Liebherr CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost Handleiding

Liebherr Koelkast CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost

Bekijk gratis de handleiding van Liebherr CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost (16 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 40 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Liebherr CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/16
Gebruiks- en montagehandleiding
Koel-vriescombinatie met BioFresh-gedeelte
270913 7085660 - 01
CBN/ CBNesf ... 3

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Liebherr
Categorie: Koelkast
Model: CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost
Apparaatplaatsing: Vrijstaand
Kleur van het product: Roestvrijstaal
Deurscharnieren: Rechts
Ingebouwd display: LED
Breedte: 600 mm
Diepte: 630 mm
Hoogte: 2011 mm
Jaarlijks energieverbruik: 359 kWu
Energie-efficiëntieklasse (oud): A+
Brutocapaciteit vriezer: 111 l
Nettocapaciteit vriezer: 86 l
Vriescapaciteit: 14 kg/24u
Ontdooifunctie: Ja
Draairichting deur verwisselbaar: Ja
Nettocapaciteit koelkast: 246 l
Brutocapaciteit koelkast: 274 l
Koelkast binnenverlichting: Ja
Aantal planken koelkast: 4
Bewaartijd bij stroomuitval: 30 uur
Aantal planken vriezer: 3
Aantal sterren: 4*
Totale nettocapaciteit: 332 l
Eierenrekje: Ja
No Frost system: Ja
Totale brutocapaciteit: 385 l
Ingebouwde vriezer: Ja
Deur open alarm: Ja
Aantal compressors koelkast: 1
Ijsblokjeshouder: Ja

Handleiding Liebherr CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost – volledige tekst

Inhoudsopgave1 Het apparaat in vogelvlucht. 21. 1 Overzicht apparaat en uitrusting. 21. 2 Toepassingen van het apparaat. 21. 3 Conformiteit. 31. 4 Afmetingen voor plaatsing. 31. 5 Energie sparen. 32 Algemene veiligheidsvoorschriften. 33 Bedienings- en controle-elementen. 53. 1 Bedienings- en controlepaneel. 53. 2 Temperatuurdisplay. 54 In gebruik nemen. 54. 1 Apparaat transporteren. 54. 2 Apparaat opstellen. 54. 3 Draairichting deur veranderen. 64. 4 Inbouw in het keukenblok. 84. 5 Afvalverwerking van de verpakking. 84. 6 Apparaat aansluiten. 84. 7 Apparaat inschakelen. 85 Bediening. 95. 1 Deuralarm. 95. 2 Temperatuuralarm. 95. 3 Koelgedeelte. 95. 4 BioFresh-gedeelte. 105. 5 Vriesgedeelte. 116 Onderhoud. 136. 1 Ontdooien met NoFrost. 136. 2 Apparaat reinigen. 136. 3 Technische Dienst. 137 Storingen. 148 Uitzetten. 148. 1 Apparaat uitschakelen. 148. 2 Buiten werking stellen.

159 Apparaat afdanken. 15De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkelingvan alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begripvoor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniekmoeten voorbehouden. Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, deinstructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a. u. b. De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijnmogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten vantoepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*). Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een ,gebruiksresultaten met een. 1 Het apparaat in vogelvlucht1. 1 Overzicht apparaat en uitrustingAanwijzinguLevensmiddelen zoals in de afbeelding getoond sorteren. Zo werkt het apparaat energiebesparend. uPlateaus, schuifladen of manden zijn in de geleverdetoestand voor een optimale energie-efficiëntie ingedeeld. Fig.

-voor catering en soortgelijke diensten in degroothandelGebruik het apparaat alleen voor huishoudelijketoepassingen. Alle andere toepassingen zijnniet toegestaan. Het apparaat is niet geschiktvoor het bewaren en koelen van medicijnen,bloedplasma, laboratoriumpreparaten en derge-lijke stoffen en producten als genoemd in derichtlijn inzake medische hulpmiddelen2007/47/EG. Misbruik van het apparaat kanleiden tot schade aan bewaarde producten oftot bederf ervan. Daarnaast is het apparaat nietgeschikt voor gebruik op plaatsen waar ontplof-fingsgevaar kan heersen. Het apparaat is volgens de klimaatklassegebouwd voor gebruik bij bepaalde omgevings-temperaturen. De klimaatklasse van uw appa-raat vindt u op het typeplaatje. AanwijzinguRespecteer de opgegeven omgevingstempe-raturen, zoniet vermindert de koelprestatie.

5 Energie sparen-Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer. Ventila-tieopeningen resp. -roosters niet afdekken. -Ventilatorluchtspleten altijd vrij houden. -Stel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke.

-Het energieverbruik is afhankelijk van opstellingsomstandig-heden b. v. de omgevingstemperatuur (zie 1. 2). -Open het apparaat zo kort mogelijk. -Hoe lager de temperatuur wordt ingesteld, des te hoger ishet energieverbruik. -Zet de levensmiddelen soort bij soort. (zie Het apparaat invogelvlucht). -Alle levensmiddelen goed verpakt en afgedekt opslaan. Rijpvorming wordt vermeden. -Levensmiddelen slechts zolang als nodig buiten het appa-raat laten staat, zodat ze niet te warm worden. -Warme gerechten in de kast plaatsen: eerst laten afkoelentot kamertemperatuur. -Diepvriesproducten in de koelruimte laten ontdooien. -Bij langere afwezigheid het koeldeel leegmaken en uitscha-kelen. Stof doet het energieverbruik toenemen:-de koelmachine met warmtewisselaar -metalen rooster aan de achterkant vanhet apparaat - eens per jaar afstoffen.

-Dit apparaat kan door kinderen vanaf 8 jaaren ouder, evenals door personen metbeperkte fysische, sensorische of mentalecapaciteiten of gebrek aan ervaring en kennisworden gebruikt, wanneer ze onder toezichtstaan of m. b. t. het veilige gebruik van hetapparaat instructies hebben gekregen en dedaaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaatspelen. Kinderen mogen het apparaat nietzonder toezicht reinigen en onderhouden. -Als u het stroomsnoer van het apparaat uithet stopcontact trekt, altijd bij de stekkernemen. Niet aan het snoer trekken. -Trek, in geval van een storing, de stekker uithet stopcontact of schakel de beveiliging uit. -Beschadig het netsnoer niet. Gebruik hetapparaat niet wanneer het netsnoer defect is.

-Reparaties, aanpassingen aan het apparaaten het vervangen van het netsnoer alleenlaten uitvoeren door de Technische Dienst ofander daarvoor opgeleid vakpersoneel. -Het apparaat alleen conform de beschrijvingin de handleiding monteren, aansluiten enafvoeren. -Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigen geef hem eventueel aan de volgende eige-naar door. -De lampen voor speciale doeleinden (gloei-lampen, led, TL-lampen) in het apparaat zijnbedoeld om de binnenruimte te verlichten enniet geschikt als kamerverlichting. Brandgevaar:-Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieu-vriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappendkoelmiddel kan vlam vatten. •De buisleidingen van het koelmiddelcircuitniet beschadigen. •Binnenin het apparaat geen open vuur ofontstekingsbronnen gebruiken. •Binnenin het apparaat geen elektrischeapparaten gebruiken (b. v. stoomreinigers,verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz. ).

Zulke spuitbussen zijn herkenbaaraan de op de verpakking vermelde inhouds-stoffen of een vlammensymbool. Eventueelontsnappende gassen kunnen door elektri-sche componenten vlam vatten. -Houd brandende kaarsen, lampen en anderevoorwerpen met open vlammen uit de buurtvan het apparaat, zodat ze geen brandveroorzaken. -Alkoholische dranken of andere verpakkingendie alcohol bevatten, mogen uitsluitend goedafgesloten worden bewaard. Eventueel uittre-dende alcohol kan door elektrische compo-nenten vlam vatten. Gevaar voor vallen en omkiepen:-Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteunof om te leunen misbruiken. Dit geldt in hetbijzonder voor kinderen. Gevaar voor voedselvergiftiging:-Te lang opgeslagen levensmiddelen nietmeer nuttigen.

Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheiden pijn:-Langdurig huidcontact met koude opper-vlakken en gekoelde of ingevroren levens-middelen vermijden of veiligheidsmaatre-gelen treffen, b. v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs ofijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koudconsumeren. Gevaar voor verwonding en beschadiging:-Hete stoom kan letsel tot gevolg hebben. Voor het ontdooien geen elektrische kachel-tjes of stoomreinigers, open vuur of ontdoois-pray gebruiken. -IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen. Neem de specifieke aanwijzingen in deoverige hoofdstukken in acht:GEVAAR duidt een direct gevaar aan, die dedood of ernstig lichamelijk letsel totgevolg kan hebben wanneer ditgevaar niet vermeden wordt. WAAR-SCHUWINGduidt een gevaarlijke situatie aan,die de dood of ernstig lichamelijkletsel tot gevolg kan hebbenwanneer dit gevaar niet vermedenwordt.

3 Bedienings- en controle-elementen3. 1 Bedienings- en controlepaneelFig. 3 (1) Toets On/Off koelge-deelte(5) Insteltoets vriesgedeelte(2) (6)Insteltoets koelgedeelte Toets SuperFrost(3) Temperatuurdisplaykoelgedeelte(7) Toets alarm(4) Temperatuurdisplayvriesgedeelte(8) Toets On/Off vriesge-deelte3. 2 TemperatuurdisplayBij normale werking wordt aangegeven:-de ingestelde vriestemperatuur-de ingestelde koeltemperatuurDe temperatuurdisplay vriesgedeelte knippert:-de temperatuurinstelling wordt gewijzigd-na het inschakelen is de temperatuur nog niet voldoendekoud-de temperatuur is verschillende graden gestegen4 In gebruik nemen4. 1 Apparaat transporterenVOORZICHTIGGevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd trans-port. uHet apparaat verpakt transporteren. uHet apparaat rechtop transporteren. uHet apparaat niet alleen transporteren. 4.

2 Apparaat opstellenWAARSCHUWINGBrandgevaar door vocht. Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluitingvochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting. uHet apparaat is ontworpen voor gebruik in een geslotenruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgevingof binnen bereik van spatwater plaatsen. WAARSCHUWINGBrandgevaar door kortsluiting. Wanneer netsnoer/stekker van het apparaat of een anderapparaat en de achterzijde van het apparaat tegen elkaarliggen, kunnen netsnoer/stekker door trillen van het apparaatworden beschadigd, wat tot kortsluiting kan leiden. uApparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen hetapparaat liggen. uStopcontacten die zich aan de achterzijde van het apparaatbevinden niet gebruiken om het apparaat of andere appa-raten aan te sluiten. WAARSCHUWINGBrandgevaar door koelmiddel.

Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maarbrandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten. uDe buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet bescha-digen. WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging. uPlaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron,toaster enz. op het apparaat.

WAARSCHUWINGGevaar voor brand en beschadiging door verstopte ventilatie-openingen. uDe ventilatieopeningen regelmatig schoonmaken. Zorg altijdvoor een goede luchttoevoer en -afvoer. LET OPGevaar voor beschadiging door condenswater. uhet apparaat niet strak naast een ander koel-/vriesapparaatzetten. qNeem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nogvoor het aansluiten - contact op met de leverancier. qDe vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas envlak zijn. qStel het apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naasteen fornuis, verwarming of dergelijke. qHet apparaat met de achterkant en indien gewenst inclusiefde meegeleverde wandafstandhouders (zie beneden) directtegen de muur plaatsen. qHet apparaat mag alleen in onbeladen toestand wordenverschoven. qStel het apparaat niet op zonder hulp.

qDe plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de normEN 378 per 8 g R 600a koelmiddel over een volume van1 m3 beschikken. Indien de plaatsingsruimte te klein is, kanin geval van een lek in het koelmiddelcircuit een ontvlam-baar gas-lucht-mengsel ontstaan. Informatie over dehoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan debinnenkant van het apparaat. uHaal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsge-luiden ontstaan. uHaal de beschermfolie van de buitenzijde van het apparaat. *Bedienings- en controle-elementen* afhankelijk van model en uitvoering 5.

LET OPDe edelstalen deuren zijn voorzien van een hoogwaardigeoppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegde reini-gingsmiddel worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uDe gecoate mogen uitsluitend met eendeuroppervlakkenzachte schone doek worden afgeveegd. uBreng alleen op de een verzor-roestvrijstalen zijwandengingsmiddel gelijkmatig en in slijprichting aan. De reinigingop een later tijdstip wordt daardoor eenvoudiger. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. uVerwijder alle transportbeveiligingsonderdelen. Om ervoor te zorgen dat het opgegeven energieverbruik wordtbereikt, moeten de afstandhouders worden gebruikt die bijsommige apparaten zijn gevoegd. Hierdoor wordt de apparaat-diepte ca. 35 mm groter. Het apparaat functioneert zondergebruik van de afstandhouders goed en volledig, maar heefteen iets hoger energieverbruik.

uBij een apparaat met meegele-verde wandafstandhouders dezewandafstandhouders links enrechts boven aan de achterkantvan het apparaat monteren. uVoer de verpakking af (zie 4. 5). uStel het apparaat met demeegeleverde steeksleutel enmet behulp van de stelpootjes(A) en een waterpas stevig envlak op. uVervolgens de deur onder-steunen: stelvoet bij lagerbus(B) uitdraaien tot deze op devloer komt, daarna 90° verderdraaien. AanwijzinguApparaat reinigen (zie 6. 2). Als het apparaat in een erg vochtige omgeving staat, kan ercondens worden gevormd op de buitenkant van het apparaat. uZorg altijd goed voor een goede ventilatie van de plaatsings-ruimte. 4. 3 Draairichting deur veranderenIndien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen:Controleer of volgend gereedschap klaar ligt:qTorx® 25qTorx® 15qschroevendraaierqeventueel accuschroevendraaierqeventueel een tweede persoon voor de montage4.

niet, zodat het apparaat niet goedkoelt. uDe lagerbussen met 4 Nm goed vastschroeven. uAlle schroeven controleren en evt. aandraaien. In gebruik nemen* afhankelijk van model en uitvoering 7.

4. 4 Inbouw in het keukenblokFig. 9 (1) (3)Opbouwkast Keukenkast() (4)Apparaat Wandx Bij apparaten met meegeleverde wandafstandhouders wordtde afmeting 35 mm groter. (zie 4. 2). Het apparaat Fig. 3 (5) kan worden ingebouwd in de keuken. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan tepassen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 9 (1) opplaatsen. Bij een ombouw met keukenkasten (diepte max. 580 mm) kanhet apparaat direct naast de keukenkast Fig. 9 (3) wordengeplaatst. Het apparaat steekt aan de zijkant 34 mmx en in hetmidden 50 mmx uit ten opzichte van het keukenkastfront. Belangrijk voor de ventilatie:-Houd achter de gehele breedte van de opbouwkast eenruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer. -De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens300 cm2 bedragen. -Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger hetapparaat werkt.

Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een muurFig. 9 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muurminstens 40 mm bedragen. Dit in verband met het uitstekenvan de deurgreep bij een geopende deur. 4. 5 Afvalverwerking van de verpakkingWAARSCHUWINGGevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie. uKinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen. De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:-Golfkarton/karton-Onderdelen uit geschuimd polystyreen-Folies en zakken uit polyetheen-Spanbanden uit polypropeen-Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met poly-ethyleen*uBreng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel-punt. 4. 6 Apparaat aansluitenLET OPGevaar voor beschadiging van de elektronische componenten. uGebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naarwisselstroom) of spaarstekker. WAARSCHUWINGBrand- en oververhittingsgevaar.

Het stopcontact moet volgens de voorschriften zijn geaard eneen elektrische beveiliging bevatten. De afschakelstroom vande zekering moet liggen tussen 10 A en 16 A. Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn, zodat destroomvoorziening van het apparaat in geval van nood snel kanworden onderbroken. Het mag zich niet achter het apparaatbevinden. uElektrische aansluiting controleren. uSteek de stekker in het stopcontact. 4. 7 Apparaat inschakelenAanwijzinguOm het hele apparaat in te schakelen, dient u alleen hetvriesgedeelte in te schakelen. Hierbij wordt automatisch hetkoelgedeelte mee ingeschakeld. Zet het apparaat ca. 2 uur aan voordat u diepvriesproductenerin legt. 4. 7. 1 Vriesgedeelte inschakelenuToets On/Off vriesgedeelte Fig. 3 (8) indrukken. wHet apparaat is ingeschakeld. De temperatuurdisplay duidtde ingestelde temperatuur aan.

De temperatuurdisplayvriesgedeelte en de toets alarm knippert tot de temperatuurvoldoende laag is. wWanneer op het display alle LED's van het temperatuurdis-play van het koelgedeelte branden, is de demonstratie-modus geactiveerd. U kunt contact opnemen met de Tech-nische Dienst. 4. 7. 2 Koelgedeelte inschakelenAanwijzinguWanneer u het koelgedeelte inschakelt, wordt automatischhet vriesgedeelte mee ingeschakeld. uToets On/Off koelgedeelte Fig. 3 (1) indrukken. wDe binnenverlichting brandt bij open deur. wDe temperatuurdisplay brandt. Koelgedeelte en vriesge-deelte zijn ingeschakeld. In gebruik nemen8 * afhankelijk van model en uitvoering.

5 Bediening5. 1 DeuralarmWanneer de deur langer dan 60 seconden geopendis, gaat het akoestisch alarm af. Het akoestisch alarm stopt automatisch, zodra dedeur gesloten wordt. 5. 1. 1 Deuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgescha-keld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat. uToets Alarm Fig. 3 (7) indrukken. wHet akoestisch alarm gaat uit. 5. 2 TemperatuuralarmWanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is,gaat het akoestisch alarm af. Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay ende toets alarm. De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:-warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezergelegd-bij het sorteren en uitnemen van de levensmiddelen isteveel warme lucht binnengekomen-de stroom is voor langere tijd uitgevallen-het apparaat is defectHet akoestisch alarm stopt automatisch, de toets alarmFig.

3 (7) gaat uit en de temperauurdisplay stopt met knip-peren, wanneer de temperatuur weer voldoende laag isWanneer het alarm niet uitgaat (zie Storingen). AanwijzingWanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levens-middelen bederven. uDe kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorvenlevensmiddelen niet meer nuttigen. 5. 2. 1 Temperatuuralarm deactiverenHet akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd. Wanneer detemperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weeractief. uToets Alarm Fig. 3 (7) indrukken. wHet akoestisch alarm is gedeactiveerd. 5. 3 KoelgedeelteDoor de natuurlijke luchtcirculatie in het koelgedeelte ontstaaner verschillende temperatuurbereiken. Direct boven de afschei-ding tussen de BioFresh zone en de achterzijde is het hetkoudste. Voorin aan de bovenkant en in de deur is het hetwarmste. 5. 3.

(zie Het apparaat in vogelvlucht)uGebruik om te verpakken herbruikbare dozen van kunststof,metaal, aluminium, glas en vershoudfolie. uhet gedeelte vooraan op de bodem van het koelgedeeltealleen gebruiken om producten korte tijd neer te zetten, bijv. bij het opruimen of sorteren. Levensmiddelen daar niet latenliggen, ze kunnen bij het sluiten van de deur naar achterworden geschoven of omvallen. uLeg de levensmiddelen niet te dicht bij elkaar, zodat de luchtgoed kan circuleren. uFlessen tegen omvallen beveiligen: de flessenhouderverschuiven. 5. 3. 2 Temperatuur instellenDe temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren:-hoe vaak de deur wordt geopend-de temperatuur van de ruimte waar het apparaat staat-soort, temperatuur en hoeveelheid levensmiddelenAanbevolen temperatuurinstelling: 5 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen.

Is de instelling3 °C bereikt dan wordt opnieuw bij 9 °C begonnen. uTemperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op deinsteltoets koelgedeelte Fig. 3 (2). wIn het temperatuurdisplay knippert de LED van de huidigetemperatuur. uDruk net zo vaak op de insteltoets koelgedeelte Fig. 3 (2) totde LED's de gewenste temperatuur aangeven. AanwijzinguDoor de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen 5 °C en 6 °C) een ietskoudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay is dande LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 3. 3 DraagplateausDraagplateaus verplaatsenDe plateaus zijn door uittrekstops beveiligd tegen ongewilduittrekken. uTil het draagplateau op entrek het naar voren uit. uPlateaus op gewenstehoogte terugschuiven. Deuittrekstops moeten naarbeneden wijzen en achterde voorste steunrib liggen.

5. 3. 5 OpbergvakkenOpbergvakken in de deur verplaatsenuVakken uitnemen volgens de afbeel-ding. Opbergvakken demonterenuDe opbergvakken kunnen worden gedemonteerd om teworden gereinigd. 5. 3. 6 Flessenhouder uitnemenuFlessenhouder volgens afbeeldinguitnemen. 5. 4 BioFresh-gedeelteIn het BioFresh-gedeelte unnen sommige levensmiddelen totdrie maal langer worden bewaard dan bij traditioneel koelen enblijft de kwaliteit behouden. Voor levensmiddelen met een vervaldatum geldt altijd dedatum vermeld op de verpakking. 5. 4. 1 HydroSafeDe HydroSafe is bij een instelling op hoge luchtvochtigheidgeschikt voor het bewaren van onverpakte sla, groenten enfruit die zelf veel vocht bevatten. Bij een goed gevulde schuif-lade ontstaat een dauwfris klimaat met een luchtvochtigheid totmaximaal 90 %.

De luchtvochtigheid in het vak hangt af van hetvochtgehalte van de ingelegde producten en van hoe vaak hetvak wordt geopend. U kunt de vochtigheid zelf instellen. 5. 4. 2 DrySafeDe DrySafe is geschikt voor het bewaren van droge of verpaktelevensmiddelen (bijv. zuivelproducten, vlees, vis, vleeswaren). Hier ontstaat een relatief droog bewaarklimaat. 5. 4. 3 Levensmiddelen bewarenAanwijzinguNiet in het BioFresh-gedeelte horen koudegevoeligegroenten als komkommers, aubergines, halfrijpe tomaten,courgettes en alle koudegevoelige zuidvruchten. uZorg ervoor dat levensmiddelen niet bederven door overge-dragen bacteriën: bewaar onverpakte dierlijke en plantaar-dige levensmiddelen gescheiden van elkaar in de laden. Datgeldt ook voor verschillende soorten vlees. Als u levensmiddelen omwille van plaatsgebrek samen moetbewaren:ude levensmiddelen verpakken. 5. 4.

Richtwaarden voor de bewaartijd bij hoge luchtvochtig-heidAardbeien tot 7 dagenVijgen tot 7 dagenBosbessen tot 9 dagenFrambozen tot 3 dagenAalbessen tot 7 dagenKersen, zoet tot 14 dagenKiwi's tot 80 dagenPerziken tot 13 dagenPruimen tot 20 dagenVossenbessen tot 60 dagenRabarber tot 13 dagenKruisbessen tot 13 dagenDruiven tot 29 dagen5. 4. 5 Temperatuur in het BioFresh-gedeelteinstellenDe temperatuur wordt automatisch geregeld. Bij een tempera-tuur in het koelgedeelte van 5 °C ligt de temperatuur in hetBioFresh-gedeelte tussen 0 °C en 3 °C. U kunt de temperatuur iets lager of hoger instellen. De tempe-ratuur is instelbaar van (laagste temperatuur) tot (hoogste11111 99999temperatuur). Vooringesteld is de waarde. Bij de waardes 55555 11111tot kan de temperatuur onder 0 °C dalen, zodat de levens-44444middelen licht kunnen bevriezen. U kunt de temperatuur doorlopend veranderen.

Zodra dewaarde 9 bereikt wordt, wordt weer vooraan begonnen. Naar-gelang de waarde is in het temperatuurdisplay een bepaaldecombinatie van LED's verlicht. Fig. 11 uInstelmodus activeren: toets SuperFrost Fig. 3 (6) min. 5 sindrukken. wDe toets SuperFrost Fig. 3 (6) knippert. In het temperatuur-display is het LED-symbool van de ingestelde waardeverlicht. uInsteltoets vriesgedeelte Fig. 3 (5) zo vaak indrukken tot hetLED-symbool van de gewenste waarde verlicht is. uBevestigen: toets SuperFrost Fig. 3 (6) indrukken. wOp het temperatuurdisplay wordt weer de temperatuuraangegeven. uInstelmodus deactiveren: toets On/Off vriesgedeelteFig. 3 (8) indrukken. -of-uWacht 5 minuten. 5. 4. 6 De vochtigheid instellen in de HydroSafeuuhoge luchtvochtigheid: schuifre-gelaar naar rechts schuiven. 5. 4. 7 SchuifladenFig. 12 uSchuiflade uittrekken, achterkant optillen en naar voren eruitlichten.

14 uVochtreguleringsplaat verwijderen: plaat bij verwijderdeschuifladen voorzichtig naar voren trekken en naar benedeneruit lichten. uVochtreguleringsplaat terugplaatsen: dekselranden van deplaat van onder in de achterste houder Fig. 14 (1) plaatsenen aan de voorkant in de houder Fig. 14 (2) vastklikken. 5. 5 VriesgedeelteIn het vriesgedeelte kunt u diepvriesproducten of ingevrorenlevensmiddelen bewaren, ijsblokjes maken en verse levens-middelen invriezen. 5. 5. 1 Levensmiddelen invriezenU kunt maximaal zo veel kilo verse levensmiddelen binnen24 uur invriezen, als op het typeplaatje (zie Het apparaat invogelvlucht) onder „Invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De laden kunnen elk met max. 25 kg diepvriesproducten, deplateaus elk met max. 35 kg worden belast. VOORZICHTIGGevaar voor verwonding door glasscherven. Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen.

Om de levenmiddelen snel door en door te laten bevriezen,mag u de volgende hoeveelheden per verpakking niet over-schrijden:- fruit, groente max. 1 kg- vlees max. 2,5 kguVerdeel de levensmiddelen in porties en doe ze in diepvries-zakjes of in herbruikbare bakjes van kunststof, metaal ofaluminium. 5. 5. 2 Levensmiddelen ontdooien- in het koelgedeelte- bij kamertemperatuur- in een magnetron- in een oven/heteluchtovenuOntdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzonderingweer invriezen. 5. 5. 3 Temperatuur instellenAanbevolen temperatuurinstelling: -18 °CU kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Is de instelling-32 °C bereikt dan wordt opnieuw bij -15 °C begonnen. uTemperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op deinsteltoets vriesgedeelte Fig. 3 (5). wIn het temperatuurdisplay van het vriesgedeelte knippert deLED van de huidige temperatuur.

uDruk net zo vaak op de insteltoets vriesgedeelte Fig. 3 (5)tot de LEDs de gewenste temperatuur aangeven. AanwijzinguDoor de insteltoets lang in te drukken wordt binnen eenkleine temperatuurzone (b. v. : tussen -15 °C en -18 °C) eeniets koudere waarde ingesteld. In het temperatuurdisplay isdan de LED van de eerstvolgende lagere temperatuurzoneverlicht. 5. 5. 4 SuperFrostMet deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen sneltot op de kern invriezen. Het apparaat werkt metmaximaal koelvermogen, daardoor kunnen geluidenvan het koelaggregaat tijdelijk luider zijn. U kunt maximaal zoveel nieuwe levensmiddelen binnen 24 hinvriezen, als op het typeplaatje onder „invriescapaciteit. kg/24h” is aangegeven. De invriescapaciteit is afhankelijk van hetmodel en de klimaatklasse van het apparaat.

In tevriezen levensmiddelen niet met reeds ingevroren producten incontact brengen om ontdooien van deze producten te voor-komen. SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te scha-kelen:-wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt-bij het invriezen van max. ca. 2 kg nieuwe levensmiddelenper dagMet SuperFrost invriezenuToets SuperFrost Fig. 3 (6) kort indrukken. wDe toets SuperFrost is verlicht. wDe temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximalekoeling. Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:uCa. 6 u wachten. uVerpakte levensmiddelen in de bovenste laden leggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen(zie typeplaatje):uca. 24 u wachten. uBovenste laden uitschuiven en de levensmiddelen direct opde bovenste plateaus leggen. wSuperFrost schakelt na ca. 65 u automatisch uit.

wDe toets SuperFrost gaat uit, wanneer het invriezen is afge-sloten. uLevensmiddelen in de laden legen en deze weer inschuiven. wHet apparaat werkt in de energiebesparende normalemodus verder. 5. 5. 5 LadenAanwijzingHet energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bijonvoldoende ventilatie. Bij apparaten met NoFrost:uLaat de onderste schuiflade in het apparaat zitten. uHoud de luchtspleet binnen aan de achterkant steeds vrij. uOm diepvriesproducten direct op de draagplateaus tebewaren: trek de schuiflade naar voren en haal de lade uit. 5. 5. 6 PlateausuPlateau uitnemen: vooraan optillen enuittrekken. uPlateau terugplaatsen: tot aanslaginschuiven. 5. 5. 7 VarioSpaceNaast de schuifladen kunt u tevensde plateaus verwijderen. Zo creëertu plaats voor levensmiddelen vangroot formaat. Gevogelte, vlees,groot wild en hoog gebak kunnengeheel en al worden ingevroren enlater verder verwerkt.

5. 5. 9 Koudeaccu's*De koudeaccu's verhinderen bij stroomuitval, dat de tempera-tuur te snel stijgt. Koudeaccu's gebruiken*uDe koudeaccu's ruimtebespa-rend in het bovenste vriesvakleggen. uDe bevroren koudeaccu's bovenin het voorste vriesgedeelte opde ingevroren levensmiddelenleggen. 6 Onderhoud6. 1 Ontdooien met NoFrostHet NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch. Koelgedeelte:Het dooiwater verdampt door de warmte van de compressor. uAfvoeropening regelmatig reinigen, zodat het dooiwater kanweglopen (zie 6. 2). Vriesgedeelte:Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatigontdooid en verdampt dan. uU hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien. 6. 2 Apparaat reinigenWAARSCHUWINGGevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom. Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de opper-vlakken beschadigen. uGebruik geen stoomreinigers.

LET OPVerkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen. uGebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm. uGebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol. uGeen bijtende, schurende, chloor- resp. oplosmiddelbevat-tende schoonmaakproducten gebruiken. uGebruik geen chemische oplosmiddelen. uBeschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkantvan het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechnischeDienst. uKabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken ofbeschadigen. uLaat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatie-roosters en elektrische delen terecht komen. uGebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met eenneutrale pH-waarde. uGebruik in de binnenruimte van het apparaat alleen levens-middelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten. uApparaat uitruimen. uTrek de stekker uit.

Donkereplekken in het begin en een intensievere kleur van het edel-stalen oppervlak zijn normaal. *LET OPDe edelstalen deuren zijn voorzien van een hoogwaardigeoppervlaktecoating en mogen niet met het bijgevoegde reini-gingsmiddel worden behandeld. Dit zou het oppervlak kunnen aantasten. uDe gecoate mogen uitsluitend met eendeuroppervlakkenzachte schone doek worden afgeveegd. Bij sterke vervuilingkunt u wat water of een neutraal schoonmaakmiddelgebruiken. Naar wens kan ook een microvezeldoek wordengebruikt. uRoestvrijstalen zijwanden bij vervuiling met een gebruike-lijke roestvrijstaalreiniger reinigen. Vervolgens het meegele-verde rvs onderhoudsmiddel gelijkmatig in slijprichtingaanbrengen. uGelakte zijwanden mogen uitsluitend met een zachteschone doek worden afgeveegd. Bij sterke vervuiling kunt uwat water of een neutraal schoonmaakmiddel gebruiken.

Naar wens kan ook een microvezeldoek worden gebruikt. uAfvoeropening reinigen: afzettingenmet een dun hulpmiddel, bijv. eenwattenstaafje verwijderen. uDe meeste kunnen worden gedemonteerd omonderdelente worden gereinigd: zie het desbetreffende hoofdstuk. uOnderdelen met lauwwarm water en een beetje afwas-middel met de hand reinigen. uTelescooprails alleen met een vochtige doek reinigen. Hetvet in de geleiders dient ter smering en mag niet wordenverwijderd. Na het reinigen:uApparaat en onderdelen droogwrijven. uApparaat weer aansluiten en inschakelen. uSuperFrost inschakelen (zie 5. 5. 4). Wanneer de temperatuur voldoende koud is:ude levensmiddelen er weer in leggen. 6. 3 Technische DienstProbeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zieStoringen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact opmet de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegdoverzicht.

WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie. uReparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaan-sluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie Onder-houd), uitsluitend door de Technische Dienst latenuitvoeren.

uApparaataanduidingFig. 16 (1), service-nr. Fig. 16 (2) enserie-nr. Fig. 16 (3)van het typeplaatjeaflezen. Het type-plaatje bevindt zichaan de linkerkantbinnen in het appa-raat. Fig. 16 uContact opnemen met de Technische Dienst en hetprobleem, apparaataanduiding Fig. 16 (1), service-nr. Fig. 16 (2) en serie-nr. Fig. 16 (3) mededelen. Onderhoud* afhankelijk van model en uitvoering 13.

wDit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk. uHet apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienstkomt. wDe levensmiddelen blijven langer koel. uTrek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan hetsnoer trekken) of de draai de zekering uit. 7 StoringenUw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veiligewerking en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht erdesondanks een storing optreden, dan svp eerst controleren ofde storing door een bedieningsfout werd veroorzaakt. In ditgeval moeten wij de ontstane kosten ook in de garantieperiodein rekening brengen. Volgende storingen kunt u zelf verhelpen:Het apparaat functioneert niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De stekker zit niet goed in het stopcontact. uStekker controleren. →De zekering van het stopcontact is niet in orde. uZekering controleren. De compressor blijft lopen.

→De compressor schakelt bij een verminderde koudebe-hoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daar-door langer is, wordt energie bespaard. uDat is bij energiebesparende modellen normaal. →SuperFrost is ingeschakeld. uOm de levensmiddelen snel af te koelen, draait decompressor langer. Dit is normaal. Een led aan de onderachterkant van het apparaat (bij decompressor) knippert regelmatig om de 15 seconden*. →De inverter is met een foutdiagnose led uitgevoerd. uHet knipperen is normaal. Geluiden zijn te luid. →Toerentalgeregelde* compressoren kunnen naar aanleidingvan de verschillende draaisnelheden verschillendegeluiden veroorzaken. uHet geluid is normaal. Een borrelen en klateren→Dit geluid komt van het koelmiddel, dat door het koelcircuitstroomt. uHet geluid is normaal.

Een zacht klikken→Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelenvan het koelaggregaat (de motor). uHet geluid is normaal. Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn,wanneer het koelaggregaat (de motor) inschakelt.

→Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levens-middelen of na lang geopende deur wordt het koelver-mogen automatisch verhoogd. uHet geluid is normaal. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2)Een lage bromtoon. →Het geluid ontstaat door luchtstromingsgeluiden van deventilator. uHet geluid is normaal. Vibratiegeluiden. →Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Door het draai-ende koelaggregaat beginnen aangrenzende meubels envoorwerpen te trillen. uStel het apparaat af m. b. v. de stelpootjes. uFlessen en containers uit elkaar zetten. De toets SuperFrost en de temperatuurdisplay knipperenbeiden. →Het betreft een storing. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd). Op het temperatuurdisplay van het koelgedeelte brandenalle LED's. →De demonstratiemodus is geactiveerd. uNeem contact op met de Technische Dienst (zie Onder-houd).

Het apparaat is aan de buitenkant warm*. →De warmte van het koelmiddelcircuit wordt gebruikt omcondenswater te voorkomen. uDit is normaal. Temperatuur is niet laag genoeg. →De deur is niet goed gesloten. uDeur van het apparaat sluiten. →Niet voldoende be- en ontluchting. uLuchtrooster schoonmaken. →De omgevingstemperatuur is te hoog. uOplossing: (zie 1. 2). →Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. uAfwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelfwordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de TechnischeDienst (zie Onderhoud). →U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrostopgeslagen. uOplossing: (zie 5. 5. 4)→Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis,verwarming enz. ). uVerander de standplaats van het apparaat of van de warm-tebron. De binnenverlichting brandt niet. →Het apparaat is niet ingeschakeld. uApparaat inschakelen. →De deur was langer dan 15 min.

→De LED-verlichting is defect of de afdekkap is beschadigd:WAARSCHUWINGGevaar voor verwonding door een elektrische schok. Onder de afdekking bevinden zich stroomgeleidende delen. uLED-binnenverlichting uitsluitend door de TechnischeDienst of daarvoor geschoold personeel laten vervangen ofrepareren. WAARSCHUWINGRisico op letsel door LED-lamp. De lichtintensiteit van de LED-verlichting komt overeen metlaserklasse 1/1M. Als de afdekkap defect is:uNiet met optische lensen uit directe nabijheid direct in deverlichting kijken. Hierdoor kan oogletsel ontstaan. 8 Uitzetten8. 1 Apparaat uitschakelenAanwijzinguOm het apparaat volledig uit te schakelen, dient u alleen hetvriesgedeelte uit te schakelen. Hierbij wordt automatisch hetkoelgedeelte mee uitgeschakeld. Storingen14 * afhankelijk van model en uitvoering.

8.1.1 Vriesgedeelte uitschakelenuToets On/Off vriesgedeelte Fig. 3 (8) gedurende ten minste3seconden indrukken.wDe temperatuurdisplays zijn uit. Het hele apparaat is uitge-schakeld.8.1.2 Koelgedeelte uitschakelenuToets On/Off koelgedeelte Fig. 3 (1) gedurende ten minste3seconden indrukken.wDe interieurverlichting is uit.wDe temperatuurdisplay voor het koelgedeelte is uit.AanwijzinguAls u alleen het koelgedeelte wilt uitschakelen, bijv. gedu-rende een vakantie, let er dan altijd op dat de temperatuur-display van het vriesgedeelte brandt.8.2 Buiten werking stellenuApparaat leegmaken.uStekker uittrekken.uApparaat reinigen (zie 6.2) .uLaat de deuren een stukje open staan zodat er geen onaan-gename geuren kunnen ontstaan.9 Apparaat afdankenHet apparaat bevat nog waardevolle materialen enmag niet met het gewoon huis- of grofvuil wordenmeegegeven.

Het recyclen van afgedankte appa-raten moet vakkundig gebeuren overeenkomstigde plaatselijk geldende voorschriften en wetten.Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat hetkoelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel(informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij-komen.uApparaat onbruikbaar maken.uTrek de stekker uit.uSnijd het aansluitsnoer door.Apparaat afdanken* afhankelijk van model en uitvoering 15

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Liebherr CBNesf 3913 Comfort BioFresh NoFrost stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden