepvriesproducten altijd bij elkaar, zodat een onnodig lang openen van de deur wordt voor-komen en energie wordt bespaard. W Laat diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. W Houd de deur van het apparaat bij een storing gesloten. Het kouverlies wordt daardoor verlangzaamd. De kwali-teit van de diepvriesproducten blijft zo langer behouden. §Het info-systeem*De ingevroren levensmiddelen dienen binnen de aanbevolen bewaartijden te worden verbruikt. De getallen tussen de symbolen geven de bewaarduur in maanden aan, elk voor meerdere diepvriesproductsoorten. De aangegeven bewaartijden zijn richtwaarden voor vers in te vriezen levensmiddelen.

28Veiligheids- en onderhoudsopmerkingenAanwijzing m. b. t. afdankenDe verpakking is van recyclebare materialen gefabrice-erd. - Golfkarton/karton- Voorgevormde delen van geschuimd polystyreen- Folies van polyetheen- Spanbanden van polypropeenW Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen - verstikkingsgevaar door folies. W Breng a. u. b. de verpakking naar een officiële inzamelpunt. Het afgedankte apparaat bevat nog waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde afval worden afgevoerd. W Afgedankte apparaten onbruikbaar maken: trek de stekker uit het stopcontact, snijd het netsnoer door en zet de sluiting buiten werking zodat kinderen zich niet kunnen opsluiten. W Let erop dat het koelmiddelcircuit tijdens het transport van het afgedankte apparaat niet wordt beschadigd. W Informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het ty-peplaatje.

W Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig ge-beuren overeenkomstig de plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Technische veiligheidW Om persoonlijk letsel en materiële schade te voor-komen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten. W Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar. W Leidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen. Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbran-den. W Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontstekings-bronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen, stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed ventileren. W Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aansluiten - bij de leverancier reclameren. W Om een veilig gebruik te waarborgen het apparaat alleen volgens de informatie in de gebruiks-aanwijzing monteren en aansluiten.

W In geval van fouten dient het apparaat van het net te worden gescheiden: Netstekker uittrekken (hierbij niet aan het aans-luitingskabel trekken) of zekering activeren resp. uitdraaien.

W Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoeren, daar anders aanzien-lijke gevaren voor de gebruiker ontstaan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer. Veiligheid bij gebruikW Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan, pentaan enz. , in het apparaat. Eventueel vrijkomende gassen zouden door elektrische componenten kunnen ontbranden. U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte in-houdsvermelding of aan een vlamsymbool. W Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande bewaren. W In het inwendige van het apparaat geen open vuur of ontste-kingsbronnen gebruiken. W Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsapparatuur, ijsmakers enz. ). W Plint, laden, deuren enz.

niet als voetensteun of om te leunen misbruiken. W Dit apparaat is niet bedoeld voor personen (ook kinderen) met fysieke, sensorische of mentale gebreken of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken, tenzij zij door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen of die aanvan-kelijk toezicht uitoefent. Kinderen mogen niet zonder toezicht achterblijven om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. W Voorkom voortdurend huidcontact met koude oppervlakken of te koelen/te bevriezen levensmiddelen want dat kan een pijnlijk of dof gevoel en bevriezing veroorzaken. Bij langdurig huidcontact veiligheidsmaatregelen treffen, bijv. handschoe-nen dragen. W Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken.

OpstellenW Let er bij het opstellen/inbouwen op dat er geen leidingen van het koelsysteem beschadigd raken. W Schuif het apparaat in de nis. Verdraai de stelpoten met een steeksleutel 10 om het apparaat stevig en waterpas op te stellen.

W Vermijd standplaatsen direct in het zonlicht, naast het fornuis, de radiator en dergelijke, evenals in vochtige omge-vingen met spatwater. W De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezit-ten zodat er in geval van een lekkage in het koelmiddelcircuit geen ont-vlambare gas-lucht-mengeling in de plaatsingsruim-te van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. W Het apparaat steeds direct aan de wand opstellen. W Dek de ventilatieopeningen nooit af. Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Lees de informatie in de opstel- en ombouwaanwijzingen. W Plaats geen apparaten die warmte afgeven op de koel- of diepvrieskast, bijv. magnetron, broodrooster enz.

W Plaats vanwege brandgevaar geen brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vlammen op het koel-/vriesapparaat. AansluitenDe stroom (wisselstroom) en spanningop de opstelplaats moeten overeenkomen met de gege-vens op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de linker binnenkant, naast de groenteladen. W Het apparaat alleen via een correct geïnstalleerd randaardestopcontact aansluiten. W Het stopcontact moet d. m. v. een zekering van 10 A of zwaar-der beveiligd zijn, buiten de achterzijde van het apparaat liggen en goed toegankelijk zijn. W Het apparaat niet samen met andere apparaten aansluiten via een verlengkabel - gevaar voor oververhitting. W Bij het loshalen van het netsnoer van de achterzijde van het apparaat de kabelhouder verwijderen, om rammelen te voorkomen.

29NL* afhankelijk van model en uitvoering verschillendHet is aan te bevelen om het apparaat voor de inwerkingstelling te reinigen. Nadere informaties hiertoe vindt u in het hoofdstuk "Reinigen". Zet het apparaat ca. 4 uur voor de eerste vulling met diepvries-producten aan. Plaats de diepvriesproducten pas dan, wanneer het vriesgedeelte koud is. In- en uitschakelen - Afb. A1: Met de hoofd Aan/Uit-regelaar 1 schakelt u altijd het hele apparaat aan of uit, vries- en koelgedeelte. W Inschakelen: Aan/Uit-regelaar 1 en 5 met een munt draaien, zodat de temperatuur-instelaanwijzingen 3 en 6 knipperen/branden. - Het koelgedeelte is ingeschakeld, wanneer de temperatuur-instelaanwijzing 6 brandt en de binnenverlichting brandt. - Het vriesgedeelte is ingeschakeld, wanneer de temperatuur-instelaanwijzing 3 brandt.

- Bij de eerste keer in bedrijf nemen licht de alarm-LED op, het geluidsalarm is uitgeschakeld. Hierover vindt u meer informaties in het hoofdstuk "Akoesti-sche alarmmelder, rode alarm LED". W Uitschakelen van het gehele apparaat: spleet van de hoofd aan/uit-regelaar 1 met behulp van een munt tot aan de aanslag naar "0" terugdraaien, zodat de temperatuur-instela-anwijzingen donker zijn. Koel- en vriesgedeelte zijn uitge-schakeld. W Wanneer u alleen het koelgedeelte uit wilt schakelen (vries-gedeelte blijft ingeschakeld - gunstig bijv. tijdens de vakantie), dan alleen de aan/uit-regelaar 5 naar "0" terugdraaien, zodat de temperatuur-instelaanwijzing van het koelgedeelte 6 en de binnenverlichting donker zijn. De temperatuur-in-stelaanwijzing van het vriesgedeelte 3 moet branden. Temperatuur instellenW Afb.

- Voor het vriesgedeelte: -18 °C bereikt. Tijdens het instellen knippert het LED van de ingestelde tempe-ratuur. Opmerking: Houd er altijd rekening mee dat de temperaturen in de koelruimte door de veelvuldigheid van het deuropenen, de vulling en de ruimtetemperatuur van de standplaats worden beïnvloed. Naar gelang de gewenste temperatuur moet de regelaar worden nagesteld. Temperatuur-instelaanwijzing, afb. A1/36- De brandende temperatuur-instelaanwijzing toont de werking van het apparaat aan. - De aparte lichtdisplays zijn aan temperatuurbereiken toegewezen. Deze tonen de geselecteerde instelwaarde van de koel-/vriestemperatuur aan. Akoestische alarmmelder, rode alarm-LED Afb. A1/4: De akoestische alarmmelder en het rode alarm-LED helpen u om opgeslagen diepvriesproducten te beschermen en energie te sparen.

W Het akoestische signaal gaat uit door een druk op de alarm-uit-toets 4,- automatisch, wanneer de voldoende lage bewaartempe-ratuur weer is bereikt of- wanneer de deur wordt gesloten. Deuralarm - Weerklinkt altijd, wanneer de koel- of de vriesdeur lan-ger dan ca. 60 seconden geopend is. Het uitschakelen van het akoestische signaal is zolang mogelijk als de deur open is. Door het sluiten van de deur is de alarmfunctie automatisch weer gereed. Temperatuuralarm - Weerklinkt altijd, wanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is (afhankelijk van de temperatuurinstelling). - Tegelijk knippert het alarm-LED. De oorzaak hiervoor kan zijn dat:- er warme verse levensmiddelen voor het invriezen wer-den geplaatst, - er bij het omsorteren en uitnemen van diepvriesproduc-ten te veel warme lucht is binnengestroomd. Het alarm-LED knippert zolang door tot de alarmsituatie is afgelopen.

30KoelgedeelteLevensmiddelen inruimenDoor de natuurlijke luchtcirculatie in de koelruimte worden er verschillende temperatuurbereiken gemaakt, die voor het bewa-ren van de verschillende levensmiddelen gunstig zijn. Boven de groentelades en aan de achterwand is het het koudst (dit is bijv. goed voor worst- en vleeswaren); in het bovenste voorste bereik en in de deur is het het warmst (dit is bijv. goed voor zachte boter en kaas). Bewaar daarom de levensmiddelen volgens het "indelingsvoorbeeld", afb. B. Opmerkingen bij het koelen- Bewaar de levensmiddelen zodanig dat de lucht goed kan cir-culeren, dus niet te dicht op elkaar. Ventilatorspleten* aan de achterwand niet afdekken - belangrijk voor het koelvermogen. - Levensmiddelen die snel geur of smaak afgeven of aanne-men zoals bijvoorbeeld vloeistoffen, dienen altijd in gesloten reservoirs of afgedekt te worden bewaard.

- Sterk ethyleengasafgevende en -gevoelige levensmiddelen als fruit, groente en sla altijd van elkaar scheiden of verpak-ken, om de bewaarduur niet te reduceren; bijv. tomaten niet samen met kiwi´s en kool bewaren. Koelen met ventilator*, afb. C/7Hiermee bereikt u op alle niveaus een betrekkelijk gelijkmati-ge temperatuurverdeling; alle levensmiddelen zijn even koel, bij kiesbare temperatuur. Door de geforceerde luchtcirculatie worden de verschillende temperatuurbereiken van de normale werking opgeheven. In principe is het altijd aan te bevelen om:- bij hoge kamertemperaturen (vanaf ca. 30 °C),- bij hoge luchtvochtigheid, bijv. op zomerdagen. W In-/uitschakelen: Ventilator-schakelaar 7 te bedienen. I = aan, 0 = uit. Opmerking:- Bij ingeschakelde ventilator wordt het energieverbruik hoger. - Om energie te sparen, schakelt de ventilator bij een open deur automatisch uit.

Goeilamp vervangen:W Gloeilampgegevens: max. 25 W, het stroomsoort en de spanning dienen met de gegevens op het typeplaatje ove-reen te stemmen. Gebruik alleen gloeilampen van dezelfde afmetingen, fitting: E 14. W Apparaat uitzetten. Netstekker uittrekken resp. activeren of uitdraaien. WDe lampafdekking volgens afb. F1 losklikken 1 en daarna uith-aken 2. WDe gloeilamp volgens afb. F2 vervangen. Let er bij het indraaien op dat de afdichting correct in de lampfitting zit. WZet het afdekking achter terug en druk de zijkanten vast. Indelingsvoorbeeldafb. B1 boter, kaas2 eieren3 pakken melk/sap, dranken, flessen4 blikken, bakproducten5 zuivelproducten6 koudste zone van de koelruimte: gevoelige levensmiddelen, worst- en vleeswaren, vis, zuivel-producten, kant-en-klare maaltijden7 fruit, groenten, sla.

31NLVriesgedeelteW Groenten na het wassen portioneren en blancheren (2-3 minuten in kokend water dompelen, dan uitnemen en snel in koud water afkoelen. Wanneer u met een damp-toestel of een magnetron blancheert, dient u de hiervoor geldige instructies aan te houden). W Verse levensmiddelen en geblancheerde groenten voor het invriezen niet zouten of kruiden. Andere etenswaren slechts iets zouten en kruiden. Verschillende kruiden veranderen qua smaakintensiteit. W Flessen en blikken met koolzuurhoudende dranken niet laten bevriezen. Deze kunnen anders barsten. W Voor het bewaren: De aparte schappen kunnen met max. 25 kg diepvriesproducten worden belast. W VarioSpace: Door uitnemen van de 2e en 3e lade en van de schap krijgt u een hogere ruimte voor grote diepvriesproducten.

Gevogelte, vlees, grote delen wild en hoge bakkerijproducten kunnen in hun geheel worden ingevroren en net zo verder worden toebereid. W Wanneer u het maximale volume wilt gebruiken, dan kunt u de lades uitnemen en de diepvriesproducten direct op de schappen bewaren. - Alleen de onderste lade moet altijd in het apparaat bli-jven. - Bij uitgenomen bovenste lade de ventilatiespleten aan de achterwand niet afdekken. Dat is bel-angrijk voor een onberispelijke werking. - Lades uitnemen, afb. G1: tot aan de aanslag uittrekken en naar voren optillen. - Schap uitnemen, afb. G2: de 2e en 3e lade uitnemen, schap naar voren optillen en uittrekken. Inzetten: schap gewoon inschuiven, vooraan in laten klikken. W Voor het ontdooien altijd maar zoveel wegnemen als ook werkelijk nodig is. Ontdooide levensmiddelen zo snel mo-gelijk tot een maaltijd verwerken.

U kunt de diepvriesproducten ontdooien:- in de oven/heteluchtoven- in de magnetron- bij kamertemperatuur- in de koelruimte; de afgegeven kou van het diepvries-product wordt voor de koeling van de levensmiddelen gebruikt. - Ten dele ontdooide platte vlees- en visporties kunnen heet worden toebereid. - Groente kan in bevroren staat (halve kooktijd t. o. v.

verse groente) worden toebereid. IJsblokjes makenW Vul de ijsblokjeshouder* voor driekwart met water en laat dit be-vriezen. De ijsblokjes komen los uit de houder door deze te buigen, of wanneer de ijsblokjeshouder korte tijd onder stromend water wordt gehouden. SuperFrostDe verse levensmiddelen dienen zo snel mogelijk tot aan de kern doorgevroren te worden en al ingevroren diepvriesproduc-ten moeten een "koureserve" krijgen. Dit maakt de SuperFrost-inrichting mogelijk. Daardoor blijven voedingswaarde, uiterlijk en smaak van de ingevroren levensmiddelen het beste behouden. W U kunt maximaal zoveel kg verse levensmiddelen binnen de 24 uur invriezen als op het typeplaatje onder vriesvermogen. kg/24h" staat aangegeven, afb. A4, Pos. 4. Deze maxima-le hoeveelheid aan in te vriezen producten is afhankelijk van model en klimaatklasse verschillend. Invriezen met SuperFrost afb.

A1/2W SuperFrost-toets 2 kort indrukken zodat het LED brandt. - De vriestemperatuur zinkt, het apparaat werkt met maximaal vriesvermogen. Tegelijk brandt het -32 °C-LED. W Bij een kleine in te vriezen hoeveelheid ca. 6 uurwachten/voorvriezen- normaal gesproken voldoende, bij de maximale hoeveelheid, zie typeplaatje onder vriesvermogen, ca. 24 uur. W Daarna de verse levensmiddelen plaatsen, bij voorkeur in de bovenste vakken. - SuperFrost schakelt na in totaal ca. 65 uur automatisch uit. Het invriesprocedure is voltooid, - de SuperFrost- en het -32°C-LED zijn donker, het toestel werkt weer in zuinige normale werking van de laatste instel-waarde. Opmerking: SuperFrost hoeft u niet in te schakelen:- bij het plaatsen van reeds ingevroren producten,- bij het invriezen van max. ca. 2 kg verse levensmiddelen dagelijks.

W Als verpakkingsmateriaal zijn gebruikelijke diepvrieszak-ken, herbruikbare bakken van kunststof, metaal of aluminium geschikt. W Laat vers in te vriezen levensmiddelen niet met reeds inge-vroren levensmiddelen in aanraking komen. Plaats de verpak-kingen altijd droog, om een samenvriezen te voorkomen. W Noteer op de verpakkingen altijd de datum en de inhoud en ga de aanbevolen bewaarduur van de diepvriesproducten niet te boven. Zo wordt een kwaliteitsverlies voorkomen. W Levensmiddelen die u zelf invriest, dienen altijd in de juiste porties voor uw huishouden te worden verpakt. Om ze snel tot aan de kern door te laten vriezen, dienen de volgen-de hoeveelheden per verpakking niet te boven te worden gegaan:- Fruit, groente tot max. 1 kg,- Vlees tot max. 2,5 kg.

32Storingen - problemen. Ontdooien, reinigen* afhankelijk van model en uitvoeringOntdooienHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch. In de koelruimteHet vrijkomende water verdampt door de vrijkomende warmte van de compressor - waterdruppels op de achterwand zijn nor-maal en wijzen niet op een storing. W U hoeft er slechts voor te zorgen dat het dooiwater ongehin-derd door de afvoeropening (pijl in afb. A) in de achterwand kan wegstromen. In de vriesruimteHet vrijkomende vocht slaat zich op de verdamper neer, wordt periodisch ontdooid en verdampt. Door het automatische ontdooiprincipe blijft de vriesruimte altijd ijsvrij, er is dus geen tijd noch werk voor het ontdooien nodig. ReinigenW Voor het reinigen dient het apparaat altijd buiten werking te worden gezet. Netstekker uittrekken of de voorgeschakelde zekeringen uitdraaien resp. activeren.

W Buitenwand, binnenruimte en delen van het interieur met lauwwarm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen. Gebruik geen stoomreinigingsapparaat teneinde verwondingen en beschadigingen te voorkomen. Gebruik nooit schurende/krassende sponsjes of geconcen-treerde schoonmaakmiddelen en gebruik geen producten die zand, zuren of chemische oplosmiddelen bevatten. - Gebruik bij voorkeur zachte poetsdoeken en een pH-neutrale allesreiniger. - Let erop dat geen schoonmaakwater in de ventilatieope-ningen, de afvoergoot* en elektrische delen dringt. Wrijf het apparaat droog. - Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat nooit: het is belangrijk voor de technische dienst. W Reinig de afvoeropening aan de achterwand boven de groentelade regelmatig, afb. A, pijl. Gebruik indien nodig een spits hulp-middel, bijv. een wattenstaafje.

W Let erop dat u geen kabels of andere onderdelen lostrekt, knikt of beschadigt. W Steek vervolgens de stekker weer in het stopcontact (of schakel de zekering in de meterkast weer in) en schakel het apparaat in. Moet het apparaat voor langere tijd uitgeschakeld worden, maak het dan leeg, trek de stekker uit het stopcontact, maak het op de hierboven beschreven manier schoon en laat de deur van het apparaat open staan om geurvorming te voorkomen. Uw apparaat is zodanig geconstrueerd en vervaardigd dat er storingsvrijheid en een lange levensduur is gegeven. Mocht er ondanks dat tijdens de werking een storing optreden, controleer dan of de storing het gevolg van een bedieningsfout kan zijn. In dit geval moeten wij u ook tijdens de garantietijd de hierdoor opgetreden onkosten in factuur brengen.

De volgende storingen kunt u door controle van de mogelijke oorzaken zelf verhelpen:Storing mogelijke oorzaak en oplossingApparaat werkt niet, aanwijzing is donker- Is het apparaat correct ingeschakeld. - Zit de stekker goed in het stopcontact. - Is de zekering in de meterkast in orde. Binnenverlichting brandt niet- Is het koelgedeelte ingeschakeld. - Is de deur meer dan 15 min. open geweest. - Is het gloeilampje defect. Vervang het lampje als onder "Bin-nenverlichting" beschreven. Te harde geluiden- Staat het apparaat op een stevige ondergrond. Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draaiende aggregaat aan het trillen gebracht. Schuif het apparaat eventueel iets weg, stel het met de stel-poten waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af. - Normaal zijn: stromingsgeluiden, borrelen of ruisen, die komen van het koelmiddel, dat door het koelcircuit stroomt.

Een zacht klikken ontstaat telkens, wanneer de compressor (de motor) automatisch aan- of uitschakelt. Het brommen van de motor wordt kort iets harder, wanneer het aggregaat inschakelt.

Bij ingeschakelde SuperFrost, vers geplaatste levensmiddelen, of nadat de deur langer open heeft gestaan, wordt het koelvermogen automatisch hoger. Een diep bromgeluid wordt veroorzaakt door luchtstromings-geluiden van de ventilator. Alarm weerklinkt, rode alarm-LED knippert, temperatuur is niet laag genoeg- Werden er misschien te grote hoeveelheden verse levens-middelen zonder SuperFrost geplaatst. (zie hoofdstuk "Su-perFrost")- Sluit de apparaatdeur goed. - Is er voldoende be- en ontluchting. Ventilatierooster eventueel vrijmaken. - Is de omgevingstemperatuur te hoog. (zie passage "Bepalin-gen")- Werd het apparaat te vaak of te lang geopend. - Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt.

Technische dienst en typeplaatjeWanneer er geen van de hier boven genoemde oorzaken zijn gevonden en u de storing niet zelf kunt verhelpen, of wanneer er meerdere LEDs knipperen, neem dan contact op met de dichtsbijzijnde klantenservice (zie bijgevoegde lijst). Geef de Toestelaanduiding 1, service- 2, toestelnummer 3 van het typeplaatje aan (zie afb. ), en welke LEDs knipperen. Dit maakt een snelle en doelmatige service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker binnenkant van het apparaat. Laat het apparaat tot aankomst van de klantenservice dicht, om een verder kouverlies te voorkomen.

33NLOpstel- en ombouwaanwijzingen De uitwendige afmetingen van het apparaat vindt u in afb. S.Het apparaat niet side-by-side met een andere koel-/vrieskast plaatsen! Belangrijk voor het vermijden van condensatiewater en daaruit resulterende schade.Draairichting deur veranderen Afb. T: Desgewenst kan de draairichting worden veranderd. Ga hiervoor volgens afb. T/T1 en in de volgorde van de positie-nummers te werk.Inbouw in het keukenblok Afb. U: De apparaten kunnen door de keukeninrichting omgeven worden. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan te passen kunt u er een opbouwkast 1 op plaatsen.Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast een venti-latieruimte van ten minste 50 mm diepte vrij voor de toevoer en afvoer van lucht. De ventilatieruimte moet een minimale opperv-lakte van 300 cm2 hebben.

Hoe groter de oppervlakte van de ventilatieruimte, des te energiezuiniger werkt het apparaat.W Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muur 4 neem dan een afstandlijst (breedte min. 30 mm) tussen apparaat en muur op.W Wilt u het apparaat aan de aangrenzende keukenmeubelen bevestigen of een afstandlijst tussen apparaat en muur aan-brengen, dan gaat u als volgt te werk:- Controleer of de deur vrij draait.- Boor nooit binnen de gearceerde oppervlakte, afb. U. Dit is van belang omdat u anders ingeschuimde componenten beschadigt!- Bevestig het apparaat met parkerschroeven aan de aan-grenzende keukenelementen. Maximale schroefdiepte 10 mm! 1 opbouwkast 2 koel-/vrieskast 3 keukenmeubel 4 muurDe fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Hebt u er daarom a.u.b.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr cn 3033 20 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden