Junkers WR 440 HYDROPOWER Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Junkers WR 440 HYDROPOWER (16 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 93 mensen. Heb je een vraag over Junkers WR 440 HYDROPOWER of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Junkers |
| Categorie: | Verwarmingsketel |
| Model: | WR 440 HYDROPOWER |
Handleiding Junkers WR 440 HYDROPOWER – volledige tekst
Technische en praktische voorschriften Prescriptions techniques et pratiques N-F WR 275 - 350 - 440 KG / HydroPower modulerende badverwarmers zonder blijvende waakvlam met ontsteking via waterturbine chauffe-bains modulants sans veilleuse permanente avec allumage par turbine à eau Een onberispelijke werking kan slechts dan gewaarborgd worden, wanneer de technische voorschriften strikt opge-olgd worden. Wijzigingen voorbehouden. v Wij verzoeken U deze voorschriften aandachtig te lezen en ze aan de gebruiker te overhandigen. Deze laatste dient ze zorgvuldig te bewaren. DE INSTALLATIE, DE INBEDRIJFSTELLING, HET ONDERHOUD EN DE NAVERKOOPSERVICE MOETEN OOR EEN ERKENDE INSTALLATEUR GEBEUREN. D Deze badverwarmers dragen het keurmerk: Ces chauffe-bains sont agréés: Un fonctionnement impeccable ne peut être garanti que lorsque les prescriptions sont strictement observées.
VOOR UW VEILIGHEID: WAT TE DOEN BIJ GASGEUR. • gaskraan dichtdraaien • vensters openen • geen elektrische schakelaars bedienen • alle open vuur doven • de gasmaatschappij, Uw installateur of JUNKERS verwittigen POUR VOTRE SECURITE: QUE FAIRE EN CAS D'ODEUR DE GAZ. • fermer le robinet gaz • ouvrir les fenêtres • ne pas actionner les interrupteurs électriques • éteindre tous feux ouverts • prévenir la compagnie gazière, votre installateur ou JUNKERS BELANGRIJKE OPMERKINGEN: Werking HDG (HydroPower) De HDG-turbine bevindt zich tussen de watervalve en het binnenlichaam. Het waterdebiet door de HDG drijft een elektrische generator aan. Deze geeft spanning aan de stuureenheid. Deze spanning ligt tussen 1,1 en 1,7 V/DC. Ontkalking Enkel het binnenlichaam zelf mag ontkalkt worden omdat de ontkalkingsproducten de HDG en de watervalve kunnen beschadigen.
Vorst Bij vorstgevaar dient U het toestel uit te schakelen en te ledigen. Het uitzetten van het water kan de HDG bescha-igen. dREMARQUES IMPORTANTES: Fonctionnement HDG (HydroPower) La turbine HDG se trouve entre la valve eau et le corps intérieur. Le passage de l’eau actionne le générateur électrique, qui donne la tension à l’unité de commande. Cette tension est entre 1,1 et 1,7 V/DC. Détartrage Seul le corps intérieur peut être détartré parce que les produits de détartrage pourraient endommager le HDG ainsi que la valve eau. Gel En cas de gel l’appareil doit être mis hors service et vi-dangé. L’expansion de l’eau pourrait endommager le HDG. INHOUD blz.
/ pageRESUME AANSLUITINGEN EN AFMETINGEN 3 RACCORDEMENTS ET DIMENSIONS BESCHRIJVING VAN DE TOESTELLEN 4 DESCRIPTION DES APPAREILS TECHNISCHE GEGEVENS 4 DONNEES TECHNIQUES SCHEMA EN FUNCTIES 5 SCHEMA ET FONCTIONS INSTALLATIE 6 INSTALLATION algemeen 6 généralités belangrijk 6 important installatie in een kast 6 installation en placard bevestiging van het toestel 7 fixation de l’appareil hydraulische aansluiting 7 raccordement hydraulique gasaansluiting 7 raccordement gaz afvoer verbrande gassen 7 évacuation des gaz brûlés elektrische bedrading 8 câblage électrique REGELING 8 REGLAGE gas 8 gaz water 8 eau INBEDRIJFSTELLING EN BEDIENING 9 MISE EN SERVICE ET COMMANDE ONDERRICHTINGEN 10 INSTRUCTIONS voor de installateur 10 pour l’installateur voor de gebruiker 10 pour l’usager CONTROLE EN ONDERHOUD 11 SURVEILLANCE ET ENTRETIEN waakvlam 11 veilleuse binnenlichaam 11 corps intérieur brander 11 brûleur waakvlambrander 11 brûleur de veilleuse onderhoud van de watervalve 11 entretien de la valve eau afdichtingsstop van het deksel van de watervalve lekt 11 bouchon d’étanchéité du couvercle de la valve eau coule langzaam ontstekingsventiel 12 soupape d’allumage lent servoklep testen 12 vérification de la valve pneumatique werking testen 12 vérification du fonctionnement onvoldoende temperatuurverhoging 12 élévation de température insuffisante correctieschroef temperatuur 12 vis de correction température rookgasbeveiliging 13 sécurité de refoulement mogelijke storingen en hoe eraan te verhelpen 13 perturbations éventuelles et comment y remédier wisselstukken en smeermiddelen 13 pièces de rechange et lubrifiants NUTTIGE INLICHTINGEN 14 INFORMATIONS UTILES BELANGRIJKE NOTA’S 15 NOTICES IMPORTANTES NAVERKOOPSERVICE 15 SERVICE APRES-VENTE WAARBORG 15 GARANTIE NUTTIGE ADRESSEN 16 ADRESSES UTILES 2.
Belangrijk H et toestel waterpas hangen. Let erop de volgende minimumafstanden te voorzien: • tussen toestel en plafond minimum 30 cm • onder het toestel minimum 30 cm • rondom het toestel minimum 10 cm Het toestel moet in een vorstvrije ruimte met voldoende chttoevoer geïnstalleerd worden. lu Het toestel mag niet gemonteerd worden in ruimten met agressieve dampen (bvb. sprays) of in ruimten waarin kunststoffen of lakken verwerkt worden. In dit geval kan een toestel WR … AME/ECOPLUS (met gestuwde afvoer) eïnstalleerd worden. g Wanneer het toestel in een ruimte, voorzien van een afzuigsysteem (bvb. dampkap) geplaatst wordt, moeten de nodige maatregelen genomen worden om onderdruk in deze ruimte te voorkomen. Dergelijke systemen kunnen de schouwtrek verminderen en het toestel in veiligheid chakelen (TTB). s In geen geval het toestel tegen een wand uit brandbaar materiaal plaatsen.
s En aucun cas suspendre l'appareil à une paroi en matériaux inflammables. Les matières inflammables oivent être ignifugées. d Etant donné que la température maximale du manteau n'atteint pas 85°C, des mesures de précaution sont uniquement nécessaires en cas d'installation de l'appareil dans un placard (voir fig. 3). w 5. 1 Installatie in een kast In dit geval dienen twee verluchtingsopeningen van min-stens 200 cm² vrije opening - uitgevend op de installa-tieruimte - te worden voorzien. Voorzie de ene opening oven en de andere beneden de mantel van het toestel. b Indien de verluchtingsopeningen niet volledig vrij zijn, dan dienen de hoogte en de breedte ervan verhoudingswijze te worden vergroot. 5. 1 Installation en placard Le cas échéant, il faut prévoir deux orifices d'aération d'au moins 200 cm² de surface libre, donnant sur le local où l'appareil est installé.
5. 2 Bevestiging van het toestel Voorzie de twee ophanghaken zoals aangeduid in fig. 1. Toestel aansluiten met de bijgeleverde toebehoren. 5. 2 Fixation de l'appareil Prévoyez les deux crochets comme indiqué en fig. 1. Raccordez l’appareil avec les accessoires fournis. 5. 3 Hydraulische aansluiting De aansluiting gebeurt d. m. v. de bijgeleverde toebehoren. Zowel de koud- als de warmwateraansluiting van het toestel moeten over een afstand van minimum 1,5 meter in hogetemperatuurbestendige buis (bvb. in koperen of erzinkte buis) uitgevoerd worden. v Vooraleer het toestel aan te sluiten, controleren of de waterfilter (fig. 2 nr. 22) in de koudwateraansluiting van et toestel gemonteerd is. h Omdat onzuiverheden in het water tot puntcorrosie kunnen leiden, adviseren wij de installatie van een uilfilter in de koudwatertoevoerleiding.
v Omwille van de kleine waterinhoud van het toestel, moet er geen terugslagklep in de voeding van het toestel emonteerd worden. g Indien het toestel op een net met zeer kalkhoudend water aangesloten wordt en het tevens veel gebruikt wordt, is et aan te bevelen een waterbehandeling te voorzien. h Aangezien de toestellen uitgerust zijn met een drukregelaar, moet de druk van de koudwatervoeding van de installatie beperkt worden tot maximum 3 bar omdat anders grote temperatuurschommelingen kunnen ptreden. o In de warmwaterleidingen dienen vernauwingen en re-gelingen die het debiet onder het minimum zouden kunnen beperken, te worden vermeden. 5. 3 Raccordement hydraulique Le raccordement se fait avec les accessoires inclus dans emballage. l' Les raccordements eau froide et eau chaude de l’appareil doivent être exécutés en tube résistant à des températures élevées (p. ex.
4 Gasaansluiting De aardgasleidingen dienen gelegd te worden volgens de regels der kunst en de doormeter berekend volgens de norm NBN D 51-003. De gasleiding moet binnenin volledig zuiver zijn. Indien nodig de leiding doorblazen. Bij installaties op aardgas moet men de bijgeleverde BGV-gekeurde gasafsluitkraan gebruiken en rechtstreeks met de losse moer aansluiten op de gasbuis van het toestel. De butaan-propaan installaties dienen strikt te beant-woorden aan de norm NBN D 51-006. De bijgeleverde "lagedruk"-propaanafsluitkraan (met ronde knop) rechtstreeks met de losse moer aansluiten op de gasbuis van het toestel. 5. 5 Afvoer verbrande gassen (NBN B 61-002) Voorzie, voor de afvoerleidingen van de verbrande gas-sen, ∅ 110 mm voor WR 275 KG en ∅ 130 mm voor WR 350 KG en WR 440 KG. De trek van de schoorsteen moet voldoende zijn.
(Ideaal 0,015 mbar onderdruk bij maximumvermogen) Het is aanbevolen een verticaal gedeelte van minstens 50 cm te voorzien aan de uitgang van het toestel. Horizontale gedeelten zijn te vermijden en mogen maximaal ¼ van de totale schouwhoogte bedragen (met een maximum van 1,5 m).
Dichtheid Dichtheid van het toestel en van de gas- en wateraan-sluitingen nagaan. Verbrande gassen mogen noch bij de trekonderbreker noch bij de afvoerbuizen ontsnappen. Proef doen met spiegeltje. OPGELET Indien de schouw dwars door brandbare gedeelten gaat, moet men ze goed isoleren. OPMERKING Voor rookgasafvoer, ventilatie- en beluchtingsopeningen dienen de normen NBN D 51-003, NBN D 51-006 en NBN D 61-002 strikt te worden gerespecteerd. Etanchéité Vérifiez l'étanchéité de l'appareil et des raccordements gaz et eau. Les gaz brûlés ne peuvent s’échapper ni de l'anti-refouleur, ni des tuyaux d'évacuation. Faites l'essai à l'aide d'un miroir. ATTENTION Si la cheminée traverse des parties inflammables, il faut l'isoler convenablement.
w De toestellen worden vanuit de fabriek geregeld en ver-zegeld overeenkomstig categorie I2E+ (aardgas) of I3+ (vloeibaar gas). De installateur mag derhalve geen nkele instelling van het gasdebiet doorvoeren. e De intermitterende waakvlam is niet afstelbaar. Het waakvlamspuitstuk is aangepast aan de gassoort en de overeenstemmende gasdruk.
Het langzaam ontstekingsventiel is vast ingesteld en niet egelbaar. r OPMERKING DE OMBOUW NAAR EEN ANDERE GASSOORT MAG ALLEEN GEDAAN WORDEN DOOR DE DIENST NA ERKOOP VAN JUNKERS. GAZ La pression d'alimentation gaz indiquée dans les notices techniques doit être contrôlée au téton manométrique. ( voir fig. 2 n° 7) Les appareils sont réglés et plombés en usine, confor-mément à la catégorie I2E+ (gaz naturel) ou I3+ (gaz liquide). Par conséquent, en aucun cas le débit gaz ne eut être réglé par l'installateur. p La veilleuse intermittente n'est pas réglable. L'injecteur de veilleuse est adapté à la nature du gaz et à la pression correspondante. La soupape d'allumage lent est vissée à fond et non églable. r REMARQUE LA CONVERSION A UNE AUTRE SORTE DE GAZ NE PEUT ETRE EFFECTUEE QUE PAR LE SERVICE APRES-VENTE DE JUNKERS. V WATER Het waterdebiet moet niet ingesteld worden.
7. INBEDRIJFSTELLING EN BEDIENING 7. MISE EN SERVICE ET COMMANDE Waterleidingen spoelen en gasleidingen uitblazen. H et toestel onmiddellijk in gebruik nemen. D e eerste inbedrijfstelling omvat: • het nazicht van de gasdichtheid van de aansluiting van het toestel, door middel van afzepen, bij normale bedrijfsdruk, • het nazicht van de goede werking van het toestel (langzaam ontsteken en snel doven), • de aflevering van deze voorschriften met bijhorende aanwijzingen aan de gebruiker. • Opmerking: Omwille van lucht in de gasleiding is het mogelijk dat de brander na 30 tot 40 sec. ontsteking nog niet brandt. In dit geval de warmwaterkraan dichtdraaien en opnieuw openen. De ontstekingspro-cedure herbegint. Rincez l'installation eau et soufflez les conduites gaz. M ettez l'appareil directement en service.
EN CAS D'EXTINCTION ACCIDENTELLE DU BRULEUR, IL EST INDISPENSABLE D’ATTENDRE 5 MINUTES AVANT DE REPRENDRE LES MANOEUVRES D'ALLUMAGE. BIJ VORST BELANGRIJKE OPMERKING Laat bij vorst het toestel en de waterleiding volledig leeg-pen. lo H iervoor zijn volgende maatregelen nodig: 1. Toestel buiten werking stellen (schakelaar in stand “O” zetten en gaskraan dichtdraaien). 2. Waterafsluitkraan van het toestel sluiten. (onderaan rechts) 3. Warmwaterkranen openen. 4. Stop onderaan de watervalve demonteren. Na volledig leeglopen van leidingen en toestel, de stop monteren en de warmwaterkranen terug sluiten. Bij het terug in gebruik nemen van het toestel erop letten dat het in de stand "buiten werking" staat. Dan, na het openen van de hoofdkraan, de warmwaterkranen openen. Als daar geen water uitstroomt, is de waterleiding en/of het toestel bevroren.
Het ontdooien door Uw installateur laten uitvoeren. Daarbij het toestel in de stand "buiten werking" laten, tot er water uit de geopende armwaterkranen stroomt. w Bij aanhoudende vorst raden wij U aan ook de koudwa-tertoevoerleiding te ledigen.
Wanneer U de warmwaterkraan sluit en daarna terug pent, gaat het toestel terug in werking. o Wanneer dit fenomeen zich meermaals voordoet, moet de werking van de schoorsteen gecontroleerd worden door Uw installateur.
9. CONTROLE EN ONDERHOUD 9. SURVEILLANCE ET ENTRETIEN Zelfs een JUNKERS heeft een regelmatige controle- en onderhoudsbeurt nodig. Een preventief onderhoud vermijdt vroegtijdige slijtage n/of een abnormaal hoog verbruik. e Deze werkzaamheden mogen enkel gedaan worden door de installateur, een bevoegd vakman of door de naver-koopservice van de fabriek. Même un JUNKERS a besoin d'une surveillance et d'un entretien régulier. Un entretien préventif évite une usure prématurée et/ou ne consommation anormale. u Ce travail peut être effectué uniquement par un installateur, un homme de métier agréé ou par le service après-vente de l'usine. ) TIP: Een onderhoudsbeurt om de 3 jaar is een minimum. ) TIP: Un entretien tous les 3 ans est un minimum. Vooraleer de werken uit te voeren, moeten water- en asafsluitkraan dichtgedraaid worden.
Bij erge vervuiling de brander in water met spoelmiddel dompelen. Daarna goed afspoelen. Vòòr het terug in bedrijf stellen van de badverwarmer, zorgen dat de brander volledig droog is. 9. 3 Brûleur Procédez à un contrôle annuel. En cas d'encrassement intensif, plongez le brûleur dans de l'eau contenant un détergent. Après, rincez soigneusement. Avant la remise en service du chauffe-bain, veillez à ce que le brûleur soit parfaitement sec. 9. 4 Waakvlambrander De vlam moet de ionisatie-elektrode (3) verhitten. Indien deze vlam te klein brandt, dient men de waakvlambrander te reinigen. Eventueel het spuitstuk vervangen. 9. 4 Brûleur de veilleuse La flamme chauffe l’électrode d’ionisation (3). Si cette flamme est trop petite, il faut nettoyer le brûleur de la veilleuse. Remplacez éventuellement l’injecteur. 9. 5 Onderhoud van de watervalve • Sluit de koudwaterkraan en de gaskraan.
9. 7 Langzaam ontstekingsventiel (14) Het deksel van de watervalve wegnemen en het langzaam ontstekingsventiel demonteren en reinigen. Het ventiel moet los zitten. Daarna het langzaam ontstekingsventiel terug monteren. 9. 7 Soupape d’allumage lent (14) Enlevez le couvercle de la valve eau et démontez la soupape d’allumage lent et nettoyez-la. La soupape doit être libre. Ensuite remontez la soupape d’allumage lent. 9. 8 Servoklep (2) testen • Schakelaar in stand “z” (zie blz. 9) zetten en een warmwaterkraan openen. • Trek de groene kabel van de stuurklep (1) van het servo gasventiel (2). De hoofdbrander stopt en de waakvlam brandt. Trek dan de oranje kabel van de waakvlamgasklep (3). De waakvlam mag nu niet meer branden. • De oranje kabel terug monteren. De waakvlam ontsteekt opnieuw. • De groene kabel terug monteren. De hoofdbrander werkt nu.
• Indien deze testen niet helpen: Verwittig de naver-koopservice. 9. 8 Vérification de la valve pneumatique (2) • Mettez l’interrupteur en position “z” (voir page 9) et ouvrez un robinet d’eau chaude. • Enlevez le câble vert de la valve de commande (1) de la servo-soupape gaz (2). Le brûleur principal s’arrête et la veilleuse est allumée. Enlevez le câble orange de la valve gaz de veilleuse (3). La veilleuse doit s’éteindre. • Remontez le câble orange. La veilleuse s’allume à nouveau. • Remontez le câble vert. Le brûleur principal s’allume. • Si ces tests n’aident pas: prévenez le service après-vente. 9. 9 Werking testen Toestel in werking zetten. Indien een warmwaterkraan geopend wordt, dan moeten de vlammen in ong. 5 se-conden volledig ontbranden. Indien dit aftappunt gesloten wordt, dan moeten de vlammen onmiddellijk doven. 9.
En fermant le robinet, le brûleur doit s’éteindre immédiatement. 9. 10 Onvoldoende temperatuurverhoging Het gasdebiet nakijken en de aansluitdruk aan de meetstut controleren (zie technische gegevens). De gasaansluitdruk moet bij volle vermogen 19 mbar voor G 20, 24 mbar voor G 25, 37 mbar voor propaan en 28 mbar voor butaan bedragen. Gasfilter en brander reinigen. Controleer de werking van de brander en van de rookgasbeveiliging. Nakijken of perlator of douchekop niet vervuild zijn en of er geen bijmenging is van koud water in de installatie. Hiervoor de koudwaterkraan onder het toestel dichtdraaien en controleren of er nog water uit de warmwaterkraan komt. 9. 10 Elévation de température insuffisante Contrôlez le débit de gaz et la pression d’alimentation au téton manométrique (voir données techniques).
9. 12 Rookgasbeveiliging Wanneer het toestel regelmatig in storing gaat, moet onmiddellijk de schoorsteen en/of luchttoever gecontro-leerd en eventueel aangepast worden. Na uitschakeling door de rookgasbeveiliging kan, na afkoeling, het toestel opgestart worden na het sluiten en et terug openen van de waterkraan. h De rookgasbeveiliging is onderhoudsvrij. Toch raden wij U aan de beveiliging te testen bij elke onderhoudsbeurt van de badverwarmer. Ga als volgt te werk: De rookgasafvoerbuis wegnemen en de uitgang van de trekonderbreker volledig met een onbrandbare plaat afdekken. Zet de badverwarmer in werking. Na maximum 2 minuten moet de badverwarmer uitschakelen. Daarna de ruimte voldoende ventileren. De plaat wegnemen en de rookgasafvoerbuis terug monteren. De badverwarmer in werking zetten. 9.
Bij defect moet de rookgasbeveiliging samen met haar bedrading gedemonteerd en vervangen worden door een identieke originele rookgasbeveiliging. Faites attention à ne pas plier le support de la sonde des az brûlés. g La sécurité de refoulement ne peut pas être enlevée ou modifiée. En cas de panne, la sécurité de refoulement et son câblage doivent être démontés et remplacés par une sécurité de refoulement d’origine identique. 9. 13 Mogelijke storingen en hoe eraan te verhelpen • Indien de waakvlam constant blijft doorbranden, moet de bedrading van de servoklep (2) nagezien worden. Sluit de gaskraan en neem contact op met onze naverkoopservice. • Wanneer het toestel warm water levert maar plots stopt, heeft ofwel de rookgasbeveiliging ofwel de over-verhittingbeveiliging het toestel uitgeschakeld. De warmwaterkraan dichtdraaien en na 30 seconden terug openen.
Het toestel gaat terug in werking. Wanneer dit fenomeen zich meermaals voordoet, moet de werking van de schoorsteen gecontroleerd worden door Uw installateur. Bij uitschakeling door de oververhittingbeveiliging de uitlooptemperatuur van het toestel controleren (max. 70°C). • Indien het toestel geen warm water meer levert, de waterkraan dichtdraaien en terug openen. • Indien het toestel nog steeds niet werkt, de gasdruk controleren (vooral bij propaan). Waarschijnlijk is de gasdruk veel te hoog (> 50 mbar) en heeft de servoklep het toestel in veiligheid geschakeld. Sluit de gaskraan en neem contact op met onze naverkoopservice. 9. 13 Perturbations éventuelles et comment y remédier • Quand la veilleuse est constamment allumée, il faut vérifier le câblage de la valve pneumatique (2). Fermez le robinet gaz et contactez notre service après-vente.
0,1 bar Verbruik/Consommation G 20: 20 mbar 2,3 m3/h G 25: 25 mbar 2,6 m3/h Robert Bosch GmbH Geschäftsbereich Thermotechnik Produktbereich Junkers, Wernau 837 FD 181 00164 Í typeaanduiding indication du type Í voorbeeld van een serienummer exemple d’un numéro de série 12. NAVERKOOPSERVICE 12. SERVICE APRES-VENTE SERVICO nv heeft een technische naverkoopservice ter eschikking van de installateur en de gebruiker. b In geval van moeilijkheden, wendt U tot SERVICO nv (naverkoopservice van de fabriek). SERVICO sa tient un service après-vente à la disposition e l'installateur et de l'usager. d En cas de difficulté, adressez-vous à SERVICO sa (service après-vente de l'usine). 13. WAARBORG 13. GARANTIE De toegestane waarborg is slechts geldig indien de installatie nauwkeurig voldoet aan deze voorschriften en indien de volledige installatie volgens de regels der kunst itgevoerd werd.
Deze moet worden teruggestuurd na de ingebruikname naar SERVICO nv, met vermelding van type en serienummer zoals aangeduid op de kenplaat van het toestel (zie fig. hierboven). ) TIP: Stuur de garantiekaart onmiddellijk op na de inbedrijfstelling. Dit zal de contacten vergemakkelijken. La garantie accordée n'est valable que si l'installation est rigoureusement conforme aux présentes prescriptions et si l'installation entière est correctement effectuée. La garantie est applicable suivant les conditions reprises sur la carte de garantie. Celle-ci doit être complétée du type et du numéro de série, indiqués sur la plaque d'immatriculation de l'appareil et retournée à SERVICO sa dès la mise en service (voir fig. ci-dessus). ) TIP: Envoyez la carte de garantie immédiatement après la mise en service. Ceci facilitera les contacts. 15.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Junkers WR 440 HYDROPOWER stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Verwarmingsketel Junkers
Handleiding Verwarmingsketel
Nieuwste handleidingen voor Verwarmingsketel