Liebherr CBNPGW 4855 PREMIUM Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CBNPGW 4855 PREMIUM (32 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 62 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Liebherr CBNPGW 4855 PREMIUM of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Liebherr |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | CBNPGW 4855 PREMIUM |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 105200 g |
| Breedte: | 600 mm |
| Diepte: | 682 mm |
| Hoogte: | 2010 mm |
| Netbelasting: | 190 W |
| Geluidsniveau: | 37 dB |
| Jaarlijks energieverbruik: | 149 kWu |
| Gewicht verpakking: | 110300 g |
| Energie-efficiëntieklasse (oud): | A+++ |
| Brutocapaciteit vriezer: | 120 l |
| Nettocapaciteit vriezer: | 101 l |
| Vriescapaciteit: | 16 kg/24u |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Nettocapaciteit koelkast: | 243 l |
| Brutocapaciteit koelkast: | 271 l |
| No Frost (koelkast): | Ja |
| Koelkast binnenverlichting: | Ja |
| Soort lamp: | LED |
| Aantal planken koelkast: | 4 |
| Aantal groente lades: | 2 |
| Vriezer positie: | Onder |
| No Frost (vriezer): | Ja |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 24 uur |
| Aantal planken vriezer: | 3 |
| Aantal sterren: | 4* |
| Totale nettocapaciteit: | 344 l |
| Flessenrek: | Ja |
| Totale brutocapaciteit: | 391 l |
| Koelkastdeurvakken: | 3 |
| Vers zone compartiment: | Ja |
| Stroombron: | Electrisch |
| Stroomgebruik per dag: | 0.408 kWh/24u |
| Stroom: | 1.4 A |
| Klimaatklasse: | SN-T |
| Diepte wanneer de deur open is: | 1180 mm |
| Deur openingshoek: | 115 ° |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 - 60 Hz |
| Type beeldscherm: | TFT |
Handleiding Liebherr CBNPGW 4855 PREMIUM – volledige tekst
Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Overzicht apparaat en uitrusting. 21. 2 Toepassingsgebied van het apparaat. 31. 3 Conformiteit. 31. 4 Opstelafmetingen. 31. 5 Energie sparen. 31. 6 Indelingsvoorbeeld. 41. 7 SmartDevice. 42 Algemene veiligheidsvoorschriften. 43 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Homebeeldscherm. 53. 2 Bedieningsstructuur. 53. 3 Navigatie. 63. 4 Symbolen. 63. 5 Apparaatopties. 64 In gebruik nemen. 74. 1 Apparaat transporteren. 74. 2 Apparaat opstellen. 74. 3 Deurscharniering veranderen. 84. 4 Inbouw in het keukenblok. 184. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 184. 6 Apparaat aansluiten. 184. 7 Apparaat inschakelen. 194. 8 FreshAir-filter aanbrengen. 194. 9 Timer ventilatieroosters reinigen activeren. 205 Bediening. 205. 1 Temperatuureenheid wijzigen. 205. 2 Kinderbeveiliging. 205. 3 Sabbatmodus. 205. 4 Koelgedeelte. 205. 5 BioFresh-gedeelte. 235.
6 Vriesgedeelte. 246 Onderhoud. 266. 1 FreshAir-filter vervangen. 266. 2 Ontdooien met NoFrost. 266. 3 Het ventilatierooster reinigen. 276. 4 Apparaat reinigen. 276. 5 Technische Dienst. 277 Storingen. 288 Meldingen. 299 Uitzetten. 309. 1 Apparaat uitschakelen. 309. 2 Buiten werking stellen. 3010 Apparaat afdanken. 30De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een.
AanwijzinguPlateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverdetoestand voor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld. 1. 2 Toepassingsgebied van het appa-raatGebruik volgens de voorschriftenHet apparaat is uitsluitend geschikt voor hetkoelen van levensmiddelen in een huishoude-lijke of vergelijkbare omgeving. Daartoe wordtbijv. het gebruik gerekend-in privékeukens, ontbijtgelegenheden,-door gasten in landhuizen, hotels, motels enandere accommodaties,-bij catering en vergelijkbare service in degroothandel. Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Voorzienbaar verkeerd gebruikDe volgende toepassingen zijn uitdrukkelijkverboden:-Opslag en koeling van medicijnen, bloed-plasma, laboratoriumpreparaten of vergelijk-bare, overeenkomstig de Europese richtlijn2007/47/EG medische hulpmiddelen, tengrondslag liggende stoffen en producten-Gebruik in explosiegevaarlijke gebieden-Gebruik op beweegbare ondergronden zoalsschepen, railverkeer of vliegtuigen-Opslag van levende dierenVerkeerd gebruik van het apparaat kan totbeschadigingen van de opgeslagen goederenof het bederf hiervan leiden. KlimaatklassenHet apparaat kan afhankelijk van de klimaat-klasse, bij begrensde omgevingstemperaturen,worden gebruikt. De voor uw apparaat betref-fende klimaatklasse staat op het typeplaatjevermeld. AanwijzinguOm een probleemloze werking te waar-borgen, moet de aangegeven omgevingstem-peratuur worden aangehouden.
Klimaat-klassevoor omgevingstemperaturen vanSN 10 °C t/m 32 °CN 16 °C t/m 32 °CST 16 °C t/m 38 °CT 16 °C t/m 43 °C1. 3 ConformiteitHet koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Hetapparaat voldoet aan de van toepassing zijnde veiligheidsbe-palingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG,2009/125/EG en 2010/30/EU. De BioFresh-lade voldoet aan de eisen van een koelladevolgens EN ISO 15502. 1. 4 OpstelafmetingenFig. 2 Model Hoogte apparaat H (mm)CBNP(gb/gw/cv) 48. /CBNi(gb/gw/cv) 48. 2010x Bij gebruik van wandafstandhouders wordt de afmeting15 mm (zie 4.
2) groter. De afmetingen bij een geopende deur gelden voor eenopeningshoek van 115 °. Afstandsafmetingen variëren al naar-gelang openingshoek. 1. 5 Energie sparen-Let altijd op de be- en ontluchting. Dek de ventilatieope-ningen resp. -roosters niet af. -Houd de ventilatieluchtopeningen altijd vrij. -Plaats het apparaat niet naast een fornuis, verwarming ofdergelijke, en stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. -Het energieverbruik is afhankelijk van de plaatsingsconditieszoals bijv. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). Bij een vande normtemperatuur afwijkende omgevingstemperatuur van25° C kan het energieverbruik veranderen. -Open het apparaat, indien mogelijk zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, hoe hoger hetenergieverbruik. -Sorteer de levensmiddelen (zie Het apparaat in vogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt bewaren.
Rijpvorming wordt voorkomen. -Levensmiddelen zolang als nodig eruit halen, zodat ze niette warm worden. -Warme gerechten in het apparaat plaatsen: eerst op kamer-temperatuur laten afkoelen. Het apparaat in vogelvlucht* afhankelijk van model en uitvoering 3.
-Diepvriesproducten in de koelruimte ontdooien. -Bij langere vakantieperioden de Holiday-functie gebruiken(zie 5. 4. 4). 1. 6 IndelingsvoorbeeldFig. 3 1. 7 SmartDeviceHet apparaat is voor de integratie in een SmartHome en voor uitgebreidere servicevoorzieningenvoorbereid. Door een SmartDeviceBox kunnenoverige opties worden vrijgeschakeld. De activeringvindt plaats via het klantenportaal MyLiebherr. Nadere informatie over de beschikbaarheid, voorwaarden ende afzonderlijke opties vindt u op internet onder: www. smartde-vice. liebherr. com. 2 Algemene veiligheidsvoor-schriftenGevaren voor de gebruiker:-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t.
het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is. -Reparaties en ingrepen aan het apparaatalleen door de klantenservice of ander hier-voor opgeleid vakpersoneel laten uitvoeren. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door.
•De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. •Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ). •Wanneer er koelmiddel weglekt: Zorg datzich geen open vuur of ontstekingsbronnenin de buurt van de lekkage bevinden. Ruimte goed ventileren. Contact opnemenmet de Technische Dienst. -Geen explosieve stoffen of spuitbussen metbrandbare drijfgassen, zoals b. v. butaan,propaan, pentaan enz. in het apparaatbewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken.
-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen niet meernuttigen. Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levensmid-delen vermijden of veiligheidsmaatregelentreffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Klemgevaar:-Bij het openen en sluiten van de deur niet inhet scharnier grijpen. Vingers kunnen inge-klemd raken.
Symbolen op het apparaat:Het symbool kan zich op de compressorbevinden. Het heeft betrekking op de olie in decompressor en wijst op het volgende gevaar: Kanbij het inslikken en indringen in de luchtwegendodelijk zijn. Deze aanwijzing is alleen voor hetrecyclingproces van belang. In de normale modusbestaat er geen gevaar. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt. VOORZICHTIGduidt een gevaarlijke situatie aan,die lichamelijk letsel tot gevolg kanhebben wanneer dit gevaar nietvermeden wordt.
4 (1) Veld koelgedeelte Menuveld(4)(2) Veld BioFresh Beeldscherm(5)(3) Veld vriesgedeelteHet homebeeldscherm is de uitgangsweergave voor degebruiker. Van hieruit worden alle instellingen uitgevoerd. Door op het beeldscherm te drukken kunnen de functiesworden opgeroepen en de waarden worden gewijzigd. 3. 2 BedieningsstructuurVeld koelgedeelteFig. 5 (1) (2)Symbool koelgedeelte TemperatuurweergavekoelgedeelteIn het veld koelgedeelte wordt de ingestelde temperatuur vanhet koelgedeelte weergegeven. De volgende instellingen kunnen worden uitgevoerd:-Temperatuurinstellingen-Koelgedeelte inclusief BioFresh-gedeelte uit- en inscha-kelenVeld BioFreshFig. 6 (1) (2)Symbool BioFresh TemperatuurweergaveBioFreshIn het veld BioFresh wordt de ingestelde temperatuur van deBioFresh weergegeven. Instelling van de BioFresh-temperatuur (zie 5. 5). Veld vriesgedeelteFig.
7 (1) (2)Symbool vriesgedeelte TemperatuurweergavevriesgedeelteIn het veld vriesgedeelte wordt de ingestelde temperatuur vanhet vriesgedeelte weergegeven. De volgende instellingen kunnen worden uitgevoerd:-Temperatuurinstellingen-Apparaat uit- en inschakelenBedienings- en controle-elementen* afhankelijk van model en uitvoering 5.
Bij het uitschakelen van het vriesgedeelte worden ook het koel-en BioFresh-gedeelte uitgeschakeld. MenuveldFig. 8 (1) (2)Hoofdmenu Geactiveerde optieHet menuveld biedt toegang tot de opties en instellingen vanhet apparaat. Bovendien worden geactiveerde opties weerge-geven. 3. 3 NavigatieDoor op menu te drukken krijgt u toegang tot de afzonderlijkeopties. Na bevestiging van een optie of instelling klinkt eengeluidssignaal. De weergave wisselt naar het homebeelds-cherm. De bediening van het apparaat vindt plaats via de volgendesymbolen:Stand-by:Apparaat of temperatuurzone inscha-kelen. Menu:Opties oproepen. Min / Plus:Instelling veranderen (bijv. tempera-tuur regelen). Navigatiepijl links / rechts:Opties kiezen en in het menu navi-geren. Met de navigatiepijlen kan men doorde afzonderlijke opties bladeren. Nade laatste optie wordt de eerste optieweer weergegeven. Terug:Keuze annuleren.
De weergave wisselt naar hetvolgende hogere niveau resp. naarhet homebeeldscherm. OK:Keuze bevestigen. Na bevestiging wisselt de weergavenaar het homebeeldscherm. ON / OFF, START / STOPOptie activeren / deactiveren. Na activering of deactivering van eenoptie wisselt de weergave naar hethomebeeldscherm. RESET:Timer terugzetten. Toegang klantenserviceAanwijzingAls na 1 minuut geen keuze plaatsvindt, wisselt de weergavenaar het homebeeldscherm. 3. 4 SymbolenDe symbolen geven informatie over de actuele staat van hetapparaat. Pijlen omhoog:Temperatuur wordt verhoogd. Pijlen omlaag:Temperatuur wordt verlaagd. Stand-by:Apparaat of temperatuurzone isuitgeschakeld. Meldingen:Actieve foutmeldingen en herinne-ringen zijn aanwezig. 3.
Bij meer dan 6 geactiveerde opties worden in het menuveldalleen 4 opties weergegeven. De overige opties worden doorhet drukken op de onderste navigatiepijl weergegeven. Doorherhaaldelijk op de navigatiepijl te drukken, komt u terug bij debeginweergave. Het symbool verdwijnt als de optie eindigt of wordt gedeacti-veerd. Bedienings- en controle-elementen6 * afhankelijk van model en uitvoering.
4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. 4. 2 Apparaat opstellenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging. De deur kan tegen de muur slaan en daardoor worden bescha-digd. Bij glasdeuren kan het beschadigde glas tot verwon-dingen leiden. uZorg ervoor dat de deur niet tegen de muur kan slaan. Deur-stopper, b. v. viltstopper aan de muur aanbrengen. uEen openingsbegrenzer van de deur tot 90° kan via de tech-nische dienst worden bijbesteld. WAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte.
Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz.
uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier. qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. qHet apparaat met de achterkant en indien gewenst inclusiefde meegeleverde wandafstandhouders (zie beneden) directtegen de muur plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverschoven. qDe ondergrond van het apparaat moet dezelfde hoogtehebben als de omgeven bodem. qStel het apparaat niet op zonder hulp. qHoe meer koelmiddel R 600a er in het apparaat is, des tegroter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In tekleine ruimtes kan bij een lek een brandbaar mengsel vangas en lucht ontstaan.
Volgens de norm EN 378 moet per11 g koelmiddel R 600a de plaatsingsruimte ten minste 1 m3groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel van uw apparaat staatop het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. uTrek de beschermfolie van de sierlijsten en van de lade-fronten. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. De afstandhouders dienen gebruikt te worden om het opge-geven energieverbruik te bereiken en het condenswater bij eenhoge omgevingsvochtigheid te voorkomen. Daardoor wordt dediepte van het apparaat vergroot met circa 15 mm. Het appa-raat is zonder gebruik van de afstandhouder volledig functio-neel, alleen het verbruik is een beetje hoger. uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezelinks- en rechtsonder aan deachterzijde van het apparaatmonteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5).
uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. uDaarna deur ondersteunen: Stelvoet met steeksleutel M10op de lagerbus (B) eruit draaien, totdat deze op de bodemrust, dan 90° verder draaien.
AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6.4) .Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat.uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte.4.3 Deurscharniering veranderenIndien nodig kunt u de scharniering veranderen:Zorg ervoor dat de volgende gereedschappen klaarliggen:qTorx® 25 (T25)qTorx® 15 (T15)qSleufschroevendraaierqSteeksleutel M10qWaterpasqBijgevoegde steeksleutel met T25-gereedschapqIndien nodig een accuboormachineqIndien nodig trapladderqIndien nodig een tweede persoon inzetten voor de montage-werkzaamheden4.3.1 Bovenste sluitdemper verwijderenFig. 9 uBovenste deur openen.LET OPGevaar voor beschadiging!Wanneer de deurdichting wordt beschadigd sluit de deur evt.niet goed en is de koeling niet voldoende.uBeschadig de deur niet met de schroevendraaier!uBuitenste afdekking verwijderen. Fig.
Fig. 12 uSchroef op de sluitdempereenheid met schroevendraaierT15 ca. 14 mm losdraaien. Fig. 12 (1)uEen schroevendraaier aan de kant van de handgreep achterde sluitdempereenheid plaatsen en naar voren draaien.Fig. 12 (2)uSluitdempereenheid eruit trekken. Fig. 12 (3)4.3.2 Onderste sluitdemper verwijderenFig. 13 uOnderste deur openen.LET OPGevaar voor beschadiging!Wanneer de deurdichting wordt beschadigd sluit de deur evt.niet goed en is de koeling niet voldoende.uBeschadig de deur niet met de schroevendraaier!uPaneel met de sleufschroevendraaier losmaken en naar dezijkant draaien.Fig. 14 VOORZICHTIGKlemgevaar door dichtklappen scharnier!uVergrendeling vastklikken.uBorging in de opening klikken.Fig. 15 uAfdekking van de lagerbus eraf trekken en langs het schar-nier verschuiven. Fig. 15 (1)uBout met de vinger of schroevendraaier vanaf de onderkantoptillen. Fig.
4.3.4 Bovenste deur eruit halenFig. 21 VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt!uDeur goed vasthouden.uDeur voorzichtig neerzetten.uVeiligheidsafdekking voorzichtig eraf trekken. Fig. 21 (1)uBout met schroevendraaier T15 een stukje eruit draaien.Fig. 21 (2)uDe deur vasthouden en de bout met de vingers eruit trekken.Fig. 21 (3)uDe deur optillen en aan de kant zetten.uStop voorzichtig met een sleufschroevendraaier uit delagerbus van de deur optillen en eruit trekken. ()uStop voorzichtig met een sleufschroevendraaier uit delagerbus van de deur optillen en eruit trekken. Fig. 21 (4)4.3.5 Onderste deur eruit halenFig. 22 VOORZICHTIGGevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt!uDeur goed vasthouden.uDeur voorzichtig neerzetten.uBouten vanaf de bovenkant eruit trekken. Fig. 22 (1)uDeur naar buiten draaien, naar boven trekken en aan dezijkant stellen. Fig.
4.3.10 Deuropeningshulp omzettenFig. 30 Afdekking boven en onder de verzonken greep verwijderen:uDeuropeningshulp naar de zijkant drukken.uMet een sleufschroevendraaier in de desbetreffendeopening steken.uAfdekking omhoog tillen en verwijderen.Fig. 31 uSchroeven inclusief de grijze kunststofmantel met schroe-vendraaier T15 eruit draaien Fig. 31 (1)uDeuropeningsschuif met kracht eruit trekken. Fig. 31 (2)Fig. 32 uDeuropeningshulp naar buiten draaien.Fig. 33 uAfdekking deuropeningshulp, van de tegenoverliggendezijde, met een sleufschroevendraaier verwijderen. Fig. 33 (1)uIn de vrijgekomen opening aanbrengen. Fig. 33 (2)In gebruik nemen14 * afhankelijk van model en uitvoering
Fig. 34 uDeuropeningshulp in de opening van de tegenoverliggendezijde zwenken en vastklikken. Fig. 34 (1)AanwijzingHet kunststofblokje op de schuif mag niet op de deurafdichtingliggen.uSchuif met kunststofblokje in de richting van de buitenkanterin schuiven.uDeuropeningsschuif door uitsparing schuiven totdat dezevastklikt. Fig. 34 (2)uSchroeven inclusief kunstofkraag met schroevendraaier T15vastdraaien. Fig. 34 (3)wDe schroeven zijn aangedraaid, maar de deuropenings-schuif kan nog bewegen.uFunctie deuropeningshulp controleren: Deuropeningshulplicht bedienen.uIndien nodig de schroeven een beetje losdraaien.Fig. 35 uAfdekking boven en onder de verzonken greep vastklikken.4.3.11 Onderste deur monterenFig. 36 uStop voorzichtig met een sleufschroevendraaier optillen eneruit trekken. Fig. 36 (1)uDeur van boven op de onderste lagerbout plaatsen.Fig.
39 uGrijze kabel in de geleiding in de bovenste deur plaatsen. Fig. 39 (1)uStekker vastklikken. Fig. 39 (2)uResterende kabellengte, indien nodig, als lus in de geleidingplaatsen. 4. 3. 14 Deuren uitlijnenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door eruit vallende deur. Als de lageronderdelen niet goed zijn vastgeschroefd, kan dedeur eruit vallen. Dit kan zwaar letsel tot gevolg hebben. Bovendien sluit de deur evt. niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. uDe deur eventueel via de beide slobgaten in de lagerbusonder en lagerbus midden t. o. v. het apparaathuis uitlijnen. Hiervoor de middelste schroef in de lagerbus onder met hetbijgevoegde T25-gereedschap eruit schroeven. De overigeschroeven met het T25-gereedschap of met een schroeven-draaier T25 een beetje losdraaien en via de slobgatenuitlijnen.
4.3.15 Onderste sluitdemper monterenFig. 40 uSluitdempereenheid aan de zijde van de lagerbus tot deaanslag schuin in de uitsparing schuiven. Fig. 40 (1)uSluitdempereenheid volledig in de uitsparing schuiven.Fig. 40 (2)wDe eenheid is correct gepositioneerd als de rib van de sluit-dempereenheid in de geleiding ligt.uSchroef met een schroevendraaier T15 vastschroeven.Fig. 40 (3)uAfdekking over het scharnier schuiven. Fig. 40 (4)Fig. 41 De deur is 90° geopend.uScharnier in de ophanging draaien. Fig. 41 (1)uBout met een schroevendraaier T15 in de ophanging en hetscharnier plaatsen. Opletten dat hierbij de vergrendelnokcorrect in de groef zit. Fig. 41 (2)uAfdekking van de lagerbus langs het scharnier schuiven enover de ophanging monteren. Fig. 41 (3)uBorging verwijderen. Fig. 41 (4)uPaneel aan de kant van de greep aanbrengen en naarbinnen draaien. Fig.
41 (5)wPaneel is vastgeklikt.uOnderste deur sluiten.4.3.16 Bovenste sluitdemper monterenFig. 42 uSluitdempereenheid aan de zijde van de lagerbus tot deaanslag schuin in de uitsparing schuiven. Fig. 42 (1)uEenheid volledig erin schuiven.wDe eenheid is correct gepositioneerd als de rib van de sluit-dempereenheid in de geleiding in de behuizing ligt.uSchroef met een schroevendraaier T15 vastschroeven.Fig. 42 (2)Fig. 43 De deur is 90° geopend.uScharnier in lagerbus draaien. Fig. 43 (1)uBout in de lagerbus en het scharnier aanbrengen. Oplettendat hierbij de vergrendelnok correct in de groef zit.Fig. 43 (2)uBorging verwijderen. Fig. 43 (3)uAfdekking erop schuiven. Fig. 43 (4)In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 17
Fig. 44 uAfdekking van de lagerbus aanbrengen en vastklikken, enindien nodig, voorzichtig uit elkaar drukken. Fig. 44 (1)uPaneel aanbrengen. Fig. 44 (2)uPaneel naar binnen draaien en vastklikken. Fig. 44 (3)uBuitenste afdekking erop schuiven. Fig. 44 (4)uBovenste deur sluiten. Fig. 44 (5)4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 45 A [mm] B [mm] C [cm2]D [mm] E [mm]682 x82 min. 300 min. 50 min. 19 x Bij gebruik van wandafstandhouders wordt de afmeting15 mm (zie 4. 2) groter. De maten gelden voor een openingshoek van 90 °. Afstands-maten verschillen afhankelijk van openingshoek. Een set voor de begrenzing van de openingshoek van de deurtot 90° kan bij apparaten met sluitdemper via de klantenserviceworden verkregen. Het apparaat kan in keukenkasten worden ingebouwd. Om hetapparaat Fig. 45 (2) aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kan boven het apparaat een opzetkast Fig.
45 (1)worden aangebracht. Het apparaat kan direct naast de keukenkast Fig. 45 (3)worden geplaatst. Om de deuren volledig te kunnen openen,moet het apparaat overeenkomstig de diepte Fig. 45 (B) t. o. v. het keukenkastfront uitsteken. Afhankelijk van de diepte van dekeukenkast en het gebruik van de wandafstandshouders kanhet apparaat verder uitsteken. LET OPRisico op beschadiging door oververhitting als gevolg vanonvoldoende ventilatie. Bij te weinig ventilatie kan de compressor worden beschadigd. uLet op voldoende ventilatie. uNeem de ventilatie-eisen in acht. Ventilatie-eisen:-De afstandribben aan de achterzijde van het apparaat zijnbedoeld voor voldoende ventilatie. Deze mogen in de eind-positie niet in uitsparingen of openingen liggen. -Aan de achterzijde van de opzetkast moet een luchtafvoer-kanaal met de diepte Fig. 45 (D) over de volledige breedtevan de opzetkast aanwezig zijn.
-Onder het plafond moet de ventilatiedoorsnede Fig. 45 (C)worden aangehouden. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt. Wanneer het apparaat met de scharnieren naast een wandFig.
45 (4) wordt geplaatst, moet de afstand Fig. 45 (E) tussenapparaat en wand worden aangehouden. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethy-leen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenWAARSCHUWINGVerkeerd aansluiten. Brand. uGeen verlengkabel gebruiken. uGeen verdeeldozen gebruiken. In gebruik nemen18 * afhankelijk van model en uitvoering.
LET OPVerkeerd aansluiten. Beschadiging van de elektronica. uGeen omvormer gebruiken. uGeen energiespaarstekker gebruiken. AanwijzingUitsluitend het meegeleverde netsnoer gebruiken. uEen langer netsnoer kan bij de klantenservice wordenbesteld. Fig. 46 a b c G~ 1400 mm ~ 1800 mm ~ 2100 mm ApparaatstekkerZorg ervoor dat aan de volgende eisen zijn voldaan:- Het type stroom en de spanning op de opstelplaats komenovereen met de gegevens op het typeplaatje (zie Het appa-raat in vogelvlucht). - De contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaarden elektrisch gezekerd. - De uitschakelstroom van de zekering ligt tussen de 10 en 16A. - De contactdoos is gemakkelijk toegankelijk. - De contactdoos bevindt zich buiten het bereik van deachterzijde van het apparaat in het desbetreffende gedeelteFig. 46 (a, b, c). uElektrische aansluiting controleren. uBreng de apparaatstekker Fig.
46 (G) aan de achterzijdevan het apparaat aan. Let op het correct vastklikken. uDe netstekker op de voeding aansluiten. wHet logo van Liebherr verschijnt op het beeldscherm. wDe weergave verandert in het stand-bysymbool. 4. 7 Apparaat inschakelenAanwijzingIs de demonstratiemodus geactiveerd, verschijnt DEMO op hethomebeeldscherm. uDemonstratiemodus deactiveren (zie Storingen). AanwijzingDe fabrikant adviseert:uDiepvriesproducten bij -18 °C of kouder in het apparaatleggen. Apparaat ca. 2 uur vóór de eerste lading aansluiten en inscha-kelen. 4. 7. 1 Apparaat inschakelenWordt het stand-bysymbool boven het volledige beeld-scherm weergegeven:uDruk op het stand-bysymbool. wHet apparaat is ingeschakeld. De weergave wisselt naar hethomebeeldscherm. wHet apparaat stelt zich op de weergegeven temperaturen in. Dit wordt door de pijlen omlaag weergegeven.
Wordt het stand-bysymbool in het veld koelgedeelte,BioFresh en vriesgedeelte weergegeven:uDruk op het stand-bysymbool in het veld vriesgedeelte ofkoelgedeelte. wHet apparaat is ingeschakeld. wHet apparaat stelt zich op de weergegeven temperaturen in.
Dit wordt door de pijlen omlaag weergegeven. Is het beeldscherm zwart:uDruk op het beeldscherm. wHet stand-bysymbool verschijnt op het volledige beeld-scherm. uDruk op het stand-bysymbool. wHet apparaat is ingeschakeld. De weergave wisselt naar hethomebeeldscherm. wHet apparaat stelt zich op de weergegeven temperaturen in. Dit wordt door de pijlen omlaag weergegeven. 4. 7. 2 Koel- en BioFresh-gedeelte inschakelenHet stand-bysymbool wordt in het veld koelgedeelte enBioFresh weergegeven. uDruk op het stand-bysymbool in het veld koelgedeelte. wKoelgedeelte en BioFresh-gedeelte zijn ingeschakeld. wHet koelgedeelte en BioFresh-gedeelte stellen zich op deweergegeven temperatuur in. Dit wordt door de pijlenomlaag weergegeven. 4. 8 FreshAir-filter aanbrengenHet bijgevoegde FreshAir-filter kan voor een optimale luchtkwa-liteit worden gebruikt.
De houder bevindt zich in de bovenste apparaatzone, (zie Hetapparaat in vogelvlucht)uAfdekking verwijderen. Fig. 47 uFreshAir-filter in afdekking plaatsen en naar rechts draaien. uZorg ervoor dat het filter vastklikt. uAfdekking weer aanbrengen. Timer activerenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot het FreshAir-filter wordt weergegeven. uDruk op het symbool FreshAir-filter. uDruk op ON. wDe timer is geactiveerd. Na het verstrijken van het intervalvraagt een melding om het FreshAir-filter te vervangen. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 19.
4. 9 Timer ventilatieroosters reinigenactiverenVoor een toereikende ventilatie moet het ventilatierooster mini-maal 1 keer per jaar worden gereinigd. De timer kan ter herin-nering worden geactiveerd. uDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot het ventilatier-ooster wordt weergegeven. uDruk op het symbool ventilatieroosters. uDruk op ON. wDe timer is geactiveerd. Na het verstrijken van het intervalvraagt een melding om de ventilatieroosters te reinigen. 5 Bediening5. 1 Temperatuureenheid wijzigenDe weergave van de temperatuur kan gewijzigd worden van °Cnaar °F. uDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen totdat °C wordt weerge-geven. uDruk op °F. wDe temperatuur wordt in °F weergegeven. De omzetting van °F naar °C wordt uitgevoerd. 5. 2 KinderbeveiligingMet de kinderbeveiliging zorgt u ervoor datkinderen bij het spelen het apparaat niet onbe-doeld uitschakelen. 5. 2.
1 Kinderbeveiliging inschakelenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot de kinderbeveili-ging wordt weergegeven. uDruk op ON. wKinderbeveiliging is ingeschakeld. 5. 2. 2 Kinderbeveiliging uitschakelenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot de kinderbeveili-ging wordt weergegeven. uDruk op OFF. wKinderbeveiliging is uitgeschakeld. 5. 3 SabbatmodusDeze functie vervult de religieuze eisen op de sabbat resp. Joodse feestdagen. Als de sabbatmodus is geactiveerd, zijnenkele functies van de besturingselektronica uitgeschakeld. Nahet instellen van de sabbatmodus hoeft u zich niet meer bezigte houden met controlelampjes, cijfers, symbolen, weergaven,alarmmeldingen en ventilatoren. De ontdooicyclus werkt alleentot de ingestelde tijd, zonder rekening te houden met hetgebruik van de koelkast. Na een stroomuitval schakelt hetapparaat automatisch terug naar de sabbatmodus.
WAARSCHUWINGGevaar van een levensmiddelenvergiftiging. Treedt er een stroomuitval op, als de sabbatmodus is geacti-veerd, wordt deze melding niet opgeslagen.
Is de stroomuitvalbeëindigd, werkt het apparaat verder in de sabbatmodus. Alsdeze modus is beëindigd, wordt er geen melding weergegevenover de stroomuitval in de temperatuurweergave. Als tijdens de sabbatmodus een stroomuitval is opgetreden:uLevensmiddelen op hun kwaliteit controleren. Ontdooidelevensmiddelen niet consumeren. -Alle functies zijn vergrendeld m. u. v. het uitschakelen van desabbatmodus. -Zijn de functies zoals SuperFrost, SuperCool, Ventilationenz. geactiveerd, als de sabbatmodus is ingeschakeld,blijven deze actief. -Er worden geen akoestische signalen weergegeven en in detemperatuurweergave worden geen waarschuwingen/instel-lingen weergegeven (bijv. temperatuuralarm, deuralarm)-De binnenverlichting is uitgeschakeld. 5. 3. 1 SabbathMode inschakelenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen totdat Sabbat-hMode wordt weergegeven. uDruk op ON.
wSabbathMode is ingeschakeld. Op het beeldschermwordt alleen het symbool SabbathMode weergegevenSabbathMode schakelt zich na 120 uur automatisch uit, alsdeze niet vooraf handmatig wordt uitgeschakeld. De weergavewisselt naar het homebeeldscherm. 5. 3. 2 SabbathMode uitschakelenuDruk op het beeldscherm. uDruk op OFF. wSabbathMode is uitgeschakeld. 5. 4 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de afschei-ding tussen de BioFresh zone en de achterzijde is het hetkoudste. Voorin aan de bovenkant en in de deur is het hetwarmste. 5. 4. 1 Levensmiddelen koelenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. uVentilatieluchtspleten altijd vrijlaten. uIn het bovengedeelte en in de deur boter en conservenbewaren.
uLevensmiddelen die veel ethyleengas afgeven of daargevoelig voor zijn, zoals fruit, groenten en salades, altijdapart bewaren of verpakken, om de bewaartijd niet teverkorten; bijv. tomaten niet samen bewaren met kiwi's ofkool. uhet gedeelte vooraan op de bodem van het koelgedeeltealleen gebruiken om producten korte tijd neer te zetten, bijv. bij het opruimen of sorteren. Levensmiddelen daar niet latenliggen, ze kunnen bij het sluiten van de deur naar achterworden geschoven of omvallen. Bediening20 * afhankelijk van model en uitvoering.
uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. 5. 4. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de ruimtetemperatuur op de opstellocatie-de aard, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenDe temperatuur is instelbaar van 9 °C tot 3 °C. Aanbevolen waarden temperatuurinstelling: 5 °CuDruk op het veld koelgedeelte. wHet volgende beeldscherm wordt weergegeven:Fig. 48 Temperatuur hoger (warmer) instellen:uDruk op plus. Temperatuur lager (kouder) instellen:uDruk op min. Bij de keuze van de koudste temperatuur wordt het min-symbool inactief. Na de keuze van de warmste temperatuur wordt door hetopnieuw op het plus-symbool drukken, het plus-symbool inac-tief. Op de weergave wordt het stand-bysymbool weergegeven. uDe gewenste temperatuur met OK bevestigen.
wDe weergave wisselt naar het homebeeldscherm. wDe geselecteerde temperatuur wordt weergegeven. wDe pijlen omhoog resp. omlaag geven de temperatuurwijzi-ging weer. Na het bereiken van de ingestelde temperatuurverdwijnen de pijlen. 5. 4. 3 SuperCoolMet SuperCool schakelt u het hoogste afkoel-vermogen in. Daarmee bereikt u lagere koel-temperaturen. Gebruik SuperCool om grotehoeveelheiden levensmiddelen snel af tekoelen. Wanneer SuperCool ingeschakeld is, kan de ventilator*draaien. Het apparaat werkt met maximaal koelvermogen,daardoor kan het geluid van het koelaggregaat tijdelijk luiderzijn. SuperCool heeft een iets hoger energieverbruik. SuperCool inschakelenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen totdat SuperCoolwordt weergegeven. uDruk op het symbool SuperCool. wHet volgende beeldscherm wordt weergegeven:Fig. 49 De looptijd kan in vier niveaus worden ingesteld.
Looptijd instellen:uDruk op plus of min. Bij de keuze van het laagste niveau wordt het min-symboolinactief. Bij de keuze van het hoogste niveau wordt het plus-symboolinactief. uGewenste looptijd met START bevestigen.
wDe weergave wisselt naar het homebeeldscherm. wSuperCool is geactiveerd. wIn het veld koelgedeelte wordt de resterende looptijden het symbool SuperCool weergegeven. wDe verlaagde temperatuur wordt door de pijl omlaagweergegeven. wNa het verstrijken van de resterende looptijd, loopt hetapparaat in de normale modus verder. De tempera-tuur stelt zich weer op de vooraf ingestelde waarde in. De pijlen omhoog geven de temperatuurverhogingweer. SuperCool vroegtijdig uitschakelenuDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot SuperCool en deresterende looptijd worden weergegeven. uDruk op de resterende looptijd. uDruk op STOP. wSuperCool is uitgeschakeld. wDe temperatuur stelt zich weer op de vooraf ingesteldewaarde in. De pijlen omhoog geven de temperatuurverho-ging weer. 5. 4.
4 Holiday-functieDe vakantieschakelaar spaart energie envoorkomt dat er een geur ontstaat,wanneer de deur van het koelgedeeltelangere tijd dicht blijft. Het vriesgedeelte blijft in werking tijdensde vakantiefunctie. Holiday-functie inschakelenuAlle levensmiddelen uit het koel- en BioFresh-gedeelte tehalen, omdat deze anders bederven. uDruk op menu. uDruk zo vaak op de navigatiepijlen tot de Holiday-functie wordt weergegeven. uDruk op ON. wDe Holiday-functie is ingeschakeld. wIn het veld koelgedeelte en BioFresh-gedeelte wordt hetsymbool Holiday-functie weergegeven. Holiday-functie uitschakelenuDruk in het veld koelgedeelte op het symboolHoliday-functie. wDe Holiday-functie is uitgeschakeld. wDe temperatuur stelt zich weer op de vooraf inge-stelde waarde in. De pijlen omhoog geven detemperatuurverhoging weer. 5. 4.
Fig. 50 uTil het plateau op en trek het een stuk naar voren. uVerstel het plateau in de hoogte. Verschuif daarvoor deuitsparingen langs de geleiders. uOm het plateau helemaal uit te nemen, moet het schuinworden gezet en er naar voren toe uit worden getrokken. uPlateaus op gewenste hoogte terugschuiven. De uittrek-stops moeten naar beneden wijzen en achter de voorstesteunrib liggen. Let bij het opbergen en uitnemen van levensmiddelen op hetbovenste plateau op de uitgeklapte verlichting. Draagplateaus demonterenuDe plateaus kunnen wordengedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 4. 6 Deelbare draagplateau gebruikenFig. 51 In de hoogte verstellen:uGlasplaten één voor één naar voren toe naar buiten trekken. uSteun uit vergrendeling trekken en op de gewenste hoogtevastklikken. Beide oppervlakken gebruiken:uBovenste glasplaat omhoog tillen, onderste glasplaat naarvoren trekken.
wDe glasplaat (1) met de uittrekaanslag moet zich vóórbevinden, zodat de aanslagen (3) omlaag gericht zijn. 5. 4. 7 Geïntegreerd flessenrek gebruikenOp de bodem van het koelgedeelte kan naar keuze het geïnte-greerde flessenrek of de glasplaat worden gebruikt:uFlessenrek gebruiken: deglasplaat ruimtebesparendonder het flessenrekplaatsen. uFlessen met de onderkantnaar achter tegen de achter-wand leggen. Indien de flessen uit het fles-senrek steken:uDe onderste opbergvakkenin de deur een positie hogerzetten. 5. 4. 8 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenFig. 52 De boxen kunnen wordenuitgenomen en zo op tafelworden gezet. Men kan zowel slechts één als beide boxen gebruiken. Wanneer er hele hoge flessen moeten worden opgeborgen,moet er slechts één box boven het flessenrek worden opge-hangen. uBoxen omzetten: naar bovenuitnemen en op degewenste plaats terugzetten.
Let er bij het sluiten van de deur op,udat het deksel van het boxenrekje gesloten is ofudat bij het bewaren van levensmiddelen in de bovensteopbergvakken tot de bovenkant van het apparaat eenafstand van 30 mm in acht wordt genomen. Opbergvakken demonterenFig. 53 Bediening22 * afhankelijk van model en uitvoering.
Fig. 54 uDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 4. 9 Flessenhouder gebruikenuOm ervoor te zorgen dat deflessen niet omvallen, moetde flessenhouder wordenverschoven. 5. 5 BioFresh-gedeelteIn het BioFresh-gedeelte unnen sommige levensmiddelen totdrie maal langer worden bewaard dan bij traditioneel koelen enblijft de kwaliteit behouden. Voor levensmiddelen met een vervaldatum geldt altijd dedatum vermeld op de verpakking. 5. 5. 1 DrySafeDe DrySafe is geschikt voor het bewaren van droge of verpaktelevensmiddelen (bijv. zuivelproducten, vlees, vis, vleeswaren). Hier ontstaat een relatief droog bewaarklimaat. 5. 5. 2 HydroSafeDe HydroSafe is bij een instelling op hoge luchtvochtigheidgeschikt voor het bewaren van onverpakte sla, groenten en fruitdie zelf veel vocht bevatten.
Bij een goed gevulde schuifladeontstaat een dauwfris klimaat met een luchtvochtigheid totmaximaal 90 %. De luchtvochtigheid in het vak hangt af van hetvochtgehalte van de ingelegde producten en van hoe vaak hetvak wordt geopend. U kunt de vochtigheid zelf instellen. 5. 5. 3 De vochtigheid instellen in de HydroSafeu Lage luchtvochtigheid:Regelaar naar links schuiven. u Hoge luchtvochtig-heid: Regelaar naar rechtsschuiven. 5. 5. 4 Levensmiddelen bewarenAanwijzinguNiet in het BioFresh-gedeelte horen koudegevoeligegroenten als komkommers, aubergines, halfrijpe tomaten,courgettes en alle koudegevoelige zuidvruchten. uZorg ervoor dat levensmiddelen niet bederven door overge-dragen bacteriën: bewaar onverpakte dierlijke en plantaar-dige levensmiddelen gescheiden van elkaar in de laden. Datgeldt ook voor verschillende soorten vlees.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Liebherr CBNPGW 4855 PREMIUM stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast Liebherr
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast