Kern IFS 100K-2M Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Kern IFS 100K-2M (74 pagina’s), behorend tot de categorie Spiegelreflexcamera. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 11 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Kern IFS 100K-2M of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/74
KERN & Sohn GmbH
Ziegelei 1
D-72336 Balingen
Telefoon: +49-[0]7433-9933-0
Fax: +49-[0]7433-9933-149
Internet: www.kern-sohn.com
Handleiding en
bedrijfsvoorschriften
Display
KERN KFS-TM
Versie 2.1
2023-12
NL
KFS-TM-BA_IA-nl-2321

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Kern
Categorie: Spiegelreflexcamera
Model: IFS 100K-2M

Handleiding Kern IFS 100K-2M – volledige tekst

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 3 7. 6 Aantal stuks bepalen. 24 7. 6. 1 Het gemiddelde stukgewicht door wegen bepalen. 25 7. 6. 2 Het gemiddelde stukgewicht numeriek invoeren. 26 7. 7 Optellen. 27 7. 7. 1 Manueel optellen. 28 7. 7. 2 Automatisch optellen. 31 7. 8 Tolerantiecontrole. 32 7. 8. 1 De tolerantiecontrole van het doelaantal stuks. 35 7. 8. 2 Tolerantiecontrole op doelgewicht. 37 7. 9 Opslagfunctie met identificatieteken. 40 7. 9. 1 De identificatieteken aan de “Pre-Tara” functie toeschrijven:. 40 7. 9. 2 De identificatieteken aan het bepaalde referentiegewicht toeschrijven. 40 7. 9. 3 De identificatieteken aan de weging met tolerantie toeschrijven. 41 7. 10 Datum en de tijd als schermbeveiliging instellen. 44 7. 11 Teller van de overbelasting (vanaf versie 1. 00x). 47 7. 11. 1 Opgeslagen waarden bekijken:. 47 7. 11. 2 Opgeslagen waarden verwijderen:. 48 8 Functiemenu. 49 8.

1 Overzicht van weegsystemen die niet voor ijking worden bedoeld. 51 8. 2 Overzicht van weegsystemen die voor ijking worden bedoeld. 54 9 Interface RS-232C. 57 9. 1 Technische gegevens. 57 9. 2 KERN Communications Protocol (interfaceprotocol van KERN). 58 9. 3 Voorbeeld van afdruk. 59 10 Onderhoud, behouden van werkprestatie, verwijderen. 60 10. 1 Reinigen. 60 10. 2 Onderhoud, behouden van werkprestatie. 60 10. 3 Verwijderen. 60 11 Foutmeldingen, hulp bij kleine storingen. 61 12 De afleesinrichting/ de weegbrug installeren. 62 12. 1 Technische gegevens. 62 12. 2 De structuur van het weegsysteem. 62 12. 3 Aansluiting van het platform. 63 12. 4 Configuratie van de afleesinrichtingen. 64 12. 5 Overzicht van het configuratiemenu:. 66 13 Toepassing als een telsysteem. 69 13. 1 Aansluiting van de IFS-kwantiteitsweegschaal met een EWJ-referentieweegschaal met de optionele CCA-A01-interfacekabel.

6 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 2 Overzicht van het toestel 1. Gewichtsaanduiding 2. Aanduiding van gemiddeld stukgewicht 3. Aanduiding van het aantal stuks 4. Tolerantietekens, zie hoofdstuk 7.8 5. Toets "Aan/Uit" 6. Toets voor tarreren en op nul zetten 7. Numerieke toetsen 8. Functietoetsen 9. Interface RS232 10. Ingang - contact van de leiding van weegcellen 11. Tafelonderbouw/ wandgreep 12. Begrenzer voor het tafel-/statiefonderbouw 13. Contact van de netadapter 14. Kalibratietoets

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7 2.1 Overzicht van de aanduidingen Gewichtsaanduiding Aanduiding van gemiddeld stukgewicht Aanduiding van het aantal stuks • Gewichtsaanduiding Hier verschijn het gewicht van het gewogen materiaal in [kg]. De aanduiding [] naast bepaald symbool betekent: TARE Netto gewicht  Stabilisatieaanduiding Nulaanduiding • Aanduiding van gemiddeld stukgewicht Hier verschijnt het gemiddelde stukgewicht in [g]. Deze waarde wordt ingevoerd door de gebruiker in numerieke vorm of door de weegschaal tijdens weging berekend.

8 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 • Aanduiding van het aantal stuks Hier verschijnt het actuele aantal stuks (PCS = stuks) of in de optelmodus - de som van de opgelegde elementen, zie hoofdstuk 7.7. De aanduiding [] naast bepaald symbool betekent: TOTAL Totaal aantal stuks + Doelaantal stuks boven de bovenste tolerantiegrens ✓ Doelaantal stuks binnen het tolerantiebereik – Doelaantal stuks onder de onderste tolerantiegrens • Overige aanduidingen • Voeding van het net door een netadapter • Aanduiding van de accustand (optie) BUSY • Weeggegevens opslaan/ berekenen LIGHT • De onderste waarde van het minimale stukgewicht is overschreden

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 9 2.2 Toetsenbordoverzicht Toets Functie  Aan-/uitzetten  Tarreren (> 2% Max.)  Op nul zetten (< 2% Max.)  Het gemiddelde stukgewicht door wegen invoeren, zie hoofdstuk 7.6.1.  De waarde wordt in het weegschaalgeheugen opgeslagen  Het stukgewicht numeriek invoeren, zie hoofdstuk 7.6.2  Optimalisering van de referentiewaarde  De grenswaarden voor de tolerantiecontrole instellen/wissen  Toevoegen aan het optelgeheugen  Het menu verlaten, terug naar de weegmodus  Het totaal opvragen  Weeggegevens door interface doorgeven  Functiemenu opvragen  Keuze in het menu bevestigen ….  Numerieke toetsen  Decimaal  Wistoets  De pijltjestoetsen voor navigeren in het menu en instellen van de decimaalpositie bij numerieke invoering

10 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 2.3 Akoestisch signaal 1 kort Bevestiging van het drukken van de toets 1 lang Het opslagproces succesvol beëindigd 2 kort Onjuist ingevoerde gegevens 3 kort Geen ingevoerde gegevens ononderbroken Tolerantiecontrole afhankelijk van de menu-instelling "F1 Co", zie hoofdstuk 8 3 Basisopmerkingen (algemene informatie) 3.1 Gebruik volgens bestemming De door u aangekochte afleesinrichting in samenstelling met het weegschaalplateau dient ter bepaling van het gewicht (de gewichtswaarde) van het gewogen materiaal. Hij dient te worden beschouwd als een "niet-zelfstandig weegsysteem" d.w.z. het gewogen materiaal dient voorzichtig met de hand in het midden van het weegschaalplateau te worden geplaatst. De weegwaarde kan na de stabilisatie worden afgelezen.

3.2 Afwijkend gebruik • Onze weegschalen zijn geen automatische weegschalen en worden niet voor dynamische wegingen gebruikt. Toch, na controle van het individuele gebruiksbereik en de speciale nauwkeurigheidseisen van de hier genoemde toepassing, kunnen de weegschalen ook voor dynamische wegingen worden gebruikt. • Het weegschaalplateau niet aan langdurige belasting blootstellen. Dit kan leiden tot beschadiging van het meetmechanisme. • Stoten en overbelasting van de weegschaal boven aangegeven maximale last (Max.), met bestaande tarravooraftrek, absoluut mijden. Het kan tot de beschadiging van het weegschaal leiden. • Gebruik de weegschaal nooit in een gevaarlijke omgeving. De serie-uitvoering is geen explosiebestendige uitvoering. • De weegschaal mag niet op constructieve wijze worden gewijzigd.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 11 3.3 Garantie De garantie vervalt ingeval van: • niet naleven van onze richtlijnen zoals in de gebruiksaanwijzing bepaald; • gebruik niet volgens beschreven toepassingen, • wijziging of opening van het toestel; • mechanische beschadiging of door werking van media, vloeistoffen, natuurlijk verbruik; • onjuiste plaatsing of onjuiste elektrische installatie; • overbelasting van het meetmechanisme; 3.4 Toezicht over controlemiddelen In het kader van kwaliteitsverzekeringssysteem dienen regelmatig technische meeteigenschappen van de weegschaal en eventueel beschikbare controlegewichten te worden gecontroleerd. De verantwoordelijke gebruiker moet hiervoor een geschikt interval als ook het type en de omvang van deze controle vaststellen.

Informatie betreffende toezicht over controlemiddelen zoals weegschalen als ook over noodzakelijke controlegewichten zijn toegankelijk op de website van de firma KERN (www.kern-sohn.com). De controlegewichten en de weegschalen kan men snel en goedkoop laten ijken (kalibreren) in een ijkinglaboratorium van de firma KERN geaccrediteerd (terugzetten naar de norm geldende in bepaald land). 4 Veiligheid grondrichtlijnen 4.1 Richtlijnen van de gebruiksaanwijzing nakomen  Lees deze gebruiksaanwijzing vóór de installatie en inbedrijfstelling zorgvuldig door, ook als u al ervaring heeft met KERN-weegschalen. 4.2 Personeelscholing Het toestel mag enkel door geschoolde medewerkers worden bediend en onderhouden.

12 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 5 Vervoer en opslag 5. 1 Controle bij ontvangst Onmiddellijk na ontvangst van het pakket controleren of er geen zichtbare beschadigingen aanwezig zijn, hetzelfde betreft het toestel na uitpakken. 5. 2 Verpakking/ retourvervoer  Bewaar alle onderdelen van de originele verpakking voor eventueel retourvervoer.  Gebruik alleen de originele verpakking voor het retourvervoer.  Ontkoppel alle aangesloten kabels en losse/verplaatsbare onderdelen vóór verzending.  Maak eventuele transportsloten weer vast, indien beschikbaar.  Alle delen, bv. het windscherm, het weegschaalplateau, de netadapter, e. d. dienen tegen wegglijden en beschadiging te worden beveiligd. 6 Uitpakken en plaatsen 6.

1 Plaats van installatie, gebruikslocatie De afleesinrichtingen zijn op dergelijke manier geconstrueerd dat er in normale gebruiksomstandigheden geloofwaardige weegresultaten worden bereikt. De keuze van de juiste locatie van de afleesinrichting en het weegschaalplateau verzekert een nauwkeurig en snel bedrijf. Op de plaats van installatie moet het volgende in acht worden genomen: • Plaats de weegschaal op een stabiele, vlakke ondergrond. • Extreme temperaturen als ook temperatuurverschillen bij bv. plaatsing in de buurt van de verwarmingsbronnen of op plaatsen met directe werking van zonnestralen vermijden. • Bescherm de weegschaal tegen directe tocht door open ramen en deuren. • Vermijd trillingen tijdens het wegen. • Stel het toestel niet gedurende lange tijd bloot aan hoge vochtigheid.

Niet toegestane condensatie (condensatie van vocht op het apparaat) kan optreden als een koud apparaat in een veel warmere omgeving wordt gebracht. In dat geval moet het van het net gescheiden apparaat ca. 2 uur bij kamertemperatuur acclimatiseren. • Elektrostatische ladingen mijden die van het gewogen materiaal en van de weegschaalcontainer komen.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 13 • Weg van chemische middelen (bv. vloeistoffen of gassen) houden die agressief op de interne en externe weegschaaloppervlaktes kunnen uitwerken en deze beschadigen. • Bij optreden van elektromagnetische velden, statische ladingen als ook instabiele elektrische voeding zijn grote onregelmatigheden in weergave mogelijk (foutief weegresultaat als ook schade van de weegschaal). Men dient in dat geval de weegschaal te verplaatsen of de storingsbron verwijderen. 6.2 Leveringsomvang / serietoebehoren: • Afleesinrichting, zie hoofdstuk 2 • Netadapter • Tafelonderbouw met wandgreep • Bedrijfsdeksel • Gebruiksaanwijzing 6.3 Uitpakken/instellen De afleesinrichting voorzichtig uit de verpakking halen, plastic zakje afnemen en het toestel op de daarvoor bestemde plaats plaatsen. De afleesinrichting zo plaatsen dat hij toegankelijk en leesbaar is.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 15 6.4 Netwerkvoeding De landspecifieke stekker kiezen en in de netadapter steken. Controleer dat de voedingspanning van de weegschaal correct is ingesteld. De weegschaal kan aan het voedingsnetwerk enkel dan worden aangesloten indien de gegevens op het toestel (sticker) en de lokale voedingspanning identiek zijn. Gebruik enkel originele netadapters van de firma KERN. Gebruik van andere producten vereist de toestemming van de firma KERN. Belangrijk: ➢ Vóór het starten de netkabel op beschadigingen controleren. ➢ De netadapter mag geen contact met vloeistoffen hebben. ➢ De stekker moet altijd bereikbaar zijn.

6.5 Kalibratie Omdat de waarde van de valversnelling niet op elke plek op aarde gelijk is, dient elke display met een aangesloten weegschaalplateau aangepast te worden - conform de weegregel voortvloeiende uit regels van natuurkunde - aan de valversnelling op de plaats van installatie van de weegschaal (enkel indien de weegschaal niet eerder in fabriek is gejusteerd op de plaats van installatie). Een dergelijk kalibratieproces dient men uit te voeren bij eerste ingebruikname, na elke wijziging van locatie als ook bij temperatuurschommelingen van de omgeving. Om nauwkeurige meetwaarden te verzekeren wordt het aanbevolen om de afleesinrichting ook periodiek in de weegmodus te kalibreren. • Het kalibratiegewicht voorbereiden. • Het gewicht van het vereiste kalibratiegewicht is afhankelijk van het weegbereik van het weegsysteem.

Zo mogelijk kalibratie uitvoeren door gebruik van het kalibratiegewicht gelijk aan maximale belasting van het weegsysteem. Informatie over controlegewichten kan in internet worden gevonden onder: http://www.kernsohn.com • Voor stabiele omgevingsomstandigheden zorgen. Vereiste opwarmingstijd verzekeren voor stabilisatie van de weegschaal.

16 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 Het menu opvragen:  Het toestel aanzetten en tijdens de autotest de toets drukken. Geen voorwerpen mogen zich op het weegschaalplateau bevinden. Indien nodig met de toets op nul zetten.  In de weegmodus de toets 5-6 seconden gedrukt houden totdat de aanduiding FUNC verschijnt en vervolgens de aanduiding F0 iSn. De toets vrijlaten.  De toets meermaals drukken totdat de aanduiding F2 dm verschijnt. Bij geijkte weegsystemen de kalibratietoets drukken!  De toets drukken en het ingestelde weegschaaltype kiezen door de toets te drukken. = weegschaal met één bereik = weegschaal met twee bereiken = weegschaal met meerdere verdelingen  Met de toets bevestigen.  De toets meermaals drukken totdat de aanduiding CAL verschijnt.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 17  Met de toets bevestigen en de gewenste instelling met kiezen. = Liniarisatie = Kalibratie Kalibratie doorvoeren:  Keuze van de menu-instelling nonLin met de toets bevestigen.  Geen voorwerpen mogen zich op het weegschaalplateau bevinden.  Na succesvolle stabilisatiecontrole verschijnt de LoAd aanduiding.  Het vereiste kalibratiegewicht voorzichtig in het midden van het weegschaalplateau plaatsen.  Na succesvolle kalibratie wordt de autotest van de weegschaal doorgevoerd. Tijdens uitvoeren van de autotest het kalibratiegewicht afnemen, de weegschaal wordt automatisch terug naar de weegmodus gezet. Bij een kalibratiefout of onjuist kalibratiegewicht verschijnt een foutmelding, de kalibratie herhalen.

18 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 6.6 Liniarisatie De lineariteit betekent de grootste afwijking van de gewichtsaanduiding van de weegschaal ten opzichte van de gewichtswaarde van een bepaald controlegewicht, in plus en in minus, in het gehele weegbereik. Nadat een afwijking van de lineariteit door toezicht over de controlemiddelen wordt vastgesteld, is de verbetering daarvan mogelijk door liniarisatie. • De liniarisatie kan uitsluitend door een vakkkundige met grondige kennis van weegschalen worden doorgevoerd. • De gebruikte controlegewichten moeten overeenstemmen met de specificatie van de weegschaal, zie hoofdstuk "Toezicht over controlemiddelen" • Voor stabiele omgevingsomstandigheden zorgen. Vereiste opwarmingstijd verzekeren voor stabilisatie van de weegschaal.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 19  De menupunt van liniarisatie opvragen, zie hoofdstuk 6.6.  Keuze van de menu-instelling met de toets bevestigen.  Controleren dat er op het weegschaalplateau geen voorwerpen aanwezig zijn.   Na succesvolle stabilisatiecontrole verschijnt de "LoAd 1" aanduiding. Voorzichtig in het midden van het weegschaalplateau het eerste kalibratiegewicht plaatsen, ca. 1/4 Max (zie Tab. 1). Na succesvolle stabilisatiecontrole verschijnt de "LoAd 2" aanduiding.  Voorzichtig in het midden van het weegschaalplateau het tweede kalibratiegewicht plaatsen, ca. 2/4 Max (zie Tab. 1). Na succesvolle stabilisatiecontrole verschijnt de "LoAd 3" aanduiding.  Voorzichtig in het midden van het weegschaalplateau het derde kalibratiegewicht plaatsen, ca. 3/4 Max (zie Tab. 1). Na succesvolle stabilisatiecontrole verschijnt de "LoAd 4" aanduiding.

 Voorzichtig in het midden van het weegschaalplateau het vierde kalibratiegewicht plaatsen, ca. 4/4 Max (zie Tab. 1). Na succesvolle stabilisatiecontrole wordt een autotest van de weegschaal doorgevoerd en de weegschaal wordt automatisch terug naar de weegmodus gezet. • Bij een kalibratiefout of onjuist kalibratiegewicht verschijnt een foutmelding, de kalibratie herhalen.

20 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 6. 7 IJking Algemeen: Volgens de EU-richtlijn 2014/31/EU moeten weegschalen worden geijkt indien ze als volgt worden gebruikt (door de wet bepaalde omvang): • in het economisch verkeer, als de prijs van een product door de weging ervan wordt bepaald; • bij bereidingen van medicijnen in apotheken als ook bij analyses in medische en farmaceutische laboratoria; • voor officiële doeleinden; • bij vervaardiging van verpakkingen. Bij twijfels de plaatselijke Instantie voor Maten en Gewichten raadplegen. Weegschalen die binnen het wettelijk bepaalde gebied (-> geijkte weegschalen) in de geldigheidsduur van de ijking worden gebruikt, moeten de grensfouten van de gebruikte weegschalen handhaven - ze zijn in de regel gelijk aan tweemaal de waarden van de grensfouten van de toelaatbare weegschaalaanduidingen tijdens de ijking.

Na het verstreken van de geldigheidsperiode van de ijking moet een nieuwe ijking worden uitgevoerd. Het justeren van de weegschaal nodig voor de nieuwe ijking om de grensfouten van de toegestane weegschaalaanduidingen tijdens de ijking te handhaven, valt niet onder de garantie. Opmerkingen betreffende de ijking: Voor de geijkte weegschaal is de typebepaling geldend op het gebied van EG primair van toepassing. Indien de weegschaal op het bovengenoemde gebied dient te worden gebruikt waar ijking vereist is, moet deze geijkt zijn en de ijking moet officieel en regelmatig vernieuwd worden. Nieuwe ijking van de weegschaal gebeurt conform de voorschriften geldig in een bepaald land. Bv. in Duitsland duurt de ijkinggeldigheidsperiode in de regel 2 jaar. De voorschriften van het land van gebruik opvolgen. De ijking van het weegsysteem zonder "zegels" is niet geldig.

Bij weegschalen met typetoelating informeren de daarop geplaatste zegels dat de weegschaal geopend en onderhouden mag worden enkel door geschoold en bevoegd vakpersoneel. Het vernielen van de zegels betekent dat de ijking niet meer geldig is.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 21 Aanwijzingen betreffende de geijkte weegsystemen. In de geijkte weegsysteemen is de toegang tot de menupunten F1, F2, F3 van het configuratiemenu vergrendeld. Om de vergrendeling te verwijderen in het menupunt "F3 APP" van het configuratiemenu (zie hoofdstuk 12.4) de instelling naar "on" wijzigen. Plaatsing van de zegels en de kalibratietoets: 1. Zelfvernielende zegel 2. Kalibratietoets 3. Bescherming van de kalibratietoets 4. Zelfvernielende zegel

22 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7 Bedrijf 7.1 Aanzetten  De toets drukken, een autotest van het toestel wordt uitgevoerd. Het toestel is paraat direct nadat de gewichtsaanduiding verschijnt. 7.2 Uitzetten  De toets drukken, de display wordt gedoofd. 7.3 Op nul zetten Door op nul te zetten wordt de invloed van kleine verontreinigingen op het weegschaalplateau gecorrigeerd. Het bereik van het op nul zetten ± 2% Max.  Het weegsysteem ontlasten.  De toets drukken, de nulaanduiding en de aanduiding [] naast het symbool a verschijnen. 7.4 Gewone weging  Het gewogen materiaal opleggen.  Afwachten totdat de stabilisatieaanduiding [] verschijnt.  Het weegresultaat aflezen. Waarschuwing voor overbelasting Overbelasting van de weegschaal boven aangegeven maximale last (Max) met bestaande tarravooraftrek, absoluut mijden. Het kan beschadiging van het toestel veroorzaken.

Het overschrijden van de maximale last wordt gesignaleerd met de aanduiding "O-err" en een akoestisch signaal. Het weegsysteem ontlasten of de voorbelasting verminderen.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 23 7.5 Wegen met tarra  De weegschaalcontainer opleggen. Na succesvolle stabilisatiecontrole de toets drukken. De nulaanduiding en de aanduiding [] naast het symbool tare verschijnen. Het containergewicht wordt in het weegschaalgeheugen opgeslagen.  Het gewogen materiaal wegen, het netto gewicht verschijnt.  Nadat de weegschaalcontainer wordt weggenomen, verschijnt zijn gewicht als een negatieve aanduiding.  Het tarreerproces kan een willekeurig aantal keren worden herhaald, bij voorbeeld bij wegen van verschillende ingrediënten van een mengsel (bijwegen).De grens wordt bereikt wanneer het volledige weegbereik wordt gebruikt.  Om de tarrawaarde te wissen dient het weegschaalplateau te worden ontlast en de toets gedrukt. 7.5.1 Functie “Pre-Tare” Het wordt daarmee mogelijk de tarrawaarde met de numerieke toetsen in te voeren.

24 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.6 Aantal stuks bepalen Bij optellen van stuks kan men de in de container toegevoegde elementen bijtellen of de uit de container gehaalde elementen aftellen. Om bepaling van een groter aantal elementen mogelijk te maken dient het gemiddelde gewicht van een element met een kleine hoeveelheid elementen worden bepaald (aantal referentiestuks). Hoe groter het aantal referentiestuks, hoe hoger de nauwkeurigheid van de bepaling van het aantal stuks. Bij kleine en zeer verschillende elementen moet de referentiewaarde respectievelijk groot zijn. ▪ Het gemiddelde stukgewicht kan enkel van stabiele weegwaarden worden bepaald. ▪ Bij de weegwaarden onder nul verschijnt op de aanduiding van het aantal stuk een negatief aantal stuks. ▪ Indien op de afleesinrichting de melding LIGHT verschijnt, is het minimale stukgewicht overschreden.

▪ De foutief ingevoerde gegevens met de toets wissen. ▪ De nauwkeurigheid van het gemiddelde stukgewicht kan op elk moment worden vergroot tijdens de volgende processen van bepaling van het aantal stuks. Daarvoor dienen de volgende elementen te worden opgelegd en de toets gedrukt. Na succesvolle optimalisering van de referentiewaarde luidt er een akoestisch signaal. Omdat de aanvullende elementen de basis voor berekeningen vergroten, wordt ook de referentiewaarde nauwkeuriger.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 25 7.6.1 Het gemiddelde stukgewicht door wegen bepalen Referentiewaarde instellen  De weegschaal op nul zetten of, zo nodig, een lege weegschaalcontainer tarreren.  Als de waarde van de referentielast een bekend aantal (bv. 10 stuk) van afzonderlijke elementen opleggen.  Afwachten totdat de stabilisatieaanduiding verschijnt, vervolgens met de numerieke toetsen het aantal afzonderlijke elementen invoeren.  Met de toets bevestigen.  Het gemiddelde stukgewicht wordt door de weegschaal bepaald. Aantal stuks bepalen  Indien nodig tarreren, het gewogen materiaal opleggen en het aantal stuks aflezen. De referentiewaarde wissen  De toets drukken, het gemiddelde stukgewicht wordt gewist.

26 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.6.2 Het gemiddelde stukgewicht numeriek invoeren Referentiewaarde instellen  Met de numerieke toetsen het bekende gemiddelde stukgewicht invoeren en met de toets bevestigen. Aantal stuks bepalen  Indien nodig tarreren, het gewogen materiaal opleggen en het aantal stuks aflezen. De referentiewaarde wissen  De toets drukken, het gemiddelde stukgewicht wordt gewist.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 27 7.7 Optellen Optellen bij gewichtsaanduiding: Gewichtsaanduiding: Het actueel opgelegde gewicht Aanduiding van het stukgewicht: Gekozen stukgewicht Aanduiding van het aantal stuks: Het actueel opgelegde aantal stuks Het actueel opgelegde gewicht Gekozen stukgewicht Het actueel opgelegde aantal stuks Optellen bij stukaanduiding: De toets drukken, de aanduiding wordt gewijzigd naar stukaanduiding. Gewichtsaanduiding: Het actueel opgelegde aantal stuks Aanduiding van het stukgewicht: Het actueel opgelegde aantal stuks + het totaal van de toegevoegde aanduidingwaarden Aanduiding van het aantal stuks: Het totaal van de toegevoegde aanduidingwaarden Het actueel opgelegde aantal stuks Voorbeeld: Het actueel opgelegde aantal stuks + het actuele totaal aantal stuks Het actuele totaal aantal stuks

28 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.7.1 Manueel optellen Door deze functie is het mogelijk om de afzonderlijke weegwaarden aan het optelgeheugen met de toets toe te voegen en deze na aansluiten van de optionele printer te drukken. Instellingen van het menu: "F12 AC"  "5 AC 1", zie hoofdstuk 8 "F8 UA"  "4 UA 5", zie hoofdstuk 8  Het gemiddelde stukgewicht bepalen (zie hoofdstuk 7.6.1) of manueel invoeren (zie hoofdstuk 7.6.2).  Het gewogen materiaal A opleggen. Het actueel opgelegde gewicht Gekozen stukgewicht Het actueel opgelegde aantal stuks  Afwachten totdat de stabilisatieaanduiding verschijnt, vervolgens de toets drukken. De aanduidingwaarde (bv. 50 stuk) wordt aan het optelgeheugen toegevoegd en na aansluiten van de optionele printer – geprint.  Het gewogen materiaal afnemen. Het volgende weegmateriaal kan pas worden toegevoegd als de aanduiding ≤ nul bedraagt.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 29  Het gewogen materiaal B opleggen.  Afwachten totdat de stabilisatieaanduiding verschijnt, vervolgens de toets drukken. De aanduidingwaarde (bv. 20 stuk) wordt aan het optelgeheugen toegevoegd en na aansluiten van de optionele printer – geprint.  Voor een moment verschijnen: het totale gewicht, het aantal wegingen en het totale aantal stuks (aanduiding [] naast het symbool total). Vervolgens verandert de aanduiding naar het actueel opgelegde aantal stuks (aanduiding [] naast het symbool PCS).   Indien nodig het volgende gewogen materiaal zoals bovenbeschreven optellen. Tussen de afzonderlijke wegingen dient het weegsysteem te worden ontlast.  Deze procedure kan 99 keer worden herhaald of totdat het weegbereik van het weegsysteem is opgebruikt.

30 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 De som "Total" aflezen en printen:  Bij ontlast weegschaalplateau de toets drukken, 2 s lang verschijnen: het totale gewicht, het aantal wegingen en het totale aantal stuks en na aansluiten van de optionele printer worden ze geprint. Aanduiding: Totaal gewicht Aantal wegingen Totaal aantal stuks De weeggegevens wissen:  De toets drukken, ca. 2 s lang worden afgelezen: totaal gewicht, aantal wegingen en totaal aantal stuks. Tijdens het aflezen van deze aanduiding de toets drukken.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 31 7.7.2 Automatisch optellen Door deze functie is het mogelijk om de afzonderlijke weegwaarden aan het optelgeheugen toe te voegen en deze na aansluiten van de optionele printer te printen. Instellingen van het menu: "F12 AC"  "5 AC 0", zie hoofdstuk 8 "F8 UA"  "4 UA 5", zie hoofdstuk 8 Optellen:  Het gemiddelde stukgewicht bepalen (zie hoofdstuk 7.6.1) of manueel invoeren (zie hoofdstuk 7.6.2).  Het gewogen materiaal A opleggen. Na succesvolle stabilisatiecontrole luidt een akoestisch signaal, de weegwaarde wordt aan het optelgeheugen toegevoegd.  Het gewogen materiaal afnemen. De gegevens worden na aansluiten van de optionele printer geprint. Het volgende weegmateriaal kan pas worden toegevoegd als de aanduiding ≤ nul bedraagt.  Het gewogen materiaal B opleggen.

Na succesvolle stabilisatiecontrole luidt een akoestisch signaal, de weegwaarde wordt aan het optelgeheugen toegevoegd. Het gewogen materiaal afnemen. Voor een moment verschijnen: het totale gewicht, het aantal wegingen en het totale aantal stuks (aanduiding [] naast het symbool total). De gegevens worden na aansluiten van de optionele printer geprint.  Indien nodig het volgende gewogen materiaal zoals bovenbeschreven optellen. Tussen de afzonderlijke wegingen dient het weegsysteem te worden ontlast. Deze procedure kan 99 keer worden herhaald of totdat het weegbereik van het weegsysteem is opgebruikt. De som "Total" aflezen en printen:  Bij ontlast weegschaalplateau de toets drukken, 2 s lang verschijnen: het totale gewicht, het aantal wegingen en het totale aantal stuks en na aansluiten van de optionele printer worden ze geprint. De weeggegevens wissen:  De toets drukken, ca.

32 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.8 Tolerantiecontrole Door de weegschaal is het mogelijk om materiaal tot een bepaald doelgewicht of doelaantal stuks binnen de bepaalde toleranties te wegen. Door deze functie is het ook mogelijk om te controleren of het gewogen materiaal zich binnen het bepaalde tolerantiebereik bevindt. Wanneer de doelwaarde wordt bereikt, luidt een akoestisch signaal (voor zover in het menu geactiveerd) en een visueel signaal (tolerantieteken ). Instellingen in het menu, zie hoofdstuk 8: Het doelaantal stuks/ doelgewicht met tolerantie 2 grenswaarden Instellingen in het menu "F3 Pn", zie hoofdstuk 8 Precies doelaantal stuks/ precies doelgewicht zonder tolerantie 1 grenswaarde Instellingen in het menu "F3 Pn", zie hoofdstuk 8 Akoestisch signaal: Akoestisch signaal is afhankelijk van de instelling in de menublok "F4 bU", zie hoofdstuk 8.

Keuzemogelijkheid: 14 bu0 Akoestisch signaal uit 14 bu1 Het akoestische signaal luidt wanneer het gewogen materiaal binnen het tolerantiebereik ligt. 14 bu2 Het akoestische signaal luidt wanneer het gewogen materiaal buiten het tolerantiebereik ligt. Visueel signaal: De tolerantiedriehoek [] op display toont of het gewogen materiaal binnen twee tolerantiegrenzen ligt. Doelaantal stuks/ doelgewicht boven de bovenste tolerantiegrens Doelaantal stuks/ doelgewicht binnen het tolerantiebereik Doelaantal stuks/ doelgewicht onder de onderste tolerantiegrens

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 33 Na het aansluiten van de CFS-A03- signalering (optioneel) worden de toleranties als volgt weergegeven: Signalering brandt: rood Doelaantal stuks/ doelgewicht boven de bovenste tolerantiegrens groen Doelaantal stuks/ doelgewicht binnen het tolerantiebereik geel Doelaantal stuks/ doelgewicht onder de onderste tolerantiegrens De functie activeren  Menu-instelling “F0 sel”, zie hoofdstuk 8 De toets drukken en gedrukt houden   Tolerantiecontrole bij wegen Tolerantiecontrole bij bepaling van het aantal stuks

34 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 Grenswaarden aflezen 1. Tolerantiecontrole op doelgewicht  De toets drukken, de actuele instelling van de onderste grenswaarde voor het doelgewicht verschijnt.  De toets drukken, de actuele instelling van de bovenste grenswaarde voor het doelgewicht verschijnt. 2. De tolerantiecontrole van het doelaantal stuks  De toets drukken, de actuele instelling van de onderste grenswaarde voor het doelaantal stuks verschijnt.  De toets drukken, de actuele instelling van de bovenste grenswaarde voor het doelaantal stuks verschijnt.  Terug naar de weegmodus met de toets .

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 35 7.8.1 De tolerantiecontrole van het doelaantal stuks  Menu-instelling “F0 sel/SEL 2”, zie hoofdstuk 7.8 “De functie activeren”. Grenswaarden instellen  De toets drukken, de actuele instelling van de onderste grenswaarde verschijnt. Indien nodig de actuele instelling wissen door de toets te drukken.  Met de numerieke toetsen het aantal stuks voor de onderste grenswaarde invoeren (bv. 70 stuk) en met de toets bevestigen. De actuele instelling van de bovenste grenswaarde verschijnt. Zo nodig met de toets wissen.  Met de numerieke toetsen het aantal stuks voor de bovenste grenswaarde invoeren (bv. 80 stuk) en met de toets bevestigen.

36 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 De tolerantiecontrole starten  Het stukgewicht bepalen, zie hoofdstuk 7.6.1 of 7.6.2.  Het gewogen materiaal opleggen, afwachten totdat de tolerantiecontrole [] verschijnt. Op grond van het tolerantieteken controleren of het gewicht van het gewogen materiaal onder, binnen of boven de bepaalde tolerantie ligt. Afhankelijk van de menu-instelling luidt aanvullend een akoestisch signaal. Doelaantal stuks onder de tolerantie: Doelaantal stuks binnen het tolerantiebereik Doelaantal stuks boven de tolerantie:

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 39 De tolerantiecontrole starten  Het gewogen materiaal opleggen, afwachten totdat de tolerantiecontrole [] verschijnt. Op grond van het tolerantieteken controleren of het gewicht van het gewogen materiaal onder, binnen of boven de bepaalde tolerantie ligt. Afhankelijk van de menu-instelling luidt aanvullend een akoestisch signaal. Doelgewicht onder de tolerantie: Doelgewicht binnen de tolerantie Doelgewicht boven de tolerantie:

40 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.9 Opslagfunctie met identificatieteken Aan de pretarra- en weegfuncties als ook aan het referentiegewicht kan de identificatieteken binnen het bereik 00-99 worden toegeschreven. Het is uitsluitend mogelijk bij de niet voor de ijking geschikte instelling! In de configuratiemenu (zie hoofdstuk . 12.5) in de menupunt F3 APP gekozen instelling “off”. 7.9.1 De identificatieteken aan de “Pre-Tara” functie toeschrijven:  Met de numerieke toetsen de pretarra - waarde invoeren en met de toets bevestigen.  De toets drukken en zo lang gedrukt houden totdat de aanduiding “00” verschijnt.  Met de numerieke toetsen de identificatieteken (00-99) invoeren en met de toets bevestigen. 7.9.2 De identificatieteken aan het bepaalde referentiegewicht toeschrijven  Met de numerieke toetsen het referentiegewicht invoeren en met de toets bevestigen.

 De toets dr ukken en zo lang gedrukt houden totdat de aanduiding “00” verschijnt.  Met de numerieke toetsen de identificatieteken (00-99) invoeren en met de toets bevestigen. Opgeslagen referentiegewicht opvragen: • De toets zo lang drukken tot de aanduiding “00 verschijnt”. Met de numerieke toetsen opgeslagen identificatieteken invoeren en met de toets bevestigen. Het opgeslagen referentiegewicht verschijnt. Opgeslagen identificatieteken opvragen: • De toets zo lang drukken tot de aanduiding “00 verschijnt”. Met de numerieke toetsen gewenste identificatieteken invoeren en met de toets bevestigen. De bepaalde functie of het referentiegewicht wordt opgevraagd.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 41 7.9.3 De identificatieteken aan de weging met tolerantie toeschrijven De functie activeren  Menu-instelling F0 sel zie hoofdstuk 8 De toets drukken en gedrukt houden  Controle van de tolerantie bij de weging Tolerantiecontrole bij bepaling van het aantal stuks Nadat de toets wordt gedrukt, keert het apparaat terug naar de weegmodus.

44 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.10 Datum en de tijd als schermbeveiliging instellen Het is mogelijk op de weegschaal de datum (twee verschillende types van aflezen) en de tijd af te lezen. Deze instellingen kunnen schermbeveiliging worden gebruikt wanneer deze in de menu (F13/F14 ti – SLP on) worden geactiveerd. De schermbeveiliging wordt door de weegschaal automatisch ingeschakeld na afloop van 10 min. na het laatste gebruik. Voorbeeld - weergave van het display met de schermbeveiliging: Jaar Dag Maand Uur-minuten Instellingen van de menu: „F13/F14 ti”  „Y m d” of „D m y”, zie hoofdstuk 8 Datuminstelling: • In de weegmodus de toets drukken en zo lang gedrukt houden totdat de aanduiding „F0 SEL” verschijnt. De toets zo vaak drukken totdat de aanduiding ”F 13/F14 ti” verschijnt. De toets drukken, de aanduiding “SLP on” verschijnt.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 45 De toets drukken, de aanduiding “d n y” verschijnt. De toets drukken, de aanduiding “SET YE” verschijnt. De blinkende cijferwaarde verschijnt, het jaar met de numeriek toetsen invoeren. De eerste cijfers “20" worden niet gewijzigd. Voor het eerst rechts een decennium invoeren en vervolgens een jaar: bv. “1”, en vervolgens “5”, zodat 2015 wordt bereikt. De toets drukken, de aanduiding “SET YE” verschijnt. Om Dag en Maand in te voeren De toets drukken, de aanduiding “Set dA” verschijnt.

46 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 De blinkende aanduiding “00.00” (voorbeeld) verschijnt; nu kunnen achter elkaar dag en maand worden ingevoerd. links beginnen Voorbeeld: 08.04. De waarden 0-8-0-4 achter elkaar invoeren . (voorbeeld) Met de toets bevestigen, de aanduiding “Set dA” verschijnt. Jaar maand en dag worden ingesteld. Tijdinstelling: De toets drukken, optie “Set ti” kiezen, hier wordt Uur ingesteld. Met de toets bevestigen, de aanduiding “Set dA” verschijnt. De laatst ingestelde tijd blinkend verschijnt. Het uur met de numerieke toetsen achter elkaar invoeren: Voorbeeld: Uur: 12:48: en achter elkaar de waarden invoeren: 1-2-4-8 De toets drukken. De actuele tijd is ingesteld. De toets (meermaals) drukken, terug naar de weegmodus gaan. • De datum in het formaat „D m y” op dezelfde manier invoeren. Om de schermbeveiliging uit te schakelen in de menu “SLP off” instellen.

48 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 7.11.2 Opgeslagen waarden verwijderen: Individuele waarden verwijderen: Druk tijdens de auto-test op om een opgeslagen waarde te verwijderen. Het aantal opgeslagen waarden van overbelasting wordt even weergegeven: (voorbeeld) Door op de toets te drukken en gedrukt houden, de aanduiding verschijnt: Om bepaalde waarde te verwijderen, moet met de numerieke toetsen het nummer van de overeenkomstige geheugenlocatie (van 1-30) worden ingeveord. (voorbeeld) Het verschijnt even de aanduiding: Hiermee wordt de waarde verwijderd. Alle opgeslagen waarden verwijderen: Druk tijdens de auto-test op om een opgeslagen waarde te verwijderen. Het aantal opgeslagen waarden van overbelasting wordt even weergegeven: (voorbeeld) Nadat de toets wordt gedrukt en gedrukt gehouden, verschijnen de aanduidingen: Hiermee worden alle opgeslagen waarden verwijderd.

KFS-TM-BA_IA-nl-2321 49 8 Functiemenu Navigatie in het menu: Het menu opvragen In de weegmodus de toets drukken en gedrukt houden totdat de aanwijzing FSEt verschijnt. De toets vrijlaten. Het eerste menupunt "F0. SEL" verschijnt. De toets drukken en gedrukt houden  Keuze van de menupunten Door de toets is het mogelijk om volgende, afzonderlijke menupunten te kiezen. etc.

50 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 Wijziging van de instellingen De keuze van het menupunt met de toets bevestigen, de actuele instelling verschijnt. De instelling in een bepaalde menupunt kan met de toets worden gewijzigd. De instelling bevestigen De gewenste instelling met de toets bevestigen, het toestel wordt terug in het menu gezet. Terug naar de weegmodus Terug naar de weegmodus met de toets .

(in de configuratiemenu voor de menupunt F3 APP de instelling “off” kiezen) Punt van het submenu Toegankelijke instellingen F0 SEL De tolerantiecontrole activeren 1 SEL0 De tolerantiecontrole niet actief 1 SEL1 Tolerantiecontrole bij wegen 1 SEL2* Tolerantiecontrole bij bepaling van het aantal stuks F1 Co Omstandigheden van het aflezen van het tolerantieteken 11 Co0 Het tolerantieteken verschijnt altijd, ook wanneer het teken van stabilisatiecontrole nog niet is afgelezen 11 Co 1* Het tolerantieteken verschijnt enkel in verbinding met de stabilisatiecontrole F2 Li Tolerantiebereik 12 Li 0 Het tolerantieteken wordt enkel boven het nulpuntbereik afgelezen 12 Li 1* Het tolerantieteken wordt in het gehele bereik afgelezen F3 Pn Het aantal grenspunten 13 Pn 0 1 grenspunt (OK/-) 13 Pn 1* 2 grenspunten (+/OK/-) F4 bU Akoestisch signaal 14 bu0* Akoestisch signaal bij tolerantiecontrole uit 14 bu1 Het akoestische signaal luidt wanneer het gewogen materiaal binnen het tolerantiebereik ligt.

14 bu2 Het akoestische signaal luidt wanneer het gewogen materiaal buiten het tolerantiebereik ligt. F5 Ao Automatische correctie van het nulpunt (Zero Tracking) 2 Ao0 Automatische correctie van het nulpunt uit 2 Ao1 Automatische correctie van het nulpunt aan, 0,5 d 2 Ao2* Automatische correctie van het nulpunt aan, 1d 2 Ao3 Automatische correctie van het nulpunt aan, 2d 2 Ao4 Automatische correctie van het nulpunt aan, 4d F6 At Functie “Autotarra” on Functie “Autotarra” actief off Functie “Autotarra” niet actief F7 AP Automatisch uitschakelen bij bedrijf met accuvoeding 3 Ap0* Functie AUTO OFF niet actief 3 Ap1 Wanneer het toestel of de weegbrug niet worden bedient, wordt het toestel na 3 minuten uitgezet.

52 KFS-TM-BA_IA-nl-2321 F8 UA Interface modus RS232 4 UA0 Afdruk door de interface RS-232C niet actief 4 UA1* Ononderbroken gegevensuitdraai 4 UA2 Ononderbroken gegevensuitdraai van stabiele weegwaarden 4 UA3 Uitdraai bij stabiele weegwaarde. Geen uitdraai bij instabiele weegwaarden. Nieuwe uitdraai na stabilisatie. 4 UA4 Bevel van afstandsbediening, zie hoofdstuk 9.2 Uitdraai nadat de toets PRINT wordt gedrukt 4 UA5 Standaardinstelling van de printer, uitdraai nadat de toets PRINT wordt gedrukt id on/off Geheugeninhoud printen aan/uit dt on/off Datum printen aan/uit G on/off Bruto gewicht printen aan/uit n on/off Netto gewicht printen aan/uit C on/off Het totaal printen aan/uit PCC on(off) Het aantal stuks printen aan/uit UW on/off Weegeenheid printen aan/uit t on/off De tarrawaarde afdrukken 4 UA6 Printerkeuze TP-UP of LP-50 4 UA7 KCP on/off F9 bl.

Transmissiesnelheid 41 bl 0 1200 bps 41 bl 1 2400 bps 41 bl2 4800 bps 41 bl3 9600 bps F10 PA Pariteit 42 Pr0* Geen pariteitsbit 42 Pr1 Omgekeerde pariteit 42 Pr2 Gewone pariteit F11 50 Sd0 on* Automatische uitdraai bij nulaanduiding actief Sd0 of Automatische uitdraai bij nulaanduiding niet actief F12 AC 5 AC 0 Automatisch optellen, zie hoofdstuk 7.7.2 Door deze functie is het mogelijk om de afzonderlijke weegwaarden aan het optelgeheugen toe te voegen en deze na aansluiten van de optionele printer te printen. 5 AC 1* Optellen, zie hoofdstuk 7.7.1 Door deze functie is het mogelijk om de afzonderlijke weegwaarden aan het optelgeheugen met de toets toe te voegen en deze na aansluiten van de optionele printer te drukken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Kern IFS 100K-2M stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden