KTM 65 SX (2024) Handleiding

KTM Motor 65 SX (2024)

Bekijk gratis de handleiding van KTM 65 SX (2024) (132 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 14 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over KTM 65 SX (2024) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/132
BEDIENINGSHANDLEIDING2024
65SX
Artikelnr.3214829nl

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (4 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: KTM
Categorie: Motor
Model: 65 SX (2024)

Handleiding KTM 65 SX (2024) – volledige tekst

BESTE KTM KLANT,*3214829nl*3214829nl19.12.2023BESTE KTM KLANT,Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw KTM-motorfiets. U bent nu in het bezit van een modern en sportiefvoertuig dat, mits goed onderhouden, u en uw kind lang plezier zal schenken.We wensen uw kind altijd een goede en veilige rit!Hieronder het serienummer van uw voertuig invullen.Voertuigidentificatiennummer ( pag. 13) Stempel van dealerMotornummer ( pag. 13)De bedieningshandleiding komt op het tijdstip van publicatie gaat overeen met de nieuwste stand van dezemodelserie. Kleine afwijkingen die het resultaat zijn van een constructieve ontwikkeling kunnen echter nietworden uitgesloten.Alle hier genoemde gegevens zijn vrijblijvend.

KTM Sportmotorcycle GmbH houdt zich het recht voor technischegegevens, prijzen, kleuren, vormen, materialen, dienst- en serviceverlening, constructies, uitrustingen en der-gelijke zonder voorafgaande aankondiging en zonder opgave van redenen te wijzigen resp. zonder vergoeding teannuleren, deze aan te passen aan de plaatselijke situatie of de productie van een bepaald model zonder voor-afgaande aankondiging te beëindigen. KTM is niet aansprakelijk voor leveringsmogelijkheden, afwijkingen vanafbeeldingen en beschrijvingen, drukfouten en vergissingen.

De afgebeelde modellen zijn voor een deel voorzienvan speciale uitrustingen die niet standaard bij de leveromvang horen.© 2023 KTM Sportmotorcycle GmbH, Mattighofen OostenrijkAlle rechten voorbehoudenNadruk, ook gedeeltelijk, en vermenigvuldigingen van welke aard dan ook zijn uitsluitend toegestaan met schrifte-lijke toestemming van de auteur.ISO 9001(12 100 6061)KTM past kwaliteitsborgingsprocessen toe in de zin van de internationale kwaliteitsmanagement-norm ISO 9001 om een zo hoog mogelijke productkwaliteit te bereiken.Afgegeven door: TÜV Management ServiceKTM Sportmotorcycle GmbHStallhofnerstraße 35230 Mattighofen, OostenrijkDit document is geldig voor de volgende modellen:65 SX (F6001X6)65 SX CN (F6087X6)

SYMBOLEN EN FORMATERINGEN 151.1 Gebruikte pictogrammenHieronder wordt het gebruik van bepaalde pictogrammen toegelicht.Kenmerkt een verwachte reactie (bijv. van een werkstap handeling of functie).Kenmerkt een onverwachte reactie (bijv. van een werkstap handeling of functie).Kenmerkt werkzaamheden die specialistische kennis en technisch inzicht vereisen.

Laat dewerkzaamheden voor de veiligheid van uw kind uitvoeren in een geautoriseerde KTM-garage.Daar wordt uw motorfiets door speciaal geschoolde vakkundige medewerkers met het benodigdespeciale gereedschap optimaal onderhouden.Kenmerkt de verwijzing naar een pagina (op de aangegeven pagina vindt u meer informatie).Kenmerkt een aanwijzing met verdere informatie of tips.Kenmerkt het resultaat uit een test-/controlestap.Kenmerkt het einde van een werkzaamheid, inclusief eventuele nabewerkingen.1.2 Gebruikte formatteringenHieronder worden de gebruikte letterformaten verklaard.Eigennaam Kenmerkt een eigennaam.Naam®Kenmerkt een beschermde naam.Merk™ Kenmerkt een merk in het handelsverkeer.Onderstreepte woorden Verwijzen naar technische details van het voertuig of kenmerken vaktermendie in de begrippenlijst worden uitgelegd.

2 VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN62. 1 Gebruiksdefinitie - beoogd gebruikDit voertuig is zodanig ontworpen en gebouwd dat het gangbare belastingen bij normale races kan weerstaan. Ditvoertuig voldoet aan het geldende reglement en de geldende categorieën van de hoogste internationale motor-sportbonden. InfoGebruik dit voertuig uitsluitend op afgesloten trajecten buiten het openbare wegennet. 2. 2 Onjuist gebruikGebruik het voertuig uitsluitend op de beoogde wijze. Het niet op de beoogde wijze gebruiken van het voertuig kan leiden tot gevaren voor personen, materiaal enmilieu. Elk gebruik van het voertuig anders dan op de beoogde wijze geldt als onjuist gebruik. Als onjuist gebruik geldt ook het gebruik van bedrijfs‑ en hulpmiddelen die niet voldoen aan de vereiste specifica-ties voor het toepassingsgebied. 2.

3 VeiligheidsaanwijzingenVoor een veilige omgang met het beschreven product dienen enkele veiligheidsaanwijzingen in acht te wordengenomen. Lees daarom deze handleiding en alle andere handleidingen in de omvang van de levering zorgvul-dig door. De veiligheidsaanwijzingen zijn geaccentueerd en met links gekoppeld aan de relevante plaatsen in detekst. InfoOp goed zichtbare plaatsen op het beschreven product zijn verschillende aanwijzings- en waarschuwings-stickers aangebracht. Geen stickers met aanwijzingen en waarschuwingen verwijderen. Als deze ontbrekenkunt u of andere personen de gevaren niet herkennen en daardoor letsel oplopen. 2. 4 Gevarenniveau en pictogrammenGevaarWaarschuwing voor een gevaar dat direct en met zekerheid overlijden of zwaar blijvend letsel tot gevolgheeft als u niet de juiste voorzorgsmaatregelen neemt.

WaarschuwingWaarschuwing voor een gevaar dat waarschijnlijk overlijden of zwaar letsel tot gevolg heeft als u niet dejuiste voorzorgsmaatregelen neemt. VoorzichtigWaarschuwing voor een gevaar dat mogelijk licht letsel tot gevolg heeft als u niet de juiste voorzorgsmaat-regelen neemt.

VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN 272. 5 Waarschuwing voor manipulatiesHet is niet toegestaan wijzigingen aan te brengen aan de componenten van de geluidsdemping. De volgendemaatregelen of de realisatie van de betreffende toestanden zijn wettelijk verboden:1 Verwijderen of buiten werking stellen van systemen of componenten van een nieuw voertuig die de geluids-demping dienen voordat het wordt verkocht of geleverd aan de eindklant of tijdens de gebruiksduur van hetvoertuig voor andere doeleinden dan voor service, reparatie of vervanging, evenals2 Gebruik van het voertuig nadat een dergelijk systeem of een dergelijke component verwijderd of buiten wer-king is gesteld. Voorbeelden van wettelijk verboden manipulaties:1 Verwijderen of doorboren van einddempers, geluidsdempers, bochtstukken of andere componenten die uitlaat-gassen geleiden. 2 Verwijderen of doorboren van delen van het inlaatsysteem.

3 Gebruik in niet-correcte onderhoudstoestand. 4 Vervangen van bewegende onderdelen van het voertuig, onderdelen van het uitlaatsysteem of onderdelen vanhet inlaatsysteem door onderdelen die niet door de fabrikant zijn toegelaten. 2. 6 Veilig gebruikGevaarGevaar voor ongevallen Bestuurders die niet geschikt zijn voor het verkeer vormen een gevaar voor zich-zelf en voor anderen. – Rijd niet met het voertuig, als u door alcohol, drugs of medicijnen ongeschikt voor het verkeer bent. – Rijd niet met het voertuig, als u hiertoe fysiek of psychisch niet in staat bent. GevaarGevaar voor vergiftiging Uitlaatgassen zijn giftig en kunnen bewusteloosheid en/of de dood tot gevolghebben. – Zorg bij gebruik van de motor steeds voor voldoende ventilatie. – Gebruik een geschikte uitlaatgasafzuiging als u de motor in een gesloten ruimte start of laat draaien.

– Raak onderdelen zoals uitlaatsysteem, radiateur, motor, stootdemper en remsysteem pas aan, als dezevoertuigcomponenten zijn afgekoeld. – Laat de voertuigcomponenten afkoelen voordat u werkzaamheden uitvoert. Het voertuig uitsluitend in technisch goede staat, op de boogde wijze, en veiligheids- en milieubewust gebruiken. Het voertuig mag uitsluitend door geïnstrueerde personen worden gebruikt. Storingen, die de veiligheid beperken, onmiddellijk in een geautoriseerde KTM-garage laten verhelpen. De op het voertuig aangebrachte stickers met aanwijzingen en waarschuwingen in acht nemen.

2 VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN82. 7 Beschermende kledingWaarschuwingGevaar voor letsel Geen of slechte beschermende kleding vormt een verhoogd risico. – Zorg ervoor dat uw kind bij alle ritten geschikte, beschermende bekleding zoals helm, laarzen, hand-schoenen alsmede broek en jas met bescherming draagt. – Zorg ervoor dat uw kind altijd beschermende kleding draagt die zich in een goede staat bevindt envoldoet aan de wettelijke eisen. – Als u zelf motorfiets rijdt zorg er dan voor dat u altijd het goede voorbeeld geeft en zelf ook geschiktebeschermende kleding draagt tijdens het rijden. Voor uw eigen veiligheid adviseert KTM om het voertuig uitsluitend te gebruiken met geschikte, beschermendekleding. 2. 8 WerkinstructiesVoor zover niet anders aangegeven moet bij alle werkzaamheden het contact zijn uitgeschakeld (modellen metcontactslot, modellen met transpondersleutel) resp.

de motor stilstaan (modellen zonder contactslot of transpon-dersleutel). Voor enkele werkzaamheden zijn hulpgereedschappen vereist. Deze maken geen deel uit van het voertuig, maarkunnen worden besteld onder vermelding van de aangegeven nummers tussen haakjes. Voorbeeld: lagertrekker(15112017000)Tenzij anders vermeld gelden de normale voorwaarden voor alle werkzaamheden en beschrijvingen. Omgevingstemperatuur 20 °COmgevingsluchtdruk 1. 013 mbarRelatieve luchtvochtigheid 60 ± 5 %Onderdelen die niet kunnen worden hergebruikt (bijvoorbeeld zelfborgende schroeven en moeren, expansieschroe-ven, afdichtingen, dichtringen, keerringen, splitpennen, borgplaten) tijdens de montage door nieuwe onderdelenvervangen. Voor enkele schroefverbindingen is schroefborging (bijvoorbeeld Loctite®) vereist. Specifieke aanwijzingen van defabrikant bij het gebruik in acht nemen.

Beschadigde of versleten onderdelen vervangen. Na een reparatie of servicebeurt controleren of het voertuig verkeersveilig is. 2. 9 MilieuDoor op een verantwoorde manier met uw motorfiets om te gaan kunt u ervoor zorgen dat er geen problemen enconflicten ontstaan. Om de toekomst van de motorsport veilig te stellen mag u de motorfiets alleen legaal gebrui-ken, dient u milieubewust te handelen en de rechten van anderen te respecteren. Houdt u zich bij het afvoeren van oude olie, andere verbruiks- en hulpstoffen en oude onderdelen aan de gel-dende wet- en regelgeving in het betreffende land. Omdat motorfietsen niet onder de EU-richtlijn voor de afdanking van oude voertuigen vallen bestaat er geen wet-telijke regeling voor het afdanken van een oude motorfiets. Uw geautoriseerde KTM-dealer is u graag van dienst.

VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN 292.10 BedieningshandleidingLees de bedieningshandleiding beslist goed en volledig door voordat uw kind voor het eerst gaat rijden. In debedieningshandleiding vinden u en uw kind veel informatie en tips die bediening, gebruik en service eenvoudi-ger maken. Alleen zo komt u te weten hoe u het voertuig het beste afstemt op uw kind en hoe u en uw kind zichkunnen beschermen tegen letsel.TipBewaar deze bedieningshandleiding op uw eindapparaat, zodat deze altijd kan worden nagelezen.Neem contact op met een geautoriseerde KTM-dealer wanneer u meer over het voertuig wilt weten of wanneertijdens het lezen iets niet duidelijk is.De bedieningshandleiding is een belangrijk deel van het voertuig.

Bij verkoop moet de bedieningshandleidingdoor de nieuwe eigenaar opnieuw worden gedownload.De bedieningshandleiding kan via de QR-code of de link op het leveringscertificaat meerdere keren wordengedownload.De bedieningshandleiding is bovendien als download op uw geautoriseerde KTM Motorcycles-dealer en op deKTM Motorcycles-website beschikbaar. Via uw gecertificeerde KTM‑dealer kan ook een afgedrukt exemplaar wor-den besteld.Internationale KTM‑website: KTM.COM

3 BELANGRIJKE AANWIJZINGEN103. 1 Fabrieksgarantie, garantieDe in het serviceschema voorgeschreven werkzaamheden mogen uitsluitend door een geautoriseerde KTM-garageworden uitgevoerd en moeten in het KTM Dealer. net worden bevestigd, omdat anders de garantie volledig vervalt. Bij schade of gevolgschade die door manipulaties en/of wijzigingen aan het voertuig is veroorzaakt, bestaat ergeen aanspraak op fabrieksgarantie. 3. 2 Bedrijfsmiddelen, hulpstoffenAanwijzingGevaar voor het milieu Ondeskundige omgang met brandstof is gevaarlijk voor het milieu. – Er mag geen brandstof in het grondwater, de bodem of riolering terechtkomen. Bedrijfsmiddelen en hulpstoffen volgens de bedieningshandleiding en specificaties gebruiken. 3.

3 Reserveonderdelen, technisch toebehorenGebruik voor uw eigen veiligheid alleen reserveonderdelen en toebehoren die door KTM zijn vrijgegeven en/of aan-bevolen en laat deze alleen in een geautoriseerde KTM-garage monteren. Voor andere producten en daardoor ver-oorzaakte schade is KTM niet aansprakelijk. Enkele reserveonderdelen en toebehoren zijn bij de betreffende beschrijvingen tussen haakjes aangegeven. Uwgeautoriseerde KTM-dealer adviseert u graag. De actuele KTM PowerParts voor uw voertuig vindt u op de KTM-website. Internationale KTM‑website: KTM. COM3. 4 ServiceVoorwaarde voor een storingsvrij gebruik en het voorkomen van voortijdige slijtage is dat u zich houdt aan de in debedieningshandleiding genoemde service, onderhouds- en afstelwerkzaamheden aan de motor en het chassis. Door een onjuist afgesteld chassis kunnen chassiscomponenten beschadigen of afbreken.

Wanneer het voertuig onder zwaardere omstandigheden wordt gebruikt, zoals op zand of op een nat, stoffig ofmodderig traject/terrein, kunnen componenten zoals aandrijving, remsystemen, luchtfilters of veringscomponen-ten duidelijk sneller verslijten. Daarom kan het nodig zijn onderdelen reeds voor het bereiken van het volgendeservice-interval te controleren of te vervangen.

Het is belangrijk dat u zich strikt houdt aan de voorgeschreven inrijtijden en service-intervallen. De inachtnemingdaarvan draagt in belangrijke mate bij aan de verhoging van de levensduur van de motorfiets. Bij de intervallen gebaseerd op tijd of kilometerstand is het interval dat als eerste komt doorslaggevend. 3. 5 AfbeeldingenDe in de handleiding weergegeven afbeeldingen tonen deels speciale uitrustingen. Voor een betere weergave en toelichting kunnen enkele onderdelen gedemonteerd of niet afgebeeld zijn. Voor debetreffende beschrijving is het echter niet altijd noodzakelijk dat deze onderdelen worden gedemonteerd. Houdt uzich aan de aanwijzingen in de tekst. 3. 6 KlantenserviceDe geautoriseerde KTM-dealer beantwoordt graag uw vragen over uw voertuig of over KTM. De lijst met geautoriseerde KTM-dealers vindt u op de KTM-website. Internationale KTM‑website: KTM. COM.

BEDIENINGSELEMENTEN 6156.1 KoppelingshendelV02820-10De koppelingshendel1is aan de linkerzijde van het stuur aange-bracht.De koppeling wordt hydraulisch bediend en automatisch bijge-steld.6.2 RemhendelV02821-10De remhendel1is aan de rechterzijde van het stuur aange-bracht.Met de remhendel wordt de voorwielrem bediend.6.3 GashendelV02821-11De gashendel1is aan de rechterzijde van het stuuraangebracht.6.4 UitschakelknopV02820-11De uitschakelknop1is links op het stuur aangebracht.Mogelijke toestanden• Uitschakelknopin de uitgangspositie – In deze stand is hetontstekingscircuit gesloten en kan de motor worden gestart.• Uitschakelknop ingedrukt – In deze stand is het ontste-kingscircuit onderbroken. Een draaiende motor schakelt uiten een stilstaande motor schakelt niet in.

6 BEDIENINGSELEMENTEN166.5 Tankdop openenGevaarGevaar voor brand Brandstof is licht ontvlambaar.De brandstof in de tank wordt verwarmd zet deze in de brandstoftank uit en kan uit de tank stromen.– Tank het voertuig niet in de buurt van open vuur of brandende sigaretten.– Zet de motor uit, als u brandstof tankt.– Voorkom dat brandstof wordt gemorst, in het bijzonder op hete delen van het voertuig.– Wis eventueel gemorste brandstof onmiddellijk weg.– Neem de gegevens over het tanken van brandstof in acht.WaarschuwingGevaar voor vergiftiging Brandstof is gevaarlijk voor de gezondheid.– Voorkom contact van brandstof met de huid, de ogen of kleding.– Raadpleeg onmiddellijk een arts, als brandstof werd ingeslikt.– Adem geen brandstofdampen in.– Bij contact met de huid desbetreffende plek onmiddellijk met veel water afspoelen.– Ogen minstens onmiddellijk grondig met water uitspoelen en onmiddellijk een arts opzoeken, alsbrandstof in de ogen zijn gekomen.– Wissel uw kleding, als er brandstof op is gekomen.– Bewaar brandstof correct in een geschikt reservoir en buiten het bereik van kinderen.AanwijzingGevaar voor het milieu Ondeskundige omgang met brandstof is gevaarlijk voor het milieu.– Er mag geen brandstof in het grondwater, de bodem of riolering terechtkomen.S05995-10–Tankdop1tegen de klok in draaien en naar boven toe verwij-deren.6.6 Tankdop sluitenS05995-11–Tankdop1plaatsen en met de klok mee draaien tot debrandstoftank goed gesloten is.InfoSlang van de brandstoftankontluchting2zonder knik-ken leggen.

Daardoor ontstaat een rijker brandstof-luchtmengsel dat voorde koude start nodig is.InfoBij een warme motor moet de chokefunctie gedeactiveerdzijn.Mogelijke toestanden• Chokefunctie geactiveerd – Chokehendel is helemaal omlaaggedrukt.• Chokefunctie gedeactiveerd – Chokehendel is helemaalomhoog gedrukt.6.9 Versnellingshendel401950-10De versnellingshendel1is aan de linkerkant van de motorgemonteerd.401950-11De positie van de versnellingen kan afgelezen worden van deafbeelding.De neutrale of vrije standNbevindt zich tussen de 1e en 2e ver-snelling.

6 BEDIENINGSELEMENTEN186.10 Kickstarterhendel401954-10De kickstarterhendel1is rechts aan de motor aangebracht.De kickstarterhendel kan worden gezwenkt.InfoVoor het rijden eerst de kickstarterhendel naar de motorzwenken.6.11 Rempedaal401956-10Het rempedaal1bevindt zich voor de rechter voetsteun.Met het rempedaal wordt de achterwielrem bediend.6.12 Plug-in standaard402581-10De bevestiging van de plug-in standaard1bevindt zich aan hetframe aan de linkerkant van het voertuig.De plug-in standaard wordt gebruikt voor het parkeren van demotorfiets.InfoDe plug-in standaard verwijderen voordat u gaat rijden.6.13 BedrijfsurentellerS06000-10De bedrijfsurenteller1is voor het stuur aangebracht.Hij geeft het totaal aantal bedrijfsuren van de motor aan.De bedrijfsurenteller begint te tellen als de motor wordt gestart enhij stopt als de motor wordt uitgeschakeld.InfoOp de bedrijfsurenteller kan niets worden gewist of inge-steld.

INBEDRIJFSTELLING 7197. 1 Aanwijzingen voor eerste inbedrijfstellingWaarschuwingGevaar voor ongevallen Ontbrekende fysieke of psychische geschiktheid van het kind vormt een grootrisico. Kinderen kunnen gevaren vaak onderschatten of geheel niet herkennen. – Uw kind moet al zelf kunnen fietsen. – Uw kind moet het voertuig na vallen zelf weer rechtop kunnen zetten. – Bovendien moet uw kind begrijpen dat voorschriften en aanwijzingen van u of van een andere toe-zichthoudende persoon opgevolgd moeten worden. – Vertel uw kind dat het in geen geval zonder toezichthoudende persoon met het voertuig mag rijden. – Vertel uw kind dat het niet sneller mag rijden dan voor uw kind beheersbaar. – Vraag niet teveel van uw kind. Let erop dat conditie, rijtechniek en motivatie passen.

– Laat uw kind uitsluitend met het voertuig rijden, als uw kind zowel lichamelijk als geestelijk in staatis een voertuig te rijden. WaarschuwingGevaar voor letsel Geen of slechte beschermende kleding vormt een verhoogd risico. – Zorg ervoor dat uw kind bij alle ritten geschikte, beschermende bekleding zoals helm, laarzen, hand-schoenen alsmede broek en jas met bescherming draagt. – Zorg ervoor dat uw kind altijd beschermende kleding draagt die zich in een goede staat bevindt envoldoet aan de wettelijke eisen. – Als u zelf motorfiets rijdt zorg er dan voor dat u altijd het goede voorbeeld geeft en zelf ook geschiktebeschermende kleding draagt tijdens het rijden. WaarschuwingGevaar voor vallen Verschillende profielen van voor- en achterwiel beïnvloeden het rijgedrag. Verschillende profielen kunnen de controle over het voertuig aanzienlijk moeilijker maken.

WaarschuwingGevaar voor ongevallen Het voertuig is niet geschikt voor het meenemen van een bijrijder. – Vertel uw kind dat het geen bijrijder mag meenemen. WaarschuwingGevaar voor ongevallen Het remsysteem valt uit bij oververhitting. Als het rempedaal niet wordt vrijgegeven slijten de remplaketten ononderbroken. – Let erop dat uw kind de voet van het rempedaal neemt als hij of zij niet wil afremmen. WaarschuwingGevaar voor ongevallen De rijwerkcomponenten worden door overbelasting beschadigd of onbruikbaar. – Overschrijd het hoogst toegelaten bestuurdersgewicht niet.

7 INBEDRIJFSTELLING20WaarschuwingGevaar voor letsel Onbevoegd handelende personen zijn eventueel niet met het voertuig vertrouwd. – Laat het voertuig nooit onbeheerd achter als de motor draait. – Beveilig het voertuig tegen gebruik door onbevoegden. InfoDenk er bij het gebruik van de motorfiets aan dat andere mensen last kunnen hebben van teveel lawaai. – Zorg ervoor dat de werkzaamheden van de controle voor de verkoop worden uitgevoerd door een geautoriseerdeKTM-garage. U ontvangt het leveringsdocument bij de overdracht van het voertuig. – Lees voordat uw kind voor het eerst gaat rijden samen met uw kind de volledige bedieningshandleiding aan-dachtig door. InfoGa daarbij vooral in op de veiligheidsaanwijzingen en het risico op letsel. Geef uw kind uitleg over de rij- en valtechnieken, zoals de effecten van gewichtsverschuivingen op hetrijgedrag.

– Zorg ervoor dat uw kind vertrouwd raakt met de bedieningselementen. – Uitgangspositie van de koppelingshendel instellen. ( pag. 71)– Uitgangspositie van de remhendel instellen. ( pag. 75)– Uitgangspositie van het rempedaal instellen. ( pag. 82)– Voordat uw kind voor het eerst gaat rijden moet u eerst controleren of de basisinstelling van het chassisgeschikt is voor het gewicht van het kind. – Laat uw kind op een geschikt terrein wennen aan het rijgedrag van de motorfiets, bij voorkeur op een grootopen veld. InfoOm ervoor te zorgen dat uw kind een gevoel krijgt voor de werking van de rem, moet u uw kind eerstaanduwen. Pas als uw kind de voorwielrem kan doseren, kan de motor worden gestart. Laat uw kind eerst naar een andere persoon rijden, die uw kind helpt bij het stoppen en draaien.

– Zet obstakels neer waar uw kind omheen moet rijden, zodat uw kind kan wennen aan het rijgedrag van hetvoertuig. – Uw kind moet ook proberen om zo langzaam mogelijk en staand te rijden om een beter gevoel voor de motor-fiets te krijgen.

– Laat uw kind niet over terreinen rijden die te veel vergen van de capaciteiten en de ervaring van uw kind. – Uw kind moet tijdens het rijden het stuur met beide handen vasthouden en de voeten op de voetsteunen latenrusten. – Zorg ervoor dat het hoogst toelaatbare bestuurdergewicht niet wordt overschreden. Voorgeschreven waardeMaximaal bestuurdersgewicht 50 kg– Spaakspanning controleren. ( pag. 92)InfoDe spaakspanning moet na een half uur rijden worden gecontroleerd. – Motor inrijden. ( pag. 21).

8 RIJ-INSTRUCTIES228.1 Controle en onderhoud voor iedere inbedrijfstellingInfoTelkens voordat u gaat rijden controleren of het voertuig in een goede staat is en of er veilig mee kan wor-den gereden.Bij het rijden moet het voertuig technisch in een onberispelijke staat zijn.H02217-01– Cardanoliepeil controleren. ( pag. 104)– Remvloeistofpeil van de voorwielrem controleren. ( pag. 76)– Remvloeistofpeil van de achterwielrem controleren.( pag. 83)– Remvoeringen en remvoeringborging van de voorwielrem con-troleren. ( pag. 78)– Remvoeringen en remvoeringborging van de achterwielremcontroleren. ( pag. 85)– Controleren of het remsysteem goed werkt.– Koelmiddelpeil controleren. ( pag. 94)– Kettingvervuiling controleren. ( pag. 65)– Ketting, kettingwiel, ketting-aandrijfwiel en kettinggeleidingcontroleren. ( pag. 67)– Kettingspanning controleren. ( pag. 66)– Bandentoestand controleren. ( pag.

91)– Bandenspanning controleren. ( pag. 92)– Spaakspanning controleren. ( pag. 92)InfoDe spaakspanning moet regelmatig worden gecontro-leerd, omdat bij verkeerde spaakspanning de rijveilig-heid ernstig nadelig wordt beïnvloed.– Vuilschrapers van de vorkpoten reinigen. ( pag. 45)– Vorkpoten ontluchten. ( pag.

44)– Luchtfilter controleren.– Controleren of alle bedieningselementen goed zijn ingesteld ensoepel bewegen.– Alle schroeven, moeren en slangklemmen regelmatig op goedvastzitten controleren.– Brandstofvoorraad controleren.8.2 Voertuig startenGevaarGevaar voor vergiftiging Uitlaatgassen zijn giftig en kunnen bewusteloosheid en/of de dood tot gevolghebben.– Zorg bij gebruik van de motor steeds voor voldoende ventilatie.– Gebruik een geschikte uitlaatgasafzuiging als u de motor in een gesloten ruimte start of laat draaien.AanwijzingMotorschade Hoge toerentallen bij koude motor hebben een negatief effect op de levensduur van de motor.– Rij de motor altijd met een laag toerental warm.

RIJ-INSTRUCTIES 823InfoAls de motorfiets niet goed start kan dat worden veroorzaakt door oude brandstof in de vlotterkamer. Delicht ontvlambare stoffen in de brandstof vervluchtigen als de motorfiets langere tijd stilstaat. Als de vlotterkamer met verse ontsteekbare brandstof is gevuld zal de motor meteen starten. Motorfiets staat meer dan 1 week stil– Vlotterkamer van de carburateur aftappen. ( pag. 102)– Kartelschroef op de brandstofkraan tegen de klok in draaien tot de aanslag. Er kan brandstof van de brandstoftank naar de carburateur stromen. – Motorfiets van de standaard nemen. – Versnelling in stationair schakelen. Motor koud– Chokehendel helemaal omlaag drukken. – Kickstarterhendel krachtig en volledig intrappen. InfoGeen gas geven. 8. 3 Beginnen met rijdenInfoVoordat u gaat rijden moet de plug-in standaard worden verwijderd.

– Koppelingshendel trekken, in de 1e versnelling zetten, koppelingshendel langzaam vrijgeven en gelijktijdigvoorzichtig gas geven. 8. 4 Schakelen, rijdenWaarschuwingGevaar voor ongevallen Terugschakelen bij een hoog motortoerental blokkeert het achterwiel en overbe-last de motor. – Vertel uw kind dat het bij een hoog toerental niet naar een lagere versnelling mag terugschakelen. InfoAls er tijdens het rijden ongewone geluiden optreden, meteen stoppen, de motor uitzetten en contactopnemen met een geautoriseerde KTM-garage. De 1e versnelling is de start- of bergversnelling. – Als de verhoudingen het toestaan (helling, rijsituatie etc. ) kan uw kind naar een hogere versnelling schakelen. Daarvoor gas loslaten, tegelijkertijd koppelingshendel trekken, naar de volgende versnelling schakelen, koppe-lingshendel vrijgeven en gas geven.

– Als de chokefunctie is geactiveerd moet deze worden gedeactiveerd als de motor warm is. – Nadat met een volledig opengedraaide gashendel de maximale snelheid is bereikt, deze tot ¾ gasterugdraaien. Pas uw snelheid aan de weggesteldheid en weersituatie aan.

De snelheid verlaagt nauwelijks,maar er wordt aanmerkelijk minder brandstof verbruikt. – Uw kind mag altijd slechts zoveel gas geven als de motor op dat moment kan verwerken – abrupt opendraaienvan de gashendel verhoogt het verbruik. – Voor het terugschakelen de motorfiets afremmen en tegelijkertijd gas terugnemen.

8 RIJ-INSTRUCTIES24– Aan de koppelingshendel trekken en naar een lagere versnelling schakelen, koppelingshendel langzaam vrijge-ven en gas geven resp. nog een keer schakelen. – Uw kind moet de motor uitzetten, als de motorfiets langere tijd stationair draait of stilstaat. Voorgeschreven waarde≥ 2 min– Uw kind moet frequent of lang laten slippen van de koppeling vermijden. Hierdoor wordt de motorolie ver-warmd en dus ook de motor en het koelsysteem. – Leg uw kind uit dat het beter is met een lager toerental dan met een hoog toerental en slippende koppeling terijden. 8. 5 AfremmenWaarschuwingGevaar voor ongevallen Door te sterk afremmen blokkeren de wielen. – Vertel uw kind dat het de manier van remmen moet aanpassen aan de rijsituatie en de toestand vande weg. WaarschuwingGevaar voor ongevallen Een poreus drukpunt van voor- en/of achterwielrem vermindert de remwerking.

– Controleer het remsysteem en laat het kind pas verder rijden, als het probleem is opgelost. (De geau-toriseerde KTM-garage is u graag van dienst. )WaarschuwingGevaar voor ongevallen Vocht en vuil beïnvloeden het remsysteem nadelig. – Vertel uw kind om meerdere keren voorzichtig te remmen, om de remplaketten en remschijven te dro-gen en vuil te verwijderen. – Op zandige, natte of gladde ondergrond moet overwegend de achterwielrem worden gebruikt. – Het remmen moet altijd voor het begin van de bocht zijn afgerond. Uw kind moet daarbij afhankelijk van desnelheid naar een lagere versnelling schakelen. – Spoor uw kind aan om bij langdurig bergaf rijden de remwerking van de motor te gebruiken. Daarvoor een oftwee versnellingen terugschakelen, maar daarbij de motor niet overbelasten. Zo hoeft uw kind veel minder teremmen en raakt het remsysteem niet oververhit. 8.

6 Stoppen, parkerenWaarschuwingGevaar voor letsel Onbevoegd handelende personen zijn eventueel niet met het voertuig vertrouwd. – Laat het voertuig nooit onbeheerd achter als de motor draait.

– Beveilig het voertuig tegen gebruik door onbevoegden. WaarschuwingGevaar voor verbranding Sommige onderdelen van het voertuig worden bij gebruik van het voertuig heet. – Raak onderdelen zoals uitlaatsysteem, radiateur, motor, stootdemper en remsysteem pas aan, als dezevoertuigcomponenten zijn afgekoeld. – Laat de voertuigcomponenten afkoelen voordat u werkzaamheden uitvoert. AanwijzingMateriaalschade Een onjuiste handelwijze bij parkeren beschadigt het voertuig.

RIJ-INSTRUCTIES 825Als het voertuig wegrolt of omvalt, kan aanzienlijke schade ontstaan.De onderdelen voor parkeren van het voertuig zijn alleen berekend op het voertuiggewicht.– Zet het voertuig op een stevige en vlakke ondergrond.– Zorg ervoor dat niemand op het voertuig gaat zitten wanneer het voertuig op de standaard staat.AanwijzingGevaar voor brand Hete voertuigdelen vormen een brand- en explosiegevaar.– Plaats het voertuig niet in de buurt van licht ontvlambare of explosiegevaarlijke materialen.– Laat het voertuig afkoelen alvorens het te bedekken.– Motorfiets afremmen.– Versnelling in stationair schakelen.– Uitschakelknop bij stationair toerental van de motor indrukken totdat de motor stilstaat.– Kartelschroef op de brandstofkraan met de klok mee draaien tot de aanslag.– Motorfiets op vaste ondergrond parkeren.8.7 TransporterenAanwijzingMateriaalschade Een onjuiste handelwijze bij parkeren beschadigt het voertuig.Als het voertuig wegrolt of omvalt, kan aanzienlijke schade ontstaan.De onderdelen voor parkeren van het voertuig zijn alleen berekend op het voertuiggewicht.– Zet het voertuig op een stevige en vlakke ondergrond.– Zorg ervoor dat niemand op het voertuig gaat zitten wanneer het voertuig op de standaard staat.AanwijzingGevaar voor brand Hete voertuigdelen vormen een brand- en explosiegevaar.– Plaats het voertuig niet in de buurt van licht ontvlambare of explosiegevaarlijke materialen.– Laat het voertuig afkoelen alvorens het te bedekken.401475-01– Motor uitzetten.– Motorfiets met spanriemen of andere geschikte bevestigings-middelen borgen tegen omvallen en wegrollen.

8 RIJ-INSTRUCTIES268.8 Brandstof tankenGevaarGevaar voor brand Brandstof is licht ontvlambaar.De brandstof in de tank wordt verwarmd zet deze in de brandstoftank uit en kan uit de tank stromen.– Tank het voertuig niet in de buurt van open vuur of brandende sigaretten.– Zet de motor uit, als u brandstof tankt.– Voorkom dat brandstof wordt gemorst, in het bijzonder op hete delen van het voertuig.– Wis eventueel gemorste brandstof onmiddellijk weg.– Neem de gegevens over het tanken van brandstof in acht.WaarschuwingGevaar voor vergiftiging Brandstof is gevaarlijk voor de gezondheid.– Voorkom contact van brandstof met de huid, de ogen of kleding.– Raadpleeg onmiddellijk een arts, als brandstof werd ingeslikt.– Adem geen brandstofdampen in.– Bij contact met de huid desbetreffende plek onmiddellijk met veel water afspoelen.– Ogen minstens onmiddellijk grondig met water uitspoelen en onmiddellijk een arts opzoeken, alsbrandstof in de ogen zijn gekomen.– Wissel uw kleding, als er brandstof op is gekomen.AanwijzingGevaar voor het milieu Ondeskundige omgang met brandstof is gevaarlijk voor het milieu.– Er mag geen brandstof in het grondwater, de bodem of riolering terechtkomen.– Motor uitzetten.– Tankdop openen.

SERVICESCHEMA 9279. 1 Extra informatieVoor alle verdergaande werkzaamheden, die resulteren uit de servicewerkzaamheden, moet een extra opdrachtworden verstrekt, die ook apart in rekening wordt gebracht. Afhankelijk van de lokale gebruiksomstandigheden kunnen in uw land afwijkende service-intervallen gelden. In het kader van technische ontwikkelingen kunnen intervallen en omvang van afzonderlijke servicebeurten ver-anderen. Het meest recente serviceschema vindt u altijd op KTM Dealer. net. Uw geautoriseerde KTM-dealer advi-seert u graag. 9. 2 Serviceschemaom de 24 maandenom de 90 bedrijfsurenom de 45 bedrijfsurenom de 15 bedrijfsurenna 1 bedrijfsuurRemvoeringen en remvoeringborging van de voorwielrem controleren. ( pag. 78) ○ ● ● ● ●Remvoeringen en remvoeringborging van de achterwielrem controleren. ( pag. 85) ○ ● ● ● ●Remschijven controleren. ( pag.

Naaldsproeier vervangen.)● ●Groot motoronderhoud uitvoeren, inclusief demontage en montage van de motor. (Drijf-stang, drijfstanglager en kruktap vervangen. Krukaslager vervangen. Transmissie en ver-snelling controleren. Aanzuigflens vervangen. Alle motorlagers vervangen.)●Eindcontrole: controleren of het voertuig verkeersveilig is en een proefrit maken. ○ ● ● ● ●Service in het KTM Dealer.net noteren. ○ ● ● ● ●○ Eenmalig interval● Periodiek interval

CHASSIS AFSTELLEN 102910. 1 Basisinstelling chassis voor bestuurdersgewicht controlerenInfoVoor de basisinstelling van het chassis eerst de schokdemper en daarna de voorvork instellen. 401030-01– Om optimale rijeigenschappen van de motorfiets te bereikenen om beschadiging aan voorvork, schokdemper, achterbrug enframe te voorkomen moeten de basisinstelling en veringscom-ponenten bij het gewicht van de bestuurder passen. – Dit voertuig is in de leveringstoestand ingesteld op hetstandaardgewicht van een bestuurder (met completebeschermende kleding). Voorgeschreven waardeStandaard bestuurdersge-wicht35 … 45 kg– Als het gewicht van de bestuurder buiten dit bereik ligt moetde basisinstelling van de veringscomponenten worden aange-past.

– Kleine afwijkingen van het gewicht kunnen door het wijzigenvan de veervoorspanning worden gecompenseerd, bij grotereafwijkingen moet een aangepaste vering worden gemonteerd. 10. 2 LuchtveringIn deze voorvork wordt een luchtvering gebruikt. Bij dit systeem bevindt de vering zich in de linker voorvorkpoot en de demping in de rechter voorvorkpoot. Aangezien de voorvorkveren niet nodig zijn, wordt een aanzienlijk gewichtsvoordeel bereikt ten opzichte van con-ventionele voorvorken. Ook het reageren op kleine oneffenheden wordt aanzienlijk verbeterd. Onder normale rij-omstandigheden zorgt alleen een luchtkussen voor de vering. Als eindslag bevindt zich een sta-len veer in de linkervorkpoot. InfoAls de voorvork regelmatig doorslaat, moet de luchtdruk in de voorvork worden verhoogd om beschadigingvan de voorvork en het frame te voorkomen.

De luchtdruk in de voorvork kan met een voorvorkpomp snel worden aangepast aan het bestuurdersgewicht, deomstandigheden van het terrein en de wens van de bestuurder. De voorvork hoeft niet te worden gedemonteerd. De ingewikkelde montage van hardere of zachtere vorkveren kan achterwege blijven.

Als de luchtkamer als gevolg van een beschadigde pakking lucht zou verliezen, zakt de voorvork desondanks tochniet door. De lucht wordt in dit geval in de vork tegengehouden. De veerweg blijft grotendeels behouden. De dem-ping wordt harder en het rijcomfort neemt af. De demping kan in de uitgaande demping worden ingesteld. De instelling uitgaande demping bevindt zich aan de bovenzijde van de rechter vorkpoot.

10 CHASSIS AFSTELLEN3010.3 Ingaande demping schokdemperDe ingaande demping van de schokdemper is verdeeld in twee bereiken: highspeed en lowspeed.High- en lowspeed hebben betrekking op de snelheid waarmee het achterwiel inveert en niet op de rijsnelheid.De highspeed instelling voor ingaande demping is bijvoorbeeld van invloed op de landing na een sprong. Het ach-terwiel veert daarbij snel in.De lowspeed instelling voor ingaande demping is bijvoorbeeld van invloed bij het rijden over lange hobbels op deondergrond. Het achterwiel veert daarbij langzaam in.Beide bereiken kunnen apart worden ingesteld, de overgang tussen high- en lowspeed is echter vloeiend.

Daaromzijn wijzigingen in het highspeedbereik van de ingaande demping ook van invloed op het lowspeedbereik enomgekeerd.10.4 Ingaande demping lowspeed van de schokdemper instellenVoorzichtigGevaar voor letsel Delen van de schokdemper worden rondgeslingerd, als de schokdemper onvakkundiguit elkaar wordt genomen.De schokdemper is gevuld met zeer sterk gecomprimeerd stikstof.– Let op de aangegeven beschrijving.

(De geautoriseerde KTM-garage is u graag van dienst.)InfoDe lowspeed instelling voor ingaande demping toont zijn effect wanneer de schokdemper langzaam totnormaal inveert.F02172-10–Stelschroef1met een schroevendraaier met de klok meedraaien tot de laatste voelbare klik.InfoSchroef2niet losdraaien!– Afhankelijk van het schokdempertype een aantal klikken tegende klok in draaien.Voorgeschreven waardeIngaande demping lowspeedComfort 18 klikkenStandaard 15 klikkenSport 12 klikkenInfoDraaien met de klok mee verhoogt de demping, draaientegen de klok in verlaagt de demping.

(De geautoriseerde KTM-garage is u graag van dienst.)InfoDe highspeed instelling voor ingaande demping toont zijn effect wanneer de schokdemper snel inveert.F02172-11–Stelschroef1met een dopsleutel tot de aanslag met de klokmee draaien.InfoSchroef2niet losdraaien!– Afhankelijk van het schokdempertype een aantal slagen tegende klok in draaien.Voorgeschreven waardeIngaande demping highspeedComfort 2 omwStandaard 1,5 omwSport 1 omwInfoDraaien met de klok mee verhoogt de demping, draaientegen de klok in verlaagt de demping.10.6 Uitgaande demping van de schokdemper instellenVoorzichtigGevaar voor letsel Delen van de schokdemper worden rondgeslingerd, als de schokdemper onvakkundiguit elkaar wordt genomen.De schokdemper is gevuld met zeer sterk gecomprimeerd stikstof.– Let op de aangegeven beschrijving.

32)– Met behulp van een persoon die de motorfiets vasthoudt, gaatde bestuurder met volledige beschermende kleding in een nor-male zitpositie (voeten op de voetsteunen) op de motorfietszitten en beweegt enkele keren op en neer.De achterwielophanging slingert zo in de juiste positie.– Een tweede persoon meet nu opnieuw met de veerwegmal deafstand tussen de achterwielas en de markering SAG op hetachterspatbord.–Waarde als maatCnoteren.InfoDe dynamische veerweg is het verschil tussen maatAenC.– Dynamische veerweg controleren.Voorgeschreven waardeDynamische veerweg 80 mm» Als de dynamische veerweg afwijkt van de aangegevenmaat:– Dynamische veerweg instellen. ( pag. 35)

58)– Schokdemper in gedemonteerde toestand grondig reinigen.F02171-10Hoofdwerk– Totale veerlengte in gespannen toestand meten en de waardenoteren.–Contraring1losdraaien.–Stelring2draaien tot de veer volledig ontspannen is.Combinatiesleutel (50329080000)Haaksleutel (T106S)InfoAls de veer niet geheel kan worden ontspannen, moetde veer worden gedemonteerd voor een nauwkeurigemeting van de veerlengte.– Totale veerlengte in ontspannen toestand meten.–Veer door het draaien van de stelring2op de aangegevenmaatAspannen.Voorgeschreven waardeVeervoorspanning 5 mmInfoDe veervoorspanning is het verschil tussen de ontspan-nen veerlengte en de gespannen veerlengte.Afhankelijk van de statische of dynamische veerwegkan een hogere of lagere veervoorspanning nodig zijn.–Contraring1vastdraaien.Nawerk– Schokdemper monteren. ( pag. 58)– Einddemper monteren. ( pag. 61)– Zijbekleding rechts monteren. ( pag.

CHASSIS AFSTELLEN 103510.11 Dynamische veerweg instellenVoorwerk– Motorfiets met hefbok opkrikken. ( pag. 44)– Zijbekleding rechts demonteren. ( pag. 55)– Einddemper demonteren. ( pag. 61)– Schokdemper demonteren. ( pag. 58)– Schokdemper in gedemonteerde toestand grondig reinigen.B00292-10Hoofdwerk– Een passende veer kiezen en monteren.Voorgeschreven waardeVeerconstanteGewicht bestuurder:32 kg40 N/mmGewicht bestuurder:37 kg45 N/mmGewicht bestuurder:42 kg50 N/mmInfoDe veerconstante staat vermeld op de buitenkant vande veer.Kleine afwijkingen in gewicht kunnen worden gecom-penseerd door het wijzigen van de veervoorspanning.Nawerk– Schokdemper monteren. ( pag. 58)– Einddemper monteren. ( pag. 61)– Zijbekleding rechts monteren. ( pag. 56)– Motorfiets van hefbok nemen. ( pag. 44)– Statische veerweg van de schokdemper controleren.( pag.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met KTM 65 SX (2024) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden